Onderzoeksrapport commissaris van de Koning als rijksorgaan
Brontekst
Versie 3bcfb4ec05ecdc89 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2025Nr. 117 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 9 december 2024In opdracht van de Kring van commissarissen en ondergetekende hebbenwetenschappers van de Rijksuniversiteit Groningen een rapport opgesteldover de rol en positie van de commissaris van de Koning als rijksorgaan.Hierbij bied ik u dit rapport getiteld «De rijkstaken van de commissaris vande Koning» aan. Het rapport bevat een verkenning van de huidige en vande toekomstige juridische positionering van de commissaris van deKoning, specifiek voor wat betreft de rol als rijksorgaan.De aanleiding voor het onderzoek was de ogenschijnlijk veranderende rolen positie van de commissaris van de Koning, in het bijzonder alsrijksorgaan. Enerzijds is namelijk de afgelopen jaren een nadrukkelijkerberoep gedaan op de commissaris van de Koning als rijksorgaan,bijvoorbeeld in het kader van de Spreidingswet. Anderzijds bestaat hetvoornemen diens rol op onderdelen (denk aan de rampenbestrijding encrisisbeheersing) te beperken. Deze ontwikkelingen dienen in samenhangte worden bezien met de grotere maatschappelijke en bestuurlijkeopgaven waarvoor de overheid zich de komende jaren gesteld ziet, zoalsde ruimtelijke problematiek, het migratievraagstuk en de stikstofproble-matiek.De onderzoekers stellen ten aanzien van de juridische kaders vast dat dewet- en regelgeving op hoofdlijnen deugdelijk is, maar ook enkeleonvolkomenheden en onduidelijkheden bevat. Tegelijkertijd blijkt uit deinterviews dat dit de commissarissen van de Koning van die onduidelijk-heden in de bestuurlijke praktijk nauwelijks hinder ondervinden. Hetverschaft hen ook ruimte om hun bestuurlijke rol in te vullen. Gegeven debevindingen schetsen de onderzoekers in hun rapportage een aantalscenario’s hoe om te gaan met de rol en positie van de commissarissen. kst-36600-VII-117ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1171 Alvorens daarover een inhoudelijk standpunt in te nemen heb ik de Kringvan commissarissen van de Koning gevraagd om hun appreciatie van debevindingen en aanbevelingen van de onderzoekers. Mede op basisdaarvan zal ik Uw Kamer nader informeren.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,J.J.M. UitermarkTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1172
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.