KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een commissiedebat, gehouden op 16 april 2025, over Politie

27 mei 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie f533b88e445c3061 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 628PolitieNr. 1257 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 27 mei 2025 De vaste commissie voor Justitie en Veiligheid heeft op 16 april 2025overleg gevoerd met de heer Van Weel, Minister van Justitie en Veiligheid,over:–de brief van de Staatssecretaris Rechtsbescherming d.d.3 maart 2025 inzake reactie op verzoek commissie op de briefvan Controle Alt Delete van 7 oktober 2024 over aandachtvoor nabestaanden van overledenen van fataal politiegeweld(Kamerstuk 29 279, nr. 927);–de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d.21 februari 2025 inzake zichtbaarheid en nabijheid waaronderhuisvesting (Kamerstuk 29 628, nr. 1253);–de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d.31 maart 2025 inzake voortgang pilot digitale meldplicht(Kamerstuk 25 232, nr. 91);–de brief van de Minister van Justitie en Veiligheid d.d. 11 april2025 inzake verzamelbrief politie april 2025 (Kamerstuk29 628, nr. 1254).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,PoolDe griffier van de commissie,Brood kst-29628-1257ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12571 Voorzitter: Van NispenGriffier: Van TilburgAanwezig zijn tien leden der Kamer, te weten: Aardema, Boswijk, Diederikvan Dijk, Eerdmans, El Abassi, Michon-Derkzen, Mutluer, Van Nispen, Vander Werf en Wijen-Nass,en de heer Van Weel, Minister van Justitie en Veiligheid.Aanvang 15.01 uur.De voorzitter:Goedemiddag. Ik open dit commissiedebat van de vaste Kamercommissievoor Justitie en Veiligheid over de politie. Ik heet de Minister van Justitieen Veiligheid en zijn ondersteuning hier en op andere plekken van hartewelkom. Welkom aan de mensen op de publieke tribune en aan eenveelheid aan aanwezige Kamerleden. Omdat u met zovelen bent, wil ikmet u afspreken dat u maximaal vier minuten aan spreektijd krijgt. Ik wilook maximaal drie interrupties voorstellen. Dat zijn dus slechts drievragen, dus geen vraag en een vervolgvraag, maar echt gewoonmaximaal drie spreekmomenten. Een aantal woordvoerders Defensie zijnook aanwezig. In ieder geval heb ik er al drie geteld. Het is netjes om temelden dat er straks om 16.15 uur een belangrijke bijeenkomst is die gaatover de beelden van Hawija. We hebben er alle begrijp voor dat zij daarbijaanwezig moeten zijn; dat is geen desinteresse voor het onderwerp hier.Er zal door anderen natuurlijk worden meegeluisterd naar de antwoordenop de vragen die zij zullen gaan stellen. Dus daarvoor alle begrip.Laten wij van start gaan met de eerste spreker van de kant van de Kamer,mevrouw Mutluer namens GroenLinks-PvdA.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Voordat ik ga beginnen met mijn punten, wil ikstilstaan bij de verdronken politieagent Robert-Jan Hartman, wiens naameindelijk, na elf jaar, wordt bijgeschreven in de Tuin van Bezinning. Ditheeft in mijn beleving te lang geduurd. Deze stap voelt daarom als eenerkenning van het leed en het verlies dat zijn nabestaanden al jarendragen.Dan mijn actuele punten. Het zal u niet verbazen dat ik wil beginnen methet bewaren van politiegegevens. De Wet politiegegevens staat het niettoe dat politiegegevens die samenhangen met dagelijkse politietakenlanger dan vijf jaar worden bewaard. Wij hebben dit met het oog op coldcases terecht oogluikend toch toegelaten. Nu geeft de Raad van State aandat het langer bewaren van die gegevens echt niet mag. De AP heeft zichook heel erg kritisch uitgelaten. Die gegevens moeten nu vernietigdworden.Voorzitter. Ik snap dat, vanwege de privacy, overbodige gegevens nietlanger dan nodig bewaard moeten worden, maar als je nu begint met hetvernietigen van gegevens die van nut kunnen zijn bij cold cases, dan krijgje die nooit maar dan ook nooit meer terug. Dat is niet uit te leggenrichting nabestaanden en achterblijvers, het is onverstandig en het is eenbittere pil, mede gelet op het feit dat dit soort zaken niet verjaren, detechnologie zich ontwikkelt en je die info dus ook nodig kan hebben. Erkunnen nog verzoeken tot herziening van een zaak komen bij een novum.Wij willen dat u voor cold cases nuttige gegevens bewaart en dat u dezefiltert. We willen dat u dit gaat doen zoals dit gebeurt met gegevens vanvijf jaar en ouder die een waarde hebben als cultureel erfgoed of voorhistorisch onderzoek. Als je dat voor dat stukje kunt doen, kun je dit inmijn beleving ook voor het stukje cold cases doen. Als de Wet politiege-gevens het niet toelaat, zou ik zeggen: pas op dat onderdeel de wet aan enTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12572 zorg ervoor dat dit soort gegevens gewoon beter gearchiveerd kunnenworden.Voorzitter. Dan iets heel anders. Onlangs ...De voorzitter:Eerst nog een interruptie van mevrouw Michon-Derkzen.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Ik ben heel blij met wat mevrouw Mutluer hier zegt over die gegevens,dus dat zij het met mij eens is dat die moeten worden bewaard. Ik lasterug dat mevrouw Mutluer zegt: wat je nodig hebt, moet je dan bewaren.Maar de hele kwestie is dat je dat niet van tevoren weet; anders zou datwel makkelijk gaan. Het is goed om even scherp te hebben hoe mevrouwMutluer hierin staat. Ik weet dat er ook in haar fractie discussie over zalzijn. Wat stelt zij nou concreet voor over hoe we met die politiegegevensomgaan? Is zij het er dus mee eens dat die helemaal bewaard moetenworden, langer dan die tien jaar?Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Als dat zou kunnen, zeker. Maar ik neem een advies van de Raad van Stateserieus. Ik vraag me wel oprecht af of daar serieus en goed over isnagedacht, zeker als het gaat om zaken die van nut kunnen zijn voor coldcases. Ik kan me zeer goed voorstellen – ik denk dat dit een zoektocht voorde Minister is, waarop ik hem ook wil bevragen – dat moet wordennagegaan in hoeverre je een delict, een locatie of anderszins eventueelzou kunnen linken aan een cold case. Ik snap dat dit lastig is, maar hoelastig ook, ik kan me best voorstellen dat deze Minister met de betrok-kenen gaat nadenken over de vraag in hoeverre die filtering kan plaats-vinden. Ik snap de vraag dus, maar ik denk dat er meer mogelijk is dan nuwordt gezegd. Je kan niet alles bewaren, maar je zal criteria met elkaarmoeten gaan vaststellen om toch een aantal zaken te filteren.De voorzitter:Een vervolgvraag, mevrouw Michon-Derkzen.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Het was juist bij het vragenuurtje – de heer Ergin stelde toen een vraag –dat de collega van mevrouw Mutluer heel erg aandrong op vernietigen.Dat is precies waarom ik deze vraag stel. Als in een vragenuurtje moorden brand wordt geschreeuwd omdat politiegegevens te lang wordenbewaard en de AP klaagt, dan staat de fractie van mevrouw Mutluer ookvooraan. Dat mag ook, hè? Maar het kan niet allebei waar zijn. Ik zou dusnogmaals aan mevrouw Mutluer willen vragen of het klopt dat zij methaar fractie tegen deze Minister zegt: doe wat mogelijk is om de gegevenste bewaren die nodig kunnen zijn voor cold cases. Dat is een belangrijkeuitspraak. Ik wil graag de opvatting van mevrouw Mutluer en haar fractieweten.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Daar kan ik volmondig ja op zeggen. Ik heb de afgelopen tijd te veelachterblijvers, te veel nabestaanden aangehoord die jarenlang inonzekerheid blijven ten aanzien van onopgeloste zaken. Als het gaat omcoldcasezaken, dan vind ik het onbegrijpelijk, zeker gelet op het feit dat wijmet elkaar hebben besproken dat coldcasezaken ... Tenminste, het gaatom delicten waar meer dan twaalf jaar op staat, die nooit kunnen verjaren.Dan kun je niet zeggen: dan gaan we die gegevens na vijf jaar vernietigen.Ik neem de kritiek van de Raad van State en de Autoriteit Persoonsge-gevens absoluut serieus. Dat doet mijn fractie ook in het licht van privacy.Dat vinden wij een belangrijk goed. Echter, voor dit soort zaken moet watTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12573 mij betreft waar het kan en mogelijk is een uitzondering worden gemaakt.Dat is een uitdaging, maar ik daag deze Minister daartoe uit.De voorzitter:Gaat u verder.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Dank, voorzitter. Dan iets heel anders. Onlangs vertelden twee politie-mensen in een tv-uitzending over hun ervaringen met het oplichten vanmensen door nepagenten. Mijn fractievoorzitter Frans Timmermans zatook aan tafel en hoorde met stijgende verbazing en verontwaardiging aanhoe argeloze burgers in hun woning door nepagenten met babbeltrucshun dure spullen en geld werd afgenomen. Ik heb navraag gedaan. Ditkomt 8.300 keer voor per jaar. Dat betreft alleen nog maar de meldingen.Het gebeurt niet alleen door nepagenten, maar ook door andere dadersdie het vertrouwen van mensen weten te misbruiken. Dit is al strafbaar;het is oplichting. De maximumstraf is vier jaar. Maar als je dat afzet tegeneen woningoverval met bedreiging of het plegen van geweld, waar negentot twaalf jaar voor staat, vraag ik me echt af of vier jaar niet een te lagestraf is, want in je eigen huis opgelicht worden door nepagenten ofandere mensen maakt heel veel indruk en is een ervaring die leidt totallerlei trauma’s. Mijn verzoek aan en suggestie voor de Minister is om bijoplichting een strafverzwarende omstandigheid in de wet op te nemen alshet gaat om oplichting in je eigen woning. Dan mag het daarnaast ooknog zwaarder gaan wegen als het door meerdere personen gebeurt. Ikoverweeg daar desnoods een motie over in te dienen. Ook zie ik graag datdit onderdeel wordt van de high-impact crimes. Dat vraagt om het in hetbeeld brengen van de aard en omvang van deze vorm van woningover-vallen, en het zoeken naar aangrijpingspunten voor maatregelen eninterventies waarmee je het probleem het beste kunt aanpakken.Voorzitter. Dan nog iets over medische arrestantenzorg. Het is meerderekeren mislukt en opnieuw in de markt gezet, terwijl experts nu juistonderzoek doen naar de kwaliteit. De zorgen zijn groot. Er is sprake vaneen versnelde uitstroom en straks een beperkte instroom van forensischartsen. Straks komen andere taken zoals lijkschouw onder druk te staan. Ikweet dat de Minister er misschien niet heel uitgebreid op kan reageren,dus als hij dat niet kan doen, wil ik graag een schriftelijke reactie, want ikmaak me hier enorm zorgen om.Tot slot de data, maar ik denk dat ik geen tijd meer heb.De voorzitter:Dat klopt inderdaad.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Dan laat ik het hierbij, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Eerdmans namens JA21.De heer Eerdmans (JA21):Voorzitter, dank je wel. Eerst iets over de zichtbaarheid van de politie. Ikzag in de brief Zichtbaarheid en nabijheid dat het aantal fte wordtopgeschroefd met 4.700 agenten. Daar wordt dus hard aan gewerkt. Ikvraag me ten eerste af of we een beetje op koers zitten om dat te halen.Als tweede las ik dat het aantal politiekantoren geen doel op zich is. Datvond ik wat apart, want we weten dat in bijna vijf jaar tijd een kwart vanalle politiebureaus is gesloten. Hoezo is dat dus geen doel?Voorzitter. Dan verward gedrag. Ik maak me daar grote zorgen over, en ikben niet de enige. 85% van alle meldingen bij de politie is een recht-streekse melding over een verward persoon. Ik maak geen werkbezoek bijTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12574 de politie mee waarop de politie niet zegt: het gaat eigenlijk ten koste vanons werk; we lijden eronder want we zijn geen psychiaters. Het aantalzorggerelateerde meldingen bij de politie is met 300% toegenomen. Degrote vraag is: wat we kunnen we hiervoor bedenken? Kunnen we het nouniet zo regelen dat er bij meldingen altijd iemand, een gedragsdeskundigeof een zorgverlener, op de auto meegaat? Sitalsing, landelijk portefeuille-houder zorg bij de politie, zegt dat het enige wat echt zou helpen 24/7 eenzorgvoorziening op straat is. Kunnen wij zoiets gaan realiseren? Hoe kijktde Minister naar dit vraagstuk?In januari werd een motie van mevrouw Mutluer en mijzelf aangenomendie zegt dat er een vaste plek voor de ggz moet zijn op de meldkamer. Kande Minister aangeven of hier al vorderingen op worden gemaakt? Wehebben natuurlijk ook het Meldpunt Zorgwekkend Gedrag, 0800-1250. Datvind ik heel goed. Wordt dat een beetje gebeld? Wordt dat goed bereikt?Voorzitter. Wat zeker goed bereikt wordt, is 112. Dat is 3,5 miljoen keergebeld, maar 40% daarvan betreft misbruik. Dat zijn gewoon neptele-foontjes. Dat vind ik ook wel erg schrikbarend. Een vrouw uit Velp, las ik,heeft 3.000 keer onnodig 112 gebeld, 3.000 keer! Dat lijkt me heeltijdrovend en ook frustrerend voor de politie.Voorzitter. Ik vlieg door naar Extinction Rebellion. Eventjes daarover. Ikheb ChatGPT gevraagd: hoeveel boetes zijn er uitgedeeld aan ExtinctionRebellion? Het antwoord van ChatGPT is: dat hangt ervan af of de mensenvervolgd worden. Toen heb ik burgemeester Van Zanen even geappt engevraagd: wat is daar nu mee gebeurd na de A12-blokkade? Hij zegt: geenidee. Er zijn 80 mensen aangehouden en geïdentificeerd, maar de vraagblijft: wat doet het OM? We hebben volgens mij een probleem in dezetrechter zitten, namelijk bij het OM. Ik heb vervolgens aan ChatGPTgevraagd: wat voor boete krijg ík nou als ik zo meteen ga wandelen op desnelweg? Dan zegt ChatGPT: «Voor wandelen op de snelweg bedraagt deboete € 190. Een uitzondering geldt alleen voor noodgevallen, zoals bijpech of een ongeluk. Dan mag je uit je auto stappen, anders niet.» Hoedan? Dit is toch eigenlijk ongekend. Ik blijf daar mijn enorme verbazingover uitspreken. Lid Kostic´ zei gisteren nog: het zijn allemaal bravehuisvaders op de A12. Die gaan volgens mij dus eerst wandelen op desnelweg voordat zij gaan demonstreren. Ik denk dus dat ze strafbaar zijn,of ben ik nou gek? Heel graag een reactie of daar niet een boete op kan.Ik ben blij met de aangekondigde wet over gezichtsbedekking. Daar ben ikblij mee. Ik denk dat nu alleen nog de anbistatus moet worden afgepakt,heel snel, en de wasstraat erbij, want ik denk dat 40 keer de A12 blokkerenen de inzet van 500 agenten per blokkade echt wel genoeg is.Voorzitter, tot slot het preventief fouilleren. Er zijn heel veel goedeervaringen met die acties, weten we uit de lokale sfeer. In een paar wekentijd worden boksbeugels, stootwapens, messen en van alles eruit gepakt.Mijn vraag gaat over twee dingen die mij storen. Het eerste is de derdewaarnemer. We blijven vinden dat er altijd een derde agent bij moet zijnom het etnisch profileren tegen te gaan. Dat vind ik een motie vanwantrouwen naar de politie toe. Het wordt daar ook zo beleefd, want ooktwee agenten kunnen elkaar controleren op etnisch profileren. Het tweedeis de willekeur. Het schijnt dus heel vaak te gebeuren dat je alleen eenvierde en een zesde passant mag fouilleren en anders niet. Nou, daar kaneen omaatje tussen zitten of een kind van 4. Dus kom op, wij moeten tochde politie het vertrouwen kunnen geven dat er goed wordt gefouilleerd enmet een duidelijk risicoprofiel? Want het klinkt heel inefficiënt, maarvolgens mij is het dat ook. Dus waarom houden we vast aan die willekeuren die derde waarnemer? Als de Minister daarop kan ingaan, ben ikalweer tevreden.Dank je wel.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12575 Dank u wel. Ik denk dat uw vraag «of ben ik nou gek?» niet voor ChatGPTbedoeld was, hè? Anders kunnen we dat nog vragen.De heer Eerdmans (JA21):Nee, maar de toeschouwers kunnen natuurlijk wel eventjes checken of ikgek ben.De voorzitter:Dank u voor uw bijdrage. Dan geef ik het woord aan de heer Boswijk vanhet CDA.De heer Boswijk (CDA):Dank u wel, voorzitter. Volgens ChatGPT was ik drie maanden geleden,toen ik dat een keer probeerde, een politicus uit Nijkerk van deChristenUnie, dus dat klopte niet helemaal, maar goed. Ik sluit me wel aanbij het gevoel van onrecht dat veel mensen in Nederland voelen overmensen die gaan demonstreren op de snelweg, met alle overlast, en dievervolgens lak hebben aan de druk die dat op het politieapparaat legt ende enorme frustratie die er bij de politie leeft. Ik ben ook blij om te zien datdeze Minister met gezichtsbedekkende kleding aan de gang wil gaan, ofdie in ieder geval wil verbieden. Ik denk dat dat ook enorm kan helpen inde handhaving. Ik bedoel, je mag altijd demonstreren, maar als je niks teverbergen hebt, hoef je je ook niet te bedekken wat mij betreft.Voorzitter. Ik sluit me ook bij aan bij de opmerking van collega Mutluerover het bericht over politieagent Hartman, dat eergisteren bekend werd.Eindelijk, hartstikke goed nieuws.Maar ik wil me vandaag eigenlijk vooral richten op het punt dat collegaMutluer ook aanhaalde en dat we vanmorgen allemaal lazen, namelijk hetvernietigen van gegevens en het daarmee in de toekomst nog moeilijkerof onmogelijk maken om cold cases op te lossen, waar een aantal vanmijn collega’s in het verleden gelukkig al vaker aandacht voor hebbengevraagd. Ik vraag me af: waar komt deze draai nou zo plotselingvandaan? Ik begrijp het oprecht niet. Ik heb al langer een grote frustratiedat wij privacy inmiddels tot iets heiligs hebben verheven, wat insommige gevallen ten koste gaat van de veiligheid, en mogelijk in ditgeval ten koste gaat van gerechtigheid en duidelijkheid richting slacht-offers en nabestaanden. Ik zou de Minister willen vragen welke mogelijk-heden hij ziet om dit onzalige plan toch te voorkomen. Dit kan toch niet debedoeling zijn? Ik heb veel vertrouwen in deze Minister, dus ik heb er ookvertrouwen in dat hij toch iets kan vinden waardoor we deze stap niethoeven te zetten.Dan nog een heel ander onderwerp: het erkennen van PTSS als beroeps-ziekte voor geüniformeerde beroepen. Vorig jaar is een initiatiefnotaingediend, samen met collega’s van GroenLinks-PvdA en D66. Wanneerkunnen we nu eindelijk eens die kabinetsreactie verwachten? Afgelopenweek stond er weer een heel stuk in de krant over boa’s, die telkens meertaken van de politie moeten overnemen. Er is nog steeds veel onduide-lijkheid en wat mij betreft geen tijd om te wachten. Ik ben ook benieuwdnaar de uitvoering van de motie die verzoekt om een deel van definanciering van het Veteranen Search Team. Zij doen belangrijk werk voorde politie. Die motie ligt inmiddels al meer dan een jaar stof te happen. Ikvind dat een schoffering richting de vrijwilligers, maar ook richting depolitie, die zegt dit gewoon nodig te hebben. Waar wachten we nog op?Vorig jaar heb ik vragen gesteld over nepagenten. Ook collega Mutluerheeft daar net iets over gezegd. Toen werd gezegd dat het moeilijk tehandhaven is, het grote druk op het politieapparaat legt en niet dehoogste prioriteit heeft. We zien sinds vorig jaar dat het geëxplodeerd isen dat de inzet van deze nepagenten immens is, zeker op de ouderen inonze samenleving. In de antwoorden op de schriftelijke vragen werd ookTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12576 gezegd: we komen in april met een voorlichtingscampagne. Het is nuapril, dus ik ben heel benieuwd hoe het daarmee staat.Voorzitter, dat was ’m.De voorzitter:U heeft nog een interruptie van mevrouw Mutluer.