Verslag van een commissiedebat, gehouden op 2 oktober 2025, over Vreemdelingen- en asielbeleid
Brontekst
Versie 8be0d6bc354fd6ee · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202619 637VreemdelingenbeleidNr. 3493 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 29 oktober 2025 De vaste commissie voor Asiel en Migratie heeft op 2 oktober 2025overleg gevoerd met de heer Van Weel, Minister van Asiel en Migratie, enmevrouw Keijzer, Minister voor Asiel en Migratie, Vice-Minister-President,over:–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 25 juni 2025inzake Stand van de uitvoering van de Dienst Terugkeer enVertrek (Kamerstuk 19 637, nr. 3438);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 3 juli 2025inzake antwoorden op vragen commissie inzake vragen uit deV-100 over het COA (Kamerstuk 33 042, nr. 39);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 4 juli 2025inzake het rapport De Staat van Migratie 2025 (Kamerstuk30 573, nr. 228);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 9 juli 2025inzake signalen rondom criminele prostitutienetwerken inasielzoekerscentra (Kamerstuk 19 637, nr. 3453);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 11 juli 2025inzake diverse onderwerpen op het gebied van migratie(Kamerstuk 30 573, nr. 229);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 11 juli2025 inzake de incidentenmonitor 2024 van het WODC(Kamerstuk 19 637, nr. 3455);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 11 juli2025 inzake samenhangend pakket met nadere afspraken tenaanzien van de uitwerking van hoofdstuk 2 van het hoofdlij-nenakkoord met betrekking tot huisvesting (Kamerstuk19 637, nr. 3457);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 11 juli2025 inzake reactie op verzoek commissie inzake de bericht-geving over onrust in gemeenten over de komst van asielzoe-kerscentra (Kamerstuk 19 637, nr. 3456);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 14 juli2025 inzake diverse onderwerpen op het gebied van opvang(Kamerstuk 19 637, nr. 3458);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 16 juli2025 inzake het rapport van de Inspectie Gezondheidszorg en kst-19637-3493ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34931 Jeugd over Nidos, regio Apeldoorn (Kamerstuk 27 062,nr. 142);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 16 juli2025 inzake zorg voor zwangere asielzoekers in de opvangke-ten (Kamerstuk 19 637, nr. 3459);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 20 augustus2025 inzake toezegging over het percentage terugnameverzoe-ken bij gedwongen terugkeer (Kamerstuk 19 637, nr. 3460);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 28 augustus2025 inzake uitspraak Raad van State over discretionairebevoegdheid (Kamerstuk 19 637, nr. 3461);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 3 september2025 inzake uitvoering van de gewijzigde motie van het lidDiederik van Dijk c.s. over illegale vreemdelingen en asielzoe-kers onder het bereik van de glijdende schaal nooit onder dereikwijdte van OM-strafbeschikkingen laten vallen (Kamerstuk29 279, nr. 951) (Kamerstuk 29 279, nr. 984);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 3 september2025 inzake beperken terugkeerondersteuning aan vreemde-lingen uit Mongolië (Kamerstuk 19 637, nr. 3462);–de brief van de Minister voor Asiel en Migratie d.d. 5 septem-ber 2025 inzake voortgang aanpak overlastgevende asielzoe-kers (Kamerstuk 19 637, nr. 3469);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 5 september2025 inzake plan van aanpak voor periodieke rapportage overterugkeerbeleid (Kamerstuk 29 344, nr. 156);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 5 september2025 inzake rapportage over wijzigingen in het asielbeleid inomringende landen, Q1 2025 (Kamerstuk 19 637, nr. 3468);–de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken d.d. 8 septem-ber 2025 inzake kabinetsappreciatie van het rapport van deEuropese Commissie inzake het opschortingsmechanisme voorvisumvrijstelling (Kamerstuk 32 317, nr. 971);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 9 september2025 inzake landenbeleid Somalië (Kamerstuk 19 637,nr. 3473);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 9 september2025 inzake rapportage over onregelmatigheden Wet biome-trie in de vreemdelingenketen (Wbvk) (Kamerstuk 35 604,nr. 12);–de brief van de Minister van Asiel en Migratie d.d. 9 september2025 inzake adequate opvang alleenstaande minderjarigevreemdelingen Ethiopië en Gambia (Kamerstuk 27 062,nr. 143).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,VijlbriefDe griffier van de commissie,BurgerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34932 Voorzitter: FaddegonGriffier: BurgerAanwezig zijn elf leden der Kamer, te weten: Baudet, Ceder, Diederik vanDijk, Faddegon, Van Nispen, Piri, Podt, Rajkowski, Vondeling, VanVroonhoven en Van Zanten,en de heer Van Weel, Minister van Asiel en Migratie, en mevrouw Keijzer,Minister voor Asiel en Migratie, Vice-Minister-President.Aanvang 10.01 uur.De voorzitter:Goedemorgen. Ik open deze vergadering. Ik heet allereerst de bewinds-lieden met hun ondersteuning van harte welkom. Ik heet alle Kamerledenwelkom. Ik heet alle mensen op de publieke tribune van harte welkom. Ikheet ook alle kijkers thuis uiteraard van harte welkom; fijn dat u kijkt.Wij gaan vandaag het debat voeren over vreemdelingen- en asielbeleid.We hebben maar vier uur. Niet alle fracties blijken vertegenwoordigd tezijn, dus misschien valt het mee. We beginnen zo meteen met de eerstetermijn. Ik wil voorstellen dat wij vier interrupties mogen plegen, maar ikvermeld daar wel bij dat u per interruptie 45 seconden krijgt. De praktijkwijst uit dat dat lang genoeg kan zijn om een paar vragen te stellen. Als uover de 45 seconden heen gaat, dan geldt dat als een tweede interruptie.Dan bent u dus sneller door uw vuurwerk heen.We hebben een vraag van de heer Van Nispen. Ik neem aan dat u daargeen bezwaar tegen heeft. We beginnen zo meteen gewoon hier links vanmij, maar de vraag is of de heer Van Nispen na mevrouw Van Zanten hetspreekrecht mag krijgen. Als er verder geen bezwaren tegen zijn, danzullen we dat zo aanhouden en dan bent u als nummer drie aan de beurt,meneer Van Nispen.Dan stel ik voor dat wij gewoon gaan beginnen bij de eerste inbreng. Ikgeef het woord aan ... Nou ben ik je achternaam kwijt. Ik gebruik altijd jevoornaam! Vondeling; ik moest het weten. Mevrouw Vondeling krijgt hetwoord.Mevrouw Vondeling (PVV):Dank u wel, meneer Faddegon. Voorzitter. Vorige week kwamen er weer1.100 asielzoekers bij, een record dit jaar. De opvang in Ter Apel barst uitzijn voegen, wat de Nederlandse belastingbetaler dit jaar al € 700.000 aandwangsommen heeft gekost. Nederland is inmiddels één groot azcgeworden. Overal zien we de gevolgen: overlast en criminaliteit in onzedorpen en steden, wijken waarvan de samenstelling verandert door dekomst van alleenstaande mannen uit andere culturen en een groeiendeonrust onder onze bevolking. Nederlanders voelen zich niet meer gehoorden niet meer veilig. Ze zijn het spuugzat dat de grenzen al decennialangopenstaan en dat daar niets aan gebeurt. De PVV steunt het verzet inNederland. Onze motie, waarin staat dat demonstraties tegen azc’sgeoorloofd zijn, mits geweldloos, is vorige week door de Tweede Kameraangenomen.Nederland snakt naar een asielstop en naar fors meer grensbewaking, netals in Duitsland. We hadden allang onze grenzen kunnen sluiten, maar deVVD, BBB en NSC durfden dat niet. Daarom viel het kabinet. Kijk naar deresultaten in Duitsland: de aantallen illegale migranten zijn forsafgenomen. In Duitsland zijn er de afgelopen periode meer dan 36.000mensen tegengehouden aan de grens. In Nederland maar 360.Alleen de PVV is betrouwbaar met een asielstop. De PVV zegt ook: stopmet gezinshereniging, want Nederland kan het niet aan. Pak de verblijfs-vergunning van statushouders en al hun gezinsleden af als er sprake isvan fraude. Ik krijg steeds meer signalen over misbruik: statushoudersTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34933 krijgen meerdere woningen toegewezen. Sommige koppels zouden zelfsbewust scheiden om aanspraak te maken op extra woningen, om dezevervolgens onder te verhuren. Kan de Minister bevestigen of dezepraktijken plaatsvinden? En zo ja, wat gaat de Minister doen om ditkeihard aan te pakken? Worden de verblijfsvergunningen van fraudeursdirect ingetrokken?De Spreidingswet, die van Nederland een groot azc maakt, moet ookonmiddellijk worden ingetrokken. Mensen worden gek van al die azc’s.Stuur Syriërs en Oekraïense mannen terug; niet volgend jaar, maar nu.Dan kunnen we azc’s snel sluiten.De terreinen van azc’s staan vol met fatbikes. Het COA heeft zelfs een gidsvoor asielzoekers gemaakt over hoe ze hun fatbikes veilig kunnen opladenin het azc. Het is mijn fractie een doorn in het oog dat Nederlandersamper rond kunnen komen, terwijl asielzoekers alles gratis krijgen en oppeperdure fatbikes rondrijden. Ik vraag de Minister: hoe is het mogelijkdat asielzoekers fietsen van honderden tot wel duizenden euro’s kunnenbetalen? Waar halen zij het geld vandaan?Tot slot, voorzitter. Overlastgevende en criminele asielzoekers enstatushouders moeten worden vastgezet en uitgezet, ook minderjarigeasielzoekers. In de brief van de Minister lees ik dat overlastgevendealleenstaande minderjarigen overgeplaatst worden naar gespecialiseerde,kleinschalige opvanglocaties van Nidos, met intensieve begeleiding. Decapaciteit daarvan zou binnenkort worden uitgebreid. Maar waarom,Minister, investeren we in opvangplekken voor dit tuig, dat onze stratenonveilig maakt? Waarom worden ze niet uitgezet, in plaats van dateindeloze gepamper?Wat er zeker niet moet gebeuren, is dat we zich misdragende asielzoekersop omwonenden afsturen. In Amersfoort heeft een COA-woordvoerdertijdens een informatieavond aangegeven dat asielzoekers die zichmisdragen tijdelijk het azc moeten verlaten. Zij krijgen daar een verbodvan vier uur en mogen die tijd in de wijk afkoelen. Kennelijk schijnt datbestaande praktijk te zijn. Graag een reactie van de Minister.Voorzitter, ik rond af. De keuze op 9 oktober is helder. Al die mensen diegenoeg hebben van al die asielzoekers, al die azc’s en al die criminaliteiten ellende, weten waar ze moeten zijn, namelijk bij de PVV.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie één interruptie. Ik stel voor even de interrupties te doen.Daarna zal ik mij bezighouden met meneer Baudet, want daar hebben wenog een vraag over. Meneer Baudet, u mag ook nog geen interruptieplegen nu. Nou, we zullen dat dan eerst afhandelen. Dan komt daarna uwinterruptie, meneer Ceder. Meneer Baudet, ik heb begrepen dat u geen lidbent van deze commissie. Ik kijk naar de andere commissieleden of zij erbezwaar tegen hebben dat meneer Baudet deelneemt aan dit debat. Ik ziegeen bezwaren. Dan bent u hierbij toegelaten tot dit debat. U mag dan numeedoen. Maar we gaan nu over naar de interruptie van meneer Ceder.De heer Ceder (ChristenUnie):Fijn, voorzitter. Naar mijn weten is er op 9 oktober een heugelijkegebeurtenis, namelijk de verjaardag van Minister Keijzer, maar u bedoeldevolgens mij 29 oktober, mevrouw Vondeling. Dat is de dag dat mensennaar de stembus kunnen. Dat is ook goed, dat is ook belangrijk.De afgelopen jaren heeft de PVV de kans gekregen om met veelvertrouwen het verschil te maken. Dat heeft niet het strengste asielbeleidopgeleverd, maar het duurste. De suggestie dat er te veel geld naar asielging, heeft ertoe geleid dat het duurste asielbeleid aller tijden is gefacili-teerd. Dat was mede de keuze van de PVV. Ik vraag mij af hoe u voorkomtdat dit debacle opnieuw zal ontstaan, als u opnieuw veel vertrouwenkrijgt. De PVV is daar wel medeverantwoordelijk voor.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34934 De voorzitter:U heeft 50 seconden gebruikt, maar ik zal het door de vingers zien. Ookeven voor meneer Baudet: de vragen mogen niet langer dan 45 secondenzijn, anders telt het als twee interrupties. U heeft vier interrupties.Mevrouw Vondeling (PVV):Nou, het is duidelijk wat de PVV wil. Wij willen een asielstop. Dat betekentdat er geen asielzoekers meer zijn die Nederland in komen. Dan kunnenwe de azc’s gaan sluiten. Dat zal een enorme kostenbesparing zijn, wantwij geven dit jaar 9 miljard euro uit aan opvang voor Oekraïners enasielzoekers. Dat zal dan dus zeker lukken.De heer Ceder (ChristenUnie):Ik wil ook een strandhuisje in Bloemendaal. Ik wil ook per direct vrede opaarde. We zitten in de politiek omdat wij besluitvorming moeten makendie in de praktijk ook werkt. De PVV kreeg die gelegenheid. Dat heeft niettot minder kosten geleid. Het heeft geleid tot het duurste asielbeleid ooit:duurder dan toen de PvdA in het kabinet zat en duurder dan toen deChristenUnie in het kabinet zat. PVV staat gelijk aan het duurste asiel-beleid ooit. Mijn vraag is hoe we weten dat dat niet opnieuw gaatgebeuren. Welke keuzes, die juridisch ook gewoon kunnen, gaat u makenom dat te voorkomen?Mevrouw Vondeling (PVV):De keuze die wij maken, is dat wij net als andere landen gewoon een veelstrenger beleid gaan voeren. Ik heb dat net al gezegd. Dat is gewoon nietgelukt in het voorgaande kabinet. We zijn ook uit de coalitie gestapt,omdat de andere partijen daar niet in mee wilden gaan. Ik heb er zekervertrouwen in dat dat gaat lukken, als wij als partij nog groter worden.De voorzitter:Dank u wel. Ik geef het woord aan mevrouw Van Zanten van BBB.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank u wel, voorzitter. Ik wil beginnen met het citaat van een ondernemeruit Ter Apel. Zij zei gisterochtend tegen mij: «Het is het Wilde Westen hier.De leefbaarheid is weg. Vrijwel niemand wil hier nog boodschappen doen,mensen rijden daarvoor liever naar een ander dorp. Alle kosten voorbeveiliging, een speciaal gesloten kassasysteem van € 18.000 voorcontanten, camera’s en vernielingen moeten we zelf betalen. Dit is niet volte houden. Achttien panden in ons dorp staan inmiddels leeg». Hoeveeldiefstallen, vernielingen en bedreigingen moeten zij nog accepteren?Hoeveel medewerkers en omwonenden moeten zich nog onveilig voelen?Voorzitter. In mei dit jaar ondertekende BBB, samen met andere partijenvan links tot rechts, een motie van D66, die breed werd aangenomen.Deze motie vroeg de regering om uiterlijk afgelopen zomer één loket in terichten, waar ondernemers in Ter Apel terechtkunnen voor zowel reguliereals complexe schadeafhandeling en voor preventieve maatregelen. Ikbegrijp van deze ondernemers dat dat in de praktijk niet werkt. Degemeente schijnt geld te hebben gekregen. Maar omdat het als staats-steun wordt gezien, kan dat geld niet worden uitgekeerd. Het is uitein-delijk wel onze verantwoordelijkheid dat de inwoners en ondernemers vanTer Apel zo veel overlast en onveiligheid ervaren. Het is de verantwoorde-lijkheid van de Staat. Het minste wat wij kunnen doen, is hen schadeloos-stellen. Graag een reactie van de Minister.Voorzitter. Naast het feit dat Ter Apel zonder twijfel ...De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Podt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34935 Mevrouw Podt (D66):Inderdaad hebben BBB en D66 en nog veel andere partijen heel goedsamengewerkt op dit thema, dus ik ben ook blij dat mevrouw Van Zantenhier vragen over stelt. Zij geeft ook aan dat die ondernemers hiermee echtomhoog zitten. Die verdienen het ook daarmee geholpen te worden en datloket te krijgen. Nou hebben we er een halfuurtje voor dit debat een briefover gekregen. Ik hoor mevrouw Van Zanten nu zeggen dat ze die nietgezien heeft en dat kan ik me voorstellen. Dat vind ik sowieso wel eenbeetje vervelend, want dat maakt ook dat u en ik niet aan die onder-nemers hebben kunnen vragen of ze geholpen zijn met de maatregelendie de Minister heeft genomen. Daar komt bij dat een aantal van dieondernemers een overleg hebben gehad met de Minister, terwijl deMinister hun had gevraagd om maar voor drie kwartier naar Den Haag tekomen, terwijl die mensen helemaal uit Ter Apel moeten komen. Dieondernemers voelen zich dus op geen enkele manier serieus genomen.Vindt u met mij dat de Minister echt meer moet doen om de ondernemerstegemoet te treden om ervoor te zorgen dat zij zich door dit kabinetserieus genomen voelen?De voorzitter:Er wordt hier gezegd dat dit een interruptie was van meer dan 45seconden. Het klopt, dat geldt als twee interrupties. Mevrouw Van Zanten,u mag antwoord geven.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank voor de vraag. Wat de Minister eigenlijk precies doet qua contactmet ondernemers en hoe vaak zij met hen belt en bij hen langsgaat, zou uecht aan mevrouw Keijzer moeten vragen, want dat weet ik gewoon niet.Ik heb wel begrepen dat zij in nauw contact staat met de ondernemers, dieik gisteren ook sprak. Zij hebben dus wel contact met de Minister. Dezevraag kunt u het beste toch aan mevrouw Keijzer stellen. Nou ben ik evenuw andere vraag kwijt. Sorry.Mevrouw Podt (D66):Het ging mij er vooral om dat we de tijd krijgen om die ondernemers ...Sorry, hoor, dit is geen interruptie, mag ik hopen.De voorzitter:Ik heb ook enige coulance soms.Mevrouw Podt (D66):Dank u wel. Het ging er vooral om hoe we ervoor zorgen dat die onder-nemers zich serieus genomen voelen. Hoe zorgen we ervoor dat dat loketer komt en ook op een manier dat die ondernemers daarmee geholpenzijn? Op deze manier kunnen u en ik dat natuurlijk niet toetsen.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dezelfde vraag heb ik net ook aan de Minister gesteld, dus ik benbenieuwd naar het antwoord.Dan ga ik verder met mijn inbreng. Voorzitter. Naast het feit dat Ter Apelzonder twijfel de meeste overlast heeft, is het op veel andere plekken inhet land natuurlijk ook niet best in en rondom de COA-locaties, deasielzoekerscentra. Hier is ook structureel sprake van overlast, intimidatieen regelmatig ook geweld. De maatschappelijke onrust wordt steedsgroter. Daarnaast hebben we te maken met instanties die langs elkaarheen werken. Het COA ziet iets, de gemeente hoort iets en de politie weetiets, maar niemand mag die informatie met elkaar delen. Het gevolg is datniemand het hele plaatje heeft en risicopersonen op die manier door demazen kunnen glippen, totdat het soms ook heel erg misgaat.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34936 Voorzitter. BBB wil daarom vier maatregelen voorstellen om orde op zakente stellen. Eén. Maak gegevensdeling tussen deze organisaties wettelijkmogelijk. Haal die muren weg, want veiligheid moet hier echt voorbureaucratie gaan. Twee. Geef medewerkers de bevoegdheden die zenodig hebben, zoals gebiedsverboden, contactverboden en debevoegdheid om te kunnen korten op leefgeld. Drie. Het terrein van hetCOA is geen openbare ruimte, dus boa’s mogen er niets en de politie mager pas komen als ze gebeld worden door de particuliere beveiligers.Terwijl bewoners en omwonenden recht hebben op veiligheid, stapelenwij regels. Dus geef boa’s en politie de ruimte om direct op te treden. Tenvierde. Stel een grondig, onafhankelijk onderzoek naar het functionerenvan het COA in. Want wanneer grijpt het COA dan wel of niet in enwaarom? Wanneer wordt een incident wel of niet geregistreerd? Welkeprocedures falen? Ik zou graag een reactie hebben op alle vier devoorstellen, want de inwoners van Nederland hebben recht op veiligheiden leefbaarheid.Op de lange termijn is er uiteraard veel meer nodig. De instroom vanasielzoekers moet drastisch omlaag. BBB heeft heel veel voorstellengedaan om de instroom omlaag te krijgen, bijvoorbeeld verschillendemoties om de verouderde internationale verdragen aan te passen. Het isgoed om deze week in de brief van de Minister te lezen dat hiervan werkwordt gemaakt. Ik kijk dan ook uit naar de uitkomst van het onderzoek datClingendael doet.Daarnaast is onlangs onze motie aangenomen die de regering verzoektom in opleidingstrajecten van beroepsmilitairen aandacht te besteden aangrensbewaking, ter voorbereiding op mogelijke inzet ter versterking vande nationale grenzen. Wanneer en hoe gaat deze worden uitgevoerd,vraag ik de Minister. Wat we in Duitsland zien, werkt namelijk. In hetafgelopen jaar heeft Duitsland 54.000 ongeautoriseerde personengeregistreerd en ruim twee derde daarvan, 36.500, is direct aan de grensweggestuurd. En sinds 7 mei van dit jaar werden van de ongeveer ...De voorzitter:Er is een interruptie voor u. Ik wilde u laten uitspreken, maar u stopte zelfal.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Ik hoor de BBB hameren op de chaos die er is rond Ter Apel en bij hetCOA. Daar ben ik het helemaal mee eens. De BBB maar ook de PVV zittenheel erg op de instroom en doen ook voorstellen om die te beperken,maar ik hoor de BBB helemaal niet over de doorstroom, terwijl toch eenkwart van de mensen die in azc’s zitten, statushouder is. Welke voorstellenheeft de BBB voor de doorstroom?Mevrouw Van Zanten (BBB):Het toeval wil dat de Minister voor Asiel en Migratie ook Minister van VROis. Zij is hard bezig met doorstroomlocaties, maar dat is volgens mij nietwaar dit debat precies over gaat. Vorige week heeft zij, om Ter Apel teontlasten, gezegd dat nareizigers die daar zitten, die dus een referent inNederland hebben die al huisvesting heeft, bij die referent kunnen wordenondergebracht, zodat er meer plek komt in de azc’s. Dat is één. Verder ishet vooral een kwestie van VRO.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Dit is geen antwoord op mijn vraag aan mevrouw Van Zanten. We zien datde azc’s overbelast zijn. Dan hamert u op de instroom. Ik vroeg: bent u hetmet mij eens dat het ook een doorstroomprobleem is? Daarop zegt u nuja, maar als ik u vraag om aanvullende maatregelen te nemen, verwijst unaar de Minister. Ik zou het mooi vinden als u zou zeggen: we moeten ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34937 aanvullende maatregelen nemen op het gebied van doorstroom, om diebottleneck weg te nemen. Zo jammer dat ik u daar niet over hoor.Mevrouw Van Zanten (BBB):Ik denk dat NSC en BBB enigszins verschillend kijken naar de manier omdit probleem op te lossen. Voor ons ligt het probleem echt bij deinstroom, want we kunnen wel huizen blijven bouwen voor alle mensendie binnenkomen en we kunnen wel blijven zorgen voor tijdelijkehuisvesting en vaste huisvesting, maar dat wordt heel lastig – dat weetNSC ook – door allerlei andere factoren. Het is natuurlijk ook een kwestievan wat voor land je in de toekomst wilt zijn. Wil je echt alles volbouwen?Moeten alle weilanden en alle natuurgebieden volgebouwd wordenvanwege de ongebreidelde instroom, waar we totaal geen grip ophebben? Nee, wat dat betreft is BBB het dus totaal niet met NSC eens.Natuurlijk, we moeten ook iets aan de doorstroom doen, maar hetgrootste probleem ligt bij de instroom, want anders blijft het dweilen metde kraan open.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Concluderend, voorzitter: ik zie hier ...De voorzitter:Dit is uw derde interruptie al, hè? Ik zeg het maar even, zodat u het in degaten houdt.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Ik concludeer af. Prima, maar dan hebben we dit in ieder geval even goedgemarkeerd met elkaar. Een kwart van de mensen in de azc’s is status-houder en moet doorstromen. BBB ziet dat probleem niet en wil daaronvoldoende de vinger op leggen.Mevrouw Van Zanten (BBB):Om daar nog heel kort op te reageren: dat is niet wat ik net zei. Ik hebgezegd dat de doorstroom absoluut ook een probleem is. Die mensenzitten nu in azc’s en moeten ergens heen. Daar is de Minister van VROhard mee bezig; die is daar hard mee aan de slag. Daarnaast moet vooralde instroom naar beneden, want anders komen we nooit van dezeproblemen af.De voorzitter:Ik zie dat er geen andere interrupties zijn. Dan mag u verder met uwinbreng.