Update 'verzorgingsplaatsen van de toekomst'
Brontekst
Versie 00056cc3eba134c9 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 305MobiliteitsbeleidNr. 488 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 6 maart 2025Op 19 februari 2025 vroeg het lid Veltman om een update over hetprogramma «verzorgingsplaatsen van de toekomst». Met deze briefvoldoe ik aan die toezegging.Verzorgingsplaatsen zijn plekken aan het hoofdwegennet om te rusten,iets te eten en drinken en/of te tanken of laden. Op dit moment zijn er circa288 verzorgingsplaatsen met een divers aanbod van tanken, laden engemakswinkels.Op verzorgingsplaatsen komt een aantal uitdagingen samen. Allereerstneemt de vraag naar elektrisch laden langs het hoofdwegennet toe doorde elektrificatie van het wagenpark. Tegelijk zien we dat de vraag naarfossiele brandstoffen aan het afnemen is. Verder is er een groeiendebehoefte aan parkeergelegenheid op verzorgingsplaatsen, met name voorvrachtwagens. Deze ontwikkelingen vragen veel van de inrichting van deverzorgingsplaatsen. Ze zullen de komende decennia (boven en onder degrond) erg moeten veranderen om aan te blijven sluiten bij de behoeftevan de weggebruiker. Een belangrijke uitdaging daarbij is dat debeschikbare ruimte op veel verzorgingsplaatsen beperkt is, de verzor-gingsplaatsen er divers uit zien (qua grootte en inrichting) en dat dehuidige aanbieders van benzinestations en laadstations diverse looptijdenqua vergunningen kennen.Om de uitdagingen het hoofd te bieden wordt gewerkt aan nieuwe beleidvoor alle verzorgingsplaatsen. Het beleid bestaat uit drie delen:1.een nieuwe verdeelmethode voor vergunningen voor laadstations enshops op verzorgingsplaatsen;2.een implementatieplanning («routekaart»);3.inrichtingsplannen.Deze instrumenten worden één voor één toegelicht. kst-31305-488ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 305, nr. 4881 1. Het verdelen van vergunningen voor laden en shops opverzorgingsplaatsen (conceptwetsvoorstel «marktordeningvoorzieningen op verzorgingsplaatsen») Met het bestaande stelsel van vergunningverlening is het slechts beperktmogelijk om te sturen op de inrichting van de verzorgingsplaats. Hierbijliggen het initiatief, de timing, de locatie en de omvang van laadvoorzie-ningen bij de aanvragers van de vergunning. Rijkswaterstaat (RWS) kande vergunning alleen afwijzen als een «veilige en doelmatige inrichtingvan de verzorgingsplaats» in het geding komt.De verzorgingsplaats wordt hierdoor minder overzichtelijk en er ontstaateen groter risico op onveilige verkeerssituaties. Bovendien lopen vanaf2028 op ruim 160 verzorgingsplaatsen de vergunningen voor de basis-voorziening laden af. Deze vergunningen zijn in 2012 verloot. Het is debedoeling deze vanaf 2028 opnieuw te verdelen om zo voldoendelaadmogelijkheden voor weggebruikers te bieden en diverse ondernemerseen eerlijke kans te geven deze voorziening te kunnen aanbieden.Om deze vergunningen te kunnen herverdelen, en daarbij te kunnensturen op de beste locatie op de verzorgingsplaats, is een conceptwets-voorstel opgesteld. Het conceptwetsvoorstel creëert een aantal randvoor-waarden maar houdt voldoende ruimte voor het maken van specifiekekeuzes. Met name voor het aantal te verdelen vergunningen (zoals hetaantal aanbieders van laden of shops).Dit conceptwetsvoorstel is in de week van 3 maart 2025 voorgelegd aanstakeholders ter consultatie. Dit geeft belanghebbende partijen de kansom hun standpunten in te brengen. Het conceptvoorstel regelt inhoofdlijnen drie zaken:1.Het Ministerie van IenW neemt het initiatief voor het verdelen vanexploitatievergunningen voor laden en shops.Deze worden verdeeld op specifieke momenten, die het Ministerie vanIenW zelf plant. Zo ontstaat meer regie op de inrichting van deverzorgingsplaats en het aantal aanbieders dat er actief is. Zo kan IenWdie veilig