Verslag schriftelijk overleg over Voorhang ontwerp Subsidieregeling verduurzaming en onderhoud huurwoningen (SVOH) 2025 (Kamerstuk 27926-387)
Brontekst
Versie 9f79bdd05019e53e · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202527 926HuurbeleidNr. 390 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 13 december 2024 De vaste commissie voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heefteen aantal vragen en opmerkingen voorgelegd aan de Minister vanVolkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over de brief inzake hetvoorhang ontwerp Subsidieregeling verduurzaming en onderhoudhuurwoningen (SVOH) 2025 (Kamerstuk 27 926, nr. 387).De voorzitter van de commissie,PostmaDe adjunct-griffier van de commissie,Morrin kst-27926-390ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3901 IVragen en opmerkingen vanuit de fracties2Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie2Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie3Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie3Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractie4Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie5IIReactie van de Minister6 I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie hebben met interesse kennisgenomen van devoorhang ontwerp Subsidieregeling verduurzaming en onderhoudhuurwoningen (SVOH) 2025 en hebben een aantal vragen voor deMinister.De leden van de PVV-fractie merken op dat er momenteel een flinkeonderbesteding van de regeling door private verhuurders is, en in eenschriftelijke reactie van Aedes wordt geconcludeerd dat er geen reden isom voor de komende jaren hoge verwachtingen te hebben van deaangepaste SVOH. De vereniging voor woningcorporaties komt tot dezeconclusie, omdat op de begroting een budget van circa 45 miljoen euro,bedoeld voor de periode 2024 t/m 2026, naar 2027 en de jaren daarna isgeschoven. Aedes stelt daarom voor om de SVOH ook open te stellenvoor woningcorporaties, aangezien zij op korte termijn aanzienlijkeinspanningen op het gebied van verduurzaming zouden plegen. Dezeleden vragen, alles overziend, aan de Minister of het mogelijk en wenselijkis om de SVOH tevens (deels) voor corporaties open te stellen.De leden van de PVV-fractie merken op dat op pagina 14 van de Voorhangontwerp SVOH 2025 valt te lezen dat biobased isolatiematerialengemiddeld een hogere kostprijs hebben dan reguliere isolatiematerialen.Deze leden willen van de Minister weten hoe groot dit verschil ongeveeris, in hoeverre de subsidiebonus dit verschil compenseert en of de bonusgeen negatieve effecten heeft voor installateurs die geen biobasedisolatiemateriaal op willen nemen in hun pakket.De leden van de PVV-fractie lezen op pagina 15 van de Voorhang ontwerpSVOH 2025 dat transformatie, waarbij bijvoorbeeld een kantoor eenwoonfunctie krijgt, uitgesloten blijft, omdat dit niet onder de doelstellingvan de SVOH past. Nu liet het CBS op 4 november 2024 weten dat detransformatie van leegstaande winkels en kantoren tot woning steedsminder wil vlotten. In 2023 werden 8.800 woningen gecreëerd, 8 procentminder dan in 2022. Om die reden willen deze leden aan de Ministervragen of het misschien toch niet wenselijk is (indien daar mogelijkhedenvoor zijn) om door transformatie gecreëerde woningen op te nemen in deregeling.De leden van de PVV-fractie merken op dat in de Voorhang ontwerp SVOH2025 een aantal wijzigingen voorgesteld worden die moeten resulteren inallerlei positieve effecten. Deze leden willen van de Minister weten hoegemonitord gaat worden of de gewijzigde SVOH doet wat het belooft.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3902 Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van hetvoorstel voor de aanpassing van de SVOH. Deze leden hebben daar eenaantal vragen en opmerkingen bij.