KamerkringInloggen
Kamerstuk

Behandeling van het wetsvoorstel Wijziging van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige andere wetten gericht op bevordering deelname aan de arbeidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en harmonisatie van deze regelingen (Invoeringswet Wet werken naar vermogen) (33161)

18 apr 2012 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9e11a57abf5bb8b6 · officiële bron

Tweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-33Wet werken naar vermogenAan de orde is de behandeling van:-het wetsvoorstel Wijziging van de Wet werk en bij-stand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk enarbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige an-dere wetten gericht op bevordering deelname aan de ar-beidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en har-monisatie van deze regelingen (Invoeringswet Wet wer-ken naar vermogen) (33161).(Zie wetgevingsoverleggen van 18 april 2012.)De voorzitter:Beste collega's. Over de Invoeringswet Werken naar ver-mogen hebt u, als ik het goed begrepen heb, inmiddelszestien tot zeventien uur gesproken, met staatssecretarisDe Krom erbij. Het is mij bekend dat het een onderwerp isdat gevoelig ligt, maar ik verzoek u toch om u zo veel mo-gelijk te houden aan de spreektijd die u zelf voor dit de-bat hebt aangevraagd. Korter mag natuurlijk ook. U kuntook moties indienen, want dit is de plenaire afronding inéén termijn. Het is wetgeving. Formeel mag u elkaar on-beperkt in de rede vallen, maar ik vraag toch enige terug-houdendheid. Dát er verschillen van standpunten zijn, we-ten we – die zijn er in de Kamer – maar enige terughou-dend lijkt mij toch wel handig. Ik zal dan ook zo vrij zijn ereen beetje op te letten of er voortdurend herhalingen zijn.De algemene beraadslaging wordt geopend.Mevrouw Hamer (PvdA):Voorzitter. We hebben inderdaad van de week, zoals u hetzo-even zo treffend zei, spreektijden opgegeven, maar ikvertel u en daarmee ook aan anderen dat wij in dit gevalecht letterlijk met de staatssecretaris naar bed zijn gegaanen ook weer opgestaan zijn. Hij was de laatste man die wezagen gisterenavond en hij was vanochtend ook weer eenvan de eersten. Maar we hebben weinig tussentijd gehadom alles wat er gisterenavond gezegd is precies tot onste laten doordringen, behalve dan in onze dromen. En ikmoet zeggen: dat was een onrustige droom die we van-nacht hadden. Eigenlijk is het nog triester. Toen ik van-ochtend achter mijn bureau zat, werd ik gebeld door Er-win van der Lem, een man uit Den Haag die buitenge-woon geëmotioneerd was en die mij gisteren al had ge-maild naar aanleiding van het debat waarnaar hij had zit-ten kijken en waarin hij de staatssecretaris had horen zeg-gen dat de mensen met vaste contracten niet worden ont-slagen. Erwin wordt nu ontslagen. Ik kijk de staatssecre-taris aan en ik hoop dat hij mij ook aan wil kijken: Erwinwerkt al 25 jaar bij de SW in Den Haag. Dat is geen tijde-lijk contract. Erwin heeft mij gevraagd of de staatssecreta-ris naar zijn verhaal wil luisteren en naar dat van 150 vanzijn collega's die gewoon een vast contract hebben; achtafdelingen gaan daar dicht. Hij zei: de staatssecretarisliegt. Zo wil ik het vandaag niet zeggen, maar het is welde emotie die bij de mensen leeft. En ik had Erwin niet ge-vraagd om mij te bellen, maar ik moet zeggen dat het ge-sprek mij diep en diep heeft geraakt. Iemand die 25 jaarlang zo ongelofelijk gemotiveerd bezig is en nu gewoonthuis moet gaan zitten.Er is nog een tweede iets wat ik mij heb afgevraagden daarbij wil ik eigenlijk ook dat de staatssecretaris mijaankijkt. De afgelopen twee dagen hebben we uiterma-te lang gedebatteerd. Maandag van tien tot tien en gis-teren van vier tot halfelf. Dat doen we met de bedoelingom te kijken of we ergens samen kunnen komen – daar-bij moet ik mevrouw Ortega-Martijn een buitengewoongroot compliment geven, want zij heeft elke punt en kom-ma die er te vinden is in deze wet aan de staatsecretarisvoorgelegd – maar de antwoorden van de staatssecretariskomen maar op drie letters neer; bij alles wat de Kamervoorstelt zegt hij "nee" of "ik zie het wel" of "doet u maarooit een voorstel" of "het komt wel". Ik wil graag vandaagvan de staatssecretaris weten of het serieus zaak is dat wijhier met zijn allen die wet beter maken. Is dat niet het ge-val, dan kunnen wij dit schrappen op de agenda van mor-gen en zo een heleboel tijd besparen, want dan hoeft hetgewoon niet.De Partij van de Arbeid is begonnen met te zeggen datwij veel voorstellen willen doen om te bekijken of wij dewet kunnen verbeteren. Dat is ook nodig. De staatssecre-taris begon zijn eerste termijn met een zeer bevlogen be-toog. Hij wil dat er geen etiketten meer op deze mensen,arbeidsgehandicapten, worden geplakt. Hij zei "geen eti-ketten meer". Het wetsvoorstel heet dan ook werken naarvermogen. Na de uitleg van de staatssecretaris en het le-zen van het wetsvoorstel en alle regelingen die wij er inde afgelopen dagen nog omheen hebben gehoord, kun-nen we echter niet anders dan concluderen dat deze weteigenlijk "een stempel naar vermogen" zou moeten he-ten. De stempels "10% loonwaarde", "20% loonwaarde" en"30% loonwaarde" worden op de mensen gedrukt. Dat isgoedkoper; dan kun je voor een gulden meer doen, wasde redenering van de minister. Er is echter niet bij ver-teld wat het betekent dat mensen onder het minimum-loon moeten werken en dat er een procedure is waarinhet soms jaren zal duren voordat mensen überhaupt aande slag komen, als ze al aan de slag komen.Wij hopen nog steeds dat we de kritiek kunnen om-zetten in daadwerkelijke voorstellen. Dat is vandaag ookmijn inzet in de tweede termijn. Ik hoop dat de Kamer mijdaarin steunt en dat we samen kunnen optrekken. De PVVis heel helder. Zij zegt: over twee jaar gaan we monito-ren en tot die tijd doen we het hiermee. De VVD is er ookhelder over. Op een aantal punten na, zegt de VVD ook:wij gaan het zo doen. Mijn ogen zijn echter op mevrouwSterk gericht. Zij heeft over vele dingen gezegd: daar komik nog mee. De staatssecretaris heeft gisteren gezegd dathij het allemaal zal afwachten. Ik kreeg niet de indruk dathij erg enthousiast was. Wie weet kunnen wij hier tocheen Kamermeerderheid voor elkaar krijgen. Ik heb niet hetidee dat het van het kabinet komt. Ik kijk richting het CDAof er toch nog wat te doen is.Wij steunen de doelstelling van dit wetsvoorstel. Datheb ik van de week aan het begin gezegd. Het is namelijkhet allerbelangrijkste dat mensen aan het werk komen enaan het werk kunnen blijven, ook met een arbeidshandi-cap. Erwin gaf mij daar vanochtend weer het voorbeeldvan. Mensen hebben daar namelijk recht op. Zij willenhun bijdrage leveren aan de samenleving en zij willen se-rieus genomen worden. Daarom wilde ook de Partij vande Arbeid al in 2008 een nieuwe regeling realiseren, diegedecentraliseerd is naar de gemeenten. Ik heb het al eer-der gezegd. Alleen de VVD was toen enthousiast. De rest HamerTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-4vond het maar een raar idee dat een en ander naar de ge-meenten moest. Ik dank de VVD daarvoor. Wij zijn het erzeer mee eens dat het gedecentraliseerd moet worden enzo dicht mogelijk bij de mensen zelf georganiseerd moetworden. Dan gaat het echter om de randvoorwaarden,de middelen en het respect waarmee je de uitvoering op-zet. Dan gaat het erom dat mensen inderdaad in die ba-nen terecht kunnen komen en daarin ook hun eigenwaar-de kunnen behouden en dat werken loont. Dat moet na-melijk eveneens blijven gelden, ook voor mensen met eenarbeidshandicap.Ik kom dan op mijn kritiekpunten. Er ligt onder dit wets-voorstel namelijk een bezuinigingsoperatie van in iedergeval 1,8 mld. Ik heb oprecht het gevoel gekregen dat heter meer om gaat die 1,8 mld. te bezuinigen dan om demensen aan het werk te krijgen. Dat hoeft niet, want erzijn heel makkelijke manieren om die 1,8 mld. en die ba-nen op een andere manier te verwerven. Uiteindelijk kandat, als we het maar willen met elkaar. Bij "met elkaar"horen ook de werkgevers. Tegelijkertijd is het grootstekritiekpunt van de Partij van de Arbeid bij dit wetsvoor-stel dat er werkelijk niets wordt gedaan en niets wordt ge-vraagd aan werkgevers. Er zijn geen verplichtende afspra-ken, zelfs geen sturende afspraken. Er is alleen een mid-del als loondispensatie, waarvan de werkgevers nota be-ne zelf zeggen dat ze het eigenlijk moreel verwerpelijk vin-den. Bovendien blijkt uit de pilots dat loondispensatie nietwerkt.Om die reden hebben wij twee amendementen inge-diend. Dat is een beetje ongebruikelijk; ik heb het al ge-zegd. Het zijn twee amendementen die ieder op hun ei-gen wijze laten zien hoe je de werkgevers wel daartoekunt verplichten. Het ene amendement bevat het stan-daardidee van een quotum met een boete en het andereamendement bevat het idee van een fonds met een pre-mieheffing met een beloning voor werkgevers en een vrij-stelling als zij de mensen in dienst nemen. De staatssecre-taris heeft steeds gezegd dat hij de quota niks vindt. Nou,dan doen we het op een andere manier. Maar ook daar-tegen zei de staatssecretaris van de week gewoon "nee".Hij had het voorstel volgens mij nog niet eens gezien. Hijweet ook niet wat de werkgevers daar zelf over hebbengezegd. Dat maakt het debatteren wel heel erg moeilijk,want nog voordat wij maandagochtend aan de behande-ling van dit wetsvoorstel begonnen, lag dat amendementer al.Zonder een garantie op deze banen of een verplich-ting om deze te realiseren, is de wet " stempel naar ver-mogen" echt op drijfzand gebouwd. Wij weten namelijkhelemaal niet of die banen er komen, en als de banen erniet komen, zal simpelweg een bezuiniging volgen. Endat is precies wat de vertegenwoordiger van het CPB onstijdens de hoorzitting heeft voorgelegd. Hij zei dat er he-lemaal geen probleem is omdat uiteindelijk de uitkerin-gen gewoon omlaag gaan. Dat is immers wat er gaat ge-beuren als de gemeenten hun verplichtingen niet na kun-nen komen omdat de banen er niet zijn. Dan blijft er min-der geld over en uiteindelijk worden de uitkeringen ver-laagd. Ik heb dit in de eerste termijn aan de staatssecreta-ris voorgelegd, maar hij heeft daar geen antwoord op wil-len geven. Het zou hem sieren als hij dat wel deed.De staatssecretaris heeft in een algemeen overleg ookgezegd dat hij zou vertrekken als de banen er niet komen.Ik ben nog steeds benieuwd wanneer dat gaat gebeuren.Welk quotum kunnen wij dan in ieder geval met de staats-secretaris afspreken? Dat was nogal een uitspraak en ikzou niet weten welke garantie hij ziet voor het realiserenvan die banen. Wij hebben gezien dat de 5000 leerstage-plaatsen waar de staatssecretaris afspraken over heeftgemaakt, zeer "dun" zijn. Gisteren hebben wij allemaalvier boeken van de vakbeweging ontvangen; volgens mijheeft de staatssecretaris die ook gekregen. Uit die boe-ken blijkt dat de bedrijven in elk geval niet weten dat erafspraken zijn gemaakt.De banen zijn ons belangrijkste kritiekpunt, maar er isnog een tweede belangrijk punt. Wij weten dat arbeids-gehandicapten in de praktijk begeleiding nodig hebben.Wij weten ook dat werkgevers "ontzorgd" willen worden.Daarvoor is geld nodig en dat geld is er nu niet. De ge-meenten hebben dat op alle mogelijke manieren duide-lijk gemaakt. Daarom moeten wij zorgen voor die bege-leiding. Wij kunnen ook een prikkel inbouwen: als de ge-meenten ervoor zorgen dat de mensen een plek krijgen,mogen zij een deel van de opbrengst daarvan een aantaljaren houden. Die opbrengst kunnen zij dan inzetten voorbegeleiding of voor het aan het werk helpen van anderemensen. Ook daarvoor hebben wij een amendement inge-diend, maar ook daarop heb ik geen reactie van de staats-secretaris gekregen.Mijn derde en volgende punt hangt hiermee samenomdat wij deze wet ook inbrengen in de Wet werk en bij-stand (WWB). Daarbij hebben wij net de huishoudtoets in-gevoerd. En welk beeld schetst de Volkskrant vandaag? Ie-dereen die daar in Nederland mee te maken heeft, voeltzich zo ongeveer verplicht om met schijnconstructies tegaan werken. Dat levert uiteindelijk op dat er helemaalniet de opbrengst is die het kabinet wil, dat er nog meeradministratieve lasten zijn, dat we nog meer naar fraude-bestrijding moeten kijken en dat er nog meer mensen inde problemen komen. Het lijkt mij dat dit heel makkelijk isop te lossen door gewoon te doen wat wij al bij de WWBhebben voorgesteld, namelijk om de hele huishoudtoetste schrappen of in ieder geval voor deze groep.Over de loondispensatie hebben we het gisteravondook buitengewoon uitvoerig gehad. Er zijn principiële re-denen om het niet te willen, maar er zijn ook praktischeredenen om het niet te willen. Een daarvan is dat uit depilots niet blijkt dat er meer mensen aan het werk ko-men met loondispensatie dan met loonsubsidie. De pilotsmoesten daarvoor een oplossing bieden, maar dat doenze dus niet. Er komen niet meer mensen in dienst. Werk-gevers hebben gezegd dat zij het eigenlijk moreel verwer-pelijk vinden. Werknemers geven aan dat zij het niet wil-len. De meeste gemeenten doen het liever op een anderemanier. Er is een buitengewoon bureaucratisch gedrochtontstaan met een toegangstoets, waarvan ik diep in mijnhart denk dat deze erin is gezet om iemand een cadeautjete geven omdat hij deze eruit mag slopen. Ik kan mij wer-kelijk niet voorstellen dat deze toegangstoets serieus isbedoeld, met zoveel bureaucratische rompslomp. Ik kanmij niet voorstellen dat dit door een liberaal is verzonnen.Wij stellen voor om de hele loondispensatie te schrappen.Mevrouw Karabulut heeft daarvoor een amendement in-gediend, dat wij van harte zullen ondersteunen, zoals zijook een aantal van onze amendementen zal ondersteu-nen, heb ik begrepen.Zoals ik al zei, gaan de gemeenten de regelingen uit-voeren, maar hun budget wordt met 1,8 mld. gekort. Veelsucces, gemeenten, met deze onmogelijke taak. De staats-secretaris zei in zijn verdediging de hele tijd dat de ge-meenten dat geweldig vinden. Marco Florijn uit Rotter-dam en Rinda den Besten uit Utrecht zouden het gewel- HamerTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-5dig vinden. Ik hoop dat de staatssecretaris twittert, dankan hij lezen hoe geweldig zij dit allemaal vinden en wel-ke grote problemen er in hun grote gemeente, maar ookin al die andere gemeenten, ontstaan.Tot zover de kritiek, maar daar willen wij niet in blijvensteken. Daarom leggen wij in allerlei amendementen onsplan voor: Kansen geven, kansen grijpen, waarin wij welwerken met een verplichting voor werkgevers. Ik heb algezegd dat wij daar twee vormen voor geven. Wij werkenwel met loonkostensubsidie. Wij belonen de mensen welmet een fatsoenlijk salaris en wij zorgen er vooral voordat mensen de goede begeleiding krijgen.Ik heb in eerste termijn aan de staatssecretaris ge-vraagd of hij een reactie wilde geven op wat Bert de Vriesheeft gezegd. Dat heb ik natuurlijk niet zomaar gevraagd,maar omdat de heer De Vries het rapport Werken naarvermogen heeft geschreven en als voorzitter van de com-missie fundamentele herbezinning Wsw in 2008 bijzon-dere voorstellen heeft gedaan. De heer De Vries is nog-al mistroostig, om het mild te zeggen, over dit hele wets-voorstel. Ik zou graag een echte reactie van de staatsse-cretaris willen horen. Wat vindt hij van de uitspraak vande heer De Vries dat de WSW een sterfhuisconstructie isgeworden? Waarom is hij daar niet serieus op ingegaan?Dan hoef ik niet weer een heel verhaal over hoe gewel-dig het is om een cultuurverandering in gang te zetten,maar ik wil een serieus antwoord op de argumenten diede heer De Vries gebruikt.Zoals ik al zei: het begint met banen, vandaar ons voor-stel om ervoor te zorgen dat die banen er komen. Destaatssecretaris zegt dat er in juni een top komt, maar alshet aan hem ligt, is het wetsvoorstel dan al aangenomen,dus dan zijn de kaders helder. Hij gaat mij toch niet zeg-gen dat hij pas in juni afspraken wil maken over die ba-nen waarop de wet is gebaseerd? Wat gaat hij voor dietijd precies doen?Ik heb al gezegd dat ik namens mijn fractie een amen-dement heb ingediend dat ziet op een heel simpel sys-teem. Wij vragen een premie aan de werkgevers. De op-brengst wordt in een fonds gestort. Daarmee kunnen ba-nen en begeleiding worden gecreëerd. Als werkgeverszelf of gezamenlijk banen willen aanbieden, krijgen zijontheffing van die premie. Dat is helemaal niet bureau-cratisch, zoals de staatssecretaris zei. Als hij de belasting-wetgeving een beetje volgt, weet hij dat op dit momental in de belasting wordt gewerkt aan zo'n loonsompre-mie. Zo'n systeem is dus heel gemakkelijk in te voeren.Hij weet ook dat arbeidsgehandicapten al worden gere-gistreerd, Dat is dus ook niet ingewikkeld.Dit systeem heeft het grote voordeel dat als mensen ineen bedrijf werken, niemand weet of zij degenen zijn diezorgen voor de premievrijstelling. Mensen hebben dangeen stempel van 10% loonwaarde, 20% loonwaarde, 30%loonwaarde of 40% loonwaarde als een sticker op hunvoorhoofd. Zij doen gewoon mee. De werkgever heeftdaarbij voordeel en als hij dat niet wil, betaalt hij aan dealgemene pot. Dan neemt hij op die manier zijn verant-woordelijkheid.Er werd nogal schamper gedaan over het Duitse sys-teem, maar daar komen de mensen wel met behulp vandit systeem aan de slag. Ik zou er dus maar iets minderschamper over doen, want de werkloosheid loopt in Ne-derland hoger op dan in Duitsland.Ik