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Ik schrok wel van dat aantal van ruim 8.000 meldingen van nepagenten ofanderen die met babbeltrucs binnentreden en je oplichten. Een van desuggesties die ik deed – daar richt mijn vraag zich op – is om eenstrafverzwarende omstandigheid in de wet te zetten voor oplichting in jeeigen woning. Hoe kijkt mijn collega daartegen aan?De heer Boswijk (CDA):Ik denk dat we alles aan moeten grijpen. Op het moment dat ik dieschriftelijke vragen stelde, ging het, geloof ik, over 3.500 tot4.000 incidenten. Dat is een halfjaar geleden. Het is dus verdubbeld in eenhalfjaar tijd. Dat geeft wel aan hoe groot het probleem is. Ik ken ookverhalen van mensen die zijn opgelicht, die aangifte hebben gedaan enwaarbij bekend is wie het heeft gedaan. Maar die beste mensen gaanvrolijk verder, omdat ze nauwelijks consequenties ondervinden. Dus ikben zeer voor alle creatieve en verzwarende maatregelen, als het er maarvoor zorgt dat dit gaat stoppen. Ik sta daar erg voor open. Ik ben ookbenieuwd hoe de Minister daarnaar kijkt.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Aardema. Hij spreektnamens de PVV.De heer Aardema (PVV):Dank u wel, voorzitter. Ook in het Groningse dorpje Baflo is afgelopenweekend een gedenksteen neergelegd voor de omgekomen politiemanDick Haveman, veertien jaar na dato. Dat is mooi. Ik wilde dat toch evenmemoreren, als u dat goedvindt.De PVV wil vooral zichtbaar meer blauw op straat, zeker in de wijken. Dewijkagent is immers het oog en oor van de politie. Daarom willen we datde 80/20-regel strikter wordt toegepast: 80% van de tijd in de wijkbesteden en 20% aan andere politietaken, zoals bijvoorbeeld een keertjemeedraaien in de noodhulp. In de praktijk is het vaak juist net andersom,omdat er een capaciteitsprobleem is. Dan lijkt het handig om eenwijkagent in de noodhulp te schuiven. Dat begint structureel te worden enleidt tot grote frustratie bij wijkagenten en zelfs tot leegloop, vooral omdatde toegewijde wijkagent zijn feeling met de wijk waarin hij werkt dreigtkwijt te raken. Graag een reflectie van de Minister.Sprekend over minder politie in de wijk kom ik op de aanstaandeNAVO-top in juni. De politie gebruikt jaarwerkplannen waarin urenworden weggezet en weggeroosterd. In jaarwerkplannen wordt nu al inzetop evenementen geschrapt om die uren straks tijdens de top in te kunnenzetten. Denk hierbij aan de Haagse kermis die op dit moment op hetMalieveld staat. Deze kermis is al met vijf dagen ingekort en moetdagelijks een uur eerder dicht omdat er te weinig politiecapaciteit is. Ditgebeurt overal in het land. Om deze reden kunnen evenementen nietdoorgaan. Dat kan natuurlijk niet. Daarom vindt de PVV dat er meergebruik moet worden gemaakt van Defensiepersoneel tijdens deNAVO-top en misschien wel minder van de politie.Voorzitter. In de meest recente verzamelbrief politie wordt vrij uitgebreidstilgestaan bij de bewaartermijn en vernietiging van gegevens van dedagelijkse politietaak. Het gaat dan niet om de coldcasedossiers zelf, maarom bijvoorbeeld oude mutaties en dagrapporten uit die tijd. De Raad vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12577 State zegt in zijn advies dat het oplossen van oude zaken een zwaar-wegend maatschappelijk belang dient, doch dat er geen noodzaak enonvoldoende motivering is tot een langere bewaartermijn van die oudedagrapporten en mutaties. De Minister zegt hierdoor geen andere keuze tehebben dan dit advies te volgen. De politie gaat dan over tot vernietigingvan die gegevens. Er liggen in Nederland nog 1.700 cold cases op deplanken, veelal levensdelicten en ernstige zedendelicten. Met de voort-schrijdende technologie, met name op het gebied van DNA, zou hetzomaar kunnen dat sommige zaken plotseling opnieuw aan de ordekomen. Dan kan het soms van groot belang zijn dat zo’n rechercheteamjuist wel kan beschikken over oude dagrapporten en mutaties. Vernie-tiging hiervan is een onomkeerbare gemiste kans. Al zou er maar één coldcase worden opgelost door bijvoorbeeld een terloopse mutatie die spreektover een man op de fiets die op de pd is gezien, dan is dit al winst. Ik roepde Minister daarom op om dit nog eens te heroverwegen en de oudemappen in de archieven te laten rusten.Over C2000 heeft de PVV al genoeg gezegd. De boodschap is welduidelijk. Prio één is: zorg dat de boel werkt, altijd en overal.Voorzitter. Dan nog een afsluitende opmerking. Er is in Nederland geenpolitiemuseum. Ooit was het er wel. Het is natuurlijk gek dat dit al jaren isverdwenen. In het kader van erfgoed, maar zeker ook als wervingsmiddelvoor nieuw personeel zou een landelijk politiemuseum wat kunnentoevoegen. Het is bekend dat de korpsleiding een besluit moet nemenover zo’n politiemuseum, mogelijk in Apeldoorn. Er is zelfs al een visie eneen ontwerp. Er schijnt ook een reële businesscase onder te liggen. Kande Minister ons vertellen hoe het hiermee staat?Tot zover, dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Aardema. Er is nog een interruptie van mevrouwMutluer.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Ik moet de voorjaarsnotaberichten nog goed tot me laten doordringen. Ikhoor collega Aardema het hebben over capaciteitsproblemen en hetoplossen daarvan. Dan lijkt het me niet meer dan logisch dat je dan bij deVoorjaarsnota middelen vrijmaakt om dat op te lossen. Maar volgens mijmis ik die. Klopt dat? Hoe wil mijn collega daar dan zorg voor dragen?De heer Aardema (PVV):Ik heb allereerst al gezegd dat die 80/20-regel beter moet wordentoegepast en dat we meer politie op straat willen hebben. Dat zou op diemanier kunnen. Ik heb nog geen kennis genomen van de details van deVoorjaarsnota, dus ik kan weinig zeggen over hoe dat gaat.De voorzitter:Dan geef ik het woord aan mevrouw Van der Werf van D66.Mevrouw Van der Werf (D66):Dank u wel, voorzitter. Ik wil het vandaag hebben over de werkomstandig-heden van agenten. Er zijn al een aantal dingen een langere tijd niet oporde. Dan denk ik vooral aan de werklast, het communicatiesysteem en deeigen veiligheid van agenten. De politie lijkt nog jaren te moeten kampenmet onderbezetting. Dat is niet alleen onwenselijk in het kader van deonveiligheid op straat, maar ook voor agenten zelf. De politie heeft er alsduizenddingendoekje inmiddels alleen maar meer taken bij gekregen.Voor snelle oplossingen daarvan moeten we ook buiten de gebaandepaden durven te treden. Zet meer in op zijinstroom en op doorstroomdoor flexibeler om te gaan met functie-eisen. Eerder riep ik hier in eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12578 breed gesteunde motie in de Kamer al toe op. Hoe staat het met hetbevorderen van de zijinstroom en de doorstroom binnen de organisatie?We moeten ook keuzes maken over waar de schaarse capaciteit wordtingezet. Wat doen we bijvoorbeeld met de lange aanrijtijden en de dunnebezetting in de regio? Twee jaar geleden werd mijn motie voor eennieuwe verdeelsleutel al aangenomen. Maar de Minister, zo zei hij laatst inhet vragenuur, is nog steeds bezig met de uitwerking daarvan. Kan hij dienieuwe verdeelsleutel nog voor de zomer aan de Kamer sturen?Voorzitter. Je ziet ook dat de onderbezetting bij de politie doorstroomtnaar andere vlakken. Zo moeten bijvoorbeeld de groene boa’s de takenvan de politie in het buitengebied steeds vaker opvangen. Ook zij krijgente maken met veel meer personen met verward gedrag. Collega Eerdmanshad het daar ook al over. Ze zien in de bossen steeds vaker mensenrondlopen die daar niet horen te zijn, maar hebben onvoldoende collega’som daar daadwerkelijk tegen op te kunnen treden. Kan de Ministeraangeven hoe hij de groene boa’s in de buitengebieden ondersteunt enhoe we daar de capaciteit, het geld, wapens en dergelijke op peil kunnenhouden?Agenten moeten voor hun veiligheid kunnen rekenen op een werkendcommunicatiesysteem, maar in 71 gebieden in ons land werkt dat niet. DeMinister geeft in zijn brief aan de versnelling te hebben ingezet, doorbijvoorbeeld vorig jaar twaalf blinde vlekken op te lossen. Dat is heelmooi, maar als het in dat tempo doorgaat, hebben we pas in 2031 delaatste blinde vlekken van het C2000-systeem weggepoetst. Wat zouervoor nodig zijn om dat proces nog te kunnen versnellen?Over twee maanden vindt bijvoorbeeld de NAVO-top plaats. De uitda-gingen op het gebied van communicatie zijn ook dan niet verdwenen,maar wel heel relevant. Kan de Minister toezeggen dat alle betrokkenagenten in ieder geval getraind zullen worden in het omgaan met eenstoring tijdens die top? Wat moet er dan gebeuren?Voorzitter, tot slot. Agenten krijgen vaak te maken met geweld. Omwillevan hun eigen veiligheid blijven ze bij het doen van aangifte graaganoniem. Het is mogelijk om aangifte onder nummer te doen, maar in depraktijk schiet die regeling tijdens het proces regelmatig tekort. Neembijvoorbeeld de 23 agenten die zich bij het tussenvonnis na de rellen metGo Ahead Eagles alsnog moesten identificeren, omdat ze anders hunrecht op schadevergoeding verloren. Daarvoor waren hun naam engeboortedatum uiteindelijk alsnog nodig. Ik vraag me af of dit niet anderskan. Welke ruimte ziet de Minister om deze regeling uit te breiden, zodatook een vordering tot schadevergoeding anoniem zou kunnen wordenbeoordeeld?Voorzitter, tot zover.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Wijen-Nass van BBB.Mevrouw Wijen-Nass (BBB):Dank u wel, meneer de voorzitter. Vandaag zou ik het graag over driespecifieke zaken willen hebben in dit commissiedebat over de politie:beeldbellen met alarmcentrales, het politiebudgetverdeelsysteem en depolitiebureaus.Ik begin met videobellen met de alarmcentrale. Op dit moment is hetenkel mogelijk om te bellen of chatten met het alarmnummer 112.Beelbellen is nog geen standaardonderdeel van de meldkamercommuni-catie. Maar beeldmateriaal kan een realistischer en vollediger beeld gevendan enkel gesproken of geschreven informatie. Door de inzet vanbeeldbellen kan er mogelijk een kwaliteitsslag gemaakt worden ensnellere en effectievere hulpverlening gerealiseerd worden. Denk aandreigende veiligheidssituaties of medische ongevallen. Hulpdienstenkunnen zich dan misschien voorbereiden op wat ze gaan aantreffen. IkTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 12579 ben heel benieuwd hoe de Minister kijkt naar beeldbellen met demeldkamer, zoals ik dat net heb voorgehouden. Is daar misschien aleerder over gesproken? Is hij bereid daar wat meer naar te kijken en eenpilot te starten?Dan het politiebudgetverdeelsysteem. Mijn fractievoorzitter, Caroline vander Plas, heeft in 2022 al een motie ingediend om het politiebudgetver-deelsysteem te herzien en te moderniseren en zorg te dragen voor eeneerlijke verdeling van het budget. We kunnen lezen in de verzamelbrief datde Minister hiermee aan de slag is gegaan en dat er aan gewerkt wordt.Zo schrijft de Minister: «Bij het ontwikkelen van een nieuwe verdeelsyste-matiek wordt gekeken naar de opgaven waar de regionale eenheden voorstaan en de werklast die daaruit voortvloeit. Ook aspecten als beschik-baarheid en bereikbaarheid worden daarbij betrokken.» Die insteek issympathiek en, technisch gezien, volgens onze motie. Maar aspecten alsbeschikbaarheid en bereikbaarheid maken nu ook al deel uit van hethuidige systeem. Het punt is dat wij van mening waren en nog steeds zijndat deze punten niet voldoende meegewogen werden. Kan de Ministergaranderen dat deze punten nu wel zwaar zullen gaan meewegen? Graageen reactie daarop.Ook lees ik in de brief van de Minister dat de politie, het OM en regiobur-gemeesters nauw betrokken worden. Dat zou opnieuw een onderverte-genwoordiging van kleine kernen en plattelandsgebieden betekenen.Want hoewel er uit heel Nederland dan wel tien burgemeesters aan tafelzitten, komen al deze burgemeesters nog steeds uit grote steden. Daaromwil ik de Minister vragen om samenwerkingsverbanden uit kleine dorpenen plattelandsgebieden aan te laten sluiten. Ik denk dan bijvoorbeeld aande Landelijke Vereniging voor Kleine Kernen of de K80. Het is voor mijnfractie namelijk echt superbelangrijk dat ook die geluiden wordenmeegenomen in het herverdelen van de budgetten voor de politie. Ik benbenieuwd of de Minister bereid is met deze organisaties aan tafel te zitten.Anders overweeg ik misschien een motie op dit punt. Ik ben dus heelbenieuwd naar de reactie van de Minister daarop.Dan nog één laatste punt, meneer de voorzitter: de huisvesting van depolitie. Het is breed bekend dat mijn partij tegen sluiting van nog meerpolitiebureaus is. Ik ben dan ook wel verbaasd over wat ik in de brief vande Minister lees. Als ik het goed heb begrepen, wil hij de komende vijftienjaar 47 bureaus in het land gaan sluiten. Dat strookt niet helemaal met dedoelstelling van de Minister. Hij wil wel meer zichtbaarheid en bereik-baarheid van de politie. Hoe kan je dat nou als doelstelling hebben, als jevervolgens 47 bureaus sluit? Vervolgens krijgen we er wel 35 posten voorterug, maar dat betekent per saldo nog steeds 12 locaties minder. Ik benbenieuwd of de Minister daar een nadere toelichting op kan geven. Hoerijmt hij dat met dat beter zichtbaar en bereikbaar zijn?Voorzitter. BBB is tegen het sluiten van politiebureaus en politieposten.Wat ons betreft moeten we dit echt niet doen.Dank u wel.Voorzitter: MutluerDe voorzitter:Ik neem het voorzitterschap even over, want de heer Van Nispen van deSP heeft een interruptie.De heer Van Nispen (SP):Ja, ik heb hier een hele korte vraag over aan BBB. Nog los van deinhoudelijke bezwaren tegen het sluiten van de bureaus ligt er natuurlijkook een aangenomen Kamermotie. Daarmee hebben we bijna Kamer-breed gezegd niet door te willen gaan met het sluiten van bureaus. Nuzegt de Minister eigenlijk dat hij dat vooralsnog niet al te serieus neemt. Ikben benieuwd hoe mevrouw Wijen-Nass dat ziet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125710 Mevrouw Wijen-Nass (BBB):Als BBB vinden we het ook superbelangrijk dat de politie zichtbaar enbereikbaar is. Daar zijn ook gewoon voldoende politieposten en politiebu-reaus voor nodig. Dat is voor ons heel belangrijk. Als ik even tel in de briefvan de Minister, dan zouden er twaalf bureaus/posten sluiten. Dat vindenwij geen goede zaak, maar ik ben wel heel benieuwd naar het antwoordvan de Minister daarop. Zo nodig zal ik daar op een later moment opterugkomen.Voorzitter: Van NispenDe voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Michon-Derkzen van deVVD.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Dank, voorzitter. Het is heel goed dat we het hier vanmiddag over depolitie hebben. Ik deel ook veel van wat de voorgaande sprekers hebbengezegd, dus dat is mooi om te horen. Ik wil heel graag beginnen met hetbijzetten van de naam van Robert-Jan Hartman in de Tuin van Bezinning.Ook vanuit deze plek wil ik een compliment geven aan het nieuwe bestuurvan die tuin, dat echt heeft gedaan waar we met een heel aantal mensenzo hard voor hebben geknokt. Dank daarvoor. Ik kan het ook niet nalatenom de collega’s Nico en Peter te noemen. Ze weten wie ze zijn. Je zouecht hopen en wensen dat je allemaal zulke mannen in je omgeving hebtdie voor je blijven knokken. De aanhouder wint. Heel erg mooi.Voorzitter. Dan de aanpak van de cold cases en het vernietigen van degegevens. Ik ben het totaal eens met wat voorgaande sprekers hieroverhebben gezegd. Het kan niet zo zijn dat we verjaringstermijnen helemaaluit de wet hebben gehaald en we de politie-informatie vervolgens door deshredder gooien. Ik zou aan de Minister willen vragen of hij de huidigewerkwijze, die we nu dus hanteren, kan voortzetten of om die nu in iedergeval niet te vernietigen, en aan de slag te gaan met een wetswijziging. Ikbegrijp heel goed dat er een wetswijziging nodig is, ook op basis van watde Raad van State zegt. Maar totdat die er is, blijven we wat mij betreftdoorgaan op de huidige manier. Dat kan ook nog strikter als dat nodig is,bijvoorbeeld met beperkte toegang voor mensen die in coldcaseteamszitten. Je kan ook vooraf toestemming aan een rechter-commissarisvragen. Volgens mij zijn er genoeg opties om ervoor te zorgen dat we dekans op het oplossen van deze zaken overeind houden, want als we datmet deze actie niet langer met elkaar bewerkstelligen, dan zijn we echt hetpaard achter de wagen aan het spannen. Ik denk dat het goed is om daareen Kameruitspraak over te hebben. Het oplossen van cold cases staat opéén. Dat zijn we ook verplicht aan de nabestaanden.Voorzitter. Dan de financiële situatie van de politie. Daar gaat het bij mij inelk debat over. De begroting van de politie is in zeven jaar tijd van5,5 miljard naar 8,2 miljard gestegen. In alle eerlijkheid hebben we tochmaar heel slecht met elkaar in beeld waar al dat geld naartoe gaat. Wehebben nu een flinter van een rapport van Ernst & Young gezien over deIV, de informatievoorziening, bij de politie. Daarin staan vrij heftigeconclusies: er is te weinig sturing en een versnipperd landschap. Als erdan al dertien jaar een nationale politie is, waarbij het juist het idee wasdat je op een centraal thema als informatievoorziening ook centraal kansturen, dan vind ik dat wel heel erg zorgelijk. Ik zou dit wel willenaangrijpen om tegen de Minister te zeggen: kom dan maar met alles optafel; leg gewoon alles op tafel en ga herschikken. Dat zit wat mij betreftdus in geld. Daarom heb ik ook de motie over de doorlichting van depolitiebegroting ingediend bij de begroting; daar horen we dit jaar nogover. Het zit wat mij betreft ook in de aantallen mensen op straat. Van de64.000 die we operationeel hebben, vraag ik me af hoeveel er daadwer-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125711 kelijk operationeel zijn. Hoeveel zitten er in staffuncties en overhead? Datweten we eigenlijk ook niet met elkaar. Dat is ook niet te achterhalen.Voorgaande sprekers zeggen inderdaad terecht dat er ook nog postendichtgaan, dat de aanrijtijden te lang zijn en dat wijkagenten er niet zijn.Aan alle kanten zitten we enorm klem. Ik zou de Minister dus willenaanraden om deze beker helemaal leeg te drinken en zowel wat betreftgeld als aantallen hier nu alles op tafel te leggen en het te herschikken.Dat kan met een budgetverdeelsysteem. Er zijn allemaal kansen om hetéén keer goed te doen.Voorzitter. Ik heb nog twee korte vragen. Waar blijft het wetsvoorstel overhet taakstrafverbod?Wat betreft Politie voor Iedereen: ik begreep dat daar nu circa 100 mensenaan werken. Dat is goed; daar wil ik niks aan afdoen. Maar hoeveelmensen werken er nou aan het programma omtrent geweld tegenpolitieambtenaren? Dat verdient namelijk ook snelle opvolging en hulpvanuit de organisatie zelf. Dat laat nog weleens te wensen over.