Tweeminutendebat Belastingdienst (CD 19/3) (ongecorrigeerd)
Brontekst
Versie b13b8bacac39dd48 · officiële bronBelastingdienst Belastingdienst Aan de orde is het tweeminutendebat Belastingdienst (CD d.d. 19/03). De voorzitter: We gaan door met het volgende tweeminutendebat, over de Belastingdienst. Ook hierbij is de staatssecretaris van Financiën aanwezig. Ik wil graag mevrouw Van Eijk namens de fractie van de VVD het woord geven. Ook u heeft twee minuten. Gaat uw gang. Mevrouw Van Eijk (VVD): Dank je wel, voorzitter. Ik heb één motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat kennisgroepstandpunten binnen de Belastingdienst in de praktijk een belangrijke rol spelen bij de uitvoering van belastingwetgeving; overwegende dat kennisgroepstandpunten geen wet of formeel beleid zijn en dat een zorgvuldige belastingheffing vraagt om professionele oordeelsvorming en maatwerk; verzoekt de regering te waarborgen dat kennisgroepstandpunten niet onnodig beperkend werken op de professionele beoordelingsruimte van inspecteurs en dat inspecteurs binnen de kaders van wet en jurisprudentie ruimte behouden om in individuele gevallen tot redelijke oplossingen te komen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Van Eijk en Inge van Dijk. Zij krijgt nr. 1568 (31066). De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Eijk. We gaan verder met de inbreng van de heer Stultiens namens de fractie van PRO. Ook u heeft twee minuten. De heer Stultiens (PRO): Dank u, voorzitter. Ik ga deze gelegenheid gebruiken om het te hebben over een dossier dat vaak in het nieuws is, maar te weinig in debatten terugkomt: box 3. Dat gaat vooral om het perspectief van de Belastingdienst, want daar gaat het debat vandaag over. We hebben Kamervragen gesteld over de uitvoerbaarheid, over wat er kan, en ik lees verschillende signalen vanuit het kabinet. Daarom is mijn vraag aan de staatssecretaris van Financiën vrij specifiek: wanneer zou een vermogenswinstbelasting uitvoerbaar, handhaafbaar en zonder risico's zijn voor de Belastingdienst? Ik lees in de beslismemo's namelijk vrij schokkende waarschuwingen als "hoge risico's voor de uitvoerbaarheid", "dit heeft gevolgen voor andere beleidswensen, bijvoorbeeld de arbeidongeschiktheidsverzekering", "risico voor ketenpartners" en "risico voor doenvermogen en juridische houdbaarheid". Dat zijn allemaal waarschuwingen en toch zie ik in de krant nog steeds suggesties dat het volgend jaar wel zou kunnen. Daarom ontvang ik graag een antwoord van de staatssecretaris op deze cruciale vraag. Bovendien ben ik benieuwd wanneer hij denkt onze Kamervragen inzake box 3 te beantwoorden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Stultiens. Dan geef ik graag het woord aan Ergin, die spreekt namens de fractie van DENK. De heer Ergin (DENK): Voorzitter, dank je wel. Ik heb één vraag aan de staatssecretaris en die gaat over de zoekslag naar RAM. Zou de staatssecretaris een update kunnen geven van hoe dat gaat en wanneer hij verwacht dat die wordt afgerond? Dan heb ik de volgende moties. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de Belastingdienst burgers op RAM-lijsten zette vanwege onder meer hun nationaliteit of postcode; constaterende dat de Autoriteit Persoonsgegevens vindt dat niet alleen moet worden gekeken naar financieel nadeel, maar ook naar andere vormen van ongelijke behandeling; overwegende dat ook extra controles, vragenbrieven of intensiever toezicht een vorm van ongelijke behandeling kunnen zijn; verzoekt de regering bij het onderzoek naar RAM en vergelijkbare lijsten niet alleen te kijken naar financieel nadeel, maar ook te onderzoeken of mensen op een andere manier ongelijk of zwaarder zijn behandeld, en daarbij de kritiek van de Autoriteit Persoonsgegevens mee te nemen, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Ergin en Stultiens. Zij krijgt nr. 1569 (31066). De heer Ergin (DENK): De tweede motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat er een nieuwe zoekslag plaatsvindt naar RAM- en RAM-achtige bestanden bij de Belastingdienst, Toeslagen en in de datakluis; constaterende dat de commissie-Maatoug is ingesteld om onafhankelijk onderzoek te doen naar de datakluis en daarbij ook naar de samenhang met andere dossiers, waaronder RAM; verzoekt de regering feiten en bevindingen over RAM door te geleiden naar de commissie-Maatoug, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Ergin. Zij krijgt nr. 1570 (31066). De heer Ergin (DENK): De laatste motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat uit de reconstructie van BDO over de vondst van een digitale datakluis blijkt dat de Belastingdienst in december 2024 circa 285.000 documenten heeft vernietigd, waarvan 282.813 bij de directie MKB; constaterende dat KPMG tussen maart 2024 en februari 