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank u wel, voorzitter. Waar was ik gebleven? Bij de grenscontroles inDuitsland. Sinds 7 mei van dit jaar werden er daar van de ongeveer 19.500illegale migranten meer dan 14.000 aan de grens tegengehouden. Uit decijfers blijkt verder dat sindsdien slechts 987 mensen asiel hebbenaangevraagd in ons buurland, waarvan 796 aanvragen zijn afgewezen.Voorzitter. Dit is het bewijs dat grenscontroles effectief zijn. Dit laat ziendat de fysieke aanwezigheid van Defensie ook gaat werken. Ook de tweeasielwetten gaan enorm helpen om de instroom te beperken. Daarom wilik de Minister vragen hoe het staat met de planning van de behandelingvan de novelle voor de Asielnoodmaatregelenwet. Als we namelijk echtiets willen doen, is het van groot belang dat die wetten er zo snel mogelijkkomen. Kortom, BBB wil een spoedige oplossing voor ondernemers in TerApel, orde op zaken bij het COA, intensivering van de grenscontroles eneen zo snel mogelijke invoering van de twee asielwetten.Tot slot wil ik nog wel even opgemerkt hebben dat ik het erg jammer vinddat een aantal partijen hier niet aanwezig zijn, terwijl ze wel altijd zeggenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34938 dat ze asiel heel belangrijk vinden. Jammer dat ze dan niet komenopdagen bij het allerlaatste debat.De voorzitter:Oké. Ja, u mag een punt van orde maken, mevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Even een punt van orde, want die laatste uithaal vind ik een beetjeonterecht. Ik denk dat we allemaal zien dat deze laatste dag vrij hysterischis met tweeminutendebatten en dergelijke. Ik vind het dus een beetjeonkies dat mevrouw Van Zanten dan een uithaal doet naar collega’s diehier om allerlei redenen niet bij kunnen zijn. Dat vind ik niet helemaal fair.Ik denk dat het goed is om dat te zeggen, ook voor de mensen die kijkenen zich afvragen hoe dat zit.De voorzitter:U mag daar kort op reageren, mevrouw Van Zanten, maar u bent al welver over uw spreektijd heen. Maar u mag er even op reageren.Mevrouw Van Zanten (BBB):Daar wil ik wel even kort op reageren, want bepaalde andere partijenworden er altijd keihard op aangevallen als ze niet bij debatten aanwezigzijn. We hebben het hier over een ongelofelijk belangrijk onderwerp, eenonderwerp waarvan een aantal van deze partijen altijd aangeven dat hetprioriteit voor hen heeft. Dit is het allerlaatste asieldebat voor hetverkiezingsreces. Wij moeten ook keuzes maken. Wij hebben het ookongelofelijk druk, maar wij zitten hier wel.De voorzitter:Misschien nog even goed om van mijn kant uit te leggen waarom ik nietheb ingegrepen. Het was een generieke uitspraak van mevrouw VanZanten. Daarom heb ik niet ingegrepen. Als er specifiek over individuelepartijen zou zijn gesproken, had ik absoluut ingegrepen. Dat mag u vanmij aannemen. Maar dit was zo generiek dat ik dit kon tolereren.Dan zijn we verder klaar. Ik zie dat er geen andere interrupties meer zijn.Dan geven we, in goed overleg, mevrouw Podt even uitstel. Het woord isaan de heer Van Nispen.De heer Van Nispen (SP):Dank u wel. Meteen ook mijn excuses aan de bewindspersonen, want ikmoet er straks tussenuit om naar de plenaire zaal te gaan vanwegeoverlap van debatten.Voorzitter. Er is ongelofelijk veel onvrede over het asiel- en vreemdelin-genbeleid en over het gebrek aan beleid en oplossingen. Er is onvrede bijontzettend veel mensen, die bezorgd zijn. Er is enorme polarisatie. Ook iser grote onvrede bij gemeentes. Lokale bestuurders stuurden ons eennoodkreet: het loopt uit de klauwen. Ze worden vol in de wind gezet. Er isgewaarschuwd, er is hulp gevraagd, maar er is niets geregeld en er wordtniets opgelost.Sterker nog, het wordt erger. Gisteren kregen we weer een brandbrief, nuvan de gemeente Tilburg en andere gemeentes, over het gewijzigdebeleid voor nareizigers. Dat leidt er bijvoorbeeld toe dat vijftien mensen ineen kleine woning worden gepropt in bijvoorbeeld Tilburg. Dan vraag ikme af: wat denkt u dat dat doet met woonwijken? Hoe kan dit nou? Hoekan dit nou het gevolg zijn van beleid? Is dit hoe we het voor ons zien? Hetgebrek aan beleid en echte oplossingen voedt de onvrede en leidt totmeer polarisatie.Voorzitter. Het kan natuurlijk gewoon wel. De problemen zijn wel degelijkoplosbaar. Je kunt toe naar minder migratie om te zorgen dat hethoudbaar blijft voor onze voorzieningen in de toekomst. De SP pleit dusTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 34939 ook voor een migratiesaldo van 40.000. Dat zijn drie keer mindermigranten dan het nu zijn. Ik vraag me steeds af waarom jullie het daarniet over willen hebben. Volgens mij is dat omdat we het dan ook moetenhebben over het beperken van arbeidsmigratie, kennismigratie enstudiemigratie, en dat misschien wel de belangen van grote bedrijvengaat raken.De opvang is compleet vastgelopen en kost inmiddels bizar veel geld.Belastinggeld verdwijnt in de zakken van commerciële beunhazen dieprofiteren van de politieke chaos. Het gaat om meer dan 1 miljard euroverspilling per jaar. In plaats van daar concreet iets aan te doen door onzemotie uit te voeren of het COA de mogelijkheid te bieden meerjarigecontracten af te sluiten, presenteren deze Ministers eigenlijk een belache-lijke begroting, waarmee ze iedereen weer voor de gek proberen tehouden.We hebben een schrijnend voorbeeld. Er is een gemeente die het COAvoor zeven jaar een contract voor opvang aanbiedt, maar het COA kandaar niet op ingaan omdat het op grond van die falende meerjarenbe-groting geen meerjarige contracten mag afsluiten. Tegelijkertijd is er daneen hotel dat voor twee jaar, voor dezelfde prijs en voor hetzelfde aantalmensen ook een contract aanbiedt, en dat mag wel. Waar zijn we nouhelemaal mee bezig? Dat vraag ik me echt af. Wat is dit nou weer voorbelachelijke verspilling? Dit is het gevolg van wanbeleid. Hoe is dit nou teverantwoorden? Dit beleid kost de samenleving miljarden en maakthandige zakenjongens rijk. Ik zou zeggen: stop daarmee, met dit stuk.Een deel van de onvrede over de opvang en het gebrek aan draagvlak issoms – lang niet altijd, zeg ik er nadrukkelijk bij – te wijten aan eenverkeerde verdeling over het land. De twintig rijkste gemeentes doentwintig keer minder aan structurele opvang dan de twintig armste.Waarom vraagt u niets van Bloemendaal, Blaricum en Castricum, en juistzo veel van bijvoorbeeld Zutphen en Ter Apel? Ook dat is niet houdbaar enleidt tot onvrede. U kunt dit oplossen, maar u weigert dat te doen.Over Ter Apel gesproken: ook de SP heeft eerder gezegd dat de overlastvoor omwonenden en winkeliers moet stoppen. Behandel de kanslozeaanvragen eerst, zet in op terugkeer van afgewezen asielzoekers, tolereerde overlast niet en compenseer de gemeenten en ondernemers dieschade lijden. Daar ging het net, terecht, ook al over. Waarom lukt zelfs ditstukje niet, terwijl we het daar toch allemaal over eens zijn?Bij de behandeling van de veelbesproken asielwetten heb ik mijn zorgenuitgesproken over de eerlijke behandeling van mensen die vluchten vooroorlog en geweld en het afbreken van hun rechtsbescherming. Want hetweghalen van gefinancierde rechtsbijstand in de cruciale beginfase,waarin de asielzoeker zijn verhaal vertelt en waarin bepaald wordt welkeinformatie van belang is voor het dossier, ondermijnt niet alleen deeerlijke behandeling en de rechtspositie van de asielzoeker, maar leidt ooktot onterechte afwijzingen, extra rechtszaken en een nog grotere druk opeen toch al overbelast systeem.En die onredelijke bezuiniging op VluchtelingenWerk komt daar nog eensbovenop. Een deel van deze zorgen heb ik neergelegd in een motie, dieuiteindelijk ook is aangenomen. In die motie staat dat in aanloop naar hetEU-Migratiepact sprake moet zijn van uitvoeringstoetsen en een openbareconsultatie, zodat we allemaal kunnen meekijken en experts kunnennadenken over vragen als: is dat nou verstandig beleid, moet je dit zodoen, leidt dit tot onrecht, moeten we hier niet iets tegenoverstellen?Precies de uitvoering van die motie lijkt nu niet plaats te vinden. Dathoeven wij niet te accepteren. Aangenomen moties horen gewoon teworden uitgevoerd. Graag een toezegging dat dat alsnog gaat gebeuren,naar de letter en naar de geest.Kortom, wij willen een eerlijke behandeling van asielzoekers, van mensendie vluchten voor oorlog en geweld. Maar stop met die verspilling vanbelastinggeld. Ga toe naar een eerlijk migratiesaldo, stop de overlast enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349310 bevorder de terugkeer van afgewezen asielzoekers. Want die echteoplossingen voor een beter beleid kunnen gewoon wel. Stop met diepolitieke onwil.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie dat er een interruptie is, van meneer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Een vraag aan de heer Van Nispen. Hij had het over de aanpak vancriminele asielzoekers en zei dat we daar eventueel strenger in moetenworden, als dat nodig is. Het ontnemen van de status is in het ultiemegeval natuurlijk een optie. We kennen het systeem van de glijdendeschaal. Hoe reflecteert de SP daarop in dat licht? Voldoet die? Is deafschrikwekkende werking goed of zouden we die misschien eens bredertegen het licht moeten houden? Hoe staat de SP daarin?De heer Van Nispen (SP):Als mensen echt ernstige strafbare feiten plegen, vindt de SP inderdaaddat dat gevolgen kan hebben voor hun aanvraag en dat het zo kan zijn datje de verblijfsvergunning om die reden moet weigeren. Precies daaromhebben we dat systeem van de glijdende schaal: hoe erger het delict, hoegroter de kans dat de aanvraag wordt afgewezen, al naargelang hoelangiemand hier al is. Volgens mij voldoet dat systeem. Ik heb geen aanwij-zingen uit de praktijk dat dat niet zo zou zijn. Ik ken de voorstellen van deheer Van Dijk van de SGP en anderen die zeggen: het moet strenger, hetmoet strenger, het moet strenger. Ik zeg niet dat u dat voorstelt, maar alsuiteindelijk zelfs een scheldwoord, een belediging of wat dan ook, eenlicht strafbaar feit, zou leiden tot afwijzing van een aanvraag van iemanddie op de vlucht is voor oorlog en geweld, denk ik: daar moeten we nietnaartoe. Ik wil maar zeggen dat er een zekere grens zit aan hoe streng jedat beleid moet maken. Het kan wel degelijk gaan om mensen diebijvoorbeeld door het wanbeleid twee jaar zitten te wachten op eenbeslissing over hun aanvraag. Dat leidt tot frustratie. Dat leidt op geenenkele manier tot het goedpraten van strafbare feiten, maar frustratie kanleiden tot bijvoorbeeld het geven van een duw of het beledigen vaniemand, en dat is ook een strafbaar feit. Ik wil maar zeggen dat er eengrens zit aan hoe je dat moet laten meewegen bij de behandeling van eenaanvraag. Ik steun dus niet zomaar blind alle voorstellen die leiden tot hetstrenger maken van dit beleid, maar ik ben wel voorstander van hetsysteem van de glijdende schaal.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie dat er verder geen vragen zijn. Dan gaan we over naarmevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Dank u wel, voorzitter. Afgelopen zaterdag was het Burendag. Dat is ookde dag waarop het COA zijn deuren openzet om buren, omwonenden, enmensen die zijn gevlucht met elkaar kennis te laten maken. Veel mensenhebben eigenlijk geen idee wat zich afspeelt achter de hekken van een azc,maar iedereen komt met een positief verhaal terug. Onbekend maaktonbemind. Juist daarom is D66 er voorstander van dat asielzoekerscentrameer open zijn, zodat we elkaar kunnen ontmoeten en kunnen samen-leven en zodat nieuwkomers zo snel mogelijk kunnen meedoen.Hoewel het COA door toenemende bedreigingen veiligheidsmaatregelenmoest nemen, deden ook dit jaar 170 opvanglocaties hun deuren open.Zelf bezocht ik een opvang voor alleenstaande minderjarige vluchtelingenin Utrecht. Een van de meiden die werd opgevangen, liet me haar kamerzien en vertelde over haar lange procedure, het gemis van haar ouders,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349311 maar ook over de naailessen en de fietstocht naar school. En ja, er zijnhelaas incidenten geweest, zoals een aantal uit de hand gelopen demon-straties en intimidatie van lokale bestuurders en COA-medewerkers. Datleidt soms tot angst bij de inwoners van het azc. Maar we zien ook ietsanders. Op veel plekken is er juist steun voor opvanglocaties. Mensen dieprotesteren, doen dat vaak vreedzaam. En er zijn net zo goed inwoners diejuist willen helpen. Dat laat zien dat het wel kan, door open te praten,eerlijk te zijn en zorgen serieus te nemen.Helaas laat dit kabinet allesbehalve zien hoe het wel kan. We hebben hetal vaak besproken, maar het probleem blijft. Er is een constant wisselendeboodschap over het wel of niet intrekken van de Spreidingswet, overhuisvesting en over de aanpak van overlast. Want als een Minister ietsbelooft wat een burgemeester onmogelijk kan waarmaken, zijn Neder-landers de dupe. Hoe je verder ook over migratie denkt, dat kan nooit debedoeling zijn. Ik wil graag van de Minister horen – ik had opgeschreven«van beide Ministers», maar er zit er hier maar één – hoe zij de komendetijd het gesprek met inwoners en medebestuurders wil voeren. Hoezorgen we ervoor dat inwoners zich serieus genomen voelen en eeneerlijk beeld krijgen van wat asielopvang betekent en wat er aan opvangnodig is, en dat bestuurders zich gesteund voelen in hun opdracht?Een heel concreet voorbeeld zien we bij de ondernemers in Ter Apel. Hetging er al even over. Eerder dit jaar ontvingen we hen met een groepKamerleden, van SP tot BBB, in de Tweede Kamer. We vinden namelijkallemaal dat het onacceptabel is wat daar gebeurt. Belofte na belofterichting deze ondernemers werd niet nagekomen. We hoorden van hendat Minister Keijzer weigert om naar Ter Apel te gaan om met hen tespreken. De brief hierover kwam 30 minuten voor dit overleg. Ik heb deondernemers geappt, maar ik kan zo onmogelijk beoordelen of dit nuhelpt en of ondernemers zich nu wel serieus genomen voelen.Voorzitter. In de begroting voor volgend jaar zien we dat het miljardengatvoor de opvang niet is gedicht en dat we nog steeds afstevenen op hetduurste asielbeleid ooit. We zien een ijskoude bezuiniging op debegeleiding bij gezinshereniging. Mensen die zijn gevlucht, die het rechthebben om te blijven en die het recht hebben om bij hun gezin te zijn,moeten het zelf maar uitzoeken. Het gaat om zo’n klein bedrag dat ikalleen maar kan concluderen dat het kabinet heeft gezocht naar elkemogelijke manier om deze kwetsbare groep het leven zuur te maken.Waarom heeft de Minister deze maatregel genomen? Wat wordt hiermeenou precies bereikt?Ik las de plannen om statushouders die bij familie kunnen verblijven, datook te laten doen. In beginsel is dat een prima idee, want die plekken zijnhard nodig. Daarnaast is het voor veel mensen ook gewoon goed om bijhun familie in de buurt te zijn. De vraag is wel: hoeveel gaat dit nouoplossen? Want alle uitvoerders die ik spreek, zeggen: in die gevallenwaarin dit ook maar enigszins kan, gebeurt dit allang. Voor anderegevallen vraag ik mij af waarop wordt gebaseerd of iemand wel of niet bijfamilie terechtkan. Een gezin met drie kinderen plaatsen in een apparte-mentje van 35 vierkante meter komt de leefbaarheid in de buurt ook nietbepaald ten goede. Hoe wordt omgegaan met minderjarigen?Ten slotte, voorzitter. Ik sluit me van harte aan bij het punt dat de heer VanNispen maakte over legal counseling.Dat was mijn inbreng. Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie dat er een interruptie is, van mevrouw Van Zanten.Mevrouw Van Zanten (BBB):Ik heb een vraag aan mevrouw Podt over haar laatste punt. Waar zou zedie mensen dan willen laten? Want het azc is vol. Familieleden hebben aleen woning. Ja, soms is het even behelpen. Dat is voor Nederlanders ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349312 het geval. Er blijven ook genoeg jongeren op de zolderkamer van hunouders wonen. Ik begrijp dus niet hoe zij de oplossing ziet.Mevrouw Podt (D66):Laat ik nogmaals benadrukken: ik ben an sich voorstander van het beleid,maar het moet wel kunnen. Op het moment dat je acht mensen op 35vierkante meter zet, is dat niet «behelpen»; dat zorgt ook voor overlastvoor de mensen die eromheen wonen. Daar kwam mijn punt vandaan. Ikdenk – dat is het goede nieuws voor mevrouw Van Zanten – dat we tweevliegen in één klap kunnen slaan. Ik denk namelijk – daar ging het in mijnspreektekst ook over – dat, wanneer deze Minister bereid is om zich erecht over uit te spreken dat ze een bepaalde opvang nodig heeft, het voorlokale bestuurders veel makkelijker wordt om die opvang, die nu invoorbereiding is op heel veel verschillende plekken, te realiseren. Danhoeven we niet mensen eruit te halen voor wie dat eigenlijk niet kan endan hoeven we ook niet meer te doen of dat een oplossing is, want datgebeurt dus al in heel veel gevallen. De echte klap kunnen we gaan makendoor het eerlijk te verdelen over Nederland, waarbij de Minister en hetkabinet de bestuurders bijstaan die die opdracht van het kabinet aan hetuitvoeren zijn. Dat zou mijn oplossing zijn.De voorzitter:Uw tweede interruptie.Mevrouw Van Zanten (BBB):Mevrouw Podt zegt dat we het eerlijk moeten verdelen over het land. Wehebben het vaker gehad over de Spreidingswet, waar we allebei andersover denken. Ik vroeg me af: als je die mensen eerlijk wilt verdelen overhet land, moeten er toch ook genoeg huizen en opvangplekken zijn? Diezijn er niet, want Nederland loopt helemaal vol. Die zijn er gewoon niet.Hoe ziet mevrouw Podt dat dan? Moeten we huizen tevoorschijn gaantoveren?Mevrouw Podt (D66):Ik heb het niet over huizen; ik heb het over opvangplekken. Die zijn opheel veel plaatsen gewoon in voorbereiding. We hebben al eerder metelkaar geconcludeerd dat de Spreidingswet voor een heel groot deelgewoon het werk doet dat hij zou moeten doen. Er is namelijk op heel veelplekken asielopvang in voorbereiding. Wat er nu misgaat, is dat er heelveel mist is ontstaan in al die gemeenten over waar het nou werkelijknaartoe gaat. Je kunt natuurlijk ... Ik ben een groot voorstander van deSpreidingswet omdat ik denk dat die eerlijk is en we het op een eerlijkemanier kunnen verdelen over Nederland. Mevrouw Van Zanten zegt vanniet. Nou, dat kan. Maar op dit moment is de Spreidingswet gewoon nogin actie. Van gemeenten wordt verwacht dat zij dit uitvoeren. Maargemeenten zeggen ook tegen ons: wij kunnen dit onze inwoners niet meeruitleggen. En ik snap die inwoners wel.Ik verwacht dus van het kabinet dat het naast die bestuurders gaat staanen dat het zegt: wij hebben op dit moment deze opvang gewoon nodig.Eigenlijk zegt mevrouw Van Zanten precies hetzelfde: we hebben deopvang op dit moment gewoon nodig. Deze bestuurders doen dit inopdracht van ons kabinet. Dan wordt het wel makkelijker. Ik hoor deMinister heel hard zuchten. Ik weet niet ... Nou ja, oké. Dit is volgens mijiets wat de bestuurders enorm zou helpen. Dat geven ze zelf ook aan. Hetzou uiteindelijk de inwoners van al die gemeenten ook helpen, omdat erveel meer duidelijkheid komt over wat er overal verwacht wordt.De voorzitter:Gaat uw gang, mevrouw Van Zanten. Dit is uw derde interruptie al, hè?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349313 Mevrouw Van Zanten (BBB):Ja. Over de Spreidingswet is al een aantal keer door het kabinet gezegddat het voornemens is die in te trekken. Begin volgend jaar, februarivolgend jaar, kan dat als het goed is ook gaan gebeuren. Dat is volgensmij redelijk duidelijk. Verder hoor ik mevrouw Podt zeggen dat mevrouwVan Zanten ook vindt dat er meer opvang moet komen. Nou, mevrouwVan Zanten vindt dat de instroom beperkt moet worden, zodat we niethelemaal vollopen.De voorzitter:Wilt u uw antwoord wel kort houden? Net was uw antwoord wel erg lang,eerlijk gezegd.Mevrouw Podt (D66):Oké, helemaal goed. Mevrouw Van Zanten zegt het heel goed: het kabinetis voornemens de Spreidingswet in te trekken. De bedoeling is dat dat perfebruari 2026 gebeurt. Dat kan, maar we zitten op dit moment in oktober2025 en de Spreidingswet geldt gewoon nog. Er wordt lokaal verwarringgeschapen, maar de Spreidingswet is er en gemeenten hebben die uit tevoeren; zij hebben daaraan te voldoen. Zolang de Spreidingswet niet isingetrokken, heeft het kabinet deze gemeenten ook gewoon bij te staan. Ikbegrijp niet waarom dat niet gebeurt.Dat was kort, toch?De voorzitter:Ja, dat was prima, dank u wel.De heer Diederik van Dijk (SGP):Ik vond het goed dat mevrouw Podt startte met haar speech zoals zestartte, namelijk door er een streep onder te zetten dat het met heel veelasielzoekers wél goed gaat en dat heel veel asielzoekers zich gewoonnetjes gedragen. Dat is heel goed, want we moeten er altijd voor uitkijkendat we groepen niet ontmenselijken. Daarnaast hebben we natuurlijk welgewoon te maken met een migratiesaldo van meer dan 100.000 mensenper jaar. Dat gaat jaar in, jaar uit door. Inderdaad, het is arbeidsmigratie,het is studiemigratie, maar het is ook asiel. Zet ook D66 er wel op in omdie instroom substantieel naar beneden te brengen? Ziet D66 dienoodzaak ook in?Mevrouw Podt (D66):Ik heb een beetje het idee dat dit een discussie is die we al heel vaakhebben gehad. Dus: ja. Dat hebben we ook gewoon gezegd. Wij vindenhet belangrijk om straks het Migratiepact te gaan uitvoeren. Dat gaatervoor zorgen dat er substantieel minder mensen hiernaartoe kunnenkomen, met name mensen die er helemaal geen recht op hebben om hierte verblijven. Ik denk dat dat een van de belangrijkste dingen is die wekunnen doen, omdat we natuurlijk heel moeilijk aan mensen kunnenuitleggen dat mensen die afgewezen zijn, hier toch blijven. Wij hebbenzelf natuurlijk ook plannen gepresenteerd voor de iets langere termijn. Wijvinden dat je het eigenlijk zo zou moeten doen dat mensen hun asielaan-vraag doen en dat we dan ... Sorry, deze zin ging helemaal nergens heen.Wij vinden dat mensen hun asielaanvraag kunnen doen in een van delanden rond hun land van herkomst en dat ze dan op een legale manierhiernaartoe kunnen komen. Het antwoord op de vraag van de heer VanDijk is dus: ja.De heer Diederik van Dijk (SGP):Maar moet ik dan constateren dat D66 enkel en alleen iets verwacht vande Europese maatregelen? Ziet zij geen noodzaak om ook nationaleTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349314 maatregelen te nemen, zoals andere landen ook doen, om de instroomdaadwerkelijk naar beneden te brengen?Mevrouw Podt (D66):Dit vind ik altijd een beetje een wonderlijke discussie. Volgens mij hebbenwe heel veel nationale maatregelen, maar hebben we juist met elkaargezegd – daar hebben we de afgelopen jaren ongelofelijk veel in geïnves-teerd – dat we dit binnen Europa op een goede manier kunnen regelen.Met mij valt over heel veel dingen te praten, maar ik denk dat het heelbelangrijk is dat wij de komende tijd alles op alles zetten om dat Europesepact te laten slagen. Dat zorgt er ook voor dat ik mij niet wil laten afleidendoor allerlei andere dingen, die nu links en rechts rondvliegen. Ik vraagme af, en ik hoop dat de heer Van Dijk die vraag met mij aan het kabinetwil stellen: hoe staat het er nou mee? Want ik maak me eerlijk gezegdgrote zorgen over de implementatie van dat pact; ik ben bang dat dat inNederland gewoon niet vordert. Als wij dat in Nederland niet eens voorelkaar krijgen, vraag ik mij ernstig af wat we kunnen verwachten van derest van Europa.De voorzitter:Dank u wel. Dan is er een interruptie van mevrouw Rajkowski.Mevrouw Rajkowski (VVD):Ik zit eigenlijk met dezelfde vraag. Ik ben het namelijk eens met mevrouwPodt dat het Europese Migratiepact heel erg nodig gaat zijn, net als deTerugkeerverordening en allerlei andere ontwikkelingen op Europeesgebied. Maar het probleem is eigenlijk te groot om alleen maar aanEuropa over te laten en om te hopen dat dit dan allemaal goed gaatwerken. Daarom zet de VVD ook in op allerlei nationale maatregelen. Ikhoor D66 wel vaak zeggen: wij willen inderdaad de asielinstroombeperken. Maar als het gaat over nationale maatregelen moet ik tochconstateren dat ik D66 niet aan mijn zijde vind. Ik hoor mevrouw Podt netzeggen: ik vind het toch wonderlijk dat deze interrupties steeds bij mijgeplaatst worden. Maar als ik kijk naar de afgelopen debatten, zie ikbijvoorbeeld als het gaat om reguliere migratie alleen maar voorstellenom de... Ehm ... Ik word afgeleid. Ik vind het prima om twee interrupties tegebruiken. Ik kan dit heel goed, hoor, voorzitter. U hoeft mij niet te sturen;het komt goed. Als het gaat om reguliere migratie zie ik alleen maarvoorstellen die ervoor gaan zorgen dat we ruimere regels gaan hebbenom mensen naar Nederland te halen. Kunt u dan toch een voorbeeldnoemen van nationale maatregelen om de asielinstroom te beperkenwaar D66 achter zou staan?Mevrouw Podt (D66):Nu maakt mevrouw Rajkowski er een beetje een karikatuur van, alsof wijallerlei voorstellen zouden doen om het ruimer te maken. Het voorstelwaar mevrouw Rajkowski aan refereert – en ik ben nog steeds echt heelverbaasd dat dat niet wat meer weerslag kan vinden in deze commissie –ging erom het voor Nederlanders die een geliefde in het buitenlandhebben, iets makkelijker te maken om die geliefde naar Nederland te latenkomen. Ik ben alleszins van plan om allerlei voorstellen van mensen tebekijken en te steunen, maar ik kan me gewoon bijna niet voorstellen datmensen daar niet voor zijn. Maar goed, dat zal dan wel. Nogmaals, geziende gesprekken die wij de afgelopen tijd met de uitvoering hadden, denk ikdat wij heel, heel erg veel te doen hebben op het gebied van dat pact. Dankan mevrouw Rajkowski voorstellen doen totdat ze een ons weegt, maarik denk dat wij op het moment dat wij er nog 35 dingen bovenop plakken,het de uitvoeringsorganisaties moeilijk maken om dat pact op een goedemanier uit te voeren. Ik zeg: eerst het pact en daarna praten we verder.