KamerkringInloggen
Kamerbrief

Monitor Integriteit en Veiligheid 2024

17 dec 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie b4aa76a6b345cfcc · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202528 844Integriteitsbeleid openbaar bestuur en politieNr. 279 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 17 december 2024Met deze brief bied ik u de Monitor Integriteit en Veiligheid 2024 (hiernaMonitor) van Ipsos I&O aan die vandaag is verschenen. Sinds 2010 laatmijn ministerie deze Monitor uitvoeren met als doel het in kaart brengenvan ervaringen met agressie, intimidatie en bedreiging en (vermoedensvan) integriteitsschendingen binnen gemeenten, provincies en water-schappen. Daarnaast geeft de Monitor inzichten om de effectiviteit van hetbeleid te vergroten.Als Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) sta ikvoor de democratische rechtsstaat en goed bestuur. Politieke ambts-dragers en ambtenaren zijn de gezichten van onze democratischerechtsstaat. Elke dag opnieuw zetten zij zich in voor de publieke zaak. Datwerk moeten zij in rust en veiligheid kunnen doen en hier zet ik mij danook actief voor in. Minstens net zo belangrijk is integriteit. Politiekeambtsdragers en ambtenaren werken immers niet voor zichzelf, maarvoor het algemeen belang. Hun integriteit moet dan ook boven elke twijfelverheven zijn. Daarbij vind ik dat de dragers van de democratie zelf hetgoede voorbeeld moeten geven over hoe wij als samenleving en in hetopenbaar bestuur met elkaar om willen gaan.De Monitor bestaat uit een deel Veiligheid en een deel Integriteit, die ikachtereenvolgens behandel. Hierbij deel ik opvallende uitkomsten enbeschrijf ik de acties en stappen die ik zet in het kader van de intensive-ringen van weerbaar bestuur. Daarnaast bied ik u het onderzoeksrapport«Een kwetsbaar ambt» aan dat ik heb laten uitvoeren door AvansHogeschool naar ondermijning en oneigenlijke druk op decentralevolksvertegenwoordigers.11J. van Ostaaijen e.a., Een kwetsbaar ambt: over ondermijning en oneigenlijke druk opdecentrale volksvertegenwoordigers, Tilburg: Centre of Expertise Veiligheid & Veerkracht 2024. kst-28844-279ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2791 Inzichten monitor VeiligheidUit de Monitor blijkt dat 29% van de ambtenaren met burgercontact en45% van de decentrale politieke ambtsdragers het afgelopen jaarervaringen heeft gehad met agressie, intimidatie of bedreiging. Dit zijnzorgelijke cijfers, helemaal omdat bij politieke ambtsdragers de vormenvan agressie die als (zeer) ernstig worden ervaren (zoals intimidatie,bedreiging en fysieke agressie) in de loop van de jaren een lichte stijginglaten zien en ten opzichte van 2022 niet zijn gedaald. Meer dan de helftvan de agressie en intimidatie wordt online geuit. Opvallend is dataanzienlijk meer vrouwelijke politieke ambtsdragers (55%) (ernstige)vormen van agressie en intimidatie ervaren dan hun mannelijke collega’s(37%). De agressie tegen vrouwelijke politici is bovendien vaker gericht oppersoonlijke kenmerken. Deze vorm van agressie wordt vaker als ernstigerervaren. Uit de Monitor komt verder naar voren dat er grote verschillenzitten tussen ervaringen van en beleid voor decentrale bestuurders envolksvertegenwoordigers. Zo voelen volksvertegenwoordigers zichminder veilig en zijn zij minder goed te spreken over de nazorg vanuit deeigen organisatie bij incidenten van agressie en intimidatie dan dagelijksbestuurders.Deze uitkomsten laten zien dat de mate van agressie, intimidatie enbedreiging richting bestuurders en volksvertegenwoordigers binnengemeenten, provincies en waterschappen al jarenlang verontrustend is.De impact van incidenten is groot en raakt niet alleen de persoon