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie begrijpen dat tegenoverstrengere normering ook ruimhartigere subsidie mag staan. Deze ledenvragen zich wel af hoe wordt voorkomen dat huurders pas vlak voor dedeadline aan de slag gaan met verduurzaming. Het baart deze ledenzorgen dat momenteel maar van een fractie van het beschikbare budgetgebruik wordt gemaakt. Het kan dus sneller. Nu bestaat het risico dathuurders alsnog vijf jaar met een onbetaalbare energierekening zitten.Hoe reflecteert de Minister op het risico dat met het verlengen van desubsidie tot de deadline, verhuurders ook zullen wachten tot de deadline?Had het in dat licht bijvoorbeeld niet wijzer geweest om verhuurders diesnel aan de slag gaan met verduurzaming ruimer te subsidiëren dan deverhuurders die daar tot het laatste moment mee wachten? Waarom is erniet voor gekozen om de normering van de allerslechtste woningen naarvoren te halen in de tijd?De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie constateren dat de aard van desubsidie fundamenteel is gewijzigd met dit voorstel. De maximalesubsidie die een verhuurder mag aanvragen komt te vervallen. Daarmeeverandert de SVOH van een subsidie voor kleine verhuurders naar eenalgemene subsidie voor verhuurders. Dit vinden deze leden onwenselijk,omdat onvoldoende is onderbouwd dat grote private verhuurders eendergelijke subsidie daadwerkelijk nodig hebben. Datzelfde geldt voorverhuurders in de vrije sector. Deze leden vragen zich af waarop dezeafweging is gebaseerd.Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractieDe leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de stukkenbehorend bij het schriftelijk overleg tot wijziging van de SVOH in verbandmet het verlengen van de regeling, het verbreden van de regeling metduurzame warmteopties, het introduceren van een bonus voor biobasedmilieuvriendelijk isolatiemateriaal en het duurzaam monumentenadvies,en enkele andere maatregelen om de regeling beter aan te laten sluiten opde doelgroep en hebben hierover nog enkele vragen.De leden van de VVD-fractie vragen zich af of het beperkte gebruik van deregeling ook kan zijn ontstaan door het invoeren van de Wet betaalbarehuur en de verkoopgolf van huurwoningen die deze wet teweeg heeftgebracht. Deze leden vragen dan ook of de beperkte vraag naar deregeling het gevolg van de Wet betaalbare huur kan zijn.De leden van de VVD-fractie lezen dat bij het verduurzamen van kleinehuurwoningen de maatregelen in één keer moeten worden uitgevoerd, enniet in gedeelten. Deze leden vragen zich af waarom hiervoor gekozen isen of dit geen belemmering is voor het verduurzamen van dezewoningen.De leden van de VVD-fractie vragen zich af waarom de grens van10.000 euro is gekozen. Kan op deze grens nader worden ingegaan? Dezeleden vragen zich af of er jaarlijks sprake is van een indexatie van ditbedrag, mede gelet op de hoge inflatie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3903 De leden van de VVD-fractie vragen zich af waarom er niet gekozen is vooreen losse regeling voor monumenten, aangezien het verduurzamen vanmonumenten aanzienlijk duurder is dan het verduurzamen van regulierewoningen.Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie constateren dat er een grote verduurzamings-opgave ligt en een groot deel van het SVOH-budget nog niet gebruikt is.Deze leden vragen de Minister of zij nagedacht heeft over het toegankelijkmaken van de SVOH voor corporaties en zo ja te onderbouwen waaromde keuze is gemaakt om dit niet te doen.De leden van de NSC-fractie lezen dat het aantal aanvragen voor de SVOHtegenvalt. Deze leden vragen de Minister daarom of het proces bij eenaanvraag expliciet voor de SVOH-regeling geëvalueerd is. Mocht deevaluatie plaats gevonden hebben vragen zij of de Minister haar bevin-dingen kan delen. Mocht de evaluatie niet plaats gevonden hebben,vragen zij de Minister om haar mening over het voeren van een evaluatievoor dit proces ter eventuele bevordering van de verduurzamingsopgave.De leden van de NSC-fractie vragen de Minister of door de wijziging vande warmteopties uit de investeringssubsidie duurzame energie