Landenbeleid Eritrea
Brontekst
Versie f8950b65da772c14 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202619 637VreemdelingenbeleidNr. 3527 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ASIEL EN MIGRATIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 1 april 2026Op 18 december 2025 heeft het Ministerie van Buitenlandse Zaken eennieuw algemeen ambtsbericht over Eritrea gepubliceerd. Het ambtsbe-richt geeft aanleiding om het landgebonden beleid voor Eritrea aan tepassen.Landenbeleid EritreaUit het huidige ambtsbericht blijkt de zeer zorgelijke politieke- enmensenrechtensituatie in Eritrea onveranderlijk. Dit uit zich onder meer inde situatie van dienstplichtigen. In de vorige wijziging van het landgebonden beleid voor Eritrea is al opgenomen dat personen die hetmilitaire onderdeel van de nationale dienstplicht moeten vervullensystematisch worden blootgesteld aan ernstige schade. Personen die deciviele dienstplicht moeten vervullen zijn aangemerkt als risicoprofielonder ernstige schade.Uit het huidige ambtsbericht blijkt dat er geen harde scheidslijn is tussenhet militaire onderdeel van de nationale dienstplicht en het civieleonderdeel. Het (bij terugkeer moeten) vervullen van het civiele onderdeelvan de nationale dienstplicht moet gelijk met het militaire onderdeel vande nationale dienstplicht worden aangemerkt als een systematischeblootstelling aan ernstige schade in de zin van paragraaf C2/3.3.2.1 Vc. Hetbeleid wordt hierop aangepast.In het huidige ambtsbericht is ook vermeld dat het verlaten van Eritreatijdens de dienstplichtige leeftijd door de Eritrese autoriteiten wordtbeschouwd als landverraad dat bestraft moet worden. Dienstplichtont-duikers en deserteurs krijgen te maken met zware straffen, waaronderlangdurige detentie en marteling.Personen met de Eritrese nationaliteit die zijn gedeserteerd of denationale dienstplicht hebben ontdoken, zowel het militaire als het civieleonderdeel, worden aangemerkt als personen die behoren tot een groep kst-19637-3527ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 35271 die systematisch worden vervolgd. Zij komen -behoudens contraindicaties- in aanmerking voor bescherming op grond van artikel 29,eerste lid, aanhef en onder a, Vreemdelingenwet 2000.De Vreemdelingencirculaire 2000 onder paragraaf C7/13 zal hierop wordenaangepast.De Minister van Asiel en Migratie,G. van den BrinkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 35272
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.