2025 onderzoek deed naar RAM en dat uit dit onderzoek blijkt dat de directie MKB business owner was van RAM; overwegende dat niet duidelijk is waarom juist tijdens het onderzoek naar RAM een groot aantal documenten bij de directie MKB is vernietigd; verzoekt de regering te onderzoeken of bij de vernietiging van deze documenten voor het RAM-onderzoek relevante informatie verloren is gegaan en de Kamer hierover te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Ergin. Zij krijgt nr. 1571 (31066). Dank u wel, meneer Ergin. Ik wil graag het woord geven aan de heer Oosterhuis, die spreekt namens de fractie van D66. Gaat uw gang. De heer Oosterhuis (D66): Dank u wel, voorzitter. De afgelopen maanden hebben wij regelmatig gesproken over fiscale rechtsbescherming. Burgers of ondernemers die een probleem hebben met de Belastingdienst kunnen vaak onvoldoende hulp vinden. Oplossingen hiervoor liggen in een forse vereenvoudiging van het belastingstelsel en het verbeteren van formele rechtshulp als er een geschil is. Maar er is ook al een grote wereld te winnen als de Belastingdienst nu al zijn uiterste best doet om te voorkomen dat er een geschil ontstaat door actief contact te zoeken en dreigende problemen zo vroeg mogelijk op te lossen. Dat beeld krijg ik ook uit de rapportage van de Belangenbehartiger Belastingplichtigen en Toeslaggerechtigden. Daar gaan we bij het komende commissiedebat ongetwijfeld verder over spreken, want ik vond de eerste reactie van de staatssecretaris wat mager. Vooruitlopend daarop heb ik alvast de volgende motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de Belangenbehartiger Belastingplichtigen en Toeslaggerechtigden in zijn rapport "Niemand tussen wal en schip" een aantal aanbevelingen doet om de praktische fiscale rechtsbescherming van belastingplichtigen te verbeteren; overwegende dat vroegtijdige oplossingen zowel voor de Belastingdienst als voor belastingplichtigen kunnen voorkomen dat beginnende geschillen uitgroeien tot langdurige complexe zaken; verzoekt de regering laagdrempelige fiscale rechtsbescherming te stimuleren binnen de Belastingdienst, waaronder vroegtijdige oplossingen bij geschillen, zoals mediation, en het terughoudend omgaan met instellen van hoger beroep, en de Kamer hierover in het voorjaar van 2027 te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Oosterhuis en Inge van Dijk. Zij krijgt nr. 1572 (31066). Dank u wel, meneer Oosterhuis. En dan tot slot de heer Ceulemans namens de fractie van JA21. De heer Ceulemans (JA21): Dank u wel, voorzitter. Ook nu weer vervang ik collega Michiel Hoogeveen. Eén motie. De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat fracties voor het budgettaire effect van hun amendementen en moties zijn aangewezen op ramingen van het ministerie van Financiën en daarbij alleen een uitkomst ontvangen; overwegende dat de Kamer geen toegang heeft tot de gebruikte modellen en microdata en een raming dus enkel effectief kan controleren als de berekening wordt meegeleverd; verzoekt de regering bij iedere raming die aan de Kamer wordt verstrekt gelijktijdig een ramingstoelichting mee te leveren, met daarin: het gebruikte model, het basisjaar en de gegevensbronnen; de grondslag en het aantal belastingplichtigen, waar de verdeling de uitkomst bepaalt, uitgesplitst naar inkomensgroep; het statische effect; de gehanteerde gedragseffecten en overige aannames; en hiermee te beginnen bij het Belastingplan 2027, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Ceulemans en Hoogeveen. Zij krijgt nr. 1573 (31066). Dank u wel. Daarmee zijn we gekomen aan het einde van de termijn van de Kamer. Ik schors voor enkele minuten voor de beantwoording van de staatssecretaris. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. De voorzitter: Aan de orde is het tweeminutendebat Belastingdienst. Ik geef het woord graag aan de staatssecretaris voor de beantwoording en de appreciatie van de moties. Staatssecretaris Eerenberg: Voorzitter, dank u wel. Ik ben een beetje sip, want dit is vanavond mijn laatste tweeminutendebat. We waren zo lekker bezig met elkaar! De motie op stuk nr. 1568: ik deel de analyse; oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 1569 ga ik u ontraden, omdat het heel moeilijk is om dan te bepalen wat de andere vormen van onder andere schade zijn waar u aan refereert. Tegelijkertijd hebben we voor het overige naar ons oordeel een zorgvuldig proces. Ik ga snel door naar de motie op stuk nr. 1570. De voorzitter: Voordat u dat doet, zie ik dat de heer Ergin een vraag heeft met betrekking tot de motie op stuk nr. 1569. De heer Ergin (DENK): Ik wil de staatssecretaris natuurlijk helpen. Een voorbeeld van ongelijke behandeling of nadeel is dat iemand intensief toezicht krijgt naar aanleiding van het feit dat hij op zo'n