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. U heeft nog een interruptie van mevrouw Van der Werf.Mevrouw Van der Werf (D66):Ik hoor mevrouw Michon terecht mooie woorden spreken over hetaanpakken van geweld tegen de politie. Maar in dat kader heb ik dan weleen vraag, want de VVD stemde er, ik meen vorige week, mee in dat ertijdens de komende jaarwisseling toch nog vuurwerk mag wordenafgestoken. U stemde voor de motie-Eerdmans/Van der Plas om hetverbod pas in 2026 in te laten gaan, terwijl de politie heel duidelijk heeftaangegeven dat het nu al een oorlogsgebied is. Mevrouw Bikker zei bij hetdebat dat het bij de komende jaarwisseling armageddon wordt. Waaromstuurt u die dienders dan toch nog de straat op?Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Dat is een terechte vraag van mevrouw Van der Werf. Ik kan het nog eenkeer uitleggen. We hebben het een aantal weken geleden de hele avondover het vuurwerkverbod gehad. Het standpunt van mijn fractie viel onsniet licht, maar wij hebben in het debat drie voorwaarden genoemd dieleidend zijn bij de beweging naar een verbod. Daarom heb ik ook eenamendement ingediend, omdat we eerst moeten weten dat er wel aan dievoorwaarden is voldaan voordat een verbod in kan gaan. Als je datserieus neemt, en dat heb ik serieus genomen, ook door mijnamendement, dan kan je niet tegelijkertijd zeggen dat we daar dezejaarwisseling mee beginnen, want dan is het een totale wassen neus, enhet zal ook niets uithalen, want er ligt nog geen handhavingsplan. Deuitwerking van het amendement van mevrouw Bikker voor het inverenigingsverband afsteken van consumentenvuurwerk is er ook nogniet. Er moet ook nog een compensatieregeling voor de branche komen.Dat zijn de drie voorwaarden waar wij zeer veel belang aan hechten. Diemoeten ook eerst zijn ingevuld voordat je aan een verbod toekomt. Ikhoop dat dat volgend jaar met oudjaar wel het geval is. Maar ik wil ookalvast zeggen: als dat dan ook nog niet het geval is, dan kan het verbodniet ingaan. Ik heb die voorwaarden niet genoemd om vervolgens tezeggen: het maakt mij eigenlijk niet zo veel uit en we gaan het gewoondoen.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Van der Werf heeft nog een vraag.Mevrouw Van der Werf (D66):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125712 Ik heb die voorwaarden van de VVD ook gehoord. Maar het is natuurlijkhelemaal niet gezegd – mevrouw Michon-Derkzen wekt hier die indruk –dat dat per definitie niet in negen maanden geregeld zou kunnen worden.Ik vind het dan vreemd dat we bij het debat een onwelwillende Staatsse-cretaris van IenW zien, die er niet heel veel vaart achter zet. MevrouwMichon-Derkzen is niet op haar achterhoofd gevallen; die heeft datongetwijfeld ook gezien. Dan denk ik: ga die dan achter de vodden zitten;zorg ervoor dat er aan die voorwaarden wordt voldaan, want dan hoef jedie invoering niet per definitie uit te stellen. Maar de VVD heeft nu opvoorhand gezegd: we laten het sowieso pas in 2026 ingaan. Dat vind ikheel erg onverstandig, want dan stuurt u agenten een bizar onveiligesituatie in. Waarom doet u dan niet uw best om die voorwaarden voordeze jaarwisseling te regelen, vraag ik aan collega Michon-Derkzen.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Dan ga ik me herhalen. Ik wacht op de uitwerking van die voorwaarden.Dan kan het wat mij betreft van kracht worden. De kans dat dat voor dezeoud en nieuw gebeurt, is echt nihil, dus dat is wensdenken.De voorzitter:Tot slot, mevrouw Van der Werf. O, nee, toch niet. Dan geef ik het woordaan de heer Diederik van Dijk van de SGP.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank u wel, voorzitter. Dag en nacht staat de politie paraat om veiligheidte bieden in een samenleving die steeds complexer en veeleisenderwordt. Dat verdient grote waardering en steun. Tegelijkertijd zien weontwikkelingen die ons zorgen baren en die raken aan de kern van delegitimiteit en het vertrouwen dat burgers in de politie mogen stellen.Daarom sta ik vandaag stil bij twee kwesties: de neutraliteit van de politieen de zichtbaarheid.Voorzitter. Juist in een tijd waarin gezag onder druk staat, is het vanbelang dat we ons vasthouden aan duidelijke, gezamenlijke symbolen vanverantwoordelijkheid. In dat licht is de ambtseed een uitdrukking van deernst en de verantwoordelijkheid die horen bij het ambt van politiemede-werker. Het uitspreken van de eed is een openbare verklaring van trouwaan de wet en het ambt, met een beroep op iets wat hoger is dan heteigen geweten. Voor velen is dat God en juist dat geeft de eed gewicht enbetekenis. De ruimte voor bezwaren tegen het noemen van Gods naambestond altijd al, via de mogelijkheid om in plaats van een eed een belofteaf te leggen. Maar het in afwijking van andere overheidsdiensten volledigloslaten van de traditionele eedsformule, wat nu dus gebeurt bij de politie,maakt van de eed een individuele voorkeursoefening in plaats van eenbindende gemeenschappelijke belofte. De SGP wijst op de gevaren vandeze hyperindividuele inclusie. Hoever laten we deze flexibilisering gaan?Kan straks ook met een vergiet op het hoofd gezworen worden op hetVliegend Spaghettimonster? Mag de eed straks ook afgelegd worden ineen taal die aansluit bij de geloofsbeleving? Hoeveel ruimte geven wevoor persoonlijke invulling zonder de kracht van de eed te ondermijnen?Wat doet het met het gevoel van verbondenheid binnen het korps,wanneer de gezamenlijke basis verbrokkelt?Voorzitter. De politie is er voor iedereen en moet dat ook uitstralen. Als dieneutraliteit in twijfel wordt getrokken, brokkelt het vertrouwen af.Natuurlijk is het goed dat de politie contact onderhoudt met verschillendegemeenschappen. Laat helder zijn dat de SGP niets heeft tegen religieuzetradities. Maar het actief organiseren en faciliteren van religieuzeiftarmaaltijden, waarbij de godheid van Allah wordt beleden, is in strijdmet de Gedragscode lifestyle-neutraliteit, waarin staat dat politieambte-naren afstand dienen te houden van religieuze uitingen. Waarom voelt deoverheid zo’n sterke behoefte om mee te doen aan deze selecte, inclu-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125713 sieve hype, waarbij de aandacht zo eenzijdig gericht is op één religieuzestroming? De overheid behoort boven de geloofsverschillen te staan enniet daarin verstrikt te raken. Door deze praktijk ontstaat het beeld datbepaalde levensbeschouwingen een voorkeursbehandeling krijgen. Dat isniet alleen onrechtvaardig, maar dat vergroot ook de kloof tussenoverheid en burger. De politie moet juist zichtbaar zijn in alle wijken, incontact met alle burgers, zonder zich te identificeren met één groep.Voorzitter. Dat brengt mij bij de zichtbaarheid van de politie.De voorzitter:Eerst is er nog een interruptie van de heer El Abassi.De heer El Abassi (DENK):Ik heb het artikel gelezen waarin de SGP het heeft over iftarvieringen.Volgens de SGP zijn die strijdig met de vereiste neutraliteit van deoverheid. Ik schrok er wel even van dat dit juist van de SGP kwam, die deoverheid ziet als dienares van God. Ik zou de SGP het volgende willenvragen. Zo’n eed geeft al aan dat iemand gelovig is. Vindt de SGP dat nietin strijd met de neutraliteitsgedachte? We weten dan namelijk van tevorenvan een agent of hij christelijk is of een andere godsdienst belijdt. Datweten we dan. Dat is een zichtbare uiting via de eed. Is dat in strijd met deneutraliteit?De heer Diederik van Dijk (SGP):Nee, dat is niet in strijd met de neutraliteit. Daarover zijn ook allerleiuitspraken terug te vinden. Dit hoort bij een eeuwenoude traditie die onsland kent, het vragen van de eed. Daarbij is er op een goede manier opingespeeld dat er mensen zijn die geen geloof belijden: zij kunnenuitwijken naar het doen van de belofte. Mijn punt is dat we nu een breukzien met het beleid dat ook door vorige Ministers is uitgedragen, waarinwerd gewezen op de noodzaak van een stukje herkenbaarheid engemeenschappelijkheid van de eed. Dat wordt nu volkomen losgelaten.Letterlijk staat er nu «puntje, puntje, puntje» en je mag zelf een eedafleggen op wat dan ook. Dat is hoe dan ook een breuk met het verleden,dus daar wil ik graag nadere uitleg over. Ik vind dat bepaald geenvooruitgang. Het wordt zo een rommeltje, vrees ik.De heer El Abassi (DENK):Ik merk dat de SGP van neutraliteit overstapt naar een breuk en herken-baarheid. Ik zou een vraag willen stellen over de iftars. De SGP zegt datdat in strijd is met de vereiste neutraliteit van de overheid. Vindt de SGPdat ook als het gaat om de kerstviering, Chanoeka, Holi en ChineesNieuwjaar? Graag een antwoord daarop van de SGP.De heer Diederik van Dijk (SGP):Daar wil ik graag op ingaan. Ik heb ook geprobeerd me zorgvuldig uit tedrukken in mijn tekst. Ik vind het uitstekend dat politieagenten – daaroverhebben we het hier – aanhaken bij bepaalde bijeenkomsten, van wat voorsnit dan ook, om verbinding met elkaar te houden et cetera. Mijnprincipiële punt, als dat zo genoemd mag worden, is dat de overheid of depolitie niet zelf religieuze maaltijden moet gaan organiseren. Datgebeurde soms ook op het politiebureau, zagen we. Ja, dat strijdt met deneutraliteit van de politie en dat moeten we dus gewoon niet doen.De voorzitter:Tot slot de heer El Abassi, voor zijn derde interruptie.De heer El Abassi (DENK):Dan zou ik toch aan de SGP willen vragen hoe het zit met de kersttoe-spraak van de politie, met Chanoeka van de joodse gemeenschap, metTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125714 Holi, met Chinees Nieuwjaar en zo kunnen we wel doorgaan. Ik heb deSGP er nooit over gehoord als de politie dat soort vieringen organiseert.Dan is de SGP stil.De voorzitter:De heer Diederik van Dijk voor een reactie en dan gaat hij verder met zijnbijdrage.De heer Diederik van Dijk (SGP):Ik waardeer de vragen, maar nogmaals: mijn punt is dat het niet aan deoverheid, of aan de politie in dit verband, is om religieuze bijeenkomstente organiseren. Inderdaad, nogal wat organisaties – dat geldt ook voor depolitie en andere overheidsinstellingen – organiseren aan het einde vanhet jaar een borrel. Dat wordt dan vaak een «kerstborrel» genoemd,hoewel die benaming al steeds vaker wordt afgeschaft, moet ik zeggen.Dan wordt het «winterfeest» genoemd om maar te voorkomen dat het eenchristelijke connotatie heeft. Dat is natuurlijk ook apart, maar dat is ietsanders. Maar ik heb nooit meegemaakt dat de politie een kerstbijeen-komst organiseerde waarbij een preek werd gelezen of psalmen werdenaangeheven en alles. Eerlijk gezegd moet de politie daar ook ver buitenblijven. Dat strijdt met hun neutraliteit. Dus niet doen.De voorzitter:Gaat u verder.De heer Diederik van Dijk (SGP):Voorzitter. Dat brengt mij bij de zichtbaarheid van de politie. In te veelbuurten ervaren mensen dat de politie onzichtbaar is. De wijkagent, ooithet gezicht van lokale veiligheid, is te vaak bezig met bijstand in denoodhulp. Criminaliteit, intimidatie en overlast worden niet altijdopgepakt, zedenzaken stapelen zich op en burgers raken ontmoedigd omnog aangifte te doen. Tegelijkertijd zien we dat politiecapaciteit naar zakengaat die minder prioriteit zouden moeten hebben: symbolische acties,campagnes en inclusieprojecten. Dat is allemaal goed bedoeld, maar deburger wil gewoon blauw op straat, een snelle respons en effectievehandhaving. De SGP roept het kabinet op: zet in op de kerntaak van depolitie, investeer in de basisteams, versterk de aanwezigheid in de wijken,en zorg dat de agent zijn werk kan doen, gesteund door duidelijke kaders,voldoende capaciteit en een samenleving die weet waar de politie voorstaat, namelijk veiligheid, recht en orde.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer El Abassi van DENK.De heer El Abassi (DENK):Drie vragen zijn wel heel weinig, voorzitter. Ik vind het jammer. Ik kan bijde vragen die ik aan de SGP heb gesteld niet anders constateren dan dathet prima is als de politie iets organiseert voor welke gemeenschap danook, maar omdat het hier gaat om een islamitische viering zie je de SGPspringen richting de media en springen om vragen te stellen. Dat vind ikjammer van de SGP.Voorzitter, dan mijn bijdrage. De raadsledenjacht gaat onverminderd door.Wat moeten we anders concluderen als we zien hoe gewelddadigedemonstranten in Berlicum het gemeentehuis bestormen, raadsledenbedreigen, autobanden in brand steken en als beloning het azc van tafelkrijgen? Wat te denken van Uden, waar met stenen, zwaar vuurwerk enflessen werd gegooid? De mobiele eenheid van de politie moest wordeningezet. Of wat te denken van Best, waar relschoppers een sporthal wildenbinnendringen en de burgemeester bedreigden? Inmiddels zijn er al inTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125715 veertien gemeenten plannen voor een azc uitgesteld of tegengehoudendoor bedreigingen en geweld. Dit zijn geen incidenten meer. Dit is eenpatroon, een giftige cocktail van intimidatie, dreiging en geweld, gerichtop volksvertegenwoordigers die opkomen voor mensen op de vlucht. Watdoet de Minister van Justitie en Veiligheid? Helemaal niets. Wat moet ergebeuren voordat deze Minister ingrijpt? Hoelang laat hij nog toe dat hetgeweld regeert in plaats van de wet? Waar blijven de arrestaties, devervolgingen, de landelijke aanpak?Voorzitter. De harde hand van de Staat lijkt gereserveerd voor een anderegroep. Onderzoek toont aan dat jongeren met een migratieachtergrondvaker vervolgd worden dan hun leeftijdsgenoten zonder migratieachter-grond.De voorzitter:Er is een interruptie van mevrouw Michon-Derkzen.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Voorzitter, mag ik een punt van orde maken? Ik waardeer elke bijdrage vanelke collega, maar hetgeen de heer El Abassi hier naar voren brengt, staatbij mij niet op de convocatie. Daar heb ik ook geen stukken over gezien,dus dat lijkt mij buiten de orde.De voorzitter:Die orde word ik volgens mij geacht te bepalen, maar u mag uw punt vanorde maken. Ik heb wel meer sprekers gehoord die politiegerelateerdeonderwerpen aan de orde hebben gesteld die strikt genomen niet op deagenda stonden, dus ik heb daar vandaag een ruime interpretatie aangegeven. U heeft uw punt gemaakt. Ik verzoek de heer El Abassi zijnbijdrage te vervolgen.De heer El Abassi (DENK):Voorzitter, dank. Als de VVD mijn debataanvraag had gesteund, had ik ditin een plenair debat kunnen inbrengen.Onderzoek toont aan dat jongeren met een migratieachtergrond vakervervolgd worden dan hun leeftijdsgenoten zonder migratieachtergrond.De een krijgt een strafblad, de ander een tweede kans. Waarom is afkomstanno 2025 nog altijd bepalend voor de kans op vervolging in Nederland?Waarom is het systeem mild voor kinderen zonder migratieachtergronden hardvochtig voor biculturele kinderen? Dit is geen incident. Dit isgeïnstitutionaliseerd onrecht. Wie nu nog wegkijkt, is geen toeschouwermaar medeplichtig. Neemt de Minister hier verantwoordelijkheid voor?Voorzitter. De hypocrisie van sommige partijen – we hadden het er net alover – kent geen grenzen. Zo riepen PVV en SGP moord en brand overiftarvieringen bij de politie en op ministeries. Volgens de SGP is hetstrijdig met neutraliteit. De PVV vroeg zich af waarom er geen bijeen-komsten zijn rond kerst, alsof die er niet elk jaar zijn. De iftar is eenmaaltijd, een moment van gemeenschap tijdens de ramadan, dat aljarenlang een brug tussen mensen slaat, ook bij de politie. Is dat nietprecies wat we zouden moeten willen? Opmerkelijk genoeg organiseerdediezelfde SGP een chanoekaviering in het parlement. Het was zeerinclusief, met als boodschap: iedereen hoort erbij. Maar als het ommoslims gaat – ik gaf het al aan – is het ineens onprofessioneel. Wordtneutraliteit alleen ingeroepen wanneer het over moslims gaat? Of geldtneutraliteit ook voor kersttoespraken, Bijbelteksten in Defensiekantines ende christelijke geestelijke verzorging bij Defensie? Die neutraliteit is dangeen neutraliteit, maar uitsluiting. Ook biddende agenten en gelovigeambtenaren horen bij Nederland. En ja, ook iftarvieringen horen, net alskerst en Chanoeka, bij Nederland.Voorzitter, tot slot. Het politieoptreden ...Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125716 De voorzitter:Voor u verdergaat, is er een interruptie van de heer Diederik van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Het wordt onderhand wel een hele hutspot. Dat past misschien ook weleen beetje bij het onderwerp dat we aan de hand hebben. We hebben hethier over de politie. Als nu van één organisatie de neutraliteit boven alletwijfel verheven moet zijn, is het toch de politie, zo vraag ik aan mijngewaardeerde collega. En om daar nu de SGP en Chanoeka bij te halen ...De SGP is niet neutraal, net zomin als DENK. Dat steken we ook niet onderstoelen of banken, maar we hebben het nu over de politie. Daarom zijn zeook uniform gekleed. Daarom stellen wij daar die hoge eisen aan. Is deheer El Abassi dat met mij eens?De heer El Abassi (DENK):Ik heb genoeg videootjes. We kunnen genoeg dingen op het internetterugvinden waarin politieagenten het hebben over Gods zegen, waarinchristelijke termen naar voren komen et cetera. Ik hoor de SGP daargewoon totaal niet over. En nogmaals, ik had al wat voorbeeldengenoemd van vieringen die door de politie zijn georganiseerd. Ik kreeggeen antwoord van de SGP en dat zal ik ook niet krijgen, want die feestenzijn door hen gevierd en ik hoor de SGP daar helaas niet over.De heer Diederik van Dijk (SGP):Voor de laatste keer: ik ben heel erg benieuwd naar voorbeelden waarinde politie dan wel een andere overheidsorganisatie daadwerkelijk eenreligieuze christelijke viering organiseert, compleet met gezang en noemmaar op, laat staan een viering waarbij een agent in uniform voorgaat ofde psalmen aanheft. Ik ken ze oprecht niet. Natuurlijk ken ik devoorbeelden van de kerstborrel, maar die hebben een uitsluitend seculiereinvulling. Dus geef die voorbeelden dan alstublieft.De heer El Abassi (DENK):Ik zou zeggen: zoek op internet. Er is genoeg te vinden. We hebben nietlang hoeven zoeken om ze tegen te komen. U vindt ze niet, maar wijvinden ze wel. Ik zou zeggen: ga lekker zoeken op het internet.Voorzitter. Ik ga toch verder. Tot slot. Het politieoptreden in hetMaagdenhuis in Amsterdam tegen pro-Palestinademonstranten wasronduit schokkend. Agenten in burger sloegen met stokken studenten inelkaar zonder waarschuwing en zonder herkenning. Studenten werdenaan hun haren meegesleurd, alleen omdat zij durven te zeggen: stop degenocide. Als je demonstreert, bestaat ook nog eens de kans dat je thuiswordt opgezocht. Er kunnen agenten aan je deur komen die je vragenstellen over je politieke overtuiging en aankomende demonstratieplannen.Agenten bieden achteraf hun excuses aan, maar tegelijkertijd beloven zeniet te stoppen met huisbezoeken. Is de Minister zich ervan bewust datzulke huisbezoeken intimiderend werken en het demonstratierechtondermijnen? Hoe vaak gebeurt dit en waarom accepteert de Minister dit?Dank u wel, voorzitter.Voorzitter: MutluerDe voorzitter:Dan ga ik het woord geven aan de heer Van Nispen van de SP voor zijnbijdrage.De heer Van Nispen (SP):Dank u wel, voorzitter. In een verharde en gepolariseerde samenlevingdoen we een enorm beroep op onze politiemensen. Die staan er iederedag en verdienen waardering. Binnenkort gaan de cao-onderhandelingenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125717 starten. Dat is een belangrijk moment. Mijn vraag aan de Minister is nu ofik er van uit mag gaan dat hij met een goed gevulde portemonnee op padis gestuurd. Uiteraard weet ik dat er veel financiële uitdagingen zijn. Wehoorden er vandaag het een en ander over. Maar ik mag toch aannemendat deze niet ten koste gaan van het personeel, de mensen die hetgevaarlijke werk doen en ons land veilig houden? We vragen namelijk veelvan de politieagenten, bijvoorbeeld zichtbaarheid en nabijheid. Zij zijn deoren en ogen in de wijken. Zij moeten kennen en gekend worden. Maar ikvind de opstelling van de Minister wel ingewikkeld. Hij schrijft namelijkeen heel mooi verhaal, want hij vindt de zichtbaarheid en bereikbaarheidvan de politie ook allemaal heel erg belangrijk, maar het beloofde aantalagenten die de oren en ogen in de wijk zijn, is er niet, en ondertussengaan we gewoon door met het sluiten van bureaus. Hoe verhoudt dat zichnu tot elkaar? Je kunt toch niet het een zeggen en het ander doen, zou ikdenken?De uitdaging in de opsporing is groot. Er wordt gezegd dat die inmiddelsop instorten staat. Er is dringend behoefte aan meer mensen. Die mensenzijn er wel, want zijinstromers zijn geïnteresseerd. Mevrouw Van der Werfhad het er ook al over. Maar de vraag is wel waarom iedereen door devolwaardige opleiding heen moet. Het is nu toch te veel alles of niets.Stellen we niet generiek te hoge opleidingseisen aan iedereen? Niet allerechercheurs zouden bijvoorbeeld per se wapendragend hoeven te zijn,met alle bijbehorende opleidingen. Dat is gewoon even een voorbeeld.Wordt hier al naar gekeken? Wat zijn de mogelijkheden voor het opleidenvan meer zijinstromers? Graag een reactie.Ook over de financiële problemen hebben vorige sprekers al gesproken.Recent kwam dat vertrouwelijke rapport over de doorlichting van deinformatiehuishouding, dat een onthutsend beeld zou geven over deuitgaven aan de opslag van opsporingsinformatie en cybersecurity. Nuzou er zo’n 160 miljoen euro bespaard moeten gaan worden, maar eenbotte bezuiniging kan natuurlijk niet het antwoord zijn op falende opslagen informatiehuishouding. Dat zijn belangrijke taken. Dat moet beter envolgens mij niet door een financiële knal in het gezicht. Kan de Ministergaranderen dat dat straks niet ten koste gaat van het personeel? Hoe krijgtde politie daar steun bij? Is niet ook hier weer het probleem dat er meerdeskundig technisch personeel nodig is? Het wordt nu allemaal externingehuurd en dat is schreeuwend duur. Hoe gaat de Minister de politiedaar nou bij helpen?We hebben eigenlijk al te veel gedoe gehad: met de tapkamers, met hackswaarbij informatie van medewerkers is buitgemaakt en met C2000. C2000is de levenslijn van de politie: communicatie en een noodknop. Dieapparatuur moet natuurlijk gewoon werken, maar die faalt veel te vaak.Politieagenten kunnen niet op hun spullen vertrouwen en dat doet ietsmet die mensen. We hebben hierover een rondetafelgesprek gehad,waarin deskundigen zeiden dat het organisatorisch onnodig complex isgemaakt. Waarom hebben we aanbestedingen? Er zijn meerdereaanbieders – het zijn er wel veertien, geloof ik – en er is geen eindverant-woordelijke voor de kwaliteit.Waarom hebben commerciële overwegingen hier nu weer de overhand?Er is een wirwar aan contracten voor allerlei zaken: onderhoud, demasten, de techniek et cetera. Moeten we niet toe naar één contract enéén aanspreekpunt? Welke financiële belangen zitten hier in de weg enwat gaat de Minister daaraan doen? Dit gaat zo niet goedkomen in diehuidige structuur. Is de Minister bereid het idee te onderzoeken van eenmultisimkaart voor agenten waar alle providers op zitten? Heimelijkediensten zouden dat al wel doen, maar hulpdiensten niet. Gaat nou echteen geldkwestie boven de veiligheid? Ik mag toch hopen van niet.Tot slot. Volgens mij zijn er ook hele zorgelijke ontwikkelingen met demedische arrestantenzorg op de politiebureaus, waar mevrouw Mutluerook al over sprak. Dat moest zo nodig worden aanbesteed en dat is nuTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125718 gewonnen door een huisartsenorganisatie. De forensische geneeskundeverliest hiermee een van de drie pijlers van het cruciale vak, naastlijkschouw en forensisch medische expertise, zoals zedenzaken. Detoekomst van de beroepsgroep, een hele belangrijke beroepsgroep, staathiermee wel op het spel. En voordat de Minister zegt dat dat eenaanbesteding was en het zo nu eenmaal gaat, wil ik hem toch de vraagstellen of hij ook ziet dat deze beroepsgroep nu om dreigt te vallen. Er isimmers vergrijzing en nauwelijks jonge aanwas en door dit soortontwikkelingen sterft dit belangrijke beroep uit. Vindt de Minister het nietook een overheidsverantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat er in detoekomst nog forensisch artsen zijn voor lijkschouw en zedenonder-zoeken? Is de Minister bereid deze zorgen serieus te nemen?Daar wil ik het bij laten.Voorzitter: Van NispenDe voorzitter:De Minister heeft twintig minuten nodig om de antwoorden voor tebereiden. Dan schorsen wij deze vergadering tot 16.20 uur.De vergadering wordt van 16.00 uur tot 16.20 uur geschorst.De voorzitter:Ik heropen het commissiedebat van de commissie Justitie en Veiligheidover de politie. We zijn toegekomen aan de beantwoording in eerstetermijn van de Minister. Daartoe geef ik het woord aan de Minister vanJustitie en Veiligheid.Minister Van Weel:Veel dank, voorzitter. Veel dank aan alle leden voor hun inbreng in deeerste termijn. Laat ik beginnen met te herhalen wat een aantal van u ookhebben gezegd, namelijk het goede nieuws dat Robert-Jan Hartman wordtbijgeschreven in de Tuin van Bezinning. Ook ik ben daar erg blij mee.Vanuit het ministerie zullen we ook bij de herinneringsbijeenkomstaanwezig zijn. Helaas heb ik te maken met een JBZ-Raad op hetzelfdepunt. Maar ook hier in dit gremium wens ik zijn nabestaanden een mooieherdenking toe.Dan sta ik in mijn inleiding graag stil bij enkele onderwerpen. Sommigediep ik wat meer uit en sommige niet, maar al naargelang uw interruptiesga ik ervan uit dat we alle onderwerpen goed aan bod zullen krijgen.In elk debat spreken wij met elkaar over de impact van het veranderendeveiligheidsvraagstuk en de grote maatschappelijke wens om een zichtbareen bereikbare politie met voldoende slagkracht te hebben. Uiteraard is datook onderwerp van mijn gesprekken met het lokale gezag en met dekorpsleiding. Eerder vandaag sprak ik ze ook in het Landelijk OverlegVeiligheid en Politie. Wij hebben daar vandaag stilgestaan bij een aantalrelevante ontwikkelingen. Ik noem er een paar. We hebben geïnventari-seerd wat de mogelijkheden zijn voor het versterken van de publiek-private samenwerking in het veiligheidsdomein. Ook ondernemershebben immers een eigen rol en verantwoordelijkheid op het gebied vanveiligheid. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de rol van supermarkten inrelatie tot zelfscankassa’s. We hebben vandaag stilgestaan bij wat desamenwerking zou kunnen zijn. We hebben ook gesproken over het thematoekomstbestendige politie en de toenemende rol die opgepakt moetworden in het digitale domein. Deze ontwikkelingen heeft de politie ookbeschreven in de recent verschenen Strategische agenda politie.In die context hebben we ook stilgestaan – dit kwam regelmatig ter sprakein uw inbreng – bij de zichtbaarheid en de bereikbaarheid van de politie.Maar bovenal moet de politie goed toegerust zijn om haar taken uit tevoeren en zich aan te passen aan de veranderingen die op de organisatieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125719 afkomen. Dat vraagt onder meer – ik zeg dat ook tegen mevrouwMichon-Derkzen en anderen die daarover begonnen – om solide financieelbeheer. De meerjarenraming laat tussen 2026 en 2029 een oplopendexploitatietekort zien. Er zijn daarom keuzes nodig om tot een sluitendebegroting te komen. We kunnen niet ongebreideld het tekort latenoplopen in de exploitatie zonder dat we daarvoor in de output terugzienwat we willen zien. Dus op dit moment bereidt de politie op mijn verzoekkeuzes voor, die in de voorbereiding van de politiebegroting 2026 moetenworden gemaakt. Voor mij is het een randvoorwaarde dat bij hetvormgeven van deze keuzes de slagkracht, de zichtbaarheid en debereikbaarheid van de politie behouden blijven.De komende tijd zal ik met het LOVP de voorstellen van de politiebespreken. Daarbij worden – dat zeg ik tegen onder anderen mevrouwMutluer – de bevindingen van het EY-rapport, dat naar buiten gekomen is,betrokken. Dat gaat met name over de sturing op de IV-projecten. Dit waseen eerste rapport. Het was ook niet de bedoeling dat het naar buiten zoukomen in dit stadium, maar die dingen gebeuren, zoals we allemaalweten. We hebben daar dus nu kort op gereageerd en het rapportinzichtelijk gemaakt. Dat geeft in ieder geval aan, ook voor mij, dat er echteen flinke opgave ligt in het beteugelen van de IV-kosten. EY doet daar alwat aanbevelingen voor. Ze zijn ook gevraagd door de korpsleiding omdaar een nadere specificering van te maken, zodat we die kunnenbetrekken bij de integrale besluitvorming.Ik sta in de inleiding ook nog graag stil bij de voorlichting van de Raad vanState over de bewaartermijnen van politiegegevens, waar een hoop van unaar hebben gevraagd. Zoals u weet, mag de politie formeel de politiege-gevens die worden vergaard voor de dagelijkse politietaak vijf jaarbewaren. Daarna kunnen deze gegevens nog een keer vijf jaar wordenbewaard en onder voorwaarden worden gebruikt in de opsporingsonder-zoeken, waaronder cold cases. Daarna moeten deze gegevens, dieverzameld zijn voor de uitvoering van de dagelijkse politietaken – ik zegdat nogmaals: het zijn niet de dossiers zelf, maar gegevens die in hetkader van de algemene politietaak als bijvangst zijn vergaard – definitiefworden vernietigd. In 2019 is hierop een uitzondering gemaakt. Ik hebnaar aanleiding van het vragenuur dat we hierover hebben gehad, waarinenkele kritische kanttekeningen werden geplaatst door uw Kamer of ditwel geoorloofd was, voorlichting gevraagd aan de Raad van State. Devoorlichting van de Raad van State – u heeft dat gezien – is helaas vrijdigitaal en biedt geen ruimte om deze uitzondering te handhaven of debewaartermijn te verlengen. U heeft mij ook gezien in het vragenuur enheeft mij daarin horen verdedigen waarom deze informatie zo bruikbaarkan zijn voor de oplossing van cold cases, dus ik begrijp dat dit nieuwshard aankomt. Dat geldt zeker voor de nabestaanden van slachtoffers incold cases. Ik realiseer me dat zij, samen met enkele van uw leden, hetgevoel hebben dat hiermee kansen verloren gaan om zaken op te lossen.Ik wil nog wel één keer benadrukken dat het hier echt niet gaat om degegevens die deel uitmaken van een zaaksdossier, dus ook niet van hetdossier van een cold case. Dat dossier gaat niet weg; alle gegevens diedaarin zitten, blijven behouden. Maar het gaat om gegevens die na tienjaar nog niet in verband zijn gebracht met een opsporingsonderzoek, dusook niet met een cold case.De voorzitter:Er is een interruptie van de heer Aardema.De heer Aardema (PVV):Ik heb dat ook gememoreerd in mijn betoog: het gaat inderdaad niet omde dossierzaken zelf, maar het gaat soms wel om randinformatie die indagrapporten of in mutaties te vinden is. Dan is het voor zo’n team tochhartstikke makkelijk dat ze dat wel kunnen raadplegen. Dan zou het tochTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125720 doodzonde, echt doodzonde, zijn als dat soort informatie weg is, wantsoms brengt dat die mensen toch weer op een spoor?Minister Van Weel:Ik ben dat met de heer Aardema eens. Ik hoor ook weer het pleidooi vanmeerdere van uw leden. Ik wil dus zeggen dat ik een ultieme poging gadoen om opties in kaart te brengen voor een verlenging van de bewaar-termijn. Ik zal de Kamer daarover zo spoedig mogelijk informeren.Hangende dat informeren van uw Kamer zullen er nog geen gegevensworden vernietigd, ook omdat daar eerst nog een plan van aanpak voormoet worden opgesteld. Ik denk dus dat ik daarmee in ieder geval kanaantonen dat ik echt zal trachten om het uiterste te doen om dezeinformatie op enige manier bewaard te laten blijven.De voorzitter:De Minister doet hier een toezegging aan de Kamer. Die wil ik eerst evenvastleggen. Hij zei volgens mij «de Kamer daar zo snel mogelijk over teinformeren».Minister Van Weel:Ja, ik zei «zo spoedig mogelijk», maar dat komt ongeveer op hetzelfdeneer.De voorzitter:De Minister zei «zo spoedig mogelijk». Is daar op enigerlei wijze eentermijn aan te koppelen?Minister Van Weel:Ik ga proberen om dat voor de zomer te doen. Ik span mij ervoor in omdat voor de zomer te doen.De voorzitter:Dank daarvoor.Minister Van Weel:Dat is ook omdat, als ik te lang niet reageer op het Raad van State-verzoek, de AP mij daarop zou gaan dwingen. Er is dus wel enige spoedmee gemoeid.De voorzitter:Ik dacht dat mevrouw Michon-Derkzen als eerste aan de beurt was.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Dank ook aan de Minister voor dit antwoord. Het is ook het enigemogelijke antwoord. Ik wil hem erop wijzen dat de Raad van Stateadviseert. De Raad van State adviseert! De Raad van State geeft een heelbelangrijk en zwaarwegend advies en daar gaan we niet lichtvaardig meeom, maar het is vervolgens aan de Minister om met dat advies in de handwetgeving aan te passen. Dat heeft de voorganger van deze Minister alaangekondigd. Dat is dus blijven hangen. Ik meen: ook op financiëlegronden. Ik wil dus richting de Minister zeggen: die ultieme poging zitgewoon in de aanpassing van de wetgeving. Is de Minister ook bereid omte kijken hoe de wetgeving kan worden aangepast zodat we dezeinformatie voor cold cases kunnen blijven gebruiken?Minister Van Weel:Ik neem die optie mee. Inderdaad, de voorlichting van de Raad van Stateis een advies, maar de Raad van State is hierin wel vrij uitgesproken enrefereert ook aan Europese wetgeving en jurisprudentie waarmee hij ookal stelt dat het in wetgeving verankeren van het langer dan tien jaarTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125721 bewaren van deze informatie, zeer, zeer lastig zal zijn. Dus nogmaals, hetwetgevingstraject zal ik zeker meenemen in de ultieme poging om kansendie ik zie, te benutten. Ik denk dat er echter avenues zijn die mogelijkjuridisch meer haalbaarheid kennen dan deze.