Amendement van het lid Van der Linde over het vervallen van de vrijstelling voor kerkgenootschappen
29 nov 2019 · Tweede Kamer · Dossier 35179 · Wijziging van de Handelsregisterwet 2007, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en enkele andere wetten in verband met de registratie van uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten ter implementatie van de gewijzigde vierde anti-witwasrichtlijn (Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten)
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 35 179Wijziging van de Handelsregisterwet 2007, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en enkele andere wetten in verband met de registratie van uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten ter implementatie van de gewijzigde vierde anti-witwasrichtlijn (Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten) Nr. 9 AMENDEMENT VAN HET LID VAN DER LINDE Ontvangen 29 november 2019 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: In artikel I, onderdeel D, vervalt in artikel 15a, eerste lid, «kerkgenoot-schappen,». Toelichting De indiener van dit amendement benadrukt het belang van het effectief tegengaan van witwassen en terrorismefinanciering. De oprichting van het UBO-register kan hieraan bijdragen. In het huidige wetsvoorstel is een vrijstelling van de registratieverplichting geregeld voor kerkgenoot-schappen, waaronder zowel kerken als moskeeën. Dit amendement regelt dat deze vrijstelling vervalt. De indiener meent dat voor het effectief tegengaan van witwassen en terrorismefinanciering er geen uitzondering kan zijn voor dergelijke genootschappen. Immers, ook deze genoot-schappen kunnen misbruikt worden door criminelen voor witwassen en terrorismefinanciering, zoals ook blijkt uit het kabinetsstreven om beïnvloeding uit onvrije landen tegen te gaan. Benadrukt wordt dat er ook met dit amendement onverkort dient te worden vastgehouden aan de vrijheid van godsdienst. Van der Linde kst-35179-9ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 179, nr. 9