KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een wetgevingsoverleg, gehouden op 26 januari 2026 over het begrotingsonderdeel Herstel Groningen

13 mrt 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie ca2c985eae320d42 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2026Nr. 89 VERSLAG VAN EEN WETGEVINGSOVERLEGVastgesteld 13 maart 2026 De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft op 26 januari 2026overleg gevoerd met de heer Van Marum, Staatssecretaris van Binnen-landse Zaken en Koninkrijksrelaties, over:–het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII)voor het jaar 2026 (Kamerstuk 36 800 VII).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De fungerend voorzitter van de commissie,Van EijkDe griffier van de commissie,Honsbeek kst-36800-VII-89ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 891 Voorzitter: Van EijkGriffier: Van der HaasAanwezig zijn negen leden der Kamer, te weten: Armut, Beckerman,Bushoff, Clemminck, Van Eijk, Den Hollander, Kops, Köse en Vermeer,en de heer Van Marum, Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties.Aanvang 15.01 uur.De voorzitter:Goedemiddag, allemaal. Welkom bij de vaste commissie voor Binnen-landse Zaken. Aan de orde is vandaag het wetgevingsoverleg over hetbegrotingsonderdeel Herstel Groningen. Ik heet de bewindspersoon, deStaatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de heerVan Marum, van harte welkom.Ook welkom aan de leden. U heeft aangegeven hoeveel spreektijd uongeveer denkt te gaan gebruiken. Ik wil u vriendelijk verzoeken in iedergeval te proberen om u zich daaraan te houden. Het is wetgeving, dus ikzal geen beperking stellen aan het aantal interrupties. Probeer ze wel korten bondig en in maximaal drie instanties te doen. Ik zou u zelfs willenaanmoedigen om de interrupties te bewaren voor de termijn van debewindspersoon. Ik denk dat u daar als Kamer het meeste aan heeft.We gaan van start. We houden de volgorde aan waarin we zitten. De heerVermeer heeft aangegeven uiterlijk om 16.45 uur de vergadering temoeten verlaten. Mocht blijken dat zijn inbreng daardoor in het gedrangkomt, dan proberen we op het einde even iets te schuiven. We zorgen erdus in ieder geval voor dat iedereen zijn inbreng kan leveren. We gaangewoon starten en kijken hoe snel het verloopt. Ik geef het woord aan deheer Bushoff voor zijn termijn.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Gisteren rond deze tijd zat ik in de Euroborg. Ik kannu gewoon ophouden! Nee, grapje. Het was er verschrikkelijk koud, maargoed gekleed en vol goede moed ging ik daarnaartoe. Ik had het idee: metdie drie punten komt het wel goed. Nou, dat kwam niet goed. Ik kan het deaankomende coalitie natuurlijk niet aanrekenen dat FC niet drie puntenheeft binnengehaald, maar, zeg ik erbij, ik zou de aankomende coalitiepar-tijen eigenlijk wel op het hart willen drukken: hoewel jullie er niet voorkunnen zorgen dat Groningen wint, kunnen jullie er wel voor zorgen datGroningers en de gedupeerden van de gaswinning de komende periodeniet gaan verliezen. Er zijn nog heel veel mensen, duizenden, die wachtenop versterking of schadeherstel, er wordt nog gas gewonnen uit de kleinegasvelden en de ongelijkheid groeit. In dat licht hebben jullie de kans omnu ook echt doorbraken te realiseren. Verspil die kans niet.Er is ook wel wat urgentie bij geboden. Ik wil dat vandaag graag illus-treren aan de hand van enkele voorbeelden. Ik wil vandaag graag vieronderwerpen aanstippen. Het eerste wat ik wil benoemen, is dat de tijdvan wachten niet gratis is. In het vorige debat haalde ik zelf al hetvoorbeeld aan van een ouder echtpaar dat eigen geld heeft moeteninleggen voor de sloop van hun woning. Na een jarenlange strijd kregenzij een deel daarvan terug, maar eigenlijk was het te laat. CollegaBeckerman gaf het voorbeeld van een 95-jarige man die nog twee jaarlanger moest wachten op duidelijkheid. Dat zijn schrijnende voorbeelden,die niet op zichzelf staan. Zo interviewde Dagblad van het Noorden zesjaar geleden al gedupeerden van de gaswinning in de serie Ik wacht. Nublijkt dat zes jaar later 70% van de mensen die nog steeds in dezelfdewoning zitten, nog steeds wacht. De gemiddelde wachttijd is negen jaar.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 892 Dat geeft maar eens aan hoe urgent het is om die doorbraken echt terealiseren en hoe groot de verantwoordelijkheid van een nieuwe coalitieis.Voorzitter. Laat ik daar alvast één voorstel aan toevoegen. Op dit momentzijn zeker honderden zaken van mensen echt compleet vastgelopen. Hetgaat om heel lang lopende zaken die heel moeilijk zijn. Juist voor dezemensen is het, denk ik, nodig dat er zo snel mogelijk perspectief komt endat zij geholpen worden. Daarvoor is er een herstelagenda opgesteld. Datis, denk ik, een goede zaak. Die agenda zou ervoor moeten zorgen dat deverschillende partijen, IMG, NCG en gemeentes, bij elkaar aan tafel gaanzitten om de langstlopende zaken ook echt op te lossen. Maar ik krijg hetidee, ook als ik kijk naar de beantwoording van de Staatssecretaris vanvragen hierover uit eerdere debatten, dat dat nog niet helemaal zo looptals je zou willen. Dat komt mede doordat het eigenlijk ontbreekt aaniemand die de verantwoordelijkheid heeft en die iedereen die daar aantafel zit bij elkaar kan zetten en zegt: we gaan niet eerder deze kamer uitdan dat het geregeld is voor de langstlopende zaken waar we het vandaagover hebben. Ik vraag de Staatssecretaris dan ook of hij het beeld dat ikschets herkent en of hij de urgentie voelt dat daar iemand voor aangesteldmoet worden die die doorbraken kan forceren.Voorzitter. Dan over ongelijkheid. We lazen volgens mij vandaag in hetdagblad over mensen in Appingedam. Toevallig – nou, eigenlijk is dat niettoevallig – ging het over de straat waar ik recentelijk zelf ook nog bengeweest. Mensen moeten via via horen dat hun buren completenieuwbouw krijgen. Zijzelf horen via via dat er niks gebeurt aan hunwoning. Althans, ze weten eigenlijk niet precies wat er gebeurt aan hunwoning. Dit voorbeeld staat niet op zichzelf, want er zijn tal van dit soortvoorbeelden, bijvoorbeeld in Appingedam, in Ten Boer of in Loppersum.Het is natuurlijk schrijnend dat mensen via via moeten horen wat er wel ofniet aan hun huis gebeurt, maar daarnaast is het ergste natuurlijk dat dieongelijkheid zorgt voor scheuren in gemeenschappen. Mensen kijken opeen andere manier naar elkaar. Mensen hebben moeite om hierover tespreken met hun buren, omdat ze zien hoe ongelijk ze behandeld worden.Die schrijnende ongelijkheid moeten we tegengaan. Precies daarom waser het rapport-Van Geel, dat zei: elke Groninger heeft recht op een veilig,schadevrij en verduurzaamd huis. Dat moet het uitgangspunt zijn. Ik zoude nieuwe coalitie dan ook op het hart willen drukken: doe die ereschuldaan Groningen recht, los die in door gehoor te geven aan de aanbeve-lingen van de commissie-Van Geel en neem dat rapport over.Voorzitter. Dan een tweede punt als het gaat om ongelijkheid, maatregel29 uit Nij Begun. Dat punt is al heel vaak hier voorbijgekomen, ook in deafgelopen debatten. Samen met mijn collega, mevrouw Beckerman, hebik ervoor gewaarschuwd dat de manier waarop die maatregel nu isingericht, ertoe kan leiden dat er nieuwe ongelijkheid ontstaat en ook datdie manier te bureaucratisch zou zijn. We lezen vandaag ook weer datdoordat er veel regels zijn rondom bijvoorbeeld zo’n verduurzamingsplan,de kans levensgroot is dat er ellenlange wachttijden ontstaan voormensen voordat zij in aanmerking komen voor daadwerkelijke verduur-zaming, omdat ze moeten wachten op zo’n verduurzamingsplan. Dat kanniet de bedoeling zijn. Ik wil van de Staatssecretaris weten wat hij gaatdoen en welke interventie hij gaat plegen om te voorkomen dat dezeellenlange wachttijden ook daadwerkelijk gaan ontstaan. Welke verande-ringen is hij bereid om door te voeren?Voorzitter. Dan over duurzaam herstel. Dat is nog zo’n maatregel waarvanik denk dat we met z’n allen hoopten en dachten: «Eindelijk. Eindelijk gaathet er komen. Dit kan echt een verschil maken.» Natuurlijk hebben we heter al vaker over gehad dat dat in beginsel nog niet liep. Een paar dagengeleden kregen we een brief met aanpassingen van deze regeling. Devraag die bij mij bleef hangen over wat mij opviel, was de volgende. Hetdrempelbedrag wordt verhoogd naar € 500.000. Dat is op zichzelf eenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 893 goede zaak. Want inderdaad, wat bleek nou uit de pilot die was gedaan?Dat het bedrag dat nodig was om die woningen duurzaam te herstellenheel vaak hoger was dan het initiële gekozen drempelbedrag van€ 125.000. Maar, zo lezen we, het gebied waarop deze maatregel vantoepassing is wordt eigenlijk kleiner. Dan is de vraag die bij mij blijfthangen: blijft het budget gelijk, ja of nee? Was dat het uitgangspunt, ja ofnee?Voorzitter, dan het derde punt waar ik bij stil zou willen staan. Dat gaatover vrijwilligers en het verenigingsleven. Persoonlijk denk ik dat hetverenigingsleven iets is om te koesteren. Als we het hebben overleefbaarheid, juist in een regio als Groningen, dan spelen verenigingendaarin een cruciale rol. Denk aan de voetbalvereniging, het dorpshuis ennoem maar op. We kunnen niet zonder ze als het over leefbaarheid gaat.Nou is het probleem dat veel van deze verenigingen moeite hebben methet vinden van vrijwilligers. Vrijwilligers geven logischerwijs vaak aan datze het er nu even niet bij kunnen hebben vanwege alle ellende die ze doorde gaswinning aan hun hoofd hebben. Ik denk dat we dat probleem nietgeheel kunnen wegnemen, maar we kunnen er wel alles aan doen om deellende van deze mensen te verminderen en zo snel mogelijk te zorgenvoor die veilige, schadevrije en duurzame huizen. Wat we ook nog zoudenkunnen doen, is deze mensen wellicht een klein stukje ontzorgen. Wezouden hen met een vrijwilligersvergoeding kunnen helpen zodat zeietsjes meer tijd kunnen vrijmaken van hun werk om in het verenigings-leven te steken. Het zou toch eeuwig zonde zijn als ook nog het vereni-gingsleven in Groningen de dupe is van de gaswinningsellende? Daaromheb ik ook met enkele collega’s een voorstel ingediend om voor devrijwilligers enige financiële ruimte en meer tijd te creëren, zodat ze zichin het verenigingsleven kunnen storten.Voorzitter, tot slot. Ik kan er niet omheen: aan de ene kant wordt er noggas gewonnen uit de kleine gasvelden – ik roep de nieuwe coalitienogmaals op om geen nieuwe vergunningen te verlenen en degaswinning zo snel mogelijk af te bouwen – en aan de andere kant is Shellnota bene weer een nieuwe arbitragezaak begonnen tegen de Neder-landse Staat. Hoe is het mogelijk, vraag je je af. Shell vindt namelijk nogsteeds dat het nog meer geld van de Nederlandse Staat moet krijgen. Hetis toch werkelijk ongelofelijk dat ze vanuit elke holding die ze hebben, ofhet nu in Londen of in Brussel is, alles proberen om de Nederlandse Staateen poot uit te draaien? Ik vind dat werkelijk waar schaamteloos. Ikpersisteer dan ook in mijn oproep om álles te doen om Shell en Exxon tebestrijden, met elk middel dat we hebben, zodat ze alle rekeningen voorGroningers voldoen. We moeten geen genoegen nemen met het feit datze ons telkens een poot proberen uit te draaien.Volgens mij ben ik ruim door mijn aangegeven spreektijd heen, voorzitter,dus hier laat ik het bij.De voorzitter:Dat klopt. De heer Bushoff deed zijn inbreng namens de fractie vanGroenLinks-PvdA. Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan mevrouwBeckerman, die haar inbreng doet namens de fractie van de SP.Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter. Normaal begin ik natuurlijk met een inleiding, maar nu begin ikmet een gekke vraag. Zou u even met deze dobbelsteen willen gooien? Ikkreeg dit weekend van een gedupeerde Groninger het Versterkingsspelopgestuurd. Het spel laat meedogenloos zien hoe kafkaësk de versterkingnog steeds verloopt. Het doel is om op het laatste vakje te komen, wantdan start eindelijk je versterking. Maar kun je daar eigenlijk ooit komen, isde vraag. Tussendoor trek je namelijk kaarten zoals deze: «U krijgt eennieuwe bewonersbegeleider. U moet alles opnieuw vertellen. Ga terugnaar start.» «De planning van de versterking is uitgesteld. Ga vier vakjesTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 894 terug.» «Aan u wordt meegedeeld dat afwijking van beleid alleen mogelijkis binnen vastgestelde uitzonderingscriteria. Ga twee vakjes achteruit.»«O! Er is een aardbeving. U meldt schade bij het IMG. Dat is een andertraject. Ga terug naar start.» «Aan u wordt meegedeeld dat precedent-werking is uitgesloten binnen dit beleid. Ga twee vakjes terug.» «O! Deversterkingsaanpak is gewijzigd. Ga weer terug naar start.» Bent u er al zatvan? Nou, de bewoners ook. Klinken de kaarten onbegrijpelijk? Dat isbeleid, beleid dat we hier vandaag moeten veranderen. Dit spel zal voorheel veel gedupeerden klinken als de realiteit vanwege de bureaucratischewaanzin, de bizarre ongelijkheid.Dit spel komt van de bewoners van de Schipsloot in Loppersum.Misschien was de Staatssecretaris er net als ik bij – ik denk het eigenlijkwel – in 2015 in de kerk van Loppersum. Toen werd de start van deversterkingsoperatie aangekondigd. Loppersum zou als allereerste aan debeurt zijn. En nu is het ruim tien jaar later en wachten de bewoners nogsteeds. Ze komen nu met de hele straat in actie. Terwijl zij in onzekerheidzitten, krijgen de bewoners in de straat achter hen uit hetzelfde cluster wélduidelijkheid. Daar krijgen veel bewoners nu sloop-nieuwbouw. Dezebewoners krijgen dat niet. Ze staan al jaren stil. De realiteit is kafkaësk. DeNCG, die belooft naast mensen te staan, organiseert nadat bewoners aande bel trekken een bewonersavond. Mooi, zou je denken, maar er komtniet één NCG-medewerker opdagen. Bewoners worden weggezet alsmoeilijk of emotioneel, terwijl volstrekt onduidelijk is wat dit beleid noulegitimeert en waar het op gebaseerd is. Drie vragen zijn hier voor onscruciaal.Een. Erkent de Staatssecretaris dat er, in plaats van de ongelijkheid aan tepakken, nog steeds heel veel ongelijkheid wordt gecreëerd? Vindt hij dezesituatie, met zulke ongelijkheid binnen een cluster, uitlegbaar? En kan hijheel precies aangeven of er een vastgesteld kader is dat door de NCGwordt gehanteerd, waarop dit beleid is gebaseerd?Twee. Na de parlementaire enquête is er een nieuwe werkwijze beloofddoor de NCG, een werkwijze naast de mensen. Toch zien veel bewonersdat niet terug en zien ze nog het aloude wantrouwen. Wat gaat deStaatssecretaris doen?Drie. Dit is de belangrijkste vraag. Gaan we eindelijk de adviezen van decommissie-Van Geel echt uitvoeren? Zij onderzochten hoe we ongelijkheidkonden aanpakken en kwamen met een hele goede oplossing, maar ditkabinet weigert daarvoor voldoende financiering vrij te maken. Zo blijvensituaties zoals aan de Schipsloot ontstaan. Dit is daarmee ook een vraagaan de formerende partijen, met name aan D66 en het CDA. Zij steundenonze voorstellen om de adviezen van de commissie-Van Geel uit te voerende afgelopen jaren wél, maar blijken nu na de verkiezingen terughou-dender.Voorzitter. Al jarenlang delen wij de voorbeelden van schrijnendeongelijkheid en van juist de zwaarst gedupeerden, die nog altijdvastlopen. De ene straat krijgt wel een werkende aanpak, de tweede eenbeetje en de derde niet. Ik heb nog een pijnlijk voorbeeld uit de wijkRobbeplaat in Delfzijl. Daar woonden ooit 800 gezinnen, nu zijn erongeveer 70 gezinnen over. Er is leegstand, het is een rotzooi en eenspookbuurt waarin je je niet veilig voelt en waar het woongenot je isvergaan, schrijft een van de gedupeerden. Al zeven jaar wachten zij in eenonveilige woning. Zij zitten in die batch 1588. Er werd geloot voor nieuwewoningen, maar niet iedereen had geluk. Er is geen concreet plan voorsloop-nieuwbouw voor hen. Nu zitten ze vast in een onveilig huis in eenonveilige buurt. En nu? Deze mensen zeggen dat ze gesloopt zijn en zoniet verder kunnen. Ik denk daar ook over na. Kun je je voorstellen dat omjou heen ineens je halve buurt, of meer dan dat, verhuist, wordt gesloopten leegstaat, maar jij nog steeds niet weet waar je aan toe bent?De volgende vragen zijn voor ons cruciaal. Een. De Staatssecretaris zegtdat de zwaar gedupeerden nu met prioriteit geholpen worden. De heerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 895 Bushoff had het daar ook al over. Kunnen alle zwaar gedupeerden daaropvertrouwen? Welk recht kunnen zij ontlenen aan die woorden? Twee. Dezegedupeerden zitten specifiek in batch 1588. Waar kunnen zij terechtwanneer ze vastlopen? Kunnen zij ook naar de Commissie BijzondereSituaties? Hoeveel macht heeft deze commissie dan?Voorzitter. Dan wil ik het hebben over onze jongeren. We spreken steedsvaker Groningse jongeren die een groot deel van hun jeugd in eenwisselwoning zaten, in een stacaravan in de tuin woonden of eindeloosmoesten wachten in een onveilig huis. Nu ze uit huis gaan, komen zeeigenlijk weer in diezelfde ellende terecht. Ze komen bijvoorbeeld in eenzwaar beschadigd of onveilig huis en moeten opnieuw dat hele traject in.Of ze zien dat er huizen te huur zijn, maar dat die bijna dubbel zo duur zijnals huurhuizen in de stad Groningen. Waarom? Dat is zo omdat deverhuurder ze ook kan verhuren als wisselwoning. Echt, eengezinswo-ningen in Appingedam worden nu voor € 2.600 per maand verhuurd.Deze jongeren raken dubbel gedupeerd door een dubbele wooncrisis.Daarom doen wij een voorstel voor Nij Begunwoningen voor jongerendoor leegstand aan te pakken en door te bouwen aan kleinschaligeprojecten die aan alle veiligheidseisen voldoen. De volgende vragen zijndaarbij cruciaal.Een. Vorig jaar was er een JongerenTop. Daar zeiden de jongeren zelf datde wooncrisis een van de grootste problemen is voor hen. Gek genoeg isdit niet opgenomen in de economische of sociale agenda’s die daarna zijngepresenteerd. Hoe kan dat? Wil de Staatssecretaris dat alsnog recht-zetten en plannen maken met jongeren voor Nij Begunwoningen?Twee. We zien dat er in het bevingsgebied torenhoge huren wordengevraagd, omdat woningen ook verhuurd kunnen worden als wissel-woning. Zo komen woningzoekenden er niet tussen. Wat wil de Staatsse-cretaris doen om dit aan te pakken?Voorzitter. Er staan nog heel veel oude schulden aan Groningen open.Tegelijkertijd zien we dat er nieuwe problemen worden gecreëerd, juistomdat we nog steeds vastzitten in een zeer bureaucratische manier vanwerken. Daarom heb ik nog een aantal vragen.Een. Vorig jaar bleef ruim 400 miljoen bedoeld voor gedupeerdeGroningers op de plank liggen. Tegelijkertijd zagen we dat mensen van95 jaar oud twee jaar lang moesten wachten op een rapport. Alleen eenrapport! Daarna wacht nog de aanpak zelf. We zien nu dat de Staatssecre-taris de duurzaamherstelregeling alweer inperkt. Veel funderingsschadezal niet meer vergoed worden. Waarom deze keuze?Twee. Wat gaat de Staatssecretaris doen om de problemen rondomdaadwerkelijk herstel aan te pakken? Dat moest immers het paradepaardjevan Nij Begun worden.Drie. Van steeds meer gedupeerden krijgen we klachten over de bureau-cratie rondom de verduurzamingssubsidie. Een aangenomen motie vanJulian Bushoff en mijzelf wordt nauwelijks uitgevoerd. Wat gaat deStaatssecretaris doen om de bureaucratie te beperken?Voorzitter, tot slot. We krijgen een nieuw kabinet, maar de oude schuldaan Groningen staat nog steeds open. De oude wonden zijn nog steedsopen. De vraag is niet zo moeilijk: vinden we het acceptabel dat mensenvan 95 jaar twee jaar lang moeten wachten op een rapport? Vinden we hetacceptabel dat straten in Loppersum, die al tien jaar lang wachten opversterking, nog steeds vastlopen in ongelijkheid? Vinden we hetacceptabel dat er weer een eindeloze bureaucratie is opgetuigd rondomverduurzaming, waardoor geld niet bij gedupeerden terechtkomt? Vindenwe het acceptabel dat jongeren geen nij begun kunnen hebben in een heelen veilig huis, na een jeugd waarin ze in de steek zijn gelaten door deoverheid? Vinden we het acceptabel dat er na alle ellende nog steeds uitzeventien velden gas wordt gewonnen en dit kabinet zelfs nieuwevergunningen heeft gegeven? Nog steeds zitten we vast in een systeemmet een half miljard aan uitvoeringskosten per jaar, een systeem waarinTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 896 vorig jaar 420 miljoen euro, bedoeld voor gedupeerden, niet bij henterechtkwam en een systeem waarin een enorme aardbevingsindustrie isopgetuigd, maar waarin mensen nog steeds te vaak het nakijken hebben.We debatteren vandaag voor de laatste keer met dit kabinet over debegroting, maar we debatteren toch vooral met de partijen die nuonderhandelen over een nieuw kabinet. Het kan wél, zou ik tegen D66 enhet CDA willen zeggen. We weten al lang hoe het anders kan en moet. Wekunnen de ongelijkheid aanpakken. We kunnen de zwaarst gedupeerdenmet prioriteit helpen. De aanpak van Van Geel ligt al twee jaar klaar. Als denieuwe regeringspartijen daar echt werk van willen maken, dan is nu hetmoment om geld vrij te maken, omdat we nu de begroting bespreken.Nait soezen. Groningen heeft al te veel tijd verloren aan Den Haag.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Kops, die zijn inbreng zalleveren namens de fractie van de PVV.De heer Kops (PVV):Dank u wel, voorzitter. Dit debat voeren we elk jaar. Dat is op zichnatuurlijk heel logisch, want het betreft de begroting. Toen ik dit debat aanhet voorbereiden was, dacht ik: wat is er vorig jaar bij de begrotingsbe-handeling eigenlijk allemaal gezegd? Wat hebben we toen met elkaarbesproken? «Vertraging op vertraging. Dit gaat niet goed. Dat gaat nietgoed.» Eigenlijk had ik hele stukken tekst van vorig jaar vandaag opnieuwkunnen uitspreken, gewoon precies hetzelfde. Dat is natuurlijkveelzeggend, want er zijn zo veel gedupeerden die nog steeds eindelooswachten en wachten, al jarenlang.Al jarenlang, sinds de parlementaire enquête, worden er continu grotewoorden gesproken over het inlossen van de ereschuld, maar heel veelgedupeerden merken daar nog bar weinig van. Een citaat van eengedupeerde in het Dagblad van het Noorden: «Er komt geen einde aan.Wat je ook doet, je krijgt er geen grip op. Was de opdracht maar: loopnaar de Zuidpool en weer terug. Dan weet je tenminste waar het begin is,en waar het einde.» Oftewel: er is schrijnende machteloosheid. Uitge-rekend vandaag verscheen er in datzelfde Dagblad van het Noorden eenpijnlijk bericht: «Aalf uit Appingedam krijgt geen nieuwbouwwoning, zijnbuurman wel.» Lang verhaal kort: de heer Wicherts en zijn dochter komenniet in aanmerking voor een nieuwbouwwoning, maar de achterburenwel, terwijl het gaat om vergelijkbare woningen.Voorzitter. We hebben het al vaker besproken. Wat is dit voor gekkigheid?Hoe kan dit? We lezen in hetzelfde artikel dat de Nationaal Coördinatorvoor de betreffende achterburen een uitzondering zou hebben gemaaktom de behandeling van de hele buurt zogezegd gelijk te trekken. Kloptdat? Van gelijke behandeling is hier namelijk niet bepaald sprake. Vind jehet gek dat de Nationaal Coördinator zo weinig vertrouwen geniet, meteen rapportcijfer van 4,7? Oftewel: die is keihard gezakt. De heer Wichertszegt: «Ook hier wordt niet gecommuniceerd waarom wij niet sloop ennieuwbouw aangeboden krijgen. Er wordt met twee maten gemeten. Alsje daarover vragen stelt, krijg je een lulantwoord.» Dit is toch niet uit teleggen? Bovendien is het geen unicum, want in Loppersum en Ten Boerhebben we dezelfde ellende gezien. Kortom, wat nu? Hoe gaat deStaatssecretaris dit oplossen? En dan te beseffen dat de heer Wicherts ooknog zegt: «Ik hoef niet per se een nieuw huis. Ik wil gewoon serieusgenomen worden.» Kun je nagaan. Het gaat de gedupeerde hier dus in deeerste plaats om een beetje erkenning en fatsoenlijke communicatie,uitleg. Dat mag toch zeker niet te veel gevraagd zijn? Graag een reactie.Voorzitter. Ik zei het al: feitelijk behandelen we in dit debat de begroting.Wat gaat er dan allemaal gebeuren? Hoeveel geld gaat waarnaartoe? Datis het idee van een begroting. Op Prinsjesdag verscheen er bij deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 897 begroting een kort persberichtje op rijksoverheid.nl. Je zou zeggen datalle belangrijke ontwikkelingen en maatregelen waar de Staatssecretarishet meest trots op is, in zo’n persbericht flink worden uitgemeten, maarnee. Wat lezen we? 60 miljoen voor de sociale agenda, 50 miljoen vooreconomische investeringen en ook nog 60 miljoen euro voor eenmogelijke AI-fabriek. Ik heb geen idee. Ik vraag mij echt serieus af hoe zo’nbericht op een gemiddelde gedupeerde overkomt. Beter gezegd: wat heeftiemand die al jarenlang wacht op schadeafhandeling of versterking,iemand die jarenlang moet knokken om te krijgen waar hij gewoon rechtop heeft of iemand die erkenning of gelijke behandeling wil en noem hetallemaal maar op, aan 60 miljoen euro voor een eventuele AI-fabriek? Ikheb geen idee, maar ik denk: helemaal niets. Waar blijven in zo’n ronkendpersbericht bijvoorbeeld de maatregelen of een plan om de versterking teversnellen, om maar even iets cruciaals te noemen?Voorzitter. En dan te bedenken dat er ook heel veel stille gedupeerden zijn,mensen die recht hebben op een schadevergoeding, maar daar totdusverre geen aanvraag voor hebben gedaan. Daarbij gaat het maar liefstom 200.000 mensen. Kun je nagaan: de omvang van de hele schade-ellende is dus nog vele malen groter. Kunnen we concluderen dat het hiergaat om mensen die er simpelweg niet meer in geloven, die gewoon demoed hebben opgegeven? Zo ja, dan gaan verhalen in het Dagblad vanhet Noorden zoals het verhaal van de heer Wicherts daar natuurlijk nietbepaald bij helpen. Integendeel.Ik heb begrepen dat het IMG de stille gedupeerden nu om privacyredenenniet actief mag benaderen, maar die bevoegdheid met de nieuweGroningenwet wel gaat krijgen en die mensen dit jaar toch alvast gaataansporen om schadevergoeding aan te vragen. Klopt dat? Als het IMGdat nu toch al gaat doen, waarom is daar dan niet veel eerder meebegonnen? Het IMG gaat deze stille gedupeerden dus benaderen, terwijlinstanties zoals het IMG en alle bureaucratische rompslomp van dien voorhen misschien wel dé reden is geweest om juist geen schadevergoedingaan te vragen. Hoe ziet de Staatssecretaris dat dan in praktische zin voorzich?Voorzitter. In datzelfde wetsvoorstel wordt vastgelegd dat het IMGschades tot € 60.000 kan herstellen zonder onderzoek te doen naar deoorzaak. Omdat daar niet veel van terecht is gekomen, hebben we daar indecember al een debat over gevoerd. Toen, in december, waren nog maarenkele honderden gedupeerden geholpen. Er waren dus wederom veelbeloftes en goede intenties, maar een belabberde uitvoering. De Staatsse-cretaris beloofde toen beterschap. Hoe staat het er nu mee? Is dieachterstand vandaag de dag weggewerkt? Ik mag toch hopen van wel.Voorzitter, dan tot slot. Ik ben door mijn tijd heen, zie ik. Een jaar geledenmeldde de Nationaal Coördinator dat de versterkingsoperatie toch niet in2028 voltooid zal zijn, maar wel ergens tussen 2030 en 2032. Dat is en blijftnatuurlijk bizar. Er was toen een tekort aan projectleiders en bewonersbe-geleiders. Hoe knullig eigenlijk. Hoe is dat nu? Een heel stom tekort aanmankracht. Is dat inmiddels allemaal opgelost? Wat gaat de Staatssecre-taris doen om die achterstand alsnog in te lopen?Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Den Hollander, die haarinbreng zal houden namens de fractie van de VVD.Mevrouw Den Hollander (VVD):Dank u, voorzitter. Afgelopen zaterdag was ik op een bijeenkomst vaninwoners uit de regio Groningen, Friesland en Drenthe. Toen heb ik ookgesproken met een aantal mensen uit het aardbevingsgebied. Wederomhoorde ik verhalen van mensen die al jarenlang wachten, in onzekerheidzitten, zich niet gehoord voelen en gefrustreerd zijn over de lopendeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 898 hersteloperatie of het schadeherstel. Zes weken geleden stonden we in deplenaire zaal en voerden we een debat over het herstel in Groningen. Ikheb toen aangegeven dat we wat de VVD betreft niet méér regelingen oforganisaties moeten optuigen, maar het bestaande beleid efficiënter enbeter in moeten zetten. Er zijn nog steeds veel mensen die onvoldoendegeholpen worden. Het beeld is dat het te langzaam gaat, maar we zoekennaar hoe we dat kunnen verbeteren. De VVD vindt dat er versneld moetworden, maar ook dat dit niet ten koste mag gaan van kwaliteit. Hiervoorhebben wij in het plenaire debat in december jongsteleden een tweetalmoties ingediend, die door de Kamer zijn aangenomen. De vraag die nuop tafel ligt, is: hoe gaan we verantwoord versnellen?De VVD krijgt vanuit de regio signalen dat verbetering vooral mogelijk isdoor de lokale uitvoering meer mandaat te geven. De samenwerkingtussen instanties en gemeenten verloopt traag vanwege bureaucratie.Daarom vraag ik de Staatssecretaris hoe hij aankijkt tegen het wegnemenvan bureaucratische besluitvorming en het meer lokaal mandaat gevenvoor beslissingen over het schadeherstel en de versterkingsoperatie. Watkan hij doen om lokaal bestuur meer zeggenschap en beslissingsbe-voegdheid te geven?Voorzitter. Vandaag zou ik verder graag aandacht willen vragen vooronverklaarbare verschillen. Er zijn er eigenlijk ook al een aantal genoemddoor mijn voorgangers, maar ook ik heb het bericht gezien van afgelopenwoensdag dat een bewoner van Schipsloot in Loppersum heeftingesproken in de gemeenteraad. De achterburen krijgen een nieuw-bouwhuis via de methode sloop-nieuwbouw. Beide straten zitten incluster 1 en werden eerder altijd gelijktijdig geïnformeerd. Ze zoudenbeide gelijk aangepakt worden. Sinds september vorig jaar blijkt echterdat er ineens verschil gemaakt wordt binnen het cluster – onverklaarbaarverschil. Lange tijd bleef het stil vanuit de NCG, totdat er ineens eenverklaring kwam dat versterking voor Schipsloot goedkoper zou zijn dansloop-nieuwbouw. Maar volgens deze bewoner zijn er nog helemaal geenberekeningen, dus hoe kan de NCG deze conclusie dan trekken?Vanmorgen was in de krant te lezen dat hetzelfde speelt in Appingedam,en ik vermoed op nog veel meer plekken. Kan de Staatssecretarisuitleggen op welke wijze deze onverklaarbare verschillen tot stand komenen of er ook gewerkt wordt aan een houdbare oplossing om dieverschillen weg te nemen?Nog zo’n onverklaarbaar verschil is te vinden in het taxeren van schade.Als een aannemer uitkomt op een schadebedrag van € 38.000, de NCG ineerste instantie op € 1.900 en later op € 19.000, hoe kan een inwoner danvertrouwen op deze taxaties? Zou het niet beter zijn als taxaties wordenuitgevoerd door een onafhankelijke partij, en niet door een partij die ookhet herstel moet uitvoeren en betalen? Hoe kijkt de Staatssecretarisdaartegen aan?De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):De VVD noemt een aantal onverklaarbare verschillen op. Ik denkinderdaad dat die eigenlijk niet uit te leggen zijn. Ik ben vooral benieuwdof de VVD vindt dat we ook moeten voorkomen dat dit soort onver-klaarbare verschillen ontstaan.Mevrouw Den Hollander (VVD):Ik denk dat we in zijn algemeenheid dingen die onverklaarbaar zijn,moeten proberen te verklaren. Anders kan je het niet uitleggen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 899 De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):In dit antwoord zat eigenlijk heel veel van wat er, volgens mij, precies foutgaat: een uitleg zoeken bij iets wat eigenlijk onuitlegbaar is, omvervolgens dat maar aan de inwoners te gaan vertellen. Ik vroeg naar hetwaardeoordeel van de VVD. Vindt de VVD dat je die ongelijkheid inGroningen moet voorkomen, ja of nee?Mevrouw Den Hollander (VVD):In de basis, zo hebben wij zes weken geleden ook in het debat gezegd,denken wij dat het rapport-Van Geel, dat aanstuurt op het voorkomen vanonverklaarbare verschillen, gesteund moet worden. Alleen, de continuevraag om meer geld, die vanuit de kant van Bushoff en Beckermanafgelopen zaterdag ook weer als opiniestuk in het Dagblad van hetNoorden te lezen was, kunnen wij niet steunen. Tegelijkertijd wordtnamelijk door henzelf geconstateerd dat er afgelopen jaar weer421 miljoen is blijven liggen. De Staatssecretaris heeft eerder heelduidelijk aangegeven: ik heb nu niet meer geld nodig; ik heb uitvoerings-capaciteit nodig, en daar ontbreekt het aan. Ik denk dus dat we vooraldaarop moeten inzetten.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dat schept mijn verbazing. Er is een hele commissie geweest, op voorstelvan het kabinet, om te kijken hoe we die onverklaarbare verschillenkunnen verkleinen. Die commissie heeft daar een uitvoerige analyse vangemaakt en heldere aanbevelingen voor gedaan, en dan walst de VVDdaar gewoon als een olifant in een porseleinkast dwars doorheen door tezeggen: wij hebben daar maling aan. Dát is eigenlijk wat u zegt. U neemtde conclusies van de commissie-Van Geel niet over. Het is in principe uwgoed recht om te zeggen dat u dat niet wilt, maar het is ook een heelharde klap in het gezicht van de Groningers. Het roept ook een beetje devraag op waarom we dan zo’n commissie instellen, die met een uitvoerigeanalyse en heldere aanbevelingen komt.Mevrouw Den Hollander (VVD):Ik hoorde geen vraag in deze stellingname van de heer Bushoff, en ikherken me ook niet in zijn conclusie.De voorzitter:Dan heeft mevrouw Beckerman nog een vraag of interruptie op dit punt.Mevrouw Beckerman (SP):Ik ga daar even op door. Wij doen deze debatten al heel lang. Daar kanmevrouw Den Hollander niet zo veel aan doen, want zij is nieuw in dezecommissie. We hebben eindeloos voorbeelden aangedragen vanongelijkheid. Je ziet dan vaak het volgende; dat is een truc die veelvoorkomt in Den Haag. Als je iets maar lang genoeg zegt, wordt eruiteindelijk een onderzoek toegezegd. Dat is misschien niet per severkeerd, maar het is ook een tactiek, want dan moeten we een tijdlangwachten op de uitkomsten en als die uitkomsten er zijn, moeten wewachten op een uitvoeringstoets. Die zijn in dit geval allemaal gedaan. Wehebben de commissie-Van Geel gehad. Daar hebben we op gewacht. Wehebben de uitkomsten. Daar kwam iets allercharmantst uit. Nu blijft het aljarenlang op de plank liggen en gaan we al jarenlang door en noemen weweer in elk debat alle verhalen die dan weer in het dagblad of de mailboxverschijnen, of die we horen van mensen die we spreken. Mevrouw DenHollander zegt: wat Bushoff en Beckerman willen, wil ik niet. Maar hoe wilmevrouw Den Hollander het dan oplossen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8910 Mevrouw Den Hollander (VVD):Wat wij continu horen van GroenLinks-PvdA en de SP is de roep om meergeld. Ze willen alsmaar en alleen maar meer geld, voor alles. Volgens mijwillen wij allemaal dat onverklaarbare verschillen worden opgelost en datmensen die recht hebben op schadeherstel dat ook krijgen. We hebbenook meermaals gevraagd om dat te versnellen, zonder de kwaliteitsvraagdaarin te verliezen. Er wordt continu gevraagd om meer geld, maar deStaatssecretaris geeft aan: we hebben op dit moment geen geldvraag; wehebben uitvoeringsproblemen. Dan helpt meer geld niet. Groningen isniet geholpen met meer geld als het geld dat gewoon beschikbaar is, nieteens wordt uitgegeven.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Mag ik een punt van orde maken, voorzitter? Er worden mij woorden in demond gelegd, namelijk dat ik alleen maar zou vragen om meer geld. Dat ishelemaal niet wat ik vraag. Ik vraag om de conclusies van decommissie-Van Geel ... Ik vraag om de uitkomst te garanderen dat elkeGroninger recht heeft op een schadevrij, veilig en duurzaam huis. Ik vraagom die conclusies te omarmen en om daarvoor te doen wat nodig is. Datis wat we vragen. Althans, dat is wat ik vraag.De voorzitter:Dat was niet helemaal een punt van orde, maar u heeft uw punt gemaakt.Mevrouw Beckerman, heeft u nog een vraag op dit punt?Mevrouw Beckerman (SP):Dit wordt mijn tweede interruptie, als het mag. Ik zou bijna willen zeggen:je hebt wel heel weinig begrepen van dit dossier als je denkt dat Bushoffen Beckerman alleen maar vragen om meer geld. Wij vragen om eenaanpak die werkt voor gedupeerden. Sterker nog, misschien vragen wijweleens een keer om minder geld. De uitvoeringskosten voor dit jaar envolgend jaar bedragen een half miljard per jaar. Dat is een completeaardbevingsindustrie. Ik zou bijna dat spel willen spelen. Dan zie je watdat voor mensen betekent. Een overheid die beloofd heeft «ik sta vanaf nunaast je en ik ga je niet meer wantrouwen» komt toch weer met allerleiregels en beperkingen. Ik vraag mevrouw Den Hollander om iets serieuzerte kijken naar de oplossing die wij, ook al voor Van Geel, al heel langaandragen, zowel bij het toeslagenschandaal als hier, namelijk: neembewoners serieus en ga met hen een plan maken voor hun huis, hunbuurt en hun toekomst. Dat zou misschien wel heel veel geld kunnenschelen en ervoor kunnen zorgen dat het geld terechtkomt waar het hoort:bij de Groningers zelf. Graag een reactie.Mevrouw Den Hollander (VVD):Er worden mij dingen verweten waar ik mij absoluut niet in herken. Erwordt tegelijkertijd meermaals om meer geld gevraagd. Dat is zes wekengeleden gedaan. Er ligt een amendement voor van Bushoff. Er ligt eenamendement voor van Beckerman. Wij horen continu in de reactie van deStaatssecretaris: het probleem zit in de uitvoeringscapaciteit. Tegelijkertijddelen wij de oproep die mevrouw Beckerman en de heer Bushoff doen dathet beter en sneller moet. Dat zeggen wij ook in ieder debat. Ik begrijp nietzo heel goed waarom zij proberen om die verschillen enorm uit tevergroten, want die zijn er volgens mij niet op inhoud. Wij roepen ookcontinu dat het sneller en beter moet, en dat het niet moet gaan zitten inoverhead, maar dat het moet zitten in uitvoering.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8911 Mevrouw Den Hollander (VVD):Voorzitter. In Noord-Drenthe is de afwikkeling van schade anders dan inGroningen. De schade in onder andere Ekehaar is gerelateerd aanbevingen in het veld in Eleveld, en dus niet die in het grote Gronin-genveld. De afhandeling van de schademeldingen in deze omgevingverloopt via de Commissie Mijnbouwschade. Een ander veld, een andereregeling. Hierbij is opvallend dat er tot nu toe circa € 80.000 is uitgekeerdvoor schadeherstel. De interne en externe onderzoekskosten behorendebij dit uitgekeerde bedrag, zijn ruim € 443.000. Een buitenproportioneleverhouding. De burgemeester van Aa en Hunze reageert hierop met dequote: «Voor dat geld had je alle schade in Ekehaar kunnen vergoeden».Volgens mij kom ik daarmee ook tegemoet aan wat mevrouw Beckermannet zei, namelijk dat we ons in deze commissie over hetzelfde druk maken.De Commissie Mijnbouwschade heeft nu zelf in een rapport dat op22 januari is uitgekomen, geconstateerd dat ook hier de schadeafwikkelinganders moet. Hoe kijkt de Staatssecretaris naar deze situatie? Verdienenmensen met aardbevingsschade buiten Groningen niet ook een milde,menselijke en makkelijke afhandeling van hun problemen?Voorzitter. Omdat Rusland in Oekraïne het energienetwerk bombardeert,zitten mensen daar letterlijk in de kou. Oekraïense energiebedrijven, zoalsNaftogaz, hebben Nederland gevraagd om overtollige onderdelen van deGroningse gaswinning te leveren voor het herstel van de verwoesteinfrastructuur. Nederland heeft onderdelen beschikbaar nu de gaskraan inGroningen dicht is. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederlandbevestigt dat er inmiddels gesprekken lopen met Shell en de NAM. Kan deStaatssecretaris aangeven wat de voortgang van deze hulpvraag is?Voorzitter. Ik wil tot slot nog stilstaan bij Nij Begun. De Nij Begungeldenkennen een sociale en economische agenda. De sociale agenda is gestarten laat zien dat het veel tijd gaat kosten om het geld daadwerkelijk goed tebesteden. De eerste resultaten worden echter geboekt en die laten mooieprojecten zien, waarbij vooral de jeugd in Groningen en Noord-Drenthemeer kansen krijgt op een goed toekomstperspectief. Over de econo-mische agenda is te lezen dat er tot nog toe is ingezet op het vinden vande juiste governance. Iedereen, de provincie, de gemeenten en de NOM,wil zich buigen over een juiste besteding van deze gelden. De VVD wilvooral graag weten op welke wijze de economische agenda voorGroningen en Noord-Drenthe als hefboom wordt ingezet. Hoe maken wede regio weerbaarder door het bestaande ondernemerschap aan te jagen?Het gaat dan niet om het plakken van pleisters. Het moet gaan om hetduurzaam innoveren van een regio die in de toekomst vooroploopt metstart-ups en scale-ups, met innovatie en spin-offs, en die hierdoor echteen meerwaarde creëert. Vanuit de slogan «Noord-Nederland, waar hetgras groener is» worden in deze regio over tien tot twintig jaar de mooisteprojecten uitgevoerd en bedrijven gevestigd, voor een economisch sterkeregio met goede werkgelegenheid en veel kansen voor jongeren. Deambities zijn er en het geld is er; nu nog de uitvoering.Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. De heer Bushoff heeft nog een interruptie.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik zat hier toch even over na te denken. Ik hoorde het punt over deschadeafhandeling in Ekehaar. De Commissie Mijnbouwschade heeftinderdaad gezegd: je zou een aantal aanpassingen in de schadeafhan-deling moeten doorvoeren. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen. Begrijpik het goed dat de VVD zich ook wat kan voorstellen bij de punten die deCommissie Mijnbouwschade maakt?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8912 Mevrouw Den Hollander (VVD):De situatie in Ekehaar is een andere situatie dan die in Groningen, maar ikvond het wel zinvol om die hier te benoemen, omdat er ook op die locatiegekke verschillen ontstaan. De VVD maakt zich zorgen over de onver-klaarbare en bizarre uitvoeringskosten die hiermee gepaard gaan. Het isbijna een factor zes als je kijkt naar het schadebedrag dat wordt uitge-keerd en de bureaukosten die daarachter zitten. Dat is doodzonde. Hoekan het dat dat op deze locatie opnieuw gebeurt, terwijl er in Groningen aljarenlang gewerkt wordt om die verhouding bij te stellen? We krijgen hiernu opnieuw deze bizarre verhouding. Daar maken we ons zorgen over.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Clemminck voor zijninbreng namens JA21.De heer Clemminck (JA21):Voorzitter, dank u wel. De visie van JA21 op het Groningengasveld isvolgens mij helder. Allereerst willen we de herstel- en versterkingsope-ratie afronden. Als tweede willen we de ondergrond stabiliseren,bijvoorbeeld door het toedienen van stikstof. Als derde willen weafspraken maken over toekomstig boren, waarbij de baten wordengeïnvesteerd in de regio zelf. Over dat derde punt zijn we het niet allemaaleens. Dat is helaas onverstandig voor Nederland. Gelet op de geopolitiekesituatie is het in het belang van Nederland om strategische autonomie tehebben ten aanzien van energie. Dat is ook onze verantwoordelijkheid alsNederland in Europa. Ten tweede noem ik de idiote energieprijzen inNederland voor de Nederlandse bedrijven en de mislukte energietransitievan de afgelopen decennia, die ons welzijn en welvaart kost. Punt drie isde milieubelasting en duurzaamheid. We importeren nu ons gas en dat isabsoluut niet duurzaam en milieuvriendelijk.Over het tweede punt, het stabiliseren van de grond, hoop ik straks watmeer te kunnen zeggen. Ik wil eerst terugkomen op het eerste punt: deherstel- en versterkingsoperatie. Volgens mij is er in deze Kamer geenverschil van mening over het doel, namelijk dat alle schade van allegebouwen hersteld moet worden en dat alle gebouwen in het gebied diedat nodig hebben, versterkt dienen te worden. Dit is een van de laatstedebatten van deze Staatssecretaris over Groningen. Ik dank hem uiteraardvoor zijn inzet. Ik zou hem willen uitdagen om wellicht met iets meerbestuurlijke afstand, die langzaam groeiende is, te reflecteren op zijnportefeuille in de afgelopen tijd. Denk bijvoorbeeld aan de vaak goedbedoelde moties die bij dit soort debatten zijn aangenomen door dezeKamer. Volgens mij streven we allemaal naar een doelmatig, efficiënt envolledig herstel in Groningen, maar zorgen sommige aangenomen motiesjuist voor vertraging en moeilijkheden in de uitvoering. Ik ben benieuwdof de Staatssecretaris daarop kan reflecteren.Voorzitter. Ik zei al dat er in deze Kamer geen verschil van mening is overhet doel van de herstel- en versterkingsoperatie, maar ik hoop dat er ookgeen verschil van mening over is dat wij de miljarden euro’s aanbelastinggeld doelmatig en rechtmatig moeten uitgeven in Groningen. Ikvind dat we het hierover moeten kunnen hebben. Het gaat immers omveel geld. Neem de uitvoeringsuitgaven van IMG in 2025. Die zijngeraamd op ongeveer 336 miljoen, tegenover iets meer dan een miljardaan uitgekeerde schadevergoedingen. Dat betekent dat van elke eurouitgekeerde schadevergoeding, die uiteraard bij de juiste persoon terechtmoet komen, 32 cent aan kosten voor de uitvoering zitten. Hetzelfde geldtvoor de NCG: 200 miljoen euro aan geraamde uitvoeringskosten, tenopzichte van ongeveer 890 miljoen euro aan uitgekeerde schadevergoe-dingen. Van mij mag die verhouding echt wat anders liggen. Wat zien wein 2026? De uitvoeringskosten voor zowel het IMG als voor de NCG stijgenten opzichte van de uitgekeerde schadevergoedingen. Kan de Staatssecre-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8913 taris deze relatieve stijging in de uitvoeringskosten verklaren? Op welkewijze is hij voornemens om waar mogelijk bij te sturen?Voorzitter. Milder, menselijker en makkelijker: dat zijn zeker de drie m’s indit debat, maar die zijn wel gericht op het herstellen van de schade van degaswinning en de versterking van gebouwen die dat nodig hebben. Deoverheden, uitvoeringsorganisaties, schade-experts en aannemershebben daar hun handen vol aan. We zijn in Nederland goed in hetstapelen van ambities tot het ons verlamd in de uitvoering, ook in ditdossier. Ambities die voorbijgaan aan alles wat redelijk en realistisch is,gaan juist ten koste van de uitvoering. Neem maatregel 28 en 29, tenaanzien van de verduurzaming. Inwoners binnen het versterkingsgebiedkunnen tot maximaal € 40.000 ontvangen voor de verduurzaming van hunwoning. De regeling komt boven op landelijke regelingen en geldt nietalleen voor inwoners uit het gebied maar in de hele provincie Groningenen in Noord-Drenthe.Ik heb daarover een aantal vragen aan de Staatssecretaris. Is de Staatsse-cretaris van mening dat ieder beschikbaar potje nu doelmatig endoeltreffend wordt ingezet? Vindt de Staatssecretaris het in verhoudingstaan dat Groningers in dit gebied € 40.000 meer subsidie ontvangen dande rest van Nederland? Creëren we juist niet onaanvaardbare enonuitlegbare verschillen? Kan de Staatssecretaris bevestigen dat dezevoortdurend stapelende ambities vertragend werken voor de afrondingvan het herstel in de versterkingsoperatie? Hoeveel tijd moetenGroningers wachten op een versterkt gebouw door deze extra ambities?Voorzitter. Het is niet te vermijden dat bij een dergelijke uitvoeringmisbruik op de loer ligt, namelijk misbruik van ons belastinggeld. De NCGgeeft toe dat de regelingen dermate laagdrempelig zijn dat misbruikuitgelokt kan worden. Ik had het al over de drie mantra’s met de m:milder, makkelijker en menselijker. Naar de mening van JA21 hoort daargeen vierde m bij, namelijk die van misbruik. Dat de regeling fraudege-voelig is, bewees de aanhouding van vijf Groningers afgelopen novemberdie ervan verdacht worden zo’n 300 besluiten van het IMG te hebbenvervalst voor ongeveer 1 miljoen euro. Ik heb een aantal vragen aan deStaatssecretaris over misbruik en fraude. Wat is de aanpak tegen fraudebij onder andere het IMG en de NCG? Zijn de maatregelen beoordeeld opfrauderisico’s en kan de Staatssecretaris de Kamer periodiek informerenover de fraudeaanpak en de fraudecijfers?Ik wil het ook nog hebben over stabilisatie van de bodem. Herstel betekentvoor JA21 namelijk ook dat we elke kans aangrijpen om de bodem testabiliseren als dat kan. We moeten iedere optie openhouden om dat tedoen. Ik weet dat veel partijen anders aankijken tegen het al dan niethervatten van de gaswinning. Dat hebben we uiteraard te respecteren.Ook al denken we daar anders over, ik vind het onbegrijpelijk dat wijserieuze opties voor bodemstabilisatie al bij voorbaat uitsluiten. Ik kreegdaar enige dagen geleden tijdens mijn werkbezoek in Groningen veelvragen over en ik hoorde veel onbegrip. Onlangs hebben we de Staatsse-cretaris gewezen op het rapport van de onafhankelijke wetenschap, zoalsTNO, over het stabiliseren door stikstofinjectie. De logica is simpel. Wehalen iets uit de bodem. Dat maakt bodem instabiel. Vervolgens zijn eraardbevingen en grondverzakkingen. Maar als je er iets uit haalt, kun je erook iets terug in stoppen om het te stabiliseren. Niks doen betekent datinwoners uit de regio nog decennialang risico lopen op aardbevingen. Dathebben we onlangs in Zeerijp gezien. De reactie van de Staatssecretariswas: «De Groningers zijn geen proefkonijnen.» Dat is natuurlijk zo. Ik benhet daarmee eens, maar blijkbaar zijn ze voor deze Staatssecretaris welsitting ducks. De boodschap is: wen maar aan de aardbevingen en zit hetmaar uit.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Köse.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8914 De heer Köse (D66):Ik ben benieuwd hoe de heer Clemminck aankijkt tegen het volgende.TNO heeft inderdaad een rapport uitgebracht waarin staat dat dat eenmogelijke oplossing is voor stabilisatie. Dat is theoretisch eenmogelijkheid. Tegelijkertijd zeggen in ieder geval het IMG en volgens mijook de NCG: we willen eigenlijk niet experimenteren daar, want we wetenniet hoe dat in de praktijk gaat uitpakken, omdat het eigenlijk nog nieteerder is voorgekomen. De vraag is dus eigenlijk: bent u wel bereid om tegaan experimenteren in Groningen, niet wetende of die stabilisatiedaadwerkelijk gaat plaatsvinden? Straks wordt de grond nog instabieler.Dat zouden allemaal opties kunnen zijn. Is dat een risico dat JA21 wilnemen, vraag ik via de voorzitter.De heer Clemminck (JA21):Het risico dat mijn collega van D66 in ieder geval neemt, is dat deGroningers nog decennialang in onzekerheid zitten en een kans, een risicohouden op aardbevingen. Mijn stelling is: als wetenschappers aangevendat hier een mogelijkheid bestaat, laten we die dan in ieder gevalonderzoeken. Waarom zouden we als Kamer een mogelijkheid die door dewetenschap wordt aangedragen, niet eens een stapje verder willenbrengen door het verder te onderzoeken? Daarna komen we wel bij derisico’s en de voordelen, maar dan hebben we een ander debat. Waaromwil D66 die eerste stap nou niet eens zetten, is mijn vraag.De voorzitter:De heer Köse heeft een vervolgvraag.De heer Köse (D66):Ik denk dat het onderzoeken al is gebeurd. Nu is de vraag of we datexperiment aan willen gaan of niet. U haalt zelf het rapport van TNO aan.Of u zegt eigenlijk: het is iets dat nog niet eens is onderzocht, maar ik denkdat het werkt. Ik denk dus dat het onderzocht is en dat het nu de vraag isof we willen gaan experimenteren of niet. Ik kreeg een verwijt, want wijhebben gezegd: we sluiten het gasveld, want dan weten we in ieder gevaldat de grootste oorzaak gestild is. We zijn er nog niet, maar het lijkt meniet verstandig om nog verder te gaan experimenteren. Ik stel dus tochnogmaals de vraag of u nu zegt dat er nog een onderzoek moet komen ofdat u wilt gaan experimenteren. Denkt u dat er een onderzoek kan komendat honderd procent zeker is?De voorzitter:Graag via de voorzitter spreken. De heer Clemminck.De heer Clemminck (JA21):Ik concludeer toch nog een keer dat D66 blijkbaar niet elke kans wilaangrijpen om te kijken of we de aardbevingen in de toekomst kunnenverminderen en voorkomen. Het gaat er niet om wat ik vind. Het gaat er indit geval om wat de wetenschappers van bijvoorbeeld TNO, maar er zijner meer, zeggen, namelijk: er zijn mogelijkheden om de ondergrond inGroningen te stabiliseren. Mijn oproep is om daar serieus naar te gaankijken. Dan kunnen we wellicht iets gaan betekenen voor de Groningers,in plaats van dat zij de boodschap krijgen dat ze maar moeten afwachtentot het voorbij is.De voorzitter:U kunt verder met ... Nee, ik zie toch nog een interruptie van de heerVermeer.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8915 De heer Vermeer (BBB):Ik heb nog wel een vraag aan de heer Clemminck. Hoe kijkt hij terug op demanier waarop JA21 gepraat heeft over het mogelijk openen vangasputten en zo? Toen daar heel veel kritiek op kwam, begonnen ze eenbeetje in te binden; toen was het «eerst onderzoeken» en zo. Maar in deCPB-doorrekeningen ging het gewoon om keihard euro’s inboeken omgas te winnen. Dan ga je het niet onderzoeken; dan ga je het gewoondoen. Hoe kijkt de heer Clemminck daarop terug? We moeten allesonderzoeken. Dat ben ik helemaal met hem eens. Als er nieuwetechnieken zijn, dan moeten we die onderzoeken. Maar beseft de heerClemminck ook dat het gigantische onrust bij alle gedupeerden veroor-zaakt heeft dat JA21 op deze manier een knuppel in het hoenderhok gooitdie voor de rest van Nederland misschien aantrekkelijk lijkt, maar juist dekwetsbare groepen zo treft?De heer Clemminck (JA21):Er zitten veel elementen in de vraag van de heer Vermeer, dus ik probeerze even af te pellen. Het allereerste is positief, want ik hoor de heerVermeer zeggen dat hij met mij blijkbaar een vervolgonderzoek wil naarstikstofinjectie om te kijken of die de grond kan stabiliseren. Dat is in iedergeval de winst van vandaag. Die steun hebben we binnen; dat is mooi.Dat is één. Ten tweede is de boodschap van JA21 eigenlijk altijd heldergeweest: versterken en herstellen, en als dat is afgerond in gesprek gaanmet de omgeving om te kijken of we in de toekomst op een verantwoor-delijke manier kunnen gaan boren, waarbij de baten dan ook wordenteruggeïnvesteerd in Groningen zelf. Dat is het verhaal dat wij altijdhebben gehouden. Dat is het verhaal waarmee we de campagne hebbeningezet en het verhaal waarmee we veel zetels hebben gewonnen. Het isook het verhaal dat ik afgelopen vrijdag in gesprekken met inwoners vanGroningen heb teruggehoord. Zij kunnen zich best voorstellen dat we opeen ander moment in een fase terechtkomen waarin we wel weer eenrationeel gesprek met elkaar kunnen hebben over de toekomst van hetboren in Groningen.De heer Vermeer (BBB):De heer Clemminck erkende dat er meerdere vragen in mijn interruptiezaten, maar hij had blijkbaar niet heel veel zin om ze allemaal te beant-woorden. Dan maak ik het iets concreter. Hoe komt dit over op degetroffenen? Op mij komt dit namelijk over alsof je tegen een patiënt diena een ernstig ongeluk op de intensive care ligt, begint te praten over zijneerste werkdag en wat er dan allemaal moet gebeuren. Hoe reflecteert deheer Clemminck daarop?De heer Clemminck (JA21):In mijn gesprekken, bijvoorbeeld die van afgelopen vrijdag, heb ik tochwel gezien dat de mensen in Groningen vrij nuchter naar dit dossierkijken. Natuurlijk willen ze dat eerst alle schade hersteld wordt en dat allegebouwen die dat nodig hebben, versterkt worden. Natuurlijk mag datsneller, beter en met minder bureaucratie. Maar ik heb ook gemerkt dat zijnuchter kijken naar de toekomst en helemaal niet schrikken van eennormaal, rationeel politiek gesprek over de toekomst van gaswinning inhet Groningenveld. Ik kan overigens ook wijzen op allerlei opiniepeilingen,zowel in heel Nederland als in Groningen, waaruit blijkt dat er forsemeerderheden voor zijn en dat genoeg mensen zeggen: we kunnen hier inde toekomst wel degelijk een rationeel debat over voeren. Nou, laten weeerst alle energie en focus richten op een goed herstel en versterking inGroningen. Tegelijkertijd ben ik blij, zeg ik nogmaals, met de steun van deheer Vermeer om te kijken hoe we bijvoorbeeld met stikstofinjectie degrond kunnen stabiliseren. Als dat is afgerond, komen we bij die anderevraag terecht.