KamerkringInloggen
Kamerbrief

Gecombineerde beleidsreactie OvV-rapport ‘Oefenen in balans’ en IVD-rapport ‘Dodelijk ongeval met een Fennek’

8 sep 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 5a6f43929d40fd69 · officiële bron

36 800 X Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Defensie (X) voor het jaar 2026 Nr. 119 Brief van de minister en staatssecretaris van Defensie Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 8 september 2026 In het jaar 2025 vonden twee dodelijke ongevallen plaats tijdens militaire oefeningen. Beide ongevallen laten een diepe wond achter bij de families, geliefden en vrienden, die het verlies van hun dierbaren moeten dragen. Ook voor de directe collega’s en de brigades, waarvan beide militairen deel uitmaakten, is de impact groot. Het verlies van een collega is een ingrijpende gebeurtenis die hen direct raakt. Onze steun en medeleven gaat uit naar de nabestaanden en de collega’s. Het is onze morele plicht om niet alleen te handelen naar de lessen uit de rapporten, maar ook om de zorg voor de mens achter de militair centraal te stellen. Het werken bij Defensie gaat gepaard met risico’s, echter ongevallen willen we voorkomen. Ieder slachtoffer is er één te veel. Risicomanagement, leren van incidenten en veiligheid zijn daarom onderdeel van hoe we werken. Defensie heeft naar aanleiding van de ongevallen direct maatregelen genomen. Op 10 juni 2026 hebben wij u het rapport ‘Dodelijk ongeval met een Fennek’ (Kamerstuk 36 800 X, nr. 91) van de Inspectie Veiligheid Defensie (IVD) aangeboden. Ook heeft u op 1 juli 2026 een eerste reactie op het onderzoeksrapport ‘Oefenen in balans’ (Kamerstuk 36 800 X, nr. 94) van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) ontvangen. Met deze Kamerbrief sturen wij u de toegezegde gecombineerde beleidsreactie op beide rapporten. De onderzoeken van de OvV en IVD geven inzichten in de kwetsbaarheden en veiligheidsrisico’s rond oefeningen en verscherpen onze blijvende aandacht hiervoor. Daarom nemen we nemen de aanbevelingen van de OvV en IVD over. Context van de onderzoeken De OvV is naar aanleiding van het dodelijke ongeval op 10 april 2025 een onderzoek gestart en nam het ongeval op 14 oktober 2025 op in het lopende onderzoek. De onderzoeksvraag was: “Waardoor konden de fatale ongevallen tijdens de oefeningen Bastion Lion en Ferocious Bison plaatsvinden?”. De OvV verdiept zich in haar onderzoek in de (on)balans tussen ervaringsopbouw, oefenambitie en aanvullende veiligheidsmaatregelen in de context van de versnelde gereedstelling. Het onderzoek richt zich op de wijze waarop het Commando Landstrijdkrachten (CLAS) op organisatieniveau de risico’s van oefeningen beheerst. De IVD deed onderzoek naar het ongeval van 14 oktober 2025. Daarbij ging het met name om een feitenonderzoek naar de toedracht en gebeurtenissen die direct hebben geleid tot het ongeval. Het IVD-rapport gaat met name in op de technische staat, het ontwerp en gebruik van het voertuig binnen de context van de oefening. Hierbij stelde de IVD de deelvraag: “Welke factoren hadden het ongeval kunnen voorkomen of de gevolgen van het ongeval kunnen beperken?”