Verzamelbrief welzijn dieren buiten de veehouderij
Brontekst
Versie 7da8f27526652ffb · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202628 286DierenwelzijnNr. 1416 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ,VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 januari 2026Met deze brief informeer ik de Kamer over de voortgang op een aantaldierenwelzijnsonderwerpen, moties en toezeggingen die gaan over dierenbuiten de veehouderij. De volgende onderwerpen komen aan bod:Honden en katten–Toezegging informeren over alle maatregelen inzake bijtincidenten methonden en specifiek ingaan op het afstammingsbewijs van honden enhet diagnoseregistratiesysteem (TZ202510-064)–EU-verordening welzijn en traceerbaarheid van honden en katten–Houdverbod katten met vouworen en naaktkatten–Houdverbod extreem kortsnuitige hondenUitwerking AMvB’s–Verbod wedstrijden, tentoonstelling en keuringen met rechtmatiggecoupeerde honden en paarden–Motie-Teunissen inzake een verbod op alle dieronvriendelijk hulp- entrainingsmiddelen (Kamerstuk 36 163, nr. 13)Verantwoord houderschap–Campagne «Zo schattig dat het pijn doet»Wildopvang–Uitvoering amendement financiering wildopvangcentra (Kamerstuk36 725 XIV, nr. 14)–Toezegging informeren over de gesprekken met gemeenten enprovincies over financiering van wildopvang (TZ202510-060) kst-28286-1416ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14161 Honden en kattenVoortgang aanpak bijtincidentenTijdens het Commissiedebat van 2 oktober 2025 (Kamerstuk 28 286,nr. 1404) heb ik toegezegd de Kamer te informeren over de voortgang opalle vier de maatregelen tegen bijtincidenten met honden, en daarbijspecifiek in te gaan op het afstammingsbewijs voor honden met bepaaldekenmerken, en het diagnoseregistratiesysteem (TZ202510-064).Landelijk meldpunt hondenbetenOm bijtincidenten effectief aan te pakken is het belangrijk om een beterbeeld te krijgen van de aard en omvang van de bijtproblematiek inNederland. Mijn ambitie is om dit via twee sporen te doen: het landelijkmeldpunt hondenbeten én het structureel ophalen van beschikbare dataover bijtincidenten bij partijen die hier nu al over beschikken, bijvoorbeeldgemeenten. Zo ontstaat een steeds vollediger beeld van de aantallen ensoorten incidenten met honden in heel Nederland, wat gebruikt kanworden ter onderbouwing van nieuw beleid.Op 13 januari 2026 is het landelijk meldpunt hondenbeten live gegaan. Hetmeldpunt is te vinden op de website van de Rijksoverheid, viarijksoverheid.nl/meldpunthondenbeten en biedt een plek voor iedereenom gevaarlijke situaties of incidenten met honden te registreren, zoalsbetrokkenen, slachtoffers, getuigen, (zorg)professionals, enzovoort. Opdeze manier is er ook plek voor de ervaringen die via reguliere meldstruc-turen niet in beeld komen. Ik roep iedereen op gevaarlijke situaties ofincidenten te melden. Hoe meer er geregistreerd wordt, des te beter hetbeeld van de problematiek wordt. Zo kunnen maatregelen nog beteraansluiten op de praktijk. Deze meldingen worden alleen gebruikt vooranalysedoeleinden en beleidsvorming, niet voor handhaving. Voor debenodigde actie op lokaal niveau kan bij de gemeente of politie wordengemeld. Bedoeling is de effectiviteit van het meldpunt te evalueren,wanneer hiervoor voldoende gegevens beschikbaar zijn.AfstammingsbewijsOm het risico op een ernstige beet te minimaliseren werk ik aan eenverplicht afstammingsbewijs voor honden met bepaalde risicokenmerken.Dat kunnen kenmerken zijn die ervoor zorgen dat een beet ernstig kan zijnof kenmerken die het waarschijnlijker maken dat de hond zal bijten. Deinsteek is om voor de honden met deze kenmerken een afstammings-bewijs met voorwaarden te verplichten, om te zorgen dat deze hondenverantwoord gefokt, gesocialiseerd en gehabitueerd1 worden. Ik hebdaarom een onderzoeksbureau gevraagd onderzoek te doen naarrisicokenmerken bij honden die de kans op ernstige beten vergroten. Voorhonden met deze risicokenmerken zal een afstammingsbewijs verplichtgesteld worden. Het onderzoek start in 2026 en heeft een verwachtedoorlooptijd van minimaal een jaar. Parallel zal ook het afstammings-bewijs verder worden uitgewerkt.Tijdens het Commissiedebat van 2 oktober 2025 vroeg het lid VanGroningen (VVD) of het diagnose registratiesysteem van dierenartsen(PetScan) zal worden benut voor het afstammingsbewijs voor honden metbepaalde kenmerken. Bij de verdere uitwerking wordt bekeken of een1Bij habituatie went een hond aan alledaagse prikkels, zoals geluiden of voorwerpen, en leert dehond dat deze geen gevaar opleveren. Daardoor zal de hond er na verloop van tijd minder ofhelemaal niet meer op reageren.