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8916 De voorzitter:De heer Vermeer, afrondend op dit punt.De heer Vermeer (BBB):Ik heb toch nog één vraag. Als ik het goed begrijp, zegt de heerClemminck eigenlijk: eerst moet alle schade hersteld worden, en het feitdat wij in onze doorrekening voor deze kabinetsperiode al extra inkomstenuit het Groningenveld ingeboekt hebben, was of een fout, in het meestgunstige geval, of er is ons een rad voor ogen gedraaid. Klopt dat?De heer Clemminck (JA21):JA21 is altijd helder geweest over de volgorde der dingen. Dat is eerstherstellen en versterken en tegelijkertijd kijken wat je kan doen om degrond te stabiliseren, en daarna kijken op welke verantwoordelijke manierje weer kunt boren in Groningen, inclusief afspraken om een deel van debaten terug te investeren in Groningen.De voorzitter:U gaat verder met uw betoog, of was u aan het einde van uw inbrenggekomen? Nog een klein stukje. Gaat uw gang.De heer Clemminck (JA21):Ik zit bijna op het einde, voorzitter. Dank u wel. Ik had het over de sittingducks van de Staatssecretaris en ik was bij mijn vraag terechtgekomen.Waarom is deze Staatssecretaris niet bereid om elke kans aan te pakkendie door wetenschappers wordt ingebracht en alles te doen om de grondte stabiliseren en daarmee Groningen sterker te krijgen? Ik ben benieuwdnaar het antwoord van de Staatssecretaris.Ik doe ook een beroep op mijn collega’s in deze commissie – ik ben blijmet de steun van de heer Vermeer – om ons breder te laten informerenover de kansen rondom bodemstabilisatie. Ik hoop bij de eerstvolgendeprocedurevergadering veel steun te krijgen voor het organiseren vanbijvoorbeeld een technische briefing daarover.Voorzitter. Tot slot heb ik aan de Staatssecretaris de vraag of er meergezegd kan worden over de uitvoering van mijn motie, die ik samen metmevrouw Den Hollander heb ingediend. Wij vroegen hoe de informatie-voorziening, de begeleiding en de toegang tot ondersteuning en compen-satiemogelijkheden voor ondernemers in het aardbevingsgebiedverbeterd kunnen worden en om te bezien of dit onderdeel kan wordenvan de Staat van Groningen en Noord-Drenthe.Voorzitter, dank u.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan de heer Köse voor zijn inbrengnamens D66.De heer Köse (D66):Dank u wel, voorzitter. De hersteloperatie Groningen draait om éénsimpele waarheid: de Groningers hadden altijd gelijk. Zij voelen debevingen, zien de scheuren en leven al jaren met stress en onzekerheid,terwijl de overheid twijfelde, relativeerde en bijstuurde. Die erkenning isgeen slogan, maar zou het uitgangspunt moeten zijn van alles wat wedoen, ook van deze begroting. Precies daar wringt het. Wat we nu doen,voelt namelijk te vaak als pleister op pleister plakken: steeds weer eennieuwe regeling, een verruiming hier en een uitzondering daar. Het isgoedbedoeld, maar het resultaat is een lappendeken die onduidelijkheidvergroot in plaats van verkleint. De kernvraag voor 2026 moet zijn:brengen we eindelijk rust, duidelijkheid en perspectief voor deGroningers?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8917 Bij D66 kijken we daarom langs drie lijnen. Eén: is schadehersteleenvoudig, voorspelbaar en menselijk? Twee: krijgen bewoners eindelijkduidelijkheid en een echt eindpunt in de versterking? En ten slotte:ondersteunt ons financiële en juridische beleid die duidelijkheid ofondergraaft het die juist?Voorzitter. Jarenlang hebben Groningers te maken gehad met eensysteem dat wantrouwen organiseerde. Wat we daarna hebben gedaan, ishet steeds verder bijstellen en repareren van dat systeem. Dat heeftgeholpen, maar het heeft ook geleid tot verschillende routes, verschil-lende normen en verschillende uitkomsten. De een krijgt te maken metstrenge normering, de ander met verruiming. Ik hoorde de voorbeeldenzojuist nog van de collega’s. Op het ene moment kan nieuwbouw wel, ophet andere moment in dezelfde straat ineens niet meer. Nog steeds zienwe dat bewoners opnieuw bewijs moeten aanleveren, vastlopen inramingen en begrotingsdiscussies en maanden wachten op besluiten. Datis funest voor duidelijkheid. Onduidelijkheid is precies dat wat mensen alte lang hebben moeten verdragen. De keuze om bij herstel tot € 60.000niet meer naar causaliteit te kijken, is een goede stap, maar de vraag iswaarom dit zo lang heeft moeten duren. We hebben een systeem nodigwaarbij bewoners vooraf weten waar ze aan toe zijn en niet pas na jarenprocederen. Daarom mijn vraag: hoe wordt met de Tijdelijke wetGroningen geborgd dat bewoners daadwerkelijk minder administratievelasten, kortere doorlooptijden en meer duidelijkheid ervaren? Kan deStaatssecretaris aangeven welke verbeteringen bewoners in de praktijkbinnen het eerste jaar na inwerkingtreding van deze wet merkbaar gaanervaren? Ik realiseer me dat een deel van deze vragen aan de nog tebehandelen wetgeving raakt. Tegelijkertijd zijn de keuzes die we daarmaken, onlosmakelijk verbonden met deze begroting.Voorzitter. Ook in deze versterkingsopgave zien we dit patroon. Deplanning schuift opnieuw op. Volledige afronding vindt pas plaats tussen2030 en 2032. Voor bewoners voelt dat niet als realisme, maar alsopnieuw uitstel zonder eindpunt. Zonder duidelijke horizon is er geen rust.Wat betekent deze vertraging concreet voor mensen die al jaren wachten?Wie draagt er verantwoordelijkheid als doelen opnieuw niet gehaaldworden? Is de Staatssecretaris bereid om 2030 als harde deadline vast teleggen?Daarnaast geldt ook hier dat duidelijkheid niet alleen in cijfers, maar ookin beleving zit. Bewoners horen dat de beoordeling acht tot twaalfmaanden duurt, maar tellen terecht de jaren daarvoor mee. Is deStaatssecretaris bereid om voortaan de volledige doorlooptijd, van eerstemelding tot definitieve duidelijkheid, transparant te maken? Hoe wordt decommunicatie verbeterd? Gebrekkige afstemming tussen ingenieurs,NCG, IMG en bewoners leidt namelijk niet alleen tot frustratie, maar tothet verlies van vertrouwen en sociale spanningen in buurten.Voorzitter. Tot slot de juridische kant. De hersteloperatie in Groningen laatpijnlijk zien hoe het systeem van arbitrage en de strategie van de NAM enhaar aandeelhouders, Shell en ExxonMobil, het uitgangspunt onder-mijnen dat Groningen koste wat kost gecompenseerd moet worden.Terwijl bewoners jarenlang moesten vechten voor erkenning, kiezen dezebedrijven ervoor om hun financiële risico’s via besloten arbitrage af tewentelen op de Nederlandse Staat en dus de belastingbetaler. Shell heeftzeer recent nog zelfs opnieuw een arbitragezaak aangespannen, boven opde vele lopende procedures. Er is geen openbaarheid, nauwelijksprecedentwerking en geen vanzelfsprekende afweging van het publiekebelang.Voor D66 is het principieel. Hoe kan het dat bedrijven met miljarden-winsten toegang hebben tot een besloten achterkamer, deels metzelfgekozen arbiters, terwijl Groningers jarenlang hun gelijk in het volledaglicht moesten bevechten? Deelt de Staatssecretaris de zorgen dat dezearbitrages bij bewoners het gevoel van onrecht en onzekerheid versterkenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8918 doordat de procedures ondoorzichtig zijn en dat dit hun vertrouwen in hetproces verder onder druk zet? Welke financiële risico’s loopt de Staat in deverschillende bezwaar- en arbitrageprocedures, uitgesplitst naar scena-rio’s, dus dat we winnen, dat we verliezen of dat we een deel moetenbetalen? Hoe zijn deze risico’s verwerkt in de meerjarige begrotingsra-mingen?Voorzitter, afrondend. Groningen heeft geen behoefte aan nog meercomplexiteit. Groningen heeft behoefte aan duidelijkheid, voorspel-baarheid en rust, zoals ik net zei. Eén helder uitgangspunt, één uitlegbaarsysteem en een overheid die niet steeds bijstuurt, maar eindelijk koershoudt, koste wat kost: dat is de kern van het D66-verhaal en dat moet ookde kern zijn van deze begroting.De voorzitter:Dank u wel. U heeft twee interrupties. Ik ben even aan het twijfelen overwie eerst was. Dat maakt niet uit, hoor ik. De heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik ben eigenlijk benieuwd hoe D66 kijkt naar dit Groningendossier in hetlicht van bijvoorbeeld de aanstaande coalitie. Voelt D66 zich vrij om hierineen eigen moreel kompas te volgen en de uitgangspunten die netgeformuleerd worden, aan te houden? Dat is mijn eerste vraag.De heer Köse (D66):Ik denk dat het morele kompas de reden is dat velen van ons de politiekzijn ingegaan. De lijn van D66 is al heel lang duidelijk. We hebben daar alheel veel op gedaan en dat zullen we ook blijven doen. Onze inzet is dusduidelijk. Wat er uit het akkoord gaat komen – want daar doelt u natuurlijkop – moeten we gaan afwachten.De voorzitter:De heer Bushoff voor een vervolgvraag.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Wat er uit een akkoord komt, moeten we gaan afwachten. Maar het is veelwaarschijnlijker dat er nog heel veel zaken gaan voorkomen die niet in eenakkoord staan beschreven maar waarbij we wel in debatten zien wat ernodig is en waarbij je verschillende keuzes kan maken. Dan is de vraag:kunt u uw eigen morele kompas volgen of moet u bijvoorbeeld de VVDvolgen in die aanstaande coalitie? Dat is de vrij fundamentele vraag die ikstel, want dat maakt nogal veel uit voor de Groningers. De Groningershebben, denk ik, heel veel verwachtingen gekregen van D66 en ontlenenook veel hoop aan enkele woorden die net werden uitgesproken door D66.De heer Köse (D66):Ik zeg de woorden inderdaad zoals ik ze zeg. Fijn om te horen dat u zichdaarin kan vinden. We zijn de grootste partij geworden in Nederland,omdat dit verhaal heel veel mensen aanspreekt. Ik kan dus ook niksanders zeggen dan dat we dat verhaal zo veel mogelijk naar voren willenbrengen, net zoals u doorbraken wil realiseren. Het is een interessante tijdmet een minderheidskabinet, dus ook uw partij gaat daarbij kunnenhelpen. Ik hoop u daarin te vinden. We kunnen het samen; laat ik het zozeggen.De voorzitter:Tot slot, de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dan geef ik ook alvast ter overweging mee dat de hoop die hiermeemisschien wel gekweekt wordt bij Groningers ook een hele dureTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8919 verplichting met zich meebrengt richting D66. Dat is de verplichting om dehoop op die enkele doorbraken die nodig zijn niet te beschamen voorGroningers, omdat dat al zo vaak is gebeurd in de afgelopen jaren. Dat ismisschien wel het allerergste wat Groningers is overkomen, namelijk dater vaak, misschien wel te vaak, valse hoop werd gewekt. In dat licht vraagik me ook af hoe u aankijkt tegen «koste wat kost» en tegen bijvoorbeeldde uitvoering van Van Geel.De heer Köse (D66):Allereerst, valse hoop moeten we natuurlijk zien te voorkomen. We zittenhier natuurlijk allemaal redelijk op één lijn op dit onderwerp. Ik denk dusdat het einddoel duidelijk is. We gaan zeker met elkaar van meningverschillen over hoe we daar komen. U stelt een vraag over geld. Ik kandaar niet heel veel over vertellen gezien deze formatie; dat zult ubegrijpen. Dat wordt meegenomen in de onderhandelingen. Ik kan mijncollega van de VVD wel volgen. Wij zijn natuurlijk niet per se tegen meergeld. In Van Geel staan heel veel goede dingen die wij zullen onder-schrijven en waar wij ons hard voor willen maken. Maar ik denk niet datsmijten met geld het nu per se gaat oplossen. Er is bijna 421 miljoen euroop de plank blijven liggen. Er zijn echt wel wat uitvoeringsproblemen,zoals iedereen ook heeft aangehaald, die we moeten oplossen. CollegaBeckerman gaf ook aan dat het misschien wel met minder geld kan, dusover geld kan ik nu niet veel zeggen. Ik denk dat we vooral een aantalonderliggende problemen moeten oplossen en duidelijkheid moetencreëren. Dan kunnen we vandaaruit kijken welke financiële middelen ernodig zijn en hoe we verdergaan.Mevrouw Beckerman (SP):Ik vond het heel goed dat de heer Köse zei dat er een lappendeken isontstaan waarin we vaak pleister op pleister plakken en dat we hetsysteem aan het bijstellen en repareren zijn. Ik vond dat goed. Wij zeggendit al bijna tien jaar. Ook na Nij Begun zijn er heel veel fundamenteleproblemen die in dit systeem zitten, blijven bestaan, bijvoorbeeld alleen aldat schade en versterking twee compleet aparte instituten zijn. Ik wil eenzin aanhalen uit de aanbiedingsbrief van Van Geel. Hij zei: «Een funda-menteel andere manier van kijken naar de problematiek van verschillen isnoodzakelijk om voor bewoners in het aardbevingsgebied eenaanvaardbare situatie te bereiken die als redelijk wordt gezien.» Ik vonddat toen een heel mooie zin. Als ik dan nu naar bijvoorbeeld Schipslootkijk, dan denk ik dat er niet aan die zin wordt voldaan. Is de heer Köse datmet mij eens en hoe zou hij dat nu willen oplossen?De heer Köse (D66):Zou u nog eens kunnen duiden waar u precies op doelt in dit geval? Wat isde kern van het probleem dat u bedoelt op te lossen? Dan kan ik daar watuitgebreider op antwoorden.De voorzitter:Meneer Köse, graag via de voorzitter. Mevrouw Beckerman mag haarvraag verduidelijken.Mevrouw Beckerman (SP):Dat is dan echt een verduidelijking. In dit geval gaat het om een straat. In2005, toen de versterking begon, werd vanaf een podium gezegd datLoppersum als eerste aan de beurt zou zijn. Het is inmiddels 2026 en zijhoren eigenlijk niks meer. Maar ze horen wel dat in de straat achter henheel veel bewoners sloop-nieuwbouw krijgen. Ik heb geprobeerd om methet Versterkingsspel dat zij hebben gemaakt, duidelijk te maken tegenwelke letterlijke antwoorden zij aanlopen. Wat zou de heer Köse in ditgeval willen doen? Het gaat me niet alleen om deze straat, want het staatTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8920 symbool voor iets groters. Nadat mensen hun verhaal lazen in hetdagblad, trokken ook andere bewoners aan de bel en die zeiden: dit lijktheel erg op mijn straat.De heer Köse (D66):Ik denk dat dit precies raakt aan de kern van mijn verhaal. We zien hiereigenlijk, zoals mevrouw Beckerman ook aangaf, dat er pleister op pleisterwordt geplakt en dat de één een verruiming krijgt en de ander niet.Mensen voelen zich ongelijk behandeld. Ik ben in Groningen geweest enik heb gesproken met vele partijen: onafhankelijke partijen, de NAM ennoem maar op. Ik heb alles gezien en een oordeel kunnen vormen.Eigenlijk zegt vrijwel iedereen, wie je het ook vraagt, dat dit de kern is vanhet probleem: er is geld en welwillendheid bij iedereen, maar we hebbener een rotzooitje van gemaakt. Er is geen duidelijkheid. Er is geen rustmomenteel. Dit is een mooi voorbeeld, waaruit blijkt dat mensen ongelijkbehandeld worden. Het probleem is dat het kwaad al geschied is. Wekunnen het alleen nog maar gaan herstellen en ook dat gaat nogproblemen opleveren. Ik hoop dat wij met de nieuwe wet rust enduidelijkheid kunnen brengen. Daar heb ik de Staatssecretaris ook vragenover gesteld. We moeten niet meer pleister op pleister plakken, maar ereindelijk eens verband om doen en vooruit kunnen op de lange adem.De voorzitter:Mevrouw Beckerman, tot slot op dit punt.Mevrouw Beckerman (SP):Ik wilde nog twee keer, voorzitter. Dat is heel mooi. De heer Köse sprak netover de wet Groningen die eraan komt. Ik hoop dat die snel komt. Dekeuzes die we maken, zijn onlosmakelijk verbonden aan deze begroting.Als je de woningen waarover ik het net had in 2005 had aangepakt, danwaren we denk ik een stuk goedkoper uit geweest en waren deze mensenook een stuk beter af geweest. Het is die gekmakende bureaucratie diedeze mensen de vernieling in helpt. Maar om terug te komen op dewoorden van de heer Köse: moeten we nu niet klip-en-klaar in debegroting vastleggen, omdat die wet zo verbonden is aan deze begroting,dat we die oplossing die voor ons geschetst is door Van Geel vollediggaan uitvoeren?De heer Köse (D66):Ik kan het eerste deel volledig onderschrijven. Ik heb daarover gezegd watik daarover gezegd heb. We willen die stappen daarop zetten. MevrouwBeckerman zal begrijpen dat ik nu, gezien de onderhandelingen, niet kantoezeggen om dat in deze begroting en voor de komende periode te doen.Daar moeten we echt op inzetten op een ander podium.De voorzitter:Ten slotte, mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Het is natuurlijk gek dat je wel eerst tegen de Staatssecretaris zegt dat dekeuzes in de begroting onlosmakelijk samenhangen met die wet die we inde toekomst gaan behandelen, maar dat je toch liever even wacht als hetje als partij gevraagd wordt.Dan heb ik toch nog een andere vraag voor de heer Köse. Ook na deverkiezingen heeft u onze motie gesteund om de hervatte gaswinning bijWarffum alsnog te stoppen. Staat de heer Köse nog steeds achter diekeuze en zullen we die gaswinning daar alsnog weer stilleggen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8921 De heer Köse (D66):We wachten niet. We zijn bezig, alleen nu in de trant van onderhande-lingen. Ik kan daar dus niet veel over zeggen. Dat geldt eigenlijk ook voordie kleine velden. De lijn is duidelijk. Die motie is inderdaad gesteund, dusik denk dat het vrij duidelijk is waar D66 staat. Daar blijven we staan. Wemaken ons daar nu ook hard voor, maar het is niet anders dan hoe het nuis. Daar zetten we nu op in op een ander podium.De voorzitter:De heer Bushoff, op dit punt.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Op zich snap ik een paar van de antwoorden van D66 wel. Toch hoor ikook heel duidelijk de inzet van D66 op twee zulke fundamentele punten,zoals de gaswinning uit de kleine velden en die verschillen die niet uit teleggen zijn. D66 zegt dat die inzet helder is en dat ze die eigenlijk nietwillen veranderen. Dan kan het toch niet zo zijn, zeg ik in de richting vanD66, dat de uitkomst straks is dat u als een blad van een boom bentomgekeerd? Dat kan dan voor D66 toch geen acceptabele uitkomst zijn?De heer Köse (D66):De heer Bushoff weet hoe het hier werkt. Als ik mijn hele verkiezingspro-gramma kon uitvoeren, dan had ik dat gedaan. Dat is helaas niet hoe hethier werkt. De kiezer bepaalt daarin. We zullen daar dus ook anderemeningen in moeten meenemen, ook die van onze partners. We gaan onsdaar hard voor maken. Ik kan het blijven roepen, maar ik wil het net zograag als de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dan gaan we het zien. Ik kan het me niet anders voorstellen dan dat er opdeze twee fundamentele punten een goede uitkomst uit zou moetenkomen. Anders lijkt het me namelijk dat je toch wel heel veel water bij dewijn hebt moeten doen. Dat kan ik me bijna niet voorstellen.Ik vroeg mij nog eventjes af hoe D66 kijkt naar vrijwilligers in hetaardbevingsgebied. Zij zeggen dat ze eigenlijk geen ruimte en tijd hebbenom zich bezig te houden met het verenigingsleven. Hoe kijkt D66 ertegenaan om hen juist wat meer tijd en ruimte te geven?De heer Köse (D66):Ik ben in Groningen geweest. Ik heb daar met mensen gesproken. Dit isniet een van de dingen dat als eerste naar boven kwam drijven. Ik benheel erg geïnteresseerd in hoe zich dat precies tot elkaar verhoudt. Ik zoudaar eens naar moeten kijken. Als daar echt onlosmakelijk zaken metelkaar verbonden zijn, dan ben ik echt bereid om daar constructief in meete denken. Het is nu niet als probleem nummer één in Groningen bij mijopgekomen.De voorzitter:Mevrouw Den Hollander op dit punt.Mevrouw Den Hollander (VVD):Ik had het net misschien aan de heer Bushoff moeten vragen, maar ikdacht dat we de interrupties zouden bewaren tot het eind. Dat heb ikmisschien verkeerd begrepen. Daarom vraag ik nu aan de heer Köse of hijmet de VVD deelt dat de sociale agenda van Nij Begun misschien ook eenbijdrage zou kunnen leveren aan het geld wat de heer Bushoff voor hetverenigingsleven vraagt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8922 De heer Köse (D66):Dat is een inkoppertje; dank daarvoor. Ja, dat kan ik volledig onder-schrijven. Ik denk dat het een uitgelezen kans is om hier misschien naar tekijken.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik kan mij best voorstellen dat er eerst andere zaken dan bijvoorbeeld devrijwilligers en het verenigingsleven omhoogkwamen in de gesprekkendie de heer Köse heeft gevoerd. Tegelijkertijd is dit wel degelijk een puntdat ook naar voren is gekomen. Als de heer Köse straks nog eventjes hetamendement leest, kan hij een aantal voorbeelden daarvan zien. Mijnvraag gaat over het volgende. Er blijft elders geld op de begroting over,wat ook of onder andere bestemd was voor Groningen. Zou het dan nietheel mooi zijn om het overblijvende geld in te zetten voor zoiets belang-rijks als het ondersteunen van het verenigingsleven in het Noorden, juistin Groningen, waar vrijwilligers zeggen dat ze daarvoor te weinig tijd enenergie hebben door de gasellende? Op die manier kun je ze iets meerruimte geven. Ik kan me bijna niet voorstellen dat D66 een heel kleinbedrag van het geld dat overblijft op de begroting, niet wil gebruiken omde Groningers en het verenigingsleven te ondersteunen.De heer Köse (D66):Ik denk dat het interessant is om te kijken of dat kan via de sociale agenda,zoals ik al aangaf. Het is een feit dat er een immens grote onderuitputtingop deze begroting is, relatief en absoluut. Ik denk zeker dat dit kansenbiedt, maar in de eerste plaats moet het geld daarnaartoe gaan waar hetvoor begroot is. Laten we dat principe aanhouden. Laten we in die zinbekijken of we iets kunnen regelen via de sociale agenda.De voorzitter:Meneer Köse, was u aan het einde van uw inbreng gekomen? Ja, u had ’mafgerond. Heel goed. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Armut. Zijspreekt namens de fractie van het CDA.Mevrouw Armut (CDA):Dank, voorzitter. Vandaag spreken we over de begroting voor het herstelvan Groningen en Noord-Drenthe. Voor mijn fractie draait dit dossier omdrie kernpunten: de veiligheid van inwoners, de voorspelbaarheid van deuitvoering en het herstel van vertrouwen. In de afgelopen jaren is hetbeleid vaak gewijzigd. Er zijn verbeteringen doorgevoerd, maar veelinwoners ervaren nog steeds lange doorlooptijden en onzekerheid. Het isaan ons om te bewaken dat de uitvoering daadwerkelijk milder, mense-lijker en makkelijker wordt. Deze begroting raakt de dagelijkse praktijk vangedupeerde Groningers. Het is onze verantwoordelijkheid dat middelenleiden tot stabiliteit, veiligheid en vertrouwen.Voorzitter. Ik zal ingaan op drie punten: de actualiteit, de uitvoering en NijBegun, te beginnen met de actualiteit. Sinds de sluiting van het Gronin-genveld is de situatie veranderd, maar niet tot rust gekomen. Afgelopennovember werden Groningers opnieuw geconfronteerd met een zwareaardbeving, met grote impact op huishoudens en gezinnen. Boven opjarenlange onzekerheid is dit een fysieke en mentale dreun. Wij horengraag van de Staatssecretaris wat er inmiddels bekend is. Welke impacthebben recente schademeldingen op de versterkingsoperatie en deprioritering daarin? Is het voor inwoners duidelijk genoeg waar zijterechtkunnen met vragen en zorgen? Is psychosociale ondersteuningvoldoende toegankelijk voor volwassenen en jongeren die daar behoefteaan hebben? Daarnaast wordt er gewerkt aan een nadere analyse van deZeerijpbeving, opgesteld door de NAM en beoordeeld door het SodM.Wanneer verwacht de Staatssecretaris dat deze rapportage met de Kamergedeeld kan worden?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8923 Voorzitter. Dan de uitvoering. Veel inwoners zitten al jaren in schade- enversterkingstrajecten en hebben behoefte aan duidelijkheid over deplanning, de doorlooptijd en de veiligheid van hun woning. Heeft deStaatssecretaris zicht op de belangrijkste knelpunten in de uitvoering,zoals capaciteit, schaarste in de aannemersmarkt en vergunningver-lening? Welke concrete stappen zet hij om vertraging te voorkomen? Deregeling voor daadwerkelijk herstel is opnieuw opgestart na een pauze,toen bleek dat door verloop van tijd een groot deel van de schadeop-names inmiddels verouderd was. De doorlooptijd van aanvraag totuitvoering bij daadwerkelijk herstel blijft een belangrijke zorg. Kan deStaatssecretaris iets zeggen over het aantal aanvragen voor daadwerkelijkherstel die inmiddels daadwerkelijk hebben geleid tot uitgevoerdeherstelmaatregelen? Hoe verloopt de behandeling en uitvoering van dezeaanvragen in de praktijk? Wat is op dit moment de gemiddelde tijd tussenhet moment waarop bewoners een voorstel voor daadwerkelijk herstelontvangen en de daadwerkelijke uitvoering van de herstelwerkzaam-heden?Voorzitter. De regeling duurzaam herstel is inmiddels de pilotfase voorbijen komt in een nieuwe uitvoeringsfase, waarin versimpeling, versnellingen duidelijkheid voor bewoners centraal zouden moeten staan. Welkeconcrete maatregelen verwacht de Staatssecretaris op korte termijn tekunnen nemen om te versnellen? Wanneer krijgen bewoners meerjarige,heldere zekerheid over de vormgeving en voorwaarden van deze regeling,zodat zij weten waar ze aan toe zijn? Een terugkerend signaal bij veelorganisaties is dat inwoners met veel organisaties en regelingen te makenhebben. Dat maakt het traject belastend. De inzet op één aanspreekpunt isdaarom belangrijk. Hoe zijn de ervaringen in gemeenten waar dit al isingevoerd? Wordt deze werkwijze structureel geborgd? Hoe wordtgestuurd op de continuïteit van contactpersonen, zodat bewoners nietelke keer opnieuw hun verhaal hoeven te doen? Ziet de Staatssecretarisverder mogelijkheden om procedures te vereenvoudigen?Ik neem even een slok water, voorzitter, want ik heb ontzettend veel lastvan mijn keel.De voorzitter:We kunnen ook een interruptie organiseren! Nee, hoor. Vervolgt u uwbetoog.Mevrouw Armut (CDA):Afgelopen week verschenen in de regionale media opnieuw voorbeeldenvan moeilijk uitlegbare verschillen in de versterkingsoperatie. InLoppersum en Appingedam zien bewoners dat binnen hetzelfdehuizenblok of dezelfde buurt de ene straat sloop en nieuwbouw krijgtaangeboden, terwijl de andere dat niet krijgt, zonder heldere uitlegwaarom. Besluiten komen laat, soms via via. Onderbouwingen zijn nietinzichtelijk. Wat overblijft, is een gevoel van willekeur, terwijl juist wasafgesproken dat woningen binnen een cluster of buurt gezamenlijkzouden worden aangepakt. Dat zorgt voor boosheid, onzekerheid en eengroeiend gebrek aan vertrouwen. Mijn vraag aan de Staatssecretaris isdan ook hoe het kan dat dit soort moeilijk te begrijpen verschillen nogsteeds ontstaan binnen één buurt. Welke concrete stappen zet hij om dezeongelijkheid te voorkomen en bewoners in ieder geval vanaf het aller-eerste moment actief mee te nemen in de afwegingen en kosten die aandit soort besluiten ten grondslag liggen?Voorzitter, dan Nij Begun. Herstel gaat niet alleen over schade enversterking, maar ook over toekomstperspectief. Met Nij Begun wordtbijgedragen aan economische en sociale ontwikkeling en een versterkingvan de brede welvaart. Voor het CDA is het essentieel dat deze agendazichtbaar is in het dagelijks leven, in buurthuizen, onderwijs, innovatie enruimte voor ondernemerschap. Het succes hangt samen met de betrok-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8924 kenheid van inwoners, gemeenten en provincie. In de meest recentevoortgangsbrief benadrukt de Staatssecretaris dat de maatregelen uit NijBegun moeten leiden tot een verruimde en makkelijkere schadeafhan-deling voor bewoners. Dat willen we uiteindelijk natuurlijk allemaal. Kande Staatssecretaris duidelijk maken waaruit in de praktijk nu concreetblijkt dat de schadeafhandeling voor bewoners daadwerkelijk eenvoudigeris geworden? In hoeverre wordt die verbetering ook zo ervaren door debewoners zelf?Voorzitter. Uiteindelijk wordt het vertrouwen in Groningen niet bepaalddoor besprekingen, nieuwe regelingen en beleidsnota’s. Het vertrouwenkunnen we alleen herstellen door te doen wat we hebben beloofd, doorzorgvuldigheid toe te passen en te allen tijde te handelen met demenselijke maat. Helaas hebben we nog een lange weg te gaan en is er deafgelopen jaren iets gebroken bij Groningers die van instantie naarinstantie zijn gestuurd, die uit hun eigen woning moesten vertrekken ofdie jarenlang niks hebben gehoord en in het duister hebben getast watbetreft hun veiligheid. De komende jaren kunnen wij stap voor stapwerken aan het herstellen van dat vertrouwen.De voorzitter:Dank u wel. U heeft een interruptie van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Mevrouw Armut kent eigenlijk dezelfde gekkigheid als ikzelf en de heerBushoff. Wij blijven namelijk in Groningen ... O, ik vind het heel sneu dat umoet hoesten, mevrouw Armut. Het is toch een beetje gek, hè? Wij blijvenals een soort idioten in Groningen wonen, terwijl we hier in Den Haagwerken. Dat komt omdat wij allemaal heel trots zijn op Groningen.Tenminste, dat denk ik; ik kijk even naar Julian, die gisteren bij de FC was;dus die misschien iets minder. Laten we dus met z’n tweeën praten. Op dedag van de beving in Riep, in Zeerijp, was ik daar met Julian Bushoff. Wijspraken een jongere die allerlei problemen had, maar hij zei: ik ben zótrots op Groningen. Daarom heb ik net een voorstel gedaan voor dezejongere, want heel veel jongeren willen in Groningen blijven. Dat is echterheel moeizaam als er geen woningen zijn, als de woningen die er zijn nogsteeds kapot of zelfs onveilig zijn, of als die woningen veel te duur zijnomdat verhuurders ze bijvoorbeeld ook kunnen verhuren als wissel-woning. Daarom was mijn voorstel: ga nou met jongeren bouwen aankleinschalige projecten. Wacht, ik word te enthousiast; dan ga ik te langdoor. Mijn vraag aan de mede-Groninger die ook zo gek is om heen enweer te reizen naar haar baan in Den Haag, is eigenlijk heel simpel: watvindt mevrouw Armut van dat voorstel?Mevrouw Armut (CDA):Ik kan me natuurlijk honderd procent aansluiten bij de trots op Groningendie mevrouw Beckerman uitspreekt. Gisteren zat ik niet bij de FC, omobvious redenen. Niet vanwege de score hoor, maar vanwege mijnfitheid.De Nij Begunwoningen. Ik snap natuurlijk helemaal dat mensen inGroningen willen blijven wonen. Dat dat heel moeilijk is, geldt, denk ik,voor iedereen. Dat is zo in heel Nederland. Het eerlijke verhaal is dus weldat ik niet weet of wij specifiek voor Groningen opeens een ander verhaalkunnen beloven. Ik wil het voorstel van mevrouw Beckerman bekijken,maar ik wil daar wel gewoon meteen eerlijk over zijn. Ik kan mijvoorstellen dat wat mevrouw Beckerman voorstelt, geld kost. Ik ga ernaarkijken, maar het lijkt mij een lastige.De voorzitter:Een vervolgvraag van mevrouw Beckerman.