KamerkringInloggen
Kamerbrief

Uitleg risico op schijnzelfstandigheid in pgb-situatie

8 jul 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie cec4332e9608de75 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 311Zelfstandig ondernemerschapNr. 291 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN ENWERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 8 juli 2025In het Commissiedebat zzp van 3 april (Kamerstuk 31 311, nr. 282) hebbenleden van Uw Kamer gevraagd naar het risico op schijnzelfstandigheid bijparticulieren die zorgverleners inhuren via een persoonsgebonden budget(pgb). Ik heb beloofd hier samen met de Staatssecretaris Langdurige enMaatschappelijke Zorg schriftelijk op terug te komen. In deze brief leg ikuit op basis van welke overeenkomsten een pgb-houder iemand kaninhuren om werkzaamheden uit te voeren, wanneer er een risico is opschijnzelfstandigheid en wat er gebeurt om pgb-houders meer helderheidte verschaffen. Ook geef ik aan wat het plan is om uitvoering te geven aande motie Rikkers-Oostkamp1 die verzoekt om op korte termijn heldere enwerkbare richtlijnen op te stellen en openbaar te maken over de inzet vanzzp’ers binnen het pgb, en daarbij expliciet te maken wat wél kan, zodatzorg niet onnodig stilvalt en deze informatie nog dit jaar te delen met deKamer en relevante instanties.Er zijn meerdere manieren waarop pgb-houders zorgverleners inhuren omzorg te verlenen vanuit het persoonsgebonden budget. De pgb-houderkan een zorgverlener inhuren via een zorginstelling, een overeenkomstvan opdracht of een arbeidsovereenkomst. Alleen bij de inhuur via eenovereenkomst van opdracht speelt het risico op schijnzelfstandigheid.Als sprake is van een zorgovereenkomst met een zorginstelling verlenenmedewerkers van de zorginstelling zorg bij de pgb-houder en is er geenrisico op schijnzelfstandigheid bij de pgb-houder.Als sprake is van een arbeidsovereenkomst, wordt de pgb-houderwerkgever. Op dit moment vallen zorgverleners met een arbeidsovereen-komst nog onder de Regeling dienstverlening aan huis als zij doorgaansminder dan 4 dagen per week werken in het huishouden van eennatuurlijk persoon. Deze regeling bepaalt onder andere dat werknemers1Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 285 kst-31311-291ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2911 niet verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen en dat zijdaar ook geen premies voor afdragen. In de rechtspraak is echtergeoordeeld dat dit ingeval van pgb-zorgverleners in strijd is met Europeesrecht en dat zij verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen.Op dit moment is daarom een wetsvoorstel in voorbereiding waarmeewordt geregeld dat de Regeling dienstverlening aan huis niet langer vantoepassing is op pgb-zorgverleners met een arbeidsovereenkomst. Hetwetsvoorstel is onlangs ingediend bij de Tweede Kamer2.Het risico op schijnzelfstandigheid speelt bij de inhuur van de zorgver-leners op basis van een overeenkomst van opdracht, bijvoorbeeld alszelfstandige of in familieverhoudingen. In deze gevallen kunnenpgb-houders te maken krijgen met de vraag of zij inderdaad een echtezelfstandige inhuren, of dat er in sommige gevallen toch sprake is van eenarbeidsovereenkomst en er bijvoorbeeld premies werknemers-verzekeringen afgedragen moeten worden. Dit risico bestaat momenteelalleen als de Regeling dienstverlening aan huis niet van toepassing is (ziehierboven).Wat zeker is, is dat pgb-houders in alle situaties particulier werkgever ofopdrachtgever zijn. Zij maken vanuit die rol afspraken met zorgverlenersover de zorg en ondersteuning die zij willen ontvangen. Er kan bij eenarbeidsrelatie met een particulier (dus met een pgb-houder) ook sprakezijn van een arbeidsovereenkomst. Om dit te kunnen beoordelen geldende algemene regels voor het vaststellen hiervan3. Er is sprake van eenarbeidsovereenkomst als voldaan is aan de elementen loon, arbeid engezag4.Het belangrijkste element in de beoordeling is