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14162 systeem zoals PetScan, waarin dierenartsen DNA-onderzoek en erfelijkeziektes registreren, een aanvulling kan zijn op het afstammingsbewijs. Ikbeschouw toezegging TZ202510-064 hiermee als afgedaan.Landelijk geldende aanlijn- en muilkorfplichtOp verzoek van de Kamer geef ik daarnaast prioriteit aan een landelijkgeldende aanlijn- en muilkorfplicht en de verplichte cursus (motie Kostic´,Kamerstuk 28 286, nr. 1363). Op dit moment is het al zo dat indien eenrechter via het strafrecht een aanlijn- en/of muilkorfplicht oplegt dezelandelijk geldt. Deze opgelegde maatregel wordt gegeven in combinatiemet een voorwaardelijke straf. Daarnaast kan een burgermeester op basisvan de APV een gebod voor aanlijnen of muilkorven opleggen voorhonden die zich gevaarlijk gedragen voor de eigen gemeente, maar deverplichting geldt dan niet automatisch ook in andere gemeenten. Om eendoor een burgermeester opgelegde aanlijn- en muilkorfplicht landelijk telaten gelden en hierop bestuursrechtelijk te kunnen handhaven is hetnodig een specifieke wettelijke bevoegdheid te creëren. Dit vraagt eenwetswijziging met een doorlooptijd van minimaal 2 jaar. Voor eensluitende handhaving is daarnaast een verplichte landelijke registratienodig van de opgelegde geboden.Om in de tussentijd ook actie te kunnen ondernemen ben ik metgemeenten in gesprek om te bezien welke maatregelen zij zelf op korteretermijn al kunnen nemen. Zij kunnen er bijvoorbeeld voor kiezen omrisicovol gedrag van honden en de opgelegde maatregelen vrijwillig teregistreren in het Landelijk Honden Dossier (LHD). Op deze manier kunnengemeenten elkaar informeren over opgelegde maatregelen aan hondenei-genaren en biedt dit de mogelijkheid om maatregelen van elkaar over tenemen.Verplichte pre-aanschaf cursusDe verplichte cursus heeft als doel het vergroten van kennis bij (toekom-stige) eigenaren over het verantwoord aanschaffen én veilig houden vaneen hond. Een algemene maatregel van bestuur (AMvB) die voorziet in deinvoering van deze verplichting wordt momenteel voorbereid. Hetontwerp hiervan zal naar verwachting later dit jaar voorgelegd worden terinternetconsultatie.Daarnaast is een start gemaakt met het in kaart brengen hoe eendergelijke cursus effectief opgezet kan worden, en op basis van welkevereisten de inhoud bepaald gaat worden. Ik kijk hierbij onder andere naarervaringen in andere lidstaten. Ook is een groep inhoudelijk expertsgevraagd aan te geven welke elementen naar hun inzicht minimaal terugzouden moeten komen in een dergelijke cursus. Zodra er inhoudelijkconcrete ontwikkelingen zijn, wordt de Kamer hierover informeren.EU-verordening welzijn en traceerbaarheid van honden en kattenOp 25 november 2025 heeft het Raadsvoorzitterschap een voorlopigakkoord bereikt over de EU-verordening welzijn en traceerbaarheid vanhonden en katten. Op 10 december 2025 heeft het Comité van PermanenteVertegenwoordigers van de lidstaten bij de Europese Unie (Coreper)ingestemd met deze tekst. De voorzitter van het Coreper heeft een briefnaar de voorzitter van de AGRI-commissie gestuurd om deze te infor-meren dat, indien het Europees Parlement in eerste lezing zijn standpuntover de finale compromistekst exact conform vaststelt, de verordening zalworden aangenomen. De verordening zal twintig dagen na publicatie inhet Publicatieblad van de Europese Unie in werking treden, en zal tweeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14163 jaar daarna van toepassing zijn. Enkele artikelen zullen later vantoepassing worden, waaronder de artikelen die nog worden uitgewerkt ingedelegeerde handelingen. Ik ben erg blij met dit mooie resultaat. Door deverscheidene vereisten die zijn vastgelegd in de verordening ten aanzienvan identificatie en registratie van honden en katten en erkenning vanfokbedrijven, zal illegale handel effectiever bestreden kunnen worden.Daarnaast zal het dierenwelzijn in alle lidstaten beter geborgd zijn door devereisten met betrekking tot kennis en kunde van dierverzorgers enhuisvesting van honden en katten. De verordening bevat ook verbodenten aanzien van fokken met en tentoonstellen van honden en katten metschadelijke kenmerken en het gebruik van dieronvriendelijke hulp- entrainingsmiddelen, waardoor het dierenwelzijn in de EU aanzienlijk zalverbeteren.Houdverbod katten met vouworen en naaktkattenAlle katten met vouworen en naaktkatten lijden onder hun uiterlijkekenmerken. Ik ben dan ook blij dat op 31 oktober 2025 het houdverbodvoor katten met vouworen en naaktkatten in het Staatsblad is gepubli-ceerd (Staatsblad 2025, 288). Op 11 november 2025 is ook de regelinggepubliceerd waarin de boetecategorieën zijn aangewezen voorovertreding van het verbod (Staatscourant nr. 38354). Het houdverbod isop 1 januari 2026 in werking getreden. Vanaf dat moment mogen er geennieuwe katten met vouworen en naaktkatten meer aangeschaft worden.Het was al verboden om deze dieren te fokken in Nederland. Er geldt eenovergangsregeling voor katten die vóór1 januari 2026 al gehouden werden en ook voor die datum gechipt zijn omdit aan te tonen. Katten die onder het overgangsrecht vallen mogenverhandeld worden, maar ze mogen niet deelnemen aan wedstrijden,tentoonstellingen en keuringen. Dierenartsen mogen alle katten metvouworen en naaktkatten gewoon behandelen en er is geen meldplicht.Als houder ben je verplicht om je dier de nodige zorg te verlenen, ik roephouders dan ook op om de dierenarts niet te mijden. Asielen mogenverboden katten incidenteel opvangen en herplaatsen, in dat geval moetde nieuwe eigenaar een verklaring van het asiel krijgen waarmeeaangetoond wordt dat de kat geadopteerd is. Het is namelijk niet in hetbelang van het dierenwelzijn als een kat levenslang in het asiel moetverblijven. Overtreding van het houdverbod kan beboet worden met eenbestuurlijke boete van categorie 2 (€ 1.500,–) per kat. Overtreding van hetverbod op wedstrijden, tentoonstellingen en keuringen kan beboetworden met een boete van categorie 1 (€ 500,–) per kat.Houdverbod extreem kortsnuitige hondenIn het kader van de motie-Graus en Kostic´ (Kamerstuk 36 600 XIV, nr. 36),waarin de regering wordt verzocht een handel- en houdverbod in testellen voor dieren die niet mogen worden gefokt in Nederland, heb iktijdens het tweeminutendebat dieren buiten de veehouderij op5 december 2024 toegezegd om de Kamer te laten weten of het mogelijkis om een houdverbod voor kortsnuitige honden in te stellen en hoe dat erdan uit zou komen te zien. Zoals ik in de verzamelbrief welzijn dierenbuiten de veehouderij – overig (Kamerstuk 28 286, nr. 1397) heb aange-geven, is dit ingewikkeld omdat niet alle kortsnuitige honden lijden en ermomenteel geen valide kenmerk is waarop een houdverbod voor extreemkortsnuitige honden kan worden gebaseerd. De criteria voor de fokkerij,waarmee het onderscheid tussen normaal en extreem kortsnuitig kanworden gemaakt, zijn namelijk pas vanaf een leeftijd van 1 jaarbetrouwbaar te bepalen. Het is nu dus niet mogelijk om aan een puppy tezien of deze uiteindelijk aan de normen zal gaan voldoen of niet. Dit is welnoodzakelijk om een houdverbod in te kunnen stellen. Een koper kan dusTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14164 ook niet aan een puppy zien of deze al dan niet extreem kortsnuitig is,waardoor er veel ruimte is voor misleiding door handelaren. Daarom hebik het Expertisecentrum Genetica Diergeneeskunde van de UniversiteitUtrecht gevraagd om