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8925 Mevrouw Beckerman (SP):Mevrouw Armut heeft natuurlijk gelijk. Die wooncrisis moeten we in heelNederland oplossen. Daar hebben we een andere commissie en een anderdebat voor. Maar dit is eigenlijk een dubbele wooncrisis, omdat dezejongeren niet alleen geconfronteerd werden met die wooncrisis van heelNederland, maar ook nog eens met die van onveilige, kapotte huizen. Hetis een situatie waarin zij dubbel gedupeerd zijn. Heel veel van dezejongeren hebben hier hun hele jeugd in gezeten, en dan komt dit weer.Natuurlijk heeft mevrouw Armut gelijk dat het geld kost. Tegelijkertijdhebben we ook geld vrijgemaakt voor een Nij Begun, een nieuw begin.Als je niet zorgt voor voldoende woningen, wat is dat dan voor nieuwbegin?Mijn voorstel is nog niet eens om daar meteen miljarden tegenaan tegooien, maar ga nou eens met jongeren aan de slag. Groningen heeft ooitzo’n project gehad, het 1.000-woningenplan. Dat is nog steeds te zien aande drie vierkantjes boven de deuren van echt nog steeds herkenbarewoningen in Groningen. We hebben gezegd dat we met jongeren gaanspreken, dat er een JongerenTop is en dat we luisteren naar jongeren. Danzeggen ze dat woningen een van de grootste problemen vormen, en dandoen we er vervolgens onvoldoende mee. Is het niet heel logisch, met allewoorden van ereschuld in gedachten, om hier samen met jongeren meeaan de slag te gaan?Mevrouw Armut (CDA):Ja, maar het eerlijke verhaal is wel als volgt. Natuurlijk moeten we dieereschuld inlossen. Ik heb er net in mijn bijdrage uitgebreid bij stilgestaan;dat hebben alle collega’s hier gedaan. Ik denk wel dat we terughoudendmoeten zijn in het bedenken van nieuwe ideeën. We moeten ook eerlijkzijn in hoe uitvoerbaar en realistisch dat is. Ik zou het plan moetenbekijken, maar ik wil er wel eerlijk over zijn dat ik me afvraag of wij datkunnen waarmaken, specifiek alleen in Groningen voor Groningsejongeren. Zoals ik al zei, hebben we een woningtekort in heel Nederland.Het is helemaal waar dat de situatie in Groningen voor heel veel mensenveel schrijnender is. Nou ja, goed, ik zal niet het begin van mijn antwoordherhalen.De voorzitter:De heer Clemminck heeft een interruptie.De heer Clemminck (JA21):Ik heb een vraag aan mevrouw Armut. Zij begon met drie pijlers die voorhet CDA belangrijk zijn in dit dossier. Een van de pijlers die mevrouwArmut noemde, was veiligheid. Wat vindt het CDA, wat vindt mevrouwArmut, van het idee om een vervolgonderzoek te doen naar aanleidingvan het TNO-rapport, waarin staat dat we bijvoorbeeld door het toedienenvan stikstofinjecties in de grond mogelijkheden hebben om de grond testabiliseren?Mevrouw Armut (CDA):Naast veiligheid heb ik ook vertrouwen genoemd als pijler. Ik vind hetlastige aan de plannen die JA21 keer op keer presenteert dat die echt ookhet vertrouwen van Groningers aantasten. Groningers zijn geen proefko-nijnen. Zomaar opperen dat we aan een experiment moeten gaanbeginnen, vind ik echt niet niks. We hebben gezegd dat gaswinning in hetGroningerveld niet meer veilig kan, en dat we dat dus ook niet meer doen.Ik kan me wat dat betreft aansluiten bij de kritische noot die ook de heerVermeer daar al bij plaatste: de manier waarop JA21 zegt dat dit zoukunnen, komt gewoon niet helemaal zuiver over. Ze presenteerden indoorrekeningen de situatie eigenlijk al zo dat het al klaar zou zijn: «hetherstel is klaar; we kunnen gewoon weer door met boren, en dieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8926 opbrengsten rekenen we al mee». Ik vind dit niet de manier om met deprovincie om te gaan die al zo hard getroffen is. We zitten hier sowiesoomdat de provincie zo hard getroffen is, omdat zo veel Groningersgedupeerd zijn. Alstublieft, wees daar voorzichtig mee.De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Clemminck.De heer Clemminck (JA21):Dank voor het antwoord. Ik wil even terugkomen op het verwijt vanmevrouw Armut. We hebben altijd gezegd: eerst herstel en versterking, enop het moment dat dat klaar is, gaan we kijken hoe we weer veilig enverantwoord kunnen boren, ook in het Groningerveld, waarbij een deelvan de inkomsten weer geïnvesteerd gaat worden in de regio. Daar waseen planning voor en op basis van die planning zijn doorrekeningengemaakt, maar dat is mijn punt niet. De volgorde is de volgorde, altijd,ongeacht de tijdlijn. Hoe eerder we de operatie afgerond hebben, hoebeter, natuurlijk.Ik ben toch wel een beetje teleurgesteld in de opmerking van de collegavan het CDA. Zij zegt: vertrouwen is heel belangrijk. Maar de boodschap– en hoeveel vertrouwen geeft die boodschap van het CDA eigenlijk? –tegen de Groningers is: u gaat nog decennialang last hebben vanaardbevingen, en ik ben niet eens bereid om een vervolgonderzoek tedoen naar de technische mogelijkheden die wetenschappers geven. Ikvind dat echt onbegrijpelijk. Ik zou tegen mijn collega, mevrouw Armut,willen zeggen: als je echt vertrouwen wil winnen in Groningen, dan moetje ook kijken naar dit soort mogelijkheden.De voorzitter:Heeft mevrouw Armut nog een aanvulling hierop?Mevrouw Armut (CDA):Dit gaat niet om een simpele kosten-batenanalyse. Dit gaat gewoon omhet dagelijks leven van mensen. Dat is waarom wij hier zitten. Dat iswaarom we deze bespreking hebben. De lasten die je hiermee krijgt en dieer ook al zijn, wegen niet op tegen welke baten dan ook. Doe het gewoonniet.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik wil de keel van mevrouw Armut eigenlijk sparen, maar als het mag, hebik toch een korte vraag. Ik durfde het bijna niet te doen, maar ik stel tocheen korte vraag over het verenigingsleven. Ik weet dat het CDA dat ookaltijd een warm hart toedraagt. Wij horen dat juist het verenigingsleven inhet aardbevingsgebied onder druk staat. Mensen geven aan: «Naast mijnwerk moet ik ook bezig zijn met versterking of schadeherstel van mijnwoning. Dan kan ik er geen vrijwilligerswerk bij hebben.» Ik heb samenmet mevrouw Beckerman en mevrouw Bikker een amendementingediend. Ik kan me voorstellen dat u dat eerst nog goed moet bestu-deren, maar ik ben wel benieuwd wat uw grondhouding is ten opzichtevan het geven van een steuntje in de rug aan die vrijwilligers en van het inde benen houden van het verenigingsleven in ons aardbevingsgebied.Dan heb ik het over een klein bedrag dat overblijft op de begroting.Mevrouw Armut (CDA):Misschien komen we er nu achter dat het beter gaat als mijn keelwarmdraait. Als de heer Bushoff over het verenigingsleven begint, danheeft ie het CDA natuurlijk. Wij kunnen echt zien dat het heel moeilijk is;dat is overal zo. Het is heel moeilijk om vrijwilligers te vinden, terwijl dietoch heel veel van onze clubs draaiende houden. Ik zou het moeten zien.Daarbij is de vraag volgens mij ook wat de beste manier is om datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8927 steuntje in de rug te geven. Zou dat bijvoorbeeld kunnen gebeuren via desociale agenda die we al hebben? Ik zal er dus naar kijken, maar ik sluitme wel aan bij mijn voorganger. Ik sluit me ook aan bij mevrouw DenHollander, die aangaf dat dit misschien gewoon al binnen de socialeagenda past.De voorzitter:Graag een hele korte vervolgvraag.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):We kunnen altijd kijken of het ergens bij past. Tegelijkertijd zijn de doelenvan de sociale agenda al vastgesteld en is er op basis daarvan eenprogramma gemaakt, met bijbehorend budget. Dit vraagt eigenlijk om ietsextra’s, net iets anders dan datgene wat in die sociale agenda isverwoord. Het gaat ook om een heel klein bedrag. Ik hoop dat het CDAmet die kennis naar dit amendement zou willen kijken.De voorzitter:Ik zie mevrouw Armut instemmend knikken.Dan geef ik ten slotte het woord aan de heer Vermeer, die zijn eigendeadline heeft gecreëerd van 16.45 uur. Ik geef hem graag het woord.De heer Vermeer (BBB):Dank u wel, voorzitter. Ik was gisteren ook niet bij de FC. Volgens mij is dattrouwens de enige club die een eigen boerenbox heeft, een specialevipbox voor bedrijven uit de agrarische sector. Ik heb het genot gehad omdaar een keer te gast te mogen zijn. Als ze meekijken: ik kom echt wel eenkeertje langs; dat lijkt me echt leuk! Maar ja, Fortuna had wat meerfortuin, of betere voetballers; dat laat ik in het midden.Voorzitter. Het herstel van Groningen is nu op een punt beland waarop hetniet langer gaat om nieuwe plannen, maar om het oplossen van bekendeknelpunten in de uitvoering. Een belangrijk uitgangspunt is en blijft datbewoners sneller duidelijkheid moeten krijgen over de veiligheid van hunwoning. Daar is nu een norm voor afgesproken, maar in de praktijk blijktdie norm alleen haalbaar als een dossier eenvoudig is, er voldoendecapaciteit beschikbaar is en er geen samenloop is met andere trajecten.Juist dat laatste is in Groningen vaak niet het geval.BBB constateert dat woningen met gecombineerde schade, funderings-problemen of een samenloop met problemen rond versterking, structureelbuiten de standaardroute vallen, niet omdat die zeldzaam zijn, maaromdat het systeem daar niet goed op is ingericht. Juist deze huishoudenswachten het langst. De keuze waar we nu voor staan, is dus heel concreet:blijven we deze situaties als uitzondering behandelen, of richten we deuitvoering zo in dat dit het uitgangspunt wordt?Voor BBB is dat laatste noodzakelijk. Er is de afgelopen periode al veelneergezet voor een komend kabinet om de uitvoering nog beter te maken.Mevrouw Beckerman toonde met het voorbeeld van dat spel terecht aandat we niet weer te veel spelregels moeten veranderen, omdat iedereendan weer terug bij af is. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. We hebben dusaan de ene kant baat bij stabiliteit, maar moeten wel zorgen dat deuitvoering continu wordt verbeterd op punten waar dat mogelijk is zonderhet hele beleid te hoeven veranderen. Dat verdienen Groningers enNoord-Drenten, en dat is een schuld die wij moeten inlossen. Er zijn grotestappen gemaakt, goede stappen, maar het kan nog altijd beter.Nogmaals, onze Kamer heeft met alle goede intenties de neiging omconstant moties en amendementen in te dienen zodra er iets niet goedgaat of niet goed dreigt te gaan. Maar iedere motie die wordt ingedienden aangenomen, doet weer iets met capaciteit en mogelijkheden vanuitvoeringsorganisaties. De Nationale ombudsman heeft er ook al eenseen heel rapport over gemaakt dat onze reflex niet meteen moet zijn omTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8928 direct te proberen alles op te lossen, maar af en toe iets meer achteroverte leunen en te kijken hoe zaken zich ontwikkelen. Dat is moeilijk voor onsals volksvertegenwoordigers, want we willen altijd direct resultaat zien enlaten zien.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ik heb dit de afgelopen jaren best vaak gehoord; ik kijk niet per se in uwrichting. In de afgelopen acht jaar dat ik nu dit dossier doe in de Kamer, enook bij het toeslagenschandaal, hebben wij heel vaak gezegd: ga nou metbewoners één plan maken en voorkom dat je vastzit aan heel veelverschillende organisaties. In Groningen gaat het om schade enversterken. Inmiddels zit er bijna een derde poot tussen, namelijk defunderingsproblematiek; dat heet nu duurzaam herstel. Ik hoor de BBB nuzeggen: hé, wacht eens even, elke keer dat er samenloop ontstaat,ontstaan er problemen. Dit was nou precies het punt dat wij al acht jaarlang maken, namelijk over die hele juridische werkelijkheid. Dat er eenschadepoot en een versterkingspoot zijn, heeft te maken met de discussieover de aansprakelijkheid van de NAM. Wanneer dat allemaal samenkomt,ontstaan er problemen. Erkent de BBB dat dit nu juist het probleem is,omdat het fundamenteel zo is ingericht: twee verschillende instituten metduurzaam herstel daar nu weer tussenin?De heer Vermeer (BBB):Ja, dat erken ik. Volgens mij is dit een diepgeworteld probleem dat we inallerlei geledingen zien. We zien het zelfs bij jeugdzorg en bij allerlei hulpin gemeentes voor mensen die dat nodig hebben, namelijk dat niet deburger en de problemen die opgelost moeten worden centraal staan,maar dat er geredeneerd wordt vanuit instellingen, instituten en demanier waarop we de zaken geregeld hebben. Bij jeugdzorg en gezinszorgproberen we dan een gezinsregisseur en al dat soort dingen te regelen omeigenlijk het probleem op te lossen dat er aan de achterkant allerleiloketten zitten, die vaak inderdaad om juridische redenen gesplitst zijn.Maar die burger heeft daar natuurlijk geen enkele boodschap aan, wantdie wil gewoon dat het opgelost wordt. Iets wat mij bij het werk in deKamer eigenlijk tegenvalt, zijn de verschillende «silo’s» van ministeries.Die hebben ieder hun eigen begrotingen en belangen, waardoor deburger, waarvoor gewerkt moet worden, niet meer centraal staat. Wantéén ding moet duidelijk zijn: de overheid is er voor de burger en nietandersom.De voorzitter:Mevrouw Beckerman voor een vervolgvraag.Mevrouw Beckerman (SP):Dat is een heel terecht antwoord. We halen nu al acht jaar het punt aandat er twee kolossen zijn ontstaan. Die worden steeds groter. Samenkosten ze 0,5 miljard aan uitvoering per jaar. Dat is alleen maar geld vooruitvoeringskosten. Elke keer als we dat zeiden, begon er iemand – ik kijkecht niet naar u – te gillen «geen systeemverandering, want dan wordt hetallemaal een drama», alsof we dat voorstelden. We zeiden: begin nou bijdat fundamentele punt, namelijk dat er met zo’n heel systeem niet éénaanpak is. Je constateert dus dat het in het fundament van de aanpak nogsteeds fout zit door die verschillende instituten. En nee, ik pleit hier nietvoor een systeemverandering, maar wel voor een fundamenteel anderekijk zoals Van Geel ook zei. Erkent de BBB dat het dan gek is om nu tezeggen dat je dan af en toe achterover moet leunen? Erkent de BBB datTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8929 dan juist die fundamentele kijk, die fundamenteel andere kijk, nog steedsontbreekt? Een voorbeeld is die situatie aan de Schipsloot.De heer Vermeer (BBB):Mevrouw Beckerman schetst precies de catch-22-situatie waarin we zitten.Je wilt namelijk én geen systeemverandering én het systeem veranderen.Het systeem dat we nu hebben, is er al. Dat is in de loop der jarenontstaan. Dat is waar de Nationale ombudsman terecht op wees. Hij zei:die verschillende systemen zijn ontstaan omdat er te snel gereageerd is,in plaats van goed inventariseren wat er allemaal nodig was voor deburger en wat de beste oplossing zou zijn. Er werden al dingen opgestart.Op een gegeven moment lopen die naast elkaar en langs elkaar. Dan moetje, net als bij het toeslagen- en belastingsysteem, een keer op het puntkomen dat je niet in elk coalitieakkoord schrijft dat je het gaat aanpassen,terwijl het nooit gebeurt. In de komende periode, op vrijdag, zullen wezien of er iets in staat over Groningen. Ik zou wel een systeemveranderingwillen, maar ik realiseer me ook dat uw spelvariant eraan gaat komen endan zijn we weer terug bij af. Dat wil ik absoluut voorkomen. Lieverdoorwerken met gebrekkig gereedschap dan al het gereedschapweggooien en niet weten wat ervoor terugkomt.De voorzitter:Tot slot op dit punt, mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Dit systeem is niet ontstaan doordat politici te snel reageerden opproblemen. Dit systeem is eigenlijk een uitvloeisel van de aansprakelijk-heidsdiscussie van de NAM. Zo is het opgebouwd. Schade werd cosme-tisch verholpen waar het onveilig was, maar er werd niet naar defunderingen gekeken. Daar zijn we later – dat is nog steeds een pilot – welnaar gaan kijken. Dat is er tussenin komen hangen. Dit is niet een systeemvan mensen die het juiste wilden doen; dit systeem begon bij dieaansprakelijkheid. Dat is nooit aangepakt.Maar dit is geen catch-22-situatie meer. We hebben een rapport besteld.We hebben een rapport gekregen met een aanpak die wel werkt, namelijkde aanpak-Van Geel, met een fundamenteel andere blik. Die wordt somsverengd in deze Kamer tot een verduurzamingsaanpak. Dat is het niet. VanGeel pleit echt voor een fundamenteel andere blik. Die zou nou juist heelgoed kunnen werken voor Schipsloot. Erkent de BBB dat we daar directmee aan de slag moeten? Laat dit dan maar je testcase zijn, al diebewoners die zich nu melden, ook met die ongelijkheidssituatie, waarbij jehet wel goed zou kunnen doen. We hoeven dit wiel niet uit te vinden. Hetis er al; het rijdt alleen niet.De heer Vermeer (BBB):Ik persoonlijk ben niet tegen experimenten in bepaalde projecten om hetop een andere manier aan te pakken, maar daar creëren we weer nieuweverschillen mee. Ik vind dat wel lastig in dit geval. Ik ben het ook niet metmevrouw Beckerman eens dat dit alleen ontstaan is door juridischeverschillen. Juridische verschillen over aansprakelijkheid zijn nou eenmaaleen gegeven. Het gaat om het volgende. Ook hier hebben de politiek, deministeries, de op dat moment verantwoordelijken, ervoor gekozen omdat niet in één loket allemaal samen te voegen en te zorgen dat de burgerdaar geen last van had. Ik ben het dus niet met mevrouw Beckerman eensdat we de juridische werkelijkheid moeten volgen. Volgens mij moeten wede werkelijkheid van inwoners volgen en daar de methodiek opaanpassen.De voorzitter:U vervolgt uw betoog, meneer Vermeer.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8930 De heer Vermeer (BBB):Niet alles kan, wou ik ook zeggen. Iedere goede intentie kan ergens andersbetekenen dat mankracht ingeleverd moet worden. Dat geldt ook voor eennieuwe aanpak of een nieuwe methode. Op papier kunnen die allesoplossen, maar in de praktijk zullen die betekenen dat die overgangssi-tuatie volop voor vertraging zorgt. Maar ook BBB ziet nog verbeterpunten,mevrouw Beckerman. Zo is bij schadeafhandeling ingezet op vereenvou-diging, onder andere door het loslaten van de casualiteitsdiscussie tot eenbepaald bedrag. Dat werkt in de praktijk goed bij enkelvoudige schade,maar zodra er sprake is van funderingsschade, herhaalschade of eerdereherstelpogingen, vallen bewoners al snel terug in langdurige trajecten. Ziehet ganzenbord dat eerder is laten zien. BBB wil dat juist deze dossiersprioriteit krijgen, niet pas als alles is vastgelopen, maar aan de voorkant.We hopen dan ook dat dit absolute prioriteit blijft hebben en dat deStaatssecretaris ervoor zorgt dat dat in zijn erfenis zit.Voorzitter. Dan de termijnen. Voor BBB is compensatie bij overschrijdinggeen ...De voorzitter:Een ogenblikje, meneer Vermeer. U heeft een interruptie van de heerClemminck.De heer Clemminck (JA21):Ik spoel even een paar seconden terug in uw betoog, meneer Vermeer. Uhad het erover dat nieuwe maatregelen of initiatieven uitvoeringskrachtkosten en dat dat weleens ten koste kan gaan van de snelheid, van hoesnel we de zaken weer op orde krijgen. Betekent dat ook dat u op diemanier kijkt naar nieuwe verduurzamingsmaatregelen? Ik vroeg dit ook alaan de Staatssecretaris. We kregen dit bericht al eerder vanuit de NCG. Denieuwe ambities voor verduurzaming gaan zorgen voor vertraging bij hetversterken van woningen. Ik ben benieuwd of de heer Vermeer hetverband ziet tussen die nieuwe ambities en het vertragen en het ten kostegaan van de uitvoeringskracht.De heer Vermeer (BBB):Zoals ik betoog, is iedere aanpassing een risico. Het is aan de uitvoerdersom te bepalen of dat een acceptabel risico is. Ik vind verduurzamingessentieel, want met name in die gebieden is extreem veel energiear-moede. Dat blijkt ook uit alle kaartjes en uit de Kamervragen die ikhierover gesteld heb en die net beantwoord zijn. We kunnen de huizen welopknappen, maar we moeten echt een grote slag maken. Wij hebben altijdgezegd dat de energietransitie belangrijk is, maar het is nog veelbelangrijker dat er minder energie verbruikt wordt. Wat ons betreftkunnen deze duurzaamheidsacties daarbij helpen. Dan hebben we ookminder discussies over gaswinning.De voorzitter:U vervolgt.De heer Vermeer (BBB):Voorzitter. Dan de termijnen. Voor de BBB is compensatie bijoverschrijding geen eindpunt, maar een signaal dat de uitvoeringtekortschiet. Een vergoeding achteraf helpt de bewoner nauwelijks als hettraject daarna gewoon in hetzelfde tempo doorgaat. Wat de BBB betreftmoet een overschrijding van de termijnen automatisch leiden tot eenvereenvoudiging van het vervolgproces. Als iets in een goedwerkendeICT-organisatie vaak voorkomt als incident, dan definieer je het als eenprobleem en ga je het oplossen aan de oorzaakkant in plaats van alleenmaar pleisters te plakken. Denk aan minder beoordelingsstappen, eenversnelde besluitvorming of directe opschaling binnen de organisatie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8931 Welke concrete consequenties verbindt de Staatssecretaris aan structureletermijnoverschrijdingen in de uitvoering?Ook ondernemers lopen tegen vergelijkbare problemen aan. Kleineondernemers en zelfstandigen hebben vaak te maken met dezelfdepanden, dezelfde schade en dezelfde onzekerheid, maar ook met extrafinanciële druk. Ondersteuning is beschikbaar, maar in de praktijk is detoegang complex en versnipperd. De BBB wil dat ondernemers niet aparthoeven te bewijzen dat hun situatie bijzonder is, maar dat wordt erkenddat schade, versterking en bedrijfscontinuïteit samenkomen. Hoe wordtvoorkomen dat ondernemers opnieuw tussen regelingen in vallen endaardoor opnieuw vertraging oplopen, zo vraag ik de Staatssecretaris.Voorzitter. Veiligheid blijft uiteraard leidend, maar voortschrijdend inzichtmag geen vrijbrief zijn voor herhaalde beoordelingen zonder einde. DeBBB hoort te vaak dat bewoners opnieuw worden beoordeeld, zonder datdit leidt tot een snellere uitvoering. Waar liggen hier de grenzen? Hoewordt geborgd dat eenmaal gegeven zekerheid ook daadwerkelijkzekerheid blijft?Voorzitter, tot slot. Monitoring en voortgang zijn belangrijk. Voor de BBB isniet alleen het aantal afgeronde dossiers leidend, maar ook de voorspel-baarheid voor bewoners en de rust die we ze moeten bieden. De BBBhoopt dat deze begroting ook afdwingt dat de uitvoering eenvoudiger,sneller en betrouwbaarder wordt. Er werd eerder al gerefereerd aan derelatief hoge uitvoeringskosten, die tijdelijk even wat lager waren doordater snel heel veel bedragen afgetikt konden worden. Dat helpt, maar wezijn er nog lang niet. De uitvoering sneller en betrouwbaarder maken isgeen gunst, maar een verplichting richting de Groningers en Noord-Drenthe.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. U heeft nog een vraag van de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ja, een korte vraag. Ik heb een amendement ingediend, waar Bushoff,Beckerman en Bikker onder staan. Oftewel: BBB. Ik vroeg me af of ik deheer Vermeer er ook bij kan schrijven.De heer Vermeer (BBB):Ik heb bijna 40 jaar zeker twintig uur per week vrijwilligerswerk gedaan. Ikwaardeer de hulp van en de aandacht voor vrijwilligerswerk bij vereni-gingen, maar ik weet niet of dat de oplossing is. De vrijwilligersver-goeding kent een maximumbedrag van € 220 per maand, voor maximaaltien maanden per jaar. Voor dit bedrag zou je ruim 100.000 mensen hethele jaar lang een vrijwilligersvergoeding kunnen geven, als je het daarvolledig voor zou gebruiken. Maar dat is weer incidenteel geld, datstructureel niks gaat oplossen. Er zijn mensen die nu een vrijwilligersver-goeding krijgen, maar het kan dan zo zijn dat ze straks stoppen als hetgeld er niet meer is. Dat is nog erger dan dat ze misschien nu een uurtjeminder inzetten. Ik erken dus het probleem, maar ik twijfel heel erg of dittot een oplossing leidt en niet een nieuw probleem creëert. Daar zitten dusmijn zorgen.De voorzitter:De heer Bushoff heeft een vervolgvraag.