Waardevol politiek ambt
Brontekst
Versie d7c6a283238a9d76 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2025Nr. 143 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 juni 2025Mensen maken de democratie. Politieke ambtsdragers in het openbaarbestuur zijn van essentieel belang voor onze democratische rechtsstaat.Op provinciaal niveau zijn dit de statenleden, gedeputeerden en commis-sarissen van de Koning, bij de gemeenten de raadsleden, wethouders enburgemeesters en bij waterschappen de leden van het algemeen endagelijks bestuur en de dijkgraaf. Zij kunnen hun werk niet doen zondergriffiers, rekenkamerleden, gemeente- en provinciesecretarissen,fractieondersteuners en commissieleden. Het afgelopen jaar heb ik metveel van hen gesproken, onder andere over hun inzet voor onze samen-leving en het publieke belang. Dit doen zij vaak in hun eigen tijd, naastandere werkzaamheden. Hun belangrijke werk voor onze democratischerechtsstaat verdient onze erkenning, waardering en ondersteuning.Zonder hen geen decentraal bestuur.Het politieke ambt is waardevol. Gelukkig ervaren de meeste politiekeambtsdragers dit ook zo. Zij hebben plezier in hun werk en ervaren het alsbelangrijk en betekenisvol om zich zo in te kunnen zetten voor desamenleving. Raadsleden waarderen hun ambt gemiddeld met een 7,3,wethouders met een 7,8 en burgemeesters zelfs met een 8,2. Datwerkplezier doet er ook toe, omdat het een belangrijke factor is om dehuidige positie te blijven bekleden.Tegelijk heeft hun werk soms een schaduwzijde. Denk bijvoorbeeld aanhoge werkdruk, agressie en intimidatie. Daarnaast moeten decentralepolitici hun werk doen in een steeds dynamischer samenleving en in eenveranderlijk politiek landschap. Denk aan steeds sneller gaande technolo-gische ontwikkelingen. De inrichting van het politieke ambt moet daar bijblijven aansluiten, zodat ook in de toekomst voldoende mensen eenbijdrage kunnen blijven leveren aan het besturen van ons land. kst-36600-VII-143ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1431 Ik kom daarom in deze brief met een pakket aan maatregelen om hetpolitieke ambt beter te laten aansluiten bij het huidige tijdsgewricht. Demaatregelen zijn tot stand gekomen in nauwe samenwerking met deberoeps- en belangenverenigingen en koepels in het decentraal bestuur.Zij delen de probleemanalyse en hebben meermaals aangegeven dataanpassingen aan het politieke ambt urgent zijn. Hier sluit ik mij bij aanomdat het van belang is om politieke ambtsdragers te behouden voor hetambt en om te werken aan de verbetering van de instroom.1 De maatre-gelen die ik voorstel in deze brief houden rekening met het onderscheidtussen verschillende politieke ambtsdragers. Aan de ene kant lekenbe-stuurders – verkozen gemeenteraadsleden, statenleden of algemeenbestuursleden – en aan de andere kant professionele bestuurders –wethouders en burgemeesters, gedeputeerden en commissarissen,dagelijks bestuursleden en dijkgraven. Voor lekenbestuurders is het ambteen nevenfunctie, terwijl het voor professionele bestuurders eenhoofdfunctie is. In deze brief behandel ik de belangrijkste en de nieuwemaatregelen, voor overige maatregelen verwijs ik u naar de bijlagen. Demaatregelen presenteer ik langs de volgende twee lijnen:1.In het politieke ambt2.Instroom richting het politieke ambtMet deze brief doe ik een aantal toezeggingen af die ik aan uw Kamer hebgedaan. In de bijlagen treft u een overzicht van alle toezeggingen aan. Inmijn Kamerbrief over de Actieagenda goed bestuur, die ik binnenkort aanuw Kamer stuur, schets ik hoe ik werk aan belangrijke inrichtingsvraag-stukken in het openbaar bestuur, die ook effect hebben op het functio-neren van het politieke ambt.Mijn inzet is niet eenmalig, maar structureel. Ik zet met deze brief in op hetaantrekkelijk houden van het ambt van politieke ambtsdragers want hetaantrekken en behouden van mensen voor het decentraal bestuur is vangroot belang. Ik wil nadrukkelijk andere partijen uitnodigen te blijvenkomen met ideeën om het politieke ambt aantrekkelijker te maken, door inte zetten op maatregelen in de verschillende fases van een politiek ambt.Dit start bij de mobilisatie van potentiële politieke ambtsdragers. Daarnavindt werving en selectie plaats. Vervolgens is behoud van zittendepolitieke ambtsdragers van belang. Ten slotte heeft een politiekeambtsdrager baat bij goede doorstroom binnen en uitstroom uit het ambt.1. In het politieke ambt De maatregelen in deze brief zijn in de eerste plaats bedoeld om de positievan de huidige politieke ambtsdragers en hun ondersteuners teversterken. Zij moeten goed hun ambt of rol kunnen uitoefenen, omdat zijde ruggengraat van ons decentraal bestuur vormen. Goede besluit-vorming op lokaal of provinciaal niveau is van groot belang voor hetfunctioneren van het gehele openbaar bestuur. Helaas staat dit functio-neren nu om meerdere