heb nog een ander voorstel gedaan voor het quo-tum. Dat is ook een goed systeem, maar ik laat het aande staatssecretaris om te kiezen. Ik wil laten zien dat mijnfractie wil samenwerken, maar dan moet hij natuurlijk weliets kiezen en niet alleen maar nee zeggen zoals hij giste-ren deed.Over de bestaande WW'ers bestaat een groot verschilvan mening. De staatssecretaris blijft maar zeggen dat erop dit moment alleen mensen met een tijdelijk contractuitgaan. Ik hoop dat hij serieus wil ingaan op het gesprekmet mensen die al veel langer bij de bedrijven zitten. Zijwerken daar echt geen 25 jaar op een tijdelijk contract.Toch moeten zij er nu uit. Ik hoop ook dat hij die menseneen serieuze oplossing wil bieden, want dat gebeurt nuniet.Het lukt alleen als er voldoende begeleiding komt.Daarom is het belangrijk dat gemeenten het geld daar-voor kunnen bestemmen. Ik heb een amendement voor-gesteld dat beoogt dat de gemeenten geld kunnen be-houden, maar ik ben wel realistisch. Ik zie dat er tot nutoe een Kamermeerderheid is voor loondispensatie. Hetamendement gaat dan ook uit van loondispensatie enoverigens de inzet van andere instrumenten, want anderskunnen de gemeenten dat geld niet houden. Ik voeg hierechter wel aan toe dat de Partij van de Arbeid principi-eel afstand neemt van loondispensatie. Dit is alleen eenmanier om deze wet te verbeteren. Als dit amendementwordt aangenomen, en dat is heel belangrijk, wil dat nogniet zeggen dat mijn fractie deze wet een succes vindt. Zijwil echter alle gaatjes gebruiken om het voor de gemeen-ten beter te maken.De heer Azmani (VVD):Wij hebben hierover al eerder gesproken, maar ik wil ditnu helder krijgen. De Partij van de Arbeid heeft bij mon-de van mevrouw Klijnsma de Tijdelijke wet loondispen-satie aan de Kamer voorgelegd. De fractie heeft die wetook verdedigd. Waarom neemt mevrouw Hamer dan nuafstand van het instrument loondispensatie? Welke nieu-we feiten en omstandigheden hebben tot deze draai van180 graden geleid?Mevrouw Hamer (PvdA):Er is geen sprake van een draai van 180 graden. Ik hebal gemerkt dat de heer Azmani de stukken soms wat se-lectief leest. Dit hebben wij al eerder gewisseld toen wijspraken over het CPB. Hij kan er natuurlijk ook niets aandoen als het CPB een verkeerde partij noemt, maar hij kanwel de goede stukken lezen.De Partij van de Arbeid is nooit voorstander geweestvan loondispensatie. Hans Spekman heeft dit aan allekanten duidelijk gemaakt; mevrouw Sterk en de heer VanHijum waren daarbij. Ook mevrouw Ortega was bij al dieoverleggen waarin dit tot stand is gekomen. Uiteindelijkis een compromis gesloten, zo gaat dat immers in de poli-tiek. Dat compromis behelsde dat met pilots zou wordengewerkt waarna zou worden bezien of dit systeem beterwerkt dan een loonsubsidie. En wat zien we nu? Het werktniet beter. Onze principiële bezwaren blijven dus bestaanen worden nu door praktische argumenten ondersteund.Daarom staat de Partij van de Arbeid vanaf nu voluit voorde mening die zij altijd al had, namelijk dat loondispensa-tie niet het goede middel is.De heer Azmani (VVD):Volgens mij heeft de heer Spekman in dat debat gezegddat de Partij van de Arbeid bereid was haar stokpaard-je terzijde te leggen, om zo een stok tussen de deur tekrijgen bij werkgevers. Ik constateer dat de pilot loon- HamerTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-6dispensatie gewoon nog loopt tot het einde van het jaar.Op grond waarvan concludeert u al vrij snel dat loondis-pensatie toch niet het juiste instrument is en dat u vol wilgaan voor loonkostensubsidie?Mevrouw Hamer (PvdA):Het siert de heer Spekman en mijn partij dat zij altijd be-reid zijn zich te laten overtuigen door het tegendeel. Nie-mand heeft namelijk de waarheid in pacht. We hebbenwel altijd het principiële bezwaar genoemd dat mensenonder het minimumloon werken. Als u Hans Spekmaneen beetje kent – u hebt een tijd met hem gewerkt – weetu dat hij daartegen is. We hebben een en ander echter eenkans willen geven. Ik heb gezegd dat het een politiek com-promis was. Zo gaat het soms.We hebben echter het gelijk aan onze kant. We hoevenniet nog langer te wachten. We zien dat de mensen nietaan de slag komen met loondispensatie. U zat naast mijtijdens de hoorzitting. U hebt de werkgevers horen zeg-gen dat ze helemaal niet zitten te wachten op de mogelijk-heid om onder het minimumloon uit te betalen. U hebt dewerkgevers horen zeggen dat ze die hele loondispensatiemet de toegangstoets, de bureaucratie en de stempels he-lemaal niet willen en dat ze in loonkostensubsidie een pri-ma middel hebben. Welk bewijs hebt u nog nodig? Ik keerde vraag om. Wanneer gaan de ogen van de VVD open?Zo veel mensen hebben ons dit verteld. Wanneer staptu af van uw principiële stokpaardje? Er is namelijk maaréén stokpaardje: mensen onder het minimumloon te latenwerken, omdat dit op de korte termijn goedkoper lijkt. Opde lange termijn is goedkoop echter duurkoop. De men-sen komen namelijk niet aan het werk. Dan hebben ze eenuitkering nodig en dat kost de samenleving uiteindelijkveel meer geld.De voorzitter:De heer Azmani, nog een keer kort. In het vervolg graagkorte vragen en korte antwoorden.De heer Azmani (VVD):Ik zal mijn best doen. Ik concludeer dat de deur even opeen kier wordt gezet, maar vervolgens trekt de Partij vande Arbeid de deur weer heel snel dicht, zonder te kijkennaar datgene wat een en ander met zich meebrengt enzonder de pilot daadwerkelijk een kans te geven. Dat vindik heel zonde. Met loondispensatie kunnen we namelijkveel meer mensen helpen dan met loonkostensubsidie.Mevrouw Hamer (PvdA):Ik constateer dat de Partij van de Arbeid een open mindheeft en een realistische blik, maar dat de VVD blind isen niet wil zien dat de loondispensatiepilots nu niet wer-ken. Bovendien is in het wetsvoorstel een nog veel gro-ter bureaucratisch gedrocht gecreëerd, dat nog veel meerstempels drukt op mensen. Het levert verder niets op, ookgeen besparing. Uiteindelijk zullen de mensen helemaalniet aan het werk komen en dat kost de samenleving al-leen maar geld. Daarom zeg ik tegen de heer Azmani: zetdie donkere bril af, kijk naar de werkelijkheid en zie water gebeurt. Dit was natuurlijk beeldend bedoeld, want ikweet niet of de heer Azmani een bril heeft of contactlen-zen of wat dan ook. Hij snapt wat ik bedoel.Ik was gebleven bij de begeleiding. We hebben eenamendement ingediend om ervoor te zorgen dat de ge-meenten meer middelen kunnen behouden om meermensen langer te kunnen begeleiden. In het amendementis een prikkel opgenomen voor de gemeenten om hunbest te doen. Volgens de staatssecretaris hebben ze dienamelijk heel hard nodig. Daarom bouwen we die prikkelin, maar wel met voldoende middelen.Eigenlijk heb ik alles wat ik wilde zeggen over de loon-dispensatie al gezegd in mijn antwoord aan de heerAzmani. Dat gedeelte kan ik dus in mijn tekst overslaan.Dat scheelt weer tijd.Dan kom ik bij de huishoudtoets. Wij hebben al eerder,bij de behandeling van de WWB, gezegd dat wij denkendat deze toets absoluut niet zal werken. Ik heb allemaalschrijnende voorbeelden gegeven. Deze zal ik vandaagniet herhalen. Ik hoop wel dat de staatssecretaris die goedtot zich laat doordringen, want het zijn echt heel trieste si-tuaties. De kranten van vandaag laten overigens ook ziendat de samenleving hierdoor alleen maar nog meer ver-ruwt en verhardt, zonder dat het iets oplost. Vandaar ookmijn amendementen. Een en ander geldt ook voor de toe-name van de armoede die het gevolg zal zijn van dit wets-voorstel en de WWB. Dat is de reden dat ik ook amende-menten op deze wet heb ingediend, amendementen diemet name gericht zijn op verbetering van de positie vankinderen.Gisteren hebben wij uitvoerig gedebatteerd over desamenhang met de Wmo en de AWBZ. Die samenhangbiedt gemeenten namelijk een uitgelezen kans om daad-werkelijk beleid te voeren. Het moet dan natuurlijk wel opelkaar worden afgestemd. Verder zal bij de arbeidsmarkt-wetgeving, de Wmo en de AWBZ van gelijke beginselenuitgegaan moeten worden. Vandaar ook dat ik het com-pensatiebeginsel zo belangrijk vind. Ik heb hiervoor eenamendement ingediend, een amendement dat zo dade-lijk rondgedeeld zal worden. De staatssecretaris zei giste-ren dat hij hierover nog eens goed moest nadenken, maardat duurt echt te lang. Het heeft echt haast en bovendienkan het ook. Ik durf dat te zeggen, omdat ik dit amende-ment door allerlei deskundigen heb laten toetsen. Ik hoopdan ook dat dit amendement op zijn warme steun kan re-kenen.Voorzitter. Ik heb mijn amendementen toegelicht en datbetekent dat ik verder kan gaan met mijn moties. Ik sprakal over de gemeenten en de problemen waarin zij terechtdreigen te komen. Gisteravond hebben wij hierover gedis-cussieerd naar aanleiding van een e-mail van de VNG. Destaatssecretaris heeft daarop gereageerd. Ik heb het van-ochtend vroeg – met dank aan de stenografen – nog eensnagelezen in het verslag. De staatssecretaris zei steeds:maar de gemeenten willen niet efficiënt werken. Iedereendie het memo heeft gelezen, kan het echter niet ontgaanzijn dat de gemeenten schrijven dat ze wel efficiënt willenwerken, maar dat ze een gigantisch probleem hebben.Dat probleem bestaat eruit dat de manier waarop dewet is opgebouwd, ertoe leidt dat juist die mensen over-blijven die de minste verdiencapaciteit hebben. Die men-sen zijn minder productief en dat levert weer meer op.Dat is op zichzelf dus een kostenverhoging. Daarbij wijstde VNG terecht ook op de lastenverzwaringen die de ko-mende tijd op de gemeenten afkomen. De mensen die on-der de cao vallen, worden ouder en dus duurder. Er val-len meer mensen onder de pensioenregeling en ook daar-aan kunnen wij niets doen. De kosten stijgen dus iederjaar. De percentages worden in het memo genoemd. Eer-lijk gezegd vind ik de reactie van de staatssecretaris methet oog op al die cijfers niet echt overtuigend. Hij kan na-melijk niet weerleggen dat de kosten stijgen, ook al doende gemeenten er alles aan om efficiënter te werken. HamerTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-7Daarom lijkt het mij goed dat de gemeenten voldoendearmslag krijgen. Dat kan ook. Minister Donner wist altijdheel knap geld tevoorschijn te toveren dat eigenlijk vaniemand anders was. Dat heeft hij dit keer ook gedaan. Hijheeft namelijk 100 mln. voor de gemeenten uit zijn hogehoed getoverd, maar dat was wel geld dat al van de ge-meenten was. Hij presenteerde dat geld toch doodleuk alseen cadeau! Dat geld is nu helemaal een fopspeen, wantdoor een beslissing van de staatssecretaris moet het nuook nog eens een paar jaar op de plank blijven liggen. Ditis natuurlijk te gek voor woorden en het lijkt mij dan ookeen goede zaak dat dit geld onmiddellijk naar de gemeen-ten gaat. Daartoe dien ik de volgende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat gemeenten geconfronteerd wordenmet een teruglopende vergoeding per SW-plek enerzijdsen anderzijds met doorlopende werkgeverslasten voor demensen met een WSW-dienstverband;overwegende dat die teruglopende rijkssubsidie nu al tottekorten leidt bij gemeenten en dat die tekorten ten kostegaan van de participatiemogelijkheden van de resterendedoelgroep binnen de Wet werken naar vermogen;overwegende dat de middelen die door het kabinet gere-serveerd zijn, de zogenaamde RUD-middelen, die structu-reel 100 mln. bedragen, afkomstig zijn van gemeenten;verzoekt de regering, deze 100 mln. aan structurele mid-delen aan gemeenten ter beschikking te stellen en bij deverdeling rekening te houden met de omvang van het zit-tende WSW-bestand,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Hamer, Ortega-Martijn en Koşer Kaya. Naar mij blijkt, wordt de indieningervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 47 (33161).Mevrouw Hamer (PvdA):Mevrouw Ortega-Martijn heeft mij gisteren laten wetendat ze graag mee wil tekenen. Ook mevrouw Koşer Kayaheeft mij dit laten weten. Misschien wil de voorzitter zovriendelijk zijn dit er nog even onder te zetten?De voorzitter:Ik kijk even of er geknikt wordt. Wordt de indiening vandeze motie voldoende ondersteund? Dat is het geval. Ikbegrijp dat het in ieder geval de bedoeling is van me-vrouw Ortega-Martijn dat ze mee tekent.Mevrouw Hamer (PvdA):Ja. En mevrouw Koşer Kaya staat achter in de zaal tezwaaien.De voorzitter:Dat is dus duidelijk de bedoeling. Dan maakt de motie al-dus met drie handtekeningen deel uit van de beraadsla-ging.Mevrouw Hamer (PvdA):Dan een motie die hier ook mee te maken heeft. Deze mo-tie gaat over de verdeling van de middelen. In de hoorzit-ting maar ook op andere momenten hebben we kunnenhoren dat de regionale problematiek, met name in Gro-ningen en Limburg maar ook op andere plekken, een gro-te rol speelt en daar wil mijn fractie aandacht voor vragenen oplossingen voor horen. Daarom dien ik de volgendemotie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat het aantal SW-medewerkers niet even-redig over de gemeenten is verdeeld;constaterende dat er in de regio's waar een bovengemid-deld aantal SW-medewerkers werkzaam is ook een ver-slechterde arbeidsmarkt voor jongeren en ouderen be-staat ten opzichte van het landelijk gemiddelde;overwegende dat gemeenten in deze regio's een extrazware opgave hebben als het gaat over het aan het werkhelpen van mensen en uitzicht bieden op volwaardigeparticipatie;overwegende dat de herstructureringsfaciliteit een tijdelij-ke faciliteit is waar bovendien alle gemeenten aanspraakop kunnen maken;verzoekt de regering, extra aandacht te schenken aan de-ze regionale problematiek en de Kamer te informerenover oplossingsrichtingen voor deze extra zware opgaveop de regionale arbeidsmarkt,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Hamer. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 48 (33161).Mevrouw Hamer (PvdA):Dan een laatste motie die gaat over de compensatieplichten het compensatiebeginsel. Ik heb hier al een amende-ment over ingediend. Omdat ik er niet zeker van ben dathet amendement wordt aangenomen en ik toch graag wildat hier iets mee gebeurt, dien ik hierover ook een motiein.MotieDe Kamer, HamerTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-8gehoord de beraadslaging,constaterende dat in de Wet maatschappelijke ondersteu-ning via de compensatieplicht is bepaald dat gemeententer compensatie van de beperkingen van burgers voorzie-ningen treffen die het burgers mogelijk maken om te par-ticiperen, waarbij de gemeenten vrij zijn in hoe zij daar in-vulling aangeven;overwegende dat een compensatiebeginsel in de Wetwerken naar vermogen gemeenten en burgers houvastkan bieden in het aanbieden van re-integratievoorzienin-gen, hulpmiddelen en begeleiding en tegelijkertijd ruimtelaat voor maatwerk;overwegende dat mensen met een beperking gebaat zijnbij een integrale benadering van hun participatievraag opalle levensgebieden, wat kan leiden tot de gewenste sa-menhang, doelmatigheid en individueel maatwerk;van oordeel dat het daarom gewenst is om het compen-satiebeginsel integraal toe te passen voor alle levensge-bieden, waaronder arbeid, welzijn, (jeugd)zorg, onderwijs,schuldhulpverlening en justitie;verzoekt de regering, te onderzoeken of het compensa-tiebeginsel een plaats kan krijgen in de Wet werken naarvermogen en hierover de Kamer te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Hamer. Naar mijblijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 49 (33161).Mevrouw Hamer (PvdA):Ik zeg erbij dat er nog een amendement komt waardoordit wordt geregeld. Natuurlijk hebben wij een voorkeurvoor het amendement, maar gezien het tijdstip en devolgorde van de behandeling dien ik vast deze motie in.Voorzitter. Tot slot de positie van de PvdA na twee da-gen debatteren ten opzichte van de Wet werken naar ver-mogen. Ik denk dat de staatssecretaris en de anderen erook recht op hebben dit te weten. Ik heb in het begin algezegd dat ik er niet zeker van ben waar de staatssecreta-ris op uit is. Wil hij gewoon dit wetsvoorstel door de Ka-mer slepen met 76 of 78 stemmen? Misschien is dit op deachterbank ook al geregeld, dat weet ik niet. In ieder ge-val heb ik niet de indruk dat de staatssecretaris erop uit ismeer dan die beperkte meerderheid binnen te halen. DePvdA staat zeer achter het doel van de Wet werken naarvermogen, maar niet achter het doel van de wet "stempelnaar vermogen". Wij willen echt die wijziging van de wet"stempel naar vermogen", wat dit wetsvoorstel nu is, naarde Wet werken naar vermogen meemaken. Ik ben er he-lemaal niet zeker van dat dat de komende 24 uur die wenog hebben, gaat gebeuren. In dat geval zal de PvdA-frac-tie niet voor het wetsvoorstel stemmen. Ik wil nu op dezewoensdag de staatssecretaris een laatste kans geven wer-kelijk serieus op onze voorstellen in te gaan. Daarom zeiik ook dat ik wil dat de staatssecretaris ons aankijkt, me-de door wat we vanochtend weer meemaakten. Ik doel ophet telefoontje van Erwin. Uiteindelijk gaat het hier nietom ons maar om de mensen die recht hebben op werk.Het gaat juist om mensen met een arbeidshandicap, diehet soms al zo hebben moeten verduren in het leven. Zijhebben recht op een baan en op onze steun, maar ookop een goede wetgeving die rekening houdt met hun ta-lenten en die geen stempels opdrukt. Ik hoop dat het noggaat gebeuren.De heer Azmani (VVD):Voorzitter. Ik heb mijn betoog ingedeeld in vier blokjes.Ten eerste de inleiding, ten tweede de stimulans naarwerk en ten derde