Reactie op de motie van de leden Van Tongeren en Dik-Faber om binnen Europa te pleiten voor een bindende doelstelling voor duurzame energie per lidstaat
Brontekst
Versie 1154f4e67898928d · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2014–2015 33 858EU-voorstellen: Kader klimaat en energie 2030 COM (2014) 15, 20 en 21 Nr. 29 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 13 oktober 2014 Op dinsdag 7 oktober jl. is in uw Kamer een motie van de leden Van Tongeren en Dik-Faber aangenomen waarmee uw Kamer de regering verzoekt om binnen Europa te pleiten voor een bindende doelstelling voor duurzame energie per lidstaat (Kamerstuk 33 858, nr. 23). In de regeling van werkzaamheden van 7 oktober jl. heeft het lid Van Tongeren verzocht om een schriftelijke reactie van het kabinet op deze motie. Hierbij voldoe ik, mede namens de Staatssecretaris van Infra-structuur en Milieu, aan dit verzoek. Ik beschouw deze motie als ondersteuning van de inzet van het kabinet in de Europese onderhandelingen over de klimaat- en energiedoelen voor 2030, zoals uiteengezet in de brief van 26 september jl. (Kamerstuk 33 858, nr. 28). Het kabinet zet in de EU in op het vastleggen van Europese doelen van 40% CO2-reductie, 27% hernieuwbare energie en 25% energiebe-sparing in 2030. Het kabinet vindt dat deze doelen door de Commissie moeten worden vertaald in doelen voor de afzonderlijke lidstaten. Deze doelen voor Nederland zullen vervolgens de basis vormen voor het nader in te vullen beleid. Dat beleid zal vanzelfsprekend in overleg met uw Kamer worden vastgesteld. Dit zal de Nederlandse inzet zijn in de Raad, en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu zal hier ook voor pleiten bij haar collega’s in de Green Growth Group. Hiermee wordt maximaal invulling gegeven aan de motie. In de Europese onderhandelingen is inmiddels duidelijk geworden dat de meeste lidstaten zich achter het voorstel van de Europese Commissie scharen om uit te gaan van indicatieve doelen, geformuleerd op EU-niveau, inclusief een nieuw governancesysteem, met als doel om te monitoren of de plannen van de afzonderlijke lidstaten zullen volstaan voor het bereiken van de Europese streefcijfers en doelstellingen inzake kst-33858-29ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2014Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 33 858, nr. 291 klimaat en energie. Het kabinet beschouwt het bereiken van een akkoord over een broeikasgasdoelstelling van ten minste 40% als hoofddoel van de inzet. De Minister van Economische Zaken, H.G.J. KampTweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 33 858, nr. 292
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.