KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag schriftelijk overleg over Besluit Europese Commissie balanced approach-procedure Schiphol (Kamerstuk 29665-535)

25 mrt 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie d7ba76f64cd77b7c · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 665Evaluatie SchipholbeleidNr. 538 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 25 maart 2025 De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft een aantalvragen en opmerkingen voorgelegd aan de Minister van Infrastructuur enWaterstaat over de brief van 5 maart 2025 inzake het besluit van deEuropese Commissie over de «balanced approach»-procedure Schiphol(Kamerstuk 29 665, nr. 535).De vragen en opmerkingen zijn op 17 maart 2025 aan de Minister vanInfrastructuur en Waterstaat voorgelegd. Bij brief van 25 maart 2025 zijnde vragen beantwoord.De voorzitter van de commissie,P. de GrootAdjunct-griffier van de commissie,Koerselman kst-29665-538ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5381 I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties InhoudsopgaveInleiding2GroenLinks-PvdA-fractie2VVD-fractie3NSC-fractie5BBB-fractie6CDA-fractie7Partij voor de Dieren-fractie7JA21-fractie8II.Reactie van de Minister9 InleidingDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben kennisgenomen van dereactie van de Europese Commissie (EC) en de brief van de Minister enhebben hierover nog enkele vragen.De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de stukkenbehorend bij het schriftelijk overleg Besluit Europese Commissie«balanced approach»-procedure Schiphol en hebben hierover nog vragen.De leden van de NSC-fractie hebben kennisgenomen van het besluit vande EC inzake de «balanced approach»-procedure Schiphol en hebbendaarover nog enkele opmerkingen en vragen.De leden van de BBB-fractie hebben met interesse kennisgenomen vanhet besluit van de EC en willen de Minister nog enkele vragen voorleggen.De leden van de CDA-fractie vinden het een goede zaak dat de ECaangeeft dat Nederland de «balanced approach»-procedure, op enkeleelementen na, in acht heeft genomen. Zij hebben nog enkele vragen overdie ontbrekende elementen.De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben het besluit van de ECover de balanced approach gelezen en hebben hierover nog enkelevragen.Het lid van de JA21-fractie heeft kennisgenomen van de brief van deMinister van Infrastructuur en Waterstaat en wil hem nog enkele kritischevragen voorleggen.GroenLinks-PvdA-fractieDe leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben er onvoldoendevertrouwen in dat met het maatregelenpakket zoals dat in Brussel isgenotificeerd, de doelstellingen voor de hinderreductie zullen wordenbehaald. Zelfs de Minister verwacht niet dat de beloofde 20% hinderre-ductie zal worden gerealiseerd. Van de beloften van de sector, zoalsvlootvernieuwing, is het zeer de vraag of deze tijdig worden ingevoerd enook bereiken wat wordt beloofd. Deze leden wijzen erop dat hinderre-ductie door de rechter is voorgeschreven en geen vrijblijvend streven is.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie merken op dat de EC in debeoordeling van de «balanced approach»-procedure helaas niet toetst ofde uitkomst leidt tot aanvaardbare hinder voor omwonenden volgens decriteria van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) of de Europese UnieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5382 (EU) zelf. Wat deze leden betreft spreekt Europa zichzelf hiermee tegen.Desondanks is het algemene oordeel dat het doel en deze procedurerechtmatig zijn. De bezwaren van de luchtvaartsector worden nietgehonoreerd. Het principe dat de omvang van de luchtvaart mag wordenbeperkt om mens en milieu te beschermen blijft overeind. Deze leden ziendeze bevestiging als een aanmoediging voor de doelstellingen op delangere termijn, voor zowel hinder als klimaat.De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben verder begrip voor detwee resterende vragen van de EC. Immers, alle middelen die kunnenbijdragen, zouden moeten worden overwogen. Met name overbodigeluchtvaart of vliegbewegingen die wél overlast veroorzaken, maar ampermaatschappelijke baten meebrengen, zoals bijvoorbeeld privéjets,verdienen een eigen aanpak. Deze leden vragen de Minister dan ook voorde voorbereiding van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) om een verbodof anders een forse reductie van (fossiel aangedreven) privéjets van ofnaar Schiphol.VVD-fractieBesluit van de Commissie betreffende de procedure voor de invoering vanexploitatiebeperkingen op de luchthaven Schiphol overeenkomstigVerordening (EU) nr. 598/2014 van het Europees Parlement en de RaadDe leden van de VVD-fractie lezen dat de EC concludeert in haar besluitvan 5 maart jl. dat autonome vlootvernieuwing slechts ten dele ismeegenomen. Wat is volgens de Minister de belangrijkste argumentatieop grond waarvan hij denkt af te mogen wijken van het vereiste in artikel5, lid 3, punt a) van de EU-verordening nr. 598/2014?De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC tevens concludeert datoperationele procedures voor de bestrijding van geluidshinder slechts tendele zijn meegenomen. Wat is volgens de Minister de belangrijksteargumentatie op grond waarvan hij denkt af te mogen wijken van hetvereiste in artikel 5, lid 3, punt c) van de EU-verordening nr. 598/2014?De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de Q&A die deEC heeft gepubliceerd bij het besluit van 5 maart jl. Hierin wordt gestelddat de EC een lidstaat op de hoogte heeft gesteld van de elementen dieniet zijn gevolgd in het kader van het proces van de balanced approach.Vervolgens zou de lidstaat de feedback moeten bekijken en zijn plannenmet de EC moeten delen, alvorens verder te gaan, waarbij van de lidstaatwordt verwacht dat de EU-wet- en regelgeving wordt nageleefd. Dezeleden vragen wanneer de Minister de gevraagde plannen die zorgen datde elementen van de balanced approach die nu niet goed zijn gevolgdworden hersteld, met de Kamer gaat delen, ook om te zorgen datNederland de EU wet- en regelgeving naleeft. Waarom wel, waarom niet?De leden van de VVD-fractie vragen de Minister uiteen te zetten hoeveelextra vliegtuigbewegingen mogelijk zouden zijn, ervan uitgaande dat de15% geluidsreductie van fase 1 gehanteerd blijft, als de Minister wel allevlootvernieuwing, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt a), zowelautonoom als additioneel, vanaf november 2024 volledig meeneemt voorde berekening van verstilling.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister waar het percentagegeluidsreductie voor fase 1 op uitkomt, als de Minister wel alle vlootver-nieuwing, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt a), zowel autonoom alsadditioneel, vanaf november 2024 volledig meeneemt voor de berekeningTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5383 van verstilling, en het maximaal aantal vliegtuigbewegingen op478.000 vluchten per jaar laat staan.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister uiteen te zetten hoeveelextra vliegtuigbewegingen mogelijk zouden zijn, ervan uitgaande dat de15% geluidsreductie van fase 1 gehanteerd blijft, als de Minister alleoperationele procedures, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt c) vanafnovember 2024 volledig meeneemt voor de berekening van geluidsmaat-regelen.