enenergiebesparing (ISDE) naar de SVOH, de verhuurders niet sneller aanhun maximaal te subsidiëren bedrag komen.De leden van de NSC-fractie lezen dat transformatie, waarbij bijvoorbeeldeen kantoor een woonfunctie krijgt, uitgesloten blijft van de SVOH omdatdit niet onder de doelstelling past. Deze leden vragen de Minister of zijoverwogen heeft om de SVOH voor transformatie open te stellen gezienhet grote woningtekort en de verduurzamingsopgave die er momenteelligt en vragen haar dit te onderbouwen.De leden van de NSC-fractie constateren dat bij de aanpassing van dedefinitie «energieadvies» naar de definitie «maatwerkadvies» eenovergangsregeling heeft plaatsgevonden om tekorten aan gediplomeerdeenergieadviseurs te voorkomen. Deze leden vragen zich af of de Ministeral enig zicht heeft op de aantallen gediplomeerde energieadviseurs en ofdit er meer of minder zijn dan benodigd. Wanneer het er minder zijn danbenodigd vragen deze leden zich af wat voor acties de Minister onder-neemt om deze aantallen toe te laten nemen naar het benodigde aantal.De leden van de NSC-fractie vragen zich af of de Minister inzichtelijk heeftin welke mate er capaciteit is voor gediplomeerde adviseurs omverhuurders te voorzien van maatwerkadvies bij een potentiële toenamein de vraag naar dit maatwerkadvies.De leden van de NSC-fractie lezen dat het maatwerkadvies subsidiabel iswanneer binnen drie jaar een of meer energiebesparende maatregelengetroffen zijn en vragen de Minister wat er gebeurt met de kosten voor hetmaatwerkadvies wanneer door arbeidstekorten of het vertraging oplopendoor bijvoorbeeld procedures deze verduurzamingen niet binnen drie jaargerealiseerd worden.De leden van de NSC-fractie constateren dat de maximale bijdrage(n) perhuurwoning verhoogd zijn naar € 10.000 per woning, dan wel € 15.000per woning inclusief een duurzame warmteoptie. Deze leden vragen deMinister of bekend is wat de gemiddelde verduurzamingskosten zijn perm2 voor een woning met labels E, F, en G en dit per label in kaart tebrengen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3904 De leden van de NSC-fractie lezen dat er niet wordt toegekomen aan hetverzoek om de gewijzigde regeling met terugwerkende kracht in tevoeren, zodat ook al uitgevoerde projecten alsnog onder de gewijzigderegeling vallen. Deze leden vragen de Minister waarom er gekozen wordtvoor het niet invoeren van de regelingen met terugwerkende kracht.De leden van de NSC-fractie vragen de Minister of in kaart gebracht kanworden wat het financieel voor de overheid zou betekenen als deregelingen wel met terugwerkende kracht ingevoerd zouden worden.De leden van de NSC-fractie lezen dat de extra subsidie-eisen voorPUR-schuim die in de consultatieversie zaten uiteindelijk niet zijnopgenomen in de definitieve subsidieregeling omdat het Ministerie vanVolkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening werkt aan aanvullende eisenvoor het aanbrengen van PUR-schuim in het Besluit bouwwerkenleefomgeving (Bbl). Deze leden vragen of de aanvullende eisen uitein-delijk ook in de SVOH-regeling zullen terugkomen en zo ja, op welketermijn.Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieDe leden van de D66-fractie hebben kennisgenomen van het ontwerpSubsidieregeling verduurzaming en onderhoud huurwoningen (SVOH)2025. Deze leden hebben hierover de volgende vragen.De leden van de D66-fractie lezen dat de subsidieverlening geldt vanaftwee verduurzamingsmaatregelen. Vooral kleinere ondernemers zullen deverduurzaming gefaseerd willen uitvoeren. Als zij dus maar één verduur-zamingsmaatregel willen doorvoeren, lopen ze de subsidie, en dus destimulans om te verduurzamen, mis. Daarnaast is de bedoeling van dewijziging van de regeling betere uniformiteit met de ISDE. Zou deSVOH-subsidie daarom niet ook verleend moeten worden voor éénverduurzamingsmaatregel?De leden van de D66-fractie sluiten zich aan bij de doelstelling omhuurwoningen met energielabel E, F en G uit te