KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een wetgevingsoverleg, gehouden op 18 november 2024, over Herstel Groningen (de tweede termijn zal op een later moment aanvangen)

16 dec 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 4adca202eb83b034 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 VIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties (VII) voor het jaar 2025Nr. 122 VERSLAG VAN EEN WETGEVINGSOVERLEGVastgesteld 16 december 2024 De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft op 18 november 2024overleg gevoerd met de heer Van Marum, Staatssecretaris HerstelGroningen, over:−het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII)voor het jaar 2025 (Kamerstuk 36 600 VII).Van dit overleg brengt de commissie bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de commissie,De VreeDe griffier van de commissie,Honsbeek kst-36600-VII-122ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1221 Voorzitter: De VreeGriffier: Van der HaasAanwezig zijn elf leden der Kamer, te weten: Bamenga, Beckerman, Bikker,Bushoff, Peter de Groot, Holman, Kops, Kostic´, Vedder, Vermeer enDe Vree,en de heer Van Marum, Staatssecretaris Herstel Groningen.Aanvang 17.16 uur.De voorzitter:Gewaardeerde aanwezigen, ik stel u voor om te beginnen. Het is17.15 uur, onze aanvangstijd. Welkom bij de vaste commissie voorBinnenlandse Zaken met als onderwerp Herstel Groningen. Ik stel u voorom te werken met vier interrupties. Ik zie nu al een ordevoorstel.Mevrouw Beckerman (SP):Ja, een protest.De voorzitter:Een protestvoorstel van mevrouw Beckerman. Ga uw gang.Mevrouw Beckerman (SP):Ik zet in op acht, voorzitter.De voorzitter:Zijn er commissieleden die bij voorkeur op iets minder inzetten? Acht isbest wel heel veel voor een aantal partijen. Als u inderdaad om 23.00 uurnaar huis wil, ben ik bang dat dat een plus wordt. Ik ga graag een nachtjedoor, maar dat is misschien vervelend voor de mensen die morgen-ochtend weer vroeg op moeten. Kan ik afdingen naar vijf?Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter, dit is wel de begrotingsbehandeling, hè? Het is eenwetgevingsoverleg.De voorzitter:Ik ben absoluut gevoelig.Mevrouw Beckerman (SP):Vijf is echt veel te weinig. We hebben behoorlijk wat punten en vragen.De voorzitter:Hoe kijken andere commissieleden daartegen aan? Ik zie meneer Bushoff.Zes? Bent u allemaal tevreden met zes?Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dat lijkt mij een heel goed compromis.De voorzitter:Dan gaan we voor zes interrupties per onderdeel.We gaan beginnen met de eerste termijn. Meneer Bushoff, u heeft hetwoord.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Ik begin mijn inbreng met het bericht dat wijafgelopen vrijdagochtend kregen: uit onderzoek blijkt dat het vertrouwenvan Groningers in de versterking stagneert. Als je je oor te luisteren legt,hoor je van mensen ook wel zoiets als: «het is een wirwar aan beoorde-Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1222 lingen», «het voelt als een loterij», «hou op met bureaucratisch geneuzel»,«stop met al die potjes van de NCG en het IMG», «niemand helpt je»,«alles duurt eindeloos en dat maakt me boos en gefrustreerd». Dat zijnniet mijn woorden; dat zijn de woorden van mijn provinciegenoten diecompleet zijn vastgelopen. Daarom doe ik samen met mijn collega SandraBeckerman een voorstel voor een totaalaanpak, ook conform wat hetkabinet heeft besloten bij de toeslagenaffaire, bij het toeslagenschandaal:daar bieden ze ouders een totaalaanpak aan. De SP en ook de PvdApleiten daar voor Groningen ook al langer voor. Er moet eigenlijk eenwettelijk afdwingbaar recht komen om in één keer een set afspraken temaken over de versterking, de verduurzaming en de schadeafhandelingvan je huis, zodat mensen, zeker de mensen die al heel lang wachten, echtniet langer wegzakken in dat bureaucratische moeras.Voorzitter. Voordat ik naar mijn tweede voorstel ga, blijf ik nog eventjes bijdie vrijdagochtend, want uit het onderzoek dat ik net al noemde, bleek ookdat de spanningen in Groningen als gevolg van die enorme onuitlegbareverschillen, die grote ongelijkheid in behandeling, toenemen. Zo’n 90%van de Groningers herkent die spanningen en die ongelijkheid, diedorpsgemeenschappen daadwerkelijk verscheurt. Daarom is het ooknodig dat dat rapport van de commissie-Van Geel, dat heel duidelijkaangeeft dat iedereen recht heeft op een veilig, schadevrij en verduur-zaamd huis, niet ergens onderop in een stoffige la belandt maar daadwer-kelijk uit die la komt en volledig omarmd en uitgevoerd wordt.Voorzitter. Als we het dan toch over het punt van verduurzaming hebben,zou ik ook een derde voorstel willen doen. Dat gaat over maatregel 29 uitNij begun. Ik denk dat het heel logisch en ook netjes is dat, als jeuiteindelijk aanspraak maakt op die maatregel 29 om je huis te isoleren,vervolgens alles na die isolatiewerkzaamheden weer netjes wordtafgewerkt en dat het timmerwerk weer eventjes wordt hersteld. Ik denkdat het best logisch is dat we zeggen dat dat ook onder die maatregel 29zou moeten vallen. Dat geldt ook voor ventilatie, want ventilatie isontzettend belangrijk voor het tegengaan van schimmel. We weten datheel veel woningen, juist ook in dat bevingsgebied, te maken hebben metschimmel. Mijn vraag en ook voorstel is dus om die afwerking en dieventilatie ook onderdeel te laten zijn van maatregel 29.Voorzitter. Voordat ik doorga, blijf ik nog even bij die vrijdag, want in hetbegin werd ik treurig van de berichtgeving over Groningen en waarGroningers mee te kampen hebben, maar dat maakte al snel plaats voorboosheid, toen ik nota bene op dezelfde dag waarop bleek dat hetvertrouwen van Groningers in de herstelaanpak stagneert, nota bene opdezelfde dag waarop je hoort dat Groningers die spanningen ervaren overdie ongelijke aanpak, hoorde en las dat Shell en Exxon niet bereid zijn omal hun rekeningen te betalen. Terecht, zeg ik hier, dat deze Staatssecretarisdaar boos over was. Terecht zag ik daarop geschokte reacties vanverschillende collega-Kamerleden. «Schandalig». «Het mag niet zo zijn».Ik herken me volledig in al die uitspraken, ook in deze uitspraken van deStaatssecretaris die hier niet van gediend was. Maar laat het dan nietalleen bij woorden blijven. Dan moeten er ook daden volgen. Dan moetenwe met een heffing Shell en Exxon dwingen om al die rekeningen tebetalen. Dat moet er dan ook echt van komen na deze boze woorden.En op z’n minst – dat is dan het vijfde voorstel – kan het toch niet zo zijndat als je weet wat deze bedrijven in onze mooie provincie voor ellendehebben aangericht en je de opstelling van deze bedrijven vandaag de dagziet, we ze een vergunning geven om door te gaan met de gaswinning inde kleine gasvelden, bijvoorbeeld bij de gaswinning van Warffum. Dat kandan toch niet doorgaan?! Stop daarmee, zeg ik ook tegen de voorzitter.Dan een zesde punt. Dit gaat over een aantal voorstellen die te makenhebben met het gestand doen van beloftes aan Groningers. De eerstebelofte aan Groningers die gestand gedaan moet worden, is de beloftevan de waardevermeerderingsregeling. Heel veel Groningers is in hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1223 vooruitzicht gesteld, is beloofd, dat ze aanspraak mogen maken op diewaardevermeerderingsregeling. Al die Groningers dreigen met eengebroken belofte achter te blijven als die waardevermeerderingsregelingniet wordt verlengd na 1 februari 2025. Daarom heb ik het voorstel om,gelet op het feit dat er nog zo’n 93 miljoen euro in die pot met geld zit, diewaardevermeerderingsregeling gewoon te verlengen.Als het gaat over het gestand doen van beloftes, heb ik nog eenzevende voorstel. Er is beloofd dat er niet meer doorgeprocedeerd zouworden tegen Groningers. Moet je nagaan dat je al jarenlang in de ellendezit, een kapot huis hebt, als Groninger naar de rechter moet stappen om jegelijk te halen, dat dat gelijk krijgt en in plaats dat vervolgens de overheidnaast jou staat, tref je de overheid, het IMG, wederom tegenover je inhoger beroep. Dat moet gewoon niet kunnen.Dan een achtste voorstel als het gaat om het gestand doen van beloftesaan Groningen. Dit gaat over het behoud van voorzieningen. 149 Kamer-zetels stemden voor het voorstel om voorzieningen in stand te houdenzodat het zwembad, de buslijn, de sportclub gewoon open kunnen blijven.149 Kamerzetels waren daarvoor en nu blijkt dat bijvoorbeeld hetzwembad in Hoogezand toch dreigt te sluiten als gevolg van geldgebrek.Gelukkig ging de gemeenteraad van Midden-Groningen daar unaniemvoor liggen, maar ik verwacht op basis van die 149 zetels hier in de Kamerdie zeggen dat dat soort voorzieningen open moet blijven, dat dezeStaatssecretaris ook de kant van de gemeenteraad van Midden-Groningenkiest en ervoor zorgt dat het zwembad en andere voorzieningen ook na2025 gewoon open kunnen blijven.Voorzitter. Dan ga ik nu naar een negende voorstel, een nog weer watander, losstaand voorstel. Dit gaat over maatregel 16 van Nij begun. Dat isde maatregel die erop toeziet dat als je al heel lang moet wachten, je daarcompensatie voor krijgt. Ons bereiken signalen dat het uitbetalen van diecompensatie wel heel lang kan duren. Daarom is ons voorstel om dit zosnel mogelijk te doen. Ik zou het ook wel netjes en redelijk vinden als weondernemers, mkb’ers, onderdeel laten zijn van die maatregel 16, wantook zij hebben soms echt al heel lang moeten wachten. Ik stel voor dat zijonderdeel worden van die maatregel 16.Omwille van de tijd en omdat ik verwacht dat mensen ook misschien nogingaan op bouwfouten, toeslagen en brieven van de Belastingdienst, sla ikhet tiende punt even over en heb ik nog een aantal losstaande vragenvoor de Staatssecretaris. Als eerste heb ik een vraag over bedrijfspandendie in het aardbevingsgebied liggen, maar woonadressen hebben die daarnet buiten vallen. Wij krijgen signalen dat dit voor sommige mensen ertoeleidt dat ze geen aanspraak kunnen maken, terwijl ze verwachtten dat zeer wel aanspraak op zouden kunnen maken. Ik vraag de Staatssecretaris ofhij dit soort signalen herkent en of hij ervoor kan zorgen dat iedereen dieer recht op heeft, ook als ze net buiten het bevingsgebied wonen maarhun bedrijfspand in het bevingsgebied hebben, aanspraak kan maken opde regelingen die voor hen bedoeld zijn. Ik zou de Staatssecretaris ookwillen vragen naar de zogenaamde B- en C-schades, de schades die al eenhele tijd geleden vergoed zijn door de NAM. De mensen zijn afgescheeptmet een fooi in vergelijking tot waar mensen recht op hebben, zeker waarmensen tegenwoordig recht op hebben. We hebben met z’n allen gezegd:dat moet eigenlijk niet kunnen. De Staatssecretaris zou in het najaar van2024 aan de Kamer aangeven hoe om te gaan met die B- en C-schades,om ervoor te zorgen dat iedereen fatsoenlijk gecompenseerd zou worden.Ik ben benieuwd hoe het daarmee staat. Ik zeg er ook alvast bij: hoemoeilijk het ook is, wat ons betreft moet die mensen gewoon rechtgedaan worden.Dan nog een vraag. Die gaat over het oude postkantoor in Warffum. Meteen aantal collega’s was ik afgelopen zaterdag in Warffum bij een actietegen de gaswinning daar. We kregen een mooie rondleiding door hetdorp. Het is een prachtig dorp, met prachtige oude karakteristieke pandenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1224 en kerken, maar ook met heel veel schade. Nog een reden waarom je degaswinning bij Warffum moet stoppen. We hoorden van degene die in hetoude postkantoor woont, dat hij te maken heeft met een mooie gevel, volmet beton. Geen stucwerk, al wordt daarover gediscussieerd. Diegenevraagt eigenlijk niets meer dan het herstel van de schade aan dat oudekarakteristieke pand. Dat gebeurt maar niet, want het is beton en datschijnt duurder te zijn om te herstellen dan stucwerk. Als iemand nietmeer vraagt dan het herstel in natura van zo’n pand, zou dat toch gewoonmoeten kunnen? Dat is mijn vraag aan de Staatssecretaris.Ik kom tot een afronding. Nee, nog één vraag. Die gaat over het signaaldat mij bereikte dat sommige mensen, als ze naar een wisselwoningmoeten omdat hun huis versterkt wordt of omdat ze in een sloop-/nieuwbouwtraject zitten, heel soms in een andere gemeente belanden.Soms is dat misschien hun eigen keuze, maar het is heel vervelend dat,als je gedwongen je woning uit moet en je recht hebt op gemeentelijkevoorzieningen, bijvoorbeeld een regeling vanuit de Wmo, je naar eenandere gemeente moet gaan en erop achteruit gaat. Dat kan volgens mijniet de bedoeling zijn. Ik wil de Staatssecretaris vragen om ervoor tezorgen dat dat in ieder geval niet gebeurt.Dan kom ik nu echt tot een afronding. Er zou een stuttenlijst komen. Diekomt er ook. Ik ben heel benieuwd wanneer die komt. Ik zou heel graagvan de Staatssecretaris horen of er voor de panden die in de houtenstutten staan, een plan van aanpak komt bij de stuttenlijst om dezepanden zo snel mogelijk te herstellen. Je kunt je bijna geen betervoorbeeld voorstellen van de gevolgen van de gaswinning in Groningendan panden die uit elkaar vallen van ellende en bij elkaar wordengehouden met stutten. We moeten de panden die in de stutten staan, eenschrijnend voorbeeld van de gevolgen van de gaswinning, zo snelmogelijk herstellen.De voorzitter:Dank u wel. Dan ga ik naar de heer Kops.De heer Kops (PVV):Dank u wel, voorzitter. Dat de gaswinning is gestopt, is natuurlijk mooi.Dat is stap een, maar daarmee zijn we er nog lang niet. Eigenlijk is staptwee pas net begonnen, namelijk het echt oplossen van de schadeafhan-deling, de versterking, het inlossen van de ereschuld, een toekomstper-spectief. Want de ellende in Groningen is nog lang niet voorbij,integendeel. De aardbevingen zullen wel minder worden en afnemen quamagnitude, zeker, maar de ondergrond zal nog lange tijd onrustig blijven.Er zullen nog lange tijd nieuwe schadegevallen ontstaan.Om maar even met de deur in huis te vallen: dat geconstateerd hebbendeis het natuurlijk triest en schandalig dat de NAM heeft besloten om nietlanger mee te betalen aan zaken als leefbaarheid en economie in de regio.De redenering van de NAM is: de gaswinning is gestopt; tot dat momentwordt er betaald en daarna niet meer. Zo simpel is het. Maar, zoals ik alzei, is het niet zo dat vanaf dat moment alle ellende is opgelost, zeker nietop het gebied van leefbaarheid en economie. Over hoeveel geld hebbenwe het dan eigenlijk? Over 25 miljoen jaarlijks. En dan moeten we ook nogbeseffen dat volgens de kostenverdeelsleutel de Staat daarvan per saldo75% betaalt.Als we de redenering van de NAM volgen, was het alternatief blijkbaargeweest om de gaswinning gewoon door te laten gaan. Maar de gevolgenwaren dan wel nog meer schades, grotere schades, nog meer geld, nogweer duurdere schades. En die hadden dan uiteindelijk ook betaaldmoeten worden. Dus ik snap het gewoon niet. Daarbij stopt het investerenin zaken als leefbaarheid en economie toch niet opeens met het stoppenvan de gaswinning? Kortom, nogmaals, ik begrijp het echt niet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1225 Voorzitter. Afgelopen week kwam in het nieuws dat de NAM niet meer wilmeebetalen aan de leefbaarheid en de economie. Maar in de brief van deStaatssecretaris van 9 oktober lezen we dat de NAM dat al op19 juli jongstleden aan de Staat heeft laten weten. Ik citeer de Staatssecre-taris: «De Staat is het niet eens met de redenering van de NAM en heeftbetaling van de betreffende facturen geëist.» De vraag is dan wat er sindsafgelopen juli feitelijk is gebeurd. Dat eisen heeft dus blijkbaar nog nietheel erg gewerkt. De vraag is dan: wat nu? Ziet de Staatssecretarismogelijkheden om de NAM toch aan het betalen te krijgen? Zo nee, watheeft dat dan mogelijk voor gevolgen voor die leefbaarheid en economie?Ik krijg graag een reactie.Voorzitter. Over betalen gesproken, het is niet de eerste keer dat ermoeilijk over ... Moet ik pauzeren?De voorzitter:U mag uw zin afmaken. Als u die afheeft, mag u pauzeren voor eeninterruptie van de heer Bushoff.De heer Kops (PVV):Ik wilde doorgaan naar het volgende blok.De voorzitter:Dat komt perfect uit.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik wil nog even doorgaan over dit blok. Eigenlijk deel ik de woorden vande heer Kops volledig over hoe schandalig het is dat de NAM dierekeningen niet wil betalen. Ik onderschrijf ook dat het heel gek is in deredenatie dat je niet wil betalen voor de leefbaarheid en economie, wantmet het stopzetten van de gaswinning stopt dat niet. Ik proef ook wel datde PVV-fractie openstaat voor meer dwingende maatregelen ten opzichtevan de NAM. Dat wilde ik even checken. Dus dat we bijvoorbeeld aan deStaatssecretaris zouden vragen of we met die Tijdelijke wet Groningen dieeraan komt – daar staan ook heffingsgronden in – toch de NAM kunnendwingen om die rekeningen te betalen. Staat de PVV-fractie daarvooropen?De heer Kops (PVV):In het korte antwoord verwijs ik naar de voorganger van de heer Bushoff,volgens mij was het de heer Nijboer, die daar al heel vaak aandacht voorheeft gevraagd in de Kamer. Hij heeft ook moties ingediend voor eenheffing. Daar hebben wij toen absoluut voor gestemd. Het maakt onseigenlijk niet zo heel veel uit of je het zus of zo regelt. Het zou onsabsoluut een lief ding waard zijn als gewoon betaald zou worden.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dat is goed om te horen. Dus eigenlijk moeten we de Staatssecretaris deopdracht geven om linksom of rechtsom ervoor te zorgen dat er betaaldwordt. Dan blijven we de PVV aan onze zijde vinden.De heer Kops (PVV):Wij hebben altijd gezegd: de NAM moet gewoon de rekeningen betalen.Klaar. Zo simpel is het, linksom of rechtsom.De voorzitter:Gaat u verder met uw verhaal. Maar niet voordat u een interruptie hebtgehad van mevrouw Bikker.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1226 Ik ben blij met deze glasheldere uitspraak van de PVV-fractie, want deoliepartijen hebben gewoon te betalen. Na echt jaren en jaren miljardenwinst te hebben gemaakt, lijkt dit me ook gewoon je maatschappelijke enmorele plicht als bedrijf. Ik zou een vervolgvraag aan de PVV willenstellen. Als die bedrijven dat niet doen, dan kunnen we wat mij betreft aande Staatssecretaris vragen stellen over of de licence to operate op het spelkomt te staan. Deelt de PVV-fractie die mening?De heer Kops (PVV):Ik denk dat mevrouw Bikker nu een beetje te ver vooruitloopt. Ja, zemoeten betalen. Ik denk dat we allemaal, ik ook, aan de Staatssecretarisvragen om het te regelen en het gewoon te doen. Als dat niet gaat lukken,zien we wel verder wat nodig is om dat wel voor elkaar te krijgen. Maar ikdenk dat we het echt met elkaar eens zijn dat ze gewoon de rekeningenmoeten betalen. Dat moet iedereen in dit land. Dat moeten burgers ook.Een organisatie als de NAM moet dat net zo.De voorzitter:Mevrouw Bikker, uw vervolg.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):We zijn het absoluut eens over dat betalen, maar we weten allemaal dathet soms ook duidelijk moet zijn dat het consequenties heeft als je nietbetaalt. Juist op dat punt vind ik het belangrijk dat deze Kamer aan deoliepartijen laat zien dat het beter is om weer aan de slag te gaan en tezorgen dat deze Staatssecretaris een goed gesprek met hen heeft in plaatsvan dat we verder de juridische kant op moeten gaan, ook omdat er naarde toekomst toe meer op het spel staat. Ik zou het verstandig vinden alsdeze Kamer en ook wij hier met z’n allen naar de oliepartijen communi-ceren dat het gevolgen kan hebben. Slecht gedrag heeft gevolgen voorwat je in de toekomst al dan niet mag doen in ons land. Op dat punt ga ikdus helemaal niet een stap te hard. Als een oliepartij jarenlang miljardenwinst heeft gehad en vervolgens niet levert, dan heb ik er niet zo’nvertrouwen in om met die oliepartij op een andere plek in zee te gaan. Ikzou het bijzonder goed vinden als de PVV zegt: «Eigenlijk is dat wel eenwijs inzicht. Ook wij hebben niet de ruggengraat van een banaan. Wijgaan hiervoor. Wij laten de oliepartijen zien dat deze Kamer tanden heeft,dus dat ze maar beter kunnen betalen.»De heer Kops (PVV):Nogmaals, dat het betaald moet worden, staat buiten kijf. Op wat voormanier je dat doet, met een heffing of hoe dan ook, maakt eigenlijk niet zoheel veel uit. Ik vind wel dat mevrouw Bikker wat vooruitloopt. Ze zegtfeitelijk: je moet ze straffen en je moet ze niet meer elders in het land ... Ikben de woorden even kwijt. Maar daarmee heb je het geld natuurlijk niet.Dat is natuurlijk wel zo. Je kunt ze straffen en zeggen dat ze dingen nietmeer mogen, maar de rekeningen waar we het nu over hebben, zijn danalsnog niet betaald. Ik snap zeker het sentiment, maar is het eenoplossing? Is het geld er dan? Ik denk het niet. Het staat buiten kijf dat eropgetreden moet worden, al is dat weliswaar aan de Staatssecretaris. Ikstel daar ook vragen over. Wij als Kamerleden spreken ons heel direct uit.We vinden het schandalig, we vinden dit en we vinden dat. Mijn vraag aande Staatssecretaris is hoe het er achter de schermen aan toegaat. Watwordt daar bereikt? Ik lees in de brief dat de Staat het niet eens is met deredenering van de NAM en betaling van de betreffende facturen heeftgeëist. Dan wil ik meer weten over hoe het eraan toegaat en of dat effectheeft. Als het geen effect heeft, wat moeten we dan doen?De voorzitter:Meneer De Groot met een interruptie voor meneer Kops.