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister waar het percentagegeluidsreductie voor fase 1 op uitkomt, als de Minister alle operationeleprocedures, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt c) vanaf november 2024volledig meeneemt voor de berekening van geluidsmaatregelen, en hetmaximaal aantal vliegtuigbewegingen laat staan op 478.000 vluchten perjaar.De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC in haar besluit van 5 maart jl.concludeert dat hoewel Nederland de geluidshinder van de algemene enzakenluchtvaart in de geluidssituatie heeft opgenomen, dat soortactiviteiten wordt uitgesloten van de exploitatiebeperkingen tot478.000 vliegtuigbewegingen, wat een schending van artikel 5, lid 6, vande verordening inhoudt. Deze leden lezen dat de EC stelt dat die aanpakdiscriminerend is en ten nadele is van de commerciële luchtvaart. Ooklezen deze leden dat er minder operationele beperkingen nodig zoudenzijn geweest als de algemene en zakenluchtvaart waren opgenomen in degeluidsreductiemaatregelen. Deze leden vragen hoe de Minister van planis deze fout te herstellen om onnodige krimp van de commerciëleluchtvaart te voorkomen. Deze leden vragen om een toelichting.De leden van de VVD-fractie vragen of op dit moment het totaal aantalextra vliegtuigbewegingen voor of door het Ministerie van Infrastructuuren Waterstaat wordt uitgerekend. Zo ja, kan de Minister deze bereke-ningen dan zo spoedig mogelijk met de Kamer delen? Waarom wel,waarom niet?De leden van de VVD-fractie vragen of op dit moment het totaal aan extrageluidsreductie als gevolg van het geheel toepassen van de artikelen uitde EU-verordening voor of door het Ministerie van Infrastructuur enWaterstaat wordt uitgerekend. Zo ja, kan de Minister deze berekeningendan zo spoedig mogelijk met de Kamer delen? Waarom wel, waarom niet?De leden van de VVD-fractie vragen, indien dergelijke berekeningen (zoalsin bovengenoemde twee vragen) als gevolg van het besluit van de EC opdit moment niet worden uitgevoerd, in hoeverre de Minister bereid is omdeze nieuwe berekeningen alsnog uit te voeren. Zo nee, waarom niet,mede gelet op het feit dat de EC in artikel 1 van het besluit vraagt om hetbesluit te onderzoeken?De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC in artikel 1, lid 2, van hetbesluit stelt dat onderzoek nodig is, voordat exploitatiebeperkingen,oftewel krimp, mag worden doorgevoerd. Deze leden vragen de Ministerop welke aannames of feiten hij zich baseert dat er geen nieuwe bereke-ningen zouden moeten worden gedaan zonder door de EC in gebreke teworden gesteld voor het slechts ten dele voldoen aan de artikelen uit deEU-verordening.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister toe te lichten in hoeverrehij van mening is dat de conclusie van het besluit van de EC, namelijk datde procedure in acht is genomen behalve bij een aantal elementen,Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5384 aanleiding kan zijn voor retaliatie, gelet op het feit dat er capaciteitsbeper-kingen worden ingevoerd, terwijl er nog extra geluidreductie kan wordenbehaald op de elementen die de EC noemt.De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister het met deze ledeneens is dat een krimp van 500.000 naar 478.000 vliegtuigbewegingenonnodig is, als in de evaluatie van fase 1 in 2026 van dit «balancedapproach»-pakket blijkt dat er sprake is van een hoger gehaald geluidsre-ductiedoel, dus boven de 20%. Waarom wel, waarom niet?De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister het met deze ledeneens is dat in het versneld LVB, maar ook in het volledige LVB, er ruimtemoet zijn om dit aantal weer omhoog bij te stellen als blijkt dat er sprakeis van een hoger gehaald geluidsreductiedoel, dus boven de 20%. Zo ja,hoe zou de Minister deze ruimte kunnen garanderen?De leden van de VVD-fractie vragen in hoeverre de Minister voornemensis om het Actieplan omgevingslawaai Schiphol 2024–2029 aan te passen,conform het besluit van de EC van 5 maart jl., alsmede ook de aange-nomen motie-Peter de Groot (Kamerstuk 31 936, nr. 1209) aangaande alleverstilling meenemen per 1 november 2025. Waarom wel, waarom niet?In aanvulling vragen deze leden bij de aanpassing geen onderscheid meerte maken tussen additionele en autonome vlootvernieuwing.De leden van de VVD-fractie lezen dat wanneer het Ministerie vanInfrastructuur en Waterstaat de reactie op het besluit heeft gestuurd, de«balanced approach»-procedure officieel is afgerond. Betekent dit dat deinhoud van de reactie van ondergeschikt belang is? Ook als de inhoud vande reactie geen recht doet aan de inhoudelijke bezwaren van de EC?NSC-fractieDe leden van de NSC-fractie vragen welke gevolgen deze brief heeft voorde totstandkoming van een nieuw LVB op Schiphol.Voor de leden van de NSC-fractie staat buiten kijf dat de Staat stappenmoet zetten om tegemoet te komen aan de uitspraak van de rechter in dezaak Recht op Bescherming tegen Vliegtuighinder (RBV). De huidige inzetvan de Minister om tot 20% geluidshinderreductie te komen en dit teverankeren in een nieuw LVB dient daartoe en moet onverminderddoorgang vinden, zo vinden deze leden. Deze leden hechten eraan dat de20% geluidshinderreductie zo spoedig mogelijk en zonder verderevertraging gerealiseerd wordt.De leden van de NSC-fractie onderschrijven het besluit van de Ministerom bepaalde geluidsreductiemaatregelen, zoals de autonome vlootver-nieuwing, in de referentiesituatie op te nemen, waarmee deze dus nietworden geacht bij te dragen aan de realisatie van de geluidsreductiedoel-stelling. Is de Minister het met deze leden eens dat zijn ministerie hierineen zeer zorgvuldige afweging heeft gemaakt? En is de Minister het voortsmet deze leden eens dat hier niet aan getornd moet worden?Voorts constateren de leden van de NSC-fractie dat de EC opmerkt datnaast de commerciële luchtvaart ook de algemene en zakenluchtvaart –general aviation – bijdraagt aan het geluidsprobleem rond Schiphol en datdeze groep niet wordt meegenomen in de geluidsreductiemaatregelen.Waarom is hier destijds voor gekozen? Hoe beoordeelt de Minister demogelijkheid om een cap in te stellen op het aantal voor privévliegtuigenbeschikbare slots, waarvan maatschappelijke vluchten, zoals overheids-en humanitaire vluchten, uitgezonderd zijn? Tot slot verwachten dezeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5385 leden dat de Minister in het voor de zomer te publiceren plan van aanpakvoor de geluidshinderreductie op Schiphol terugkomt op het terugdringenvan privévliegtuigen, conform de aangenomen motie-Postma c.s.(Kamerstuk 31 936, nr. 1207).BBB-fractieDe leden van de BBB-fractie lezen dat de EC stelt dat de uitsluiting van dealgemene en zakenluchtvaart van de exploitatiebeperkingen discrimi-nerend is ten nadele van de commerciële luchtvaart (bijlage bij Kamerstuk29 665, nr. 535, pagina 6). Erkent de Minister deze constatering van de EC?Zo ja, welke concrete stappen zal de Minister nemen om deze discrimi-natie op te heffen en te waarborgen dat ook de algemene en zakenlucht-vaart een evenredige bijdrage leveren aan de geluidsreductiedoelstel-lingen? Kan de Minister aangeven welke gevolgen dit potentieel heeftvoor de noodzaak en omvang van de beperkingen voor de commerciëleluchtvaart?De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC hetzelfde opmerkt als dezeleden al eerder gesteld hebben. Zij merkt op dat Nederland de verwachtebeperking van vliegtuiglawaai aan de bron door autonome vlootver-nieuwing slechts ten dele in overweging heeft genomen. De EC vraagt omeen betere onderbouwing van de opsplitsing tussen autonome enadditionele vlootvernieuwing (bijlage bij Kamerstuk 29 665, nr. 535,pagina 6). Kan de Minister transparant uiteenzetten op welke wijze deaannames ten aanzien van deze autonome vlootvernieuwing zijnonderbouwd? Is de Minister bereid de methodiek van deze onderbouwingte delen met de Kamer, zodat een onafhankelijke beoordeling mogelijk isvan de daadwerkelijke potentie van vlootvernieuwing als alternatief ofaanvulling op de nu voorgestelde drastische beperkingen van vliegbewe-gingen?De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC van mening is dat Nederlandde operationele procedures voor de bestrijding van geluidshinder slechtsten dele in overweging heeft genomen en het effect van bepaaldemaatregelen niet volledig heeft onderzocht. Kan de Minister aangevenwaarom er is nagelaten om verdergaande operationele maatregelen teonderzoeken dan die reeds in het programma «Minder Hinder Schiphol»waren opgenomen of in november 2024 al gerealiseerd waren? Kan deMinister aangeven welke concreet meetbare resultaten hij verwacht vande reeds meegenomen operationele procedures, zoals de toegenomentoepassing van Noise Abatement Departure Procedure 2 (NADP2)? Kan deMinister aangeven hoe deze resultaten worden gemonitord enafgedwongen, gezien de opmerking van de EC dat de toepassing vanNADP2 juridisch niet altijd afdwingbaar is?De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC opmerkt dat de limiet van478.000 vliegbewegingen ervoor zorgt dat de autonome ontwikkelingen inde sector na november 2025 kunnen bijdragen aan geluidsreductie. Kande Minister aangeven in hoeverre de noodzaak van de rigoureuze limietvan 478.000 vliegbewegingen opnieuw overwogen is, in het licht van hetdoor de EC geconstateerde potentieel van autonome ontwikkelingen incombinatie met de reeds geplande operationele maatregelen? Kan deMinister aangeven welke alternatieve scenario’s serieus overwogen zijn incombinatie met een maximale benutting van vlootvernieuwing enoperationele verbeteringen?De leden van de BBB-fractie lezen dat er een beperkte wijzing komt vanhet LVB. Is de Minister van mening dat deze beperkte wijziging van hetLVB voldoende is om aan de bezwaren van de EC tegemoet te