KamerkringInloggen
Kamerbrief

Diverse onderwerpen met betrekking tot het vaccinatiebeleid

12 nov 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 2599bb7b3936934b · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202532 793Preventief gezondheidsbeleid25 295InfectieziektenbestrijdingNr. 788 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID,WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 12 november 2024Naar aanleiding van de inbreng van het lid Van Meijeren (FVD) tijdens deRegeling van Werkzaamheden van 1 oktober jl. is verzocht om een briefover de wijze waarop het Ministerie van VWS is omgegaan metmeldingen van bijwerkingen van COVID-19-vaccins. Met deze brief voldoeik aan dit verzoek.Daarnaast informeer ik uw Kamer over diverse andere onderwerpen metbetrekking tot het vaccinatiebeleid. De volgende onderwerpen komen aanbod:1.Besluit COVID-19-vaccinatieronde najaar 2025;2.Werkagenda Gezondheidsraad;3.Gezondheidsraadadvies mpox-vaccinatie;4.Gezondheidsraadadvies nieuw pneumokokkenvaccin voor ouderen;5.Monitor vaccinatiegraad griep- en pneumokokkenvaccinatie 2023;6.Uitvoering motie Den Haan over het opnemen van medischepreventie in de green deal;7.Uitvoering motie Keijzer over onderzoeken of drang en dwang rondhet COVID-19-vaccinatieprogramma redenen zijn waarom mensen nuafzien van deelname aan het Rijksvaccinatieprogramma;8.Toezegging aan het lid Van Meijeren (FVD) uit de technische briefingvaccinatiebeleid van 25 september jl.;9.Verzoek uit het ordedebat van 1 oktober jl.1. Besluit COVID-19-vaccinatieronde najaar 2025 Op 28 juni 2023 adviseerde de Gezondheidsraad een jaarlijkse (re)vacci-natie in het najaar aan te bieden aan mensen met een verhoogd risico opziekenhuisopname of sterfte door COVID-19.1 Zo blijft de immuniteit bijdeze mensen op peil en worden zoveel mogelijk ziekenhuisopnames,IC-opnames en sterfgevallen door COVID-19 voorkomen. Op basis van dit1Bijlage bij Kamerstukken II 2022/2023, 25 295, nr. 2117. kst-32793-788ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 793, nr. 7881 advies en het daaropvolgende geactualiseerde advies van 27 maart jl.2 isin respectievelijk 2023 en 2024 besloten een COVID-19-vaccinatieronde teorganiseren.Naar aanleiding van deze adviezen heb ik besloten ook in het najaar van2025 een COVID-19-vaccinatieronde te organiseren met de, op datmoment, meest recente vaccins. De Gezondheidsraad zal naarverwachting eind maart een uitspraak doen of er voor 2025 aanpassingennodig zijn aan het programma. Op dit moment omvat de doelgroep voorde najaarsronde:•Mensen van 60 jaar en ouder;•Volwassenen en kinderen uit medische hoogrisicogroepen (bijvoor-beeld mensen met een ernstige afweerstoornis);•Volwassenen uit medische risicogroepen die jaarlijks een uitnodigingkrijgen voor de griepprik;•Zorgmedewerkers die direct contact hebben met kwetsbare patiënten.Mensen die niet tot de gespecificeerde doelgroepen behoren kunnen opindividuele basis, op advies van een behandelend arts of vanwegebijvoorbeeld een kwetsbaar gezinslid, ook in aanmerking komen voor eenCOVID-19-vaccinatie.Tot slot, voor 2024 en 2025 zijn middelen beschikbaar voor het vaccinatie-programma tegen COVID-19. Na 2025 zijn geen middelen meerbeschikbaar. Momenteel wordt verkend of middelen gevonden kunnenworden om het COVID-19-vaccinatieprogramma in 2026 en verder voort tezetten.2. Werkagenda Gezondheidsraad De werkagenda van de vaste commissie Vaccinaties van de Gezond-heidsraad geeft inzicht in de onderwerpen waarover advies uitgebracht zalworden. Deze agenda wordt minimaal twee keer per jaar geëvalueerd enherzien. Dit gebeurt op basis van de prioriteringsoverleggen tussen deGezondheidsraad, het