instrumenten, bureaucratie en integra-le aanpak. Ten slotte lees ik mijn moties voor en kom iktot een korte afronding.Ook de hoogste berg bedwing je niet met kleine stap-jes. Het is een grote drempel die wij over moeten. Slechts5% van de mensen stroomt vanuit de sociale werkvoorzie-ning door naar een reguliere baan. In de Wajong, waarvanop dit moment 217.000 mensen gebruikmaken, zit driekwart thuis. Bij slechts 4,2% van de werkgevers is iemandmet een arbeidsbeperking aan de slag. Deze cijfers zijnhard maar ook duidelijk.In mijn ogen kun je twee dingen doen als je wordt ge-confronteerd met deze kille werkelijkheid, mogelijk zelfsdrie. Je kunt het opgeven, je kunt omkeren of berusten inde huidige situatie. Of je durft de stap wel te zetten, eenstap in de richting van een sociale, inclusieve samenle-ving. Het zijn moeilijke woorden voor eigenlijk iets heelsimpels. Het moet in Nederland normaal worden dat datleuke vriendje of vriendinnetje, die gezellige klasgenootof die fijne collega iemand is met een beperking. Deze re-gering durft de keuze te maken. De Wet werken naar ver-mogen die wij vandaag, gisteren en maandag – eigen-lijk al sinds het aantreden van het kabinet – bespreken, isdie eerste stap naar een maatschappij waarin wij ons nietblindstaren op die ene beperking maar vooral oog hebbenvoor de vele talenten.Ook een arbeidsgehandicapte tiener wil niets lieverdan een normale bijbaan en zijn eigen geld verdienen. Tij-dens een bezoek aan een school in het speciaal onderwijshoorde ik het verhaal van een jongen. Deze jongen hadeen baan gevonden bij een supermarkt. Wat voor veleneen bijbaantje is, is voor deze jongen echter zo veel meer.Een aantal keer per week gaat hij van zijn huis naar zijnwerk in de supermarkt; haren gekamd, nagels geknipt enveters gestrikt, zaken die erbij horen. Een ding maakte ditverhaal voor mij echt bijzonder. Vanaf het ogenblik dathij van huis vertrekt tot op het moment dat hij thuiskomt,heeft deze jongen zijn werkvest aan. Het mogen dragenvan het werkvest betekent voor hem niet alleen dat hijwerk heeft. Hij is ook trots op zijn plek bij de supermarktomdat hij hetzelfde werk mag doen als zijn leeftijdsge-nootjes. Hij hoort erbij. Nog te weinig jongeren met eenbeperking krijgen deze kans.Een werknemer wil kunnen doorgroeien in zijn werk.Op een sociale werkplaats in het zuiden des lands ont-moette ik een man die werkzaam is aan het einde vaneen assemblagelijn. Aan deze lijn wordt vanaf het begintot aan het einde stap voor stap een internationaal pro-duct opgebouwd. Het mooie aan de assemblage was datde stappen in de lijn opbouwend en stimulerend waren:steeds een stukje moeilijker, steeds een stukje intensie-ver. De man die ik sprak, zat aan het einde van de assem-blage en voerde de laatste en belangrijkste stap uit in het AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-9proces: de veiligheidscheck. Ook hij was aan het begin be-gonnen en hij had zich langzaam ontwikkeld tot het eindevan de lijn. Hier zat hij echter al een tijdje. Ik vroeg hem ofhij het werk leuk vond. Zijn collega's en het hebben vanwerk vond hij leuk, maar het werk zelf vond hij al een tijd-je niet meer uitdagend en motiverend. Zijn plek is echteraan het einde van de assemblagelijn. Waar kan hij heen?Hier heeft een regeling die goed bedoeld was, een nega-tieve uitwerking. Naar buiten kan deze man niet. Hij zouzijn rechten verliezen en er in inkomen op achteruitgaan,terwijl er voor hem uitdagingen, kansen en mogelijkhe-den liggen te wachten. Onbedoeld houdt de regeling hemgevangen. Dit vind ik jammer, dit vind ik zonde en dit vindik niet sociaal.Ook in mijn inbreng van afgelopen maandag heb ik eenaantal voorbeelden aangehaald van mensen uit mijn di-recte omgeving. Zo sprak ik over Marijke en Jeroen. Je-roen werkt bij de Karwei en Marijke doet een master jour-nalistiek. Zij hebben de fuikwerking van regelingen we-ten te trotseren en kiezen voor een eigen kans, een eigentoekomst. Maar ook heb ik aandacht gevraagd voor Sas-kia, die nog wel gevangen zit in een regeling waarbij zijbij meer werken erop achteruit gaat. Ik zie dat zij hier van-daag ook aanwezig is. Het is een regeling die niet partici-patie centraal stelt, maar een uitkering. Met de Wet wer-ken naar vermogen is het voor mensen met een beper-king weer mogelijk om hun eigen talenten te laten zien.Wij schrijven mensen niet af en houden ze niet klein. Wijkijken naar wat mensen wel kunnen, in plaats van naarwat ze niet kunnen.Ik dank de staatssecretaris voor zijn bevlogen optredenen zijn beantwoording in eerste termijn. De staatssecreta-ris heeft in zijn inbreng nogmaals benadrukt wat met ditwetsvoorstel wordt beoogd. Met dit wetsvoorstel wordende regelingen weer teruggebracht tot hun oorspronkelijkedoel: de bijstand als tijdelijk vangnet op weg naar werk,de Wajong voor wie volledig en duurzaam geen arbeids-mogelijkheden heeft en de sociale werkvoorziening voorwie uitsluitend in een beschutte omgeving kan functione-ren.Ik kom nu bij het blokje "stimulans naar werk". Dit wets-voorstel geeft mensen de kans om aan de slag te gaan bijreguliere werkgevers. Meer mensen kunnen meedoen,omdat wij naar de talenten van mensen kijken en niet al-leen meer naar hun beperkingen. De VVD-fractie vindtdaarom dat met dit wetsvoorstel een grote stap vooruitwordt gezet. Op een aantal punten is het volgens de VVD-fractie mogelijk om die stap nog iets beter te zetten. Zo ishet voor mensen die op dit moment in de oude Wajongzitten, waarin de uitkering centraal staat, nog niet moge-lijk om de stap te zetten naar de nieuwe Wajong, waarinwerken centraal staat. De VVD wil deze mogelijkheid in-troduceren voor eenieder die nu in de oude Wajong zit,graag meer wil werken, maar door de regels van de ou-de Wajong wordt belemmerd. Dit moet volgens de VVDmogelijk worden gemaakt. Als iemand zelf wil, wie is deoverheid dan om deze persoon tegen te houden? Ik zaldaarom samen met de heer Dijkgraaf een motie indienen,waarmee ik het mogelijk wil maken dat mensen uit de ou-de Wajong vrijwillig naar de nieuwe Wajong kunnen over-stappen, zoals ook Saskia zou kunnen doen.In dit wetsvoorstel draait het om maatwerk en staathet individu weer centraal. Per persoon zal worden be-zien hoe hij of zij zo goed en snel mogelijk naar werk kanwoorden begeleid.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Ik wil even terugkomen op de slappe-hap-motie. Hetkan namelijk al. Wat is de meerwaarde van de motie diede heer Azmani wil indienen met de heer Dijkgraaf, omte bereiken dat mensen die in de oude situatie zitten,ook onder de nieuwe regels kunnen vallen? Kan de heerAzmani mij dat uitleggen?De heer Azmani (VVD):Tot mijn treurnis moet ik constateren dat mevrouw KoşerKaya het kennelijk een slap verhaal vindt, terwijl dit nujuist een verhaal is waarbij het om mensen gaat. Men-sen worden nu belemmerd door een regeling waarin eenuitkering centraal staat. Het gaat ons om een regelingwaarin participatie weer voorop staat. Maar ik wil me-vrouw Koşer Kaya wel uitleggen wat er moet gebeuren.De staatssecretaris heeft dat in zijn eerste termijn ook alaangegeven. In artikel 8:10 van de Wet Wajong-nieuw iseen mogelijkheid opgenomen, dat klopt inderdaad. Maarer is nog wel wat voor nodig, namelijk een algemenemaatregel van bestuur. Ik wil dat de Kamer de uitspraakdoet dat wij die mogelijkheid ook openen. In het verledenhebben wij ervoor gekozen om die mogelijkheid niet teopenen, maar vandaag moeten wij aan al die mensen dievastzitten, die openheid geven. Daar gaat het om, en datis absoluut geen slap verhaal.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Luisteren is soms heel moeilijk. Ik heb het niet over uwverhaal, maar over uw motie. Daarin wordt gevraagd omiets wat al kan. Als er obstakels zijn, zal de staatssecreta-ris die wegnemen. Dat hebben wij gisteren uitgebreid be-sproken en de staatssecretaris heeft dat toegezegd. Watvoegt uw motie hieraan toe, behalve dan dat u niet na-komt wat in uw verkiezingsprogramma staat?De heer Azmani (VVD):Met alle respect voor mevrouw Koşer Kaya, maar als zijgoed geluisterd heeft, weet zij dat de staatssecretarisheeft aangegeven dat hij bereid is om dit te doen als ereen Kameruitspraak is. Daarom dien ik een motie in. Ik gaervan uit dat mevrouw Koşer Kaya die gewoon mee on-dersteunt. Zij wil die mogelijkheid toch ook bieden aandie mensen, of niet?Mevrouw Koşer Kaya (D66):Oh, dat is het dus! De coalitiegenoten – het zijn er nu vier– mogen af en toe een mooie motie indienen, waar al eentoezegging op komt.De heer Azmani (VVD):Met alle respect, maar als er een Kameruitspraak nodig isom de staatssecretaris ertoe te bewegen om met een al-gemene maatregel van bestuur te komen, doe ik dat heelgraag. Ik doe dat niet voor mijzelf. Het is ook niet mijnvoorstel; dat hebt u afgelopen maandag in het AD kun-nen lezen. Ik heb mijn oor te luisteren gelegd en ik hoorvan mensen dat zij vastzitten in die regeling. Ik wil men-sen een kans bieden.Voorzitter. In dit wetsvoorstel draait het dus om maat-werk en staat het individu weer centraal. Per persoon zalworden bekeken hoe hij of zij zo goed en snel mogelijknaar werk kan worden begeleid. Dit is een cruciaal punt indeze wet. Daarom is het zonde om te moeten constaterendat in de Wet werk en bijstand nog een grote groep bui-tenspel staat. In het verleden zijn grote groepen mensen AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-10ontheven van de arbeidsplicht, terwijl er niet naar per-soonlijke kenmerken is gekeken. Het individu was onder-geschikt aan de groep. Dit is zonde. Daarom zal ik ook demotie waar de heer De Jong mee zal komen ondersteu-nen.Niet alleen voor individuen moet het aantrekkelijk zijnom aan het werk te gaan, ook gemeenten dienen de juis-te prikkels te krijgen om mensen naar werk te begeleiden.Op lokaal niveau zetten wij die prikkels de goede kant op,maar ook op landelijk, macroniveau moeten de juiste sti-mulansen aanwezig zijn voor de gemeente om aan deslag te gaan met de mensen in de Wet werken naar ver-mogen.Deze prikkels kunnen wat de VVD betreft nog watscherper, zodat gemeenten die succesvol beleid voerenhiervan ook meerjarig kunnen profiteren en gemeentendie dit nalaten dat ook zullen voelen. Ook in dit licht benik blij dat de staatssecretaris zo voortvarend aan de slag ismet het ontwikkelen van een benchmark, zodat best prac-tices ook tussen gemeenten kunnen worden gedeeld.Daarnaast heb ik aandacht gevraagd voor de werkge-vers. In plaats van de no risk-policy een no worries-policy.Ik verzoek de staatssecretaris om erop toe te zien dat deopschaling van gemeenten naar 30 arbeidsregio's voor-spoedig verloopt. Bijvoorbeeld een vaste set aan voor-waarden en afspraken is binnen een regio dringend ge-wenst. In de memorie van toelichting wordt aangegevendat per saldo de lastendruk voor de werkgevers door de-ze wet niet hoger zal worden. Graag zie ik dat de staatsse-cretaris ook dit nauwlettend volgt, juist vanwege het feitdat dit de kansrijkheid bevordert. Graag krijg ik hierop ookeen toezegging van de staatssecretaris.Een vraag die nog niet door de staatssecretaris is be-antwoord, maar die wel is gesteld, is in hoeverre werk-gevers, dan wel de private markt, ook toegang kunnenkrijgen tot een landelijk digitaal werkzoekendenbestand.Graag zie ik een reactie in tweede termijn tegemoet.Dan kom ik bij het derde blokje. Met deze wet reiken wijde gemeenten een aantal instrumenten aan waarmee zijwerkgevers tegemoet kunnen treden bij het aannemenvan mensen vanuit de Wet werken naar vermogen. Naasthet veelbesproken instrument van loondispensatie bie-den wij werkgevers onder andere ook de no risk-polis, depremiekorting, werkplekaanpassingen en een job coach-voorziening. Maar proefplaatsingen, detacheringen enhet instrument behoren ook tot de middelen die gemeen-ten kunnen gebruiken in de werkgeversaanpak. De VVD isdan ook blij met de verankering van deze gereedschaps-kisten in de wet.Voorzitter. U kent de VVD ook als partij die altijd scherpis wanneer de overheid nieuwe instrumenten en regelin-gen in het leven roept op het gevaar van bureaucratie dathierbij op de loer ligt. In de eerste termijn van de Kameris er veel aandacht gevraagd voor de toegangstoets en deloonwaardebepaling.Mevrouw Hamer (PvdA):De heer Azmani heeft het over job coaches en allerlei leu-ke dingen, maar waarvan moeten de gemeenten dat beta-len?De heer Azmani (VVD):Van het ene en ongedeelde re-integratiebudget dat zij krij-gen.Mevrouw Hamer (PvdA):De heer Azmani weet net als wij allemaal dat de gemeen-ten de komende tijd zodanig worden gekort dat zij daarhelemaal geen geld voor overhouden. Hoe moeten zij datdan gaan doen?De heer Azmani (VVD):Wij kunnen die discussie weer met elkaar aangaan. Vol-gens mij is er 2,6 mld. – dat is veel geld – dat jaarlijks naarde gemeenten gaat en waarvan de verwachting is dat er800 mln. kan worden besteed voor re-integratie. MevrouwHamer kent de VVD ook als een partij die inzet op een se-lectieve toepassing van re-integratiemiddelen, omdat wijnogal twijfelen aan de effectiviteit van de re-integratie.Mevrouw Hamer (PvdA):Ja, dat is mij zeer bekend, maar ik neem aan dat de heerAzmani ook bekend is met her feit dat er minstens 1,8mld. wordt bezuinigd. Dan blijft er toch echt geen geldmeer over om leuke dingen voor de mensen te doen?De heer Azmani (VVD):Dan moet ik constateren dat er nog altijd 800 mln. over isom wel mensen een plek te kunnen bieden, dus volgensmij blijven wij in deze discussie ronddraaien.De heer Klaver (GroenLinks):Ik laat mij zo graag overtuigen door goede argumenten.De heer Azmani en de staatssecretaris geven aan dat methet beschikbare budget, dat er nog is, mensen die nu inde Wajong of in de bijstand zitten naar werk kunnen wor-den begeleid. Dat kan door de kosten naar beneden tebrengen voor de WSW. Het zou kunnen door het geld dateen WSW''er opbrengt omhoog te brengen. Nu levert éénWSW'er ongeveer € 10.200 op. Hoeveel zou dat bedragomhoog kunnen volgens de heer Azmani? Als wij dat we-ten, kunnen wij een realistische inschatting maken van destijging van de opbrengst.De heer Azmani (VVD):Ook hierover hebben wij in de afgelopen tijd behoorlijklang gedebatteerd. Het ligt eraan van welke bedragenje uitgaat. € 10.500 is op dit moment de gemiddelde op-brengst. Bij sommige SW-bedrijven haalt men € 6000 opde loonwaarde en bij sommige andere bedrijven € 16.000.Er valt dus nog veel te doen. Als je verschillende SW-be-drijven in het land bezoekt, wordt je duidelijk dat er enor-me verschillen zijn. Ik neem aan dat de heer Klaver dezebedrijven ook heeft bezocht. Ik heb vragen gesteld overdeze verschillen en die vragen zijn beantwoord. Hoeveelmensen ben je bereid te plaatsen en een kans te geven bijeen reguliere werkgever middels detachering en middelsbegeleid werken? Ook daarin zijn enorme verschillen teconstateren. Bij sommige SW-bedrijven is dit 1% tot 2%,bij sommige andere SW-bedrijven is dit 70% tot 80%. Opdat vlak valt dus nog veel te winnen en te halen.De heer Klaver (GroenLinks):De VVD is altijd zo concreet. Waarom is zij dat juist op ditpunt nu niet? Ik ken de verschillen in het land ook. Daar-om vraag ik hoeveel de productiviteit gemiddeld zou kun-nen stijgen. Dat geeft een indruk. Op grond daarvan isop macroniveau te bepalen of de taakstelling realistischis die het kabinet oplegt. De VVD-fractie zegt altijd dat zijgoed op de begroting let, de belangen van de economiegoed in het oog houdt en veel met cijfers heeft. Waarom AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-11kan men nu niet kwantificeren wat de gemiddelde stijgingvan de loonwaarde zou kunnen zijn?De heer Azmani (VVD):Ik zal dan toch maar het rekensommetje noemen. De ge-middelde loonkosten zijn € 27.500. Met 5,5 budget daar-overheen kom je uit op € 31.000. Als je daar € 10.000loonwaarde van aftrekt, kom je uit op € 21.000. Daarmeekom je precies uit op wat er aan rijksbijdrage wordt gege-ven. Het gaat dus niet om een volledige subsidiëring. Ikzei al dat er bedrijven zijn die daar met € 16.000 ruim bo-ven zitten. Ik zou dus zeggen: contracteer die bedrijven.Wat zijn de best practices? Leer van elkaar en kijk over deschutting heen. Daartoe heb ik in het kader van de bench-mark altijd opgeroepen. Als dat gebeurt, zullen deze men-sen weer een plek kunnen krijgen in de reguliere samen-leving. Uiteindelijk gaat het immers om deze mensen.De heer Klaver (GroenLinks):Dit is een heel snelle optelsom. De kosten zijn overigensruim € 22.000, maar dat terzijde. De gemiddelden die deheer Azmani noemt, hebben ook te maken met de re-gionale verschillen. In bijvoorbeeld Oost-Groningen enZuid-Limburg zijn veel moeilijker hogere loonwaardente realiseren dan elders. Ik stelde een heel eenvoudigevraag. Kan de heer Azmani zeggen wat de gemiddeldeopbrengst kan zijn van één WSW'er? Dat kan de VVD nietzeggen en dat kan het kabinet niet zeggen. Daarom kun-nen wij maar moeilijk inschatten op macroniveau of diteen realistische taakstelling is. Dat maakt goed wetgevenerg lastig.De heer Azmani (VVD):Met die conclusie ben ik het helemaal niet eens. € 10.500is inderdaad het gemiddelde. Uit mijn rekensom bleek aldat dit gemakkelijk haalbaar is met de rijksbijdrage en degemeentelijke bijdrage die daarbij zou moeten komen.Ik wijs op bedrijven die ver over dit bedrag komen. Ikzal niet ontkennen dat in Noordoost-Groningen en Zuid-Limburg sprake is van een andere situatie op de arbeids-markt. Toch moeten ook daar de nodige hervormingenkunnen worden doorgevoerd.De VVD is dus blij met de verankering. De VVD is ookeen partij die altijd scherp toeziet op te veel bureaucratie.In de eerste termijn van de Kamer heb ik veel aandachtgevraagd voor de toegangstoets en de loonwaardebepa-ling. Het instrument lijkt door overregulering en de uitge-breide bezwaar- en beroepsmogelijkheden bijna onhan-teerbaar te worden. Daarom zal ik met mevrouw Sterk ende heer De Jong amendementen indienen waarmee wijdie bureaucratie willen tegengaan. Ook de heer Dijkgraafis bereid geweest om amendementen in te dienen. Hijheeft zelf één belangrijk amendement.De voorzitter:Mevrouw Koşer Kaya wil nogmaals interrumperen. Ikvraag de leden nogmaals om enige zelfbeperking. Wijvervallen echt in herhaling. De Kamer spreekt nu al bijnatwintig uur over dit onderwerp.De heer Azmani (VVD):Wij voeren steeds dezelfde debatjes, voorzitter.De voorzitter:Dat weet ik. Mevrouw Koşer Kaya heeft het woord.