komen,Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5386 gezien de substantiële kritiekpunten van de EC op de gevolgde procedure?Zo nee, welke aanvullende stappen zijn noodzakelijk en binnen welketermijn kunnen deze van kracht worden?CDA-fractieDe leden van de CDA-fractie lezen dat Nederland wordt gevraagd in iedergeval aandacht te besteden aan de volgende punten: hoe general aviationbijdraagt aan het terugdringen van geluid, welke effecten autonomeontwikkelingen op Schiphol hebben en de operationele maatregelen diezijn overwogen. Deze leden zijn benieuwd hoe deze drie elementenworden onderbouwd. Deze leden vragen ook of de onderbouwing vandeze drie elementen nog aan de Kamer wordt voorgelegd, voordat ze perbrief naar de EC gaan.Partij voor de Dieren-fractieDe leden van de Partij voor de Dieren-fractie zijn allereerst teleurgesteldover hoe het proces verlopen is, vooral over het proces voor de «balancedapproach»-procedure en het geluidsdoel dat de Minister heeft vastgezet.15% geluidsreductie is niet veel. Hiermee zijn er nog steeds te veelmensen met onder andere een hoge mate van slaapverstoring enbijbehorende gezondheidsproblemen. Dit getal lijkt vooral gekozen om deluchtvaartsector tevreden te houden en het minimale wat nodig is te doenvoor omwonenden. In de vragen van deze leden over het LVB gaf deMinister aan dat er een brede belangenafweging is gemaakt in het kadervan het voorontwerp van het LVB op grond van het Europees Verdragvoor de Rechten van de Mens. Deze leden vragen of de Minister dezebelangenafweging kan delen, met daarbij specifiek uitgeschreven omwelke belangen het precies gaat (mensenrechten, natuur, klimaat,gezondheid, milieu, dieren – ganzen worden nu vergast voor ruimte voorluchtvaart – etc.), welke stakeholders zijn betrokken en per stakeholderhoe vaak ze zijn gesproken, wat hun inbreng is geweest, hoe dezebelangen precies zijn gewogen en hoe hij daarmee tot de 15% isgekomen. Hoe is de ernstige staat van natuur (stikstofcrisis) en klimaat(het halen van wettelijke klimaatdoelen door Nederland en feit dat weachterlopen) in de belangenafweging meegenomen en gekwantificeerd?Kan de Minister de netto maatschappelijke baten en kosten (inclusiefnatuur, klimaat, milieu) delen van het scenario van de 15% reductie, en hetscenario van 20% reductie en wat het met de brede maatschappelijkebaten zou doen als we een hogere reductie zouden bewerkstelligen?De leden van de Partij voor de Dieren-fractie vragen ook hoe de Ministerertoe is gekomen dat 15% geluidsreductie voldoende gezondheidswinstgaat boeken voor omwonenden. Zijn hiervoor gezondheidsexpertsgeraadpleegd? Voor de gezondheidsproblemen rondom Tata Steel is deonafhankelijke Expertgroep Gezondheid IJmond opgericht, die adviezengeeft aan de overheid, zodat de overheid weet wat voldoende borging isvoor de gezondheid. Is de Minister bereid om zo’n expertgroep voorluchtvaart op te richten? Is hij anders bereid simpelweg om experts op hetgebied van gezondheid te laten vragen wat vanuit luchtvaartbeleidminstens nodig is om de gezondheid van omwonenden voldoende tebeschermen (en dus welke reducties van wat daar precies bij horen)? Zonee, waarom weigert de Minister de Kamer van alle benodigde informatiete voorzien op basis waarvan de Kamer echt goed afgewogen besluitenkan maken?De leden van de Partij voor de Dieren-fractie vragen of het klopt dat debalanced approach in feite een motiveringsprocedure is waar goedeonderbouwing en bewijslast van de lidstaat wordt gevraagd, maarTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5387 waaraan geen consequenties door de EC kunnen worden gehangen, als zede motivering niet goed vindt. Moet een lidstaat het antwoord van de ECafwachten, voordat hij met de maatregelen aan de slag gaat, of kan hij alvoordat het antwoord er is aan de slag (graag dit antwoord met verwijzingnaar concrete tekst met regels hierover onderbouwen)? Kan de Ministerreflecteren op het feit dat uitbreiding van het aantal slots, extra nacht-vluchten of zelfs een eventuele opening van een nieuw vliegveld welnationaal geregeld mag worden, terwijl eventuele afschalingen via een«balanced approach»-procedure geregeld moeten worden en ingewikkeldzouden zijn om terug te draaien? Hoe is deze situatie ontstaan? Moet erdaarom niet extra zorgvuldig gekeken worden naar elke eventueleuitbreiding?De leden van de Partij voor de Dieren-fractie viel het op dat de EC geenopmerkingen heeft over het geluidsreductiedoel en het aantal vluchten.Zou het niet in de lijn der verwachting liggen dat de EC ook akkoord zouzijn gegaan met een ambitieuzer doel van geluidsreductie, waardoor forsminder omwonenden last zouden krijgen van het lawaai? Zo ja, zou hetdan niet in de lijn der verwachting liggen dat ze ook geen opmerkingenzou hebben over een echte vermindering van het aantal vluchten naarbijvoorbeeld 400.000 of 350.000 vluchten, omdat die reductie dan nodig isom dat ambitieuzere doel te halen? Zo nee, waar baseert de Minister datantwoord op? Is het mogelijk om de EC te vragen om op papier te zettenwat ze zou vinden van verschillende krimpscenario’s waarin degezondheid van omwonenden en hun leefomgeving beter beschermdworden? Op deze manier zou het gesprek in Nederland met meerinformatie kunnen worden gevoerd. Kan hij dit verzoek aan de ECvoorleggen en hierover aan de Kamer terugkoppelen? Hoe gaat deMinister reageren op de reactie van de EC? Kan hij toezeggen dat hij zijnreactie eerst met de Kamer bespreekt, voordat hij deze naar de EC stuurt?Kunnen deze leden ervan uitgaan, ook gezien de rechterlijke uitspraak datomwonenden jarenlang niet voldoende beschermd zijn, dat de Ministerhet (al afgezwakte) voorstel niet verder afzwakt? Staat er in Europa eenmoment gepland om de huidige «balanced approach»-procedure, die uit2014 stamt, te herzien? Zo ja, wanneer? Zo nee, is de Minister bereid omaan te geven dat Nederland graag een herziening wil? En als de Ministerhet antwoord hierop niet weet, wil hij dit dan in Europa navragen?JA21-fractieHet lid van de JA21-fractie vraagt de Minister of verdere krimp nognoodzakelijk is om de geluidsdoelstellingen te behalen, als de vlootver-nieuwing vanaf november 2024 wordt meegenomen, zoals de EC verzoektin haar besluit van 5 maart. Indien verdere krimp toch nodig blijkt, opwelke omvang komt de Minister dan uit? Is hiervoor een berekeninggemaakt? Zo ja, is de Minister bereid deze berekeningen met de Kamer tedelen? Zo nee, waarom niet? Waarom wordt vastgehouden aan dereductie tot 478.000 vliegtuigbewegingen, terwijl uit het besluit van de ECvan 5 maart blijkt dat capaciteitsbeperkingen binnen de balancedapproach alleen zijn toegestaan wanneer alle andere geluidsreducerendemaatregelen volledig zijn benut? Houdt de Minister rekening metjuridische procedures of tegenmaatregelen van andere landen, aangeziende EC stelt dat bepaalde elementen onvoldoende zijn meegenomen in debalanced approach? Hoe borgt de Minister dat, indien de geluidsdoelenstrenger uitvallen dan nodig en de krimp onnodig groot blijkt, decapaciteit snel kan worden hersteld? En op welke manier voorkomt deMinister hiermee mogelijke tegenmaatregelen van andere landen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5388 II. Reactie van de Minister InleidingHierbij ontvangt u de antwoorden op de vragen uit het schriftelijk overlegdie zijn gesteld door de leden van de fracties van GroenLinks-PvdA, VVD,NSC, BBB, PvdD en JA21 naar aanleiding van het besluit van de EuropeseCommissie inzake de balanced approach-procedure.Ter inleiding schets ik de Kamer graag het verdere proces ter afrondingvan de balanced approach-procedure en de vervolgstappen die wordengezet om de resultaten in regelgeving vast te leggen. Met het versturenvan de reactie van Nederland op het besluit aan de Europese Commissieis de balanced approach-procedure, zoals de Verordening ook voorschrijft,officieel afgerond.Om te voldoen aan de uitspraak van de rechter in de zaak van de stichtingRecht op Bescherming tegen Vliegtuighinder en de rechtspositie vanomwonenden zo snel mogelijk te herstellen, dienen de resultaten van debalanced approach te worden geïmplementeerd en vastgelegd. Eenbelangrijke eerste stap is het vastleggen van het maximum aantalvliegbewegingen. Om dit per november 2025 te doen is een versneldewijziging van het LVB nodig. Het ontwerp voor deze versnelde wijzigingvan het LVB ligt nu ter voorhang in de Kamer. De vragen van de vastecommissie voor Infrastructuur en Waterstaat in het kader van dezevoorhangprocedure zijn op 11 maart jl. beantwoord. De voorhang- enzienswijzenprocedure eindigen op 31 maart.Op 3 april wordt vervolgens de voordracht voor de Raad van State inprocedure gebracht richting het Kabinet van de Koning. Aan de Raad vanState zal om een spoedadvies gevraagd worden. Na ontvangst van hetspoedadvies wordt er een nader rapport opgesteld, dat wordt aange-boden aan het Kabinet van de Koning.Na ondertekening door de Koning en publicatie in het Staatsblad treedt dewijziging op 8 mei in werking. Als op 8 mei de vastlegging van hetmaximum aantal vliegbewegingen gereed is, kan de capaciteitsverdelingvoor het winterseizoen 25/26 daarop gebaseerd worden.Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie vanGroenLinks-PvdA1. Vraag:Deze leden vragen de Minister dan ook voor de voorbereiding van hetLuchthavenverkeerbesluit (LVB) om een verbod of anders een forsereductie van (fossiel aangedreven) privéjets van of naar Schiphol.Antwoord:De Kamer is eerder geïnformeerd over de wenselijkheid en mogelijkhedenom privéjets meer onderdeel te maken van het klimaatbeleid voor deluchtvaart.1 Nederland blijft zich binnen Europa, in lijn met de Trans-portraad van oktober 2022 en juni 2023, uitspreken voor meer handvattenom te sturen op verduurzaming van privéjets. Bij de algehele wijzigingvan het LVB zal de omvang van general aviation (GA) beperkt wordendoor de beperking van de totale beschikbare milieuruimte.1Kamerstukken 31 936 en 32 813, nr. 1053Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 5389 Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van de VVD2. Vraag:De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC concludeert in haar besluitvan 5 maart jl. dat autonome vlootvernieuwing slechts ten dele ismeegenomen. Wat is volgens de Minister de belangrijkste argumentatieop grond waarvan hij denkt af te mogen wijken van het vereiste inartikel 5, lid 3, punt a) van de EU-verordening nr. 598/2014?Antwoord:De Europese Commissie constateert dat bij de overweging van maatre-gelen die zorgen voor een verwachte beperking van het vliegtuiglawaaiaan de bron, een deel van de motivering voor de methodes en aannamesmist. Dit heeft de Europese Commissie nader toegelicht in de overwe-gingen bij het besluit en in het Staff working document. Overeenkomstigde procedurele eisen die verordening 598/2014 stelt zal het kabinet deCommissie informeren over deze motivering.Er is geen sprake van het slechts ten dele meenemen van autonomevlootvernieuwing. Vlootvernieuwing draagt volledig bij aan het reducerenvan geluid rondom Schiphol, deels in de referentiesituatie en deels in hetmaatregelenpakket.3. Vraag:De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC tevens concludeert datoperationele procedures voor de bestrijding van geluidshinder slechts tendele zijn meegenomen. Wat is volgens de Minister de belangrijksteargumentatie op grond waarvan hij denkt af te mogen wijken van hetvereiste in artikel 5, lid 3, punt c) van de EU-verordening nr. 598/2014?Antwoord:De Europese Commissie heeft in de kennisgeving aangegeven nietvoldoende te kunnen afleiden waarom niet meer en niet specifiekeoperationele maatregelen zijn opgenomen. Overeenkomstig de proce-durele eisen die verordening 598/2014 stelt en het besluit van de EuropeseCommissie, zal het kabinet de Commissie informeren over de overwe-gingen die hierbij zijn gemaakt en zorgen voor verduidelijking.In eerdere fasen van de balanced approach-procedure (BA) maakten ookverschillende operationele maatregelen onderdeel uit van het pakket.Deze maatregelen zijn echter afgevallen, als gevolg van de uitvoerings-toetsen van LVNL en ILT en door inbreng van andere stakeholders. Er zijn– mede gelet op vele maatregelen die in het verleden al zijn getroffen –geen aanvullende maatregelen beschikbaar die leiden tot verderegeluidsbeperking die voldoen aan alle randvoorwaarden van deprocedure.4. Vraag:Deze leden vragen wanneer de Minister de gevraagde plannen die zorgendat de elementen van de balanced approach die nu niet goed zijn gevolgdworden hersteld, met de Kamer gaat delen, ook om te zorgen datNederland de EU wet- en regelgeving naleeft. Waarom wel, waarom niet?Antwoord:Zodra het ministerie de reactie op het besluit van de Europese Commissiegereed heeft en na bespreking binnen het kabinet, zal dit zo spoedigmogelijk gedeeld worden met de Kamer. Nederland leeft daarbij uiteraardde EU wet- en regelgeving na.5. Vraag:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53810 De leden van de VVD-fractie vragen de Minister uiteen te zetten hoeveelextra vliegtuigbewegingen mogelijk zouden zijn, ervan uitgaande dat de15% geluidsreductie van fase 1 gehanteerd blijft, als de Minister wel allevlootvernieuwing, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt a), zowelautonoom als additioneel, vanaf november 2024 volledig meeneemt voorde berekening van verstilling.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister waar het percentagegeluidsreductie voor fase 1 op uitkomt, als de Minister wel alle vlootver-nieuwing, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt a), zowel autonoom alsadditioneel, vanaf november 2024 volledig meeneemt voor de berekeningvan verstilling, en het maximaal aantal vliegtuigbewegingen op478.000 vluchten per jaar laat staan.Antwoord:Deze beide berekeningen zijn niet uitgevoerd en worden ook niet vereistdoor artikel 5, lid 3, punt a. Het bepalen van het doel is aan de lidstaat enconform de balanced approach-procedure is vervolgens gekeken naarmaatregelen binnen alle categorieën van de balanced approach-procedureom invulling aan deze doelstelling te geven. Dit leidt tot het voorliggendepakket inclusief 478.000 vliegtuigbewegingen.6. Vraag:De leden van de VVD-fractie vragen de Minister uiteen te zetten hoeveelextra vliegtuigbewegingen mogelijk zouden zijn, ervan uitgaande dat de15% geluidsreductie van fase 1 gehanteerd blijft, als de Minister alleoperationele procedures, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt c) vanafnovember 2024 volledig meeneemt voor de berekening van geluidsmaat-regelen.De leden van de VVD-fractie vragen de Minister waar het percentagegeluidsreductie voor fase 1 op uitkomt, als de Minister alle operationeleprocedures, zoals vereist is in artikel 5, lid 3, punt c) vanaf november 2024volledig meeneemt voor de berekening van geluidsmaatregelen, en hetmaximaal aantal vliegtuigbewegingen laat staan op 478.000 vluchten perjaar.Antwoord:Alle potentiële operationele maatregelen die voor november 2025 kunnenworden doorgevoerd en geluid kunnen reduceren zijn beschouwd. Ineerdere fasen maakte ook verschillende operationele maatregelenonderdeel uit van het pakket. Deze maatregelen zijn echter afgevallen, alsgevolg van de uitvoeringstoetsen van LVNL en ILT en door inbreng vanandere stakeholders. Er zijn geen maatregelen aanvullend beschikbaar dieleiden tot verdere geluidsbeperking die voldoen aan alle randvoor-waarden van de procedure.7. Vraag:De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC in haar besluit van 5 maart jl.concludeert dat hoewel Nederland de geluidshinder van de algemene enzakenluchtvaart in de geluidssituatie heeft opgenomen, dat soortactiviteiten wordt uitgesloten van de exploitatiebeperkingen tot478.000 vliegtuigbewegingen, wat een schending van artikel 5, lid 6, vande verordening inhoudt. Deze leden lezen dat de EC stelt dat die aanpakdiscriminerend is en ten nadele is van de commerciële luchtvaart. Ooklezen deze leden dat er minder operationele beperkingen nodig zoudenzijn geweest als de algemene en zakenluchtvaart waren opgenomen in degeluidsreductiemaatregelen. Deze leden vragen hoe de Minister van planis deze fout te herstellen om onnodige krimp van de commerciëleluchtvaart te voorkomen. Deze leden vragen om een toelichting.