redenen onder druk. Dit constateren ook deberoeps- en belangenverenigingen en de koepels in hun brieven aan mij.Hieronder worden eerst de huidige uitdagingen in het ambt beschreven.Daarna ga ik verder in op de maatregelen.1Statenlidnu, Vereniging Waterschapsbestuurders, Kring Voorzitters van Waterschappen,Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, Wethoudersvereniging, Vereniging van Griffiers,Vereniging van Gemeentesecretarissen, & Nederlands Genootschap van Burgemeesters. (2024,19 april). Investeer in de decentrale democratie [Brief aan de informateurs Dijkgraaf en VanZwol]. https://www.wethoudersvereniging.nl/wat-doen-we/belangenbehartiging/brieven-aan-tweede-kamer-and-ministeries/goed-bestuur-investeer-in-lokale-democratie/ NederlandseVereniging voor Raadsleden. (2024, 30 september). Boodschappen van raadsleden aan Ministervoor aantrekkelijk raadswerk. https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/boodschappen-van-raadsleden-aan-minister-voor-aantrekkelijk-raadswerk/Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1432 1.1. Analyse Gekozen volksvertegenwoordigers worden benoemd voor een politieketermijn van vier jaar. Toch komt het regelmatig voor dat zij tussentijdsvertrekken of dat zij na één zittingstermijn niet meer verkiesbaar willenzijn. Momenteel hebben 58% van de raadsleden, 69% van de wethoudersen 72% van de statenleden een zittingsduur van 4 jaar of minder.2 Ditbetekent dat een groot deel van deze ambtsdragers op dit moment aanzijn eerste termijn bezig is. In de gehele periode tussen de gemeente-raadsverkiezingen van 2018 en die van 2022 stroomde 38% van deraadsleden tussentijds uit en 47% van de wethouders.3 Dit waren er in hetverleden veel minder. Zo stroomde in de zittingsperiode van 2002 tot 200613% van de raadsleden tussentijds uit en 28% van de wethouders.4Ongeveer de helft van de huidige groep tussentijdse uittreders stroomdedoor naar een ander politiek ambt of stroomde uit in verband metgemeentelijke herindelingen. De andere helft deed dit echter omdat zij hetambt niet langer konden combineren met werk of privéleven of omdat zijontevreden waren met het tijdsbeslag van hun ambt.5Deze cijfers sluiten aan op de geringe tevredenheid van raadsleden methet tijdsbeslag en de werk-privébalans.6 Van de respondenten die zichzelfniet meer kandidaat gesteld heeft voor een (verkiesbare) plaats op de lijstbij een volgende verkiezing, geeft 23% aan dat de functie als volksverte-genwoordiger niet (meer) te combineren is met het privé- of gezinsleven.721% geeft aan dat de functie van volksvertegenwoordiger niet (meer) tecombineren is met werk. Ook wethouders en burgemeesters geven aanontevreden te zijn met het tijdsbeslag en de werk-privé balans. Bij dezegroepen is het gelukkig niet de voornaamste reden om tussentijds testoppen.8 Wel ervaren zij een hoge werkdruk met gemiddeld 56 uurtijdsbesteding per week; meer dan een voltijdbaan.9Een ander aspect dat drukt op het werkplezier van politieke ambtsdragersis agressie en intimidatie. 45% van de decentrale politieke ambtsdragersgaf in 2024 aan het afgelopen jaar ervaringen te hebben met agressie,intimidatie of bedreiging.10 Dit zijn zorgelijke cijfers, helemaal omdat bijpolitieke ambtsdragers de vormen van agressie die als (zeer) ernstigworden ervaren (zoals intimidatie, bedreiging en fysieke agressie) in deloop van de jaren een lichte stijging laten zien en ten opzichte van 2022niet zijn gedaald. Meer dan de helft van die agressie en intimidatie wordtonline geuit. Opvallend is dat aanzienlijk meer vrouwelijke politiekeambtsdragers (55%) (ernstige) vormen van agressie en intimidatie ervaren2Staatvanhetbestuurdashboard.nl. Zittingsduur | Staat van het Bestuur (Statenleden),Zittingsduur | Staat van het Bestuur (raadsleden) en Zittingsduur | Staat van het Bestuur(wethouders), geraadpleegd op 26 mei 2025.3Overheid in Nederland (2022). Overzicht tussentijdse uitstroom decentrale vertegenwoordigersen bestuurders 2018–2022, in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties.4Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2025a, maart 18). Staat van bestuur2024. Rapport | Rijksoverheid.nl, p.54. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/03/06/staat-van-bestuur-20245Overheid in Nederland (2022). Tussentijds exitonderzoek, in opdracht van het Ministerie vanBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.6Overheid in Nederland (2022). Tussentijds exitonderzoek, in opdracht van het Ministerie vanBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.7Overheid in Nederland (2022, mei). Exitonderzoek raadsleden – Gemeenteraadsverkiezingen2022.8Overheid in Nederland (2022). Tussentijds exitonderzoek, in opdracht van het Ministerie vanBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.9Vollaard, H. (2024). Basismonitor Politieke Ambtsdragers 2024, p. 16. Basismonitor PolitiekeAmbtsdragers 2024 | Kennisbank Openbaar Bestuur.10Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2024). Monitor Integriteit enVeiligheid 2024. https://www.kennisopenbaarbestuur.nl/documenten/2024/12/12/indexTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1433 dan hun mannelijke collega’s (37%). De agressie tegen vrouwelijke politiciis bovendien vaker gericht op hun persoonlijke kenmerken. Ervaringenmet agressie en intimidatie leiden tot afnemend werkplezier enbeïnvloeden de ambities voor de toekomst, vooral van vrouwelijkevertegenwoordigers en bestuurders. Voor maar liefst een kwart van devrouwelijke ambtsdragers die te maken had met agressie of intimidatie,heeft dit invloed op de politieke ambities. Bij mannen is dit bij 9 procenthet geval. Dit betekent dat agressie niet alleen een negatief effect heeft ophet werkplezier van zittende politieke ambtsdragers, maar in de toekomstook de diversiteit in het decentraal bestuur kan beïnvloeden.Ter versterking van het decentraal bestuur en om de huidige politiekeambtsdragers te behouden voor het decentraal bestuur stel ik devolgende maatregelen voor:•Verdere investering in opleiding en ontwikkeling door moderniseringvan de subsidieregeling voor de beroeps- en belangenverenigingen inhet decentraal bestuur.•Tegengaan van werkdrukCAanpassen omvang raden grote gemeentenCWerkdruk wethouders•Verbetering van de rechtspositie van decentrale politieke ambtsdragers•Verbetering van de randvoorwaarden voor politieke ambtsdragers1.2. Subsidieregeling beroeps- en belangenverenigingen Het is van groot maatschappelijk belang dat ambtsdragers voldoendeondersteund en toegerust worden om hun ambten goed en naar eigeninzicht uit te oefenen. Opleidings- en ontwikkelmogelijkheden helpen omvaardigheden en kennis op te doen waarmee zij effectiever kunnenfunctioneren. Dit zorgt er mede voor dat zij beter thuis zijn in het ambt,waardoor hun werkplezier wordt bevorderd en hun werkdruk kan wordenverlicht. Hierin investeren is noodzakelijk, omdat de duurzame kennisinfra-structuur van het decentraal bestuur kwetsbaar is. Niet iedere politiekeambtsdrager kan een beroep doen op de eigen partij voor opleiding,ontwikkeling en ondersteuning en er is vaak schroom om te investeren injezelf. Voor deze doelgroepen spelen de beroeps- en belangenvereni-gingen en het Kennispunt Lokale Politieke Partijen een cruciale rol in hetvoorzien in opleiding, ontwikkeling, ondersteuning en advies.De beroeps- en belangenverenigingen en het Kennispunt zijn de oren enogen van het decentraal bestuur. Dit maakt hen belangrijke partners in deversterking van het decentraal bestuur. Ook de beroeps- en belangenver-enigingen voor de zogenoemde ondersteuning van politieke ambts-dragers spelen een belangrijke rol. Denk aan de Vereniging van Griffiers,de Vereniging van Rekenkamers en de Vereniging van Gemeentesecreta-rissen. Gezamenlijk hebben zij veel kennis en inzicht in de opleidings- enondersteuningsbehoeftes van politieke ambtsdragers en hun onder-steuning.Daarom ga ik de komende vijf jaar structureel € 1 miljoen per jaar extrainvesteren in de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, de Wethou-dersvereniging, het Nederlands Genootschap van Burgemeesters,Statenlidnu, de Vereniging van Griffiers, de Vereniging van Rekenkamersen de Vereniging van Gemeentesecretarissen. Dit doe ik met een nieuwesubsidieregeling, zodat meerjarige zekerheid en richting wordt gegevenaan opleiding en ondersteuning van de ambtsdragers en ondersteuners inhet decentraal bestuur. Ik streef ernaar deze regeling per 1 januari 2026 inwerking te laten treden. Hiermee wordt er jaarlijks in totaal € 3,7 miljoendirect geïnvesteerd in de kennisinfrastructuur en ondersteuning van hetdecentraal bestuur. Ook ga ik structureel € 0,4 miljoen investeren in hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1434 Kennispunt lokale politieke partijen. Per 2025 is deze budgettaire ruimtestructureel vrijgemaakt.1.3. Tegengaan van werkdruk Een aantrekkelijke werkomgeving is een werkomgeving waarin voldoendebalans tussen werk en privé wordt ervaren. Onbalans op dit punt isnamelijk de vaakst genoemde reden om te stoppen met het ambt.11 Ik wildaarom de volgende maatregelen inzetten of verkennen.1.3.1. Uitbreiden omvang gemeenteraden In het commissiedebat over bestuurlijke organisatie en democratie van12 februari jl. is een reactie toegezegd over het onderzoek naar deomvang van decentrale volksvertegenwoordigingen. Dit onderzoek isuitgevoerd door Necker in samenwerking met de Universiteit Leiden. Hetrapport is bij deze brief gevoegd.Het onderzoek laat zien dat vooral in de grootste gemeenten scheefgroeiis ontstaan tussen de omvang van de raad en het aantal inwoners dat zijvertegenwoordigt. De staffel voor de omvang van de raad uit de Gemeen-tewet is sinds 1897 niet gewijzigd. Het onderzoek laat zien dat het