faseren. Kan de Ministeruitleggen hoe de voortgang op dit doel jaarlijks wordt geëvalueerd engerapporteerd voor particuliere verhuurders?De leden van de D66-fractie lezen dat de subsidieregeling wordt verlengdtot 2029 om zo verhuurders in staat te stellen woningen met energielabelE, F en G te verbeteren. Daarnaast wordt er op dit moment te weiniggebruik gemaakt van de SVOH-subsidie. Is het risico van de verlengdetermijn niet dat verhuurders op deze manier verduurzamingsmaatregelenblijven uitstellen? Is een strakkere deadline niet juist een extra stimulansvoor verhuurders om eerder te verduurzamen?De leden van de D66-fractie zien dat er in de wijziging van de regeling eenbonus is voor het gebruik van biobased isolatiematerialen. Deze leden zijnpositief over deze bonus. Wel vragen zij zich af of deze regeling nietbreder getrokken kan worden. Kan de bonus ook worden ingezet voorandere milieuvriendelijke technologieën en of/materialen Zo wordenaanvragers gestimuleerd om te kiezen voor de mogelijkheid die het meestmilieuvriendelijk is.De leden van de D66-fractie constateren dat verhuurders dankzij dewijziging van de regeling vanaf een lager bedrag in aanmerking komenvoor voorafgaande subsidieverlening. De drempel voor het uitvoeren vanverduurzamingsmaatregelen, die vooral particuliere verhuurders nuervaren, wordt zo verlaagd. Deze leden vragen zich af waarom er isgekozen voor de drempel van € 25.000 voor de voorafgaande subsidiever-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3905 lening. Dit bedrag kan voor kleine ondernemers nog steeds wordenervaren als een drempel om te verduurzamen. Zou het bedrag niet verderverlaagd kunnen worden zodat deze drempel voor kleine ondernemersook wordt verlaagd? En zou het mogelijk zijn om het rentevrij lenen viahet Warmtefonds ook open te stellen voor kleine ondernemers.De leden van de D66-fractie merken op dat de SVOH is bedoeld voorprivate verhuurders van verhuurwoningen. Deze leden vragen zich af ofde SVOH niet opengesteld kan worden voor woningcorporaties. Zijhebben immers ook nog een grote verduurzamingsopgave en lopen dezesubsidie nu mis.II Reactie van de Minister Vragen van de PVV-fractieDe leden van de PVV-fractie vragen aan de Minister of het mogelijk enwenselijk is om de SVOH tevens (deels) voor corporaties open te stellen.Het is uiteraard van groot belang dat de financiering van verduurzamingdoor woningcorporaties goed te dragen is. Ik zie vooral bij warmtenetten,waar woningcorporaties veelal een belangrijke voortrekkersrol hebben,dat financiële ondersteuning nodig is, zoals ook afgesproken in deafspraken rondom het Startmotorkader.1 Dat regelen we onder anderedoor verlenging van de (Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen(SAH), waarmee woningcorporaties tegemoetgekomen worden in deaansluitkosten voor warmtenetten. Hetzelfde geldt voor warmtepompen,waarvoor woningcorporaties aanspraak kunnen maken op de Investe-ringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE). De SVOH isin 2022 opengesteld met als doel om verhuurders met gereguleerdehuurwoningen die geraakt waren door de huurbevriezing2 te onder-steunen bij onderhoud en energiebesparende maatregelen bij geregu-leerde huurwoningen. Een jaar later is de doelgroep van de regelingverruimd naar alle private verhuurders.Per 1 januari 2023 is de verhuurderheffing afgeschaft en daardoorkwamen financiële middelen vrij bij woningcorporaties om onder andereverduurzaming te bekostigen. Door mijn ambtsvoorganger zijn daaromdoelen afgesproken met de woningcorporaties in ruil voor deze financiëlemiddelen, zoals het uitfaseren van alle EFG-labels in 2028. Deze doelenzijn vastgelegd in de nationale prestatieafspraken (NPA). De afschaffingvan de verhuurderheffing heeft er ook toe geleid dat (kleinere) woningcor-poraties per 1 april 2023 zijn uitgesloten van de SVOH. Ik ben momenteelin gesprek met woningcorporaties, de Woonbond en de VNG overherijking van de NPA, waaronder ook de