Amendement van het lid Van der Plas over een verhoging van de middelen tegen ondermijning
9 nov 2022 · Tweede Kamer · Dossier 36200-VII · Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2023
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 36 200 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2023 Nr. 56 AMENDEMENT VAN HET LID VAN DER PLAS Ontvangen 9 november 2022 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: In artikel 1 Openbaar bestuur en democratie van de departe-mentale begrotingsstaat worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met € 10.000 (x € 1.000). Toelichting Indiener maakt zich grote zorgen over de toenemende invloed van georganiseerde misdaad en ondermijning op het platteland. De middelen die in de begroting voor 2023 zijn gereserveerd voor de verbetering van bestuurlijke weerbaarheid tegen georganiseerde criminaliteit zijn daarvoor een nuttige onderneming, maar zorgen na spreiding over de gemeenten dat de druppel op de gloeiende plaat wel heel klein blijft (zeker bij kleinere gemeenten). Daarom stelt indiener voor dit budget voor 2023 met € 10 miljoen te verhogen, bedoeld ter versterking van het programma Weerbaar bestuur, zodat ons lokale bestuur beter bestand wordt tegen de invloed van ondermijning. Dekking voor dit amendement wordt gevonden middels het amendement Van der Plas op de begroting van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (36 200 VI) waarmee de middelen die zijn gereserveerd voor de modernisering van het Wetboek van Strafvordering worden verlaagd. Van der Plas kst-36200-VII-56ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2022Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 36 200 VII, nr. 56