en overzichtelijk inrichten voor de weggebruiker en wordt deprimaire functie – het ondersteunen van een veilig en doelmatiggebruik van het hoofdwegennet – behouden.2.Voor iedere voorziening op de verzorgingsplaats wordt een apartevergunning uitgegeven.Dit is belangrijk om ondernemers gelijkwaardige kansen te bieden. Zoheeft een brede groep ondernemers (grote en ook kleine ondernemers)toegang tot de markt. Dit leidt tot meer concurrentie en meer keuzevrij-heid voor de weggebruiker. Een ondernemer die bijvoorbeeld alleeneen shop wil aanbieden, maar geen laadstation, biedt alleen op deshop. Een ondernemer die alleen laadpalen wil aanbieden kan alleenop die vergunning bieden. Een ondernemer die beiden wil aanbiedenbiedt op allebei.3.Het wetsvoorstel maakt het mogelijk vergunningen voor laadpalen envoor shops te veilen.Dit kan niet onder de huidige regelgeving. Veilen is een eerlijkereverdeelmethode dan de methoden die we nu gebruiken: een loting ofhet behandelen van vergunningen op volgorde van aanvraag. Bij eenveiling wordt de vergunning vergeven aan de ondernemer die de bestepapieren heeft om een voorziening aan te bieden voor de weggebrui-ker. Deze partij kan waarschijnlijk het beste bod indienen. Bovendienlevert een veiling de overheid opbrengsten op.Voor de duidelijkheid laat ik weten dat er in het huidige conceptwets-voorstel nog geen keuze is gemaakt over de hoeveelheid aanbieders dieper voorziening wordt toegestaan op een verzorgingsplaats. Met anderewoorden: wordt er per verzorgingsplaats maximaal één aanbieder vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 305, nr. 4882 laadpalen en één shop toegestaan, of is er ruimte voor meerdereaanbieders van dezelfde dienst? Deze keuze is in het conceptwetsvoorstelopengelaten, om zo belangrijke input uit de sector, van de weggebruikeren van andere belanghebbenden op te halen. De belanghebbende partijenzullen expliciet op dit punt bevraagd worden. Dat geldt natuurlijk ook voorde kleinere ondernemers en familiebedrijven die op verzorgingsplaatsenactief zijn of willen worden. Voor die groep vroeg het lid Vermeer (BBB)specifiek aandacht middels Kamervragen.1 Omdat concurrentie eenbelangrijk onderdeel van de verzorgingsplaats van de toekomst is, is deACM gevraagd hierover een advies uit te brengen. Dit advies zal metname gericht zijn op mededinging.De resultaten van de internetconsultatie, de uitvoeringstoetsen en hetadvies over concurrentie van ACM zullen naar verwachting in mei van ditjaar bekend zijn. Op basis van deze input wordt het wetsvoorstel waarnodig aangepast, en via de ministerraad naar de Raad van State zal gaanvoor advies. Naast het ACM-advies (dat vooral economisch van aard is)worden ook veiligheid, uitvoerbaarheid en juridische aspecten meege-wogen in het in te dienen wetsvoorstel. Het uiteindelijke doel is om tekijken wat goed is voor ondernemers en vooral ook voor weggebruikers.Het streven is om het voorstel nog voor de zomer van dit jaar naar deRaad van State te sturen voor advies. Vervolgens beoog ik uw Kamer voorhet eind van het jaar het voorstel toe te sturen. Dit hangt echter ook af vanhet advies van de Raad van State.2. Implementatie van het nieuwe beleid («routekaart») Het conceptwetsvoorstel stelt het Ministerie van IenW in staat omvergunningen voor laadpalen en shops via een veiling te verdelen.2 Opwelk moment en op welke verzorgingsplaats de vergunningen voorlaadstations en shops worden geveild, wordt bepaald op basis van eenzgn. «routekaart».Bij het opstellen van de routekaart is de vraag van de weggebruiker vangroot belang. Op verzorgingsplaatsen waar veel vraag naar laden is, kanbijvoorbeeld gekozen worden voor een grote locatie voor laden (ofmeerdere locaties voor laden). Op plekken waar minder behoefte is, kanmogelijk nog even gewacht worden met het veilen van locaties voorladen. Daarnaast