KamerkringInloggen
Kamerstuk

Passend onderwijs

12 feb 2019 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 759b05c261439fbf · officiële bron

28Passend onderwijsAan de orde is het VAO Passend onderwijs (AO d.d. 31/01).De voorzitter:Dan stel ik voor om direct door te gaan naar het volgendeVAO. Dat is het VAO Passend onderwijs. De minister zit nogin vak-K. Hij vergezelt ons.Ik wil graag als eerste aan mevrouw Westerveld de gelegen-heid geven voor haar bijdrage. Zij spreekt namens de fractievan GroenLinks. Gaat uw gang.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Ik heb een aantal moties.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het kabinet voornemens is de kwalifica-tieplicht te verhogen naar 21 jaar;overwegende dat het voorkomt dat jongeren met eenbeperking nu op de leeftijd van 18 jaar worden uitgeschre-ven omdat de kwalificatieplicht dan is vervallen;overwegende dat alle jongeren recht hebben op onderwijs;verzoekt de regering bij de uitwerking van de kwalificatie-plicht ook een kwalificatierecht tot 21 jaar in te voeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Westerveld en Vanden Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoendeondersteund.Zij krijgt nr. 285 (31497).De heer Rudmer Heerema (VVD):Even een vraag over deze motie, want er staan geen finan-ciële componenten in. Natuurlijk is het vervelend om tepraten over de financiën op het moment dat we het overkinderen hebben die extra zorg nodig hebben, maar het isnou eenmaal wel iets wat betaald moet worden. Heeft uenig zicht op wat er gebeurt — misschien is dit een vraagdie we door moeten geleiden naar de minister — als wedie leeftijd voor de kwalificatieplicht zouden verhogen? Ikzit even te zoeken. Is het nu al een plicht op scholen, opdeze wijze, tot 20 of 21 jaar? Mogen ze dat al doen? Ofworden ze op hun 18de al uitgeschreven?Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Die zou ik bijna willen terugkaatsen. Ik zou de heer Heeremawillen vragen: wat kost het als een jongere geen onderwijskan afmaken, maar bijvoorbeeld met een Wajong-uitkeringthuis komt te zitten of dagbesteding krijgt? Dat kost allemaalgeld, maar daar zou dit debat niet over moeten gaan. Ditdebat zou moeten gaan, en onze vraag hier in de Kamerook, over de vraag hoe we er nou voor zorgen dat alle jon-geren het recht krijgen om zichzelf te ontwikkelen. Hetkabinet is nu bezig om een kwalificatieplicht in te voerenen doet daar nu pilots mee. Dat gaat voor een heel grootdeel over jongeren die moeite hebben om hun diploma tehalen en die ook niet altijd even gemotiveerd zijn. Onsvoorstel is: maak daar een recht van. Zorg dat jongeren meteen beperking die heel graag willen leren, juist dat rechtkrijgen om door te blijven leren. Dat lijkt me in het belangvan ons allemaal, en zeker als we kijken naar de kansen vanjuist die jongeren die dat heel hard nodig hebben.De heer Rudmer Heerema (VVD):Maar deze minister gaat alleen over de onderwijsbegrotingen ik ben bang dat je als oordeel "ontraden" krijgt van deminister als er een dusdanige financiële component is dieneerslaat bij een ander ministerie. Ik probeer even mee tedenken, maar dat wordt niet zo opgevat. Dat is jammer.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Ik zou daar nog één ding op willen zeggen, namelijk dat wehier soms wat eenzijdig en gek naar potjes kijken. Ik begrijpbest dat geld uit verschillende potjes komt, maar áls we hetal vanuit het geld zouden bekijken, dan is het nog steedsheel raar om te denken: o, het kost onderwijsgeld; daarommoeten we maar niet voor een motie stemmen.De voorzitter:Dank u wel. U gaat door met uw volgende motie.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Ja.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat extra ondersteuning voor leerlingenmaanden kan duren wegens ingewikkelde procedures,observaties en aanvragen;van mening dat docenten en schoolleiders de professionalszijn die beter dan wie dan ook kunnen beoordelen welkeondersteuning voor een leerling nodig is;verzoekt de regering met het onderwijsveld en uitvoerings-organisaties afspraken te maken over het centraal stellenvan de professional, zodat bij de aanvraag voor extraondersteuning een verklaring van de docent of schoolleidervoldoende is,en gaat over tot de orde van de dag.52-28-112 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Westerveld enKwint. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoendeondersteund.Zij krijgt nr. 286 (31497).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat veel samenwerkingsverbanden goedfunctioneren, maar andere worden ervaren als een extrabureaucratische bestuurslaag;constaterende dat samenwerkingsverbanden een eigendirecteur, staf, raad van toezicht en medezeggenschaphebben, terwijl scholen en besturen dit ook hebben;overwegende dat ook andere vormen van samenwerkingzonder een extra bestuurslaag denkbaar zijn;verzoekt de regering om in de evaluatie van het passendonderwijs te onderzoeken wat de gevolgen zijn van hetschrappen van de wettelijke verplichting van de samenwer-kingsverbanden;verzoekt de regering tevens hierbij in te gaan op alternatievevormen van regionale samenwerking,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Westerveld, Vanden Hul en Kwint. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervanvoldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 287 (31497).Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Dan mijn laatste motie.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat een leerling wettelijk het recht heeftspeciaal onderwijs te volgen tot en met het schooljaarwaarin de leerling 20 jaar wordt;constaterende dat de beschikbare financiële middelenhiervoor in 2014 zijn overgegaan naar samenwerkingsver-banden;constaterende dat verschillende samenwerkingsverbandendeze leeftijdsgrens naar beneden bijstellen;constaterende dat leerlingen hierdoor belemmerd wordenom zich optimaal te ontwikkelen;overwegende dat deze werkwijze ingaat tegen de bedoelingvan passend onderwijs en de afspraken in het VN-verdraghandicap;verzoekt de regering met samenwerkingsverbandenafspraken te maken om op basis van het ontwikkelingsper-spectief van leerlingen individuele afwegingen te makenover de eindleeftijd waarop zij school verlaten,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Westerveld en Vanden Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoendeondersteund.Zij krijgt nr. 288 (31497).Dank u wel, mevrouw Westerveld. Dan geef ik nu graag hetwoord aan de heer Kwint. Hij spreekt namens de fractie vande SP. Gaat uw gang.De heer Kwint (SP):Dank, voorzitter. Ik wil één voorstel doen. Waarom? Omdatwe nog steeds geconfronteerd worden met een grote groepthuiszitters, een groep die na de invoering van passendonderwijs niet is verkleind, ondanks dat dat wel een van debeloften van passend onderwijs was. Wij denken dat hetbeter kan en daarom doe ik het volgende voorstel.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat er nog steeds zo'n 4.000 kinderen thuis-zitten zonder passend onderwijsaanbod;overwegende dat een van de doelen van passend onderwijswas om het aantal thuiszitters zonder passend onderwijs-aanbod naar beneden te brengen, maar dit tot op hedenniet gelukt is;overwegende dat onnodig lang thuiszitten schadelijk is voorde ontwikkeling van een kind;verzoekt de regering de thuiszittersproblematiek regionaalin kaart te brengen en te categoriseren naar redenen vanthuiszitten en ondersteuningsvraag;verzoekt de regering tevens naar aanleiding van deze regi-onale inventarisatie en categorisatie interventieteams opte richten met doorzettingsmacht die op onafhankelijkewijze de situatie van deze thuiszitters opnieuw beoordelenen in samenspraak met ouders, onderwijs en kind tot eenoplossing komen,en gaat over tot de orde van de dag.52-28-212 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Kwint, Westervelden Van den Hul. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervanvoldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 289 (31497).De heer Kwint (SP):Het waren een hele hoop woorden in die motie, maar kortsamengevat komt het gewoon neer op een rijdende rechterdie zegt: jongens, we gaan het zo doen, want hier is hetkind mee gediend; succes!De voorzitter:Dank u wel. Dan is nu het woord aan mevrouw Van denHul. Zij spreekt namens de fractie van de Partij van deArbeid. Gaat uw gang.Mevrouw Van den Hul (PvdA):Dank u wel, voorzitter. Er gaat in het passend onderwijsveel goed, maar er kan ook nog heel veel beter. Daaroverhebben we het uitgebreid gehad in het AO. Ieder kind heeftwat ons betreft recht op het onderwijs waarbinnen het hetbeste tot zijn recht komt. Daar komen we ook nog uitgebreidover te spreken bij het AO Onderwijs en zorg.Voorzitter. We hadden het net tijdens het vorige VAO overhet lerarentekort. Dat lerarentekort zien wij inmiddels ookin het speciaal onderwijs. Daarom blijf ik erbij dat het vsoonder de cao vo zou moeten vallen. Daar komen we zekerook nog richting de begroting op terug. Maar ook in hetspeciaal onderwijs zien wij nu dat die vierdaagse school-week wordt ingevoerd. Daar hadden we het net ook al over.Dat zorgt bij deze groep leerlingen voor extra grote proble-men. Daarom de volgende motie.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het lerarentekort in het speciaal onderwijsnog nijpender vormen aanneemt dan in andere onderwijs-sectoren en daardoor bijvoorbeeld leerlingen op een schoolvoor voortgezet speciaal onderwijs in Groningen nu al tienweken niet meer dan vier dagen in de week les krijgen ener in Amsterdam halverwege dit schooljaar nog zeker 30vacatures zijn op de 27 scholen voor speciaal onderwijs;verzoekt de regering om in kaart te brengen om hoeveelscholen dit gaat en verzoekt de minister om in gesprek tegaan met sociale partners om juist voor het onderwijs aandeze kwetsbare leerlingen een oplossing te zoeken,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Van den Hul, Kwinten Westerveld. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervanvoldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 290 (31497).Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de heerBruins. Hij spreekt namens de fractie van de ChristenUnie.De heer Bruins (ChristenUnie):Voorzitter. Het AO over passend onderwijs voelde eenbeetje als een tussendebat. De minister is nog veel aan hetuitwerken en we zijn in afwachting van een voortgangsrap-portage. Toch was het goed om met elkaar van gedachtente wisselen.Ik heb nog een vraag en een motie. Eerst de vraag. In demedia lazen we onlangs dat er scholen zijn die een huisves-tingsprobleem hebben, juist omdat ze op dezelfde locatiezowel regulier als speciaal onderwijs aanbieden. De lande-lijke normering gaat er namelijk van uit dat zorgleerlingendezelfde ruimtebehoefte hebben als reguliere leerlingen.Zo ontstaat de paradoxale situatie dat scholen kampen metruimtegebrek maar formeel leegstand hebben. Kent deminister dit probleem? Ligt dit inderdaad aan de landelijkenormering voor huisvesting en kan de minister met degemeenten in overleg over hoe zij hiermee omgaan en water nodig is om dit op te lossen?Voorzitter. Dan de motie die ik heb voorbereid.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,van mening dat papieren rompslomp in het passendonderwijs zo veel mogelijk moet worden voorkomen;constaterende dat de schoolbesturen in een samenwerkings-verband zelf kunnen bepalen hoe de procedure en criteriaeruitzien voor het bieden van ondersteuningsarrangemen-ten of speciaal onderwijs;constaterende dat met het instrument van het ontwikkelings-perspectief scholen en ouders goede afspraken kunnenmaken over de ondersteuning die een kind nodig heeft;verzoekt de regering om samenwerkingsverbanden op teroepen toelaatbaarheidsverklaringen zo veel mogelijk af tegeven voor de gehele schoolperiode voor de doelgroepernstig meervoudig beperkte leerlingen en onnodig herin-diceren bij kinderen met stabiele kenmerken te voorkomen,en daarmee het ontwikkelingsperspectief goed te blijvenbenutten,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Bruins. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 291 (31497).52-28-312 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer Dank u wel. De heren Rog en Heerema zien af van hunspreektijd. Dan is het woord aan de heer Van Meenen. Hijspreekt namens de fractie van D66.De heer Van Meenen (D66):Voorzitter. Dank. Ik zal niet meer van uw tijd nemen en demotie gewoon maar voorlezen. De motie luidt als volgt.