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53811 De leden van de VVD-fractie vragen of op dit moment het totaal aantalextra vliegtuigbewegingen voor of door het Ministerie van Infrastructuuren Waterstaat wordt uitgerekend. Zo ja, kan de Minister deze bereke-ningen dan zo spoedig mogelijk met de Kamer delen? Waarom wel,waarom niet?Antwoord:General Aviation (GA) is een volwaardig onderdeel van de uitgevoerdegeluidsberekeningen. Er is in de berekening rekening gehouden met deimpact van GA in de referentiesituatie en het definitieve pakket. De impacthiervan is zeer lokaal rondom de Oostbaan en draagt niet tot nauwelijksbij aan de reductie van het geluidsprobleem.Tegelijkertijd wordt er wel gestuurd op een beperking van het GA in hetdefinitieve LVB. De omvang van GA zal beperkt worden door de beperkingvan de totale beschikbare milieuruimte. Gelet hierop is er geen sprake vandiscriminatie.8. Vraag:De leden van de VVD-fractie vragen of op dit moment het totaal aan extrageluidsreductie als gevolg van het geheel toepassen van de artikelen uitde EU-verordening voor of door het Ministerie van Infrastructuur enWaterstaat wordt uitgerekend. Zo ja, kan de Minister deze berekeningendan zo spoedig mogelijk met de Kamer delen? Waarom wel, waarom niet?De leden van de VVD-fractie vragen, indien dergelijke berekeningen (zoalsin bovengenoemde twee vragen) als gevolg van het besluit van de EC opdit moment niet worden uitgevoerd, in hoeverre de Minister bereid is omdeze nieuwe berekeningen alsnog uit te voeren. Zo nee, waarom niet,mede gelet op het feit dat de EC in artikel 1 van het besluit vraagt om hetbesluit te onderzoeken?Antwoord:Zoals aangegeven in de voorgaande antwoorden wordt het maatregelenpakket niet verder aangepast. Dat is ook niet de vraag van de EuropeseCommissie, die vragen op een aantal punten een nadere motivering, daarwordt aan gewerkt en deze zal – na besluitvorming in het kabinet – zospoedig mogelijk met de Kamer worden gedeeld.9. Vraag:De leden van de VVD-fractie lezen dat de EC in artikel 1, lid 2, van hetbesluit stelt dat onderzoek nodig is, voordat exploitatiebeperkingen,oftewel krimp, mag worden doorgevoerd. Deze leden vragen de Ministerop welke aannames of feiten hij zich baseert dat er geen nieuwe bereke-ningen zouden moeten worden gedaan zonder door de EC in gebreke teworden gesteld voor het slechts ten dele voldoen aan de artikelen uit deEU-verordening.Antwoord:De Europese Commissie stelt inderdaad in haar besluit dat op bepaaldepunten onderzoek nodig is. Het kabinet beaamt dit en heeft bij de start vande procedure en gaandeweg reeds het nodige onderzoek verricht. Waarnodig wordt ook nog (beperkt) aanvullend onderzoek uitgevoerd. In dereactiebrief op het besluit zal dan ook uitgebreid worden ingegaan op depunten die door de Europese Commissie zijn geadresseerd.10. Vraag:De leden van de VVD-fractie vragen de Minister toe te lichten in hoeverrehij van mening is dat de conclusie van het besluit van de EC, namelijk datde procedure in acht is genomen behalve bij een aantal elementen,Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53812 aanleiding kan zijn voor retaliatie, gelet op het feit dat er capaciteitsbeper-kingen worden ingevoerd, terwijl er nog extra geluidreductie kan wordenbehaald op de elementen die de EC noemt.Antwoord:Het nemen van tegenmaatregelen kan nooit helemaal worden uitgesloten.Met het door het kabinet vastgestelde maatregelenpakket is er echtersprake van een beperkte capaciteitsbeperking naar 478.000 vliegtuigbewe-gingen.De slotcoördinator heeft een plan voorgelegd waarmee het niet allocerenvan slots waar historische aanspraken op zijn niet nodig zal zijn om tot devereiste reductie te komen. Dit plan verkleint het risico op tegenmaatre-gelen, omdat de impact van het besluit op de operationele mogelijkhedenvan luchtvaartmaatschappijen hiermee gereduceerd wordt.Omdat andere landen zorgen hebben geuit voor precedentwerking vanreducties, zijn tegenmaatregelen – ook bij een correct doorlopenprocedure – niet in het geheel uit te sluiten. Dit is onderdeel geweest vande afwegingen om tot dit besluit te komen.11. Vraag:De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister het met deze ledeneens is dat een krimp van 500.000 naar 478.000 vliegtuigbewegingenonnodig is, als in de evaluatie van fase 1 in 2026 van dit «balancedapproach»-pakket blijkt dat er sprake is van een hoger gehaald geluidsre-ductiedoel, dus boven de 20%. Waarom wel, waarom niet?Antwoord:Het is belangrijk dat er goed wordt gekeken naar de daadwerkelijk impactvan geluidsreductie als het gevolg van het pakket aan maatregelen.Wanneer uit de monitoring blijkt dat het pakket meer of minder doet dan15% per 1 november 2025 zal dit opgeteld of afgetrokken worden van deresterende 5% van het geluidsdoel. Het is – gelet op alle voorliggendeanalyses – zeer onwaarschijnlijk dat per 1 november 2025 al 20% wordtgehaald, maar dat zal de monitoring van het pakket definitief uitwijzen.12. Vraag:De leden van de VVD-fractie vragen of de Minister het met deze ledeneens is dat in het versneld LVB, maar ook in het volledige LVB, er ruimtemoet zijn om dit aantal weer omhoog bij te stellen als blijkt dat er sprakeis van een hoger gehaald geluidsreductiedoel, dus boven de 20%. Zo ja,hoe zou de Minister deze ruimte kunnen garanderen?Antwoord:In het hoofdlijnenakkoord is afgesproken dat, nadat de volledige 20% vanhet geluidsdoel is ingevuld door de inzet van stillere vliegtuigen, ruimtezal ontstaan voor groei. Het kabinet werkt daarom aan een nieuw stelselvoor vliegtuiggeluid waarbij er gestuurd wordt op milieunormen in plaatsvan op aantallen bewegingen. Dit stelsel moet ook perspectief bieden aande sector als er gevlogen wordt met schonere en stillere toestellen.Monitoring van de impact van het pakket is pas definitief afgerond per1 november 2026 en er volgt nog een volgende fase om de resterendereductiepercentages in te vullen. Zoals toegezegd wordt de Kamer over deaanpak van de monitoring van het maatregelenpakket en de aanpak voorde invulling van de resterende percentages van het geluidsdoel voor dezomer geïnformeerd.13. Vraag:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53813 De leden van de VVD-fractie vragen in hoeverre de Minister voornemensis om het Actieplan omgevingslawaai Schiphol 2024–2029 aan te passen,conform het besluit van de EC van 5 maart jl., alsmede ook de aange-nomen motie-Peter de Groot (Kamerstuk 31 936, nr. 1209) aangaande alleverstilling meenemen per 1 november 2025. Waarom wel, waarom niet?In aanvulling vragen deze leden bij de aanpassing geen onderscheid meerte maken tussen additionele en autonome vlootvernieuwing.Antwoord:In het plan van aanpak dat is toegezegd en voor de zomer naar de Kamerwordt gestuurd, zal de aanpak voor de invulling van de overige 5%worden toegelicht. Het kabinet zal daarbij bekijken hoe additionele enautonome vlootvernieuwing worden meegenomen. Eventuele impact ophet actieplan geluid zal dan ook worden meegenomen.14. Vraag:De leden van de VVD-fractie lezen dat wanneer het Ministerie vanInfrastructuur en Waterstaat de reactie op het besluit heeft gestuurd, de«balanced approach»-procedure officieel is afgerond. Betekent dit dat deinhoud van de reactie van ondergeschikt belang is? Ook als de inhoud vande reactie geen recht doet aan de inhoudelijke bezwaren van de EC?Antwoord:Artikel 8, derde lid, van verordening 598/2014 schrijft voor dat Nederlandde Europese Commissie informeert over hoe zij omgaat met de puntenwaarvan de Commissie heeft geoordeeld dat Nederland deze nietvoldoende in acht heeft genomen. Dit moet Nederland doen voordat deexploitatiebeperking wordt ingevoerd. Het is daarbij van belang dat in dereactie goed wordt uitgelegd hoe de genoemde punten wordenopgevolgd of wordt uitgelegd waarom deze niet worden opgevolgd. Deinhoud van de reactie is dan ook niet van ondergeschikt belang. Uiteraardzal in de reactie op zorgvuldige wijze worden gereageerd op de door deCommissie geadresseerde elementen. Waar nodig zal ook wordengezorgd voor een nadere motivering of uitleg.Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van NSC15. Vraag:De leden van de NSC-fractie vragen welke gevolgen deze brief heeft voorde totstandkoming van een nieuw LVB op Schiphol.Antwoord:Nadat Nederland heeft gereageerd op het besluit van de EuropeseCommissie, is de balanced approach-procedure afgerond. Het is danmogelijk om het genotificeerde maatregelenpakket per november 2025 inte voeren. De beperkte wijziging van het LVB waarin het nieuwemaximumaantal vliegtuigbewegingen van 478.000 voor het etmaal wordtvastgelegd is in voorhang bij het parlement. Parallel werkt het ministerieaan de bredere wijziging van het LVB.Met dit besluit van de Europese Commissie kan het kabinet verder met hetherstellen van de rechtspositie van omwonenden van Schiphol, hetterugdringen van de geluidbelasting rondom de luchthaven en hetwijzigen van het LVB. Dit biedt de benodigde duidelijkheid en rechtsze-kerheid in het Schipholdossier, voor zowel de omgeving als de luchtvaart-sector.16. Vraag:De leden van de NSC-fractie onderschrijven het besluit van de Ministerom bepaalde geluidsreductiemaatregelen, zoals de autonome vlootver-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53814 nieuwing, in de referentiesituatie op te nemen, waarmee deze dus nietworden geacht bij te dragen aan de realisatie van de geluidsreductiedoel-stelling. Is de Minister het met deze leden eens dat zijn ministerie hierineen zeer zorgvuldige