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1227 De heer Peter de Groot (VVD):Ik zat even over het antwoord van de heer Kops na te denken. Laat ikvooropstellen dat de VVD het ook heel teleurstellend vindt dat dit berichtvan de NAM is gekomen. Maar ik vind de lijn die de heer Kops hanteertwel heel verstandig, omdat de Kamer goed moet weten wat er nu echtachter de schermen aan de hand is. Wat is de reden dat ze niet willenbetalen? Wat is de reden dat ze na sommatie niet willen betalen? Mijnvraag aan de PVV is: hoe ziet die overeenkomst eruit? Zouden we niet heeldirect moeten weten aan welke eisen de NAM verbonden is als het gaatover die betalingen, zodat we daarna de juiste stappen kunnen zetten?Deze Kamer gaat van nul naar honderd in vijf seconden. Hoe kijkt de heerKops daarnaar?De heer Kops (PVV):Zeker. Ik denk dat we dit debat ook juist hebben om opheldering te krijgenover hoe het zit, vooral ook achter de schermen. De berichtgeving eninformatie die wij nu hebben als Kamer is heel simpel, namelijk dat er eenafspraak gemaakt is over 500 miljoen voor leefbaarheid en economie,maar dat de NAM vervolgens plotseling zegt dat de gaswinning stopt endus de betalingen ook. Dat is een redenering waar ik niet zo heel veel meekan. Het antwoord op de vraag is dan kortgezegd: ja, wat is daar danachter de schermen allemaal aan de hand? Wat zijn er voor afsprakengemaakt op basis waarvan blijkbaar gezegd kan worden dat er gewoonniet meer betaald wordt.De voorzitter:Gaat u verder met uw betoog.De heer Kops (PVV):Het is niet de eerste keer dat er moeilijk wordt gedaan over een betaling.In de memorie van toelichting lezen we bijvoorbeeld dat er nog550 miljoen openstaat voor de versterkingsoperatie. In zijn brief ligt deStaatssecretaris dat als volgt toe: vanwege het ontbreken van gesteldepassende zekerheden en de betalingsachterstand van de NAM, heeft deStaat om haar rechtspositie te beschermen de garanties van Shell enExxonMobil op 17 april jongstleden ingeroepen. Kan de Staatssecretarisdat uitleggen? Waar heeft dat dan in de tussentijd toe geleid?Voorzitter. Feitelijk behandelen we vandaag in het wetgevingsoverleg debegroting, precies gezegd artikel 15 van de begroting van BinnenlandseZaken en Koninkrijksrelaties. We werken aan een veilig Groningen metperspectief. Als je de begroting zo leest, dan gaat het eigenlijk alleen maarover geld en de verdeling daarvan. Als ik dan dat begrotingsonderdeeldoorlees, dan zie ik heel veel plannen, regelingen, organisaties enbijbehorende bedragen. Opnieuw duizelt het me dan weer een beetje,zoals we dat in de afgelopen jaren in veel eerdere debatten al hebbengeconstateerd, al die regelingen en al die organisaties. Als je dat alsgedupeerde leest, hoe moet je dan weten waarvoor je in aanmerking komten waar je wat aan hebt? We lezen dan bedragen als 73 miljoen voor deinstandhouding van erfgoedpanden: prima. Of we zien 115 miljoen eurovoor het ondernemings- en vestigingsklimaat, 43 miljoen euro voorpsychosociale en sociaaleconomische knelpunten bij inwoners. Oké, maardan mis ik toch opnieuw, net als in al die eerdere debatten, de samenhangen het perspectief. «Een veilig Groningen met perspectief», zo heet ditbegrotingsonderdeel. Toegegeven, de Staatssecretaris bekleedt dezefunctie nog niet zo heel lang. Maar ik stel toch de vraag: wat is nu eigenlijkzijn visie? Misschien klinkt het een beetje vaag als ik dat zo vraag, maartoch: wat is zijn beeld? Op welke manier gaat hij zijn eigen stempeldrukken op het herstel van Groningen? Want zo luidt zijn functie nueenmaal. Wat gaat hij precies anders en vooral beter doen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1228 De voorzitter:Ik onderbreek u, meneer Kops, voor een interruptie van mevrouwBeckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ik wilde de heer Kops niet zo onderbreken. Ik was het natuurlijk volledigeens met zijn betoog, omdat die bureaucratie die is opgetuigd, wanstaltigis. Er zijn heel veel regelingen en loketten. Maar er is ook heel veelongelijkheid. 89% van de gedupeerden zei in een enquête dat dit leidt totspanningen. Het leidt tot onderlinge problemen. Ik heb samen met deheer Bushoff opnieuw het voorstel gedaan voor een totaalaanpak, zoalsdie ook bij het toeslagenschandaal is gebruikt. Is dat iets waarin de PVVkan meegaan? Kan de PVV meegaan in zo’n aanpak, waarin van heteindpunt af wordt teruggewerkt, zoals de commissie-Van Geel stelde. Zokrijgt iedereen binnen een jaar een plan hoe zijn huis schadevrij, veilig,duurzaam en een compensatie voor de bewoners kan worden.De heer Kops (PVV):Als mevrouw Beckerman het zo voorstelt, dan klinkt dat natuurlijkfantastisch. Absoluut. Ik denk dat zij die vraag ook zeker, in de eersteplaats zelfs, aan het kabinet moet stellen. Ze kan vragen of dat kan, of datpast, of dat uitvoerbaar is en zeker of dat allemaal binnen de financiëlekaders past die we hebben afgesproken. Zo is het. Natuurlijk, als mevrouwBeckerman het zo voorstelt, met een totaalplan en één aanpak, klinkt datnatuurlijk fantastisch.Mevrouw Beckerman (SP):Het kan, hè. We hebben hier al jaren voor gepleit. Dat weet de heer Kopsnatuurlijk ook, want hij heeft het zelf altijd gesteund. We zien nu bij hettoeslagenschandaal dat het kabinet die draai maakt. Het heeft jarenlanghet amendement-Leijten tegengehouden, maar vorige week oftwee weken geleden is gezegd: we gaan toch met zo’n totaalaanpakkomen. Het kabinet heeft het rapport-Van Geel gevraagd. Daarvan werd alsnel geconcludeerd dat er te weinig geld was om dat zo aan te pakken.GroenLinks-PvdA en wijzelf zeggen: wacht eens even, je hebt Groningersdie belofte gedaan. Je hebt gezegd: koste wat kost. Dit is een hele mooieoplossing. Je schrapt een heel groot deel van die bureaucratie en werktvanaf het eindbeeld terug. Is de heer Kops, net als vorig jaar, bereid omhet amendement te steunen? Vorig jaar is het amendement door de PVVgesteund. Gaat de PVV ook dit jaar ons amendement voor die oplossingsteunen?De heer Kops (PVV):Of wij een amendement dat er nog aan zit te komen gaan steunen, kan ikop dit moment niet zeggen. Maar mevrouw Beckerman heeft deze vraagin het vorige debat over de Staat van Groningen ook gesteld aan mijncollega Edgar Mulder, die het debat toen voerde. Ik heb de Handelingen ernog eens goed op teruggelezen, want dat doe ik altijd als ik een debatmoet overnemen. Mevrouw Beckerman heeft die vraag meerdere malengesteld. Volgens mij was mijn collega toen heel helder in het debat. Wijomarmen dat rapport natuurlijk. Daar staan wij achter. Absoluut. Dat moetuitgevoerd worden. Het is wel aan het kabinet om het vervolgens te gaandoen, om het werkelijk tot uitvoering te brengen.Mevrouw Beckerman (SP):Dan ga ik toch naar mijn derde. Dat komt omdat hier toch een beetje ruisontstaat. De heer Kops heeft altijd voorstellen gesteund om dit te doen.Ook nu zegt hij: inhoudelijk steun ik het, maar financieel weet ik het nogniet. Daarop wil ik toch een duidelijker antwoord. In de parlementaireenquête is heel duidelijk geconcludeerd dat de Kamer onvoldoende hetTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 1229 verschil heeft gemaakt. Het budgetrecht ligt bij de Kamer en we besprekenvandaag de begroting. Dit amendement is al twee maanden geledeningediend. Dus ik zou de heer Kops echt willen vragen om daarnaar tekijken, want we moeten het verschil maken en we moeten ons budget-recht gebruiken. Ik zou graag een helderder antwoord willen van de heerKops.De heer Kops (PVV):Dat begrijp ik, maar dat helderdere antwoord gaat mevrouw Beckermanhelaas niet krijgen in dit debat. Dat neemt niet weg dat wij het inhoudelijkvolledig met elkaar eens zijn; dat is gewoon zo. Maar om dan nu in ditdebat eventjes te gaan zeggen dat er een miljard bij moet, ondanks definanciële kaders die wij met elkaar hebben afgesproken, dat kan ik hiernatuurlijk niet doen; dat zal mevrouw Beckerman moeten begrijpen. Maarverder: eens.De voorzitter:Gaat u verder met uw betoog.De heer Kops (PVV):Dank u wel, voorzitter. Naar aanleiding van de parlementaire enquête waseen van de conclusies: het moet allemaal milder, makkelijker en mense-lijker. Eigenlijk ontbreekt daar toch een woord, namelijk: sneller. Want snelgaat het op dit moment nog allerminst. Op de website van het IMG lezenwe dat de verwachte doorlooptijd voor fysieke schademeldingen nu266 dagen bedraagt. Dat is langer dan de maximaal 182 dagen waar hetIMG naar streeft. Inderdaad, dat is langer. Mijn vraag is: waar ligt datprecies aan? Je kunt wel streven naar een bepaalde doorlooptijd, maar alsje die niet haalt, schiet het natuurlijk niks op. Wat kan hier sneller? Is hetcapaciteit? Is het mankracht? Is het geld? Of is het iets anders? Wat zitdaar nu achter?Ik stel die vragen omdat er weliswaar schades worden afgehandeld, maarer ook steeds weer nieuwe schadegevallen bij komen. Vandaag las ik opde website van het IMG: «De afgelopen week ontvingen wij2.019 meldingen van fysieke schade, waardedaling en immateriëleschade, en handelden wij er 2.314 af. Dat maakt dat er inmiddelsweliswaar in totaal 233.000 fysieke schades zijn afgehandeld, maar ookdat het aantal schades dat nog altijd in behandeling is, al jarenlangschommelt tussen de pakweg 18.000 en 34.000. Dus nogmaals de vraag,gezien de nieuwe schadegevallen die er telkens bij komen: hoe, waar enwat precies kan er nu nog versneld worden?Bovendien hoeft een afhandeling nog geen toekenning te zijn. Ik heb hetrapport van De Staat van Groningen er nog eens bij gepakt. Kijken wenaar het onderdeel resultaten 2023, de waardedaling, dan zien we meerdan 10.000 besluiten. Maar de helft daarvan zijn afwijzingen. Er wordenverschillende redenen genoemd voor die afwijzingen, zoals: «De verkopervan een woning heeft recht op een vergoeding, maar de koper niet, omdatverondersteld wordt dat de waardedaling al is verdisconteerd in deaankoopprijs.» Ik snap het allemaal wel; het mag allemaal wel zo zijn.Maar toch de vraag: is het, met zo veel afwijzingen, allemaal wel duidelijkgenoeg? Wat is daar aan de hand? 50% afwijzingen is gewoon heel veel.Hetzelfde geldt ook voor de resultaten van immateriële schade:30.000 besluiten, waarvan eveneens de helft afwijzingen. De regeling voorde vergoeding van immateriële schade wordt bovendien met een 4,7 heellaag gewaardeerd. Dus ook hier de vraag: waar ligt dat aan en wat kanhier beter?Ik citeer een uitspraak van de Staatssecretaris van een paar maandengeleden. «Begin juli is het IMG gestart met het daadwerkelijk herstellenvan schade tot € 60.000. De komende maanden komt het daadwerkelijkeherstel beschikbaar voor alle bewoners en ondernemers in het gebied.»Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12210 We zijn nu inmiddels een paar maanden verder. Heeft de Staatssecretariseen update? Hoe staat het ermee?Dat geldt ook voor de vaste eenmalige schadevergoeding van € 10.000die in maart van dit jaar is opengesteld. Hoeveel mensen hebben hiermomenteel gebruik van gemaakt? Zet dat echt zoden aan de dijk? Het IMGschrijft namelijk over deze regeling: «Het is bedoeld voor de afhandelingvan kleine, niet ingewikkelde schades. Een eenvoudige aanvraag, snelledoorlooptijd en uitkering. Geen adviesrapport van een deskundige.» Datklinkt natuurlijk allemaal heel goed en aantrekkelijk. Maar toch de vraag:heeft de Staatssecretaris er zicht op of er ook gedupeerden zijn diehiervan gebruikmaken om, na jaren van wachten, wachten en wachten, ergewoon maar vanaf te zijn, terwijl ze misschien in werkelijkheid veel meerschade hebben? Komt dat voor? Als iemand voor deze regeling inaanmerking komt, wordt er een nulmeting gedaan waarbij alle zichtbareschades worden vastgelegd. Maar ja, hoe zit het dan met de onzichtbareschades? Oftewel, tekent de aanvrager er dan, zogezegd, bij het kruisjevoor dat alle andere schades, die er misschien wel zijn maar die pas opeen later moment zichtbaar worden, niet worden vergoed? Hoe gaat dat inde praktijk?Voorzitter. Dat geldt ook voor de regel dat er vervolgens alleen maarnieuwe schade kan worden gemeld bij een nieuwe beving. Kan het danook zo zijn dat schades die bij beving twee worden vastgesteld aan bevingéén worden toegeschreven, en dan niet meer worden vergoed? Metandere woorden, hoe wordt om in aanmerking te komen voor vergoedingvastgesteld dat die ene schade komt door die ene beving? Graag eenreactie.De voorzitter:Wilt u naar een afronding toe gaan?De heer Kops (PVV):Nou, eigenlijk niet.De voorzitter:Dat begrijp ik, maar u bent al over uw spreektijd heen.De heer Kops (PVV):Kan ik er een minuutje bij krijgen, of twee minuten?De voorzitter:Twee minuten? Dat gaat wel heel ver.De heer Kops (PVV):Ik ben bijna klaar, voorzitter. Dat komt goed.De voorzitter:Dan is het prima.De heer Kops (PVV):Dan toch nog even over de uitvoeringskosten. Daar is het al heel vaakover gegaan. Die zijn nog steeds hoog, veel te hoog. Ik heb het er weerover, want wanneer gaat daar nu eens iets veranderen? Bedroegen deuitvoeringskosten in 2022 nog € 0,62 per uitgekeerde euro, wat natuurlijkal veel en veel te hoog was, ging het afgelopen jaar om € 0,78. OpPrinsjesdag meldde het kabinet: «Al het gereserveerde geld blijftbeschikbaar. Het herstellen van schade en het versterken van woningenwordt koste wat kost en zo lang als nodig doorgezet. In totaal is er in 20252,8 miljard beschikbaar.» Dat is heel goed, maar dat geld moet uiteindelijknatuurlijk wel daar terechtkomen waar het hoort: bij de mensen, bij degedupeerden, en liever niet bij bureaucratie. In september zei deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12211 Staatssecretaris: «De komende tijd ga ik echt kijken of ik iets kan doen aandie veel te hoge kosten.» Mijn laatste vraag is dus: hoe staat het daarmee?En wanneer gaan we op dat punt echt verandering zien?Ik dank u.De voorzitter:Dank u. Meneer Bamenga.De heer Bamenga (D66):Dank u wel, voorzitter. Het is werkelijk van een ongekende schaamte-loosheid dat de NAM weigert om nog verder bij te dragen aan het herstelvan Groningen. Eenzijdig besluit de NAM, na decennialang goed tehebben verdiend aan Groningen, om alle afspraken te verbreken en deGroningers in de steek te laten. Ongekend. Schaamteloos. Woest makend.Het optreden van de Staatssecretaris bij EenVandaag valt mij dan op.Volgens mij was het duidelijke taal om aan te geven dat het moreelverwerpelijk en moreel onbestaanbaar is. Ik had de indruk dat het laatstewoord hierover nog niet gezegd is. Ik kan me inderdaad voorstellen dat deStaatssecretaris kookt vanbinnen en dat probeert in te houden. Dat snap ikheel goed. Ik kook ook vanbinnen, kan ik u vertellen. Ik zou de Staatssecre-taris dan ook willen oproepen om van zijn hart geen moordkuil te makenen om uitgebreid antwoord te geven op de volgende vragen.Kan de Staatssecretaris een overzicht sturen van alle bedragen die deNAM op dit moment weigert te voldoen? Wat vindt de Staatssecretarisvan de zienswijze van de NAM-directeur, Martijn van Haaster, dat debetalingen voor het perspectief van de Groningers gekoppeld zouden zijnaan de gaswinning? Zijn er nog meer punten waarop de NAM geenverantwoordelijkheid pakt, bijvoorbeeld als het gaat om het afbreken enopruimen van alle installaties of andere zaken? Welke stappen heeft deStaatssecretaris, eventueel samen met de Minister, genomen om de NAMte bewegen toch aan de verplichtingen te voldoen? Er lopen nog een flinkaantal arbitragezaken en andere procedures, zo lees ik in de brief van9 oktober. Kunt u de Groningers geruststellen dat de uitkomsten hiervangeen effect zullen hebben op welke schadeafhandeling dan ook? Ik neemaan dat dit ook gevolgen heeft voor de eventuele andere vergunningenvan de NAM, zoals bij Warffum.Voorzitter. Dit kabinet heeft in het hoofdlijnenakkoord uitgesprokenvolledig achter Nij begun te staan. Het heeft zich volledig uitgesprokenvoor de hersteloperatie Groningen en het terugwinnen van hetvertrouwen van de Groningers en de inwoners van Noord-Drenthe. Datverdient alle lof. Mijn partij vindt het daarom onbegrijpelijk dat het kabinetnog steeds de optie openhoudt om langer gas te winnen nabij Warffum.De Staatssecretaris schermde de vorige keer met het technocratischeantwoord dat het een ander veld betreft. Administratief is dat misschiencorrect, maar het gaat om hetzelfde soort gas en hetzelfde gebied. Ik kande Staatssecretaris vertellen dat ik en de Groningers die ik gesproken heb,de belofte van geen Groninger gas maar op één manier kunnen interpre-teren, namelijk als geen gas uit heel Groningen, ook niet uit Warffum.Snapt de Staatssecretaris dat het openhouden van kleinere velden inGroningen tot veel ongerustheid, angst en herbeleving leidt bijGroningers? Hoe denkt hij dat de inwoners van Warffum naar de houdingvan de NAM kijken, nu de NAM zijn bijdrage aan het herstel stopzet? Ikbegrijp dat de Staatssecretaris nog niet in Warffum is geweest. Kan hijtoezeggen dat hij daarnaartoe zal gaan, met de inwoners in gesprek zalgaan en daar de commissie over zal berichten? Waarom kiezen dit kabineten deze Staatssecretaris er niet voor om een einde te maken aan degaswinning in Groningen? Laat zien dat u voor de Groningers staat! Wehebben er hier vaker over gesproken en ik weet dat dat het geval is, maarlaat dat ook zien. Ziet de Staatssecretaris het ook als een gebroken belofteTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12212 van dit kabinet en legt hij dit uit aan de Groningers wanneer zij hierovermet hem in gesprek gaan?Een andere gebroken belofte is dat dit kabinet stopt met het verderonderzoeken van de Lelylijn. Onbegrijpelijk! Daarom wil ik graag hetvolgende van de Staatssecretaris weten. Wat heeft de Staatssecretarisgedaan toen hij hoorde dat het kabinet stopt met de Lelylijn? Welkemogelijkheden ziet hij nog om zijn collega Jansen te overtuigen dat deLelylijn een keiharde belofte is van dit kabinet aan de Groningers? Wat zijnde gevolgen voor Groningen als de Lelylijn definitief op de lange baanwordt geschoven? Kan de Staatssecretaris dit schetsen?Voorzitter. De vorige keer heb ik met de Staatssecretaris veel gesprokenover de trillingstool. Mij bereiken nog steeds veel berichten dat detrillingstool voor veel heel bewoners negatief uitpakt. De Staatssecretariswil echter van geen wijken weten. De Staatssecretaris is van mening datde trillingstool ook positief kan uitpakken en dat het een maatwerkop-lossing is. Ik wil daartegenover zetten dat maatregel 3 van Nij begunletterlijk luidt: stoppen met onderzoek naar causaliteit van schades en hetgebruik van de trillingstool. Daarom heb ik de volgende vragen. Kan deStaatssecretaris nog een keer precies toelichten waarom er nog steedsgebruik wordt gemaakt van die trillingstool? Kan de Staatssecretarisdesnoods in de tweede termijn met een aantal concrete voorbeeldenkomen van gevallen waarin het gebruik van de trillingstool positiefuitpakt? Waarom weigert de Staatssecretaris maatregel 3 van Nij begunuit te voeren en dus om te stoppen met het gebruik van de trillingstool? Inhet hoofdlijnenakkoord staat letterlijk dat 50 maatregelen van Nij begunworden uitgevoerd. Waarom maatregel 3 dan niet? Hoe legt hij dat uit aande Groningers? Zijn er nog andere maatregelen uit Nij begun waar deStaatssecretaris pas op de plaats maakt?Voorzitter. De dorpenaanpak. Er bereiken mij signalen dat de dorpen-aanpak niet zo vlot verloopt als de bedoeling is. Het eerste dorp is nogsteeds niet afgerond. Wanneer verwacht de Staatssecretaris dat dat welhet geval is? Wat betekent dit voor de andere dorpen? Wanneer komendie dorpen aan de beurt? Kunnen er niet meer dorpen tegelijkertijdworden aangepakt? Bij maatregel 16 lees ik dat dit alleen geldt voor desituatie na 25 april 2023. Klopt dat? En waar kunnen bewoners terecht dieal veel langer zorgen hebben, in onzekerheid zitten en overlast ervaren?Geldt deze maatregel ook voor mkb’ers en, zo nee, kan het dan ook voorhen opengesteld worden?Maatregel 29, de verduurzamingsmaatregel. Ik begrijp dat er groteverschillen zijn tussen woningen binnen en woningen buiten hetkerngebied. Het gaat om verschillen in prioritering, in de vergoeding enhet al dan niet vergoeden van de afwerking. Die verschillen lopen dwarsdoor gemeenschappen en zorgen voor ongelijkheid en scheve ogen. Ik wilde Staatssecretaris daarom vragen wat er nodig is om maatregel 29 in hetgehele gebied zo gelijk mogelijk uit te voeren? De verschillen zijn niet uitte leggen? En is de maatregel er ook voor kleine mkb’ers? Die zijnontzettend belangrijk, juist ook voor die gemeenschappen.We kunnen dus concluderen dat nog niet alles soepel verloopt.Groningers ervaren te veel verschillen in de aanpak van hun herstel. In hetkinderopvangtoeslagdossier speelt iets soortgelijks. StaatssecretarisAchahbar wilde daarom toe naar een totaalherstelaanpak, één overheids-loket dat namens alle overheden afspraken maakt met gedupeerden ensamen met hen kijkt naar wat er nodig is. Is dat ook mogelijk in het gevalvan de Groningers?Voorzitter. Ik wil eindigen met een citaat van een partijgenoot dat volgensmij leidend moet zijn in het hele vervolg van de hersteloperatie: deGroningers hebben altijd gelijk gehad. Ik roep de Staatssecretaris op daarzo veel mogelijk naar te handelen en dit ook flink tussen de oren van deNAM te prenten.Dank u wel.