AmendementVerworpenKabinet: niet beschikbaar bij moties en/of amendementen vóór 1 april 2019
Amendement van het lid Voortman waarmee minderjarige vreemdelingen niet in vreemdelingendetentie worden geplaatst
10 apr 2015 · Tweede Kamer · Dossier 34088 · Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 ter implementatie van Richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (PbEU 2013, L 180) en Richtlijn 2013/33/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 tot vaststelling van normen voor de opvang van verzoekers om internationale bescherming (PbEU 2013, L 180)
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2014–2015 34 088Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 ter implementatie van Richtlijn 2013/32/EU van het Europees parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende gemeenschappelijke procedures voor de toekenning en intrekking van de internationale bescherming (PbEU 2013, L 180) en Richtlijn 2013/33/EU van het Europees parlement en de Raad van 26 juni 2013 tot vaststelling van normen voor de opvang van verzoekers om internationale bescherming (PbEU 2013, L 180) Nr. 10 AMENDEMENT VAN HET LID VOORTMAN Ontvangen 10 april 2015 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: In artikel I, onderdeel T, wordt in artikel 59c, eerste lid, na «een vreemdeling» ingevoegd: , niet zijnde een minderjarige,. Toelichting Uit het IVRK en artikel 23 van de Opvangrichtlijn vloeit voort dat lidstaten bij de uitvoering van de Opvangrichtlijn het belang van het kind voorop dienen te stellen. Dit betekent in de ogen van de indiener dat minderjarige vreemdelingen niet in vreemdelingendetentie behoren te worden geplaatst. Voortman kst-34088-10ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2015Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 34 088, nr. 10