SCP-rapport ‘Samen scholen’
Brontekst
Versie 3c1fabfd13d49b78 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2013–2014 33 750 VIIIVaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2014 Nr. 9 HERDRUK1 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 september 2013 Hierbij zend ik u het SCP-rapport «Samen scholen»2. Het SCP heeft het afgelopen jaar onderzoek gedaan naar de samenwerking tussen scholen en ouders in het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. Het onderzoek brengt in kaart hoe ouders denken over opvoedings- en onderwijsdoelen, hoe ouders aankijken tegen de samenwerking met scholen en hoe de samenwerking tussen ouders en scholen in de praktijk verloopt. Uitkomsten SCP-onderzoek Uit het SCP-onderzoek blijkt dat ouders, leraren en schoolleiders vinden dat samenwerking belangrijk is voor de leerresultaten van kinderen. Bij zowel de ouders als de school is het belang van ouderbetrokkenheid bekend en de wil tot samenwerking aanwezig. Ouders zijn thuis veel en vaak betrokken bij het onderwijs van hun kinderen. Dat zegt echter nog niets over de kwaliteit van die ondersteuning. Het onderzoek bevestigt dat communicatie, heldere afspraken en het uitspreken van wederzijdse verwachtingen tussen ouders en school cruciaal zijn voor een goede samenwerking en dat verbetering op dit gebied nog mogelijk is. Dat is maatwerk per kind/school. Als ouders en leraren elkaar al in een vroeg stadium leren kennen en afspraken maken, is het makkelijker om gezamenlijk op te trekken bij voorkomende problemen met het kind. Het SCP heeft ouders gevraagd of ze meer of minder aandacht voor bepaalde onderwijsdoelen willen. Ouders vinden een breed palet aan 1In verband met correctie in de titel2Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer kst-33750-VIII-9-n1ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2013Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 33 750 VIII, nr. 91 onderwijsdoelen belangrijk. Zo vinden ze enerzijds competenties als zelfstandig werken en kritisch nadenken belangrijk, maar ook sociale doelen en aandacht voor hogere prestaties in de kernvakken. Ouders geven aan relatief veel belang te hechten aan het tegengaan van leerachterstanden in het onderwijs en vinden het belangrijk dat scholen het beste uit álle leerlingen halen. Een kleiner deel van de ouders wil graag specifiek meer aandacht voor het stimuleren om uit te blinken. Het SCP-onderzoek maakt ten slotte duidelijk dat er nog veel te winnen valt in het mbo. Ouders van mbo-studenten vinden dat ze te weinig betrokken worden bij het onderwijs van hun zoon/dochter en willen meer contact met de school en beter geïnformeerd worden over hun kind en diens studievoortgang. Aandacht voor ouderbetrokkenheid Dat ouders thuis veel en vaak betrokken zijn bij het onderwijs van hun kinderen is natuurlijk fantastisch. In mijn brief over ouderbetrokkenheid van 15 juli 20133 heb ik u al uitgebreid geïnformeerd over de extra impuls die ik via het programma Ouders en School Samen geef aan het partner-schap tussen ouders en school in 2013 en 2014. Een belangrijk onderdeel van het programma Ouders en School Samen is het versterken van de regionale en lokale netwerken. Ook uit het SCP-onderzoek blijkt dat het gaat om maatwerk. Er zijn verschillende typen ouders met verschillende onderwijs- en opvoeddoelen. Het uitwisselen van kennis en kunde over hoe het partnerschap tussen ouders en school optimaal vorm te geven, is dus iets dat tussen scholen onderling in de lokale en regionale netwerken moet gebeuren. Ik ondersteun dat een breed palet aan onderwijsdoelen belangrijk is. Competenties als zelfstandig werken en kritisch nadenken zijn belangrijk, maar ook sociale doelen en aandacht voor hogere prestaties in de kernvakken. De uitkomsten van het SCP-onderzoek laten ook zien dat ouders het belangrijk vinden om het maximale uit alle leerlingen te halen. Het maximale uit alle leerlingen halen betekent voor mij ook extra aandacht voor de toptalenten. In Nederland is er de afgelopen tijd hard gewerkt aan het verbeteren van de prestaties van leerlingen die een achterstand hebben en met succes. Nu is het tijd om daarnaast meer aandacht te besteden aan de best presterende leerlingen. Dat gaat niet ten koste van de aandacht voor leerachterstanden. Deze doelen sluiten elkaar niet uit. De steun van ouders is essentieel in het streven om elke leerling het beste uit zichzelf te laten halen. De uitkomsten van het SCP-rapport bevestigen mijn beeld dat het stimuleren van talent alleen lukt met een breed gedragen beweging waarin iedereen zijn rol pakt. Over mijn visie op toptalenten heb ik 2 september jl. een brief aan uw Kamer gestuurd.4 Ouderbetrokkenheid in het mbo is een aandachtspunt. In het kader van het stimuleringsproject loopbaanoriëntatie en -begeleiding (lob) wordt op dit moment, met een aantal roc’s, een pilot lob & ouderbetrokkenheid opgezet. De pilot is gericht op een grotere betrokkenheid van ouders bij de studieloopbaan van hun kind en het bieden van een handelingsper-spectief aan ouders voor hun ondersteuning bij lob. 3Kamerstuk 33 400 VIII, nr. 1624Kamerstuk 33 400 VIII, nr. 166Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 33 750 VIII, nr. 92 Ten slotte De komende tijd zal zo op veel plekken hard worden gewerkt om de samenwerking tussen school en ouders te stimuleren, versterken en verbeteren. De uitkomsten van het SCP-onderzoek zal ik breed verspreiden en bespreken. Bijvoorbeeld met de leden van de inspiratie-groep Ouders en School Samen. En via: www.facebook.com/oudersenschoolsamen Mede namens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. DekkerTweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 33 750 VIII, nr. 93
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.