. Beide onderzoeken zijn deze zomer afgerond en met uw Kamer gedeeld; het IVD-rapport ‘Dodelijk ongeval met een Fennek’ is op 10 juni 2026 gepubliceerd, het OvV-rapport ‘Oefenen in balans’ op 1 juli 2026. In deze beleidsreactie zullen we per onderzoeksrapport de conclusies en aanbevelingen uitlichten en vervolgens onze appreciatie hierop geven. Conclusies en aanbevelingen OvV-rapport ‘Oefenen in balans’ De OvV concludeert dat er bij militaire oefeningen een onbalans is ontstaan tussen de ervaringsopbouw van de oefenende militaire eenheden, de oefenambitie en de mate waarin aanvullende veiligheidsmaatregelen worden genomen. Deze onbalans kan leiden tot een toename van risico’s voor oefenende militairen, waardoor ongevallen kunnen ontstaan. Volgens de OvV ondervinden commandanten belemmeringen om risico’s te doorgronden en te mitigeren en hebben de commandanten bij hun verantwoordelijkheden sturing, ondersteuning en tijd nodig om deze onbalans te kunnen herstellen. In een nadere beschouwing signaleert de OvV binnen het CLAS een aantal collectieve denkbeelden en aannames die de veiligheid kunnen belemmeren. De OvV constateert bijvoorbeeld dat een te binaire houding bij train as you fight ervoor kan zorgen dat een fasering bij de opbouw van oefeningen niet wordt gevolgd. Daarnaast signaleert de OvV in delen van de organisatie een houding waarbij ongevallen worden gezien als onvermijdelijk en een gegeven bij oefeningen. Zij stelt dat dit “ogenschijnlijk normaliseren van ongevallen tijdens oefeningen het streven tegen werkt om de factoren die aan de ongevallen hebben bijgedragen weg te nemen”. De OvV doet in haar rapport drie aanbevelingen. Aan de minister van Defensie doet de OvV de aanbeveling om: 1) op alle betrokken organisatieniveaus te zorgen voor een doorlopende dialoog over de overtuigingen, uitgangspunten, risico’s en randvoorwaarden bij het versneld gereedstellen van militaire eenheden, en daarbij ruimte te bieden aan verschillende perspectieven en kritische tegengeluiden. Aan de Commandant Landstrijdkrachten (C-LAS) doet de OvV de aanbevelingen om: 2) ervoor te zorgen dat commandanten, die zijn aangewezen als werkgever, nog meer geholpen worden bij dit versneld gereedstellen en het organiseren van oefeningen; en 3) om een vaste oefenleiding in te richten die oefeningen en oefenplannen vooraf en tijdens de uitvoering toetst op risico’s en risicobeheersing. Appreciatie van de conclusies en aanbevelingen OvV-rapport ‘Oefenen in balans’ Wij herkennen de bevinding van de OvV dat een onbalans tussen ervaringsopbouw, oefenambitie en veiligheidsmaatregelen tot een toename van risico’s kan leiden. Hieronder gaan we in op de maatregelen die we nemen naar aanleiding van het rapport van de OvV en de maatregelen die we direct na de ongevallen hebben genomen. We benadrukken dat het denkbeeld dat de OvV signaleerde dat “fatale ongevallen er helaas bij horen”, nadrukkelijk niet in lijn is met hoe Defensie kijkt naar de risico’s tijdens oefenen. Ons uitgangspunt is en blijft dat elk ongeval er één te veel is. Gezien de reële dreiging op ons continent — een grootschalige oorlog in Oekraïne en de toenemende onzekerheid in de rest van Europa — blijft Defensie zich optimaal voorbereiden op de uitvoering van hoofdtaak 1. Zoals in onze eerste reactie op het onderzoeksrapport ‘Oefenen in balans’ (Kamerstuk 36 800 X, nr. 94) van 1 juli 2026 is aangegeven, is train as you fight een belangrijk uitgangspunt om ons personeel voor te bereiden op de gevaarlijke omstandigheden bij daadwerkelijke inzet. Aandacht voor veiligheid en risico-afwegingen zijn daarbij essentieel. De zorg voor een veilige werkomgeving is immers een kernverplichting van Defensie, altijd en overal. De aanbeveling om te zorgen voor een doorlopende dialoog over de risico’s rond gereedstelling (aanbeveling 1) begint met de “tone at the top”. Deze “tone” wordt gezet door dit onderwerp te bespreken in de Bestuursraad Veiligheid met