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het onduidelijk is voor leraren enschoolbesturen welke administratie en verantwoordingmoet worden afgelegd rond passend onderwijs;overwegende dat hierdoor vaak te veel verantwoording enadministratie van leraren wordt gevraagd, wat de werkdrukverhoogt en passend onderwijs bemoeilijkt;constaterende dat eerdere projecten Ruimte in Regels bijhet primair onderwijs en mbo een succes zijn gebleken;verzoekt de regering ook voor passend onderwijs inzichtelijkte maken wat de belangrijkste regels zijn voor administratieen verantwoording en welke ruimte de wet- en regelgevingbiedt,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Van Meenen enRudmer Heerema. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervanvoldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 292 (31497).De voorzitter:Daarmee is de heer Van Meenen aan het einde van zijninbreng. Dat betekent dat we hiermee de termijn van dezijde van de Kamer hebben gehad. De minister heeftbehoefte aan vijf minuten schorsing.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.De voorzitter:Ik verzoek iedereen om zijn of haar plaats weer in te nemen.Ik geef graag de minister het woord voor de beantwoordingvan de gestelde vragen en voor het geven van een oordeelover de ingediende moties.Minister Slob:Voorzitter. Allereerst bespreek ik de motie van mevrouwWesterveld en mevrouw Van den Hul over de kwalificatie-plicht en het kwalificatierecht. Mijn collega, die niet bij ditVAO aanwezig is, maar hiervóór wel aanwezig was, heeftde Kamer toegezegd dat ze deze zomer de Tweede Kamerzal informeren over de verhoging van de kwalificatieplichten dat ze dat dan ook zal bespreken met de Kamer. Ik zouu willen vragen om deze motie dan ook nog even aan tehouden tot zij met haar brief gaat komen over hoe ze heteen en ander verder wil gaan uitwerken, en om uiteindelijkdat ook te betrekken bij het overleg dat dan gaat plaatsvin-den. Het is ook goed om te weten dat de kwalificatieplichtalleen geldt voor vso-leerlingen met een uitstroomprofielvervolgonderwijs. Dat is de categorie waar we het dan overhebben. Maar nogmaals verzoek ik om deze motie aan tehouden en deze te betrekken bij de brief die u al is toege-zegd. Daar kan het debat met mijn collega over gevoerdworden.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Ik twijfel een beetje, want ik zou juist willen dat de ministerdit meekrijgt voordat zij met haar eindplannen bij de Kameris. Als in die brief staat hoe het verder wordt uitgewerkt,dan vind ik het prima. Maar als hetgeen we tegen de zomerkrijgen al het voorstel is, dan zou ik de motie nu willenindienen, zodat we de minister dit kunnen meegeven.Minister Slob:Er gebeurt hier iets bijzonders. We zijn met een VAO bezig,dat is het verslag van het algemeen overleg. Dat wordt nubesproken. Dit onderwerp is op deze manier niet in hetalgemeen overleg aan de orde geweest: de wens dat heteen-op-een gekoppeld wordt aan de kwalificatieplicht, datdaar ook een recht aan wordt gekoppeld. Mijn collega heeftu toegezegd dat ze haar ideeën rondom de verhoging vande kwalificatieplicht aan u zal voorleggen. Ik denk dat datdan ook het geëigende moment is. Uiteraard zal ik haarvertellen dat zij dan over deze motie, als u haar aanhoudten deze al klaarligt om ingevoerd te worden, met u hetgesprek aangaat over de vraag hoe we dat gaan zien inrelatie tot een plicht en een recht. Maar dat moet dan weldaar plaatsvinden. Vandaar dat ik hier een beetje ongemak-kelijk sta, omdat het mijn portefeuille overstijgt. Ik vind hetterecht dat u dit wilt agenderen, maar dat laat mijn verzoekonverlet om deze aan te houden en het dan verder op tepakken.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):We begrijpen het; dan houden we de motie aan.De voorzitter:Op verzoek van mevrouw Westerveld stel ik voor haar motie(31497, nr. 285) aan te houden.Daartoe wordt besloten.Minister Slob:Voorzitter. We wisten dat de motie over de voorzieningeneraan zat te komen. Daarmee begon u uw termijn bij hetalgemeen overleg. Op deze manier vind ik haar iets te strakgeformuleerd. Ik zou u willen vragen om het als volgt tedoen. U verzoekt nu om afspraken te maken. Ik vraag u omde motie zo aan te passen dat we in gesprek gaan met hetonderwijsveld en de uitvoeringsorganisaties — u weet datdat dan met name om het UWV gaat — om dan te bezienhoe de procedures eenvoudiger