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Ook mijn enorme waardering dat de Minister in ieder geval een ultiemepoging gaat doen voor wat betreft die cold cases. Een van de opties die iknoemde, was zoiets als de gegevens van vijf jaar en ouder die op hunwaarde als cultureel erfgoed of voor historisch onderzoek wordengefilterd. Nogmaals, ik begrijp dat het lastig kan zijn. Kun je in die lijn ookde voor cold cases relevante informatie filteren en zou je dat in dieultieme poging als optie willen meenemen? Dat zou ons een lief dingwaard zijn.Minister Van Weel:Of «cultuur» of «historisch» op deze gegevens makkelijk toepasbaar is,weet ik niet. Maar een van de avenues waar we naar zullen gaan kijken, isof je niet kunt zorgen dat je, voordat die ultieme termijn van tien jaarverloopt, probeert om gegevens te koppelen aan cold cases, ook zonderdat je daar wellicht al heel concreet wat mee kan. Dat is een van diepogingen. Dat komt eigenlijk op hetzelfde neer; dan zou je ze langerbewaren omdat ze relevant kunnen zijn voor een opsporingsonderzoek. Ikweet niet of dat kan, maar ik ga ernaar kijken.De heer Aardema (PVV):Er staat letterlijk in de brief: «Om te komen tot een langere bewaartermijnvan deze gegevens dienen de noodzaak tot bewaren van die gegevens ende evenredigheid van de uitbreiding van de termijn overtuigend teworden gemotiveerd.» Het lijkt me toch dat deze Minister dat overtuigendzou kunnen motiveren.Minister Van Weel:Dank voor uw vertrouwen in mijn overtuigende motivering. Ik heb me ooklaten adviseren door wetgevingsjuristen over wat hier nu eigenlijk in dezetekst staat in relatie tot de jurisprudentie. Zij achten deze kans klein, juistvanwege de aard van de gegevens. Het betreft namelijk ontzettend veelbulkgegevens van mensen die in de tien jaar dat we die gegevens hebbengehouden, nooit in verband zijn gebracht met enig opsporingsonderzoekof wat dan ook. Het is moeilijk om dragend te motiveren waarom hetbewaren van al die gegevens van al die burgers proportioneel is voor dieene coldcasezaak. In tien jaar ben je er namelijk niet in geslaagd om diegegevens te koppelen. Daarom kijk ik naar andere avenues, zoals ik zei,maar deze wetgevingsoptie gaat er zeker in meegenomen worden.De voorzitter:Meneer Aardema, ik kan u het woord geven voor uw derde interruptie,maar ik wil het aantal interrupties in eerste instantie maximeren op drie.Dit zou dan voorlopig dus meteen uw laatste zijn, tenzij we straks opeensheel ruim in de tijd zitten. De ervaring leert echter dat dat niet vaak hetgeval is. Wilt u een interruptie, meneer Aardema, of bewaart u ’m even?De heer Aardema (PVV):Ik wil de Minister wel bedanken voor de toezegging die hij nu doet, wantdat geeft toch weer wat hoop, ook voor nabestaanden. Het gaat uitein-delijk maar gewoon om mappen met dagrapporten en mutaties die nu alin een archief staan, een afgesloten archief waar niemand bij kan en waarniemand belang bij heeft. Juist op het moment dat zo’n zaak zich aandienten er weer nieuwe aanknopingspunten komen, is het toch hartstikkeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125722 handig als die mappen weer tevoorschijn kunnen worden gehaald?Nogmaals, ik wil benadrukken dat die motivatie er moet komen.Minister Van Weel:Nogmaals, ik heb begrip voor de wens. Ik snap de frustratie en ik heb dieook gedeeld. Tegelijkertijd moet ook ik me aan de wet houden. Ik zalzeggen: misschien moet juist ik me aan de wet houden. Ik moet daar duswel serieus mee omgaan.De heer Eerdmans vroeg: hoe staat het eigenlijk met die uitbreiding vande politiecapaciteit met 4.700 fte? Dat klopt. De vorige kabinetten hebbende operationele formatie van de politie fors uitgebreid, bijvoorbeeld voorbewaken en beveiligen, voor de aanpak van ondermijning, voor «zeden»en voor agenten in de wijk. In Rutte III is de operationele formatie van depolitie met zo’n 2.400 fte uitgebreid. Rutte IV heeft daar nog 1.600 fte aantoegevoegd. Ook dit kabinet investeert in politiecapaciteit. De operationeleformatie groeit dan ook en zal in 2029 ongeveer 4.700 fte hoger zijn dan in2017. De instroom loopt op schema, maar vanwege de pensioenuitstroomen een aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt is het vullen van deformatie wel een meerjarige exercitie. Ik heb meerdere malen in debatmet uw Kamer gewezen op die uitdaging. De instroomcijfers van 2024wijzen tevens uit, zeg ik tegen een aantal van u, dat er zeer veel animo isvoor de zijinstroom van de recherche. Daardoor zal er minder doorstroomvanuit de gebiedsgebonden politie naar de recherche nodig zijn, waardoorbeide werksoorten naar verwachting de komende jaren zullen groeien. Datvind ik goed nieuws.Tegen mevrouw Van der Werf zeg ik – ze zal het ongetwijfeld latermeekrijgen – dat er inderdaad gewerkt wordt aan die directe zijinstroomvan rechercheurs die niet wapendragend en niet breed executief zijn.Zoals ik net zei wijzen de instroomcijfers uit dat er zeer veel animo is voordeze directe instroom in de recherche. Dat komt de gebiedsgebondenpolitie dus ten goede waardoor de krapte afneemt. Samen met devakbonden werken de korpschef en ik in onze rol als gezamenlijkwerkgever aan een structurele route voor zijinstroom in de recherche, metvoldoende loopbaanperspectief om deze groep ook voor langere tijd tekunnen behouden.Op het gebied van de doorstroom is recent met de vakbonden demogelijkheid overeengekomen om een hbo-werk- en -denkniveau aan tetonen met een assessment, waardoor medewerkers op een mbo-functiemakkelijker kunnen doorstromen naar een hbo-functie. Daar hebben wehet ook eerder over gehad in deze debatten. Dit wordt de komende tijdgeïmplementeerd.Er waren een aantal vragen over de verdeelsleutel voor de operationelesterkte en de capaciteit. Er wordt gewerkt aan een nieuwe verdeelsyste-matiek. Zoals ik u vertelde kwam ik net vanuit het Landelijk OverlegVeiligheid en Politie. Dat werd gebriefd over de stand van zaken van dezenieuwe verdeelsystematiek, waar nu aan gewerkt wordt door een externbedrijf. De beschikbaarheid en de bereikbaarheid van de politie in heelNederland zijn daar belangrijke aspecten bij. Zoals ik zei: een onafhanke-lijke partij stelt dit nu voor ons op en brieft daarover. Een bestuurlijkekopgroep bestaat uit een afvaardiging van het LOVP, maar daarin zijnbewust ook burgemeesters van kleinere gemeentes afgevaardigd. Het zijndus niet alleen maar de G4 – ik zeg het maar even in onze termen – diedaar bepalen wat de zwaarte is van de nieuwe verdeelsystematiek. Erwordt ook gekeken naar de werklast en de opgaven waar de regionaleeenheden voor staan, inclusief de kleine gemeentes. Ik kan de Kamer voorhet zomerreces informeren over de uitkomst van het onderzoek. Dat ligtdus nog steeds op schema, maar ik kan daar nu niet op voortuitlopen. Ikzou dat ook niet willen, want dan beïnvloed ik de rest van het proces.De heer Aardema vroeg terecht aandacht voor de krapte die de NAVO-topveroorzaakt in de politieschema’s. Dat doet het nu al. Dat merken deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125723 regio’s nu al. U noemde het voorbeeld van de Haagse kermis. We zien datwegen worden afgesloten. We weten dat er bekeken wordt hoe weomgaan met andere uitdagingen die zich plotseling kunnen voordoenbuiten het gebied van de NAVO-top tijdens die NAVO-top. Het is eenenorme opgave. Ik ga daar niet voor weglopen. Tegelijkertijd blijf ik er ookbij dat het een eervolle taak is dat wij als Nederland deze NAVO-top juistin dit belangrijke tijdsgewricht in de geopolitiek mogen hosten. We gaandat natuurlijk op een uitstekende manier doen. Ook de politie is daar zeervoor gemotiveerd. Ik bespreek in elk Landelijk Overleg Veiligheid enPolitie met de regioburgemeesters waar we nu staan en wat de impact is.Over een paar weken zullen we weer een publieke briefing geven over deveiligheidsimpact en wat mensen daarvan merken. De lokale noodhulp issowieso gegarandeerd. Er is ook een strategische reserve. We zijn nu aanhet bekijken hoe je met die strategische reserve zou kunnen reageren opcalamiteiten die zich elders voor gaan doen tijdens de NAVO-top. Er isbijstand gevraagd aan Defensie en aan de Koninklijke Marechaussee. Diezullen waar zij kunnen, maximaal ondersteunen in de taken. Ook diverseandere landen helpen ons hier uit, zowel met ervaring alsook metdaadwerkelijke ondersteuning, bijvoorbeeld als het gaat om kennis overdrones en hoe daarmee om te gaan.Dan de groene boa’s in het buitengebied. Een politiedebat zou nietcompleet zijn zonder de groene boa’s. U weet dat wij voor de zomerkomen met een diepgaande beschouwing over het boastelsel en hoe datzich verhoudt tot de politietaken. De politiefunctie die we nu bekijken – iknoemde net al als voorbeeld de winkeldiefstal en de publiek-privatesamenleving – raakt natuurlijk ook aan de samenwerking tussen politie enboa’s en de taakverdeling daartussen. Ik had heel graag al een samenwer-kingsovereenkomst gehad tussen lokale overheden, politie en groeneboa’s, maar die is er nog niet. Ik ben bang dat ik die ook niet ga krijgenvoordat ik kom met een diepgaande beschouwing. Die diepgaandebeschouwing zou dan toch wel het ultieme puzzelstuk moeten zijnwaardoor die samenwerkingsovereenkomsten wel op een adequatemanier kunnen worden gesloten. Ik hoop dat het kort na de zomer kan. Wekijken ook naar de bewapening van de groene boa’s in dit tijdvak, in hetkader van die diepgaande beschouwing. Als gezegd komen we daar rondde zomer op terug.Dan de reflectie op de wijkagenten. De heer Aardema vraagt daar terechtaandacht voor. Laten we eerlijk zijn: dit is natuurlijk voor de meestemensen het meest tastbare en meest zichtbare element van de politie. Ikheb het over de wijkagent, die je kent en die weet wat er speelt. Laat ikeerlijk zijn. Politie voor Iedereen – het werd al even aangestipt, onderandere door mevrouw Michon – is een van de middelen om de veran-kering van de kennis van wat er speelt in de wijken, beter in die politieor-ganisatie te borgen, zodat de politie daadwerkelijk weet wat er in welkewijk speelt. Aan de norm van 1 wijkagent op 5.000 inwoners wordt op ditmoment grotendeels volstaan. Maar de onderbezetting in de breedte tenaanzien van de gebiedsgebonden politie is nog steeds substantieel,namelijk ruim 5%. Dat veroorzaakt dat wijkagenten vaker dan wenselijkmoeten worden ingezet voor incidentenafhandeling, zoals u al meldde, enook minder dan wenselijk toekomen aan hun werk voor de wijk. Dat geldt– dat zeg ik er meteen maar weer bij – ook voor bewaken en beveiligen,voor de inzet bij grote voetbalevenementen en voor het beëindigen vandemonstraties. Zoals we de afgelopen dagen hebben gezien, wordengewoon agenten onttrokken, niet alleen in de steden waar deze evene-menten plaatsvinden, maar ook in regio’s ver daarbuiten. Dat gaat dandirect ten koste van de taken in de wijk.Ik heb u verteld dat de bacheloropleidingen nu lopen, waardoor dezijinstroom voor nieuwe wijkagenten loopt. We zijn ook met pilots aan hetkijken naar een nieuwe manier van afhandeling van incidenten, waardoorer meer ruimte vrijkomt voor proactief werkende wijken. Ik kan geenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125724 werkbezoek afleggen waarbij agenten mij niet vertellen dat ze nog vakerin de wijk zouden willen zijn. Die gemene deler kent u en die berichtenhoort u ook. Die staan bij mij zeer op het netvlies. Die vind ik ook zeerbelangrijk. Wat de Nederlandse politie wereldwijd onderscheidt, is dieverankering in de wijk en de kennis over wat daar speelt, wat ons zo veelgoeds te brengen heeft. In dat licht – zonder dat onderwerp zou eencommissiedebat met u niet compleet zijn – zie ik de sluiting van politiebu-reaus. Dat doe ik niet. Ik heb gezegd: politiebureaus zijn geen doel op zich.Het sluiten van politiebureaus is dat voor mij ook geenszins. Ik ben daarniet op uit. Waar ik op uit ben, is een zichtbare en bereikbare politie die opeen zo efficiënt mogelijke manier de uitdagingen die we nu zien, inclusiefde toename van onlinecriminaliteit en de ondermijnende criminaliteit diewe zien in onze steden, dus al die vormen van criminaliteit, op de bestmogelijke manier kan aanpakken. In dat licht kijk ik dus naar alle mogelijk-heden en alle draaiknoppen die ik heb. Politiebureaus zijn er daar een van.Waar mogelijk – dat is tot nu toe altijd gebeurd, ook uiteindelijk bij hetstation in Wolvega – wordt er met het lokaal gezag een oplossinggevonden voor hoe je omgaat met zichtbaarheid en bereikbaarheid. Datgeldt ook als een groter politiebureau wordt vervangen door meerdereposten. Ik blijf er dus op gericht dat de politie daar in overleg met degezagen uitkomt en dat ze dat op een goeie manier kan doen. Ik zal deontwikkelingen meenemen, weer in het volgende halfjaarbericht. Ik zaldaarbij additioneel, zeg ik tegen de heer Van Nispen, in kaart brengen watde financiële consequenties zouden zijn als we de voorgenomenomzetting van een aantal politiebureaus naar -posten niet zouden doen. Ikdenk namelijk dat die relevant zijn voor het volledige financiële plaatje,om het zo te zeggen.De voorzitter:Mevrouw Michon-Derkzen heeft een interruptie.Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Ik kan de Minister inhoudelijk natuurlijk heel goed volgen, maar het is welheel moeilijk te volgen uit de brieven. We stellen met elkaar vast dat ergeen scherp zicht is op geld en op aantallen. De politie moet zichtbaar enbereikbaar zijn; daar zullen we het allemaal over eens zijn. Dat is dan hetdoel. Maar we hebben al wel een aantal bureaus die op termijn gaansluiten. Dat is dus zo ingewikkeld als je het hele plaatje niet kent. Kan deMinister deze ontwikkeling, met bureaus en huisvesting, dus ookmeenemen in het kader van de doorlichting van de begroting? Dat is eenuitvoering van mijn breed gesteunde motie uit het afgelopen debat overde begroting. Zo zie je het totaalplaatje.Minister Van Weel:Het korte antwoord is ja. In het volgende halfjaarbericht krijgt u weer meerinzicht. Ten eerste krijgt u inzicht in de problematiek die structureel bij depolitie speelt. Dat betreft onder andere het EY-rapport, maar er is ookmeer. Er zijn overblijfselen van cao-afspraken die niet gedekt waren. Erzijn zaken waarvan een accountant heeft gezegd dat ze anders moeten. Erzijn dingen blijven staan waar er wel taken waren, maar geen mensen. Aldie problematiek brengen we nu in kaart. Voor al die problematiek gaanwe ook in kaart brengen wat de oplossing wordt. Dat gaan we structureeldoen, zodat we niet elk jaar bij elk debat deze discussie hebben, zo van:we komen wederom 100 miljoen structureel tekort. Ik ben daarvoor zeergemotiveerd. De korpschef is dat ook, kan ik u vertellen. Die zit hierbovenop. Met een taskforce ombuigingen zijn zij nu bezig om dit serieusen langjarig op te pakken. Daar zullen ook moeilijke keuzes tussen zitten.Maar ik heb gezegd dat de zichtbaarheid en bereikbaarheid, dus echt deprimaire taak van de politie, wat mij betreft vooropstaat bij alle keuzes diewe daarin maken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125725 De voorzitter:Ik ga hier zelf ook een vraag over stellen. De Minister heeft net gezegd: perbureau dat al dan niet gesloten dreigt te worden, zullen we financieel inkaart brengen wat dat zal kosten. Ik denk dat dat heel goed is. Volgens mijkrijgen we de voortgangsbrief meestal in juni. Het zou goed zijn om daareen bevestiging van te krijgen. Maar los van wat het kost ... Het isinderdaad eerlijk om dat aan de Kamer te melden. Als de Kamer iets wil,dan moeten we ook weten wat het kost. Maar ik zou ook willen weten watper bureau de gevolgen zijn voor de aanrijtijden en de zichtbaarheid in dewijken. Dat is dan namelijk de afweging die we moeten maken. Dat doetdus recht aan de wens van de Kamer om het hele plaatje compleet tekrijgen. Kan dat in dezelfde brief meegenomen worden?Minister Van Weel:Ja, maar ik houd wel een slag om de arm over het abstractieniveauwaarop we dat doen. Als ik u echt per bureau de aanrijtijd naar elk dorp,met hoeveel agenten en op welke post, moet doorgeven, dan zijn we hetwerk van de beheerder aan het overnemen. Die taak hebben we hier niet,denk ik. Het zal dus één abstractieniveau hoger komen te liggen. Maardaarmee krijgt u wel het inzicht in de taken, wat het betekent voor deoperationele inzet en wat het betekent voor de financiën. In die zin kan ikhet doen.Dat geldt ook voor IV. IV is een fundamenteel en integraal onderdeel vanvrijwel al het politiewerk. We zien dat waar hele specialistische taken zijn,je ook hele specialistische IV-systemen hebt, van hele specialistischeindividuele suppliers. Dat is ook logisch bij grotere organisaties. Ik heb hetin het verleden zelf ook meegemaakt bij organisaties als de NAVO.Naarmate die systemen ouder worden, wordt het steeds moeilijker om zestabiel te houden en worden ze steeds duurder in het onderhoud. Daar isde politie geen uitzondering op. Er zal dus afscheid moeten wordengenomen van systemen, ondanks dat sommige specialisten zullenzeggen: nu raak ik mijn favoriete IT-systeem kwijt. Voor de beheers-baarheid van de IV van de politie als totaal zullen we daar gewoonscherpe keuzes in moeten maken, ook om het toekomstbestendig tehouden. Zoals ik zei, nemen we dat mee bij de aanbeveling van EY en hoedaarmee om te gaan.Dan C2000 – over beheersbaarheid en stabiliteit gesproken. Dank weervoor de aandacht hiervoor. Mevrouw Van der Werf vroeg aandacht voorhet tempo van de verbeteringen. Kan dat niet omhoog? Kan dat procesniet sneller, ook in relatie tot de NAVO-top? Ik ben het ermee eens. Wemoeten de verminderde dekking echt voortvarend oplossen. Er is al eenversnelling in gang gezet in de oorspronkelijke aanpak en die gaan wedoorzetten. Van de 95 geïdentificeerde gebieden zijn er nu al 28 opgelost,waarvan 12 in 2024. In 2025 zijn er nu al 3 oplossingen van DIPP-gebiedeningepland, maar dat loopt naar verwachting op naar 25 dit jaar. Daarmeemaken we dus echt een grote slag in het oplossen van die gebieden. Hetbijplaatsen van die masten kost wel enige tijd. Dat vereist het voeren vangesprekken met grondeigenaren, de aanvragen van energieleveranciers,het bestellen van bouwmaterialen et cetera et cetera. Maar