afweging heeft gemaakt? En is de Minister het voortsmet deze leden eens dat hier niet aan getornd moet worden?Antwoord:Ja, het ministerie heeft bij het vaststellen van het geluidsdoel eenzorgvuldige afweging gemaakt tussen alle belangen die spelen rondom denationale luchthaven.17. Vraag:Voorts constateren de leden van de NSC-fractie dat de EC opmerkt datnaast de commerciële luchtvaart ook de algemene en zakenluchtvaart –General Aviation – bijdraagt aan het geluidsprobleem rond Schiphol endat deze groep niet wordt meegenomen in de geluidsreductiemaatre-gelen. Waarom is hier destijds voor gekozen? Hoe beoordeelt de Ministerde mogelijkheid om een cap in te stellen op het aantal voor privévlieg-tuigen beschikbare slots, waarvan maatschappelijke vluchten, zoalsoverheids- en humanitaire vluchten, uitgezonderd zijn? Tot slotverwachten deze leden dat de Minister in het voor de zomer te publicerenplan van aanpak voor de geluidshinderreductie op Schiphol terugkomt ophet terugdringen van privévliegtuigen, conform de aangenomenmotie-Postma c.s. (Kamerstuk 31 936, nr. 1207).Antwoord:GA is een volwaardig onderdeel van de uitgevoerde geluidsberekeningen.Er is in de berekening rekening gehouden met de impact van GA in dereferentiesituatie en het definitieve pakket. De impact hiervan is zeerlokaal rondom de Oostbaan en draagt niet tot nauwelijks bij aan dereductie van het geluidsprobleem.Tegelijkertijd wordt er wel gestuurd op een beperking van GA in hetdefinitieve LVB. De omvang van GA zal beperkt worden door de beperkingvan de totale beschikbare milieuruimte. Conform de aangenomen motiePostma c.s.2, zal inderdaad teruggekomen worden op privévliegtuigen inhet plan van aanpak voor de resterende 5% dat voor de zomer aan deKamer zal worden gestuurd.Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van de BBB18. Vraag:De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC stelt dat de uitsluiting van dealgemene en zakenluchtvaart van de exploitatiebeperkingen discrimi-nerend is ten nadele van de commerciële luchtvaart (bijlage bij Kamerstuk29 665, nr. 535, pagina 6). Erkent de Minister deze constatering van de EC?Zo ja, welke concrete stappen zal de Minister nemen om deze discrimi-natie op te heffen en te waarborgen dat ook de algemene en zakenlucht-vaart een evenredige bijdrage leveren aan de geluidsreductiedoelstel-lingen? Kan de Minister aangeven welke gevolgen dit potentieel heeftvoor de noodzaak en omvang van de beperkingen voor de commerciëleluchtvaart?Antwoord:GA is een volwaardig onderdeel van de uitgevoerde geluidsberekeningen.Er is in de berekening rekening gehouden met de impact van GA in dereferentiesituatie en het definitieve pakket. De impact hiervan is zeer2Kamerstuk 31 936, nr. 1207Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53815 lokaal rondom de Oostbaan en draagt niet tot nauwelijks bij aan dereductie van het geluidsprobleem.Tegelijkertijd wordt er wel gestuurd op een beperking van GA in hetdefinitieve LVB. De omvang van GA zal beperkt worden door de beperkingvan de totale beschikbare milieuruimte.De introductie van een specifieke cap voor GA in het LVB lijkt nietmogelijk, aangezien daarmee een aparte pool voor GA wordt gecreëerd.Dat is niet mogelijk gelet op de Slotverordening. De Kamer zal naderworden geïnformeerd over hoe om te gaan met GA in het kader van hetplan over de invulling van het resterende percentage. Dit heeft geenimpact op het maatregelenpakket dat per november 2025 wordtingevoerd.19. Vraag:De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC hetzelfde opmerkt als dezeleden al eerder gesteld hebben. Zij merkt op dat Nederland de verwachtebeperking van vliegtuiglawaai aan de bron door autonome vlootver-nieuwing slechts ten dele in overweging heeft genomen. De EC vraagt omeen betere onderbouwing van de opsplitsing tussen autonome enadditionele vlootvernieuwing (bijlage bij Kamerstuk 29 665, nr. 535,pagina 6). Kan de Minister transparant uiteenzetten op welke wijze deaannames ten aanzien van deze autonome vlootvernieuwing zijnonderbouwd? Is de Minister bereid de methodiek van deze onderbouwingte delen met de Kamer, zodat een onafhankelijke beoordeling mogelijk isvan de daadwerkelijke potentie van vlootvernieuwing als alternatief ofaanvulling op de nu voorgestelde drastische beperkingen van vliegbewe-gingen?Antwoord:De trend van de autonome vlootontwikkeling is in de eerste fase van hetMER2020 onderzoek vastgesteld. Om deze trend vast te stellen is in 2018achter- en vooruitgekeken. Achteruit op basis van gerealiseerde gegevenstot 2005 en vooruit op basis van de verwachting van wijzigingen in desamenstelling van de vloot tot 2030. Beide exercities leiden tot eensoortgelijk beeld qua ontwikkeling per jaar. Dit is de trend voor autonomeontwikkeling geworden.In de reactie op het besluit van de Europese Commissie zal hier ookuitgebreid op worden ingegaan. Zodra deze gereed is en besproken in hetkabinet zal deze met de Kamer worden gedeeld.20. Vraag:De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC van mening is dat Nederlandde operationele procedures voor de bestrijding van geluidshinder slechtsten dele in overweging heeft genomen en het effect van bepaaldemaatregelen niet volledig heeft onderzocht. Kan de Minister aangevenwaarom er is nagelaten om verdergaande operationele maatregelen teonderzoeken dan die reeds in het programma «Minder Hinder Schiphol»waren opgenomen of in november 2024 al gerealiseerd waren? Kan deMinister aangeven welke concreet meetbare resultaten hij verwacht vande reeds meegenomen operationele procedures, zoals de toegenomentoepassing van Noise Abatement Departure Procedure 2 (NADP2)? Kan deMinister aangeven hoe deze resultaten worden gemonitord enafgedwongen, gezien de opmerking van de EC dat de toepassing vanNADP2 juridisch niet altijd afdwingbaar is?Antwoord:Het klopt niet dat er niet gekeken is naar meer of aanvullende operationelemaatregelen. Er is gedurende het proces nauwkeurig gekeken of met denieuwe invoeringsdatum van november 2025 operationele proceduresTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53816 aan de voorwaarden van de selectiecriteria konden voldoen. Die beoor-deling heeft er niet toe geleid dat het maatregelenpakket ook kon wordenaangevuld met operationele procedures. Er waren namelijk geenprocedurele maatregelen die uiterlijk per november 2025 geïmplemen-teerd konden worden. Zoals de Europese Commissie ook onderschrijft, ishet aanpassen van huidige en opzetten van nieuwe procedures vaak eenlangdurig traject, dat in dit geval niet voor de uiterlijke datum vannovember 2025 afgerond kan worden.Voor NADP2 geldt dat dit nu al bijna volledig wordt toegepast, dit zou dusop dit moment al moeten leiden tot een beperking van geluid. Verderetoepassing is niet tot nauwelijks mogelijk en inderdaad niet volledigafdwingbaar, daarnaast geldt dat verschillende start procedures opverschillende plekken leiden tot meer of minder overlast. Daarom isverdere of andere toepassing hiervan nu geen onderdeel van hetvoorliggende maatregelenpakket.21. Vraag:De leden van de BBB-fractie lezen dat de EC opmerkt dat de limiet van478.000 vliegbewegingen ervoor zorgt dat de autonome ontwikkelingen inde sector na november 2025 kunnen bijdragen aan geluidsreductie. Kande Minister aangeven in hoeverre de noodzaak van de rigoureuze limietvan 478.000 vliegbewegingen opnieuw overwogen is, in het licht van hetdoor de EC geconstateerde potentieel van autonome ontwikkelingen incombinatie met de reeds geplande operationele maatregelen? Kan deMinister aangeven welke alternatieve scenario’s serieus overwogen zijn incombinatie met een maximale benutting van vlootvernieuwing enoperationele verbeteringen?Antwoord:De Europese Commissie benoemt dat de autonome ontwikkelingenkunnen bijdragen aan het behalen van geluidsreductie nadat er eenmaximale capaciteit vast is gelegd, dus na de invoering van de maatre-gelen zoals nu in de kennisgeving in fase 1. Omdat die opmerking niet zietop het pakket voor fase 1, heeft er geen heroverweging plaatsgevondenvan de genotificeerde maatregelen. Dus ook niet van de capaciteitsre-ductie.22. Vraag:De leden van de BBB-fractie lezen dat er een beperkte wijzing komt vanhet LVB. Is de Minister van mening dat deze beperkte wijziging van hetLVB voldoende is om aan de bezwaren van de EC tegemoet te komen,gezien de substantiële kritiekpunten van de EC op de gevolgde procedure?Zo nee, welke aanvullende stappen zijn noodzakelijk en binnen welketermijn kunnen deze van kracht worden?Antwoord:De beperkte wijziging van het LVB leidt er toe dat de maximale