Amendement van het lid Van der Plas over ophoging van de geldboete en inhouding van zakgeld als disciplinaire maatregel
21 mei 2026 · Tweede Kamer · Dossier 35501 · Wijziging van de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring en enige andere wetten met het oog op het handhaven van de mogelijkheden om maatregelen te nemen ten aanzien van overlastgevende vreemdelingen, het verruimen van de mogelijkheden tot ongewenstverklaring en het verhogen van het strafmaximum van artikel 197 van het Wetboek van Strafrecht (novelle Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring)
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202635 501Wijziging van de Wet terugkeer envreemdelingenbewaring en enige andere wettenmet het oog op het handhaven van demogelijkheden om maatregelen te nemen tenaanzien van overlastgevende vreemdelingen, hetverruimen van de mogelijkheden totongewenstverklaring en het verhogen van hetstrafmaximum van artikel 197 van het Wetboekvan Strafrecht (novelle Wet terugkeer envreemdelingenbewaring)Nr. 34 AMENDEMENT VAN HET LID VAN DER PLASOntvangen 21 mei 2026 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:Artikel 1, onderdeel 0Df, wordt als volgt gewijzigd:1. voor de tekst wordt de aanduiding «2.» geplaatst.2. Voor onderdeel 2 (nieuw) wordt een aanhef en onderdeel ingevoegd,luidende:Artikel 62 wordt als volgt gewijzigd:1. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd:a. In onderdeel d wordt «tweemaal» vervangen door «viermaal» enwordt de punt aan het slot vervangen door een puntkomma.b. Er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:e. inhouding van het aan de vreemdeling te verstrekken zakgeld,bedoeld in artikel 27 voor ten hoogste vier weken.3. In onderdeel 2 (nieuw) wordt «In artikel 62 wordt onder» vervangendoor «Onder» en wordt na «zesde lid,» ingevoegd «wordt».Toelichting Met dit amendement wordt de maximale geldboete verhoogd vantweemaal naar viermaal het bedrag van het zakgeld per week. Daarnaastwordt inhouding van zakgeld voor ten hoogste vier weken toegevoegd alsafzonderlijke disciplinaire maatregel. kst-35501-34ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 501, nr. 341
Indiener vindt dat de directeur over voldoende passende instrumentenmoet beschikken om op ongewenst gedrag in de inrichting te kunnenreageren. Niet iedere situatie vraagt om dezelfde maatregel. Door zowelde maximale geldboete te verhogen als inhouding van zakgeld mogelijk temaken, ontstaat meer ruimte om de disciplinaire reactie af te stemmen opde aard en ernst van het gepleegde feit.Daarmee wordt de handhaving van orde, rust en veiligheid in deinrichting versterkt, terwijl de directeur per geval kan beoordelen welkemaatregel proportioneel is.Van der PlasTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 501, nr. 342
21 mei 2026Amendement ingediendAmendement van het lid Van der Plas over ophoging van de geldboete en inhouding van zakgeld als disciplinaire maatregelBron ↗
2 jun 2026Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