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12213 De voorzitter:Dank u wel. Dan ga ik naar een interruptie van de heer De Groot.De heer Peter de Groot (VVD):De heer Bamenga van D66 maakte een opmerking over de Lelylijn inrelatie tot de bereikbaarheid van Groningen. Ik kon die niet helemaalplaatsen en ging even op zoek naar wat voor brieven wij hebben gehadover de Lelylijn. Mijn vraag is hoe de heer Bamenga tot de conclusie komtdat er niet doorgegaan wordt of gestopt wordt met het aanleggen van deLelylijn. Ik kan dat namelijk niet vinden en ben heel erg benieuwd hoe deheer Bamenga tot die conclusie komt.De heer Bamenga (D66):Volgens mij zijn daar tal van berichten over geweest, dus ik zou graag aande heer De Groot willen vragen om even te googelen en te kijken naar deberichten die daarover gaan.De heer Peter de Groot (VVD):Dat heb ik gedaan. Ik heb hier de brief voor mijn neus, de MIRT-briefnajaar. Ik weet dat we het daar nu niet over hebben. Daar gaan we hetvolgende week maandag over hebben. Maar ik vind het toch welbelangrijk. Ik zat namelijk eerder vandaag met de heer Bamenga in eendebat over Water en daarin zei hij «je moet niet zomaar nieuws over debühne gooien dat niet waar is». Nou, ik lees hier gewoon welke afsprakener gemaakt zijn over de Lelylijn. Er staat dat de volledige financiering vande Lelylijn nog niet rond is, maar dat er in het najaar bestuurlijk eenverdere verkenning zal plaatsvinden. Er wordt dus gewoon nog verderover gesproken. Dat wilde ik even aan de heer Bamenga teruggeven. Ikdenk dat het belangrijk is om het hier in de Kamer bij de feiten te houden.Daar doen wij ons werk voor en het is belangrijk om dat ook in dit debat tedoen.De heer Bamenga (D66):Eerst krijg ik te horen dat het nergens staat. Vervolgens krijg ik weer eenander verhaal. Ik heb zojuist ook even snel voor mezelf gekeken. Als je erde juiste zoekterm voor gebruikt, kun je het op nos.nl meteen lezen.Vervolgens is hier ook over gesproken in bestuursoverleggen, of zo heb ikhet in ieder geval begrepen. Maar het is heel duidelijk dat het op de langebaan wordt geschoven. Volgens mij heeft zelfs de Koning daar eenuitspraak over gedaan op Prinsjesdag. Als er zo veel over gesproken is ener zo veel beloftes over gedaan zijn, vind ik het niet passen om toch deindruk te laten ontstaan dat het op de lange baan wordt geschoven en dathet misschien helemaal niet doorgaat. Daar heb ik het over.De voorzitter:Dan ga ik over naar meneer De Groot.De heer Peter de Groot (VVD):Dank u wel, voorzitter. De VVD wil, en dat is dezelfde boodschap als bij hetdebat dat we onlangs gevoerd hebben over de Staat van Groningen, dater sprake is van een betrouwbare overheid, die haar afspraken nakomt endie in contact staat met hoe het gaat in de regio. Nu moet ik eerlijkbekennen dat ik geprobeerd heb een afspraak te maken met de Staatsse-cretaris, maar dat is niet zo makkelijk, omdat hij zo veel in Groningen zit.Het eerste compliment is dus alvast uitgedeeld in dit debat, zou ik zeggen.De VVD wil ook graag dat er meer geld voor schadeherstel beschikbaarblijft, dat dat geld echt terechtkomt bij de mensen met schade en dat diemensen niet meer in de verdrukking zitten. De VVD wil dat de versterkingen de schadeafhandeling beter gaan en dat ongelijke en slechte adviezenuitgebannen worden. Dat is namelijk wat de frustratie en het ongeloof bijTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12214 de mensen laat bestaan. Tijdens het debat over de Staat van Groningenheb ik goede antwoorden gehoord – dat is het tweede compliment – vandeze Staatssecretaris. Dat geeft vertrouwen, niet zozeer voor mij, want datis minder belangrijk, maar vooral voor al die mensen die nog wachten inGroningen.Voorzitter. De VVD is tevreden om te lezen dat het IMG de mogelijkheidkrijgt om schades tot € 60.000 zonder onderzoek naar de schadeoorzaak telaten herstellen. De VVD hoop echt dat hiermee meer snelheid komt. Ik wildaarnaast graag weten of de Staatssecretaris de afgelopen maandenconcrete plannen heeft gemaakt om het stijgen – collega Kops had hetdaar ook over – van de uitvoeringskosten bij het IMG te keren.Als commissie waren we op bezoek in Drenthe. Het is echt een prangendevraag, die door de collega’s ook al schriftelijk is gesteld, hoe het kan datde stroom aan aantoonbaar ondeugdelijke technische rapporten inopdracht van het IMG kan voortbestaan. Als ik dan het antwoord lees opde vragen van de collega’s, dan moet ik eerlijk zeggen – en dat is geencompliment aan de Staatssecretaris – dat toch wel een beetje de tranen inmijn ogen schieten. Het IMG selecteert gecertificeerde partijen endaarmee zou het afgedaan moeten zijn, maar lees die rapporten. Wehebben daar rapporten gezien; die deugen niet. Dit is echt een hartenkreetnaar de Staatssecretaris: ga daarheen, ga kijken welke rapporten we lezen.Ik weet dat hij dat gaat doen. Volgens mij weet de Staatssecretaris zelf ookdat er daar nog heel veel werk te verzetten is om dit beter te maken. DeVVD ziet als oplossing om de kosten terug te dringen, om de communi-catie te verbeteren en om ondeugdelijke advisering te verminderen dat debetrokkenheid van het IMG veel dichter bij de straten en dorpen ligt metmeer mandaat. Ik heb het in eerdere debatten ook weleens aangekaart:het moet dicht op de uitvoering zitten. Graag een uitvoerige reactie van deStaatssecretaris op dit punt.Voorzitter. Mijn tweede punt voor dit debat gaat over de kansen voor deverdere economische ontwikkeling van de regio Groningen. Zoals weweten, is er 30 jaar lang geld beschikbaar gesteld. De VVD ziet heel graagdat dit geld zo besteed wordt voor de langdurige groei van de regio dattoekomstige generaties daar baat bij hebben en voor innovaties en banenwaar mensen in Groningen in kunnen werken. Nederland heeft daar danprofijt van door middel van bijvoorbeeld toeleveranties, maar ook is er hetstrategische belang van de leverantie van bijvoorbeeld nieuwe energie inNederland. Dan hebben we daar met elkaar echt wat aan. Ik heb hetbijvoorbeeld over waterstof. Ik vraag aan de Staatssecretaris wat deeconomische kansen hiervoor zijn. Die ontwikkelingen gaan heel erg hard.Voor die productie is bijvoorbeeld heel veel ruimte nodig en die is er ookin Groningen. Een concreet voorbeeld is vliegtuigbouwer Fokker NextGen, die heeft aangekondigd om de productie van waterstofvliegtuigen tewillen vestigen op de luchthaven. Hoe mooi is het als we deze ontwikke-lingen en innovaties samen kunnen brengen, aan elkaar kunnen koppelen,zodat we wellicht van Groningen de waterstofregio van Nederland kunnenmaken?Maar dat is zeker niet het enige, zeg ik gelijk. Het is een van de redenenwaarom ik bij het debat over de begroting Infrastructuur en Waterstaateen amendement heb ingediend voor de aansluiting en verdere ontwik-keling van Groningen Airport Eelde op dit gebied. Het gaat in dit geval ookover een ov-ontsluiting. Het amendement ligt nu voor. Mijn vraag is: hoekijkt de Staatssecretaris hier eigenlijk naar? Ik weet dat de kwartier-maker ... Ik zeg «kwartiermaker», maar ik weet niet precies hoe dekwartiermaker in de volksmond wordt genoemd. Wat is er eigenlijk nodigom te versnellen? Welke randvoorwaarden zijn er nodig? Hoe kunnen wede economische kansen die er liggen beter benutten en welke kansen zietde Staatssecretaris nog meer?Tot zover, voorzitter.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12215 De voorzitter:Dank u wel. Dan ga ik naar mevrouw Vedder, maar u heeft eerst eeninterruptie, ook van mevrouw Vedder.Mevrouw Vedder (CDA):Ik heb collega De Groot niet over de NAM gehoord. Er was net wel eenkort interruptiedebatje tussen de heer De Groot en de heer Kops. Daarbijmeende ik een beetje tussen de regels door te lezen dat hij misschien welvan mening is dat als de NAM heeft gehandeld naar de letter van hetcontract of de afspraak, alles akkoord is. Ik wil graag even toetsen of datzo is. Ik ben gewoon benieuwd wat de heer De Groot vindt van dehouding van de NAM.De heer Peter de Groot (VVD):Dank aan collega Vedder voor de vraag, want ik kan me dan beter uiten,denk ik. Ik heb net in het interruptiedebatje met de heer Kops al benoemddat ik het echt heel erg teleurstellend vind dat dit gebeurt. Maar u magvan mij, namens de VVD, ook verwachten dat ik van de Staatssecretaris ...Eigenlijk zijn al die vragen al gesteld door de heer Kops. Daarom heb ikdat ook overgeslagen in mijn bijdrage. Wat zit hier nou eigenlijk achter? Ikga nog geen oordeel vellen over wat nou precies juridisch wel en niet kon,want ik weet dat gewoon niet. Ik vind zeker dat de NAM haar verantwoor-delijkheid moet nemen. Dat is zeker waar. Ik vind het ook teleurstellenddat dit gebeurt. Ik wil heel nadrukkelijk van de Staatssecretaris weten: watspeelt hier nou eigenlijk, hoe zit het in elkaar, wat gebeurt er achter deschermen, hoe zit het met die betalingen? Ik wil gewoon de feiten op tafelhebben. Ik sprak net de heer Bamenga erover aan dat we het debat hiermoeten voeren op basis van de feiten en informatie in Kamerbrieven enniet op basis van het nieuws. Wat mij betreft gaat het er ook over wat ernou precies aan de hand is. Dan voeren we wat mij betreft het gesprekweer over hoe we daarmee verder moeten.Mevrouw Vedder (CDA):Ik ben het op zich deels met de heer De Groot eens. Ook ik wil graagweten wat hier nou precies speelt, maar dit gaat wel breder dan dejuridische bandbreedte. Stel, het antwoord komt terug dat de NAM heeftgehandeld binnen de juridische bandbreedte, dan nog is volgens mij deconclusie gerechtvaardigd dat hun manier van handelen wellicht niet zohandig is qua maatschappelijk draagvlak. Kijk, ik mag als burger eenheleboel dingen wel doen die ik echter niet doe omdat ik weet dat als ikdat doe, mijn buurman dan boos op mij wordt. Ik zou graag een reflectievan de heer De Groot horen, even los van de juridische bandbreedte. Hoekijkt hij naar de impact van deze houding van de NAM op het draagvlakonder inwoners en misschien ook wel op het vertrouwen van mensen inde overheid als wij vervolgens zeggen «het was binnen de juridischebandbreedte, dus het is oké»? Stel dat dat de uitkomst is, is dat dan onsantwoord?De heer Peter de Groot (VVD):Nee, ik kan het betoog heel goed begrijpen. Mijn gevoel zegt dat ook.Moet je dat nou op dit moment doen? Daar zit ook de teleurstelling.Alleen, ik ben ook beducht voor het feit dat er verschillende juridischeprocedures lopen tussen de Staat en de NAM. Die zijn er al en dit kan devolgende worden. Dan is de vraag welke gronden de rijksoverheid heeftom bijvoorbeeld zo’n gevecht over het stopzetten van deze betalingen tewinnen. Dat gaat wel degelijk over de juridische werkelijkheid, daarontkom je gewoon niet aan. Ik wil graag een inschatting van de Staatsse-cretaris horen, daarom vraag ik er ook naar. Wat valt hier te winnen als ereen strijd wordt aangegaan? Even los van het gevoel dat we erbij hebbenen de teleurstelling die er heerst over deze stap, moet het juridisch welTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12216 houtsnijden. Ik heb eerder in een ander debat betoogd over de lopenderechtszaken met de NAM: rond het nou gewoon af, want elke dag dathierover iets in de krant staat, doet dat de Groningers pijn. Ik zou lieverwillen dat het gewoon wordt afgerond, dat het uit de juridisering komt,dat er een deal geslagen wordt en het van tafel gaat. Want elke dag weerworden de Groningers geconfronteerd met het feit dat die NAM daar nogsteeds in het nieuws komt en dat zaken onder de rechter zijn. Ik vind datniet fijn, ik zou daar liever vanaf willen. Daarom ben ik best voorzichtigmet een uitspraak over waar dit gaat eindigen. Ik denk dat wij als Kamerdaar notie van moeten nemen. Want wat hebben wij eraan om als Staateen juridische strijd aan te gaan die gevoelsmatig misschien fijn is en ookwel gebaseerd is op teleurstellingen, als wij die nooit kunnen winnen? Ikdenk dat we daarvan rekenschap moeten geven als Kamer. Naar mijnverwachting zal de Staatssecretaris dat ook willen, want een juridischestrijd voeren die je verliest, is bij voorbaat een verloren strijd.De voorzitter:Mevrouw Vedder, u heeft het woord.Mevrouw Vedder (CDA):Bedankt, voorzitter. Laat ik maar meteen met de NAM beginnen, geziendeze uitwisseling. Ook ik was eigenlijk behoorlijk onthutst toen ik het las.Ik kan me gewoon niet voorstellen wat een bedrijf beweegt om zo ijskouden onverschillig de mensen de rug toe te keren waar je je bestaan aan tedanken hebt en die je tot nu toe vooral hebt terugbetaald met een bakellende. Ik ben toen eens gaan googelen op de website van de NAM envond het volgende stukje: «De NAM is diepgeworteld op lokaal enregionaal niveau in gemeenschappen waar we actief zijn. Op verschil-lende plekken in Nederland zijn we actief en zijn onze medewerkers nauwbetrokken bij de gemeenschap en lokale initiatieven. Dit zorgt voor eenbetrokkenheid bij lokale initiatieven. De NAM weet als goede buur wat erleeft in het dorp of de regio en levert een bijdrage aan het lokale welzijn.»Ik heb er echt moeite mee om dit soort teksten serieus te nemen alsbetrokkenheid, diepgeworteld zijn en het leveren van een bijdrage aanlokaal welzijn blijkbaar eindigt op de seconde af dat er niet meer teprofiteren valt, want dat is eigenlijk wat ze hebben gezegd, zo van: de tijddat we kunnen profiteren van onze aanwezigheid is cut short en daarmeeis onze lokale betrokkenheid ook meteen klaar. In mijn ogen is dat geengoede buur. Een goede buur staat voor zijn leefomgeving, in goede tijdenen in slechte tijden. Waar is hier in hemelsnaam de wederkerigheidgebleven? Dat zou ik eerlijk gezegd vooral aan de NAM willen vragen. Inwelke mate willen we van Groningen en Drenthe een wingewest maken?Het is toch niet te verhapstukken om dit als Groninger of Drent in de krantte moeten lezen?Voorzitter. Ik ben het dus eens met de uitspraak van de Staatssecretarisdat dit zeer teleurstellend en moreel verwerpelijk is. Misschien is het welbinnen de juridische bandbreedte. Dan zal ik me weer moeten verhoudentot de frustraties die ik als Kamerlid vaker heb. Dat wat misschienrechtmatig is, is niet altijd ook rechtvaardig. Dat zou ik vooral richting deNAM willen uitspreken. Handel rechtvaardig en durf daarin misschien ookwat breder te kijken dan alleen naar het strikt rechtmatige. Ik sluit mij dusaan bij de vragen die hierover al zijn gesteld aan de Staatssecretaris:welke mogelijkheden ziet hij om ervoor te zorgen dat de NAM wél die rolvan goede buur blijft spelen en dat we voorkomen dat alleen het Rijk zichblijft inzetten voor Groningen en Noord-Drenthe? Natuurlijk blijven we datdoen. Dat heeft de Staatssecretaris gezegd en dat onderstreep ik graag,maar hoe voorkomen we dat straks het Rijk overal voor opdraait en dat deNAM zich onder haar verantwoordelijkheid uit draait?Hetzelfde geldt voor de arbitragezaak die Exxon heeft aangespannentegen de Staat. Ik zou graag aan de Staatssecretaris willen vragen hoeverTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12217 deze zaak staat. Welke invloed heeft de houding van ExxonMobil op deschadeafhandeling? Wat doet deze houding volgens de Staatssecretarismet het vertrouwen van inwoners in het goed komen van de schadeafhan-deling? Want ook ik heb de Peilstok Groningen van drie dagen geledenbestudeerd, net als mijn collega van GroenLinks-PvdA. Daaruit blijktklip-en-klaar dat het vertrouwen nog verder is gedaald. Hoe zuur is dat?Ik hoor ook graag hoe het tot dusverre gaat met de betaling van debedragen die bij de NAM in rekening zijn gebracht. Volgens mij vroegcollega Bamenga daarnaar. Klopt het dat het nog steeds regelmatigvoorkomt dat de facturen door de NAM worden betwist of domweg nietworden betaald? Kan de Staatssecretaris ons iets meer vertellen over hoevaak dit voorkomt, welk bedrag daarmee is gemoeid en hoe dit verdergaat verlopen?Voorzitter. Tijdens het debat over de Staat van Groningen heb ik driepunten aangekaart over Nij begun. Daar wil ik in dit debat graag even opterugkomen. Met mijn eerste vraag was ik op zoek naar de bevestiging dat«koste wat kost voor zo lang als nodig is» ook geldt voor funderingsscha-deherstel, want dat is hoe het staat in de breed aangenomen motie die wijmet vele andere partijen hebben ingediend: koste wat kost voor zolang alshet duurt voor schadeherstel, funderingsschadeherstel en de versterkings-operatie. Die middelste is er in een aantal brieven tussenuit gevallen. Datwas de reden waarom ik ernaar vroeg. Er zou een brief over komen, maardie is er nog niet. Dat maakt dat mijn zorgen groter worden, want ik denkdat de motie glashelder was. Volgens mij hoeft het sturen van een briefdus niet lang te duren. Ik vraag dus nogmaals een bevestiging van deStaatssecretaris: klopt het nog steeds dat, zoals aangenomen is door deKamer, ook funderingsschadeherstel valt onder «koste wat kost voorzolang als het duurt»?Het tweede punt betreft schadegevallen boven de € 60.000. In het debatover de Staat van Groningen gaf de Staatssecretaris aan dat hij beseft datzeker in de kern veel gevallen daar snel boven uitkomen en dat diemensen dus nog steeds zijn belast met alle stress van onderzoeken naarcausaliteit. Hij zou ook naar mogelijkheden zoeken om daar wat in tebewegen. Daar was ik heel blij mee. Ik zou graag willen vragen wat diezoektocht tot nu toe heeft opgeleverd.Ten derde de onuitlegbare verschillen; collega’s van mij spraken daar netook al over. De motie die toen daarover is ingediend en waarin deregering wordt verzocht het rapport-Van Geel te omarmen en met eenplan van aanpak en financiële middelen te komen, heeft het helaas nietgehaald, maar dat maakt het voor onze partij niet minder belangrijk datwe nog steeds werken aan het wegnemen van onuitlegbare verschillen enook aan het voorkomen van nieuwe verschillen. Wat ons betreft gaan wehet rapport-Van Geel gewoon nog steeds omarmen en uitvoeren, ookwederom omdat uit die Peilstok Groningen blijkt dat bijna 90% aangeeftdat die onuitlegbare verschillen leiden tot spanningen en conflicten in degemeenschap. Het is al erg genoeg waar we mensen mee hebben belast,maar dat hun gemeenschap hun eigen gemeenschap niet meer is, is nogextra verdrietig. Ik wil dus graag aan de Staatssecretaris vragen hoe hijwel opvolging kan geven aan het rapport-Van Geel, welke financiëlemiddelen daarbij horen en of hij ons kan meenemen in het overleg met deregio, IMG en NCG. Wat heeft dat overleg opgeleverd? Wat is er nou welof niet mogelijk?Voorzitter. Net als collega Bamenga ga ik iets over de Lelylijn zeggen. Ikwil mijn collega van de VVD heel graag met liefde herinneren aan deaangenomen motie-Vedder/Van Wijngaarden, waarmee werd aangegevendat het enquêterapport en de kabinetsreactie Nij begun zwaar moestenworden gewogen bij het maken van een definitieve investeringsbe-slissing, zowel voor de Nedersaksenlijn als de Lelylijn. Ik zal niet zeggendat het niet doorgaat, maar kortgeleden hoorden we toch geluiden alsofhet op z’n minst in de ijskast is geparkeerd. De enige logische stap die erTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12218 te zetten valt, is besluiten dat je een MIRT-verkenning gaat starten. HetBO MIRT verliep niet zoals de bestuurders in het noorden haddenverwacht. Er was enorme teleurstelling over, die ik ook heel goed begrijp.Ik vraag de Staatssecretaris hoe hij ernaar kijkt, want in mijn ogen zijn dietwee lijnen een enorme boost voor het noorden qua bereikbaarheid,leefbaarheid en economie en dat is toch wat met z’n allen willen. Hoe gaatde Staatssecretaris hiermee om binnen het kabinet?Ik wil hier ook nog weer een keer benadrukken dat als wij met mensen uitde regio spreken en we het over Nij begun en de economische en socialeagenda’s hebben, ik keer op keer zorgen van inwoners hoor, die zeggen:«Laat het niet alleen een bestuurdersfeestje worden.» Het moet niet alleenover een Lelylijn, een Nedersaksenlijn of Groningen Airport Eelde gaan,hoewel GAE ook mij lief is. Wij vinden het vooral belangrijk dat demensen zelf voelen en ervaren dat er voor hen in hun leven iets tenpositieve verandert, dat ze worden gezien in hun zorgen, hun stress, hunwoede en hun verdriet, waarmee wij ze hebben opgezadeld. Ze willenworden gezien en erkend en zien dat we er wat aan willen doen. Dan is ermeer nodig dan alleen de grote woeste projecten. Het is dan ook nodigdat we stappen zetten op een niveau dicht bij de mensen, in hun eigenleefomgeving. Mensen willen daarover meepraten. Dat is telkens weeropnieuw hun hartstochtelijke pleidooi. Bij dezen wil ik dat ook vooral bijde Staatssecretaris op het hart drukken: neem de wensen uit de regio meeen focus daarin niet te veel op maakbaarheid en meetbaarheid. Onze zorgis dat we vooral kijken, zoals we heel vaak doen in dit huis, naar rechtma-tigheid en doelmatigheid en daarmee vergeten dat het voor mensen zelfuiteindelijk draait om doeltreffendheid. Wat werkt er nou echt? Werken dedingen die we doen, echt? Dat is breder dan of het de stempel krijgt vaneen rechter of een accountant. Kan de Staatssecretaris hierop reagerendoor ons te vertellen hoe hij wil voorkomen dat we in die valkuil trappenen dat we de inwoners van Groningen en Noord-Drenthe heel bewustbetrekken bij de uitvoering van Nij begun?Tot slot sluit ik mij aan bij de oproep van een aantal collega’s over deeenoverheidsaanpak. Ook vanuit de provincie hebben wij gehoord hoe hetgaat met de startgebieden. Inwoners kunnen door de bomen het bos nietmeer kunnen zien en weten niet waar ze moeten zijn voor welkeregelingen. Ze weten überhaupt niet welke regelingen er zijn en hebbenmet een grote hoeveelheid instanties te maken. Dit is ongelofelijkfrustrerend voor die inwoners. De eenoverheidsaanpak in de startge-bieden geeft mensen rust, want ze hebben de wetenschap dat ze met eenteam te maken hebben dat naast ze gaat staan en dat ervoor gaat zorgendat dingen in beweging komen, De verhalen die wij hierover terughorengeven weer wat wij bedoelen met milder, menselijker en makkelijker. Ik wilheel graag van de Staatssecretaris weten welke rol hij kan spelen om dieeenoverheidsgedachte, wat wij in de startgebieden aan het doen zijn,verder te brengen. Eigenlijk moet ik zeggen «wat de regio in de startge-bieden aan het doen is». Wij hebben er gelukkig nog niets mee te maken,want zodra wij er met onze tengels aan gaan zitten, loopt het meestalmoeilijker dan makkelijker. Wat kan de Staatssecretaris doen om datverder uit te rollen en daarmee echt dat milder, menselijker en makkelijkerdichterbij de mensen te brengen? We kunnen allemaal wel wat mildheiden menselijkheid in ons leven gebruiken op dit moment, maar zeker demensen in Groningen.Dank u wel.De voorzitter:Dank u. Meneer Holman.De heer Holman (NSC):Dank u wel, voorzitter. Het nadeel van zesde in de rij zijn, is dat alles wat jewilt zeggen, ongeveer al gezegd is. De heer Bushoff heeft een aantalTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12219 praktische zaken genoemd. Ik weet zeker dat de volgende spreker ook eenheel aantal praktische zaken zal noemen. En wie weet beter dan deze tweewat er allemaal speelt in Groningen. Ik zal me daar niet aan wagen.De heer Vermeer (BBB):Dat was kort.De heer Holman (NSC):Ik heb het genoegen dat ik in Noord-Drenthe woon en dat ik het Dagbladvan het Noorden lees. Ik heb al 30 jaar gevolgd wat er zo ongeveergebeurt in Groningen. Het verschil is dat ik nu in een commissie zit en eenaantal keren in Groningen ben geweest. Dan kijk ik er toch met andereogen naar. Het probleem van de Groningers in het noorden is dat eenheleboel mensen het nog steeds niet snappen. De keren dat ik inGroningen ben geweest, was het emotionele leed en verdriet heel groot.Ik zal een voorbeeld te noemen. Wat is de emotionele waarde van eendoopjurk? Er is een verhaal van een mevrouw die in het schadegebiedwoont en nu in een tussenwoning zit. Die familie heeft al vier generatieseen doopjurk gebruikt voor hun kinderen. Er is nu een kleinkind dat wordtgedoopt, maar de doopjurk zit in de container. De afspraak is dat decontainer niet geopend wordt als je in een wisselwoning zit. Zij is dus naarde H&M geweest om een doopjurk te kopen. Het emotionele leed is groot.Tegelijkertijd zit ze in een wisselwoning die van de huurdersvereniging is.Die heeft de regel dat je tussentijds niet kunt kijken wat je nieuwe woningwordt. Deze mevrouw heeft al tien jaar lang moeten leven met de vraagover haar woning: wordt het wel of wordt het niet? Die tien jaar lang heeftvoor zo veel sociaal leed en stress gezorgd dat ze bijna niet meer in staatis om uit de woning te gaan. Dat verhaal is hartverscheurend. Maar dat isniet één geval, het zijn er tienduizenden. Ik durf de stelling aan dat menhier in Den Haag en in de regering niet snapt wat er gaande is inGroningen. Dat vind ik heel vervelend.Wat ook niet begrepen wordt, is de toeslagenaffaire, wat daar voor leed isgebeurd. Als er één Staatssecretaris was die dat had kunnen oplossen ...Zij is door werkomstandigheden hier in huis, door de reacties van hetparlement en het functioneren van het kabinet opgestapt. Hoe triest isdat? Hetzelfde geldt voor boeren die PAS-melders zijn en al vijf jaar inonzekerheid leven. De overheid kan niet bieden wat geboden moetworden. Dat is het fundamentele probleem dat speelt in Groningen.