RIVM, Zorginstituut Nederland en het College terBeoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Hierbij wordt onder andererekening gehouden met nieuwe vaccins die op de markt komen en deepidemiologische situatie. Op basis van het prioriteringsoverleg vanafgelopen september stelt de Gezondheidsraad een nieuwe werkagendavoor. De meest actuele werkagenda, gebaseerd op de uitkomsten van hetmeest recente prioriteringsoverleg, deel ik als bijlage bij deze brief met uwKamer.Op de werkagenda staat voor 2024 advisering over griepvaccins. In 2025zijn adviezen over COVID-19-vaccinatie, RSV-vaccinatie bij ouderen,pneumokokkenvaccinatie bij kinderen, HPV-vaccinatie, meningokokkenB-vaccinatie voor kinderen en denguevaccinatie in Caribisch Nederlandvoorzien.3. Gezondheidsraadadvies mpox-vaccinatie De Gezondheidsraad heeft op 19 december 2023 een advies uitgebrachtom vaccinatie tegen mpox structureel in te richten voor de specifiekedoelgroep – mannen die seks hebben met mannen (MSM) – waarbij dezevirusinfectie in Nederland het vaakst voorkomt.32Bijlage bij Kamerstukken II 2023/2024, 25 295, nr. 2170.3Bijlage bij Kamerstukken II 2023/2024, 32 793, nr. 713.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 793, nr. 7882 Momenteel wordt benodigde aanvullende informatie verzameld om tebepalen of het structureel aanbieden van mpox-vaccinaties aan bovenge-noemde risicogroep doelmatig kan worden vormgegeven. Zo is aanvul-lende informatie over de kosteneffectiviteit nodig, aangezien hier weinigover bekend is. Op basis van deze aanvullende informatie zal ik besluitenover dit structurele vaccinatieprogramma, onder voorbehoud vanbeschikbare financiële middelen. In de eerste helft van 2025 zal ik uwKamer hier nader over informeren.4. Gezondheidsraadadvies nieuw pneumokokkenvaccin voorouderen Om ouderen tegen pneumokokkenziekte te beschermen krijgen mensentussen de 60 en 80 jaar sinds 2020 een vaccinatie tegen pneumokokkenaangeboden. Dit vaccin (PPV23) dient elke 5 jaar toegediend te wordenom bescherming te blijven bieden.Op 20 juni 2023 heeft de Gezondheidsraad opnieuw geadviseerd overvaccinatie van ouderen tegen pneumokokken.4 Het advies is om dehuidige vaccinatie met PPV23 te vervangen door het nieuwe pneumokok-kenvaccin (PCV20) dat eenmalig toegediend dient te worden. De raadadviseert deze aan te bieden aan mensen van 60 jaar, aan mensen die 5jaar geleden het huidige vaccin PPV23 aangeboden kregen en aan mensendie eerder niet in aanmerking kwamen voor het huidige PPV23 vaccindoordat zij 80 jaar of ouder waren. Dit levert meer gezondheidswinst op.Mijn ambtsvoorganger heeft uw Kamer op 20 juni jl.5 laten weten ditadvies te willen overnemen, met het RIVM in gesprek te zijn over deimplementatie hiervan en uw Kamer op de hoogte te houden van devoortgang. Wat betreft dit laatste wil ik uw Kamer hierbij laten weten datik het RIVM opdracht heb gegeven het Gezondheidsraadadvies teimplementeren en ervoor te zorgen dat het nieuwe pneumokokkenvaccinvanaf eind 2025 – samen met de griepvaccinatie – wordt aangeboden aande doelgroep.5. Monitor vaccinatiegraad griep- en pneumokokkenvaccinatie2023 Het Nivel monitort in opdracht van het RIVM jaarlijks de vaccinatiegraadvan het Nationaal Programma Grieppreventie (NPG) en het NationaalProgramma Pneumokokkenvaccinatie voor Volwassenen (NPPV).6 Dezemonitors geven inzicht in het aantal mensen uit de doelgroep dat degriep- en pneumokokkenvaccinatie heeft gehaald en de trends daarin (ziebijlagen).Voor het NPG geldt dat in 2023 55,2% van de doelgroep een vaccinatieheeft gehaald. Dit is lager dan in 2022 (56,8%), maar hoger dan voor decoronapandemie (52,6% in 2019). Voor het NPPV wordt