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Voorzitter, ik zal mijn best doen. Dit is overigens mijntweede interruptie.Wij spraken over de bureaucratie. Ik zag zojuist eenamendement langskomen van de heer Dijkgraaf, me-vrouw Sterk en de heer De Jong over de toegangstoets.Weken geleden heb ik eenzelfde soort amendement inge-diend. Kan de heer Azmani uitleggen wat precies het ver-schil tussen deze amendementen is?De heer Azmani (VVD):Dat kan ik uitleggen. Ik vind het van belang dat er geenoneigenlijk gebruik wordt gemaakt van het instrumentloondispensatie en van de toegangstoets. De staatssecre-taris heeft al toegelicht wat de waarborgen in dat kaderzijn. Het is van belang dat er een haakje in de wet komtwaarmee we het vertrouwen geven aan de gemeentenom deze toets af te schaffen. Als er echter oneigenlijk ge-bruik van wordt gemaakt, wat inhoudt dat mensen vialoondispensatie onder het wettelijk minimumloon gaanwerken terwijl zij wel in staat zijn om boven het wettelijkminimumloon te werken, kunnen we ervoor kiezen omde toegangstoets alsnog in te voeren. Dat is het verschilmet het amendement van mevrouw Koşer Kaya. Met haaramendement wordt de toegangstoets volledig afgeschaften met dat van de heer Dijkgraaf, mijzelf en twee andereleden wordt geregeld dat dit haakje erin zit.Mevrouw Koşer Kaya (D66):De toegangstoets fietst de VVD samen met de drie ande-re coalitiepartijen in de wet als blijkt dat van verdringingsprake is, maar verder is het amendement precies hetzelf-de. Ik meende dat de VVD enorm voorstander is van hetintellectueel eigendom; zij vindt dat daar niet aan voorbij-gegaan kan worden. Klopt dat?De heer Azmani (VVD):Mevrouw Koşer Kaya stelt dezelfde vraag. Stel dat wij sa-men met haar dat amendement indienen en dat het wordtaangenomen. Zou zij dan voor dit wetsvoorstel stemmen?Zij wil nog veel meer, maar zou de D66 het wetsvoorstelsteunen als dit amendement wordt aangenomen?Mevrouw Koşer Kaya (D66):Vanaf het begin zijn wij heel helder geweest. Daarom hebik ook allerlei amendementen ingediend. We hebben hetwetsvoorstel vanaf het begin niet afgeschoten, omdat wijook die ene regeling aan de onderkant willen. Het punt isdat we twee dagen lang over mijn amendement hebbengesproken, wat volgens mij toch ook tot de heer Azmaniis doorgedrongen, maar dat er kennelijk liever toneelwordt gespeeld dan dat er wordt gesproken met een col-lega die op hetzelfde punt een amendement heeft inge-diend. Kennelijk verkiezen de vier coalitiegenoten toneel-spelen boven het serieus nemen van amendementen vanandere leden.De heer Azmani (VVD):Mevrouw Koşer Kaya is degene die toneelspeelt. Zij weetdonders goed dat ons amendement er anders uit ziet dandat van haar. Mevrouw Koşer Kaya heeft afgelopen week-end de media opgezocht op een cruciaal punt, namelijkmet de boodschap dat haar voorstel ingaat tegen de af-spraken in het regeerakkoord. Daarmee geeft zij al haarkaarten weg dat zij het wetsvoorstel niet zal gaan steu-nen. Werkelijk waar, dat is pas het toneelspel van D66. AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-12Mevrouw Hamer (PvdA):Ik zou graag willen aansluiten bij de vraag van mevrouwKoşer Kaya, want mij is het verhaal eerlijk gezegd ookniet helder. Ik heb in het weekend niemand opgezocht,dus volgens mij heb ik ook nog geen kaarten verspeeld. Ikvind het trouwens heel raar, zeg ik via de voorzitter, dat jegeen voorstellen mag doen, omdat als je voorstellen doetdie niet welgevallig zijn, er kennelijk toch niet meer naarwordt gekeken. Ik wil graag weten wat het verschil is tus-sen de amendementen. Ik moet straks ergens over stem-men, maar ik zou even niet weten waarover.De heer Azmani (VVD):Dit amendement is van de heer Dijkgraaf. Deze vraag kanook aan hem worden doorgespeeld. Als ik antwoord geefop deze vraag, herhaal ik wat ik tegen mevrouw KoşerKaya heb gezegd.Mevrouw Hamer (PvdA):Ik stel het op prijs als u dat herhaalt, want ik kon uit uweerste antwoord echt niet opmaken wat het verschil is.De heer Azmani (VVD):Heel kort. Met het amendement komt een haakje in dewet. Dat is voor mij heel erg belangrijk, want net als u wilik niet dat mensen met loondispensatie onder het wette-lijk minimumloon betaald krijgen als zij wel in staat zijnom het minimumloon zelfstandig te verdienen. Dat haak-je is van groot belang om in eerste instantie het vertrou-wen te geven aan de gemeenten. Als er oneigenlijk ge-bruik van blijkt te worden gemaakt, kunnen we alsnog detoegangstoets instellen.Mevrouw Hamer (PvdA):Dat is toch precies dezelfde intentie als die van mevrouwKoşer Kaya? Wat is het verschil dan? Ik begrijp het wer-kelijk niet. Wij kunnen nu zien dat er een nieuwe coali-tie is. In mijn termijn zei ik dat ik dacht dat het cadeautjenaar mevrouw Sterk ging, maar blijkbaar moet het naarde heer Dijkgraaf. Mevrouw Koşer Kaya heeft echt precieshetzelfde amendement ingediend, met hetzelfde haakje.De voorzitter:Kan mevrouw Sterk hierop misschien enig licht werpen?Mevrouw Sterk (CDA):Is de heer Azmani het met mij eens dat in het amende-ment van mevrouw Koşer Kaya alleen de onafhankelijkederde wordt afgeschaft en niet de toegangstoets?De heer Azmani (VVD):Dat klopt. Dat is ook een verschil. Het verschil is dus nietalleen gelegen in het haakje, maar ook in het afschaffenvan de toegangstoets. Laten wij deze discussie verdermet de indieners voeren. Het betreft immers een amende-ment dat door de heer Dijkgraaf is ingediend. Het is ookeen kwestie van wat de vragensteller wil horen. Ik wijs opde verschillen, maar wat wil mevrouw Hamer horen?Mevrouw Hamer (PvdA):Ik wil hier op een serieuze manier debatteren, zonder koe-handel in amendementen. Mevrouw Koşer Kaya heeft deafgelopen dagen volstrekt helder gemaakt wat haar be-doeling is. Als er al een amendement ligt en als je daarineen punt of komma wilt veranderen, ga je naar de indie-ner van het amendement toe en vraag je of je die punt ofkomma mag veranderen. Als je een ander amendementindient, lijkt het mij dat er een principieel verschil moetzijn. Ik moet echter constateren dat er helemaal geen ver-schil is en dat het erom gaat wiens naam als eerste onderhet amendement staat; dat is een beetje een kinderachtigspel.De voorzitter:Wil de eerste indiener van het amendement, de heerDijkgraaf, hierop reageren?De heer Dijkgraaf (SGP):Nu mijn naam zo regelmatig genoemd wordt, leek het mijwel aardig om naar de interruptiemicrofoon te lopen. Ikzal straks ook op het spreekgestoelte staan en dan komenwij hierop ongetwijfeld nog terug.Ik kan nu alvast zeggen dat er twee heel essentiële ver-schillen zijn tussen mijn amendement en dat van me-vrouw Koşer Kaya. In dit parlement is het gebruikelijkdat er bij heel belangrijke zaken verschillende amende-menten naar verschillende smaken liggen. Het eerste ver-schil is: wat doe je als blijkt dat er misbruik is? Dat staatniet in het amendement van mevrouw Koşer Kaya. Hettweede verschil is: mevrouw Koşer Kaya schaft met haaramendement de toegangstoets niet af. Het enige wat zijafschaft, is de verplichting dat het door een onafhankelij-ke derde moet gebeuren. Met mijn amendement wil ik detoegangstoets helemaal afschaffen. Dat is cruciaal. Mijnamendement gaat dus veel verder dan dat van mevrouwKoşer Kaya. Het is geen copy-paste; het is een totaal an-der amendement.Mevrouw Hamer (PvdA):Voorzitter, dank u dat u ons de ruimte voor deze discussiegeeft, want het is een cruciaal element.Mijnheer Dijkgraaf, als ik op een stoel zou zitten, zou iker nu van afvallen. Toen het amendement van mevrouwKoşer Kaya in eerste termijn werd besproken, hebt u haarer geen enkele vraag over gesteld. Ik heb haar bedoelingwel besproken. Het is in dit huis toch normaal dat je jeaansluit bij een amendement of dat je een subamende-ment maakt? Je moet op zijn minst de discussie met el-kaar zoeken. Ik vind dit echt spijkers op laag water zoe-ken. Ik constateer dat u precies dezelfde bedoeling hebtals mevrouw Koşer Kaya. Wij hebben een andere posi-tie, want wij willen de loondispensatie eruit. Als ik ietszou willen veranderen aan de loondispensatie, zou ik opgrond van deze toelichting werkelijk niet weten voor welkamendement ik zou moeten kiezen.De voorzitter:Mijnheer Dijkgraaf, u mag nog één keer reageren. In uweigen termijn kunt u er uitgebreid op ingaan.De heer Dijkgraaf (SGP):Voorzitter, dank u voor het bieden van deze ruimte, wanthet is een belangrijk onderdeel van het debat.Ik snap hier helemaal niets van. Ik zit nu twee jaar in deKamer en ben gewend dat er verschillende amendemen-ten zijn. Ik houd er niet van om copy-paste op een amen-dement toe te passen, maar dit is compleet verschillend.Mevrouw Koşer Kaya schaft in haar amendement niet dehele toegangstoets af. Dat staat niet in haar amendement;het gaat alleen over de onafhankelijke derde. Bovendienzit het haakje er niet in. Mijn amendement gaat veel ver-der. Het is heel gebruikelijk in dit parlement dat er ver- AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-13schillende amendementen worden ingediend. Dan moe-ten wij kiezen tussen de verschillende amendementen.Dat vind ik prima.De voorzitter:Ik stel voor dat de heer Dijkgraaf hierop in zijn eigen bij-drage verder ingaat, dan kan iedereen nu even rustig alleamendementen lezen.Mevrouw Karabulut (SP):Ik heb een vraag los van het gedoe hier. Ik begrijp dat deVVD nu nog veel meer mensen onder het minimumloonaan het werk wil zetten. Geldt voor de heer Azmani hetprincipe dat je van werk ook moet kunnen leven?De heer Azmani (VVD):Ja. Daarom hebben we ook een sociaal minimum in ditland.Mevrouw Karabulut (SP):Maar welk minimum hebben we voor werk? Daarvoorhebben we het wettelijk minimumloon. Wat rechtvaardigtnu dat je mensen die naar vermogen werken met een be-perking en straks nog veel meer uitkeringsgerechtigden,onder het minimumloon aan het werk zet? Is dat omdatde VVD voorstander is van het loslaten van het wettelijkminimumloon en dit ook gewoon een gemakkelijke doel-wit is, in de zin van: we drukken dit er doorheen en jarenlater zien we de consequenties wel? Is dat de reden dat udit onzalige plan wilt invoeren?De heer Azmani (VVD):Met alle respect, het gaat erom dat we meer mensen kun-nen helpen om een plek te verwerven in de samenleving.Ik ben begonnen te zeggen dat wij streven naar een in-clusieve samenleving. Dat betekent ook dat mensen tij-delijk op basis van hun vermogen een salaris krijgen. Datkan onder het wettelijk minimumloon zijn. Die mensenhebben we; die zitten soms jaren in de bijstand terwijl zegeen kans krijgen om de stap te kunnen zetten naar regu-lier werk. Ik zeg ook tegen mevrouw Karabulut dat het nietoneindig is. Op een gegeven moment gaat het ook naarhet wettelijk minimumloon. Mijn streven is altijd dat wer-ken moet lonen. In dit geval is het ook zo dat het loont;men krijgt meer dan een uitkering en meer dan het soci-aal minimum.Mevrouw Karabulut (SP):Werk moet lonen. Blijkbaar moet werk alleen maar lonenvoor de heer Azmani en de zijnen, zeg ik erbij.De heer Azmani (VVD):Dat is verwerpelijk.Mevrouw Karabulut (SP):Wat de heer Azmani doet is verwerpelijk. Het is inderdaadhet juiste woord. Het is heel verwerpelijk dat de VVD zover gaat dat ze loondiscriminatie wil invoeren door hetwettelijk minimumloon voor mensen met een beperkinglos te laten. En dan durft de heer Azmani het nog te heb-ben over een inclusieve samenleving? De woorden vande heer Azmani zijn hol en leeg. Zijn woorden over een in-clusieve samenleving en zijn woorden dat werken moetlonen gelden alleen maar voor één groep; voor de ande-re groep die toch al gediscrimineerd wordt, introduceerthij nu andere wettelijke maatregelen. Ik vind het ontzet-tend teleurstellend, maar zelfs voor een liberaal zal dit opde langere termijn heel slecht uitwerken. Als mensen ar-mer worden, worden ze namelijk ook zieker. Dan raken zeook werkloos en dat is ook niet goed voor de werkgele-genheid.De voorzitter:Ik heb nu het gevoel dat u aan uw tweede termijn bezigbent. Dus de heer Azmani gaat nu verder.De heer Azmani (VVD):Ik wil er nog wel kort op reageren, want dit zijn zulke zwa-re woorden van mevrouw Karabulut. Het is eigenlijk heeloneigenlijk wat zij doet. Het is gewoon een feit dat wijproberen zo veel mogelijk mensen de stap te kunnen la-ten zetten naar de arbeidsmarkt, zodat mensen weer huneigenwaarde terug kunnen krijgen en ze het gevoel krij-gen dat ze tot meer in staat zijn dan ze in eerste instantievan zichzelf denken. Dat is wat we doen. Het alternatief isuitkeringen. Dan wil ik mevrouw Karabulut toch wel heelgraag wijzen op haar eigen verkiezingsprogramma en deeffecten die dat heeft voor het aantal uitkeringen in Ne-derland.De voorzitter:De heer Azmani gaat nu gewoon verder met zijn betoog.Dit is een herhaling van zetten.Mevrouw Karabulut (SP):Maar dit is een nieuw punt.De voorzitter:De heer Azmani gaat verder.De heer Azmani (VVD):Voorzitter. Ik wil de staatssecretaris er in ieder gevalvoor bedanken dat hij in zijn eerste termijn niet alleenaan mij maar ook aan mijn gewaardeerde collega vande ChristenUnie, mevrouw Ortega-Martijn, heeft toege-zegd bereid te zijn om met de VNG ondernemerschap vanmensen met een beperking te bevorderen en de belem-meringen hiervoor te inventariseren. De wet gaat in mijnogen nog te veel uit van een loondienst terwijl onderne-merschap juist ook een oplossing voor sommigen kan zijnom weer mee te doen in deze samenleving.Dan kom ik op mijn vierde blokje, de integrale aanpak.In mijn eerste termijn heb ik uitgebreid stilgestaan bij dedecentralisatie en de integrale aanpak. De gemeente isde overheid die het dichtst bij de burgers staat. Voor deVVD is het daarom logisch dat de uitvoering van deze wetbij de gemeenten komt te liggen. Zij komen als eerstein contact met de werkzoekenden en hebben zicht op demogelijkheden binnen de regionale arbeidsmarkt. Daar-naast zorg deze wet voor het weghalen van de schottentussen regelingen. Binnen de doelgroep van de Wet wer-ken naar vermogen wordt het budget geheel samenge-voegd en wordt het per persoon toegepast. Maar waar-om hier ophouden? We moeten niet in een tunnelvisie opde eigen SZW-portefeuille blijven hangen, maar ook aan-dacht besteden aan de brede samenhang tussen bijvoor-beeld de begeleiding van de AWBZ, de Wmo, de jeugd-zorg, maar ook welzijn, schuldhulpverlening, onderwijsen justitie. Op verschillende momenten in de Kamer be-spreken waarschijnlijk verschillende woordvoerders metzeker verschillende bewindspersonen de afzonderlijkemaatregelen. Het zou zonde zijn als wij dit in de weg laten AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-14staan van een integrale en brede aanpak. Bij de integra-le aanpak denk ik bijvoorbeeld aan het terugbrengen vanhet aantal loketten. Zorg ervoor dat één persoon niet vijfloketten af moet waar hij telkens zijn verhaal moet doen.Waarom kan het niet op één plek door één persoon, bij-voorbeeld aan de keukentafel? Deze manier van denkenkan gemeenten meer kans bieden op een succesvolle uit-voering van het beleid, maar die kan nog belangrijker zijnvoor de mensen zelf. Ze worden dan niet langer van hetkastje naar de muur gestuurd. Ik vraag de staatssecreta-ris naar de mogelijkheden om die integrale benadering teonderzoeken. Met die integrale benadering moeten men-sen worden geholpen met eventuele problemen. Met diebenadering worden mensen bovendien gestimuleerd omte participeren en zelf regie te nemen. Ik zal hierover sa-men met collega Sterk een motie indienen.In de Wmo zijn al goede ervaringen opgedaan met decompensatieplicht, die indertijd op initiatief van mijn par-tijgenote Anouchka van Miltenburg is ingevoerd. Voor-uitlopend op een mogelijke integrale benadering dien ikeveneens samen met mevrouw Sterk een motie in waar-in we de regering verzoeken om een pilot uit te voerenwaarmee ervaring wordt opgedaan met een integraal"keukentafelgesprek". Daarin kunnen zowel de maat-schappelijke ondersteuning als de ondersteuning naar ar-beid worden besproken.Ik dien de volgende moties in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat in de nieuwe Wajong het vinden en be-houden van werk centraal staan en dat deze wet een meeractiverend karakter heeft dan de oude Wajong;overwegende dat iemand die (meer) wil en kan gaan wer-ken, niet moet worden belemmerd en dus de mogelijk-heid moet worden geboden om vrijwillig over te stappenvan de oude naar de nieuwe Wajong;constaterende dat de Wajong reeds de mogelijkheid be-vat om bij Algemene Maatregel van Bestuur een vrijwilli-ge overstap naar de nieuwe Wajong mogelijk te maken,maar dat daar vooralsnog geen gebruik van wordt ge-maakt;verzoekt de regering om een Algemene Maatregel van Be-stuur te treffen die een vrijwillige overstap van de oudeWajong naar de nieuwe Wajong mogelijk maakt,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Azmani enDijkgraaf. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan vol-doende ondersteund.Zij krijgt nr. 50 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat een integrale benadering van mensenmet een beperking voor zowel maatschappelijke partici-patie als arbeidsparticipatie de effectiviteit van de onder-steuning door gemeenten ten goede zal komen en soci-aal wenselijk is voor mensen die afhankelijk zijn van dezehulp;overwegende dat de compensatieplicht in de Wmo ge-meenten de mogelijkheid biedt om maatwerk te leverenom de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatievan mensen met een beperking te vergroten;verzoekt de regering, te kijken naar mogelijkheden om desystematiek van de Wmo en die van de WWNV naar el-kaar toe te laten groeien met inbegrip van de compensa-tieplicht, met als doel een integrale benadering van parti-cipatieproblemen van burgers op lokaal niveau en daarbijook andere gedecentraliseerde beleidsterreinen te betrek-ken,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Azmani en Sterk.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 51 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat zowel in de Wmo als in de WWNV parti-cipatie van mensen centraal staat en dat een integrale be-nadering van maatschappelijke participatie en arbeidspar-ticipatie door gemeenten in het belang is van mensen dieafhankelijk zijn van ondersteuning;overwegende dat er in het kader van de Wmo goede erva-ringen zijn opgedaan met het zogenoemde "keukentafel-gesprek" in het kader van het project De Kanteling en dater door de verschillende decentralisaties steeds meer mo-gelijkheden komen voor een integrale aanpak op lokaalniveau;constaterende dat gemeenten reeds de mogelijkheid heb-ben om maatschappelijke ondersteuning en arbeidsparti-cipatie integraal te benaderen, maar dat dit niet wettelijkis verankerd;verzoekt de regering om een pilot uit te voeren waarin er-varing wordt opgedaan met een integraal "keukentafel-gesprek" Wmo-WWNV, waarin zowel de maatschappelij-ke ondersteuning als de ondersteuning bij arbeidstoelei-ding wordt besproken, met als doel te bezien of veranke-ring van een integrale aanpak middels een "keukentafel-gesprek" nodig en wenselijk is,en gaat over tot de orde van de dag. AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-15De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden Azmani en Sterk.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 52 (33161).De heer Azmani (VVD):Tot slot bedank ik alle ambtenaren die in de afgelopenweken hard hebben gewerkt aan de beantwoording vande vele vragen die ook mijn fractie heeft gesteld over ditwetsvoorstel. Het ministerie van Sociale Zaken en Werk-gelegenheid wordt terecht "het ministerie van werk" ge-noemd. Hiernaast wil ik in het bijzonder alle mensen be-danken die mij hebben geschreven en die ik heb gespro-ken tijdens werkbezoeken of andere bijeenkomsten.De komende jaren zal de top van de berg nog ver weglijken, maar als wij af en toe achterom kijken, zullen wijzien wat wij met deze wet hebben bereikt.Mevrouw Hamer (PvdA):Ik heb nog een vraag over een amendement waarvan deheer Azmani de tweede ondertekenaar is. Ik vraag mij afwat precies met dat amendement wordt beoogd. Naarmijn gevoel geeft het amendement wel erg goed weerdat dit wetsvoorstel beantwoordt aan de nieuw titel diewij ervoor hebben bedacht, namelijk de wet stempel naarvermogen. Uit dit amendement blijkt namelijk dat deloonwaarde, als die eenmaal is vastgesteld, voor altijd zalzijn vastgesteld en wel zonder dat de betrokkenen daarzelf nog enige invloed op hebben. Ik neem aan dat ik ditamendement, met als eerste ondertekenaar de heer DeJong, zo moet lezen?De heer Azmani (VVD):Nee, absoluut niet. Als mevrouw Hamer het zo leest, isverwarring ontstaan. Het amendement is erop gericht omhet aan de gemeenten over te laten met welke frequentiezij de loonwaarde bepalen. Nu is in de wet verankerd datde gemeenten elke drie jaar de loonwaarde moeten bepa-len. Door dit amendement krijgen de gemeenten de ruim-te om dat zelf te bepalen. Dat laat overigens onverlet datiemand nog steeds het recht heeft om een beroep te doenop de mogelijkheid om een nieuwe loonwaarde te latenbepalen.Mevrouw Hamer (PvdA):Dan wil ik wel graag weten waar dat recht dan uit blijkt,want dat mis ik in dit amendement. Ik begrijp wat de be-doeling is: zo min mogelijk bureaucratie en een maxima-le benutting van de loondispensatie. Met dit amendementwordt het stempel – daar ben ik toch al tegen, maar goed,dat staat daar nog los van – wel heel hard en voor altijden eeuwig op het voorhoofd gedrukt. Het wordt er zo on-geveer ingebrand.De heer Azmani (VVD):Ingebrand? Mevrouw Hamer gebruikt nu woorden waar-van ik mij echt wil distantiëren. Dat vind ik echt niet be-tamelijk. De Partij van de Arbeid kiest ervoor om ook inde nieuwe plannen een arbeidsongeschiktheidsregelingof een arbeidsgehandicaptenregeling te handhaven. Alsmensen gebruikmaken van die regeling, krijgen zij dusnog steeds het stigma "ik ben arbeidsgehandicapt". Metdeze wet beogen wij juist van dit stempel af te komen.Dat doen wij niet door te kijken naar wat mensen nietkunnen, maar door te kijken naar wat mensen wel kun-nen. De heer De Jong is de indiener van het amendement.Mevrouw Hamer kan vragen over het amendement ookaan hem stellen. Anders ontstaat zo meteen misschieneenzelfde discussie als die over het amendement van deheer Dijkgraaf. Ik maak duidelijk dat met het amendementwordt beoogd om de gemeenten de vrijheid te geven, zo-dat zij niet beperkt worden tot het vaste moment dat isvastgelegd in de wet. Door het amendement krijgen zij deruimte om de loonwaarde te bepalen wanneer dat in hetbelang is van degene om wie het gaat en van de gemeen-te zelf. Mevrouw Hamer, heb nu ook eens vertrouwen inde gemeenteraad en in het college van burgemeester enwethouders, in de lokale democratie.Mevrouw Hamer (PvdA):Dat laatste lijkt mij een raar verwijt, want ik was de eerstedie in 2008 met het plan kwam om deze regeling te de-centraliseren naar de gemeente. Dat verwijt kan mij dusniet worden gemaakt.De heer Azmani is een liberaal, maar de heer De Jongvan de PVV meen ik niet. Ik vraag de heer Azmani als li-beraal wat hiervan nu werkelijk de bedoeling is. Hij ver-spreekt zich namelijk steeds. Hij heeft het steeds over dewet arbeidongeschiktheid, maar wij hebben het hier overmensen met een arbeidshandicap. Er is helemaal geen re-den waarom mensen niet trots zouden mogen zijn. Mijnregeling gaat over arbeidsgehandicapten en niet over ar-beidsongeschikten. Dat is een totaal andere regeling, zo-als u weet, dus ik vind dit een rare verspreking, die eigen-lijk misselijk is voor de mensen om wie het gaat. Die men-sen zijn niet arbeidsongeschikt, maar arbeidsgehandi-capt. Zij hebben een talent. Soms kun je dat ook aan men-sen zien. Het is toch helemaal niet erg dat je een arbeids-handicap hebt? Dat moeten we juist waarderen. Wat u nudoet, is een stempel opplakken hoeveel loonwaarde zijnog hebben en u wilt dat stempel nog blijvend opplakkenook. Waar staat dan in het amendement dat mensen er-tegen in verweer kunnen komen en dat mensen kunnengroeien in hun werk?De voorzitter:De heer Azmani antwoordt even kort en daarna schors ikom praktische redenen even voor twee minuten. Daarnaheeft mevrouw Karabulut als eerste het woord en daarnade heer De Jong.De heer Azmani (VVD):Wat moet ik erop zeggen? Mevrouw Hamer heeft het overbrandmerken en daar heb ik op gereageerd. We hebbenhier juist een regeling waarbij we kijken naar wat mensenwel kunnen in plaats van wat zij niet kunnen. Het amen-dement is helder en duidelijk. We gaan niet voorgoed hetinstrument loondispensatie toepassen op mensen, maaruiteindelijk zullen mensen ook het wettelijk minimumloonverdienen. Het amendement regelt dat we de gemeen-ten het vertrouwen geven zodat zij de vrijheid krijgen omdit instrument op de goede manier toe te passen. Het Rijkmoet niet gaan regelen op welk moment dat instrumentmoet worden toegepast. Dat moet mevrouw Hamer, alseen van de aanstichters van deze decentralisatie, ook te-vredenstellen. AzmaniTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-16De voorzitter:Ik schors op verzoek van de staatssecretaris voor twee mi-nuten en daarna heeft mevrouw Karabulut het woord endan de heer De Jong.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Mevrouw Karabulut (SP):Voorzitter. De heer Azmani wil nu gemakkelijker loondis-criminatie toepassen om een grotere groep onder het mi-nimumloon te laten verdienen. Zijn redenering daarbij isdat er dan meer mensen vanuit de uitkering aan een baankomen. Het gaat alles bij elkaar om ongeveer een half mil-joen mensen, waarvoor gemeenten straks verantwoor-delijk worden. Kan de heer Azmani mij vertellen hoeveelmensen vanuit een uitkering naar een baan gaan uitstro-men?De heer Azmani (VVD):Dat is net als nu met de Wet werk en bijstand. Het Rijk kanniet aangeven hoeveel mensen uit de bijstand uitstromennaar regulier werk.Mevrouw Karabulut (SP):Dit is een beetje erg gek. De heer Azmani zegt dat men-sen minder moeten verdienen en dat zij voor een prikjemoeten worden weggegeven aan en weggezet bij werk-gevers. Dan komen zij wel aan een baan en uit de uitke-ring. Nu vraag ik aan de heer Azmani hoeveel mensendan aan een baan en uit de uitkering komen. Of hij be-antwoordt die vraag, of hij weet het niet. Dat kan beteke-nen dat mensen gewoon een uitkering blijven behouden,maar dan nog een beetje armer worden.De heer Azmani (VVD):Mevrouw Karabulut heeft al een antwoord gekregen opdie vraag. Wat kan zij toezeggen aan al die mensen die nueen bijstandsuitkering hebben?De voorzitter:Er is geen gelegenheid voor tegenvragen. Probeert u devragen van mevrouw Karabulut te beantwoorden.De heer Azmani (VVD):Dan geef ik hetzelfde antwoord. Niet de overheid creëertde banen in ons land, dat doen de bedrijven. De overheidkan niet zeggen: wij gaan 100.00, 200.000 of 300.000 ba-nen regelen. Wij moeten ervoor zorgen dat de werkgeverszodanig worden ontzorgd dat de economie weer groeiten er meer banen ontstaan. Met deze wet komt er in iedergeval een gereedschapskist waardoor het aantrekkelijkerwordt om mensen met een handicap weer een plaats tegeven in de reguliere samenleving en het weer normaal isdat je naaste collega iemand is met een beperking.Mevrouw Karabulut (SP):Dit is toch volstrekt onverantwoorde politiek. Werkgeverszeggen dat zij de banen niet hebben, dat de instrumen-ten te ingewikkeld zijn en dat het hen om andere dingengaat. Van de mensen met een beperking die nu een baanhebben, worden 60.000 plaatsen in de sociale werkvoor-ziening geschrapt, ook als zij een beetje fatsoenlijk con-tract hebben. Dit alles om de gok te nemen dat een aan-tal van hen misschien in armoedebaantjes belandt. Maarzelfs dat weet de heer Azmani niet. Ik wijs hem erop datmensen hierdoor niet uit de uitkeringsituatie zullen ko-men. Zij zullen misschien af en toe een klein beetje aan deslag komen om vervolgens weer in de uitkering te belan-den. De werkgevers hebben geen banen, de heer Azmaniheeft geen doelstelling en dit kabinet staat met lege han-den. Het enige wat hier gebeurt, is dat de verplichtingenvoor mensen met een beperking worden aangescherpt.Zij worden gediscrimineerd door middel van loondiscri-minatie en in een uitzichtloze positie gebracht. Dit moetde heer Azmani toch niet willen op deze manier?De voorzitter:Dit lijkt bijna een tweede termijn. Ik vraag u om hierop teletten. Zo herhaalt u de discussie die al zestien uur heeftgeduurd. De heer Azmani reageert nog één keer.Mevrouw Karabulut (SP):Ik zal deze discussie keer op keer op keer blijven herhalen.De voorzitter:Dat is uw goed recht, maar ik wijs erop dat de voorzitterhet recht heeft om op een gegeven moment te zeggen dathet voldoende is geweest. De heer Azmani reageert nogéén keer.De heer Azmani (VVD):Ik zal keer op keer herhalen dat noch de overheid, nochde Kamer ervoor kan zorgen dat mensen een plek op dearbeidsmarkt krijgen. Wij kunnen alleen het veld zodanigorganiseren, dat werkgevers zich bereid zullen tonen ommensen een plek te bieden. Mevrouw Karabulut pleit minof meer voor stilstand, maar in de huidige situatie heb-ben al 217.000 mensen een Wajonguitkering. Als wij daar-aan nu niets doen, zitten wij in 2040 met een groot soci-aal drama. Dat is het nu eigenlijk al. Dan zullen er 400.000jongeren in de Wajong zitten. Ik kies ervoor dat menseneen plek krijgen in de samenleving met behulp van het in-strument loondispensatie. Mevrouw Karabulut kiest er-voor om meer uitkeringen te verstrekken. De consequen-tie van het verkiezingsprogramma van haar partij is dat er2,3 mld. extra aan uitkeringen wordt uitgekeerd. Als datde politiek van mevrouw Karabulut is, dan wens ik haarveel succes.Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor de beantwoor-ding van de vele vragen die ik heb gesteld. In eerste ter-mijn heb ik hem gevraagd die vragen duidelijk te beant-woorden en ermee rekening te houden dat ik bepaaldevragen wederom stel omdat ik niet tevreden was over zijneerdere antwoorden. Toch kreeg ik diezelfde standaard-antwoorden terug. Zo werd verwezen naar de memorievan toelichting of de nota naar aanleiding van het verslag.Op een aantal punten heb ik toch meer duidelijkheidgekregen. De staatssecretaris heeft enkele toezeggingengedaan die alle min of meer gericht zijn op het bespreek-baar maken van een aantal cruciale zaken met de VNG en/of grote landelijke bedrijven, waaronder het ondernemer-schap en de mogelijkheid om de arbeidsmatige dagbeste-ding open te laten voor nuggers. Daarvoor mijn dank.De fractie van de ChristenUnie staat geen samenlevingvoor waarin mensen als zielig worden weggezet. Het te-genovergestelde is het geval. Wij willen dat de talenten Ortega-MartijnTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-17van mensen verder ontwikkeld en optimaal benut wor-den. Wij geloven in de kracht van mensen en proberendie kracht zo veel mogelijk uit te dragen. Groot was danook mijn verbazing over de toon van de staatssecretarisin het wetgevingsoverleg alsof wij bezig waren mensenin een hoekje te plaatsen. Ik werp dat verre van mij. Destaatssecretaris heeft een samenlevingsvisie gebaseerdop bepaalde idealen en overtuigingen. Die heeft mijn frac-tie ook. In het politieke debat is het de norm om elkaardaarin te respecteren en te bekijken of er een consensuskan worden bereikt over heikele punten. Op deze manierben ik maandag het debat ingegaan. De staatssecretariszet in op de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Datdoet mijn fractie ook. Er is echter één verschil: wij erken-nen dat er in onze samenleving mensen zijn die een maxi-male verantwoordelijkheid willen nemen maar extra on-dersteuning nodig hebben van de samenleving. Wij vin-den dat deze mensen ondersteuning moeten krijgen omzelfredzaam te worden. Zo kunnen ze deelnemen aan hetmaatschappelijk verkeer.In het wetsvoorstel wordt die mogelijkheid geboden.Doordat bepaalde voorwaarden echter ontbreken, vreestmijn fractie dat sommige mensen tussen wal en schip val-len. Mijn fractie heeft geprobeerd om al deze voorwaar-den ter discussie te stellen. Ontzorg de werkgever, maarspreek hem ook aan op zijn verantwoordelijkheden. Biedgemeenten beleidsruimte om met minder middelen slim-mer te werken. Stuur aan op zelfredzaamheid en zelfstan-digheid, vooral van de doelgroep met een ondersteu-ningsvraag.Ook vandaag wil ik hierop doorgaan. Daarom heb ikeen actieplan opgesteld met enkele voorstellen en ideeën.Enkele van die voorstellen zijn al kort aan de orde geko-men gedurende het wetgevingsoverleg. Het was de be-doeling dat ik het plan toen zou indienen, maar helaaswas het niet op tijd gereed. Daarom wil ik het plan nu viade voorzitter aanbieden aan de staatssecretaris. Ik ver-wacht een reactie op de voorstellen.Net als de staatssecretaris willen wij heel graag dat zoveel mogelijk mensen aan het werk gaan. De staatssecre-taris zegt dat het een hele klus zal worden, mede door debezuinigingen. Dat geloof ik best en daar lopen wij ookniet voor weg. Feit is wel dat de verantwoordelijkheidvoor de gevolgen van een politieke keuze genomen moetworden. Mijn fractie is in afwachting van het plan vanaanpak voor de monitoring. Hierdoor zullen wij meer dui-delijkheid krijgen over de mogelijke gevolgen.Er is spra-ke van een verschil in visie tussen de VNG en de staatsse-cretaris. Het is nog niet gelukt om deze twee partijen na-der tot elkaar te brengen in het debat. De staatssecreta-ris reageerde met een pertinent nee op een vraag van mijof het bedrag van 100 mln. in 2013 al ingezet kan wordenbij knelpunten. Ik ben wel blij dat er wordt ingezet op sa-menhang tussen de verschillende decentralisaties en hetelimineren van de financiële schotten. Ook ben ik blij datde staatssecretaris ervoor openstaat om te kijken naar hetcompensatiebeginsel. Ik had daarvoor een motie voor-bereid, maar de heer Azmani heeft daarover ook al eenmotie ingediend. Gisteren las ik in Binnenlands Bestuurdat