Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 IVaststelling van de begrotingsstaat van deKoning (I) voor het jaar 2025Nr. 4 AMENDEMENT VAN DE LEDEN DEEN EN WILDERSOntvangen 30 september 2024 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:INa artikel 2 wordt een artikel ingevoegd, luidende:Artikel 2a Voor het jaar 2025 bedraagt, in afwijking van artikel 1 van de Wetfinancieel statuut van het Koninklijk Huis, het gedeelte van de uitkeringvan de Koning dat betrekking heeft op het inkomensbestanddeel, vermeldonder A van de in het tweede lid van dat artikel opgenomen tabel€ 1.086.000 en wordt geen toepassing gegeven aan het eerste lid, eerstegedachtestreepje, van dat artikel.IIIn artikel 1 Grondwettelijke uitkering aan leden van hetKoninklijk Huis van de begrotingsstaat worden het verplichtingen-bedrag en het uitgavenbedrag verlaagd met € 78 (x € 1.000).Toelichting Dit amendement regelt dat de A-component van het inkomen van deKoning in 2025 gelijk blijft aan die van 2024.DeenWilders kst-36600-I-4ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 I, nr. 4
30 sep 2024Amendement ingediendAmendement van de leden Deen en Wilders over de A-component van het inkomen van de Koning op het niveau van 2024 houdenBron ↗
5 dec 2024Stemming uitgesteld.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗
12 dec 2024Verworpen.Besluit zoals geregistreerd door de Tweede Kamer.Bron ↗