Toezeggingen externe evaluatie RIVM en onderzoek AERIUS
Brontekst
Versie 88058bde729a0a07 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 30 252Toekomstvisie agrarische sector 35 334Problematiek rondom stikstof en PFAS 34 682Nationale Omgevingsvisie Nr. 126 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR NATUUR EN STIKSTOF Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 30 juni 2023 In deze brief ga ik in op twee openstaande toezeggingen. Externe evaluatie RIVM Op 28 november 2022 heb ik u per brief op de hoogte gesteld van de stand van zaken rond de externe evaluatie van het RIVM naar aanleiding van de gemaakte fouten in de top 100 van de grootste ammoniakuitstoters (Kamerstukken 30 252 en 35 334, nr. 76). In de brief gaf ik aan uw Kamer nog nader te informeren over de opdrachtverlening van deze evaluatie1. Inmiddels is aan adviesbureau Andersson Elffers Felix (AEF) opdracht verstrekt om de evaluatie uit te voeren. De evaluatie richt zich op de werking van de kwaliteitsbewakingsfunctie van het RIVM, specifiek voor de kennisketen van de Emissieregistratie. In het onderzoek wordt zowel doelmatigheid als doeltreffendheid onderzocht. Dit zal gebeuren aan de hand van het toetsen van de volgende hoofdhypothese: Door een goed kwaliteitswaarborgingssysteem te gebruiken draagt het RIVM als coördinator van de Emissieregistratie eraan bij dat de rijksoverheid op feiten gebaseerd beleid kan maken. Het initiële voorstel is besproken in een begeleidingscommissie, die bestaat uit vertegenwoordiging van de Ministeries van LNV, VWS, EZK, I&W, en experts van de Radboud Universiteit en het CBS. Daarnaast zullen de tussenresultaten en het eindrapport van het onderzoek worden besproken in deze begeleidings-commissie. De oplevering van het rapport wordt in het laatste kwartaal van dit jaar verwacht. Daarna zal ik zo spoedig mogelijk uw Kamer de eindrapportage doen toekomen. 1De toezegging is eveneens opgenomen in Kamerstuk 36 200 XIV, nr. 94. En in Kamerstukken 30 252 en 35 334, nr. 82 van 22 februari 2023 is aangegeven dat de bevindingen van deze evaluatie na afronding met de Tweede Kamer worden gedeeld. kst-30252-126ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 30 252, nr. 1261 Rol en positionering AERIUS In de Kamerbrief van 6 april 2023 (Kamerstuk 34 682, nr. 158) heb ik de Tweede Kamer geïnformeerd over de opvolging van een motie van het lid Omtzigt (Kamerstuk 34 682, nr. 144), over de rol en positionering van AERIUS. In de brief heb ik aangegeven de rol en positionering van AERIUS bij zowel toestemmingverlening als beleidsontwikkeling uiteen te willen zetten, ondersteund door een juridische kaderstelling van de landsadvocaat en een technische onderbouwing van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het streven was om dit voor de zomer aan de Tweede Kamer toe te zenden. Op dit moment werkt het RIVM aan een (afzonderlijk van deze toezegging gepland) onderzoek naar de onzekerheid in depositieberekeningen2. De onzekerheidsmarge van de berekeningen is relevant voor een verant-woord gebruik van het rekenmodel en daarmee van belang voor de positionering van AERIUS in het dossier. Bij de uitwerking van deze toezegging wil ik daarom de onderzoeksresultaten van het RIVM betrekken. Ik zal u hierover zo spoedig mogelijk na de zomer informeren. De Minister voor Natuur en Stikstof,Ch. van der Wal-Zeggelink2Uncertainty estimates of the determination of the nitrogen deposition in the Netherlands, Status report 2023.Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 30 252, nr. 1262
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.