zelfmaar vaak ook de mensen om hen heen. Ik wil als Minister het tij keren,want we mogen agressie en intimidatie tegen de gezichten van dedemocratische rechtsstaat nooit normaal gaan vinden. Onverminderdeaandacht en inzet op weerbaar bestuur blijven dus noodzakelijk. Daaromis het ook onderdeel van het regeerprogramma en benut ik de komendeperiode om te bezien welke aanvullende maatregelen nodig zijn.MaatregelenAanpak na incidentenSteun en een luisterend oor zijn erg belangrijk voor politieke ambts-dragers die iets heftigs meemaken. Ze moeten weten dat ze er dan nietalleen voor staan. Daarom voer ik zelf gesprekken met slachtoffers naheftige incidenten en verwijs ik waar nodig door naar het Ondersteunings-team Weerbaar Bestuur. Naast goede nazorg vraagt de aanpak ook ombetere registratie en snelle opvolging richting daders. Hierbij is nauwesamenwerking tussen verschillende partners noodzakelijk. Daarombespreek ik de veiligheid en weerbaarheid van ons bestuur met regelmaatin diverse strategische gremia met onder anderen de Vereniging vanNederlandse Gemeenten (VNG), Commissarissen van de Koning,burgemeesters en met mijn ambtsgenoot bij Justitie en Veiligheid.Aanpak online agressie en intimidatieOnline agressie blijft een groot probleem dat ook de decentrale overhedenzien. Tegelijkertijd worstelen zij met het ontwikkelen van een goedeaanpak hoe hier mee om te gaan. Daarom verschijnt begin volgend jaarhet Steunpakket online haat dat samen met o.a. de VNG wordt ontwikkeld.Dit pakket richt tot individuele politieke ambtsdragers die met online haatte maken krijgen. Het pakket biedt een praktisch overzicht van wat er alaan handvatten beschikbaar is, een stappenplan voor helpers enondersteuners en een bijlage voor het gemeentelijk agressieprotocol.Verder wil ik graag meer inzicht verkrijgen in daderprofielen. Op ditmoment is te weinig zicht op wie hier achter zitten, waarom zij dit doen enTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2792 hoe dit gedrag kan stoppen. Ik ben voornemens om hier samen metpartners zoals PersVeilig onderzoek naar te laten doen, waarbijbeschikbare kennis uit andere landen wordt meegenomen.Aanpak weerbaarheid decentrale volksvertegenwoordigersVolksvertegenwoordigers hebben als lekenbestuur een wat andere positieten opzichte van de organisatie dan bestuurders. De onderzoekers gevenhierbij aan dat de uitkomsten te maken kunnen hebben met een watandere houding die volksvertegenwoordigers tegenover agressie enintimidatie (al langere tijd) lijken te hebben. Volgens de onderzoekers ligter wel een uitdaging om te blijven werken aan bewustwording. Uit hethiervoor genoemde onderzoeksrapport «Een kwetsbaar ambt» blijkt ookdat er los van bewustwording stappen kunnen worden gezet waar hetgaat om reactie en preventieve veiligheid.Het Ondersteuningsteam Weerbaar Bestuur draagt hieraan bij door naasthun aanbod op het gebied van nazorg bij alle gemeenteraden enprovinciale staten bewustwordingssessies aan te bieden. Dat hier veelvraag naar is, blijkt uit het feit dat inmiddels de 100e sessie heeftplaatsgevonden en er nog even zoveel op de planning staan. Vanaf 2025gaat het Ondersteuningsteam ook langs de algemene besturen van dewaterschappen. Naast aandacht voor weerbaarheid in bewustwordings-sessies en inwerkprogramma’s, verken ik hoe volksvertegenwoordigers na(ernstige) incidenten passende adviezen en maatregelen kunnen krijgenomtrent hun weerbaarheid en veiligheid vanuit de basiszorg van depolitie.Aanpak melden, registreren en aangifteZoals in de laatste voortgangsbrief weerbaar bestuur uitgebreid aan bodkwam, is melden het startpunt voor hulp en ondersteuning en opvolgingrichting de agressor.2 Ik ben dan ook positief over