Verslag van een commissiedebat, gehouden op 25 maart 2026, over klimaatbeleid gebouwde omgeving
Brontekst
Versie a84fcfbe153a9546 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 847Integrale visie op de woningmarkt32 813Kabinetsaanpak KlimaatbeleidNr. 1452 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 22 mei 2026 De vaste commissie voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en devaste commissie voor Klimaat en Groene Groei hebben op 25 maart 2026overleg gevoerd met mevrouw Boekholt-O’Sullivan, Minister vanVolkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, over:–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 17 maart 2026 inzake stand van zaken imple-mentatie Richtlijn energieprestatie van gebouwen (EnergyPerformance of Buildings Directive, EPBD IV) (Kamerstuk32 847, nr. 1405);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 9 januari 2026 inzake verduurzaming gebouwdeomgeving, voortgang op diverse maatregelen, moties entoezeggingen (Kamerstuk 32 847, nr. 1401);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 9 januari 2026 inzake kabinetsreactie op hetRli-advies Bouwen met toekomst. Werken aan woningen vanduurzame materialen (Kamerstuk 32 847, nr. 1400);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 13 november 2025 inzake stand van zakenVvE-Versnellingsagenda verduurzaming (Kamerstuk 30 196,nr. 855);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 19 september 2025 inzake opzet periodiekerapportage artikel 2.1 VRO 2021–2025 (Kamerstuk 30 983,nr. 4);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 14 juli 2025 inzake implementatie EnergyPerformance of Buildings Directive (EPBD) (Kamerstuk 22 112,nr. 4107);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 11 juli 2025 inzake verduurzaming gebouwdeomgeving (Kamerstuk 32 847, nr. 1376);–de brief van de Minister van Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening d.d. 7 april 2025 inzake klimaatadaptatie gebouwdeomgeving (Kamerstuk 32 847, nr. 1320). kst-32847-1452ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14521 Van dit overleg brengen de commissies bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de vaste commissie voor Volkshuisvesting en Ruimte-lijke Ordening,BrometDe voorzitter van de vaste commissie voor Klimaat en Groene Groei,ZwinkelsDe griffier van de vaste commissie voor Volkshuisvesting en RuimtelijkeOrdening,De VosTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14522 Voorzitter: Van AstenGriffier: BeekmansAanwezig zijn negen leden der Kamer, te weten: Van Asten, Beckerman,Grinwis, Van Leijen, Mooiman, Nobel, Van Oosterhout, Russcher en Steen,en mevrouw Boekholt-O’Sullivan, Minister van Volkshuisvesting enRuimtelijke Ordening.Aanvang 10.00 uur.De voorzitter:Goedemorgen, dames en heren. Welkom bij de vergadering van de vastecommissie voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Wij gaan indebat. Daarvoor heet ik allereerst de commissieleden welkom. Ik heet deMinister welkom. Ik heet de mensen op de publieke tribune en de mensendie thuis of vanuit werk meekijken welkom.We hebben vandaag spreektijden van vier minuten per fractie. Ik zouwillen voorstellen om af te spreken dat wij vier interrupties op elkaar endaarna vier interrupties op de Minister hebben. Idealiter zijn die inter-rupties niet langer dan 30 seconden. Daar zullen wij enigszins op toezien.Dan houden we een beetje vaart in het debat.Ik zou gelijk willen beginnen met dit debat Klimaatbeleid gebouwdeomgeving. Ik wil daarvoor de heer Mooiman het woord geven.De heer Mooiman (PVV):Dank u wel, voorzitter. We spreken vandaag over de verduurzaming vande gebouwde omgeving. Het is goed dat we daar nu over spreken, zekergelet op de voornemens van het nieuwe kabinet.Voorzitter, ten eerste. Waar het gaat om verduurzaming zijn voor de PVVeen drietal zaken leidend: daadwerkelijke verbetering van hetwooncomfort, een lagere energierekening en vrijwilligheid. Voor ons staatvoorop dat maatregelen om te verduurzamen efficiënt en betaalbaarmoeten zijn en gedragen moeten worden. In een tijd waarin dewoonlasten voor veel mensen al hoog zijn en de gemiddelde huizenprijsinmiddels de grens van een half miljoen euro is gepasseerd, is er wat onsbetreft geen ruimte om vanuit ideologische overtuigingen steeds nieuweeisen op te leggen en mensen verder op kosten te jagen. Toch lezen we inde stand van zaken energieprestatie gebouwen dat het kabinet hetnoodzakelijk acht om aanvullende beleidsmaatregelen te treffen omklimaatdoelen te halen, terwijl in het coalitieakkoord juist staat dat wordtingezet op het standaardiseren van duurzaamheidsnormen en wordtdoorgegaan met de inzet tegen prijsopdrijvende regels. Een vraag aan deMinister is dan ook aan wat voor beleidsmaatregelen zij denkt en hoe dezein relatie staan tot het coalitieakkoord. Is de Minister het met ons eens datnieuwe duurzaamheidseisen op zichzelf onverstandig zijn en dat we onsdus niet blind moeten staren op klimaatdoelen alleen, maar ook oogmoeten houden voor de betaalbaarheid en uitvoerbaarheid?We staan immers voor een enorme woningbouwopgave. Het woning-tekort is opgelopen naar meer dan 410.000 woningen en we halen hetdoel van 100.000 woningen per jaar helaas nog steeds bij lange na niet.Extra eisen gaan dat simpelweg niet makkelijker maken. Wat ons betreftzou het dan ook verstandig zijn om in te zetten op vertrouwde methodes,zoals het verder isoleren van woningen. Isolatie kan zowel hetwooncomfort verbeteren als de energierekening verlagen. Maar toch ligtjuist hier een groot probleem. We zien dat de isolatiebranche al langeretijd in zwaar weer verkeert. Vooral de spouwmuurisolatie in particulierewoningen is de laatste jaren hard achteruitgegaan. In 2024 zag deze sectoreen terugloop in de opdrachten van ongeveer 70%. Volgens de branchezelf komt dit onder meer door versnipperd beleid, bijvoorbeeld rondomTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14523 natuurbescherming. Brancheorganisaties roepen dan ook op tot meereenduidigheid in beleid. Ze stellen dat er snel duidelijkheid moet komenover hoe woningen vergunningsvrij geïsoleerd kunnen worden en hoe ermet de vleermuisproblematiek wordt omgegaan. Daar hebben wenatuurlijk in de Kamer ook meermaals over gesproken. We vragen deMinister hoe zij naar deze oproep kijkt en wat de stand van zakendaaromtrent inmiddels is.Voorzitter. Daarnaast vinden wij dat verduurzaming vrijwillig tot standmoet komen. Als iets goed werkt, ontstaat er vanzelf vraag naar. We willenmensen niet opzadelen met extra kosten voor experimentele technolo-gieën. Wat ons betreft kan er dus ook nooit dwang of drang plaatsvinden.In dat kader is onze fractie geen voorstander van het normeren vanhybride warmtepompen vanaf 2029. De PVV heeft er eerder juist voorgezorgd dat een verplichting van tafel ging, maar het nieuwe kabinet lijktdie verplichting alsnog terug te brengen, terwijl veel mensen simpelwegniet het geld hebben om een warmtepomp aan te schaffen en de effectenervan bovendien sterk kunnen verschillen per woning. Ook woningcorpo-ratiekoepel Aedes heeft aangegeven dat de warmtepompnormering nugeen goed plan is. Volgens hen betekent normering dat corporatiesgedwongen worden om te investeren op een moment dat de kosten hethoogst zijn, terwijl zij daar de financiële ruimte niet voor hebben en ook alkampen met aanzienlijke tekorten. Recent kwam ook de Woonbond meteen brandbrief over het draagvlak onder huurders voor de energietran-sitie. Volgens de Woonbond staat dat draagvlak ernstig onder druk. Wijherkennen dat signaal. Is de Minister het met ons eens dat er dus geendwang of drang mag plaatsvinden en dat de normering die in hetcoalitieakkoord is opgenomen geen verplichting mag worden?Voorzitter. Tot slot nog een punt over de circulariteit. De PVV maakt zich erzorgen over dat de huidige ambities op dit terrein ten koste kunnen gaanvan de betaalbaarheid en realisatiekracht van nieuwe woningen. Eencirculaire bouwsector waarin de uitstroom van materialen volledigvoorziet in de behoefte aan nieuwe materialen is wat ons betreft nietrealistisch. Is de Minister het met de PVV eens dat doelstellingen voorcirculariteit de woningbouw niet in de weg mogen zitten?Tot zover, voorzitter.De voorzitter:Dank voor uw bijdrage.De heer Nobel (VVD):Ik dacht: ik wacht even tot collega Mooiman zijn bijdrage heeft afgerond.Voor een heel groot deel snap ik de zorgen die de PVV uit over duurzaam-heideisen, namelijk dat die kunnen leiden tot een stijging van debouwkosten. Tegelijkertijd geeft de markt zelf aan dat als duurzaam-heidseisen gestandaardiseerd zijn, die wat de bouwers betreft nog welwat verder zouden mogen gaan, zolang er maar niet allerlei gemeentelijkeof regionale eisen bovenop komen. Dat zorgt er namelijk voor dat ze temaken krijgen met allerlei verschillende eisen. Dan gaat het wel in depapieren lopen en kan het niet uit. Hoe kijkt de PVV aan tegen de oproepvan de markt zelf dat het best op een hoger niveau zou kunnen, metdaarmee ook lagere kosten voor de bewoners, zolang er maar niet allerleiregionale duurzaamheidseisen bovenop komen?De heer Mooiman (PVV):Goede vraag. Ik denk dat standaardisatie een goede zaak is. Het versnip-perde beleid waar we nu mee te maken hebben, leidt in veel gevallen tothogere kosten en zorgt ervoor dat er per gemeente een andere aanpakmoet komen. Dat is problematisch en dat werkt kostenverhogend. Tenaanzien van de eisen zelf en de vraag of er aan een hogere norm voldaanmoet worden, zijn we het juist eens met de koers van het vorige kabinetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14524 en van de vorige Minister, die heeft gezegd dat de aanscherping van deMPG van tafel gaat. Daar zijn wij ook voorstander van. We zien datdaarover verschil van inzicht is tussen marktpartijen, maar het lijkt ons inessentie belangrijk om ervoor te zorgen dat de maatregelen die wenemen, niet kostenverhogend werken. Maar we zijn natuurlijk welvoorstander van maatregelen waarmee isolatie gestimuleerd kan wordenen op een betere manier kan worden vormgegeven.De voorzitter:Er is nog een interruptie.De heer Van Leijen (D66):Volgens mij is het een goed betoog van de heer Mooiman over hetvooropstellen van betaalbaarheid bij duurzaamheid. Dat kan ik heel goedbegrijpen, maar juist vanuit die gedachte kan normstelling enorm helpen.Dat hoor je de markt ook zeggen: als we een duidelijke norm hebben waarwe naartoe kunnen werken, hebben we investeringszekerheid, krijgen weschaal en kunnen we de productiekosten omlaagbrengen. De andere kantis het intrekken van zo’n norm. Denk aan de hybride warmtepomp: danweer wel, dan weer niet. Die wiebeligheid helpt niet. Is zo’n norm met hetoog op de betaalbaarheid dan niet juist een hele goede stap?De heer Mooiman (PVV):Ik denk dat een norm of verplichting geen goede stap is voor de betaal-baarheid, zeker niet voor de normale Nederlanders, voor de particulierendie uiteindelijk zo’n warmtepomp moeten bekostigen. Heel veel mensenhebben daar het geld niet voor. In heel veel gevallen zal het ook nietleiden tot een lagere energierekening of tot een verbetering van hetwooncomfort. We horen ook dat investeerders en woningbouwcorpo-raties zeggen: doe dit vooral even niet; laat ons zelf de keuzes maken diewij willen maken. Dat lijkt mij de manier waarop we het moeten doen.De heer Van Leijen (D66):Dan toch nog een vervolgvraag. Volgens mij kunnen wij elkaar vinden inhet feit dat het enorm zou helpen als de kosten voor een warmtepompomlaag zouden gaan. Dat is ook iets waar de sector samen met Aedesmee bezig is; ze willen de kosten halveren, geloof ik. Dan helpt het tochjuist als je een duidelijke stip op de horizon hebt, als je massa kunt gaanmaken, als je schaal kunt gaan maken, als je voorspelbaarheid hebt alsinvesteerder? Zo breng je die kosten omlaag.De heer Mooiman (PVV):Toch constateer ik dat er in heel veel gevallen wordt ingezet op experi-mentele toepassingen. Kijk bijvoorbeeld naar warmtenetten en ook naarde hybride warmtepomp. De kosten daarvan liggen ontzettend hoog enwegen niet op tegen de baten die ervan uit zouden moeten gaan. Ik denkdat het verstandig is dat dit soort technologieën eerst nog verderontwikkeld worden. Nogmaals, uiteindelijk vind ik dat het ook een vrijekeuze is. Het is aan mensen zelf wat ze wel en niet willen met hun woning.Een normering of een verplichting heeft daar wat ons betreft geen plaatsin.De voorzitter:Dank. Voordat ik mevrouw Beckerman het woord geef, wil ik decommissie nog twee mededelingen doen. Allereerst graag detoestemming dat wij vandaag mevrouw Van Oosterhout in ons middenhebben. Welkom, zou ik willen zeggen. U bent officieel geen lid van decommissie. U valt in. Daarom moeten we even toestemming vragen aande rest van de commissie of zij daarmee instemmen. Ik zie geknik, duswelkom. De tweede mededeling gaat mijzelf aan. Ik ben invalvoorzitter enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14525 ben op het laatste moment ingevallen, maar ik kan helaas maar tot12.00 uur, dus daarna zal een van u het moeten overnemen. Dat ook voorde mensen thuis: dat zal dadelijk de voorzitterswissel worden. Na dezedienstmededelingen geef ik graag het woord aan mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Dank u wel, voorzitter. Ze zeggen: niets is zeker, behalve de dood enbelastingen. Maar we kunnen daar een aantal zekerheden aan toevoegen.Eén. We komen keer op keer in een energiecrisis terecht. Twee. Het zijnsteeds dezelfde huishoudens die in goede en in slechte tijden betalen endezelfde Shells en co die ervan profiteren. Drie. Opeenvolgendekabinetten zijn chronisch onbetrouwbaar gebleken. Vier. Elke crisisopnieuw wordt er naar het Groningenveld gekeken door enkele rechtsepartijen, terwijl dat alleen maar meer ellende oplevert.Deze weken houden miljoenen Nederlanders hun adem in voor wat degeopolitieke crisis brengt. Het is huilen bij de pomp, het is voor velenonbetaalbaar om te stoken, wéér. Er zijn miljarden verspild aan klimaat-beleid waarvan de rijken hebben geprofiteerd, terwijl huurders en lagereinkomens betalen. Het draagvlak voor veel klimaatmaatregelen isdaarmee verspeeld. En daar zitten we weer. Nog steeds afhankelijk en nogsteeds zit het kabinet op zijn handen.Vijf dingen die we vandaag moeten doen. Eén. Ik begin met de zonnepa-nelen. Huurders en mensen met lagere inkomens werd verteld: neemzonnepanelen, je gaat ervan profiteren. De hogere inkomens, die alseerste konden investeren, hébben kunnen profiteren. Goed. En nuanderen aan de beurt zijn, stopt ineens de salderingsregeling. Huurdersmet zonnepanelen betalen na 2027 vaak meer dan huurders zonderzonnepanelen. Als je als overheid belooft dat iets geld gaat opleveren enje stuurt daarna alsnog de rekening, ben je onbetrouwbaar. Dit is funestvoor het vertrouwen. Als u nog iets van draagvlak wilt herwinnen, moet ernu compensatie komen voor huurders en mensen die niet jarenlanghebben kunnen profiteren van het salderen. Vraag: gaat u de aangenomenSP-motie alsnog uitvoeren en daarna een plan voor meer zon op dak encollectieve opslag maken?Twee. Warmtenetten. Elke energiecrisis opnieuw blijkt hoe afhankelijk wezijn van gas. Warmtenetten kúnnen een oplossing zijn, maar niet zoals hetnu gaat. Huurders op een warmtenet betalen gemiddeld € 370 extra perjaar. Ook dat is funest voor het draagvlak. U zegt in het coalitieakkoord datu wilt inzetten op warmtenetten, maar waar is het hiervoor benodigdegeld, vraag ik de Minister. Hoe gaat u zorgen dat er een echte woonlas-tengarantie komt?Drie. Zeggenschap. Als je dan als overheid – ik noemde net tweevoorbeelden – zo onbetrouwbaar bent en mensen keer op keer belooft datze profiteren, om ze achteraf de rekening te sturen, is het niet deoplossing om hun dan maar zeggenschap af te nemen. Dat is wat er nuwel te vaak gebeurt. Zo zijn er corporaties die de 70% instemming bijrenovatie proberen te omzeilen door grote projecten aan te merken alsgroot onderhoud of de aanleg van een warmtenet als dringendewerkzaamheden. Vraag aan de Minister: hoe gaat zij garanderen dathuurders hun rechten behouden of, beter nog, hoe wil zij die rechtenversterken?Vier. Isoleer. Mijn voorganger sprak er ook al over. Hoe minder we hoevente verbruiken, hoe beter. Goed dat het kabinet zegt dat het met een IsolatieOffensief komt, maar dat is niets waard als het daarvoor onvoldoendegeld vrijmaakt. Hoe zorgt u dat er voldoende geld is voor de isolatie vancorporatiewoningen? Gaat u het geld uit het Social Climate Fund inzettenvoor energiebesparende maatregelen voor mensen met de laagsteinkomens?Vijf. Verlaag de energierekening nu. Nederland heeft de hoogste gasbe-lasting. Terwijl huishoudens de rekening niet kunnen betalen, verdient hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14526 kabinet op de gestegen gasprijzen en blijft het tot het najaar, zoals we nuhoren, op zijn handen zitten. Dat is ongekend. Wat gaat de Minister nudoen om de energierekening voor huishoudens te verlagen?Tot slot, voorzitter. Het kan wél. Spanje doet het: 5 miljard steun aan zijninwoners, een lagere energierekening, gerichte steun voor lagereinkomens en een huurbevriezing. Dit zijn allemaal voorstellen die wij hierzouden kunnen overnemen. Bovendien was de energierekening in Spanjeal lager dan het Europees gemiddelde doordat ze hebben geïnvesteerd ingroene, duurzame energie. Het kan wél. Nu u weer, Minister. Als je hetmaar wil.Dank u wel.De voorzitter:Dank voor uw betoog. Dan ga ik naar mevrouw Van Oosterhout.