Antwoord op vragen van de leden Van Lanschot en Bühler over de rechtspositie van reservisten
Brontekst
Versie 6ce0aa5c61adf2eb · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–2026Aanhangsel van de HandelingenVragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door deregering gegeven antwoorden1118Vragen van de leden Van Lanschot en Bühler (beiden CDA) aan deStaatssecretaris van Defensie en de Minister van Sociale Zaken enWerkgelegenheid over de rechtspositie van reservisten (ingezonden 22 januari2026).Antwoord van Staatssecretaris Tuinman (Defensie), mede namens de Ministervan Sociale Zaken en Werkgelegenheid (ontvangen 16 februari 2026)Vraag 1Bent u bekend met het artikel in het Financieele Dagblad waarin gepleit wordtdat de rechtspositie van reservisten, en die van hun werkgever, beter moetworden beschermd?1Antwoord 1Ja.Vraag 2Deelt u de analyse uit het genoemde artikel dat de huidige rechtspositie vanreservisten, met name bij langdurige inzet of bij letsel, onduidelijk is en teveel afhankelijk is van individuele afspraken of cao-bepalingen? Zo nee,waarom niet?Antwoord 2In het arbeidsrecht geldt in beginsel het uitgangspunt dat werkgever enwerknemer afspraken maken over de inzet als reservist bij Defensie. Gelet opde rol van de reservist tot nu toe waren die afspraken meestal afdoende. Derol en inzet van de reservist wordt echter wezenlijk groter en verandert vankarakter. Dat vraagt om meer duidelijkheid over de rechten en plichten van dereservist, van de civiele werkgever en van Defensie als militaire werkgever.Daarom tref ik met het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid enwerkgevers- en werknemersorganisaties voorbereidingen voor het waarnodig wettelijk verankeren van aanpassingen in de (civiele) rechtspositie vande reservist.1Financieele Dagblad, 20 januari 2026, Rechtspositie reservisten is juridisch mijnenveld voorwerkgever en werknemer (https://fd.nl/samenleving/1583505/rechtspositie-reservisten-is-juridisch-mijnenveld-voor-werkgever-en-werknemer) ah-tk-20252026-1118ISSN 0921 - 7398’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel1 Vraag 3Kunt u toelichten hoe de huidige juridische kaders zijn vormgegeven rondominzet, verlof, loondoorbetaling en aansprakelijkheid van reservisten?Antwoord 3De huidige juridische kaders zijn neergelegd in het (militair) ambtenarenrechten het arbeidsrecht: primair in de Wet Ambtenaren Defensie en boek 7 vanhet Burgerlijk Wetboek.Vraag 4Bent u het met arbeidsrechtspecialist Nataschja Hummel eens dat reservistenin feite «twee werkgevers» hebben en dat dit zonder heldere wetgeving vooronduidelijkheid en risico’s zorgt, zowel voor de werknemer als de werkgever?Zo nee, waarom niet?Antwoord 4Ja, het klopt dat reservisten veelal twee werkgevers zullen hebben waarbij deciviele werkgever de primaire werkgever is en dat dit tot onduidelijkheid kanleiden. Daarom worden de in het artikel genoemde punten meegenomen inhet onderzoek naar de rechtspositie van reservisten. Uitgangspunt daarbij ishet zo veel als mogelijk wegnemen van onduidelijkheden en risico’s.Vraag 5Acht u de huidige kostenvergoeding, van € 55 per dag bij langdurige inzetvan een reservist, toereikend en eerlijk ten opzichte van werkgevers die loyaalmeewerken aan nationale veiligheid?Antwoord 5Ik acht de huidige onkostenvergoeding niet meer passend. Om die reden hebik recentelijk de regeling tegemoetkoming werkgeversbijdrage onderzochtwaardoor deze regeling nu herzien wordt.Vraag 6Kunt u aangeven hoeveel werkgevers momenteel gebruikmaken vancao-bepalingen of eigen beleid ten behoeve van reservistenverlof?Antwoord 6Er zijn momenteel circa 50 organisaties (bedrijfsleven, universiteiten enhogescholen, overheden) die een cao-bepaling of eigen beleid hebben overreservistenverlof.Vraag 7In hoeverre wordt de inzet van reservisten momenteel belemmerd doorjuridische onduidelijkheid of terughoudendheid van werkgevers?Antwoord 7In de contacten met andere werkgevers bemerkt Defensie over het algemeennauwelijks