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349315 Mevrouw Van Zanten (BBB):Ik gebruik mijn laatste interruptie, want ik heb daar toch ook wel eenvraag over aan mevrouw Podt. Zij zegt dat zij alles op alles wil zetten omhet Europees Migratiepact zo goed mogelijk in te voeren. Op zijn vroegstis dat natuurlijk pas in juni volgend jaar. Tot die tijd komen er ongeveer900.000 mensen per week binnen. Reken maar uit hoeveel dat er tot dietijd zijn. Dan zegt mevrouw Podt ook nog dat ze zich ernstige zorgenmaakt over of de implementatie van het Europees Migratiepact wel lukt.Dus ze is eigenlijk tegen veel nationale maatregelen, want veel voorstellensteunt ze niet, althans niet die van mij en ook niet die van andere partijenwat meer aan de rechterkant van de Kamer. Het is ook zo dat ze er dusgeen vertrouwen in heeft dat de implementatie van het EuropeesMigratiepact wel goed gaat en tijdig gebeurt. Dus dan hebben wehelemaal niks. Hoe ziet mevrouw Podt dit dan voor zich?Mevrouw Podt (D66):Dat is dus waarom ik me wil concentreren op de maatregelen die nugeïmplementeerd moeten worden door dit kabinet. Als dat al niet eensgoed gaat ... Wij wachten nog steeds op hoe het kabinet dit gaat doen. Ermoeten grote dingen veranderd worden om dit te laten slagen. Daar maakik mij zorgen over. Dus mevrouw Van Zanten moet deze vraag niet aan mijstellen; ze moet die aan het kabinet stellen.De voorzitter:Dan is er een interruptie van de heer Baudet. Nee, toch niet? Oké. Dan zijnwe door de interrupties heen. Ik kijk naar meneer Ceder. U heeft hetwoord.De heer Ceder (ChristenUnie):Dank u wel, voorzitter. Het asielbeleid moet duidelijker en logischer.Nederland moet ook veel meer kunnen anticiperen op hoeveel mensen ernaar Nederland komen. Dat vindt ook de ChristenUnie. Onze grootste kansdaarop is een goede implementatie van het Migratiepact, waarvan deChristenUnie de afgelopen jaren een van de aanjagers is geweest. Op12 juli 2026 is het zover. Een gigantische hervorming, zoals we die nogniet eerder in Europa hebben gezien. Mijn vraag aan de Minister is danook: wanneer komen de implementatiewetten naar de Kamer?Een vraag die nog veel belangrijker is, is hoe we voorkomen dat de Kameren de coalitiepartijen over een aantal maanden weer aan zelfsabotagegaan doen en het verprutsen met amendementen waardoor de implemen-tatie niet goed gaat. Welke risico’s ziet de Minister nu voor de uitvoeringervan? Welke signalen krijgt de Minister nu uit andere EU-landen? Als zijnu niet bereid lijken een deel te leveren bij de spreiding van asielzoekers,dan is het plan goed, maar dan moeten we daar nu al op kunnenanticiperen.Voorzitter. Dan ten aanzien van het Vluchtelingenverdrag. Dat is eenbelangrijk punt. Volgend jaar is het 75 jaar sinds dat verdrag is gesloten.De bescherming die daarin staat, daar staan wij voor. Tegelijkertijd zienwij ook dat de wereld veranderd is en dat een modernisering ook goedzou zijn. De ChristenUnie zou het bijvoorbeeld heel goed vinden als er ookaan de buitengrenzen van Europa aanvragen gedaan zouden kunnenworden. Zo is er nog een aantal punten waarbij je moet kijken of eenmodernisering aan de orde is. Er is een motie aangenomen om volgendjaar mogelijk een conferentie te beleggen om samen met gelijkgestemdelanden te kijken hoe we kunnen zorgen dat het draagvlak gesterkt blijft.Gaat de Minister daarop in en gaat hij daarmee aan de slag?Voorzitter. Ten aanzien van demonstraties bij azc’s. In vrijwel elkegemeente die moet besluiten over de komst van een azc is er ophef enwordt er gedemonstreerd. We leggen de verantwoordelijkheid bij degemeente en de burgemeester, maar als ze die nemen en er gedemon-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349316 streerd wordt, en er soms ook onveilige situaties ontstaan, is het kabinetnergens te bekennen. De Minister is volgens mij ook nog nooit langsgeweest om iets uit te leggen of om verantwoordelijkheid te nemen. Er isgeen normaal debat meer mogelijk. We gooien iets over de schutting, ende gemeenteraden en burgemeesters zitten klem. Is de Minister bereid omlangs te gaan waar dit het meest schuurt, om als gezicht van het kabinetverantwoordelijkheid te nemen en uit te leggen waarom het kabinets-beleid genomen wordt, om het belang daarvan uit te leggen en daar ookvoor te staan?Voorzitter. Dan ten aanzien van schrijnende gevallen. De ChristenUnievindt dat ons asielstelsel duidelijker en rechtvaardiger, en daarmee op eenaantal punten ook strenger moet. Maar «strenger» betekent niet dat wijharteloos zijn. Er zullen schrijnende gevallen blijven, want het asielbeleidis niet sluitend. Gisterochtend ben ik in Kampen geweest, waar eenchristelijk gezin inmiddels al tien maanden in een kerk zit. Ik heb het nietspecifiek over dit gezin, maar je ziet dat er heel veel kinderen nog steeds... Door het beleid en door het feit dat wij nog steeds af en toe met eenpardon komen in plaats van structureel goed beleid, komt het elk jaarweer terug. En dan heb ik het nog niet eens over de naar schattingtienduizenden ongedocumenteerden zonder asielverleden, van wie heelveel kinderen gewoon op de basisscholen zitten. De Tweede Kamer kijktgewoon weg en doet alsof deze groepen niet bestaan. Ik begrijp dat deMinister niet kan ingaan op individuele gevallen, maar ziet hij ook dat hethuidige asielbeleid gewortelde kinderen veroorzaakt en dat we gewooneen probleem hebben waar de politiek keuzes in moet maken? Zolang deprocedures zo lang lopen, moet de overheid daar rekenschap van geven.Vindt de Minister dat het belang van het kind momenteel voldoendegewicht heeft in de asielprocedure?Voorzitter. Het liefst zou ik een wetswijziging zien in de Vreemdelingenwet,waarin het belang van het kind beter wordt geborgd. Dat is niet alleen uithumanitaire overweging, maar als zij de taal spreken en bijvoorbeeld eentechniekopleiding doen, dragen zij ook nog bij aan maatschappelijk eneconomisch Nederland. Dat is veel logischer dan kinderen opleiden endaarna wegsturen. De Minister heeft een discretionaire bevoegdheid, zoheeft de Raad van State geoordeeld. Die heeft hij nog steeds. Is hij bereiddaarvan gebruik te maken op de punten waar het knelt?Voorzitter. Dan heb ik nog twee vragen over Uganda. We hebben hetbericht gelezen. Welke randvoorwaarden wil Nederland stellen aan hetuitwerken van een deal? Richt die zich alleen op overlastgevers of ookverder? Hoe worden de mensenrechten geborgd? Klopt het dat diemensenrechten een fundament zijn en dat die een grens vormen die wijniet overgaan op het moment dat ze niet geborgd kunnen worden? Gaatde Minister, of de regering, ophouden met doorprocederen op hetmoment dat een beslissing in het voordeel van een burger of ongedocu-menteerde uitvalt?Tot slot, voorzitter. De invoering van de asielwetten. De IND heeftuitvoeringstoetsen laten doen. Ze kunnen met de wetten aan de slag,maar ze zeggen wel dat het Migratiepact eigenlijk ondoenlijk is incombinatie met de invoer van die wetten. Hoe kijkt de Minister daarnaar?Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie geen interrupties. Dan gaan we direct door naarmevrouw Rajkowski.Mevrouw Rajkowski (VVD):Dank, voorzitter. Nederland kan de huidige asielinstroom niet meer aan.Onze opvang zit vol. Ter Apel zit vol. De rek is eruit. De gevolgen zien weoveral: de woningmarkt staat mede hierdoor onder druk, er is overlastrondom opvanglocaties zoals Budel en Ter Apel, en gemeenten weten nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349317 meer hoe ze het moeten organiseren, met 6.000 kinderen in denoodopvang. We kunnen dit niet meer aan. Dit vraagt om leiderschap enom daadkracht. Beide asielwetten zijn voorbeelden van wetten diebroodnodig zijn om weer grip te krijgen. De VVD kiest dan ook voor eenheldere koers: grip krijgen op migratie, en dus ook op asielmigratie. Datbegint met het beperken van de instroom en het maken van ruimte voormensen die echt onze bescherming nodig hebben.Voorzitter. Mijn eerste punt betreft het EVRM. Ons einddoel is eenfundamentele stelselwijziging. Vluchtelingen zouden alleen nog viahervestiging naar Nederland moeten komen, in gecontroleerde aantallenen op basis van afspraken. Dat is eerlijk, beheersbaar maar ook recht-vaardig. Tegelijkertijd moeten we erkennen dat zo’n stelselwijziging weltijd kost. Daarom willen wij nu maatregelen nemen om de instroom tebeperken, binnen het huidige systeem. Streng beleid is niet genoeg. Hetmoet ook effectief zijn. De realiteit is dat de verdragen die vlak na deTweede Wereldoorlog zijn gesloten, nooit bedoeld zijn geweest omiedereen het recht te geven zich in een Europees land naar keuze tevestigen. Toch is dat de praktijk geworden. Daarom is het goed datpremier Schoof nu ook heeft toegezegd dat Nederland zich zal aansluitenbij het initiatief van Bart De Wever ten aanzien van het interpretatiepro-tocol van het EVRM.Voorzitter. Ook voor de ophanden zijnde deal met Uganda over eenterugkeerhub wil ik graag mijn complimenten uitspreken. Zo maken wijhet minder aantrekkelijk om naar Nederland te komen en creëren weruimte voor echte vluchtelingen.Voorzitter. Dan de asielwetten. Wanneer kunnen we de novelle in deTweede Kamer verwachten? Wat de VVD betreft behandelen we dienovelle daarna ook zo snel mogelijk. Wanneer komt die onze kant op? Kandat binnen een paar weken? Wat de VVD betreft plannen we daarna zosnel mogelijk een schriftelijke ronde in. Dan hoeft de Kamer alleen nogmaar terug te komen van verkiezingsreces om erover te stemmen. Als ikhet goed heb begrepen, vind ik hierbij mijn collega van de BBB aan mijnzijde.Voorzitter. Dan alleenreizende mannen. We kennen België als een goedgeorganiseerd en net land. Zoals u weet, vangen zij al enige tijd geenalleenreizende mannen meer op. Voor de VVD is het een interessantegedachte om tijdelijk categorieën mensen, zoals alleenreizende mannen,niet op te vangen. Dat hebben we ook afgesproken in het hoofdlijnenak-koord. Hoe staat het met het onderzoek hiernaar? Wanneer kunnen wijresultaat verwachten? Ziet de Minister dit als optie voor Nederland?Voorzitter. Dan terugkeer.De voorzitter:Mag ik u onderbreken? Ik heb een interruptie voor u van mevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Heel kort. Ik ken de beelden uit België ook. Wat denkt mevrouw Rajkowskidat het doet met de veiligheid en het gevoel van veiligheid als alleenrei-zende mannen op straat zwerven?Mevrouw Rajkowski (VVD):Dat zou ik ook niet willen. Ik wil niet dat mensen op straat komen teliggen. Dat wil ik niet voor de mensen zelf. Dat wil ik ook niet voor onzedorpen en steden. Ik zie dat de asielinstroom op dit moment te hoog is.Wij kunnen dit gewoon niet aan. Ik weet dat Onze Minister in gesprek ismet de Europese Commissie, samen met de Belgische collega, volgensmij, om aan te geven dat wij dit niet meer kunnen dragen. Als datbijvoorbeeld betekent dat we Dublin weer in ere kunnen herstellen,kunnen we op basis van deze categorieën toch een opvangstop realiserenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349318 en de mensen terugzetten naar de veilige landen waar ze eerst doorheengereisd zijn.De voorzitter:Bent u klaar met uw inbreng?Mevrouw Rajkowski (VVD):Nee.De voorzitter:Dan zou ik zeggen: gaat u verder met uw inbreng.Mevrouw Rajkowski (VVD):Voorzitter. Nederland wacht met smart op het Migratiepact en deTerugkeerverordening. De DTenV geeft in zijn jaarverslag aan dat zeverwachten dat deze Europese ontwikkelingen, maar ook de Asielnood-maatregelenwet, ervoor gaan zorgen dat er meer mensen wordenteruggestuurd. Dat vraagt veel van de uitvoeringsorganisaties, zoals deDTenV. Zij leveren onder zware omstandigheden belangrijk werk enverdienen onze waardering. Tijdens een werkbezoek zag ik hoe zorgvuldigen daadkrachtig ze te werk gaan, dus mijn complimenten en waarderingvoor deze uitvoeringsorganisatie.Voorzitter. Dan boetes. De VVD vond het goed om te lezen dat de Ministerheeft toegezegd om te onderzoeken hoe de boetes voor bewoners vanasielzoekerscentra ook vaker op hen verhaald kunnen worden. Maar daarmoeten we wel echt op gaan doorpakken, want het geld stapelt zich op.Kunnen we het bijvoorbeeld via het COA regelen, in plaats van dat deverantwoordelijkheid voor het betalen van die boete bij de bewoner ligt?Het COA kan namelijk ook leefgeld inhouden. Graag hoor ik van deMinister of dit iets is wat uitgezocht kan worden.Dank.De voorzitter:Dank u wel. Ik kijk nog even rond. Mevrouw Podt, dat is dan uw laatste.Mevrouw Podt (D66):Ik ga mijn best doen, voorzitter. Ik heb gesproken met wethouders,burgemeesters en raadsleden van heel verschillende politieke kleur. Diekunnen op dit moment hun inwoners heel lastig uitleggen dat de opvangnodig is en in opdracht van het Rijk gebeurt. Dat is heel onveilig voor hen,maar ook onveilig voor medewerkers en inwoners van de azc’s, enonveilig voor de inwoners. Zij vragen heel concreet om bestuurlijkerugdekking. Dat betekent dat de Minister publiekelijk uitspreekt dat dieopdracht er ligt en dat zij die opvang nodig heeft. Is mevrouw Rajkowskihet met me eens dat het goed zou zijn als de Minister dat zou doen?Mevrouw Rajkowski (VVD):Ik begrijp deze vraag zeker, want hoewel u de VVD vaak hoort zeggen dathet begint bij het beperken van de instroom, is het de realiteit dat er op ditmoment mensen in Nederland zijn die gewoon opvang nodig hebben,tenminste, als je niet wilt dat ze op straat komen te staan. Daarom baal iker ook zo van dat dit kabinet is gevallen. Dat was ons betreft echt nietnodig. Dan was de koers helder geweest. In combinatie met instroombe-perkende maatregelen hadden we ook de Spreidingswet kunnenafschaffen. Sommige mensen kijken nu naar Den Haag en zeggen: «Op29 oktober zijn er verkiezingen en wij weten niet wat er daarna gaatgebeuren. Wij weten niet of er een meer links beleid op asiel en migratiekomt, of een meer rechts beleid, of wat dan ook.» Dan snap ik dat eronrust is. Dat vind ik heel vervelend, want de wereld en Nederland staanniet stil.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349319 De voorzitter:Dank. Dan gaan we naar mevrouw Van Vroonhoven, NSC.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Voorzitter, dank u wel. Ik zie dit als een belangrijk wrap-updebat, om tekijken waar we staan en waar we naartoe willen, zo aan het einde vandeze kabinetsperiode. Ik zal twee speerpunten aankaarten, als eerste deEuropese kant van de zaak, met name het EU-Migratiepact, en ten tweedede doorstroom.Ons asielbeleid loopt structureel vast, juridisch, praktisch en ook politiek.Dat moeten we met elkaar erkennen. Zolang iedereen de grens hierbereikt en hier ook gewoon asiel kan aanvragen, verliezen we de grip opwie zich hier vestigt. Wij vinden dan ook dat we toe moeten naargecontroleerde routes. We willen ook echt actief ontmoedigen en op dezemanier de instroom zo veel mogelijk beperken. Alleen zo herstellen we hetdraagvlak voor de echte vluchtelingen, vinden wij. We hopen dat we opdeze manier ook politiek weer tot iets kunnen komen.Wij vinden het ook goed, zeg ik tegen de Minister, dat er nu afspraken zijngemaakt met Uganda over een terugkeerhub. Precies dit soort instru-menten bepleiten we al sinds onze oprichting. Maar wat we hebbengeleerd van de migratiedeal met bijvoorbeeld Egypte, is dat degeldstromen echt wel gefaseerd moeten worden ingevoerd en ookgekoppeld moeten zijn aan aantoonbare vooruitgang op het gebied vanterugkeer. Verbetering van de mensenrechten in het partnerland is watons betreft ook belangrijk. Daarom heb ik de volgende opdracht aan deMinister, namelijk om niet in één keer geld over te maken terwijl devoortgang uitblijft. Is de Minister het met ons eens dat bij dit soortpartnerschappen de gelden voldoende maar gefaseerd moeten wordenuitgekeerd en aan directe doelstellingen moeten worden gekoppeld? Hoeziet het beoogde tijdpad eruit? Hoe ziet de deal er concreet uit?Voorzitter. Dan het EU-Migratiepact. Daar maken wij ons echt zorgen over.Het dreigt in de praktijk te verworden tot een Europese spreidingswet.Vanaf 2026 komen er solidariteitsmechanismen. Lidstaten nemenasielzoekers van elkaar over, kopen dit af of leveren operationele steun.Als veel landen afkopen en de ondergrens aan herplaatsing dus niet kanworden gehaald, betekent dat dat Nederland ook verplicht asielzoekersmoet gaan opnemen. Wij maken ons daar zorgen over. We willen ook datdit Migratiepact ons systeem systematisch ontlast. Wij vragen het kabinetom in Brussel te sturen op criteria die recht doen aan de Nederlandsesituatie. Onze asielketen is zwaar overbelast. Slechts 20% van deDublinclaimanten gaat terug naar het land van aankomst. We hebben eenvan de meest oververhitte woningmarkten ter wereld. Zorg dat ditmeeweegt. We gaan hier anders echt gigantisch de mist in.Ik heb vier vragen hierover aan de regering. Eén. In aanloop naar deJBZ-Raad volgende week willen wij dat formeel wordt erkend dat ons landeen hoge migratiedruk heeft. Kan de Minister dit in Brussel aankaarten enons informeren over de onderbouwing ervan?Twee. We willen graag dat bevestigd wordt dat Nederland geen relocatiesaccepteert zolang de buitengrenzen en de terugkeer niet aantoonbaarwerken. Is de Minister dit met ons eens?Drie. We willen dat de Kamer geïnformeerd wordt over het beoogde bodvan de regering, dat uiterlijk 15 januari moet worden ingediend. Voor15 december moet het kenbaar gemaakt worden. Waarop zien diescenario’s expliciet? Wat wordt meegenomen? Waarop gaat het gros vande lidstaten inzetten?Ten slotte. Vervolgens willen wij dat de regering borgt dat de belangenvan Nederland ook echt worden neergezet. Wat wordt onze inzet hierbij?Ten slotte, voorzitter, de doorstroom. Ik noemde het al even in eeninterruptie: zolang die doorstroom niet wordt aangepakt, blijft onze ketenmuurvast zitten. Bijna 19.000 statushouders zitten nu in die overbezetteTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349320 COA-plekken. Wij willen dus heel graag dat er ingezet wordt op desnoodsmodulaire of containerwoningen. Wij willen dat die toegankelijk wordenvoor statushouders maar ook voor andere, Nederlandse urgentewoningzoekenden. Wij vragen aan de Minister of zij bereid is om hierop inte zetten.Voorzitter, afrondend. Wij kiezen dus voor meer grip en rechtvaardigheid.De effectieve terugkeer is voor ons belangrijk. We willen dat er alleenbescherming is voor de mensen die het echt nodig hebben. Dedoorstroom moet echt sneller en effectiever. Dit alles moet de ketenontlasten en moet de praktijk ook beter werkbaar maken.Voorzitter, dank u wel.De voorzitter:Perfect binnen de tijd. Ik zie geen interrupties voor u. Dan is het woordaan meneer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank u wel, voorzitter. In Nederland kwam er vorig jaar door de komst vanmigranten een stad als Den Bosch bij. Althans, die extra stad kwam erniet, maar de mensen voor deze denkbeeldige plaats wel. Dat is wel hetprobleem. Het migratiesaldo van 2024 komt op 109.000 migranten. Datgebeurt inmiddels jaar op jaar. In 2022 was er zelfs een uitschieter naarmeer dan 200.000 migranten. Er is geen samenleving die dat op dezemanier lang kan volhouden. We moeten daarom grenzen stellen, ook aande migratiestroom. Sommige partijen richten zich op 40.000 tot 70.000migranten, maar dan hebben we het nog steeds over een stad als Gouda.Het migratiesaldo moet wat de SGP betreft echt omlaag, veel meerrichting de nul. Hierover is recent de motie-Stoffer c.s. aangenomen. Gaathet kabinet hier nu actief op sturen, zodat het nettoaantal migranten dathier binnenkomt echt substantieel daalt? Welke aanvullende maatregelenworden hiervoor genomen?Voorzitter. De grenzeloze migratie drukt zwaar op de woningmarkt en desociale voorzieningen, maar leidt ook tot integratieproblemen, overlast ensoms geweld. Gevoelens van onbehagen en vervreemding nemen toenaarmate de islam een steeds dominantere plek in de publieke ruimteopeist. Om die reden heeft de SGP in haar verkiezingsprogramma eennieuw voorstel gedaan: maak het mogelijk om culturele afstand enreligieuze achtergrond mee te wegen bij asielaanvragen, om integratie-problemen zo veel mogelijk te voorkomen. Ook voor de asielzoeker zelf isdat beter. Een gevluchte christelijke arts uit Syrië of Oekraïne staat veeldichter bij onze cultuur dan een salafistische herder uit Sudan. Laatislamitische landen primair hun verantwoordelijkheid nemen voor deopvang van moslims uit de landen om hen heen. Is de Minister bereid omin internationaal verband aan te dringen op herziening van asielverdragenom dit mogelijk te maken?Voorzitter. We hebben nu het voordeel dat we een Minister van Buiten-landse Zaken én van Asiel en Migratie in één persoon hebben. Laten wehiervan gebruikmaken door in te zetten op betere verankering van onzeambities ten aanzien van migratie in het Nederlandse buitenlandbeleid.Welke mogelijkheden ziet hij hiervoor en hoe pakt hij dat op? Ik denk ookaan de terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers. Marokko en Algerijenemen maar mondjesmaat burgers terug. Slechts 18% vertrektaantoonbaar, terwijl van 82% niet bekend is waar zij blijven. Hoe gaat deMinister ervoor zorgen dat deze landen voluit meewerken aan terugkeervan hun onderdanen?De voorzitter:Ik heb een interruptie voor u van meneer Baudet.De heer Baudet (FVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349321 Ik heb geluisterd naar het verhaal van de heer Van Dijk. Ik zie wel eenstukje raakvlak, want het migratieprobleem wordt in ieder gevalonderkend als een groot probleem en als een onhoudbare situatie. Maarwat ik niet begrijp, is waarom de SGP vervolgens zegt dat we naar eenmigratiesaldo moeten van nul. Het saldo gaat natuurlijk over de binnen-komers minus de mensen die weggaan. We weten dat allerlei Neder-landers weggaan. Ook succesvolle Nederlanders gaan weg. Je kunt diedus niet zomaar tegen elkaar wegstrepen. Het is eigenlijk, zoals MartinBosma zei, een demografische draaischijf. Je moet het eigenlijk bij elkaaroptellen. Hoe minder autochtone Nederlanders er zijn, hoe groter deimpact is van al die mensen die hier komen, en hoe sneller wij dusomvolken, hoe sneller wij onze identiteit en onze bevolking homeopa-thisch verdunnen, zodanig dat er hier geen Nederlanders meer zijn.Waarom beperkt de SGP zich tot dit punt over migratie? Waarom steunt utot nu toe ons standpunt niet dat er een remigratieprogramma moetkomen om de schade van 30 à 40 jaar opengrenzenbeleid te corrigeren? Ikluister naar uw verhaal en volgens mij zijn we het inhoudelijk best weleens dat dit echt niet goed is, dat onze cultuur verdwijnt en dat we onsland kwijtraken. Waarom komt u niet daadwerkelijk met beleid dat ditcorrigeert?De voorzitter:De heer Baudet, ik ga u even onderbreken.De heer Baudet (FVD):Te lang, sorry. Reken het maar als twee interrupties.De voorzitter:Dat zijn drie interrupties, maar dat maakt niet uit. Mevrouw Piri heeft eenpunt van orde.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Mijn punt was niet dat het te lang was, maar dat het te racistisch was. Wehoren hier een collega over homeopathische verdunning en omvolkings-theorieën. Ik verwacht van de voorzitter dat u ingrijpt op het moment dater dit soort verschrikkelijke dingen in deze zaal worden gemeld.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Ik wil dat van harte ondersteunen.De voorzitter:Meneer Baudet, kunt u deze woorden terugnemen?De heer Baudet (FVD):Nee, zeker niet. Ik vind het ook echt absurd. We hebben niet alleen vrijheidvan spreken hier in de Tweede Kamer, we hebben ook grondwettelijkeimmuniteit. Wij vertellen wat wij vinden en ik stel daar een vraag over. Hetis heel erg belangrijk om hier ook de SGP over te horen. We zullen zienwat de Nederlandse kiezer hiervan vindt op 29 oktober.De voorzitter:Mag ik u wel verzoeken – ook gelet op de sfeer hier, en als er zo veelbezwaren zijn tegen uw uitspraken – deze woorden van nu af aan nietmeer te bezigen?De heer Baudet (FVD):Welke woorden precies?De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349322 Dat weet u heel goed. Ik denk dat we daar allemaal geen twijfel overhebben. Wilt u zich daarvan dus een beetje ...De heer Baudet (FVD):Het gaat dus om woorden als «omvolking» en «homeopathischeverdunning», dat soort zaken?De voorzitter:Ik heb begrepen dat het in deze kringen toch niet gebruikelijk is om dezewoorden te uiten.De heer Baudet (FVD):Het is wel leuk: als de Nederlandse kiezer deze woorden vaker wil horen,weet ie wat ie moet doen op 29 oktober. Ik vind het echt onzin. Ik vind hetecht onzin! Mevrouw Van Vroonhoven zien we sowieso niet meer terug na29 oktober...De voorzitter:Ik ontneem u het woord als u door mij heen gaat praten; dat is niet debedoeling. Ik doe een vriendelijk verzoek aan u om even op uw taalge-bruik te letten. Als we op die manier door kunnen gaan, dan denk ik datwe hier goed bezig zijn.De heer Baudet (FVD):Sorry, hoor. Ik wil prima fatsoensnormen in acht nemen en ik ga volgensmij altijd met respect om met mensen die andere dingen denken. Maar ditgaat gewoon over de inhoud, niet alleen over een opvatting, maar ookover een feitelijke constatering.De voorzitter:Meneer Baudet, mag ik u erop wijzen dat u hier te gast bent in dezecommissie vandaag? U bent toegelaten, men is heel ruimhartig en heeftniet gezegd: we willen meneer Baudet er niet bij. U bent dus van hartewelkom, maar ik zou het op prijs stellen als u zich wel conformeert aan desfeer die er normaal in deze commissie hangt. In de plenaire zaal mag udat met meneer Bosma uitvechten, maar hier ga ik dit soort woorden nietmeer tolereren. Ik wil graag dat u zich toch gewoon een beetje matigt inuw taalgebruik. U kan het omschrijven, u kan er alles van maken, maar erzijn bepaalde woorden waar mensen aanstoot aan nemen. Daarvoor zittenwe hier niet. We zitten hier om te debatteren en niet om elkaar alleenmaar te ergeren.De heer Baudet (FVD):Oké, kunt u mij een paar suggesties doen hoe ik het woord «omvolking»zou kunnen omschrijven?Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Kom op!De heer Baudet (FVD):Er wordt mij de suggestie gedaan om het te omschrijven, dus als ik eengoeie suggestie krijg, zal ik die overnemen.De voorzitter:U gaat over uw eigen woorden; daar ga ik niet over. Ik ga u ook geenwoorden in de mond leggen. Dat mag u helemaal zelf bepalen. Maar als uweer dit soort dingen doet, dan ga ik wel ingrijpen. Ja? Tot zover.Even ter informatie voor mevrouw Piri, want u kwam iets later binnen: uheeft inderdaad vier interrupties, maar de interrupties zijn gemaximali-seerd op 45 seconden. Gaat u daar overheen, dan tellen ze dubbel, ofTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349323 driedubbel, afhankelijk van hoelang u bezig bent. Dat moest ik even kwijt,want dat had u nog niet meegekregen. Dan gaan we verder naar hetantwoord van meneer Van Dijk.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank, voorzitter. Ik zal proberen hierop te reageren. Er is natuurlijk heelveel gezegd en gevraagd door de heer Baudet. In de eerste plaats hebbenwe feitelijk te maken met demografische veranderingen, die ook conse-quenties hebben voor onze cultuur. Het is bekend: de SGP zit bepaald niette wachten op een verdere islamisering, maar evenmin op een verderesecularisering van ons land. Iedereen weet hoe wij hierin staan. Dat wil ikook wel teruggeven. We hebben in mijn ogen ook echt wel problemen,bijvoorbeeld hoe we omgaan met nieuwe culturen, en juist daarom is hetzo jammer als we dat vervuilen met termen die rieken naar een heel slechtverleden. Dat is jammer, want volgens mij wordt het probleem bredergezien. Laten we daar vooral heel serieus met elkaar op ingaan. Zo wil iker ook graag op antwoorden. Mijn opmerking «zo mogelijk richting nul» isvooral om te laten zien dat per saldo 40.000 tot 70.000 nieuwkomers perjaar, een aantal waarvan vrij breed gedeeld lijkt te worden dat we datallemaal aankunnen, hetzelfde is als een stad als Gouda. Daarom zei ik«richting de nul».Dan het punt van de remigratie. De SGP denkt dat we onze handeneigenlijk al vol hebben aan het terugdringen van de instroom. Op dat puntzit de SGP er toch anders in dan FVD. De mensen die hier op legitiemewijze zijn binnengekomen en daartoe gewoon het recht hebben, horenhier ook fatsoenlijk te kunnen meedoen. Dan moeten we niet boven hunhoofd hangen met: eigenlijk hoor je er toch niet bij en hebben we het liefstdat je weer vertrekt. Dat werkt ook niet goed mee voor de integratie.Daarom leggen we het accent op controle krijgen over de instroom.De voorzitter:U heeft een vervolgvraag.De heer Baudet (FVD):Dat mag toch? Ik heb er nog één, als het goed is.De voorzitter:U heeft er nog één. Dat klopt. 45 seconden.De heer Baudet (FVD):Juist die integratie werkt in heel veel gevallen niet, ook niet in de tweedeen derde generatie. Heel veel van die mensen geven zelf ook aan dat zegraag terug willen. Uit onderzoek blijkt dat deze groepen, ook in detweede en derde generatie, Afrikanen en noem het allemaal maar op, onshonderdduizenden euro’s kosten. Dat zijn maatschappelijke kosten. Denkaan criminaliteit, sociale zekerheid, overbelasting van de gezond-heidszorg, leerachterstanden, en noem het allemaal maar op. Het kandaadwerkelijk een win-winsituatie opleveren als je die mensen geld geeftom weg te gaan. Dat is iets wat voor de Nederlandse economie per saldoveel beter is. Die mensen willen dat graag aannemen. Die zijn hartstikkebereid om met remigratiecoaches daar een nieuw bestaan op te bouwen,in hun landen van herkomst. Wat is daarop tegen?De heer Diederik van Dijk (SGP):Als de heer Baudet het zo aanvliegt, als het gaat over mensen die zelfbesluiten dat hier niet hun toekomst ligt, dat die niet in Nederland ligtmaar elders, dan zeg ik: die mensen hebben daartoe alle vrijheid. Als wedaar enigszins bij kunnen helpen, is dat geen probleem. Ik heb het overhoe we omgaan met de mensen die hier terecht zijn. Hun moet niet bovenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349324 het hoofd hangen: eigenlijk zijn we jullie het liefst kwijt. Dat werkt nietvoor de integratie.Dan het andere punt dat de heer Baudet terecht benoemt, dat mensenzelfs in de tweede en derde generatie niet blijken te integreren. Ja, diezorg delen wij van harte. Ik voeg er ook meteen aan toe, aanhakend bijmijn eerste vraag: voor mij als christelijke politicus is het ook de vraagwaar deze mensen precies in moeten integreren. We weten als volkvolgens mij zelf inmiddels nauwelijks waar we voor staan. We hebbenonze wortels doorgesneden en waar staan we nu? Hoe kunnen mensenintegreren in een vacuüm? Dat punt wil de SGP graag beklemtonen.De voorzitter:Dank u wel. Gaat u door met uw inbreng.De heer Diederik van Dijk (SGP):Ja. Voorzitter. Een robuuste en wendbare asielketen met bijbehorendefinanciering is een belangrijke bouwsteen voor een beter asielstelsel. Deinmiddels vaker aangehaalde motie-Bisschop om te onderzoeken wathiervoor nodig is, ligt al sinds 2021 op het bureau, maar na vier jaar is ernog altijd geen uitsluitsel. Hiervoor worden nog verschillende onder-zoeken gedaan. Wanneer horen we daar meer over? De voorgenomenbezuinigingen en kortetermijnaanpak van het kabinet dragen niet bij aande noodzakelijke rust en maken dat we veel meer geld kwijt zijn aanpeperdure opvang in hotels of cruiseschepen. Hoe gaan deze Ministers dedure crisisnoodopvang afbouwen en toewerken naar een flexibeleopvangketen?Voorzitter. Tijdens het vorige debat werd toegezegd ons uitgebreider teinformeren over de IND-fraude. Dat is nu gebeurd, zij het heel beknopt. Deconstatering is dat er onvoldoende zorgvuldig is gehandeld en dat detoetsing niet juist is geweest. Waar moet ik dan aan denken? Klopt het datde fraude intern niet goed is opgepakt? Hoe wordt dit in de toekomstvoorkomen? Ik lees dat zal worden bezien of aanvullende maatregelennodig zijn. Mijn fractie wordt graag geïnformeerd over de opvolging vandit onderzoek. Wil de Minister dat toezeggen?Voorzitter. In Nederland houd je je aan de regels. Doe je dat niet, dan zijndaar consequenties aan verbonden. Het asielrecht is bedoeld voormensen die bescherming zoeken tegen vervolging, en niet voor degenendie een bedreiging vormen voor de openbare orde. Door crimineleasielzoekers hun status te ontnemen wordt een duidelijk signaalafgegeven dat misbruik van bescherming niet wordt getolereerd. InNederland kennen we daarvoor de zogeheten glijdende schaal. Goed datde Minister ook kijkt naar het meenemen van geldboetes hierin. Tegelij-kertijd vraagt mijn fractie zich af of de glijdende schaal doet wat we willen.Is die voldoende afschrikwekkend? Zijn er niet bepaalde ernstigevergrijpen waarbij we direct zouden moeten kunnen overgaan totintrekking van de verblijfsvergunning? Is de Minister bereid hier eenskritisch naar te kijken? Kan hij in een brief uiteenzetten welke ruimte hetMigratiepact biedt om deze systematiek aan te pakken?Dank u, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. Ik heb een interruptie voor u van meneer Ceder.De heer Ceder (ChristenUnie):We hebben tegen de motie gestemd over het migratiesaldo naar nulbrengen, omdat je volgens mij onze samenleving ontwricht als je geenoog hebt voor alle voorwaarden. Het gaat erom dat we juist wel kijkennaar wat de staatscommissie heeft geadviseerd, dat het binnen eenbeheersbare bandbreedte zou moeten blijven. Hoor ik de heer Van Dijk nuzeggen dat dat betekent dat er een harde, dus echt een absolute, grensTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349325 zou moeten zijn? Wij hebben voor een bandbreedte gekozen in tegen-stelling tot een harde grens. Anders kun je de onwenselijke situatie krijgendat vluchtelingen, bijvoorbeeld een christelijk gezin, het argument tehoren krijgen dat ze onveilig zijn, maar dat ze plus één zijn en dus bovendie harde grens zitten en daarom niet opgevangen worden. Dat is eenargument dat voor ons niet werkt. Dus mijn vraag is in hoeverre u diegrens hard wil trekken in het geval van christelijke gezinnen, maar ook inandere situaties, waarin aantoonbaar sprake is van mensen die vooronveiligheid vluchten naar een veilige herberg.De heer Diederik van Dijk (SGP):Ik dank de heer Ceder voor zijn vraag. Ik vind het ook fijn om dat tekunnen ophelderen. Ik heb natuurlijk goed nagedacht over mijn woorden.Ik spreek ook uitdrukkelijk over «richting de nul». Het is dus een streven.Van de situatie die de heer Ceder bedoelt, waarin een vluchteling echthard kan maken dat hij onveilig is vanwege persoonlijke vervolging etcetera, maar tegen wie we vervolgens zeggen dat hij pech heeft gehad endat het wel had gekund als hij vorige week was gekomen, is geen sprake.De beheerste groei wordt vrij breed gedeeld. Dat snap ik ook, wantdaarmee kun je ook terugvallen op de staatscommissie. Ik wil vooral devinger leggen op 40.000 tot 70.000 per saldo per jaar erbij, want dat is nogelk jaar een keer Gouda erbij. Hierdoor rijst wel de vraag of we dataankunnen en kunnen waarmaken. Dat is waarom wij zeggen dat we meerrichting de nul moeten streven, maar het is zeker niet zo’n absolute grenszoals de heer Ceder in zijn vraag schetst.De voorzitter:Dank u wel. Ik zie verder geen andere interrupties. Dan is het woord aande heer Baudet. U heeft vijf minuten.De heer Baudet (FVD):Ik krijg er vijf.De voorzitter:Dat staat in de convocatie, mevrouw Rajkowski.De heer Baudet (FVD):Voorzitter. Nederland komt tot stilstand. De nieuwe generatie ziet steedsvaker geen toekomst meer voor zich in dit land. Ongeveer de helft, dehélft, van onze Nederlandse jongeren overweegt emigratie. Wie zienondertussen wel toekomst voor zich in Nederland? Dat zijn Syriërs,Afrikanen, Nigerianen en Algerijnen. Dat is begrijpelijk. De Nederlandseoverheid heeft namelijk voor hen gekozen: voor hun welzijn en voor huntoekomst. Ze is daarmee dus tegen de toekomst van onze eigen mensen.Zo simpel is het.Voorzitter. Alleen al afgelopen week bestond de asielinstroom weer uit –hou je vast – 1.100 mensen; de week ervoor waren dat er 1.000 en deweken daarvoor gemiddeld 900. Week in, week uit komen circa 1.000asielzoekers naar Nederland. Dat is een dorp per maand, elke maandweer. Dat komt boven op de tienduizenden mensen die nu in de opvanglo-caties zitten, en de meer dan honderdduizend mensen met eenverblijfstatus. We hebben het dan nog niet eens over de inmiddelsgenaturaliseerde statushouders die zijn doorgestroomd, en dus uit dezecijfers zijn verdwenen. Volgens officiële cijfers zouden er as we speak ooknog eens zo’n 65.000 nareizigers in het buitenland wachten op inreis. Datzijn dus familieleden, soms vijf, zes, of nog meer kinderen en echtgenotesper asielzoeker, die in Nederland een status krijgen. Die moet je hier dusook bij optellen. Alleen al de nareizigers die op dit moment klaarstaan omhierheen te komen, vormen met elkaar een stad zo groot als Rijswijk.Onder het bewind van PVV-Minister Marjolein Faber is er bijna elke weekTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349326 een nieuw azc geopend in Nederland. Het spijt me dit zo te moetenzeggen, maar het zijn wel de feiten. Op 1 januari 2024 waren er 249COA-locaties in ons land en op 1 januari 2025 waren dat er 310. De hotelsen opvanglocaties voor Oekraïners zijn hier nog niet eens in meege-nomen, dus in totaal is het eigenlijk nog veel meer.Van alle asielzoekers is 10% ondertussen betrokken bij agressie- engeweldsincidenten, 10%! Voor specifieke groepen liggen deze cijfers nogveel hoger: 36% van de Algerijnen is geregistreerd als verdachte van eenmisdrijf, 25% van de Marokkanen is geregistreerd als verdachte van eenmisdrijf en 17% van de Tunesiërs enzovoort. Dat is dus alleen de groep dienu als het ware in de keten zit. In de afgelopen vijftien jaar zijn weondertussen alweer 1,5 miljoen van dit soort mensen verder. Dank je wel,VVD.Voorzitter. Het is volstrekt verbijsterend dat we dit laten gebeuren. Ik beninmiddels op het punt dat het me niet meer interesseert of bepaaldelobbygroepen boos worden, Brussel met een boete gaat zwaaien of er eenkeertje bij de Verenigde Naties een wijzend vingertje naar ons komt. Ditmoet gewoon stoppen. Op basis van CBS-data becijferde Jan van de Beekdat de gemiddelde maatschappelijke kosten die wij met z’n allen perindividuele asielzoeker moeten betalen, uitkomen op netto € 800.000gemiddeld per persoon. Dat zijn kosten die gaan naar huisvesting, socialezekerheid, taalachterstanden, criminaliteit, overmatig aanspraak maken opgezondheidszorg, psychologische ondersteuning enzovoorts. Als je D66weer met vlaggetjes ziet zwaaien en er een feestje van ziet maken, zou ikwillen voorstellen eens naar die kosten te kijken. Het zijn kosten die wijmet z’n allen moeten ophoesten en die direct ten nadele komen van onzeeigen welvaart, kinderen en woningen. Het is werkelijk krankzinnig wat weaan het doen zijn.Het blijft niet alleen bij statistiek. Een paar weken terug werd eenNederlands meisje van 17 jaar oud, Lisa, in koelen bloede vermoord doorzo’n asielzoeker. Er loopt in Nederland letterlijk niet één jonge vrouw ronddie het niet anders heeft meegemaakt: het gesis en daarna het «meisje,meisje» en daarna het onvermijdelijke «kankerhoer». Het hele procedure-denken moet van tafel, vandaag nog, gisteren eigenlijk. Waar wachten wenog op in dit land? Het moet gewoon klaar zijn. We kunnen dit als landniet meer aan. We kunnen dit onze kinderen niet aandoen. We kunnen ditonze voorouders niet aandoen. Zeg gewoon per direct dat er niemandmeer in mag komen. Klaar. Ik pleit voor maximale remigratie van demensen die er al zijn. Dan stappen ze maar naar de rechter. Dan krijgenwe maar een boete van de EU. Who cares? Dit gaat om Nederland en op29 oktober hebben we de kans hier echt mee te stoppen. Laten we datdoen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Baudet. Keurig binnen de tijd. Dan zie ik geeninterrupties voor u. Dan is het woord aan mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Het is misschien goed om te zeggen dat ik iets laterwas, omdat ik zelf ook een rondetafelgesprek had aangevraagd bij decommissie voor Buitenlandse Zaken over de evacuatie van kinderen uitGaza. Dus mijn excuses dat ik er niet vanaf het begin bij kon zijn.Voorzitter. Het is onrustig in ons land als het gaat om de opvang vanasielzoekers. Afgelopen zondag moest de politie massaal uitrukken in DenBosch vanwege een aangekondigde bestorming van een asielzoekers-centrum. Nog geen week eerder, op donderdag, moest de politiek ookoptreden, bij een demonstratie in Doetinchem. Ditmaal was dat bij hetgemeentehuis, waar tegenstanders van een azc vuurwerk en stenengooiden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349327 Voorzitter. Dit zijn geen incidenten meer. Het is inmiddels een patroon vanintimidatie, bedreiging en geweld. Het is wachten tot het een keergruwelijk misgaat. Daarom is het niet genoeg om enkel te blijven herhalendat demonstreren mag zolang het maar vreedzaam is. Dat zijn opendeuren. Wat we nodig hebben, is actie, handhaving en bescherming. Hetgaat dan om bescherming van de mensen in de opvang, de mensen diewerken in de azc’s en de mensen die werken in de gemeenten. Ik wildaarom vandaag van de Ministers concreet het volgende horen.Herkennen zij het patroon van toenemende agressie, intimidatie engeweld bij protesten tegen asielzoekerscentra? Welke maatregelenworden nu al genomen om de veiligheid van deze mensen, zowel deinwoners als de medewerkers, te waarborgen? Welke aanvullendemaatregelen kan dit kabinet nog nemen? Is een van de Ministers langsgeweest bij een van de vele azc’s waar het de afgelopen tijd zo onrustig isgeweest? Wat voor gesprekken voert het kabinet daar dan? Het kan tochniet zo zijn dat we moeten wachten op maatregelen tot het een keer goedmisgaat.Voorzitter. Ondanks het vertrek van de PVV uit het kabinet is de Uganda-proef gebleven. Het land staat erom bekend dat het de strengste anti-lhbti-wetten heeft. Er is geen vrijheid van meningsuiting. Critici van de regeringworden gemarteld en vermoord. Het kabinet dacht dat dit wel eentoplocatie voor een transithub was, waar menselijk tijdelijk verblijven voorze verder reizen naar hun land van herkomst. De grote vraag is natuurlijkof het tijdelijk is. Een groot knelpunt in het terugkeerbeleid nu is namelijkdat landen van herkomst niet meewerken. Daar moet dit kabinet dus eerstafspraken mee maken. Anders is zo’n transithub eigenlijk gewoonafschuifbeleid. Erkent de Minister dat zonder afspraken met landen vanherkomst mensen permanent in een transithub zullen verblijven? Waaromdenkt de Minister dat als het hier niet lukt om afspraken te maken metherkomstlanden, het opeens wel gaat lukken wanneer de menseneenmaal in Uganda zitten? Wat is het plan van dit kabinet als dit niet lukt?Wat zijn de afspraken daarover met Uganda? Welke financiële tegenpres-tatie krijgt Uganda? Graag verzoek ik het kabinet ook om de intentiever-klaring te delen met de Kamer.Voorzitter. Vanwege de situatie in Gaza versnelt de IND al enige tijd deaanvragen voor gezinsherenigingen van Palestijnen. Dat geldt helaas nietvoor de asielprocedure zelf. Sommige mensen wachten daardoorinmiddels al 21 maanden op een beslissing, terwijl hun familieleden inGaza in levensgevaar verkeren. De IND verwijst hen door naar dezogenaamde rode knop, een spoedprocedure. Maar ik begrijp vanorganisaties dat deze wordt afgewezen, omdat de situatie van individuelePalestijnen uit Gaza niet als «bijzonder schrijnend» wordt gezien tenopzichte van die van anderen. Klopt dat, vraag ik aan het kabinet. Als desituatie van Palestijnen uit Gaza en als een genocide niet als bijzonderschrijnend worden gezien, welke situatie wordt dat dan wel? Kan deMinister toezeggen de asielprocedure voor deze groep te versnellen? Zietde Minister ook dat het gaat om een zeer kleine groep van enkeletientallen mensen die vrijwel zeker in aanmerking komen voor interna-tionale bescherming? Deelt de Minister de mening dat Nederland hiermeeeen concrete stap kan zetten om het menselijk leed in Gaza iets teverzachten?Voorzitter. De inzet van dit kabinet om de genocide in Gaza te stoppen,blijft ver achter bij wat daadwerkelijk nodig is. Ik hoop daarom dat deMinister bereid is deze stap te zetten. Het gaat hier namelijk om eenrelatief kleine maar concrete stap die daadwerkelijk levens kan redden.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Piri. Ik kijk nog even of er nog interrupties zijn. Ik ziedat die er niet zijn. Dat betekent dat we aan het einde van de eersteTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349328 termijn van de Kamer gekomen zijn. Allereerst mijn dank aan iedereen.Mevrouw Podt, u heeft een punt van orde?Mevrouw Podt (D66):Ik ga even een punt van orde proberen te maken. Ik heb aangegeven dat ikgeprobeerd heb contact te zoeken met de ondernemers en dat we de briefvan de Minister natuurlijk heel laat kregen. Ik heb dat contact inmiddelsgehad en ik heb drie punten waar ik graag een antwoord van de Ministerop zou willen hebben. Met permissie van de rest van de commissie zou ikdie vragen nog graag willen stellen, omdat het door de late komst van debrief eigenlijk onmogelijk was om die vragen via mijn spreektekst testellen.De voorzitter:Ik kijk even rond. Zijn daar bezwaren tegen? Die zie ik niet, maar ik doewel het verzoek om het kort te houden en de vragen echt staccato testellen.Mevrouw Podt (D66):Ja. Ik heb ze opgeschreven. Het gaat dus om drie dingen waarvan deondernemers zeggen dat ze nu niet onder het schadeloket vallen. Het gaatover het feit dat de SODA-regeling nog steeds apart is, dus dat mensendie aanvraag nog steeds apart moeten doen. Dat is dus niet één loket. Zekrijgen geen geld voor de extra uren die moeten worden gemaakt doorbijvoorbeeld het doen van aangifte of medewerkers die thuiszitten na eenincident. Ze krijgen ook geen geld als de gegevens van asielzoekersonbekend zijn, ook al zijn er duidelijke beelden en een aangifte. Dat washet.De voorzitter:Top. U heeft zich keurig aan uw woord gehouden. Dan zijn we alsnog aanhet einde van de eerste termijn gekomen. Wij gaan om 12.00 uur weerverder. Dat betekent dat u tot die tijd meteen de kans heeft om even iets teeten, want anders moet u zo’n beetje tot 14.30 uur wachten en dat zoujammer zijn. Dus maakt u van die gelegenheid gebruik. Om 12.00 uurkomen we hier weer terug.De vergadering wordt van 11.29 uur tot 12.01 uur geschorst.De voorzitter:Ik heropen de vergadering. We zijn toe aan de eerste termijn van hetkabinet. Ik weet niet wie van u als eerste gaat spreken? Meneer Van Weelis als eerste. Ik zou zeggen: gaat uw gang. We moeten wel even kijken,want er zijn een aantal mensen helemaal door hun interrupties heen. Ermoet natuurlijk ook wel een debat mogelijk zijn. Ik had aangekondigd dathet er vier voor de hele eerste termijn waren, maar we gaan het andersdoen. Ik stel voor dat we het beperken tot twee interrupties per Kamerlid.Ik heb misschien enige coulance; we zullen zien. Ik wil per se 14.00 uurhalen. Als alle Kamerleden ermee akkoord zijn, wil ik het ook wel op driehouden. We houden het op drie. U ziet hoe democratisch ik ben. We doendus drie interrupties, maar ook hier geldt weer: maximaal 45 seconden.Als de antwoorden binnen redelijke termijn worden gegeven, dan hebbenwe daar ook geen probleem mee. We hebben nog tijd gelukkig, dus latenwe aan de gang gaan. Ik geef het woord aan de Minister.Minister Van Weel:Dank, voorzitter. En dank aan de leden voor de inbreng in de eerstetermijn. Ik weet wat voor hectische dag u allemaal tegemoet gaatvandaag. Ik mag ook nog een paar keer figureren in uw samenzijn. Ik zalmeteen overgaan tot de beantwoording. Dat doe ik in drie blokjes: deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349329 Asielnoodmaatregelenwet, internationaal inclusief Uganda en overigebelangrijke onderwerpen.Laat ik beginnen met de Asielnoodmaatregelenwet. Eigenlijk warenhierover twee vragen, die ik achterelkaar zal beantwoorden. De eersteging over wat nu het beoogde tijdstraject is, waar we staan en hoe snelwe die novelle in de Tweede Kamer kunnen verwachten. Wat mij betreft isdat zo snel mogelijk. Ik heb gekeken naar alle stappen die we moetendoorlopen – ook bij een novelle gaat het immers gewoon om wetgeving –en hoe ik die maximaal kan inkorten. Inmiddels zijn we zover dat deconsultatietermijn is verlopen. Er zijn maar liefst 672 reacties binnenge-komen op de novelle. Die zijn we op dit moment aan het verwerken. Daarwil ik recht aan doen, want ze komen ook van instituties als de politie, demarechaussee, de vreemdelingenpolitie, de Raad voor de rechtspraak, hetOM et cetera. Daar kijk ik nu serieus naar. Daar heb ik nog enige tijd voornodig, maar daarna gaat het zo spoedig mogelijk naar de Raad van State.Dat zal in ieder geval nog in de komende week dan wel weken zijn. Ik zalnatuurlijk de vicevoorzitter van de Raad van State vragen om dit adviesmet spoed ter hand te nemen. Ik hoop dat die daarin wil bewilligen. Het iseven de vraag of het nog lukt, maar mijn intentie zou zijn om dat nogtijdens het verkiezingsreces in uw Kamer te laten landen. Dat is mijnintentie, maar nogmaals: ik heb het niet honderd procent in eigen hand,en ik wil ook niet spreken voor de vicevoorzitter van de Raad van State.