onderzoek te doen naar de voorspellende waardevan uiterlijke- en DNA-kenmerken bij kortsnuitige pups. Ik roep mensendie een kortsnuitige pup kopen op om mee te doen aan dit belangrijkeonderzoek, alleen met voldoende metingen kunnen we stappen zettenrichting gezonde kortsnuiten. Dit onderzoek zal twee jaar duren, aangeziende ontwikkeling van kortsnuitige puppy’s gevolgd moet worden. Als ereen of meerdere geschikte kenmerken uit het onderzoek komen, zaldaarna een AMvB moeten worden opgesteld om een houdverbod voorextreem kortsnuitige honden te realiseren.Uitwerking AMvB’sVerbod wedstrijden, tentoonstelling en keuringen met rechtmatiggecoupeerde honden en paardenBij de Wet aanpak dierenmishandeling en dierverwaarlozing in 2024 is debevoegdheid in de Wet dieren opgenomen om lichamelijke ingrepen bijdieren bij AMvB aan te wijzen waarmee het verboden is deel te nemenaan en om deze toe te laten tot wedstrijden, tentoonstellingen enkeuringen. Er is een AMvB opgesteld waarin het rechtmatig verwijderenvan een of meerdere staartwervels bij paarden die zijn geboren op of na1 januari 2016 en het rechtmatig couperen van de oren en/of staart bijhonden worden aangewezen als ingrepen waar dit verbod voor zalgelden. Deze AMvB is op 19 december 2025 aan beide Kamers derStaten-Generaal gestuurd in het kader van de voorhang. De AMvB gaatvergezeld van een vrijstellingsregeling voor deelname aan en toelating totsportieve wedstrijden waarbij het uiterlijk op geen enkele wijze wordtbeoordeeld, met honden waarbij de staart met diergeneeskundigenoodzaak (deels) is geamputeerd. Deze vrijstellingsregeling zorgt ervoordat deze honden kunnen blijven profiteren van de welzijnsvoordelen diedergelijke activiteiten met zich meebrengen, zoals regelmatige bewegingen mentale uitdaging. In dezelfde regeling wordt de boetecategorieaangewezen voor overtreding van het verbod op deelname aan entoelating tot wedstrijden, tentoonstellingen en keuringen met dieren dieeen aangewezen ingreep hebben ondergaan. Overtreding van dit verbodzal beboet kunnen worden met een bestuurlijke boete van categorie 2(€ 1.500,–). Om misverstanden te voorkomen raad ik eigenaren vanhonden met een aangeboren korte of afwezige staart aan om bij deelnameaan wedstrijden, tentoonstellingen en keuringen bewijs mee te nemen dater bij dat dier geen ingreep heeft plaatsgevonden.Verbod op dieronvriendelijk gebruik van hulp- en trainingsmid-delen bij honden en paardenTer uitvoering van de motie-Teunissen (Kamerstuk 36 163, nr. 13), die deregering verzoekt alsnog te komen met een AMvB waarmee een verbodwordt ingesteld op alle dieronvriendelijke hulp- en trainingsmiddelen,werk ik aan een AMvB waarin bepaalde vormen van gebruik van de meestrisicovolle middelen worden aangewezen als verboden vorm vandierenmishandeling (Kamerstuk 28 286, nr. 1384). Ik concentreer mijdaarbij op honden en paarden. Hierbij is het van belang om de juistebalans te vinden tussen een verbodsbepaling die ruim genoeg is omexcessen bij incorrect gebruik van risicovolle middelen effectief aan tekunnen pakken, maar ook specifiek genoeg om correct gebruik van dezemiddelen nog steeds toe te staan. In het eerste kwartaal van dit jaar wordtnaar verwachting de bedrijfseffectentoets van de ontwerp-AMvBuitgevoerd, waarna de internetconsultatie kan starten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14165 Om de kennis bij paardentrainers te verbeteren heb ik eerder aangegeveneen afwegingskader te willen ontwikkelen waarmee welzijnsrisico’s bij hetgebruik van hulp- en trainingsmiddelen in kaart kunnen worden gebracht(Kamerstuk 28 286, nr. 1352). In dat kader heb ik gesprekken gevoerd metverschillende door de stichting Opleiding Ruiterfederatie Nederland(ORUN) erkende opleidingen. ORUN bewaakt de kwaliteit van de erkendeinstructeursopleidingen in de paardensport en certificeert en diplomeertinstructeurs. Uit deze gesprekken blijkt dat het curriculum op dezeonderdelen recentelijk vernieuwd is en dat de verschillende onderwijs-instellingen hier steeds meer aandacht aan