de VNG inzet op mogelijkheden om gemeenten inde uitvoering verschillende taken slim te laten combine-ren. De VNG heeft een bundel van acht factsheets gepu-bliceerd over de samenhang tussen decentralisaties omgemeenten te wijzen op de mogelijkheden om de uitvoe-ring van deze taken slim te combineren. Dat geeft hoop.Echter, het probleem met de bezuinigingen op de WSWis hierdoor nog niet opgelost. De herstructureringsplan-nen moeten daarop meer zicht bieden. Is de staatssecre-taris bereid om klip-en-klaar uit te spreken dat hij ervanverzekerd is dat het allemaal goed komt en dat hij in detoekomst zijn verantwoordelijkheid daarvoor zal nemen?Hoeveel mensen wil de staatssecretaris aan het werk hel-pen? Er wordt op een goede manier ingezet op ontzor-gen van werkgevers, maar dat is niet genoeg, want er zul-len ook harde afdwingbare afspraken met de werkgeversmoeten worden gemaakt. Wat is de ambitie van de staats-secretaris op dit punt?Een ander punt is de positie van de niet-uitkeringsge-rechtigde, de zogenaamde nuggers. De staatssecretarisheeft gezegd dat de gemeenten op basis van de veror-deningsplicht evenwichtig aandacht moeten schenkenaan de verschillende groepen, dus ook aan de nuggers.Ook de groep mensen met een meervoudige handicap ofeen psychiatrische aandoening dienen aandacht te krij-gen. Deze mensen zijn namelijk aangewezen op structu-rele en dure trajecten. Deze mensen mogen echt niet bui-ten de boot vallen! Gaat de staatssecretaris monitorenof er sprake is van evenwichtige aandacht? Een en andergeldt ook voor mensen die met een SW-indicatie op delijst staan. De staatssecretaris zegt dat gemeenten niets inde weg staat om deze groep een passende tussenoplos-sing aan te bieden. Wordt dit ook gemonitord?Ik wil alsnog helderheid over een punt dat ik in het wet-gevingsoverleg naar voren heb gebracht. Ik meende destaatssecretaris correct te hebben verstaan, maar uit eengesprek met een collega bleek mij dat zijn boodschap bijsommigen anders is overgekomen. Vandaar dat ik mijnvraag herhaal. Momenteel zijn er werknemers in de WSWvan wie het contract van rechtswege is beëindigd. Diecontracten worden bovendien niet verlengd. Deze men-sen hebben na mei 2011 geen baan meer in een SW-be-drijf. Worden deze ex-werknemers herkeurd volgens hetstrengere schattingsbesluit? Is het mogelijk dat zij hunSW-indicatie verliezen? Graag een helder antwoord. Ikheb verder ook gevraagd of het UWV het verzoek van eencliënt om zijn specialist te betrekken bij de herkeuringmoet honoreren. De staatssecretaris zegt dat het UWV al-tijd een deskundige kan uitnodigen voor het onderzoek,indien het UWV dat nodig acht. Dat weet ik natuurlijk ookwel! En dat was mijn vraag dan ook niet. Ik wil namelijkdat het UWV het verzoek altijd honoreert. Graag een toe-zegging.De staatssecretaris heeft toegezegd dat hij met deStichting van de Arbeid de stand van zaken rond pensi-oenopbouw via de pro rata-systematiek bij deeltijdwerkgaat bespreken. Voor mijn fractie moet het helder zijn datmensen met loondispensatie pensioen kunnen opbou-wen. Dit mag niet overgelaten worden aan de willekeurvan de pensioenfondsen! Is de staatssecretaris bereid toete zeggen dat hij het zelf zal regelen, indien de pensioen-fondsen voor 1 januari 2013 verstek hebben laten gaan?Ook vraag ik de staatssecretaris om in zijn gesprek met deStichting van de Arbeid het probleem aan de orde te stel-len dat mensen met een ondersteuningsvraag gemiddeldeen tien jaar kortere levensverwachting hebben. Ik vraagdaarnaar met het oog op de hoge premie.Er liggen nog twee heikele punten voor mijn fractie:de loondispensatie en de gevolgen van de huishoudinko-menstoets voor mensen met een ondersteuningsvraag.Deze mensen dreigen namelijk overal buiten te vallen.Mijn fractie heeft ingestemd met de pilot met loondispen-satie. Wij deden dat in de overtuiging dat er mogelijkhe- Ortega-MartijnTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-18den geschapen moeten worden om mensen met een on-dersteuningsvraag aan het werk te helpen. Ik heb mijn in-brengen over dit onderwerp nog eens nagelezen, omdatde staatssecretaris iedere keer maar weer verwijst naarhet feit dat de vorige regering hiermee is begonnen. Ja,dat klopt. Die is begonnen met een pilot; een pilot die wijzouden evalueren om vervolgens te beslissen of het in-strument definitief ingevoerd kan worden. De pilot is ech-ter nog niet afgerond en nu wordt het instrument al de-finitief ingevoerd. Dat is tegen de afspraken die door detoenmalige coalitie zijn gemaakt. Loondispensatie is eeninstrument om in te zetten op de ontwikkeling van de ar-beidsmogelijkheden van mensen. Dan moet wel duidelijkzijn of het instrument effectief is en het gerechtvaardigdis dat mensen jarenlang onder het wettelijk minimumloonwerken. Het instrument moet ook zijn gericht op maat-werk. Nu wordt bijvoorbeeld standaard uitgegaan van ze-ven en negen jaar. Ik hoor graag van de staatssecretarisof hij van plan is op basis van de eindresultaten van de pi-lot alsnog te kiezen voor meer mogelijkheden voor maat-werk. Ik wil hier graag een toezegging op horen. Voor nuwil mijn fractie dat de perioden van zeven en negen jaarworden ingekort.Ik vraag de staatssecretaris nogmaals een soort hard-heidsclausule in te bouwen in de huishoudinkomenstoetsvoor de groep burgers met een ondersteuningsvraag, diezonder uitzicht thuis komen te zitten. Deze mensen zullenfinancieel helemaal afhankelijk worden van hun ouders,terwijl de ChristenUnie juist wil dat ze zelfredzaam wor-den. Ziet de staatssecretaris mogelijkheden gemeententoch enige ruimte te bieden om in schrijnende gevalleneen inkomensondersteuning te geven? Ik vraag de staats-secretaris hierop te reageren. Ik overweeg nog met eenamendement te komen op dit onderwerp.Voorzitter. Ik dien nu mijn moties in die voor zichzelfspreken.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat er zowel verschillende definities vanloonwaarde als verschillende methodieken voor het me-ten van loonwaarde worden toegepast;overwegende dat het bestaan van verschillende defini-ties van loonwaarde en methodieken voor het meten vanloonwaarde leidt tot andere uitkomsten in vergelijkbaregevallen;van mening dat op grond van de rechtsgelijkheid verge-lijkbare gevallen op gelijke wijze moeten worden beoor-deeld;verzoekt de regering, zorg te dragen voor het tot stand ko-men van een uniforme definitie van het begrip "loonwaar-de" en een eenduidige methodiek voor het meten van deloonwaarde,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Ortega-Martijn.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 53 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de Wajong wordt beperkt tot mensendie volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn en deWSW tot mensen met een indicatie "beschut werk" zodater een grotere groep een beroep zal doen op de Wet wer-ken naar vermogen;constaterende dat de groei van deze groep een evenredi-ge groei van de uitvoeringskosten van gemeenten veroor-zaakt;overwegende dat het kabinet heeft aangekondigd om eenextra bedrag toe te voegen aan het budget voor de uit-voeringskosten van gemeenten dat in 2015 zal zijn opge-lopen tot 27 mln.;van mening dat deze intensivering onvoldoende rekeninghoudt met de ontwikkeling van het bestand binnen deWet werken naar vermogen;verzoekt de regering om aan te geven hoe de omvangvan de doelgroep van de Wet werken naar vermogen zichin de komende jaren ontwikkelt en om de vergoedingvoor de uitvoeringskosten richting de gemeenten hieropte baseren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Ortega-Martijn.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 54 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de arbeidsparticipatie van mensen meteen arbeidsbeperking achterblijft;overwegende dat de Wet werken naar vermogen tot doelheeft om de arbeidsparticipatie van mensen met een ar-beidsbeperking te vergroten, maar dat concrete afsprakenhierover ontbreken;van mening dat iedereen naar vermogen moet kunnenparticiperen op de arbeidsmarkt;verzoekt de regering om met sociale partners concrete af-spraken te maken over de participatie van mensen met Ortega-MartijnTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-19een arbeidsbeperking en zorg te dragen voor het nalevenvan deze afspraken,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Ortega-Martijn.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 55 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de besparingen die gemeenten boekenwanneer iemand met loondispensatie aan de slag gaat,via de vaststelling van het macrobudget na een jaar in zijngeheel terugvloeien naar het Rijk;constaterende dat het instrument loondispensatie binnende Wet werken naar vermogen een belangrijk instrumentvormt om mensen die niet zelfstandig het wettelijk mini-mumloon kunnen verdienen, aan het werk te helpen;overwegende dat duurzame begeleiding noodzakelijk isom te voorkomen dat iemand terugvalt in de uitkering endaarmee de besparing vervalt;van mening dat de inzet moet zijn om zo veel mogelijkmensen duurzaam aan het werk te helpen;verzoekt de regering, bij de vaststelling van het macro-budget een aanzienlijk deel van de bespaarde uitkerings-lasten meerjarig bij gemeenten te laten ten behoeve vande begeleiding van deze groep;verzoekt de regering voorts om dit in overleg met de ge-meenten uit te werken in de systematiek voor het macro-budget en deze systematiek per ingangsdatum van denieuwe Wet werken naar vermogen in te laten gaan,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Ortega-Martijn.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 56 (33161).MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat de huishoudinkomenstoets in de Wetwerken naar vermogen leidt tot het ontstaan van eengroep mensen met een arbeidsbeperking die niet-uitke-ringsgerechtigd zijn;overwegende dat de financiële prikkels voor gemeentenom ondersteunende voorzieningen beschikbaar te stellenaan niet-uitkeringsgerechtigden hierdoor beperkt zijn;overwegende dat ondersteunende voorzieningen vangroot belang zijn om de kansen van mensen met een be-perking op de arbeidsmarkt te vergroten;van mening dat het onwenselijk is als er een groep men-sen met een arbeidsbeperking door een gebrek aan on-dersteuning niet aan het werk komt;verzoekt de regering om de ondersteuning van gemeen-ten aan mensen met een arbeidsbeperking die door dehuishoudinkomenstoets buiten de Wet werken naar ver-mogen vallen, te monitoren en in overleg met gemeentenaanvullende maatregelen te nemen om de arbeidspartici-patie van deze groep te bevorderen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Ortega-Martijn.Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende on-dersteund.Zij krijgt nr. 57 (33161).Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie):Voorzitter. Het zijn heel veel moties. Zoals ik heb gezegd,staat mijn fractie heel welwillend ten opzichte van hetwetsvoorstel. Er zijn echter toch nog wat angels die zij ergraag uit wil hebben. Daarnaast krijg ik straks graag eenreactie van de staatssecretaris op mijn amendement opstuk nr. 20 over de mantelzorg. Mijn fractie vindt de ma-nier waarop het nu in de wet is geregeld, toch te strin-gent. Als mensen zelf mantelzorg geven, levert dat eigen-lijk altijd baten op voor de staatskas. Ik vraag de staatsse-cretaris dus om hier goed naar te kijken.Met mevrouw Koşer Kaya heb ik een amendementover de studieregeling. Tot gisteren had ik niet het ge-voel dat de staatssecretaris begreep wat wij eigenlijk wil-len zeggen met dit amendement en met de studierege-ling. Het gaat erom dat mensen met een ondersteunings-vraag sowieso langer doen over hun studie. Zij hebbenbijna geen mogelijkheden om bij te verdienen maar heb-ben wel meer kosten dan mensen zonder een ondersteu-ningsvraag. Het enige wat wij vragen is of het mogelijkis om toch een bepaalde vorm van inkomensondersteu-ning voor deze groep te behouden, naast de studiefinan-ciering. Daarnaast heb ik in een actieplan een ander ideegeopperd, namelijk om dan maar te komen met een apar-te beurs voor deze categorie. Ik hoor hier graag wat overvan de staatssecretaris.Tot slot gelooft de ChristenUnie in een inclusieve sa-menleving waaraan iedereen kan meedoen. Zij staat danook achter de doelstelling van dit wetsvoorstel, maarheeft toch haar twijfels. Mijn fractie heeft zich bij de be-handeling van het wetsvoorstel welwillend opgesteld ommee te denken over mogelijke oplossingen. Ook zal mijnfractie haar eigen maatschappelijke verantwoordelijkheidnemen om meer jongeren met een ondersteuningsvraagte koppelen aan een werkgever. Daartoe zullen wij samenmet andere partijen, onder andere CNV Jongeren, in ju-ni een actie opzetten voor het project De Realisten. Want Ortega-MartijnTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-20over wie hebben wij het eigenlijk? Wij hebben het overmensen die graag willen werken en talent hebben. Zij wil-len dat hun talent wordt ontwikkeld. Maar zij zijn ook heelrealistisch over de mogelijkheden die er zijn. Ik roep mijncollega's op om het ook te gaan doen. Mevrouw Hamerheeft het ook al gedaan. Wij hebben onze sociale netwer-ken. Ook in onze achterban zijn er werkgevers. Laten wijonze maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen. Wijhebben niet alleen een politieke verantwoordelijkheid,maar ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Al-leen wanneer de totale samenleving haar verantwoorde-lijkheid neemt, zal het lukken om al dit kostbare talent teontwikkelen en te benutten.Daarom richt ik ten slotte het woord tot al die mensendie ik de laatste drie à vier jaar heb leren kennen, doorpersoonlijke mails, door persoonlijke contacten en doorop werkbezoek te gaan. Ik heb hen leren kennen als men-sen die graag willen. Zij weten wat de mogelijkheden zijn.Zij weten ook wat hun beperkingen zijn, maar zij willenwerken. Eerlijk gezegd kan het hun soms ook niet schelenwat zij betaald krijgen. Zij willen gewoon werken. Maarop een gegeven moment moeten zij trots zijn op wat zijkunnen opbrengen. Op den duur moet het dus wel gekop-peld zijn aan een goed salaris. Dat is heel belangrijk. Ikmoet denken aan al die jongeren die zo graag willen wer-ken. Ik noem het voorbeeld van één jongere, die ik al vierjaar volg, namelijk Gideon. In de Bijbel betekent Gideon"held". Hij is voor mij een held. Hij is al vier jaar bezig omnaar werk te zoeken. Hij is al vier jaar bezig in al die re-in-tegratietrajecten. Hij heeft ontdekt dat hij een gave heeft.Hij kan een computer helemaal uit elkaar halen en weer inelkaar zetten. Hij heeft daarom geprobeerd om bij allerleiorganisaties onder de aandacht te brengen dat hij erach-ter is gekomen dat hij dit kan: geef mij de mogelijkheidom dit te doen! Hij wordt echter iedere keer geconfron-teerd met het feit dat hij geen diploma heeft. Dat maaktmij boos, omdat hij zo graag wil. Hij heeft wel een gave,maar niet het diploma. Voor dergelijke mensen wil ik plei-ten en een lans breken. Zij zijn mijn helden. Zij zijn het dieinspireren. Daarom wens ik de staatssecretaris veel wijs-heid toe voor dit wetsvoorstel. Het gaat om heel kostbaremensen in onze samenleving.