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Op zich kan ik tot op zekere hoogte wel in het betoog van de heer Vermeerkomen. Het gaat natuurlijk niet de gouden oplossing zijn die alleproblemen oplost. Het belangrijkste is natuurlijk dat de versterking enschadeafhandeling in Groningen goed gaan en dat mensen daarmee weerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8932 de rust krijgen om zich op het verenigingsleven te storten. Wel kan heteen klein beetje helpen om mensen in de tussentijd iets te ontzorgen ofom verenigingen in staat te stellen wat meer vrijwilligers aan te trekken. Ikzou de heer Vermeer willen vragen om met die blik ernaar te kijken. Het ismisschien niet dé oplossing, maar het kan in ieder geval bijdragen aan hetin stand houden van het verenigingsleven, dat de heer Vermeer en BBBzo’n warm hart toedragen.De heer Vermeer (BBB):Ik moet toch kijken naar de manier waarop het hier verwoord is. Ik moetkijken naar het bedrag, dat eenmalig is. Zoals gezegd zit ik daarmee. Ik ziemeer in het in de sociale agenda verwerken van directe steun aanverenigingen, maar volgens mij is de sociale agenda al met alle betrok-kenen samengesteld. Dat het daar niet in zit, heeft ook een reden. Dit zijnpolitiek gezien altijd vervelende amendementen. Je kunt er namelijkeigenlijk niet tegen zijn, maar de vraag is of het het geschetste probleemoplost. Daar moeten we eerlijk over zijn richting mensen.De voorzitter:Dank u wel. We zijn aan het einde gekomen van de eerste termijn van deKamer. Er zijn best wel wat vragen gesteld. We gaan de aankomendeschorsing ook benutten om een hapje te eten. De Staatssecretaris zal inzijn eerste termijn de amendementen appreciëren. Ik schors de verga-dering tot 17.50 uur.De vergadering wordt van 16.50 uur tot 17.50 uur geschorst.De voorzitter:Ik heropen de vergadering. Welkom bij de vaste commissie voorBinnenlandse Zaken. Aan de orde is het wetgevingsoverleg Begrotingson-derdeel Herstel Groningen. We zijn aangekomen bij de eerste termijn vande zijde van het kabinet en ik geef het woord aan de Staatssecretaris vanBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de heer Van Marum.Staatssecretaris Van Marum:Dank u wel, voorzitter. Dank voor het woord en ook dank aan de leden vande Kamer, vooral voor hun betrokkenheid. De samenwerking met u vind ikerg belangrijk. Het is goed om hier weer te zijn. Ik wil een klein momentjestilstaan bij een grote fan van mij die zit te kijken, voor de laatste keer;mijn moeder is opgenomen in een hospice, vandaar.Ook al is het kabinet demissionair, het werk voor Groningen en Noord-Drenthe stopt niet. We hebben de afgelopen jaren wel heel veel stappengezet, maar er is nog veel werk te doen. Ik heb de afgelopen periode ooksteeds gezegd dat we geen grote koerswijzigingen nodig hebben, maarvooral rust en stabiliteit. Met het PEGA-wetsvoorstel dat nu in uw Kamervoorligt zetten we een belangrijke stap in die richting.De begroting voor 2026 laat zien dat we doorpakken, want dat is watGroningers en Noord-Drenten verdienen. Alle financiële middelen dienodig zijn voor schadeherstel, versterking, verduurzaming en toekomst-perspectief in 2026 blijven beschikbaar. Dat staat met deze begroting ookzwart-op-wit. Hiermee doen we ook recht aan wat we in Nij Begun hebbenafgesproken: een generatielange betrokkenheid en genoeg geld voor deafhandeling van schade en versterking van de huizen voor zolang hetnodig is én koste wat het kost.Voorzitter. Ik blijf me ook als demissionair Staatssecretaris, samen met deregio, onverminderd inzetten voor veiligheid, schadeherstel envertrouwen. Ik doe dat graag samen met u, want ik geloof dat we samenmeer bereiken. Dan ga ik nu over tot de beantwoording van uw vragen. Ikheb ze ingedeeld in de blokjes versterken, verduurzaming, schadeherstel,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8933 perspectief sociale en economische agenda, financiën, procedures,arbitrages en algemeen. Dan heb ik ook nog ...De voorzitter:Het ging heel erg snel. Misschien kunt u het herhalen?Staatssecretaris Van Marum:Versterken, verduurzamen, schadeherstel, perspectief sociale en econo-mische agenda, financiën, procedures, arbitrages en algemeen. Verderheb ik de appreciatie van de amendementen.Ik begin met versterken. In het afgelopen debat van 11 december heb ikbenadrukt hoe belangrijk koersvastheid en stabiliteit is in de versterking.Wel blijf ik verbeteringen doorvoeren. Die moeten wel merkbaar zijn voorde bewoners. Met deze verbeteringen geef ik ook gehoor aan de signalendie ik meermaals van bewoners heb gehoord tijdens bijeenkomsten. Ikvind het namelijk belangrijk dat zij gehoord worden. Ook ik vind desituatie die mevrouw Beckerman schetste van het echtpaar van 95 dat altwee jaar wacht, niet acceptabel. Dat soort situaties wil ik snel oplossen.Daarom zet ik met de NCG dit jaar onder meer in op de volgendeuitkomsten. Hiermee ga ik onder andere in op de vraag van mevrouwBeckerman wat ik ga doen om het vertrouwen te herstellen.Ten eerste wil ik verbeteringen in het primaire proces, zoals het vroeg-tijdig informeren van bewoners over ontwikkelingen in het bieden van eenoplossingsrichting voor complexe en langlopende versterkingen en hetaanscherpen van de geleverde kwaliteit, bijvoorbeeld door kwaliteitscon-troles te organiseren in iedere fase van de versterking. Het onderzoek vanhet ACVG naar de kwaliteit van de beoordelingsrapporten is een belang-rijke mijlpaal om de bewoners op grotere schaal zekerheid te kunnenbieden. Daarnaast zorgt de NCG ervoor dat het loket nazorg goed isingericht, zodat versterkingen gedegen met bewoners worden afgehecht.Ten tweede wil ik dat meer bewoners tevreden zijn over de dienstver-lening van de NCG. Daarvoor wordt bijvoorbeeld de geboden onder-steuning aangescherpt, is er aandacht voor de begrijpelijkheid vanbrieven en krijgen bewoners meer inzicht in het proces en de planningvan hun versterking. De NCG werkt bovendien aan structurele verslag-legging van de afspraken met bewoners. Vooral dat laatste vind ikontzettend belangrijk. Zoals ik ook eerder hier in het debat heb gehoord,verdwijnen de afspraken soms als er weer een nieuwe bewonersbege-leider komt. Ik wil gewoon dat er van elk gesprek een verslag in hetdossier komt. Ik verwacht dat een oplossingsrichting voor complexe enlanglopende versterking ook zal bijdragen aan de tevredenheid vanbewoners over de dienstverlening van de NCG.Dan over verschillen in Van Geel. Ik wil stilstaan bij alle vragen over hetadvies van de commissie-Van Geel. Zoals reeds diverse keren in uwKamer is aangegeven, neemt het kabinet de kern van het advies van decommissie-Van Geel over en voert het dit uit, binnen de grenzen van watuitvoerbaar en redelijk is. Dat wil zeggen: alle huizen veilig, schadevrij enverduurzaamd. Uit de uitvoeringsanalyse van NCG en IMG blijkt echterdat een aantal elementen uit het advies niet uitvoerbaar is, bijvoorbeeldals het gaat om alle afgewezen schademeldingen uit het verledenopnieuw te laten beoordelen. Daarbij zou ook het uitvoeren van het adviesweer leiden tot nieuwe verschillen. Ook een volledige deur-tot-deuraanpakacht het kabinet niet uitvoerbaar. In overleg met de regio is gekomen toteen alternatieve benadering, zoals opgenomen in de Agenda voor Herstel.Ten slotte is het actief op zoek gaan naar de huizen die buiten deversterkingsscope vallen alleen maar ... Deze zin klopt even helemaal niet;die ga ik even opnieuw bekijken. Ten slotte is het actief op zoek gaan naarhuizen die buiten de versterkingsscope vallen, waar mogelijk veiligheidsri-sico’s lopen, niet uitvoerbaar. «Maar» moest «waar» zijn.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8934 Voor al deze elementen heeft het kabinet voor een alternatieve werkwijzegekozen. Met de isolatieaanpak biedt het kabinet een aanpak die eenonderscheid maakt tussen bewoners in het zwaarst getroffen deel van hetgebied, dus de kern van het gebied, en de bewoners daarbuiten. Hiermeeheeft iedereen in het gehele gebied nog steeds de mogelijkheid tot hetverduurzamen van een woning. Er is echter wel een verschil invergoeding voor de bewoners in de kern en die in het gebied erbuiten. Datleidt inderdaad tot verschillen, maar die acht het kabinet rechtvaardig, ookgelet op de veel grotere effecten van de aardbevingen die de bewoners inde kern ervaren.Het volledig overnemen van Van Geel leidt ook niet tot een andere aanpakin de kern van het gebied, zoals mevrouw Beckerman zei met betrekkingtot de Schipsloot, maar zorgt voor een hogere vergoeding voor deverduurzaming in bijvoorbeeld de stad Groningen en de gebieden die tenwesten daarvan liggen. Daarmee zijn de mensen in de kern van het gebiedniet geholpen. Voor een volledige vergoeding van de verduurzaming vooriedereen in Groningen en Noord-Drenthe is een extra budget van circa1,8 miljard nodig. Momenteel zijn hiervoor nog geen middelen gereser-veerd.Verschillen Schipsloot. Verschillende Kamerleden vroegen naar deverschillen daar. Allereerst wil ik benadrukken dat het niet de bedoeling isdat bewoners via via horen over de aanpak van onaanvaardbareverschillen in de buurt. Bewoners mogen inderdaad verwachten dat zedaarin worden meegenomen. Als dat niet gebeurd is, dan moet dat alsnoggoed gebeuren. Om de besluitvorming bij onaanvaardbare verschillen ingoede banen te leiden, is er een routekaart opgesteld. Die moet wordendoorlopen. De routekaart geeft de gemeente en de NCG houvast. Die gaatbijvoorbeeld over het in beeld brengen van de effecten op de omliggendestraten en over het zorgen voor een goede communicatie met debewoners.Bij de aanpak van onaanvaardbare verschillen in de Middenstraat hebbende gemeente Eemsdelta en de NCG specifiek gekeken naar de situatie inde betreffende straat. Ondanks dat beide straten tot hetzelfde bouwclusterbehoren, is er daarbij sprake van een duidelijk verschil met de situatie inde Schipsloot. Bij de Middenstraat heeft de gekozen oplossing echter totvragen geleid bij de bewoners in de omliggende straten. De NCG en degemeente zijn momenteel met betreffende bewoners in gesprek om naarde ontstane situatie te kijken.Dan kom ik bij de vragen.De voorzitter:Zullen we heel even de antwoorden op de vragen afwachten, mevrouwBeckerman? Misschien wordt uw vraag alsnog beantwoord. DeStaatssecretaris.Staatssecretaris Van Marum:Eerst een vraag van de fractie van GroenLinks-PvdA. Er zijn honderdenvoorbeelden van vastgelopen dossiers; herkent u het beeld dat er éénpersoon zou moeten worden aangesteld die doorbraken kan forceren bijdeze vastgelopen zaken? Het is belangrijk dat die complexe langlopendecasuïstiek snel opgelost wordt. Ik heb zelf met NCG en IMG over hetproces gesproken. Ik heb daar vertrouwen in. NCG verwacht bijvoorbeeldin het eerste kwartaal van dit jaar een besluit te nemen over de oplos-singsrichtingen voor adressen uit de eerste analyse van de meestcomplexe en langlopende casussen en is daarover met bewoners ingesprek. In het tweede kwartaal worden de analysen van de overigelopende casuïstiekadressen bekeken. Bij het IMG is er inmiddels ook eenteam opgericht. Zij verwachten dat zij ook de meeste casussen in 2026kunnen oplossen. Die meervoudige casussen komen op tafel en daarbijzitten alle betrokkenen aan tafel. Op dit moment krijg ik terug dat dieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8935 mensen hun verantwoordelijkheid pakken en dat zij deze zaken goedafhandelen. Ik kies er daarom voor om op dit moment nog geen aanjageraan te stellen, maar ik houd wel een vinger aan de pols. Mocht dat in detoekomst nodig zijn, dan kunnen we in overleg met de regio en deuitvoeringsorganisaties alsnog iemand probleemverantwoordelijk makendie met dwingende bevoegdheden aan die tafel zit, maar die kunnen weeventueel ook uit een eigen organisatie halen. Daar hoeven we geen apartinstituut voor op te tuigen.Dan had ik een vraag van mevrouw Den Hollander van de VVD: hoe gaanwe verantwoord versnellen; hoe ga ik meer mandaat geven op lokaalniveau of aan het lokaal bestuur om de versnelling te realiseren? Hetbelangrijkste is dat de bewoner duidelijkheid heeft over zijn versterkings-traject, dat er een gedegen proces wordt doorlopen en dat hierover goedwordt gecommuniceerd. Over het verwachte verloop van de versterkingheb ik doorlopend contact met de NCG. Met de actualisatie van dediepteanalyse informeer ik uw Kamer jaarlijks over het verloop. NCG enIMG hebben reeds een ruim mandaat om gezamenlijk tot goede oplos-singen te komen. Meer mandaat is daar wat mij betreft niet nodig.Uitgangspunt is wel dat we uitgaan van de huidige verantwoordelijk-heden. Vanuit ieders eigen taak, rol, mandaat en bevoegdheid zoekt delokale stuurgroep naar goede oplossingen. De berichten die ik daarvanterugkrijg, zijn dat dat goed loopt. We hebben al jarenlang gevraagd omdat in gezamenlijkheid op te pakken. Hier wordt nu gezamenlijk met allepartijen aan tafel gezeten en worden de casussen op een goede manierdoorlopen.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Den Hollander.Mevrouw Beckerman (SP):Ik moest daarnet wachten. Toen werd ik verwezen naar het einde van hetblokje.De voorzitter:Omdat specifiek haar vraag nu beantwoord wordt. In het blokje, begrijp ik,is er een vrij algemene inleiding die over het specifieke onderwerp gaat.Daarna gaat de Staatssecretaris over tot het beantwoorden van specifiekevragen van leden. Vandaar dat ik in de veronderstelling was dat de vraagvan mevrouw Beckerman wellicht nog ergens op de stapel ligt. Daaromheb ik het zo gedaan.Mevrouw Den Hollander (VVD):Deze vraag ging specifiek over de bureaucratie en het mandaat. Wij horenvan bewoners in Groningen dat zij een goed gesprek hebben met eeninstantie, afhankelijk van wat hun vraag is, maar dat daar dan geenbeslissingen genomen worden omdat het weer hogerop gezocht moetworden. Het duurt dan heel lang en soms komt er alsnog een nee, terwijliedereen aan de keukentafel het met elkaar eens leek te zijn dat het eengoede oplossing was. Daarom was mijn vraag heel specifiek hoe het kandat de mensen die daar die gesprekken voeren geen mandaat hebben omdie beslissing te nemen.Staatssecretaris Van Marum:Ik herken wat u zegt. Ik heb hier korte tijd geleden over gesproken met deorganisaties. Ik heb gevraagd hoe het kan dat aan tafel afspraken gemaaktworden die vervolgens binnen de organisatie weer teruggeduwd worden.Daar gaat het dan eventueel over. Soms heeft dat gewoon met juridischekwesties te maken, bijvoorbeeld omdat er een onuitvoerbaarheid in zit. Ikheb wel mijn organisaties op het hart gedrukt dat het eigenlijk niet zo kanzijn dat er aan de tafel afspraken gemaakt worden die binnen de organi-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8936 satie teruggedrukt worden. Er wordt nu bekeken of we dat kunnenvoorkomen.De voorzitter:Mevrouw Den Hollander voor een vervolgvraag.Mevrouw Den Hollander (VVD):Aanvullend. Als iets juridisch niet kan of op basis van uitvoerbaarheid nietmogelijk is, dan vraag ik mij af of de mensen die aan de keukentafel zittenwel de juiste expertise hebben. Je mag toch verwachten dat de mensendie aan de keukentafel zitten weten waar ze het over hebben, dat ze degevolgen moeten kunnen overzien en dat ze niet teruggefloten hoeven teworden door iemand hoger in de organisatie. Of is dat een gekkeveronderstelling?Staatssecretaris Van Marum:Nee, dat is geen gekke veronderstelling. Dat was dus ook de reden dat iker zelf ook vragen over gesteld heb.De heer Köse had nog een vraag: «Wat betekent deze vertraging concreetvoor de mensen die al jaren wachten? Wie draagt de verantwoordelijkheidals de doelen opnieuw niet worden gehaald? Is de Staatssecretaris bereid2030 als harde deadline vast te leggen?». Er is geen sprake van vertragingin de versterking en de NCG haalt zijn doelen voor 2025. Ik heb ook aanhet begin van mijn spreektijd aangegeven dat ik stuur op meer balanstussen snelheid en kwaliteit. De diepteanalyse uit september ’24 heeftlaten zien dat de versterking niet is gebaat bij een harde deadline. Dat zetde geleverde kwaliteit aan de bewoners onnodig onder druk. Daaromstuur ik met alle betrokken partijen op een bandbreedte voor het verloopvan de versterking. Met de jaarlijkse actualisatie van de diepteanalyseinformeer ik uw Kamer over het verwachte verloop. Bij mijn aantredenliep ik ertegenaan dat er eigenlijk continu onrealistische doelen gesteldwerden. Ik weet dat snelheid een belangrijke factor is, maar continu terugmoeten komen op afspraken die gemaakt zijn, is dat ook. Ik heb ervoorgekozen om mijn organisatie te vragen een realistische raming te makenvan wanneer ze denken klaar te kunnen zijn. Zoals het nu erop lijkt, lopenze deze op een goede manier na.De heer Köse (D66):Ik heb een vraag aan de Staatssecretaris. We hebben met z’n allenaangegeven – de Staatssecretaris deed dat ook in zijn betoog – dat weduidelijkheid willen voor de Groningers. Duidelijkheid is denk ik ook hethebben van een eindpunt, een verwachting, een ambitie. Dat zal af en toebijgesteld moeten worden. Maar het is nu best wel breed. Kunnen we datniet, vraag ik via de voorzitter, concreter maken door te zeggen dat hetergens tussen 2030 en 2032 is? Dat zijn drie jaren waar het dan in kanvallen. Als we zeggen dat het doel 2032 of 2030 is, wat is dan het meestrealistisch? Is het niet mogelijk om dat iets meer te concretiseren?Staatssecretaris Van Marum:Ik ben daar juist duidelijk over geweest door te zeggen dat ik eenbandbreedte van ongeveer 2030 tot 2032 realistisch acht. Waarom danook die laatste twee jaar? Er zitten gewoon een aantal versterkingen in dieontzettend complex zijn. We komen met schadeherstel af en toe ook nogweleens zaken tegen waarbij je zegt: o, dit hadden we niet gezien in deberekening. Dat zijn dan ook net de zaken die aan het eind nog kunnenkomen. Ik denk dat we de grootste hoeveelheid van de versterkinggewoon binnen de aanvankelijk gestelde tijd kunnen oplossen. Maar aanhet eind zitten er gewoon nog een aantal zaken in die complex zijn,waardoor ik die bandbreedte aangehouden heb.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8937 Is de Staatssecretaris bereid voortaan de volledige doorlooptijd van eerstemelding tot definitieve duidelijkheid transparant te maken? Ja. Ik spreekmet NCG af dat zij in bestaande rapportages ook inzicht bieden in dedoorlooptijden.Dan had ik een vraag van mevrouw Armut van het CDA, namelijk of ikzicht heb op de belangrijkste knelpunten in de uitvoering en welkeconcrete stappen ik daarin zet. Ja, ik heb zicht op de belangrijkste risico’sin de versterkingsopgave. Via de jaarlijkse diepteanalyse stuur ik samenmet alle betrokken partijen ook op die risico’s. Uw Kamer wordt daaroverjaarlijks geïnformeerd. De capaciteit van de aannemers of ingenieursbu-reaus is momenteel geen knelpunt. De NCG ondervangt deze risico’s doorgoed contact met marktpartijen in het organiseren van een bouwtop.Dan had ik nog een vraag van mevrouw Den Hollander van de VVD: «Hoestaat het met het tekort aan project- en bewonersbegeleiders? Wat gaat deStaatssecretaris doen om deze achterstand alsnog in te lopen?». Inantwoord op de vraag van het lid Köse heb ik aangegeven dat er geensprake is van vertraging in de versterking. Er is momenteel ook geensprake van een tekort aan bewonersbegeleiders.Kamerlid Köse heeft mij gevraagd hoe de communicatie richting debewoners wordt verbeterd. Aan het begin van mijn spreektijd heb ik dezevraag al beantwoord. Ik wil dat de bewoners tevreden zijn over dedienstverlening van de NCG. Daarvoor wordt bijvoorbeeld de gebodenondersteuning aangescherpt, is er aandacht voor de begrijpelijkheid vande brieven, krijgen bewoners meer inzicht in het proces en in de planningvan hun versterking en werkt de NCG aan structurele verslaglegging overde afspraken met de bewoners. Ik verwacht dat een oplossingsrichtingvoor complexe en langlopende versterkingen ook zal bijdragen aan detevredenheid van de bewoners over de dienstverlening van de NCG. Ik wildaarbij opmerken dat met name de heel lang lopende zaken de groteonvrede over de NCG veroorzaken. De nieuwere zaken die opgepaktworden, lopen over het algemeen redelijk door; dat gaat wel goed. Juistomdat een aantal mensen in heel veel verschillende trajecten hebbengezeten, zijn ze ontzettend ontevreden. Dat snap ik ook, maar we werkener wel aan om dat tot een einde te brengen.De heer Vermeer van de BBB vroeg waar de grenzen liggen bij het steedsopnieuw beoordelen en hoe de geboden zekerheid wordt geborgd. Eenbewoner ontvangt in principe één beoordeling van de veiligheid van zijnof haar gebouw. Wanneer een bewoner wil vasthouden aan het besluit ofen hoe de woning versterkt moet worden, blijft dit zo. Bewoners kunnenop deze zekerheid vertrouwen. Er is een aantal mogelijkheden voorbewoners om een nieuwe beoordeling te krijgen, namelijk als de bewonerdie daar recht op heeft zelf vraagt om een herbeoordeling op basis van denieuwste inzichten en als de bewoner het bezwaar- en beroepsprocesheeft doorlopen en toch nog een second opinion wil. Daarnaast onder-zoekt het ACVG de kwaliteit van de beoordelingsrapporten en als daaruitblijkt dat er fouten zijn gemaakt in het veiligheidsoordeel, dan worden diegecorrigeerd.Mevrouw Beckerman vroeg: hoe nu verder voor de bewoners van deRobbeplaat in Delfzijl? Kunnen deze bewoners uit batch 1588 terecht bij deCommissie Bijzondere Situaties? Met zorgen kunnen deze bewonersterecht bij hun gemeente. Als zij hier niet uitkomen, kunnen ze aankloppenbij de Commissie Bijzondere Situaties. Batch 1588 valt onder de regie vande gemeente. Ik heb met de betreffende gemeente afspraken gemaakt,zodat iedereen een veilige woning kan krijgen. De woningen worden opandere locaties in Delfzijl teruggebouwd. Helaas kan dat niet allemaaltegelijk ontwikkeld worden. De bewoners uit batch 1588 hebben bij dezeprojecten ook voorrang. Helaas komt het voor dat deze bewonersmeerdere keren worden uitgeloot. Dat is erg vervelend omdat ze dan noglanger in onzekerheid zitten. De gemeente Eemsdelta heeft hier aandachtTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8938 voor bij de uitvoering. Ik zal bij de gemeente extra onder de aandachtbrengen dat er voor deze bewoners snel perspectief moet komen.Dan een andere vraag van de SP: «We zien in het bevingsgebiedtorenhoge huren omdat veel huurwoningen door particulieren wordenverhuurd als wisselwoningen. Wat gaat de Staatssecretaris doen om dataan te pakken?». Als ik de vraag goed begrijp, betoogt u dat de regulierehuren in geval van particuliere huur hoger zijn dan u wenselijk acht omdathet aanbod afneemt doordat veel woningen als wisselwoningen wordenaangeboden. Dit is voor mij een nieuw signaal. Ik kan mij er wel iets bijvoorstellen, want het zou een logisch gevolg van vraag en aanbod kunnenzijn. Op dit moment kan ik daarover niks concreets zeggen, maar in eenvolgend debat zal ik hierop terugkomen. Voor nu geldt: als een huurdervan mening is dat hij een hogere huur betaalt dan volgens het punten-stelsel van het Ministerie van VRO mag, dan kan deze huurder altijd naarde Huurcommissie stappen, die de huur dan zal verlagen naar hettoegestane niveau.De BBB vroeg: «Woningen met gecombineerde schade, funderingspro-blemen of samenloop met versterking vallen structureel buiten destandaardroute. Het systeem is daarop niet goed ingericht. Blijven wedeze situatie als uitzondering behandelen of richten we de uitvoering zo indat dit het uitgangspunt wordt?». De combinatie schade en versterkenwordt niet als uitzondering behandeld. Bewoners met een combinatie vanversterking en schadeherstel hebben ook recht op een gecoördineerdeaanpak waar mogelijk. Dat is ook wettelijk vastgelegd. Met duurzaamherstel kunnen funderingsproblemen worden aangepakt als dat nodig isom toekomstige mijnbouwschade te voorkomen.Mevrouw Armut van het CDA vroeg naar bewoners die met meerdereorganisaties te maken hebben en hoe dat in het startgebied zit. Ik bensamen met de provincie Groningen, de versterkingsgemeenten, de NCGen het IMG aan de slag met een Agenda voor Herstel. Ik heb uw Kamerhierover op 19 november geïnformeerd. We gaan meer als één overheidsamenwerken. Daarbij zetten we de bewoners centraal. Op dit momentzijn we kleinschalig bezig om dit toe te passen in een paar startgebieden.De eerste evaluatie daarvan verwacht ik dit kwartaal met uw Kamer tekunnen delen.Het CDA vroeg ook nog of ik verdere mogelijkheden zie om de procedureste vereenvoudigen als het gaat om de eenloketgedachte van de herste-lagenda. Als een vereenvoudiging van dit proces mogelijk is, kan ditgeagendeerd worden in de lokale stuurgroepen. Dat heeft mijn steun. Datbetekent dat we dit ook laag in de organisatie te horen krijgen. Ik ga alleengeen grote systeemwijzigingen doorvoeren, want ik heb geleerd dat ditecht tot grote vertragingen kan leiden.De voorzitter:Bent u aan het einde gekomen van het blokje versterking?Staatssecretaris Van Marum:Ja.De voorzitter:Oké.Mevrouw Beckerman (SP):Nog even over Schipsloot. Ik heb dat voorbeeld gebruikt omdat het ooksymbool staat voor andere situaties. Nadat dit stuk in het dagbladverscheen, hebben zich meteen weer mensen gemeld. Vandaag verscheener weer een nieuw stuk. Het gaat hierbij over één cluster, over tweestraten achter elkaar. Kan de Staatssecretaris heel precies aangeven watnou maakt dat die aanpak zo verschillend is? Dat hoor ik graag heelprecies.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8939 Staatssecretaris Van Marum:Dat zou ik op casusniveau moeten nakijken. Er zijn een aantal compo-nenten genoemd. Eén. Die communicatie heeft op verschillende manierenen via via plaatsgevonden. Dat vind ik echt schadelijk. Dat moet gewoonop één manier en eenduidig gebeuren. Twee. Er moet een uitleg komenwat betreft de vraag waarom er bij het ene deel wel sloop en nieuwbouwzit, maar bij het andere deel niet. Daar moet gewoon een goede verklaringbij zitten. Ik hecht er wel aan te benoemen dat het uitgangspunt is datiedereen in een veilig, schadevrij en verduurzaamd huis terechtkomt. Eenveilig, schadevrij en verduurzaamd huis betekent niet altijd sloop ennieuwbouw. Er is natuurlijk altijd een afweging: je kijkt of een woningveilig gemaakt kan worden of niet. Daar hoort natuurlijk ook altijd eenkostenoverweging bij: is sloop en nieuwbouw goedkoper dan iets veiligmaken? Als dat zo is, dan wordt dat het. Als je het veilig kunt maken, danwordt dat het. In een aantal gevallen hebben we gekeken hoe we met dieknelpuntenpotten iets extra’s kunnen doen om teleurstelling te mitigerenvoor de bewoners die geen sloop en nieuwbouw krijgen en misschienteleurgesteld zijn. Dat hebben we in Ten Boer-West ook gedaan.De voorzitter:Er is een vervolgvraag van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Het is heel goed dat de Staatssecretaris zegt dat communicatie niet via viamoet plaatsvinden; dat is helder. Maar ik wil eigenlijk heel precies wetenhoe dit kan. De Staatssecretaris weet dit namelijk ook. Ik denk dat hij er,net als ik, misschien ook wel bij was in die kerk in Loppersum tien jaargeleden. Tien jaar later komen we op dit punt: twee straten, één cluster.Die straten hebben altijd samen opgetrokken. Op het moment dat die enestraat die mooie aanpak heeft gekregen, zegt die andere straat: en wijdan? Die mensen zeggen niet dat ze per se iets willen hebben, maar zijzeggen wel: hallo, het is 2026; wat gebeurt hier? Er was een bewoners-avond waarbij er niemand van de NCG kwam opdagen. Hoe kan dat?Misschien moet de Staatssecretaris dit op een andere manier nagaan,maar kan hij heel precies aangeven hoe het kan dat je binnen zo’n clusterineens zulke grote verschillen krijgt? Als je dat overal zo zou doen, daneindig je met een enorm gescheurde samenleving.Staatssecretaris Van Marum:Ik ga een toezegging aan u doen. Deze casussen, de genoemde zaken, zijnvoor mij aanleiding om nader door te vragen en vervolgens even in eenbrief kenbaar te maken wat hier gebeurd is en wat daarvoor de achterlig-gende motivatie is. Ik denk dat dit het verstandigste is, want dan zeg ikhier geen dingen die onjuist zijn.De voorzitter:Tot slot, mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ik wil wel graag om een termijn vragen. Ik heb ook een toezegginggekregen over de hoogte van de huren. Ik zou graag willen vragen of dieook meegenomen kan worden op schrift. Daar hoor ik dan ook graag eentermijn bij, want dat hoort wel bij een toezegging.Staatssecretaris Van Marum:Ik vraag dat even na en kom erop terug in de tweede termijn.De voorzitter:Prima, dan pakken we dit op in de tweede termijn. De heer Bushoff heefteen vraag over het blokje versterking.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8940 De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik heb toch nog heel eventjes een vraag bij dit blokje. Een tijdje terug– volgens mij was het tijdens een debat afgelopen zomer – benoemde deStaatssecretaris zelf inderdaad ook dat met name bij die hele complexe enlanglopende zaken de gemeente, IMG, NCG en het Rijk aan tafel zitten. DeStaatssecretaris stelde toen dat iedereen daarin eigenlijk een verantwoor-delijkheid heeft, maar dat daardoor niemand zich echt probleemeigenaarvoelt. Als dat het geval is, zou het goed zijn om die zaken los te trekken.Nu hoorde ik de Staatssecretaris eigenlijk zeggen dat hij dit nog steedsvindt, maar dat hij er vertrouwen in heeft dat het met de huidigewerkwijze goed gaat. Mijn vraag is wat er in de tussentijd veranderd is enwanneer de Staatssecretaris zegt dat hij toch over gaat tot zo’n aanjagerof probleemeigenaar. Dat zou ik de Staatssecretaris willen vragen.Staatssecretaris Van Marum:U heeft de vorige keer inderdaad goed geluisterd. We hebben dat ook nogeen keer bilateraal besproken. Het blijkt dat de routekaart waarmee zewerken eigenlijk voldoende houvast geeft om het proces gewoon op dezemanier tot een goed einde te brengen. Ik blijf dat wel nauwlettend volgen.Ik blijf het namelijk een risico vinden dat we soms niet verder komen,omdat iedereen op z’n eigen eilandje, in zijn eigen rol en verantwoorde-lijkheid, blijft zitten. Ik heb goed contact met die tafels daar en ik krijg opdit moment de indruk dat ze dat wel goed oppakken met elkaar. Ik vind hetdan eigenlijk niet nodig om daar nog weer een structuur boven te zetten.Ik zou u als Kamer ook willen vragen om bij een volgend bewindspersoonnog weer eens te informeren naar hoe het gaat. Mocht het nodig zijn, dankan er uit de eigen organisaties wel iemand op gezet worden die deregiefunctie pakt, maar op dit moment is dat niet nodig, omdat hetgewoon goed lijkt te functioneren.De voorzitter:Een korte vervolgvraag van de heer Bushoff op dit punt.