er elk jaar eenander leeftijdscohort uitgenodigd. In 2023 liet 56,4% van de doelgroep (63-tot 66-jarigen) zich vaccineren. In 2022, toen de doelgroep bestond uit 66-tot 69-jarigen, liet 63,0% zich vaccineren en in 2021, toen 69- tot 73-jarigenaan de beurt waren, was de vaccinatiegraad 74,1%.4Bijlage bij Kamerstukken II 2022/2023, 32 793, nr. 695.5Kamerstukken II 2023/2024, 32 793, nr. 777.6Voor de Monitor NPG 2023 en de Monitor NPPV 2023 zijn gegevens gebruikt van NivelZorgregistraties Eerste Lijn. Met gepseudonimiseerde, niet-herleidbare gegevens uit deelektronische patiëntendossiers van deelnemende huisartsenpraktijken zijn de doelgroepenvoor griep- en pneumokokkenvaccinatie en de aantallen mensen die zijn gevaccineerd in kaartgebracht.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 793, nr. 7883 Omdat het NPPV is gestart in 2020 en er jaarlijks een ander deel van dedoelgroep wordt uitgenodigd, is een goede vergelijking tussen de jarenniet mogelijk. Dit zal in ieder geval een deel van de lagere vaccinatiegraadverklaren, omdat we weten dat de vaccinatiegraad stijgt met de leeftijd.Om een nadere duiding te geven van de vaccinatiegraadcijfers is het RIVMvoornemens om in 2025 een evaluatieonderzoek te doen. Daarbij wordtgekeken welke factoren van invloed zijn op de vaccinatiegraad van hetNPG.6. Uitvoering motie Den Haan Met de motie Den Haan7 is de regering verzocht te onderzoeken inhoeverre het opnemen van medische preventie, in het bijzonder vacci-naties, in de Green Deal «Samen werken aan duurzame zorg» eenbijdrage levert aan de verduurzaming en kosteneffectiviteit van de zorg.Het Ministerie van VWS draagt op verschillende manieren bij aan hetverduurzamen van de zorg, bijvoorbeeld met de inzet op medischepreventie. Met preventieprogramma’s zoals het Rijksvaccinatieprogrammaen de bevolkingsonderzoeken naar kanker kunnen ernstige ziektes wordenvoorkomen of vroeg opgespoord, waardoor minder (intensieve) behan-deling nodig is. Dit zorgt voor een lagere zorgvraag en medicijngebruik endraagt bij aan een zorgstelsel met een lagere impact op klimaat en milieu.Voor een lagere impact op het klimaat en milieu is het niet alleenbelangrijk te kijken naar de uitkomsten van deze preventieprogramma’s,maar ook naar de programma’s zelf. Bij de inkoop van vaccins door hetRIVM voor de vaccinatieprogramma’s gebeurt dit onder andere door –naast kwaliteit en prijs – ook duurzaamheid mee te nemen als criterium bijaanbestedingen en worden de aantallen vaccins zo ingekocht datverspilling ervan zoveel mogelijk wordt voorkomen. Daarnaast verrichthet RIVM samen met de GGD’en onderzoek naar het verduurzamen vande vaccinatieketen. Voor de bevolkingsonderzoeken naar kanker wordtonder meer ingezet op het verminderen van het gebruik van papier enplastic in folders en verpakkingen. Daarnaast verkent het RIVM welkeverduurzamingsmogelijkheden er nog meer zijn en is er ruimte voor eenaantal praktijkgerichte experimenten in 2025 en 2026.Tot slot is meer in den brede in het Regeerprogramma 2025–2028 en in debeleidsagenda VWS 2025 opgenomen dat het kabinet de kosten en debaten van preventie en gezondheidsmaatregelen binnen en buiten hetzorgdomein de komende periode beter inzichtelijk willen maken. Ditnoemen we de ontwikkeling van een investeringsmodel voor preventie.Voor mijn inzet op dit onderwerp verwijs ik graag naar mijn brief over dewaarde van preventie van 21 oktober jl.8De hierboven genoemde initiatieven laten zien dat er veel aandacht isvoor de kosten en baten van preventie en het verduurzamen van de zorgen dat hier al vol op wordt ingezet. Ik zie daarom geen meerwaarde in hetopnemen van medische preventie in de Green Deal «Samen werken aanduurzame zorg» en beschouw deze motie hiermee als afgedaan.7Kamerstukken II 2022/2023, 36 200 XVI, nr. 210.8Kamerstukken II 2024/2025, 32 793, nr. 783.