lijst staat. Is het niet een idee om dat te onderzoeken? Staatssecretaris Eerenberg: Ik heb u in mei vrij uitgebreid in een brief verteld welke vormen van schade wij zien die hier mogelijkerwijs uit voortvloeien en waarbij we dan ook gewoon ons werk te doen hebben en we mensen daarin ook te herstellen hebben. Alle overige feiten zijn in het kader van herstel heel moeilijk te kwantificeren. Daar zit oprecht mijn zoektocht naar wat u daar als Kamer dan anders in zou willen. De voorzitter: Meneer Ergin, voor een hele korte vervolgvraag. De heer Ergin (DENK): Volgens mij zijn er lijsten gevonden op basis waarvan intensief toezicht is gehouden in de richting van personen. AP zegt eerlijk dat je dat moet betrekken bij de onderzoeken, maar dat heeft de staatssecretaris niet gedaan. Daarom deze motie: doe het! Staatssecretaris Eerenberg: Volgens mij vraagt uw motie vooral iets in de hoek van compensatie, dus om breder te kijken dan het financiële nadeel. Als uw vraag eerder ziet op "wat vindt u nou in het totaal van de hele zoekslag?", kan ik het volgende zeggen; dan kan ik meteen de vraag die u gesteld heeft beantwoorden. U krijgt voor het einde van het jaar een brief; dat heb ik u eerder toegezegd. Daarin ga ik u wat preciezer laten zien waar we nou staan in de hele zoekslag naar RAM en RAM-achtigen. Ik heb u ook eerder toegezegd dat die zoekslag wat mij betreft verbreed moet worden. Allicht kunnen wij dit debat dus vervolgen als ik u meer details kan geven over waar wij staan in deze zoekslag. De voorzitter: Gaat u verder met de motie op stuk nr. 1570. Staatssecretaris Eerenberg: Ja, de motie op stuk nr. 1570. Ik heb u in het debat over de datakluis gezegd dat ik mij beschouw als een postbode omdat ik de commissie-Maatoug echt volstrekt onafhankelijk wil laten zijn. Dat komt overeen met deze motie, dus ik geef die oordeel Kamer. Dan de motie op stuk nr. 1571. Ik snap ook het ongemak dat onder deze motie zit. Daar ben ik het ook mee eens. Ik geef de motie oordeel Kamer. Voorzitter. Dan de vraag over rechtsbescherming, met betrekking tot de motie op stuk nr. 1572. Ik kijk sowieso uit naar het commissiedebat waar de heer Oosterhuis een kleine amuse op uitserveerde, maar deze motie geef ik oordeel Kamer, want wat daarin staat is een goed idee. Voorzitter. Dan tot besluit de motie op stuk nr. 1573. Die ga ik u ontraden. Een slagvaardige overheid begint bij onszelf. Het vraagt best wel veel om dat op elk moment te doen. Overigens doen we het al bij wetgeving. Daar waar u additionele informatie wenst te ontvangen, staat het hele ministerie uiteraard tot de beschikking van ieder van uw leden. Tot besluit de vraag over box 3. Ik wil eigenlijk kortheidshalve, voorzitter, ook doorverwijzen naar de Algemene Financiële Beschouwingen, waar ik vermoed dat we het nog wat langer over box 3 zullen hebben. U heeft de beslisnota gezien en tegelijkertijd brengt dat mij tot de conclusie dat we inderdaad tempo moeten maken maar dat we ook zorgvuldig moeten handelen. Volgens mij is dat ook hand in hand samen te brengen. De heer Stultiens (PRO): Ik heb niet de illusie dat we dit dossier nu in twee minuten gaan afronden, maar ik wil toch even één ding markeren en hopelijk ook bevestigd krijgen van de staatssecretaris. Een variant waarvan de ambtenaren zeggen dat die hoge risico's heeft voor de uitvoering, voor het doenvermogen, voor andere beleidswensen en voor de ketenpartners, en die juridisch kwetsbaar en slecht handhaafbaar is: zo'n variant kan toch nooit de eindoplossing zijn waar deze staatssecretaris mee akkoord gaat? Staatssecretaris Eerenberg: Soms droom ik er weleens van dat we het in een tweeminutendebat met elkaar zouden kunnen afhandelen, maar dat is natuurlijk een andere discussie. U heeft de beslisnota's gelezen. U ziet dat er meerdere scenario's zijn. Alle scenario's hebben voor- en nadelen. Dat vergt uiteindelijk ook gewoon een politieke weging. Dat doen we met elkaar. Ik kijk uit naar alle debatten die we daar nog over gaan krijgen met elkaar. De voorzitter: De heer Stultiens, voor een korte vervolgvraag. De heer Stultiens (PRO): Dit wordt volgende week vervolgd. Deze vragen blijven volgens mij net zo urgent, ook over een week. Staatssecretaris Eerenberg: Waarvan akte. De voorzitter: De staatssecretaris neemt daar akte van. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van het tweeminutendebat Belastingdienst. Dank aan alle Kamerleden en aan de staatssecretaris voor hun aanwezigheid in dit debat. Ik schors de vergadering voor de dinerpauze, tot 20.15 uur. Eet smakelijk allemaal. De vergadering wordt van 19.25 uur tot 20.16 uur geschorst.
Gerelateerde bronnen
- Tweeminutendebat Belastingdienst (CD 19/3)
Tweeminutendebat Belastingdienst (CD 19/3) (ongecorrigeerd)
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.