we zijn ervanovertuigd dat ook de provincies – daar liggen die vergunningen namelijkvaak – nu helder hebben dat dit van belang is en dat we daar dus metvoortvarendheid aan moeten werken.Dan de NAVO-top. Ja, alle agenten worden waar mogelijk nog specifiekgewezen op de back-upmogelijkheden, mocht C2000 of eOCS – dat is hetmeldkamersysteem – onverhoopt toch uitvallen. Ik heb vorige week mijneerste bezoek gebracht aan een meldkamer, in Den Bosch. Ik was onderde indruk. Ik hoefde niet eens te vragen: hoe werken hier de noodsys-temen? Dat kan ook slecht nieuws zijn, omdat ze het vaak geoefendmoeten hebben, maar elke centralist kon mij meteen de volgende dingenaanwijzen. Wat nou als dit systeem uitvalt? Wat doet u dan? Hoe kunt uTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125726 dan nog steeds functioneren? Wat als dit systeem uitvalt? Wat kunt u danniet meer en wat kunt u dan nog wel? Natuurlijk wordt het opererenmoeilijker naarmate die moderne systemen uitvallen, maar de kennis omdaarmee om te gaan en toch te zorgen dat er contact is met de agenten opstraat, zodat je je mensen op pad kunt sturen, is wel aanwezig. Daar wasik erg van onder de indruk, maar dit heeft specifieke aandacht in aanloopnaar de NAVO-top.De heer Van Nispen vroeg naar commerciële overwegingen en hoe die nuweer de overhand hebben. In de sourcingstrategie heb ik het belang vande kwaliteit en de robuustheid zwaar laten wegen. Dat houdt dus onderandere het terugbrengen van het aantal leveranciers dat we nu in hetsysteem van C2000 hebben in. Met een nieuwe aanbesteding van C2000wordt de rolverdeling tussen de verschillende contractpartijen duidelijker.We werken nu aan de financiële ramingen om te kijken wat nou de impactvan de aanbestedingen is, zodat we daarna een keus kunnen maken inrelatie tot de financiële opgave voor de nieuwe aanbestedingen vanC2000.De heer Van Nispen vroeg ook of ik bereid ben om te kijken naar multisim-kaarten als een van de oplossingen voor agenten. Geld is wat mij betreftnooit een belemmering voor de veiligheid van onze hulpverleners. Daarvindt u mij dus zeker op de weg. De multisim wordt nu al gebruikt doorcirca 6.000 politieagenten die werkzaam zijn in de grensregio’s en diesteeds te maken hebben met wisselende netwerken, om te zorgen dat zijaltijd bereik hebben. Die oplossing wordt geboden door commerciëlepartijen en zou aan iedereen kunnen worden aangeboden, maar debatterijduur van de telefoon gaat wel sneller achteruit als je met eenmultisim werkt. Vandaar dat dat nu gebruikt wordt in die gebieden waarde kans op het kwijtraken van een netwerk het grootst is. Bovendien raakje ook tijdelijk even je dekking kwijt als er geswitcht wordt van simkaart endekking. Maar we zullen voor de NAVO-top kijken naar de multisim alseen vorm van redundantie.De heer Van Nispen vroeg ook nog: waarom moet er aanbesteed worden?Zijn er zo veel contractpartijen? Wie is er nou eigenlijk eindverantwoor-delijk voor de kwaliteit van C2000? Ik ben die eindverantwoordelijke, zeg iku maar even. Ik heb al eerder gezegd dat niet alle erfenissen alleen maarvoordelen kennen. Sommige kennen ook echt uitdagingen. C2000 is eenvan die erfenissen. De contracten moeten worden vernieuwd omdat decontracten gewoon aflopen in 2027 en omdat we nu al weten dat deopvolger gewoon niet beschikbaar is. Ik heb al eerder gezegd dat we,zolang C2000 het systeem is, erin blijven investeren om het te verbeteren.Dat mag in ieder geval geen reden zijn om dat niet te doen. Ik grijp dieaanbesteding aan om te komen tot één hoofdleverancier, die ervoor kanzorgen dat alle verschillende leveranciers goed samenwerken en datC2000 als geheel goed functioneert. Ik heb al eerder, ook in een vragenuur,denk ik, gewisseld dat het geen haalbare kaart is om nu, tussentijds, eennieuw systeem commercieel aan te besteden. We zullen het dus moetendoen met de verbetering van C2000.Mevrouw Wijen-Nass vroeg of er onderzoek gedaan kan worden naarvideobellen met de meldkamer. Ja, er heeft het afgelopen jaar een pilotplaatsgevonden met videobellen. Dat was om de centralist inderdaadmeer informatie te laten krijgen over de melding, waardoor er een betereinschatting kon worden gemaakt van de benodigde hulp. Uit de evaluatievan de pilot blijkt dat centralisten inderdaad vinden dat videobellen hetwerk helpt. Ik noem een voorbeeld uit mijn eigen praktijk. Er belde eenRoemeense meneer naar 112, die ergens langs de snelweg stond, geenEngels sprak en een heel klein beetje Duits. Een fotootje van de auto kanje dan in ieder geval het inzicht geven of er een ongeval heeft plaatsge-vonden of dat hij een lekke band heeft. Daar kwamen wij in dit gesprek inieder geval niet achter. In dit geval was er geen man overboord, maar hetgeeft voor mij wel aan dat een beeld in een zeker geval wel degelijk kanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125727 helpen. Dat krijgt dit jaar dus een vervolg. Dan wordt gekeken naarsoortgelijke trajecten bij de hulpdiensten en op welke wijze we datstructureel kunnen organiseren bij de meldkamer.Dat brengt mij bij de zorg voor verwarde en medische arrestanten, waareen aantal van u vragen over had. De aanbesteding is meerdere kerenmislukt. De zorgen zijn groot. Er is sprake van een versnelde uitstroom.Wat gaan we doen aan de instroom van forensisch artsen? MeneerMutluer en de heer Van Nispen vroegen daar specifiek naar. Forensischartsen zijn een onmisbare beroepsgroep, zowel voor de lijkschouw alsvoor forensisch medisch onderzoek. Voor goede medische arrestan-tenzorg moet de zorgverlener bevoegd en bekwaam zijn om de zorg teverlenen, maar dat hoeft dan weer geen forensisch arts te zijn. Met deaanbesteding van de medische arrestantenzorg geeft de politie uitvoeringaan een kabinetsbesluit uit 2018 volgens de geldende aanbestedings-regels. Hoewel partijen zich geruime tijd hebben kunnen voorbereiden opdeze ontvlechting, die dus in 2018 was aangekondigd, realiseer ik me datde impact van een dergelijk besluit groot kan zijn. Er loopt op dit momentnog een bezwaar op dit besluit. Ik wil dus niet op die casus ingaan; die zalik op zijn beloop laten. Maar ik vind wel dat het nodig is om extra in tezetten op de beschikbaarheid van voldoende forensisch artsen in hetalgemeen. Daarom ben ik ook blij dat in de Voorjaarsnota van 2023 – daarzullen we minder historisch op terugkijken dan op deze, denk ik – extramiddelen zijn toegekend om maatregelen uit te kunnen voeren om hetstelsel van forensische geneeskunde te versterken. Daartoe is hetprogramma versterking forensische geneeskunde gestart, samen met decollega’s van VWS en BZK. Op korte termijn krijgt u een beleidsreactie ophet onderzoek naar de regie in de forensische geneeskunde, dat ik in hetkader van het programma versterking forensische geneeskunde heb latenuitvoeren.De voorzitter:Er is een vraag van mevrouw Mutluer.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Laat ik vooropstellen dat ik begrijp dat een Minister, zeker gedurende debezwaarprocedure, niet ingaat op een proces. Maar deelt de Minister onzezorgen dat je met deze aanbesteding, die overigens gebaseerd is opeerdere adviezen van een commissie, het risico loopt dat er veel mensenuitstromen, omdat we de aanbevelingen van de projectgroep die nu bezigis met de kwaliteit van forensische geneeskunde, eind 2025 verwachten endie aanbevelingen dus niet zijn meegenomen? We hebben nu 250 foren-sisch artsen. 60% geeft aan hiermee te willen stoppen en ook delijkschouw kan in de knel komen. Kan dat er aanleiding toe zijn – dat is eenhele terechte vraag; wellicht kunt u daarop geen antwoord geven – dat deopdrachtgever op enig moment zegt: we trekken deze in en we gaangewoon wachten, om ’m volgend jaar eventueel herzien, op een anderewijze, weer in de markt te brengen? Is dat een optie, denkt u?Minister Van Weel:Daar ga ik niet op vooruitlopen, om dezelfde reden die ik net noemde. Erloopt nu een bezwaarprocedure. Ik moet daar echt als bestuurder evenbuiten blijven. Ik laat dat bezwaar op zijn beloop. Afhankelijk van deuitkomst daarvan zullen we, alle factoren in ogenschouw nemend, devolgende stap bepalen.Voorzitter: MutluerDe heer Van Nispen (SP):Ik stel hier zelf ook een vraag over. De Minister zegt: we hebben er al extraop ingezet en de Kamer krijgt nog een beleidsreactie. Maar daarvoor zeiTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125728 hij dat forensisch artsen een onmisbare beroepsgroep zijn. Wat de SPbetreft hoef je dit soort zaken helemaal niet aan te besteden. Maar goed,daar kunnen we niet omheen. Dat moet nou eenmaal; zo hebben we hetafgesproken in het stelsel. Maar als je ziet wat voor risico zo’n dergelijkeaanbesteding en het wegslaan van een van de drie belangrijke pijlers vandeze beroepsgroep zou kunnen betekenen voor een beroepsgroep dietoch al te maken had met vergrijzing en gebrek aan jonge aanwas, danzouden weleens alle inspanningen uit het verleden voor niets kunnen zijngeweest. En dan kan het zo zijn dat die lijkschouw niet meer 24 uur perdag, 7 dagen in de week beschikbaar is. Dat zijn dan toch gevolgen die deMinister volgens mij niet voor zijn rekening zou willen nemen. Kan dat erdus nog toe leiden dat de Minister zegt: ik ga toch nog één keer heelserieus, samen met de politie, bekijken hoe we deze ellende zoudenkunnen voorkomen en hoe we deze belangrijke beroepsgroep, die deMinister «onmisbaar» noemt, overeind kunnen houden?Minister Van Weel:Ik ga me inspannen om de forensische zorg op het niveau te houden datwij daarvan verwachten, maar ik kan me nu niet mengen in de bezwaar-procedure die nu loopt in de actuele aanbestedingszaak. Er is een keuzegemaakt om medische arrestantenzorg te ontvlechten en daardoor apartin de markt te zetten. Dat heeft zijn eigen beloop gehad. Dat is hieropuitgekomen. Daar loopt nu een bezwaar tegen. Dat bezwaar wacht ik af.Hangende dat bezwaar ga ik nu geen stappen in dat proces omdraaien ofomkeren. Dat zou niet zorgvuldig zijn.Voorzitter: Van NispenMinister Van Weel:Dan verward gedrag. De heer Eerdmans noemde als voorbeeld om bijmeldingen altijd iemand als zorgverlener op de auto te zetten. Hij vroeg:hoe doen we dat 24/7 op straat en wat zijn hier nou de oplossingen in? Ikdeel de zorgen van de heer Eerdmans. Ik heb meerdere keren met uwKamer gesproken over de personen met verward en onbegrepen gedrag.Dat heeft ook onze prioriteit. Met de Ministers van BZK en VWS werk ik innavolging van de parlementaire verkenning aan een interdepartementaalprogramma voor een bredere aanpak. Daar gaan we het ook over hebben.Ik zeg uit mijn hoofd, nee, ik zeg vanaf papier, dat er vooralsnog op 28 meieen debat specifiek over dit onderwerp gepland staat, waar ook decollega’s van BZK en VWS bij zijn. Ik hecht daaraan, omdat het mijinderdaad voornamelijk gaat om het ontlasten van de politie. Op welkewijze we dat doen, zal me eigenlijk om het even zijn.Ik ben zelf van de week in Almelo geweest. Ik kom ook nog eens in deregio. Daar hebben ze het programma Streettriage, waarbij dus eenggz-zorgverlener en een politieagent zeven dagen in de week on callstaan, gedurende een shift in de middag en de avond, om te reageren opdit soort gevallen. Dat is een van de voorbeelden. Er wordt gekeken naarervaringen met ggz-medewerkers die in de meldkamers zitten bij 112, omdie eerste triage meteen goed te kunnen doen. Als ik alleen al die tweenaast elkaar hou, zie ik dat daar voor- en nadelen aan zitten. Vanuit demeldkamer is niet altijd in te schatten of er agressie in het spel is en ofdus politieassistentie gewenst zou kunnen zijn. Aan de andere kant kun jeeen politieagent die je permanent voor ggz-meldingen gereed hebt staanniet inzetten voor andere taken. Dat heb ik ook gezien, want ik benmeegelopen met de desbetreffende medewerker die die wacht had. Ik gahet daar dus graag uitgebreid over hebben en zeker ook over de alterna-tieven om de meldkamers en de politie te kunnen ontlasten. Er isoverigens ook een voorbeeld van de mobile crisis-and-responseteams uitAmerika. Dat betrekken we hier ook bij. Op 28 mei gaan we hier dus oververder.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125729 Hoeveel meldingen komen er eigenlijk binnen op het MeldpuntZorgwekkend Gedrag? Het nummer is 0800-1205. Ik noem het nog maareen keer hier voor iedereen die meeluistert. Dat is het meldpunt dat wehebben voor als u zorgwekkend gedrag detecteert. Er zijn in 202414.000 meldingen binnengekomen bij het meldpunt. Dat is dus nietonaanzienlijk. Het nummer wordt goed bereikt. Mensen die zich zorgenmaken over naasten kunnen daar in contact komen met zorgverleners inde buurt. Dit meldnummer kan ook het begin zijn van hulp waaraanbehoefte is. Het gaat om niet-acute zaken. Bij acute zaken moeten mensennog gewoon 112 bellen. Graag niet 3.000 keer per jaar, zeg ik daarbij, innavolging van de heer Eerdmans. Ze kunnen ook de lokale crisisdienstvan de ggz bellen. Maar voor zorgwekkend gedrag moeten ze zeker welbellen.Dat brengt mij dan bij de andere belangrijke zaken. Laat ik beginnen bij deheer Eerdmans, die vroeg: wat is er nou gebeurd bij die A12-blokkade?Zelf had hij al contact gehad met de burgemeester. Ik kom daar nogschriftelijk op terug, want ik had toegezegd om te gaan kijken of we hetlokale gezag bereid zouden vinden om deze pilot te houden. Ik heb vorigeweek in de Kamer in een debat verteld dat ik dat zou doen en dat DenHaag bereid is gevonden om stapsgewijs te kijken welke stappen er nou tezetten zijn. Op zaterdag 5 april zijn ruim 500 activisten van XR aange-houden. Daarvan zijn er dertien aangehouden voor strafbare feiten alsbelemmering, verzet tegen de politie en het tot stilstand brengen van hetverkeer door middel van busjes op de A12. Daarmee geef ik ook meteenantwoord op uw vraag. Diegenen die het verkeer stilzetten, worden daarwel degelijk voor aangehouden en gehoord. Vervolgens is het nog steedsaan het OM om daarop te vervolgen. Daarnaast is er op 5 april ookgekeken in hoeverre er begonnen kon worden met de identificatie enregistratie. We zien nu namelijk dat de rechter voor een enkelvoudigeovertreding van de WOM, want daar hebben we het dan over, vaak geenstraf oplegt. Het OM zegt dus: daar kunnen we wel allerlei dure middelenop inzetten en daar kunnen we wel capaciteit aan besteden, maaruiteindelijk levert dat niks op. Het idee is dat als je de harde kern en demensen die herhaaldelijk strafbare feiten plegen, in kaart brengt, je bij derechter mogelijk wel vervolging kunt krijgen. En dat zou dan weer eenpositief effect hebben op het voorkomen van strafbare feiten. Want dathier gewoon sprake van is, ben ik helemaal eens met de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Dank daarvoor. Maar de politie kan toch ook boetes opleggen, of niet? Alsik op de snelweg ga wandelen, dan krijg ik die € 390 volgens mij gewoonter plekke, want het is namelijk strafbaar om op de snelweg te wandelen.Bovendien is het gevaarlijk. Ik snap dus niet waarom een demonstrant dieop de snelweg wandelt voordat ie, zeg maar, gaat activeren, niet eengevaar is voor onze veiligheid en dus op dat moment een boete door depolitie verdient. Waarom wordt er alleen naar het OM gekeken?Minister Van Weel:Ik kom daarop terug in mijn schriftelijke rapportage over de pilotwasstraat, maar ook dat is natuurlijk een beschikking, zij het in dat gevalonder de wet-Mulder. Dus dat is hetzelfde als dat het OM daartussen zit.Alleen wordt het dan direct met een proces-verbaal afgedaan.Overigens leert de ervaring met deze mensen dat ze altijd in beroep gaanen ook dat levert dus weer capaciteitsbeslag bij de rechtsketen op. En dusmoet je wel kijken wie je eruit pikt. Het werd in uw debat in de Kamer vande week ook genoemd en laten we daarover eerlijk zijn: we zitten nietachter brave huisvaders aan die zich zorgen maken om een zaak. Daargaat het niet om. Het gaat hier om diehard activisten die willens enwetens beslag leggen op politiecapaciteit, die de maatschappijontwrichten en strafbare feiten plegen. Dat is een harde kern die bestaatTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125730 uit een aantal mensen en niet uit honderden mensen. Door daar gerichttegen op te treden – daar is die pilot ook op gericht – willen we kijken ofwe daaraan een einde kunnen maken.De voorzitter:Buiten de microfoon om wordt gevraagd wanneer die brief komt.Minister Van Weel:Laat ik dat mee proberen te nemen in het halfjaarbericht van half juni. Dankrijgt u de stand van dan. Ik bedoel: ik rapporteer wat er dán te zeggen is.Overigens dank voor uw steun voor onze aankondiging van het verbod opgezichtsbedekkende kleding, iets waarover we in een ander verbandkomen te spreken.De heer El Abassi stelde een vraag over huisbezoeken van agenten. Hijstelde die vraag naar aanleiding van één voorbeeld, namelijk iemand dieogenschijnlijk alleen maar vanwege het bezoeken van een demonstratiethuis werd bezocht. Laat ik vooropstellen dat een huisbezoek door depolitie grote indruk kan maken op demonstranten. Overheidsoptredenrondom demonstraties mag niet gericht zijn op het ontmoedigen vandeelname aan demonstraties. Daarom moet de politie op basis van eenconcreet geval en in afstemming met het lokale gezag steeds de afwegingmaken of huisbezoek echt noodzakelijk is en of er niet minder ingrijpendemiddelen beschikbaar zijn om het beoogde doel te bereiken.In het onderhavige geval heeft de politie gezegd dat een huisbezoek niethet meest aangelegen instrument was. Daarvoor heeft de politie in ditgeval haar excuses gemaakt. Ik moet wel zeggen dat niet in algemene zingeldt dat de politie geen huisbezoeken zou kunnen doen. Dat is echt eenvast onderdeel van het werk van de politie. Dat doet de politie om tekijken wat er in de wijk speelt. Dat kan ze verder ook doen in het kader vande openbare orde als ze verstoringen verwacht. En als mensen in eerdereinstanties strafbare feiten hebben gepleegd, dan kunnen ze ook langsgaanom in ieder geval even te kijken wat mensen van plan zijn. Laten we dusgeen