capaciteitop Schiphol ook daadwerkelijk op korte termijn wordt verankerd. Naast dewijziging van het LVB wordt er ook gewerkt aan een ministeriële regelingvoor het weren van lawaaiige toestellen. Ook worden er afsprakengemaakt met Schiphol en KLM over de maatregelen tariefdifferentiatie,additionele vlootvernieuwing en het gebruik van de stilste toestellen in denacht. Daarnaast zal het kabinet in een reactie reageren op de door deEuropese Commissie gesignaleerde elementen. Daarmee is de balancedapproach-procedure afgerond. De reactie op het besluit van de EuropeseCommissie zal met de Kamer worden gedeeld. Dit alles tezamen biedt hetkader om tegemoet te komen aan de door de Europese Commissiebenoemde verbeterpunten. Dat gebeurt niet alleen via de beperktewijziging van het LVB zoals de leden van de BBB lijken te veronderstellen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53817 Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van het CDA23. Vraag:De leden van de CDA-fractie lezen dat Nederland wordt gevraagd in iedergeval aandacht te besteden aan de volgende punten: hoe General Aviationbijdraagt aan het terugdringen van geluid, welke effecten autonomeontwikkelingen op Schiphol hebben en de operationele maatregelen diezijn overwogen. Deze leden zijn benieuwd hoe deze drie elementenworden onderbouwd. Deze leden vragen ook of de onderbouwing vandeze drie elementen nog aan de Kamer wordt voorgelegd, voordat ze perbrief naar de EC gaan.Antwoord:In antwoord op gelijkluidende vragen van de leden van de VVD-fractie isingegaan op de inhoudelijke punten die de Europese Commissie in haarbesluit heeft aangestipt. Om te voldoen aan de uitspraak van de rechter inde zaak van de stichting Recht op Bescherming tegen Vliegtuighinder,dienen de resultaten van de balanced approach-procedure zo snelmogelijk te worden geïmplementeerd en vastgelegd. Om per november2025 het maximumaantal vliegtuigbewegingen te kunnen vastleggen, iseen versnelde wijziging van het LVB nodig. Hiervoor geldt een kraptijdspad. Om dit tijdspad te halen, wordt op 3 april de voordracht voor deRaad van State in procedure gebracht richting het Kabinet van de Koning.Vragen en opmerkingen van de leden van de Partij voor de Dieren24. Vraag:In de vragen van deze leden over het LVB gaf de Minister aan dat er eenbrede belangenafweging is gemaakt in het kader van het voorontwerp vanhet LVB op grond van het Europees Verdrag voor de Rechten van deMens. Deze leden vragen of de Minister deze belangenafweging kandelen, met daarbij specifiek uitgeschreven om welke belangen het preciesgaat (mensenrechten, natuur, klimaat, gezondheid, milieu, dieren – ganzenworden nu vergast voor ruimte voor luchtvaart – etc.), welke stakeholderszijn betrokken en per stakeholder hoe vaak ze zijn gesproken, wat huninbreng is geweest, hoe deze belangen precies zijn gewogen en hoe hijdaarmee tot de 15% is gekomen.25. Vraag:Hoe is de ernstige staat van natuur (stikstofcrisis) en klimaat (het halenvan wettelijke klimaatdoelen door Nederland en feit dat we achterlopen)in de belangenafweging meegenomen en gekwantificeerd?Antwoord:Het kabinet heeft gedurende de balanced approach-procedure steeds blijkgegeven van een brede en zorgvuldige afweging van alle betrokkenbelangen. Het resultaat van die belangenafweging is te lezen in denotificatie zoals deze op 4 september 2024 aan de Europese Commissie isaangeboden. Deze stukken zijn ook met de Kamer gedeeld. Daarbij is eenafweging gemaakt tussen het economische belang van de luchthavenSchiphol enerzijds en het belang van omwonenden op een schone engezonde leefomgeving anderzijds. Ook bij het bepalen van het geluidsdoelvan 20% op het etmaal en 15% in de nacht heeft een belangenafwegingplaatsgevonden. Het kabinet wil zo de belangen tussen omgeving, milieu,netwerkkwaliteit en economie rond luchthaven Schiphol opnieuw metelkaar in balans brengen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53818 In de toekomst wil het kabinet blijvend kunnen sturen op milieunormen.De uitstoot van geluid moet van jaar tot jaar afnemen, zodat de negatieveeffecten van de luchtvaart op de omgeving ook blijven dalen.26. Vraag:Kan de Minister de netto maatschappelijke baten en kosten (inclusiefnatuur, klimaat, milieu) delen van het scenario van de 15% reductie, en hetscenario van 20% reductie en wat het met de brede maatschappelijkebaten zou doen als we een hogere reductie zouden bewerkstelligen?Antwoord:Voor de balanced approach-procedure is geen maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) opgesteld. De Geluidsverordening schrijft voor datde maatregelen beoordeeld moeten worden op kosteneffectiviteit, en datde maatregelen in volgorde van de kosteneffectiviteit moeten wordengenomen om de doelstellingen inzake de geluidsbeperking te verwezen-lijken. De studie naar de kosteneffectiviteit van het maatregelenpakket isals bijlage bij het notificatiedocument voor de balanced approach-procedure openbaar gemaakt.327. Vraag:De leden van de Partij voor de Dieren-fractie vragen ook hoe de Ministerertoe is gekomen dat 15% geluidsreductie voldoende gezondheidswinstgaat boeken voor omwonenden. Zijn hiervoor gezondheidsexpertsgeraadpleegd? Voor de gezondheidsproblemen rondom Tata Steel is deonafhankelijke Expertgroep Gezondheid IJmond opgericht, die adviezengeeft aan de overheid, zodat de overheid weet wat voldoende borging isvoor de gezondheid. Is de Minister bereid om zo’n expertgroep voorluchtvaart op te richten? Is hij anders bereid simpelweg om experts op hetgebied van gezondheid te laten vragen wat vanuit luchtvaartbeleidminstens nodig is om de gezondheid van omwonenden voldoende tebeschermen (en dus welke reducties van wat daar precies bij horen)? Zonee, waarom weigert de Minister de Kamer van alle benodigde informatiete voorzien op basis waarvan de Kamer echt goed afgewogen besluitenkan maken?Antwoord:De 15% geluidsreductie is de eerste fase binnen de doelstelling omuiteindelijk 20% geluidbelasting te reduceren. In de hoofdlijnenbriefSchiphol heeft het kabinet aangegeven dat, naast het doorlopen van debalanced approach-procedure, er verder wordt ingezet op een voortdu-rende vermindering van externe effecten, waaronder geluid.4In de toekomst wil het kabinet niet meer sturen op een maximumaantalvliegtuigbewegingen, maar op milieunormen. De uitstoot van geluid moetvan jaar tot jaar afnemen, zodat de negatieve effecten van de luchtvaartop de omgeving ook blijven dalen. Hiermee kunnen we de balans tussenSchiphol en de omgeving blijvend bewaken. En binnen deze kadersontstaat er ook perspectief voor de luchtvaartsector. Bij de ontwikkelingvan het nieuwe stelsel voor vliegtuiggeluid is een klankbordgroep waarinzowel de luchtvaartsector, als omwonenden en maatschappelijkeorganisaties zitting hebben.28. Vraag:De leden van de Partij voor de Dieren-fractie vragen of het klopt dat debalanced approach in feite een motiveringsprocedure is waar goedeonderbouwing en bewijslast van de lidstaat wordt gevraagd, maar3Kamerstukken II 2022/23 29 665, nr. 4814Kamerstukken II 2021/22 29 665, nr. 432Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53819 waaraan geen consequenties door de EC kunnen worden gehangen, als zede motivering niet goed vindt. Moet een lidstaat het antwoord van de ECafwachten, voordat hij met de maatregelen aan de slag gaat, of kan hij alvoordat het antwoord er is aan de slag (graag dit antwoord met verwijzingnaar concrete tekst met regels hierover onderbouwen)?Antwoord:Artikel 8, derde lid, van verordening 598/2014 schrijft niet voor datNederland een antwoord van de Europese Commissie moet afwachtenalvorens de exploitatiebeperking in te voeren. Dit is ook terug te lezen inartikel 1, tweede lid, van het besluit van de Europese Commissie. Na hetinformeren van de Europese Commissie over hoe Nederland voornemensis om te gaan met de door de Commissie geconstateerde punten, is debalanced approach-procedure zoals in de verordening voorgeschrevenafgerond.29. Vraag:Kan de Minister reflecteren op het feit dat uitbreiding van het aantal slots,extra nachtvluchten of zelfs een eventuele opening van een nieuwvliegveld wel nationaal geregeld mag worden, terwijl eventuele afscha-lingen via een «balanced approach»-procedure geregeld moeten wordenen ingewikkeld zouden zijn om terug te draaien? Hoe is deze situatieontstaan? Moet er daarom niet extra zorgvuldig gekeken worden naar elkeeventuele uitbreiding?Antwoord:Ook de ontwikkeling of groei van de luchtvaart in Nederland moetzorgvuldig gebeuren. En ook dan moeten alle betrokken belangenzorgvuldig worden gewogen. In de toekomst wil het