kunnen en dat waarmogelijk een verklaring van de docent of schoolleider vol-doende is. Als ik de motie op die manier mag lezen, geef52-28-412 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer ik haar oordeel Kamer. Dan houden we ook even ruimteom heel precies te kijken en ons niet gelijk al op voorhandvolledig vast te leggen. Er kunnen soms namelijk bestsituaties zijn waarin het belangrijk is dat het toch evenanders gaat dan alleen een verklaring van een docent ofschoolleider. Dat we daarover moeten praten en dat we deprocedures korter willen hebben, daar staan we volgensmij aan dezelfde kant van het touw te trekken. Als ik demotie zo mag verstaan, is het dus oordeel Kamer.Mevrouw Westerveld (GroenLinks):Ik begrijp heel goed wat de minister hier zegt. Ik zou hetzelf graag wat stelliger willen, maar ik begrijp de minister,dus we gaan de motie aanpassen.De voorzitter:De motie op stuk nr. 286 wordt aangepast. De minister heeftaangegeven dat het dan oordeel Kamer zal worden.Minister Slob:Voorzitter. De motie op stuk nr. 287 ontraad ik om de vol-gende reden. Er wordt hier gevraagd om wensen die er zijnvoor een volgende periode, al mee te nemen bij de evaluatievan de huidige periode. Dat is toch een wat lastige move,want we gaan juist evalueren hoe de huidige situatie, dusinclusief de samenwerkingsverbanden die er zijn — overi-gens al een behoorlijke reductie ten opzichte van de periodedaarvoor — gefunctioneerd heeft. Mocht uit die evaluatieblijken dat zich allerlei problemen voordoen en dat het uit-eindelijk een last is geweest, dan zullen we uiteraard daar-van moeten leren en naar de toekomst toe andere keuzesmoeten maken. Ik ontraad deze motie dus, omdat we nietiets kunnen evalueren wat nu geen bestaande situatie is.Dat we over dit onderwerp verder zullen spreken, zal denkik duidelijk zijn.De voorzitter:De motie op stuk nr. 287 wordt ontraden. Dan de motie opstuk nr. 288.Minister Slob:In de motie op stuk nr. 288 van mevrouw Westerveld enmevrouw Van den Hul wordt gevraagd om op basis vanhet ontwikkelingsperspectief van leerlingen individueleafwegingen te maken over de eindleeftijd waarop ze deschool verlaten. Ik kan deze motie in zekere zin wel oordeelKamer geven, omdat dat eigenlijk ook al de huidige situatieis. Er is nu ook al ruimte om de keuze te maken dat leerlin-gen langer dan tot hun 18de, namelijk tot 20 jaar, gebruikkunnen maken van de school. De keuzes die daarin gemaaktworden, hangen uiteindelijk ook af van het ontwikkelings-perspectief van de kinderen. Er zijn kinderen voor wie hetduidelijk is dat dat dagbesteding is. Er zijn ook kinderenvoor wie de arbeidsmarkt duidelijk een ontwikkelingsper-spectief is. Juist in die situaties is het soms mogelijk omdaar uitzonderingen in te maken. Dat is, nogmaals, desituatie die zich op dit moment voordoet. U legt er de vingerop dat het soms niet altijd duidelijk is wanneer die afwegin-gen precies worden gemaakt. Dat zou een gesprekspuntmet hen kunnen zijn, maar langer op school blijven dan 18jaar hoort in principe al tot de mogelijkheden.De voorzitter:Dank u wel. De motie op stuk nr. 288 krijgt oordeel Kamer.Dan de motie op stuk nr. 289.Minister Slob:Ik zou willen vragen om de motie op stuk nr. 289 aan tehouden tot over een of misschien twee weken. U krijgt voorhet overleg van volgende week donderdag van mij eenuitgebreidere brief over de thuiszitters en de maatregelendie wij willen nemen, omdat wij op dit moment ook niettevreden zijn over het terugdringen van de aantallen. Ergaan heel veel kinderen weer terug naar school, maar danzijn er weer andere die erbij komen. Bij deze brief — die zalniet alleen van mij afkomstig zijn, maar ook van anderecollega's — zal ook het rapport van de heer Dullaert overde doorzettingsmacht gevoegd worden. Dat rapport raakteigenlijk ook aan de insteek van deze motie. Het lijkt mijniet handig om daar nu op vooruit te gaan lopen, want ikvind dat we recht moeten doen aan het rapport van de heerDullaert over de doorzettingsmacht, die wij overigens vooralop regionaal niveau willen organiseren.De voorzitter:Dank u wel. Meneer Kwint, korte vraag.De heer Kwint (SP):Ik kan het toch niet nalaten om te zeggen dat dat in de motiestond, regionaalMinister Slob:Nee, dat