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Ik val dus eenmalig in voor mijn collega SuzanneKröger, die verhinderd is.Voorzitter. Voor de tweede keer in enkele jaren laten we ons overvallendoor gebeurtenissen elders op de wereld die de energiemarkt, de fossieleenergiemarkt om precies te zijn, zwaar verstoren. Laten we wel wezen: deenergiecrisis die op ons afkomt, is in de eerste plaats een fossiele crisis.De enige manier om onszelf structureel weerbaarder te maken tegen eensteeds instabielere wereld, is door onze fossiele afhankelijkheid af tebouwen. Dat betekent dat we efficiënter moeten omgaan met energie enmoeten overstappen op hernieuwbare energie. Net als bij de Oekraïne-crisis dreigen de hoge prijzen op de energiemarkt op het bordje vanhuishoudens te belanden. Dat is, wederom, slecht nieuws. Volgens delaatste cijfers hebben nu al ruim een half miljoen huishoudens te kampenmet energiearmoede. Een op de twaalf kinderen groeit daarin op. Als weniks doen, wordt de energiearmoede alleen nog maar groter door deoorlog in Iran. Op korte termijn betekent het dat we huishoudens gerichtmoeten helpen als zij hun energierekening niet kunnen betalen, vandaaronze recente voorstellen om bijvoorbeeld het energienoodfonds teheropenen. Maar de structurele oplossing is om mensen te helpen hunhuis te verduurzamen. Het coalitieakkoord geeft gemixte signalen af overwat de coalitie wil. Er is namelijk nogal een verschil tussen de tekst en debudgettaire bijlage. Het coalitieakkoord schrijft bijvoorbeeld over eenIsolatie Offensief, maar daar is geen geld voor gereserveerd. Hoe ziet zo’nIsolatie Offensief zonder enige middelen eruit? Wat zijn de plannen vandeze Minister?Gelukkig zien we dat er in veel gemeenten al stappen zijn gezet sinds deOekraïnecrisis, maar helaas zien we ook dat de verschillen tussengemeenten steeds groter worden, zowel in aanpak als in effectiviteit. HetRegionaal Energieloket heeft deze verschillen in beeld gebracht enconcludeert dat gemeenten die effectief drempels verlagen, veel meervaart maken in hun isolatieaanpak. Ook de SER kwam vandaag met eenrapport dat stelt: ontzorg mensen met een mensgerichte aanpak.Vereenvoudig bijvoorbeeld de subsidies voor verduurzaming, zodat hetvan tevoren voor bewoners glashelder is welk bedrag ze aan subsidiekunnen ontvangen. Financier vooraf in plaats van achteraf. Bied mensenaan de subsidieaanvraag uit handen te nemen. Zorg voor deur-voor-deuractivatie en -advisering om mensen te informeren en te enthousias-meren. Werk met vooraf geselecteerde uitvoerders waarvan mensen zekerweten dat ze kwaliteit leveren.De vorige Minister benadrukte steeds zich niet met gemeentelijkeuitvoering te willen bemoeien. Kijkt deze Minister daar net zo tegen aan?Zo niet, hoe gaat zij ervoor zorgen dat best practices common practicesworden? Welke lessen van het Regionaal Energieloket wil ze gemeentenprecies laten overnemen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14527 De heer Nobel (VVD):Het gebeurt denk ik niet vaak, maar ik ben het volledig eens metGroenLinks-PvdA. Ik vind ook dat de Minister zich steviger tegengemeenten aan zou moeten bemoeien, met name gemeenten die allerleiduurzaamheidsambities stellen boven op het landelijk beleid. Hoe kijkt dePvdA-GroenLinksfractie daartegen aan? Heel veel woningen worden nietgebouwd doordat gemeenten hun eigen duurzaamheidsambitiesopleggen.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik denk dat we het gemeenten vrij moeten laten om, waar dat kan, extrastappen te zetten. Verduurzaming van woningen biedt niet alleen extrawooncomfort, maar zorgt er ook voor dat de energierekening structureelomlaaggaat. Het lijkt me dus heel goed om gemeenten daarin vrijheid tegeven.De heer Nobel (VVD):Ik was al bang voor dit antwoord. Het blijkt maar weer dat GroenLinks-PvdA liever voor vogelhuisjes kiest dan voor het bouwen van echtewoningen. Dat stelt de VVD enorm teleur.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik zou daar heel graag op willen reageren dat het heel belangrijk is dat wenaar de lange termijn kijken en dat die twee dingen gelukkig heel goedhand in hand gaan. Ik vind het ook belangrijk om hier te benoemen dat erin gemeenten waar GroenLinks-PvdA de grootste is en wethouders levert,structureel meer wordt gebouwd dan in andere gemeenten.De voorzitter:De heer Nobel met zijn vierde en tevens laatste interruptie.De heer Nobel (VVD):Die gebruik ik graag. In de buurgemeente van de gemeente waar ik zelfwoon, in Amsterdam, waren de bouwambities torenhoog. In verkie-zingstijd heb ik de wethouder van GroenLinks-PvdA daar zo’n beetjeiedereen de maat zien nemen, maar de bouwambities blijven daar enormachter. U kunt toch niet ontkennen dat het in de hoofdstad, waar hetmeest gebouwd zou moeten worden, totaal niet van de grond komt doorlinks beleid?Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Helaas hebben we ook te maken met een rechts kabinet, dat met nationaalbeleid voor flink wat problemen heeft gezorgd de afgelopen periode. Wekunnen dat niet allemaal op rekening van die wethouder schrijven. Ik heber alle vertrouwen in dat we de komende periode veel meer betaalbarewoningen in Amsterdam zullen gaan zien.De voorzitter:U vervolgt uw betoog na dit interruptiedebat, dat zo mooi begon met deopmerking dat u het met elkaar eens was.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik ben ook wel heel erg benieuwd of de Minister kan ingaan op deadviezen van de SER die vandaag naar buiten zijn gebracht. Is dezeMinister bereid om als eerste Minister echt werk te gaan maken vanwaterzijdig inregelen, ook wel de vergeten groente onder de verduurza-mingsmaatregelen genoemd?Voor warmte geldt hetzelfde als voor het Isolatie Offensief. In hetcoalitieakkoord staat dat het kabinet vol wil inzetten op warmte én op hetopkopen van bestaande private partijen. Maar ook hier staat geen geldTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14528 tegenover. Voor de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen is ditjaar precies nul euro beschikbaar. Het gevolg is dat allerlei projecten stildreigen te vallen en duizenden gezinnen moeten wachten op verduur-zaming. Voor de begroting dienden wij daarom een amendement in omdit jaar alsnog 77 miljoen euro te regelen. Maar dat werd weggestemd,ondanks dat zowel deze Minister als de Minister van KGG de noodzaakervan onderschreven. Wat zijn die mooie woorden in het coalitieakkoorddan waard? Vooralsnog helemaal niks. Deze coalitie laat huurders met eenhoge rekening in de kou zitten. Juist nu de energieprijzen door het dakgaan, is dat ronduit schandalig. Ook voor de komende jaren ontbreekt elkefinanciële zekerheid. Wat zijn de prognoses van de Minister wat betreftwelke middelen de komende jaren nodig zijn voor de opkoop en uitrol vanwarmtenetten? Hoe verklaart zij de discrepantie tussen de tekst in hetcoalitieakkoord en de budgettaire bijlage en tussen de mooie woorden enhet stemgedrag van deze coalitie?Dank u wel.De voorzitter:Dank voor uw bijdrage. Ik ga door naar de heer Nobel.De heer Nobel (VVD):Dank u wel, voorzitter. Je eigen huis moet geen plek zijn die je porte-monnee opslokt. Door de stijgende energieprijzen en de wispelturigheidin de wereld, wordt het steeds duidelijker dat we minder afhankelijkmoeten worden van onvrije landen. De verduurzaming van gebouwenbiedt daarvoor een goede kans. Het vermindert de afhankelijkheid endraagt bij aan de betaalbaarheid van de kosten voor bewoners en aan hetbehalen van de klimaatdoelen. In mijn bijdrage zal ik stilstaan bij drieoplossingen: het terugdringen van administratieve lasten, het stimulerenvan standaardisering en het versimpelen van natuurvergunningen enenergielabels.Allereerst de administratieve lasten. Wat de VVD betreft, stapelen westenen en geen papier. Er moet sneller en efficiënter verduurzaamdworden, bijvoorbeeld door het vereenvoudigen van vergunningen en hetinvoeren van duidelijke processen voor vve’s en projectontwikkelaars.Hoe is de Minister van plan voorspelbaar woningbeleid te voeren? Opwelke manier is zij van plan om de administratieve lasten concreet teverminderen, zodat woningbouw en renovaties niet langer wordenvertraagd door complexe regels? Hoeveel regels wil deze Minister gaanschrappen? Hoe is zij van plan dit te behalen? Wat als die doelen nietworden behaald? Hoe gaat de Minister ervoor zorgen dat langlopendevergunningsprocessen worden doorbroken? Kan zij aangeven hoe zeaankijkt tegen het stimuleren van standaardisering?Voorzitter. Voor de bouwsector is verduurzaming helemaal geen vieswoord. Sterker nog, volgens bouwers kunnen de duurzaamheidsambitiesomhoog als alle bovenwettelijke eisen die zijn opgelegd door lokaleoverheden, worden geschrapt. Bouwers hebben aangegeven dat zij in hunfabrieken veel sneller gestandaardiseerde onderdelen van woningenkunnen bouwen, maar dit is alleen effectief als niet elke gemeente eigenwensen en aanvullende eisen heeft. Als de ene gemeente wel eenvogelhuisje wil en een andere gemeente niet, of als de ene gemeente eenvogelhuisje wil voor de specht en de andere voor de zwaluw, schiet hetnatuurlijk niet op. Wat de VVD betreft moeten we vertraging voorkomen,juist met hoge ambities, maar wel met het oog op standaardisering.Voorspelbaarheid is daarbij de belangrijkste factor. Hoe kijkt de Ministerhiernaar?De heer Grinwis (ChristenUnie):Dat ben ik helemaal met collega Nobel eens. De ChristenUnie is ook grootfan van die gestandaardiseerde bouw in fabrieken, de fabrieksmatigeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14529 bouw, en de industriële bouw. Daar missen we nu zo veel kansen. Somskan het dan ook nodig zijn om regels landelijk te uniformeren. Sommigeregels hebben we gewoon nog niet gesteld. Als ieder drinkwaterbedrijfeen andere eis stelt aan de aansluiting van een drinkwaterinstallatie, danhebben we ook een probleem. Is de heer Nobel dan ook vice versa bereidom soms landelijke regels te stellen, ook al komt er dan formeel een regelbij, om juist de industriële bouw te bevorderen in Nederland en desnelheid van de woningbouw te verhogen?De heer Nobel (VVD):In principe denk ik dat we de afgelopen periode zo veel hebben geregu-leerd dat we echt moeten oppassen met het toevoegen van nog meerregels. Tegelijkertijd, als een regel ervoor zorgt dat de bouw versneldwordt, dan wil ik daar altijd naar kijken. Maar vanuit de VVD zeg ik wel: wehebben zo veel regels gestapeld de afgelopen periode dat ik liever wilbekijken welke regels we kunnen wegnemen om de bouw te bevorderendan dat ik weer extra regels ga toevoegen. Maar ik ga niet dogmatisch zijndoor te zeggen dat wij er niet welwillend naar kijken als iets ertoe kanleiden dat de bouw wordt versneld.Voorzitter, misschien kan ik mijn betoog vervolgen. Ik denk namelijk datdat hierop aansluit. Ik wil de Minister namelijk vraag of zij kan reflecterenop het eventueel herzien van het Bbl en op het meer standaardiserendaarvan.Voorzitter. Dan de energielabels. De VVD ziet dat de regels rondenergielabels onduidelijk en bureaucratisch zijn, met problemen inbewijsvoering, foutieve labels en ook nog eens hoge administratievelasten. Soms vallen energielabels lager uit dan de werkelijke prestaties,wat leidt tot onnodige kosten en onzekerheid. De VVD zou graag willendat er duidelijke richtlijnen, betere digitale systemen en transparanteinformatie over toekomstige eisen zijn. Hoe gaat de Minister dezeonduidelijkheden structureel oplossen, de lasten verminderen en deinvoering van nieuwe Europese eisen zonder extra vertraging begeleiden?Tot slot, voorzitter. De VVD erkent het belang van natuurbescherming,maar in de praktijk zie ik onduidelijkheid en oplopende kosten voorvergunningstrajecten. Hoe wil de Minister deze procedures efficiëntermaken, doorlooptijden verkorten en waarborgen dat kosten en eisenproportioneel blijven, met name voor middelgrote en kleine bouwpro-jecten? Welke stappen neemt de Minister om onduidelijkheden in detoepassing van bijvoorbeeld natuurvergunningen weg te nemen, zodatbouwers niet in langdurige procedures terechtkomen? Hoe kijkt deMinister bijvoorbeeld aan tegen een algemene natuurvergunning in plaatsvan allemaal losse natuurvergunningen?Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:Dank voor uw bijdrage. Dan ga ik naar de heer Russcher. O, excuus! Ik hadhet niet gezien; het is toch een beetje de blinde hoek daar. Excuus. Er iseen interruptie voor u van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ik begreep dat een kwart van de huishoudens zich nu alweer zorgen maaktover de energierekening en minder verbruikt, en ik hoor een VVD die hierzit te praten over vogeltjes. De partij ging de verkiezingen in met «rust inje portemonnee». Ik wil de heer Nobel alsnog de kans geven om tereageren op de vraag hoe hij en de VVD gaan zorgen voor rust in jeportemonnee, direct een lagere energierekening en wat ze gaan doen opde langere termijn.De heer Nobel (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145210 Volgens mij startte ik mijn betoog met het gegeven dat we op dit momentin een heel onrustige wereld leven. We zien dat de energieprijzen enormtoenemen, ook omdat we zelf heel afhankelijk zijn van onvrije landen. Ikbegon met aan te geven dat we daar zo snel mogelijk vanaf moeten. DeVVD heeft ook in andere commissies bepleit dat we snel moeten kijkennaar onze eigen energiehuishouding. Door bijvoorbeeld kernenergieworden we minder afhankelijk van andere landen. Als de SP zich erbijaansluit dat we minder lang afhankelijk moeten blijven van andere landen,dan is de SP van harte welkom om samen met de VVD daarin op tetrekken.Mevrouw Beckerman (SP):Ik ga het toch nog één keer proberen voor «direct». Bij de vorige energie-crisis, in 2021, waren de gasprijzen hoger dan nu. Toch betalenhuishoudens nu meer. Dat komt door het kabinet, waar de VVD deel vanuitmaakt. De gasbelasting is nu € 0,30 per kuub hoger dan in de vorigeenergiecrisis. De reden daarvoor was, zeiden ze, dat we huishoudens daneen prikkel geven om te verduurzamen. Heel veel mensen kúnnen nietverduurzamen. Die zitten in een huurhuis en kunnen niet zelf maatregelennemen. Heel concreet voorstel: is de VVD bereid om daar direct iets aan tedoen, zodat mensen daadwerkelijk in een warm huis kunnen zitten?De heer Nobel (VVD):Sorry, ik dacht dat er nog iets achteraan kwam. Alles valt of staat met deafhankelijkheid die Nederland heeft van landen waarvan we voor onzegasvoorraad en onze olie afhankelijk zijn zolang we zelf onvoldoende instaat zijn om die energierekening omlaag te brengen. Dat is het belang-rijkste gegeven, denk ik. Daarnaast zijn we ook bezig met bijvoorbeeld eenIsolatie Offensief. Er gaan dus al heel veel middelen naar mensen die ineen huurwoning zitten. De SP vergeet voor het gemak maar even dat erook heel veel mensen zijn, zoals ik zelf ook al zei, die een koopwoninghebben. Daarvan gaf ik namens de VVD aan dat het niet zo moet zijn datdie koopwoning ervoor zorgt dat je hele portemonnee wordt opgeslokt.De VVD richt zich dus niet alleen op de Nederlanders die in een socialehuurwoning zitten. Ik weet dat de SP alleen daar de focus op heeft. Dat isvoor de VVD niet aan de orde. Morgen, of volgens mij zelfs nog vandaag,is er bijvoorbeeld ook een debat over de prijzen aan de pomp. Al diemensen die in de file staan, worden ook nog eens elke dag geconfron-teerd met die hoge energieprijzen aan de pomp. Wat dat betreft is er veelmeer aan de hand dan alleen de isolatie van woningen. Dat is ook wat ikbedoelde aan het begin van mijn betoog. We zullen als Nederland echtmoeten nadenken over onze eigen positie in een wereld die heel ergonvrij en wispelturig is op dit moment.De voorzitter:Graag een iets beknopter antwoord, in verband met de tijd.Mevrouw Beckerman (SP):Soms heb je heel veel woorden nodig als je eigenlijk niet durft te zeggen:nee, we gaan er niks aan doen; we doen er niks aan. Mijn derde vraagvoor de heer Nobel is dan de volgende. Hij zegt dat we zo afhankelijk zijnvan onvrije landen. Ja, tot uw dienst. Daarom hebben heel veel partijenhier, zeker ter linkerzijde van de Kamer, in de afgelopen jaren voorstel opvoorstel op voorstel gedaan – gisteren zijn er nog meerdere weggestemd– om ervoor te zorgen dat er wel geld is voor isolatie van woningen, juistook van koopwoningen. Ook daar zie je namelijk dat mensen met lagereinkomens helemaal knel zitten door opeenvolgende VVD-kabinetten. Heelconcreet dan mijn vraag. De heer Nobel zegt: het kan met een IsolatieOffensief. Oké, prima. Hoeveel geld wilt u daarvoor beschikbaar stellen?Want op dit moment is het karig.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145211 De heer Nobel (VVD):Volgens mij begint het met heel iets anders. Het begint met veiligheid enmet als Nederland zelf in staat zijn om minder afhankelijk te worden.Daarin vindt de VVD de partijen aan de linkerzijde heel vaak niet aan haarkant, bijvoorbeeld als het gaat om miljardeninvesteringen op het gebiedvan defensie of om de miljarden die de VVD graag beschikbaar zou willenstellen voor kernenergie. Uiteindelijk gaat het inderdaad om woningen,maar u bent alleen bezig met de isolatie van woningen, terwijl we hetgrotere probleem waar ik het over heb, de onveiligheid en de mate waarinNederland zelf in staat is om minder afhankelijk te zijn, echt met elkaarzullen moeten aanpakken. Je kunt inderdaad een Isolatie Offensief starten,en ik denk dat het heel goed is dat dat er is, maar daarmee gaan we hetniet redden.De heer Mooiman (PVV):Ik heb een vraag aan de heer Nobel over de warmtepompen. In het vorigekabinet hebben we samen met de VVD afgesproken om de verplichtingvan een warmtepomp in 2029 te schrappen. Dat was een goede inzet, watons betreft. Tegelijkertijd zien we dat in het nieuwe kabinet, in de nieuwecoalitie, is afgesproken om daarin toch te gaan normeren. Mijn vraag aande VVD is: vindt de VVD ook dat normeren nooit mag leiden totverplichten, dus klopt het dat de VVD normeren ook niet ziet als eenverplichting?De heer Nobel (VVD):Ik denk dat het, zeker met het advies van vanochtend van de SER, welduidelijk wordt dat de Nederlander helemaal gek wordt van «wel, niet,wel, niet». Het feit dat dit kabinet zegt dat we de warmtepomp moetengaan doen, komt in die zin tegemoet aan het advies. Tegelijkertijd denk ikdat vooral voorspelbaarheid belangrijk is – dat gaf ik eerder ook al aan bijde standaardisering voor bouwers – voor heel veel Nederlanders. Mensenwillen weten: wat gebeurt er wanneer ik mijn woning ga verduurzamen,wanneer ik panelen of een warmtepomp aanschaf? Ik denk dat hetbelangrijk is dat de overheid vooral voorspelbaar is. Ik ga ervan uit dat deMinister – maar daar kan de Minister zelf op reflecteren – niemand eenwarmtepomp door de strot gaat duwen.De heer Mooiman (PVV):Toch nog een vervolgvraag. Er zijn natuurlijk een heleboel huishoudensdie zo’n warmtepomp niet kunnen betalen. In het betoog van de heerNobel hoor ik de gedeelde wens terug dat de woningen die gebouwdworden, wel betaalbaar blijven; of dat nou een sociale huurwoning, eenkoopwoning of een middenhuurwoning is, maakt dan even niet uit.Allerlei extra eisen zullen daar natuurlijk wel iets mee gaan doen. Uit hetlaatste antwoord van de heer Nobel haal ik dus dat de VVD ook vindt dateen warmtepomp niet verplicht moet worden. Dat vraag ik gewoon evenom het concreet te maken.De heer Nobel (VVD):De VVD zal zich gewoon houden aan de afspraken in het coalitieakkoord;laat ik dat vooropstellen. Maar ik ga ervan uit – ik denk dat de Minister datstraks zal bevestigen – dat de Minister er heel zorgvuldig mee omgaatwanneer huishoudens in de knel komen, zeker financieel, omdat ze nietkunnen meekomen in de energietransitie. We hebben ook niet met elkaarafgesproken dat we dit van vandaag op morgen moeten realiseren. Bijnieuwbouwtrajecten is de warmtepomp eigenlijk standaard, dus daarmaak ik me niet zo heel veel zorgen over. Het gaat met name ombestaande bouw.