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Voorzitter. Geen hervorming van de arbeidsmarkt. Geenhervorming van de WW. Tot 2020 stilstand op het terreinvan de AAW. Hier rust een taboe op. Er heerst zelfs bin-nen deze bezuiniging een nieuw taboe, namelijk het huidi-ge bestand van werknemers in sociale werkplaatsen. Naardeze groep wordt niet gekeken, terwijl 50% met begelei-ding naar een reguliere werkgever kan en dat ook heelgraag wil. Omdat het niet kan, blijft er te weinig geld overvoor de nieuwe arbeidsgehandicapten. Voor deze groepis er bijna geen plek meer in sociale werkplaatsen. Hetaantal nieuwe plaatsen daalt zelfs met tweederde. Dit zougeen probleem zijn, als zij terecht konden op de arbeids-markt. Maar daarvoor is wel begeleiding nodig en hulpbij het passend maken van banen. Ook daarvoor blijft erhelaas onvoldoende budget over. De VNG verwacht dat201 gemeenten hun hele budget voor re-integratie in 2015kwijt zullen zijn aan de WSW. Sterker nog, deze gemeen-ten zullen gezamenlijk 45 mln. moeten bijleggen. Er blijftdaar dus niets over voor ondersteuning bij de zoektochtnaar werk.Dit wetsvoorstel zorgt voor een onrechtvaardige verde-ling waardoor het doel van de Wet werken naar vermo-gen in gevaar komt. Doordat er te weinig geld is voor on-dersteuning zal het aantal werklozen juist toenemen. Ditblijkt ook uit de berekening van het CPB, dat schrijft datdit plan "per saldo tot een afname van de werkgelegen-heid leidt".De centrale vraag is dan ook of het wel of niet lukt ommeer mensen aan het werk te krijgen. Het antwoord daar-op is gelijk aan het antwoord op de vraag of dit een her-vorming of een bezuiniging is. Ik heb een groot aantalamendementen ingediend, allemaal serieuze voorstellenom het wetsvoorstel te verbeteren. Want wij zijn voor eenhervorming, voor één regeling aan de onderkant van desamenleving, zodat mensen niet van het kastje naar demuur worden gestuurd en echt worden geholpen. Maarde manier waarop dit wetsvoorstel is vormgegeven geefthervormen een slechte naam.In het vervolg ga ik in op een aantal punten: het huidigeWSW-bestand, de studieregeling, de toegangstoets, ver-dere ontschotting en het aanbod aan vacatures. Ik beginmet de begeleiding. In mijn inleiding ging ik al in op detweedeling. Ik heb daarom een amendement ingedienddat gemeenten de vrijheid geeft om het huidige WSW-be-stand individueel te herkeuren, dus niet de groep, en datgeld te gebruiken voor de begeleiding naar werk. Het isnamelijk niet uit te leggen dat mensen aan de ene kantonnodig in een sociale werkplaats zitten, terwijl er aan deandere kant te weinig geld beschikbaar is voor de begelei-ding naar werk. Wil de staatssecretaris op mijn amende-ment reageren?Ook is er nog 400 mln. voor het herstructureringsfondsen 100 mln. uit de RUD-middelen. Ziet de staatssecreta-ris hier geen enkele ruimte voor een budget voor onder-steuning? Mevrouw Hamer heeft hierover een motie inge-diend die ik mede heb ondertekend.Dan de studieregeling. De inzet op studie en scholingzou veel groter moeten zijn. Mensen doen daarmee na-melijk kennis op voor het leven, maar een diploma ismeer dan kennis. Het is ook een bewijs tegenover werk-gevers dat je gemotiveerd bent en iets in je mars hebt.Juist het laatste is belangrijk voor arbeidsgehandicapten.Werkgevers twijfelen daar helaas te vaak aan. Als zij ziendat het gelukt is om een mooi diploma te behalen, gelo-ven zij sneller dat het lukt om ook die vacatures in te vul-len. Deze groep heeft wel extra ondersteuning nodig. Dekans op een baan is later kleiner, het risico op een hogestudielening is voor sommigen te groot. Ook is het moei-lijk voor deze groep om studie en een bijbaan te combine-ren. Wij moeten deze groep dus over de drempel zien tekrijgen. Hierover heb ik ook een amendement ingediend.De heer Klaver en mevrouw Ortega hebben dat meeon-dertekend.De staatssecretaris zei hierover gisteren dat deze men-sen ontheffing van de langstudeerboete kunnen krijgen,maar waar het mij om gaat is dat zij een extra stimulansverdienen. Is de staatssecretaris het met mij eens dat dieextra stimulans hard nodig is? Hoe denkt hij in dat ver-band over mijn amendement? Of wil hij een alternatiefplan presenteren om scholing te stimuleren?Dan het ontschotten. Gemeenten gaan verantwoor-delijkheid dragen voor delen van de AWBZ, de Wmo, deWet werken naar vermogen en de jeugdzorg. Deze rege-lingen samen kennen veel overlap, terwijl het vaak omdezelfde mensen gaat. Het was dus goed nieuws dat destaatssecretaris zei dat verdere stroomlijning en samen- Koşer KayaTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-21voeging de stip op de horizon is. Als wij die stip op de ho-rizon ooit willen bereiken, moeten wij echter wel een rou-tekaart hebben. Daarom vraag ik de minister om de route-kaart te maken. Ik snap dat hij niet morgen de stip op dehorizon kan bereiken, want wij zitten middenin een transi-tie. Het is daarom onverstandig om nu al alle regelingensamen te voegen. Wel moeten wij bezien welke stappenwij op termijn kunnen zetten. Ik doel specifiek op het ont-schotten van de AWBZ, de Wet werken naar vermogen,de Wmo en de jeugdzorg. Dat is belangrijk. Daarom dienik de volgende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat gemeenten verantwoordelijk wordenof zijn voor de WWNV, begeleiding vanuit de AWBZ, deWmo en de jeugdzorg;overwegende dat er overlap zit in deze regelingen enmensen soms een beroep doen op meerdere regelingentegelijk;van mening dat gemeenten door ontschotting van de fi-nanciering meer mogelijkheden krijgen om dwarsverban-den te leggen en het geld efficiënt te besteden;verzoekt de regering om de mogelijkheden voor verde-re ontschotting van de financiering van de WWNV, deAWBZ, de Wmo en de jeugdzorg in kaart te brengen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Koşer Kaya. Naarmij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende onder-steund.Zij krijgt nr. 59 (33161).Mevrouw Koşer Kaya (D66):Ik kom op de toegangstoets. Gemeenten moeten een der-de instantie een toegangstoets laten uitvoeren, zeker alszij voor iemand loondispensatie willen gebruiken. Dit isonnodig, bureaucratisch en kostbaar. De argumentendaarvoor heb ik gisteren genoemd en staan ook uitge-breid beschreven in het amendement dat ik hierop heb in-gediend. Dit amendement heeft veel bijval gekregen van-uit de VNG, maar ook vanuit de Kamer. De staatssecreta-ris had het gisteren over voorstellen vanuit de Kamer diehij met belangstelling tegemoet zag. Ik begrijp nu dat diteen signaal was voor de vier coalitiepartners. Inmiddelsligt er op dit punt een amendement dat bijna vergelijk-baar is met dat van mij.Gisteren heeft de staatssecretaris ook gesproken overde cliëntenraden.De heer Dijkgraaf (SGP):Ik kom nog even terug op het amendement. Laten wijconstateren dat mevrouw Koşer Kaya ons amendementopvat als bijna vergelijkbaar met dat van haar. Wij heb-ben een andere mening. Daarover zouden wij een wel-les-nietesspelletje kunnen spelen. Als mevrouw KoşerKaya vindt dat het amendement van mij en drie anderewoordvoerders in de Kamer eigenlijk gewoon is wat zijbedoelt, dan nodig ik haar hierbij uit om de twee amen-dementen samen te voegen en gezamenlijk één amende-ment in te dienen. Wij zijn alleen gericht op de inhoud.Wij dachten oprecht dat wij een volstrekt ander amen-dement in zouden dienen. Als mevrouw Koşer Kaya deamendementen echter samen wil voegen, dan vind ik datprima.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Wij hebben hierover gisteren uitgebreid gesproken. Ookheb ik uitgebreid uit de doeken gedaan wat de bedoelingis van mijn amendement. Ik heb geen enkele vraag vande vier coalitiepartners gekregen. Een maand geleden ismijn amendement ingediend. Zegt de heer Dijkgraaf nu:mooi amendement hebt u liggen, misschien is het op eenonderdeel net iets anders? Als dat zo is, zou ik hem nuprecies dezelfde vraag kunnen stellen als hij nu aan mijstelt. Ik zou hem dan kunnen zeggen: mijnheer Dijkgraaf,er is al een mooi amendement ingediend en u en ande-re woordvoerders kunnen zich erbij aansluiten. Ik deel ditamendement graag met anderen.De heer Dijkgraaf (SGP):Wij hebben twee inhoudelijke bezwaren tegen het amen-dement van mevrouw Koşer Kaya. Dat amendement zul-len wij dus niet steunen. Op grond van die twee inhoude-lijke bezwaren hebben wij een alternatief ontwikkeld. Iksteek nogmaals mijn hand uit naar mevrouw Koşer Kaya.Als zij zegt dat wij het inhoudelijk eens zijn en dit eigen-lijk haar bedoeling was, laat haar dan meedoen met onsamendement. Dat vind ik prima. Op die manier hebbenwij gewoon een amendement dat gezamenlijk wordt ge-dragen. Laten wij het met zijn allen doen. Dat lijkt mij uit-stekend. Het gaat tenslotte om de inhoud.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Ik heb zojuist nog eens bij Bureau Wetgeving nagevraagdof juist is wat de heer Dijkgraaf daarnet zei. Mij werd ge-zegd dat als je de derde eruit schrapt, het precies over-eenkomt met wat naar voren wordt gebracht in het amen-dement van de heer Dijkgraaf en anderen. Ik zie in hetamendement van de heer Dijkgraaf geen wezenlijke wij-ziging of verandering, maar goed, ik bied hem een uitge-stoken hand. Ik heb het amendement ingediend en hij kanhet medeondertekenen.De voorzitter:De heer Dijkgraaf biedt een uitgestoken hand en me-vrouw Koşer Kaya biedt een uitgestoken hand. Ik geefde heer Dijkgraaf nog gelegenheid voor één interruptie,waarop mevrouw Koşer Kaya dan nog kan reageren. Ikstel voor dat u eens met elkaar om de tafel gaat.De heer Dijkgraaf (SGP):Onze mening is heel duidelijk. Het amendement van me-vrouw Koşer Kaya schiet op twee punten tekort. Het haak-je staat er sowieso niet in. Er is niet geregeld wat er bijmisbruik moet gebeuren. In ons amendement is dat welgeregeld. Dat is voor ons cruciaal omdat dit een grotezorg is, zoals de staatssecretaris gisteren heeft aangege-ven. Het is de vraag of dit wel goed gaat. Dat moet je dusin de wet regelen. Nogmaals: als mevrouw Koşer Kaya wil Koşer KayaTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-22meedoen aan het ingediende amendement, hebben wijgezamenlijk een prachtig, breed gedragen amendement.Daar moet het toch om gaan?Mevrouw Koşer Kaya (D66):Dat had ik de heer Dijkgraaf gisteren graag horen zeggen,maar dat heb ik toen niet gehoord. Het haakje dat de heerDijkgraaf noemt, stelt op zich helemaal niets voor. Ik heber net niet op gereageerd, maar dat zal ik nu met alle ple-zier doen. Als wij zien dat de toets, die wij allebei uit hetwetsvoorstel willen hebben, niet werkt, kun je het er altijdnog in fietsen. Ik begrijp dus werkelijk waar niet wat demeerwaarde van het amendement van de heer Dijkgraafis.De voorzitter:Ik stel voor dat u later eens met elkander gaat praten.De heer Dijkgraaf (SGP):Ik heb een punt van orde betreffende de duiding; daarnahoud ik gelijk mijn mond. Gisteren hebben wij helemaalniet met elkaar gedebatteerd. Wij debatteerden gisterenmet de staatssecretaris, die onze vragen beantwoordde.Wij hadden een debat met de staatssecretaris. Wij wildeneerst een reactie van de staatssecretaris op dit soort on-derwerpen.Mevrouw Koşer Kaya (D66):In de Kamer is het gebruikelijk dat wij, als wij moties ofamendementen indienen, elkaar daarop bevragen. Dit on-derwerp is maandag en dinsdag al aan de orde geweest.Ik begrijp dat het achtste gebod de heer Dijkgraaf nu tebinnen schiet.De voorzitter:Ik stel voor dat u hierover later met elkaar spreekt. Dit ge-spreksonderwerp beschouw ik voor nu als afgerond.De heer Klaver (GroenLinks):Ik heb hierover nog een concrete vraag. Ik ben medeon-dertekenaar van dit amendement en ik maak mij zorgenals ik de heer Dijkgraaf hoor spreken, dus ik wil graag ge-rustgesteld worden. Klopt het dat mevrouw Koşer Kayazojuist een wijziging heeft ingediend, waarin in de toe-lichting duidelijk is opgenomen dat de werking van hetamendement is dat de hele toegangstoets verdwijnt?Mevrouw Koşer Kaya (D66):Zoals ik net al aangaf, heeft Bureau Wetgeving gezegd datdit de feitelijke situatie was in het amendement zoals wijdat hadden ingediend. Ter verduidelijking heb ik er nogeen zinnetje aan toegevoegd.De voorzitter:Voordat wij allerlei adviserende diensten bij de debattenbetrekken, stel ik voor dat u met elkaar in gesprek gaatover de vraag hoe dit verder zou kunnen lopen. Het de-bat wordt morgen pas voortgezet met de reactie van destaatssecretaris.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Van het begin af aan was heel duidelijk wat wij met detoegangstoets wilden.Ik kom op de cliëntenraden. Gisteren heeft de staatsse-cretaris gesproken over het belang van de cliëntenraden,maar helaas bleven concrete maatregelen uit. Daaromheb ik eerder een amendement ingediend om de rol vande cliëntenraden te verstevigen. Zij krijgen de volgendeextra rechten en bevoegdheden. Zij moeten de besluitenover verordeningen en beleid tijdig ontvangen en daar-over advies kunnen uitbrengen. Zij moeten voldoende on-dersteuning krijgen. Zij moeten advies aan derden kun-nen vragen. Tot slot moeten zij de mogelijkheid krijgenom met andere cliëntenraden samen te werken. Voor dechecks-and-balances is het immers buitengewoon belang-rijk dat de cliëntenraden versterkt worden. Graag krijg ikeen reactie van de staatssecretaris op mijn amendement.Ik heb nog een tweede punt over de cliëntenradenwaarop ik gisteren geen antwoord heb gehoord. Er zijn nucliëntenraden in verschillende vergelijkbare domeinen: deWWNV, de Wmo et cetera. Deze versnippering doet de in-spraak van mensen geen goed. Ook voor de overheid ishet onhandig omdat de adviezen niet in samenhang wor-den gegeven. Daarom dien ik de volgende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat er verschillende cliëntenraden bestaanbinnen domeinen als de Wet werken naar vermogen ende Wmo;overwegende dat er mogelijkheden zijn om te komen totmeer samenhang of het samenvoegen van deze cliënten-raden;van mening dat het integreren van de verschillende cliën-tenraden leidt tot een sterkere positie van cliënten en hunde mogelijkheid biedt om meer samenhangende adviezente geven;verzoekt de regering, de Kamer te informeren over de mo-gelijkheden van een participatiewet waarin de positie ende wettelijke bevoegdheden van de diverse participatie-raden binnen het domein van sociale zekerheid integraalzijn geregeld,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Koşer Kaya. Naarmij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende onder-steund.Zij krijgt nr. 60 (33161).Ik wijs mevrouw Koşer Kaya erop dat zij inmiddels weldoor de door haar opgegeven spreektijd heen is.Mevrouw Koşer Kaya (D66):Ik begrijp het, maar dit is heel belangrijk. Ik wil het danook graag even afmaken.Tot slot de vacatures. Er is voldoende werk maar erzijn te weinig passende vacatures. Daarom kunnen veelarbeidsgehandicapten geen baan vinden. Zij willen dol-graag werken maar er zijn te weinig geschikte vacatures.Gisteren sprak de staatssecretaris over de werkgevers.Dat blokje was in mijn ogen toch wel vrij kort. Ook valt Koşer KayaTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-23het mij op dat er almaar afspraken met VNO-NCW zijngemaakt. De staatssecretaris krijgt 5000 banen, de PvdA10.000. Ik hoop dat ik straks nog meer krijg, want dat zouhelpen. Maar in alle ernst: ik vraag mij echt af wat dezeafspraken waard zijn. De afspraken zijn gemaakt met dekoepel en niet met de individuele werkgevers. En die laat-sten moeten de banen leveren. Kan de staatssecretaris deKamer informeren over het aantal banen dat is geleverd?Dan nog twee andere punten over het creëren vanpassende banen. Ten eerste de afspraken over mensenmet afstand tot de arbeidsmarkt en cao's. Er is een mo-tie van mijn hand aangenomen die vraagt dat hieroverin alle cao's afspraken worden gemaakt. Als dat niet ge-beurt, moet we ze niet meer verplicht opleggen. In 2011waren hierover slechts in 45 van de 100 cao's afsprakengemaakt. Wanneer gaat de staatssecretaris daar iets aandoen? Op welke datum moet de dekking 100% zijn?Ten tweede de sociale paragraaf van werkgevers. Hetzou goed zijn als de werkgevers in hun sociale paragraafrapporteren over het aantal mensen met afstand tot de ar-beidsmarkt dat ze in dienst hebben. Wat mij betreft moetdaarbij het "comply or explain"-principe gelden. Leg hetals bedrijf uit als je geen mensen met afstand tot de ar-beidsmarkt in dienst hebt. Daarom dien ik de volgende enlaatste motie.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,constaterende dat er op dit moment onvoldoende pas-sende banen zijn voor mensen met een afstand tot de ar-beidsmarkt;van mening dat werkgevers hier wel een belangrijke rol inhebben en dat een cultuuromslag noodzakelijk is;van mening dat het aandacht besteden aan het perso-neelsbeleid met betrekking tot mensen met afstand tot dearbeidsmarkt kan bijdragen aan bewustwording en daar-mee een cultuuromslag;verzoekt de regering om er bij de Stichting van de Arbeidvoor te pleiten dat bedrijven hierover gaan rapporteren inde sociale paragraaf van hun jaarverslag;verzoekt de regering tevens om over te gaan tot wetge-ving als in 2014 blijkt dat er bedrijven zijn die hier nogsteeds niet over rapporteren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door het lid Koşer Kaya. Naarmij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende onder-steund.Zij krijgt nr. 61 (33161).Mevrouw Koşer Kaya (D66):Voorzitter. Dan ten slotte mijn conclusie. Ik heb vandaageen gesprek op de nieuwe school van mijn zoontje. Enhij had een opdracht gekregen om te schrijven over zijnhobby's, over zijn vrienden en over wat hij leuk vindt.Toen ik thuiskwam en las wat hij had opgeschreven, trofmij het volgende. Op de vraag "wat zijn je hobby's enhoeveel tijd besteed je eraan?", schreef hij: "Mijn hobby'szijn toneel, voetbal, tekenen en dingen met mijn vriendendoen. Ik besteed er per week zeven-en-een-half uur aan,soms meer. Mijn voorbeeld is Stephen Hawking".Voorzitter. Stephen Hawking heeft een zware handicap.Hij kan niet lopen en bewegen. Toch doet hij volop mee inde samenleving. Sterker nog, deze man speelt een leiden-de rol in de exacte wetenschappen. Zo indrukwekkend datzelfs een elfjarig jongetje dat is opgevallen. Wij willen al-le jonggehandicapten de kansen bieden die zij verdienen.Wij willen dat ze voorbeelden mogen zijn voor alle ande-ren. Dat hebben wij voor ogen. Een flinke verbeterslag isdus nodig bij dit wetsvoorstel. Ik hoop dat mijn amende-menten worden omarmd.De heer De Jong (PVV):Voorzitter. Vandaag bespreken we in tweede termijn denieuwe Wet werken naar vermogen, waarmee de Wajong,de Wet sociale werkvoorziening en de Wet werk en bij-stand worden samengevoegd tot één regeling. Wij heb-ben eerder over de WWNV gesproken tijdens de behan-deling van de hoofdlijnennotitie, het dertigledendebatover de situatie bij sociale werkplaatsen en deze week tij-dens het wetgevingsoverleg, waarbij wij nu al zo'n twintiguur in debat zijn geweest. Vandaag hebben wij ook in deplenaire zaal nog wat uurtjes tegoed.Het is goed dat de Kamer ruim in de gelegenheid isdit wetsvoorstel uitvoerig te bespreken. Het gaat hier na-melijk om een wet die grote invloed heeft op grote groe-pen mensen in de samenleving. In dit kader bedank ik destaatssecretaris en zijn team, net zoals de heer Azmani zo-juist heeft gedaan, hartelijk voor de beantwoording vande vele, vele vragen die door de Kamer zijn gesteld.Deze wet moet, zoals ik dat ook noemde tijdens hetwetgevingsoverleg, ervoor zorgen dat meer mensen gaanparticiperen, dat budgetten die mensen een steuntje in derug kunnen bieden, gerichter en effectiever worden