KamerkringInloggen
Kamerbrief

Nota's naar aanleiding van het verslag van het pakket Belastingplan 2026

17 okt 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 0a226f403f77dd3f · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 812Wijziging van enkele belastingwetten en enigeandere wetten (Belastingplan 2026)Nr. 15 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 17 oktober 2025Hierbij stuur ik u de nota’s naar aanleiding van het verslag van het pakketBelastingplan 20261. Daarnaast ga ik hieronder in op de motie VanEijk/Peter de Groot.In de motie Van Eijk/Peter de Groot is verzocht om opties in kaart tebrengen voor het verlagen van de box 3-heffing voor woningen in 2026 en2027.2 Aanleiding voor de motie is de voorgenomen verhoging van hetforfait voor overige bezittingen in box 3, die is opgenomen in hetBelastingplan 2026. Hieronder zal ik ingaan op de achtergrond van devoorgenomen maatregel en mogelijke opties voor het verlagen van debox 3-heffing.In de Kamerbrief van 13 december 2024 is aangekondigd dat de invoeringvan het nieuwe stelsel in box 3, op basis van het bij uw Kameraanhangige wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3, met een jaar zouworden uitgesteld tot 1 januari 2028.3 Hierdoor blijft het forfaitaire stelselmet tegenbewijsregeling een jaar langer van kracht. Dit systeem kent eenaanzienlijke jaarlijkse budgettaire derving, omdat belastingplichtigenjaarlijks voor het meest gunstige systeem kunnen kiezen. In de hiervoorgenoemde brief is toegelicht dat de totale dekkingsopgave in box 3 € 2,55miljard bedraagt.Het kabinet heeft ervoor gekozen om deze budgettaire derving te dekkenmet de voorgestelde aanpassing van het forfait van overige bezittingen eneen verlaging van het heffingvrije vermogen. Deze dekkingsmaatregelenmaken onderdeel uit van het wetsvoorstel Belastingplan 2026. Het forfaitvoor overige bezittingen stijgt per 2026 met 1,78%-punt tot 7,78% en heeft1Kamerstuk 36 812, nr. 16, Kamerstuk 36 813, nr. 7, Kamerstuk 36 815, nr. 8, Kamerstuk 36 816,nr. 6, Kamerstuk 36 817, nr. 6, Kamerstuk 36 818, nr. 6 en Kamerstuk 36 819, nr. 62Kamerstuk 36 800-IX, nr. 11.3Kamerstuk 32 140, nr. 216. kst-36812-15ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 151 een budgettaire opbrengst van € 1.107 miljoen per jaar in 2026 en 2027.Het heffingvrije vermogen wordt met ingang van 1 januari 2026 verlaagdvan € 57.684 naar € 51.396 en leidt tot een budgettaire opbrengst van€ 161 miljoen per jaar in 2026 en 2027. Met de voorgestelde maatregelenwordt de totale budgettaire derving van € 2,55 miljard gedekt over eenperiode van twee jaar, namelijk 2026 en 2027.Belastingplichtigen met een lager werkelijk rendement dan het forfaitairerendement kunnen gebruik maken van de tegenbewijsregeling. Daarmeewordt de budgettaire opbrengst opgebracht door belastingplichtigen inbox 3 met hogere rendementen.In de Kamerbrief van 2 april 2025 is uw Kamer geïnformeerd oververschillende verzachtende opties met het oog op de belastingdruk bijbezitters van onroerende zaken.4Ten eerste is de optie geschetst om het forfait voor overige bezittingenniet te verhogen in 2026 en/of 2027. Het niet verhogen van het forfait opoverige bezittingen leidt tot een derving van € 1.129 miljoen per jaar voorde jaren 2026 en 2027 (ervan uitgaande dat het heffingvrije vermogen welwordt verlaagd). De hoogte van het forfait is een parameterwijziging voorde Belastingdienst en kan daarom worden doorgevoerd zonder extraimpact op het ICT-portfolio van de Belastingdienst. Omdat sprake is vaneen parameterwijziging is deze optie nog steeds uitvoeringstechnischmogelijk. Dit vereist wel dat de budgettaire derving in box 3 op eenandere manier wordt gedekt.Ten tweede is de optie geschetst om de mogelijkheid van kostenaftrek toete voegen in de tegenbewijsregeling voor de jaren 2026 en 2027. Bij debehandeling van de – inmiddels tot wet verheven – Wet tegenbewijsre-geling box 3 is aangegeven dat dit zou zorgen voor een budgettairederving in 2026 en 2027 van cumulatief € 1.135 miljoen. Daarnaast isaangegeven dat dit zou zorgen voor vertraging bij het bieden vanrechtsherstel en tot verdere vertraging van inwerkingtreding van de Wetwerkelijk rendement box 3. Per jaar uitstel zou dit tot een aanzienlijkeaanvullende derving leiden. Ook deze derving zal van dekking moetenworden voorzien. Bovendien hebben vastgoedbeleggers juist aangegevenvoorstander te zijn van een zo snel mogelijke invoering van het nieuwestelsel. Bij de behandeling van de Wet tegenbewijsregeling box 3 is eenamendement om kostenaftrek in te voeren door uw Kamer verworpen.Tot slot is de optie geschetst om de leegwaarderatio te actualiseren. Opbasis van de leegwaarderatio wordt de waarde van woningen in bepaaldeverhuursituaties bijgesteld om rekening te houden met het waardedruk-kende effect van de verhuurde staat van de woning. De leegwaarderatio iseen forfait waarmee wordt getracht de werkelijkheid te benaderen. Het isdus geen beleidsmatige knop waar aan gedraaid kan worden. Hethanteren van een andere leegwaarderatio-tabel kan alleen na nieuwonderzoek. De uitkomsten van dit onderzoek zijn niet vrijblijvend enkunnen zowel leiden tot verhoging of verlaging van de leegwaarderatio.De leegwaarderatio is per 1 januari 2023 geactualiseerd. Deze actualisatiemaakt onderdeel uit van het Nederlandse Herstel- en Veerkrachtplan(HVP). Een besluit om de maatregel terug te draaien vóór 1 januari 2027kan leiden tot een korting op de HVP-middelen die kan oplopen tot € 600miljoen. Bij de behandeling van de Wet tegenbewijsregeling box 3 is demotie Grinwis/Inge van Dijk aangenomen om actualisering van deleegwaarderatio te onderzoeken. Mijn ambtsvoorganger heeft toegezegddit onderzoek uit te voeren na afloop van de periode van het HVP.4Kamerstuk 32 140, nr. 238.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 152 Het kabinet heeft bij de augustusbesluitvorming de voorgesteldelastenmaatregelen integraal gewogen. Het kabinet heeft ervoor gekozenom voor de hiervoor geschetste budgettaire derving in box 3 dekking tezoeken binnen box 3. Aangezien belastingplichtigen met een lagerwerkelijk rendement dan het forfait tegenbewijs kunnen leveren, komtdeze dekking dus terecht bij belastingplichtigen met hogere rendementen.Het kabinet blijft zich verder inspannen voor zo snel mogelijke invoeringvan het nieuwe stelsel in box 3 per 1 januari 2028. Ik wissel graag verdermet u van gedachten over de voorgenomen maatregelen bij de wetsbe-handeling in uw Kamer.De Staatssecretaris van Financiën,E.H.J. HeijnenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 812, nr. 153

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · ae8dfa5b5a335f36

14 okt 2026 · 87fbb8b5bcd6f3dd

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.