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145212 Dank. Dan komen we nu bij de bijdrage van de heer Russcher.De heer Russcher (FVD):Dank, voorzitter. Klimaatbeleid in de gebouwde omgeving: dit commissie-debat laat eigenlijk al zien wat er misgaat. De vorige kabinetten en ditkabinet maken samen met Brussel wonen steeds duurder door hunobsessie met de klimaatideologie. Terwijl er al een woningtekort is vanmeer dan 400.000 woningen, worden hardwerkende Nederlanders opkosten gejaagd met Brusselse klimaatdictaten, verplichte warmtepompenen peperdure duurzaamheidseisen. Neem de EPBD IV, een EU-richtlijn dieuiterlijk in 2050 moet zorgen voor een volledig emissievrije gebouwdeomgeving, en de ZEB-normen, die eisen dat nieuwe gebouwen vanaf 2030geen CO2 meer uitstoten tijdens de gebruiksfase. Per 2029 wordt ingezetop normering van hybride warmtepompen, dus mensen moeten als zijhun cv-ketel vervangen, overgaan op een hybride warmtepomp. In depraktijk betekent dit dus dat voor de meeste huishoudens er geen keuzeoverblijft, een verkapte verplichting dus. En dat voor peperdure systemendie in slecht geïsoleerde woningen bij wat lagere temperaturen nietfunctioneren. Als je ze een beetje goed wil laten werken, kunnen ze tot wel€ 20.000 aan extra kosten met zich meebrengen voor isolatie. Het gevolgvan deze verplichting is nu dan ook al duidelijk: hogere kosten, meeronzekerheid en meer druk op huishoudens die het nu al moeilijk hebben.Bovendien hebben ze een terugverdientijd van tot wel tien jaar.Deze groene gekte zie je bijvoorbeeld ook terug bij de VvE-Versnellings-agenda, want besluitvorming binnen vve’s gaat naar 51% meerderheidvoor verduurzaming in plaats van de tweederdemeerderheid nu. In depraktijk betekent dit dat een klein deel van de bewoners, 51% dus, de restkan dwingen tot forse duurzaamheidsinvesteringen waar ze niet op zittente wachten.De voorzitter:Op dit punt heb ik een interruptie voor u van de heer Van Leijen.De heer Van Leijen (D66):Het was op een eerder punt. Ik heb er heel eventjes op gekauwd.Klimaatgekte, hoor ik. Ik noem dat vaak juist goed klimaatbeleid. Stevigewoorden van de heer Russcher. Mijn vraag aan u is: zou u hier gewoonmee willen stoppen?De heer Russcher (FVD):Nee, want Forum voor Democratie is tegen het klimaatbeleid. Het heeftgeen enkele zin om onze hele economie en welvaart op te offeren voormogelijk 0,000036 graden minder opwarming in 2050.De heer Van Leijen (D66):Dat is een helder antwoord: stoppen dus. Dan ga ik daar toch even opdoorvragen. Als ik kijk naar het Nationaal Isolatieprogramma, zie ik datdaar de afgelopen jaren ongeveer een half miljoen woningen mee zijngeïsoleerd. Er wonen ongeveer twee mensen in een woning, dus dan hebje 1 miljoen Nederlanders die een lagere energierekening hebbengekregen en nu minder vatbaar zijn voor de onrust in de wereld door datklimaatbeleid. Wilt u daar dan ook mee stoppen?De heer Russcher (FVD):Nee, want Forum voor Democratie is niet tegen het isoleren vanwoningen. Ik denk dat dit iets heel goeds is. Alleen, we zijn tegen hetafbouwen van onze hele gasinfrastructuur. Het hele Groningse gasveldwordt nu volgestort met beton, de apparatuur eromheen wordt wegge-geven aan Oekraïne. Dat is iets wat Forum voor Democratie niet wil. WeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145213 willen doorgaan met de gaswinning, zodat Nederlanders gewoon hunhuis kunnen verwarmen met gas.De voorzitter:U zet uw betoog voort.De heer Russcher (FVD):Ik pak het even op bij de 51% meerderheid die nodig is voor duurzaam-heidsinvesteringen, waardoor kosten voor huishoudens op kunnen lopentot tienduizenden euro’s voor iets waar zij niet op zitten te wachten. Ik benbenieuwd hoe de Minister hiernaar kijkt. Is zij het met Forum voorDemocratie eens dat er voor verduurzaming, net als bij andere groterenovaties of ingrepen, gewoon minimaal tweederdemeerderheid nodigdient te zijn?In de brief van de regering van 17 maart 2026 wordt bovendien aange-geven dat het klimaatdoel voor 2030 met het huidige beleid niet binnenbereik ligt en dat er nog een onderzoek loopt naar welke maatregelen nogmeer nodig zijn. Met andere woorden, straks worden we opgezadeld metnog meer klimaatbeleid. Mijn vraag aan de Minister is: wat kosten al dezehuidige klimaatregelen en duurzaamheidseisen nu per woning? Wat is detotale rekening tot 2050? Wat leveren al deze eisen überhaupt op voor demondiale temperatuur? Ziet zij in dat dit enkel resulteert in hogere kostenvoor Nederlanders? Forum voor Democratie roept de regering op omtijdens deze woningcrisis gewoon te bouwen wat nodig is, zonderonzinnig klimaatbeleid en zonder zich iets aan te trekken van de Brusselsebemoeienis.Dank u wel.De voorzitter:Dank voor uw bijdrage. Dan ga ik nu door naar de bijdrage van de heerVan Leijen.De heer Van Leijen (D66):Dank, voorzitter. De komende jaren liggen er enorme kansen om dewoningbouw te versnellen. Zo helpen we al die mensen die nu willenstarten aan een nieuwe woning en een nieuw hoofdstuk in hun leven,waar ze nu eindeloos op moeten wachten. Tegelijkertijd maken weNederland onafhankelijk van buitenlandse energie, zodat we de energiere-kening van Nederlanders kunnen verlagen. Wat D66 betreft doen wedaarvoor drie dingen. We zetten vol in op warmtenetten en scheppen alsRijk duidelijkheid over of bestaande en nieuwe woningen op die nettenkunnen worden aangesloten. Twee. We gaan netbewust bouwen, om tezorgen dat we niet worden afgeremd in onze ambities door netcongestie.Drie. We maken duidelijke keuzes over wat we landelijk willen doen enmaken een einde aan versnipperd klimaatbeleid.Voorzitter. Allereerst de warmtenetten. De ambitie in het coalitieakkoord ishelder: we blijven volop inzetten op warmtenetten. Netbeheerders,gemeentes, woningcorporaties en bouwers zijn allemaal net zo ambitieus.Dat is ook hard nodig, al was het maar om netcongestie tegen te gaan. Zijvragen de politiek terecht om extra stappen te zetten. Daarom devolgende vragen aan de Minister. Hoe kan het Rijk gemeentes, provinciesen bewoners helpen door het bieden van duidelijkheid? Krijgen ze eenwarmtenet of krijgen ze een andere duurzaamheidsoptie? Hoe zorgen weervoor dat gemeentes warmtenetten als goede optie zien voor hunenergietransitie? Dit vraag ik gezien het feit dat ze vaak de goedkoopsteoptie zijn en een bredere uitrol van warmtenetten tot een daling van dekosten leidt.De heer Grinwis (ChristenUnie):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145214 Terecht punt, maar als dat het pleidooi is van D66, had ik wel verwacht datdaarover het nodige stond in de budgettaire bijlage bij het coalitieak-koord. Hoe ik ook zocht, warmtenetten stonden er niet in, terwijl ereigenlijk gewoon een levensgroot, enorm bekostigings- en financierings-vraagstuk op tafel ligt. Of zijn de middelen voor de decentrale overhedenhelemaal daarvoor bestemd? Hoe zit dat precies en wat is de inzet van deD66-fractie in dezen?De heer Van Leijen (D66):De inzet van de D66-fractie is gisteren duidelijk geworden, denk ik. Wehebben twee uur gestemd. Het was een lange stemming. Maar deD66-fractie heeft gewoon voor het amendement gestemd dat eerder werdaangehaald om meer middelen beschikbaar te maken voor de SAH.De voorzitter:U zet uw betoog voort. Nee, de heer Grinwis heeft nog een vervolginter-ruptie.De heer Grinwis (ChristenUnie):Dat was slechts een eenmalig amendement. Het was een – hoe zal ik hetzeggen? – waardevolle poging van GroenLinks-PvdA, die wij van hartegesteund hebben, maar dat was niet voldoende. De vraagstukken rondomde financiering en de bekostiging van warmtenetten voor de komendejaren zijn immens. We hebben de wetten nu aangenomen. Stap twee washet regelen van de financiering. Er staat niks in het coalitieakkoord. Erstaat in ieder geval niks in de budgettaire bijlage. Hoe moet het nu verder?De heer Van Leijen (D66):Volgens mij zijn er in totaal nog 30 duurzaamheidsregelingen dieopenstaan tot 2030. Ik heb wel de zorg dat het na 2030 ... U heeft wel deneiging om altijd te gaan hoesten en niezen als ik aan het woord ben,meneer Grinwis. Daar moeten we aan werken. Ik herhaal: ik heb wel dezorg dat die transitie na 2030 stilvalt. Daar wil ik ook graag over in gesprekmet iedereen die denkt: goh, daar moeten we wat mee doen.De voorzitter:We wensen de heer Grinwis natuurlijk alle gezondheid toe. Mevrouw VanOosterhout heeft een interruptie.De heer Van Leijen (D66):Uiteraard wens ik de heer Grinwis allereerst alle gezondheid toe. Ik hadnog een vraag.De voorzitter:Meneer Van Leijen, mevrouw Van Oosterhout heeft een interruptie voor u.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Het ging net even over het SAH-amendement, dat mijn fractie heeftvoorgesteld. We zijn natuurlijk blij dat D66 wel heeft voorgestemd, maar uzit ook in een coalitie en het is u niet gelukt om de coalitiepartijen mee tekrijgen. Hoe reflecteert u daarop? Is dit anderzijds niet ook iets wateigenlijk al geregeld had moeten worden bij de onderhandelingen? Heeftu zitten slapen bij de onderhandelingen?De heer Van Leijen (D66):We hebben niet zitten slapen bij de onderhandelingen. Hoe de coalitiepar-tijen hierop reflecteren ... Ze zitten hier, dus ik zou vooral zeggen: vraaghet ze zelf. Ik denk dat er tijdens de coalitieonderhandelingen in iedergeval een goed pakket is neergelegd voor de periode tot 2030. We kunnengezamenlijk kijken waar we dingen kunnen verbeteren door middel vanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145215 zo’n amendement. Dat is volgens mij ook het mooie aan dezeminderheidscoalitie.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Het mooie aan deze minderheidscoalitie is dat ik dan ook wel zouverwachten dat u zich iets meer zou inspannen om een meerderheid voorelkaar te krijgen. Maar ik heb een vraag in bredere zin. U zegt: er ligt eenmooi akkoord. Maar denkt u dat het allemaal gratis is? Waar is het geldvoor een Isolatie Offensief? Waar is het geld voor de warmtenetten? Hoemoet ik dat voor me zien? Dat is een vraag die ik ook aan de Minister hebgesteld, maar ik ben toch wel heel erg benieuwd hoe D66 daarnaar kijkt.De heer Van Leijen (D66):Zoals ik eerder aangaf, staan er nog 30 regelingen open, dus er is geld tot2030. Dat we met elkaar moeten kijken wat we daarna gaan doen, ben ikzeker met u eens. Dat is een belangrijke vraag.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik denk dat we moeten concluderen dat mensen die hun woning willenverduurzamen en een lagere energierekening willen, niets hebben aanD66, want die partij vindt het óf niet belangrijk, óf kan de eigen coalitiepar-tijen niet aan. Dat vind ik heel spijtig om te zien. In beide gevallenbetekent het wel dat de mensen thuis de pineut zijn. Ik zou D66 dus tochwillen vragen om hier goed over na te denken in het vervolg.De heer Van Leijen (D66):Wij denken altijd overal goed over na. Ik deel de conclusie volledig niet.Mevrouw Beckerman (SP):Het is geen conclusie die je wel of niet kunt delen; het zijn harde feiten.Huurders op een warmtenet betalen € 370 meer dan huurders die niet opeen warmtenet zitten. Mensen die nu zonnepanelen hebben, met debelofte dat het goedkoper wordt, zijn straks in sommige gevallen duurderuit dan wanneer ze geen zonnepanelen hadden gehad. We kunnen welzeggen dat daar allerlei regelingen voor zijn, maar we zien nul euro extrain het coalitieakkoord, terwijl er nu al mensen zijn die de rekening betalen.Als u hier zo enthousiast over bent, maar ziet dat het draagvlak weg is ...Waarom zou je als huurder op het warmtenet willen worden aangeslotenals dat je alleen maar geld kost? Wat gaat D66 daaraan doen?De heer Van Leijen (D66):Dat heb ik volgens mij al een paar keer aangegeven. Er zijn nog bestaanderegelingen tot 2030. Na 2030 moeten we goed kijken wat we gaan doenom te zorgen dat de transitie niet stilvalt. Tegelijkertijd hebben we gisterenvoor het SAH-amendement gestemd; dat zou volgens mij heel erg hebbengeholpen.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.De heer Van Leijen (D66):Ik vervolg mijn betoog. Ik was bij mijn derde vraag aan de Minister. Ik hadhet er al een paar keer over dat er heel veel verschillende soortensubsidies en regelingen zijn. Mijn vraag is: kunnen we de verschillendesubsidies en regelingen niet beter op elkaar afstemmen, zodat de aanlegvan warmtenetten wordt versneld?Mijn laatste vraag over het blokje warmtenetten is: kan de Ministerreflecteren op de kostenstructuur bij warmtenetten? Bij uitbreiding naarhet energienet zien we dat elke Nederlander daaraan meebetaalt, ook deNederlanders die geen gebruikmaken van de elektriciteitsinfrastructuurTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145216 omdat ze op een warmtenet zitten. Is het niet logischer om dezelfdemethode toe te passen bij warmtenetten?Is er een interruptie?De voorzitter:Nee, hoor. U gaat door met uw betoog.De heer Van Leijen (D66):Voorzitter. Dan het netbewust bouwen. De aangekondigde aansluitstop inFlevoland, Gelderland en Utrecht moeten we koste wat kost voorkomen.Door netbewust te bouwen kunnen we nieuwe woningen blijvenaansluiten op een vol energienet, omdat de woning slim omgaat met debeschikbare capaciteit. Zo houden we het tempo in de nieuwbouw enkrijgen meer mensen kans op een huis. Daarom hoor ik graag van deMinister hoe wij netbewuste nieuwbouw kunnen stimuleren. Welkeafweging maakt zij als het gaat om de kosten van netbewuste nieuwbouwen de kosten van het stilvallen van de bouw, dus als die niet doorgaat?De heer Grinwis (ChristenUnie):Daar is een motie over aangenomen. Die moet nog uitgevoerd worden.De keuze die gemaakt zou kunnen worden, is om voor heel Nederlanddezelfde regels te stellen inzake netbewuste nieuwbouw. Nu wentelen wehet af op de gebieden waar ze duurder moeten bouwen. Dat betekent dathet risico bestaat dat de bouw vooral in andere regio’s gaat plaatsvinden.Denkt mijn collega van D66 in dezelfde richting? Dit is namelijk het heleprobleem dat we net aan de orde stelden in de interruptie op de VVD: wekunnen wel focussen op minder regels of het allemaal decentraalorganiseren, maar dan krijgen we gewoon concurrentie binnen ons eigenland. Dat willen we niet. We willen vooral heel snel heel veel woningenbouwen, die inderdaad zo min mogelijk een aanslag op het net doen.De heer Van Leijen (D66):Ik ben het met de heer Grinwis eens dat we zo snel mogelijk meerwoningen willen realiseren. Volgens mij zijn we dat allemaal met elkaareens. Daar ging mijn laatste vraag net ook over: wat zijn de kosten vannetbewuste nieuwbouw ten opzichte van de kosten als de bouw nietdoorgaat? Daar zou ik graag meer inzicht in willen krijgen. Dan kan ik dievraag ook beter beantwoorden.De heer Russcher (FVD):Ik ben benieuwd hoe D66 kijkt naar de situatie die we nu hebben. Er issprake van netcongestie, waardoor honderdduizenden woningen nietkunnen worden aangesloten op het stroomnet. Dat komt natuurlijk ookdoordat we een gasverbod hebben ingesteld voor nieuwbouwwoningen.Ik wil daarop graag een reflecterende opmerking van D66. Zou het nietverstandig zijn om dat verbod los te laten, zodat mensen in ieder gevalgewoon hun huis kunnen verwarmen?De heer Van Leijen (D66):Nee, dat zie ik anders. We hebben een belofte gedaan aan de Groningersen daar moeten we ons volgens mij gewoon aan houden. We zijn eenfatsoenlijke overheid, dus dat moeten we dan ook gewoon doen. Wehebben jaren het economisch belang voor laten gaan op het belang vande Groningers. Daar zou ik vanaf willen stappen. En als het gaat om watverstandiger is: we hadden waarschijnlijk tien jaar eerder moeteninvesteren in de elektriciteitsinfrastructuur.De heer Russcher (FVD):Is D66 het niet met mij eens dat het ook in het belang van de Groningerskan zijn om door te gaan met de gaswinning? Het kost ongeveerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145217 10 miljard om daar aardbevingsbestendig te bouwen, maar uiteindelijkkomt het ook ten goede aan de Groningers. Zij kunnen ook een lagereenergierekening hebben. Als je kijkt naar sommige onderzoeken inGroningen, zie je dat Groningers dat ook inzien. Ik ben gewoon benieuwdhoe D66 hiernaar kijkt.De heer Van Leijen (D66):Ik gun natuurlijk de Groningers allereerst een lagere energierekening,maar daar zit dan denk ik net het punt. Op het moment dat je wilt gaanboren in Groningen, zegt allereerst de NAM: mij niet bellen, ik heb daargeen zin in. Maar stel dat we het gaan doen. Dan breng je het gas dat jedaar uit de grond haalt op een Europese markt, wat vervolgens heelweinig met de prijsstelling doet. Dus je helpt Groningers niet aan eenlagere gasprijs door dat te doen.De voorzitter:Daar komt geen vervolginterruptie uit voort. Ik meende dat u klaar wasmet uw betoog.De heer Van Leijen (D66):Bijna, voorzitter.De voorzitter:Bijna. Dan vervolgt u uw betoog.De heer Van Leijen (D66):Dan mijn laatste punt: een duidelijke landelijke lijn. We kunnen efficiënterbouwen en resultaat boeken voor het klimaat als we een duidelijkelandelijke lijn trekken. Allemaal verschillende organisaties, gemeenten enprovincies delen hetzelfde doel, namelijk sneller verduurzamen, maar ditleidt in de praktijk toch tot een lappendeken van regels. Daarom de vraagwelke stappen de Minister de komende tijd kan zetten om duurzaamheids-regels door heel Nederland gelijk te trekken, zodat we sneller kunnenbouwen.Voorzitter, ik rond af. We zijn het aan alle mensen wiens leven nu op pauzestaat verplicht om elke kans aan te grijpen. Zo geven we ze de kans om testarten aan een nieuw hoofdstuk, een