Amendement van het lid Van Nispen c.s. ter vervanging van nr. 116 over middelen voor een NPLV-sportpas
2 dec 2024 · Tweede Kamer · Dossier 36600-XVI · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2025
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 XVIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn enSport (XVI) voor het jaar 2025Nr. 118 AMENDEMENT VAN HET LID VAN NISPEN C.S. TER VERVANGINGVAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 1161Ontvangen 2 december 2024 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:De departementale begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd: IIn artikel 6 Sport en bewegen worden het verplichtingenbedrag enhet uitgavenbedrag verlaagd met € 750 (x € 1.000). IIIn artikel 6 Sport en bewegen worden het verplichtingenbedrag enhet uitgavenbedrag verhoogd met € 750 (x € 1.000).Toelichting Er is veel maatschappelijke steun voor het idee van de sportpas,waarmee jongeren tot 23 jaar een budget van 240 € krijgen om tebesteden bij o.a. sportverenigingen en sportscholen. Het idee van desportpas is dat sporten vanzelfsprekend moet zijn voor jongeren. Dit moeteen van de antwoorden bieden op het grote maatschappelijke probleemdat kinderen te veel zitten, te weinig bewegen, de motorische vaardig-heden achteruit gaan en te vaak obesitas ontwikkelen. Het doel is eengezondere en sportievere samenleving in de toekomst.De sportpas voor jongeren zou prima passen in de gebieden die zijnaangewezen in het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid enVeiligheid (NPLV) omdat juist in die gebieden problemen, waaronderslechte gezondheid, met langjarige en samenhangende plannen wordenaangepakt. Met dit amendement wenst indiener budget vrij te maken omin een of twee NPLV-gebieden jongeren een sportpas te bieden, om te1Vervanging in verband met een wijziging in de ondertekening. kst-36600-XVI-118ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 1181
werken aan de gezondheid en te bezien hoe dit uitpakt. Omdat eensportjaar niet geheel parallel loopt aan het kalenderjaar zouden dezemiddelen in het sportseizoen 2025/2026 ingezet moeten kunnen worden.Ook is indiener van mening dat deze rijksbijdrage aangevuld zou moetenworden door middel van cofinanciering vanuit onder andere het budgetvan zorgverzekeraars die hierin ook een verantwoordelijkheid moetennemen, de lokale overheden en eventuele andere potjes of fondsen.Dekking wordt gevonden in de vrij besteedbare middelen van artikel 6Sport en bewegen.Van NispenMohandisInge van DijkTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 XVI, nr. 1182