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Omdat ik het zo mooi vond dat de heer Holman Nora Achahbar hier nogeen keer aanhaalt. Vrijdagochtend hebben de heer Bushoff en ikzelf eenpersbericht verstuurd, waarin we haar bijna letterlijk noemden. Wehadden als kop «Wat voor toeslagenouders kan, kan voor Groningersook». We vonden het zo mooi dat zij eindelijk het amendement-Leijtenging uitvoeren in haar totaalaanpak dat we haar bijna genoemd hadden inhet persbericht. ’s Avonds moest ze wel opstappen. Ik hoop dat daar dezeweek een debat over komt, want de verhalen die we horen, zijn verschrik-kelijk. Maar laten we het vandaag hebben over die totaalaanpak. Is deheer Holman met de heer Bushoff en mij van mening dat wat wij nu gaandoen voor toeslagenouders, ook moet gebeuren voor Groningers? Het isgekmakend wat voor een bureaucratie er is opgetuigd. Mensen komen ergewoon niet doorheen.De heer Holman (NSC):Ik vind dat de overheid er moet zijn voor de inwoners en voor de burgers.Er zijn te veel voorbeelden. Ik kan er nog meer noemen, zoals het UWV.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12220 Wij zijn kennelijk niet in staat om het adequaat op te pakken. Maar aan deandere kant hebben wij vertrouwen in de Staatssecretaris. Als er ééniemand in Groningen iets kan doen, is hij het wel. Hij komt uit het gebied,spreekt de taal en ik heb hem veel in de provincie gezien. Hij begint meteen schone lei en is veel in Groningen. Ik vraag de Staatssecretaris of hijwél het verschil gaat maken, of hij wél het menselijk leed gaat oplossen.Welke aanpak heeft hij om dat te realiseren? Welk verschil gaat hij makenten opzichte van de vorige Staatssecretaris en Minister, die het door devingers is gegleden of gelopen en die de situatie hebben gemaakt zoalsdie nu is? Ik ben heel benieuwd ...De voorzitter:U mag nog niet gelijk verder. Ik ga eerst naar mevrouw Beckerman en dannaar de heer Bushoff.Mevrouw Beckerman (SP):Bent u klaar met uw antwoord? De vraag is niet of we wel of geenvertrouwen hebben in de Staatssecretaris. Ons vertrouwen, maar vooraldat van de Groningers, in de aanpak is weg. We hebben hier jarenlangstapels voorbeelden gegeven van ongelijkheid. Mensen die al langer indeze commissie zitten, weten dat. Het duurde heel lang voordat ereindelijk onderzoek naar werd gedaan. Nu is dat onderzoek er. Datonderzoek van Van Geel ligt er al een jaar. Het gebeurt niet, deels omdater een financieel gat is. Wij vinden het zo mooi, omdat je daarmeeeigenlijk zegt dat je ervan uitgaat dat iedereen een heel en veilig huisheeft, gecompenseerd is en desgewenst ook heeft verduurzaamd. Vanafdat punt werk je terug en zorg je dat die mensen zo’n plan krijgen. Devraag is niet alleen of we dat iemand toevertrouwen, maar de vraag is ookof we als Kamer het verschil gaan maken. Wij hebben het budgetrecht. Deheer Bushoff en ik hebben daar een amendement voor ingediend. Devraag is natuurlijk wel of de heer Holman dat gaat steunen.De heer Holman (NSC):Het betoog van mevrouw Beckerman is ook mij uit het hart gegrepen. Ikben het er helemaal mee eens dat we alles op alles moeten zetten om deproblemen in Groningen op te lossen. In feite is de toezegging dat geldniet de beperkende factor mag zijn om het probleem op te lossen. Zemoeten het gaan oplossen. Maar tegelijk ben ik het met de redenering vande heer Kops eens waarom een uitspraak over dit amendement op ditmoment eigenlijk nog te vroeg is en dat hier nader naar moet wordengekeken. Nogmaals, hoe herstellen wij ... Voorzitter, ik ga door als u hetgoedvindt.Mevrouw Beckerman (SP):Ik heb nog ...De voorzitter:Ik vind dat niet helemaal goed. Mevrouw Beckerman wil nog een keerreageren. Daarna ga ik naar de heer Bushoff en dan mag u verdergaanmet uw verhaal.Mevrouw Beckerman (SP):Het gaat erom dat je hier dus niks mee kan. Ik wil niet eens weten hethoeveelste debat dit is. Kamerleden hebben heel vaak gezegd: «Super, ermoet een goede aanpak komen. Geld speelt geen rol. Fantastisch. Geenbureaucratie. Hartstikke leuk. Iedereen moet het merken.» Maar het is eenfeit dat het gewoon niet zo is. Het is een feit dat er een rapport-Van Geelligt. Dat kost geld. Dat rapport wordt nu niet uitgevoerd. Dus de vraag isniet: kunnen we nog een keertje opnoemen dat we het anders willen endat we willen dat mensen vertrouwd worden? De vraag is: gaat de KamerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12221 haar budgetrecht gebruiken? Dat amendement is niet vandaag ingediend.Dat ligt er al een tijd. Dat lag er vorig jaar ook. We hebben tijd genoeggehad om ons daarin te verdiepen. Ik vraag het nog een keer aan de heerHolman. Praten is makkelijk. Daden zijn moeilijker. Wilt u alstublieftserieus naar het voorstel kijken? Het ligt hier echt al een paar jaar. Wekunnen niet jarenlang doorgaan met hetzelfde riedeltje dat we hetallemaal anders willen, terwijl er in de praktijk voor heel veel mensengeen klap verandert.De heer Holman (NSC):Het is een beetje een herhaling van zetten. Wij zijn het er helemaal meeeens dat de problemen moeten worden opgelost en dat het rapport vande commissie-Van Geel serieus moet worden genomen. Ik wil echter weleven van de Staatssecretaris horen of hij die plannen uitvoert, hoe ver hijis, wat de bottleneck is, wat de beperkingen zijn en of er genoeg financiëlemiddelen zijn om dat te realiseren. Als dat zo zou zijn – dat weet ik niet endat is ook maar de vraag – dan kunnen we gaan nadenken over de vraagdie mevrouw Beckerman hier neerlegt.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik ga toch even door op dit punt. Ik sluit me aan bij de woorden dat deheer Holman een mooi betoog hield. Ik snap ook de vraag aan deStaatssecretaris over hoe het met het rapport-Van Geel gaat en of ervoldoende middelen zijn. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hetantwoord er al is. De Staatssecretaris heeft het gewoon opgeschreven ineen brief. Er is onvoldoende geld om volledig uitvoering te geven aan datrapport Van Geel. Het staat er, dus we hoeven het niet meer te vragen. Alsu het antwoord al weet op de vraag die u net stelde, zou mijn wedervraagzijn: verandert dat dan nog wat aan uw standpunt of wanneer gaat er ietsaan uw standpunt veranderen ten aanzien van het volledig omarmen vanhet rapport-Van Geel?De heer Holman (NSC):Als volstrekt duidelijk is dat er niet voldoende middelen zijn om hetherstel van Groningen uit te voeren en er komt een voorstel van hetkabinet om extra middelen beschikbaar te stellen omdat dit nodig is, danzullen wij daar zeer welwillend tegenover staan.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dan moet er dus een voorstel komen van de zijde van het kabinet. DeKamer heeft budgetrecht, dus we kunnen ook als Kamer zelf dat voorsteldoen. Er ligt zo’n voorstel. Maar goed, zelfs als de heer Holman datvoorstel niet goed genoeg zou vinden, dan is in de woorden van de heerHolman de opdracht die we nu aan het kabinet moeten geven dat hetkabinet op korte termijn met zo’n voorstel komt. Dan is de NSC-fractiedaarvoor. In de woorden van de heer Holman hoor ik dat dit dan hetalternatief zou zijn voor het voorstel dat de Kamer zelf al heeft gedaan.De heer Holman (NSC):Ja.De voorzitter:Gaat u verder met uw verhaal.De heer Holman (NSC):Het gaat dus om het herstel van vertrouwen. Wij verwachten dat deStaatssecretaris zich maximaal inzet om dat te gaan doen. Als je dan kijktnaar de Hanzelijn en de Lelylijn dan hebben we toch een iets anderemotivatie en insteek dan de heer De Groot van de VVD. Wij vinden dat alsje het noorden serieus neemt en zegt dat elke regio telt, je ook onverkortTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12222 moet zeggen dat de Minister en het kabinet ervoor moeten zorgen dat ditgaat gebeuren. Nieuw Sociaal Contract zegt onvoorwaardelijk: ja, zorgervoor dat dit gaat gebeuren. Misschien zijn de woorden van de heer DeGroot juist en politiek correct, maar wij zijn intrinsiek heel gemotiveerdom ervoor te zorgen dat het gerealiseerd gaat worden. Ik twijfel over hoesterk de motivatie bij de VVD is om dit te realiseren.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer De Groot.De heer Peter de Groot (VVD):De heer Holman van Nieuw Sociaal Contract trekt allerlei conclusies overde Lelylijn, maar ik vroeg aan de heer Bamenga waar hij het vandaanheeft gehaald dat de Lelylijn zou stoppen. Die discussie heb ik gevoerd. Ikheb zelf helemaal niets gezegd over de ambitie van de VVD met deLelylijn. Dus ik weet niet waar de heer Holman die conclusie vandaanhaalt. Het feit is dat er in het hoofdlijnenakkoord staat dat dit kabinetdoorgaat met de Lelylijn en daar schaart de VVD zich volledig achter.Laten we het bij de feiten houden en de woorden die ik hier in dit debatuitspreek.De heer Holman (NSC):Ik heb het over hoe intrinsiek gemotiveerd ik ben. Ik heb ook gehoord water in het debat in de afgelopen weken over de Lelylijn is gezegd. Er zitpolitiek gezien een verschil van inzicht en van mening in en dat mag. Alsje vertrouwen wilt geven aan het noorden dan moet je uitspreken dat jedat gaat doen. Je kunt het dan hebben over de manier waarop je dat gaatrealiseren, maar ook heel sterk voornemens zijn om dat een succes telaten zijn.De voorzitter:Gaat u verder met uw verhaal.De heer Holman (NSC):Over de NAM is ook al redelijk wat gezegd. Er spelen twee zaken.Allereerst heb ik het dan over het zakelijk inzicht tussen de NAM en deoverheid, omdat de gaswinning gestopt is. Als je als overheid netjes wilthandelen, dan zal je dat gesprek aan moeten gaan en moet dat eenuitkomst hebben. Dat kan een redelijke uitkomst in overeenstemming zijnen anders moet je de juridische weg nemen en dan komt er een uitspraakvan een rechter. Dat is voor ons volstrekt anders dan de uitspraken die zijngedaan over vergoedingen. Dat is geen juridisch probleem, maar dat iseen moreel punt. Wij zijn ervan overtuigd dat wij hier de NAM moreel opaan moeten spreken. Afhankelijk van de beantwoording van de Staatsse-cretaris gaan we daar ook een motie voor indienen, zodat we dat alsKamer gewoon uitspreken. Dit heeft ook weer te maken met betrouw-baarheid, hoe je overkomt, of je vertrouwen geeft en mogelijk maakt datde mensen weer vertrouwen krijgen.Ik kan nog een paar voorbeelden noemen. Toevallig woon ik in Noord-Drenthe en zie ik de situatie rond Norg. We zijn met zes Kamerleden opbezoek geweest in Norg en in Schoonebeek. Je hebt drie verschillendepunten: Groningen waar schade is geweest en we nu de ereschuld gaanvormgeven, Schoonebeek waar de discussie is geweest over fair share ofthe benefit, en dan heb je Grijpskerk waar geen enkele zaak is over fairshare of the benefit. Er is daar veel gebeurd en er is veel gedoe overschade. Je hebt het dan over twee millimeter per seconde of vijf milli-meter per seconde. Nog steeds komen er taxateurs die aantonen dat deschade niet voortkomt uit aardbevingen. Dat is zo en dat weten we altien jaar, maar nog steeds voeren we die discussie. Wat is dat? Waaromwordt dat niet opgelost? Nog steeds lopen daar taxateurs rond om aan teTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12223 tonen dat er geen oorzakelijk verband is tussen gaswinning en de schadeaan de huizen. Er worden opmerkelijke motivaties gegeven. Er werden netook al een paar voorbeelden genoemd. En de NAM zegt dan: als wij zosnel mogelijk Langelo stoppen en we kunnen die 14 miljard kubieke meterkussengas gaan winnen, dan willen wij wel betalen. Ook daarover vind ikdat de Staatssecretaris de NAM zou moeten aanspreken. Hij zou tot eenovereenkomst moeten komen, zodat de NAM een redelijk deel gaatbetalen. Tegelijkertijd geldt dat ook voor de overheid. Dat is wel eenmiskenning en dat vind ik altijd wel een geldig argument van de NAM. Zijzeggen: wij dragen 25% bij en de overheid betaalt 75% van het geld. In hetverleden was dat zelfs 90%. Als mevrouw Beckerman mij de vraag stelt ofwij verplicht zijn om alles te betalen in Groningen en de schade goed af tehandelen, dan zeg ik: ja, wij zijn als overheid meer dan politiek en moreelverplicht om dit zo snel en zo goed mogelijk af te handelen. De Staatsse-cretaris is de persoon die dat moet gaan doen. Nogmaals, wij hebbenvertrouwen in u. Wij hopen dat u zeer succesvol mag zijn om dat wat deafgelopen jaren is fout gegaan te keren en te wenden, zodat deGroningers over tien jaar zeggen: het is goed zo, de laatste jaren zijn deproblemen daadwerkelijk opgelost. Heel veel sterkte.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Bikker.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dank aan de heer Holman voor zijn glasheldere betoog. Ik zou het willensamenvatten in een Rotterdamse wijsheid: geen woorden, maar daden.De Groningers hebben lang genoeg gewacht, hebben genoeg onder-zoeken meegemaakt en hebben genoeg gehoord hoe er steeds van hetkastje naar de muur verwezen werd, terwijl er ondertussen niets veran-derde. Hij illustreerde het treffend. Het grijpt je ook meteen aan, als je hetover de doopjurk hebt en over mijlpalen van generatie op generatie. Hoedoor toedoen van het handelen hier mensenlevens diepe krassenoplopen, die soms zelfs niet meer te helen zijn. Maar we staan wel vooreen opdracht om het nu beter te doen. Dat is een verantwoordelijkheidvan deze Kamer. Op dat punt zou ik een korte vraag aan de heer Holmanwillen stellen. Hij legt nu veel meer bij de Staatssecretaris. De Staatssecre-taris moet met stevige antwoorden komen over het rapport-Van Geel.Volgens mij moet het uitgevoerd worden, of we moeten wat gaan regelen.De Staatssecretaris moet met stevige antwoorden gaan komen over deLelylijn. Als ik het goed begrepen heb, moet hij uitspreken dat we ermeeverdergaan, in plaats van nog een onderzoek en nog een onderzoek. Tenaanzien van de NAM legt de heer Holman stevig neer – terecht, wat mijbetreft – dat het erom gaat dat we moreel uitspreken dat dit niet kan endat we van dit bedrijf wederkerigheid verwachten. Heb ik hem goedbegrepen dat de tweede termijn van de NSC-fractie dan ook een heelboeiende zal zijn, als de Staatssecretaris straks opnieuw met woordenkomt in plaats van met daden?De heer Holman (NSC):Ik kan alleen maar constateren dat mevrouw Bikker goed luistert en goedkan samenvatten wat ik heb gezegd. Ik ben benieuwd naar deantwoorden. Ik kan nog wel meer vragen bedenken over hoe de Staatsse-cretaris ermee omgaat. Ik had ook nog opgeschreven: de gevallen die alacht, negen of tien jaar spelen. De meesten van ons waren erbij toen hiertwee mannen stonden die al acht jaar ellende hadden en bij wijze vanspreken stonden te huilen. Dat kan niet! Ik verwacht van de Staatssecre-taris dat hij daar prioriteit neerlegt en dat hij, als hij een of twee jaarverder is, een lijstje heeft afgevinkt van zaken die hij heeft opgelost. Ik heber vooralsnog veel vertrouwen in dat de Staatssecretaris met de goedeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12224 antwoorden komt en dat ik in tweede termijn niet hoef te reageren zoalsmevrouw Bikker schetst.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Ik deel met de heer Holman dat het altijd begint met vertrouwen. Dat hebik ook richting de Staatssecretaris. Als man uit Groningen zou ik zeggen:aan de slag. Tegelijkertijd doet het er wel toe wat er zo meteen geant-woord gaat worden. Er staat wel veel op het spel voor de komende jarenen dit is zo’n moment dat de Kamer een duwtje in de rug kan geven,indien nodig, of het kan laten gebeuren. Die verantwoordelijkheid voel ikook. Dat brengt mij bij een vervolgvraag, namelijk over de waardever-meerderingsregeling. Daar heb ik de heer Holman nog niet over gehoord.Als we niets doen, stopt deze regeling per 1 februari 2025, met allegevolgen van dien. Hoe ziet de NSC-fractie dat en welke vraag zou uhierover willen stellen aan de Staatssecretaris? Wat mij betreft gaan weregelen dat deze regeling doorgaat, juist om te voorkomen dat we nietopnieuw een verkeerd signaal geven en de lessen van Nij begunonvoldoende meenemen.De heer Holman (NSC):Ik heb het niet genoemd, maar de heer Bushoff heeft het genoemd. Ikdenk dat hij een hele heldere vraag heeft gesteld. In essentie denk ik datwij vinden dat dat terecht is. Ik wil nog even horen wat de Staatssecretariszegt, wat voor antwoord hij daarop geeft en hoe hij denkt daarmee om tegaan. Nogmaals, we moeten een slag om de arm houden hoe wedaarmee omgaan en hoede financiële middelen de komende tijdaangewend gaan worden. Wordt vervolgd.De voorzitter:Er is een interruptie van de heer Bamenga.De heer Bamenga (D66):Ik ben het eens met de collega’s die hebben gezegd dat de heer Holmaneen mooie bijdrage heeft geleverd, dus dank daarvoor. Ik hoor ook wat deheer Holman zegt over de NAM. Daar had ik dus ook een vraag over. Ikvroeg me af wat voor consequenties het handelen van de NAM volgensde heer Holman moet hebben. We hebben mevrouw Beckerman, als ikhaar goed begrepen heb, gehoord over de «licence to operate». Dat vondik een mooie benaming. Zou dat ook consequenties moeten hebben voorverleningen van vergunningen aan de NAM?De heer Holman (NSC):Nee, dat vind ik niet. Dat is een andere discussie, die ook in een anderecommissie thuishoort, over gaswinning, leveringszekerheid en hoe jeomgaat met gas. Dat vind ik een andere problematiek, hoewel ik veelmeer zit met morele verantwoordelijkheid van wat je de NAM kuntnoemen, of de Shell. Als jij toezichthoudende functies hebt en je bentcommissaris van een bedrijf, dan leer je dat je drie verantwoordelijkhedenhebt. Eén. Voor je aandeelhouders. Twee. Voor je personeel. Drie. Voor demaatschappelijke positie die je hebt. Als ik kijk naar hoe zo’n Shell – wantdat vind ik toch een beetje de achterliggende positie van de NAM –opereert, dan zie ik dat ze daar een overfocus hebben op de aandeelhou-derswaarde. Alles is gericht op het pleasen van de aandeelhouders en hetin de benen houden van de beurskoers. Ik vind dus dat wij als Kamer deNAM, Shell, moeten aanspreken op hun morele verantwoordelijkheid. Alsjij tientallen miljarden winst maakt, en jij wilt de verantwoordelijkheid nietnemen voor enkele miljoenen, dan vind ik daar moreel wat van.De heer Bamenga (D66):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12225 Ik vraag me af of dat een andere discussie is. Als je het hebt over de NAMen zegt dat het een andere problematiek is om te spreken over het feit ofze wel of geen vergunningen zouden moeten krijgen, snap ik dat datmisschien bij een andere bewindspersoon hoort et cetera. Maar volgensmij zit hier wel een duidelijke lijn als het gaat om oorzaak en gevolg. Endan vind ik ook wel dat de heer Holman hier een mening over kan hebbenover het volgende. De vraag is namelijk of wij, op het moment dat er welof geen vergunning moet komen voor nog meer gaswinning, of wij hetdaar nu wel of niet mee eens zijn, zo’n partij, die eigenlijk laat zien nietbetrouwbaar te zijn en zich niet aan de afspraken te houden – u heeft daarzelf mooie teksten over geschreven – eigenlijk geen vergunningen zoudenmoeten geven in de toekomst. Ik probeer in de taal van de VVD tespreken. Op het moment dat blijkt dat er een helder antwoord komt vanuitde Staatssecretaris dat hier echt grenzen zijn overgegaan, moreel gezien –dat is al uitgesproken – maar ook op allerlei andere fronten, hoe kijkt deheer Holman hier dan tegen aan?De heer Holman (NSC):Hier ben ik het niet met u eens, omdat u twee dingen met elkaar verwart.Feit is dat wij nog jaren gas nodig hebben. 40 miljard kubieke meter gashebben we nog nodig. 28% van het gas halen wij dus uit de kleine velden.Zoals het er nu voor staat, gaan we misschien alle kleine veldenstopzetten en ontnemen we de NAM alle vergunningen die er zijn. Danmoeten we nog meer duur gas invoeren, dan komt leveringszekerheid inhet gedrang en komt betaalbaar gas wellicht in het gedrang. Dat is tochecht niet wat we zouden moeten willen. Ik denk dat de heer Bamenga datook niet wil. Voor ons, voor mij, zijn dat twee volstrekt gescheiden zaken,die op hun eigen merites moeten worden beoordeeld.De heer Bamenga (D66):Voor mij zijn dat niet twee verschillende zaken, juist als het gaat om deGroningers. Volgens mij staat in het hoofdlijnenakkoord: geen Groningsgas meer. Dat staat er volgens mij niet voor niets. Dus juist als we sprekenover het terugwinnen van vertrouwen – u heeft daar zelf mooie tekstenover gesproken – begrijp ik werkelijk niet waarom u ook niet meteen zegt:we stoppen ermee.De heer Holman (NSC):Ik denk niet dat deze discussie bijdraagt aan het terugkrijgen van hetvertrouwen van de Groningers. Ik was er de vorige keer niet; toen hebbenjullie ook een discussie hierover gevoerd. Waar praten we over? InWarffum wordt 1 miljard kubieke meter gas gewonnen. In het Gronin-genveld zit nog 500 miljoen kubieke meter gas. Oorspronkelijk was hetbijna 2.500 miljard kubieke meter gas. Daar is de kans op aardbevings-schade ontzettend groot; ik hoop dat het meevalt wat daar nog gaatkomen, maar daar is de problematiek groot. In Warffum is de proble-matiek veel kleiner. Het SodM zegt dat het daar veilig is. En de Ministerheeft gezegd: als daar maar het minste of geringste gebeurt, grijp ik in enzullen we ons maximaal inzetten om schade te voorkomen. Ik snap dus dediscussie en ik snap uw standpunt, maar ik hoop dat u snapt dat de viercoalitiepartijen nu tot een ander inzicht en een andere opvatting komen.Accepteert u ook wat de feiten zijn en in welke verhouding die staan.Schept u niet het beeld dat ver afstaat van hoe de verhoudingen zijn indeze problematiek.