de commandanten van de defensieonderdelen. De Bestuursraad Veiligheid leent zich voor reflectie op de denkbeelden en uitgangspunten over risico’s en randvoorwaarden die samenhangen met het versneld gereedstellen. Zo zal bijvoorbeeld worden besproken welke (nieuwe) risico’s de huidige context met zich meebrengt in het licht van de door het OvV genoemde beperkte risicobewustzijn van jongvolwassenen. In de Bestuursraad Veiligheid wordt ook besproken of de, binnen het CLAS, gesignaleerde risico’s ook aanwezig zijn bij activiteiten binnen andere defensieonderdelen en welke gevolgen hieraan moeten worden verbonden. Deze dialoog wordt verder uitgedragen via de commandantenlijn. Met de combinatie van onderstaande maatregelen geeft het CLAS invulling aan de aanbeveling de commandanten te helpen bij het versneld gereedstellen en het organiseren van oefeningen en aan de aanbeveling om een vaste oefenleiding in te richten (aanbevelingen 2 en 3). Aandacht voor aanvangsniveau voorafgaand aan en tijdens de oefening Naar aanleiding van het dodelijke ongeval tijdens de oefening Bastion Lion, heeft de Commandant Landstrijdkrachten direct maatregelen afgekondigd die na een eerste analyse van belang waren voor het verhogen van de veiligheid van oefeningen. Dit heeft ertoe geleid dat commandanten in hun risicoanalyse voorafgaand aan een oefening nadrukkelijker het aanvangsniveau van het personeel betrekken. Er is extra aandacht gevraagd voor het steunen van jonge, minder ervaren collega’s, het uitvoeren van veiligheidsmaatregelen en het creëren van een werkomgeving (command climate) dat bijdraagt aan het bespreekbaar maken van risico’s vanaf lagere niveaus naar de hogere niveaus. Deze maatregelen zijn direct toegepast tijdens de grote militaire oefening Fighter Lion die plaatsvond van 12 mei tot en met 26 juni 2026. De trainingsorganisatie (de organisatie die de oefening evalueert en vaststelt of de oefendoelen worden behaald) heeft tijdens het eerste deel van oefening vastgesteld op welk niveau elke deelnemende eenheid zich bevond om vervolgens in overleg met de oefenorganisatie de oefendoelen hierop bij te stellen voor het tweede en derde deel van de oefening. Focus op basisvaardigheden en hoofdtaak 1 bij initiële opleidingen van het CLAS Veilig oefenen vraagt om voldoende kennis, vaardigheden en ervaring van militairen. De basis daarvoor wordt gelegd in de opleiding. De beschikbare opleidingscapaciteit om militairen op te leiden en ervaring te laten opdoen moet optimaal worden gebruikt. Daarom moeten we moeilijke, maar weloverwogen keuzes maken. Eén van die keuzes is het aanpassen van de initiële opleidingen waarbij basisvaardigheden voorop staan en veiligheid in acht wordt genomen. Hierbij is de focus gelegd op de basis vaardigheden en onderwerpen die relevant zijn voor hoofdtaak 1. De onderwerpen die meer zijn gericht op hoofdtaak 2 worden in de specifieke missie-gerichte opleiding gegeven bij deelname aan een missie. In de analyses en discussies over deze keuze, onder andere in de Landmachtraad, zijn de risico’s hiervan meermaals aan de orde gekomen. De 18-weekse Algemene Militaire Opleiding (AMO) is nu een 10-weekse Basisopleiding Koninklijke Landmacht (BOKL) voor de benodigde militaire basiseisen en -vaardigheden. De opleiding is op deze manier beter ingericht om voorbereid te zijn op hoofdtaak 1. De Initiële Vorming Onderofficieren (IVO) is modulair gemaakt, waarmee de modules beter worden afgestemd op de te verwachten loopbaan en eerder opgebouwde kennis en ervaring van de op te leiden militair. Doordat