besteden. Ik heb er dan ookalle vertrouwen in dat de nieuwe generatie instructeurs die een doorORUN erkende opleiding hebben gevolgd de juiste kennis in huis hebbenen deze ook goed over kunnen brengen. Ik zie daarom af van hetontwikkelen van een afwegingskader.Verantwoord houderschapCampagne «Zo schattig dat het pijn doet»Vorig jaar november is de voorlichtingscampagne «Zo schattig dat hetpijn doet» gelanceerd2. Het doel van de campagne was om (toekomstige)huisdiereigenaren bewust te maken dat het aanschaffen van een huisdiereen grote verantwoordelijkheid is en had als pay-off «Kies bewust vooreen dier, dat is beter voor jullie allebei». En riep daarmee (toekomstige)huisdiereigenaren op om zich goed te laten infomeren voordat ze eenhuisdier aanschaffen. Hiervoor is onder andere een online checklist oprijksoverheid.nl beschikbaar en wordt doorverwezen naar het LandelijkInformatiecentrum Gezelschapsdieren (LICG). De campagne hadbijzondere aandacht voor schadelijke uiterlijke kenmerken bij huisdieren,omdat mensen eerder voor het uiterlijk van het dier kiezen dan dat zeletten op het welzijn en de gezondheid. Mensen kwamen de campagne-beelden tegen op plekken waar ze zich oriënteren op een huisdier, zoalsMarktplaats en sociale media. Er is veel media-aandacht geweest. Onlineadvertenties werden goed bekeken en veel mensen zijn naar de campag-nepagina geleid, die in de top drie stond van de meest bezochteLVVN-pagina’s op rijksoverheid.nl van 2025 ondanks dat de pagina passinds november te bezoeken was. Ook op sociale media waren veelreacties. Ik waardeer dat veel stakeholders zoals dierenwelzijn ngo’s,medeoverheden, veterinaire professionals, bracheorganisaties enkinderboerderijen de campagne hebben gedeeld. Dit heeft geholpen in hetbereiken en bewust maken van de (toekomstige) diereigenaar.Ik heb het effect van de campagne laten onderzoeken onder een bredeafspiegeling van de maatschappij. Daaruit blijkt dat het een passendemanier is geweest om mensen voor te lichten. Men vond de campagnegeloofwaardig, opvallend en aansprekend. In het onderzoek is ookgevraagd waar mensen betrouwbare informatie zoeken over hetaanschaffen van huisdieren. Men noemt daarop een aantal betrouwbarebronnen, zoals de dierenarts en het LICG. Wat ook uit de effectmeting naarvoren komt is dat mensen onvoldoende kunnen benoemen welkeschadelijke uiterlijke kenmerken er zijn en dat een deel van de mensenbepaalde kenmerken bij het ras vindt horen, ondanks dat dit schadelijkekenmerken zijn.Zoals eerder aangekondigd (Kamerstuk 28 286, nr. 1397) wilde ik het effectvan de campagne afwachten om te bezien of ik andere maatregelen zoalseen bedenktijd voorafgaand aan de koop van een dier, ga onderzoeken.Nu blijkt dat het effect heeft, wil ik ook dit jaar weer een campagne2www.rijksoverheid.nl/huisdierenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14166 lanceren over verantwoord houderschap van huisdieren. Omdat uit deeffectmeting ook blijkt dat betrouwbare bronnen belangrijk zijn ga ik ingesprek met het LICG om te zorgen dat informatie nog beter vindbaar enbruikbaar wordt voor (toekomstige) houders.WildopvangUitvoering amendement financiering wildopvangcentraIn juli 2025 heeft de Kamer een amendement op de begroting van LVVNaangenomen (Kamerstuk 36 725 XIV, nr. 14). Hiermee stelt het Rijk jaarlijks€ 0,9 miljoen beschikbaar voor de periode 2025–2029, specifiek terondersteuning van de Nederlandse wildopvangcentra. Graag licht ik toehoe ik invulling geef aan dit amendement.De middelen die met het amendement beschikbaar komen zijn hoofdza-kelijk bedoeld als bijdrage voor het aannemen van vakbekwaam personeelbinnen wildopvangcentra. Veel wildopvangcentra staan al langere tijdfinancieel onder druk, dus het is belangrijk dat met de middelen bijge-dragen wordt aan de continuïteit binnen de wildopvang. Het eerste deelvan de middelen is in 2025 beschikbaar gesteld aan de wildopvangcentra.Voor de resterende vier jaar (2026–2029) vind ik het belangrijk dat eenklein deel van de middelen ook wordt besteed aan