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik vraag me toch af of mijn collega van NSC goed heeft begrepen waar hethier over gaat. Het gaat over het herwinnen van vertrouwen vanGroningers. Alle Groningers zijn hierdoor geraakt, ook de mensen inWarffum. Toevallig waren we afgelopen weekend in Warffum. Ik weet nietTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12226 of de heer Holman in Warffum is geweest, maar de mensen daar zoudenhem hebben verteld dat ze zich absoluut in de steek gelaten voelen doorhet trucje van deze regering om daar alsnog gaswinning toe te staan. Dathet om een klein beetje gaswinning zou gaan, doet er niet toe. Sterkernog, het maakt het alleen maar erger, want de gevolgen voor de mensendaar, ook voor hun vertrouwen, zijn buitenproportioneel groot. Dat is hetprobleem. Warffum ligt ook aan het Groningenveld. De enquêtecommissieheeft juist in de casus Groningen gezegd dat een van de grote excusesvan de overheid om niet in te grijpen in Groningen de leveringszekerheidwas. Dat was al die jaren het grote probleem. Daar zouden we een les uitmoeten trekken. Mijn vraag aan de NSC-fractie is dus of ze bereid is ommet de Groningers in Warffum te spreken en haar standpunt over nut ennoodzaak van die gaswinning alsnog te herzien.De heer Holman (NSC):We zijn altijd bereid om te spreken met wie dan ook. Ik heb het net al ietstoegelicht in antwoord op een vorige vraag. We hebben 175 kleinegasvelden in Nederland. Bij elk klein gasveld speelt deze discussie. Diediscussie speelt wat nadrukkelijker in Groningen; dat snap ik ook. Maarvoor al die gasvelden ligt er een vergunning. Het is een andere zaak alshet gaat om het aanvragen van nieuwe vergunningen. Er komen er nogeen paar aan die in de andere commissie besproken zullen gaan worden.Daar doe ik geen uitspraak over, zeker nu niet. Je moet er een keuze inmaken wat je wel doet. Maar nogmaals, ik begrijp de zorgen in Warffum;ik begrijp de Groningers. Nogmaals, het grote herstel van vertrouwen inGroningen betreft veel meer de afhandeling van de schade en hoe je jeopstelt in de problematiek die er nu is. Dat is voor ons van veel en veel enveel grotere waarde dan nu een hele politieke discussie aangaan overWarffum. Nogmaals, zowel de Minister als SodM heeft daarover zeernadrukkelijke uitspraken gedaan en bijna maximaal gegarandeerd datdaar geen schade uit voort zal komen. Nogmaals, ik heb begrepen: bij hetminste of geringste, als u ook maar enigszins het gevoel heeft dat het nietgoedkomt, wordt er ingegrepen. Dat is hoe ik de discussie heb begrepen,maar ik zat er niet bij in die commissie. Maar dat is hoe wij er nu in staan.Kamerlid Kostic´ (PvdD):«Bij het minste of geringste grijpen we in.» Ik begrijp niet zo goed dat deheer Holman van Groningers verwacht dat ze dat vertrouwen in deoverheid kunnen opbrengen, na alles wat hen is aangedaan.Ik ga even een misschien wat technischer vraag stellen. De heer Holmanhad het erover dat je er altijd naar kunt kijken als er nieuwe vergunningenkomen of als er wordt verlengd. Het toeval wil dat er bij Warffum eenvergunning loopt tot en met december. Juist nu kunnen we dus als Kamer,als regering, beslissen om het anders te doen. Volgens de Partij voor deDieren, en met ons heel veel partijen hier in de Kamer, is het gezien alleswat er is gebeurd juist een signaal richting de Groningers om dievergunning niet vrij te geven, om die niet te verlengen. Is NSC dat metons eens?De heer Holman (NSC):Nee. Ik denk dat ik genoeg toegelicht heb hoe wij in de wedstrijd zitten.Dan kunt u het ook over feiten hebben. In Groningen werd 40 of 50 miljardkubieke meter gas gewonnen per jaar in een heel groot veld. Hier gaat hetnog over 1 miljard kubieke meter gas over een x-aantal jaren. Dat is vaneen volstrekt andere orde. Dat is een volstrekt ander risicoprofiel. Ik snapuw betoog over het vertrouwen. Daar heeft het mee te maken. Maar wijspreken ook mensen die zeggen: als de adviezen van SodM opgevolgdworden en als er maximale garantie is dat schade wordt voorkomen, dankunnen wij daar mee leven. Niemand zal daar ooit enthousiast overworden, maar ik heb ook nog nooit iemand gezien die bij welk gasveldTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12227 waaruit in zijn achtertuin gas werd gewonnen dan ook enthousiast werd.Deze problematiek speelt overal, bij elk veld. Hierbij speelt het watnadrukkelijker. Maar goed, hier is een keuze gemaakt en dat is het.De heer Bamenga (D66):Er wordt de hele tijd een soort administratieve scheiding gemaakt tussenhet Groningenveld en Warffum. Ik wil toch aangeven dat die scheiding ergeologisch niet is. Die gebieden hebben gewoon te maken met aardbe-vingen. Ook Warffum heeft te maken met aardbevingen. Ook Warffum ligtin Groningen en ze hebben daar last van aardbevingen, scheuringen enverzakkingen. Ik denk dat het niet helpt om het vertrouwen van deGroningers terug te krijgen als er administratief dit soort scheidingengemaakt worden. Ik snap dus werkelijk waar niet dat de heer Holman nietgewoon zegt, zeker na de uitspraak vanuit de NAM, waarover hij in zijneigen bijdrage duidelijke teksten sprak: het is niet meer uit te leggen datwij hun vergunning in de toekomst blijven verlengen. Waarom zegt deheer Holman dat niet?De heer Holman (NSC):Het is leuk dat ik zo veel vragen krijg over dit gegeven. Ik moet ongeveersteeds hetzelfde antwoord geven. Ik heb moeite met de suggestie van deheer Bamenga dat Warffum een aangesloten veld is bij het Groningen-veld. Dat is volstrekt niet juist. De suggestie dat er een parallel is tetrekken tussen Warffum en het Groningenveld ... Die velden hebben onderde grond geen verbinding met elkaar. Het ene is een megagroot veld. Hetandere is een heel klein veld, waar we nog ietsje uit gaan halen. Juist doordeze discussie zo op te rakelen en mij dit voor de voeten te werpen,draagt u zelf echt niet bij aan het oplossen van het probleem in de zin datdit leidt tot herstel van vertrouwen.De heer Bamenga (D66):Ik vind het ontzettend vreemd, echt waar. Nogmaals, ik kon me ontzettendgoed vinden in het begin van uw bijdrage. Maar toen ik vervolgens eeninterruptie pleegde over uw positie, begreep ik het antwoord echt niet. Ikvroeg: «Welke consequenties verbinden wij aan het feit dat we deuitspraak van de NAM allemaal zo schandalig vinden? De NAM heeftnamelijk eenzijdig aangegeven: weet je wat, wij gaan stoppen met onzebijdrage aan de hersteloperaties.» Wij vinden het allemaal schandalig engebruiken grote woorden, maar als het erop aankomt – welke conse-quenties heet het? – laat NSC het uiteindelijk gewoon liggen. Dat begrijpik niet en het is wat mij betreft ook niet uit te leggen.De heer Holman (NSC):Dank u wel voor de vraag. Ik heb het vijf keer uitgelegd. Als de vragen-steller het met mij oneens blijft, dan is dat zo.De voorzitter:Dan ga ik naar een interruptie van de heer Vermeer.De heer Vermeer (BBB):Ik heb nog wel een vraag aan de heer Holman, want in zijn betoog zei hijmeerdere keren dat hij wacht op de juiste antwoorden. Ik ga straks ookwat vragen stellen en dan wacht ik gewoon op het antwoord. Daarnabeoordeel ik dan wat ik ervan vind. Maar de heer Holman heeft al eenduidelijk beeld van wat het juiste antwoord is. Zou hij die juisteantwoorden er nu misschien alvast bij willen leveren? Dan weten wetenminste wat de heer Holman zelf wil.De voorzitter:Meneer Holman, er rust een last op uw schouders.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12228 De heer Holman (NSC):Ik wil duidelijk maken dat ik veel vertrouwen heb in de Staatssecretaris. Ikga ervan uit dat hij de antwoorden gaat geven die ik graag zou willenhoren.De heer Vermeer (BBB):Welke antwoorden wil de heer Holman dan horen?De heer Holman (NSC):Ik zou graag horen dat de Staatssecretaris er echt voor gaat en dat hijkomt met een plan van aanpak om de problemen die tot voor kort beperktof niet in de gewenste mate werden opgelost, alsnog op te lossen. Ik wilhoren dat hij de intentie uitspreekt hoe hij dat gaat doen en hoe hij hetvertrouwen van de Groningers weer gaat terugwinnen. Dat is gewoonheel erg nodig en dat betekent vooral een adequate aanpak van hetherstel in Groningen. Door diverse sprekers zijn meerdere voorbeeldengenoemd van uitdagingen en van wat beter kan. Dat is wat ons betreft ooknodig. En nogmaals, wij hebben er vertrouwen in dat de Staatssecretarisdat adequaat op gaat pakken.De heer Vermeer (BBB):Het zou ook nog eens zo moeten zijn dat wij er geen vertrouwen inhadden, want dan hebben we pas echt een probleem. Als we zelfs onsbewindspersonen niet vertrouwen, hebben we natuurlijk echt eenprobleem. Maar ik wil dan wel graag weten wat volgens de heer Holmaneen adequate aanpak is. Hij suggereert precies te weten hoe de Staatsse-cretaris moet antwoorden, maar hij kan zelf niet aangeven welkeantwoorden daarbij horen. Hoe kan hij dat dan beoordelen? Ik kan dat inieder geval niet. Dat is voor mij onmogelijk.De heer Holman (NSC):Een veilig Groningen met perspectief, wordt wel gezegd, en verder demenselijke maat bij de afhandeling van zaken. Ik heb zelf genoemd wat wijin Groningen met eigen ogen hebben gezien: zaken die al acht, negen,tien jaar spelen. Er zijn nu mogelijkheden om dat versneld op te pakken ente doen. Ik noem verder de interventieteams en de Commissie BijzondereSituaties die de problemen nu daadwerkelijk gaan oplossen. Tot voor kortis dat er nog weleens bij blijven zitten. Ik verwacht dergelijke zaken tehoren in de beantwoording van de Staatssecretaris. Hij moet dat gaandoen en ik dacht dat de heer Vermeer blij zou zijn dat ik uitspreek dat ik erook zeer veel vertrouwen in heb dat hij dat gaat doen.De voorzitter:Dank u. Ik ga naar mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter. Vorig jaar werd na de parlementaire enquête plechtig beloofddat er een ereschuld was aan Groningen, maar nu blijkt uit onderzoek dathet vertrouwen van gedupeerden stagneert. Vorig jaar werd plechtigbeloofd dat de Staat niet meer in hoger beroep zou gaan tegen bewoners,maar nu is er weer een hoger beroep ingesteld tegen een gedupeerde diegelijk kreeg van de rechter. Vorig jaar werd beloofd dat het allemaal«milder, menselijker en makkelijker» zou worden. Nu lopen gedupeerdenalsnog vast in een gekmakende, wanstaltige bureaucratie. Vorig jaar werdbeloofd dat gedupeerden die eigen geld hadden moeten investeren,schadeloos zouden worden gesteld. Nu kregen gedupeerden vrijdagaangetekende brieven dat het nog maanden langer kan duren. Vorig jaarlag er een aanpak klaar om ongelijkheid aan te pakken. Nu zegt 89% vande respondenten in een onderzoek van Vereniging Eigen Huis dat dezeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12229 ongelijkheid tot conflicten en spanning leidt. Vorig jaar hadden we altijdgelijk gehad. Nu krijgen we dat gelijk nog steeds niet.In een jaar kun je niet oplossen wat in vele jaren kapot is gemaakt, maarals je aanpak berust op een verkeerd fundament, ga je het nooit oplossen.Vandaag noem ik voorbeelden van fundamentele problemen die dehuidige aanpak doen falen, en deze lijst is verre van compleet. Wepresenteren ook een uitweg, een totaalaanpak die werkt voorgedupeerden.Voorzitter. Er gaat geen dag voorbij of mensen spreken mij aan op deversterkingsaanpak. Zo heb ik dit weekend en vandaag contact gehad metWilleke Slager uit Loppersum. Zij woont op de plek waar de versterking in2015 had moeten beginnen, maar negen jaar later is ze al haar vertrouwenverloren. «We hebben geen enkel aanspreekpunt meer», zegt ze op RTVNoord. Ze heeft me ook haar dossier laten zien met de NCG. De project-leider zegt letterlijk dat het woord «onrecht» op z’n plaats is en dat het –scheldwoord dat ik hier niet kan noemen – frustrerend is. Haar dossier laatzien dat je als bewoner wel mooie afspraken kunt maken met bewoners,begeleiders en projectleiders, maar dat daar jaren later op teruggekomenkan worden en dat er zo veel lagen binnen de NCG zitten dat de weg vanonder naar boven vele obstakels kent.Hoe ziet de Staatssecretaris dit? Wat wil hij daaraan doen? Deze mensenzitten nog in de versterking. Anderen worden er na jaren wachten met eenpennenstreek uitgegooid. Herkent de Staatssecretaris dat bewoners metnieuwe rapporten die ineens verklaren dat de woningen «op norm» zijn,onrecht wordt aangedaan?Al jarenlang kaarten we deze problemen aan. In 2022 werd gezegd: nukomt de kentering; we starten in vier dorpen met een nieuwe aanpak.«Eindelijk actie!», zeiden bewoners toen opgelucht. En nu? Nu zeggenbewoners in het eerste dorp: «Het loopt voor geen meter». Volgens mij iser geen woning opgeleverd, of misschien één. Mensen wachten al twaalfjaar in het dorp en zeggen: «Het wordt gewoon een spookdorp». Zekomen niet door de bureaucratie heen. Als dit ene dorp al zo lang duurt,hoelang duurt het dan wel niet voordat je 50 dorpen hebt gedaan? Ofworden die dan na verloop van tijd ook allemaal «op norm» verklaard?Deelt de Staatssecretaris dat het niet genoeg is om de aanpak anders tenóémen, maar dat er ook echt grootschalig gesnoeid moet worden in debureaucratie en het georganiseerd wantrouwen?Opnieuw vragen we ook aandacht voor huurders, zoals Alja in dePatrimoniumstraat in Appingedam, die in een ziekmakende schimmel-woning zit. Elke dag wordt ze zieker. Deze bewoners smeken om duide-lijkheid, net als veel andere huurders, maar die komt er niet. Wat gaat deStaatssecretaris voor hen doen? Hoezo «milder, menselijker, makkelijker»?Deze problemen met wanstaltige bureaucratie spelen niet alleen bij deversterking maar ook bij de schadeafhandeling en in de samenwerkingtussen IMG en NCG. Het lijkt echt alsof ze rondgaan in cirkeltjes. Denkenwe net iets te hebben gewonnen, komt het net zo hard weer terug. Wordter eindelijk schade afgehandeld bij de gasopslag, krijgt de trillingstoolweer een grotere plek, waardoor schades worden afgewezen en wordener weer deskundigen ingezet die niet deskundig zijn.Voorzitter. Waarvan ik vorige week echt compleet uit mijn vel sprong, wasde hogerberoepzaak tegen gedupeerden. Vorig jaar werd het nog zoontzettend plechtig beloofd: de Staat zal niet meer doorprocederen tegenbewoners die gelijk hebben gekregen van de rechter. Daar was eenKamermotie voor nodig. Ik heb daar in de rechtszaal gezeten metbewoners die iets heel redelijks eisten en van de landsadvocaat hoorden:ja, maar als we het voor jullie doen, dan moet het voor iedereen. Ja, datmoet inderdaad. Maar gelukkig: het zou niet meer gebeuren. De hogereberoepen van vorig jaar werden ingetrokken. Maar nu? Nu gaat het IMGdoodleuk weer doorprocederen tegen inwoners. En het ergste: jarenlanghebben we naar scheldwoordsmoezen moeten luisteren van de NAMTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12230 waarom schade niet door gaswinning zou komen. «Uw vrouw is te dik.»«Uw dochters douchen te vaak.» «Er zitten mollen in het gras». Enzovoortenzovoort. En die smoezen waren zo ... Je werd er helemaal gek van. Enwat zien we nu? Nu gebruikt de Staat dezelfde soort scheldwoord-smoezen. In dit geval, in deze rechtszaak, is het dat de shovel te zwaar zouzijn en dat er verschil zou zijn in de temperatuur tussen winter en zomer.Nou, nou, hup: hoger beroep. Dit kan echt niet. Dit kán echt niet. Trek hethoger beroep in. «Milder, menselijker, makkelijker», weet u nog?Voorzitter. Er is één regeling in Groningen die al jarenlang wel heel goedwerkt, de waardevermeerderingsregeling, en telkens opnieuw zijn erplannen om ’m af te schaffen. Met één stem meerderheid lukte hetNijboer en mijzelf vorige keer om ’m te behouden, tot februari. Eén stem.Daarna zou er een nieuwe regeling zijn, maar die verduurzamingsregelingis vertraagd, horen we van het kabinet. De waardevermeerderingsregelingwordt nu wel afgeschaft, terwijl veel bewoners er geen gebruik vanhebben kunnen maken omdat een groot deel van de schadeafhandelingvorig jaar stillag. Is de Staatssecretaris van mening dat we de waardever-meerderingsregeling moeten behouden? Klopt het ook dat er nog ruim93 miljoen in de pot zit? Hoe kan het, vragen we de Staatssecretaris, datde verduurzamingsregeling is vertraagd en waarom wordt met dieregeling nieuwe ongelijkheid gecreëerd?Voorzitter. Dan wil ik drie problemen aanhalen waar we al vaker aandachtvoor hebben gevraagd. Eerst de problemen met de Belastingdienst. Het zitzo. Gedupeerde Groningers die een schadeloosstelling of compensatiekrijgen, komen soms op verschillende manieren in problemen metbelastingen. Mensen raken toeslagen kwijt, mensen raken kwijtschel-dingen kwijt of ze moeten extra belasting betalen. Op de website van deBelastingdienst zie je een heel keurig overzicht dat er voor anderegroepen uitzonderingen zijn. Het is een heel keurig rijtje, corona-uitkeringen in de zorg bijvoorbeeld of schadeloosstelling van gedupeerdetoeslagenouders. Dan wordt het niet gezien als vermogen. Maar er staatop die website ook een kadertje: let op, ben je gedupeerde Groninger;helaas, voor jou geldt het niet! Er staat zelfs een uitroepteken bij. Inantwoord op onze Kamervragen schrijft de Staatssecretaris datgedupeerden wel hun geld terug kunnen krijgen. Ja, maar wat moet degedupeerde dan doen? Nou, de Staatssecretaris soms ze op. Ze kunnennaar IMG, NCG, Belastingdienst, de inner van de waterschapsbelasting.Vijf plekken worden opgenoemd waar gedupeerden dan naartoe moeten.Gedupeerden worden naar al die plekken gestuurd. In theorie komt hetdan goed, maar in de praktijk niet. Waarom deze bizarre bureaucratie?Waarom mensen naar vijf plekken sturen terwijl het voor gedupeerdenvan andere schandalen wél geregeld is? Hoezo milder, menselijker enmakkelijker?Dan batch 1588. Jarenlang heb ik met Henk Nijboer moeten vechten, bijnaletterlijk, om een motie erdoor te krijgen om gedupeerden die eigen geldhadden moeten inleggen voor de versterking alsnog te compenseren. Datis een enorme strijd geweest. Meerdere moties werden verworpen en delaatste werd aangenomen. Daar was ik zó blij mee. Vijlbrief schreef aan deTweede Kamer: in Q1, kwartaal één, zouden gedupeerden uitsluitselkrijgen. Alle gedupeerden? Nee, batch 1588 wacht nog steeds. Afgelopenvrijdag kregen sommigen een aangetekende brief: u moet nog maandenlanger wachten. Hoezo milder, menselijker en makkelijker? Wil deStaatssecretaris zorgen dat zij voor kerst hun geld hebben en bewonersdie nog in deze batch zitten en nog wachten op een veilig huis garanderendat ze terugkrijgen wat ze hadden? Er zijn nog steeds zoveel problemen indeze batch.Voorzitter. Het derde punt dat ik nogmaals wilde maken, is het punt vanbouwfouten. Is je huis na jaren strijd eindelijk klaar, blijken er bouwfoutente zijn gemaakt. Mensen die jaren in een wisselwoning hebben gezeten,moeten weer terug omdat hun huis gebrekkig blijkt. Al jarenlang vragenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12231 we daar aandacht voor. Voorkom het en als het gebeurt, zorg datbewoners niet weer een lange strijd moeten leveren. We snappen heelgoed hoe dit probleem ontstaat. Sommige gemeenten moeten zoveelherbouwen dat het bouwtoezicht soms tekortschiet. Maar we moeten ditwel regelen, want we zien nu dat mensen weer maanden terug moetennaar een wisselwoning of weer een hele strijd moeten leveren. Wat wil deStaatssecretaris hieraan doen?Voorzitter. Al deze voorbeelden vandaag laten zien hoe wanstaltig debureaucratie is waar gedupeerde Groningers en Drenten nog steeds invastlopen, hoe groot het wantrouwen is, hoe er nog steeds bakken metgeld naar overhead gaan maar niet naar de mensen. Juist de zwaarstgedupeerden die al lang wachten, komen er niet door. Dat gaan we nietoplossen met weer een nieuwe pilot of een mooie verklaring om nu echtbeter te gaan samenwerken. De ongelijkheid wordt echt alleen maargroter. 89% van de respondenten in een enquête van Vereniging EigenHuis ervaart dat de ongelijkheid tot conflicten en spanning leidt. Het moetdus echt fundamenteel anders. Er ligt al een jaar lang een oplossing klaar,het rapport-Van Geel: maak de uitkomst gelijk, iedereen een veilig enhersteld huis, compensatie en verduurzaming. Maar die aanpak is er nogsteeds niet want het kost geld en daarom worden moeilijke beslissingenvooruitgeschoven, bijvoorbeeld over de groep die van de NAM te weinigheeft gekregen. Maar Groningen was toch beloofd dat geld geen rol zouspelen en dat het opgelost zou worden? Daarom pleit ik vandaag metJulian Bushoff opnieuw voor een totaalaanpak. Geef alle gedupeerden hetrecht op een totaalaanpak. Eén plan voor hun huis dat alles omvat, binneneen jaar. Maak het recht hierop ook echt afdwingbaar. Voor toeslagen-ouders gaat het eindelijk in stappen gebeuren; het amendement-Leijtenwordt uitgevoerd. Wat voor toeslagenouders kan, kan voor Groningersook. Graag een reactie van het kabinet.Voorzitter. Dan Shell en Exxon, die niet mee willen betalen, niet hun deelvoor schade, niet hun deel voor onveiligheid, niet hun deel voor sociaalen economisch herstel. Het is geen nieuws: ze waren harteloos, ze blijvenharteloos. Daarin moet het kabinet een veel harde opstelling kiezen. Belastze maar. In het interview viel één zin mij op. De NAM-directeur zei overhet kabinet: «Tegelijkertijd merk ik dat we weer dichter bij elkaar komen.»En: «Er is bereidheid om naar elkaar te luisteren.» Is dit een valseopmerking of is dit realiteit? Komt u nader tot een partij die ons zo hard devernieling in drukt en weigert te betalen?Tot slot. Shell, Exxon en de NAM stellen zich harteloos op. En die club wilnu acht jaar lang extra gas winnen bij Warffum! Ik was daar zaterdag:bijna geen huis zonder schade. Recent waren er twee aardbevingen. Hoekun je Shell en Exxon opnieuw acht jaar gaswinning gunnen? Is dat noumilder, menselijker en makkelijker?Dank u wel.De voorzitter:Dank u. Meneer Vermeer.De heer Vermeer (BBB):Dank u wel, voorzitter. In Groningen en Noord-Drenthe willen wij met deGroningers en Drentenaren gaan bewijzen dat het oplossen vanproblemen loont. Zo hebben wij het in ons verkiezingsprogramma gezeten zo willen wij het de komende tijd ook aanpakken. Luisteren naar wat deGroningers en Drentenaren nodig hebben, niet van bovenaf geregisseerdmaar dienstbaar zijn en de ereschuld aflossen.Meerdere collega’s hebben al punten genoemd die wij ook aangedragenhebben gekregen vanuit Groningen. Mag ik dit eerste blokje evenafmaken, voorzitter?De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12232 Nou, dat gaat misschien wel wat ver, afhankelijk van de lengte van uwblokje, natuurlijk.De heer Vermeer (BBB):Nee, nee, ik wil heel kort ...De voorzitter:Het is een hele kleine interruptie. Misschien is het wel lekker om dietussendoor te doen.De heer Vermeer (BBB):O, u wilt er «Drenthe» van maken. Nou, dat lijkt me goed.Mevrouw Vedder (CDA):Ik wil de heer Vermeer een uitgestoken hand aanreiken en hem helpenmet de terminologie, want Drenten zijn niet «naar», de Drenten zijngewoon Drenten.De heer Vermeer (BBB):Als Veluwenaar zal ik ze in het vervolg «Drenten» noemen.De heer Kops van de PVV vroeg er ook al naar: de integrale aanpak. Ookmevrouw Vedder stelde hier al vragen over. Ik zal hier verder dus niet opingaan, net als op de waardevermeerderingsregeling, waar mevrouwBikker in een interruptie vragen over stelde aan de heer Holman en diemevrouw Beckerman ook al heeft genoemd.Ik zou eerst willen horen welke stappen de Staatssecretaris heeftondernomen tussen het laatste debat over Groningen in september en nuen of hij in de tussentijd obstakels is tegengekomen in de uitvoering vanNij begun. Kan hij iets van zijn persoonlijke ervaringen hiermee vertellen?Voorzitter. 