de uitkomsten uit deMonitor dat bijna 90% van de decentrale politieke ambtsdragers enambtenaren het incident intern hebben besproken dan wel gemeld en dateen groot deel tevreden is met de geboden ondersteuning. Tegelijkertijdgeeft slechts 10% van de politieke ambtsdragers aan dat het incident doorde organisatie is geregistreerd tegenover 25% van de decentraleambtenaren. In slechts zo’n 6% van de gevallen is aangifte gedaan,waarbij dit percentage hoger ligt bij decentrale bestuurders zoalsburgemeesters.Om de interne registratie te verbeteren vraag ik aandacht voor hetverhogen van de aantrekkelijkheid en gebruiksvriendelijkheid van hetGemeentelijk Incidenten Registratiesysteem. Provincies hebben de wensuitgesproken om van eenzelfde systeem gebruik te gaan maken. Er wordtverkend of dit vanaf 2025 gerealiseerd kan worden. Besluitvorminghierover vindt plaats in 2025. Om het aantal aangiften bij de politie tevergroten, organiseer ik in het voorjaar sessies met coördinatoren VeiligePublieke Taak van de verschillende politie-eenheden om drempels tijdenshet aangifteproces op te sporen en te verminderen. Goede samenwerkingmet de politie kan namelijk een groot verschil maken.Hoewel de zelfrapportage vanuit bestuurders en volksvertegenwoordigersin de Monitor belangrijke inzichten over aangiften verschaft, ontbreekt hetzicht nog op het aantal verdachten dat voor agressie en geweld tegenpolitieke ambtsdragers ter vervolging bij het Openbaar Ministerie (OM)instroomt. Het OM heeft mij laten weten dat het bezig is met de2Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar 2023–2024, 28 844, nr. 273.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2793 (technische) voorbereidingen voor het toevoegen van de maatschappe-lijke kwalificatie «politieke ambtsdragers» aan het eigen registratie-systeem, waardoor wij hier beter zicht op krijgen. Ik vind dit wenselijkgezien de rol van politieke ambtsdragers in de aanpak van georganiseerdecriminaliteit en hun zichtbare bijdrage aan onze democratie.Aanpak weerbare organisatiesHet is van belang dat er aandacht is voor de uitvoeringskracht van kleinegemeenten om hun weerbaarheid tegen oneigenlijke druk te vergroten.Agressie en intimidatie zijn vormen van oneigenlijke druk. Provinciesspelen sinds een aantal jaar een steeds grotere rol bij het versterken vande weerbaarheid van gemeenten tegen oneigenlijke druk. Denk bijvoor-beeld aan het versterken van onderlinge samenwerking en kennisuitwis-seling door de provinciale weerbaarheidsnormen.3 Om deze inzet van deprovincies verder te stimuleren verstrek ik tot en met 2029 in totaal12 miljoen aan de provincies. Provincies kunnen deze middelen bijvoor-beeld inzetten voor extra Bibob-capaciteit, het financieren van juridischeondersteuning bij ondermijningszaken of kennisdeling over het omgaanmet ongenoegen en maatschappelijke onrust. Voor ondersteuning bijjuridische procedures in de ondermijningsaanpak, verwijs ik graag naarde recent verschenen Kamerbrief beleidsreactie op het WODC-rapportover niet-strafbare vormen van intimidatie.4Om gemeentesecretarissen te ondersteunen in hun belangrijke rol binnende gemeentelijke organisatie op het gebied van integriteit en veiligwerken, heb ik samen met de Vereniging van Gemeentesecretarissen ende VNG een Weerbaarheidspakket voor gemeentesecretarissen samenge-steld. Dit pakket bevat informatie op maat voor gemeentesecretarissenvoor hun rol bij het versterken van de weerbaarheid van de gemeentelijkeorganisatie. Denk bijvoorbeeld aan de norm Stop Agressie Samen eninformatie over ambtelijke integriteit. Ter versterking van de weerbareorganisaties ben ik groot voorstander van de kenniskring met coördina-toren Veilige Publieke Taak