neemt de vraag naar brandstof langs het hoofdwegennetal jaren af.3 Daarom wordt – in afstemming met de sector en het Rijksvast-goedbedrijf – gekeken hoe om te gaan met deze afnemende vraag. Debedoeling van de routekaart is duidelijkheid te bieden aan alle onder-nemers, zodat zij zich kunnen voorbereiden op de inrichting van deverzorgingsplaats van de toekomst. Daarmee kunnen ze hun diensten zogoed mogelijk voor de weggebruikers aanbieden.Op dit moment wordt gewerkt aan een conceptroutekaart. Een vraagstukdat daarbij onder andere aan de orde komt is het (zo veel mogelijk)gelijktijdig verdelen van vergunningen op verzorgingsplaatsen. Nu lopende vergunningen voor laden en tanken op dezelfde verzorgingsplaatsmeestal op verschillende momenten af. Het is de wens van veel marktpar-tijen om de verschillende locaties op een verzorgingsplaats gelijktijdig teverdelen. Het tegelijk verdelen van locaties biedt partijen die meedoenaan de veiling meer zekerheid; de verdeling van locaties tussen verschil-lende partijen ligt vast tot het volgende verdeelmoment. Bovendien maaktgelijktijdige verdeling het eenvoudiger om de verzorgingsplaats opnieuw12025Z025872De verkoop van benzine verloopt via een veiling bij het RVB (de «benzinewet»)3Revnext, tanken- en laden langs het hoofdwegennetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 305, nr. 4883 in te richten na het verlopen van de vergunningen, als dit nodig is. Zoalshierboven is aangegeven verschillen looptijden nu veelal. Het op elkaaraan laten sluiten van deze looptijden is een ingewikkelde puzzel die dekomende maanden, ook in afstemming met de sector, wordt gelegd.De Kamer wordt voor het zomerreces geïnformeerd over de lopendeontwikkeling van de routekaart3. Inrichtingsplannen Om er voor te zorgen dat verzorgingsplaatsen èn overzichtelijker wordenèn veilig blijven, werkt het Ministerie van IenW aan inrichtingsplannen. Indeze plannen wordt in ieder geval aangewezen op welke plek op deverzorgingsplaats de laad-en/of shoplocatie(s) het beste kunnen wordengerealiseerd. Belangrijke uitgangspunten bij de inrichting van deverzorgingsplaats zijn veilige (loop)routes en het voorkomen vanzoekgedrag. Hierbij staat veiligheid centraal (daar heeft ook het lid Krul(CDA) heeft hiervoor aandacht gevraagd tijdens het commissiedebatverkeersveiligheid van 11 februari 2025), maar wordt uiteraard ookgekeken naar de behoefte van de weggebruiker en duidelijkheid voorondernemers. Duidelijkheid stelt ondernemers beter in staat te investerenin nieuwe en betere voorzieningen.Daarnaast moet meer ruimte komen voor laadpalen én wordt ingezet opmeer parkeerplekken, met name voor vrachtwagens. Op basis van dehuidige prognoses voor de behoeftes van weggebruikers, lijkt er straksniet op iedere verzorgingsplaats de noodzaak te zijn voor een tankstation.Om deze grote verandering te kunnen faciliteren, moeten verzorgings-plaatsen gemoderniseerd worden. Het vraagt mogelijk grootschaligeboven- en ondergronds infrastructurele aanpassingen op (een deel van)de 288 verzorgingsplaatsen.Op dit moment worden voorbeeld-inrichtingsplannen uitgewerkt. Dezeplannen zijn bedoeld als inspiratie voor de lange termijn en worden doorRWS gebruikt als basis voor de inrichtingsplannen voor verzorgings-plaatsen op de korte termijn.De routekaart en de inrichtingsplannen zijn geen onderdeel van hetwetsvoorstel en dus geen onderdeel van de internetconsultatie. Voor dezeonderdelen van het beleid wordt een separaat participatietraject opgezet.Dit zal naar verwachting na de zomer worden gestart. Zo hebben allebelanghebbende partijen een kans om mee te denken over de «verzor-gingsplaats van de toekomst».De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,B. MadlenerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 305, nr. 4884
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.