KamerkringInloggen
Kamerstuk

Gewijzigd amendement van de leden Grinwis en De Hoop ter vervanging van nr. 45 over betaalbaarheidsdoelstellingen in de nieuwbouwopgave en een afwijkingsmogelijkheid om volkshuisvestelijke redenen

25 jun 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 71cdf0ebfc2af682 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 512Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht,de Huisvestingswet 2014, de Omgevingswet, deWet maatschappelijke ondersteuning 2015 en deWoningwet in verband met de versterking vande regie op de volkshuisvesting en met het oogop enkele andere met de volkshuisvestingsamenhangende maatregelen (Wet versterkingregie volkshuisvesting)Nr. 62 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN DE LEDEN GRINWIS EN DEHOOP TERVERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 45Ontvangen 25 juni 2025 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:In artikel III worden na onderdeel A vier onderdelen ingevoegd,luidende: AAAan het opschrift van artikel 2.26 wordt toegevoegd «internationaal-rechtelijke verplichtingen». ABNa artikel 2.26 wordt een artikel ingevoegd, luidende:Artikel 2.26a (verplichte instructieregels Rijk volkshuisvestings-programma’s) 1. Regels op grond van artikel 2.24 worden met het oog op eenevenwichtige samenstelling van de woningvoorraad in ieder geval gesteldover programma’s als bedoeld in de artikelen 3.6, derde lid, en 3.8, vierdelid.2. De regels strekken er in ieder geval toe dat:a. een programma als bedoeld in artikel 3.6, derde lid, in ieder gevalvoorziet in de verwezenlijking van de gemeentelijke woningbouwopgaveals het totale aantal op basis van dat programma te realiseren woningen:1°. voor ten minste twee derde uit betaalbare woningen bestaat, en2°. voor ten minste 30% uit sociale huurwoningen bestaat.b. een programma als bedoeld in artikel 3.8, vierde lid, in ieder gevalvoorziet in de verwezenlijking van de provinciale woningbouwopgave alshet totale aantal op basis van dat programma te realiseren woningen perwoningbouwregio:1°. voor ten minste twee derde uit betaalbare woningen bestaat, en kst-36512-62ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 512, nr. 621 2°. voor ten minste 30% uit sociale huurwoningen bestaat. ACArtikel 2.32, derde lid, komt te luiden:3. Bij een regel op grond van artikel 2.24, eerste lid, kan worden bepaalddat gedeputeerde staten:a. op verzoek van een bestuursorgaan van een gemeente of waterschap,ontheffing kunnen verlenen van die regel, als de aanwijzing of begrenzingvan een locatie waarop die regel ziet, wordt bepaald in een besluit vaneen bestuursorgaan van de provincie,b. op verzoek van een bestuursorgaan van een gemeente, ontheffingkunnen verlenen van die regel, als het gaat om een regel als bedoeld inartikel 2.26a. ADNa artikel 2.32 wordt een artikel ingevoegd, luidende:Artikel 2.32a (verplichte provinciale ontheffingsmogelijkheidgemeentelijk volkshuisvestingsprogramma) 1. Op grond van artikel 2.32, derde lid, onder b, wordt in ieder gevalvoor de regel over het gemeentelijk volkshuisvestingsprogramma,bedoeld in artikel 2.26a, tweede lid, aanhef en onder a, onder 2°, bepaalddat gedeputeerde staten op verzoek van een bestuursorgaan van eengemeente ontheffing kunnen verlenen.2. Bij de regel wordt bepaald dat de ontheffing, onverminderdartikel 2.32, vijfde lid, alleen kan worden verleend voor zover is verzekerddat in de woningbouwregio waartoe de betrokken gemeente behoort, aande doelstellingen, bedoeld in 2.26a, tweede lid, onder b, kan wordenvoldaan.Toelichting Dit amendement strekt ertoe de betaalbaarheidsdoelstelling in denieuwbouwopgave te vereenvoudigen door minimaal 2/3e betaalbarewoningen en 30% sociale huur in de nieuwbouwprogrammering opgemeentelijk niveau vast te leggen. Indieners zijn van mening dat dit toteen veel robuustere en eenvoudigere werkwijze leidt dan het gewijzigdevoorstel van de regering.Bij indiening van de Tweede nota van wijziging heeft de regeringnamelijk aangegeven de werkwijze rondom de betaalbaarheidsdoelstel-lingen te wijzigen. De nieuwe werkwijze behelst een verplichting voorgemeenten om ofwel 40% van de te realiseren woningen te program-meren in het middensegment, dan wel 30% sociale huur te program-meren. Bij deze uitwerking geldt als instructieregel voor het gemeentelijkvolkshuisvestingsprogramma dat een gemeente met meer sociale huur inde bestaande voorraad dan het landelijk gemiddelde sociale huur tenminste 40% van de te realiseren woningen moet richten op middenin-komens (betaalbare koop en middenhuur). Een gemeente met eenvoorraad sociale huur van minder of gelijk dan het landelijk gemiddeldemoet ten minste 30% sociale huur in de nieuwbouwopgave program-meren. Tegelijkertijd blijven de betaalbaarheidsdoelstellingen van tenminste twee derde betaalbare woningen (middenhuur én betaalbare koop)en 30% sociale huurwoningen op nationaal niveau, provinciaal niveau enregionaal niveau bestaan.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 512, nr. 622 Indieners voorzien grote uitvoeringsproblemen als gevolg van dezeonduidelijke nieuwe betaalbaarheidsdoelstellingen. Immers, indienomliggende gemeenten afwijken en minder dan 30% sociale huurwo-ningen programmeren, zullen andere gemeenten extra sociale huurwo-ningen moeten programmeren, om de regionale 30% sociale huurblijvend te behalen. Hetzelfde geldt voor de woningen voor middenin-komens. Als één grote gemeente afwijkt van de percentages, heeft datfikse consequenties voor de programmering van een veelvoud aan kleinegemeenten in de omtrek. Hierover dienen in regionaal verband afsprakengemaakt te worden. Dit heeft als risico dat een eindeloos overlegcircuitontstaat. Hoe deze regionale overleggen vorm gegeven moeten gaanworden, binnen welke tijdsspanne deze moeten plaats vinden, of en zo jain hoeverre er doorzettingsmacht is voor provincies, is nog immeronduidelijk. Daarenboven zijn indieners van mening dat het noodzakelijk,wenselijk en eenduidig is dat alle gemeenten in principe onverwijldinvulling geven aan dezelfde opgave. Er is enorme nood aan betaalbarewoningen, júist ook in het sociale segment.Indieners stellen daarom voor terug te vallen op de eenduidige regel datde betaalbaarheidsdoelstelling in de nieuwbouwopgave van minimaal2/3e betaalbaar en 30% sociale huur juist op gemeentelijk niveau geldt.Provincies krijgen de bevoegdheid gemeenten te ontheffen van dezebetaalbaarheidsdoelstelling – om volkshuisvestelijke redenen –, ondervoorwaarde dat de betaalbaarheidsopgave voor minimaal 2/3e betaalbaaren 30% sociale huur in regionaal verband ingevuld blijft. Zo blijftmaatwerk op gemeentelijk niveau mogelijk.GrinwisDe HoopTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 512, nr. 623

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · a4ba025608f5968b

14 okt 2026 · ac7080ad7c5d081e

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.