KamerkringInloggen
Kamerbrief

Reactie op de bevindingen van het Centraal Planbureau (CPB) t.a.v. de structurele werkgelegenheidseffecten van het Sociaal Akkoord

25 jun 2013 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 3d6bb2095cfeb1dc · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2012–2013 33 566Financieel en sociaaleconomisch beleid Nr. 54 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 25 juni 2013 De heer Heerma heeft vragen gesteld naar aanleiding van mijn reactie op de bevindingen van het Centraal Planbureau (CPB) ten aanzien van de structurele werkgelegenheidseffecten van het Sociaal Akkoord. Met deze brief kom ik tegemoet aan zijn verzoek om uitleg. Ik zal eerst kort de bevindingen van het CPB bespreken en daarna mijn reactie toelichten. Conclusies CPB In de doorrekening van het Sociaal Akkoord concludeert het CPB op basis van eigen veronderstellingen dat de aanpassingen in de WW een negatief werkgelegenheidseffect hebben ten opzichte van het Regeerakkoord. Dit wordt verklaard doordat in het Sociaal Akkoord is afgesproken dat de uitkering in het tweede werkloosheidsjaar inkomensgerelateerd blijft en aan sociale partners de mogelijkheid wordt geboden om de wettelijke verkorting van de WW-duur en de meer gematigde opbouw van WW-rechten bovenwettelijk te repareren in CAO-verband. Op basis van ervaringen uit het verleden en de aankondiging van de vakbeweging om niet alleen de duur, maar ook de opbouw van rechten te willen repareren, heeft het CPB in zijn berekening verondersteld dat de duurverkorting en de opbouw voor 80 procent van de werknemers wordt gerepareerd. Dit heeft volgens het CPB negatieve werkgelegenheidseffecten. In een voetnoot merkt het CPB vervolgens op dat er een genuanceerder beeld ontstaat wanneer er minder wordt gerepareerd dan de veronderstelde 80 procent. Reactie Om te beginnen wil ik graag benadrukken dat ik grote waarde hecht aan de functie van het CPB als onafhankelijke adviseur en rekenmeester. In mijn reactie op de bevindingen van het CPB heb ik de aandacht gevestigd op de in de CPB-analyse opgenomen voetnoot, waaruit blijkt dat het CPB uiteindelijk in het midden laat in welke mate reparatie van de duurver-korting en opbouw zal plaatsvinden. Of reparatie plaatsvindt is immers in kst-33566-54ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2013Tweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 33 566, nr. 541 hoofdzaak een aangelegenheid van werkgevers en werknemers. Zij bepalen aan de CAO-onderhandelingstafels of en hoe zij bovenwettelijke WW-aanvullingen willen vormgeven. Naast de aanpassingen in de WW zijn in het Sociaal Akkoord ook afspraken gemaakt over aanpassingen in de quotumregeling voor arbeidsgehandicapten en de Inkomensvoorziening Oudere Werklozen (IOW). Deze maatregelen leiden volgens het CPB tot een toename van de structurele werkgelegenheid. Bovendien kunnen sociale partners ook met de sectorplannen en de grotere inzet op van-werk-naar-werktrajecten bijdragen aan het terugdringen van de werkloosheid en het in stand houden van werkgelegenheid. Dit kan bijdragen aan een gunstiger werkgelegenheidsbeeld. Wat per saldo het effect is van alle maatregelen in het akkoord is daarmee mede afhankelijk van het succes dat werkgevers en werknemers samen maken van de sectorplannen en de van-werk-naar-werktrajecten. Met het Sociaal Akkoord is tot slot breed draagvlak gecreëerd voor belangrijke maatregelen die het kabinet neemt om de arbeidsmarkt activerender te maken en de economie structureel te versterken. De Minister van Financiën, J.R.V.A. DijsselbloemTweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 33 566, nr. 542

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · b677434e2f0a0fa9

14 okt 2026 · d9d9a0ab58cff9ed

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.