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank aan de Minister voor deze beantwoording. Als ik het goed begrijp:de novelle gaat zo snel mogelijk naar de Raad van State, in de komendeweek of weken, en een spoedadvies kan. Mijn vraag is: hoelang doet deRaad van State over een spoedadvies? Ik heb eerder gezien dat dat vrijsnel kan. Dan zouden we het in principe dus kunnen aanmelden, ofmoeten we dan eerst nog inbrengen leveren voor een verslag? Dat ligtniet aan de Minister, hoor ik. Dat moet ik aan de griffie vragen, denk ik. Ikdenk dat de meeste partijen graag zo snel mogelijk die Asielnoodmaatre-gelenwet en de Wet invoering tweestatusstelsel daadwerkelijk ingevoerdwillen hebben. Dus wat ons betreft: wat er ook nodig is, heel graag zo snelmogelijk. De vraag is dus concreet: het hangt van de Raad van State af ofhet advies ergens in het reces komt, als ik het goed begrijp?Minister Van Weel:Ik wil nu niet de Raad van State voor de bus gooien, want die moetgewoon zijn advies kunnen geven. Ik kan niet voor hen spreken overhoelang ze daarvoor nodig hebben. Ik ga vragen om een spoedadvies enik hoop dat dat ingewilligd wordt. Theoretisch zou dat allemaal kunnen,maar hoe u dat daarna behandelt in uw Kamer is uiteraard aan u. Dat isniet in mijn handen.Mevrouw Rajkowski (VVD):Uiteraard fijn om te horen dat de Minister er zo bovenop zit. We hebben,als ik gewoon even heel simpel tel, nog drieënhalve week voor deverkiezingen. Als je gaat terugrekenen, dan wordt het krap. We zouden hetnog kunnen redden, als de Minister inderdaad alles op alles wil zetten omdit zo snel mogelijk bij de Raad van State in te dienen.Minister Van Weel:U ziet hier wel ambtenaren zitten, maar de meesten zijn aan het schrijvenaan het verwerken van de consultatie. Als u licht ziet branden in de torensvan Justitie, dan is dat op de AenM-verdieping. Ik doe mijn best.Dan was er nog een vraag van de heer Ceder. Hij is er nu niet, maar hij zalhet antwoord ongetwijfeld later teruglezen of -horen. Hij vroeg hoe de INDaankijkt tegen de uitvoeringstoetsen van de asielwetten en of de INDeigenlijk niet zegt dat het heel erg moeilijk wordt om die te implemen-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349330 teren. Zij zeggen dat zij het liefst één grote verandering hebben. Die groteverandering is op komst met de implementatie van het Migratiepact, datper 12 juni komend jaar van kracht zal worden. Het is begrijpelijk dat deIND zijn processen, IT-systemen enzovoort het liefst op één momentinricht. Daarom geeft de IND daar de voorkeur aan, maar dat geldt nietlock, stock and barrel. Er zijn ook onderdelen van de wetten die eigenlijkmeteen, zonder heel veel aanpassingen, van start kunnen gaan. Ik zie deheer Diederik Van Dijk en ik moet meteen denken aan dwangsommen. Datis bijvoorbeeld zo’n onderwerp ... Ja, dat kun je ook anders horen.(Hilariteit)Minister Van Weel:Hij zal die geuzennaam in dit geval met verve dragen, denk ik. Dat zijn vandie onderdelen die je natuurlijk veel sneller kunt implementeren. De INDzal daar ook zo naar kijken. Het is wel van belang voor de IND om zospoedig mogelijk helderheid te krijgen of deze wetten er gaan komen ofniet. Dan kunnen ze namelijk ook de voorbereiding in gang zetten. De tijdtot aan 12 juni tikt. De IND is dus ook gebaat bij spoedig uitsluitsel.Dan het blokje internationaal. Laat ik beginnen met een algemene vraag ofhet een voordeel is om Minister van Buitenlandse Zaken én Asiel enMigratie te zijn. Voor mijn vrouw niet, maar voor mij is dat wel eenvoordeel. Ik reis op dit moment veel. Dat biedt me natuurlijk ook degelegenheid om bij al die landen waarmee wij een migratieband hebben,of dat nu herkomstlanden zijn of andere EU-landen, het migratiedossieruitgebreid aan bod te stellen. Ik heb dat afgelopen week ook gedaan inNew York. Ik heb daar gesproken met mijn Algerijnse collega en met mijnMarokkaanse collega, om maar twee belangrijke landen in dit debat tenoemen. Ik moet overigens zeggen dat die samenwerking nu beter looptdan dat die in het verleden ooit gelopen heeft. Het kan altijd beter, maarwe moeten ook beseffen dat dit onderwerpen zijn die ook voor herkomst-landen soms gevoelig liggen. De diplomatie zal daar zijn werk doen; ik zitdaar bovenop.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Ik had ook nog gevraagd aan de Minister of hij kan toezeggen dat hetinderdaad gefaseerd gaat gebeuren. Kan hij, geleerd de les uit hetverleden, de toezeggingen een-op-een laten lopen met de subsidies die hijeventueel gaat geven?Minister Van Weel:Ik dacht dat die vraag zag op Uganda. Ja, ik kom daar nog op, want daarwaren meer vragen over.Laat ik beginnen met een vraag van de heer Ceder of wij een conferentiekunnen beleggen om samen met gelijkgestemde landen te kijken naar demodernisering van de verdragen. Wij zijn onderdeel van de EU-kopgroep,die kijkt naar dit strenger Europees asielbeleid en naar de toepassing vande verdragen zoals die nu geldt. We verkennen daarbij alle opties. In datverband wordt ook de optie van een protocol onderzocht. Zoals aange-geven in het plan van aanpak dat afgelopen maandag met uw Kamer isgedeeld, wordt u over de uitkomst van deze verkenning geïnformeerd indecember of bij relevante ontwikkelingen op het EU-spoor via degeannoteerde agenda van de JBZ-Raad. Ik weet dat er van de kopgroepdie hiernaar kijkt nu een aantal hoogambtelijke bijeenkomsten zijngeweest. Ik verwacht daar ook spoedig in verslag terugkoppeling over tekunnen geven; ik denk al bij de volgende JBZ-Raad.Laat ik de vraag van mevrouw Van Vroonhoven ook meteen hier, bij hetblokje internationaal, beantwoorden. Mevrouw Van Vroonhoven vroeghoe het nu gaat met de invulling van een solidariteitsclausule in hetMigratiepact. Ik heb daar gisteren een overleg over gehad met Eurocom-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349331 missaris Brunner van Migratie, met een drietal landen van de noordelijkekant van Europa en met een drietal landen van de zuidelijke kant vanEuropa. Daarbij hebben we het expliciet gehad over de invoering van hetMigratiepact. Ook hebben we het erover gehad dat het nemen vanverantwoordelijkheid door de landen die als eerste bestemming wordenaangemerkt, hand in hand moet gaan met de solidariteit die landen, zoalsNederland, die in de secundaire lijn zitten, moeten tonen. Beide, alsook debalans daartussen, zijn essentieel voor het welslagen van de invoeringvan het Migratiepact. Dat is niet eenvoudig. Voor de zuidelijke landen ishet niet eenvoudig om een duidelijk pad naar de volledige implementatievan Dublin te schetsen. Zoals u weet, zijn daar nu de nodige problemenmee, met name met Italië en Griekenland, maar met Spanje wat minder.Voor de noordelijke landen is de vraag hoe we die solidariteitsclausulegaan invullen.Dat kan op verschillende manieren. Dat kan door het een-op-eenovernemen van vluchtelingen, maar dat kan ook in financiële zin. Dat kandoor middel van steun aan grenscontroles of procedures. De komendeweken, tot aan het einde van het jaar, werkt de Commissie aan eenvoorstel. In dat voorstel wordt ook gekeken naar de verschillendecategorieën van landen die migratiedruk ervaren. Ook daarbij zijn wij metDuitsland en andere gelijkgezinde landen aan het kijken of ook despecifieke problematiek die wij kennen een plek kan krijgen binnen dehele mechaniek rondom het Migratiepact; bij ons in Nederland zit dieproblematiek natuurlijk met name in de opvang en de huisvesting. Hetloopt dus. Wij zitten in de kerngroep die hierover meepraat. Over dieonderhandeling kan ik verder specifiek niet heel veel zeggen, maar weworden gehoord.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Hierop aanvullend: de Minister zegt dat hij zich daarop richt. Mijn vraagwas of dit ook echt de inzet van Nederland is. Hieraan gekoppeld: u zegtdat u gisteren bij elkaar heeft gezeten met, onder andere, anderenoordelijke lidstaten. Delen die dat standpunt? Wordt er zij aan zijopgetrokken op dit punt? Met andere woorden, de vraag is hoe hard onzeinzet op dit punt is, want wij maken ons er echt grote zorgen over.Minister Van Weel:Ik noemde niet voor niks drie noordelijke en drie zuidelijke lidstaten,omdat dat nu net twee groepen van landen zijn die elkaar vinden.Natuurlijk trekken wij met andere noordelijke lidstaten op in de problemendie wij zien rondom migratie. Natuurlijk is de uitvoering van Dublindaarbij een van de belangrijkste onderdelen om het Migratiepactuiteindelijk te laten werken. Voor de zuidelijke landen heeft vooral desolidariteit prioriteit. Dat is ook begrijpelijk vanuit hun optiek, maargezamenlijk voelde ik gisteren in die zaal wel de wens om hier op eengoeie manier uit te komen.Dan Uganda. Er zijn een aantal vragen. Laat ik beginnen met hetalgemene. Er is een jaar lang gewerkt, na het eerste bezoek van, toen nog,Minister Klever aan Uganda, om te komen tot de intentieverklaring die ikafgelopen week in New York heb ondertekend. Die kan ik – dat zeg ik via u,voorzitter, tegen mevrouw Piri – niet delen met uw Kamer. Dat is opverzoek van Uganda. Maar ik kan u wel vertellen wat de bedoeling is vande overeenkomst zoals we die hebben getekend en wat er nu moetgebeuren in de toekomst.Laat ik beginnen om te zeggen dat deze migratiesamenwerking die we nuaangaan met Uganda onderdeel is van de bredere relatie die we hebbenmet Uganda. Die samenwerking is niet transactioneel. Dus wij betalen nietper afgewezen asielzoeker die we naar Uganda sturen. Dat mechanismezit er niet in.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349332 Er is een hoop aan te merken op Uganda. Er werd al gesproken overmensenrechten, de rechten van de lhbtiq+-gemeenschap en de vrijheid enhet democratisch gehalte van verkiezingen. Daar ben ik het allemaal nietmee oneens. Tegelijkertijd zeg ik tegen u dat als we dat als maatstafzouden nemen voor de relaties die wij hebben met alle landen wereldwijd,dat een flinke besparing op het ambassadenetwerk zou geven, want zoheel veel landen zijn er niet waar het zo goed is geregeld als in Nederland.Dat vind ik ook altijd weer fijn om te constateren op het moment dat ikterugkom in Nederland: we hebben een ontzettend mooi land, met eenfantastische rechtsstaat en met een hele goeie mensenrechtenpositie. Zoworden wij ook gezien, ook in New York.Dat wil niet zeggen dat als je een bredere relatie met een land aangaatwaarvan je commentaar hebt op de mensenrechten of de rechten van delhbtiq+-gemeenschap, je het daar niet over kunt hebben. Juist het feit datje een relatie en een wederzijdse afhankelijkheid in je relatie hebt, stelt jeertoe in staat om dit soort dialogen te voeren. Dat doen we dus ook metUganda. Dat houdt wat mij betreft dus niet tegen dat deze samenwerkingop dit specifieke punt ook gewoon in goede samenwerking doorgang kanvinden. Dat geldt overigens niet alleen voor Uganda; dat doen we ook metde IOM en met de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de VN.Daarmee heb ik ook gesproken in New York. Zijn staan ook positieftegenover het model dat wij hier nu proberen op te zetten. Ze zijn enworden ook betrokken bij de verdere uitwerking daarvan. Op dit momentvangt Uganda 1,9 miljoen vluchtelingen uit de regio op. Met alles wat eraan te merken is op Uganda – daar wil ik best een heel eind in meegaan –moeten we ook wel respect en waardering hebben voor de enormbelangrijke rol die het land vervult in de regio en voor de manier waaropze dat doen. Dat gebeurt op een menswaardige manier, met oog voor hetopbouwen van bestaansrecht en met waardigheid voor de vluchtelingen.Ook dat kunt u in allerlei VN-rapportages teruglezen.Mevrouw Podt (D66):Volgens mij zegt niemand dat je geen relaties met Uganda moet hebben.Dat vind ik een beetje lastig aan het verhaal van de Minister. Het hebbenvan een relatie is natuurlijk wel anders dan het neerzetten van mogelijkkwetsbare vluchtelingen daar, zeker als het gaat om mensen die inUganda om welke reden dan ook niet geaccepteerd worden. Ik heb er welmoeite mee dat we dat als Kamer vervolgens niet kunnen controleren,omdat de intentieverklaring niet openbaar gemaakt kan worden. Ik vraagde Minister dan toch of er niet een mogelijkheid is om dat, bijvoorbeeldonder geheimhouding, wel met de Kamer te delen. Ik maak me daarnamelijk zorgen over.Minister Van Weel:Er zitten een aantal aannames in deze vraag. Die pel ik even een voor eenaf. Een. Dit is een intentieverklaring. Het feit dat wij dit willen gaan doen,is nog niet gelijk aan de definitieve en juridisch toetsbare afspraken. Dieworden uiteindelijk wel openbaar. Dat kan ook niet anders. Anders zou derechter daar niet aan kunnen toetsen. Dit was slechts een startschot ommet de onderhandelingen te kunnen beginnen. Twee. U had het overkwetsbare vluchtelingen. Wij sturen geen vluchtelingen naar Uganda. Hetgaat hier om mensen die afgewezen zijn, die geen recht hebben om hierte blijven. Dat zijn dus geen vluchtelingen. Dat zijn afgewezen asiel-zoekers. Bovendien zijn ze van een categorie die niet wil vertrekken. Dat isdenk ik de specifieke afbakening die we meegeven aan deze groep. Drie.Natuurlijk voelen we ons verantwoordelijk. Dat zijn we ook wat betreft hetinternationaal recht. We moeten daar geen mensen heen sturen die kanszouden lopen op vervolging volgens wetten die niet voldoen aan onzemensenrechtenstandaarden. Nee, iemand die behoort tot bijvoorbeeld totde lhbtiq+-gemeenschap zullen wij niet via dit traject de transithub inTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349333 Uganda insturen. Ik noem maar een voorbeeld, want er zijn meercategorieën in Uganda.Er werd door mevrouw Piri gevraagd: wat doe je als iemand niet vertrektof als landen niet willen meewerken? Natuurlijk wegen we dat mee in debesluiten over de mensen die we daarheen sturen. Ik moet u heel eerlijkzeggen dat uit alle gesprekken die ik heb gehad met de IND, de DienstTerugkeer en alle kennis die hier aan tafel zit, blijkt dat de ervaring leertdat het land eigenlijk altijd meewerkt als mensen willen terugkeren.Mensen die hier zitten, proberen hun tijd in Europa zo lang mogelijk terekken, omdat ze hopen dat er uiteindelijk toch een perspectief ontstaatom permanent te kunnen verblijven. Dat zorgt ervoor dat mensen alles uitde kast halen om niet mee te werken, bijvoorbeeld door niet mee te gaannaar ambassades, door hun identiteit niet prijs te geven, et cetera. Wijverwachten echt dat er een veel groter percentage zal zijn dat uiteindelijkterugkeert naar het land van herkomst op het moment dat mensen inUganda inzien dat hun route naar Europa beëindigd is. We zullen het bijde onderhandelingen met Uganda nog hebben over de vraag wat wedoen met gevallen waarbij dat dan toch niet lukt.De heer Baudet (FVD):Heel interessant. Ik hoor de Minister net zeggen dat de ervaring is datlanden eigenlijk altijd wel meewerken als mensen zelf terug willen. Hethele probleem is dat landen hun onderdanen niet onvrijwillig terug-nemen. Dat is natuurlijk heel makkelijk op te lossen door zo’n ongelofelijkvervelend gevangenisregime voor die mensen in Nederland op te zetten,dat zij smeken om zo snel mogelijk terug te mogen. Wat vindt u daarvan?Minister Van Weel:Dit klinkt mij een beetje als een horrorscenario in de oren. We hebben hierwel met mensen te maken. We hebben hier menswaardig asielbeleid. Wekijken of we kunnen werken aan vrijwillige terugkeer bij mensen dieafgewezen zijn. Gelukkig gebeurt dat in een hoop gevallen al. Dan heb jeeen categorie die niet vrijwillig terugkeert, maar die we wel gedwongenkunnen laten terugkeren. Die zitten dan vaak al in vreemdelingendetentie.Die hebben we hier al in Nederland. Ik nodig u graag uit om een keer opbezoek te gaan. Dat is al geen pretje, kan ik u vertellen. Er is altijd nog eencategorie die uiteindelijk niet kan of wil vertrekken. Er komt op eengegeven moment een einde aan vreemdelingendetentie. Dat is precies decategorie waar we het hier over hebben. Daar komt Uganda in beeld, omer dan voor te zorgen dat de afgewezen asielzoeker ook niet meer inEuropa zit. Daardoor ziet hij hopelijk, op een menswaardige manier en ineen menswaardig opvang, ook in dat terugkeer naar het land vanherkomst beter is. Ik vind dat eigenlijk een beter scenario dan het scenariodat u schetst. Maar wij gaan hier geen onmenselijke gevangenissencreëren.De heer Baudet (FVD):Allereerst dank voor de uitnodiging. Ik ga die graag aan. Laten we datplannen. Dat lijkt me gezellig. Het lijkt me ook leuk om dat te zien en inbeeld te brengen voor mensen. Maar meer in algemene zin. Ik denk ook:Uganda is prima; dan zetten we ze daar neer. Maar kan de Minister inalgemene zin reageren op het principe dat je illegaliteit strafbaar stelt,waarbij je het dan ook mogelijk maakt om mensen vast te zetten als zehier niet mogen zijn en vervolgens daarmee de druk opvoert omdaadwerkelijk weg te gaan? Wat vindt hij daarvan?Minister Van Weel:Dat is inderdaad iets anders. Dat zit natuurlijk ook in het amendement vanmevrouw Vondeling. Dat bestaat uit de strafbaarstelling van illegaliteit,waardoor je mensen in bepaalde gevallen vast kunt zetten. Ik zal in mijnTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349334 toelichting bij de novelle aangeven hoe die groep wat ons betreft zoumoeten worden afgebakend. Dus die mogelijkheid zit daar nog in. Die zitdus nog in de wet en in de novelle; daar gaat u het nog over hebben ophet moment dat die naar de Kamer komen. Dus die dien ik in. En natuurlijksteun ik die ook.Voorzitter, dat was het kopje internationaal. Dan kom ik bij de overigeonderwerpen. De heer Ceder vroeg of wij gaan ophouden met doorproce-deren. Ik zeg tegen de heer Ceder, via u, voorzitter, dat ik het woord«doorprocederen» niet helemaal vind passen. Het gaat hier om hetgebruik van rechtsmiddelen binnen onze rechtsstaat die ook de overheidheeft en ook de partij aan de andere kant. Wij maken daar gebruik van.Dat is gewoon de normale wijze van het doorlopen van een procedure. Bijde afweging daarbij hangt het er altijd van of er een zaakoverstijgendbelang is, zeker als het tegen een burger is. In een ander gremium denk iknog te spreken over de Afghaanse bewakers van de ambassade in Kabul.Daarbij vinden wij dat er een zaakoverstijgend belang is. Het gaat de Staatniet per se om de mensen die nu deze zaak aanspannen, maar om het feitdat wij het niet eens zijn over de toezeggingen die worden gepresenteerdin die rechtszaak. Dat is dan een reden om te zeggen: dit kan zulkeverstrekkende gevolgen hebben, ook in de toekomst, dat we daarhelderheid over willen hebben, en daarom gaan we in beroep. Hetantwoord op de vraag van de heer Ceder is dus: nee.De voorzitter:Een tweede interruptie van meneer Ceder.De heer Ceder (ChristenUnie):Volgens mij is dit mijn eerste, voorzitter.De voorzitter:Excuses, het is inderdaad uw eerste.De heer Ceder (ChristenUnie):Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk heeft de overheid het recht om door teprocederen, om in hoger beroep te gaan of om bezwaar aan te tekenen alser een gerechtvaardigd belang is. Echter, wij zien, met name in de veleindividuele asielprocedures, dat dat een automatisme lijkt te zijn: er lijktaltijd een gerechtvaardigd belang te zijn om bezwaar en beroep te maken.Daarmee wordt het een holle argumentatie. En niet alleen dat, wantdaarmee wordt de Nederlandse Staat ook medeverantwoordelijk voor dielange procedures. Wij klagen hier over gewortelde kinderen en over datgezinnen al tien, elf jaar in een procedure zitten. Dat komt voor een deeldoordat mensen ook bezwaar en beroep maken op het moment dat eenbeslissing in hun nadeel uitvalt, maar in veel gevallen komt dat doordatde Staat dat ook doet en dus medeverantwoordelijk is voor het probleemdat we hierbij zien. Mijn vraag is of de Minister in ieder geval kanexpliciteren – dat kan via een brief – in hoeveel asielgevallen waarin hetbesluit in het voordeel van een burger uitvalt, de overheid besluit om inbezwaar en beroep te gaan. En als dat onevenredig vaak gebeurt, kan deMinister dan ook toelichten waarom dat zo is? En zou het misschien nietminder kunnen, juist om daarmee de asielketen te verlichten?Minister Van Weel:Getallen kan ik u altijd geven. Dat wil ik in een volgende voortgangsrap-portage best doen. Maar ik kan daar geen conclusies aan verbinden,omdat het altijd een individuele afweging is. U stelt dat het een automa-tisme is, maar dat is het niet. Er wordt altijd individueel gekeken of er inberoep wordt gegaan of niet. De aantallen kan ik dus wat dat betreft nietduiden, want dat ligt elke keer aan het individuele geval.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349335 De heer Ceder (ChristenUnie):Ik beschouw dat eerste overigens als een toezegging, want ik wil diezaakcijfers graag weten. Ik durf de stelling aan dat we ervan gaanschrikken in hoeverre de overheid medeverantwoordelijk is voor al dielange procedures die we alleen toerekenen aan gezinnen omdat zij zoudenwillen doorprocederen.Maar mijn punt is of de Minister in ieder geval erkent dat als er sprake isvan doorprocederen – ik noem het «doorprocederen», niet omdat ik daareen negatieve connotatie bij heb, maar omdat ik bedoel: besluiten om inberoep te gaan – de overheid medeverantwoordelijk is voor het verlengenvan die procedure. Daarmee is de regering medebijdrager aan het instand houden van de onduidelijkheid en aan het verblijf in de opvang ofDTenV-locatie, of de regering dat nou voor ogen heeft of niet. Is deMinister in ieder geval bereid om dat te erkennen?Minister Van Weel:Nee. Ik ga het in mijn eigen woorden zeggen. De Staat procedeert op hetmoment dat hij denkt dat er een belang is dat de individuele zaakoverstijgt, vanwege precedentwerkingen of anderszins. Dan gaat de Staatin beroep. Dat doet hij niet om de procedure te rekken, maar de procedurewordt er natuurlijk wel langer door. Dat is niet «bijdragen aan», nee. Hetleidt wel tot een langere procedure. In die cijfers die ik u ga zenden, staattrouwens ook het aantal gevallen waarin de IND in beroep gaat envervolgens in het gelijk wordt gesteld. Dat geeft, denk ik, aan dat er eengegronde reden was om uiteindelijk dat beroep aan te tekenen. Het is dusaltijd een afweging. Niemand wil lange procedures, maar de Staat moetook gewoon procederen op het moment dat er een zaakoverstijgendbelang is.De heer Ceder (ChristenUnie):Dank. En ... O, sorry.De voorzitter:Het is uw laatste.De heer Ceder (ChristenUnie):Dan bewaar ik ’m.Minister Van Weel:Dan ga ik even kijken welke vraag van de heer Ceder ik nu ga beant-woorden.De voorzitter:Een cliffhanger voor de Minister. Gaat uw gang.Minister Van Weel:De gewortelde kinderen; laat ik die vraag dan meteen bij de horens vatten.Krijgt het belang van in Nederland gewortelde kinderen voldoendegewicht in asielprocedures? Ja. Het belang van het kind is in asielproce-dures, maar ook in reguliere toelatingsprocedures, onderdeel van debelangenafweging. Maar wanneer de asielaanvraag van een gezin isafgewezen, dan is terugkeer aan de orde. Ook een terugkeerbesluit wordtzorgvuldig genomen: ook daar vindt een afweging plaats tussen hetbelang van het kind en de andere belangen, waarbij dan deugdelijk moetworden gemotiveerd waarom een belang doorslaggevend is. Als ervervolgens beroep wordt ingesteld, toetst de rechter of de IND zichvoldoende rekenschap heeft gegeven van de belangen van het kind. Ikdenk dat dat voldoende zit ingebakken in de procedures, maar ook in deuiteindelijke toetsing door de rechter.