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Precies op dit punt inderdaad. We blijven natuurlijk de vinger aan de polshouden. Het zou goed zijn als de Staatssecretaris dat ook doet; ik neemaan dat hij dat ook doet. Volgens mij zou het inderdaad iemand uit deeigen organisatie kunnen zijn die wel die bevoegdheid krijgt. Dus mochtdat nodig zijn, is het dan inderdaad mogelijk om met weinig problemenen moeite iemand uit de eigen organisatie daar die rol geven?Staatssecretaris Van Marum:Ja.De voorzitter:Mevrouw Den Hollander op het punt versterking.Mevrouw Den Hollander (VVD):Ik haak aan op de toezegging die is gedaan aan mevrouw Beckerman. Ikheb de raadsvergadering van vorige week waarin dit besproken werdteruggeluisterd en ik heb ook de reactie van de wethouder gehoord. Dieverbaasde mij wel, want ook de gemeente werd veel te laat betrokken bijdit hele probleem. Een aantal woningen was op norm verklaard en krijgtnu toch sloop-nieuwbouw. Het is toch ook weer onverklaarbaar dat er metwoningen die nog helemaal geen beoordeling hebben, niks gebeurt, endat woningen die al op norm zijn alsnog sloop-nieuwbouw krijgen. Zeliggen in dezelfde straat. Dus als u daar nou toch in gaat duiken, zou u dandie punten ook nog kunnen meenemen? Sorry. Zou de Staatssecretarisdat mee willen nemen, vraag ik via de voorzitter. Hoe loopt de communi-catie met de gemeente? Hoe kan het dat de gemeente daar veel te laat enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8941 veel te beperkt in betrokken wordt? Hoe zit het dan met woningen die alop norm zijn verklaard en dan toch nog weer sloop-nieuwbouw krijgen?Staatssecretaris Van Marum:Dat komt mee in de beantwoording.De voorzitter:Dat komt mee in de brief die is toegezegd. Dan gaan we naar het blokjeverduurzaming.Staatssecretaris Van Marum:De heer Clemminck vroeg: kan de Staatssecretaris bevestigen dat dezeverduurzamingsambities vertragend werken op de afronding van deherstel- en versterkingsoperaties. De NCG heeft een proef uitgevoerd voorhet combineren van de versterkings- en isolatiewerkzaamheden. Hiermeeis onder andere onderzocht wat de effecten zouden zijn op de planning ende voortgang van de versterking als de NCG die combinatie breder zouaanbieden. Uit het rapport hierover dat ik in januari vorig jaar met deKamer heb gedeeld, blijkt dat het meenemen van isolatie bij de lichteversterkingen over het algemeen zorgt voor een hogere bewonerstevre-denheid en dat het een beperkte vertraging oplevert van de versterkings-operatie. Daarom is in overleg met regio, NCG, SodM en maatschappe-lijke organisaties besloten dat isolatie voortaan, indien gewenst, meewordt genomen bij lichte versterkingen. In feite is het dus een tegemoet-koming aan de wensen van de bewoners. Ze hoeven het niet te doen,maar ze kunnen het wel doen.De heer Clemminck (JA21):Dank voor dit antwoord. We komen natuurlijk langzaam in een fase waarinde casussen steeds complexer worden. Heeft de NCG een goed beeld vanwat het betekent voor de doorlooptijd van de meer complexe zaken als jeook nog verduurzaamt?Staatssecretaris Van Marum:Daarop is het niet van invloed, want bij complexe zaken wordt heel vaakeen heel groot gedeelte van de woning blootgelegd. Dan kun je er ookbeter bij. Met name bij lichte versterkingen treedt een vertraging op, dusniet bij de grotere versterkingen.Dan de vraag van de heer Bushoff en mevrouw Beckerman: hoe gaat deStaatssecretaris ervoor zorgen dat de verduurzamingsplannen niet leidentot ellenlange wachttijden en hoe voorkomt hij bureaucratie rondom deverduurzamingsregeling? Ik vind het belangrijk dat de isolatieaanpaktoegankelijk is voor alle bewoners van Groningen en Noord-Drenthe.Daarom wil ik die onnodige bureaucratische rompslomp dus ookvoorkomen. In het isolatieplan, dat gratis is, staat hoe de woning nugeïsoleerd is en welke maatregelen genomen kunnen worden om deisolatiestandaard te bereiken. Het plan besteedt bovendien aandacht aanventilatie, om bijvoorbeeld schimmel in de woningen te voorkomen. Wehebben in de afgelopen periode gezien wat schimmelwoningen aanellende opleveren, dus alleen een woning isoleren zonder daar eenventilatieplan bij te hebben, is gewoon niet verstandig.Naar aanleiding van de motie-Beckerman/Bushoff heb ik bij de bewonersen maatschappelijke organisaties getoetst of zij dit als onnodig bureaucra-tisch ervaren. Dat was niet het geval. Daarnaast kunnen bewoners al eenisolatiemaatregel tot € 10.000 nemen zonder isolatieplan. Een bewonerdie weet wat hij wil doen, hoeft dus ook niet zo lang te wachten. Eenaantal uitvoerende bedrijven voor isolatie heeft aangegeven in zwaarweer te zitten. Ik vind dat zorgelijk. Daarom ben ik ook met het Ministerievan VRO en de provincie in actie gekomen. Als reactie hierop is er ook eenmaatregelenpakket opgesteld. De maatregelen hierin moeten tot eenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8942 versnelling van de uitvoering van de isolatiewerkzaamheden leiden. Zokrijgen isolatieadviseurs een bijscholing in de praktijk, zodat het plan ookdirect volledig is. Ook activeren we inwoners om isolatiemaatregelenonder € 10.000 te nemen. Wij hebben dus ook echt fysiek gesproken meteen aantal ondernemers die hierdoor in zwaar weer kwamen. We hebbenheel gericht hun problemen gehoord. Dat hebben we op een heelconstructieve wijze gedaan, met burgemeester Van der Tuuk, die detrekker van dit probleem en deze aanpak is, en met wat mensen van VROdie hieraan ook hebben meegewerkt. We hebben daar ook heel goeiefeedback op gehad. We zijn daar dus echt goed mee aan de slag.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Begrijp ik het goed dat nu een aantal verbetermaatregelen getroffen wordtom waar nodig de problemen op te lossen die zich eventueel voordedenbij het uitvoeren van de isolatieaanpak? Ik hoor die verbetermaatregelennu voor het eerst, of ligt dat aan mij?Staatssecretaris Van Marum:Als u mijn LinkedIn-profiel had bijgehouden, had u kunnen zien dat ik ingesprek geweest ben met deze mensen. We zijn as we speak bezig omdaar zaken voor op te lossen.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dat had ik nog niet gecheckt!Staatssecretaris Van Marum:Dan had de heer Clemminck de vraag: is de Staatssecretaris van meningdat ieder beschikbaar potje voor maatregel 28 en 29 doelmatig endoeltreffend wordt ingezet, en is de Staatssecretaris van mening dat dit inverhouding staat tot de rest van Nederland? Daar antwoord ik op: ja, dat ishet geval. De gedachte van maatregel 29 voor isolatie en ventilatie uit NijBegun is dat woningeigenaren in Groningen en Noord-Drenthe ongeveerhet dubbele ontvangen ten opzichte van de rest van Nederland, voor hetinlossen van de ereschuld. Ik geef prioriteit en voorrang aan de zwaarstgetroffen en meest kwetsbare inwoners. Daarom krijgen zij 100% subsidievoor de noodzakelijke isolatiemaatregelen tot aan de standaard voorwoningisolatie. Voor de overige bewoners, buiten het versterkingsgebied,houden we een subsidie van 50% aan. Daarmee zorgen we ervoor datdeze maatregel ook uitlegbaar blijft aan bewoners die net buiten hetgebied voor deze regeling vallen. De middelen voor deze maatregelenworden doelmatig en doeltreffend ingezet, zoals ik ook toelicht inKamerbrieven, volgens de Comptabiliteitswet. Ik wil ook nog weer evenhet volgende benadrukken. Wij hebben met Nij Begun erkend dat deinwoners van Groningen en Noord-Drenthe jarenlang tekort zijn gedaan.Dat zij jarenlang in huizen met scheuren zaten die niet geïsoleerd waren,met enorm hoge stookkosten, zie je ook in de kaartjes over energiear-moede terug. Dat het ook door ons is veroorzaakt, is precies de redenwaarom wij hier net even een beetje meer doen dan in de rest vanNederland.Dan ga ik naar het blokje schadeherstel. Zoals ik in mijn inleiding al zei,hebben we de afgelopen jaren veel stappen gezet. Vrijwel alle maatre-gelen uit Nij Begun die zien op afhandeling van de schades zijn inmiddelsgeïmplementeerd of worden dit jaar geïmplementeerd. De implementatievan alle maatregelen heeft écht veel gevraagd van het IMG. Tegelijkertijdzorgt de organisatie ervoor dat gemiddeld meer dan 2.000 aanvragen perweek op een zorgvuldige manier worden afgehandeld. Eerder zei ik ook aldat er nog veel werk te doen is. Daarom ben ik ook van mening endaarom blijf ik ook van mening dat stabiliteit en rust nu belangrijk zijn omde voortgang erin te houden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8943 Ik heb daarbij een vraag gekregen van mevrouw Beckerman en de heerKops van de SP en de PVV. De leden Beckerman en Kops hebben vragengesteld over de voortgang van daadwerkelijk herstel en over wat deStaatssecretaris nu gaat doen om de problemen rondom daadwerkelijkherstel op te lossen. Het IMG is na de zomer van 2024 gestart metdaadwerkelijk herstel. Helaas bleek dat er afgelopen zomer bij dezeregeling vertraging is opgetreden. Dit kwam doordat bij de lopendeaanvragen een aanvullende schadeopname nodig bleek. Dit komt omdateen deel van de dossiers in 2023 is gepauzeerd, in afwachting van deregeling daadwerkelijk herstel. Door het tijdsverloop kunnen er nieuweschades bij zijn gekomen. Deze nieuwe schades moeten ook meege-nomen worden, want anders kan dit nadelig zijn voor de bewoners en datis onwenselijk. Het IMG heeft inmiddels de werkwijze aangepast. Op ditmoment worden bij de lopende aanvragen de nieuwe schadeopnamesgepland en uitgevoerd. Dat gaat om ongeveer 200 per week. Het IMGverwacht halverwege 2026 bij alle lopende aanvragen de schadeopnameafgerond te hebben, zodat met het herstel kan worden begonnen. Parallelneemt het IMG nieuwe aanvragen voor daadwerkelijk herstel uiteraardook in behandeling.Mevrouw Armut vroeg mij wat de voortgang bij daadwerkelijk herstel is.Ook vroeg ze: wanneer kunnen bewoners die een voorstel voor daadwer-kelijk herstel hebben ontvangen ook daadwerkelijk aan de slag met hetherstel? Inmiddels hebben circa 800 bewoners definitief gekozen voordaadwerkelijk herstel. Het IMG verwacht halverwege dit jaar het gros vande bewoners die hebben gekozen voor daadwerkelijk herstel een voorstelte kunnen doen. Bewoners die een voorstel van het IMG hebbenontvangen, kunnen na het tekenen voor akkoord hun aannemer aan hetwerk zetten.De heer Bushoff vroeg naar de aanpassing van het toepassingsgebiedduurzaam herstel. Is dat om budgettaire redenen gebeurd? Het antwoorddaarop is volmondig nee. Ik vind het ook heel belangrijk om dat ideedirect uit de wereld te helpen. Het IMG heeft op basis van inhoudelijkeoverwegingen zelfstandig besloten om duurzaam herstel gericht in tezetten voor het kerngebied. Juist om te voorkomen dat inhoudelijke enbudgettaire discussies door elkaar heen gaan lopen, hebben we deze tweeverantwoordelijkheden natuurlijk heel bewust van elkaar gescheiden in deschadeafhandeling. Budgettaire overwegingen speelden bij dit besluitgeen rol. De overwegingen van IMG bij deze aanpassing kan ik ook goedvolgen, zoals ik ook in mijn brief heb toegelicht.De voorzitter:Mevrouw Beckerman, gaat het om het vorige punt of om dit punt? Om hetvorige punt. Gaat uw gang.Mevrouw Beckerman (SP):Even heel precies: zegt de Staatssecretaris nu dat er met daadwerkelijkherstel nog geen huis daadwerkelijk hersteld is? Ik hoor namelijk de zindat er nu 800 mensen definitief voor hebben gekozen en dat halverwegehet jaar de helft ongeveer een aanbod gedaan is. Maar kan ik daaruitconcluderen dat de teller eigenlijk nog op nul staat qua daadwerkelijkherstelde woningen?Staatssecretaris Van Marum:Dat moeten we even navragen. Daar komen we in tweede termijn opterug. Maar in elk geval is wel zeker dat de aanvragen nu gedaan zijn, datdie verwerkt worden en dat mensen daar een besluit over krijgen. Als zedat ondertekenen, kan ermee begonnen worden. Ik weet niet in hoeveelgevallen dat zo is, maar dat ga ik even navragen. Mensen kunnen deaannemer er zelf mee aan het werk zetten. Ik zal daar in tweede termijneven op terugkomen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8944 De voorzitter:Heel goed. In tweede termijn komt de Staatssecretaris terug op het herstelen op daadwerkelijk herstel.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik heb een vraag over het andere herstel, duurzaam herstel, namelijk overhet budget dat daarmee gepaard gaat. Bijvoorbeeld in de pilot bleek datde kosten voor duurzaam herstel altijd vele malen hoger waren en hetdrempelbedrag is nu ook verhoogd. Is de verwachting dat de totale kostendan ook zullen toenemen, ja of nee? Kan de Staatssecretaris daar iets overzeggen?Staatssecretaris Van Marum:Volgens mij kom ik daar bij de volgende vraag op. Mevrouw Beckermanvroeg naar de aanpassingen bij duurzaam herstel en hoe die zichverhouden tot de grote onderbesteding van afgelopen jaar. Over deonderbesteding heb ik in het vorige debat al aangegeven dat hierpraktische redenen voor zijn. In antwoord op het tweede deel van uwvraag geef ik nogmaals aan dat niet het geld maar de inhoud leidend isgeweest bij deze afweging. Het IMG heeft op basis van inhoudelijkeoverwegingen besloten om zich te focussen op het kerngebied. Ik vind datuitlegbaar, omdat het een wens is om juist voor deze gebieden meermogelijkheden te creëren. Daarbij heeft de beschikbaarheid van hetbudget geen rol gespeeld.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Oké, maar dan heb ik nog wel de volgende vraag. Met de verhoging vanhet drempelbedrag van € 125.000 naar € 500.000, of überhaupt hetbedrag waarvoor zij in aanmerking komen, zou je verwachten datmisschien ook de totale kosten zouden kunnen toenemen. Is dieverwachting er? Of is die verwachting er niet en blijft het budget gelijk?Staatssecretaris Van Marum:Wij denken dat we er hiermee uitkomen; dat is de terugkoppeling die ikgekregen heb. Om dit soort zaken goed te kunnen doen, moet jevoldoende budget hebben. Heel veel van die zaken blijven ruimschootsbinnen het budget. Hiermee hebben we wel de grotere en complexerezaken ondervangen.Dan vroeg mevrouw Armut mij welke concrete maatregelen wordengenomen om de uitvoering van duurzaam herstel te versnellen enwanneer de bewoners meerjarige zekerheid krijgen over de voorwaardenvan de regeling. De eerste maatregel die daaraan moet bijdragen, is denieuwe werkwijze, waar ik uw Kamer vorige week over heb geïnformeerd.Doordat we eerst een lager maximumbedrag hadden, moesten we steedsper geval naar een discretionair besluit. Dat was niet echt handig. Met deverhoging van het maximumbedrag is dat niet meer nodig. Zo komt ermeer ruimte voor de echte oplossingen en kan er ook meer snelheidgemaakt worden. Dit draagt dus ook bij aan de helderheid voor debewoners over de kaders waarbinnen duurzaam herstel plaatsvindt. Dekomende tijd blijft IMG samen met NCG waar nodig verder werken aanhet waar mogelijk versnellen van de uitvoering en het verbeteren van deduidelijkheid voor de bewoners. Daarbij worden ook de regionaleoverheden betrokken.Mevrouw Armut stelde ook nog de vraag of ik duidelijk kan maken dat deschadeafhandeling ook echt eenvoudiger is geworden en dat de bewonersdat ook echt ervaren. Het IMG heeft in 2024 met een verhoogde vasteeenmalige schadevergoeding en de aanvullende vaste schadevergoedingtwee eenvoudige, door de bewoners hooggewaardeerde regelingeningevoerd. Daarnaast heeft het IMG daadwerkelijk herstel ingevoerd.Bewoners kunnen gedurende vijf jaar schade laten herstellen, waardoorTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8945 een bewoner vijf jaar lang ontzorgd kan worden voor het herstellen vande woning. In de Staat van Groningen en Noord-Drenthe zal wordengerapporteerd over hoe de bewoners de nieuwe schadeafhandelingervaren. Ook het IMG rapporteert halfjaarlijks met de monitor Bouwen aanherstel, over de waardering van de verschillende regelingen.Mevrouw Armut vroeg mij nog naar de impact van de recente schademel-dingen door de beving bij Zeerijp. Die impact was flink en de schrik wasgroot, maar gelukkig ziet het IMG dat de toename van de schademel-dingen als gevolg van de beving van Zeerijp niet leidt tot een langerewachttijd voor de bewoners.De heer Kops vroeg mij nog naar de stille gedupeerden in de schadeaf-handeling. Waarom hebben zoveel mensen zich nog niet gemeld enwaarom heeft het IMG dit nog niet eerder gedaan? Het is heel moeilijk omte weten waarom individuele bewoners die vermoedelijk wel schadehebben, dat niet melden. Dit kan veel verschillende soorten redenenhebben. Ik weet zelf uit eigen ervaring dat er bewoners zijn die zoveelellende hebben gehad in het voortraject dat ze zeggen: ik doe het nietmeer. Er zijn ook mensen die zeggen: ik wil niemand in mijn huis hebben.Soms heeft dat ook te maken met sociale problematiek en schamen zijzich om mensen in huis te hebben. Er is een heel palet aan factorenwaarom mensen geen schademeldingen gedaan hebben. Maar er zat ookeen andere reden achter, namelijk dat het IMG niet bevoegd was om dit tedoen. Dat had met privacyregelingen te maken. Om deze bewoners nu tebereiken maakt het IMG binnen z’n bevoegdheid al gebruik van algemenecommunicatiemiddelen als advertenties, nieuwsberichten en brochures.Het voorliggende wetsvoorstel stelt het IMG daarnaast ook nog in staatom gericht bewoners te benaderen die nog geen schadeaanvraag hebbengedaan en hen te wijzen op de mogelijkheid om alsnog zo’n aanvraag inte dienen. Wij weten van bepaalde buurten of bepaalde plekken datmensen die daar wonen, eigenlijk gewoon schade gehad moeten hebben.Als daarvan nog steeds geen melding is binnengekomen, kan het IMGdeze mensen nu ook benaderen. Deze bepaling zal met terugwerkendekracht ingaan vanaf 1 april jongstleden, zodat het IMG alvast zijn systeemhierop kan inrichten. Ook zal het IMG starten met een pilot vooruitlopendop dit wetsvoorstel.Dan heb ik nog een vraag van de heer Vermeer van de BBB, namelijkwelke consequenties ik verbind aan de structurele termijnoverschrijding inde uitvoering. Ik ben het met de heer Vermeer eens dat compensatie voorhet overschrijden van termijnen een bewoner niet helpt bij het versnellenvan het proces. Die vergoeding is een erkenning voor het lange wachten.Het IMG verwacht dat de meeste aanvragers met een langlopend dossierin 2026 een oplossing geboden kan worden. Daarnaast heeft het IMGconcrete stappen gezet om de aanvragers in de toekomst vlotter tehelpen. Zo wordt in 2026 de vaste herhaalvergoeding ingevoerd om hetproces van herhaalmeldingen te versoepelen en te versnellen. Verderbiedt daadwerkelijk herstel de mogelijkheid om gedurende een periodevan vijf jaar nieuwe schades of verergering mee te nemen.Een groot deel van de schadeaanvragen wordt afgehandeld binnen dewettelijke termijn die daarvoor staat. Dat wil ik ook gezegd hebben. Zekerbij meer complexe en omvangrijke schade kan het gewoon meer tijdvergen om met de bewoner te zoeken naar een goede oplossing. Dat wildus niet zeggen dat het proces stilstaat, wil ik daarbij gezegd hebben.Sommige oplossingen zijn best wel ingrijpend en daarom kan het ook zijndat de gesprekken daarover wat langer duren. Binnen de organisatiewordt wel gekeken naar de reden van een termijnoverschrijding. Als jeeen termijn overschrijdt, dan moet je wel kunnen uitleggen waarom datgebeurt.Het versnellen van het proces mag dus niet ten koste gaan van dezorgvuldigheid en de afstemming met de bewoner. De bewoner kanbijvoorbeeld vragen om meer tijd om het schaderapport te beoordelen ofTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8946 om een eigen deskundige in te schakelen. In de versterkingsoperatie stuurik op meer balans tussen de snelheid en de kwaliteit. Met de actualisatievan de diepteanalyse informeer ik uw Kamer ook jaarlijks over demaatregelen die ik heb getroffen om de risico’s weg te nemen die vaninvloed zijn op het verloop van de versterking. Deze maatregelen tref iksamen met alle andere betrokken partijen. Ze zullen ook bijdragen aan hetbeter naleven van de planning.Dan heeft JA21 nog aangegeven dat ze de uitvoeringskosten te hoogvinden en gevraagd op welke wijze ik hierop wil sturen. In juni 2025 heb ikuw Kamer geïnformeerd over de uitvoeringskosten van het IMG en hoehet IMG hierop stuurt. De ontwikkeling van de uitvoeringskosten is vooreen groot deel afhankelijk van de keuze die de aanvragers maken. Deforfaitaire schadevergoeding VES kende namelijk aanzienlijk lagereuitvoeringskosten dan bijvoorbeeld een maatwerkprocedure of daadwer-kelijk herstel. Bij die laatste twee moet daadwerkelijk ook gerekendworden; er moeten kostenberekeningen gemaakt worden en somsmoeten er ook constructieberekeningen gemaakt worden.Ik wil benadrukken dat het terugdringen van uitvoeringskosten geen doelop zich is, bij het IMG niet en ook niet bij de NCG, maar ik vind het welbelangrijk dat een bewoner met een schade ook gewoon milder, mense-lijker en makkelijker geholpen wordt. Ik ben zelf altijd een beetjevoorzichtig met het in de mond nemen van dat woord, omdat er nog heelveel mensen zijn die dat niet zo ervaren. Maar ik vind wel dat dit dedoelstelling moet zijn en daarvoor geldt: koste wat het kost, want debehoefte van de mensen is hierin leidend. Daarom is het ook belangrijkdat de bewoners een keuzemogelijkheid hebben en goed geïnformeerdeen keuze kunnen maken voor herstel van de schadeafhandeling.Een voorbeeld daarvan is de persoonlijke benadering en begeleiding vande aanvragers bij daadwerkelijk herstel of met de bewonersbegeleidersvan de NCG. De uitvoeringskosten gaan dan ook nooit ten koste van waarde bewoners recht op hebben. Ik kijk er binnen de organisaties wel naar ofhele dikke rapporten af en toe korter kunnen. Maar dat heeft ookjuridische consequenties. Wij leggen een deel van onze kosten weer terugbij de NAM, die die moet betalen. Er moet een juridische grondslag achterliggen om die schade te kunnen verantwoorden. Ik ben aan het bekijken ofik met een lightversie nog iets kan doen, maar dan moet het IMG gewooneerst zelf bekijken of het juridisch dicht kan.Mevrouw Den Hollander heeft mij gevraagd of er geen afhankelijke partijis die schade aan woningen taxeert. Daarop kan ik zeggen dat alleschadeopnames worden uitgevoerd door een onafhankelijke deskundige.Deze beoordeelt de schade en begroot de kosten voor het herstellen vande schade.Mevrouw Den Hollander vroeg mij ook naar de situatie in Ekehaar en debewoners buiten Groningen. Verdienen zij ook een mildere, menselijkereen makkelijkere schadeafhandeling? Het kabinet vindt het belangrijk datalle mijnbouwschade zorgvuldig en menselijk wordt afgehandeld.Vanwege de ernst van de situatie in Groningen vindt het kabinet het ookgerechtvaardigd dat de aanpak daar anders is. De afhandeling vanmijnbouwschade in Ekehaar en alle voorwaarden daarvoor vallen onderde verantwoordelijkheid van de Commissie Mijnbouwschade, en daarmeeonder de verantwoordelijkheid van de Minister van Klimaat en GroeneGroei.Mevrouw Den Hollander (VVD):De Staatssecretaris zegt dat de Commissie Mijnbouwschade eigenlijkonder de verantwoordelijkheid van de Minister valt. Mijn vraag gingspecifiek over de onderzoekskosten en uitvoeringskosten. De Staatssecre-taris zei net dat het geen doel op zich is om die kosten omlaag te brengen,maar gaat de Staatssecretaris ook niet over de verhouding van één staatTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8947 tot vijf ten nadele van uitgekeerde schade? Moeten we dat ook bij deMinister neerleggen?Staatssecretaris Van Marum:Ja, dat moet u inderdaad ook bij de Minister neerleggen. Kijk, het verschilin schadeafhandeling zit in het volgende. Als je het bewijsvermoedentoepast, wordt er een rapport gemaakt en wordt er naar een aantalfactoren gekeken. Als daaraan voldaan is, wordt die schade geachtmijnbouwschade te zijn. Buiten die gebieden geldt: wie stelt, moetbewijzen. Dat betekent dat heel veel autonome oorzaken aangewezenworden als oorzaak voor de ontstane schade. Maar die schaderapportenmoeten wel gemaakt worden. Eigenlijk heb je dus hetzelfde soortschaderapporten als in het IMG-werkgebied. Alleen, bij het IMG-gebiedwordt een veel groter deel van die schades uitgekeerd. Daarbuitengebeurt dat niet, omdat de toepassing van het bewijsvermoeden daar nietgeldt.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ergens snapte ik ook wel de oproep van de Commissie Mijnbouwschade.Die zei namelijk: als je een scheur in je muur hebt, vinden we dat allebijkomende kosten om die goed te herstellen, vergoed moeten worden.Dat geldt conform de uitleg van de Staatssecretaris wel in het effectgebiedvan het Groningenveld, maar niet in het effectgebied van bijvoorbeeldEkehaar. Ik snap best wel dat mensen zeggen: het zou toch redelijk zijn alsdat wel zo is? Kan de Staatssecretaris de commissie daar in ieder geval totop zekere hoogte in volgen?Staatssecretaris Van Marum:Ik ga op het beleidsterrein van mijn collega van KGG geen nadereuitspraken doen. Het enige wat ik heb gedaan, is verklaren waar hetverschil zit. Je moet eenzelfde rapportage maken, maar het verschil isduidelijk dat je in het ene gebied als commissie meer kunt toekennen,omdat de bandbreedte groter is, dan in het andere gebied. Dat verklaarthet verschil. De reden waarom dit op deze manier ingericht is, is in hetverleden besloten. Het is eventueel aan de Kamer om daar verandering inte brengen. Maar dit is hoe wij nu werken. Dit valt onder de verantwoor-delijkheid van de Minister van KGG.De voorzitter:Dit was het blokje schadeherstel. De heer Bushoff heeft daar nog eenvraag over.