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 793, nr. 7884 7. Uitvoering motie Keijzer Met de motie Keijzer9 is de regering verzocht te onderzoeken of drang endwang rond het coronavaccinatieprogramma redenen zijn waarommensen nu afzien van deelname aan het Rijksvaccinatieprogramma.Binnen het onderzoeksprogramma van TNO, waarover uw Kamer op18 december 2023 is geïnformeerd10, wordt onderzocht in hoeverre decoronapandemie een rol speelt bij de gedaalde vaccinatiegraad onder dejongste leeftijdsgroep (kinderen tot 2 jaar) en welke elementen in hetbijzonder hieraan ten grondslag liggen. De resultaten van dit onderzoekworden uiterlijk in december 2024 verwacht. Uw Kamer zal hiervervolgens over worden geïnformeerd.8. Toezegging uit de technische briefing van 25 september jl. In de technische briefing van 25 september jl. over het vaccinatiebeleid enkinkhoest heeft het RIVM toegezegd een vraag van het lid Van Meijeren(FVD) schriftelijk te beantwoorden. De vraag was of in Nederland wordtbijgehouden of chronische ziekten vaker of minder vaak voorkomen bijpersonen die hebben deelgenomen aan het Rijksvaccinatieprogramma.Er is bij het RIVM geen onderzoek naar deze specifieke vraag bekend. Welmeldt het RIVM dat internationaal en in Nederland veel onderzoek naar deveiligheid van vaccins gedaan is en wordt, zowel voordat vaccinsgeïntroduceerd worden als in de – soms al vele – jaren dat deze gegevenworden. Hoewel het onderzoeken van een direct verband (causatie) tussenvaccins en chronische ziekten lastig is, laat al het onderzoek naar deveiligheid van vaccins hier geenszins consistent bewijs voor zien.Informatie over of er een relatie is tussen bepaalde (chronische) aandoe-ningen en vaccinatie kan worden geraadpleegd via de kennisbank vanBijwerkingencentrum Lareb (lareb.nl/vaccin-kennis).9. Verzoek uit het ordedebat van 1 oktober jl. Tijdens de Regeling van Werkzaamheden van 1 oktober jl. stelde het lidVan Meijeren dat het Ministerie van VWS meldingen van bijwerkingen vanCOVID-19-vaccins niet serieus zou hebben genomen en hier niet trans-parant over zou hebben gecommuniceerd. Graag geef ik hierop eenreactie.Meldingen van vermoede bijwerkingen van COVID-19-vaccinatie zijn enworden doorlopend gemonitord en onderzocht. Beleidswijzigingenvanwege mogelijke bijwerkingen worden net als het gehele beleidrondom vaccinaties gebaseerd op onafhankelijk wetenschappelijk adviesvan onder andere de Gezondheidsraad en het RIVM. Naarmate debeschikbare informatie steeds uitgebreider werd en nieuwe (wetenschap-pelijke) inzichten bekend werden, is dit open en transparant in depubliekscommunicatie verwerkt. Uw Kamer is ook regelmatig oversignaleringen van bijvoorbeeld Lareb geïnformeerd. De suggestie datsprake zou zijn geweest van wanbeleid werp ik verre van mij.De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,V.P.G. Karremans9Kamerstukken II 2023/2024, 32 793, nr. 743.10Kamerstukken II 2023/2024, 25 295, nr. 2152.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 793, nr. 7885

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 9ba934ef8beee95c

14 okt 2026 · eb25f3ae5c5fa712

Documentversies en bestanden

Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.

  • Diverse onderwerpen met betrekking tot het vaccinatiebeleidActuele officiële versie

    Versie 3 · 5 dec 2024

Bijlagen

Bij dit hoofddocument

Geen gekoppeld hoofddocument gevonden.

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Verder bij de Tweede Kamer

Externe officiële informatie