niet alle militairen alle modules hoeven te volgen, wordt de beschikbare opleidingscapaciteit ook gerichter ingezet. Aanvullende trainingen Door de kortere opleidingstijd is het niveau van de militair bij binnenkomst bij de operationele eenheid lager. De ervaring wordt na plaatsing bij de eenheid verder uitgebouwd en onderhouden door bijvoorbeeld aanvullende trainingen of het doorlopen van extra modules. Dit is maatwerk en afhankelijk van de uit te voeren taken en mogelijke inzet zoals andere taken dan hoofdtaak 1. Tijdens oefeningen beoogt Defensie aansluitend hierop de ervaring van militairen verder te vergroten door de oorlogsomstandigheden zo dicht mogelijk te benaderen. Hierbij leren militairen om ook onder druk en onverwachte omstandigheden hun vaardigheden in te zetten en succesvol opdrachten uit te voeren. Ervaringsopbouw Naar aanleiding van de onderzoeksrapporten en ervaringen met oefeningen ontwikkelt het CLAS de organisatie van trainen en oefenen en past de opbouw van het oefen- en trainingsprogramma aan. Een manier om de ervaring beter op te bouwen is bijvoorbeeld meer aandacht te geven aan het trainen in kleiner verband, tot pelotonsniveau. De nadruk ligt daarbij op het frequenter oefenen van skills and drills, waarvan persoonlijke veiligheid een belangrijk onderdeel is. Door de aanpassingen is de minimale ervaringsopbouw verzekerd die nodig is om verantwoord deel te nemen aan oefeningen in groter verband, tot brigadeniveau. De veiligheidsorganisatie en ondersteuning bij veiligheidslessen Tijdens de oefening Fighter Lion is een veiligheidsorganisatie ingericht die de oefenorganisatie vanuit een onafhankelijke positie adviseert over veiligheidsaspecten die tijdens de oefening een rol kunnen spelen. De veiligheidsorganisatie bestaat uit de veiligheidsadviseurs van de eenheden. De veiligheidsorganisatie heeft de oefening dagelijks gevolgd en geëvalueerd, waarbij indien noodzakelijk werd ingegrepen. Zo is in een vroegtijdig stadium onderkend dat in de loop van de oefening de temperatuur zou gaan oplopen en zijn er maatregelen genomen om het risico op hitteletsel te verkleinen. Deze snelle manier van leren en evalueren zal ook in toekomstige oefeningen worden toegepast. Elke oefening wordt geëvalueerd om een maximaal leereffect te bereiken. In 2025 heeft het CLAS de (voorlopige) veiligheidslessen van eerdere oefeningen gedeeld met commandanten. In het evaluatieteam van de recente oefening Fighter Lion nemen specialisten vanuit de veiligheidsorganisatie zitting om vanuit een onafhankelijke positie veiligheidslessen te borgen en daarmee het lerend vermogen van het CLAS te versterken. De expliciete aandacht voor het borgen van lessen zorgt ervoor dat eerder onderkende risico’s, zoals die in de onderzoeken van de IVD en OvV zijn geïdentificeerd, worden meegenomen in de evaluatie van oefeningen. Conclusies en aanbevelingen IVD-rapport ‘Dodelijk ongeval met een Fennek’ De IVD ziet tussen de onderzochte factoren geen duidelijk aanwijsbare factor waaraan de bemanning of anderen iets hadden kunnen doen om dit voorval te voorkomen. Zij stelt vast dat de risico’s op voorhand niet allemaal konden worden geïdentificeerd. De gevolgen van bovenluiks staan bij een kantelende Fennek zijn tot nu toe nooit als een risico geïdentificeerd, omdat het sinds de introductie van dit voertuig niet is voorgekomen. Het is niet mogelijk om vooraf inzicht te hebben in alle onvoorspelbare risico’s. Het besef dat er risico’s kunnen optreden die vooraf niet voorzien zijn zorgt ervoor dat de oefenende militairen