Landelijk Rapport Lokale Educatieve Agenda voor en vroegschoolse educatie
Brontekst
Versie b86891b9d95ae796 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 31 293Primair Onderwijs Nr. 725 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 12 maart 2024 Hierbij stuur ik u het Landelijk Rapport Lokale Educatieve Agenda/voor- en vroegschoolse educatie (hierna: LEA/vve). Dit rapport heb ik op 8 februari jl. ontvangen van de Inspectie van het Onderwijs (hierna: inspectie). Het rapport gaat in op de mate waarin gemeenten overleg hebben gevoerd, afspraken hebben gemaakt en doelen hebben bereikt met betrekking tot de LEA/vve. Daarnaast wordt verslag gedaan van de toezichtactiviteiten van de inspectie in het kader van haar waarborgfunctie ten aanzien van LEA/vve. In het tweede deel van het rapport wordt verslag gedaan van een verdiepend onderzoek naar de «resultaatafspraken vroegschoolse educatie» die gemeenten en schoolbesturen moeten maken. De inspectie levert rond de zomer een themarapportage op naar de kwaliteit van vroegschoolse educatie. In juni 2023 bracht de inspectie een vergelijkbaar onderzoek uit naar de kwaliteit van voorschoolse educatie.1 Het is mijn voornemen om aankomend najaar mijn beleidsreactie te geven op de drie rapporten samen. De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,M.L.J. Paul1Kamerstukken II, 2022/23, 31 293, nr. 691. kst-31293-725ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 293, nr. 725
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.