stigma verbinden aan het feit dat de politie huisbezoeken aflegt.Maar het moet wel proportioneel zijn. Voor enkel vreedzaam demon-streren zou de politie niet aan de deur moeten komen.Geweld tegen gemeenteraadsleden is verwerpelijk. Dat zeg ik via u,voorzitter, tegen de heer El Abassi. Laat ik daar duidelijk over zijn.Gewelddadig gedrag tegen mensen met een publieke taak, en daar vallengemeenteraadsleden onder, keur ik ten zeerste af. Dat is te allen tijdeonacceptabel. Juist mensen met een publieke taak moeten hun werk veiligkunnen uitvoeren, zonder te worden uitgescholden, belaagd of aange-vallen. Ik ga niet in op de individuele casussen en hoe daar opvolging aanwordt gegeven. Dat is echt aan het lokale gezag. Maar ik wil wel zeggendat daar waar deze mensen persoonlijk belaagd zijn, het belangrijk is datwe ook kijken naar de nazorg, de weerbaarheid en de opvang van demensen die met dit grensoverschrijdende gedrag te maken hebbengehad. Hiervoor loopt een programma van het Ministerie van Binnen-landse Zaken en dat heet Netwerk Weerbaar Bestuur. Wij stimuleren ookdat er altijd aangifte wordt gedaan van dit soort zaken, juist vanwege hetbelang om mensen met een publieke taak te steunen. Zij zetten zichimmers in voor ons allemaal!De Eenduidige Landelijke Afspraken daarover behelzen dus dat er aangiftewordt gedaan en dat er altijd op wordt gereageerd. Die afspraken zijnrecent geëvalueerd en gister heb ik de beleidsreactie daarop aangebodenaan uw Kamer. Dat is het kader om de aanpak Veilige Publieke Taak telaten slagen. De herziene versie van die Eenduidige Landelijke Afsprakenkomt in het voorjaar van 2026 naar u toe.In het verlengde daarvan werd gevraagd naar het taakstrafverbod voorgeweld tegen hulpverleners. Hoe staat het daarmee? Dat verwacht ik nogTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125731 voor de zomer in consultatie te kunnen doen gaan. Dus ook dat ligt nogop het oorspronkelijke schema.Mevrouw Mutluer en de heer Boswijk vroegen naar nepagenten. «Datwordt nu bestraft als een vorm van oplichting, maar zou het niet eenstrafverzwaring kunnen zijn als iemand in de eigen woning wordtopgelicht?» Het is heel ernstig als mensen zich voordoen als agenten enzo geld en spullen buitmaken. Ook hier weer: ik was begin deze week inAlmelo. Daar hadden ze een auto onderschept van mensen die in dit gevaluit Rotterdam kwamen. Die hele auto lag vol met sierraden, bankpassenen geld! Er werd dus gewoon een hele tour afgelegd door zo’n gemeente,en vooral bij kwetsbare ouderen met succes. Dat bleek ook nu dus maarweer. Gelukkig zijn deze mensen gepakt, maar het is veelvoorkomend enenorm frustrerend. Het tast ook het vertrouwen van mensen aan alsmensen zich voordoen als nepagenten.Het klopt dat het veelal als oplichting kan worden aangemerkt en dat daareen maximumstraf van vier jaar op staat. Dat is dezelfde strafmaat alsbijvoorbeeld bij diefstal. Maar er zijn ook casusposities denkbaar waarbijdit anders ten laste wordt gelegd, bijvoorbeeld als iemand verkleed alsnepagent met geweld een woning binnendringt. Dan kan dat diefstal metgeweld worden en dan kunnen er gevangenisstraffen tot twaalf jaarworden opgelegd. Het is uiteindelijk aan het OM om te bepalen wat in eenconcreet geval de meest passende tenlastelegging is. Maar ik wil er duswel voor waken dat we een gewelddadige woninginbraak gelijkstellen aanoplichting door nepagenten. Het fysieke gevaar dat er in het eerste gevalis, moet tocht echt zwaarder wegen, hoe vervelend ook, dan de oplichting,ook als die in de eigen woning plaatsvindt.De voorzitter:De derde interruptie van mevrouw Mutluer.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Deze bijdrage zijn jullie niet gewend van GroenLinks-PvdA, hè. Nog harderstraffen! Maar ik ga het toch doen.Het is een understatement als je zegt dat dit vaak voorkomt. Als ik hetgoed bereken, komt het 23 keer per dag voor. Het gebeurt 8.333 keer perjaar en dat zijn de gevallen waar melding van wordt gemaakt. Ik denk datde Minister zich zeer goed kan voorstellen wat voor impact dit soortoplichting heeft op mensen. Ook de politie vraagt om die strafverzwa-rende omstandigheid. Hoe kijkt de Minister naar die oproep van onzedienders? Naast voorkomen en bewustwording van mensen moeten wevolgens hen ook het strafrechtelijke deel beter borgen.Minister Van Weel:De oproep van dé dienders. Dat zijn er 64.000 en je weet dus nooit uitwelke groep het komt en hoe breed het gedragen wordt. Die oproep heeftmij niet bereikt, maar ik zal hierover in gesprek gaan met de politie. Verderzal ik het meenemen naar mijn reguliere overleg met het OM en henvragen of zij een lacune ervaren in de mogelijkheden om dit soort delictente bestraffen. De uitkomst daarvan zal ik meenemen in dat halfjaarbericht.De heer Eerdmans vroeg naar preventief fouilleren en de derdewaarnemer. De derde waarnemer is geen wettelijke verplichting. Ik ben erzelf ook geen voorstander van, maar het is dus aan de lokale driehoek enniet aan mij als Minister. Maar laat ik hierbij duidelijk als Minister hebbengezegd: wat mij betreft doen we dat niet.Mevrouw Van der Werf vroeg naar de anonieme aangifte van agenten.Kunnen we dat uitbreiden, zodat een vordering tot schadevergoedingvoor mishandeling anoniem kan worden beoordeeld? Per 1 juli 2025treedt de AMvB Bescherming slachtoffergegevens in processtukken inwerking. De kern van deze AMvB is dat slachtoffergegevens bij de bronworden weggelaten, voor zover deze niet strafvorderlijk relevant zijn. DatTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125732 geldt voor alle processen-verbaal van opsporingsambtenaren en allestukken die het Openbaar Ministerie produceert. Dit uitgangspunt geldtvoor alle slachtoffers en niet alleen voor de mensen met een publieketaak. In die zin denk ik dat haar vraag per 1 juli gedekt is. Aanvullendwordt ingezet op bewustwording van het gebruik van persoonsgegevensdoor professionals in de gehele strafrechtketen.Dat brengt mij op het punt van de iftars en de vraag of het in strijd is metde Gedragscode lifestyle-neutraliteit. Nee. De politie neemt al jaren deelaan iftars, de avondmaaltijden tijdens de ramadan. Het bijwonen vanbijeenkomsten met een religieus element is niet voorbehouden aan deislamitische gemeenschap. Dat wordt ook bij andere religieuze vieringengedaan. Niet alleen bij de winterborrel, maar ook bij joodse feestdagen enanderszins zult u politieagenten, ook in uniform, treffen. Dat is ookbelangrijk om in verbinding te staan met verschillende groepen in desamenleving. Dat is wat anders, zeg ik er meteen bij, dan in uniformoproepen tot een gebed. Ik vind dat daarbij wel de grens van de neutra-liteit wordt overschreden omdat het niet de taak van de politieagent is omdit soort religieuze uitingen publiek en in uniform te doen. Iedereen magzijn geloof belijden zoals hij dat wil. Deelnemen aan en contact hebbenmet gemeenschappen is essentieel. Maar voorgaan in gebed, in welkereligie dan ook, hoort daar niet bij.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank aan de Minister voor zijn reactie. Goed dat hij helderheid verschaftover wat er wel of niet verwacht mag worden van een geüniformeerdepolitieagent in functie. Zoals ik in mijn bijdrage zei, vind ik contact metallerlei bevolkingsgroepen en het bijwonen van bijeenkomsten, eventueelook met een religieuze achtergrond, allemaal uitstekend, maar mijn puntis of het aan de politie is om zélf actief islamitische iftarmaaltijden teorganiseren, tot op het politiebureau aan toe, compleet met alle islami-tische geloofsuitingen van dien en betaald door de politie. Dat verdraagtzich toch niet met de neutraliteit die wij verwachten van de politie?Minister Van Weel:Ik hoop dat er veel paasontbijten zijn georganiseerd deze week. Dat magde politie wat mij betreft ook doen. Mij gaat het erom dat iemand inuniform zich neutraal opstelt, maar dat kan op een religieuze bijeenkomstzijn. Dat is de lijn zoals ik die zie. Nu ga ik niet alle scenario’s uitkauwen envoor alle 64.000 agenten voorschrijven hoe dat er dan precies uitziet. Ikdenk dat ze zelf op basis van deze woorden hun conclusies wel kunnentrekken.De heer Diederik van Dijk (SGP):Nog één keer op dit punt dan. Erkent de Minister dat het zelf actieforganiseren van, in dit geval islamitische, bijeenkomsten op deze wijze bijgeen enkele andere religie plaatsvindt? Het was compleet met religieuzehandelingen. Ik noemde al met een knipoog dat er dan op christelijkebijeenkomsten psalmzang zou zijn of dat er een preek zou wordengelezen. We hebben het ook gehad over een seculiere kerstborrel als hetware. Maar waarom dan deze focus op één specifieke religieuze stroming?Minister Van Weel:Het is voor mij niet het focussen op één religieuze stroming. Ik heb dit ookniet ingebracht hier. Ik reageer op de vraag die gesteld is. Wat mij betreftis dat niet anders. Van mij mogen er chanoekabijeenkomsten georgani-seerd worden bij de politie. Maar nogmaals, als de politie voorgaat ingebed, dan wordt wat mij betreft de neutraliteit geschonden.De heer Eerdmans (JA21):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125733 Ik vind het toch een glibberig pad waar de Minister op loopt in antwoordop de SGP. Is hij het er nu wel of niet principieel mee eens dat de politieeen bijeenkomst organiseert in een religieuze context? Het gaat er niet omwelk geloof het betreft; de voorbeelden van de heer Van Dijk zijn duidelijk.Ik verlang van een neutrale Minister, met de scheiding van kerk en staat inhet wapen, dat wij dat niet enthousiasmeren. Sterker nog, ik zou daargraag een verzet tegen horen van de Minister, namelijk dat we het niet okévinden dat agenten, dus de politie, of ze nou in uniform zijn of niet, eenreligieuze bijeenkomst organiseren. Waarom? Dat moeten wij niet willen.Minister Van Weel:Maar nu maakt u een iftarbijeenkomst ook wel weer groot, alsof dit eensoort algeheel gebed is. De iftarmaaltijd is het breken van het vasten. Hetis een avondmaaltijd. Het is ook een moment van verbinding. Iedereen isdaarbij welkom, ook bij de iftars van de politie. Ook ikzelf ben daarbijuitgenodigd. Ik zie daar echt niet het kwaad in dat iedereen ziet.Nogmaals, hij het voorgaan in een gebed of het daadwerkelijk belijdenvan religieuze kenmerken, trek ik een grens. Maar ik ga geen verbod opiftars of het organiseren daarvan afkondigen.De voorzitter:Uw laatste interruptie, meneer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):De grens moet zijn: actief zelf organiseren versus zoiets bijwonen. Overdat bijwonen kun je ook een mening trouwens. Ik vind agenten inpolitie-uniform bij een iftar zeer onwenselijk. Ik denk niet dat je dat moetdoen. Dat geldt ook voor andere bijeenkomsten van andere religieuze snit,zeg ik er maar meteen bij. Maar de Minister stelt dus geen principiëlegrens tussen het zelf actief organiseren van bijeenkomsten met eenreligieus motief of religieuze context versus het bijwonen van zoiets. Datvind ik een grens die we niet over moeten gaan als politie.Minister Van Weel:Nu bekruipt me toch het gevoel dat we wel op één religie aan hetfocussen zijn. Een georganiseerde kerstmis, waarbij dan wel eenprofessionele dominee of pastoor voor zou gaan, zou hier gewoonmoeten kunnen. Het gaat erom ... Een paasontbijt heeft natuurlijk ook eenreligieuze inslag. Wat vraagt u nou extra als het gaat om de islam,vergeleken met andere godsdiensten? Want zo interpreteer ik het nu.De voorzitter:De Minister moet de laatste vraag intrekken, want de heer Eerdmans kanniet meer reageren. Er is natuurlijk wel een tweede termijn. Omdat we hetaantal interrupties hebben beperkt, is er ruimte voor een tweede termijn.Minister Van Weel:Ik trek de vraag in.De voorzitter:Maar de heer El Abassi heeft wel nog een interruptie.De heer El Abassi (DENK):Natuurlijk luister ik vol walging naar de vragen die nu gesteld worden.Volgens mij wordt er in de beantwoording van de schriftelijke vragen ookal antwoord gegeven, namelijk: de politie organiseert net zoals ministeriesen andere publieke organisaties bijeenkomsten in het teken van betekenis-volle dagen. Er worden voorbeelden genoemd van betekenisvolle dagen,namelijk kerst, Chanoeka en ramadan. Dit gebeurt gewoon altijd. Alleen,nu bij een iftar, schrikken een aantal mensen daarvan.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125734 Dan over naar mijn vraag. Ik lees in de beantwoording, en de Minister gafhet net ook aan: «Een oproep tot gebed in uniform vind ik niet passen bijeen politie die neutraliteit uitstraalt.» Weet de Minister wel wat een iftaris? Je mag je vasten breken in de avond, bij het avondgebed. Om hetavondgebed te verrichten is er de gebedsoproep. De gebedsroep isdaarmee een oproep om het vasten te verbreken. Snapt de Minister welhoe het werkt met het verbreken van het vasten tijdens de ramadan?Minister Van Weel:We komen hier in een heel ander soort debat dan ik voor ogen had, maarprima. Het gaat erom dat wat mij betreft het voorgaan in eengebedsoproep zich niet verhoudt tot de neutraliteit van het uniform. Deaanwezigheid prima, het organiseren van een iftarmaaltijd net zoalsandere betekenisvolle dagen prima. Dat moet allemaal kunnen. Dat is ookgoed voor de verbinding in onze maatschappij. Maar het in uniform eengebedsoproep doen gaat voor mij te ver. Dat staat ook weer los van welkereligie we het over hebben, met uitzondering van het pastafarisme, zeg ikdan maar meteen tegen de heer Diederik van Dijk. We volgen gewoon dejurisprudentie van de Raad van State, dus we volgen dus de hoofdstro-mingen van de verschillende denominaties.De heer El Abassi (DENK):Dit brengt mij tot waarom de SGP dit als een boemerang terugkrijgt. Hetchristelijk dankgebed, het tafelgebed bij kerst, een agent die roept «Godszegen voor het nieuwe jaar toegewenst», zijn dat allemaal dingenwaarvan de Minister nu eigenlijk zegt: dat mag niet in politie-uniform?Minister Van Weel:Was dit ... Dit leek mij meer een vraag aan de heer Diederik van Dijk. Ik kendit voorbeeld niet. Daar hebben we het nu ook niet over.De heer El Abassi (DENK):Die voorbeelden zijn er namelijk wel. Het zijn video’s die ik gewoon vanhet internet heb gehaald. Die zou ik zo naar de Minister kunnen sturen. Indie video’s wordt Gods zegen voor het nieuwe jaar toegewenst aanmensen in politie-uniform. Je hebt genoeg video’s die dit aantonen. Ditwas een voorbeeld van de politie in Rotterdam. Hieruit kan ik dan ookopmaken dat dit soort dingen nooit opvallen. Dat is mijn conclusie ook.Maar als het om moslims gaat, dan gaat daar hier in de Kamer ineenszoveel aandacht naar uit. Ik vind dat jammer. We moeten daar gewoonmee ophouden met z’n allen.Minister Van Weel:Waarvan akte.Dan de vraag van de heer Van Dijk over de nieuwe eedinvulling en depersoonlijke invulling daarvan. Samen met de politievakbonden is er eenwerkinstructie opgesteld waarmee een eenduidige lijn in de uitvoeringwordt bewerkstelligd. In deze werkinstructie zijn er antwoordteksten engebaren, behorend bij de eed, uitgewerkt voor de meest voorkomendedenominaties, namelijk het christendom, het hindoeïsme, de islam en hetjodendom. Deze uitwerking is gebaseerd op de instructie die Defensiegebruikt voor het militaire personeel. We denken dat daarmee hetovergrote deel van de mogelijkheden wordt afgedekt.De voorzitter:Uw laatste interruptie, meneer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Ja, mijn laatste interruptie; ik besef het. De Minister maakte een verge-lijking met de Defensieambtenaren. Het aparte bij die instructie is dat dieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125735 in ieder geval nog een inkadering geeft, een bepaald uitgangspunt. Hetnieuwe van wat nu wordt gekozen, en wat ik toch niet anders kan zien danals een breuk met wat vorige Ministers altijd hebben gezegd, is dat hetcompleet wordt opengelaten, letterlijk «puntje, puntje, puntje». En je magzelf invullen op wie jij jouw eed aflegt. Nou, bent u het daarmee eens ofniet? Erkent de Minister dat dat een breuk is met het verleden? Daarinwerd toch altijd beklemtoond: nee, de herkenbaarheid en een zekereuniformiteit en gemeenschappelijkheid is wel heel erg van belang; hetmag niet een rommeltje worden rondom die eed. Dat laten we nu tochlos, als ik het goed begrijp.Minister Van Weel:Ik verwees naar de werkinstructie die erbij gaat. Daarbij is de werkin-structie gewoon uitgewerkt voor de meest voorkomende denominaties.Het kan ook zonder een denominatie, zoals dat al was. Ik heb zelf degelofte afgelegd toen ik beëdigd werd als marineofficier. Gelukkig bestaatdie mogelijkheid ook. Daar moet iedereen vrij in zijn. En nee, dat moetgeen rommeltje worden en het moet ook niet in het belachelijke wordengetrokken. Vandaar dat de werkinstructie zich beperkt tot de geaccep-teerde denominaties en dat ook de politie gewoon de jurisprudentie vande Raad van State volgt over wat nu een godsdienst is en over wie je magaanroepen of niet. Ik noemde al eerder het pastafarisme, dat daar dus nietonder valt.De heer Aardema sprak over een politiemuseum, bijvoorbeeld inApeldoorn. Ik weet dat daar veel over gesproken is en dat er veel huiswerkis gedaan. Ik moet wel eerlijk zeggen dat ik dit, met de taak waar de politienu voor staat en met de krapte die we zien, niet als een van de prioriteitenkan zien. Een civiel initiatief, een crowdfunding, een stichting of wat danook zou ik van harte toejuichen, maar in de huidige situatie kan ik dit nietals een speerpunt in de begroting voor de politie zien.De heer Boswijk vroeg naar de kabinetsreactie op de initiatiefnota overPTSS. Ik ben ermee bezig, met de collega’s van Defensie, VWS en BZK.Voor de zomer komen we met een kabinetsreactie op deze initiatiefnota.Ten slotte vroeg hij – ik moet overigens zeggen: heel terecht – naar destructurele financiering van het Veteranen Search Team. Het is aan depolitie om afspraken te maken over die onkostenvergoeding, maar datheb ik al vijf debatten lang tegen de heer Boswijk gezegd. Voor dit jaarheeft de politie een onderbouwing van het Veteranen Search Teamontvangen voor rond de € 50.000. Daar heeft de heer Boswijk eerderaandacht voor gevraagd. De politie gaat deze rekening inpassen enbetalen. Voor volgende jaren is het Veteranen Search Team gevraagd omeen meerjarenbegroting aan de politie aan te leveren zodat men daar ookvan tevoren rekening mee kan houden in de begroting. Die gesprekkenlopen op dit moment goed.Dat brengt me aan het einde van de vragen.De voorzitter:Dank u wel voor deze beantwoording, zeg ik tegen de Minister. Dan zijnwe toegekomen aan de tweede termijn. Daarvoor hebben de fracties,laten we zeggen, 1 minuut of, indien nodig, 1 minuut en 20 seconden detijd. Laten we het daarbij laten en het aantal interrupties ook een beetjebeperken in de tweede termijn. Dan kunnen we straks nog luisteren naarde antwoorden van de Minister. Dan geef ik het woord aan mevrouwMutluer.Mevrouw Mutluer (GroenLinks-PvdA):Dank, voorzitter. Dank ook aan de Minister voor de beantwoording vanonze vragen en voor in ieder geval de toezegging die hij net heeft gedaanten aanzien van de coldcasezaken en de bewaartermijnen. Daar haddenwe een voorstel voor klaarliggen en ik ga met een aantal collega’s even inTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125736 overweging nemen of we toch een statement willen maken ten aanzienvan het bewaren van gegevens die coldcasezaken kunnen oplossen.Daarom doe ik alvast een tweeminutendebataanvraag.Wat betreft de oplichting van vaak kwetsbare mensen als strafverzwa-rende omstandigheid in de wet zetten bij oplichting in de eigen woning: ikvond de antwoorden van de Minister daaromtrent niet erg toeschietelijk.Daarom overweeg ik daarover ook een motie.Voorzitter. Ik was overigens totaal niet tevreden ... Ik was niet geheeltevreden met de antwoorden over de toekomst van de medischearrestantenzorg, naar aanleiding van de aanbesteding en met het oog opde impact die het werk kan hebben op de forensisch artsen. Misschien ishet handig dat we dat tweeminutendebat aanvragen voor volgende week,in ieder geval voordat het definitieve besluit tot gunning is gevallen.Verder hoorde ik in het debat een clash van religies. Ik vier graag kerst, ikga graag naar de iftarmaaltijden en mijn Joodse vrienden zien me bijChanoeka. Volgens mij leidt dat alleen maar tot verbinding. Laten weverbindend blijven.