staat er niet.De voorzitter:Nee, er wordt via de voorzitter gesproken en ik heb de heerKwint het woord gegeven. Een korte vraag.De heer Kwint (SP):Laat ik het voor nu kort houden. Wij hebben een groot ver-trouwen in de heer Dullaert en geen enkel bezwaar tegenhet aanhouden van de motie.De voorzitter:Op verzoek van de heer Kwint stel ik voor zijn motie (31497,nr. 289) aan te houden.Daartoe wordt besloten.De voorzitter:Dan de motie op stuk nr. 290.Minister Slob:Als ik de motie op stuk nr. 290 zo mag uitleggen dat ditonderwerp besproken moet worden met betrokkenen, kanik mevrouw Van den Hul zeggen dat daar inmiddels al eenafspraak voor is gemaakt, bij de landelijke tafel, waar ookvertegenwoordigers van de sociale partners bij aanwezigzijn, maar ook breder. Daar zijn we heel specifiek in gesprek52-28-512 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer over dit onderwerp. Dat is geagendeerd voor een volgendebijeenkomst. Als u aangeeft dat over dit onderwerpgesproken moet worden en dat we misschien eens watpreciezer met elkaar moeten gaan kijken wat hier gaandeis, als ik de motie zo mag interpreteren, kan ik haar oordeelKamer geven.De voorzitter:De motie op stuk nr. 290 krijgt oordeel Kamer. Dan de motieop stuk nr. 291.Minister Slob:De motie op stuk nr. 291 heeft te maken met, zoals wij datdan in het jargon noemen, de EMB-kinderen en de onbe-kendheid die er soms is over wat er rond indicaties al danniet mogelijk is. Er is in 2015/2016 een handreiking specifiekdaarvoor gemaakt, ook voor de samenwerkingsverbandenen de scholen. Als ik de motie mag interpreteren als eenverzoek om die handreiking nog eens heel specifiek onderde aandacht te brengen van de betrokkenen, kan ik haaroordeel Kamer geven.De voorzitter:Ik zie de heer Bruins. Gaat uw gang.De heer Bruins (ChristenUnie):Ik heb die handreiking zelf ook gelezen en ik vond haar zelfniet helemaal kristalhelder. Dus als de minister wanneerhij de handreiking weer eens onder de aandacht brengt ookwil kijken of het inderdaad eenduidig en helder is wat erstaat, dus ook nog even een check op de tekst en de actua-liteit doet, dan kan ik hier volmondig ja op zeggen.Minister Slob:We gaan de handreiking niet volledig herschrijven, maarzij zal natuurlijk toegelicht worden. Het is duidelijk dat alsoverduidelijk is dat herindiceren eigenlijk gewoon eenoverbodige activiteit is, dat het belastend is voor debetrokkene omdat gewoon duidelijk is wat er aan de handis en men ook weet dat dat een structureel iets is — dat isde insteek van de handreiking — zullen we dat op diemanier met woorden begeleiden.U had nog een vraag over de huisvesting en problemenover de normering. Een enkele keer komt dat tot ons. Ik kanu toezeggen dat ik bij het eerstvolgende overleg met decommissie Zorg, Jeugd en Onderwijs van de VNG heb,zoals die officieel heet, dit onderwerp zal bespreken. Alsdaar iets uitkomt wat met u gedeeld moet worden, zullenwe dat zeker doen.Voorzitter. Tot slot de motie die is ingediend door D66 overeen aparte brochure over wat voor regels er nu zijn, demotie op stuk nr. 292. Ik kan deze motie oordeel Kamergeven. Ik zeg er wel bij dat in de brochure die destijds opinitiatief van de VVD-fractie is gemaakt al onderdelen zatendie raakten aan passend onderwijs. Het is ook niet zo dater heel veel extra voorschriften zijn, maar ik denk dat hetinderdaad goed is om nog eens een keer extra onder deaandacht van scholen te brengen wat we nu precies van zevragen. Daarmee kunnen we ook de discussie aanwakkerenover regels en regels ruimen en soms ook even in het eigenhoofd beseffen dat veel regels uit de eigen school komen.Dus oordeel Kamer, wat ons betreft.De voorzitter:Dank u wel. De motie op stuk nr. 292 krijgt oordeel Kamer.Daarmee zijn we aan het eind van de beraadslagingengekomen.De beraadslaging wordt gesloten.De voorzitter:Over de ingediende moties wordt aanstaande dinsdaggestemd. Ik bedank de minister voor Basis- en VoortgezetOnderwijs zeer hartelijk voor zijn bijdrage. Ik dank deKamerleden voor hun bijdrage in dit VAO over passendonderwijs.De vergadering wordt van 18.38 uur tot 19.30 uur geschorst.52-28-612 februari 2019TK 52Passend onderwijsTweede Kamer

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.