binnen gemeenten die kennis en ervaringendelen. De VNG heeft hierin de regie, waarbij BZK haar beleidsmatigekennis inbrengt.Inzichten monitor IntegriteitVoor een geloofwaardig overheidshandelen dient integriteit voorop testaan. Ambtenaren en politieke ambtsdragers nemen daarbij eenbijzondere positie in. Inwoners moeten erop kunnen vertrouwen dat zezich inzetten voor het algemeen belang en dienstbaar zijn aan desamenleving. Keuzes zijn echter zelden zwart-wit en daarom is hetbelangrijk om het gesprek hierover te blijven voeren. Voorkomen moetworden dat iemand om oneigenlijke redenen als niet-integer wordtweggezet in het politieke debat. Ik vind het daarom een positieveontwikkeling dat uit de Monitor blijkt dat meer decentrale politiekeambtsdragers zich vrij voelen om een dilemma te bespreken en dat ervaker sprake is van een open gesprekscultuur. Ik blijf mij hard maken vooreen cultuur waarin integriteitsdilemma’s met elkaar gedeeld kunnenworden. Ook volgt uit de Monitor dat bijna vier op de tien politiekeambtsdragers (37%) getuige waren of dachten te zijn van niet-integergedrag bij collega-ambtsdragers. Dit percentage is weliswaar minderhoog dan in 2022, maar laat wel zien dat er blijvende aandacht voorintegriteit noodzakelijk is. Hierbij zijn bepaalde regels noodzakelijk als3Zie voor een overzicht van de provinciale weerbaarheidsnormen: Norm weerbare overheid perprovincie | Netwerk Weerbaar Bestuur.4Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar 2023–2024, 29 279, nr. 899.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2794 vastgelegde norm voor integer handelen. En heldere procedures gevenhouvast bij het zorgvuldig opvolging geven aan (een vermoeden van) eenintegriteitsschending.MaatregelenWetsvoorstel risicoanalyse integriteitOm de integriteit binnen het decentraal bestuur te bevorderen, wil ikonder andere wettelijk verankeren dat er een risicoanalyse integriteitwordt uitgevoerd voordat wethouders, gedeputeerden en dagelijksbestuursleden van het waterschap worden benoemd.5 Door aan devoorkant aandacht te besteden aan de (bewustwording over) bestuurlijkeintegriteit en transparant te zijn over eventuele bevindingen, kanvoorkomen worden dat kwesties of incidenten later de overhand nemenen daarmee het vertrouwen in de overheid wordt geschaad. Het wettelijkverankeren van de risicoanalyse integriteit heeft daarnaast tot voordeeldat kandidaat-bestuurders weten wat zij kunnen verwachten. Met ditvoorstel wordt eveneens duidelijkheid geschept over hoe decentralebestuurders moeten omgaan met hun mogelijk conflicterende financiëlebelangen. Ik streef ernaar dit wetsvoorstel op korte termijn voor advies bijde Raad van State aan te bieden.Nieuwe Handreiking voor omgang met integriteitsschendingenVermoedens van niet-integer gedrag van politieke ambtsdragers dienenop een adequate manier opgepakt te worden. Dit vraagt om extraaandacht voor een zorgvuldige behandeling van meldingen van (eenvermoeden van) een integriteitsschending. Hierbij moet recht wordengedaan aan de positie van degene die het vermoeden heeft geuit, aandegene tegen wie het vermoeden is geuit en aan de andere betrokkenen.Daar hoort ook passende ondersteuning vanuit de organisatie bij. Omdecentrale overheden in die gevallen handvatten te bieden, heb ik eenHandreiking voor de omgang met vermoedens van integriteitsschen-dingen laten ontwikkelen die ik u hiermee doe toekomen.6In de gevallen dat een (extern) integriteitsonderzoek nodig is, moet dekwaliteit hiervan op orde zijn. Om dit te bereiken organiseer ik op de kortetermijn samen met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en dekoepels bijeenkomsten voor het opstellen van kwaliteitseisen voorintegriteitsonderzoek