doelen voor verduurzaming.Daarbij is veel aandacht voor de betaalbaarheid van de opgaven doorwoningcorporaties.Om deze redenen ben ik niet voornemens om de SVOH (deels) voorcorporaties open te stellen. Het wél openstellen voor woningcorporatieszou bovendien op korte termijn wel kunnen leiden tot veel extra subsidie-aanvragen en uitputting van de regeling, maar mogelijk tot weinigadditioneel effect op de korte termijn omdat de NPA al voorzien inafspraken rondom verduurzaming zonder additionele subsidie.1https://vng.nl/sites/default/files/2020-04/startmotorkader.pdf2Naar aanleiding van motie Beckerman, Kamerstukken II 2020/21, 35 488, nr. 17Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3906 De leden van de PVV-fractie vragen zich af hoe groot het verschil inkostprijs van biobased isolatiemateriaal is en, in hoeverre de subsidie-bonus dit verschil compenseert en of de bonus geen negatieve effectenheeft voor installateurs die geen biobased isolatiemateriaal op willennemen in hun pakket.Het verschil in kostprijs van biobased isolatiemateriaal varieert perproduct. Vanwege de uitvoerbaarheid van de regeling is ervoor gekozenom een procentueel extra bedrag toe te kennen per vierkante meter voorde verschillende schilelementen. Dit extra bedrag is bij een of tweemaatregelen of meer altijd hetzelfde bedrag. In hoeverre de bonus hetverschil in kostprijs precies compenseert is niet in detail aan te geven. Invergelijkbare regelingen wordt vooralsnog nog weinig gebruikgemaaktvan de bonus en heeft deze geen negatieve effecten voor installateurs diegeen biobased isolatiemateriaal op willen nemen in hun pakket.Verder vragen de leden van de PVV-fractie of het wenselijk is (indien daarmogelijkheden voor zijn) om door transformatie gecreëerde woningen opte nemen in de regeling.Ik begrijp de vraag en de behoefte om transformatie te stimuleren. Het iseen middel om relatief snel woningen toe te voegen aan de voorraad. Ikben daarmee ook aan de slag. De SVOH is evenwel niet de geëigende wegom transformatie te stimuleren.De SVOH heeft namelijk tot doel om bestaande huurwoningen teverduurzamen. Om subsidie te kunnen verstrekken, moet er sprake zijnvan een stimulerend effect om dit doel te bereiken. Dit is er wel bij hetsplitsen van bestaande huurwoningen en daarom heb ik deze optietoegevoegd. Maar bij transformatie ligt dat anders. Wanneer eenondernemer een kantoor transformeert in bijvoorbeeld appartementen, iser geen sprake van een bestaande huurwoning die verduurzaamd wordt.Bovendien moet van geval tot geval beoordeeld worden wat er verbouwdgaat worden en welke technische eisen voor welke (bouw-)delen gelden.Pas dan kan vastgesteld worden of sprake is van een stimulerend effectwaarvoor de subsidieregeling bedoeld is. Stel dat de gevel vervangenwordt, dan moet de nieuwe gevel die aangebracht wordt vaak al aan deeisen voor nieuwbouw voldoen, inclusief hogere isolatiewaarden.Daarmee is dan geen sprake van een stimulerend effect maar het voldoenaan wettelijke eisen. Transformatie zou de SVOH bovendien bijzondercomplex maken. Uitvoeringstechnisch wordt de regeling voor RVO zogoed als onmogelijk omdat transformatie van geval tot geval zo kanverschillen. En doel van de herziening is ook om de regeling te vereenvou-digen, omdat een veelgehoorde klacht de complexiteit van de regeling is.Tot slot willen de leden van de Minister weten hoe gemonitord gaatworden of de gewijzigde SVOH doet wat het belooft.De aanvragen en gehonoreerde subsidieaanvragen worden door RVOgemonitord.Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen hoe de Ministerreflecteert op het risico dat met het verlengen van de subsidie tot dedeadline, verhuurders ook zullen wachten tot de deadline? Had het in datlicht bijvoorbeeld niet wijzer geweest om verhuurders die snel aan de slaggaan met verduurzaming ruimer te subsidiëren dan de verhuurders diedaar tot het laatste moment mee wachten? Waarom is er niet voorTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3907 gekozen om de normering van de allerslechtste woningen naar voren tehalen in de tijd?Met de invoering van de Wet betaalbare huur per 1 juli 2024 zijn aftrek-punten geïntroduceerd voor de slechtste energielabels EFG. Hierdoorhebben verhuurders van huurwoningen een duidelijke prikkel gekregenom snel tot verduurzaming van de slechtste labels over te gaan. Wanneerverhuurders de verduurzaming heel lang zouden uitstellen, betekent diteen langlopende korting op de huurprijs. Daarnaast sluit de langereopenstelling aan bij de in het regeerprogramma (bijlage bij Kamerstuk36 471, nr. 96) aangekondigde regelgeving ten behoeve van de uitfaseringvan huurwoningen met EFG-labels. Het betreft hier minimumvereistenaan de energieprestatie van huurwoningen. Verhuurders moetenredelijkerwijs aan die normering in 2029 kunnen voldoen en een subsidie-regeling helpt daarbij. Met verlenging van de looptijd van de SVOHworden verhuurders daartoe in de gelegenheid gesteld.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen waarom de aard van desubsidie fundamenteel is gewijzigd van een subsidie van kleineverhuurders naar een algemene subsidie voor grote verhuurders enverhuurders in de vrije sector.De SVOH is per 1 april 2023 al opengesteld voor alle verhuurders, metuitzondering van woningcorporaties, en voor alle soorten huurwoningen.Het doel is zoveel mogelijk slechte huurwoningen te verduurzamen,ongeacht het type verhuurder. Daarbij wil ik eventuele belemmeringen dieverhuurders daarbij ervaren zoveel mogelijk wegnemen. Hiermee wordttegemoetgekomen aan eerder ontvangen reacties op de SVOH.Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie vragen de Minister of zij nagedacht heeftover het toegankelijk maken van de SVOH voor corporaties en zo ja teonderbouwen waarom de keuze is gemaakt om dit niet te doen.Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik naar mijn antwoord op deeerste vraag van de PVV-fractie.De leden van de NSC-fractie vragen of het proces bij een aanvraagexpliciet voor de SVOH-regeling geëvalueerd is.Ja. Er heeft een half jaar na inwerkingtreding van de SVOH een invoe-ringstoets3 plaatsgevonden door de uitvoerder RVO. De invoeringstoetsonderzoekt de werking van nieuwe regelgeving in de praktijk, metbijzondere aandacht voor de gevolgen voor de doelgroep en deuitvoering. Ook hebben gesprekken plaatsgevonden met (potentiële)aanvragers en belangenorganisaties. Gedurende de uitvoering van deregeling is tot slot volop terugkoppeling geweest om een goed beeld tehebben van de knelpunten en belemmeringen die ervaren worden. Ditalles heeft geleid tot de huidige wijziging van de SVOH. Naast deinhoudelijke wijziging van de regeling, wordt ook gewerkt aan hetverbeteren van het (technische) aanvraagproces.De leden van de NSC-fractie vragen de Minister of door de wijziging vande warmteopties uit de investeringssubsidie duurzame energie enenergiebesparing (ISDE) naar de SVOH, de verhuurders niet sneller aanhun maximaal te subsidiëren bedrag komen.3https://www.rvo.nl/sites/default/files/2024-02/Rapportage-Invoeringstoets-SVOH-2024.pdfTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3908 Nee, hier is rekening mee gehouden. Het maximale subsidiebedrag bijtoepassing van duurzame warmteopties is verhoogd van € 10.000 naar€ 15.000.De leden van de NSC-fractie vragen of de SVOH opengesteld kan wordenvoor transformatie gezien het grote woningtekort en de verduurzamings-opgave die er momenteel ligt.Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik graag naar mijn reactie op dederde vraag van de PVV-fractie.De leden van de NSC-fractie vragen of de Minister al enig zicht heeft op deaantallen gediplomeerde energieadviseurs en of dit er meer of minder zijndan benodigd. Ook vragen de leden van de NSC-fractie zich af of deMinister inzichtelijk heeft in welke mate er capaciteit is voor gediplo-meerde adviseurs om verhuurders te voorzien van maatwerkadvies bijeen potentiële toename in de vraag naar dit maatwerkadvies.Ja, op dit moment zijn er 2875 gediplomeerde energieadviseurs. En162 bedrijven die voldoen aan de benodigde BRL 9500-MWA-W voor hetverstrekken van een maatwerkadvies, waarvoor inmiddels 244 adviseurszich gekwalificeerd hebben. Dit aantal is ruim voldoende en zal naarverwachting in de toekomst nog verder toenemen. De capaciteit isdaarmee voldoende, ook voor een potentiële toename van de vraag naareen maatwerkadvies.De leden van de NSC-fractie vragen de Minister wat er gebeurt met dekosten voor het maatwerkadvies wanneer door arbeidstekorten of hetvertraging oplopen door bijvoorbeeld procedures deze verduurzamingenniet binnen drie jaar gerealiseerd worden.In de herziening van de SVOH wordt geregeld dat het maatwerkadviessubsidiabel is wanneer binnen drie in plaats van twee jaar na hetopstellen van het advies een of meer energiebesparende maatregelengetroffen zijn en de aanvraag hiervoor is ingediend. Binnen dezeverlengde uitvoeringstermijn worden geen problemen verwacht.De leden van de NSC-fractie vragen de Minister of bekend is wat degemiddelde verduurzamingskosten zijn per m2 voor een woning metlabels E, F, en G en dit per label in kaart te brengen.De uitvoerder van de regeling, RVO, hanteert bij het vaststellen van desubsidiebedragen de kostenkentallen van Arcadis. De genoemdebedragen worden jaarlijks bekeken en waar nodig bijgesteld.ABF heeft onderzoek gedaan naar de gemiddelde investeringskosten perlabelsprong:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 3909 De leden van de NSC-fractie vragen de Minister waarom er niet gekozenwordt voor het invoeren van de regelingen met terugwerkende kracht.Ook vragen de leden van de NSC-fractie of in kaart gebracht kan wordenwat het financieel voor de overheid zou betekenen als de regelingen welmet terugwerkende kracht ingevoerd zouden worden.Een subsidieregeling moet een stimulerend effect hebben als er sprakekan zijn van staatssteun die wordt gerechtvaardigd op grond van dealgemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV). Zo vereist de AGVV(artikel 6) dat er sprake moet zijn van een stimulerend effect. Steun wordtgeacht een stimulerend effect te hebben wanneer de begunstigde ervan,voordat de werkzaamheden aan het project of de activiteit aanvangen, bijde betrokken lidstaat een schriftelijke steunaanvraag heeft ingediend. Ditbetekent dat de aanvragen voor aanvang van de uitvoering van demaatregelen moeten worden aangevraagd. Daarom kunnen aanvragen tot€ 25.000, die op grond van de regeling achteraf worden aangevraagd, nietworden gerechtvaardigd op grond van de AGVV, maar is hierop dede-minimisverordening van toepassing. De de-minimisverordening steltniet de voorwaarde van een stimulerend effect. Hiervoor is terugwerkendekracht dus niet uitgesloten. Toch geldt in lijn met het huidige overgangs-recht in de SVOH ook voor aanvragen onder € 25.000, die wordengerechtvaardigd op grond van de de-minimisverordening, dat ze omonder de nieuwe voorwaarden te vallen, moeten zijn uitgevoerd nainwerkingtreding van deze wijzigingsregeling. Nieuwe subsidiabeleactiviteiten kunnen dus niet met terugwerkende kracht worden ingevoerd.Omdat invoering van de gehele wijzigingsregeling niet met terugwer-kende kracht kan, zijn de financiële gevolgen hiervan niet in beeldgebracht.De leden van de NSC-fractie vragen of de aanvullende eisen voor hetverwerken van PUR-schuim uiteindelijk ook in de SVOH-regeling zullenterugkomen en zo ja, op welke termijn.Om een correcte uitvoering van het aanbrengen van PUR-schuim zoveelmogelijk te waarborgen, is aanvullende regelgeving in voorbereiding.Deze zal, naast de huidige eisen ten aanzien van ventilatie en deafwezigheid van bewoners, in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)en in de Omgevingsregeling worden opgenomen. De verwachting is datde aanpassing van het Bbl medio december 2024 ter internetconsulatiegaat. Door de aanvullende regelgeving wordt de kans op gezondheidsef-fecten bij bewoners naar verwachting sterk verminderd.De regelgeving in het Bbl is direct werkend en geldt voor een ieder.Hierdoor is het niet nodig dat de nieuwe aanvullende regelgeving zalworden opgenomen in de SVOH.Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractieDe leden van de D66-fractie vragen of de SVOH-subsidie niet ook verleendmoeten worden voor één verduurzamingsmaatregel?Dit is reeds het geval; er kan ook één maatregel worden aangevraagd,alleen is het subsidiebedrag dan lager (de helft). Deze halveringsregelgeldt niet voor (het combineren van een maatregel met) duurzamewarmteopties en wanneer een aanvraag voor het gehele gebouw wordtingediend.De leden van de D66-fractie vragen de Minister hoe de voortgang op hetuitfaseren van de EFG-labels jaarlijks wordt geëvalueerd en gerapporteerdvoor particuliere verhuurders?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 39010 Monitoring van het uitfaseren van EFG-labels bij alle huurwoningen zaldeel uitmaken van de voorbereiding van de regelgeving voor hetuitfaseren van EFG-labels.De leden van de D66-fractie vragen of de verlengde termijn niet in dehand werkt dat verhuurders verduurzamingsmaatregelen blijvenuitstellen? En of een strakkere deadline niet juist een extra stimulans voorverhuurders om eerder te verduurzamen?Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik mijn reactie op de vraag vanPvdA-Groen Links hiervoor.De leden van de D66-fractie of de bonus voor biobased materialen ookkan worden ingezet voor andere milieuvriendelijke technologieën enof/materialen.De bonus voor biobased isolatiematerialen is na 1 januari 2025 in alle driede isolatieregelingen (ISDE, SVVE en SVOH) opgenomen. Jaarlijks wordtbezien of uitbreiding gewenst is.De leden van de D66-fractie vragen zich af waarom er is gekozen voor dedrempel van € 25.000 voor de voorafgaande subsidieverlening. Dit bedragkan voor kleine ondernemers nog steeds worden ervaren als een drempelom te verduurzamen. Zou het bedrag niet verder verlaagd kunnen wordenzodat deze drempel voor kleine ondernemers ook wordt verlaagd? En zouhet mogelijk zijn om het rentevrij lenen via het Warmtefonds ook open testellen voor kleine ondernemers?Er is voor gekozen om aan te sluiten bij de bedragen uit het standaardsubsidiekader van de Kaderwet overige BZK-subsidies en het KaderbesluitBZK-subsidies. Daarin wordt het bedrag van € 25.000 gehanteerd alsstandaardgrens voor subsidies die achteraf kunnen worden aangevraagden die direct worden vastgesteld; de zogenaamde one touch behandeling(indienen en gelijk vaststellen). Om de uitvoeringskosten van eensubsidieregeling zo laag mogelijk te houden, volgt ook uit het Raamwerkvoor Uitvoering van Subsidies (RUS) dat die one touch behandelingverplicht moet worden toegepast op bedragen tot € 25.000 en die bestaanuit forfaitaire bedragen voor de te leveren activiteiten of prestaties. Omdatdaarvan bij de SVOH sprake is, kan er geen lager bedrag wordengehanteerd voor het vooraf aanvragen. Daarvoor geldt nu dat aanvragenvan € 25.000 of meer kunnen vooraf worden aangevraagd en deze krijgeneen zogenaamde two touch behandeling (eerst aanvragen en nauitvoering de subsidie vaststellen). Rentevrij lenen via het Warmtefondswordt niet opengesteld voor kleine ondernemers, omdat dit zoubetekenen dat er onvoldoende budget van het Warmtefonds zou resterenvoor woningeigenaren met een laag inkomen. Er zijn wel andereregelingen voor verduurzaming voor ondernemers, zoals de EnergieInvesteringsaftrek (EIA), de Milieu Investeringsaftrek (Vamil) en deWillekeurige afschrijving milieu-investeringen de (Vamil).De leden van de D66-fractie vragen zich af of de SVOH niet opengesteldkan worden voor woningcorporaties.Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik naar mijn reactie op de eerstevraag van de PVV-fractie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 27 926, nr. 39011
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.