15 november kwam het nieuws naar buiten dat de NederlandseAardolie Maatschappij, de NAM, niet meer wil meebetalen aan deleefbaarheid van Groningen. De betalingen die de NAM deed warenvolgens hen gekoppeld aan de winningen uit het Groningenveld. Nu datgestopt is, wil de NAM zo snel mogelijk haar biezen pakken. Ik wil hierheel duidelijk over zijn: als overheid hebben wij een ereschuld, maar nietalleen de politiek heeft een ereschuld, de NAM draagt deze ereschuld watons betreft net zo goed. Het is schandalig dat de NAM in de eerste plaatszelf niet het morele kompas blijkt te bezitten om de juiste keuze te maken.Met haar communicatie veroorzaakt ze bovendien massaal onrust en datis onverantwoord gedrag. Ik wil hier graag iets meer over zeggen voordatik een interruptie krijg, want er zijn wat mij betreft meerdere kanten aandeze zaak. De NAM wil ook nog eens de handen in onschuld wassen doorte zeggen dat haar taak er als het ware op zit. Ze hebben 343 miljoen eurogeïnvesteerd, de gaskraan is dichtgedraaid en de NAM vindt het welletjeszo. Het leed en de ellende die de Groningers en Drenten zijn aangedaanen de gevolgen die ze tot op de dag van vandaag ervaren, zijn mede deverantwoordelijkheid van de NAM. Of hebben we als overheid gewoonhele slechte contracten gesloten? Dat moeten wij ook weten. En wie heeftde overheid hierbij geadviseerd? Mochten we verkeerde contractengesloten hebben, kunnen we de mensen en organisaties die ons geadvi-seerd hebben, hier dan ook verantwoordelijk voor stellen? Ik snap dat deheer Holman een motie wil om ze aan te pakken. Wat mij betreft wordt er,als we in ons recht staan, desnoods gewoon beslag gelegd op detegoeden van Shell en Exxon. Dat interesseert me helemaal niets. Je moetalle middelen inzetten die je hebt als je ergens een geschil hebt, maar hetis wel heel erg belangrijk dat we eerst weten hoe het in elkaar zit om tevoorkomen dat wij onze bewindslieden met onmogelijke opdrachtenopzadelen en onszelf politiek belachelijk maken omdat wij niet snappenhoe contracten in elkaar zitten of daar niet eerst naar gevraagd hebben.Dat was het punt dat ik hierover wilde maken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12233 De voorzitter:Dat was uw eerste blokje, begrijp ik.De heer Vermeer (BBB):Ja. Nee, het tweede.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik ga even helemaal terug naar het begin van de inbreng van de heerVermeer van de BBB. Hij zei dat collega’s vragen hebben gesteld over deeenoverheidsaanpak, waardoor mensen niet meer met het IMG, de NCGen al die verschillende instanties van doen hebben. Daar loopt een pilotvoor in Groningen. Door mevrouw Beckerman en mijzelf wordt eenvoorstel gedaan voor zo’n totaalaanpak, die daar erg bij aansluit: je maaktéén keer een set afspraken over de versterking van je huis, over hetschadeherstel en over de verduurzaming. Ik ben benieuwd wat de heerVermeer daarvan vindt: voelt hij voor zo’n totaalaanpak?De heer Vermeer (BBB):Ja, ik denk dat zo’n totaalaanpak juist essentieel is om problemen op telossen, want het gaat niet om de vraag onder welke organisatie iets valtmaar om het huis en de mensen die daarin wonen. Dat zal altijd de insteekmoeten zijn bij alles wat de overheid doet. Ik kom straks verder in mijnverhaal nog terug op wat wij voor de economie van Groningen moetendoen.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik heb nog een laatste interruptie, als ik goed heb geteld. Dank voor ditantwoord. Dan toch ook nog even dat andere punt waarvan u zei dat udaar niet op ingaat, namelijk de waardevermeerderingsregeling. Ik benimmers benieuwd hoe de BBB-fractie daarnaar kijkt. Het ding met diewaardevermeerderingsregeling is immers juist dat heel veel mensenbeloofd is dat zij daar aanspraak op kunnen maken. Als die regeling op1 februari daadwerkelijk stopt, worden al die mensen die beloofd is dat zijdaar aanspraak op konden maken, geconfronteerd met een gebrokenbelofte. Het lijkt me dat we dat niet willen, maar het hoeft ook niet, wanter zit gewoon nog 93 miljoen euro in die pot met geld. Voelt u ervoor omdaar niet per se nu nieuwe middelen aan toe te voegen, maar om dieregeling in ieder geval te verlengen met de middelen die nog in die potmet geld zitten?De heer Vermeer (BBB):Ik zou graag de oproep aan de Staatssecretaris willen doen om daarduidelijkheid over te geven: wordt er verwacht dat er te weinig geld is ofdat er te weinig tijd is? Als er door verlenging gewoon met hetzelfde geldwat mogelijk is, zou ik graag horen wat daar de mogelijkheden en/of deonmogelijkheden voor zijn, want het klinkt mij logisch in de oren dat je,als het geld er gewoon is, dan gewoon de datum maar op moet schuiven.Daarvoor zijn we wellicht nog op tijd, maar dat hoor ik graag.De voorzitter:U heeft nog een interruptie van de heer Holman.De heer Holman (NSC):Ja, over de NAM. De heer Vermeer heeft een duidelijk standpunt, maar isde heer Vermeer het met ons, met mij, eens dat het twee verschillendegrootheden zijn, namelijk het conflict over het vroegtijdig stoppen van deaardgaswinning en het herstel? Wij hebben een knip gemaakt: het ene isecht een juridisch conflict, waarvan je, zoals de heer Vermeer schetste,wel de feiten allemaal moet hebben voordat je daar wat van kan vinden.Maar de afhandeling is meer een morele kwestie, waarbij qua inhoudelijkeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12234 onderbouwing niet zoveel mogelijk is, anders dan dat we zeggen dat wijvinden dat de Groningers daar recht op hebben en dat de NAM daarverantwoordelijk voor moet zijn.De heer Vermeer (BBB):Ja, uiteraard vind ik moreel gezien dat ze moeten betalen, maar als je bijde rechter staat, dan heb je niet zo veel aan wat je moreel zou willen. Hetgaat er dan om wat er is afgesproken en wat er in de contracten staat. Hetkan niet zo zijn – daar moeten we ook als politiek voor opletten – dat alswij vinden dat iets moreel zo is, je daaraan hebt te voldoen, want dat zouhele grote consequenties gaan hebben voor al het overheidshandelen enalles wat wij hier doen. Als wij in een contract hebben afgesproken dat hetafhankelijk is van die winning, hebben wij als overheid ook onze afsprakenna te komen. Vertrouwen in de overheid begint met het nakomen vanafspraken.De heer Holman (NSC):Ik snap die redenering wel, maar dat is niet het punt dat ik en een aantalcollega’s maken. Ik ga uit van het goede van de mens. Ik ga ook uit van deredelijkheid van de mens. Ik hoop en verwacht dat de verantwoordelijkenbij de NAM of bij Shell dat ook gaan zien en daarom geen juridische strijdaan willen gaan en, uitgaande van goed met elkaar omgaan, hier hunverantwoordelijkheid in nemen. Kunt u zich dat voorstellen?De heer Vermeer (BBB):Ik hoor het u zeggen, maar ik zie gewoon het gedrag van de NAM, diezegt: we gaan niet betalen. U kunt dan willen dat zij van alles anderszouden moeten doen, maar zij hebben al iets anders gezegd. Ik vind datnaïef. Ik ga ervan uit dat bedrijven als de NAM en multinationals als Shellen ExxonMobil niet zo dom zijn om uitspraken te doen die ze niet eerst aljuridisch getoetst hebben, want in zo’n organisatie gaat je kop er meteenaf als je dat doet. Ik denk dat u daarin niet naïef moet zijn en ook niet deverkeerde verwachting naar de mensen in Groningen moet wekken datzo’n onderneming er gevoelig voor zou zijn als wij hier roepen dat hetmoreel verwerpelijk is. Ik vind het niet verstandig van ze, want ze vragenook allerlei andere dingen in andere trajecten van ons. Ik vind dat nietslim, maar dat is weer wat anders. Mensen hebben het recht om dommedingen te doen.De voorzitter:Gaat u verder.De heer Vermeer (BBB):Als BBB hebben wij altijd gezegd dat de belangen van de regio leidendmoeten zijn. De burgers, lokale en provinciale bestuurders weten als geenander wat er nodig is, en hebben wat ons betreft een centrale leidende rolnodig. Hiertoe hebben wij in het verleden een motie ingediend, welkeunaniem is aangenomen. We zorgen ervoor dat de regio centraal komt testaan, ook in Nij begun staat dat gedeputeerden bijvoorbeeld een centralepositie moeten hebben in de aanpak van het schadeherstel en deversterking. Wij begrijpen dat in de regio een visie is ontwikkeld met alseinddoel een veilig, schadevrij, verduurzaamd, leefbaar en mooiGroningen, waarbij de bewoners weer grip krijgen op hun eigen leven.Naar dit doel wordt toegewerkt vanuit een herstelagenda. Is de Staatsse-cretaris bekend met deze visie en hoe kijkt hij ernaar? Ik verwacht wel dathij ermee bekend is, maar stel die vraag voor de zekerheid toch maar. Ookben ik benieuwd welke bijdrage de Staatssecretaris aan deze beweginglevert. Hoe verhoudt deze aanpak zich tot de commissie-Van Geel en de inNij begun vermelde sociale en economische agenda? Wat heeft deStaatssecretaris eventueel nodig om deze ontwikkeling door te zetten?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12235 Kan de Staatssecretaris voor het debat van 30 januari 2025, in samen-spraak met de regio, een concreet voorstel naar de Kamer sturen, waarinde beantwoording van de eerdere vragen tot uiting komt? En kan hij ookaangeven hoe een herstelagenda verder kan worden opgepakt?Aan deze commissie vraag ik of het verstandig is dat we in de eerstvol-gende procedurevergadering – ik denk dat die dan onder de commissieBinnenlandse Zaken plaatsvindt, waar ik niet direct lid van ben – eenoproep doen voor een rondetafel over dit hele gebeuren voor 30 januari,waarvoor ook bestuurders uit de regio, projectleiders startgebieden,bewoners, medewerkers en directie van IMG en NCG worden uitge-nodigd. Ik vraag aan mijn collega’s of een van hen dit wil oppakken.Daarnaast moeten we kiezen voor een integrale aanpak. We kunnen hierallemaal mooie plannen naar voren brengen en de beste wensenuitspreken voor wat we willen bereiken, maar we moeten ook kijken water op andere ministeries gebeurt en welke andere besluiten voorliggenaan deze Kamer. Partijen kunnen bijvoorbeeld heel erg voor of tegen demogelijke opening van Lelystad Airport zijn, maar iedereen moet ookbeseffen dat, mocht dat vliegveld ooit opengaan – wat ons betreft niet –dat ook grote gevolgen zal hebben voor de rentabiliteit van GroningenAirport Eelde. Daar vertrekken op dit moment zo’n 2.500 vakantievluchtenvandaan. Ik wil een beroep doen op de Kamer om dit soort dingen altijdintegraal te bekijken en niet straks te zeggen: dat is een besluit van onzeIenW-woordvoerder. Wij moeten ook onze collega’s erop aanspreken alszo’n besluit voorligt, want dat heeft grote gevolgen. Wij kunnen nog zoveel praten over economie, maar als we bestaande succesvolle econo-mische activiteiten om zeep helpen, zijn we het tegengestelde aan hetdoen.Ik ga afsluiten. In de reactie van de Staatssecretaris op de beslissing vande NAM somde hij heel treffend op waarom het herstel Groningenabsolute prioriteit moet blijven hebben. Er zijn kinderen die in bouwputtengroot geworden zijn en in hun leven soms wel 60 schade-experts in hunslaapkamer hebben gehad. Nou, dat is wel het laatste wat je in jeslaapkamer wilt hebben. Ouders zijn gescheiden door de persoonlijkeellende die de aardbevingen en de nasleep ervan met zich meebrengen.Levens zijn overhoop gehaald. Dit moeten wij rechtzetten, wij alsoverheid, de politiek, de NAM. Daarbij gaat het niet alleen om het herstelvan huizen. Het gaat ook om het herstel van leefbaarheid, van kansen enperspectief op een mooi Groningen. Maar het gaat ook om herstel van deregionale economie. Groningen heeft namelijk enorm veel potentie. Latenwe vooral naar de Groningers luisteren om te zien wat wij vanuit hiermoeten doen om deze potentie te realiseren. BBB wil ervoor zorgen datdit niet vergeten wordt in Den Haag en dat we de ereschuld die wehebben aan Groningen en Drenthe blijven aflossen.De voorzitter:U heeft een interruptie van mevrouw Kostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Mooie woorden van de BBB over ereschuld en het luisteren naar deGroningers. We kunnen nog voor december nadenken over de vraag of devergunning voor gaswinning in Warffum moet doorgaan of niet. Is de BBBbereid om met een aantal partijen hierover mee te denken en te kijken ofnut en noodzaak van het verlenen van die vergunning wel echt zo grootzijn? Of moeten we toch nadenken over de vraag wat de Groningers daarwillen?De heer Vermeer (BBB):Wij hebben in het hoofdlijnenakkoord, in de coalitie, afgesproken dat wijde gaswinning in het Groningenveld zullen stoppen en dat anderegaswinning nog wel mogelijk is. Maar er zit één belangrijke voorwaardeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12236 aan. Die voorwaarde is niet leveringszekerheid. Die voorwaarde is nietwinstpotentie. Die voorwaarde is niet hoeveel er gewonnen kan worden.Er is maar één voorwaarde en die is: kan het veilig? Dat criterium is voorons leidend, mochten wij ooit een voorstel krijgen om hier als Kamer-fractie een besluit over te nemen.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Dan toch ter verduidelijking. Het gevoel van veiligheid is voor Groningersbreder dan alleen maar een rapport van een instantie die een inschattingmaakt over de geologische gevolgen. Het gevoel van veiligheid is brederdan dat. Het is ook een stukje vertrouwen in de overheid dat we altijdachter de Groningers blijven staan en dat we inderdaad rekening houdenmet die ereschuld. De heer Vermeer heeft zojuist gezegd altijd te zullenluisteren naar de inwoners van Groningen. Is de BBB dan bereid ominderdaad te luisteren naar de inwoners van Groningen in het geval vanWarffum en op basis daarvan te besluiten of de vergunning wel of nietmoet worden verleend?De heer Vermeer (BBB):Het lid Kostic´ onderstreept hier precies waar het wat ons betreft over gaat.Wij luisterden daarnaar. Daarom hebben wij maar één criterium, namelijkof het wel of niet veilig kan. De rapporten die wij daarover krijgen, zullenook voldoende vertrouwen moeten geven aan de bevolking. Ik snap datdit echt ingewikkeld is. Wij snappen die gevoeligheid. Wij hebben datbijvoorbeeld ook gezien in zoekgebieden voor munitiedepots en kerncen-trales. Overal waar je ook maar rekening kan houden met de gevoelensdie er zijn en met het gevoel van veiligheid of onveiligheid moet je datdoen. Eigenlijk is het hier hetzelfde als bij de NAM. Er zijn al concessiesverleend voor dat gebied. Als een winningsplan wordt ingediend waar hetstempel «veilig» op staat, dan is wat ons betreft de realiteit dat je datmoet kunnen laten doorgaan.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Ik heb een korte vraag. Wat vindt BBB van hoe we verder moeten omgaanmet het rapport-Van Geel?De heer Vermeer (BBB):Dat rapport van Van Geel gaat over onverklaarbare verschillen. Ik denk datdaarmee aan de slag moet worden gegaan. Daarom ben ik ook blij dat inhet regeerprogramma staat: koste wat het kost en zolang als nodig is. Watmij betreft horen daar ook dit soort zaken bij. De realiteit is dat er in debegroting nog geen concreet geld aan is gekoppeld. Ik ben heel benieuwdnaar de beoordeling van de Staatssecretaris over hoelang hij met hethuidige geld toekan om in de geest van dit rapport te kunnen handelen enwaar dat stopt. Volgens mij hebben we daar gewoon een uitdaging. Straksbij de bespreking van de Voorjaarsnota hebben we nog wel wat meeruitdagingen, maar daar is dit er eentje van. Die moet op de shortlist staan.Ik hoop dat het een shortlist blijft. Dus een korte lijst en geen lange lijst.Die moet op de lijst staan van dingen waar we in Nederland nog geld voormoeten zien te vinden. Precies hetzelfde geldt voor de Lelylijn, deNedersaksenlijn et cetera. Wij hebben nogal wat dingen die we willen,maar waar nog geen concreet geld aan is gekoppeld. Dat zal nog welmoeten gebeuren.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Daarin beluister ik dat de BBB eigenlijk zegt: «We schuiven dit door naarde Voorjaarsnota. Dan komt het daar in een lijstje te staan en dan gaan weopnieuw het gevecht aan over wat bovenaan de shortlist komt te staan.»Helaas ken ik dat soort gevechten. Je kunt dan op een of twee dingen watbinnenhalen, maar voor de rest moet je maar hopen dat je collega’s er zinTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12237 in hebben, want anders heb je het nakijken. Staat dit dan bovenaan voorde BBB? Zijn die onuitlegbare verschillen hetgeen moet gebeuren? Of ishet de Nedersaksenlijn of iets anders? Als hier vanavond een Kamermeer-derheid mogelijk is om het nu te regelen, dan zouden we deze Staatsse-cretaris en vooral ook al die mensen die zitten te wachten een heel goededienst kunnen bewijzen door het gewoon met elkaar te gaan fiksen. Via devoorzitter vraag ik hoe de heer Vermeer dat weegt. Wat is de eersteprioriteit bij de Voorjaarsnota? En twee: we kunnen deze ook gewoon nual afstrepen.De heer Vermeer (BBB):Een: daar ga ik nu geen uitspraken over doen. Uit deze begrotingsbehan-delingen halen wij nog meerdere zaken die moeten gebeuren. En twee:het kan nu niet worden geregeld. We zitten wat mij betreft gewoon in deongelukkige omstandigheid dat wij net voor de zomer een hoofdlijnenak-koord hebben bereikt. Vervolgens is een kabinet gevormd en is eenregeerprogramma opgesteld, waarbij de begroting meteen het uitvloeiselis van dat hoofdlijnenakkoord en regeerprogramma. Binnen de financiëleruimte zijn door het kabinet keuzes gemaakt. Dat komt nu zo dicht opelkaar dat wij hebben besloten deze discussie over extra geld nu niet metelkaar te kunnen openen. Dat is gewoon een timingkwestie. Daardoor isde Voorjaarsnota de eerstvolgende mogelijkheid. Dat zal een hele strijdworden. Of er moet ergens in de komende maanden ontzettend veel gelduit de lucht komen vallen. Dan hebben we wat om in te zetten. Maar ikheb het eerder in debatten gezegd en ik kan het mis hebben, maar dit is ereentje die breed in de coalitie gedragen wordt. Anders had ook niet in hetregeerprogramma gestaan: koste wat kost en zolang als nodig. Daar zitgeen woord Spaans bij, ook geen Gronings overigens.De voorzitter:Dank u. Het lid Kostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Dank u, voorzitter. Als deel van een kleinere partij kan ik vandaag helaasniet meedoen met het hele debat. Ik kan er gelukkig op vertrouwen datmijn Groningse collega’s Beckerman en Bushoff vandaag onvermoeibaarzullen strijden voor de rechtvaardigheid van Groningen. De Partij voor deDieren heeft dat ook samen met onder andere de SP jarenlang gedaan endat zullen we ook blijven doen, want het blijft helaas nodig. Ik vond hetzelf ook belangrijk om hier even te zijn. Ik heb een diepe band met deprovincie Groningen. Er is heel veel gedeeld wat heel nuttig was, maar ikmaak het even persoonlijk want ik voel de behoefte om dit te delen. Toenik als kind met mijn ouders uit Bosnië vluchtte, kregen we onze eerstewoning in het Groningse dorpje Niekerk. Daar werden we warmontvangen en geholpen. Daarna heb ik gestudeerd in de stad Groningen,waar ik als jonge queer de ruimte kreeg om mijzelf te leren kennen en teontwikkelen. Ik ontmoette daar ook mijn vrouw en mijn schoonfamilie. Ikga nog steeds regelmatig en met veel plezier langs bij de familie envrienden in Groningen. De warmte en openheid van Groningers hebbenmij mede gevormd tot wie ik ben. Daar ben ik nog elke dag dankbaar voor.Alles wat de Groningers is aangedaan en nog steeds wordt aangedaan,voelt daarom extra onrechtvaardig. Je moet het wel heel bont maken omhet vertrouwen van Groningers compleet te verliezen en dat is het Rijktoch gelukt. Nu is het aan deze Staatssecretaris om te laten zien dat hij hetvertrouwen van de Groningers weer terug kan winnen. Veel is al gezegddoor collega’s Beckerman en Bushoff, maar ik wil toch vier puntenbenadrukken.Eén. Wij begrijpen niet hoe het kan dat de overheid na alles wat er isgebeurd nog steeds faalt bij de hersteloperatie. Hoe kan het datGroningers nog steeds in onzekerheid zitten over de veiligheid van hunTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12238 eigen huis en over de vraag of zij de schade vergoed krijgen? Kan deStaatssecretaris aangeven welke extra stappen hij gaat nemen om ditrechtvaardig en snel te repareren, conform eerdere adviezen? Is hij bereidom met de Kamer mee te denken om alsnog voldoende middelen vrij temaken om het herstel eindelijk goed te regelen?Twee. Herstel in Groningen kan niet zonder herstel van vertrouwen. Maarhet vertrouwen wordt weer beschaamd door nieuwe gaswinning. Degaskraan in Groningen zou sluiten. Groningers hebben daar ook opgerekend, maar opeens speelt de regering woordspelletjes en wordt eralleen gesproken over het sluiten van de gaskraan bij Groningenveld inplaats van het dichtdraaien van de Groningse gaskraan. De NAM doetalsof er niets gebeurd is en vraagt nog een vergunning aan voor acht jaarin Warffum, waar de schade door de gaswinning al enorm groot is. Dat isecht schaamteloos. Hoe kunnen we dit soort bedrijven nog serieusnemen? Hoe kan de regering het vertrouwen van de Groningers herstellenals we nu de kans hebben om de vergunning voor Warffum niet teverlengen, maar toch weer kiezen voor NAM boven Grunn? Bij de eerstede beste gelegenheid dat de regering kan laten zien te hebben geleerd vanhet verleden en daad bij het woord kan voegen als het gaat om deereschuld, kiezen we toch weer voor NAM.Mijn collega Teunissen was dit weekend in Warffum. De meeste mensendaar zijn het echt zat. Het kabinet schermt alweer met leveringszekerheid.Dat is al helemaal onacceptabel. Ik heb het net ook gezegd tegen decollega van NSC: dat is het oude trucje van het Rijk, dat we eerder hebbengezien bij het schandaal rondom Groningen. De enquêtecommissie heefthet trucje ook gesignaleerd. Dat trucje hoort het Rijk niet toe te passen alsmen het vertrouwen van de Groningers echt wil winnen. Hoe vaak laat deregering de Groningers nog vallen?Het enige wat het kabinet doet als het de vergunning goedkeurt, is debelangen van NAM weer boven die van de Groningers stellen. Ziet deStaatssecretaris ook dat het toch afgeven van een vergunning aan NAM isals roeren in de nog open wonden van Groningers? Ziet hij in dat zo’nstap het vertrouwen in de overheid verder aantast?Voorzitter, ik zei het al. Herstel van Groningen kan niet zonder herstel vanvertrouwen. Is de Staatssecretaris daarom bereid om pal te staan voor deGroningers en de inwoners van Warffum, met zijn collega Hermans ingesprek te gaan en zich ervoor in te zetten dat er geen nieuwe vergunningkomt voor gaswinning in Warffum?Het derde punt is in het verlengde van het vorige punt. Vertrouwen isbelangrijk en niet alleen maar voor Groningers. De regering moet lerenvan de fouten die in Groningen zijn gemaakt. Ook hierin lijkt de regeringte falen, door te overwegen om gaswinning in de Waddenzee bij Ternaardtoe te laten. Het Staatstoezicht op de Mijnen is ook nog eens negatiefhierover. De regering besluit nog dit jaar: weer een kans om het goed tedoen! Mensen in Ternaard verzetten zich, mensen in Friesland en in derest van het land zijn op dit moment nog aan het schrijven aan deregering met de oproep om die vergunning asjeblieft niet af te geven. Zietde Staatssecretaris ook dat het toch afgeven van zo’n vergunning,ondanks negatieve adviezen van het Staatstoezicht en ondanks verzet vande burgers, het vertrouwen in de overheid onder burgers binnen enbuiten Groningen niet herstelt, maar verder aantast? Is de Staatssecretarisbereid om wat hij van Groningers over vertrouwen heeft geleerd, over tebrengen aan Minister Hermans en er bij haar op aan te dringen geentoestemming te geven voor deze vergunning?Het vierde en laatste punt gaat over Shell, Exxon en de NAM. Dezepartijen hebben jarenlang hun zakken gevuld door Groningers uit tebuiten. Ze hebben er alles aan gedaan om elke verandering ten gunstevan Groningers tegen te houden of te vertragen. De NAM neemt hiervoorgeen serieuze verantwoordelijkheid en wil zelfs meer boren. Nu zijn zeweer schaamteloos en harteloos door even mede te delen dat ze nietTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12239 meer willen betalen voor de leefbaarheid in Groningen. Ik vraag deStaatssecretaris om alles op alles te zetten om daar een stokje voor testeken.Ik sluit af. De afgelopen tijd gaat het opeens heel veel over integratie enNederlandse normen en waarden. Het zijn juist bedrijven als NAM, Exxonen Shell die alle gevoel voor normen en waarden kwijt zijn en die allegevoel voor medemenselijkheid kwijt zijn. Ik stel daarom voor dat zeverplicht op integratiecursus gaan bij de lieve en dappere Groningers.Daar gaan ze natuurlijk zelf voor betalen.De voorzitter:Dank u. Mevrouw Bikker.