Amendement van het lid Van der Burg over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding
Motiedocumenten
- Amendement van het lid Van der Burg over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding · 7 okt 2013 · Amendement · mogelijke actuele versie
Amendementstekst
Versie 26e8146d3e9bcf1c · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2013–2014 33 684Regels over de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor preventie, ondersteuning, hulp en zorg aan jeugdigen en ouders bij opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen (Jeugdwet) Nr. 21 AMENDEMENT VAN HET LID VAN DER BURG Ontvangen 7 oktober 2013 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: Na artikel 3.2. wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 3.2.a De raad voor de kinderbescherming en de gecertificeerde instelling zijn verplicht in rapportages of verzoekschriften de van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren. Toelichting Het is belangrijk dat het uitgangspunt van «waarheidsvinding» een wettelijke grondslag krijgt. Bij een ingrijpende maatregel zoals een kinderbeschermingsmaatregel is het van belang dat de kinderrechter de zaak zoveel als mogelijk kan beoordelen op basis van feiten. De verplichting die uit dit amendement volgt houdt in dat de Raad voor de Kinderbescherming en de gecertificeerde instellingen die de maatregelen uitvoeren zich moeten richten op het verzamelen van feiten, gebeurte-nissen en omstandigheden die objectiveerbaar zijn. Dit geldt voor rapportages maar ook voor de verzoekschriften (waaraan de rapportages vaak ten grondslag liggen) aan de kinderrechter (bijv. verzoek machtiging tot uithuisplaatsing of verzoek ondertoezichtstelling). Op basis van dit amendement dient de besluitvorming in de rapportage te zijn onder-bouwd, waarbij feiten, visies van betrokkenen en de interpretaties van de Raad of gecertificeerde instelling duidelijk zijn gescheiden. Het voorgestelde artikel sluit op artikel 21 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Ook biedt artikel 21 Rv het sluitstuk van het voorgestelde artikel: de rechter kan bij overtreding van deze plicht gevolgtrekkingen maken die hij gerade acht. Van der Burg kst-33684-21ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2013Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 33 684, nr. 21
Wat er gebeurde
- 7 okt 2013Amendement ingediendBron ↗
Gerelateerde bronnen
- Amendement van het lid Van der Burg over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding
Amendement van het lid Van der Burg over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding
- Amendement van de ledenVan der Burg en Bergkamp ter vervanging van nr. 21 over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding
Amendement van de ledenVan der Burg en Bergkamp ter vervanging van nr. 21 over een wettelijke grondslag voor waarheidsvinding
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.