nieuwe studie, een nieuwe baan,een gezin en een mooie en goed geïsoleerde woning.Dank, voorzitter.De voorzitter:Dank voor uw betoog. Dan ga ik nu door naar het betoog van de heerGrinwis.De heer Grinwis (ChristenUnie):Voorzitter, dank u wel. Toen ik in 2021 als Kamerlid mocht starten, heb ikme als eerste gestort op het onderwerp isolatie van huizen, iets waar toenveel te weinig aandacht voor was en wat voor bewoners van slechtgeïsoleerde huizen met een kleine of heel gewone portemonnee zoongelofelijk belangrijk is. Bovendien, als je isolatie goed uitvoert, woon jeook nog eens comfortabeler. Samen met de collega’s Bromet enBontenbal – wie kent ze niet? – kwam ik met het Manifest NationaalIsolatieprogramma dat vervolgens inclusief 4 miljard euro tot en met 2030landde in het coalitieakkoord later dat jaar. Vervolgens kwam de energie-prijzencrisis rond de inval van Rusland in Oekraïne en nu zitten wewaarschijnlijk aan het begin van een nieuwe energieprijzencrisis. Datroept de vraag op: moet er niet een tandje bij, bij het Nationaal Isolatie-programma? Oké, het individuele spoor via de ISDE loopt goed, maar hethad veel voeten in aarde voordat gemeenten het collectieve spoorwerkend hadden. Nog steeds is de vve-aanpak, de aanpak via deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145218 verenigingen van eigenaren, een uitdaging. Hoe wil de Minister decollectieve aanpak, de collectieve lijn, in het Nationaal Isolatieprogrammaverder versterken? Is het bijvoorbeeld niet nodig om de SPUK LAI, deSPUK Lokale Aanpak Isolatie, aan te passen, zodat deze beter past bij devve-structuur?Voorzitter. De urgentie is met de aanval op Iran van 28 februari jongst-leden op Iran alleen maar groter geworden. In de gebouwde omgevingzag je dan ook gelijk een reactie. Vanaf maandag 2 maart, dus gelijk na dieinval, stond de telefoon bij het Nationaal Warmtefonds roodgloeiend. Hetaantal aanvragen van rentevrije leningen, de 0%-regeling voor gezinnenmet een laag en middeninkomen, steeg gelijk met 40% en de verwachtingbij het Warmtefonds is dat dat hogere niveau van aanvragen aanhoudt.Dat zal betekenen dat het Warmtefonds vroeg of laat, in ieder geval in ’27en in ’28, in de knel komt. Garandeert de Minister dat het Warmtefonds jakan blijven verkopen en geen nee hoeft te verkopen, de deuren niet hoeftte sluiten in ’27? Komt er zo nodig een extra storting in ’27 en ’28? Als ditniveau van de verhoging van het aantal aanvragen met 40% zich doorzet,is de inschatting dat er 100 miljoen per jaar bij moet in ’27 en ’28. Graageen reactie.Met betrekking tot het Warmtefonds en vve’s nog een paar vragen. Kan deMinister een helder en stabiel financieringspakket voor vve’s ontwikkelen,ook juridisch? Dat geeft vve’s langjarige zekerheid, waardoor zij eropkunnen vertrouwen dat spelregels niet wijzigen tijdens hun meerjarigetraject. Ik weet dat er diverse trajecten lopen bij het Ministerie van VRO.Hoe staat het daarmee? Wanneer komen de uitkomsten daarvan naar deKamer? Kan de Minister garanderen dat er ook voldoende geldbeschikbaar blijft in het Warmtefonds om de VvE Ledenlening te kunnenblijven verstrekken? Ik heb begrepen dat dat nu goed loopt; blijft dat zo?Daarnaast zijn er bij vve’s nog ontzettend veel zorgen over de Gaske-telwet. Ik heb daar schriftelijke vragen over gesteld in 2024. Wil deMinister bij het toevoegen van geld voor onderhoud aan het NationaalWarmtefonds expliciet het onderhoud van gasketels en het afvoerenbijvoorbeeld van die rookgasafvoeren meenemen, bijvoorbeeld door hetmaken van een apart fonds waar vve’s uit kunnen putten? Graag eenreactie.Voorzitter. Warmtenetten zijn cruciaal, juist om onze afhankelijkheid vanfossiele energie te verminderen, maar de aanleg van warmtenetten stokt.Om energiearmoede te voorkomen en corporatiewoningen te verduur-zamen is structurele subsidiëring van het vastrecht nodig. Dat kan door deSAH, de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen, te continueren.Kan de Minister aangeven welke mogelijkheden zij ziet om die regeling opde korte termijn weer open te stellen? Deze vraag klemt des te meer, nugisteren een amendement geen meerderheid heeft gekregen. Hoe wil deMinister woningbouwcorporaties en vve’s helpen om een aansluiting opeen warmtenet te realiseren? Hoe werkt de Minister aan langetermijnze-kerheid om hiermee aan de slag te gaan? En hoe hakt zij de financierings-knopen door, nu het coalitieakkoord haar geen budget meegeeft?Voorzitter. Ons bereikte ook een zorg over de verduurzaming vanouderenwoningen op NSW-landgoederen, dus Natuurschoonwet-landgoederen. Door regels die zijn opgesteld voor deze landgoederen, isverduurzaming lastig maar wel vereist volgens het Bbl. Is de Ministerbereid om deze zeer specifieke categorie huurwoningen dezelfdebehandeling te geven als erkende monumenten en ze op te nemen op delijst met uitzonderingen waarop deze energieprestatie-eisen niet vantoepassing zijn? De Minister heeft eerder toegezegd dat zij met een briefkomt over de investeringscapaciteit van woningcorporaties, onder anderein relatie tot de NPA, de Nationale Prestatieafspraken 2025–2035. Wil deMinister hier ook concreet ingaan op het aspect verduurzaming, want datmag niet het kind van de rekening worden als we alle focus richten op deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145219 bouw en ondertussen bewoners met een slecht geïsoleerde woningachter zouden blijven?Dat waren mijn vragen in eerste termijn, voorzitter. Tot zover.De voorzitter:Ik wilde u ook bijna vragen om af te ronden, aangezien u net wat over devier minuten heen zat. Maar u deed dat zelf al. Dank u voor uw betoog.Dan ga ik door naar mevrouw Steen.Mevrouw Steen (CDA):Voorzitter, dank u wel. Ik zit hier vandaag namens het CDA met eenduidelijke inzet, want we willen natuurlijk dat onze huizen, scholen enbedrijfspanden energiezuiniger worden en dat dat werkt voor mensen envoor ondernemers. De actualiteit maakt dat die inzet alleen maar urgenteris geworden, want de kans dat die rekening omhooggaat is heel groot. Dehoge olie- en gasprijzen door de oorlog in Iran laten zien hoe kwetsbaarwe zijn. Dat merken we aan de benzinepomp en straks ook aan onzeenergierekening. Juist daarom moeten we werk maken van deweerbaarheid van ons energiesysteem. Dat moeten we doen in het grootals Nederland in Europa – daar gaat vandaag een debat over – maar ookheel dichtbij, te beginnen in onze woningen hier.Voorzitter. Goed isoleren vraagt om heldere richtlijnen. De vorige Ministerheeft een aantal aanscherpingen van de milieuprestatie-eisen niet doorwillen voeren, vanwege het programma STOER, waarin ze regels wildeschrappen. Het CDA vindt regels schrappen ook heel stoer, maar wevinden ook dat we vooral heel slim moeten kijken naar de regelgeving. Ermoet een goede balans zijn, zodat eisen op het gebied van duurzaamheiden circulariteit wel zorgen voor een stimulans maar het de bouw enbetaalbaarheid van woningen niet in de weg komt te staan. Hoe kijkt deMinister daartegen aan? En in hoeverre is een aanscherping alsnogmogelijk en wenselijk? Isoleren helpt huishoudens namelijk om hunenergierekening omlaag te brengen, verhoogt het wooncomfort envoorkomt dat mensen in de knel komen. Juist daarom is het zorgelijk datterwijl er ruim 1,6 miljard beschikbaar is gesteld aan gemeenten, deuitvoering nog maar beperkt op gang is gekomen. Tot nu toe is slechtseen deel van de woningen geïsoleerd, 2,5% van het doel. Collega Jumeletheeft hier eerder schriftelijke vragen over gesteld. Ik maak graag van degelegenheid gebruik om een aantal vervolgvragen te stellen. Wat gaat deMinister concreet doen om ervoor te zorgen dat gemeenten het geld dater al ligt, ook echt sneller gaan inzetten voor isolatie? Hoe wordt daarbijook meer gestuurd op resultaat, dus op het daadwerkelijk aantal geïso-leerde woningen in plaats van alleen op proces en praktische onder-steuning?De Minister gaf in haar antwoord op de schriftelijke vragen aan dat ernieuwe cijfers worden verwacht en dat de verwachting is dat deze flinkhoger zullen liggen. Zijn deze cijfers er inmiddels al en is het aantalgeïsoleerde woningen nu inderdaad veel hoger? Hoe verhouden dienieuwe cijfers zich tot het doel van de 750.000 geïsoleerde woningen in2030? Ligt dat doel binnen bereik met het huidige tempo? Of is er meerinzet op de uitvoering nodig? Helpt het enorm gedifferentieerde aanbodaan financieringsmogelijkheden huishoudens nou écht om energiebespa-rende maatregelen te nemen of maakt het keuzes juist ingewikkeld enverwarrend? De Minister schrijft dat er één loket komt: het energiehuis.Dat moet huishoudens helpen met duidelijke en betrouwbare informatieover energie en wonen. Wat gaan huishoudens hier straks concreet vanmerken? Wordt de informatie actief naar hen toe gebracht of moeten zehet zelf komen ophalen? Wat gaat de Minister nog meer doen om ervoorte zorgen dat juist huishoudens die het nodig hebben, goed wordengeholpen en ontzorgd, van advies tot aanvraag en uitvoering?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145220 Ten slotte, voorzitter. We moeten slim omgaan met de ruimte die wehebben, ook om genoeg duurzame energie op te wekken. Met name bijutiliteitsdaken is er nog veel winst te behalen voor het plaatsen vanzonnepanelen. Holland Solar wijst erop dat de brede uitzonderings-gronden uit de Europese EPBD ervoor kunnen zorgen dat dit potentieellang niet volledig wordt benut. Heeft de Minister deze oproep gezien enkan zij daarop reageren? Hoe gaat hij ervoor zorgen dat de negatieveeffecten van deze uitzonderingen worden beperkt door ze gericht enzorgvuldig vorm te geven, zodat meer daken daadwerkelijk wordengebruikt voor zonne-energie?Voorzitter, dank u wel.De voorzitter:Dank voor uw bijdrage. Daarmee zijn we ... O, er is een interruptie vanmevrouw Van Oosterhout.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik denk dat het CDA deze wel ziet aankomen. In het CDA-verkiezings-programma wordt gepleit voor collectieve warmte, en dat zagen we ookterug in het coalitieakkoord, maar toch is daar in de budgettaire bijlagegeen geld voor vrijgemaakt. Dat hebben wij geprobeerd recht te zettenmet een amendement, en daar heeft het CDA gisteren tegengestemd. Dusik vroeg me af waarom het CDA huurders zo in de kou laat zitten.Mevrouw Steen (CDA):Dan verwijs ik ook even naar het antwoord van mijn collega van D66. Erligt natuurlijk een prachtig en goed pakket tot 2030, om de eerste stappente kunnen zetten om die collectieve warmte ook te realiseren. Bovendienstaat er nog veel meer in de weg om die warmtenetten ook aan te leggen.Ik sluit me dus aan bij de vragen die zijn gesteld aan de Minister hoe zijervoor gaat zorgen dat, naast dat er geld komt, de uitvoeringskracht enregelgeving aangepast wordt om met al die verschillende maatregelenook daadwerkelijk collectieve warmte te realiseren.De voorzitter:De heer Grinwis heeft ook vier interrupties gehad, dus we concluderen deeerste termijn van de commissie nu af. Hoeveel tijd acht de Minister nodigte hebben voor de voorbereiding van de beantwoording?Minister Boekholt-O’Sullivan:25 minuten.De voorzitter:Dat is wel heel lang. Mogen we daar nog iets van afhalen? Is twintigminuten mogelijk? De Minister geeft aan dat ze haar best gaat doen. Danzien we elkaar om 11.20 uur in deze zaal terug.De vergadering wordt van 11.00 uur tot 11.21 uur geschorst.De voorzitter:We hervatten het overleg over het klimaatbeleid gebouwde omgeving. Ikwil graag de Minister het woord geven.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dank u wel, voorzitter. Goed om vandaag met u te spreken over deenergietransitie in onze woningen en gebouwen. Want net als bij dewoningbouwopgave, waar we het twee weken geleden over hadden,draait het hier om mensen en niet om abstracte doelstellingen oftechnieken. Om ouders die zich zorgen maken over de energierekening.Om kinderen die in een gezond huis moeten kunnen opgroeien, zonderTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145221 tocht die onder de deur door kruipt. Ook hier geldt: een huis moet eenthuis zijn.Deze transitie is ook niet alleen nodig voor ons klimaat; ze is ook nodigvoor onze strategische autonomie. De oorlogen en spanningen in dewereld laten zien hoe kwetsbaar we zijn als we afhankelijk blijven van gasen olie van buiten Europa. De recente situatie in het Midden-Oosten en destijging van de gasprijs maakt opnieuw duidelijk waarom we moetenverduurzamen. Het gaat om meer dan alleen energie. Het gaat ook omcomfort, gezondheid, rust en stabiliteit. Deze transitie lukt alleen als we ’msamen maken: samen met uw Kamer, met de medeoverheden, met decorporaties, met de energie- en netbedrijven, met de bouwers en deinstallateurs, met de banken, de verzekeraars, de energieadviseurs,buurtinitiatieven en talloze vrijwilligers. We doen het immers niet alleenvoor de koplopers, dus de mensen, instellingen en de bedrijven die alweten hoe ze hun huis kunnen isoleren of een warmtepomp kunnenaanschaffen. We doen het vooral voor de mensen die het nu nog moeilijkhebben. Voor het gezin dat de thermostaat lager zet of zelfs uit, om derekening te kunnen betalen. Voor de huurder die in een koude, vochtigewoning woont en zich afvraagt wie hen kan helpen. Voor hen moet dezetransitie werken.Dat betekent dat we ervoor moeten zorgen dat iedereen mee kan doen, ofje nu een huis bezit of huurt; of je nu veel of weinig te besteden hebt. Weweten wat er nodig is. We hebben de kennis, we hebben middelen en wehebben noodzaak om te handelen. Nu moeten we ervoor zorgen dat deenergietransitie mensen niet overkomt maar dat zij voor mensen werkt.De verduurzaming van onze woningen en gebouwen is in volle gang endat zien we terug in onze cijfers. In ruim tien jaar tijd is de CO2-uitstootbijna gehalveerd, maar we weten dat dit tempo niet hoog genoeg is. Omhet doel van 13,2 megaton in 2030 te halen, moeten we versnellen. Dannog wordt het halen van dat doel in 2030 lastig. Gelukkig zien we datsteeds meer mensen stappen zetten. Ze letten meer op hun energiever-bruik, ze isoleren en ze kiezen voor een warmtepomp. Woningcorporatiesverduurzamen, zoals afgesproken in de Nationale Prestatieafspraken,jaarlijks 150.000 huurwoningen, niet alleen voor een beter energielabelmaar ook voor meer comfort en lagere kosten voor de huurders.Tegelijkertijd is de opgave voor veel mensen niet eenvoudig. Dat is mijook gebleken bij een werkbezoek aan een vereniging van eigenaren inZoetermeer. Het is daar gelukt om een groot flatgebouw met 249 apparte-menten te verduurzamen, maar dat vergt een lange adem. De aanloopheeft zes jaar gekost. Het succes is bovendien mede te danken aan detomeloze inzet van een actief bestuur van deze vve. Sommige bewonersweten simpelweg niet waar ze moeten beginnen. Anderen zien op tegende rompslomp van offertes, subsidies en installateurs. Er zijn ookhuishoudens die het financieel gewoon niet kunnen dragen. Juist voorhen moet de overheid er zijn, niet alleen met subsidies maar ook metontzorging en begeleiding. Daarom zetten we in op lokale energiehuizen,waar bewoners terechtkunnen met hun vragen, wijkgerichte aanpakkenvia de gemeente en laagdrempelige ondersteuning via de energiecoachesen de buurtinitiatieven. We willen hiervoor extra aandacht gaan bestedenin de NPLV-gebieden. De komende maanden werk ik deze plannen verderuit. Een interdepartementaal beleidsonderzoek brengt rond de zomer inkaart hoe we de woningvoorraad betaalbaar en haalbaar fossielvrijkunnen maken voor elke woning in elke wijk.De komende maand nemen we ook concrete financiële beslissingen. Erzijn middelen om de transitie te versnellen. Het Klimaatfonds loopt tot2030, hoewel we op onderdelen eerder tegen de grens dreigen aan telopen, zoals bij het ondersteunen van de vve’s en het Nationaal Warmte-fonds. Maar geld alleen is niet genoeg. Het gaat bij de energietransitie vanonze woningen en gebouwen altijd om mensen; om hoe wij kunnenwonen, werken en leven, om een thuis. Ik wil uw vragen aan de hand vanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145222 de volgende blokken beantwoorden. Mijn blokken zijn: energiebesparing,netcongestie, bouwregelgeving en standaardisatie, en overig.De voorzitter:Kunt u dat wellicht nog iets rustiger herhalen, voor alle meeschrijvers?Minister Boekholt-O’Sullivan:Ja, mijn excuses. Isolatie en energiebesparing, netcongestie, bouwregel-geving en standaardisatie, en overig.Voorzitter. Dan begin ik met isolatie en energiebesparing. Met de huidigeprijsstijging van energie is het van enorm belang dat we versnelddoorgaan met het isoleren van huizen en gebouwen. De afgelopen jarenzijn al veel huizen aangepakt, onder andere met kleine maatregelen. Viade aanpak energiearmoede hebben energiecoaches en fixers bij veelhuishoudens energiebesparende maatregelen aangebracht. Het gaat omongeveer 300.000 woningen. De gemeentelijke aanpak van het NationaalIsolatieprogramma begon in 2025 echt op stoom te komen. De voorlopigecijfers laten zien dat tot nu toe bijna 80.000 woningen zijn geïsoleerd. Datis een verviervoudiging ten opzichte van het jaar hiervoor. Dezeversnelling hopen we voort te zetten.Corporaties hebben in de afgelopen jaren 130.000 woningen verduur-zaamd van de in totaal 250.000 EFG-woningen. Vooral het individuelespoor loopt goed. Al een paar jaar zijn er veel ISDE-aanvragen, meer dan200.000 per jaar. Bij de SVVE werd in 2025 36 miljoen aangevraagd, terwijldit een aantal jaren terug nog 2,4 miljoen was. Het Nationaal Warmte-fonds leende in 2025 500 miljoen euro uit aan ruim 31.000 huishoudens.Dat is een verdubbeling ten opzichte van 2023, maar we zijn er nog niet.Er is met name in bepaalde wijken en bij bepaalde doelgroepen, zoals devve’s, meer nodig. Dat doen we onder andere via het Nationaal IsolatieOffensief, het helpen van de wijken met de grootste energiearmoede viahet Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid, ondersteuning vialokale energiehuizen, energiecoaches en buurtinitiatieven, en wijkgerichteaanpakken in gemeenten.Dan de vraag van de heer Mooiman en mevrouw Beckerman over debeleidsmaatregelen in relatie tot het coalitieakkoord en het verlagen vande energierekening. De prioriteiten op dit dossier gaan over zowelenergiebesparing als duurzame warmte, voor een lagere energierekening,minder afhankelijkheid van andere