Amendement van het lid Westerveld over middelen voor nazorg voor slachtoffers van misstanden in de jeugdzorg
28 nov 2024 · Tweede Kamer · Dossier 36600-XVI · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2025
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 XVIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn enSport (XVI) voor het jaar 2025Nr. 113 AMENDEMENT VAN HET LID WESTERVELDOntvangen 28 november 2024 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:De departementale begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd: IIn artikel 5 Jeugd worden het verplichtingenbedrag en het uitgaven-bedrag verlaagd met € 200 (x € 1.000). IIIn artikel 5 Jeugd worden het verplichtingenbedrag en het uitgaven-bedrag verhoogd met € 200 (x € 1.000).Toelichting Een van de lessen van Commissie De Winter die grootschalig onderzoekdeed naar misstanden in de jeugdzorg, is dat erkenning en nazorg voorslachtoffers van het grootste belang is. Om herhaling te voorkomen envertrouwen te herstellen.Bij het uitkomen van het rapport «Eenzaam gesloten», over demisstanden bij de ZIKOS-afdelingen, vond de Kamer eensgezind datingrijpen nodig was en slachtoffers hulp moeten krijgen.Indiener van dit amendement constateert dat acht maanden na ditKamerdebat opnieuw de fout dreigt te worden gemaakt dat het nazorg-traject niet op gang komt, en het proces van erkenning forse vertragingoploopt. Indiener vindt het onbegrijpelijk en is van mening dat hier eenverantwoordelijkheid ligt om zo verdere schade en hertraumatisering tevoorkomen.Indiener is van mening dat hier een rol ligt bij het Ministerie van VWS,om in ieder geval financieel bij te dragen aan nazorg en ondersteuningzoals wordt uitgewerkt door de betrokkenen zelf, ervaringsdeskundigen enhet Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd (OZJ). Met dit amendement kst-36600-XVI-113ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 1131
wordt een bedrag 200 duizend euro vrijgemaakt ten behoeve van nazorgen het oprichten van een steunpunt. Dit bedrag wordt in nauwe samen-spraak met het OZJ en organisaties van ervaringsdeskundigen zoalsExpEx verder ingevuld. Voor het OZJ is gekozen aangezien er al eensubsidierelatie is met het Ministerie van VWS en ze ook al betrokken zijnbij het nazorgtraject.De dekking wordt gevonden in de beleidsmatig gereserveerde middelenvan artikel 5.WesterveldTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 1132