zinvolen gewenst is omwille van betere representativiteit en het verminderenvan de werklast deze scheefgroei te herstellen. De G4-gemeenten hebbenhiervoor in een eerder stadium ook aandacht gevraagd.12 Zij hebbenaangegeven dat met meer raadsleden het werk beter verdeeld kanworden. Uit eerder onderzoek blijkt bovendien dat Nederlandse gemeen-teraden in Europees verband erg klein zijn, terwijl gemeenten gemiddeldgenomen wel relatief veel taken hebben.Gelet op het voorgaande zal ik voorbereidingen in gang zetten om tebezien hoe de wettelijke staffel van raadsleden voor de 200.000+gemeenten kan worden aangepast. Als uitbreiding van de staffel voor degrootste gemeenten aanleiding geeft om de gehele staffel te herzien zal ikdie vraag daarbij betrekken.1.3.2. Verminderen werkdruk wethouders Tevens is de afgelopen periode het vraagstuk van de hoge werkdruk vanwethouders meermaals aan de orde gesteld,13 onder andere door demotie van het lid Van Dijk (Kamerstuk 33 047, nr. 39).14 Wethouders zijn alsdagelijks bestuurders onmisbaar voor het lokale bestuur. Zowel inoproepen vanuit de praktijk, als vanuit de landelijke politiek is meermaalsaandacht gevraagd voor het feit dat de huidige wetgeving omtrent hetdeeltijdwethouderschap en het maximumaantal wethouders geen rechtmeer doet aan de huidige praktijk, waarbij wethouders gemiddeld 56 uurper week werken. Mede door deze hoge werklast stoppen wethouders ook11Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2025a, maart 18). Staat van bestuur2024. Rapport | Rijksoverheid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/03/06/staat-van-bestuur-202412Kamerstukken II2022/23, 36 410-VII, nr. 7613Statenlidnu, Vereniging Waterschapsbestuurders, Kring Voorzitters van Waterschappen,Nederlandse Vereniging voor Raadsleden, Wethoudersvereniging, Vereniging van Griffiers,Vereniging van Gemeentesecretarissen, & Nederlands Genootschap van Burgemeesters.(2024, 19 april). Investeer in de decentrale democratie [Brief aan de informateurs Dijkgraaf enVan Zwol]. https://www.wethoudersvereniging.nl/wat-doen-we/belangenbehartiging/brieven-aan-tweede-kamer-and-ministeries/goed-bestuur-investeer-in-lokale-democratie/14Moties ingediend bij het tweeminutendebat Bestuurlijke organisatie en democratie. (z.d.).Tweede Kamer Der Staten-Generaal. https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/stemmingsuitslagen/detail?id=2025P09013&did=2025P09013Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1435 te vaak tussentijds. Dit was 157 keer in 2024. Dat treft ook de bestuur-baarheid van gemeenten en de aantrekkelijkheid van het wethouders-ambt.Daarom zal ik voorbereidingen in gang zetten voor de aanpassing van hetin de wet geregelde aantal (deeltijd)wethouders. Dat wetsvoorstel hangtdeels samen met de aanpassing van de omvang van gemeenteraden.1.4. Werk aan de rechtspositie van decentrale politieke ambtsdragers Een toekomstbestendige rechtspositie van politieke ambtsdragers draagtbij aan de aantrekkelijkheid van een politiek ambt. Uw Kamer heeft daarterecht aandacht voor. Daarom treft u een uitgebreide bijlage bij deze briefover:•Bezoldiging politieke ambtsdragers•Verlof- en vervangingsregeling•Uitkeringsgerechtigde raads- en statenleden.Onderstaand treft u de verkorte toelichtingen en acties op de onder-werpen.1.4.1. Bezoldiging politieke ambtsdragers Sinds 2019 is het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragersin werking. Dit besluit regelt alle vergoedingen en voorzieningen vandecentrale bestuurders en volksvertegenwoordigers op een plek. Hetloongebouw is destijds niet meegenomen bij de harmonisatie van derechtspositie van de verschillende politieke ambtsdragers, die leidde tothet nieuwe rechtspositiebesluit. Momenteel voert het Adviescollegerechtspositie politieke ambtsdragers (Arpa) een eerste herijking uit vaneen vijfjaarlijkse cyclus, waar het aan de hand van een beoordelingskaderonderzoek doet naar de bezoldiging en vergoedingen van decentrale encentrale politieke ambtsdragers. Het voert hierover onder anderegesprekken met de koepels en beroeps- en belangenverenigingen. In hetnajaar 2025 volgt een advies hierover. Vervolgens zal het Kabinet eenstandpunt bepalen en uw Kamer hierover informeren.1.4.2. Verlof- en vervangingsregeling Zoals u bekend werk ik aan een wetvoorstel tot modernisering van deverlof- en vervangingsregeling voor politieke ambtsdragers. Dit betreftenerzijds een uitbreiding van de verlofvormen voor dagelijks bestuurdersen anderzijds een flexibilisering van de termijnen in de regeling voordagelijks bestuurders en volksvertegenwoordigers. In het commissiedebatvan 12 februari jl. heb ik aangegeven dat ik verwacht dat het wetsvoorstelrond de herfst van dit jaar in consulatie gaat. In het commissiedebat hebik toegezegd in te gaan op de achtergrond van het tijdelijk ontslag vanvolksvertegenwoordigers bij zwangerschap