Amendement van het lid Wingelaar over een evaluatie van de verstrekkingsverplichting binnen drie jaar
8 jan 2025 · Tweede Kamer · Dossier 36565 · Wijziging van de Wet milieubeheer in verband met de invoering van een verplichting voor het bestuursorgaan tot het verstrekken van een afschrift aan de minister bij afwijking van het circulair materialenplan en tot wijziging van het begrip landelijk afvalbeheerplan in circulair materialenplan
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 565Wijziging van de Wet milieubeheer in verbandmet de invoering van een verplichting voor hetbestuursorgaan tot het verstrekken van eenafschrift aan de Minister bij afwijking van hetcirculair materialenplan en tot wijziging van hetbegrip landelijk afvalbeheerplan in circulairmaterialenplanNr. 7 AMENDEMENT VAN HET LID WINGELAAROntvangen 8 januari 2025 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:Na artikel I wordt een artikel ingevoegd, luidende:ARTIKEL Ia Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat zendt binnen drie jaar nade inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslagover de doeltreffendheid en de effecten van het met artikel I, onderdeel F,van deze wet geïntroduceerde artikel 10.14, vierde lid, van de Wetmilieubeheer in de praktijk.Toelichting Dit amendement voorziet in een evaluatiebepaling bij de voorgesteldeverstrekkingsverplichting, uiterlijk drie jaar na inwerkingtreding van hetwetsvoorstel. Indiener merkt op dat het onduidelijk is hoeveel ambtelijkecapaciteit benodigd zal zijn om aan deze verstrekkingsverplichtinginvulling te geven en verwijst daarbij naar de door de Inspectie Leefom-geving en Transport uitgevoerde HUF-toets. Hiernaast wijst de indienerook op de taakstelling op de ambtenarij. De indiener acht daarom eenwetsevaluatie die kijkt naar de ambtelijke uitvoeringslasten van degenoemde verstrekkingsverplichting wenselijk. Hiernaast kan de evaluatieook beoordelen of de verstrekkingsverplichting daadwerkelijk heeft geleidtot verbeterd inzicht in wanneer er afgeweken wordt van het circulairmaterialenplan en of dit heeft geleid tot bijstelling van beleid.Wingelaar kst-36565-7ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 565, nr. 7