of er sprake is van gezag.Budgethouders maken afspraken over de zorg en ondersteuning die zijwillen ontvangen. Wat daarbij lastig is dat er ook bij inhuur van eenzelfstandige aanwijzingen gegeven mogen worden. Het verschil is dat bijde inhuur de aanwijzingen beperkt zijn tot een nadere invulling van deopdracht terwijl bij een arbeidsovereenkomst de aanwijzingen veel brederkunnen zijn.Bij gespecialiseerde werkzaamheden, zoals het uitvoeren van medischehandelingen, ligt het eerder voor de hand dat aanwijzingen van depgb-houder beperkt zijn tot een nadere invulling van de opdracht (buitengezag), terwijl bij werkzaamheden van eenvoudige aard, zoals hulp in hethuishouden, aanwijzingen over de wijze waarop de werkzaamhedenuitgevoerd moeten worden wel voorstelbaar zijn (gezag). Van bredergezag is ook sprake als de pgb-houder bepaalt wat de werktijden zijn, dewerkzaamheden controleert, en functioneringsgesprekken voert. Als depgb-houder deze sturing geeft zijn dat elementen die wijzen op werkenonder gezag, dus als werknemer. Ook is relevant of de zorgverlener zich inhet economisch verkeer als ondernemer gedraagt. Dat betekent dat dezorgverlener het ondernemerschap gebruikt om voor meerdere opdracht-gevers te werken. Als er sprake is van dergelijk ondernemerschap wijsthet dan weer op werken als zelfstandige De mate waarin de werkzaam-heden én de opdrachtnemer onderdeel zijn van de organisatie van deopdrachtgever (inbedding) speelt doorgaans ook een rol in de beoor-deling. Hierbij gaat het onder andere om de vraag in hoeverre deverhouding tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer vergelijkbaar2Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 744, nr. 23– Voorkomen van schijnzelfstandigheid | Zelfstandigen zonder personeel (zzp) |Rijksoverheid.nl– Wanneer is sprake van loondienst?4Artikel 7:610 BWTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2912 is met personeel dat in dienst is bij de opdrachtgever. Daarnaast kaneerder sprake zijn van een arbeidsovereenkomst als het werk eenwezenlijk onderdeel vormt van de bedrijfsvoering van de opdrachtgever.Omdat de zorgverlener komt werken in de privé situatie van de particulieren de activiteiten beperkt zullen zijn tot het doel waarvoor het pgb istoegekend is van inbedding geen sprake.Zoals u leest, is het afhankelijk van de uitvoering of er sprake is schijnzelf-standigheid bij een pgb-houder. Dit hangt af van de individuele omstan-digheid, waarbij bovenstaande elementen van belang zijn. Het kan zo zijndat een pgb-houder meerdere zelfstandigen voor zich heeft werkenwaarbij het voor de ene zelfstandige duidelijk is dat er sprake is van zuiveropdrachtgeverschap en bij de andere zelfstandige toch sprake lijkt vanschijnzelfstandigheid. Als er op basis van alle omstandigheden sprake isvan een arbeidsovereenkomst en de pgb-houder kiest toch voor eenovereenkomst van opdracht is namelijk sprake van schijnzelfstandigheid.Ik snap dat dit voor pgb-houders lastig kan zijn om te beoordelen.Daarom werken we aan meer duidelijkheid en handvatten voorpgb-houders om een goede keuze te maken op welke manier zij hunzorgverleners inhuren. Daarnaast werken SZW en VWS een aantalvoorbeelden uit in de zorg, ook ten aanzien van het inhuren vanpgb-zorgverleners. Er is al een casus uitgewerkt die is gedeeld met debrancheorganisatie. Als hier meer duidelijkheid over is, wordt dealgemene informatie en de informatievoorziening via de site van deSociale Verzekeringsbank samengevoegd. Zo is voor de pgb-houders alleinformatie op één plek terug te vinden. Hiermee geef ik ook uitvoering aande motie.Mede namens de Staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg.De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,Y.J. van HijumTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2913

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 28879fb1b26bf384

14 okt 2026 · b3d8849f046a3769

13 okt 2026 · 8508e4ba40eed5fe

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.