naar politieke ambtsdragers. Hierbij nodigen we deberoepsverenigingen, experts en de uitvoerders van integriteitsonder-zoeken uit.Aandacht voor zorgplicht bestuurlijke integriteitDe voorzitters van het dagelijks bestuur (burgemeester, commissaris vande Koning en dijkgraaf) hebben elk de zorgplicht om de bestuurlijkeintegriteit te bevorderen. Uit de Monitor blijkt dat bijna één op de drie vandeze Kroonbenoemde bestuurders (32%) belemmeringen ervaart bij hetuitoefenen van die zorgplicht. Samen met onder andere het NederlandsGenootschap van Burgemeesters verken ik wat bestuurders nodig hebbenom deze rol beter te kunnen vervullen.5Het wetsvoorstel Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur tweede trancheis reeds in consultatie geweest: internetconsultatie.6Ook beschikbaar via de Kennisbank Openbaar bestuur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2795 Inzet transparantie en belangenbehartigingOver vragen in de Monitor omtrent transparantie en de invloed vanbelangenbehartigers lopen de meningen onder politieke ambtsdragersuiteen. Zo vindt een meerderheid van 57% dat voldoende duidelijk is wieinvloed heeft gehad op besluiten, terwijl slechts 17% dit onvoldoendeduidelijk vindt. Daarnaast geeft 28% van de decentrale politieke ambts-dragers aan dat belangenbehartigers onevenredig veel invloed hebben opde besluitvorming, terwijl 33% aangeeft het hier mee oneens te zijn. UwKamer heeft het kabinet met de motie-Dassen c.s. gevraagd om met eenplan van aanpak te komen om het integriteitsbeleid binnen bestuurslagenzo nodig te harmoniseren.7 Ter uitvoering van die motie is het kabinet ingesprek met beroeps- en belangenverenigingen om te bezien of harmoni-sering van de regels over onder meer lobby en belangenbehartigingnodig en aangewezen is. Het wisselende beeld dat de uitkomsten van deMonitor op dit punt laten zien, geeft aanleiding om die gesprekken voortte zetten.Inzichten en aanpak corruptie, ondermijning en oneigenlijke drukIn de Monitor wordt ook aandacht besteed aan corruptie en ondermijning.Ruim de helft (56%) van de politieke ambtsdragers vindt dat de eigenorganisatie voldoende aandacht besteedt aan het herkennen vanondermijnende criminaliteit. Dagelijks bestuurders (75%) hebben hiervaneen positiever beeld dan volksvertegenwoordigers (52%). Een verge-lijkbaar patroon is te zien waar het gaat om de aandacht voor (hetherkennen van) corruptie. De behoefte van met name volksvertegenwoor-digers aan meer aandacht voor signalen van ondermijning en corruptiezal ik bespreken met stakeholders zoals Rijksrecherche en RegionaleInformatie en Expertisecentra (RIEC’s). Deze uitkomsten raken aan hetonderzoeksrapport «Een kwetsbaar ambt» waarop ik hieronder nader inzal gaan.In de nota integriteit openbaar bestuur gaf mijn ambtsvoorganger aanincidenteel signalen te ontvangen over de kwetsbaarheid van decentralevolksvertegenwoordigers voor ernstige integriteitsschendingen ofondermijnende activiteiten.8 De afgelopen periode is hier nader onderzoeknaar gedaan en gepoogd in kaart te brengen hoe het gesteld is met derelatie tussen (georganiseerde) criminaliteit en decentrale volksvertegen-woordigers en kwetsbaarheden voor oneigenlijke druk en ondermijning.De onderzoekers constateren dat decentrale volksvertegenwoordigers temaken hebben met gevallen van oneigenlijke druk, maar dat de omvangdaarvan niet goed is vast te stellen. Daarbij komt dat doorgaans nietmakkelijk is te bepalen of het handelen van volksvertegenwoordigerscrimineel gedreven of aangestuurd wordt en of het dus om pogingen totondermijning gaat.9 Niettemin concluderen de onderzoekers dat het ambtvan decentrale volksvertegenwoordigers kwetsbaarheden kent. Zij staanvanuit