kabinet niet meersturen op een maximumaantal vliegtuigbewegingen, maar op milieu-normen. De uitstoot van geluid moet van jaar tot jaar afnemen, zodat denegatieve effecten van de luchtvaart op de omgeving ook blijven dalen.Hiermee kunnen we de balans tussen Schiphol en de omgeving blijvendbewaken. En binnen deze kaders ontstaat er ook perspectief voor deluchtvaartsector.30. Vraag:De leden van de Partij voor de Dieren-fractie viel het op dat de EC geenopmerkingen heeft over het geluidsreductiedoel en het aantal vluchten.Zou het niet in de lijn der verwachting liggen dat de EC ook akkoord zouzijn gegaan met een ambitieuzer doel van geluidsreductie, waardoor forsminder omwonenden last zouden krijgen van het lawaai?Zo ja, zou het dan niet in de lijn der verwachting liggen dat ze ook geenopmerkingen zou hebben over een echte vermindering van het aantalvluchten naar bijvoorbeeld 400.000 of 350.000 vluchten, omdat diereductie dan nodig is om dat ambitieuzere doel te halen?Zo nee, waar baseert de Minister dat antwoord op?Is het mogelijk om de EC te vragen om op papier te zetten wat ze zouvinden van verschillende krimpscenario’s waarin de gezondheid vanomwonenden en hun leefomgeving beter beschermd worden?Op deze manier zou het gesprek in Nederland met meer informatiekunnen worden gevoerd. Kan hij dit verzoek aan de EC voorleggen enhierover aan de Kamer terugkoppelen?Antwoord:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53820 Volgens de Europese Verordening 598/2014 staat het lidstaten vrij om zelfeen geluidsdoel vast te stellen. In de hoofdlijnenbrief Schiphol die op24 juni 2022 aan de Kamer is gestuurd en de daarop volgende voort-gangsbrieven is de Kamer geïnformeerd over de belangenafweging dieten grondslag lag aan het maatregelenpakket waarover de EuropeseCommissie nu een besluit heeft genomen. Maatregelen die volgen uit elkander geluidsdoel zullen volgens artikel 5 paragraaf 3 van de Verordeningworden getoetst door Europese Commissie, waarbij het uitgangspunt isdat eerst alle alternatieve maatregelen onderzocht moeten wordenalvorens wordt overgegaan tot een capaciteitsreductie. Het kabinet zet nuin op het vastleggen van de uitkomsten van de balanced approach-procedure. Het ligt niet voor de hand om andere krimpscenario’s inbeschouwing te nemen en deze voor te leggen aan de EuropeseCommissie.31. Vraag:Hoe gaat de Minister reageren op de reactie van de EC? Kan hij toezeggendat hij zijn reactie eerst met de Kamer bespreekt, voordat hij deze naar deEC stuurt?Antwoord:In antwoord op gelijkluidende vragen van de leden van de VVD-fractie isingegaan op de inhoudelijke punten die de Europese Commissie in haarbesluit heeft aangestipt. Om te voldoen aan de uitspraak van de rechter inde zaak van de stichting Recht op Bescherming tegen Vliegtuighinder,dienen de resultaten van de balanced approach-procedure zo snelmogelijk te worden geïmplementeerd en vastgelegd. Om per november2025 het maximumaantal vliegtuigbewegingen te kunnen vastleggen, iseen versnelde wijziging van het LVB nodig. Hiervoor geldt een kraptijdspad. Om dit tijdspad te halen, wordt op 3 april de voordracht voor deRaad van State in procedure gebracht richting het Kabinet van de Koning.32. Vraag:Kunnen deze leden ervan uitgaan, ook gezien de rechterlijke uitspraak datomwonenden jarenlang niet voldoende beschermd zijn, dat de Ministerhet (al afgezwakte) voorstel niet verder afzwakt?Antwoord:Het is nog steeds de ambitie om het genotificeerde maatregelenpakket per1 november 2025 ongewijzigd in werking te laten treden.33. Vraag:Staat er in Europa een moment gepland om de huidige «balancedapproach»-procedure, die uit 2014 stamt, te herzien? Zo ja, wanneer? Zonee, is de Minister bereid om aan te geven dat Nederland graag eenherziening wil? En als de Minister het antwoord hierop niet weet, wil hijdit dan in Europa navragen?Antwoord:Bij het ministerie is geen voornemen van een wijziging van de Veror-dening bekend. Wel wordt bij herziening van andere verordeningen, zoalsde luchtdienstenverordening en de slotverordening, gekeken naar hoedeze verordeningen beter aan kunnen sluiten bij de balanced approach-Verordening. Bij deze herzieningen zal meegewogen worden of eraanleiding is om ook de balanced approach-Verordening te herzien.Vragen en opmerkingen van de leden van de fractie van JA2134. Vraag:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53821 Het lid van de JA21-fractie vraagt de Minister of verdere krimp nognoodzakelijk is om de geluidsdoelstellingen te behalen, als de vlootver-nieuwing vanaf november 2024 wordt meegenomen, zoals de EC verzoektin haar besluit van 5 maart.Indien verdere krimp toch nodig blijkt, op welke omvang komt de Ministerdan uit? Is hiervoor een berekening gemaakt? Zo ja, is de Minister bereiddeze berekeningen met de Kamer te delen? Zo nee, waarom niet?Antwoord:De Europese Commissie doet niet het verzoek om vanaf november 2024autonome ontwikkelingen ook mee te nemen, dus dit leidt daarom ookniet tot een wijziging van het voorliggende pakket, voor de invulling vande eerste 15%.Het bepalen van het doel is aan de lidstaat, en conform de balancedapproach-procedure is vervolgens gekeken naar maatregelen binnen allecategorieën van de balanced approachprocedure om invulling aan dezedoelstelling te geven.35. Vraag:Waarom wordt vastgehouden aan de reductie tot 478.000 vliegtuigbewe-gingen, terwijl uit het besluit van de EC van 5 maart blijkt dat capaciteits-beperkingen binnen de balanced approach alleen zijn toegestaan wanneeralle andere geluidsreducerende maatregelen volledig zijn benut?Antwoord:Het klopt niet dat er niet gekeken is naar meer of aanvullende operationelemaatregelen. Nadrukkelijk is ook gekeken of met de nieuwe invoerings-datum van november 2025 operationele procedures aan de voorwaardenvan de selectiecriteria konden voldoen. Die beoordeling heeft er niet toegeleid dat het maatregelenpakket ook kon worden aangevuld metoperationele procedures. Er waren namelijk geen procedurele maatre-gelen die uiterlijk per november 2025 geïmplementeerd konden worden.Zoals de Europese Commissie ook onderschrijft is het aanpassen vanhuidige en opzetten van nieuwe procedures vaak een langdurig traject,dat in dit geval niet voor de uiterlijke datum van november 2025 afgerondkan worden.36. Vraag:Houdt de Minister rekening met juridische procedures of tegenmaatre-gelen van andere landen, aangezien de EC stelt dat bepaalde elementenonvoldoende zijn meegenomen in de balanced approach?Antwoord:Het nemen van tegenmaatregelen kan nooit helemaal worden uitgesloten.Met het door het kabinet vastgestelde maatregelenpakket is er echtersprake van een beperkte capaciteitsbeperking naar 478.000 vliegtuigbewe-gingen.De slotcoördinator heeft een plan voorgelegd waarmee het niet allocerenvan slots waar historische aanspraken op zijn niet nodig zal zijn om tot devereiste reductie te komen. Dit plan verkleint het risico op tegenmaatre-gelen, omdat de impact van het besluit op de operationele mogelijkhedenvan luchtvaartmaatschappijen hiermee gereduceerd wordt.Omdat andere landen zorgen hebben geuit voor precedentwerking vanreducties, zijn tegenmaatregelen, ook bij een volledig correct doorlopenprocedure niet in het geheel uit te sluiten. Dit is onderdeel geweest van deafwegingen om tot dit besluit te komen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53822 37. Vraag:Hoe borgt de Minister dat, indien de geluidsdoelen strenger uitvallen dannodig en de krimp onnodig groot blijkt, de capaciteit snel kan wordenhersteld? Op welke manier voorkomt de Minister hiermee mogelijketegenmaatregelen van andere landen?Antwoord:Zoals toegezegd wordt de Kamer voor de zomer geïnformeerd over hetplan voor de invulling van de resterende percentages geluidsreductie tot–20% en de bijhorende monitoring. Daarin zal worden opgenomen hoewordt gekeken naar de volgende fase.Daarnaast heeft de slotcoördinator een plan voorgelegd waarmee het nietalloceren van slots waar historische aanspraken op zijn niet nodig zal zijnom tot de vereiste reductie te komen, zonder dat de limiet van478.000 bewegingen overschreden zal worden. Dit kan, omdat een slotniet altijd resulteert in een daadwerkelijke beweging. Omdat volgens hetplan van de slotcoördinator alle historische slots gealloceerd kunnenworden, kan, indien noodzakelijk, ook snel overgegaan worden tot dehuidig geldende situatie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 665, nr. 53823

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 038a7e44f5229a35

14 okt 2026 · bd5ef760c24bb3e7

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.