en oefenleiding alert zijn om sneller in te grijpen als er zich nieuwe risico’s voordoen. Dit is met name ook van belang om goed voorbereid te zijn op oorlogssituatie. De ervaringen uit Oekraïne leren ons dat er juist dan voortdurend onvoorziene risico’s optreden en dat hier snel op gereageerd moet worden. De IVD concludeert daarnaast dat de bemanning voldeed aan de opleidingseisen en bekend was met het gebruik van de aanwezige nachtzichtapparatuur. Er werd stapvoets gereden en het ‘bovenluiks’ staan van de commandant en de boordschutter zorgde voor meer zicht als team dan ‘onderluiks’. De IVD beschrijft in haar rapport dat er wordt gestreefd naar een evenwichtige samenstelling van de voertuigbemanning en dat ook in dit geval er sprake was van een combinatie van ervaren en minder ervaren militairen. De IVD doet in haar rapport de aanbeveling aan de Commandant Landstrijdkrachten om deze casus te verwerken in opleidingen en trainingen voor commandovoering. Daarnaast adviseert de IVD de bewustwording bij het personeel over onvoorziene risico’s verder te vergroten door de lessen uit dit ongeval met hen te delen (“tell the story”). Appreciatie van de conclusies en aanbevelingen IVD-rapport ‘Dodelijk ongeval met een Fennek’ Defensie herkent de conclusie van de IVD dat ‘de bemanning was gekwalificeerd, was uitgerust met de voorschreven middelen en handelde zoals noodzakelijk was om in deze situatie effectief te zijn’. De IVD heeft vastgesteld dat dit ongeval een gevolg was van een combinatie van onvoorziene factoren. De bemanning handelde daarbij zorgvuldig en met aantoonbare aandacht voor veiligheid. De meer algemene conclusie van de IVD dat er door een combinatie van factoren onvoorspelbare risico’s kunnen ontstaan onderschrijven wij ook. Het is niet mogelijk om alle mogelijke veiligheidsrisico’s te voorzien en vooraf in kaart te brengen. Wij nemen de aanbeveling over om deze casus toe te voegen aan de (loopbaan)opleiding van commandanten om hiervan te leren. Ook het advies van de IVD om de lessen over onvoorziene risico’s te delen nemen wij over. Naast structureel aandacht voor veiligheid in opleidingen en trainingen, draagt het gesprek voeren met elkaar over risico’s, incidenten en bijna-incidenten, bijvoorbeeld tijdens oefeningen, bij aan bewustwording. Zo geven we in de evaluatie van de oefeningen niet alleen aandacht aan de zaken die mis zijn gegaan, maar ook zaken die mis hadden kunnen gaan. Ook hieruit vallen lessen te trekken waarmee toekomstige risico’s kunnen worden verkleind. Bij deze gesprekken hoort ook het met elkaar bespreken van handelingsperspectieven wanneer zich tijdens oefeningen onverwachte risico’s manifesteren, zoals het stilleggen van de oefening en deze mogelijk in aangepaste vorm voortzetten. Tot slot We moeten er alles aan doen om ongevallen en leed te voorkomen. Ieder ongeval is er één te veel. Het eist van ons om voortdurend kritisch te blijven kijken naar hoe we ons werk doen, elke dag. Dat zijn wij aan ons personeel verplicht. We moeten leren van goede voorbeelden, incidenten en ongevallen om de risico’s zoveel mogelijk te beperken. De rapporten van de OvV en de IVD geven goede aanbevelingen die ons helpen om de veiligheid van oefeningen verder te verbeteren. Daarvoor spreken wij onze dank en waardering uit. De minister van Defensie, D. Yeşilgöz-Zegerius De staatssecretaris van Defensie, D.G. Boswijk

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 784b1c26909eb8b6

14 okt 2026 · b92bcd9ef39b51b8

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.