KamerkringInloggen
Kamerbrief

Beleidsreactie monitor mensenhandel 2019-2023

19 mei 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie ec3c2a5284ec0e8d · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202528 638MensenhandelNr. 256 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 mei 2025AanleidingOp 10 december 2024 heeft de Nationaal Rapporteur Mensenhandel enSeksueel Geweld tegen Kinderen (hierna: de Nationaal Rapporteur) deMonitor Mensenhandel 2019–2023 gepubliceerd. In de Monitor geeft deNationaal Rapporteur een overzicht van de ontwikkelingen in de aanpakvan mensenhandel in Nederland aan de hand van verschillende stappendie slachtoffers en verdachten in de strafrecht- en hulpverleningsketenafleggen. Op basis hiervan zijn drie aanbevelingen gedaan die betrekkinghebben op de uniformering van prostitutiecontroles, de online signaleringvan minderjarige slachtoffers en gegevensdeling.Ik dank de Nationaal Rapporteur voor het publiceren van de MonitorMensenhandel. De aanpak van mensenhandel vergt een lange adem ende resultaten van dit onderzoek neem ik mee in de verdere vormgevingvan het beleid om daders aan te pakken en slachtoffers te beschermen.Met deze brief geef ik eerst een algemene reactie op het rapporten ga iknader op de door de Nationaal Rapporteur gedane aanbevelingen.Bevindingen Nationaal RapporteurIn haar rapportage concludeert de Nationaal Rapporteur dat het aantalgemelde slachtoffers bij het Coördinatiecentrum tegen Mensenhandel(CoMensha) de afgelopen jaren is gestegen. Desondanks blijft dit cijferachter bij het totaal aantal geschatte slachtoffers. Zo ziet de NationaalRapporteur een daling in het aantal meldingen van het aantal slachtoffersvan binnenlandse seksuele uitbuiting en van het aantal minderjarigeslachtoffers. Daarentegen stijgt het aantal meldingen van slachtoffers vaninternationale seksuele uitbuiting van met name Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse slachtoffers.De Nationaal Rapporteur merkt verder op dat het aantal geregistreerdegevallen van mensenhandel de afgelopen jaren stabiel is gebleven. Dit kst-28638-256ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 638, nr. 2561 heeft zich niet geuit in een toename van het aantal aangiften, die zijnnamelijk gedaald. Het aantal door de politie uitgevoerde opsporingsonder-zoeken, waarvan het grootste deel betrekking heeft op seksuele uitbuiting,is in deze periode constant gebleven. Verder constateerde de NationaalRapporteur in eerdere monitoren dat het percentage dagvaardingen, endaarmee samenhangend het aantal stijgend sepots, voor mensenhandel,is gedaald. In de meest recente monitor is het laagste aantal dagvaar-dingen voor mensenhandel ooit vastgesteld.Ten slotte stelt de Nationaal Rapporteur dat de strafrechtelijke aanpak vanarbeidsuitbuiting achterblijft ten opzichte van andere vormen vanmensenhandel. Ook dient de strategische aansturing en ontwikkeling vanhet hulp- en opvanglandschap te worden versterkt door het ontwikkelenvan een nationaal verwijzingsmechanisme.Algemene reactieMensenhandel is een verwerpelijke misdaad. Het is in het belang van desamenleving dat daders worden aangepakt maar er ook voldoendeaandacht wordt besteed aan de bescherming van slachtoffers. Het kabinetgeeft prioriteit aan zowel de aanpak van daders als het beschermen vanslachtoffers en heeft zich hier de afgelopen tijd op verschillende manierenvoor ingezet.Op 17 juni 2024 is het versterkte Actieplan programma Samen tegenmensenhandel gepubliceerd. Naast het voorkomen van slachtoffers en hetaanpakken van daders, is een van de doelen van het Actieplan hetverbeteren van de signalering van slachtoffers. Hier wordt door middelvan verschillende actielijnen en met het brede werkveld aan gewerkt. Zowordt er onder meer ingezet op het creëren van brede bewustwording,het vergroten van de meldingsbereidheid en het verbeteren van devaststelling van slachtofferschap om zo ook het aantal meldingen tevergroten.In het kader van de strafrechtelijke aanpak constateert de NationaalRapporteur dat er jaarlijks gemiddeld meer mensenhandelzaken wordenafgehandeld, maar signaleert een daling in het aantal dagvaardingen eneen stijging in het aantal sepots. Dit aantal fluctueert door de jaren heen.In zijn algemeenheid en op basis van eerdere onderzoeken kan wordengeconcludeerd dat het van belang blijft om in te zetten op het verbeterenvan de meldingsbereidheid van mensenhandel. Dit kan belangrijkesignalen of informatie opleveren voor de opsporingsdiensten en het OM.Hier wordt