KamerkringInloggen
AmendementVerworpenKabinet: nog niet bekend

Amendement van de leden Kwint en Leijten over kinderopvangtoeslag bij Wlz- indicatie

22 nov 2019 · Tweede Kamer · Dossier 35275 · Wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid alsmede enkele wetten van andere ministeries (Verzamelwet SZW 2020)

Besluiten en stemmingen

Verworpen.

26 nov 2019 · Stemming per fractie · Verworpen

Verworpen: 70 zetels voor en 79 tegen; 75 nodig voor een meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Stemmen per fractie
FractieStemZetelsOpmerking
Van Kooten-Arissen (vKA)Voor1—
Partij van de Arbeid (PvdA)Voor9—
Partij voor de Dieren (PvdD)Voor4—
GroenLinks (GL)Voor14—
50PLUSVoor4—
DENKVoor3—
Forum voor Democratie (FVD)Voor2—
Socialistische Partij (SP)Voor14—
Partij voor de Vrijheid (PVV)Voor19—
Democraten 66 (D66)Tegen19—
Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP)Tegen3—
Van HagaTegen1—
ChristenUnieTegen5—
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD)Tegen32—
Christen-Democratisch Appèl (CDA)Tegen19—

Motiedocumenten

Amendementstekst

Versie e9f4447421636e6e · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 35 275Wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid alsmede enkele wetten van andere ministeries (Verzamelwet SZW 2020) Nr. 13 AMENDEMENT VAN DE LEDEN KWINT EN LEIJTEN Ontvangen 22 november 2019 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: In artikel XVI komt het eerste onderdeel te luiden: 1. Artikel 1.6 wordt als volgt gewijzigd: a. In het eerste lid, onderdeel e, wordt «artikel 18, eerste en vierde lid, van de Participatiewet» vervangen door «artikel 18, eerste en twaalfde lid, van de Participatiewet». b. Er worden twee leden toegevoegd, luidende: 8. Een ouder als bedoeld in het eerste lid, met een partner, heeft voor een berekeningsjaar aanspraak op een kinderopvangtoeslag, indien de partner in Nederland, een andere lidstaat of Zwitserland woont en een verzekerde is die recht op zorg heeft op grond van artikel 3.2.1, eerste lid, van de Wet langdurige zorg of op grond van artikel 11.1.1, van de Wet langdurige zorg is gelijkgesteld met een verzekerde ten aanzien van wie het CIZ, genoemd in artikel 7.1.1 van de Wet langdurige zorg, heeft vastgesteld dat hij voldoet aan artikel 3.2.1, eerste of derde lid, van de Wet langdurige zorg. 9. Een ouder die een verzekerde is die recht op zorg heeft op grond van artikel 3.2.1, eerste lid, van de Wet langdurige zorg of op grond van artikel 11.1.1 van de Wet langdurige zorg is gelijkgesteld met een verzekerde ten aanzien van wie het CIZ, genoemd in artikel 7.1.1 van de Wet langdurige zorg, heeft vastgesteld dat hij voldoet aan artikel 3.2.1, eerste of derde lid, van de Wet langdurige zorg, heeft voor een berekeningsjaar aanspraak op een kinderopvangtoeslag, indien de ouder een partner heeft die in Nederland, een andere lidstaat of Zwitserland woont, ena. in Nederland of op het continentaal plat, in een andere lidstaat of in Zwitserland, tegenwoordige arbeid verricht waaruit inkomen uit werk en woning in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt genoten;b. een uitkering ontvangt als bedoeld in het eerste lid, onder c, e, h of i, en gebruik maakt van een in één van die onderdelen bedoelde voorziening gericht op arbeidsinschakeling; kst-35275-13ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 275, nr. 131 c. een persoon is als bedoeld in het eerste lid, onder b, f, g, j, k of l.» Toelichting Indieners zijn van mening dat werkende partners van ouders met een langdurige of chronische aandoening die vanwege deze aandoening in de dagbesteding zitten, moeten kunnen blijven werken. De huidige situatie is dat zij geen aanspraak kunnen maken op kinderopvangtoeslag en daarom voor de keuze staan zelf voor de kinderen te zorgen of zelf kinderopvang te betalen, iets dat in de praktijk onbetaalbaar is. De regering heeft reeds aangekondigd met een wetsvoorstel te komen waarmee dit op zijn vroegst per 2021 kan worden geregeld, maar wat indieners betreft is dit een dermate acuut probleem dat het al per ingang van 2020 moet worden aangepakt. Dit amendement regelt daarom dat ouders die een Wlz-indicatie die het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg) heeft afgegeven hebben en de andere ouder werkzaam is of een uitkering ontvangt en daarbij in een traject gericht op arbeidsinschakeling zit aanspraak kunnen maken op de kinderopvangtoeslag, zodat de werkzame ouder kan blijven werken. Dekking voor dit amendement zal worden gevonden in de Voorjaarsnota van het jaar 2020. KwintLeijtenTweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 275, nr. 132

Eerdere bronversies

18 okt 2026 · e8d3027cf792bf53

18 okt 2026 · 1e51b4806a0f5c26

18 okt 2026 · 8d9e0ad638706696

17 okt 2026 · a42fa7b6e25b1c9e

16 okt 2026 · e581305f3e2207ff

Wat er gebeurde

  1. 22 nov 2019Amendement ingediendAmendement van de leden Kwint en Leijten over kinderopvangtoeslag bij Wlz- indicatieBron ↗
  2. 26 nov 2019Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.