inge-zet en dat in deze economisch moeilijke tijd kosten wor-den bespaard. Kortom, deze wet moet ervoor zorgen datonze sociale zekerheid, juist in het belang van de mensenzelf, ook voor de toekomst houdbaar blijft.Dit kabinet, met gedoogsteun van de PVV, streeft naareen sociale zekerheid waarmee enerzijds mensen eengoed en betrouwbaar vangnet wordt geboden wanneerdit nodig is, en waarmee anderzijds mensen worden aan-gesproken op de eigen verantwoordelijkheid wanneerzij op eigen benen kunnen staan. Dit kabinet streeft naareen sociale zekerheid waarbij degenen die het moetenopbrengen, erop kunnen rekenen dat hulp en ondersteu-ning terechtkomen bij degenen die echt niet zonder kun-nen. Het gaat er bij dit wetsvoorstel om dat we mensende kans geven die ze verdienen, dat we weer een solidevangnet krijgen, dat niet uitgaat van wat mensen niet kun-nen, maar juist uitgaat van wat mensen wel kunnen. Ditmoet het fundament van de solidariteit intact houden. Zo-als ook in de memorie van toelichting staat, is dit alles inhet belang van het gevoel van eigenwaarde, zelfvertrou-wen, het zelfoplossend vermogen en de weerbaarheidvan de samenleving als geheel. Kortom, het is in het be-lang van de mensen zelf. De JongTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-24Zoals ik ook tijdens de afgelopen debatten heb gezegd,vraagt deze wet veel van mensen. Daar loopt de PVV-frac-tie zeker niet voor weg. Wij zijn echter van mening dat weook niet mogen wegkijken van elementen in de sociale ze-kerheid die de houdbaarheid aantasten. We kunnen nietde kop in het zand steken en doen alsof er niets aan dehand is. Op dit moment zitten er namelijk 211.000 men-sen in de Wajong. Als we niets doen, zijn we op weg naar400.000 in 2040. Dan zijn er dus 400.000 jonge mensendie bekendstaan als jonggehandicapt, terwijl ze in veelgevallen nog heel wat in hun mars hebben. Om de Wa-jong beschikbaar te houden voor de toekomst en de jon-geren de kans te geven zonder onnodige stempels ver-der te gaan, moeten we ervoor zorgen dat we de instroomweer beter gaan richten op degenen voor wie de Wajongeigenlijk bedoeld is: de volledig duurzaam arbeidsonge-schikte jongeren. De groep gedeeltelijk arbeidsongeschik-ten zal middels loondispensatie worden begeleid naar re-gulier werk, want juist door deze jonge mensen de kans tebieden op de reguliere arbeidsmarkt aan de slag te gaan,zorgen wij beter voor ze.Mevrouw Karabulut (SP):Dat is mooi, want daar gaat precies mijn punt over. Ikben het met de heer De Jong eens dat heel veel jonge-ren met een beperking veel te weinig kansen hebben endat het triester is dat ze nu niet in hun eigen inkomen kun-nen voorzien, sterker nog, geen werk kunnen vinden. De-ze groep, die voor een deel kan werken, wordt overgehe-veld naar de gemeenten. Het is dus niet zo dat ze daar-mee uit de uitkering zijn. Zoals de heer De Jong het zichvoorstelt, wordt aan hen een lagere uitkering gegeven.Hij plaatst ze in een ander hokje. Hoeveel banen gaat datopleveren? Wat is zijn doelstelling? Om welk percentagevan de 150.000 jongeren die nu heel graag willen werken,gaat het bijvoorbeeld?De heer De Jong (PVV):De doelstelling is natuurlijk om zo veel mogelijk mensenuit die groep aan de slag te helpen. In de voorgaande de-batten heb ik al gezegd dat wij daar iedereen in dit landvoor nodig hebben. Daar hebben wij de Wajongers zelfvoor nodig, maar ook de gemeenten en zeker de werkge-vers. In het afgelopen jaar heeft de staatssecretaris ook inde debatten gezegd dat het onmogelijk is om hier te zeg-gen hoeveel banen hierdoor zullen worden gecreëerd. Datheeft hij ook gisteren veelvuldig gezegd. De banen moe-ten tot stand komen door de goede samenwerking tussengemeenten, werkgevers en de mensen om wie het gaat,de WWNV'ers. Ons doel en het doel van dit wetsvoorstelis juist om zo veel mogelijk mensen aan de slag te helpen.Elementen die daaraan in de weg staan, worden daar-om weggenomen. Er is een mooie gereedschapskist metdaarin allemaal re-integratietools die daarvoor kunnenworden gebruikt. Dat moet ervoor gaan zorgen dat hetbeeld dat wij de afgelopen jaren konden zien, in positievezin verandert.Mevrouw Karabulut (SP):Dit is jammer. Dit is namelijk wensdenken. Dat is mooi,maar ik ga ervan uit dat een wetsvoorstel ook moet wer-ken en iemand naar werk toe leiden is gewoon geendoelstelling van dit voorstel. Stel dat de jongeren aan deslag gaan nadat zij een bijstandsuitkering hebben gehad.Waarom kiest de PVV-fractie ervoor dat aan deze jongerenjarenlang minder dan het minimumloon mag worden be-taald?De heer De Jong (PVV):De PVV-fractie kiest ervoor om zo veel mogelijk mensenaan de slag te helpen. In al die jaren dat de PVV-fractie indeze Kamer is, heeft zij begrepen dat werkgevers en ge-meenten ontzettend graag de juiste instrumenten in han-den hebben. Een van die instrumenten hierbij kan loon-dispensatie zijn. Dat neemt niet weg dat een gemeentedie graag de loonkostensubsidie als instrument wil ge-bruiken, niets in de weg staat om dat te doen.Het doel van dit kabinet en van dit wetsvoorstel is nietdat aan mensen jarenlang minder dan het wettelijk mini-mumloon wordt betaald. Het doel is om zo veel mogelijkmensen een kans te bieden om aan de slag te gaan op dereguliere arbeidsmarkt. In deze systematiek groei je naarje verdiencapaciteit. Je groeit naar een beter inkomen. Jegroeit naar een betere horizon. Een tijdelijke loondispen-satie kun je daarvoor gebruiken. Dat is het doel.Mevrouw Karabulut (SP):Nog even iets concreter. Ik heb het wetsvoorstel heelgoed nageplozen. De gemeenten hebben niet de moge-lijkheid om het loon voor alleenstaanden eerder dan nazeven jaar aan te vullen tot 100% wettelijk minimumloon.Steunt u mijn voorstel om gemeenten die mogelijkheidwel te geven? Er zijn sociale gemeenten, zoals Heerlen.Heerlen is verkozen tot de sociaalste gemeente en ik bener trots op dat wij daar wethouders hebben. Die socialegemeenten kunnen er dan voor kiezen om na één jaarof direct als een jongere met vermogen werkt, een aan-vulling te geven tot 100% WML. Steunt u dat dan op zijnminst?De heer De Jong (PVV):Nogmaals, het is heel belangrijk om te benadrukken dathet doel van dit wetsvoorstel niet is om mensen jaren-lang onder het minimumloon te betalen, maar het is welmogelijk om mensen met loondispensatie aan de slagte helpen bij reguliere werkgevers. Er kan ook een keuzeworden gemaakt om daarvoor loonkostensubsidie te ge-bruiken, het is maar net welke keuze de gemeente maakt.De Kamer heeft verschillende voorstellen gedaan, die ikheb gezien, en er zijn er nog een paar binnengekomen. Ikneem al die zaken serieus. Wellicht komen er nog voor-stellen van andere fracties om iets te doen aan die ter-mijn. Er is een amendement ingediend om iets te doenaan de duur van de dispensatie waarmee iemand aan deslag kan gaan. Dat vinden wij een belangrijk amendementen dat is ook door ons ondertekend.Mevrouw Karabulut (SP):Ik heb geen antwoord gekregen op mijn vraag. Of is ditgewoon "nee", maar wil de heer De Jong dat niet uitspre-ken? Is hij het met mij eens dat gemeenten de mogelijk-heid moeten krijgen om eerder aan te vullen tot 100%WML dan na zeven jaar, of wat het straks ook gaat wor-den? Ja of nee, alstublieft.De heer De Jong (PVV):Er is nu al een mogelijkheid om mensen met loonkosten-subsidie aan de slag te helpen. Dat kan al en mevrouwSterk heeft een amendement ingediend over de duur vande loondispensatie. Dat hebben wij medeondertekend.Dat is ons verhaal. De JongTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-25Mevrouw Hamer (PvdA):De heer De Jong zegt een paar keer dat het de bedoelingis om banen te creëren, maar wat gaat hij doen als die ba-nen er niet komen? Er is wel een bezuiniging bij dit wets-voorstel. Het uitgangspunt is dat er 70.000 banen bij moe-ten komen, wil je op termijn de boel glad laten lopen. Watgaat de heer De Jong doen als die 70.000 banen er nietkomen?De heer De Jong (PVV):Ik heb gisteren en maandag in het wetgevingsoverleg ge-zegd dat het voor mijn partij ontzettend belangrijk is omte blijven monitoren hoe het met deze wet gaat. Daaroverheb ik ook een motie klaarliggen. Er ligt nu een wetsvoor-stel met een mooie gereedschapskist, met allemaal re-in-tegratie-tools, om ook de werkgever over de streep te hel-pen. Ik geef de partijen gelijk dat daar nog een wereld tewinnen is. Dat is Kamerbreed aangegeven en dat vindt dePVV-fractie ook. De staatssecretaris heeft gezegd dat hijhet land ingaat en met werkgevers blijft praten, zodat er5000 banen komen. Hij zal zorgen voor mogelijkheden omallerlei loketten in het land te openen, zodat het makkelij-ker en aantrekkelijker is voor werkgevers om mensen aante nemen. Door deze elementen wordt ervoor gezorgd dater uiteindelijk meer mensen aan de slag komen. Wij kie-zen niet op voorhand voor een heel negatieve instelling,zoals andere partijen doen, maar wij kiezen voor een kriti-sche instelling en wij zullen er serieus naar blijven kijken.Ons doel is: zo veel mogelijk mensen aan de slag.Mevrouw Hamer (PvdA):Net als ik is de heer De Jong twee dagen bij de hoorzittinggeweest. Daar hebben wij kunnen horen dat er niet veelgaranties zijn, ook met die mooie gereedschapskist, waarhij de hele tijd mee rondloopt, dat die banen er komen.Het gaat er helemaal niet om te sombermansen, maarhet kabinet boekt wel een bezuiniging in van 1,8 mld. Watgaat de PVV-fractie doen als bij de eerste monitoring overtwee jaar blijkt dat die banen er niet komen? Worden deuitkeringen verlaagd, wordt het budget verhoogd, wordtde regeling aangepast? Dat is mijn vraag, want het lijktmij dat wij er recht op hebben om dat te weten.De heer De Jong (PVV):Met deze wet wordt aangegeven dat er serieus iets wordtgedaan met de signalen die het afgelopen jaar vanuit dewerkgevers zijn gekomen. Een van die elementen was dathet de werkgevers helemaal niet bekend is welke moge-lijkheden zij allemaal hebben. Ook was niet bekend hoehet precies zit met de loondispensatie. Werkgevers zei-den: dat is allemaal veel te ingewikkeld, we begrijpen erhelemaal niets van, kan het worden uitgelegd en wordenversimpeld? Dat is allemaal door dit kabinet in dit wets-voorstel naar voren gebracht.Ook na vandaag, na morgen en na volgende week kun-nen we niet op onze lauweren rusten. We kunnen niet metonze armen over elkaar achterover leunen, doen alsof hetallemaal goed is en de gemeenten en de werkgevers hetmaar laten uitzoeken. De PVV-fractie zegt: blijf nu in degaten houden hoe het met de wet gaat. De doelstellingvan deze wet is om zo veel mogelijk mensen aan de slagte krijgen. Daar staan we ook volledig achter. Het zou kun-nen dat er zaken zijn die niet met deze wet worden be-oogd en die negatief uitpakken. Dat is wat ons met na-me triggert, bijvoorbeeld als het gaat over de WSW of an-derszins. Ik ga er overigens niet van uit dat dit zo is, maarhet zou kunnen. You'll never know! Dan moet er op datmoment een monitor liggen. Dan moeten we naar de Ka-mer kunnen en dan moeten we daarover kunnen spreken.Mevrouw Hamer (PvdA):Ik krijg steeds hele betogen over dingen die ik niet vraag.Ik ben er overigens niet van overtuigd dat morgen allewerkgevers de wet gaan lezen en dat er daardoor banenkomen. Maar goed, dat terzijde! Mijn vraag was: wat gaatde PVV-fractie doen als het niet werkt? Ik zal de vraag an-ders stellen. Krijgen wij hier vandaag van de PVV een ga-rantie dat er dan niet alsnog aan de positie van de be-staande WSW'ers gekomen wordt? Krijgen wij de garan-tie dat niet alsnog aan de uitkeringen gekomen wordt?Krijgen wij de garantie dat er dan niet nog verder bezui-nigd wordt, omdat het bedrag dan niet wordt binnenge-haald? Dat is natuurlijk mijn vraag. Wat gaat de PVV doenals die beoogde banen er niet komen? Ik verzoek de heerDe Jong om nu eens een eerlijk antwoord te geven.De heer De Jong (PVV):De vraag is of de PVV-fractie denkt dat met deze wet, methet effectiever en gerichter inzetten van re-integratietools,de besparingen waar zij haar handtekening onder heeftgezet, worden gehaald en dat tegelijkertijd mensen extrasnel, beter en duurzamer aan de slag worden geholpenbij reguliere werkgevers. Na al die debatten, na de spoed-debatten, na het debat over de hoofdlijnennotitie, na hetdebat van vandaag, gisteren en eergisteren, met het ge-reedschapskistje dat er nu ligt, met alle waarborgen diedeze staatssecretaris naar voren heeft gebracht en meteen aantal moties en amendementen, waarvan ik er éénzelf heb ingediend, zeggen wij: dat moeten we gaan doen.Voorzitter. Ik vervolg mijn betoog. De sociale werkplaat-sen blijven bestaan en de huidige WSW'ers behoudenhun rechten en plichten. Wij willen echter de nieuwe in-stroom naar de WSW-plekken beter richten op die groepwaarvoor de sociale werkplaats is bedoeld, en wel deWSW'ers met de indicatie "beschutte werkplek", juist omde sociale werkplekken ook voor de toekomst te kunnenbehouden.Ook het laatste vangnet moeten we beter beschermenvoor de toekomst. Uit cijfers van het Centraal Bureau voorde Statistiek blijkt dat van de circa 355.000 mensen in debijstand, ongeveer 40% langer dan vijf jaar en 20% langerdan tien jaar in de bijstand zit. Dit gaat in tegen het prin-cipe dat bijstand in beginsel tijdelijk is. Ook als we kijkennaar de samenstelling, zien we dat de bijstand onder drukstaat. Zo had eind 2010 12% van de niet-westerse alloch-tonen een bijstandsuitkering. Dat is zes keer vaker dan bijautochtonen. Daarnaast blijkt dat van de totale populatie30% een ontheffing heeft van de arbeidsplicht. Wij willenmeer inzicht hoe dit toch allemaal kan. Daarom dien ik devolgende motie in.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat 30% van de mensen in de bijstand eenontheffing van de arbeidsplicht heeft; De JongTweede KamerWet werken naar vermogen 18 april 2012TK 7878-3-26overwegende dat van de circa 355.000 mensen in de bij-stand circa 40% langer dan vijf jaar en circa 20% langerdan tien jaar van dit laatste vangnet gebruik maakt;voorts overwegende dat het laatste vangnet alleen bij die-genen terecht moet komen die deze echt nodig hebbenwaardoor het noodzakelijke draagvlak onder het stelselvan sociale zekerheid stand zal houden;verzoekt de regering, inzicht te verschaffen in de wijzewaarop gemeenten invulling geven aan de bevoegdheidom mensen tijdelijk te ontheffen van de arbeidsplicht inde WWB en daarbij in ieder geval na te gaan of bepaal-de groepen automatisch, zonder aanvraag, een dergelijkeontheffing of vrijstelling krijgen en de Kamer over de uit-komsten te informeren,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden De Jong enAzmani. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan vol-doende ondersteund.Zij krijgt nr. 62 (33161).De heer De Jong (PVV):Ik heb al gezegd dat de PVV-fractie er groot belang aanhecht dat mensen de kans krijgen om op de reguliere ar-beidsmarkt aan de slag te gaan. Daarbij mag geen con-currentie ontstaan door bijvoorbeeld MOE-landers. Daar-om stel ik de volgende motie voor.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat het van groot maatschappelijk belang isdat de WWNV-populatie volop de kans krijgt om beschik-bare vacatures in te vullen;overwegende dat in de afgelopen jaren vele duizendenwerknemers afkomstig uit onder andere Midden- en Oost-Europese landen vacatures hebben ingevuld;verzoekt de regering om bij de monitoring en evaluatievan de WWNV nadrukkelijk mee te nemen of en in hoe-verre WWNV'ers, die vooral zijn aangewezen op de on-derkant van de arbeidsmarkt, hier door anderen wordenverdrongen,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden De Jong, Sterk,Azmani en Dijkgraaf. Naar mij blijkt, wordt de indieningervan voldoende ondersteund.Zij krijgt nr. 63 (33161).De heer De Jong (PVV):Ik heb al gezegd dat de PVV-fractie er groot belang aanhecht dat de implementatie van deze wet nauwkeurigwordt gevolgd. De Kamer moet zicht blijven houden opde uitvoering en effecten ervan. Daarom stel ik de volgen-de motie voor.MotieDe Kamer,gehoord de beraadslaging,overwegende dat het van belang is dat na de invoeringvan de WWNV de effecten van de WWNV worden ge-volgd;verzoekt de regering om een evaluatie vier jaar na invoe-ring van de WWNV en daarbij in te gaan op de gevolgenen ervaringen van alle betrokkenen, in het bijzonder vanwerkgevers, degenen die onder de WWNV vallen, de ge-meenten en UWV,en gaat over tot de orde van de dag.De voorzitter:Deze motie is voorgesteld door de leden De Jong enSterk. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoendeondersteund.Zij krijgt nr. 64 (33161).De vergadering wordt van 12.50 uur tot 13.30 uur ge-schorst.Voorzitter: BosmaDe voorzitter:Op de tafel van de Griffier ligt een lijst van ingekomenstukken. Op die lijst staan voorstellen voor de behande-ling van deze stukken. Als voor het einde van de vergade-ring daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik aan datdaarmee wordt ingestemd.

Gerelateerde bronnen

  • Besproken tijdens · Officiële koppelingInvoeringswet Wet werken naar vermogen (33161) (plenaire afronding termijn Kamer)
    Behandeling van het wetsvoorstel Wijziging van de Wet werk en bijstand, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten en enige andere wetten gericht op bevordering deelname aan de arbeidsmarkt voor mensen met arbeidsvermogen en harmonisatie van deze regelingen (Invoeringswet Wet werken naar vermogen) (33161)

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.