Amendementstekst
Versie 91e2a3e19db07eea · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 446Wijziging van de Wet allocatie arbeidskrachtendoor intermediairs en enige andere wetten inverband met de invoering van regels voor hetverlenen van toelating voor het ter beschikkingstellen van arbeidskrachten (Wet toelatingterbeschikkingstelling van arbeidskrachten)Nr. 55 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN DE LEDEN PATIJN EN OMTZIGTTER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 521Ontvangen 12 maart 2025 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:IIn artikel I wordt na onderdeel O een onderdeel ingevoegd, luidende: OaAan artikel 16, eerste lid, wordt toegevoegd «, artikel 8 en artikel 8a».IIIn artikel I, onderdeel P, wordt «artikel 7a, eerste of tweede lid»vervangen door «artikel 7a, eerste of tweede lid, artikel 8 en artikel 8a» enwordt voor «artikel 12c» ingevoegd «artikel 8, artikel 8a, ».Toelichting Dit amendement regelt de bevoegdheid van de arbeidsinspectie om tehandhaven en te beboeten op de naleving van artikel 8 en artikel 8a vande Waadi. Deze artikelen regelen de gelijke behandeling van arbeids-krachten die ter beschikking zijn gesteld, met als doel dat arbeidskrachtenonder dezelfde arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden werken. Gelijkebehandeling zorgt ervoor dat uitzendkrachten het loon krijgen waar zerecht op hebben. Bovendien gaat handhaving van dit artikel oneerlijkeconcurrentie op arbeidsvoorwaarden tegen. Met dit amendement willenindieners een stap verder zetten in de naleving van artikel 8 en 8a, door dehandhaving door de Nederlandse arbeidsinspectie (NLA) mogelijk temaken.Op dit moment doet de NLA wel onderzoek ten behoeve van belangheb-benden naar de naleving van gelijke beloning/behandeling van arbeids-1Vervanging in verband met een wijziging in de ondertekening. kst-36446-55ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 446, nr. 551
krachten en rapporteert de NLA hierover. De NLA heeft echter niet debevoegdheid om zelf te handhaven en beboeten wanneer zij overtre-dingen van deze wetsartikelen constateert.Te vaak zien we dat uitzendkrachten en andere krachten die op basis vanterbeschikkingstelling van arbeid ergens werken, onderbetaald worden,zelfs onder het minimumloon. Veel vaker krijgen deze arbeidskrachten nietde gelijke beloning en behandeling die ze zouden moeten krijgen. Juistomdat zij in een kwetsbare positie verkeren en vaak niet bekend zijn methun rechten, eisen zij het recht op gelijke beloning te weinig op. Ditamendement moet ervoor zorgen dat artikel 8 en 8a beter nageleefdworden. Ook kunnen meer malafide werkgevers worden aangepakt omdatde NLA zelfstandig over kan gaan op handhaving van dit artikel.Dit amendement is herzien zodat de inwerkingtreding van dit onderdeelvan de wet vanwege de urgentie van dit vraagstuk eerder kan plaats-vinden dan andere onderdelen van de wet. Om de NLA voldoendevoorbereidingstijd te geven stellen indieners een inwerkingtreding per1 januari 2026 voor.PatijnOmtzigtTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 446, nr. 552
Eerdere bronversies
18 okt 2026 · 4a8df78d4e8c2f96
18 okt 2026 · c175f856f3d02192
18 okt 2026 · 09d471c8537bb89d
17 okt 2026 · a83cfcbe435e2735
16 okt 2026 · ab0f5e51919628bd