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349336 De voorzitter:Toch uw laatste. Gaat uw gang.De heer Ceder (ChristenUnie):Gaat dit om de discretionaire bevoegdheid? Ja? Dan bewaar ik ’m.Minister Van Weel:Laat ik die meteen bij de horens vatten, dan bent u van uw interrupties af.Ik help u. Onlangs is er inderdaad een uitspraak van de Raad van Stategeweest die zegt dat, hoewel met het besluit bedoeld was om dediscretionaire bevoegdheid niet meer bij de Minister te leggen, debovenliggende wet nog steeds geldig is en dat die de bevoegdheid nogsteeds geeft. Dat gaan wij rechtzetten met het terugkeerbesluit. We gaandus doorvoeren wat destijds bij de verandering beoogd was, namelijk hetformeel weghalen van de discretionaire bevoegdheid bij de Minister,omdat ik vind dat die niet bij de politiek zou moeten liggen. Ik heb daarombesloten, in de geest van hoe dat destijds beoogd was, om mijnbevoegdheid direct weer te delegeren aan de directeur-generaal van deIND. Ik neem dus geen discretionaire besluiten; die bevoegdheid heb ikgedelegeerd aan de dg.De voorzitter:Uw laatste interruptie.De heer Ceder (ChristenUnie):Goed om te weten dat de Minister voornemens is om de wet te wijzigen.Maar het was natuurlijk een deal, waarbij aan de ene kant de discretio-naire bevoegdheid weggelegd werd, en aan de andere kant de proceduressneller zouden gaan lopen. Dat is bij lange na niet nagekomen. Deregering is dus een deel van de afspraak niet nagekomen en probeert nuwel de andere kant door te voeren. Ik vind dat oneigenlijk, maar ook nietin de geest van die afspraak, omdat die situatie rondom geworteldekinderen steeds minder kan voorkomen als je veel kortere procedureshebt. Ik vind dat de regering nalatig is geweest bij het doorvoeren van dieafspraak en ook dat het oneigenlijk is om dat ene aspect er wel uit tepakken. We hebben gezien dat er opdroging was van de gevallen waarinde discretionaire bevoegdheid toegewezen werd. Mijn vraag is of deMinister zich er wel degelijk van bewust is dat dat gebeurt, wanneer wehet weer op dezelfde wijze bij de directeur neerleggen. Sommige partijenzullen zeggen dat ze dat prima vinden. Maar het heeft inmiddels tot eenstuwmeer geleid. Er zijn nu heel veel gevallen van zowel kinderen met eenasielverleden als kinderen zonder een asielverleden, waar geen oplossingvoor is. Een ezel stoot zich niet twee keer aan dezelfde steen. Is deMinister in ieder geval bereid om te kijken – ik zou dat misschien ook alstoezegging kunnen accepteren – naar het herbeleggen, en dan niet alleenin de eerste aanleg? We weten dat er ook vaak door feiten en omstandig-heden pas later nieuwe situaties aan het licht komen. De discretionairebevoegdheid moet gewoon doen wat die hoort te doen, namelijkrechtspreken in schrijnende gevallen. Dat is nu niet het geval. Mijn vraagis of de Minister dat in ieder geval zou willen meenemen, ook in het lichtvan de afspraken die niet zijn nagekomen aan de kant van de regering.Minister Van Weel:Ik ben het niet helemaal eens met dat de regering de afspraken niet isnagekomen. Er is destijds een afspraak gemaakt. We dachten allemaal datdie afspraak ook verankerd was op een wijze die de toets van de rechterkon doorstaan. Dat bleek door deze uitspraak van de Raad van State dusniet het geval. Er ontstaat daarmee naar mijn mening niet weer eennieuwe situatie. Het betekent gewoon dat we moeten repareren watdestijds niet op een goede manier is belegd. Ik ben ook van mening datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349337 schrijnendheid altijd onderdeel moet zijn van elke asielprocedure, van elkeberoepsprocedure en van elke toetsing door de rechter. Ik denk dat dediscretionaire bevoegdheid op politiek niveau daar geen positievebijdrage aan levert. Ik geloof in het proces en in de rechtsstaat. Ik ben dusook geen voorstander van politieke discretionaire bevoegdheden, of hetnou gaat om een individueel kind naar Nederland halen of om het af- oftoewijzen van een verblijfsvergunning.De heer Ceder (ChristenUnie):Dit is geen antwoord. Mag ik heel kort de vraag herformuleren?De voorzitter:Heel kort, want zonet sprak u vrij lang. Dus houd het kort.De heer Ceder (ChristenUnie):Mijn vraag was of de Minister in ieder geval bij de voorbereiding kantoezeggen om te kijken of het herbeleggen van alleen de eerste aanleg bijhet hoofd van de IND inderdaad een effectief ventiel is en ook recht doetaan schrijnendheid. We hebben gezien dat het aantal aanvraagtoeken-ningen totaal is opgedroogd sinds dat belegd is, terwijl de problematiekniet is gestopt. Het is daarmee een ventiel dat niet werkt. Volgens mij isdat ook in de geest van wat de Minister zegt. Zou u in ieder geval willentoezeggen om dat aspect bij de uitwerking daarvan grondig te bestuderen,Minister?Minister Van Weel:U leidt van het opdrogen van het aantal toekenningen af dat het ventiel nuniet werkt. Ik zou het omgekeerde ook willen betogen. Het feit dat het oppolitiek niveau was belegd, waardoor het dus openstond voor druk enbeïnvloeding die in het publieke domein vaak voorkwamen, heeft in hetverleden geleid tot onnodig gebruik van het ventiel. Ik geloof in onzerechtsstaat, in de procedures die daar gelden en in de onafhankelijketoetsing, ook altijd aan artikel 8 van het EVRM. Ik vind dat dus niet nodig.De heer Van Dijk vroeg wat de IND heeft gedaan in navolging van hetfraudeonderzoek dat verricht is. In het najaar van 2024 heeft de IND naaraanleiding van meldingen bij de Interdepartementaal Bijzonder Vertrou-wenspersoon van het Ministerie van Justitie en Veiligheid besloten omeen onafhankelijk onderzoek naar fraude bij de IND uit te laten voerendoor Bureau Integriteit van de DJI. Dat onderzoek is afgerond. Uw Kameris daarover op 11 juli jongstleden geïnformeerd. De conclusie is dat ergeen fraude is gepleegd bij de IND, maar het onderzoek toont wel aan datin sommige zaken onvoldoende zorgvuldig is gehandeld. De toetsing aande geldende voorwaarden had in die specifieke zaken beter gemoeten. DeIND kijkt in hoeverre dat breder kan worden voorkomen, ook voor detoekomst. Binnen de IND worden de resultaten nu projectmatig brederopgepakt ten behoeve van de verbetering van de beslispraktijk.Dan een vraag van de heer Van Nispen over de bezuinigingen opVluchtelingenWerk Nederland. Hij vroeg of de eerder ingediende motieom tijdig andere partijen te betrekken wel gestand wordt gedaan doordeze bezuiniging. Ik heb uw Kamer inderdaad op maandag 29 septembergeïnformeerd over mijn besluit over de inrichting van de juridischebijstand onder het Migratiepact. Mijn ministerie is over dit besluit met derelevante ketenpartners in gesprek getreden. Het besluit tot aanpassingvan vergoedingen rondom asieladvocatuur zal in het kader van devoorhangprocedure nog met uw Kamer en met de Eerste Kamer wordengedeeld. Ik denk dat ik op die manier tegemoetkom aan de door uwKamer aangenomen motie van het lid Van Nispen, waarin wordt gevraagdom transparantie rondom dit onderwerp en voorstellen hiertoe tijdig aande relevante partners voor te leggen. De vraag van mevrouw Podt hangthiermee samen. Die vraag ging namelijk over de bezuiniging bij deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349338 begeleiding op gezinshereniging. Uw Kamer is aan het begin van het jaarmiddels een brief geïnformeerd over de afbouw van de subsidie aanVluchtelingenWerk Nederland. Ik heb in de afgelopen maandengesprekken gevoerd met de betrokken ketenpartners en met Vluchtelin-genWerk Nederland over een verantwoord afbouwplan. De uitkomst vandit overleg is op dit moment dat VluchtelingenWerk Nederland gaatafbouwen naar een subsidie van circa 13 miljoen. Dat is het bedrag datdaarvoor standaard al meerjaarlijks op de rijksbegroting gereserveerdstond. We hebben in die gesprekken bekeken welke taken door andereorganisaties kunnen worden overgenomen en welke activiteiten kunnenworden stopgezet. Daaruit is gekomen dat de IND in dit geval de takenrondom nareis zal overnemen. Daarbij zetten ze inderdaad wel ook in opde zelfredzaamheid van de asielzoeker.De voorzitter:Ik ga u even onderbreken. Ik heb een interruptie van meneer Van Nispen.De heer Van Nispen (SP):De Minister zei: ik denk dat ik daarmee de motie gestand doe. Maar ikdenk eigenlijk dat dit niet het geval is, want de Minister schreef in zijnbrief inderdaad dat het kabinet ernaar streeft om de Nederlandseasielprocedure te versoberen tot het Europese minimum en de rechtsbij-stand bij asielaanvragen zo veel mogelijk te beperken. Wat betekent datdan? Dat betekent dat het bieden van informatie over het verloop van deprocedure niet meer een taak wordt van onafhankelijke partners, zoals datnu het geval is, maar dat de IND dat er nog eens even bij moet gaan doen.Alsof die niet al een enorme wachtlijst had weg te werken. Dus ik hoopdat de Minister snapt dat ik me er enorme zorgen over maak of mensendan nog wel die eerlijke kans hebben. Volgens mij is dat toch wel wat onsmoet binden: vaststellen of iemand vluchteling is of niet, moet terugkerenof mag blijven. Dat is volgens mij de eerlijke kans die je wilt. Dus ik hebeen motie ingediend, omdat de samenhang met het EU-Migratiepacthartstikke ingewikkeld is. In de motie staat het volgende: «De Kamerverzoekt de regering (...) duidelijk te maken op welke manier een eerlijkproces en fundamentele rechten gewaarborgd worden, en voorstellenhiertoe tijdig en openbaar voor advies voor te leggen aan de Raad vanState en relevante ketenpartners». Dan zegt de Minister wel dat hij overlegheeft gehad, maar ik vind het belangrijk dat we straks, of eigenlijk nu al,duidelijke openbare stukken krijgen waarin staat wat het Ministerie vanplan was en wat de relevante ketenpartners ervan vinden. Kortom, devraag is hoe we waarborgen dat mensen een nette, eerlijke procedurekunnen krijgen. Ik hoop dat de Minister dat toch op die manier kantoezeggen.Minister Van Weel:Op 29 september heb ik u geïnformeerd over de vraag hoe we dejuridische bijstand in die procedure willen inrichten. Ik ben nog metVluchtelingenWerk in overleg over de vraag welke taken ze op welkmoment gaan afstoten en aan wie. Ik noem er hier nu eentje. Dat is deIND, die inderdaad een deeltaak zal overnemen. Ik vind dat ik dat inoverleg doe met de ketenpartners. Zoals gezegd is het aanpassen van devergoedingen rondom asieladvocatuur ook een van de punten. Dieinbreng zal in het kader van de voorhangprocedure nog worden gedeeld.Ik heb dus het idee dat ik hier echt overleg met ketenpartners heb. Ik kijkbijvoorbeeld ook naar andere landen. In Duitsland wordt dit al gedaandoor de IND. Daar komt al geen onafhankelijke partner meer bij kijken.Maar ik heb ook gekeken naar de enorme stijging van de kosten op debegroting van AenM die VluchtelingenWerk Nederland met zichmeebracht. Daar moest ook paal en perk aan worden gesteld. Dus desamenhang van de invoering van het Migratiepact, waardoor een aantalTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349339 taken sowieso op wettelijke basis al is komen te vervallen, plus denoodzaak van bezuinigingen, leidt tot keuzes.De voorzitter:Een vraag van mevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Ja, ik wil een vraag stellen over die gezinshereniging. Dit gaat dus ommensen die al geaccepteerd zijn als vluchteling en graag hun gezin willenlaten komen en daar ook gewoon recht op hebben. Die moeten dan eenmeer dan 40 pagina’s tellend Nederlands of Engels aanvraagformulierinvullen, inclusief bijlagen vol met juridische begrippen. De mitigerendemaatregelen die door de Minister worden genoemd, dus een vereenvou-diging van het aanvraagproces, zijn natuurlijk op 1 december niet klaar.De IND is al ontzettend overbelast. Allerlei vervolgvragen komen danterecht bij het COA. Ik vind het niet geloofwaardig dat dit mensen nou eeneerlijke kans geeft om hun gezin te laten komen. Ik ben benieuwd wat deMinister daarvan zegt.Minister Van Weel:De Minister vindt van wel. Als hij dat niet verantwoord had gevonden, danhad ik het niet zo gedaan. Ik heb die gesprekken gevoerd met de IND engevraagd naar de uitvoerbaarheid. Het antwoord daarop was «ja». Ik hebbekeken hoe andere landen dat doen. In Duitsland worden ook gezinnenherenigd. Daar gebeurt dat niet met hulp van VluchtelingenWerk of eensoortgelijke organisatie.Mevrouw Van Zanten vroeg ...De voorzitter:Ik ga u toch even onderbreken, want ik heb nog een andere interruptiehier, van mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):We hebben het hier over beleidsbesluiten die waren genomen door devoorganger van deze Minister, Minister Faber. Dat geldt ook voor hetvoorstel dat we net hier gehoord hebben. Deze Minister heeft nu een tijdjedeze portefeuille. Is er iets wat hij heeft veranderd, wat hij niet doorzet vanhet beleid van zijn voorganger?Minister Van Weel:Mevrouw Faber was bezig met de uitvoering van het hoofdlijnenakkoorden het regeerprogramma. Dat doe ik ook. U zult dus inderdaad een hoopcontinuïteit zien. Ik ben ook bezig met het voortzetten van de Asielnood-maatregelenwet. Ook de deal met Uganda komt voort uit iets wat isingezet door een van mijn ambtsvoorgangers. Ik denk dat er een zekerelogica in zit dat binnen dit kabinet hetzelfde spoor wordt afgelopen. Daarpast dit bij.De voorzitter:Een tweede interruptie van mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Dat bevestigt eigenlijk mijn zorgen. De PVV stapt uit het kabinet en detaken worden overgenomen. Uiteindelijk zitten er nog twee partijen in ditkabinet. Op het asielbeleid zit nu, na alles wat we de afgelopen twee jaarhebben gezien, een op zich capabele Minister. Daar heb ik niks op tegen,maar u hebt qua beleid niks gewijzigd ten opzichte van uwPVV-voorganger. Dat vind ik zeer zorgelijk.Minister Van Weel:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349340 Wat dit kabinet onder andere bond, is dat wij gezamenlijk, in tegenstellingtot andere partijen, zien dat er een probleem is met migratie en dat er ietsmoet veranderen. Daar komt dit hoofdlijnenakkoord uit voort. Het warenniet alleen maar PVV-voorstellen. Die voorstellen werden door vierpartijen gedragen. De twee partijen die er nog zitten, gaan er dus gewoonmee door, want er moet iets veranderen. Dat zult u zo ook horen van mijncollega Keijzer, die op dit moment dagelijks kerken probeert te ronselenom mensen op een waardige manier onder te brengen. De terugkeerper-centages zijn om te huilen. Niemand vertrekt hier. De procedures zijnellenlang. Mensen procederen jarenlang door. Mensen mogen hierillegaal verblijven; we doen daar helemaal niets aan. Dus ja, als u datPVV-punten vindt ... Die zijn dus ook van de VVD, en ik denk ook van deBBB en ze waren ook van NSC. Daar kwam dat hoofdlijnenakkoordvandaan.Mevrouw Van Zanten vroeg wat we doen met de aangenomen motie omin de opleiding van beroepsmilitairen aandacht te besteden aan grensbe-waking. Het is primair de verantwoordelijkheid van de Minister vanDefensie, maar die komt nog voor het einde van het jaar met eenrapportage over de manier waarop hij deze motie aan het uitvoeren is.De heer Diederik van Dijk vroeg naar de glijdende schaal. Zijn wij bereidom te kijken of die verder aangescherpt kan worden, mede in het licht vanhet Migratiepact, was zijn vraag. De glijdende schaal zoals we die nukennen, is grotendeels een product van jurisprudentie, maar ook vanuitspraken van het Europees Hof over de evenredigheid tussen hetvergrijp en de maatregel die je daarop zet. Daar komt nu eenmaal uitvoort dat naarmate de vreemdeling langer in Nederland verblijft die ookalleen maar kan worden uitgezet als het strafbare dat hij heeft begaanernstiger is. Dat wil dus niet zeggen dat het niet kan, maar dat is wel eenschaal die meeweegt. We zullen onderzoeken of we dit op specifiekepunten nog kunnen aanscherpen. Voor het einde van het jaar wordt udaarover bericht.Wanneer komen de implementatiewetten van het pact naar de Kamer,vroeg de heer Ceder. Op 4 juli jongstleden hebben we de implementa-tiewet aan de Raad van State aangeboden. Ik heb nog geen bericht overwanneer de Raad van State met zijn advies komt. Daarvan is de verdereplanning natuurlijk afhankelijk, maar het streven is wel om ze zo spoedigmogelijk en in ieder geval voor het kerstreces bij uw Kamer te hebbenliggen, met het oog op de invoering op 12 juni 2026.De heer Van Dijk vroeg of het mogelijk is om een culturele achtergrond ofeen religieuze achtergrond mee te wegen bij de asielprocedure. Dat kanniet op basis van het geldende EU-recht en het EU-Handvest. Je moet dusaltijd de beschermingsbehoefte als uitgangspunt nemen bij een beoor-deling. Je kunt daar niet de culturele of religieuze achtergrond bijbetrekken.Individuele gevallen van mensen uit Gaza worden niet als bijzonderschrijnend aangemerkt, zei mevrouw Kati Piri. Zij noemde zelf al derodeknopprocedure. Het is in alle gevallen nog steeds een individueleafweging. Het heeft dus echt te maken met degene die zich meldt en demanier waarop daarmee wordt omgegaan. Maar volgens de informatiedie ik heb, wordt in de meeste gevallen van aanvragen die uit Gazaworden gedaan die rodeknopprocedure gehonoreerd. Ik ga daar geenBlanketbesluit van maken, want het blijft individueel. Dit zijn in ieder gevalde data die ik heb gekregen.De voorzitter:Ik waardeer het dat u zo snel bent, maar de heer Van Dijk heeft nog eeninterruptie voor u.De heer Diederik van Dijk (SGP):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349341 Dank aan de Minister voor zijn reactie op mijn vragen over het meewegenvan culturele en religieuze afstand als het gaat over asielaanvragen. DeMinister geeft aan dat het binnen de huidige verdragen juridisch allemaalheel ingewikkeld is. Dat weet ik natuurlijk ook. Maar het punt is dat wedaardoor allerlei problemen zien; dat hoef ik verder niet uit te leggen. Isde Minister daarom bereid zich in te zetten voor aanpassing van interna-tionale verdragen of het protocol bij het EVRM, zodat we dit wel zoudenkunnen meewegen in de toekomst?Minister Van Weel:We zijn bezig om met een kopgroep te kijken naar de interpretatie vanvandaag. Er loopt een verkenning naar de mogelijke herziening. Ik moetwel zeggen dat het me heel moeilijk lijkt om die op welke wijze dan ookinternationaal en juridisch af te dichten als selectiecriteria voor het al danniet honoreren van een aanvraag voor vluchtelingenstatus. Ik zie ’m niet.Als u de verkenning zou willen afwachten naar wat wij aan mogelijkhedenzien voor herziening of herinterpretatie van verdragen, dan kunnen wekijken waar wij wel de ruimte zien.De heer Diederik van Dijk (SGP):Naar die verkenning zie ik natuurlijk erg uit. Die gaan we bekijken.Tegelijkertijd is de vraag – misschien helpt dat wat – of de Minister hetachterliggende punt erkent. Ik noemde een voorbeeld; ik ga dat nietherhalen. Maar ook voor de asielzoeker zelf is Nederland niet altijd hetmeest aangewezen land. Wellicht zou die in een ander land veel beterkunnen integreren en een toekomst kunnen opbouwen. Het is dus niet zodat je mensen een veilige haven wil ontzeggen, maar die hoeft niet per sein Nederland te zijn. Onderschrijft de Minister die achterliggendegedachte?Minister Van Weel:Die achterliggende gedachte herken ik natuurlijk. Dat is ook waarom eenaantal partijen, waaronder die van mijzelf, voor opvang in de regio zijn.Wij denken namelijk dat mensen daar sneller en makkelijker kunnenintegreren. Op het moment dat de situatie waardoor ze vluchteling zijngeworden ophoudt te bestaan, kunnen ze bovendien sneller weerterugkeren naar het land van herkomst om daar bij te dragen aan dewederopbouw van dat land. In de geest herken ik ’m, maar naar de lettervan het verdrag vind ik ’m moeilijk.De voorzitter:U was klaar met uw beantwoording. Dan dank ik u van harte en geef ik hetwoord aan de andere Minister.Minister Keijzer:Dank u, voorzitter. Het is goed, denk ik, om even de kopjes te noemen:opvang, overlast en criminaliteit, financiering en overig.Voorzitter. Ik begin met de opvang. Ik denk dat het goed is om eerst eenaantal cijfers te noemen. Op dit moment zitten er bijna 71.000 mensen inde reguliere opvang en in de noodopvang. Ongeveer 18.000 daarvan zijnstatushouders. De bezetting van alle plekken bij het COA ligt rond de100%. Dat is zeer zorgelijk, zeker als je je realiseert dat er elke week zo’n1.000 mensen Nederland in komen. Ik zet alles op alles om dit ook echtonder controle te krijgen. Het is wat mij betreft ook niet alleen eenopvangdiscussie. Dat is de reden waarom ik er, samen met collega VanWeel, bij elke gelegenheid die er is, op hamer hoe belangrijk het is dat diewetten, de Asielnoodmaatregelenwet en de Wet invoering tweestatus-stelsel, in de Eerste Kamer worden aangenomen. De instroom moet echtnaar beneden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349342 U heeft in de MPP, de Meerjaren Productie Prognose, het volgendekunnen lezen. Heel lang is het inwilligingspercentage zo’n 80% geweest.We verwachten dat dat naar beneden gaat. Maar dan nog, ook gelet ophet nareizen, houden wij het gewoon niet vol met de hoeveelheid mensendie naar Nederland komt, een status krijgt en een huis moet hebben; dekinderen moeten bovendien naar school en er moet ook zorg wordengegeven. De Tweede Kamer heeft voor de zomer gelukkig ingestemd metdeze wetten, maar helaas niet met allemaal. Dit is echt wel een situatie diein Nederland opgelost moet gaan worden. Deze wetten zijn onderdeel vaneen breder pakket aan structurele maatregelen – denk uiteraard ook aanhet Migratiepact dat eraan zit te komen – met als doel om de asiel- ennareisinstroom te beperken en zo de druk op de gehele asielketen teverlichten.Ik heb een aantal maatregelen genomen om de druk op de opvang en denoodopvang naar beneden bij te stellen. Ik wil bijvoorbeeld kijken naar dezogenaamde «grijze bedden». Ik had ook nog nooit van dat fenomeengehoord. Bij mij thuis zijn de bedden wit; dat heeft te maken met de kleurvan de lakens. Wat zijn grijze bedden? Dat zijn bedden die zijn toegewezenaan asielzoekers, maar die niet worden beslapen omdat deze asielzoekersbij familie verblijven. Ik vind dat onacceptabel, zeker gezien de druk op deopvang. Ik heb dus tegen het COA gezegd: identificeer deze bedden. Alsde nood hoog is, worden die gewoon gebruikt voor mensen die zichmelden.Daarnaast zijn er meerdere gemeenten die nieuwe locaties openen. Denkaan Haarlem, Leiden en Huizen. Aan het eind van de maand is Bidding-huizen ook weer beschikbaar. Dat zal uiteindelijk de druk op de opvangverminderen, maar het blijft belangrijk om de instroom van vluchtelingennaar Nederland echt naar beneden bij te stellen.Een belangrijke oorzaak van de hoge bezetting is het aantal status-houders: 18.000. Dat zijn mensen met een verblijfsvergunning, die eenplek zouden moeten krijgen in gemeenten. Gemeenten hebben eentaakstelling. Lang niet alle gemeenten houden zich daar overigens aan.Het raakt mij wel dat er gemeenten zijn die mijn beleid «onmenselijk»noemen, maar zich zelf niet aan de taakstelling houden om statushouderste huisvesten. Dat is wat scherp geformuleerd. Ik zeg daar altijd wel gelijkachteraan dat ik daar begrip voor heb. Ik snap hoe moeilijk het is, geziende woningnood. In delen van Nederland, hier in Den Haag maar zeker ookin Amsterdam, is de wachttijd voor een sociale huurwoning inmiddels tienà twaalf jaar. Ik begrijp dus hoe moeilijk het is om de statushouders tehuisvesten. Ik kom later nog op wat ik allemaal aan het doen ben om datbeter te laten verlopen.Binnen die groep van 18.000 statushouders kun je een toenemend aantalkwalificeren als nareiziger. Wat is dat? Je krijgt een status en mag danbinnen drie maanden een verzoek tot nareis indienen. Dat wil zeggen datje gewoon je partner en je kinderen uit het land van herkomst hiernaartoemag halen. Maar omdat we geen woningen hebben, landen deze mensenop Schiphol en worden zij vervolgens linea recta naar het COA gebracht.Soms zijn er gemeenten die hotels voor ze afhuren, maar ze gaan ooknaar het COA: er verblijven 7.800 nareizigers in de opvang.Ik ben daarachteraan gegaan en toen bleek dat 2.000 van hen een«referent» hebben, zoals dat heet – meestal is dat de vader; stel het jemaar op die manier voor – die niet meer in de opvang verblijft maarinmiddels al gehuisvest is in een gemeente. De meesten daarvan zitten ineen eigen sociale huurwoning. Ik heb toen de maatregel genomen omdeze mensen uit de opvang te laten gaan en te verplaatsen naar hunreferent.Voorzitter. Een van de Kamerleden gaf als voorbeeld dat er dan achtnareizigers naar een referent worden gebracht die een appartement heeftvan 35 vierkante meter. Ik ben natuurlijk niet gek. Ik ben een, twee of driepersonen uit één gezin naar een referent aan het brengen. Je wil natuurlijkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349343 niet in de situatie terechtkomen dat de overlast heel groot wordt, maar erzijn legio Nederlanders die ook op zo’n manier leven. Ik vind dat je datmoet normaliseren en dat wat geldt voor Nederlanders, ook gewoon moetgaan gelden voor statushouders en gezinnen, uiteraard behoudenscontra-indicaties en alles in redelijkheid en billijkheid.Daarnaast wordt de samenwerking met het Rode Kruis rondom narei-zigers versterkt. Het Rode Kruis helpt om onderdak te regelen vooroverige nareizigers, bij voorkeur in de omgeving van de gemeentewaaraan zij zijn gekoppeld. Door de inzet van al deze verschillendemaatregelen wordt de asielopvang ontlast. Zeker in Ter Apel – daar heb ikspeciale aandacht voor – probeer ik de hoeveelheid mensen onder de2.000 te krijgen. Gelukkig is dat, ook met dank aan het COA, de afgelopentwee dagen gelukt.Voorzitter. Er zijn nog een aantal vragen gesteld over de opvang, die ikgraag wil beantwoorden. Mevrouw Piri vroeg mij wat ik doe om deveiligheid van asielzoekers en COA-medewerkers te garanderen. Wij zijnhet er altijd met z’n allen over eens – dat zeggen we ook altijd bij dit soortdiscussies – dat het recht op demonstratie een groot goed is. Maar datmoet natuurlijk wel gebeuren binnen de grenzen van de wet. Geweld,schreeuwen, bedreigen, smijten en slopen zijn uiteraard onacceptabel.Daarbij maak ik geen onderscheid in van wie dit soort acties komen. Datvraagt een stevig en gepast optreden, om te beginnen door de lokaledriehoek. Het is natuurlijk ook belangrijk dat wij als kabinet dat ook alszodanig uitstralen, vertellen en verwoorden. Dat doen wij ook altijd. Er is,zoals ze dat zelf ook gekwalificeerd hebben, een brandbrief gekomen vande gemeentes en commissarissen van de Koning. Wij gaan zo snel alsmogelijk – volgens mij is nu het plan volgende week woensdag – hetoverleg daarover met ze aan, omdat dit gewoon een serieus onderwerp is.Voorzitter. Hoe wil ik het gesprek met inwoners en medebewoners voerenom een eerlijk beeld te krijgen van de haalbaarheid van opvang? Dit istoch precies een klein beetje de veenbrand die in Nederland gaande is.Het loopt ons over de schoenen. Wij kunnen dit soort aantallen gewoonniet aan. Dat gaat gewoon niet, zeker met een toenemende hoeveelheidalleenreizende mannen uit zogenaamde veilige landen als Marokko enAlgerije; u kent ze allemaal. Dit alles bij elkaar en de geweldsexcessen diewe gezien hebben – waarbij ik ook elke keer weer zeg dat het eenminderheid is, want de meeste mensen gedragen zich prima – leiden erwel toe dat de emoties heel hoog kunnen oplopen, in het bijzonder insituaties waar een gemeentebestuur weer komt te spreken over nieuweazc-locaties. Aan de ene kant snap ik de gevoelens. Daarom zijn collegaVan Weel en ik ook zo ontzettend gedreven om ervoor te zorgen dat diewetten door de Eerste Kamer heen komen en voeren wij ook het gesprekmet de gemeentes en de provincies over dit onderwerp.Voorzitter, ik heb nog een aantal andere vragen over verschillendecategorieën zoals kinderen en alleenstaande mannen. Misschien zou ik datkunnen oplossen door in één keer alle vragen te beantwoorden, want danheb ik het kopje opvang gehad, maar dat is uiteraard aan u.De voorzitter:Ik vind het uitstekend, maar er is nog een vraag van mevrouw Piri.