KamerkringInloggen
AmendementVerworpenKabinet: ontraden

Gewijzigd amendement van het lid Van der Plas ter vervanging van nr. 9 over een bewijsvermoeden van 3 maanden voor de consumentenkoop van levende dieren

25 jan 2022 · Tweede Kamer · Dossier 35734 · Wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, de Wet handhaving consumentenbescherming en enige andere wetten in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de verkoop van goederen, tot wijziging van Verordening (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG, en tot intrekking van Richtlijn 1999/44/EG, en van Richtlijn (EU) 2019/770 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud en digitale diensten (PbEU 2019, L 136) (Implementatiewet richtlijnen verkoop goederen en levering digitale inhoud)

Besluiten en stemmingen

Verworpen.

1 feb 2022 · Stemming per fractie · Verworpen

Verworpen: 12 zetels voor en 138 tegen; 76 nodig voor een meerderheid van de uitgebrachte stemmen.

Stemmen per fractie
FractieStemZetelsOpmerking
Forum voor Democratie (FVD)Voor5—
Groep Van HagaVoor3—
BoerBurgerBeweging (BBB)Voor1—
JA21Voor3—
Socialistische Partij (SP)Tegen9—
DENKTegen3—
Partij voor de Vrijheid (PVV)Tegen17—
Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP)Tegen3—
Christen-Democratisch Appèl (CDA)Tegen14—
Democraten 66 (D66)Tegen24—
BIJ1Tegen1—
Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD)Tegen34—
VoltTegen3—
Partij van de Arbeid (PvdA)Tegen9—
GroenLinks (GL)Tegen8—
Fractie Den HaanTegen1—
Partij voor de Dieren (PvdD)Tegen6—
OmtzigtTegen1—
ChristenUnieTegen5—

Motiedocumenten

Amendementstekst

Versie 4c9b03e38a6ac603 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2021–2022 35 734Wijziging van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, de Wet handhaving consumentenbescherming en enige andere wetten in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de verkoop van goederen, tot wijziging van Verordening (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG, en tot intrekking van Richtlijn 1999/44/EG, en van Richtlijn (EU) 2019/770 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud en digitale diensten (PbEU 2019, L 136) (Implementatiewet richtlijnen verkoop goederen en levering digitale inhoud) Nr. 11 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN HET LID VAN DER PLAS TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 9 Ontvangen 25 januari 2022 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: In artikel II, onderdeel G, wordt aan het voorgestelde artikel 18a een lid toegevoegd, luidende: 3. In afwijking van lid 2 wordt, voor zover het een consumentenkoop betreft van een levend dier, vermoed dat deze bij aflevering niet aan de overeenkomst beantwoordt, indien de afwijking van hetgeen is overeen-gekomen zich binnen drie maanden na aflevering openbaart, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van het dier of de aard van de afwijking zich daartegen verzet. Toelichting In de huidige wetgeving wordt de verkoop van levende dieren aan consumenten gelijk gesteld aan de verkoop van reguliere goederen aan consumenten. Dit betekent in de praktijk dat thans een zes maanden garantietermijn van kracht is bij de aankoop van levende dieren door niet-particuliere verkoper aan particuliere koper. Dit is al een onwenselijke situatie, aangezien binnen zes maanden door gebruik veel kan gebeuren waar de verkoper geen invloed op heeft. Daarnaast hebben kopers van bijvoorbeeld (sport)paarden vaak de beschikking over een dusdanig kst-35734-11ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 734, nr. 111 financieel budget dat zij sneller geneigd zijn zaken aan te spannen voor een rechter. Dit betekent een belasting van het gerechtelijk wezen. Het beoogd wetsvoorstel trekt deze termijn van zes maanden bovendien door naar twaalf maanden. De indiener acht dit zeer onwenselijk, omdat levende dieren een eigen levensloop hebben die in twaalf maanden door gebruik van de koper en de natuur van het leven onvoorziene gebeurte-nissen directe invloed kunnen hebben op de staat van wat de wet bot een product noemt. Dit amendement strekt ertoe gebruik te maken van een bestaande uitzonderingsclausule in de Europese richtlijn en de verkoop van levende dieren uitgezonderd wordt van de verkoop van goederen aan consumenten en de termijn van twaalf maanden daarop niet van toepassing is. In plaats van zes of twaalf maanden, brengt dit amendement de termijn terug tot drie maanden. Van der PlasTweede Kamer, vergaderjaar 2021–2022, 35 734, nr. 112

Eerdere bronversies

18 okt 2026 · 4ee4635a23e9503d

18 okt 2026 · d80ba9848c2caa4d

17 okt 2026 · edd2c71e5bf14371

16 okt 2026 · 95ba3cfc095668b7

Wat er gebeurde

  1. 25 jan 2022Amendement ingediendGewijzigd amendement van het lid Van der Plas ter vervanging van nr. 9 over een bewijsvermoeden van 3 maanden voor de consumentenkoop van levende dierenBron ↗
  2. 1 feb 2022Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.