terughoudendheid. Het relatienetwerk groeit gestaag. Somshebben werkgevers inhoudelijke vragen over bijvoorbeeld arbeidsongeschikt-heid van reservisten of loondoorbetaling bij ziekte. Eenduidige communicatiehelpt dan om onduidelijkheid weg te nemen. Defensie merkt veel begrip bijpartners en bereidheid om bij te dragen aan de groei en inzet van hetreservistenbestand.Onderzoeken laten zien dat bij individuele (aspirant-)reservisten juridischeonduidelijkheid soms reden is om af te zien van een sollicitatie als reservistof om Defensie voortijdig te verlaten. Ook deze inzichten worden meegeno-men bij de verbetering van de rechtspositie.Vraag 8Kunt u een overzicht geven van welke wet- en regelgeving volgens ubelemmerend kan zijn voor werkgevers om met hun werknemers af tespreken dat zij naast hun werk reservist kunnen worden?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel2 Antwoord 8Op dit moment breng ik in samenwerking met het Ministerie van SocialeZaken en Werkgelegenheid in kaart hoe de verschillende juridische stelselszich tot elkaar verhouden, met name waar het gaat om de rechten en plichtenvan de civiele werkgever, de reservist en Defensie. Welke wet- en regelgevingbelemmerend kan zijn voor werkgevers wordt daarbij meegenomen. Zodra ditcompleet is ondersteun ik het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegen-heid met een eventuele wetswijziging richting uw Kamer. Ook wordtonderzoek gedaan naar het eventueel ontbreken van wettelijke voorzieningen.Zo is er momenteel geen wettelijke ontslagbescherming voor reservisten.Daarnaast bestaat er geen afzonderlijk wettelijk recht op een uitkering bijarbeidsongeschiktheid die ontstaat tijdens inzet als reservist. Het ontbrekenvan dergelijke voorzieningen kan in de praktijk gevolgen hebben voor dewijze waarop risico’s, zoals arbeidsongeschiktheid, worden verdeeld tussende betrokken partijen.Uw Kamer wordt voor de zomer verder geïnformeerd over de aanpassing vanwet- en regelgeving met het oog op de rechtspositie van reservisten, conformtoezegging van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.Vraag 9Kunt u inzichtelijk maken hoe andere NAVO-landen de inzet en beschermingvan reservisten juridisch hebben verankerd en wat Nederland daarvan kanleren?Antwoord 9De NAVO heeft in oktober vorig jaar beleid voor reservisten vastgesteld. Ookhet NAVO-beleid weerspiegelt dat reservisten een cruciale rol spelen in degroei van de militaire capaciteit en daarnaast ook specialistische (niche)kennis inbrengen. Ook wordt benadrukt dat reservisten als geen ander debrug slaan naar de civiele maatschappij en bijdragen aan sociale weerbaar-heid. De juridische bescherming van reservisten is bij vrijwel alle NAVO-landen een onderwerp in ontwikkeling. Binnen het NAVO-Comité overreservisten worden ervaringen uitgewisseld. Recent heb ik hierover met devoorzitter van de NATO Committee on Reserves gesproken en afgestemd.Vraag 10Wat is uw mening met betrekking tot het pleidooi om de rechtspositie vanreservisten wettelijk vast te leggen, in plaats van over te laten aan cao-afspraken?Antwoord 10Zoals hiervoor is toegelicht worden er op dit moment voorbereidingengetroffen om de rechtspositie van reservisten te verbeteren. Uw Kamer wordtdaarover in de eerste helft van dit jaar nader geïnformeerd zoals toegezegdtijdens het Commissiedebat Arbeidsmarktbeleid en Arbeidsmarktdiscriminatievan 24 september 2025 en bij brief van 17 december 20252. Daarbij zal deMinister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ingaan op de vraag of derechtspositie van reservisten verduidelijking dan wel versterking behoeft doormiddel van nieuwe wettelijke regels. Dat neemt niet weg dat werkgevers- enwerknemersverenigingen vrij zijn bovenwettelijke afspraken in een CAO op tenemen.2Kamerstukken II 2025/26, 29 544, nr. 1303, blz. 38, en Kamerstukken II 2025/26, 33 763, nr. 174,blz. 5.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel3
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.