hun rol midden in de samenleving. Hier kan misbruik van wordengemaakt, niet alleen door criminelen, maar ook – en vooral – door mensenuit de eigen professionele en sociale kringen met een bepaald belang. Uithet onderzoek volgen drie aanbevelingen om de kwetsbaarheden teverkleinen: i) verlaag en verwijder barrières die tot handelingsverle-genheid leiden, ii) ondersteun en stimuleer decentrale actoren in hun7Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar 2022–2023, 28 844, nr. 264.8Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar 2022–2023, 28 844, nr. 254.9Uit de recent uitgebrachte Basismonitor Politieke Ambtsdragers volgt dat het om een beperktaantal decentrale volksvertegenwoordigers zou gaan wat bijvoorbeeld te maken heeft metpogingen tot omkopingen (1%) of bedreigingen met een crimineel oogmerk (2%).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2796 aanpak tegen oneigenlijke druk en iii) voer het gesprek over screening vankandidaat-volksvertegenwoordigers.Hoewel uit het onderzoek geen concrete aanwijzingen komen waar groterisico’s en dreigingen uit blijken, onderschrijf ik de conclusie van hetonderzoek dat «het belang van de aanpak van oneigenlijke druk enondermijning niet te verwaarlozen groot is». Ik blijf mij met onder anderepolitie, OM en de relevante beroeps- en belangenverenigingen inzettendoor onder andere de volgende acties:•Ik overleg met de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden en deVerenging van Griffiers hoe dit thema meegenomen kan worden in deinwerkprogramma’s voor nieuwe raadsleden en relevante leergangen.•Ik ga in gesprek met de kring van Commissarissen van de Koning overde rol die zij kunnen vervullen.•Ik bespreek het onderwerp screening met (bestuurdersverenigingenvan) politieke partijen. Hoewel het aan politieke partijen zelf is ominvulling te geven aan de wijze waarop zij kandidaat-volksvertegenwoordigers werven, biedt mijn ministerie in hetHandboek integriteit enkele instrumenten aan die in deze fasebehulpzaam kunnen zijn.10•Tot slot wil ik in het wetsvoorstel Wet op de politieke partijen bezien opwelke wijze politieke partijen transparant kunnen zijn over hunintegriteitsbeleid bij de procedure voor de totstandkoming van dekandidatenlijst.AfsluitendIk kan niet genoeg benadrukken dat intimidatie en bedreiging níet bij hetambt horen. Het raakt personen, hun gezin én de democratie. Intimidatieen bedreiging van bestuurders, politici en ambtenaren is een maatschap-pelijk probleem en ik wil graag iedereen oproepen zich met mij hiertegenuit te spreken. Het is belangrijk om agressie en intimidatie te melden endit niet stil te houden, zodat opgetreden kan worden. Dit helpt ook voor deaanpak van kwetsbare processen binnen de overheid en potentiëlevoedingsbodems voor ondermijning. Tegelijkertijd vraagt het om alsoverheid kritisch naar onszelf te blijven kijken en te zorgen dat onsgedrag, dienstverlening en besluitvorming een voorbeeld is van goed eninteger bestuur. Dat betekent ook respectvolle omgangsvormen onderling.Normeren van ongewenst gedrag is soms nodig, waarvan het herstellenvan de verbinding ook een onderdeel is. We hebben elkaar nodig enmoeten met elkaar verder in onze democratie. Daar blijf ik me voorinspannen.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,J.J.M. Uitermark10Handboek integriteit, Den Haag: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties2023: Handboek integriteit voor politieke ambtsdragers van decentrale overheden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 844, nr. 2797

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 140570bb6e6c4e06

14 okt 2026 · 007be1eebf7db726

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.