Amendementstekst
Versie 243307fadbc99289 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2015–2016 34 251Wijziging van een aantal onderwijswetten in verband met versterking van de bestuurskracht van onderwijsinstellingen Nr. 39 AMENDEMENT VAN HET LID GRASHOFF Ontvangen 21 januari 2016 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: IArtikel IV, onderdeel A, wordt als volgt gewijzigd: 1. In de aanhef wordt «Aan artikel 8a.2.2, zesde lid,» vervangen door: 3. Aan het zesde lid. 2. Voor onderdeel 3 (nieuw) wordt ingevoegd: Artikel 8a.2.2 wordt als volgt gewijzigd: 1. Aan het derde lid wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel m door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:n. besluiten van het bevoegd gezag over beëindiging, samenvoeging van bestaande opleidingen of samenwerking met andere instellingen bij de uitvoering van opleidingen. 2. In het vierde lid, onderdeel a, vervalt: , beëindiging van opleidingen en samenwerking met andere instellingen bij de uitvoering van oplei-dingen. 3. Na onderdeel 3 (nieuw) wordt een onderdeel ingevoegd, luidende: 4. Na het zevende lid wordt een lid toegevoegd, luidende: 8. Het derde lid aanhef en onderdeel n zijn van overeenkomstige toepassing op de ondernemingsraad. IIIn artikel V worden na onderdeel D twee onderdelen ingevoegd, luidende: kst-34251-39ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2016Tweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 34 251, nr. 391
DaArtikel 9.30a wordt als volgt gewijzigd: 1. In het tweede lid tweede lid vervalt «en» aan het slot van onderdeel b en wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door «, en» een onderdeel toegevoegd, luidende:d. een besluit tot beëindiging van een opleiding respectievelijk tot samenvoeging van bestaande opleidingen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b. 2. Na het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende: 2a. In het geval van samenvoeging van bestaande opleidingen wordt de instemming, bedoeld in het tweede lid, aanhef en onderdeel d, verkregen voordat het voornemen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, ter instemming aan Onze Minister wordt voorgelegd. DbArtikel 9.33 wordt als volgt gewijzigd: 1. In het eerste lid vervalt «en» aan het slot van onderdeel f en wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel g door «, en» een onderdeel toegevoegd, luidende:h. een besluit tot beëindiging van een opleiding respectievelijk tot samenvoeging van bestaande opleidingen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b. 2. Na het eerste lid wordt na het eerste lid een lid ingevoegd, luidende: 1a. In het geval van samenvoeging van bestaande opleidingen wordt de instemming, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel h, verkregen voordat het voornemen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, ter instemming aan Onze Minister wordt voorgelegd. IIIIn artikel V worden na onderdeel K twee onderdelen ingevoegd, luidende: KaArtikel 10.16b wordt als volgt gewijzigd: 1. In het tweede lid, vervalt aan het slot van onderdeel c «en» en wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel d door «, en» een onderdeel toegevoegd, luidende:e. een besluit tot beëindiging van een opleiding respectievelijk tot samenvoeging van bestaande opleidingen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b. 2. Na het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende: 2a. In het geval van samenvoeging van bestaande opleidingen wordt de instemming, bedoeld in het tweede lid, aanhef en onderdeel e, verkregen voordat het voornemen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, ter instemming aan Onze Minister wordt voorgelegd. KbIn artikel 10.20 wordt als volgt gewijzigd: Tweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 34 251, nr. 392
1. In het eerste lid, vervalt «en» aan het slot van onderdeel h en wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel i door «, en» een toegevoegd, luidende:j. een besluit tot beëindiging van een opleiding respectievelijk tot samenvoeging van bestaande opleidingen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, onderdeel b. 2. Na het eerste lid wordt een lid ingevoegd, luidende:1a. In geval van samenvoeging van bestaande opleidingen wordt de instemming, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel j, verkregen voordat het voornemen als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, ter instemming aan Onze Minister wordt voorgelegd. Toelichting Op dit moment hebben centrale medezeggenschapsorganen in het middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs geen instemmingsrecht op het samenvoegen en/of beëindigen van opleidingen. Het sluiten van opleidingen en/of samenvoegen van opleidingen heeft een grote impact op studenten en docenten. Soms heeft het opheffen van een studie een grote mate van onomkeerbaarheid. De indiener is van mening dat zorgvuldigheid is gebaat bij het beëin-digen of samenvoegen van opleidingen en dat studenten en docenten betrokken moeten worden bij deze besluiten. Het amendement geeft de centrale medezeggenschapsorganen daarom instemmingsrecht op deze besluiten. GrashoffTweede Kamer, vergaderjaar 2015–2016, 34 251, nr. 393
Eerdere bronversies
18 okt 2026 · dd39a8c80d602f8a
18 okt 2026 · 922aa0d4e380ba87
18 okt 2026 · 477c2bde2a29ecfd
17 okt 2026 · dea6aa59a3e084d3
16 okt 2026 · eb712e3a8904cfb3