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Zeker. Ik denk dat het goed is dat de Minister bereid is om in gesprek tegaan met lokale bestuurders, die zich natuurlijk ook zorgen maken om water gebeurt in hun gemeente, wanneer demonstraties daar overgaan totgeweld. Zoals ik ook in mijn inbreng zei: het zijn nu geen incidenten meer;het gebeurt nu structureel. We horen nu ook van de autoriteiten dat erdemonstraties worden aangevraagd voor de komende vier weken, wateen moment is tijdens de campagne waarop er sowieso al meerspanningen zijn in de samenleving. Ik vraag me gewoon af wat hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349344 kabinet aan maatregelen te bieden heeft aan de inwoners en demedewerkers van de azc’s, om hun veiligheid te garanderen.Minister Keijzer:Richting mevrouw Piri van de PvdA-fractie: daarover gaan wij dus hetgesprek aan. De lokale openbare orde is aan de lokale driehoek. Daar zijnalle instrumenten en de bemensing van de politie ook daadwerkelijkaanwezig. Nogmaals, deze medaille heeft twee kanten. Het is heel simpel:je gedraagt je, je sloopt niet, je schreeuwt niet, je bedreigt niet. Maar aande andere kant willen de bewoners van Nederland, in ieder geval inovergrote meerderheid, dat we iets doen aan de instroom. Ik zat uiteraardook bij de APB en het moet mij toch van het hart dat ik daar de voormanvan de fractie van GroenLinks-PvdA hoorde zeggen: we zijn niet voor dezewetten en we hebben ook geen andere voorstellen voor maatregelen. Ikzou zo graag willen dat wij samen optrekken om iets te doen aan deinstroom, en dat wij samen altijd uitspreken: het maakt niet uit waar ervoor geprotesteerd wordt; je gedraagt je, je houdt je aan de wet, je slooptniet en je houdt je aan aanwijzingen van de politie. Dat is toch echt demanier waarop wij uiteindelijk dit onderwerp weer in beschaafd vaarwatermet elkaar moeten zien te krijgen.De voorzitter:Een vervolgvraag?Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Ja, ik heb zeker nog een vervolgvraag, voorzitter.De voorzitter:U zit eigenlijk aan uw taks. Ik sta nog één klein vraagje toe.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Aan mijn taks? Dit is mijn tweede interruptie, voorzitter.De voorzitter:Dit was uw derde interruptie.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Oké, dan was het de derde. Ik zal even niet ingaan op de leuke provocatiesom te happen, die de Minister hier neerlegt. Laten we het gewoon houdenbij het onderwerp waar mijn vraag en mijn inbreng over gingen. Als ditsoort demonstraties gepland zouden zijn voor kerken, dan hadden we hiergewoon een plenair debat over gehad. We zouden dan terecht vragen aande Minister wat we gaan doen om ervoor te zorgen dat de mensen, debezoekers van de kerken, veilig zijn. Als het om Joodse scholen ging, danhadden we nu precies datzelfde debat gehad. Maar nu gaat het omasielzoekers. Daar zitten zeer kwetsbare mensen tussen, die gevlucht zijnvoor oorlog en geweld. We weten dat er heel veel demonstratiesaankomen. We weten van de afgelopen weken al dat daarbij geweld isgebruikt. Het is dan niet zo raar dat er vragen aan het kabinet komenvanuit de Kamer over wat het kabinet eraan doet om de medewerkers vanhet COA en om de inwoners van de azc’s de komende week veilig tehouden. Ik ga ervan uit dat dit kabinet, ongeacht het feit dat het niet mijnpolitieke kleur heeft, de veiligheid van alle mensen in Nederland gewoonserieus neemt. Laat het kabinet niet komen met dit soort campagnepraat,maar gewoon serieus antwoord geven op de vraag: wat doet u aan hunveiligheid?Minister Keijzer:Daar heb ik ook antwoord op gegeven. Het onderwerp van dit debat isasiel en migratie. Dat is het onderwerp van dit debat. Dat heeft veleTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349345 facetten. Ik heb mij aan het begin van het antwoord aan mevrouw Piriuitgesproken over geweld, schreeuwen en slopen. Dat past gewoon niet,punt. Je hoeft daar niet al te veel over te zeggen. Het maakt niet uit waarhet gebeurt. Je hebt je altijd en overal, maakt niet uit waar het gebeurt, tehouden aan de aanwijzingen van de politie. Maar het onderwerp van ditdebat is ook hoe de instroom Nederland inmiddels over de schoenenloopt. Heel veel Nederlanders maken zich daar zorgen over. Een dikkemeerderheid wil dat er iets gebeurt aan asiel en migratie. Dit onderwerp isvoor mij dus breder dan alleen de vraag wat er gebeurt bij deze demon-straties. Het antwoord daarop moet namelijk twee kanten hebben. Hetmoet de kant hebben dat je je te gedragen hebt, maar het moet ook dekant hebben waarin we tegen Nederlanders zeggen dat wij hun zorgensnappen; wij delen die zorgen, nemen maatregelen om iets aan deinstroom te doen en nemen maatregelen om de opvang van vluchtelingente ontlasten.Ik heb daar een aantal van u weer zaken over horen zeggen waarvan ikdenk: «Serieus? Dat wat u zegt, ben ik helemaal niet aan het doen. Ik stopgeen acht mensen op 35 vierkante meter. Ik doe dat niet.» Maar het COAbestaat uit asielzoekerscentra. Op het moment dat je een status hebtgekregen en je familie hiernaartoe haalt, zul je dat moeten doen onder devoorwaarde dat je een woning hebt die daarbij past. Dat is trouwens ookonderdeel van het tweestatusstelsel, het wetsvoorstel dat ook in de EersteKamer ligt. Ik heb daar ook nog geen meerderheid voor geconstateerd. Ikhoorde de heer Baudet terecht zeggen dat er nog heel veel aanvragenvoor nareizen op de plank liggen. Het is iets minder dan dat het gebrachtwerd, maar het gaat over 60.000 aanvragen. 60.000 mensen! Voor al diemensen wordt de nareis nu aangevraagd. Als die aanvragen bewilligdworden, landen die mensen op Schiphol. Ze gaan dan linea recta hetsysteem in zoals we dat nu kennen, namelijk naar de azc’s of naar dehotels die de gemeenten moeten betalen van belastinggeld. Het houdtgeen stand. Het houdt geen stand.Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):Op welke vraag was dit een antwoord?Minister Keijzer:Ik heb aan het begin al antwoord gegeven aan mevrouw Piri, namelijk datje je hebt te gedragen, dat de openbare orde voor de lokale driehoek is endat de Minister-President en ik het gesprek over dit onderwerp metgemeenten en provincies aangaan.De heer Diederik van Dijk (SGP):Het is duidelijk: dit kabinet wil een streng asielbeleid en wil de instroomscherp naar beneden. De SGP steunt dat van harte. We hebben dat vanmeet af aan gesteund. De ongemakkelijke waarheid is wel dat de manierwaarop dit kabinet de opvang vormgeeft, middels de kortetermijnaanpak,de manier van financieren en de grote noodzaak voor noodopvang, ervoorzorgt dat we er kapitalen aan kwijt zijn. Deze aanpak zou niet misstaan inhet handboek «Met geld smijten voor Dummies». Hoe gaan wij dieflexibele opvangketen nou vormgeven, zodat we een eind maken aan dezeverkwisting van geld, wat het toch gewoon is?Minister Keijzer:Ik had deze vraag van de heer Van Dijk in mijn mapje financiering, maardie ga ik nu beantwoorden. De motie-Bisschop, een bekende voorgangervan de heer Van Dijk, vraagt om een analyse van de investering die nodigis voor een robuuste en wendbare asielketen. In een eerder stadium isgebleken dat het van belang is dat er zicht komt op stabiele financiering,zodat fluctuaties in de asielstroom er niet direct toe leiden dat personeelen locaties snel moeten worden op- of afgeschaald. Ik heb gisteren ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349346 antwoorden op Kamervragen naar de Kamer gestuurd waarin er zorgenwaren over tussenpersonen. Die gebruiken we niet meer voor denoodopvang, omdat wij toen ook wel zagen dat dit tot idiote bedragenleidde. Dat was toen onder het gesternte van de ontzettend hoge instroomdie we hadden.Zoals collega Van Weel net zegt, willen we mensen wel op een beschaafdemanier opvangen. Het COA verwacht dus 75.000 plekken te kunnenrealiseren, waarvan er voor circa 70.000 meerjarige financiële afsprakenkunnen worden gemaakt. Deze meerjarige afspraken kunnen wordengemaakt met de voorwaarde dat deze plekken contractueel opzegbaar enzogenaamd «omklapbaar» zijn. Wat bedoel ik daarmee? Daar bedoel ikmee dat een vluchteling, op het moment dat hij statushouder wordt, kanblijven zitten op de plek waar hij zit. Dan wordt hij omgeklapt naar eenwoning, al dan niet onzelfstandig, waar dan een huur voor wordtvastgesteld op grond van ons puntensysteem. Die huur moet dan ookgewoon betaald worden.Jaarlijks wordt bij reguliere financiële besluitvormingsmomenten op basisvan de nieuwe MPP, de Meerjaren Productie Prognose, bekeken welkeaanvullende middelen er benodigd zijn. Hiermee past dat dan binnen hetbudgettaire kader. Het onderzoek hoort bij de IND, maar dat is van collegaVan Weel. Het gaat dan om onderzoek naar een stabiele financiering in deafrondende fase. Voor het COA is inmiddels een onderzoek naar stabielefinanciering afgerond. Het is aan een volgend kabinet om te bezien hoe inde dekking wordt voorzien en hoe die al dan niet wordt geïmplementeerd.Hier gaat het ook gewoon over belastinggeld en we zullen dus – u zult hetvandaag nog een aantal keer van mij horen – toe moeten naar een lagereinstroom.De voorzitter:Dat was uw antwoord. Dan heb ik een nieuwe interruptie van meneer VanNispen.De heer Van Nispen (SP):Dat gaat over iets wat de Minister eerder zei. De Minister schetst een soortdoemscenario. Ze noemt hier een paar getallen, zoals het aantal mensendat op ons land afkomt. Ze zei heel uitdrukkelijk: «Dit houdt geen stand.»Ik ben dat met de Minister eens. Het is een onhoudbaar beleid. Er is geengrip op migratie, dus dit beleid houdt geen stand. Maar als de Ministerzegt dat het ons over de schoenen loopt en we dit soort aantallen nietaankunnen, dan ben ik toch wel benieuwd waarom we dit soort tekstenvanuit het kabinet nooit horen als het gaat over arbeidsmigratie, studiemi-gratie of kennismigratie. Dan hoor ik hele andere teksten. Dat vind ik tochopmerkelijk, want het zijn allemaal mensen die ergens moeten wonen endus eigenlijk concurreren om de woningen waar heel graag ook anderemensen willen wonen. Dus ik vind dat niet helemaal in balans. Ik vind hetook een taak van de Minister om wel het eerlijke totaalbeeld te schetsen.Daarom vraag ik de Minister: het klopt toch dat asielmigratie tussen de10% en 12% is van de totale migratie? Met nareis erbij kom je iets hogeruit, om en nabij de 15%. Dus ik vind het wel belangrijk dat we hier hettotale plaatje schetsen. Als je grip op migratie wilt, moeten we in dezelfdetaal kunnen spreken over andere vormen van migratie, waar je ook gripop zou moeten krijgen.Minister Keijzer:Het is geen onhoudbaar beleid, maar het is een onhoudbare instroom vanasielzoekers waar we het over hebben. Dit kabinet is ook bezig met deandere vormen van migratie. Ten aanzien van kennismigratie zijn ermaatregelen genomen die inmiddels leiden tot minder internationalestudenten. Daar zijn dus maatregelen voor genomen. Mijn collega VanHijum van NSC was voordat hij opstapte ook bezig met beleid ten aanzienTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349347 van arbeidsmigratie. Daarbij is het trouwens heel goed om je te realiserendat zo’n driekwart van de arbeidsmigranten na vijf jaar weer vertrokken is.Dat is één. Twee. Degenen die wel blijven, halen meestal niet hun helefamilie hiernaartoe. Daarbij dragen zij bij aan onze economie en zijn zeonmisbaar in de woningbouw, wegenbouw, zorg en horeca, om maareens vier sectoren te noemen. Dus er zit ook gewoon verschil tussen deverschillende stromen. Zijn het allemaal mensen? Jazeker. Natuurlijk zijnhet allemaal mensen. Maar je zult wel maatregelen moeten nemen diepassen bij de soort migratie waar je het over hebt.De voorzitter:De heer Van Nispen heeft een vervolgvraag.De heer Van Nispen (SP):Je moet zeker maatregelen nemen die passen bij waar het over gaat. Er ziteen verschil in. Asielzoekers zouden namelijk heel graag willen werken,maar mogen dat niet van het kabinet. Daar zitten dus verschillen in. Daarzou je van alles aan moeten kunnen doen. Maar het gaat mij om hetverschil in benadering en het verschil in retoriek. Dat vind ik buiten-gewoon opvallend. Ik heb een vervolgvraag over de kosten. Het is al eenpaar keer genoemd: dit is het duurste asielbeleid ooit. Deze Minister isnog steeds miljarden aan het verspillen aan commerciële beunhazen. Detussenpersonen zijn er na meerdere vragen van onderzoeksjournalistenen de SP nu eindelijk tussenuit gehaald. Het is krankzinnig dat dat ooit istoegestaan. Maar nog steeds wordt er meer dan een miljard euroverspeeld aan eigenaren van hotels, van boten en noem het maar op.Mensen worden daar rijk van. Het zijn handige ondernemers. Diemiljarden kun je ook gewoon besteden aan goede, structurele opvang. DeMinister zegt wel dat de opvang van het COA opzegbaar moet zijn, maarkan de Minister ingaan op het voorbeeld dat ik gaf? Het COA kan voorzeven jaar een contract afsluiten met een gemeente. Dat mag niet, wantde begroting is door deze Minister door vieren gedeeld voor de komendejaren. Tegelijkertijd mag voor hetzelfde geld wel voor twee jaar eencontract afgesloten worden met een hotel. Dat is natuurlijk evidentegeldverspilling. Dat doet deze Minister. Deze Minister vraagt wat betreftopvang ook niks aan de twintig rijkste gemeentes. Dit zijn gewoonmakkelijke voorstellen, waarbij je zorgt voor een eerlijke spreiding overhet land bij het realiseren van opvang. Je gaat de geldverspilling tegen.Dat zou de Minister toch ook moeten willen? Wat de Minister aan het doenis, kan gewoon niet meer richting de belastingbetaler.Minister Keijzer:We praten hier, blijkbaar, volledig langs elkaar heen. En eigenlijk is hetheel verdrietig dat dit gebeurt. Er kunnen ook meerjarige afspraken methet COA worden gemaakt. Dat gebeurt trouwens ook, mits opzegbaar enomklapbaar. Misschien is het goed dat de heer Van Nispen even heelconcreet vertelt over welke gemeenten dit dan gaat, want dan zoek ik hetop. Dan neem ik contact op en kijk ik wat er aan de hand is. Het wordt welvaker gezegd, maar als je er dan achteraan gaat, blijkt het niet zelden tocheven net anders te zitten. De noodopvang is geboren vanwege eenplotselinge hoge instroom. Dan moet je wat, om te voorkomen datmensen op straat terechtkomen. Wat dat betreft hebben we inmiddels ookmaatregelen genomen. Ten aanzien van het mogen werken van asiel-zoekers ben ik het met de heer Van Nispen eens. Dat gebeurt inmiddelsook. Ik vond het buitengewoon hoopgevend om te zien dat er voor 10.000asielzoekers een arbeidsvergunning is aangevraagd, nadat de rechteroordeelde dat ze wel mogen werken. Dat geeft de Minister gewoon moed.Tegelijkertijd is na een jaar of vijf de meerderheid nog steeds afhankelijkvan bijstand. Dat verschilt wel per groep, maar het is nog steeds wel demeerderheid. Dat is ook de werkelijkheid waar we het over hebben. OnzeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349348 verzorgingsstaat, waar we altijd met z’n allen zo ongelofelijk trots op zijn,kan dit soort aantallen niet aan.Er is een tijd geweest dat de SP dit wel zag. Wat is er nou toch voor nodigom met elkaar aan hetzelfde eind van dit touw te gaan trekken? Er is bijnaniemand die ik ken die zegt: er mag niemand naar Nederland komen dievlucht voor oorlog en geweld. Sterker nog, ik vind ook dat een beschaafdesamenleving daar een verantwoordelijkheid in heeft. Het kan alleen nietallemaal hier. Dat gaat gewoon niet meer. Nederland is het dichtstbevolkteland van Europa, Malta uitgezonderd, maar dat is een eiland. De bevol-kingsdichtheid is vier keer groter dan het Europese gemiddelde. Dewoningnood is immens. We zullen hier gewoon maatregelen moetennemen, los nog van het feit dat een flink deel van de vluchtelingen uitculturen komt die haaks staan op wat wij hier belangrijk vinden. Dat geldtniet voor iedereen, maar wel voor een deel. Denk aan de gelijkberechtingvan vrouwen, vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst enlhbti’ers die hun leven gewoon kunnen leiden. Over deze problemenhebben we het. We moeten er wat aan doen met elkaar.De heer Van Nispen (SP):Voorzitter, heel kort een persoonlijk feit. Mijn partij wordt hier aange-sproken. Ik hecht eraan om op te merken dat het de SP was die hier zei:wij willen toe naar een houdbaar migratiesaldo van om en nabij de40.000. Dat is drie keer minder dan dit kabinet doet. Dus kom niet aan metverwijten dat de SP niets zou willen doen aan migratie. Dat is evident niethet geval en dat weet deze Minister ook. Ga dat hier dan dus ook nietbeweren.De voorzitter:Akkoord. Wilt u daar nog op reageren? Heel kort graag.Minister Keijzer:Ja, voorzitter. Als daar alle vormen van migratie onder vallen, dan is dateen interessant doel.Ik heb nog een tweetal vragen ...De voorzitter:Excuses, ik heb nog een interruptie van mevrouw Van Vroonhoven voor u.Mevrouw Van Vroonhoven (NSC):Ik waardeer de eerlijkheid en de openheid van de Minister. Ze geeft aandat het wat betreft de opvang over de hoge schoenen klotst. De sleutellegt de Minister wat dat betreft echt bij de instroom, de instroom en nogeen keer de instroom. Ja, die instroom is ook heel belangrijk. Daarhameren wij als NSC ook op. Maar de doorstroom is ook een andere, helebelangrijke sleutel waar we aan moeten draaien. De Minister gaat nietverder dan het noemen van een paar kleine dingen en mogelijkheden,maar als Minister van VRO heeft ze hier ook echt wel de instrumenten. Ikhad haar ook gevraagd of we niet iets kunnen doen met containerwo-ningen. Dan zorgen we er heel sober, heel snel en heel goedkoop voor datmensen uit de azc’s kunnen. Hoe staat de Minister daarin? Op die vraagheb ik namelijk nog geen antwoord gehad.Minister Keijzer:Alle mapjes gaan inmiddels door elkaar heen, maar dat is niet erg. Wehebben een aantal oplossingen. We hebben de doorstroomlocaties. Wehebben de mogelijkheden voor gemeentes om per statushouder € 30.000te krijgen om appartementen geschikt te maken voor woningdelen. Wehebben de doelgroep-flexibele regeling. Dit zijn allemaal voorbeelden vanhet beleid waar mevrouw Van Vroonhoven naar vraagt. Ik heb daar tweebrieven over geschreven. Voor de zomer en volgens mij rondomTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349349 Prinsjesdag heb ik daarover een brief naar de Kamer gestuurd. In diebrieven treft u dit allemaal aan. Hiermee wordt de woningvoorraad vooralle doelgroepen uitgebreid: voor statushouders, maar zeker ook voorspoedzoekers. We zetten dus in op flexwoningen en getransformeerdewoningen.Een aantal jaar geleden waren containerwoningen ook echt containers.Inmiddels is de kwaliteit van modulaire woningen en flexwoningenhelemaal fantastisch. Het ziet er geweldig uit. Ik heb er meerdere bezocht.Daar wil je wonen. Iedereen wil daar wonen. Het beleid is dus ook echtingezet om de doorstroom te organiseren. In de vele gesprekken die iktrouwens heb met wethouders, gedeputeerden of commissarissen van deKoning en burgemeesters gaat het hier ook over. Het beleid is er. Het geldis er ook. Ga het nou doen. Als je namelijk door een investering in eennatte cel in een meerkamerappartement drie statushouders kunthuisvesten, in plaats van één in één sociale huurwoning, dan haal je ooksneller de statushouders uit de asielzoekerscentra vandaan. Maar je moethet altijd combineren met huisvesting voor Nederlanders, die ook jarenwachten. Anders krijg je het gewoon niet door de bevolking heen. Terechtzegt de bevolking dan: maar wanneer is mijn zoon of dochter aan debeurt? Het moet dus altijd een combinatie zijn.De voorzitter:Ik hoop dat u nog wijs kunt worden uit alle mapjes. Dan is mijn vraag of unu door wilt gaan met de beantwoording van de rest van de mapjes.Minister Keijzer:Ik was gebleven bij doelgroepen. Ik had nog een vraag van mevrouw Podtten aanzien van nareizigers bij familie. Ik heb daar trouwens al het een enander over gezegd, dus volgens mij heb ik die vraag tijdens de inter-rupties al beantwoord. Minderjarige kinderen kunnen in principe ookworden herenigd via deze maatregelen. Ze kunnen intrekken bij dereferent, behalve als de referent verblijft in een kleinschalige opvang vanNidos. Ik zei net al: redelijk inwilligend. Als er contra-indicaties zijn, doenwe het niet. Legio Nederlanders wonen ook met z’n drieën op 50 vierkantemeter, dus dat kunnen statushouders ook.Hoe staat het met het onderzoek om tijdelijk bepaalde categorieënasielzoekers, zoals alleenstaande mannen, niet op te vangen? Het tijdelijkniet opvangen van alleenstaande mannen is geen maatregel uit hetregeerprogramma. Het zou ook in strijd zijn met Europese jurisprudentieen de opvangrichtlijn. Daarnaast blijven het beperken van de instroom ende terugkeer van mensen die geen recht hebben op asiel prioriteit. Daar iscollega Van Weel al uitgebreid op ingegaan.Voorzitter. De alleenreizende mannen uit de zogenaamde veilige landendie een beetje door Europa heen asielhoppen, vormen wel echt een puntvan zorg. Zoals ik net al aangaf, kun je binnen het Europese kader nietveel. Daarom is het zo ontzettend goed dat we dit onderwerp adresserenin Brussel. Het gaat erom dat we het minder aantrekkelijk, of helemaalonaantrekkelijk, maken voor deze alleenreizende mannen, zodat zijteruggaan naar hun land van herkomst, waar het veilig is en waar ze – datis heel belangrijk – kunnen meebouwen aan de economie aldaar.Dan heb ik een vraag van mevrouw Vondeling over berichtgeving overmisbruik van statushouders die meerdere woningen toegewezen krijgen,en dat sommige koppels bewust gaan scheiden. Ik heb dat uiteraard ookgelezen. Ik heb toen ook meteen gevraagd: wat is hier aan de hand? Weweten niet of er dubbele woningen worden toegewezen aan status-houders. Dit is uiteraard een van de onderwerpen die ik ga bespreken metgemeenten en corporaties, want dan is wat we doen echt water naar dezee dragen.O, ik zie dat er iemand binnenkomt die de verkeerde commissiezaal heeft,denk ik. Dan denk je: hé, wat gebeurt hier? Mevrouw Podt refereert aanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349350 een herinnering van mij, dat je een collegezaal binnenkomt en dat jedenkt: dit is niet mijn vakkenpakket.Even terug, voorzitter. We weten dus niet of er dubbele woningen wordentoegewezen aan statushouders. Het is wel een onderwerp dat ik graag wilbespreken met gemeenten en corporaties, want anders hebben we nogveel meer woningen nodig, die er niet zijn. Dat ik dit volstrekt verwerpelijkvind, hoef ik ook niet toe te lichten, denk ik. Wel is bekend dat er eenbeperkte groep vreemdelingen is die bij het COA verblijft van wie het kindvervolgens erkend wordt door een al aanwezig zijnde statushouder inNederland die inmiddels het Nederlandse staatsburgerschap heeftgekregen. Dat is de zogenaamde Chavez-regeling. Voor zover we weten,gaat het om kleine aantallen. Deze groep wordt, indien er een Chavez-vergunning – zo is die gaan heten – wordt verleend aan de ouder,vervolgens meegeteld in de taakstelling voor vergunninghouders enmaakt via deze weg kans om een woning toegewezen te krijgen. Dit ismisbruik. Dit moet worden tegengegaan. Op dit moment wordt samenmet de IND, de NVVB, het Openbaar Ministerie en het betrokken minis-terie gewerkt aan een aanpak om deze schijnerkenningen, want dat zijn ze,aan te pakken. De uitwerking richt zich enerzijds op het voorkomen vanmisdrijven en anderzijds op het aanpakken van fraude, woonfraude,wanneer die plaatsvindt. De inzet is om voor het einde van dit jaar eenplan te hebben om hier iets aan te doen.De voorzitter:Mag ik u heel even onderbreken? Ik heb een vraag van mevrouwVondeling voor u.Mevrouw Vondeling (PVV):Het Chavez-arrest ken ik ook. Maar mijn vraag ging over iets anders,namelijk dat er signalen zijn dat er bewust scheidingen in gang wordengezet, dat mensen scheiden, een aparte woning krijgen, die woningonderverhuren en weer bij elkaar gaan wonen. Ik begrijp dat de Ministernu zegt dat ze dat niet weet, maar wil de Minister wel goed gaanonderzoeken of dat het geval is? Als er sprake is van fraude en dit soortpraktijken, wordt die vergunning dan wel ingetrokken?Minister Keijzer:Ik vind dat ons beleid ten aanzien van vreemdelingen, vluchtelingen,statushouders genormaliseerd moet worden. Je moet het gelijk trekkenmet hoe wij in Nederland omgaan met deze situaties. In Nederland zijn erook legio mensen die willen scheiden maar nog steeds bij elkaar moetenwonen, omdat ze geen huisvesting meer kunnen organiseren. Dat je opeen gegeven moment een einde maakt aan je huwelijk, is al verdrietiggenoeg. Dit is overigens geen kabinetsbeleid, realiseer ik me nu. Maar hetis verdrietig. «Scheiden doet lijden», zeggen we bij ons thuis altijd,hoezeer het soms ook niet anders kan, begrijp mij niet verkeerd. Maar datwil niet zeggen dat je vervolgens aanspraak kunt maken op een tweedehuurwoning. Die hebben