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dank u wel, voorzitter. Om te kunnen bouwen aan het herstel van huizenen het herstel van het vertrouwen van Groningers is een stevig fundamentnodig. Het begin van dat fundament is gemaakt, door de gaswinning inGroningen te beëindigen en Nij begun neer te leggen. Laat ik voorop-stellen: er wordt verschil gemerkt in Groningen. Maar dat is lang nietoveral: nog niet bij iedereen en lang niet in alle gevallen.Voorzitter. Ik zal beginnen met een aantal zaken die goed gaan, maar ja, ditis ook een begrotingsbehandeling, dus we proberen hier ook een aantalzaken beter voor elkaar te krijgen. Maar laten we beginnen met wat goedgaat. De sociale en economische kwartiermakers zijn gestart met hunwerk, en de agenda’s worden opgesteld. Maatregelen over versnellinglijken hun werk te doen. De gebiedsgerichte aanpakken, zoals in Ten Boer,worden opgestart. De dorpsaanpakken lopen. De bouwmeesters dragenbij aan een betere ruimtelijke kwaliteit bij sloop en nieuwbouw.Maar, zoals de regio ook aangeeft, blijkt na ruim een jaar de prakrijkweerbarstiger dan de mooie zinsneden in Nij begun doen vermoeden.Daarvoor hoeven we alleen maar naar de actualiteit te kijken. Meerderecollega’s hebben het al gezegd: het IMG gaat alsnog in beroep. Deoliemaatschappijen willen zich weer terugtrekken uit de afspraak omfinancieel bij te dragen aan de hersteloperatie. Het vertrouwen vanGroningers in de aanpak van de gaswinningsproblematiek stagneert.Bewoners ervaren dagelijks spanningen door ongelijke behandeling in deversterking van woningen en door langdurende onzekerheid. Ik vraag deStaatssecretaris daarom om een uitgebreid antwoord op de verschillendezorgen die door de collega’s hierover zijn neergelegd.Wat de ChristenUnie betreft begint dat bij het rapport-Van Geel. Deregering heeft nog altijd geen begin van een antwoord op het wegnemenvan onuitlegbare verschillen in het aardbevingsgebied. Dat wordtondertussen beschamend. Het rapport ligt er immers al dik een jaar. Debelofte «koste wat kost en zolang het duurt» is nog ouder. Deze witte vlekuit Nij begun moet ingelost worden, want het is niet uitlegbaar als burenwel of geen versterking krijgen, als de scheidslijnen door gemeen-schappen heen blijven lopen. We zien de gevolgen. Daar komt bovenopdat de maatregelen uit Nij begun verschillen verergeren. Ik hoorde dezeweek nog verhalen van grootouders, waarbij kleinkinderen uit hetaardgaswinningsgebied wel € 5.000 krijgen voor immateriële schade,maar nichtjes en neefjes een paar kilometer verderop, buiten het directeaardbevingsgebied, niet. Natuurlijk ontwricht dat weer in de families. Dusgraag hoor ik van de Staatssecretaris of hij meer van dergelijke verschillenin de uitvoering van Nij begun ziet, en hoe hij waarborgt dat de uitvoeringniet tot nog meer verschillen leidt.Dan IMG. Anderhalf jaar geleden is de Groningers beloofd dat het IMGgeen hoger beroep meer zou indienen, en nu is dat toch weer het geval.Collega Beckerman had het er ook al over. De redenering was dat dezeuitspraak een veel bredere betekenis heeft dan deze individuele zaak enkan leiden tot ongewenste verschillen in afhandeling van schadedossiers.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12240 Dat noem je in juridische taal precedentwerking. Het spijt me, maar datkan je bij ieder dossier zeggen, dus dan ben je weer terug bij af. Ik vraagecht een uitgebreide reactie van de Staatssecretaris hierop. Heeft dit nouecht te maken met verschillen, of toch – en dat is een vraag die wel eenbeetje blijft hangen – met de hoogte van het schadebedrag, een miljoen.Het lijkt erop dat het IMG nu aan het juridificeren is, terwijl de uitslag vande enquête zei: menselijker, makkelijker en milder. Hoe verhoudt dat zichtot elkaar? Staatssecretaris Vijlbrief heeft gezegd dat in dit soort gevallengebruik moet worden gemaakt van de mogelijkheid om zogenaamdeprejudiciële vragen aan de afdelingsraad bestuursrechtspraak van deRaad van State te stellen. Dat is een alternatief voor het instellen van eenhoger beroep na een uitspraak van de rechtbank. Is dit gebeurd, en zonee, waarom niet?Vervolgens de NAM. Ik kan er kort over zijn. Het is onbestaanbaar datmiljarden in de zakken van Shell en Exxon zijn gevloeid en dat men nu,met een beroep op gederfde inkomsten, zou willen afhaken. Echt, je moetmaar durven. Hier is het laatste woord nog niet over gezegd. Hoe gaat deregering haar invloed, ook als aandeelhouder, aanwenden om te zorgendat de oliemaatschappijen hun deel bijdragen? En wanneer komt, wat deStaatssecretaris betreft, de licence to operate van de oliemaatschappijenop het spel te staan?Voorzitter. De overheidsaanpak komt nog niet echt van de grond. Collega’shadden het er ook al over. De samenwerking tussen NCG en IMG, hetliefst gebiedsgericht, blijft nog te vaak achterwege, is de indruk. Insommige straten en buurten spelen drie of vier projecten door elkaar, meteigen kaders, regels en voorwaarden. Hoe staat het ervoor, en zet deStaatssecretaris op dit gebied ook een tandje erbij?In de versterkingsaanpak weten mensen nog altijd niet waar ze aan toezijn. Zelfs in de dorpenaanpak is nog altijd niet duidelijk wanneer wiewanneer aan de beurt is, terwijl de NCG natuurlijk wel een planning heeft.Waarom is deze nog niet zichtbaar in het portaal, en kan dat snel gedaanworden? Het Adviescollege Veiligheid Groningen gaf aan dat niet kanworden gesteld dat buiten de vastgeklikte werkvoorraad alle woningenveilig zijn. Binnen de gemeente Eemsdelta blijkt zelfs dat mogelijk 30%van de woningen buiten de scope alsnog onveilig zou zijn. Dat vraagt echtom nader onderzoek en heroverweging van de scope van dewerkvoorraad. Is de Staatssecretaris bereid om zo’n nader onderzoek –een grondiger onderzoek dan de bureauanalyse van de NCG – uit tevoeren? En behoort een voortzetting van het programma nadat de huidigewerkvoorraad van de NCG is afgerond tot de mogelijkheden? Ik zoudenken van wel.Voorzitter. Dan de waardevermeerderingsregeling. Daarover hebbencollega’s al veel gezegd, waarbij ik mij van harte kan aansluiten. Dezeregeling past perfect bij de doelstellingen van Nij begun, en nu stoppengeeft een verkeerd signaal. Ik was blij te horen dat ook collega Vermeervan BBB zei dat het volgens hem gewoon moet kunnen met het geld datal aanwezig is. Dus: hup, hup!De verduurzaming van maatregel 29 is geen een-op-eenvervanging vande waardevermeerderingsregeling. Bovendien zijn er de komende jaren alcirca 18.000 adressen die vanwege de aanvullende vergoeding van hetIMG alsnog in aanmerking komen voor de waardevermeerderingsre-geling. In dat licht merk ik op dat we, als we de regeling nu zoudenbeëindigen, opnieuw ongelijkheid creëren. Erkent de Staatssecretaris daten ziet hij daarom veel in het doortrekken van de regeling, zoals de Kamervorig jaar eigenhandig ook al deed bij amendement?Voorzitter. Ik ga heel hard door, want ik merk dat door mijn spreektijd ga,maar ik ben er bijna. Ik verneem veel kritiek op de rapporten van de NCGwaarmee woningen op norm worden verklaard. Die zijn flinterdun en vanslechte kwaliteit. Het regent dan ook bezwaren bij de op-normverkla-ringen. Herkent de Staatssecretaris dit? Klopt het dat bij dergelijkeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12241 bezwaarzaken de beoordeling van het rapport veelal door hetzelfdebureau wordt gedaan? Ik vind dat in het licht van checks-and-balancesecht onverstandig. Wat mij betreft zou de herbeoordeling van bezwarenaltijd door een ander bureau gedaan moeten worden. Daar komt bij dat erinmiddels ingenieursbureaus zijn die voor het overgrote deel van hunwerk afhankelijk zijn van de NCG. Dat is ongewenst. Om distantie enonafhankelijkheid te bewaren, zouden bureaus wat mij betreft meerklanten dan de NCG moeten hebben. Erkent de Staatssecretaris dat en wilhij hier stappen op ondernemen?Voorzitter. Mijn laatste punt. Ik rond af met mijn grote zorgen over dezoutwinning bij Veendam. Die zoutwinning heeft alles in zich om eennieuw gasdossier te worden: te innige banden tussen politiek enbedrijfsleven; oogkleppen voor de maatschappelijke en ruimtelijkeeffecten; burgers die zich niet gehoord voelen. Dit roept om eenantwoord. Op z’n minst zouden er lessen uit het gaswinningsdossiergetrokken moeten worden en zou de verantwoordelijkheid voor schadesbij de vergunninghouder gelegd moeten worden. Graag een reactie.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Daarmee komen we aan het einde van de eerste termijn vande kant van de commissie. Ik kijk ook met een schuin oog naar deStaatssecretaris. Ik stel voor om te schorsen tot 20.30 uur, gezien de tijd.De vergadering wordt van 19.53 uur tot 20.37 uur geschorst.De voorzitter:Ik ga naar de Staatssecretaris voor zijn eerste termijn.Staatssecretaris Van Marum:Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik graag een groot complimentmaken aan de bijna 65 mensen op de diverse departementen die zichbezighouden met de beantwoording van de vragen die jullie allemaalgesteld hebben. Een groot compliment aan hen dus. Dank ook aan deleden van de Tweede Kamer voor het stellen van deze vragen. We zijn methet nieuwe kabinet nu ongeveer een maand of vier bezig. Het is goed omhier weer te zijn. Ik vind de samenwerking met u ook heel erg belangrijk.Ik ben daarom blij met de vragen, ook met de kritische. Die laten namelijkzien dat het onderwerp u raakt en het raakt mij ook. Voordat ik overga tothet beantwoorden van de vragen, wil ik stilstaan bij een paar belangrijkethema’s.Voorzitter. De plek waar je woont, speelt een rol bij de kansen die je krijgtin Nederland. Ik heb het hier al vaker gezegd: heel Nederland heeft deafgelopen tientallen jaren geprofiteerd van de gaswinning, maar deGroningers en de Noord-Drenten te weinig, veel te weinig. Erger nog, zijdroegen, en dragen, de gevolgen. Te lang luisterde de overheid onvol-doende. Voor het gevoel van veiligheid en vertrouwen van deze mensenwil ik de maatregelen uit Nij begun in hun geheel uitvoeren. Het daarvoorbeschikbare geld blijft staan, dus ook het geld op de separate begro-tingen. Daar gaat dit kabinet dus niet op bezuinigen. De opdracht omGroningen en Noord-Drenthe weer vooruit te helpen, gaat verder dandeze kabinetsperiode. Zoals u weet, leggen we de generatielangebetrokkenheid vast in de wet. U ontvangt het wetsvoorstel naarverwachting begin volgend jaar. In april volgend jaar ontvangt u ook eennieuwe Staat van Groningen, zoals in Nij begun is toegezegd. Het kabinetzal elk jaar de vorderingen monitoren en daarover met de Kamer ingesprek gaan. In begrijp dat u ook graag wilt debatteren over degaswinning uit de kleine gasvelden, maar daar is dit debat niet voorbedoeld.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12242 Voorzitter. Het kabinet zal de afhandeling van de schade en de versterkingin Groningen en Noord-Drenthe koste wat het kost en zo lang als nodigblijven uitvoeren. De Groningers en de Noord-Drenten hebben daar rechtop. Dit «koste wat kost»-principe geldt voor het vergoeden en herstellenvan de schade en het zorgen voor de veiligheid. Dat zijn de taken van deoverheid die in die wet zijn vastgelegd. Verder willen we bewoners zo veelmogelijk ondersteunen bij de verduurzaming van hun huizen. Naast eenschadevrij, veilig en duurzaam huis is het bieden van toekomstperspectiefaan mensen in deze regio van belang. Dat doen we met ministeries en deregio samen. We werken als één overheid aan een sociale en econo-mische agenda. Er is voor de sociale agenda één generatie lang3,5 miljard euro beschikbaar om het verschil te maken. Voor het econo-mische perspectief is circa 4,5 miljard beschikbaar, waarvan 3 miljard vooreen investering in sleutelprojecten voor economische structuurver-sterking. Dit alles heeft tot doel om in 30 jaar het welzijn en de toekomstvan de inwoners structureel te verbeteren. Hoe dat moet, gaan wij nietalleen vanuit Den Haag verzinnen, maar dat gaat in samenwerking met deregio.In het Gronings volkslied staat: doar vuilt het haart, wat tonge sprekt, inricht- en slichte toal. Dat wil zoveel zeggen als: daar voelt het hart wat detong spreekt, in directe en eenvoudige taal. Dat is precies wat ik van planben: geen mooie verhalen, maar eerlijkheid. Deze mensen verdienen eenbetrouwbare overheid. Laten we ervoor zorgen dat het in de toekomst nietmeer uitmaakt waar je wieg gestaan heeft in Nederland, dat de inwonersvan Groningen en Noord-Drenthe net zo veel kansen en mogelijkhedenkrijgen als andere Nederlanders en dat ze weer trots zijn op hun regio. Enze zijn trots. Dat is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid.Dan zal ik nu overgaan op de behandeling van de vragen. Ik heb zeverdeeld in de blokjes schade, versterken, sociaal, economie, financiëninclusief Van Geel, en overig. Ik herhaal: schade; versterken; sociaal;economie; financiën inclusief Van Geel; overig. Als iedereen zo ver is metmeeschrijven, zal ik dan maar beginnen?Ik begin met de Staat van Groningen en algemeen. Ik kreeg deze vraagvan PVV, D66, CDA, SP en BBB: is er een totaalaanpak voor het herstel vanGroningen mogelijk, parallel aan toeslagen? Er zijn zo veel organisaties enregelingen, wat is de visie van de Staatssecretaris Herstel Groningen? Hoegaat hij zijn stempel drukken op het herstel van Groningen? Welke rol kande Staatssecretaris spelen om de eenoverheidsrol verder te brengen,zodat het beleid, zoals dat in de startgebieden, verder wordt gebracht?In september heb ik u een brief gestuurd met mijn ambities en daarbijfocus ik op een goede uitvoering, minder papierwerk en geen stapelingvan loketten en regels. Ik weet dat dit bij de Partij voor de Dierenmisschien wel wat gevoelig ligt, maar ik ben dus op jacht naar de blauwevinkjes, blauwe vinkjes die de goede uitwerking in de weg staan. Ermoeten namelijk heel veel vinkjes gezet worden voordat je tot uitvoeringkomt. En er zijn ook wel een aantal van die blauwe vinkjes die van het dakkunnen.Ik wil ervoor zorgen dat bewoners zich veilig voelen in hun eigen woningen daarvoor hebben zij behoefte aan snelle duidelijkheid. Daarom zet ikniet in op een structuurwijziging, maar op een aanpak met nauweresamenwerking tussen regio, IMG, NCG en het Rijk. Daarover gaat dezeagenda voor herstel. Hierin werken we samen als één overheid om debewoners zo veel mogelijk proactief te ondersteunen. Het doel is daarwaar mogelijk een individueel plan te leveren voor de versterking, deschadeafhandeling en de verduurzaming van de woning. Dit is nu nog teversnipperd. We zijn in vier startgebieden pas gestart met de agenda voorherstel. De uitgangspositie kan per bewoner verschillen. Daarom kent dieaanpak geen blauwdruk. We moeten er ook voor zorgen dat we dieopenheid houden, want niet elk gebied is hetzelfde en niet elk dorp isTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12243 hetzelfde en niet elke wijk is hetzelfde. Je moet daar ook een stukje ruimtein houden.Gezien de primaire beleidsverantwoordelijkheid van de provincie en degemeente voor de ruimtelijke inpassing en de leefbaarheid vervult deregio een belangrijke voortrekkersrol in deze agenda. De eerste resultatenworden in 2025 verwacht. Ik wil daarvan leren om samen met de regio hetvervolg van deze agenda te bepalen.Ik heb nog een aanvulling. Ik heb de afgelopen tijd IMG, NCG, gemeentenen provincie bij elkaar gehaald en daar maken we dit ook bespreekbaar.We zitten eigenlijk heel vaak in een ivoren toren, waar iedereen met debeste bedoelingen zijn eigen ding doet. Maar zonder te wijzen naar eenschuldige gaan we nu kijken wat er nodig is om het goed te laten lopen enhoe we dat als één gezamenlijke club kunnen trekken. Die gesprekkenlopen in de startgebieden en ik hoop dat we daar de komende tijd mooieresultaten van kunnen laten zien.De voorzitter:U heeft een interruptie van meneer Kops.De heer Kops (PVV):De Staatssecretaris zei geen structuurverandering te willen maar welnauwere samenwerking tussen IMG, NCG, gemeenten en provincie doorals één gezamenlijke club op te trekken. Maar ik vraag me dan wel af hoedat eruit gaat zien. Wat gaan de bewoners daar dan concreet in de praktijkvan merken? Samenwerking is leuk, maar hoe gaan die mensen daar dandoor vooruit? Ik zie het niet voor me.Staatssecretaris Van Marum:Dank u voor de vraag. Wat winnen de bewoners daarmee? Je ziet nu datdrie verschillende organisaties op hetzelfde moment los van elkaar bezigzijn met een dossier. Ze werken allemaal zelf hun werkzaamheden uit envervolgens komen al die werkzaamheden tezamen bij die inwoner. Maardie lijnen niet op en dat leidt allemaal tot vertraging. Als je ervoor zorgtdat de contactpersoon van de inwoner namens alle drie de organisatieswerkt en als je zorgt dat alles wat bij die organisaties weggehaald moetworden via die contactpersoon met één stem bij die inwoner terechtkomt,dan geeft dat al een enorme verlichting bij die bewoner. En ik hoop dathet ook de taak van de uitvoering verlicht.Is daarmee uw vraag voldoende beantwoord?De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Dan de NSC: hoe gaat de Staatssecretaris Herstel Groningen deproblemen adequaat oplossen en het vertrouwen terugwinnen? Ik vindhet erg belangrijk om de bewoners weer aan boord te krijgen, dat demensen weer vertrouwen terugkrijgen in een goede afhandeling en in deoverheid. Groningen en Noord-Drenthe verdienen een nieuw perspectief.De hele regio verdient dat, ook de gebieden die van oudsher veelarmoede kennen en kansenongelijkheid. Het gaat dus niet alleen over hetaardbevingsgebied, het gaat ook over de gebieden die sociaal heel ergachterstaan en al jaren achterstaan. Daar maak ik mij hard voor en ik vindhet ook belangrijk om zichtbaar en benaderbaar te zijn voor bewoners ennaar die mensen te luisteren. Om vertrouwen terug te winnen moet jenamelijk heel hard werken en het gaat in kleine stapjes.Ik ga ook echt met bewoners in gesprek. Ik krijg nog heel veel individuelecasussen op mijn bord, waar ik eigenlijk niet individueel voor op kankomen, maar af en toe zijn zaken toch zo schrijnend ... Ik heb laatst ookweer een casus gehad die eigenlijk door alle interventieteams heen wasTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12244 en die als min of meer hopeloos bekeken werd, en ik heb daar toch weerbeweging in gekregen. Ik vind het belangrijk dat wij ook kunnen laten ziendat als wij als overheid collectief gefaald hebben, dat wij ze niet loslatenen dat we die mensen toch meenemen. Dat zijn zaken die wij ook blijvenproberen.De voorzitter:Interruptie van de heer Holman.De heer Holman (NSC):Waardering voor de Staatssecretaris dat hij hier zo mee omgaat. Wat isnou de reden dat het soms zo moeizaam en zo stroperig gaat met deinterventieteams? Waarom is het nodig dat de Staatssecretaris ingrijpt?Het gevoel leeft dat het gewoon moeizaam gaat.Staatssecretaris Van Marum:Dat kan meerdere oorzaken hebben. Heel veel zaken die bij die interventie-teams terechtkomen, worden gewoon goed afgehandeld. Het is natuurlijkeigenlijk al heel sneu dat die interventieteams in beeld moeten komen,maar soms is er ook sprake van meervoudige problematiek, en dan zijndie interventieteams gewoon belangrijk. Soms liggen de verhoudingen zoof is het vertrouwen zo laag dat zelfs deze mensen er niet meerdoorkomen. Dan helpt het soms dat even iemand met een frisse blikertegen aankijkt, om dingen weer op te starten, zodat mensen weer uithun ijzerenheinige houding komen en we de organisatie toch weeroplijnen, het weer oppakken en er toch weer mee aan de gang gaan. Ikdenk dat juist deze heel schrijnende gevallen heel tekenend zijn voor desfeer die in Groningen heerst. Daarom vind ik het ook van groot belangdat ik dit soort casussen aangereikt krijg en dat we toch proberen om diemensen alsnog te helpen, ook al lijkt het hopeloos. Ik denk dat nietshopeloos hoeft te zijn en dat we ermee aan de gang kunnen.De heer Holman (NSC):Dat klinkt goed, maar er zijn echt gevallen die al acht, negen, tien jaarduren. Kan de Staatssecretaris toezeggen dat nu de gevallen ouder danvijf jaar binnen een bepaalde korte tijd gewoon opgelost worden? Diemensen verdienen echt dat er zicht op een oplossing komt. Nog lieverkrijg ik die toezegging voor alle oude gevallen, maar kan hij toezeggen dater echt substantieel verbetering in komt en dat er straks echt substantieelminder gevallen zijn die niet opgelost worden?Staatssecretaris Van Marum:Ik kan er geen tijd aan hangen, maar weet wel dat ik in mijn organisatiesuitgezet heb om deze gevallen boven water te halen en daar echt mee aande gang te gaan. Dit is a hell of a job, want er zijn heel veel zaken die daarnog liggen. Maar dat heeft mijn aandacht en ik zit echt boven op de meestschrijnende gevallen.De heer Kops (PVV):De Staatssecretaris zegt dus dat er zo nu en dan een schrijnend geval opzijn bureau belandt, al dan niet toevallig, en dat hij zich daar dan mee gaatbemoeien en dan komt er toch weer schot in de zaak. Ik denk dat dat goedis. Natuurlijk, is dat goed, maar heeft de Staatssecretaris er dan zicht ophoeveel andere schrijnende gevallen er ook zijn, die niet toevallig op zijnbureau belanden en die dus niet die behandeling krijgen? Kunnen er opdie manier dan niet opnieuw verschillen ontstaan tussen casussen die welbij de Staatssecretaris belanden en casussen die dat niet doen?Staatssecretaris Van Marum:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12245 Dat risico zit er met dit soort zaken in. Wat ik probeer, is om een lijn tekrijgen uit dit soort casussen. Als ik die lijn heb, kan ik in de organisatieook sturen. Ik moet dus gewoon weten wat daar misgegaan is, ik moetweten waar het gestrand is en waarom het gestrand is. Dan kan ik daarnaook sturen in de organisaties.