landen en het tegengaan van klimaat-verandering. Daarbij vind ik het belangrijk dat we vooral de mensenondersteunen die dat het hardst nodig hebben. Denk hierbij aan hetNationaal Isolatie Offensief en de afspraken met de corporatiesector omhuurwoningen met een laag energielabel aan te pakken. Ik ga normeringvoor slim aanstuurbare hybride warmtepompen uitwerken. Mijn ambitieis dat het afscheid van de huidige cv-ketel straks de normaalste zaak vande wereld is, uiteraard waar dat technisch kan. Wel blijven we inzetten opwarmtenetten in die wijken waarin dat de beste oplossing is. Samen metde Minister van KGG ben ik bezig de kosten naar beneden te brengen ende besluitvorming hierover te verbeteren.Dan de vraag van de heer Grinwis over een tandje erbij voor isolatiepro-gramma’s. Ik zie het gemeentelijke spoor van het NIP nu echt op gangkomen. In de cijfers van deze maand is een verviervoudiging te zien vanhet aantal geïsoleerde woningen. We zitten nu op ongeveer 80.000woningen. Deze versnelling moeten we vasthouden om het doel van750.000 te realiseren. Het gemeentelijke spoor is belangrijk, juist om aande mensen die het nodig hebben, extra ondersteuning te kunnen bieden.Er ligt inmiddels 1,6 miljard euro bij de gemeenten om hieraan uitvoeringte geven. Met een Isolatie Offensief wil ik kijken hoe het isolatietempoverder kan worden versneld in wijken waar de prioriteit het hoogst is. Ikzal de nieuwe colleges van B en W dus oproepen om hier prioriteit aan teTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145223 geven. Ook gaan we kijken welke belemmeringen we moeten wegnemenvoor meer tempo. Denk bijvoorbeeld aan de vleermuizen.Dan de vraag van de heer Grinwis of er niet een tandje bij moet. Ik zie hetgemeentelijke spoor nu echt op gang komen, zoals ik u zojuist aangaf.Ook hiervoor geldt dat ik de colleges van B en W zal oproepen omprioriteit te geven aan deze versnelling en dat we zullen meekijken of erbelemmeringen zijn die wij kunnen wegnemen.De vraag van mevrouw Van Oosterhout over isolatie en de energiear-moede die alleen maar groter wordt. Voor het energienoodfonds wordteen aanvraag gedaan bij het Social Climate Fund. Met een IsolatieOffensief wil ik de huidige isolatieaanpakken versnellen in wijken waar datde hoogste prioriteit heeft. Hoe het Isolatie Offensief er precies uit gaatzien, moet ik nader uitwerken met de Minister van KGG. Ik ga met degemeenten in gesprek over de vraag hoe we deze nodige versnellingkunnen realiseren. Gemeenten kunnen ondertussen door met hunisolatieprogramma’s voor de bewoners, zodat zij zo snel mogelijkgeholpen zijn aan een lagere energierekening.De vraag van GroenLinks-PvdA over de aanbevelingen van het Rel en deSER. Ik heb de voorstellen uit de sector en van de SER ontvangen. Het iszeker zo dat er een mensgerichte aanpak nodig is, juist voor de mensenvoor wie de problematiek het grootst is. Ik ga graag aan de slag metideeën die gemeenten helpen sneller te isoleren. Met de verschillendepartijen ben ik al in overleg om tot een standaardisatie van de aanpak tekomen. Dit neem ik mee in de uitwerking van het Isolatie Offensief. Hetvooraf financieren van subsidies kan al in de lokale isolatieaanpakken.Gemeenten kunnen de subsidies namens de bewoners aanvragen om debewoners te ontzorgen. Zo worden subsidieaanvragen ook makkelijker.De vraag van de PVV over vleermuizen. Ik deel de mening van de heerMooiman dat eenduidig beleid echt nodig is voor het versneld isolerenvan spouwmuren. Daarom werk ik momenteel samen met de Minister vanLVVN, soortenorganisaties, provincies, de VNG en de isolatiebranche aaneen landelijke gedragscode. Dit spraken we vorig jaar bestuurlijk af. Dezegedragscode biedt vrijstelling van de vergunningsplicht voor flora- enfauna-activiteiten. Ik zet me maximaal in om deze gedragscode zo spoedigmogelijk af te ronden. Ik streef naar een consultatie in Q2. In de tweedehelft van het jaar zou de gedragscode dan in werking moeten kunnentreden.De vraag van mevrouw Beckerman over het isoleren bij woningcorpo-raties. Corporaties zijn hard op weg om de doelen te behalen en zullen datde komende jaren blijven. Het aantal woningen met een slechtenergielabel is sinds 2022 gehalveerd. Woningcorporaties zijn ook volopbezig met de volgende stappen, na EFG. In de praktijk worden huurwo-ningen vaak al richting energielabel B verduurzaamd. Tegelijkertijd wetenwe dat de sector voor de Nationale Prestatieafspraken tot 2034 een tekortkent van ongeveer 19 miljard. Met het structureel verlagen van devennootschapsbelasting met 325 miljoen per jaar wordt het in theoriemogelijk het financiële tekort van de sector op te lossen. Ik hou hierbij eenslag om de arm. Ik zal uw Kamer op een later moment informeren over deinvulling van de maatregelen in het coalitieakkoord en de gevolgen voorde financiële haalbaarheid van de Nationale Prestatieafspraken.De vraag van de heer Grinwis over de NPA over verduurzaming. Hij is erniet meer bij. Hij vroeg: gaat de Minister in haar brief over de investe-ringscapaciteit van de woningcorporaties in relatie tot de NPA ook in opde verduurzamingsopgave? Ja. O, daar is hij. Hij hoorde vast het ja.De voorzitter:Maar op welke vraag was dat dan? Goed, dat mag de heer Grinwisterugkijken. U gaat door met de beantwoording.Minister Boekholt-O’Sullivan:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145224 Heel goed. Dan ga ik door met de vraag van de heer Grinwis over deuitzondering op de EFG-normering. De internetconsultatie van deontwerpregeling om EFG uit te faseren is in december afgerond. Met hetuitwerken van het definitieve besluit worden de nodige uitzonderingentegen het licht gehouden. Ik wil in elk geval zo veel mogelijk aansluiten bijde Europese richtlijnen, maar met reële eisen. Het moet haalbaar zijn enbijdragen aan de CO2-reductie. Ik denk daarbij aan monumenten,sloopwoningen, kleine vrijstaande woningen, kleiner dan 50 vierkantemeter, en woningen die maar een paar maanden per jaar gebruiktworden. Ik kom hier voor de zomer bij uw Kamer op terug.De vraag van de SP over het afschaffen van de salderingsregeling voorzonnepanelen. Ik snap dat zonnepaneelbezitters hiervan schrikken en dathet lijkt alsof zonnepanelen niet meer zullen lonen. Tegelijkertijd blijvenzonnepanelen ook vanaf 2027 zorgen voor een aanzienlijke besparing opde energierekening. Zonnepanelen blijven zich over het algemeen ruimbinnen de technische levensduur terugverdienen. De motie-Beckermanverzocht om een voorstel voor het compenseren van huurders. In de briefvan 9 januari 2026 is daarop ingegaan en is aangegeven dat daar geenfinanciële dekking voor is. Wel onderzoek ik met de huursector hoespecifiek huurders beter geïnformeerd kunnen worden over het eigengebruik. Iedere zelf opgewekte kilowattuur dat een huishouden verbruikt,hoeft een huishouden niet in te kopen bij zijn energieleverancier. Door heteigen gebruik te verhogen door de slimme inzet van elektrische apparatenzoals de wasmachine kunnen nadelige gevolgen worden beperkt.De vraag van de ChristenUnie over de isolatie bij vve’s. Vve’s kunnen metde SPUK Lokale Aanpak Isolatie worden geholpen. De SPUK is hier dus alop ingericht. Alle woningen in een vve kunnen worden geïsoleerd met demiddelen. Het is wel zo dat gemeentes soms meer geld willen kunnengeven aan bepaalde eigenaren in een vve, omdat die het geld meer nodighebben. Het Instituut voor Publieke Waarden kijkt naar de mogelijkhedenom gerichte extra ondersteuning te bieden, boven op de landelijkesubsidies voor vve’s.Een aanvullende vraag van de ChristenUnie over de financiering vanvve’s. Het is inderdaad belangrijk dat vve’s kunnen rekenen op vastefinancieringsmogelijkheden. Die zijn er ook. Voorlopig zijn het Warmte-fonds, de SVVE-subsidie en de aanpak van gemeenten beschikbaar. Ik zetmij ervoor in om voldoende budget voor de vve’s beschikbaar te houdenbinnen de financiële kaders.De vraag van Forum over de vve-besluitvorming. Zorgvuldige besluit-vorming waarin de individuele belangen van appartementseigenarenworden meegenomen, blijft noodzakelijk. Ik zie dat vve’s achterlopen oponderhoud en verduurzaming en dat versnelling voor deze doelgroephoognodig is. Zo zag ik vorige week tijdens mijn werkbezoek aan een vvein Zoetermeer dat het veel jaren vergt om te komen tot onderhoud enverduurzamingsmaatregelen voor het gebouw. Het besluitvormings-voorstel ziet erop dat er over onderhoud, verduurzaming en financieringmakkelijker besloten kan worden, met 50% plus 1 van de stemmen. Webehouden het quorum dat als waarborg dient voor te snelle besluit-vorming. Het wetsvoorstel zal voor de zomer in consultatie wordengebracht.De vraag van de ChristenUnie over extra geld in het Warmtefonds. HetNationaal Warmtefonds is succesvol. Het bereikt een doelgroep dievoorheen niet bezig was met energiebesparende maatregelen. Derenteloze leningen voor woningeigenaren met een laag inkomen zijnpopulair. Het aantal verenigingen van eigenaren dat leent bij het NationaalWarmtefonds, groeit. Twee jaar geleden groeide het bedrag nog met66 miljoen euro en vorig jaar met 232 miljoen euro. Sinds de oorlog in hetMidden-Oosten stijgt het aantal aanvragen inderdaad met 30% tot 40%.Het Warmtefonds heeft aantrekkelijke en verantwoorde leningen dankzijde bijdrage van de Rijksoverheid. Nu het Warmtefonds zo hard groeit, isTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145225 er dus inderdaad een extra bijdrage nodig. Dit moeten we uiteraardbeschouwen binnen de bredere financiële puzzel, waar ik nog niet opvooruit kan lopen. De heer Grinwis vroeg naar de ledenlening voorappartementseigenaren met een laag inkomen. Hiervoor zijn de komendejaren voldoende middelen beschikbaar.De heer Grinwis (ChristenUnie):Ik ben blij met het antwoord van de Minister dat zij bereid is om hetWarmtefonds in staat te blijven stellen om ja te blijven verkopen, want zointerpreteer ik haar antwoord eigenlijk, namelijk dat ze geen nee hoevente verkopen, ook als het aantal aanvragen in de komende tijd hoger blijft.Voor 2026 is er geen dreiging, maar voor 2027 is de dreiging dat er bij hethuidige niveau gewoon te weinig geld is om die rentevrije leningen tekunnen blijven verstrekken. De Minister hoeft hier nu niet precies toe tezeggen: ik stort zo veel bij in 2027. Wil zij de Kamer hier echter gerust-stellen dat het Warmtefonds, als het aan haar ligt, inderdaad gewoonopenblijft, niet alleen in 2026, maar ook in 2027 en 2028, zodat het zijnzegenrijke werk kan blijven doen. En een tweede vraag: is de Ministerbereid, als ze wél helderheid heeft over de financiële kaders en de manierwaarop die puzzel wordt gelegd, daar een brief over te schrijven aan deKamer?Minister Boekholt-O’Sullivan:Zoals ik in mijn antwoord aangaf: ik ben voor dit fonds. Ik vind het eengoed fonds. Ik zie ook dat er veel gebruik van wordt gemaakt. Het lijkt ookte leiden tot daadwerkelijke uitkomsten; dat is altijd plezierig als je ergensgeld aan uitgeeft. Tegelijkertijd ben ik op dit moment gebonden aan definanciële kaders die ik heb. Dus ik zit hier met volgens mij dezelfdeinsteek als u, maar tot op heden ben ik gebonden aan de financiële kadersdie ik heb, zoals ik in mijn antwoord al aangaf. Maar we gaan natuurlijkniet op een blinde muur af rijden, dus als we zien dat er meer nodig is,dan zullen we dat op moeten brengen en breder moeten beschouwenbinnen het kabinet. Daar zal ik me voor inzetten. Op uw vraag of ik daareen brief over kan schrijven zodra we daar met elkaar uit zijn, zeg ik:uiteraard.De voorzitter:Dan is even de vraag wanneer u die brief kunt sturen. Heeft u enig idee?Minister Boekholt-O’Sullivan:Na de augustusbesluitvorming.De voorzitter:«Voor de kerst», noemen we dat! Na de augustusbesluitvorming. Ik stelvoor dat de Minister dit blokje even afmaakt. Dan kijken we welke vragendaar nog over zijn.Minister Boekholt-O’Sullivan:De heer Grinwis vroeg naar het gat bij het Nationaal Warmtefonds. Had ikdie net? Die had ik net gedaan, ja. De volgende had ik nog niet gedaan.De heer Grinwis. Voor de vve’s die onvoldoende geld gereserveerdhebben voor de renovatie of vervanging van de collectieve rookgasafvoergeldt dat die in veel gevallen hiervoor via hun gemeente een leningkunnen afsluiten bij SVn. Ook kunnen zij rechtstreeks terecht bij hetToekomstbestendig onderhoudsfonds vve’s en het Nationaal Warmte-fonds. Voorwaarde hierbij is dat ook verduurzamingsmaatregelen wordenuitgevoerd; dan kan het.Dan de vraag van mevrouw Steen van het CDA over het energiehuis. Hetenergiehuis is bedoeld om bewoners duidelijk te ondersteunen in hetgehele proces van verduurzaming. Waar binnen gemeenten vaak veelTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145226 verschillende initiatieven naast elkaar bestaan, moeten die meer als éénduidelijk geheel naar buiten treden. Het energiehuis wordt niet alleen eenplek waar bewoners zelf informatie en advies kunnen halen, maar hetenergiehuis zal ook proactief naar bewoners toe gaan, zeker naarkwetsbare huishoudens. Voor de zomer stuur ik u een brief met eenverdere uitwerking van hoe het energiehuis eruit gaat zien.Een vraag van mevrouw Van Oosterhout van GroenLinks-Partij van deArbeid over het SER-advies. Het is een belangrijk advies. Ik dank de SERdaar ook voor. Ik ben blij dat de SER duidelijk steun uitspreekt voor deverduurzaming van de gebouwde omgeving. Ze geeft goede adviezenmee over hoe dat goed handen en voeten kan krijgen. Voor de energie-transitie is het cruciaal dat iedereen mee kan doen. De heer Kim Putterswijst op de zorgtaak voor kwetsbare huishoudens; zo zie ik dat ook. Ikherken sterk de noodzaak om verduurzaming beter aan te laten sluiten bijde leefwereld van bewoners en ondernemers.Forum vroeg naar het ibo-onderzoek. We willen in 2050 geen CO2-uitstootmeer hebben. Het ibo-onderzoek is er juist voor bedoeld om te onder-zoeken welke stappen we moeten zetten om deze langetermijndoelen tebehalen. Het ibo-onderzoek bekijkt langs welke weg we dat kunnenbereiken en hoe we de lasten verdelen. Een belangrijk punt daarbij is hoewe kwetsbare huishoudens meenemen. De reactie op het ibo volgt na dezomer.Er was een vraag van GroenLinks-Partij van de Arbeid over middelen voorverduurzaming en warmtenetten. Tot 2030 zijn middelen beschikbaar omdie ambities in te vullen. Dat zijn middelen voor ondersteuning van ensubsidies aan huishoudens, verhuurders, gemeenten, maatschappelijkeinstellingen en bedrijven, ook voor warmtenetten. Het kabinet heeft in hetcoalitieakkoord bovendien 800 miljoen per jaar gereserveerd voorgemeenten, zodat zij ook na 2030 door kunnen gaan. Tegelijk is duidelijkdat de warmtetransitie een opgave is van een lange adem en dat hetbelangrijk is om de blik op het einddoel van 2050 te houden, namelijk eenklimaatneutraal Nederland. Ik begrijp de zorgen over morgen, maarvandaag moeten we ook gewoon aan de slag. Stilstaan gaat ons daarbijniet helpen. Elke stap in de transitie brengt ons vooruit.Dat is dit mapje.De voorzitter:Dat was het blokje. Af en toe kreeg u nog wat extra tekst toegediend naaraanleiding van de vele vragen, maar u was daarmee klaar. Dan kijk ik naarde commissieleden. Eerst meneer Mooiman; mevrouw Beckerman volgt.De heer Mooiman (PVV):Ik wil het graag hebben over de hybride warmtepompen en de normeringdaarvoor. Daar hebben we ook een vraag over gesteld, waar de Ministerzojuist op is ingegaan. Er zijn natuurlijk ontzettend veel huiseigenaren,maar ook huurders, die zich zorgen maken over die normering. Vooralhuiseigenaren vragen zich af wat het voor hen kan gaan betekenen, geziende kosten. We willen de Minister toch vragen hoe zij die normering nouecht ziet. Gaat die normering leiden tot een verplichting of is die eenverplichting? Kan zij in ieder geval toezeggen dat dat absoluut niet hetgeval zal zijn?Minister Boekholt-O’Sullivan:Het antwoord op deze vraag zit in het volgende mapje, dus als u het goedvindt, kom ik er dan op terug.De heer Mooiman (PVV):Ik vind het wel een beetje lastig debatteren op deze manier, omdat in debeantwoording natuurlijk de hybride warmtepomp en de vraag daarnaaris aangehaald, dus wellicht zou de Minister de vraag over de hybrideTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145227 warmtepomp erbij kunnen pakken. Ik kijk de Minister aan om te zien of datmogelijk is.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dat kan. Ik geef een aanvullend antwoord op de vraag van de heerMooiman. Zoals we nu ook weer zien, is het belangrijk dat we alsmaatschappij snel minder afhankelijk willen worden van fossielebrandstoffen. Daarmee dragen we bij aan de klimaatdoelen en worden weminder afhankelijk van geopolitieke spanningen en wisselende gasprijzen.Een hybride warmtepomp levert in vrijwel alle situaties een lagereenergierekening bij gelijkblijvend comfort. Het is dus logisch dat opplekken waar geen warmtenet komt de warmtepomp op termijn de normwordt. Daarom hebben we in het coalitieakkoord afgesproken dat wewarmtepompen normeren en stimuleren. Over de nadere uitwerking vandie norm zal ik u in het najaar informeren. Uiteraard nemen we daarbijmee of de norm voor huishoudens haalbaar is.De heer Mooiman (PVV):Ik wil de Minister toch het volgende vragen. In het coalitieakkoord staat,denk ik, heel bewust het woord «normeren», terwijl het natuurlijkvoorheen een verplichting was. Ik hecht er toch zeer aan ... Ik denk dat erheel veel mensen zijn, bijvoorbeeld die in een slecht geïsoleerde woningwonen, waarvan er nog heel veel zijn, waarvoor een warmtepomp geenbijdrage levert aan het verlagen van de energierekening of aan hetwooncomfort. Maar ook komt er voor heel veel huiseigenaren toch eenforse investering op hen af, waarvoor ze vaak een lening aan moeten gaanof zelfs verdere verduurzamingsmaatregelen moeten nemen. Ik ben ertoch bang voor dat dit eventueel gaat leiden tot een verplichting. Dat lijktmij zeer onverstandig. Ik zou aan de Minister willen vragen om daar tochnog op te reflecteren. Ik kan me voorstellen dat het kabinet dat nu al weet.Gaat die normering nou leiden tot een verplichting, ja ofte nee?Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik begrijp de wens om duidelijkheid. We hebben afgesproken in hetcoalitieakkoord dat we warmtepompen normeren en stimuleren, maar ikwil in de uitwerking de tijd nemen om te bezien dat we dit niet op eendusdanige manier doen dat we mensen in de knoei laten draaien; vandaarzei ik dat we de norm meenemen en kijken of het haalbaar is.De heer Mooiman (PVV):Deze vraag gaat over een ander onderwerp waar de Minister in haarbeantwoording in het eerste blokje ook op terug is gekomen, namelijk deisolatieproblematiek. Zij gaf aan dat er gewerkt wordt aan een voorstel datQ2 onze kant op komt. Daarbij wil ik de Minister graag vragen of zij toekan zeggen dat ook wordt meegenomen hoe zij ervoor kan zorgen dat deisolatiebranche, die natuurlijk faillissementen heeft meegemaakt vanwegede problemen – de orders zijn alleen al in 2024 70% teruggevallen –daadwerkelijk de capaciteit heeft om straks aan de slag te gaan.Minister Boekholt-O’Sullivan:We zijn in gesprek met deze branche, dus we zullen heel nadrukkelijkluisteren naar hun zorgen en naar waar de kansen liggen om dit metelkaar voor elkaar te krijgen.Mevrouw Beckerman (SP):Ik word een beetje onrustig. Dat komt omdat je ziet dat een kwart van dehuishoudens in Nederland al zegt: we verbruiken minder. Mensen zijn inpaniek over de hoge prijzen. Ze maken zich enorme zorgen. We weten datandere landen wel ingrijpen. Spanje had meteen een maatregelenpakket.De energierekening is daar direct omlaaggegaan. Ze hebben er in deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145228 tussenliggende jaren ook voor gezorgd dat de energierekening door hetinvesteren in duurzame energie al blijvend lager is. Ik hoor de Ministereigenlijk nog niks zeggen over de korte termijn. Over de langere termijnhoor ik dingen als «na de augustusbesluitvorming», «helaas is er geendekking voor» of «in theorie is het misschien wel mogelijk om tecompenseren». Wie moet die rekening betalen, vraag ik aan de Minister.Minister Boekholt-O’Sullivan:Zoals ik in mijn beantwoording aangaf, ligt er 1,6 miljard bij de gemeentesom iets doen. Maar het vraagstuk waarvoor we nu bij elkaar zitten, en datook mijn portefeuille betreft, gaat over woningen en isolatie. Dat kannamelijk bijdragen aan minder afhankelijkheid. Vanmiddag is er een debatwaar dit bredere vraagstuk voorligt. Daar zou ik graag naar willenverwijzen.Mevrouw Beckerman (SP):Dat is lekker makkelijk. Deze Minister gaat bijvoorbeeld ook over dewarmtenetten. Huurders die op een warmtenet zitten, betalen nugemiddeld € 370 meer. Ze betalen dus hoe dan ook. Als ze wel op hetwarmtenet zitten, betalen ze meer, vanwege de hoge kosten, die nogsteeds gekoppeld zijn aan de stijgende gasprijzen. Als ze niet op hetwarmtenet zitten, betalen ze ook. Daar gaat deze Minister over. Ik vraagdeze Minister dus om een antwoord. Wat gaat zij hieraan doen? Wekunnen daar namelijk direct op ingrijpen.Minister Boekholt-O’Sullivan:Er zijn op dit moment voldoende middelen voor de gebouwde omgeving.In de voorjaarsbesluitvorming regelen we integraal de verschillendefinanciële claims die hierover gaan. De warmtenetten staan daarbij op hetnetvlies. Daar kan ik nu gewoon nog niet op vooruitlopen. Ondertussenwerken we aan de transitiepaden richten 2040 en 2050, mede met de inputvan de uitkomsten van het interdepartementaal beleidsonderzoek. In hetvoorjaar van 2027 kijken we met het kabinet verder vooruit, naar hoe weinvulling geven aan de doelen.Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter, sorry, maar het is een beetje zonde om interrupties teverspillen. Mijn vraag is niet of er voldoende geld is bij de overheden,want dat zegt de Minister. Mijn vraag is of er genoeg geld is bij dehuishoudens. Het zijn de huishoudens die in de knel komen door degestegen energierekening. Het zijn huishoudens die, of ze nou wel of nietop een warmtenet zitten, betalen, elke keer weer. Elke keer komen weweer in een energiecrisis terecht. We kunnen dat voorkomen – dat is deafgelopen jaren onvoldoende gebeurd – maar we kunnen ook nuingrijpen. Mijn vraag is dus niet of er geld is bij de overheid. Mijn vraag isof er geld is bij de huishoudens. Ik hoop toch dat de Minister daarantwoord op wil geven. Wat gaan we doen om te zorgen dat mensen hunenergierekening kunnen betalen?Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik vrees dat ik met hetzelfde antwoord ga komen, namelijk dat hiervanmiddag een debat over is. Daar staat dit nadrukkelijk op de agenda. Ditdebat en mijn portefeuille gaan over de isolatie van woningen.De voorzitter:Een punt van orde.Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter, ik wil daar toch een punt van orde over maken. We kunnenverwijzen naar allerlei debatten, maar deze Minister gaat bijvoorbeeldTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145229 over de warmtenetten. Daar heeft ze net ook antwoord over gegeven.Daar ligt een probleem, namelijk dat mensen meer betalen als ze op hetwarmtenet zitten. Huurders betalen bijvoorbeeld gemiddeld € 370 meer.Dat is een probleem voor huishoudens.De voorzitter:Probeer even naar het punt van orde te werken.Mevrouw Beckerman (SP):Dat is het ordepunt, voorzitter. Het lijkt me heel onwenselijk als deMinister niet kan antwoorden op vragen over zaken waar ze over gaat endie in haar portefeuille zitten. Als punt van orde vraag ik dus aan u, alsvoorzitter, om de Minister te vragen om hier wel op te antwoorden en nietnaar vanmiddag te wijzen. Dit is één voorbeeld, maar het gaat over meer.Bij een warmtenet zou het bijvoorbeeld ook fijn zijn als woningenverduurzaamd worden. Corporaties hebben voor dit debat een briefgeschreven waarin ze zeggen: we hebben daar tekorten; hoe gaan we hetoplossen? Daar krijgen we nog geen antwoord op. Zou u de Ministerwillen aansporen om wél antwoord te geven en niet te verwijzen naar hetdebat van vanmiddag? Al mijn vragen hebben namelijk betrekking gehadop het debat van vandaag.De voorzitter:Er zit natuurlijk wel een fine line tussen wat vanmiddag wordt besproken,namelijk de acute situatie die mensen nu thuis, aan de pomp of waar danook meemaken, en het programma van de gebouwde omgeving en deverduurzaming daarvan op de lange termijn. Daar zit overlap in, maar dieis ook beperkt. Ik snap de Minister dus als ze referte maakt aan het debatvan vanmiddag. Ik wil de Minister nog wel één keer vragen om te kijken ofer wellicht toch nog iets meer kleuring aan kan worden gegeven, maarmet deze kanttekening.Minister Boekholt-O’Sullivan:Zeker, voorzitter. Als de vragen over warmtenetten, isolatie en delangetermijnplanning gaan, kan ik die gewoon beantwoorden. Ik wil bestvooruitlopen op het mapje overig. Dat komt nog. Daar zitten warmte-netten in. Ik wil die vraag best beantwoorden, als dat helpt.Het betreft dus het aantrekkelijker maken van warmtenetten. Warmte-netten zijn in veel stedelijke wijken de oplossing met de laagste nationalekosten. In deze wijken is een meer collectieve aanpak ook gewenst voorde bewoners, met het oog op andere maatschappelijke opgaven. Hetkabinet zet subsidies in zoals de Warmtenetten Investeringssubsidie,1,4 miljard tot 2030, om te zorgen dat dit een oplossing wordt die ookaantrekkelijk is voor de bewoner. Zo veel mogelijk duidelijkheid voor debewoners over de kosten en de tarieven hoort daar natuurlijk gewoon bij.De heer Russcher (FVD):Ik wil terugkomen op mijn vraag die ik in mijn bijdrage stelde over de 50%plus 1-besluitvorming in plaats van tweederdemeerderheid voor hetdoorvoeren van verduurzaming. De Minister gaf aan dat het quorumgewoon in stand blijft. Dat begrijp ik. Ik begrijp ook dat bij bestaande vve’sunaniem besloten moet worden over het wijzigen van een splitsingsakte,maar ik maak me een beetje zorgen over nog niet bestaande vve’s diegaan ontstaan voor wat kleinschaligere appartementencomplexen,bijvoorbeeld met twaalf woningen. Daarbij kan het zo zijn dat bijvoorbeeldzeven woningen in bezit zijn van één eigenaar, die die woningen daarverhuurt. Ik ben benieuwd wat dat mogelijk met de financiële positie doetvan de huiseigenaren, dus de eigenaren van de overige woningen, en hoede Minister die positie wil waarborgen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145230 Minister Boekholt-O’Sullivan:Ook hiervoor geldt dat het besluitvormingsvoorstel ziet op de 50% plus 1van de stemmen. Dat geldt dus ook bij een andere verdeling vaneigenaren.De heer Russcher (FVD):Dat zou dus in de praktijk kunnen betekenen dat iemand met zes tiendeappartementsrecht die daar zijn woningen verhuurt, die anderen kanopzadelen met tienduizenden euro’s aan verduurzamingsmaatregelenwaar zij niet op zitten te wachten.Minister Boekholt-O’Sullivan:Er zijn twee verschillende soorten bouw: nieuwbouw en bestaande bouw.Bij nieuwbouw geldt dit niet, want daarbij is dit al meegenomen in hetkader van de nieuwbouw. Als de heer Russcher verwijst naar bestaandebouw: het klopt dat het daarbij gaat om 50% plus 1 van de stemmen.De heer Russcher (FVD):Het ik het dan goed begrepen dat er geen enkele waarborg zal zijn voor definanciële positie van die 49%? Het kan toch niet zo zijn dat één iemanddie een meerderheid van de woningen verhuurt, mensen die daar eenwoning hebben gekocht, massaal op kosten gaat jagen voor verduur-zaming waar ze niet op zitten te wachten?Minister Boekholt-O’Sullivan:Het voorstel dat er ligt, ziet hier inderdaad op deze manier op.Mevrouw Steen (CDA):Ik hoorde de Minister antwoord geven op de vraag van de heer Grinwisover het geld voor gemeenten. Ik interpreteer dat maar even ook als hetantwoord op mijn vragen, maar ik heb iets meer vragen gesteld. Ik hebimmers ook gevraagd of de Minister straks gaat sturen op het resultaat bijhet uitgeven van die 1,6 miljard, dus meer verduurzaamde woningen inplaats van alleen die praktische ondersteuning in het gemeentelijkeprogramma. Ze zei ook dat er nu 80.000 woningen zijn geïsoleerd. Mijnvraag was eigenlijk of we daarmee op weg zijn naar het doel van 750.000woningen of dat er nog meer moet gebeuren om het doel te halen. En ishet tempo hoog genoeg? Hebben we meer inzicht nodig op de uitvoeringof denkt de Minister dat dit wel goedkomt?Minister Boekholt-O’Sullivan:Mevrouw Steen zegt terecht dat het antwoord op de vraag van de heerGrinwis ook voor haar vraag gold. Aanvullend naar aanleiding van haarvraag of het tempo goed genoeg is: het is verviervoudigd. Dat is nog nietgenoeg. Er zal dus nog meer moeten gebeuren. Wat betreft de gelden diebij de gemeentes liggen om hierop in te zetten: zij moeten daarmeeleveren. Als zij daar niet mee leveren, moet dat geld gewoon terugkomennaar de staatskas, zodat dat herverdeeld kan worden over de plekken waardat wél gebeurt. Dat is dus de stimulans om te komen tot realisatie.Mevrouw Steen (CDA):Ik wil helemaal niet dat dat geld teruggaat naar de staatskas. Ik wil dat datgeld gestoken wordt in de verduurzaming van die woningen. Ik denk dusdat er met name voor gezorgd moet worden dat die gemeenten op eengoede manier aan de slag gaan met het inzetten van het geld. Wat isdaarvoor nodig? Is er iets wat wij hier in de Kamer kunnen doen om datverder te helpen? Mijn tweede vraag is als volgt. We zien dat de Ministerhaar best doet om huishoudens te bereiken, ook met het energiehuis,maar we weten natuurlijk ook dat er een groep inwoners is die hetmoeilijk hebben en die kwetsbaar zijn. Die zijn bekend bij de gemeente.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145231 Dat zijn vaak inwoners die een uitkering krijgen en die ergens op een lijststaan. Maar juist op het punt van verduurzaming en energie is er een helegrote groep mensen die misschien geen uitkering hebben maar die hetwel moeilijk hebben. Dan hebben we het ook over de middeninkomens,die straks een stap moeten zetten in het isoleren van hun huis maarwaarvan het geld vastzit in hun huis. Die kunnen we veel minder makkelijkbereiken door een gemeentelijke kaartenbak open te trekken. Wat kunnenwe doen om ervoor te zorgen dat ook zij bereikt worden met al diemiddelen die er zijn?Minister Boekholt-O’Sullivan:Een van uw vragen is wat we kunnen doen, omdat we het geld helemaalniet terug zouden willen. Daar hebben we overeenstemming over: wijwillen het ook niet terug. We willen dat ze het op de goede plek uitgevenmet maximaal rendement. Ik zal de colleges dus in ieder geval een briefsturen om hier echt nadrukkelijk meer aandacht voor te vragen.Dan uw vraag over het energiehuis. Die informatie gaat proactief naar debewoners toe, beginnend bij de meest kwetsbaren. U heeft er gelijk in datdat bij de middeninkomens ook zo is en dat de outreach dus ook naar henmoet gaan. Ik ben afgelopen week in Heerlen geweest. Daar zijn ze bezigmet die isolatie. Ze hebben daar een voorbeeldhuis gemaakt in de wijk,waar iedereen in en uit mag lopen om te kijken hoe je huis eruit gaat zienals het is verduurzaamd. Dat is heel laagdrempelig; daar kan iedereennaar binnen. De mensen op straat praten er ook over. Dat leidt er in diewijk – daar was ik; ik zal dat dus niet extrapoleren naar heel Nederland –dus toe dat die mensen het zelf kunnen zien. Ze kunnen daar naar binnenlopen met al hun vragen en krijgen daar antwoord op, onafhankelijk vanhet inkomen dat ze hebben. Dit zijn volgens mij de voorbeelden diegemeentes met elkaar moeten delen om te laten zien hoe dit een positieveuitwerking heeft op de bereidheid van mensen om zich in ieder geval teoriënteren op wat wel of niet zou kunnen.De voorzitter:Dank. Ik schors de vergadering voor een ogenblik vanwege de aangekon-digde voorzitterswissel. Ik had het blokje graag nog even afgemaakt metinterrupties van in ieder geval mevrouw Van Oosterhout en de heerNobel, maar dat zal onder een ander voorzitterschap moeten gebeuren.De vergadering is even geschorst.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Voorzitter: SteenDe voorzitter:Improviseren kunnen we leren, zeggen we maar. Volgens mij hadmevrouw Van Oosterhout een interruptie.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ja, want ik mis eigenlijk het gevoel van urgentie bij deze Minister. Wehebben het over augustus en over «voor de kerst». Is deze fossiele crisisgeen reden voor de Minister om er toch een schep bovenop te doen? Danheb ik het bijvoorbeeld met name over het Isolatie Offensief.Minister Boekholt-O’Sullivan:Het Isolatie Offensief is hartstikke belangrijk; dat heeft ook urgentie. Wehebben ook afgesproken om de komende dagen met elkaar te sprekenover hoe we daar invulling aan kunnen geven en hoe we ervoor kunnenzorgen dat, voordat de winter dit jaar weer intreedt, zo veel mogelijkmensen gebruik hebben kunnen maken van allerlei isolatiemaatregelenom ervoor te zorgen dat zij, als wat zich nu afspeelt zich doorzet, kostenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145232 kunnen reduceren door te isoleren. Dit heeft dus onze volle aandacht. Wezijn daar interdepartementaal over in gesprek. Samen met de Minister vanKGG moet ik hiernaar kijken en zijn we aan het kijken hoe we dit zo snelmogelijk met elkaar vorm kunnen geven.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Dan zal het toch ook echt heel belangrijk zijn dat daar extra middelen voorworden vrijgemaakt. Ik ben heel benieuwd hoe de Minister daarnaar kijkt.Minister Boekholt-O’Sullivan:Zoals ik zojuist ook tegen de heer Grinwis heb gezegd, ben ik het met ueens dat daar ook middelen voor beschikbaar moeten zijn. Op dit momentben ik gebonden aan de financiële kaders waarbinnen ik zit. Op basisdaarvan en op basis van de processen zoals we die nou eenmaal metelkaar hebben ingeregeld, zijn dat de momenten waarop ik dat kenbaarkan maken.De heer Nobel (VVD):Ik zou het debat graag iets verbreden. Ik ben blij dat de Minister zelfaangeeft dat zij zich binnen de financiële kaders tot de ambities moetverhouden. Dat lijkt mij heel gezond. We zien ook vaak dat bedrijven- enkantorenterreinen op dit moment niet aan de energie-eisen voldoen endat veel ontwikkelaars die panden ook niet transformeren, omdat deoverdrachtsbelasting heel hoog is. Bent u ook bereid om te kijken ofverduurzamingsmaatregelen getroffen kunnen worden, bijvoorbeeld in defiscaliteit, om andere gebouwde omgevingen te betrekken bij dewoningbouwopgave?Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik ben altijd bereid naar goede suggesties te kijken. Ik zal dit dusmeenemen als een goede suggestie waar ik naar ga kijken.De voorzitter:Volgens mij hebben we daarmee het eerste blokje afgerond. We gaan naarhet blokje netcongestie.Minister Boekholt-O’Sullivan:Er was een vraag van D66 over de normen van netbewuste nieuwbouw.Op de Woontop van 2024 zijn afspraken gemaakt om netbewust bouwente stimuleren. Vanuit de FGU-crisisaanpak wordt de mogelijkheid voornormering van netbewuste nieuwbouw verder uitgewerkt, maar metalleen netbewuste nieuwbouw redden we het niet. Het versnellen vannetuitbreidingen en slimmer elektriciteitsgebruik in bestaande gebouwenblijft nodig. Het probleem van netcongestie is niet op korte termijnopgelost. We zullen ons erop moeten aanpassen dat elektriciteit nietonbeperkt voor iedereen beschikbaar is. Omdat de ruimte op het net in deFGU zo schaars is, wordt er ook gewerkt aan manieren om woningbouwte kunnen blijven aansluiten op locaties waar de ruimte op het netminimaal is, bijvoorbeeld door de inzet van accu’s of generatoren.Dan een aanvullende vraag van D66 over de kosten van netbewustbouwen. In algemene zin zet dit kabinet erop in om kostenverhogenderegels te voorkomen, maar gezien de schaarste op het elektriciteitsnet kijkik naar alle mogelijkheden waarmee de woningbouw wél kan doorgaan.Samen met de sector werk ik aan een beter zicht op de kosten enopbrengsten van netbewuste nieuwbouw. Op basis daarvan kan eenafweging gemaakt worden tussen de kosten en de baten.De heer Nobel (VVD):We hadden laatst een rondetafelgesprek waarin naar voren kwam dat hetaansluiten van woningen die netbewust zijn, tot wel € 10.000 kan schelenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145233 in de prijs. Toen werd ook aangegeven dat het heel vaak niet mogelijk isom die woningen op het net aan te sluiten. Ik denk dat we dan welverkeerd bezig zijn met elkaar. Zou de Minister daarop kunnen reflecteren?Minister Boekholt-O’Sullivan:Dat is een terechte vraag van de heer Nobel. Als het de keuze is tussenniet aansluiten of netbewust aansluiten, dan is dat het uiteindelijkevraagstuk dat voorligt en waar een antwoord op moet komen. Ik denk datde keuze tussen niet aangesloten kunnen worden of op de wachtlijstkomen om veel later aangesloten te worden als het gaat over de woning-bouwopgave, waar we met z’n allen naar kijken, in sommige gevallen eenconsequentie gaat zijn van netbewust bouwen.De voorzitter:Ik zie een knikje van de heer Nobel. Hij is niet helemaal tevreden, maar hijgaat hier geen interruptie aan spenderen. Volgens mij kan ik danconcluderen dat u door kan naar het derde blokje, regelgeving.Minister Boekholt-O’Sullivan:Het Besluit bouwwerken leefomgeving zorgt ervoor dat we in Nederlandveilige, gezonde, bruikbare en duurzame gebouwen bouwen. De regelsvan het Bbl gelden voor alle gebouwen in heel Nederland, waarmee weeen eenduidig en gelijk speelveld voor de bouw creëren. Mijn voorgangerheeft dit samen met alle partners op de Woontop nogmaals bevestigd. Dewet biedt geen ruimte voor extra of hogere eisen via lokale regels,vergunningen of privaatrechtelijke overeenkomsten. Het is vooral ookvoor de industriële bouw van belang dat we dit gelijke speelveld bewaken.Bouwers moeten ervan uit kunnen gaan dat ze hun woningen overal inNederland kunnen plaatsen vanuit hetzelfde technische kader. Ik hoor datgemeenten sturen op bovenwettelijke kwaliteitsniveaus in de nieuwbouw,omdat ze van mening zijn dat het Rijk de verduurzaming van nieuwegebouwen onvoldoende snel doorzet. De afspraak is echter dat we deduurzaamheidsregel de komende jaren volgens de lijn van de EPBD IVstap voor stap landelijk aanscherpen. Inmiddels is de Woontopafspraakafgerond om inzichtelijk te maken wat de handelingsruimte vangemeenten is. Deze bespreek ik binnenkort met alle Woontoppartners.Een vraag van mevrouw Steen over de milieuprestatie-eisen voornieuwbouw en scherpere eisen voor woningen. Ik geef er de voorkeur aanom voorrang te geven aan de invoering van de zogeheten WLC-GWP,volgend uit de Europese Richtlijn energieprestatie van gebouwen bovennu een heroverweging van een scherpere milieuprestatie-eis voorwoningen. Ik voer namelijk op dit moment een evaluatie uit van hetinstrument van de milieuprestatie. Bij deze evaluatie zal ook de vraag aande orde komen of en hoe de MPG als eis samen kan gaan met deWLC-GWP vanaf 2030, zonder dat dit leidt tot extra administratieve lasten.De heer Grinwis (ChristenUnie):Wat betekent dat dan precies? In het verleden is hier namelijk al veel overgesproken. De ambtsvoorganger van deze Minister, De Jonge, heeft hiereen besluit voorgehangen. Dat is niet doorgegaan omdat Minister Keijzerhet weer hernam. Het hele idee was om bijvoorbeeld biobased bouwenmeer kans te geven in de vernieuwde MPG. Ziet het antwoord van deMinister er inderdaad op toe dat bijvoorbeeld innovatieve CO2-armemanieren van bouwen, zoals biobased bouwen, aantrekkelijk worden?Daar wil ik wel graag helderheid over. Wanneer komt die helderheid erdan voor de markt?Minister Boekholt-O’Sullivan:Het antwoord op de vraag van de heer Grinwis is: ja, dat zit in de WLC. Opuw vraag wanneer dat op de markt komt, is het antwoord: in 2027.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145234 De voorzitter:Vervolgt u uw beantwoording.Minister Boekholt-O’Sullivan:Een vraag van de VVD en D66 over het herzien van de regels en hetstandaardiseren ervan. De bouw heeft inderdaad behoefte aan eenduidigeen duidelijke regels. Voor de technische eisen hebben we landelijk hetBesluit bouwwerken leefomgeving, het Bbl. Zoals al is toegelicht in mijninleiding, hebben we overal in Nederland dezelfde regels voor gebouwen.Extra eisen door gemeenten zijn zowel via vergunningen als via privatecontracten niet toegestaan. We stellen regels als dat nodig is vanuit hetoogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid of duurzaamheid.Mocht er reden zijn de regels aan te passen, dan zal ik dat in samenspraakmet uw Kamer doen. Daarbij is het voor mij van belang dat de regels nietnodeloos duur en beperkend zijn. Bij aanpassing van de regels zal dat danook mijn toetssteen zijn. In het verlengde van de kabinetsreactie op deadviescommissie STOER zal ik de grondslagen en uitgangspunten van hetBbl opnieuw onder de aandacht brengen, aangezien dat in veel gevallenniet door iedereen eenduidig wordt uitgelegd.De heer Nobel (VVD):Ik ben in die zin blij met het antwoord van de Minister dat zij de zorgenomarmt die ik en mijn collega van D66 hebben geuit. Zij ziet ook dat delokale eisen ervoor zorgen dat er minder wordt gebouwd. Tegelijkertijdgeeft de Minister aan dat dat eigenlijk niet mag; maar erkent de Ministerdat het op dit moment toch nog gebeurt? Wat is zij voornemens om hierdan ook direct aan te doen, aangezien het niet mag?Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik hoor diezelfde geluiden dat het gebeurt ook, terwijl we daar met elkaarafspraken over hebben gemaakt. Ik houd mij aan het uitgangspunt«afspraken zijn afspraken, totdat je nieuwe afspraken hebt gemaakt», dusik zal in gesprek gaan met degenen met wie we deze afspraken hebben.De voorzitter:Meneer Nobel, uw laatste interruptie.De heer Nobel (VVD):Ik hoop wel op een iets stevigere reactie dan alleen een gesprek, want ophet moment dat de Minister weet welke gemeenten zich hier niet aanhouden, moet het niet bij een gesprek blijven, want we hebben met elkaarinderdaad afspraken gemaakt. En wat de VVD betreft geldt dan ook:afspraak is afspraak. We moeten er gewoon echt voor zorgen dat diewoningbouwontwikkeling van de grond komt. Daar helpen dit soortbovenregionale eisen niet bij. Dus ik hoop dat de Minister kan toezeggendat ze meer gaat doen dan alleen in gesprek gaan, en dat ze dan ook echtgaat ingrijpen bij die overheden die dit doen.Minister Boekholt-O’Sullivan:Het begint altijd met een gesprek, zeker als je ze nog nooit hebtgesproken. Maar als uit dat gesprek blijkt dat er dingen plaatsvinden waarwe andere afspraken over hebben gemaakt, dan zullen we het instrumen-tarium inzetten dat daarvoor is.De voorzitter:Vervolgt u uw betoog.Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik vervolg met een vraag van de heer Mooiman over de doelstellingencirculariteit in relatie tot de woningbouw. Ik ben het met u eens dat deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145235 woningbouwopgave de allerhoogste prioriteit heeft, ook als het gaat omcirculariteitsdoelstellingen waar het kabinet aan wil werken. Zie hetcoalitieakkoord en het Nationaal Programma Circulaire Economie. Lopendbeleid, zoals industrieel bouwen, biedt niet alleen kansen om sneller enbetaalbaarder te bouwen, maar ook om schoner te bouwen met mindermilieu-impact. Tevens zorgt het voor meer grondstoffenbeschikbaarheid.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Mooiman voordat u verdergaat.De heer Mooiman (PVV):Dank aan de Minister voor het antwoord. Ik denk inderdaad dat dedoelstellingen omtrent circulair bouwen ertoe kunnen leiden dat uitein-delijk de slagkracht van de woningbouwambities die we met elkaarhebben, mogelijkerwijs in het geding kan komen. Ik wil de Minister inieder geval vragen of zij het met ons eens is dat die doelstellingenomtrent circulariteit er nooit toe mogen leiden dat we dus minderwoningen gaan bouwen.Minister Boekholt-O’Sullivan:De woningopgave heeft de hoogste prioriteit, dus we moeten er alles aandoen om de afspraken daarover te realiseren, op basis van eenverstandige omgang met de regelgeving.De voorzitter:Gaat u door met uw betoog.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dan kom ik bij de vraag van de VVD over energielabels. Het energielabelwordt steeds belangrijker in het economisch verkeer. Door alleen in tezetten op kostenverlaging kunnen we niet zorgen voor een hoogwaardigenergielabel. Met de wijzigingen die vanaf mei dit jaar van kracht worden,heb ik maatregelen genomen om foutieve labels verder te beperken.Bovendien ben ik bezig om publiek toezicht toe te voegen aan dit stelsel.Daarnaast ben ik bezig met de gemoderniseerde bepalingsmethode, dievanaf 2030 van kracht wordt. Daarbij is een belangrijke randvoorwaardedat de opname van de energieprestatie niet méér tijd gaat kosten.Dan kom ik bij de vraag van de VVD over de administratieve lasten voorvve’s. Wij werken aan een wetsvoorstel voor vereenvoudiging van debesluitvorming over verduurzaming, onderhoud en financiering. Dat komtin het Burgerlijk Wetboek. Ik verwacht dat het voorstel voor de zomer inconsultatie kan gaan.Dan een vraag van GroenLinks-Partij van de Arbeid over waterzijdiginregelen. Inderdaad kan met waterzijdig inregelen een stap worden gezetnaar een lagere energierekening. Het Besluit bouwwerken leefomgevingkent ook de eis dat installaties goed moeten worden ingeregeld bijketelvervanging. De besparing is echter niet direct tastbaar, dus hikkenveel mensen toch aan tegen de kosten, tussen de € 500 en € 750. Bij deinvoering van de EPBD IV-regels ga ik het beter inregelen van installatiesopnieuw onder de aandacht brengen. Er valt nog veel te winnen in debekendheid en uitvoering van deze maatregelen. Ik ga met de techniek-branche in gesprek over hoe zij de regels hiervoor beter kunnen nalevenen de voordelen voor de consument beter inzichtelijk kunnen maken.De voorzitter:Dat was het blokje regelgeving. Ik kijk voor de zekerheid nog even rond.Nee? Dan kunt u vervolgen met het laatste blokje, overig.Minister Boekholt-O’Sullivan:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145236 Ondanks dat het blokje «overig» heet, zit warmte daar ook in. Datonderwerp ligt primair bij de Minister van KGG, maar ik heb wel eenaantal antwoorden.De SP stelt dat warmtenetten in veel stedelijke wijken een oplossing metde laagste nationale kosten zijn; in deze wijken is een meer collectieveaanpak vaak ook gewenst voor de bewoners, met het oog op anderemaatschappelijke opgaven. Het kabinet zet subsidies, zoals de Warmte-netten Investeringssubsidie van 1,4 miljard tot 2030, in om te zorgen dathet ook de oplossing wordt die aantrekkelijker is voor de bewoner. Zo veelmogelijk duidelijkheid over de kosten en tarieven hoort daar uiteraard bij.GroenLinks-PvdA had een vraag over de SAH-subsidie. Ik onderschrijf hetbelang van de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen voor derealisatie van warmtenetten in wijken met veel corporatiebezit. De SAH isonderdeel van de besluitvorming over de inzet van het Klimaatfonds ditjaar. De Minister van KGG en ik zullen hier dus snel helderheid overgeven.Ten aanzien van uw vraag over het opkopen van warmtenetten: in overlegmet de Minister van KGG kijk ik hoe we de realisatie van warmtenettenkunnen versnellen. Daarvoor kijken we ook naar de opkoop van warmte-netten zoals in het regeerakkoord is benoemd. Voor meer specifiekevragen moet u bij de Minister van KGG zijn.Dan de vraag van D66 over de duidelijkheid van de verduurzamingsopties.De warmtetransitie vraagt om duidelijke keuzes op lokaal niveau.Gemeenten moeten daarom uiterlijk eind 2027 een warmteprogrammavaststellen waarin zij voor de komende tien jaar per wijk, buurt ofdorpskern aangeven of en hoe overgestapt wordt op duurzame warmte.Dat geeft de bewoners duidelijkheid. Als Rijk helpen we door te zorgen datde randvoorwaarden op orde zijn en gemeenten die regierol ook kunneninvullen.Dan de vraag van GroenLinks-Partij van de Arbeid over de prognosesopkoop warmtebedrijven. Dit valt onder de verantwoordelijkheid van deMinister van KGG. Zij is momenteel in gesprek met de private warmtebe-drijven. Voor een nadere stand van zaken verwijs ik naar haar.Tot slot de vraag van de SP over het omzeilen van de rechten vanhuurders. Verduurzaming is van belang voor de huurder, niet alleen voorde huidige maar ook van de toekomstige huurder. Daarbij is draagvlakbelangrijk en zijn er verschillende waarborgen voor huurders. Ik herkendan ook niet het beeld dat er wetgeving en beleidsvoorstellen zijn die datdraagvlak moedwillig willen omzeilen.Sorry, voorzitter, ik was toch nog niet helemaal klaar. Ik heb nog tweevragen. De eerste vraag van D66 gaat over de kostenstructuur van dewarmtenetten. Het socialiseren van de kosten voor het aanleggen vanwarmtenetten is een interessant idee. De budgettaire effecten en deeffecten qua doelmatigheid worden onderzocht in het ibo Verduurzaminggebouwde omgeving. Het ibo wordt rond de zomer naar de Kamergestuurd, gevolgd door een kabinetsreactie.Tot slot nog een vraag van D66 over de warmtenetten. Er zijn voorbeeldendat bij de aanleg van een warmtenet gebruik wordt gemaakt van welzeven verschillende subsidies, nationaal en lokaal. Dat geeft veel gedoe enonzekerheid en maakt het aanleggen van warmtenetten niet makkelijk.Mijn collega van KGG is bezig met het uitwerken van een clusteraanpakom de aanleg van collectieve warmte te versnellen op de plekken waarcollectieve warmtenetten een robuuste keuze zijn. Daarbij ga ik in gesprekmet mijn collega, de Minister van KGG, om te kijken waar we hetsubsidielandschap voor collectieve warmte verder kunnen verbeteren.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Toch nog even over de SAH. Ik hoor de Minister veelvuldig zeggen: wegaan ernaar kijken en we zijn in gesprek. Maar voor dit jaar is er nul eurobeschikbaar. Dus wat gaat de Minister, eventueel samen met de MinisterTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145237 van KGG, dit jaar nog doen om ervoor te zorgen dat al die projecten nietstilvallen?Minister Boekholt-O’Sullivan:Dit nemen we mee in de voorjaarsbesluitvorming.De voorzitter:Mevrouw Van Oosterhout gaat haar laatste interruptie plegen.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Ik wil nogmaals benadrukken dat het dan wel echt te laat komt. Ik mis inde hele beantwoording compleet de urgentie van al deze maatregelenwaar we het vandaag over hebben. Ik zou de Minister dus willen vragenom daar toch op kortere termijn duidelijkheid over te geven, wanthierdoor blijven duizenden mensen in de kou zitten.Minister Boekholt-O’Sullivan:De voorjaarsbesluitvorming is volgende week, dus sneller dan dat gaatmij niet lukken.De heer Grinwis (ChristenUnie):Volgens mij komt de Voorjaarsnota aanstaande vrijdag al naar de Kamer,naar ik begreep. Kan de Minister niet een tipje van de sluier oplichten?Wordt die regeling weer opengezet? Of blijft het bij dit procedureleantwoord?Ik weet niet of ik nog een interruptie heb, maar dan doe ik deze er gelijkachteraan. Heb ik er nog een? Nee? Dan maak ik mijn vraag af, voorzitter.Het gaat over die warmtenetten. Vorig jaar hebben we na veel vijven enzessen, na jaren werken, eindelijke de nieuwe Warmtewet aangenomen.Dat was allemaal onder het beslag van: dit kan echt pas gaan werken, nuwe het juridisch raamwerk klaar hebben staan, als er voldoende geld komten als er ook duidelijkheid komt voor de grote bedrijven die nu dewarmtenetten hebben over hoe het verdergaat met hun warmtenetten. DeMinister verwijst nu naar een ibo, maar dat betekent dus dat we straksweer een jaar verder zijn, zonder helderheid en zonder dat er iets gebeurt,want sinds ’23 ligt eigenlijk alles stil. Wanneer kunnen we nou precies watverwachten? Wordt er in de Voorjaarsnota ook duidelijkheid gegeven overhoe het nou verder moet met die financieringsknoop rondom dewarmtenetten? Of wordt dat allemaal tot achter de ibo verschoven? Danconstateer ik dat het gewoon heel veel uitstel van ...De voorzitter:Uw vraag?De heer Grinwis (ChristenUnie):... executie is.De voorzitter:Nou Minister, hebben we een spoileralert?Minister Boekholt-O’Sullivan:Dank u wel, voorzitter. Ja, ik ben gebonden aan de financiële kaders. Ja,vrijdag ligt het in de ministerraad. En dus: ja, volgende week hebben wedaar meer duidelijkheid over, in ieder geval over wat de inzet is.Uw tweede vraag neem ik even mee naar de tweede termijn.Mevrouw Beckerman (SP):Ik had een vraag op dat punt. Ik heb daar namelijk ook veel vragen overgesteld. Die laat ik dan maar even staan voor de tweede termijn. Ik weetniet of u nu een veegrondje doet met niet-beantwoorde vragen, voorzitter.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145238 De voorzitter:Dat kunnen we dan straks doen in de tweede termijn.Mevrouw Beckerman (SP):Nee, want die zijn allemaal in de eerste termijn gesteld. Dat is zonde.De voorzitter:Nou, doet u maar dan.Mevrouw Beckerman (SP):Ik had gevraagd: gaat u het geld uit het Social Climate Fund inzetten voorenergiebesparende maatregelen voor mensen met de laagste inkomens?En ik had ... Nee, die laat ik even.De voorzitter:Dan houden we het daarbij. De Minister.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dank u wel, voorzitter. Ja, is het antwoord op die vraag. Dat doen we voorhet Warmtefonds en het energiehuis.De voorzitter:Goed, dat betekent dat dit ook uw laatste blokje was. Dan gaan we overnaar de tweede termijn. Meneer Mooiman, u bent door uw interruptiesheen, maar u kunt verdergaan met uw tweede termijn.De heer Mooiman (PVV):Dank u wel, voorzitter. Gelukkig. Allereerst natuurlijk dank aan de Ministervoor de antwoorden. Op een aantal punten geeft de Minister helaas tochaan nu geen antwoord te kunnen geven. Voor ons is het wel belangrijk omdie antwoorden te krijgen. We zouden dus sowieso een tweeminuten-debat aan willen vragen om ervoor te zorgen dat we als Kamer ookuitspraken kunnen doen om beleid bij te sturen en zaken voor elkaar tekrijgen. Zeker waar het gaat om de hybride warmtepomp en de normeringdaarvan zijn wij echt van mening dat dat absoluut niet moet leiden tot eenverplichting, omdat dat mensen uiteindelijk op enorme kosten kan gaanjagen.Daar laat ik het bij, voorzitter.De voorzitter:Mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Dank u wel, voorzitter. Ik ben een beetje teleurgesteld in hoeveelantwoorden de Minister überhaupt kon geven. Het is ook weinig concreet.Kijk, andere landen kunnen het wel. Ik noemde al het voorbeeld vanSpanje. Een paar jaar geleden betaalden Spanjaarden nog 15% meer aanelektriciteit en gas dan het Europees gemiddelde. Vorig jaar was dat al30% minder. Dat komt doordat ze in al die jaren gewoon heel veel ingezethebben op zonne- en windenergie. Direct nu die energiecrisis begint, zegtSpanje heel duidelijk nee tegen de illegale oorlog van Trump en verlaagthet de energierekening verder. Dat is het soort daadkracht dat we ook vandeze Minister verwachten. Daar graag een reactie op.Ik wil nog even door op de warmtenetten. De heer Grinwis en ik hebbendaar vrij uitvoerig aandacht voor gevraagd. Dit is een gigantischprobleem. De Minister blijft maar schermen met: dat zijn gemiddeldelaagste maatschappelijke kosten. Ja, maar de huishoudens betalen wel deprijs. Daardoor ligt het stil; we komen niet verder. Huurders betalen € 370meer als ze op een warmtenet zitten dan als ze niet op een warmtenetzitten. We kunnen het antwoord op die vragen niet langer doorschuiven,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145239 want dat doen we al jarenlang. Daarmee komt het gewoon niet van degrond en gaan we elke energiecrisis opnieuw zien dat we nog steedsafhankelijk zijn van al die onvrije landen, waar we niet van afhankelijkwillen zijn. Als we willen dat dit werkt ...De voorzitter:Komt u tot een afronding?Mevrouw Beckerman (SP):... moeten we zorgen dat huishoudens betaalbare energie hebben. Datkan. Andere landen doen dat ook. De vraag is alleen: is de politieke wil er?De voorzitter:Mevrouw Van Oosterhout.