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Eerdmans.De heer Eerdmans (JA21):Daarover verschil ik dus echt van mening met mijn buurvrouw, mevrouwMutluer. Ik denk dat het leidt tot heel veel onbegrip en verdeeldheid. Nietdoen! De politie moet zich absoluut neutraal opstellen. Ik zou ook geenpaasontbijt en kerstmissen gaan bijwonen. Ik zou het gewoon niet doen.Dat is eigenlijk mijn oproep aan de Minister, want het leidt echt tot gedoeen scheve ogen.Voorzitter. Ik had nog één vraag over preventief fouilleren. Terecht zegt deMinister dat er geen wettelijke verplichting is tot een derde waarnemer,maar volgens mij staat wel in het handelingskader dat er altijd een derdewaarnemer bij het preventief fouilleren moet zijn. Kan die bepaling daardan ook uit?Ik had nog een vraag gesteld over willekeur. Nu moet de politie namelijkin sommige regio’s in het kader van de willekeur de vierde en de zesdepersoon preventief fouilleren, terwijl die – dat denk ik dan – een baby ofeen oma kunnen zijn. Daar hebben we niet zo heel veel aan. Kan diebepaling er ook niet uit?Voorzitter. Verder: dank voor de antwoorden.De voorzitter:Dank u wel. De heer Aardema.De heer Aardema (PVV):Voorzitter, dank u wel. Dat mevrouw Mutluer graag naar die religieuzebijeenkomsten gaat is prima, maar ze zit zelf niet bij de politie. Daar zit nujuist de crux, volgens mij. Ik vind ook niet dat de politie die religieuzebijeenkomsten zelf moet gaan organiseren.Verder heb ik goede antwoorden van de Minister gehoord over debewaartermijnen, C2000 en het financiële overzicht dat binnenkort komt.Ik heb zelfs iets gehoord over de sluiting van de bureaus en ook hetstokpaardje, het bureau in Wolvega, is weer genoemd dus dat is prima. Ikbegrijp ook wat u zegt over dat museum, maar ik heb niet gevraagd naarde financiële middelen of zo, meer naar de stand van zaken. Misschienkan de Minister nog even vertellen hoe het er nu voor staat.Dank u wel.De voorzitter:Mevrouw Michon-Derkzen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125737 Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):Voorzitter, dank u wel. Ik dank de Minister voor zijn antwoorden en ik wilhier ook gezegd hebben dat ik ervan uitga dat de politie zelf geenreligieuze bijeenkomsten organiseert. Dat ze aansluit bij bijeenkomsten ineen wijk is evident want dat is onderdeel van haar werk. Maar ze moet zeniet zelf organiseren; dat ben ik dus met twee voorgaande sprekers eens.We krijgen voor de zomer een interessant bakje informatie. Dan komen definanciële problemen in beeld, inclusief een voorstel voor de bureaus. Wezien nu die beschouwing van het boa-stelsel, inclusief de samenwerkingmet politie. Ook komt dan dat onderzoek naar het budgetverdeelsysteem.Dat hele bakje is dus vrij omvangrijk. Ik denk dat het goed is dat we daardan snel over in debat gaan.Ik zou deze tweede termijn aan de Minister willen vragen wat er teverwachten valt van die Eenduidige Landelijke Afspraken die we pasbegin 2026 krijgen. We hebben namelijk nog steeds dat WODC-onderzoekopenstaan waaruit bleek dat die 200% strafeisverhoging voor geweldtegen politie niet wordt geëist, laat staan opgelegd. Daar moeten we nogwat mee. Ik vind dit dan eerlijk gezegd lang duren, zeg ik tegen deMinister. Is dit dan het resultaat van het WODC-onderzoek of krijgen wedaarvoor nog andere informatie?Dank u wel.De voorzitter:De heer El Abassi.De heer El Abassi (DENK):Voorzitter, dank. Ik baal wel een beetje van het feit dat we het vandaagheel veel over iftar hebben gehad. De politie organiseerde altijd albijeenkomsten bij ministeries in het teken van betekenisvolle dagen. Dat isook terug te zien in de beantwoording van de vragen die door mijnbuurman hier gesteld zijn. Ik kan me voorstellen dat hij die niet gelezenheeft. In een kleine partij kom je best wel in tijdnood, dus het kan zijn dathij het niet gelezen heeft of eroverheen heeft gelezen. Maar er wordtbijvoorbeeld aandacht besteed aan religieuze momenten zoals kerst,Chanoeka en ramadan. Ik ben bang dat deze vragen en de ophef hierovergaan leiden tot vragen van andere partijen aan de politie om dit niet meerte organiseren. Dat is één.In mijn eigen bijdrage ben ik iets vergeten. We zijn het misschienvergeten, maar tegelijkertijd is er afgelopen week een thora verbrand. Ikweet dat de dader aangaf dat het een reactie was en verklaarde niet tegenJoden te zijn. Toch zou ik de Minister willen vragen hier scherp bovenopte zitten, want dit kan geen vrijheid van meningsuiting zijn, ook niet alsreactie of op welke manier dan ook. Je blijft gewoon af van boeken diegevoelig liggen bij andere mensen, of dat nu gaat om een thora, eenbijbel, een koran of wat dan ook. Graag nog een reactie daarop van deMinister.De voorzitter:De heer Diederik van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Voorzitter, dank u wel. En dank aan de Minister voor zijn beantwoording.Er zat heel veel goeds tussen, maar met twee punten waar ik zelf in hetbijzonder de vinger op had gelegd, de iftarviering en de eed, ben ikbeduidend minder tevreden. We hebben het gewisseld in het debat. Ikbeklemtoon dat de iftarmaaltijd niet een soort neutrale gemeenschaps-maaltijd is. Het is een religieuze bijeenkomst, compleet met bijbehorendegeloofsbelijdenis et cetera. De politie mag alles bezoeken, maar moet nietzelf religieuze bijeenkomsten willen organiseren. De manier waarop datgebeurt rondom de iftar zie ik bij geen enkele andere religie terug.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125738 Dan als tweede de eed. Ik kan niet anders dan constateren dat deeedformule nu volstrekt wordt opengelaten. De Minister verwijstgeruststellend naar de jurisprudentie, maar die gaat bij uitstek over hetverleden en is geen garantie dat we met de nieuwe instructie, waarin echtmeer ruimte wordt geboden, niet een hele andere kant op gaan. Datbetreur ik dus.Dank u wel.De voorzitter:Ik sta de heer El Abassi één korte interruptie toe maar ik waarschuw deheer El Abassi vast. Het kan zijn dat het antwoord u niet bevalt en danheeft u maar één interruptie. Ja? Oké.De heer El Abassi (DENK):Voorzitter, dank voor de coulance. Ik zou de heer Van Dijk iets willenvragen. De politie organiseert namelijk wel speciale bijeenkomsten,waaronder dus Chanoeka en kerst. Ik heb een aantal afbeeldingen van hetinternet gehaald, dus het is ook op het internet terug te vinden. Ik zou hemhet volgende willen vragen. Als het al het geval is dat kerst en Chanoekagevierd worden – dat kan hij zelf uitzoeken – is de heer Van Dijk dan ookvoor afschaffing van deze vieringen bij de politie?De heer Diederik van Dijk (SGP):Daar ga ik graag op in. Dit is fijn, want in de eerste termijn kon de heer ElAbassi geen voorbeelden geven, maar blijkbaar heeft hij toch iets kunnenvinden op internet. Ik zal het eens gaan bekijken. Ik kan geen enkelvoorbeeld bedenken waarbij er op een politiebureau bijvoorbeeld eenkerstfeest werd georganiseerd, waarbij ook een predikant werd uitge-nodigd en een preek werd gehouden en waarvoor ook de buurt werduitgenodigd, op geen enkele manier. Ik laat me graag overtuigen van hettegendeel, maar ik reken er niet op. Ik zeg er meteen bij: dat vind ik ookabsoluut geen taak voor de politie, ook niet als het gaat om christelijkebijeenkomsten. Maar laten we ook zeker wegblijven van de islamitischeinvulling.De voorzitter:Dan zal ik zelf een korte bijdrage leveren in tweede termijn. Naar mijnbescheiden mening hebben we het in dit debat iets te veel over randzakengehad en moet het gaan over de politieagenten die dag in, dag uit ditzware en soms gevaarlijke werk moeten doen. Dat doen ze niet altijdonder de beste omstandigheden, soms met haperende apparatuur en inieder geval vaak met te weinig collega’s en te hoge werkdruk. Wat datbetreft zou ik de Minister toch nog een keer willen horen over decao-onderhandelingen en de wel of niet goedgevulde portemonnee die deMinister daar mee gaat brengen. Daar ben ik toch wel bezorgd over, zekerin het licht van het rapport over de informatiehuishouding. Dit terwijl dediscussie buiten de microfoon nog even verdergaat. Het geeft niet,meneer Van Dijk. Maar op dat rapport moeten mogelijk wel weer forsebezuinigingen volgen. Kan de Minister wel garanderen dat dat niet tenkoste gaat van personeel en het belangrijke werk dat politieagentenmoeten doen?Over de bureaus blijf ik ook bezorgd, want de sluitingen zijn nietafgewend. De Minister zegt daar wel veel mooie woorden over, maar wegaan kijken wat hij te bieden heeft in zijn voortgangsrapportage. Het isgoed dat inzichtelijk wordt gemaakt wat het zou kosten om ze open tehouden, en daarbij ook zo veel mogelijk wat dat dan betekent vooraanrijtijden en collega’s in de buurt. Politieagenten zijn namelijk de ogenen de oren in de wijken. Ze moeten de mensen kennen en ze moetengekend worden. En mensen moeten natuurlijk aangifte kunnen doen opeen bureau, het liefst gewoon op loopafstand, als het even kan. Dat zalTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125739 niet overal in het land haalbaar zijn, maar het moet wel zo veel mogelijk.Wat dat betreft blijf ik daar bezorgd over.Dat was de tweede termijn van de kant van de Kamer. Ik kijk naar deMinister. Volgens mij kan hij meteen antwoorden. Aan hem het woord.Minister Van Weel:Dank, voorzitter. Dank voor het levendige debat en voor uw inbreng intweede termijn. Laat ik een aantal van de vragen concreet aflopen, voorzover ik ze hier nu kan behandelen.Het handelingskader rondom preventief fouilleren is echt lokaal bepaald.Dat geldt zowel voor de willekeur als voor de derde waarnemer. Wat ikwel kan doen, is dit opbrengen in het LOVP, het Landelijk OverlegVeiligheid en Politie. Daar kan ik in ieder geval mijn eigen mening overgeven. Daarmee ga ik nog steeds niet over wat het lokaal gezag bepaalt,maar dan heb ik daar in ieder geval mijn visie gegeven.Dan de heer Aardema en het museum van de PVV. Nee, niet het museumvan de PVV. Komt dat er ook nog, hoor ik.De heer Aardema (PVV):Zover zijn we nog niet.Minister Van Weel:Het is inmiddels 17.30 uur. Het ging over het politiemuseum. Er zijnvoorbereidende werkzaamheden uitgevoerd binnen de politie, maar diezijn op dit moment stopgezet. Het werk dat is gedaan, ligt er dus.Misschien komen er ooit tijden dat de politie dat zelf kan oppakken. Alseen andere initiatiefnemer graag van dat werk gebruik zou willen maken,dan is dat er, maar daar wordt op dit moment niet verder aan gewerkt.Tegen mevrouw Michon zeg ik: we komen op 2 juli al te spreken over alleswat samenhangt met de politie. Dat wordt dus inderdaad een gevulddebat, met al datgene wat wij gaan brengen. De herziene versie van deEenduidige Landelijke Afspraken gaat wel even tijd kosten. Dat wil nietzeggen dat de lessen die zijn geleerd en die ook in de beleidsreactie zijnneergelegd niet onmiddellijk kunnen leiden tot bijvoorbeeld een beteretoepassing. We hebben dat bijvoorbeeld ook gezien met de strafverzwa-ringsgrond geweld tegen hulpverleners. Dat werd niet voldoendenageleefd. Dan zijn er andere mogelijkheden om daar interventies op teplegen, in dit geval overleg met het OM en zelfonderzoek naar waar datnou vandaan komt. Zo kunnen we kijken of die afspraken beter kunnennaleven. Ik ga ervan uit dat dat nu al gebeurt.Bij het verbranden van religieuze geschriften hebben we in anderedebatten al ruimschoots stilgestaan. Ook dat is onderdeel van hetonderzoek dat loopt bij het WODC naar de grenzen aan demonstraties,naast het scherpe onderscheid tussen vreedzaam demonstreren enontwrichtende demonstraties.Wat betreft de eed zeg ik nog tegen de heer Diederik van Dijk: ik geloofniet dat het hier een wild westen is. Maar ik zal in het halfjaarbericht ooknog eens opnemen hoeveel bijzondere religies daar aan bod zijngekomen, anders dan de vier die ik heb genoemd, om daar wat gerust-stelling over te geven.In de cao-portemonnee laat ik natuurlijk nooit kijken, zeg ik tegen de heerVan Nispen. Maar die onderhandelingen gaan inderdaad binnenkort weerlopen. Uiteraard staat personeel voorop. Als u mij nu al vraagt of ik degarantie kan geven dat alle maatregelen die we zullen moeten nemen hetpersoneel nooit zullen raken in welke vorm dan ook, gaat mij dat te ver.Uiteindelijk is het wel een van de draaiknoppen die we hebben, naastpolitiebureaus, materieel en projectuitgaven. Ook personeel is natuurlijkeen hele grote kostenpost in een arbeidsintensieve organisatie als depolitie. Maar het zijn wel twee verschillende sporen, dus we gaan deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125740 cao-onderhandelingen natuurlijk constructief in, net zoals we er de vorigekeer met de bonden goed zijn uitgekomen.De voorzitter:Dan dank ik de Minister voor zijn beantwoording in de tweede termijn. Wezijn bijna aan het eind van dit debat gekomen, maar ik ga eerst nog detoezeggingen met u doornemen. Let u allemaal goed op of we dit goedhebben genoteerd.Er is allereerst een tweeminutendebat aangevraagd met als eerste sprekerhet lid Mutluer. Haar verzoek is om dat volgende week in te plannen. Datkunnen wij slechts vragen aan de centrale Griffie; daar gaan wij niet over.Maar we gaan het wel vragen.Dan gaan we naar de toezeggingen.–De Minister doet een ultieme poging om de opties voor verlenging vande bewaartermijn van politiegegevens te verkennen. Hij informeert deKamer daar voor de zomer over en in de tussentijd zullen er geengegevens vernietigd worden.–In het volgende halfjaarbericht politie juni 2025 informeert de Ministerde Kamer over de ontwikkelingen rondom het sluiten van politiebu-reaus, en de financiële en operationele consequenties hiervan. Ditwordt ook in kaart gebracht in het kader van die doorlichting van debegroting.–De Minister zegt toe, naar aanleiding van vragen van de heer Eerd-mans over de demonstraties van Extinction Rebellion en het lopen opde snelweg, in hetzelfde halfjaarbericht terug te komen op de vraagover het uitschrijven van boetes door de politie voor het lopen op desnelweg.–In hetzelfde halfjaarbericht komen de uitkomsten van het gesprek metde politie over mogelijke lacunes die worden ervaren in de aanpak vanoplichting door nepagenten.–De Minister stuurt rond de zomer de beschouwing van het boa-stelsel,inclusief de samenwerking met de politie, naar de Kamer.Die toezegging is volgens mij ook al in een ander debat gedaan.–De Minister stuurt de beleidsreactie op het onderzoek inzake deversterking forensische geneeskunde naar de Kamer.Daarbij hebben we nog wel de vraag wanneer we die kunnen verwachten.Minister Van Weel:Spoedig.De voorzitter:We noteren «spoedig». Daar nemen we voor deze keer genoegen mee.–De Minister stuurt voor de zomer de kabinetsreactie op de initiatiefnotavan de leden Boswijk, Mutluer en Van der Werf over de aanpak vanPTSS bij geüniformeerde beroepen naar de Kamer.Hebben wij het zo? Dat is het geval.Dan dank ik de Minister van Justitie en Veiligheid en zijn ondersteuningvoor de beantwoording en dit debat, de mensen op de publieke tribune enmensen die het op een andere wijze hebben gevolgd voor hun belang-stelling. Ik dank alle ondersteuning in de Kamer heel hartelijk, zeker ookonze onvolprezen griffier, en natuurlijk de leden die aan dit debat hebbengenomen. Ik dank jullie wel. Alvast een fijne avond gewenst.Sluiting 17.40 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 628, nr. 125741

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · c8e1d11cb3fc6309

14 okt 2026 · 966c8e2c8e9b9b8b

Gerelateerde bronnen

  • Besproken tijdens · Officiële koppelingPolitie
    Verslag van een commissiedebat, gehouden op 16 april 2025, over Politie

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.