en ziekte alsook de reikwijdtevan de regeling. Verlof is enkel mogelijk wanneer het lidmaatschaptijdelijk eindigt wanneer het lid vervangen wordt wegens ziekte ofzwangerschap. Wat niet kan is dat bij verlof het lidmaatschap van devolksvertegenwoordiging zoals provinciale staten of de gemeenteraad instand blijft; de vervanger van de afwezige volksvertegenwoordiger kanfeitelijk geen extra lid zijn van het betreffende volksvertegenwoordigendeorgaan. Naast het afwezige lid zou ook de vervanger de kiesrechtelijkestatus verwerven. Het gevolg is dat het aantal leden tijdelijk het aantal inde Grondwet en Provincie- en Gemeentewet vastgestelde aantal volksver-tegenwoordigers van het betreffende orgaan zou overschrijden en dat éénfractie over meer leden dan het aantal gekozen zetels zou beschikken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1436 1.4.3 Uitkeringsgerechtigde raads- en statenleden Ten slotte is toegezegd in het debat van 12 februari jl. na te gaan hoeveelraads- en statenleden te maken hebben met een arbeidsongeschiktheids-uitkering. Deze resultaten zou ik daarna onder de aandacht brengen bij deMinisters van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Financiën.Doel daarbij is te bezien welke belemmeringen politieke ambtsdragersmet een uitkering ervaren en te bezien welke maatregelen genomenkunnen worden om deze belemmeringen weg te nemen. Momenteel ishelaas nog niet inzichtelijk hoeveel politieke ambtsdragers uitkeringsge-rechtigd zijn. Dit wordt, zo blijkt uit navraag, door niemand bijgehouden.Een eerste stap zou kunnen zijn om meer zicht te krijgen op het aantaluitkeringsgerechtigden dat tevens een raads- en statenlid is. Daarom zet ikop korte termijn een onderzoek hiernaar uit.In mei 2024 heeft de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden het rapport«Uitkeringsgerechtigden en de raadsvergoeding» gepubliceerd.15 Hierinworden op basis van interviews met een aantal uitkeringsgerechtigde(voormalig) raadsleden en commissieleden knelpunten benoemd over desamenloop van vergoeding en uitkering. In de bijlage geef ik een eersteappreciatie. Kortheidshalve verwijs ik daarnaar. Er zijn ook Kamervragengesteld naar aanleiding van dit rapport.16 Ik verwacht in mijn beant-woording van deze vragen, mede namens de Minister van SZW, eenaantal bevindingen en suggesties te kunnen delen.1.5. Overige maatregelen Overige maatregelen die worden genomen of in uitvoering zijn terbevordering van de aantrekkelijkheid van het ambt en terugdringen vande werkdruk vindt u in de bijlagen. Dit betreft:Verder versterken van de ondersteuning van raads- en statenleden:•Taskforces griffies en rekenkamers•Onderzoek commissieleden en commissiestelsel•Verbetering raadsinformatiesystemen•Versterken wetenschappelijke instituten politieke partijenMet betrekking tot de brede aanpak tegen agressie en intimidatie vandecentrale politieke ambtsdragers verwijs ik uw Kamer graag naar hetprogramma Weerbaar Bestuur en de periodieke voortgangsrapportagesaan uw Kamer.17 18 Wel treft u in de bijlagen de afdoening van detoezegging om met de Nationaal Coördinator Discriminatie en Racisme ingesprek te gaan over racisme, agressie en intimidatie tegen vrouwelijkebestuurders en volksvertegenwoordigers.15Rapport «Uitkeringsgerechtigden en de raadsvergoeding» (2024). Nederlandse Verenigingvoor Raadsleden: NVvR-Rapport-Uitkeringsgerechtigden-en-de-raadsvergoeding-19052025.pdf16Vragen van de leden Chakor en Lahlah (beiden GroenLinks-PvdA) aan de Ministers vanBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid overraadsleden met een uitkering (ingezonden 21 mei 2025), kenmerk 2025Z10001.17Monitor Integriteit en Veiligheid 2024 | Kennisbank Openbaar Bestuur. (2024b, december 12).Kennisbank Openbaar Bestuur. https://www.kennisopenbaarbestuur.nl/documenten/2024/12/12/index18Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2024, 14 mei). Kamerbrief overvoortgang Programma Weerbaar Bestuur en Zicht op Ondermijning. Kamerstuk | Rijksover-heid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2024/05/14/kamerbrief-tk-voortgang-programma-weerbaar-bestuur-en-zicht-op-ondermijningTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1437 2. Instroom richting het politieke ambt Naast de inzet om de mensen die momenteel actief zijn in het decentraalbestuur te behouden, moet er ook aandacht uitgaan naar de groeppotentiële politieke ambtsdragers. Nieuwe aanwas is van groot belangvoor de vitaliteit van het decentraal bestuur. Ook die nieuwe aanwas staatonder druk. Ook hier presenteer ik eerst de analyse en vervolgens demaatregelen.2.1. Analyse Kiesgerechtigden hebben actief en passief kiesrecht. Het actief kiesrecht ishet recht om te mogen stemmen en het passief kiesrecht is het recht omje verkiesbaar te stellen. Het is zorgelijk dat bijna de helft van alle lokalepartijafdelingen en lokale partijen (47%) enige tot veel moeite heeft gehadmet het vinden van geschikte kandidaten voor de gemeenteraadsverkie-zingen van 2022.19 Dat is tien procentpunt meer dan bij de gemeente-raadsverkiezingen in 2018. Dit betekent dat steeds minder mensen gebruikmaken van het passief kiesrecht. De kandidaatstellingsproblemen nemenhierbij toe naarmate de gemeenten kleiner zijn en voor lokale partijenblijkt het gemiddeld genomen net zo problematisch om geschiktekandidaten te vinden als voor landelijke partijen.20 Deze cijfers staandaarbij niet op zichzelf. In de afgelopen decennia is het aantal leden vanpolitieke partijen gedaald. In de jaren zestig was nog 6,6% van debevolking lid van een politieke partij. Nu is dit zo’n 2,8%.21 Dit betekent dathet aantal mensen dat zich op deze wijze politiek organiseert kleiner isgeworden.Gelukkig blijkt uit onderzoek ook dat maar liefst 15% van de Nederlandersserieus overweegt zich kandidaat te stellen voor de gemeenteraad als zegevraagd worden.22 Dat zou ruimschoots voldoende zijn om alleraadszetels in Nederland te vullen.23 Bij degenen die aangeven niet bereidte zijn zich te kandideren is voor een grote meerderheid de reden dat zijweinig binding hebben met een politieke partij, gevolgd door onzekerheidover de eigen geschiktheid en leeftijd.24 Ook zien we in Nederland in allepolitieke ambten nog steeds een ondervertegenwoordiging van vrouwen,mensen met een beperking, Nederlanders met een niet-westerse19Boogers, M. en Voerman, G. (2023). Kandidaat voor de raad. Rekrutering en selectie vankandidaten voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2022, Universiteit Twente en Rijksuniver-siteit Groningen, p. 41. Kandidaat voor de raad. Rekrutering en selectie van kandidaten voorde gemeenteraadsverkiezingen in 2022 (en in 2018, 2014, 2010 en 2006) - RepositoriesDocumentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP).20Boogers, M. en Voerman, G. (2023). Kandidaat voor de raad. Rekrutering en selectie vankandidaten voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2022, Universiteit Twente en Rijksuniver-siteit Groningen, p. 43. Kandidaat voor de raad. Rekrutering en selectie van kandidaten voorde gemeenteraadsverkiezingen in 2022 (en in 2018, 2014, 2010 en 2006) – RepositoriesDocumentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP).21Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2024). Staat van het bestuur 2024.Den Haag: Ministerie van BZK, p. 41. Staat van bestuur 2024 | Rapport | Rijksoverheid.nl22Vollaard, H. en Jansen, G., Waarom inwoners (geen) raadslid willen worden, in: Vollaard, H.,Jansen, G., de Blok, L., Boogers, M. en Binnema, H. (2023). Democratie in de gemeente: LokaalKiezersonderzoek 2022, p. 47. https://www.kennisopenbaarbestuur.nl/documenten/rapporten/2023/03/20/democratie-in-de-gemeente23Daarvoor is slechts 0,06% van de kiesgerechtigde bevolking nodig.24Vollaard, H. en Jansen, G., Waarom inwoners (geen) raadslid willen worden, in: Vollaard, H.,Jansen, G., de Blok, L., Boogers, M. en Binnema, H. (2023). Democratie in de gemeente: LokaalKiezersonderzoek 2022, p. 49. https://www.kennisopenbaarbestuur.nl/documenten/rapporten/2023/03/20/democratie-in-de-gemeente.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1438 migratieachtergrond, jongeren en mensen met een praktische opleidings-achtergrond.25Ook blijkt de betrokkenheid van burgers bij de plekken waar zij wonen,werken en leven uit andere zaken dan het passief of actief kiesrecht. Inonze samenleving ondernemen burgers allerlei waardevolle initiatieven.Onderzoek laat zien dat er minstens 7.400 burgercollectieven zijn inNederland.26 Ook zetten veel mensen zich vrijwillig in voor hun sportclub,vereniging of nemen zij plaats in de wijk- of dorpsraad. Dit zijn allerleiuitingen van actief burgerschap; inwoners die zich inzetten voor elkaar ende samenleving. Hier ontstaat mogelijk potentieel voor nieuwe geschiktekandidaten om politiek actief te worden. De acties die daarop wordenondernomen treft u in de Kamerbrief «meedoen in de democratie ensamenleving».27Om de instroom te verbeteren werk ik de volgende maatregelen verderuit:•Adviesaanvraag politiek verlof•Campagne om politiek actief te worden•Verbeteren van de instroom van ondervertegenwoordigde groepen•Aanwas van nieuwe burgemeesterskandidaten2.2. Adviesaanvraag politiek verlof Het invoeren van politiek verlof kan één van de manieren zijn om hetpolitieke ambt aantrekkelijker te maken voor een bredere groep. Alsmensen tijdelijk kunnen worden «uitgeleend» aan de publieke zaak en hetmakkelijker is om terug te keren naar de eerdere werkgever, is de stap omeen politiek ambt te overwegen minder groot.In het Werkprogramma 2025 van het Adviescollege rechtspositie politiekeambtsdragers dat ik aan uw Kamer heb gezonden (Kamerstukken II2024/25 28 479 nr. 95) is een advies over politiek verlof