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ja. Ik zat toch nog even na te denken over en te kauwen op de beant-woording van de Staatssecretaris rondom duurzaam herstel. Op hetmoment dat je per individueel geval een hoger budget nodig hebt, is hetnatuurlijk wel zo dat je minder adressen kunt behandelen van het gelijkgebleven totale budget. Het effectgebied is dus ook verkleind. Stel datmisschien toch blijkt dat ook adressen buiten dat kerngebied ervoor inaanmerking zouden moeten komen en dat dit uiteindelijk eenoverschrijding van het totaalbudget zou opleveren. Voelt de Staatssecre-taris daar dan uiteindelijk voor?Staatssecretaris Van Marum:Wij hebben hier goed naar gekeken. Uit de pilot bleek dat het maximum-bedrag dat we eraan gesteld hadden ertoe leidde dat in een groot aantalgevallen de discretionaire bevoegdheid ingeroepen moest worden omverder te komen. Dat duurt een eeuwigheid, want dan moet je een trajectin. Met het verhogen van dat budget kon het gewoon afgehandeldworden. Dat betekent niet dat al die budgetten volledig opgaan, maar welTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8948 dat je voldoende ruimte in de budgetten hebt om snel te kunnen werken.Mocht het buiten de gebieden een keer voorkomen dat er wat aan dehand is, dan is een discretionaire bevoegdheid nog steeds mogelijk. Wijhebben echter gezegd dat wij dit gaan inzetten in het kerngebied. Dat isook de plek waar de meeste herhaalschades voorkomen. Op die manierkunnen we volgens mij hele goede dingen doen. Ik zie niet in, zeg ik nogeen keer, dat budget een probleem is.De voorzitter:Ten slotte de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ja, op dit punt. Ik hoor de Staatssecretaris zeggen dat voor het kerngebiedeigenlijk die andere werkwijze geldt die nu is vastgesteld en datdaarbuiten de mogelijkheid blijft bestaan voor de discretionairebevoegdheid, mocht daartoe aanleiding zijn. Klopt dat, vraag ik terbevestiging aan de Staatssecretaris. Ik vraag ook om de garantie dat ditmogelijk blijft, gegeven het budget dat beschikbaar is.Staatssecretaris Van Marum:Ja. Het is niet zo dat we in het buitengebied ineens allerlei dingen gaandoen. Dat is niet de bedoeling, maar als het IMG daartoe aanleiding ziet,dan is die mogelijkheid er. Dat is iets waarin het IMG zelf een afwegingkan maken.De voorzitter:We gaan naar het blokje perspectief en sociale en economische agenda.Staatssecretaris Van Marum:Het inlossen van de ereschuld is belangrijk. Dat doet het kabinet door eengeneratie lang, 30 jaar lang, te investeren in een toekomstperspectief voorGroningen en Noord-Drenthe via de sociale en economische agenda, metals doel dat Groningen en Drenthe weer een plek worden waar mensenfijn kunnen wonen, werken, opgroeien en gezond oud kunnen worden.Een plek waar mensen trots voelen in plaats van geconfronteerd wordenmet mentale problemen. De agenda’s zijn bedoeld als plus op hetbestaande beleid, ze zijn niet bedoeld ter vervanging van reguliereinvesteringen in grootschalige infrastructuur, openbaar vervoer ofwoningbouw. Ik wil dat nog een keer onderstrepen. We zien heel vaakpogingen om ook nog andere zaken uit die budgetten te financieren, maardaar zijn ze gewoon niet voor bedoeld. Daarover hebben we hardeafspraken gemaakt met de regio en daar ben ik ook scherp op. Deagenda’s zijn opgesteld met beide provincies en de gemeenten, met inputvan mkb-ondernemers, het georganiseerde bedrijfsleven, onderwijs- enkennisinstellingen, jongeren, andere bewoners en tal van experts.De colleges van de gemeenten en de provincies en de ministerraadhebben deze agenda’s vastgesteld met zienswijzen van raden en staten.De met de regio gemaakt afspraken over de inhoud en de governance vanbeide agenda’s vind ik belangrijk. Ik ben dan ook blij dat de wet die degeneratielange zorgplicht regelt nu ook voorligt in uw Kamer. Hiermeewordt Groningen de wettelijke zekerheid geboden die nodig is om hetbeloofde sociale en economische perspectief te kunnen bieden.Qua inhoud zijn de eerste maatregelen van start. Op scholen is bijvoor-beeld geld beschikbaar voor extra culturele, sportieve en muzikaleactiviteiten. Daarnaast zijn er 50 scholen extra aangesloten bij hetJeugdeducatiefonds. Het fonds ondersteunt scholen waar leerlingenopgroeien in armoede. Met de Route Rubicon krijgen jongeren die zijnuitgevallen in het reguliere onderwijs een kans om een mbo 2-diploma tehalen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8949 Mevrouw Den Hollander geeft precies aan waar de economische agendavoor bedoeld is, namelijk het verdienvermogen in de regio vergroten,ondernemerschap en innovatie bevorderen en talent en kennis in de regiobenutten. De economische agenda is een ontwikkelmotor – zonder hetwerk van bedrijven, kennisinstellingen en overheden over te nemen, maardoor te zorgen voor de juiste samenwerking tussen deze partijen. Deeconomische agenda kan fungeren als een hefboom door samen metandere regionale en nationale partijen, zowel publiek als privaat, teinvesteren in projecten. Daarbij spreek ik zelf altijd van ecosystemen. Dieecosystemen moeten op elkaar aansluiten. Ik promoot altijd ... Ik spreekmet meerdere provincies, ook met de grensregio’s. Dan zeg ik: zorgervoor dat je niet in hetzelfde vaarwater zit, maar focus op waar je watgaat ontwikkelen en laat dat interprovinciaal op elkaar aansluiten, zodat jeeen economische infrastructuur met ecosystemen krijgt.De AI-fabriek, waar de heer Kops naar vroeg, is daar wel een mooivoorbeeld van. De investeringen in een AI-fabriek in Groningen beves-tigen de kracht en het toekomstpotentieel van de regionale economie.Deze investeringen komen uit Nij Begun en daarnaast van verschillendeministeries en vanuit Brussel. De AI-fabriek heeft tot doel om die nieuwesamenwerking mogelijk te maken en de regio aantrekkelijker te makenvoor nieuwe private partijen. Dat leidt ook tot meer economische groei,talent en banen in de regio. We bouwen met die AI-fabriek niet alleen aantechnologie, maar ook aan oplossingen die het dagelijks leven vaniedereen verbeteren, van snellere diagnoses in de zorg tot slimmerelandbouw en betere publieke dienstverlening. Ik moet zeggen dat ik bijeen aantal werkbezoeken die ik gehad heb en bij een aantal gesprekkendie ik gevoerd heb, gehoord heb dat er ook al heel veel private partijenzijn die aan hebben gegeven dat ze graag gebruik willen maken van diefaciliteiten. Ik heb er dus echt wel een heel goed gevoel over dat dieeconomische agenda op dit punt wel een mooie impuls heeft gekregen.Tot slot. Hoewel we al aan de slag zijn met de agenda’s, wordt ertegelijkertijd gewerkt aan een toekomstbestendige uitvoeringsstructuurvan de beide agenda’s, zodat ook over 30 jaar jongere ondernemers enandere inwoners hier de vruchten van kunnen plukken.Daarbij stelde mevrouw Beckerman de vraag: kan de Staatssecretaris metjongeren plannen maken voor Nij Begunwoningen? Ik spreek regelmatigmet jongeren uit de regio, waarbij ik hoor dat ze zich zorgen maken overde toekomstige woonsituatie. Ik heb hier geen snelle oplossing voor. Wedragen met een sociale agenda en een economische agenda bij aan eenregio waar het fijn leven, wonen en werken is. Daarom investeren we30 jaar lang in de toekomstige generaties. Daarnaast werkt het kabinetsamen met Groningen aan de woningbouwopgave met onder meer deNota Ruimte, het Ruimtelijk Arrangement en de woondeals.Mevrouw Beckerman (SP):De Staatssecretaris zegt: ik herken dit uit gesprekken met jongeren. DeStaatssecretaris zal ook weten dat dit heftige gesprekken zijn. Het gaat omjongeren die hun halve middelbareschooltijd in zo’n stacaravan woonden.Die denken: nu ben ik ervanaf; nu ga ik uit huis. Dan komen ze weer inzo’n kapot huis terecht. De heer Bushoff en ik vragen helemaal niet om ditmorgen op te lossen. Wij weten ook wel dat dat niet kan. Wel vragen we:als je de jongeren een «nij begun» belooft en als je zegt dat je serieus gaatluisteren naar die zorgen, ga dan ook met hen zo’n plan maken. Want deoplossingen die er nu liggen, zijn niet genoeg voor deze jongeren die trotszijn op hun provincie, ook niet met die regiodeals. Ik kan me nietvoorstellen dat de Staatssecretaris daar niet aan zou willen bijdragen.Staatssecretaris Van Marum:Deze Staatssecretaris is natuurlijk zelf Groninger. Die ziet wat daar gebeurten heeft ook wel de zorgen, maar die heeft ook de begrenzing van waar deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8950 sociale en economische agenda voor bedoeld zijn. Daar hebben weafspraken over gemaakt en dit valt daar niet onder. De ministerraad en deregionale overheden hebben wel gezamenlijk vastgesteld dat de middelenvan de sociale en economische agenda dus niet bedoeld zijn voorwoningen en voor de infrastructuur zelf. Ik wil en kan daar niet opterugkomen, omdat dit ten koste zou gaan van de middelen van dieagenda’s.Met het BO MIRT is op 7 januari het Ruimtelijk Arrangement ondertekend.Daarin hebben we afspraken gemaakt om samen te werken op het gebiedvan woningbouw. De afspraak luidt: «Het Rijk en de provincie Groningengeven gezamenlijk invulling aan de huidige en toekomstige woningbouw-opgave en -ambities richting 2050, welke samengaan met de andereruimtelijke belangen die in de provincie spelen, zoals Nij Begun en hetMasterplan Regiocentra.» In de woondeals heeft het kabinet met deprovincie en de gemeente concreet afspraken gemaakt over de aantallenwoningen en over betaalbaar bouwen in de periode tot en met 2030. Hetgaat hierbij om in totaal ruim 28.000 woningen, waarvan een deel in hetaardbevingsgebied gerealiseerd wordt. Ook heeft het kabinet in dewoondeals met de regio afspraken gemaakt over het betaalbaar bouwenvan twee derde van de totale woningbouwopgave.Mevrouw Beckerman (SP):Niemand heeft gezegd dat het betaald moest worden uit Nij Begun. Hetpunt is alleen dat als je zegt «we willen een nieuw begin» en dezejongeren zeggen «hé, mooi, wij willen hier blijven; wij zijn trots op dezeprovincie, maar we gaan dan niet nadat onze hele jeugd al in ellendegestort is door de overheid, weer die ellende in» het dan toch een heellogisch verzoek is om met deze jongeren in gesprek te gaan om plannente maken over die woningbouwopgave? Sterker nog, de Staatssecretarisgeeft als antwoord: hé, maar we hebben ook al plannen. Het was eenbelofte van het kabinet dat jongeren een stem zouden krijgen. Ze hebbeneen stem gekregen met een JongerenTop. Ze hebben daar gezegd wat zebelangrijk vinden. Maar nu zeggen we: o ja, nou ja, jammer, maar dat valtniet in beide agenda’s. Het is dan toch juist logisch om te zeggen: we gaanmet deze jongeren een plan maken en bekijken waar we binnen plannenkunnen schuiven? Als daarvoor nog iets extra’s nodig is, zou je daarmeehier terug kunnen komen.Staatssecretaris Van Marum:Wat ik in mijn beantwoording heel duidelijk heb gezegd, is dat de afspraakluidt: het Rijk en de provincie Groningen geven gezamenlijk invulling aande huidige en toekomstige woningbouwopgave en ambities richting 2050.Dat laten we samengaan met andere ruimtelijke belangen die in deprovincie spelen, zoals Nij Begun en het Masterplan Regiocentra. Ik denkdus dat hier wel degelijk een opening in zit.De voorzitter:Ten slotte.Mevrouw Beckerman (SP):Maar dan snap ik de eerste afwijzing niet. Ons verzoek is dan eigenlijk ...De Staatssecretaris zegt dat er best een opening in zit en dat hij al metplannen bezig is. Ga dan met jongeren in gesprek over waar hunbehoeftes precies zitten. Ik heb dit debat ook gevoerd met de Minister vanWonen, die begon over het Suikerunieterrein. Fantastisch, vast hartstikkeleuk, maar heel veel van deze jongeren willen bijvoorbeeld in Appin-gedam wonen. Voor hen is het geen oplossing en is het onbetaalbaar.Luister dus ook naar die inwoners en voeg dat bij wat de Staatssecretarisal als antwoord had.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8951 Staatssecretaris Van Marum:Wat ik gezegd heb ... Ik heb zelf ook meerdere keren met jongerengesproken. Dat weet u ook van mij. Ik heb hen hoog zitten. Ik denk dat wein deze deal moeten blijven drukken op het belang dat die jongeren zelfook aangeven. Dat ligt op meerdere niveaus. Het ligt op gemeentelijkniveau, op provinciaal niveau en op dit niveau. Ik denk dat we desamenwerking met de jongeren daarvoor goed moeten blijven zoeken.Dan vroeg mevrouw Armut van het CDA of duidelijk genoeg is waarbewoners met vragen en zorgen terechtkunnen, en of de psychosocialeondersteuning voldoende toegankelijk is voor volwassenen en jongerendie er behoefte aan hebben. Ik vind het belangrijk dat bewoners metvragen en zorgen terechtkunnen. Daarvoor kunnen ze onder anderenterecht bij aardbevingscoaches. Er zijn ook speciaal coaches voorjongeren beschikbaar. De gemeenten in Groningen organiseren ditlaagdrempelig in het programma Sociaal en Gezond. De aardbevings-coaches gaan ook in de dorpen en wijken naar de bewoners toe. Degemeenten ontvangen voor dit programma 55,8 miljoen euro. Ik heb totnu toe geen signalen dat dit onduidelijk of ontoegankelijk is.De vraag van de heer Kops over de AI-fabriek heb ik al beantwoord in mijnkerntekst. Ik ben ook al ingegaan op de economische agenda en deregionale economie. Dan wil ik nu naar het blokje financiën, proceduresen arbitrage. Een vraag van JA21 ging over de uitvoering van deaangenomen motie over informatievoorziening en begeleiding voorondernemers in het aardbevingsgebied, en of dit onderwerp onderdeelkan worden van de Staat van Groningen en Noord-Drenthe. Ook BBBheeft een vraag gesteld over de ondersteuning van ondernemers. Ik hebervoor gezorgd dat het meegenomen gaat worden in de Staat vanGroningen en Noord-Drenthe 2026. Het is doorgegeven aan de onder-zoekers die de Staat van Groningen en Noord-Drenthe opleveren. Voorondernemers is het niet altijd makkelijk om de juiste weg of het juisteloket te vinden. Ik richt mij daarom op het efficiënter inrichten vanprocedures en het toegankelijker maken van de regelingen met de NCG,IMG en provincie. Daarnaast krijgen de ondernemers van NCG en IMGbegeleiders die specifieke kennis hebben van de regelingen en regels voorondernemers. De provincie heeft mkb-consulenten in dienst om dezeondernemers bij te staan. Ook kunnen gedupeerde ondernemers € 10.000subsidie aanvragen voor bijvoorbeeld juridische en bedrijfskundigeondersteuning via de deskundigenregeling bij de provincie. Daarnaastkunnen kleine ondernemers met schade voor versterking een subsidieaan-vraag indienen via de investeringsregeling van het mkb-programma. Wedoen dit om ondernemers meer toekomstperspectief te kunnen bieden.Ten slotte zal de economische agenda ook nieuwe mogelijkheden voorondernemers bieden.JA21 vroeg naar de mogelijkheden van een stikstofinjectie. JA21 steldedat Groningers geen proefkonijnen, maar sitting ducks zijn. Een sittingduck in een veilig, versterkt en verduurzaamd huis is volgens mij veiligerdan een proefkonijn in een wrakkig hokje. Dat wil ik toch maar evengemarkeerd hebben. Dit stoort mij ernstig, want als je stikstof zouinjecteren of in zou brengen in een onrustig veld dat in een ver verledenveel te snel leeggetrokken is, dan zou dat ervoor zorgen dat je wéérinstabiliteit in dat veld brengt. Je zorgt er dan voor dat er meer onrust indat veld komt en dat er dus meer aardbevingen komen. U kunt wel neeschudden, meneer Clemminck, maar het is zo. Dit zou voor nieuwe, kleinevelden een mogelijkheid kunnen zijn, maar voor het grote Groninger veld,waar zo gigantisch veel uitgehaald is, zorgt dit alleen maar voor meeronrust in het veld, meer aardbevingen en meer ellende voor de bewoners.De gegeven situatie is dat wij jarenlang hebben gewonnen uit dit veld. Opeen bepaald moment is de keuze gemaakt om versneld te gaan winnen,tegen de adviezen van het Staatstoezicht op de Mijnen in. Dit heeft ertoegeleid dat wij heel veel zware bevingen hebben gekregen. Het heeft er ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8952 toe geleid dat het Staatstoezicht op de Mijnen heeft gezegd dat winninguit het Groninger veld niet meer veilig kan. Dat betekent dat we met elkaarde beslissing hebben genomen om niet meer te winnen uit het Groningerveld. Ik hoor nog heel regelmatig de wens om eerst het schadeherstel ende versterking even voor elkaar te krijgen en vervolgens maar weer doorte gaan met winnen, met het idee dat dit dan mogelijk veilig zou kunnengebeuren. Dat is hypothetisch. Je zou Groningers blootstellen aan eenexperiment. Ik denk dat Groningers lang genoeg blootgesteld zijn geweestaan experimenten. Onderzoek is prima, maar dit idee gaat niet werken. Deverantwoordelijkheid hiervoor ligt overigens bij de ...De voorzitter:De heer Clemminck heeft een vraag naar aanleiding van dit antwoord.De heer Clemminck (JA21):Leuk hoor, deze sneer van de Staatssecretaris, maar dit was een onjuisteweergave van onze inbreng. De Staatssecretaris suggereerde in het beginvan zijn antwoord dat wij al zouden willen beginnen met boren op hetmoment dat de herstel- en versterkingsoperatie nog niet afgerond is. Datis niet het geval; dat heb ik een paar keer duidelijk aangegeven. Je moeteerst die operatie afronden en dan naar het andere kijken. Dat is één.Twee. Ik blijf het bijzonder vinden dat de Staatssecretaris blijkbaar eenander oordeel heeft dan de wetenschap. Ik zou niet weten waar dat opgebaseerd is. Ik verwijs naar een zeer recent rapport van TNO. Daarinwordt duidelijk aangegeven dat er in het Groninger veld – daar ging hetonderzoek namelijk over – wel degelijk mogelijkheden zijn om deondergrond stabiel te krijgen. Ik vraag u niet om dat morgen te doen. Ikvraag u ook niet om een experiment te beginnen zonder de juiste kennisvan zaken. Ik vraag de Staatssecretaris of hij bereid is om in ieder gevaleen vervolgonderzoek naar deze methode te doen.Staatssecretaris Van Marum:Ik zal nog even doorgaan op het antwoord dat ik net gaf. De verantwoor-delijkheid hiervoor ligt bij de Minister van KGG, Minister Hermans. Zijheeft de Kamer afgelopen juli geïnformeerd over het besluit van hetkabinet. Dat besluit luidt als volgt: «Het Groninger veld is gesloten. Deverwachting is dat het aantal aardbevingen de komende jaren verder zalafnemen. Het kabinet vindt het niet verstandig om te experimenteren methet Groninger veld en zet daarom niet in op verder onderzoek naarstikstofinjectie in het Groninger veld.» Is dat voldoende?De voorzitter:Nu gaat u uitlokken! Dat zou ik niet doen. Vervolgt u uw beantwoording.Staatssecretaris Van Marum:«Wat doet het IMG en de NCG aan het bestrijden van fraude en kan deKamer periodiek worden geïnformeerd over de fraudecijfers?». Dat is eenvraag van JA21. Meneer Clemminck vraagt om lagere uitvoeringskostenén meer controles op fraude. Het kan niet allebei. Allerlei extra controlesen drempels leiden juist tot hogere uitvoeringskosten, langere wachttijdenen meer wantrouwen. Dat willen we niet. Mensen die het systeemmisbruiken worden opgespoord en gestraft. Het IMG is hier ook alert open rapporteert hierover in zijn jaarverslag. Bij de NCG is het risico opfraude sowieso beperkt, omdat versterking vooral in natura plaatsvindt.Zonder hier inhoudelijk verder op in te gaan, zeg ik: wij hebben een heelgoed controlesysteem en daar rollen af en toe ook grote vissen uit.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8953 De heer Clemminck (JA21):Weer geinig bedacht, hoor, van de Staatssecretaris, die twee totaalverschillende zaken aan elkaar koppelt. Maar oké, als hij daar plezier aanheeft ...Voorzitter. Ik vraag als volksvertegenwoordiger of wij door de Staatssecre-taris ingelicht kunnen worden over de aanpak van fraude bij diverseinstanties, waaronder het IMG, de NCG of het SNN. Ik vraag ook of decijfers gedeeld kunnen worden. Volgens mij zijn dat heel normale vragenom als volksvertegenwoordiger te stellen. Ik vind het toch wel een beetjeopmerkelijk dat de Staatssecretaris het zo makkelijk van zich afschuift. Ikwil daar overigens ook nog even aan toevoegen dat het IMG alleen in hetjaarverslag van 2024 is ingegaan op de fraudecijfers en daarvoor niet, endat er in de recente jaarverslagen van de NCG niks over terug te vinden is.Nogmaals, ik stel als volksvertegenwoordiger volgens mij een heelnormale vraag. Ik vind dit te makkelijk gaan. Ik zou graag toch een anderantwoord, of in ieder geval bezinning bij de Staatssecretaris willen.Staatssecretaris Van Marum:Het was geenszins mijn bedoeling om u hier te schofferen. Dat wil ikdirect eventjes gezegd hebben. Als u graag een overzicht wil van wat eraan fraude is opgespoord binnen het IMG, kan ik u die cijfers wel doentoekomen. Over de methode waarmee wij dat doen ga ik verder nikszeggen.De voorzitter:Kunt u daar een termijn bij geven?Staatssecretaris Van Marum:Het lijkt mij verstandig als dat gewoon in de jaarverslagen opgenomenwordt.D66 vroeg hoe met de wijziging van de Tijdelijke wet Groningen wordtgeborgd dat bewoners daadwerkelijk minder administratieve lasten enkortere doorlooptijden ervaren. Op korte termijn ontvangt uw Kamer debeantwoording van de schriftelijk gestelde vragen over dit wetsvoorstel.Dit wetsvoorstel beoogt verschillende verbeteringen door te voeren. Bijwet- en regelgeving wordt zo veel mogelijk geprobeerd om de bewonerste ontlasten. Het aanvragen van vergoedingen wordt bijvoorbeeld zosimpel mogelijk gemaakt. In dit wetsvoorstel wordt de regeling daadwer-kelijk herstel wettelijk verankerd. Met deze regeling kunnen bewonersschade tot € 60.000 laten herstellen zonder onderzoek te doen naar deschadeoorzaak. Los van dit wetsvoorstel kunnen de bewoners vanaf hettweede kwartaal kiezen voor een vaste vergoeding bij herhaalschade,zodat ook herhaalschades eenvoudig worden afgehandeld. De NCG helptbewoners bij hun aanvraag voor isolatie in het kader van maatregel 29. Zoworden bewoners zo veel mogelijk ontzorgd.D66 vroeg ook: kan de Staatssecretaris aangeven welke verbeteringenbewoners in de praktijk binnen het eerste jaar na inwerkingtreding vandeze wet merkbaar gaan ervaren? Ten eerste krijgen de bewoners met deinvoering van de maatregel daadwerkelijk herstel duidelijkheid dat alleschades tot € 60.000 zonder onderzoek naar de schadeoorzaak hersteldkunnen worden. Dit voorkomt bezwaar- en beroepsprocedures. Tentweede legt het wetsvoorstel de koste-wat-kostbepaling voor de schadeaf-handeling en de versterking vast. Dit geeft de bewoners duidelijkheid overdat de kosten voor de schadeafhandeling en de versterking te allen tijdeworden vergoed. Ten derde legt het wetsvoorstel de zorgplichten voor debevordering van verduurzaming en brede welvaart vast. Dit biedt debewoners maximale duidelijkheid over dat de beloften voor het inlossenvan de ereschuld worden nagekomen.D66 vroeg ook nog hoe het kan dat bedrijven met miljardenwinstentoegang hebben tot een besloten achterkamer, terwijl GroningersTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8954 jarenlang hun gelijk in het volle daglicht moesten bevechten. In hetAkkoord op Hoofdlijnen, in de tijdelijke betalingsovereenkomst, isafgesproken dat geschillen tussen partijen worden beslecht bij hetNederlands Arbitrage Instituut. Hier is voor gekozen omdat dit in hetverleden ook zo is afgesproken in het Gasgebouw. Wat wij ook mogenvinden van de positie die de NAM, Shell en ExxonMobil innemen, hetstaat de partijen vrij om meningsverschillen voor te leggen aan, in ditgeval, het scheidsgerecht. Ik wil nogmaals benadrukken dat de Staat in deprocedures alle juridische middelen inzet die nodig worden geacht omzich te verdedigen in deze procedures.De heer Köse (D66):Via u, voorzitter, heb ik de vraag aan de Staatssecretaris hoe hij reflecteertop deze afspraken en op het gegeven dat dit via het scheidsgerecht gaat.Vind hij dit, erop terugkijkend, iets wat ons in de vinger gebeten heeft ofzeggen we: «Dit had niet voorkomen kunnen worden»?Staatssecretaris Van Marum:Bij de inwerkingtreding van het Gasgebouw zijn deze afspraken gemaakt,om het op deze manier doorgang te laten vinden. Dit is de manier om degeschillen voor te leggen. Ik denk zelf dat het op zich niet zo verschrikkelijkveel uitmaakt of je het in een rechtszaak doet of via arbitrage. In principeworden alle zaken die je voor de rechter dan wel voor het scheidsgerechtbrengt op dezelfde manier bekeken. Ik vind wel dat het natuurlijk heeltriest is dat een grote maatschappij die hier jarenlang de vruchten vangeplukt heeft, zo veel zaken aanspant. Dat is een stukje dat wij eigenlijkgewoon teleurstellend vinden, om het zo maar zacht uit te drukken. Inprincipe heb je gewoon meerdere mogelijkheden om geschillen tebeslechten en dit is er een van. Deze afspraak is gemaakt en hier hebbenwe mee van doen.De voorzitter:Een vervolgvraag van de heer Köse.De heer Köse (D66):Ik stelde de vraag omdat de Staatssecretaris blijkbaar niet deelt wat wij alsD66 vinden, namelijk dat er wel degelijk een verschil is tussen de reguliererechtsgang en een arbitrage, wat nu gebeurt. Dat is mede omdat we ziendat Shell – wanneer was het – nog net voor de kerst nog een zaak isbegonnen, en vanwege de risico’s die wij daarin zien. Mocht men dezezaak winnen – daar zult u nog op komen, want ik heb ook gevraagd naarde financiële effecten – dan heeft dat echt wel degelijk effect. Fijn dat deStaatssecretaris aangeeft dat wat deze bedrijven doen, eigenlijk niet kan.Toch even terugkomend op die arbitrage: wij zien wel een verschil. Aan deene kant is er geen precedentwerking. Men kan bijna zaken blijvenaanspannen. We zien dat nu met Shell gebeuren. Als het via de rechtergegaan zou zijn, dan zouden we in een hele andere situatie zitten, waarbijook het publieke belang gewogen werd, die openbaar was en waarGroningers gewoon bij mee konden kijken. Als de Staatssecretaris daaropterugkijkt, hoe reflecteert hij daar dan op?Staatssecretaris Van Marum:Ik vind het altijd wat lastig om antwoord te geven op als-danvragen. Ik zouiedere volksvertegenwoordiger, iedere partij gewoon aanraden om, als erooit weer een overeenkomst aangegaan wordt, gewoon goed af te wegenwelke geschilvorm je daarbij kiest en voor welke rechtsvorm je daarbijkiest. Ik heb er in mijn situatie gewoon mee te maken dat dit afgesprokenis, dat dit de manier is hoe we het afhandelen. Wij zetten gewoon allejuridische middelen in om ons daar maximaal in te verdedigen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8955 Dan vraagt u of ik de zorg deel dat deze arbitrage bij bewoners het gevoelvan onrecht of onzekerheid versterkt en dat dit hun vertrouwen in hetproces verder onder druk zet. Laat ik vooropstellen dat ik die bewonersbegrijp. Ik blijf echter ook herhalen dat de uitkomsten van die proceduresgeen effect hebben op de inwoners van Groningen en Noord-Drenthe. In2018 is met de NAM overeengekomen dat de NAM volledig uit deschadeafhandeling en versterking zou worden gehaald. De afhandelingvan schade en de versterking van gebouwen gaat daarom onafhankelijkvan deze procedures gewoon door. Daarvoor geldt: koste wat het kost.Dan had ik nog de vraag welke financiële risico’s de Staat loopt in deverschillende procedures, uitgesplitst naar scenario’s. En hoe zijn dezerisico’s verwerkt in de meerjarige begrotingsramingen? In de begrotings-ramingen van het Rijk wordt uitgegaan van 100% ontvangsten van deNAM voor de kosten die via heffingen doorbelast worden. De rechter ofarbiter beslist uiteindelijk of de facturen en de heffingen terecht bij deNAM in rekening zijn gebracht. Op uitspraken en uiteindelijke totaalvon-nissen in alle juridische procedures kan ik niet vooruitlopen. Gelet op derechtspositie van de Staat kan ik ook niet ingaan op de scenario’s, maar ikben altijd bereid om uw Kamer vertrouwelijk te informeren in eentechnische briefing.Dan vroeg JA21: kan de Staatssecretaris reflecteren op de vertraging diesoms wordt veroorzaakt door ...De voorzitter:Sorry, er is een interruptie van de heer Köse op het vorige punt.De heer Köse (D66):Er is vrij recent nog een tussenvonnis geweest in een van de arbitrage-zaken, ik meen die van Exxon. Dat was in het voordeel van de Staat. Maardaar werd wel geschetst, en daar dreigt het probleem van de nieuwe zaakdie Shell heeft aangespannen, dat dit wel degelijk een groot effect gaathebben op onze begroting. De Staatssecretaris wil daar niet op vooruit-lopen. Maar mochten wij heffingen terug moeten betalen die we nuhebben neergelegd bij de NAM, dan zou dat een grote impact hebben.Hoe verhoudt dat zich met het koste-wat-kostprincipe? Mocht die rekeningbij de overheid komen, kunnen we dan nog borgen – zo ja, hoe wordt datgeborgd? – dat we dat «koste wat kost» vasthouden als de NAM in eenkeer alle vergoedingen krijgt?Staatssecretaris Van Marum:Volgens mij heeft de overheid beloofd «koste wat het kost», dus ik neemaan dat de overheid dit blijft doen. We hebben ook gezegd dat wemaximaal zullen claimen bij de veroorzakende partijen, dus dat blijven weook doen.Dan heb ik nog de vraag gekregen van JA21 of ik kan reflecteren op devertraging die soms veroorzaakt wordt door aangenomen moties ofandere goedbedoelde suggesties vanuit de Kamer. De heer Clemminckstelt terecht dat ideeën of voorstellen die verbeteringen lijken soms vooraltot vertraging en onduidelijkheid leiden. De heer Vermeer zei hier in zijninbreng ook een aantal verstandige zaken over. Ik geloof zelf datGroningen en de Groningers gebaat zijn bij stabiliteit, rust en duide-lijkheid. Dat is voor mij als bestuurder soms ook best lastig. Je wil hetliefst nú iets veranderen, terwijl je ook weet dat elke verandering tijd kosten tot verschillen kan leiden. In Groningen hebben we daar helaaservaring mee. Ik ben ervan overtuigd dat gerichte verbeteringen beterwerken dan grote veranderingen. Daarom geloof ik ook in de Agenda voorHerstel, omdat hiermee alle betrokken partijen samen kijken naar wat ernodig is voor specifieke gevallen zonder nieuwe regels of systemen.Ik wil hier wel een persoonlijke noot bij maken. Ik weet dat een aantalmensen hier een aantal jaren zich ontzettend hebben ingezet voor deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8956 Groningers. Dat hebben ze ook heel vaak gedaan met moties en amende-menten, met alle goede bedoelingen. Dat heeft ook heel veel goedsopgeleverd; dat wil ik ook gezegd hebben. Maar de veelheid aan motiesheeft af en toe ook voor vertragingen gezorgd. Nu we alles geïmplemen-teerd hebben wat we beloofd hebben vanuit Nij Begun, denk ik dat dewerkorganisaties erbij gebaat zijn om geen grote, ingrijpende nieuwezaken meer te doen, maar dat we nu moeten kijken naar de continueringvan de verbetering van de werkprocessen. Als we dat met elkaar goed inde gaten blijven houden, dan denk ik dat dat ten dienste is van Groningenen de Groningers.Mevrouw Armut vroeg: wanneer verwacht de Staatssecretaris dat denadere analyse van de beving bij Zeerijp met de Kamer gedeeld kanworden? KGG heeft op 16 december 2025 een reactie van SodMontvangen op deze analyse van de aardbeving in Zeerijp. KGG stuurt zeerbinnenkort de brief naar de Kamer met zijn reactie op een nadere duidingvan SodM, naar verwachting eind deze week of begin volgende week.Dan had ik nog de volgende vraag. «Oekraïense bedrijven hebbenNederland gevraagd om overtollige onderdelen van de Groningergaswinning te leveren voor het herstellen van hun verwoeste infra-structuur. Kan de Staatssecretaris aangeven hoe de voortgang van dezehulpvraag is?». Op 9 januari zijn hier Kamervragen over gesteld dooronder meer de PVV en D66 aan de Minister van Buitenlandse Zaken en deMinister van KGG. De beantwoording volgt; «volgt snel» staat hier zelfs.Verder verwijs ik naar mijn collega, de Staatssecretaris voor BuitenlandseHandel en Ontwikkelingshulp. Ik heb hier verder nog geen naderantwoord op, dus dat komt nog.Dan kom ik bij mijn laatste blokje: amendementen. Een appreciatie vanhet amendement van het lid Beckerman over een fonds Gelijkheid voorGroningen en uitvoering van het advies van Van Geel: dat amendementmoet ik ontraden. Ik wil ook even stilstaan bij dit amendement. Zoalsaangegeven, heeft het kabinet de kern van het advies van decommissie-Van Geel overgenomen. Het voert dit uit binnen de grenzenvan wat uitvoerbaar en redelijk is. Het kabinet acht het amendement danook niet noodzakelijk voor het uitvoeren van dit advies. Het kabinet kanzich ook niet vinden in de genoemde dekking voor dit amendement. Dezemiddelen zijn namelijk nodig voor de kabinetsdoelen op het gebied vankernenergie. Zonder deze reservering ziet het kabinet een risico dat debeperkte groep technologieleveranciers hun pijlen op iets anders richten,waardoor de ambities op dit vlak niet waargemaakt kunnen worden.Bovendien is in het perceel Kernenergie van het Klimaatfonds in 2026 opdit moment geen 1,8 miljard beschikbaar. Het zwaarste punt van deinvesteringen in kernenergie vallen in de latere jaren, waardoor er pas na2030 dergelijke bedragen zijn gebudgetteerd.Tot slot is dit amendement begrotingstechnisch onuitvoerbaar. Het isonduidelijk hoe 1,8 miljard beschikbaar kan worden gemaakt in 2026 enhoe dit vervolgens over meerdere jaren wordt verdeeld. Bovendien vereisteen begrotingsfonds een instellingswet, wat wel anderhalf jaar kan duren,waarmee ik het ondoelmatig acht.De voorzitter:Het amendement van het lid Beckerman op stuk nr. 15 is ontraden.Staatssecretaris Van Marum:Dan het amendement van de heer Bushoff over het overhevelen vanmiddelen van de begroting van VWS naar BZK voor de versterking van devrijwilligersinzet. Dat amendement moet ik helaas ook ontraden. Ik vindhet wel een sympathiek idee om vrijwilligers extra te ondersteunen, maarnaar ik van VWS begrijp, is het geld niet vrij. VWS is ten aanzien van diemiddelen ook een verplichting aangegaan, of dit gaat ten koste van desubsidie voor zorginstellingen in Groningen die versterkt moeten worden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8957 Hoewel hiervoor in de sociale agenda geen middelen beschikbaar zijn,ben ik wel bereid in gesprek te gaan met de kwartiermaker over hoe hij devrijwilligers kan helpen.De voorzitter:Het amendement op stuk nr. 120, van het lid Bushoff, is ontraden. De heerBushoff voor een korte vraag.