we niet, ook niet voor Nederlanders.De voorzitter:Een vervolginterruptie.Mevrouw Vondeling (PVV):Nog één keer. Ik deel die mening natuurlijk, maar ik hoor over dezepraktijken. Ik weet niet of het waar is, maar daarom leg ik het ook bij deMinister neer. Wat ik hoor, is dat ze niet bij elkaar gaan wonen omdat zegeen huis kunnen vinden, maar omdat ze er een slaatje uit willen slaan. Zewillen een woning onderverhuren, geld innen en dan lekker teruggaannaar het oude nest. Ik wil de Minister wel vragen om daar goed naar tekijken en te onderzoeken wat er van waar is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349351 Minister Keijzer:Ik begreep deze van mevrouw Vondeling, hoor. Het is de vraag of zeüberhaupt gaan scheiden. Volgens mij mag dat in sommige kringen ookhelemaal niet, is het niet toegestaan. Ik zie mevrouw Podt denken: hè,wat? Ja, in sommige conservatieve kringen is dat zo, mevrouw Podt. Iksnap heel goed dat hier de gedachte achter zit: we doen alsof, we krijgeneen tweede woning en die gaan we onderverhuren. Dat artikel heb ik ookgelezen. We gaan gewoon heel goed kijken wat hier aan de hand is, wantdit kan gewoon niet.Voorzitter. Mijn laatste mapje: overlast en criminaliteit. Vooropgesteld: ermoet hard opgetreden worden tegen overlastgevers. Binnen mijnportefeuille kan ik met betrekking tot dit onderwerp dan ook duidelijk zijn.Ik heb net al meerdere keren gezegd dat geweldsincidenten, criminaliteit,intimidatie en vandalisme onacceptabel zijn. Als dit gebeurt doorasielzoekers, zet het de veiligheid in Nederland onder druk. Dat isonaanvaardbaar. We hebben in Nederland de plicht om mensen die asielaanvragen opvang te bieden. Als een deel van deze mensen overlastveroorzaakt, moeten we daar ook echt tegen optreden. Het gaat hierbijvaak, niet altijd, maar wel vaak, om mensen uit veilige landen, diehelemaal geen recht hebben op asiel. Omwonenden, ondernemers enandere bewoners van een azc mogen daar niet de dupe van zijn.Voorzitter. Gisteravond heb ik een gesprek gehad met de wethouder eneen aantal ondernemers uit Ter Apel. Ik ben begonnen met het volgendetegen hen te zeggen: u heeft weinig aan de woorden die ik nu spreek,maar ik heb er bewondering voor dat u zo rustig blijft, dat u gewoon aanhet werk blijft en uw onderneming zo goed mogelijk probeert vorm tegeven. Als ik de foto’s bekijk die mij af en toe bereiken, dan zie ikjongemannen die betrapt zijn op winkeldiefstal en de instanties en dewinkeliers gewoon uitlachen. Het is onacceptabel. Daarom is een hardeaanpak noodzakelijk.Er zijn vele instrumenten ingezet. Overlastgevers uit zogenaamde veiligelanden met een kansarme asielaanvraag worden in Ter Apel snel door deprocedure geleid, zodat zij niet langer in de opvang blijven dan nodig enterugkeren naar het land van herkomst, desnoods met dwang. Ernstigeoverlastgevers worden overgeplaatst van de reguliere opvang naar eenprocesbeschikbaarheidslocatie, naar de handhaving- en toezichtlocaties inHoogeveen, of ze gaan in vreemdelingenbewaring. Daarnaast is op 1 junijongstleden, als onderdeel van de procesbeschikbaarheidsaanpak, in TerApel de locatie geopend waar vluchtelingen die zich misdragen ingeplaatst worden.Gisteren heb ik dus met de ondernemers van Ter Apel afgesproken dat bijwinkeldiefstal een persoon ook meteen naar die procesbeschikbaarheids-locatie gaat. Ik heb met hen afgesproken – vandaag gaat die afspraakgemaakt worden – dat een aantal mensen van mijn ministerie volgendeweek naar Ter Apel gaan om goed door te spreken wat de bevoegdhedenvan boa’s zijn. Boa’s mogen namelijk naar identiteitsbewijzen vragen. Alsze dat niet bij zich hebben, mogen de boa’s dit verbaliseren. Op basishiervan kan de winkelier, de ondernemer, aangifte doen. Dat bij elkaar is aleen overtreding op basis waarvan ze in de procesbeschikbaarheidslocatieworden opgenomen. Er moet gewoon een einde komen aan dit asocialeen criminele gedrag. Het Openbaar Ministerie past lik-op-stukbeleid toe opasielzoekers die een misdrijf hebben gepleegd. In het terugkeertraject zetde Dienst Terugkeer en Vertrek intensief in op deze groep.Ik heb ook met de mensen in Ter Apel afgesproken dat vandaag het eerstebesluit over een schadeclaim verstuurd gaat worden. Tegen mevrouwPodt zeg ik: er zijn weliswaar twee schaderegelingen, maar er is één loket.Dus we zijn echt alles aan het doen om ervoor te zorgen dat de situatiedaar hanteerbaar wordt. Ik ga ook aan de slag met het terugbrengen vande afspraken die in Ter Apel gemaakt zijn over de overlastgevers. Datbetekent ook ervoor zorgen dat ze elders in Nederland opvang krijgen, inTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349352 dusdanige aantallen dat je niet vervolgens het probleem verspreidt overde rest van Nederland.Voorzitter, tot slot. Ik ben van mening dat de twee wetten in de EersteKamer moeten worden aangenomen, want dat gaat iets doen aan deinstroom en maakt het glashelder aan deze types dat ze niet in Nederlandmoeten zijn.De voorzitter:Dank u wel. Er zijn toch nog wat vragen. Ik zal een heel korte toestaan vande heer Van Dijk. U houdt zich altijd keurig aan de tijd, dus ik ben voor uwat coulanter.De heer Diederik van Dijk (SGP):Dank, voorzitter. Dat vind ik heel aardig om te horen. Ik wil toch nog eenopmerking maken naar aanleiding van een slip of the tongue van dezeMinister. Zij maakte een opmerking over de ellende van echtscheidingen,maar zei dat dit geen kabinetsbeleid is. En toch, in alle ernst: het aantalechtscheidingen legt momenteel meer druk op de beperkte woning-voorraad dan het aantal statushouders. Dat is ook een werkelijkheid. Pasthierbij dan niet ook een stukje kabinetsbeleid?Minister Keijzer:Nee, wij gaan niet over de keuzes die mensen in hun eigen leven maken.Maar het effect op de woningvoorraad is er.De voorzitter:Dan heb ik een interruptie van mevrouw Van Zanten.Mevrouw Van Zanten (BBB):Ik heb nog geen antwoord gehad op mijn vragen, volgens mij. Ik hoordede Minister iets vertellen over boa’s. Dat is een heel mooie en veelbelo-vende ontwikkeling, denk ik. Ik had echter ook gevraagd hoe het zit metboa’s, en ook de politie, op het terrein van het COA. Ik had een vraag overgegevensdeling tussen de verschillende organisaties. Ik had een vraagover medewerkers meer bevoegdheden geven. Ik had een vraag over eenonafhankelijk onderzoek naar het functioneren van het COA én ik hadgevraagd wat we gaan doen om de ondernemers in Ter Apel zo snelmogelijk schadeloos te stellen. Misschien heb ik iets gemist, maar volgensmij heb ik nog geen antwoord gekregen op deze vragen.Minister Keijzer:Mevrouw Van Zanten heeft helemaal, compleet en volledig gelijk.Mevrouw Podt (D66):Ik had een interruptie over het laatste stukje van de Minister. Is het zinvolom dat eerst te doen? Anders wordt het misschien een beetje chaotisch.Als we dit eerst willen doen, vind ik het ook goed, maar ...De voorzitter:Ik kijk even naar de Minister. Heeft zij een voorkeur voor het een of hetander?Minister Keijzer:Nee, hoor, voorzitter.De voorzitter:Dan kunt u het beantwoorden en er dan weer op terugkomen.Minister Keijzer:Dit soort chaos is hanteerbaar.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349353 De voorzitter:Oké. Als we het maar kort houden, want we lopen een beetje uit de tijd. Ikheb zo meteen nog een belangrijke huishoudelijke mededeling die voorons allen geldt, dus ...Minister Keijzer:Ik hoop alleen voor Kamerleden, voorzitter. Die mededeling dus.De voorzitter:Gaat uw gang.Minister Keijzer:Dank u wel. Mevrouw Van Zanten deed vier concrete voorstellen om deaanpak van overlastgevers aan te scherpen. Het eerste ging overgegevens delen. Voor alle ketenpartners in de migratieketen geldt dat zijgegevens met elkaar kunnen delen, in het kader van de zogenaamde TopX-aanpak. Het COA geeft strafbare feiten of vermoedens van strafbarefeiten altijd door aan de politie. Ze doen ook melding van misdrijven, ookals ze daar zelf niet bij aanwezig zijn geweest. Gegevensdeling metgemeenten is mogelijk als dat noodzakelijk en proportioneel is voor deuitvoering van de wettelijke taak van gemeenten, zoals openbare orde,veiligheid en jeugdzorg.Over de bevoegdheid van medewerkers kan ik het volgende zeggen. HetCOA is verantwoordelijk voor de veiligheid op alle COA-locaties.Bewoners moeten zich gewoon houden aan de huisregels. Het COA legtbij niet-naleving maatregelen op, met tredes. Uiteindelijk kunnen die jelaten belanden in de pbl. Op iedere COA-locatie is beveiligingspersoneelaanwezig dat surveilleert op het terrein en vroegtijdig kan ingrijpen. Elkeazc of noodopvanglocatie heeft korte lijnen met de plaatselijke politie. Dewijkagent is ook regelmatig aanwezig.Ik heb al wat gezegd over wat er gebeurt met strafbare feiten. Bij eenstrafbaar feit checkt de IND of intrekking van de vergunning mogelijk is.AVIM, de Vreemdelingenpolitie, toetst of er een optie is voor vreemdelin-genbewaring. Jaarlijks publiceert het WODC de zogeheten incidentenmo-nitor, met daarin het aantal incidenten op COA-locaties en de verdachten-registratie. In de afgelopen periode is in opdracht van het WODC eengrondig kwalitatief onderzoek uitgevoerd naar de oorzaken van deoverlast. Deze publicatie komt november aanstaande.Volgens mij is het nodig om nog meer onderzoek te doen, maar wat wezeker moeten doen, is lik op stuk geven en ingrijpen als er dingengebeuren die niet door de beugel kunnen. Dat is ook de afspraak die ikgisteravond met ondernemers in Ter Apel heb gemaakt.De voorzitter:Nog een vervolg, mevrouw Van Zanten? Gaat uw gang, maar we zitten intijdnood.Mevrouw Van Zanten (BBB):Dank aan de Minister voor deze antwoorden. Goed om te horen dat er innovember een onderzoek wordt gepubliceerd. Ik wacht graag af watdaarin staat. Maar nog even over het terrein van het COA. De Ministerzegt terecht dat er beveiliging rondloopt. Ik heb ook een aantal van diebeveiligers gesproken. Die geven aan dat het zo vaak zo’n ongelofelijke –hoe zal ik het netjes zeggen? – bende is dat ze snel hulp nodig hebben.Boa’s mogen dus nooit zomaar op het terrein komen, omdat het geenopenbare ruimte is. De politie komt dus pas nadat ze eerst de particulierebeveiligers hebben gebeld. Dat is soms gewoon te ... Er is acuut extrahulp nodig. Mijn vraag aan de Minister was dus eigenlijk of dat mogelijkgemaakt kan worden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349354 Minister Keijzer:Twee dingen. Je moet wel ontzettend opletten dat het personeel datrondloopt, het COA-personeel, beveiligers maar ook boa’s, veilig blijft.Maar tegelijkertijd: hoe erg is het wel niet om te moeten zeggen dat eenklein deel, maar desalniettemin een deel, van de mensen die vluchtenvoor oorlog en geweld, zich zo misdraagt dat ik me zorgen moet makenover de veiligheid? Dat is één. Twee. Ik ga even uitzoeken hoe dit zit. Ikweet namelijk niet hoe het zit met boa’s die niet op het terrein van hetCOA mogen komen omdat dat geen openbaar gebied is. Maar als dat zois, ga ik uitzoeken waarom dat is en of er oplossingen voor zijn. Wantuiteindelijk hebben we allemaal een gemeenschappelijk belang: zorgendat het rustig en veilig wordt in de azc’s.Mevrouw Podt had ook nog een vraag.De voorzitter:We gaan inderdaad naar mevrouw Podt.Mevrouw Podt (D66):Mijn vraag gaat natuurlijk over het schadefonds. Dat is een dossier datecht al jaren speelt. De ondernemers kwamen niet zo lang geleden naarDen Haag om met de voorganger van Minister Keijzer te spreken. Zewerden nu door deze Minister uitgenodigd om weer voor 45 minuten naarDen Haag te komen voor een gesprek, ook omdat ze niet naar Ter Apelwilde komen om daar met mensen te spreken. Een deel van die onder-nemers heeft afgezien van verder overleg. Die kwamen ook niet digitaal,want die zagen het gewoon niet meer zitten. De opdracht van een bredemeerderheid van de Kamer was: kom nou met één loket waar mensenvoor alles terechtkunnen. En dat is er simpelweg niet. Ik heb er net nogheel veel over zitten te appen, maar het komt erop neer dat ze nog steedsgebruik moeten maken van de SODA-regeling om dat apart aan te vragen.Ze krijgen geen vergoeding voor immateriële kosten. Dus het is gewoonniet waarom we hebben gevraagd. Ik vraag me af of de Minister begrijptdat de ondernemers zo langzamerhand denken: we zien het gewoon nietmeer zitten; laat maar.Minister Keijzer:Ik heb gisteravond een gesprek gevoerd. Ik heb daar meteen gezegd dat ikheel goed begrijp ... 45 minuten voor Ter Apel-Den Haag vind ik trouwenssnel.Mevrouw Podt (D66):Nee, voor een afspraak van 45 minuten.Minister Keijzer:Daarom. Ik wilde ook zeggen: Ter Apel is wel wat verder rijden. Dat geldtvoor mij die kant op, en dat geldt voor de ondernemer onze kant op. Dat isgewoon een feit. Gisteren heb ik een gesprek met hen gevoerd. Voorzover ik weet, was één ondernemer daarbij niet aanwezig, maar die bel iknog vandaag of morgen. Dat zal wel morgen worden, vermoed ik. Ik zalmet deze persoon doorspreken wat ik gisteravond besproken heb. Voorzover ik weet, zijn er twee regelingen. Je hebt de SODA-regeling, die overwinkeldiefstallen gaat, en je hebt de schadeclaim. Deze twee zitten achteréén loket. Hier kunnen ondernemers alle schadeverzoeken indienen. Erwordt op dit moment onderzoek gedaan naar de mogelijkheid voor eentegemoetkoming voor extra gemaakte uren. Waarom? Omdat je niet instaatssteundiscussies terecht moet komen. Dat klinkt altijd zo ontzettendafstandelijk en ingewikkeld, maar als iets staatssteun is, kun je op eengegeven moment als overheid verplicht worden om dat geld terug tevorderen met rente. Dan zijn we pas echt met z’n allen achter de wagen.Dat moet je dus heel erg goed uitzoeken. Daar wordt onderzoek naarTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349355 gedaan. Zoals ik net zei, gaat vandaag de eerste reactie op het schade-verzoek de deur uit. Dus we zijn echt alles aan het doen. Volgende weekzullen, zoals ik net al zei, mensen van mijn ministerie naar Ter Apel reizenom in samenspraak met ondernemers en boa’s de maatregelen tebespreken en ze daar ook gewoon in te trainen.Wij hebben alles in dit land flink ingewikkeld gemaakt, ook dit. Het is somsook wat onduidelijk wat je nou wel en wat je niet mag. Een boa van deeerste categorie mag naar een ID vragen. Als die er niet is, mag je datverbaliseren. Op basis daarvan kan een winkelier dan online aangiftedoen. Dat is vervolgens voldoende overtreding om iemand vast te zettenin de pbl, de procesbeschikbaarheidslocatie. Winkeliers mogen danvervolgens ook een winkelverbod opleggen. Op deze manier wordtgewoon glashelder gemaakt aan deze types dat het onacceptabel is wat zedoen. We blijven ook werken aan het verdelen van de kansarme asiel-zoekers, of asielhoppers, zoals ik ze heb genoemd, die van Europees landnaar Europees land gaan en het verstieren voor henzelf, de groep waar zeuit voortkomen en de mensen in het desbetreffende dorp of de desbetref-fende stad.De voorzitter:Ik heb nog twee interrupties voor u. Hopelijk kunnen we het kort houden.Mevrouw Rajkowski, u was eerder dan mevrouw Vondeling.Mevrouw Rajkowski (VVD):Op het punt van de ondernemers: ik hoop inderdaad dat we eenrechtsgang kunnen voorkomen. Als ik de Minister zo beluister, denk ik datdat ook haar doel is. Als het anders opgelost kan worden, zou dat fijn zijn.Wat de opvang van alleenreizende mannen betreft: ik zat meteen even tezoeken waar het ook alweer stond in het hoofdlijnenakkoord en hoe hetbeschreven is. Er staat: «behandeling van asielaanvragen opschorten, duseen asielbeslisstop. Het recht op opvang zal gedurende de opschortinggedifferentieerd worden beperkt en sterk worden versoberd.» Wij hebbenbegrepen dat je bij dat gedifferentieerd beperken ook naar categorieënkunt kijken. Kun je tijdelijk een asielbeslisstop of een behandelstopregelen voor bepaalde categorieën, zoals alleenreizende mannen? Datmag ook straks in de tweede termijn, maar daar ging mijn vraag over.Minister Keijzer:Ik zie dat de voorzitter op zijn horloge kijkt. Ik ga hier even naar kijken,maar volgens mij is dit nu nog, zoals ik net ook gezegd heb, in strijd metde Opvangrichtlijn. Wij zijn gewoon verplicht om ... Ik hoor naast me datdit over de IND-procedure gaat. Volgens mij heb ik net al gezegd dat dit nunog in strijd is met de Opvangrichtlijn. Maar misschien geeft de Ministerdirect snel een reactie op hoe dit zit.Voorzitter. Mevrouw Vondeling vroeg aan mij hoe het mogelijk is datasielzoekers fatbikes hebben. Ja, asielzoekers kunnen werken. Asiel-zoekers kunnen werken en als zij werken, moeten zij een deel van dat geldafdragen om mee te betalen aan de kosten van de opvang. De rest is tervrije besteding. Dan zijn er blijkbaar mensen die een fatbike willen. Ja, datis ook beyond me.Goed, dan heb ik nog boetes. De vraag was of de Minister kan toezeggendat boetes die opgelegd worden aan asielzoekers ook vaker verhaaldworden. Het niet betalen van boetes vormt in de praktijk een hardnekkigprobleem. Dan hebben we het volgens mij vooral over de boetes in hetopenbaar vervoer. Dan kijk ik even richting mevrouw Rajkowski. Net zoalsbij andere post die op persoonlijke titel aan een bewoner wordt gestuurd,stelt het COA de post beschikbaar aan de bewoners. Zij hebben natuurlijkrecht op hun eigen post. Het COA heeft geen bevoegdheid om die post teopenen. Dat is het briefgeheim. Natuurlijk moet iedereen zich aan deregels houden in dit land. Ik ga in gesprek met het COA om deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349356 mogelijkheid te bespreken van toezicht en het opleggen van maatregelenbij het niet betalen van boetes. Het is natuurlijk ook een doorn in mijnoog.Daarmee ben ik gekomen aan het einde van alle vragen, voorzitter,althans zoals hier in mapjes is voorbereid.De voorzitter:Mevrouw Vondeling had nog één additionele vraag.Mevrouw Vondeling (PVV):Ja, er staat nog één vraag open, over het afkoelverbod in de wijk. Ik hebeen filmpje gezien waarin een COA-woordvoerder in Amersfoort zei datasielzoekers die zich misdragen tijdelijk het azc moeten verlaten en vieruur lang het azc niet mogen binnenkomen. Tot die tijd moeten ze afkoelenin de wijk. Dat lijkt me niet echt fijn als je daar woont. Dus ik krijg graageen reactie van de Minister hierop.Minister Keijzer:Dat zoek ik op.De voorzitter:Akkoord. Dan de laatste vraag, van mevrouw Rajkowski.Mevrouw Rajkowski (VVD):Die gaat over de boetes. De mensen zijn inderdaad zelf verantwoordelijkom die boetes te betalen. Maar in de praktijk kan het zo zijn dat iemand alvan een locatie weg is als er een deurwaarder op wordt gezet. Volgens mijheeft Arriva aangegeven dat ze nu al 39 miljoen euro aan openstaandeboetes hebben. Ik ben één dienst meegereden op een trein. In die treinkwamen we iemand tegen die al 40 keer had zwartgereden, in slechts eenpaar maanden. Dat kan dus blijkbaar gewoon. Dus ik wil weten of er tocheen manier is. Ik snap het briefgeheim en al die dingen, maar het COA isde enige die leefgeld en dat soort dingen kan inhouden, zodat in iedergeval die boetes betaald kunnen worden. Dus ik ben echt op zoek naareen oplossing hiervoor. Het mag ook later. Ik weet dat het misschien eenbeetje out of the box is.Minister Keijzer:Dit is voor mij ook een boosmaker, om het maar eens even zo te kwalifi-ceren. We hebben ook nog het probleem dat mensen geen ID bij zichhebben en dat de boa’s van de NS niet naar ID’s mogen vragen. Dat is eengesprek dat ik samen met de Staatssecretaris van IenW voer met deMinister van Justitie en Veiligheid, omdat ik gewoon vind dat mensen zichhebben te gedragen en zich hebben te houden aan de regels.Dan de vraag hoe je ervoor zorgt dat men, daar waar wel ID’s beschikbaarzijn, ook gaat voelen wat de consequentie is van de regels die wij inNederland hebben. Als u en ik een boete krijgen, ploft er bij ons, omdatwij een vast adres hebben, natuurlijk meteen iets van het CentraalJustitieel Incassobureau op de mat. Zoals ik net al zei: ik wil normaliseren.Ik wil gewoon dat dit voor hen ook geldt. Ik ga uitzoeken hoe dit zit en wathier eventueel aan te doen is.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Keijzer. Dan heeft meneer Van Weel nog een kortantwoord op een vraag van mevrouw Rajkowski, dacht ik.Minister Van Weel:Ja, heel kort. Volgens de Procedurerichtlijn kunnen we een en ander welversnellen voor groepen, zeker als we denken dat ze kansarm zijn. WeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349357 kunnen het sneller behandelen, maar op basis van die richtlijn is het nietmogelijk om groepen überhaupt niet in behandeling te nemen.De voorzitter:Dank u wel. Dan zijn wij gekomen aan het einde van de eerste termijn vanhet kabinet. Dan heb ik nu een huishoudelijke mededeling: er is namelijkeen herzien schema voor het plenaire tweeminutendebat Kinderen in deasielopvang. Dat geldt dus ook voor deze commissie en voor MinisterKeijzer. Het is om 14.05 uur. Dat betekent dat wij voor de tweede termijnen de beantwoording nog ongeveer een klein kwartier hebben. Datbetekent dat ik u in de tweede termijn maximaal één minuut kan geven.Daar zal ik ook echt strak op toezien, want anders redden we het echt niet.We gaan nu echt even vaart maken, zodat u straks naar het tweeminuten-debat kunt.Minister Keijzer:Voorzitter, het is niet aan mij om een punt van orde te maken, maar ikmoet echt even wat eten. Het spijt mij zeer, maar anders ga ik op eengegeven moment van mijn graatje.De voorzitter:Ik wacht even het voorstel af.Mevrouw Vondeling (PVV):Ik wil graag een tweeminutendebat aanvragen. Misschien kunnen we dan,als dat gepland wordt, verdergaan met dit debat of in ieder geval detweede termijn daarin meenemen.Mevrouw Podt (D66):Dat duurt nog wel een poosje. Ik had nog wel één dringende vraag.De voorzitter:Misschien kan iemand van de staf iets voorbereiden, zodat het in iedergeval klaarligt als u zo meteen wilt eten. Dan stel ik voor dat we de tweedetermijn overslaan. We gaan een tweeminutendebat aanvragen. Alleen deenkeling die nog een brandende vraag heeft, mag nog reageren.Mevrouw Podt (D66):Ik heb een vraag aan Minister van Weel, dus dat kan.De voorzitter:Gaat uw gang.Mevrouw Podt (D66):Mijn vraag gaat heel concreet over het pact. Ik bracht dat in een interrup-tiedebatje al even op. Ik vraag me echt af wanneer het naar de Kamerkomt. We komen straks terug en dan is het november. Kunnen we er echtop aandringen dat het dan naar ons komt? Als wij als Kamer nogwijzigingsvoorstellen doen – ik wil graag in die gelegenheid gesteldworden – moet de uitvoering dat natuurlijk ook nog kunnen verwerken. Ikmaak me daar echt grote zorgen over.Minister Van Weel:Ik maak me nog geen zorgen, maar ik ga er wel vol op zitten. Ik spreek devicevoorzitter van de Raad van State sowieso op heel korte termijn. Ik zaldan ook vragen wat de stand is van het advies over het Migratiepact.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349358 Is er voor de tweede termijn nog iemand anders die wat heeft toe tevoegen? Zo niet, dan kijk ik naar de twee Ministers: heeft u nog iets toe tevoegen?Minister Van Weel:Ja, dan kan ik de heer Ceder meteen bedienen met zijn cijfers, want dieheb ik hier. Daaruit komt een beeld naar voren waarmee ik in ieder gevalde IND recht kan doen. In 2023 heeft de vreemdeling in 1.280 zaken hogerberoep ingediend. Daarvan is 3% gegrond verklaard door de Raad vanState. In 2024 was dat 930 keer, waarvan 8% gegrond is verklaard.Tegenover die getallen staat de IND: 70 keer in hoger beroep in 2023.Daarvan is 55% gegrond verklaard. In 2024 waren het 80 zaken, waarvan54% gegrond is verklaard. Ik denk dat hieruit blijkt dat de overheid bijlange na niet in zo veel gevallen in hoger beroep gaat als de vreemdelingzelf. Bovendien geeft het percentage van inwilliging door de Raad vanState ook aan dat de IND het heel vaak ook terecht doet.De heer Ceder (ChristenUnie):Prachtig. Ik krijg het graag nog op schrift, want er is ten aanzien van deRaad van State wel een verschil tussen een beroep en een besluit. Ik ziehet dus nog wel graag op schrift tegemoet.Minister Van Weel:Oké.De voorzitter:De Minister zal het op schrift zetten.Dan zijn we aan het einde van de eerste termijn. We hebben tweetoezeggingen van de kant van het kabinet.–De Minister voor Asiel en Migratie zegt toe de Kamer voor het eindevan het jaar te informeren over een onderzoek naar het eventueelaanscherpen van de glijdende schaal.–De Minister voor Asiel en Migratie zegt toe de Kamer te informerenover de bevoegdheden van boa’s en politie op COA-terreinen.Wij gaan een tweeminutendebat hebben waarin de eerste sprekermevrouw Vondeling zal zijn.Tot zover. Dank aan alle mensen thuis en alle mensen op de publieketribune. Hartelijk dank aan de leden van het kabinet en hun ondersteuningen hartelijk dank aan alle Kamerleden. Ik sluit de vergadering.Sluiting 13.51 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 19 637, nr. 349359
Gerelateerde bronnen
- Vreemdelingen- en asielbeleid
Verslag van een commissiedebat, gehouden op 2 oktober 2025, over Vreemdelingen- en asielbeleid
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.