aangekondigd. Hetadviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers (ARPA) kondigt aan ditonderwerp en de rechtspositionele implicaties daarvan in 2025 extraaandacht te geven, mede ook naar aanleiding van signalen uit de praktijkbij onder andere de gemeenteraden en provinciale staten. De vraag diehet college zich stelt is of een algemene verlofregeling voor het vervullenvan politieke ambten -een soort burgerschapsverlof voor de publiekezaak-, een haalbare en te verwezenlijken optie zou kunnen zijn. Het collegezal in 2025 een begin maken aan de advisering over dit onderwerp. Naontvangst van dit advies zal het kabinet een standpunt innemen en dezeaan uw Kamer sturen. Over dit onderwerp ga ik dan ook graag hetgesprek aan met medeoverheden en werkgevers- en werknemers-organisaties.25Zie: «De politiek luistert niet naar ons», Oproep voor meer vrouwen in de lokale politiek,Politiek met Sjoerd – Jong of oud beter vertegenwoordigd in de politiek? | Ipsos en Veelpraktisch geschoolden herkennen zich niet in de politiek | Erasmus School of Social andBehavioural Sciences | Erasmus University Rotterdam.26Bekkers, R., Schuyt, T., & Suijs, J. (2023, 15 december). Burgercollectieven in Nederland: Eenconceptuele en empirische verkenning. Centrum voor Filantropische Studies, Vrije UniversiteitAmsterdam. Burgercollectieven in Nederland: een conceptuele en empirische verkenning |Kennisbank Openbaar Bestuur27Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2025). Kamerbrief meedoen in dedemocratie en samenleving.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1439 2.3. Campagne om politiek actief te worden Uit cijfers blijkt dat de groep potentiële politieke ambtsdragers op ditmoment onvoldoende wordt gemobiliseerd. Ik denk bijvoorbeeld aan devele maatschappelijk betrokken inwoners in onze buurten en wijken. Veelvan deze mensen ervaren een drempel om politiek actief te worden.Doorlopende communicatie over de verschillende aspecten van hetpolitieke ambt kan helpen deze drempel te verlagen en kan inzicht in dewaarde en de veelzijdigheid van politieke ambten bevorderen. Op dezemanier wordt de waarde van het ambt meer benadrukt en schattenmensen beter in wat het ambt precies inhoudt. Deze doorlopendecommunicatie start richting de aankomende gemeenteraadsverkiezingen.In samenwerking met politieke partijen worden mensen in aanloop naardecentrale verkiezingen gewezen op de mogelijkheid zich kandidaat testellen. Dit wordt voor het eerst gedaan richting de provinciale- enwaterschapsverkiezingen in 2027.Daarnaast verzorgt ProDemos de cursussen «Politiek Actief» voorgemeenten en provincies. Dit is een goede manier voor mensen omkennis te maken met de lokale en provinciale politiek. Uit deze cursuskomen vaak nieuwe ambtsdragers voort. Ik roep gemeenten en provinciesop hier gebruik van te blijven maken.2.4. Inzet op ondervertegenwoordigde groepen Politiek moet herkenbaar zijn voor iedereen. Wanneer specifieke groepenin de samenleving niet kunnen of willen meedoen, komt het vertrouwenen de legitimiteit van onze democratie onder druk te staan. Mensen meteen praktische opleiding of een migratieachtergrond zijn minder actief inde politiek.28 Deze ondervertegenwoordiging heeft een zichzelfversterkend effect: mensen die zich minder betrokken voelen bij depolitiek, stellen zich ook niet snel kandidaat, en omdat mensen zich nietvertegenwoordigd voelen, zijn zij ook niet of minder betrokken.Daarom subsidieer ik onder andere mentornetwerken van Stem op eenVrouw en werk ik met ZorgBelang Inclusief aan het verbeteren van depolitieke participatie van mensen met een beperking. Ook zet ik via deKiesmannen een academie op die de betrokkenheid van jongeren met eenpraktische opleidingsachtergrond moet versterken. Deze inzet werdvoorheen gekoppeld aan aankomende verkiezingen, maar wil ik nustructureel laten terugkeren.In aanvulling hierop doe ik in het wetsvoorstel Wet op de politieke partijenhet voorstel om het subsidiedoel voor activiteiten ter bevordering van depolitieke participatie van jongeren uit te breiden naar alle ondervertegen-woordigde groepen. Dit wetsvoorstel is recent aan uw Kamerverzonden.2928Dagevos, J., & Vermeulen, F. (Red.). (2024). Is de politiek er voor iedereen? Een onderzoek naarervaren representatie, institutioneel vertrouwen en politieke participatie bij personen met eenmigratieachtergrond. Sociaal en Cultureel Planbureau.29Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2025b, mei 13). Voorstel Wet op depolitieke partijen naar de Tweede Kamer. Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl.https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2025/05/13/voorstel-wet-op-de-politieke-partijen-naar-de-tweede-kamerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 14310 2.5. Aanwas van nieuwe burgemeesterskandidaten Eerder stuurde ik uw Kamer het rapport «Wie wil nog burgemeesterworden?»30 toe, naar aanleiding van een onderzoek naar het dalend aantalsollicitanten bij burgemeestersvacatures. De belangrijkste conclusie vanhet onderzoek is dat de huidige krapte op de arbeidsmarkt de belang-rijkste reden is voor het beperkte aantal sollicitanten op burgemeesters-vacatures.Het rapport wijst op het belang van oriëntatie- en trainingsprogramma’som mensen buiten de gevestigde partijen te interesseren voor hetburgemeestersambt en beveelt aan om het Oriëntatieprogramma van hetNederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB) te intensiveren.Samen met het NGB en andere betrokken partijen ga ik aan de slag omhier uitvoering aan te geven.De onderzoekers bevelen aan om kritisch te kijken naar rechtspositioneleaspecten die mogelijk belemmerd zijn voor sollicitanten, te weten:•Bezoldiging;CEr volgt een ARPA advies over dit punt (zie onder 1.4.1)•Woonplaatsvereiste;CVoor het loslaten of verruimen van het woonplaatsvereiste om hetambt aantrekkelijker te maken voel ik weinig. Vanwege deverantwoordelijkheid voor bijvoorbeeld het handhaven van deopenbare orde en veiligheid in een gemeente is het van belang dateen burgemeester ook in de gemeente woonachtig is. Daarnaast ishet momenteel al mogelijk om een jaar ontheffing te krijgen vanhet woonplaatsvereiste en kan deze door de commissaris van deKoning met nog eens twee jaar worden verlengd. Via het rechtspo-sitiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is bovendienvoorzien in een uitgebreid pakket aan huisvestingsvoorzieningendat een burgemeester ondersteunt bij het voldoen aan de woon-plicht•Ontslagleeftijd;CTot slot zie ik geen aanleiding in het verder verhogen van deontslagleeftijd van burgemeesters. Hoewel dit het potentiële aantalburgemeesterskandidaten zou kunnen uitbreiden, wil ik nu vooralinzetten op het aantrekken van jong politiek-bestuurlijk talent.3. Gezamenlijk voor een waardevol ambt Zonder goed bestuur en een stevige democratische rechtsstaat kunnen wede problemen in onze samenleving niet aanpakken. Dat moet op eenherkenbare, dienstbare en democratische manier gebeuren. Om dit voorelkaar te krijgen kunnen we niet zonder al die mensen die zich elke daginzetten voor het openbaar bestuur. Hun inzet is niet vanzelfsprekend,maar vraagt om waardering en respect, maar ook om bescherming vanuitoverheid, politiek en samenleving.Daarom kondig ik in deze brief de volgende maatregelen aan:1.Tijdens het politieke ambta.Investeren in een nieuwe subsidieregeling beroeps- en belan-genverenigingenb.Verkenning en voorbereiding aanpassing staffel (grootste)gemeenteraden.c.Rechtspositie:30Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. (2025, 18 maart). Wie wil nogburgemeester worden? Onderzoek naar het dalende aantal sollicitanten voor burgemeesters-vacatures. Rapport | Rijksoverheid.nl.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 14311 i.Modernisering vervang- en verlofregelingii.Onderzoek bezoldiging decentrale politieke ambtsdragersiii.Verhelpen knelpunten uitkeringsgerechtigde ambtsdragers2.Instroom richting het politieke ambta.Onderzoek naar de meerwaarde van politiek verlofb.Campagne om politiek actief te wordenc.Verbeteren van de instroom van ondervertegenwoordigdegroepend.Verbeteren aanwas nieuwe burgemeesterskandidatenMet de maatregelen in deze brief heb ik een aanzet gedaan om depolitieke ambten in het decentraal bestuur op de toekomst voor tebereiden. Hiermee zijn we er nog niet. Dit behoeft doorlopend onderhouden ik roep alle betrokken partijen op om samen met mij hier blijvend in teinvesteren.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,J.J.M. UitermarkTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 14312
Gerelateerde bronnen
- De minister informeert de Kamer voor de zomer van 2025 over:
a. De positie en bezoldiging van decentrale volksvertegenwoordigers en decentrale bestuurders en ge
De minister informeert de Kamer voor de zomer van 2025 over: a. De positie en bezoldiging van decentrale volksvertegenwoordigers en decentrale bestuurders en gesprekken hierover met VNG, IPO, Vereniging van Raadsleden, Statenlidnu en Wethoudersvereniging; b. De achtergronden bij het tijdelijk ontsla
- De minister zegt toe in gesprek te gaan met de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme over geweld tegen vrouwelijke bestuurders en volksvertegenwo
De minister zegt toe in gesprek te gaan met de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme over geweld tegen vrouwelijke bestuurders en volksvertegenwoordigers en de Kamer hierover vóór het zomerreces van 2025 te informeren.
- De minister stuurt in het voorjaar van 2025 een brief over het enthousiasmeren van burgers om politiek actief te worden.
De minister stuurt in het voorjaar van 2025 een brief over het enthousiasmeren van burgers om politiek actief te worden.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.