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Op bladzijde 79 van de VWS-begroting, zeg ik uit mijn hoofd, staat datdeze middelen vrij te besteden zijn. We zitten nog maar drie weken in 2026en de VWS-begroting is nog niet vastgesteld. Als die middelen dan tochalweer uitgegeven zouden zijn, vind ik dat best bijzonder. Maar goed, daarga ik me dan nog even op beraden. Wellicht kunnen we daar nog overspreken, want als er wel sympathie voor het idee is maar het zou zitten opdit ene puntje, dat dus niet goed staat in de VWS-begroting, kunnen we ermisschien nog wel uitkomen.De voorzitter:Dank u wel. Wil de Staatssecretaris hier nog op reageren?Staatssecretaris Van Marum:Ja hoor. Ik begrijp van mijn collega dat er geen ruimte is om dezemiddelen in te zetten voor een vrijwilligersregeling. Die 0,1% vrij tebesteden middelen gaat over artikel 3 van de VWS-begroting. Dat is voorsubsidies voor langdurige zorg en maatschappelijke ondersteuning. Overdeze middelen zijn al verschillende afspraken gemaakt of er is al eenbesteding voor gevonden. Feitelijk is er dus geen geld over.De voorzitter:U bent aan het einde gekomen van uw termijn. Ik stel voor dat we directdoorgaan met ... We schorsen voor een enkel ogenblik, totdat de heerBushoff zijn moties ergens heeft opgehaald.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.De voorzitter:Ik hervat de vergadering. We zijn aangekomen bij de tweede termijn vande Kamer. Ik geef de heer Bushoff het woord.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter, voor de tweede termijn. Ook dank aan de Staatsse-cretaris voor de beantwoording, ook gegeven de ingewikkelde omstandig-heden waar hij denk ik in persoonlijke zin mee te maken heeft, zoals hijaan het begin van het debat zei. Ook middels deze weg: heel veel sterkte.Nog kort een paar dingen in deze tweede termijn. Eén. Ik denk datduidelijk is geworden dat er vanuit Groningen best veel wordt verwachtvan de aanstaande coalitie. Die verwachtingen zijn denk ik terechthooggespannen, ook gezien de woorden en de opstelling van de partijenwaar het om gaat. Ik hoop dat die verwachtingen ook echt waargemaaktkunnen worden. Want als we de afgelopen jaren één ding hebben geleerd,is het wel dat de hoop dat Den Haag luistert et cetera – er is echt nog welwat te doen – geen verloren hoop mag zijn. Bij dezen de aanmoedigingvan de coalitiepartijen, voor zover dat nodig is, om recht te doen aanGroningen en de verwachtingen die daar leven ook waar te maken.Twee. Een belangrijk punt in het debat van vandaag vond ik zelf hetlostrekken van de zaken die het langst lopen. De Staatssecretaris had hetal over de verschillende partijen die daarbij betrokken zijn. Soms is nietduidelijk wie dan uiteindelijk verantwoordelijk is. Hij zei dat het nu beterlijkt te gaan en dat ze in ieder geval gezamenlijk de verantwoordelijkheidTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8958 voelen. Op dit moment is het niet nodig om een aanjager aan te stellen,maar mocht dat toch nodig zijn, dan is de Staatssecretaris daartoe bereid.Hij houdt de vinger aan de pols, begreep ik. De Staatssecretaris deed ookde oproep aan de Kamer om dat te doen. Dat neem ik ter harte en daaromdien ik nu geen motie hierover in. Ik heb de Staatssecretaris namelijk goedgehoord en zal zelf ook de vinger aan de pols houden.Ik heb nog wel aantal andere moties, voorzitter, die ik bij dezen gaindienen.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de subsidieaanvragen en dus de verduurzaming vanuitmaatregel 29 moeizaam op gang lijken te komen;overwegende dat er ellenlange wachtrijen kunnen ontstaan door debureaucratie en het verplicht moeten opstellen van uitgebreideisolatieplannen;verzoekt de regering waar nodig de bureaucratie te verminderen door deregels rondom de isolatieplannen te vereenvoudigen en te verbeteren,dan wel zo nodig in overleg met de betrokkenen maatregelen te nemenom een goede uitvoering van maatregel 29 te borgen, en de Kamerhierover te rapporteren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Bushoff en Beckerman.Zij krijgt nr. 21 (36 800 VII).De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik denk dat het niet heel toelichting behoeft, maar het gaat er dus om datdie belangrijke maatregel 29, waar ook de Staatssecretaris aan refereerde,goed tot uitvoering komt. Ik heb even snel gekeken op LinkedIn. Ik kon hetniet helemaal terugvinden, maar ik hoop dat we op dezelfde lijn zitten; ikdenk het wel, ik ga ervan uit.Dan mijn tweede motie, voorzitter. Die gaat over Van Geel.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de hoofdconclusie van de parlementaire enquêtegaswinning was dat de belangen van Groningers structureel zijngenegeerd en dat de Staat heeft beloofd zich «koste wat kost en zolang alsnodig» te committeren aan het inlossen van de ereschuld aan Groningenen Noord-Drenthe;overwegende dat er in de hersteloperatie Groningen onuitlegbareverschillen zijn en er ongelijkheid ontstaat tussen gedupeerden en dat opTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8959 verzoek van het toenmalige kabinet de commissie-Van Geel onderzoekheeft gedaan naar het oplossen van deze schrijnende ongelijkheid enhierover aanbevelingen heeft gedaan;spreekt uit dat alle gedupeerden recht hebben op een gelijkwaardigeuitkomst, namelijk een veilig, schadevrij en verduurzaamd huis zoals decommissie-Van Geel adviseert, en verzoekt de regering hieraan invullingte geven,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Bushoff, Beckerman en Bikker.Zij krijgt nr. 22 (36 800 VII).De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):«De regering»: er is altijd een regering, dus het verzoek is gericht aan dezeregering, maar ik kan me zomaar voorstellen dat het een nieuwe regeringbetreft. Dat gaan we dan van de nieuwe regering horen. Omdat ook mijncollega Bikker zich hiervoor meermaals hard heeft gemaakt, wilde zij haarnaam er ook graag onder hebben. Ik weet dat ze heel graag aanwezig wasgeweest bij dit debat, maar je kunt met een kleine fractie en een volleagenda niet op twee plekken tegelijkertijd zijn. Dat geldt voor meer leden,maar goed, vanwege haar grote betrokkenheid staat haar naam eronder.Ik denk dat het netjes is om dat nog even te melden.Dan tot slot de laatste motie, voorzitter.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat bewoners rondom «kleine gasvelden», zoals bijEkehaar, ook schade ondervinden, maar te maken hebben met eenonrechtvaardige schadeafhandeling, en dat er meer geld naar externebureaus gaat dan naar schadeherstel zelf;overwegende dat de Commissie Mijnbouwschade de uitspraak heeftgedaan dat de schadevergoedingen voor gedupeerden van mijnbouw-schade buiten het «effectgebied van het Groningenveld» ontoereikend zijnen meer gelijkgetrokken moeten worden;verzoekt de regering om alle schade en bijkomende herstelwerkzaam-heden rondom kleine gasvelden redelijkerwijs te vergoeden en deschaderegeling te verbeteren tot minimaal de aanbevelingen van deCommissie Mijnbouwschade,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Bushoff en Beckerman.Zij krijgt nr. 23 (36 800 VII).De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Tot zover.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8960 De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Dank u wel, voorzitter. Ik begin met de indiening van drie moties.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat er nog steeds grote ongelijkheid is in Groningen en juistzwaar gedupeerden vastlopen;constaterende dat dit in strijd is met de beloftes gedaan in Nij Begun;verzoekt de regering situaties zoals die aan de Schipsloot in Loppersumen vergelijkbare zaken met prioriteit en naar tevredenheid van debewoners op te lossen in lijn met de aanpak voorgesteld door Van Geel,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Beckerman en Bushoff.Zij krijgt nr. 24 (36 800 VII).Mevrouw Beckerman (SP):De tweede motie.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat jongeren in Groningen naast door de landelijkewooncrisis ook worden geraakt doordat veel woningen in de regio (nogaltijd) beschadigd en/of onveilig zijn;constaterende dat deze jongeren niet opnieuw gedupeerd mogen rakenwanneer zij het ouderlijk huis verlaten;verzoekt de regering om in samenwerking met jongeren en de regio eenconcreet programma op te stellen voor het realiseren van veilige enbetaalbare woningen voor Groningse jongeren door zowel nieuwbouw alsherbestemming van leegstaande panden,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Beckerman en Bushoff.Zij krijgt nr. 25 (36 800 VII).Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8961 Mevrouw Beckerman (SP):De laatste motie.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat er jarenlang strijd is geleverd voor duurzaam herstel,waaronder het repareren van kapotte funderingen;constaterende dat het kabinet de regeling voor duurzaam herstel nu al wilversoberen door grote groepen gedupeerden vooraf uit te sluiten;verzoekt de regering geen onomkeerbare stappen te zetten ten aanzienvan welke gedupeerden gebruik kunnen maken van deze regeling en (deeventuele) aanpassing van de regeling voor duurzaam herstel over telaten aan een nieuw kabinet,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Beckerman en Bushoff.Zij krijgt nr. 26 (36 800 VII).Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter. Ik ga geen lange beschouwing meer geven, maar ik denk dat ditde laatste begroting is met deze Staatssecretaris. Ik wil hem dus hartelijkdanken en ook heel veel sterkte wensen met wat hij net vertelde aan hetbegin van zijn termijn.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. De heer Kops.De heer Kops (PVV):Dank u wel, voorzitter. Dank aan de Staatssecretaris voor de beant-woording. Terugkomend op de stille gedupeerden: mij is nog niethelemaal helder wat daar nu eigenlijk gebeurt. Uit de woorden van deStaatssecretaris maak ik op dat het allemaal moeilijk is in verband metprivacy, waardoor die gedupeerden niet benaderd kunnen of mogenworden. In de media lezen we wel, ook naar aanleiding van wat dedirecteur van het IMG heeft gezegd, dat die stille gedupeerden in hetaardbevingsgebied vanaf dit jaar wel degelijk worden aangespoord omalsnog schadevergoedingen aan te vragen. Wat gebeurt daar nu eigenlijk?Dan alvast een motie. Ik hoor in de tweede termijn wel wat de Staatsse-cretaris daarvan vindt.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8962 verzoekt de regering ervoor te zorgen dat alle «stille gedupeerden» in2026 actief worden benaderd, opdat zij krijgen waarop zij recht hebben,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Kops.Zij krijgt nr. 27 (36 800 VII).De heer Kops (PVV):Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Den Hollander.Mevrouw Den Hollander (VVD):Dank u, voorzitter. Vandaag geen moties van de kant van de VVD. Weldank voor de beantwoording van de vragen. We wachten de brief metnadere informatie over de situatie in Loppersum af. We zullen vragen overEkehaar, waar het Ministerie van KGG over gaat, daar neerleggen. Ooknamens ons sterkte met uw grootste fan.De voorzitter:De heer Clemminck.De heer Clemminck (JA21):Voorzitter. Dank aan de Staatssecretaris voor de beantwoording. Ik hebdaar ook waardering voor, in het bijzonder gezien de situatie van deStaatssecretaris.Voorzitter. Het standpunt van JA21 verschilt niet zozeer op het punt vanherstel en versterking van het standpunt van andere fracties, maar juist ophet punt van de toekomst. Desalniettemin constateer ik ook dat hetstandpunt dat ik namens JA21 inneem, hier misschien op de steun vaneen minderheid mag rekenen, maar in het land niet; dat laten diverseopiniepeilingen ook zien. In 2025 wilde 25% van de Groningers zelf dat erweer naar gas geboord kan worden, mits de compensatieregeling goed isvormgegeven. Slechts 33% van de Groningers zelf vond in 2025 dat desluiting van de gaskranen bij wet een goed idee is. 64% van de Neder-landers wil eigenlijk doorgaan met de gaswinning, mits onder de juisteomstandigheden. Er bestaan ook meerderheden bij collega-partijen dievoor dit standpunt van JA21 zijn: bij de BBB is een meerderheid van dekiezers voor, bij de VVD en de PVV ook. Zelfs bij D66 zag ik dat onsstandpunt bijna aan een meerderheid zat. Dat standpunt van JA21 is dushelemaal zo gek nog niet. Dat wil ik toch even aangeven, ook richting deStaatssecretaris.Ik had een aantal moties voorbereid. Een daarvan ga ik niet indienen. Dieging over fraude, maar daar is een toezegging op gedaan. Ik check nogeven voor de zekerheid dat het wat die cijfers betreft niet alleen ging overde NCG, maar ook over het IMG en het SNN.Voorzitter. Dan heb ik nog twee moties.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8963 constaterende dat inwoners binnen het versterkingsgebied tot maximaal€ 40.000 kunnen ontvangen voor de verduurzaming van hun woning,boven op alle landelijke duurzaamheidssubsidies;constaterende dat de toegevoegde duurzaamheidsambities vertragendwerken en ten koste gaan van de uitvoeringskracht voor herstel enversterking;overwegende dat de beperkte middelen gericht moeten zijn op hetversterken en herstellen van woningen en gebouwen en dus doelmatig endoeltreffend moeten worden ingezet;verzoekt het kabinet met een voorstel te komen om deze aanvullendeduurzaamheidssubsidies af te bouwen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Clemminck.Zij krijgt nr. 28 (36 800 VII).Dit leidt tot een interruptie van de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik heb heel nauwkeurig geluisterd naar de motie. Als je het zo formuleertdat er beperkt middelen beschikbaar zijn ook voor de versterking enschadeafhandeling, dan stap je dus af van het principe «koste wat hetkost», wat na de parlementaire enquête toch een belofte was in Nij Begun.Stapt JA21 inderdaad van dat principe af?De heer Clemminck (JA21):Nee, de motie gaat over beperkte uitvoeringskracht en euro’s, want euro’skun je maar één keer uitgeven, en wij willen die eerder aan de versterkinguitgeven dan aan andere zaken. Hoe eerder we de gelden daarvoorkunnen gebruiken, hoe eerder we deze operatie ook kunnen afronden.De voorzitter:Ten slotte.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik kan ook met deze uitleg niet anders dan concluderen dat wat JA21 wil,haaks staat op de belofte die is gedaan, namelijk dat de versterking en deschade sowieso, koste wat het kost, zou worden uitgevoerd, zolang als hetduurt. Dan zou het niet moeten uitmaken dat je een euro maar één keerkunt uitgeven. Nee, «koste wat het kost, voor zolang als het duurt», dátwas de belofte en deze motie staat daar dan toch echt haaks op.De heer Clemminck (JA21):Nee, dat is een onjuiste interpretatie van de motie. Ik hoor dat de heerBushoff mij gaat helpen met een ander dictum; dat is prima.Voorzitter, mijn tweede en laatste motie.Motie De Kamer,gehoord de beraadslaging,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8964 constaterende dat de ondergrond in Groningen en Noord-Drenthe nogdecennia instabiel is en dat de vermindering van seismische risico’s voorinwoners topprioriteit moet zijn;constaterende dat diverse wetenschappers en instituties aangeven datbijvoorbeeld stikstofinjectie kansrijk is om bij te dragen aan stabilisatievan de bodem door drukherstel in de Groningse velden;van mening dat kabinet en Kamer de verantwoordelijkheid hebben omalle opties om toekomstige bevingen te beperken of te voorkomen teonderzoeken en te overwegen;verzoekt de regering vervolgonderzoek te doen naar de mogelijkheden enrandvoorwaarden voor het stabiliseren van de Groningse ondergrond,bijvoorbeeld via stikstofinjectie,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Clemminck.Zij krijgt nr. 29 (36 800 VII).De heer Clemminck (JA21):Tot zover. Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. De heer Köse.De heer Köse (D66):Dank u wel, voorzitter. Het is vooral goed om te horen dat iedereeneigenlijk wel wat voelt voor rustig aan, duidelijkheid en stabiliteit. Veeldank ook aan de Staatssecretaris dat hij er weer bij was. Ik ga me eraanhouden: we willen niet te veel moties, dus ik zal er vandaag ook geenindienen voor die rust.De voorzitter:Dank u wel, meneer Köse.Mevrouw Armut heeft geen tweede termijn.Negen moties en nog een enkele vraag. Ik maak er twintig minuten vanvoor de schorsing.De vergadering wordt van 19.46 uur tot 20.05 uur geschorst.De voorzitter:Welkom terug. We zijn aangekomen bij de tweede termijn namens hetkabinet. Ik geef de Staatssecretaris het woord voor de beantwoording vannog een enkele vraag, denk ik, en het appreciëren van de moties. Bij demoties wil ik het aantal interrupties beperken, dus de indiener van demotie geef ik de gelegenheid om eventueel nog een vraag of eenopmerking te plaatsen en daar wil ik het graag ook bij laten.Staatssecretaris Van Marum:Allereerst wil ik iedereen bedanken voor de warme woorden. Die wordenzeer gewaardeerd. Ik heb een aantal mensen wat langer meegemaakt ener zitten ook wat nieuwe mensen bij, maar ik wil iedereen ook bedankenvoor de constructieve wijze waarop u zich inzet voor Groningen en deGroningers. Dat wordt zeer gewaardeerd.Mevrouw Beckerman had een vraag over schade. Zij vroeg of er aldaadwerkelijk woningen zijn hersteld volgens de regeling daadwerkelijkherstel. Vanaf half januari zijn bij circa honderd adressen de herstelwerk-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8965 zaamheden afgerond. Daarbij is het van belang dat als mensen kiezenvoor herstel met een eigen aannemer, ze dan vijf jaar de tijd hebben omde woning te herstellen. Er zijn 800 definitieve keuzes gemaakt door debewoners. Bij 580 daarvan zijn er overeenkomsten gesloten tussen hetIMG en een bewoner. Daarnaast is het herstel al bij ongeveer honderdadressen afgerond.Dan zou ik nog terugkomen op situaties zoals aan de Schipsloot; dat is opverzoek van mevrouw Beckerman en ook naar aanleiding van deopmerking van het lid Den Hollander dat de gemeente niet op de hoogtezou zijn. Daarnaast vroeg mevrouw Beckerman of ik op de toezeggingrond huren kon terugkomen. De gemeente is volgens mijn informatie wélmeegenomen. Het is ook belangrijk dat we dit samen doen, maar ik zal ineen brief uiteenzetten hoe deze situatie eruitziet. Deze brief stuur ik voor15 april naar uw Kamer. Dan kom ik ook terug op een toezegging die ikheb gedaan rondom de huurprijzen.Dan ga ik nu over naar de appreciaties van de moties. De motie op stuknr. 21, over het verminderen van bureaucratie door de regels rondomisolatieplannen te vereenvoudigen en te verbeteren, kan ik oordeel Kamergeven. Isolatieplannen zijn voor de mensen nodig om te weten welkemaatregelen nodig zijn om de isolatiestandaard te bereiken. We zien nudat de eerste plannen zijn opgesteld, maar dat er nog een vereenvoudi-gingsslag te maken is. Dit traject is reeds samen met VRO en de provincieen in nauw overleg met de adviseurs, de bewoners en de uitvoerendebedrijven opgestart.De voorzitter:De motie op stuk nr. 21 krijgt oordeel Kamer.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 22, kort gezegd de motie over de commissie-VanGeel, moet ik ontraden. Ik heb daarvan in dit debat, en ook eerder,uitvoerig besproken wat wel en niet kan.De voorzitter:De motie op stuk nr. 22 is ontraden.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 23 geef ik oordeel ontijdig. Ik verzoek u dit op tenemen met mijn collega, de Minister van KGG, als verantwoordelijkbewindspersoon.De voorzitter:Ik kijk heel even of de indiener overweegt deze motie aan te houden. Zoniet, dan krijgt zij het oordeel ...De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ja, misschien. Ik vroeg me af of de Minister van KGG dan eventueel ookeen appreciatie kan geven. Als daar wat meer tijd voor nodig is, kan ik demotie ook even aanhouden en na die appreciatie in stemming brengen,maar wellicht kan dat verzoek doorgeleid worden. Dat is volgens mij nietheel ongebruikelijk.De voorzitter:Dit is een helder verzoek van de heer Bushoff. Ik concludeer daarmee ookdat hij de motie zal aanhouden, met het verzoek aan de Minister van KGGom de motie op een later moment nog te appreciëren. De motie kan danook op een later moment in stemming worden gebracht.Op verzoek van de heer Bushoff stel ik voor zijn motie (36 800 VII, nr. 23)aan te houden.Daartoe wordt besloten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8966 Staatssecretaris Van Marum:Ik zal ’m in elk geval doorgeleiden.Dan de motie op stuk nr. 24, over de aanpak van ongelijkheid, geef ikoordeel Kamer, met dien verstande dat ik de bewoners niet altijd tevredenkan stellen en ik soms nee moet verkopen.De voorzitter:De motie op stuk nr. 24 krijgt oordeel Kamer.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 25 geef ik ook oordeel Kamer. De toelichting is dat ikmet jongeren in gesprek kan gaan over hun wensen op de woningmarkt.Daarbij heb ik de kanttekening dat ik voor de uitvoering van deze plannengeen geld op mijn begroting heb. Dit mag niet ten koste gaan van desociale en economische agenda, en misschien zijn er wel anderemogelijkheden die we bespreekbaar kunnen maken.De voorzitter:De motie op stuk nr. 25: oordeel Kamer.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 26 over duurzaam herstel moet ik ontraden. Het iseen eigenstandige bevoegdheid van het IMG als zbo. Ik kan mij daar goedin vinden, zoals ik ook in mijn Kamerbrieven heb aangegeven. Debeleidsregel is per 1 januari in werking getreden.De voorzitter:De motie op stuk nr. 26: ontraden.Staatssecretaris Van Marum:Dan de motie op stuk nr. 27 ...De voorzitter:Eerst mevrouw Beckerman over de motie op stuk nr. 26.Mevrouw Beckerman (SP):Allereerst dank voor het oordeel Kamer voor de moties op stukken nrs. 24en 25, want ik weet dat er bewoners mee zitten te kijken, ook als het gaatover Schipsloot. Dan is het toch lastig om te horen dat er pas later eenbrief komt, dus het is heel fijn dat deze motie oordeel Kamer heeftgekregen.Het oordeel over de motie op stuk nr. 26 zit mij wel dwars. Dat komtdoordat de Staatssecretaris ook weet dat bewoners jarenlang hebbengestreden, alhoewel ze nu wel een toekenning hebben gekregen. Na al diestrijd bleek de fundering daadwerkelijk kapot te zijn door de invloed vanmijnbouwschade. Ik vind de inperking van het gebied geen recht doen aanal die onderzoeken waaruit gekomen is dat er daadwerkelijk iets aan dehand was. De Staatssecretaris weet volgens mij ook dat dit soms op gekkeplekken, bijvoorbeeld bij een gasopslag, kan zijn gebeurd. Ik vind het dusiets te makkelijk om te zeggen: het is een zbo. We hebben er eenuitgebreid debat over gehad. De Staatssecretaris heeft ook gewoon eenaanwijsbevoegdheid. Volgens mij gaat het dus echt te snel om dit zomakkelijk aan te passen, na al die strijd over kapotte funderingen.Staatssecretaris Van Marum:Ik bestrijd dit, omdat wij de mogelijkheid hebben ... We hebben het gebiedaangewezen waar dit toepasbaar is. Dat is in het kerngebied. Er is eendiscretionaire bevoegdheid om daarvan af te kunnen wijken, maar wehebben wel gemeend om dit echt in de kern van het gebied toe te moetenpassen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8967 De voorzitter:De motie op stuk nr. 26: ontraden.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 27 kan ik oordeel Kamer geven met de volgendelezing. De motie verzoekt stille gedupeerden te helpen. Het IMG krijgt debevoegdheid om de stille gedupeerden te benaderen. Dit zal metterugwerkende kracht kunnen, maar 2026 zal niet volledig haalbaar zijn.Het IMG zal de komende jaren de uitvoeringscapaciteit hier gericht opinzetten.De voorzitter:De motie op stuk nr. 27: oordeel Kamer.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 28: ontraden. Ik ontraad deze motie om tweeredenen. Op het moment dat ik de regeling voor verduurzaming afbouw,kom ik terug op een belofte die ik aan de bewoners heb gedaan. Dat wil ikniet. Daarnaast zal het afbouwen van deze subsidie alleen maar leiden totdiscussie met bewoners die vinden dat ze hier recht op hebben. Daar gaatde versterking zeker niet sneller van.De voorzitter:De motie op stuk nr. 28: ontraden.Staatssecretaris Van Marum:De motie op stuk nr. 29 over stabilisatie van de ondergrond met stikstof:ontraden.De voorzitter:De motie op stuk nr. 29: ontraden.Staatssecretaris Van Marum:Daarmee ben ik aan het einde van mijn bijdrage gekomen. Ik heb met heelveel plezier in deze commissie gezeten. Ik heb het ook ontzettend leukgevonden. Zoals het er nu naar uitziet, was het waarschijnlijk de laatstekeer in deze vorm. Ik wens u allemaal veel succes en sterkte. Ik hoop dat uzich blijft inzetten voor het belang van Groningen en de Groningers.De voorzitter:Dank aan de Staatssecretaris. We gaan stemmen over de moties opdinsdag 3 februari. We gaan stemmen over de amendementen en debegroting op 10 maart.Ik heb nog twee toezeggingen genoteerd.–De Staatssecretaris informeert de Kamer voor 15 april, naar aanleidingvan de casus «Schipsloot en Middenstraat in Loppersum», hoeverschillen binnen één cluster zijn ontstaan en hoe de communicatiemet de gemeente verloopt. Dat was een toezegging aan het lidBeckerman.–De Staatssecretaris informeert de Kamer voor 15 april over mogelijkhoge huren voor wisselwoningen. Dat is ook een toezegging aan hetlid Beckerman.Ook vanaf deze plek heel veel sterkte aan de Staatssecretaris voor deaankomende periode. Fijn dat u vanavond in ieder geval bij ons kon zijn.Ik dank de leden voor het goede debat en wens iedereen een fijne avond.Ik sluit hiermee de vergadering.Sluiting 20.16 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VII, nr. 8968

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 95ec124040a94a16

14 okt 2026 · 99a59a56cfd476eb

Gerelateerde bronnen

  • Besproken tijdens · Officiële koppelingBegrotingsonderdeel Herstel Groningen
    Verslag van een wetgevingsoverleg, gehouden op 26 januari 2026 over het begrotingsonderdeel Herstel Groningen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.