het verhogen vankwaliteit en/of financiële stabiliteit binnen de wildopvangsector. Sinds deoprichting van de Spreekbuis Wildopvangcentra en Dierenambulances isal veel gedaan aan de professionaliteit en zorgkwaliteit binnen dewildopvang, maar er zijn ook nog veel stappen die gezet kunnen wordenom de basiskwaliteit van de wildopvang als sector te verhogen en desector (financieel) sterker te maken. Dergelijke investeringen dragen bijaan de duurzaamheid van de sector, zodat wildopvangcentra hunessentiële werk in de toekomst kunnen blijven doen. De beschikbaremiddelen kunnen bijvoorbeeld worden ingezet voor het volgen van(financiële) trainingen, de ontwikkeling van een uniform triagesysteem ofhet opstellen van veterinaire richtlijnen en protocollen.Uiteraard blijft de bijdrage voor vakbekwaam personeel het belangrijkstedoel van de middelen. Dit zorgt voor directe verlichting van de financiëledruk, zodat wildopvangcentra zich kunnen blijven richten op hun kerntaak:het opvangen en verzorgen van hulpbehoevende wilde dieren.Terugkoppeling gesprekken met gemeenten en provincies overfinanciering van wildopvangTijdens het Commissiedebat over dieren buiten de veehouderij van2 oktober 2025 heb ik toegezegd de Kamer te informeren over degesprekken met gemeenten en provincies aangaande financiering van dewildopvang (TZ202510-060). Deze gesprekken sluiten aan bij het eerder indeze brief genoemde amendement. In de toelichting van het amendementwordt namelijk gerefereerd aan een voorstel van de SpreekbuisWildopvang en Dierenambulances, waarin provincies en gemeenten ookfinancieel bijdragen aan de wildopvang.Ik heb onlangs met een aantal provincies gesproken over hun (financiële)rol in het wildopvangdossier. Meerdere provincies steunen de wildopvangal financieel, al dan niet structureel. Politieke afwegingen en regionaleverschillen in de prioritering van thema’s bepalen in belangrijke mate of,en in welke mate een provincie de wildopvang financieel ondersteunt.Daarnaast spelen ook andere factoren hierin een rol.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14167 Provincies merken bijvoorbeeld dat de regionale organisatie tussenwildopvangcentra niet altijd optimaal is en dat de professionaliteit enkwaliteit van werken binnen opvangcentra wisselt. Het zou provincieshelpen als wildopvangcentra in deze zaken investeren. Het gaat hierbij omzorgkwaliteit, maar bijvoorbeeld ook om het goed trainen vanmedewerkers van wildopvangcentra in de financiële aspecten van hetbeheren van een opvangcentrum.Daarnaast kan het uitzetten van bepaalde beschermde soorten doorwildopvangcentra in strijd zijn met provinciaal beleid. Voor onder meerexoten geldt een algemeen verbod om zonder omgevingsvergunningdieren uit te zetten (artikel 11.61, van het Besluit activiteiten leefom-geving). Voor invasieve exoten van de Europese Unielijst zijn ook deverboden van de Exotenverordening (1143/2014) van toepassing.Sommige provincies zijn van mening dat invasieve uitheemse soorten inbeginsel al niet moeten worden opgevangen en hebben bezwaren tegenhet financieel ondersteunen hiervan. Provincies vinden het verderbelangrijk dat het uitzetten van beschermde soorten in goed overleg metde provincie gebeurt.Tot slot hebben provincies nog onvoldoende inzicht in de bijdrage van hetwerk van wildopvangcentra aan de instandhouding van opgevangeninheemse of beschermde diersoorten. Mocht uit onderzoek blijken dat dewildopvang hieraan bijdraagt, kan dit provincies motiveren om opvang-centra te ondersteunen.Uiteraard bespreek ik de uitkomsten van het overleg met de SpreekbuisWildopvangcentra en Dierenambulances. Het organiseren van eenbijeenkomst met meerdere gemeenten vergt meer tijd. Dit voorjaar vindengesprekken met gemeenten plaats over hun rol in de financiering vanwildopvang. De uitkomst van dit overleg worden teruggekoppeld aan deKamer.De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,J.F. RummenieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14168
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.