onder meer in het Actieplan programma Samen tegenmensenhandel op ingezet, waar bij de uitvoering ook de opsporings-diensten en het OM zijn betrokken. Zo wordt gewerkt aan het oprichtenvan één centraal informatiepunt waar onder andere eerstelijns professi-onals terecht kunnen met vragen of doorverwezen worden naar het juisteloket. Ook wordt onder het Actieplan de proeftuin aangiftebereidheidverlengd. De uitkomsten van deze verlenging zullen in de voortgangsbriefmensenhandel voor het zomerreces met uw Kamer worden gedeeld.In reactie op de constatering van de Nationaal Rapporteur dat de aanpakvan arbeidsuitbuiting achter blijft, kan ik melden dat hier continu op wordtingezet. Ten eerste kunnen met de verwachte inwerkingtreding van hetwetsvoorstel Modernisering en uitbreiding strafbaarstelling mensen-handel, waar ik samen met de Minister van Sociale Zaken en Werkgele-genheid aan werk, meer ernstige misstanden in de arbeidssfeer wordenaangepakt. Dit wetsvoorstel staat op korte termijn gepland voor behan-deling in uw Kamer. De verwachting is dat de gemoderniseerde enTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 638, nr. 2562 uitgebreide wetgeving bij zal dragen aan het vergroten van de effectiviteiten het aantal strafzaken.Ten tweede heeft de Opsporingsdienst van de Nederlandse Arbeidsin-spectie in 2023 een gespecialiseerde Afdeling Arbeidsuitbuiting opgerichtwaar onder andere meldingen binnenkomen en het proces van intake totonderzoek op dezelfde afdeling plaatsvindt. Ook heeft zij haar capaciteituitgebreid en nieuwe medewerkers opgeleid. Deze inzet op verdereprofessionalisering betreft een meerjarig proces waarvan de uitwerkingnog niet evident zichtbaar is in deze monitor.Ten slotte kaart de Nationaal Rapporteur de problematiek rondom deopvang van slachtoffers mensenhandel aan. Ik ben bekend met dezekritiek en neem deze serieus. Het beschermen van slachtoffers is namelijkvan groot belang. In het kader van het Actieplan wordt, onder Actielijn 3,samen met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, ingezetop het verbeteren van het opvanglandschap. In het kader hiervan is eenonderzoek naar het huidige opvanglandschap is eind 2024 gestart.Hiermee worden het huidige opvanglandschap in kaart gebracht.Vervolgens worden verschillende scenario’s voor een verbeterd, effec-tiever opvanglandschap uitgewerkt. Dit gebeurt in samenwerking met debetrokken veldpartijen. De inzichten en adviezen die hieruit voortkomenleiden tot voorstellen voor aanpassingen om tot passend aanbod vanopvang voor alle slachtoffers te komen.Aanbeveling 1: Uniformeer de uitvoering van prostitutiecontrolesen zorgt dat deze overal in het land plaatsvindenDe Nationaal Rapporteur concludeert dat uniformering van prostitutiecon-troles op landelijk niveau kunnen bijdragen aan het verbeteren van zichtop slachtoffers en misstanden in de sekswerkbranche. Gemeenten zijnverantwoordelijk voor het bestuurlijk toezicht op deze branche. Het komtook voor dat politie de controles uitvoert, of in samenwerking met degemeente. De lokale verschillen die bestaan in het toezicht op deze sector,maakt dat er onduidelijkheden zijn over rollen en taken van gemeenten ende politie. Daarom wordt gezamenlijk tussen de VNG, politie, OpenbaarMinisterie, Soa Aids Nederland, maatschappelijk werk organisaties,ervaringsdeskundigen, het Centrum voor Criminaliteitspreventie enVeiligheid (CCV) en diverse gemeenten aan een handelingskader gewerktten aanzien van het versterken van het toezicht op de sekswerkbranche.Mijn ministerie neemt deel aan de gesprekken hierover. Dit landelijk kaderheeft geen verplichtend karakter maar kan bijdragen aan een heldere rol-en taakverantwoordelijkheid, een effectieve en efficiënte samenwerking,uniformering van het toezicht én een gezamenlijke doelstelling.Naast een handelingskader is het delen van signalen die voortkomen uitdeze controles van belang voor de opsporing. Het verbeteren vangegevensdeling, waar de Nationaal Rapporteur nader op ingaat onderaanbeveling 3, is onderdeel van het Actieplan programma Samen tegenmensenhandel. Onder Actielijn 5 wordt uitvoering gegeven aan hetverbeteren van het delen van informatie en verwerken van gegevens doormiddel van een analyse van bestaande samenwerkingsconvenanten ennader onderzoek te verrichten naar gaten in de huidige regelgeving enafspraken rondom gegevensdeling tussen partners. Op deze manier wordtgekeken hoe een proces rondom gegevensdeling kan worden ingericht.Ten slotte streef ik ernaar uw Kamer voor het zomerreces van 2025 teinformeren over mijn visie op sekswerk. Daarin wordt ingegaan op deinvoering van de minimumleeftijd voor prostitutie van 21 jaar, zoalsafgesproken in het regeerprogramma, en het wetsvoorstel Reguleringsekswerk (Wrs).Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 638, nr. 2563 Aanbeveling 2: Zorg voor mogelijkheden voor online contact meten signalering van minderjarige slachtoffers en creëer mogelijk-heden om op basis van de online contacten met deze slachtofferseen beter beeld te geven van de slachtoffergroepDe cijfers van CoMensha laten zien dat het aantal gemelde, minderjarigeslachtoffers de afgelopen jaren is gedaald. Voor het bieden van de juistebescherming van deze groep is het verkrijgen van zicht op hen vanbelang. Het aansluiten bij de online leefwereld kan hier volgens deNationaal Rapporteur een bijdrage aan leveren. Ik deel deze mening vande Nationaal Rapporteur. Het kabinet heeft hier de afgelopen tijd doormiddel van verschillende projecten op ingezet en zal dit in de toekomstook blijven doen.In het online hulpportaal Keerpunt wordt, in samenwerking met hetCentrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel (hierna: CKM), doormiddel van online outreach geprobeerd in contact te treden met (poten-tiële) slachtoffers van criminele uitbuiting en hen te begeleiden naar eenanonieme hulplijn waar zij op een laagdrempelige en veilige manier methulpverleners kunnen chatten en eventueel worden begeleid naarregionale hulpverlening en/of opsporingsinstanties. Ook kan, indien doorhet slachtoffer gewenst, de politie aansluiten bij chatsessies zodatjongeren op een laagdrempelige manier met de opsporing in contactkunnen komen. Daarnaast hebben, in samenwerking met FIER, pilotsgedraaid waarin ook door middel van online outreach in contact werdgetreden met potentiële slachtoffers van seksuele uitbuiting op seksadver-tentieplatforms en jongens/mannen die hier mogelijk slachtoffer vanwaren.Naast de bovenstaande projecten wordt er onder Actielijn 6 van hetActieplan programma Samen tegen mensenhandel gewerkt aan hetversterken van de positie van minderjarigen. Hier wordt in brede zingekeken naar bescherming en signalering zoals het trainen van eerstelijnsprofessionals die werken met minderjarigen die kwetsbaar zijn vooruitbuiting en het inbedden hiervan in regionale samenwerkingsver-banden. De online component kan in de uitwerking en verkenning vandeze actielijn naar voren komen.Aanbeveling 3: Zorg voor voldoende mogelijkheden voorgegevensuitwisseling en voorkom anonieme meldingen bijCoMenshaBij de aanpak van mensenhandel zijn verschillende instanties uitmeerdere domeinen betrokken. Een effectieve samenwerking, waarbij hetuitwisselen van gegevens een rol in speelt, is hierbij van belang. DeNationaal Rapporteur merkt op dat er terughoudendheid en handelings-verlegenheid heerst bij het delen van gegevens. Dit zit volgens deNationaal Rapporteur in de angst om AVG-wetgeving te overtreden enonduidelijkheid over wat wel of niet gedeeld mag worden. Het gevolg isdat het aantal meldingen bij CoMensha en de gegevensuitwisseling metketenpartners terugloopt. Daarnaast ontvangt CoMensha veel anoniememeldingen die lastiger zijn te registreren.Ik herken de constatering van de Nationaal Rapporteur dat onduidelijkheiden angst rondom gegevensdeling een effectieve samenwerking in deaanpak van mensenhandel in de weg kunnen zitten. Dit zijn ook signalendie wij uit het brede werkveld ontvangen. Daarom is, in afstemming methet brede werkveld, Actielijn 5 uit het Actieplan programma Samen tegenmensenhandel gericht op het verbeteren van gegevensdeling en-verwerking. Onderdeel hiervan is in gezamenlijkheid met andere partijenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 638, nr. 2564 te bezien of aanvullende of aangepaste regelgeving en/of afspraken nodigzijn om gegevensdeling en het proces eromheen te verbeteren. Verderwordt onder Actielijn 2 in hetzelfde Actieplan ingezet op het vergroten vande meldingsbereidheid. Dit wordt gedaan door het ontwikkelen van eencentraal informatiepunt en het verbeteren van de samenwerking tussenbestaande meldpunten ten behoeve van een nationaal verwijzingsmecha-nisme. Dit kan ook bijdragen aan het verbeteren van de gegevensdeling.De Minister van Justitie en Veiligheid,D.M. van WeelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 28 638, nr. 2565

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 2826253b7affac53

14 okt 2026 · 4928f4ea0df851c9

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.