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Dank u wel. Ik zei eerder in mijn bijdrage al dat het coalitieakkoordgemixte signalen geeft over wat het wil. Er is een verschil tussen de teksten de budgettaire bijlage. Ik kan vaststellen dat deze verwarring na ditdebat alleen nog maar groter is geworden. Enerzijds zegt de Minister eenpaar keer dat er voldoende geld is. Anderzijds zegt de Minister dat er meergeld nodig is, maar dat zij gebonden is aan financiële kaders. Welke vande twee is het? Als we nu echt deze fossiele crisis het hoofd willen bieden,is het cruciaal dat we er nú een schep bovenop doen en echt op hele kortetermijn stappen gaan zetten. Mijn fractie verwacht dan ook op kortetermijn een spoedplan van deze Minister.Daarnaast onderschrijft de Minister de adviezen van de SER, maar wehoren tegelijkertijd niets over wat die gaan betekenen. Ik zou de Ministergraag willen vragen om, vandaag of in een brief, nader te reageren op deadviezen van de SER.Tot slot. Het is enorm belangrijk dat er toch ook nog voor dit jaar geldvrijgemaakt wordt voor de SAH, zodat de warmtenetten niet stilvallen. Wijkijken dan ook met veel belangstelling uit naar de besluitvorming in deVoorjaarsnota, waar de Minister het net over had.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. De heer Nobel.De heer Nobel (VVD):Voorzitter, dank. Ik wil de Minister bedanken voor het beantwoorden vande vragen die ik namens de VVD heb gesteld. Ik ben blij dat de Ministeraangeeft dat zij wil kijken wat er bijvoorbeeld fiscaal nog mogelijk is bij detransformatie van kantoren. Ik zou de Minister wel willen aansporen ombij het eerste kopje koffie dat zij met lokale overheden doet ook meteenstevig en duidelijk te zijn. Grijp de regie, want we moeten er echt voorzorgen dat de woningbouwontwikkeling van de grond komt. Allebovenwettelijke eisen en alle regulering die erbovenop komt, gaat daarniet aan bijdragen. Namens de VVD doe ik dus de oproep: wees ookgewoon stevig in die gesprekken.De voorzitter:De heer Russcher.De heer Russcher (FVD):Dank, voorzitter. Ik wil nogmaals aankaarten dat het voor Forum voorDemocratie in ieder geval onacceptabel is dat 49% straks de rekening gaatbetalen voor iets waar zij waarschijnlijk totaal niet op zitten te wachten,door die besluitvormingsregeling die naar 51% gaat. Ik zal bij hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145240 tweeminutendebat dan ook concrete voorstellen indienen om dat tegen tehouden.Daar wilde ik het bij laten.De voorzitter:De heer Van Leijen.De heer Van Leijen (D66):Dank, voorzitter. Ook dank aan de Minister voor de beantwoording van devragen. Ja, er ligt een enorme woningbouwopgave. Tegelijkertijd moetenwe er echt voor zorgen dat de energierekening omlaaggaat en dat weminder afhankelijk worden van buitenlandse energie. Ik blijf benadrukkendat daarbij drie dingen belangrijk zijn: inzetten op warmtenetten,netbewust bouwen en duidelijke keuzes en eenduidige regels. Ook ik kijkuit naar de voorjaarsbesluitvorming, die inderdaad al overmorgen is – zosnel kan het gaan.Daar laat ik het bij.Mevrouw Beckerman (SP):Het is een goed verhaal, hoor, van D66: inzetten op warmtenetten enzorgen dat de energierekening omlaaggaat. Super. Dat is nu alleen niet zo.Ik noemde net heel concreet die € 370 die huurders op een warmtenetgemiddeld meer betalen dan huurders die niet op een warmtenet zitten.We kunnen afwachten, maar u kunt als Kamerlid zelf ook zeggen: dit iswat ik eraan zou willen doen. Wat zou D66 hieraan willen doen?De heer Van Leijen (D66):Volgens mij gaan we nou een beetje een debat herhalen dat we in deeerste termijn hebben gevoerd. We hebben gisteren voor eenamendement gestemd en de voorjaarsbesluitvorming komt eraan. Wegaan zien wat daarin staat en dat gaan we beoordelen.Mevrouw Beckerman (SP):Mooi dat u voor dat amendement heeft gestemd. Dat was ook niet mijnvraag. Mijn vraag is de volgende. Huurders die nu op een warmtenetzitten betalen gemiddeld € 370 meer dan huishoudens die daar niet opzitten. Dat slaat het draagvlak weg, want ze horen mensen zoals u zeggen:verduurzaming gaat je geld opleveren. U zegt dat net ook weer, maar datis niet waar. Hoe gaan we dat gat vullen? Daar heeft dat amendement niksmee te maken. Hoe zou u dat gat willen vullen? Het kan namelijk wel. Hetis alleen de vraag of de politieke wil er is. Waar ligt uw politieke wil hierin?De heer Van Leijen (D66):Daar ligt mijn politieke wil zeker. Ik denk nog steeds dat warmtenetten optermijn voor de meeste mensen de goedkoopste optie zijn, vooral ingestapelde bouw. We moeten dus echt stappen zetten om daarnaartoe tebewegen. Ik heb ook bewust de vraag gesteld of het zou helpen als jeanders omgaat met de kostenstructuur. Ik ben erg benieuwd wat daaroverin de ibo komt te staan. Laten we verder kijken welke stappen we daarkunnen zetten. We moeten daar echt stappen in zetten; dat ben ik wel metu eens.De voorzitter:Dan kijk ik naar de heer Grinwis voor zijn tweede termijn.De heer Grinwis (ChristenUnie):Voorzitter, dank u wel. Ik dank de Minister voor de beantwoording. Evenop het laatste aansluitend: we kunnen wel zeggen dat we warmtenettenwillen, maar daarmee zijn ze er nog niet. Het ligt al jaren stil. De crux zitTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145241 ’m in de uitvoeringskracht en de financiering, de bekostiging; waar leggenwe de rekening neer?Ik wil de Minister het volgende vragen. De Voorjaarsnota zal voor de kortetermijn al iets van duidelijkheid geven over de regeling voor aardgasvrijehuurwoningen; vol verwachting klopt ons hart. Prima, maar kan deMinister misschien voor de langere termijn samen met haar collega VanVeldhoven van KGG, die primair verantwoordelijk is voor de Warmtewet –maar bij de warmtenetten raken beide verantwoordelijkheden elkaar heelerg – het volgende doen? Kan zij misschien als follow-up, nu de Wcw, deWet collectieve warmte, is aangenomen, een brief schrijven aan de Kameren aan de commissies van KGG en VRO over hoe wij de investeringen inde warmtenetten weer van de wal krijgen? En kan zij daarbij ook de zorgadresseren dat het voor de gebruiker inderdaad duurder wordt? Daar zijneerder allerlei afspraken over gemaakt en moties over aangenomen.Wanneer er wordt overgegaan naar een volgende fase van bekostiging,zou het heel fijn zijn als daar helderheid over komt. Misschien kan daarvoor of rond de zomer of kort na de ibo een brief over komen. Daar komtnatuurlijk een kabinetsreactie op, maar ik krijg graag helderheid over dezepunten, want hier maken wij ons echt wel zorgen over – niet alleen mijnfractie maar ik denk een behoorlijk deel van de Kamer.Dat was mijn tweede termijn qua tijd.De voorzitter:Dank u wel, meneer Grinwis. Mag ik u vragen om heel even het voorzitter-schap van mij over te nemen?Voorzitter: GrinwisDe voorzitter:Zeker, mevrouw Steen. Hierbij geef ik u het woord namens de CDA-fractie.Mevrouw Steen (CDA):Voorzitter, dank u wel. Heel kort. Dank aan de Minister voor de beant-woording. Ik zou haar op het hart willen drukken iets meer regie tehouden ten aanzien van die gemeenten. Ik hoor veel zachte maatregelenals het gaat om het uitgeven van het geld: we gaan erop aandringen, wegaan zorgen dat ze met elkaar in contact komen. Ik vraag me echt af of datvoldoende is. Houdt u alstublieft in de gaten dat het snel genoeg gaat, engrijp ook in, neem regie – dat is ook uw rol – op het moment dat u ziet datdat geld te langzaam uitgegeven wordt door die gemeenten om woning-isolatie te realiseren.Dank u wel, voorzitter.De voorzitter:O sorry, mevrouw Steen. Ik kreeg een spoedberichtje op de app. Hierbijgeef ik het voorzitterschap graag weer terug alvorens we doorgaan naarde tweede termijn van de Minister.Voorzitter: SteenDe voorzitter:Dank u wel. Heeft de Minister nog tijd nodig of kunt u in een keer door?Minister Boekholt-O’Sullivan:Mag ik twee minuten?De voorzitter:Twee minuten moet lukken.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145242 De voorzitter:Goed. Wij gaan door met de tweede termijn van de Minister. Gaat uwgang.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dank u wel, voorzitter. Er was een vraag van de heer Grinwis, namensmeer mensen dan alleen hemzelf, denk ik. Wij zien dat de ontwikkelingenop het gebied van de warmtenetten niet stilstaan. Veel gemeenten zijnhiermee bezig. Er zijn diverse middelen beschikbaar in de Voorjaarsnotabinnen mijn financiële mandaat. Daar hebben we het over gehad. U doetmij uiteindelijk het verzoek of ik een brief wil schrijven voor de zomerwaarin ik inga op hoe we hier dan daadwerkelijk op gaan bewegen,aangezien het al zolang stilligt. Dat kan ik toezeggen. Ik zal samen metmijn collega van KGG kijken hoe we hier een brief over kunnen opstellendie antwoorden geeft op niet alleen uw vraag, maar ook de brederevragen die hierover zijn gesteld.Voorzitter. Dan mijn reactie op de vraag van de SP over de bredereinkomensondersteuning. Daar gaat het vanmiddag over. Ik doel dan dusop de toeslagen, de verlaging van belastingen et cetera. Voor isolatie ende grote urgentie daarop bent u bij mij inderdaad aan het juiste adres.Hoe activeren we de gemeentes, waar 1,6 miljard ligt? Ik ga in ieder gevaleen brief sturen aan de nieuwe colleges waarin ik de urgentie nogmaalsonder de aandacht zal brengen. We moeten de kwestie met de vleer-muizen gaan oplossen, want dat is een hinderende factor bij het komentot isolatie van huizen. Ook op energiearmoede moet een inzet wordengepleegd. Wij zien isolatie als de beste verzekering van de huizen en vande mensen om om te kunnen gaan met de wisselingen op deze marktgezien dat wat er geopolitiek allemaal gebeurt.Dan de vraag van Forum. Op dit moment is het inderdaad nog demeerderheid. Wij gaan dat nog nader uitwerken. Voor de zomer gaat hetnog in consultatie, dus daar kan uiteraard nog bezwaar tegen wordeningediend.Dan de oproep van het CDA en de VVD om regie te grijpen. Dat zal ik zekerdoen, nadat ik het gesprek heb gevoerd. Volgens mij begint het namelijkaltijd met een gesprek voordat je ingrijpt. Dat gesprek heeft nog nietplaatsgevonden. En ik zal een brief sturen aan het college, waarin ik hieralvast de opmaat toe zal maken.Mevrouw Beckerman (SP):Ik kom nog één keertje terug op warmtenetten en blokverwarming. Ik gagewoon een hele concrete vraag stellen. De Minister gaat een brief sturennaar de colleges. Vorige colleges hebben ons ook allerlei brieven gestuurdmet: dit komt gewoon niet van de grond, want we kunnen onze bewonersonvoldoende garanderen dat ze erop vooruitgaan. We kunnen eenuitgebreide correspondentie voeren onderling, maar dat is gewoon eenprobleem. Dat moet opgelost worden. Ik geloof dat ik daar vandaag geenantwoord op krijg. Dan ga ik een hele concrete vraag stellen aan deMinister. Bij de vorige ronde van het energienoodfonds heeft het heel langgeduurd voordat mensen met blokverwarming iets kregen. Dat was eenveel te ingewikkelde regeling, waardoor dat ook niet werkte. Gaat deMinister daar dan in deze ronde, die nu is aangekondigd, ook voorzorgen? Anders – en dat is echt haar beleidsterrein – slaat ze namelijk nogmeer draagvlak onder de energietransitie weg en dat is al een drama metde hoge kosten die het mensen geeft.Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik onderken het probleem. Ik onderschrijf ook het probleem. Het energie-noodfonds ligt bij Sociale Zaken. Dus dat moet echt daar geadresseerdworden. Daar kan ik geen uitspraken over doen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145243 De voorzitter:Nog even mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):De Kamerleden die dat rondje hebben meegemaakt in 2021/2022 en laternog in 2024/2025 herkennen dat heen en weer geslingerd worden. DezeMinister is verantwoordelijk voor klimaatbeleid in de gebouwdeomgeving. Deze Minister zegt dat ze die warmtenetten wil, dat ze wil datdie populair blijven en dat ze wil dat mensen blij zijn als ze daaropaangesloten worden. Dat is nu niet zo in heel veel gevallen, omdat dierekening te hoog is. Het probleem met het noodfonds was de vorige keerecht groot en heeft dat draagvlak niet geholpen. Zou deze Minister ditalstublieft ook willen voelen als haar probleem, omdat zij uiteindelijkverantwoordelijk is, ook al ligt het bij een andere Minister? U gaat geenwarmtenetten verder uitrollen als dit niet wordt opgelost. Daarmee zou ikde Minister toch nog één keer op het hart willen drukken dat ze dit opmoet lossen. Ik doel dan op de veel te hoge rekening nu en diecompensatie.De voorzitter:Helder. Helder. De Minister.Minister Boekholt-O’Sullivan:Ik onderken het probleem. Ik probeer alleen wel zuiver te blijven. Ik doegeen uitspraken die in een andere portefeuille horen. Maar dat wil nietzeggen dat ik wat ik hier heb gehoord en de zorgen die hier ter tafel zijngebracht niet meeneem naar mijn collega-bewindspersonen om hieroverte praten. Dus ik heb u gehoord, ik neem het mee, maar ik laat ook deverantwoordelijkheid liggen waar die hoort.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Misschien heb ik het gemist, maar ik heb volgens mij nog niet op al mijnvragen antwoord gekregen. Ik vraag me af of die antwoorden nog komen.Minister Boekholt-O’Sullivan:Dat klopt; dat is slordig. Mijn excuses daarvoor. Voor de isolatie isvoorlopig voldoende geld aanwezig. Voor de warmtenetten is meer geldnodig. Daar hebben we vandaag uitvoerig bij stilgestaan en ik hebaangegeven hoe ik daarin sta.Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):Het kan zijn dat de Minister denkt dat er genoeg middelen zijn voor hetIsolatie Offensief, maar dat is zeker niet het geval als daar, zoals ik deMinister ook een paar keer heb horen zeggen, een schep bovenop moet. Ikzou de Minister dus op het hart willen drukken om daar goed naar tekijken bij het plan dat er nog komt. En ik had ook een vraag gesteld overhet advies van de SER.Minister Boekholt-O’Sullivan:U drukt mij op het hart om mij hier hard voor te maken en om dit mee tenemen. Dat doe ik zeker; dat doe ik op de momenten waarop ik de meesteimpact kan maken. Wat de SER betreft ... Iemand moet nu snellerschrijven dan hij kan. Ik heb het SER-rapport gezien. Ik heb daarin eigenlijkniks gezien wat ik raar vind of wat helemaal niet overeenkomt met dezorgen die wij zelf ook hebben. Het is een ondersteunend verhaal voorwat we willen doen. Het enige wat ik nu nog kan doen, is toezeggen dat iku een brief stuur met wat wij hiervan vinden. Dat heeft ook een tijdslijn.Wanneer kunnen we dat doen? Ik kan toezeggen dat die brief voor dezomer komt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145244 De voorzitter:Die toezegging staat genoteerd. Mevrouw Van Oosterhout is voor nutevreden.Ik constateer dat de Minister klaar is met de beantwoording in de tweedetermijn. Volgens mij kunnen we dan afsluiten, maar niet dan nadat ik detoezeggingen met u heb gedeeld.–Na de zomer ontvangt de Kamer het ibo Energietransitie van dewoningvoorraad richting 2050, met aandacht voor de NPLV-gebieden.–De Kamer ontvangt een brief van de Ministers van VRO en LVVN overde landelijke gedragscodes voor soortenbescherming bij woningen.De vraag is nog wel wanneer we die brief kunnen krijgen. Ik kijk naar deMinister.Minister Boekholt-O’Sullivan:In het derde kwartaal.De voorzitter:In het derde kwartaal.–Voor de zomer informeert de Minister de Kamer over hoe zij zalomgaan met de energieprestatie-eisen voor bijzondere panden, zoalslandgoederen.–De Minister zal na de augustusbesluitvorming de Kamer informerenover de financiële positie van het Nationaal Warmtefonds, zodat dat bijaanvragen in de toekomst geen nee hoeft te verkopen.–Voor de zomer ontvangt de Kamer de uitwerking van het energiehuis,de uitgebreide variant van een energieloket.–Dit najaar ontvangt de Kamer een brief van de Minister over hoe zijuitvoering gaat geven aan de normering van de hybride warmtepom-pen per 2029.–Voor de zomer zal de Minister een wetsvoorstel in consultatie brengenmet betrekking tot het besluitvormingsmodel in vve’s bij verduurza-ming.–Voor de zomer zal de Minister van VRO samen met de Minister vanKGG de Kamer informeren over hoe het kabinet na de inwerkingtre-ding van de Wet collectieve warmte de investeringen in warmtenettenweer van de wal krijgt zonder kostenverhoging voor de gebruiker.–De Minister komt voor de zomer met een brief over het advies van deSER over obstakels bij het verduurzamen van huizen of bedrijfs-panden.De heer Mooiman heeft een tweeminutendebat aangevraagd en zaldaarbij de eerste spreker zijn.De heer Grinwis (ChristenUnie):Ik heb goed geluisterd, maar misschien toch niet goed genoeg. Ik misvolgens mij de toezegging dat er na de augustusbesluitvorming, dus rondof na Prinsjesdag, duidelijkheid komt over het Warmtefonds, zodat dat kanblijven functioneren. O, stond die er wel bij? Dan heb ik die gemist. Wat delandgoederen betreft heb ik een specificatie: het gaat echt over deverhuurde huizen op de landgoederen.De voorzitter:Dat is een goede aanvulling; die staat genoteerd. Ik zie knikken aan mijnrechterkant.Dan rest mij niks anders dan u te bedanken voor het goede debat en devragen en de Minister te bedanken voor de aanwezigheid en deantwoorden. Ik wens u verder een goede dag.Sluiting 12.47 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 145245
Gerelateerde bronnen
- Klimaatbeleid gebouwde omgeving
Verslag van een commissiedebat, gehouden op 25 maart 2026, over klimaatbeleid gebouwde omgeving
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.