KamerkringInloggen
Kamerbrief

Uitvoering van de motie van het lid Kuik over een kader formuleren voor gemeenten (Kamerstuk 28638-167)

1 feb 2021 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie b5e345add9bf0a30 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2020–2021 28 638Mensenhandel Nr. 187 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 1 februari 2021 In het kader van het programma Samen tegen mensenhandel en de afspraken uit het Interbestuurlijk Programma zijn er belangrijke stappen gezet om de gemeentelijke aanpak van mensenhandel te versterken. Zo heeft de VNG samen met partners het Kompas Aanpak Mensenhandel en de longread mensenhandel gelanceerd, is het bestuurlijk netwerk mensenhandel opgericht en zijn met middelen van het rijk in drie regio’s pilots regionale aanpak mensenhandel gestart. In de motie van het lid Kuik (CDA) c.s. van 3 juli 2019 (Kamerstuk 28 638, nr. 167) heeft uw Kamer mij verzocht om samen met de VNG en gemeenten een kader te formu-leren waar een gemeente aan dient te voldoen om te kunnen spreken van een gemeente die alert is op de aanpak van mensenhandel, en bij het opstellen van dat kader in overleg te treden met de VNG. U heeft mij tevens verzocht gemeenten erkenning te geven indien zij voldoen aan dit kader, bijvoorbeeld in de vorm van een keurmerk, en hierbij ook te kijken naar ervaringen in het Verenigd Koninkrijk. Met deze brief ga ik in op de uitvoering van de motie. Proces Zoals verzocht in de motie hebben de VNG en het Ministerie van JenV contact gezocht met de betrokkenen in het Verenigd Koninkrijk. Een werkbezoek ten behoeve van kennisuitwisseling stond gepland voor juli 2020, maar kon geen doorgang vinden door COVID-19. Er is samen met de VNG besloten om desalniettemin over te gaan tot het opstellen van een kader. Dit kader is zorgvuldig tot stand gekomen met medewerking van gemeenten en verschillende relevante partners1. 1Onder andere CCV, politie, CoMensha, de NRM, RIEC en zorgorganisaties. kst-28638-187ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2021Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 28 638, nr. 1871 Inhoud kader De gemeenten hebben in de aanpak van mensenhandel vier rollen: signaleerder, beleidsmaker, regisseur van de integrale aanpak en verantwoordelijke voor zorg en opvang. In 2015 heeft de Commissie Lenferink een rapport over de aanpak van mensenhandel opgesteld. Uit het rapport kwam naar voren dat gemeenten hun rol in de aanpak van mensenhandel verder moeten invullen. Het kader2 helpt gemeenten te bepalen wat ze moeten doen om verder invulling te geven aan hun verantwoordelijkheden en zo een goede aanpak van mensenhandel te realiseren. Daarnaast moedigt het kader gemeenten aan om een stap verder te gaan in de ontwikkeling van de aanpak wanneer zij daar klaar voor zijn en als dit past binnen de lokale en regionale situatie. Het kader biedt op een beknopte wijze inzicht in verschillende bouwstenen op de thema’s beleid, signalering, bewustwording, samenwerking en zorg voor slachtoffers. Voor de verschillende thema’s zijn twee plateau’s opgenomen: plateau één betreft een basisniveau met de bouwstenen die in elke gemeente geregeld dienen te worden om op een juiste manier invulling te geven aan de aanpak van mensenhandel. Plateau 2 zijn optionele bouwstenen die worden aanbevolen voor een doorontwikkeling van de gemeentelijke aanpak. Vervolgproces Voor een goede borging van het kader wordt het gekoppeld aan het reeds opgeleverde Kompas Aanpak Mensenhandel. Verder zal met de VNG worden onderzocht op welke wijze gemeenten kunnen worden aange-moedigd om het kader daadwerkelijk te gebruiken. Na vaststelling van het kader in de VNG Commissie Bestuur en Veiligheid en het VNG-bestuur zal de VNG samen met het ministerie werken aan een implementatieplan. Hierin zal onder andere worden bekeken hoe het kader onder de aandacht gebracht kan worden bij gemeenten en hoe bestuurders gemotiveerd kunnen worden om het kader te gebruiken, bijvoorbeeld met behulp van het bestuurlijk netwerk mensenhandel. In overleg met de VNG is echter besloten om geen formele erkenning te geven aan gemeenten die voldoen aan het kader, omdat dat niet past bij de gedachte van het Interbestuurlijk Programma waarin Rijk en medeoverheden gelijkwaardige partners zijn. Bovendien zouden gemeenten voor een duurzame aanpak vanuit een intrinsieke motivatie moeten werken. Ook wekt erkenning de indruk dat er een stabiele situatie mogelijk is, terwijl de aanpak van mensenhandel voortdurend aandacht en bijstelling behoeft. JenV en de VNG blijven wel de uitwisseling van best practices tussen gemeenten faciliteren en goede initiatieven op het gebied van de gemeentelijke aanpak breed onder de aandacht brengen bij de gemeenten, bijvoorbeeld bij het bestuurlijk netwerk mensenhandel. Het kader is tot stand gekomen met de input van vele gemeenten en partners om zo het draagvlak voor het kader te vergroten. Ik heb er dan ook vertrouwen in dat het kader, met ondersteuning van de VNG, gemeenten kan helpen bij het opstellen en door ontwikkelen van de gemeentelijke aanpak van mensenhandel. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A. Broekers-Knol2Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 28 638, nr. 1872

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · dc64fcddfb9821a3

14 okt 2026 · e34df12ce65f61fa

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.