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Wat gaat de Staatssecretaris anders doen dan zijn voorgangers? Ik hebgewoon een andere functie. Bij mijn voorgangers zat er vaak een veelbreder pakket achter. Ik hoef mij in mijn functie eigenlijk alleen maar bezigte houden met schadeherstel, versterking, verduurzaming en hetuitvoeren van de maatregelen, en ik ben verantwoordelijk voor de socialeen economische agenda. Dat maakt mijn focus veel minder wijd. Ik kanme dus echt richten op de uitvoeringsorganisaties en ook op de kwartier-makers die bezig zijn met de sociale en economische agenda. Dat is dusanders ten opzichte van mijn voorgangers. De mensen in Groningen enNoord-Drenthe zijn lang niet gehoord. De enquêtecommissie heeft dat ookwel duidelijk gemaakt. Er ligt een reactie van het kabinet, Nij begun. Daarbouw ik op voort. Dat is een duidelijk plan om het beter te doen, milder,makkelijker, menselijker, met brede steun van uw Kamer. Zoals ik in mijnantwoord over de totaalaanpak al aangaf, heb ik u een brief gestuurdwaarin ik mijn ambities en prioriteiten kies en mijn eigen accenten zet. Ikfocus op eenvoudigere uitvoering, minder papierwerk, minder vinkjes,minder loketten, één huis, één plan, één oplossing en specifiek aandachtvoor de zeer complexe gevallen en de stille gedupeerden. Ik ben geenvoorstander van nieuwe systeemwijzigingen. Het hele systeem overhoopgooien helpt mensen niet. Het zorgt voor vertraging, verschillen en hogekosten, dus ik wil binnen de bestaande structuren oplijnen en zorgen datde dingen beter geregeld worden.Dan de vraag van de BBB: welke stappen heeft de Staatssecretaris Herstelgenomen tussen het laatste debat over Groningen en nu? De uitvoeringvan Nij begun is volop bezig. Bijna alle maatregelen zijn inmiddelsingevoerd; denk ook aan de nieuwe schadeafhandeling. De sociale en deeconomische agenda zijn in de afrondende fase en worden in het eerstekwartaal van volgend jaar opgeleverd. Het PEAG-wetsvoorstel is dezezomer geconsulteerd en de inbreng daarvan wordt nu verwerkt, zodat hetbegin volgend jaar naar de Kamer kan gaan. Maar niet alles in deuitvoering van Nij begun gaat goed of goed genoeg en daar loop ik ookniet voor weg. Daarom ben ik op maandag, woensdag en vrijdag inGroningen om erbovenop te zitten, zodat de Groningers en de Noord-Drenten mij ook weten te vinden. Ik ben ook veel bij de uitvoerdersorgani-satie. Ik haal daar onder in de organisatie op waar zij tegenaan lopen enwaarom ze niet kunnen werken. Dat probeer ik boven in de organisatieweer weg te zetten, zodat het daadwerkelijk zijn weg gaat vinden door dieorganisatie heen. Begin volgend jaar stuur ik u een Kamerbrief waarin ikverder inga op mijn plannen, op de uitdagingen die ik ben tegengekomenen op hoe ik die ga aanpakken.Worden alle maatregelen van Nij begun uitgevoerd, vroeg D66. Ja, allemaatregelen uit Nij begun worden uitgevoerd. Bij de uitwerking van demaatregelen speelt uitvoerbaarheid wel een belangrijke rol. Soms is deopdracht die daar ligt zo enorm groot, is de capaciteit op dit moment nogniet voor handen en zou het doorvoeren daarvan ervoor zorgen dat zakendie echt door moeten gaan, zoals schadeherstel en versterking, in gevaarkomen. Dan moet ik keuzes maken hoe wij die uitvoering vorm gaangeven, maar beter goed dan overhaast of half. Ik wil namelijk geen nieuweonbedoelde verschillen of maatregelen die ongunstig uitpakken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12246 De voorzitter:Meneer Bamenga heeft een interruptie.De heer Bamenga (D66):Fijn om te horen dat alle maatregelen worden uitgevoerd. Volgens mij hebik ook specifiek een vraag gesteld over maatregel 3, over de trillingstool.Betekent het dat dat ook wordt uitgevoerd zoals het er staat of niet?Staatssecretaris Van Marum:Ik kom op een later moment nog terug op de trillingstool. Dan kom ik ervrij uitgebreid op terug.Ik heb hier de vraag van mevrouw Bikker: klopt het dat de herbeoorde-lingen door hetzelfde bureau worden gedaan? Ik heb hier het volgendestaan. Het belangrijkste is dat de onafhankelijkheid van ieder bureau doorde NCG wordt gegarandeerd. Dit doet de NCG door bij de aanbestedingop te nemen dat belangenverstrengeling voorkomen moet worden bijraamcontracten om bewoners sneller duidelijkheid te geven. Om debestaande kennis van een adres te gebruiken wordt een herbeoordeling inde meeste gevallen uitgevoerd door hetzelfde bureau. Dat staat los van deonafhankelijkheid. Elk rapport of versterkingsadvies wordt door de NCGgecontroleerd op de kwaliteit. Ik wil hierbij – dat heb ik hier niet op papierstaan – de toezegging doen dat als mensen door een ander bureauherbeoordeeld willen worden, ze dat van mij mogen doen.De voorzitter:Een interruptie van mevrouw Bikker.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dit is een belangrijke toezegging, die genoteerd moet worden, want ditmaakt heel veel verschil voor mensen. Ik heb te veel verhalen gehoordwaarin men juist hier tegenaan liep. Ik ben blij dat de Staatssecretariszegt: we moeten dat voorkomen. Ik hoop dat dit punt aan het einde kanworden genoemd bij de toezeggingen.Mijn vervolgvraag is of de Staatssecretaris ook naar het volgende zouwillen kijken. Mij valt op dat een aantal bureaus voor hun portefeuillebijna afhankelijk zijn geworden van de NCG. In die afhankelijkheid kunnen– het hoeft niet, maar het kan – de distantie en de onafhankelijkheid vanhet ingenieursbureau onder druk komen te staan. Dat is op termijn welkwalijk, als dat zo zou zijn. Ik vraag de Staatssecretaris om naar detoekomst toe te wegen hoe we hier verder mee omgaan, ook bij deaanbestedingen. Zouden deze bureaus naast hun werk voor de NCG, watheel belangrijk is, niet ook andere bestaansbronnen moeten hebben,zodat ze niet afhankelijk zijn van de NCG voor hun voortbestaan?De voorzitter:Kan de Staatssecretaris de Kamer misschien informeren wanneer dat hetgeval is?Staatssecretaris Van Marum:Bedoelt u die vorige toezegging? Ik probeer dat zo snel mogelijk inwerking te krijgen. Ik ga het daarover hebben met de NCG.Met die tweede vraag ben ik wat voorzichtiger. Met name kleinerebedrijven uit de regio blijken met heel veel toewijding te werken aan dezaken in Groningen. Als je hele grote externe partijen inhuurt, kan dietoewijding ook weleens uurtje-factuurtje zijn. Ik ben dus wat voorzichtigom die toezegging te doen. Ik snap ’m, maar ik ben daar wat voorzichtigmee.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12247 Dat begrijp ik, want ik wil geenszins het kleine toegewijde ingenieurs-bureau dat zich helemaal toelegt op deze zaken het brood uit de mondstoten en al helemaal niet daarmee deskundige ingenieurs wegjagen,zeker niet. Maar ik heb nu een aantal casus – buiten deze vergadering kanik die wel aan de Staatssecretaris doen toekomen – waarvan ik denk: hé,hier zie ik een patroon dat ik minder gezond vind. Op dat punt zou ik deStaatssecretaris willen vragen om een reflectie. Dat hoeft niet nu. Maardie onafhankelijkheid wil ik vanwege het vertrouwen van Groningers iningenieursbureaus huizenhoog hebben, anders dan wat we nu zien. Hiermoeten we wel een stap maken met elkaar, denk ik.Staatssecretaris Van Marum:Als er zaken zijn die aandacht vragen, dan kunnen jullie die gewoon bij mijonder de aandacht brengen. Ik heb dat ook al eerder aangegeven. Daar gaik dan binnen de organisatie naar laten kijken.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:De CU geeft aan dat in Eemsdelta mogelijk 30% buiten de scope onveiligis en vraagt mij of ik bereid ben om nader onderzoek te doen en hetprogramma eventueel voort te zetten als de huidige werkvoorraad van deNCG is afgerond. Dat is niet nodig. Het ACVG heeft begin 2023 geadvi-seerd dat de scope van de versterkingsoperatie en daarmee de opbouwvan de werkvoorraad van de NCG goed gefundeerd is en dat de huidigewerkzaamheden van de NCG voor de versterking van gebouwenvoortgezet moeten worden. SodM heeft richting mij aangegeven dieconclusie uit het rapport te onderschrijven. Wel zijn er nog steedsgebouwen buiten de scope met specifieke kenmerken die een risicohebben. Via het loket opname op verzoek komen er nog gebouwen bij diemoeten worden opgenomen in de scope. Begin 2025 weten we hoeveelprocent er ongeveer bij komt. Gedurende het proces van schadeherstelzullen wij nog zaken tegenkomen die moeten gebeuren. Dit blijft eenaandachtspunt. Het is niet zo dat ik hiervoor een speciaal onderzoek ganeerzetten.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Heel kort. Het was een kleine en specifieke vraag, maar wel belangrijkvoor de gemeente Eemsdelta. Ik beluister de Staatssecretaris zo dat hijbegin 2025 meer inzicht heeft in wat er nog aan werkvoorraad buiten descope ligt. Zou hij op dat moment met een brief naar de Kamer willenkomen met de stand van zaken? Dat lijkt mij een mooi moment om tewegen.Staatssecretaris Van Marum:Ja, dat kan ik doen.Mevrouw Beckerman van de SP vroeg: vindt de Staatssecretaris ook dater grootschalig gesnoeid moet worden in de bureaucratie bij deversterking? Ook ik vind dat er een goede balans moet zijn tussendoelmatigheid en rechtmatigheid. De NCG heeft in voorgaande jareningezet op het versimpelen van de processen. Ook is gekeken waar desamenwerking met andere partijen, zoals IMG en de gemeenten,verbeterd kan worden. De processtappen die nu nog doorlopen moetenworden, zijn met name juridisch verplicht of noodzakelijk voor hetinformeren van de bewoners over de voortgang. De Nationaal Coördi-nator blijft doorlopend kijken waar verbetering nodig is. Vertrouw erop datik meekijk; kritisch meekijk.De heer Bamenga van D66 heeft signalen dat de dorpenaanpak niet vlotloopt en vraagt wanneer het eerste dorp naar mijn verwachting klaar is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12248 Wirdum zal in het tweede kwartaal van 2028 klaar zijn. Garrelsweer enLeermens zullen in het derde kwartaal van 2028 klaar zijn en Zeerijp begin2029. Dan kan er in meer dorpen tegelijk begonnen worden met dedorpenaanpak. We zijn op dit moment in alle dorpen bezig. In Garrelsweeren Wirdum zijn de versterkingen al afgerond. De dorpenaanpak gaat nietdorp voor dorp. In elk dorp wordt een plan gemaakt. Verder zijn weafhankelijk van de bouw en de beschikbaarheid van tijdelijke huisvesting.Soms kiezen dorpen zelf voor minder overlast, waardoor het ook langerduurt. We zijn nu in drie dorpen in uitvoering: Garrelsweer, Wirdum enZeerijp. In het laatste dorp, Leermens, zal begin 2025 begonnen worden.Vanaf dat moment loopt de versterking in alle dorpen tegelijk.Dan de vraag van GroenLinks-PvdA hoe ik aankijk tegen een wettelijkafdwingbaar recht om een keer een set afspraken te maken over deversterking, schadeafhandeling en verduurzaming. Mensen hebben al hetrecht op een gecoördineerde aanpak van schade en versterking; dat iswettelijk vastgelegd. Ik wil daarom ook niet inzetten op een structuurwij-ziging, zoals ik eerder heb aangegeven. Ik zet wel in op een optimalesamenwerking tussen regio, IMG, NCG en Rijk om te komen tot zo’ntotaalaanpak. Daar gaat ook de agenda voor herstel over. Zoals gezegdheb ik daar ook al mensen voor bij elkaar geroepen om dit te besprekenen te kijken hoe we dit verder uit kunnen rollen.Dan heb ik nog de vraag of mensen naar een andere gemeente verhuizenvoor een wisselwoning en of zij dan hun recht op gemeentelijke voorzie-ningen en regelingen verliezen. Het uitgangspunt bij het zoeken naartijdelijke huisvesting voor een bewoner is dat deze zo dicht mogelijk in debuurt van de bewoner is en past bij de persoonlijke behoefte van debewoner. In veel gevallen lukt dit. Het signaal van een bewoner die doorde NCG buiten de eigen gemeente wordt geplaatst, herkent de NCG niet.Graag ontvang ik dan ook specifieke informatie, zodat ik kan nagaan water in deze situatie speelt en hoe we daarmee om kunnen gaan. Dat iseigenlijk wat ik daarvan zeggen kan. Ik weet niet of er wat specifieks is,maar dan hoor ik dat graag.GroenLinks-PvdA en D66 hebben verschillende vragen gesteld overmaatregel 16 uit Nij begun. Ik neem die vragen samen. U geeft aan dat deuitbetaling lang kan duren en stelt voor dit zo snel mogelijk te doen.Verder vraagt u of deze maatregel ook kan voor ondernemers en mkb’ersen, zo nee, of deze voor hen kan worden opengesteld. Die maatregel 16uit Nij begun betreft een vergoeding voor huurders en eigenaren vooreigen tijd als gevolg van het lange wachten op een versterkte woning ofeen besluit op norm. Die vergoeding is voor huishoudens die vanaf25 april 2023 nog wachten op versterking of op het besluit dat er geenversterking noodzakelijk is voor hun woning. Er wordt op dit momentsamen met de NCG geïnventariseerd hoeveel gedupeerden in aanmerkingkomen voor deze maatregel. Vanwege de motie in de Kamer is de scopeuitgebreid met meer woningen. De financiële gevolgen van dezeuitbreiding moeten nog nader onderzocht worden. Ik heb verder geenzaken staan over die mkb’ers, maar ik weet van die mkb’ers dat daar eenstaatssteundiscussie onder zit. We moeten daarnaar kijken om te zien hoewe dat oplossen. We kijken wel welke mogelijkheden er zijn, maarstaatssteun kan daarbij in de weg staan.Dan de vraag van de SP over situaties, zoals die van Willeke die al negenjaar wacht, waarin steeds op toezeggingen wordt teruggekomen. Het zalvaker mijn antwoord zijn dat ik niet op specifieke casussen inga, maar ikben wel bekend met de structuren die daar zijn. Het klopt dat sommigecasussen zeer complex zijn en vastlopen. Het klopt ook dat er toezeg-gingen worden gedaan die niet worden nagekomen. Als dat zo is, zit ik erbovenop om die wel gestand te doen. Mensen die dit overkomt, mogenook contact met mij leggen. De ervaring leert mij wel dat er vaak veelmeer speelt dan naar buiten komt. Het is niet alleen maar het verhaal vanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12249 «de NCG heeft het niet goed geregeld». Er spelen ook weleens anderezaken mee en dat maakt het ook weleens complex.IMG en NCG doen hun uiterste best om deze zaken zo goed als mogelijkop te lossen. Daar waar wenselijk kan het interventieteam ondersteuningbieden bij bijzondere situaties of de casus overnemen. Dat geldt soms ookvoor bepaalde taskforces die wij hebben ingesteld op het gebied vanlandbouw of mkb.Dan de vraag van de SP of de Staatssecretaris ervoor wil zorgen datbewoners uit batch 1588 voor de kerst het geld krijgen. Als de Staatssecre-taris dat kon doen, deed hij dat direct. Dat gaat niet lukken. Wat ik wel kanzeggen, is dat wij de gemeentes deze week een brief hebben gestuurdwaarin wij ze vragen de niet-aangeleverde gegevens op te sturen zodatwij een totaalbeeld kunnen krijgen van waar het om gaat en we in derichting van het uitkeren het nodige kunnen gaan doen. Ik heb een aantalmensen gesproken die daarmee te maken hebben. Het probleem is mijbekend. Ik zit er bovenop en probeer er een oplossing voor te vinden.Mevrouw Beckerman (SP):Ik heb even afgewacht. Kent u het spel «Waar is Wally?»? Ik bedoel hetniet onaardig, maar ik zit nu met de vraag: waar is Eddie? Ik ken namelijkeen Eddie die met zijn vuist op tafel slaat. Ik hoor nu antwoorden over«geen structuurwijzigingen» en «er zijn problemen» en ik neem toch evenbatch 1588 als specifiek voorbeeld. Het is zo’n puinzooi geworden voor diemensen, zo verschrikkelijk. We hebben heel veel strijd moeten leveren metuiteindelijk een aangenomen motie. De tranen schieten je in de ogen alsdat eindelijk lukt: compensatie voor mensen die eigen geld haddenmoeten inleggen bij de versterking. Nou is het geregeld voor heel veelmensen, behalve voor die groep. Als antwoord horen we dan dat er eenbrief is gestuurd naar de gemeente, dat nog maar even gekeken moetworden en dat het ook een probleem is. Wat is dan het probleem?Waarom lossen we het niet op? Het gaat om gemiddeld € 40.000 pergezin. Dat is maar een heel klein aantal mensen. Los het op! Dit kangewoon niet.Staatssecretaris Van Marum:Het is geen onwil om het niet op te willen lossen. Naar zowel NCG alsgemeentes is de uitvraag gedaan om zaken aan te leveren. Van NCGhebben we alles ontvangen en van gemeentes hebben we een aantalzaken nog niet binnen gekregen. Ik heb druk gezet op die gemeentes. Dezeweek is er een brief naar de gemeentes uitgegaan. Wij vragen degemeentes deze zaken met zo groot mogelijke spoed aan te leveren zodatwe richting afhandeling van deze zaken kunnen gaan.Mevrouw Beckerman (SP):Ik besteed mijn tweede interruptie eraan. Ik ga niks negatiefs zeggen overgemeenten, want dit is een soort ondoorzichtige kluwen. We zien nu weereen soort bureaucratie. Mensen moeten zich melden bij de NCG. Dangaan we weer naar de gemeenten. Dan komt het weer terug. Dan gaan weweer brieven sturen. Mijn oproep aan de Staatssecretaris vandaag is ofhet niet veel slimmer is om de bureaucratie te laten voor wat die is en tezeggen: weet je wat, we hebben dit helemaal in het honderd laten lopenen we compenseren die mensen gewoon. Volgens mij ben je daarmeesneller uit die eindeloze kosten die we maken; voor elke euro komt erweer € 0,70 bovenop. Los het gewoon op. Die mensen wachten nu al zolang. Die mensen wachten nu al zolang. Ze hebben staan smeken, zehebben zwartboeken gemaakt, ze hebben actiegevoerd. Is het het waardom weer eindeloos met de gemeente en de NCG te gaan communiceren,allemaal loketjes waar de mensen langs moeten? We kunnen het toch ookgewoon oplossen? Een foutje van de overheid. Alstublieft, voor kerst!Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12250 Staatssecretaris Van Marum:Ik denk dat u mij niet goed begrijpt. Ik zeg dat ik het wil oplossen, maardaarvoor heb ik wel alle gevallen nodig die het betreft. Een aantal van diegevallen zijn bij de NCG ondergebracht en een aantal gevallen bij degemeenten. Als ik die gevallen bij de gemeenten nog niet heb, kan ik zeook niet oplossen. Ik heb de gemeenten dus een brief gestuurd om mij demissende informatie aan te leveren, zodat we er verder mee kunnen. Hetis dus niet zo dat ik het niet wil oplossen, maar ik heb wel de gegevensnodig om het te kunnen oplossen.De voorzitter:Ik ga eerst naar meneer Vermeer en dan naar meneer Bushoff.De heer Vermeer (BBB):Is mijn interpretatie dan juist dat de gevallen van mensen van wie degegevens van NCG en gemeenten wél binnen zijn, nu per direct of in iedergeval voor de kerst worden opgelost?Staatssecretaris Van Marum:Niet voor de kerst in ieder geval. Dat gaat zeker niet lukken. De NCGanalyseert de uitkomsten zo nodig met de gemeente. Na die zorgvuldigeanalyse worden de kosten zo snel mogelijk vergoed, als daar aanleidingtoe is. Er wordt wel naar de kosten gekeken. Het is niet zo dat het directwordt overgemaakt. Er wordt wel gekeken of er dekking is om die kostenover te maken.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik twijfel even over de interruptie die ik wil doen. Want dat laatste baartmij namelijk de meeste zorgen. Ik ga toch maar in op dat laatste stukje. Ikzie echt de goede wil van deze Staatssecretaris. Hij wil het oplossen,absoluut. Alleen ligt er wel een uitspraak dat dit opgelost moet worden,dat deze mensen hun geld moeten krijgen. Begrijp ik goed dat deStaatssecretaris zegt dat er gekeken wordt of er dekking voor is? Dat kannatuurlijk niet de uitkomst zijn. De uitkomst is: de Staatssecretaris haaltalles op en die mensen worden zo snel mogelijk gecompenseerd. Heb ikhet dan goed begrepen?Staatssecretaris Van Marum:Dan is er een misverstand tussen ons. Het gaat niet over de dekking. Hetgaat over de claim die er ligt en de vraag of het een redelijke claim is.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Nog steeds vind ik dat wel lastig, want deze mensen dienen gewoongecompenseerd te worden. Ik wil niet al mijn interrupties op dit puntdoen. Ik wil nog een ander punt over deze regeling aansnijden. Dat is hetpunt van de gemeenten. Ik weet niet hoe snel de gemeenten zakenkunnen aanleveren. Ik vind het dus lastig om daar iets negatiefs over tezeggen. Maar in het begin van het verhaal hoorden we dat deze Staatsse-cretaris, terecht, heel veel in Groningen is. Zou het dan een idee zijn om,als er nog maar een paar gemeenten de stukken moeten aanleveren dienodig zijn om deze mensen te compenseren, volgende week langs dezegemeenten te gaan met de boodschap dat hij deze stukken meteen wilhebben? Als de Staatssecretaris dan toch in Groningen is en langs diegemeenten gaat, moet dat toch te doen zijn?Staatssecretaris Van Marum:Laat dat nou net de ingezette lijn zijn. We hebben dat middels de briefgedaan en als daar geen vervolg op komt, sta ik bij die gemeenten op destoep.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12251 De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Problemen met de Belastingdienst. Gedupeerde Groningers zijn geenuitzondering. Waarom moeten zij naar allerlei instanties? Waarom kan hetniet makkelijker en menselijker? Ik snap dat dit verwarrend is voor debewoners. Tegemoetkoming in natura, versterking of daadwerkelijkherstel hoeven bewoners straks sowieso niet meer op te geven alsvermogen bij hun inkomstenbelasting. Bewoners die vanwege deuitvoering van een versterking of het ontvangen van een schadever-goeding te maken hebben met fiscale gevolgen, kunnen zich altijd meldenbij IMG of NCG. Zij zorgen ervoor dat die bewoner wordt geholpen door,afhankelijk van de situatie, de schade te vergoeden, hulp van eenfinancieel deskundige of een warme doorverwijzing naar de juisteinstantie. Ik heb hier zelf ook al de nodige vragen bij gesteld. Waaromdoen wij dat niet vooraf? Daar waar het vooraf kan, proberen we datvooraf te regelen. Er zijn incidenteel nog gevallen waarbij dat niet lukt.Dan proberen we het aan de achterzijde te doen. Het is in ieder geval heellastig om het generiek te doen, maar wij proberen het wel zo goedmogelijk op te lossen binnen die organisaties.Dan de vraag van mevrouw Beckerman over bouwfouten. Wat gaat deStaatssecretaris doen om te voorkomen dat bewoners weer zeer langmoeten strijden voor een oplossing? Ik begrijp dat het vervelend is om diebouwfouten te ondervinden na afronding van die versterking. Dat isgewoon hartstikke vervelend. De NCG laat die bewoners ook niet in desteek nadat hun versterking is afgerond. Als na die versterking fouten ofproblemen optreden door de NCG, dan kunnen bewoners ook bij de NCGterecht voor de nazorg. Als u voorbeelden heeft die u met mij kunt delen,dan kan ik die ook doorgeleiden. Ik denk dat bouwfouten niet bewustworden gemaakt. Die kunnen voorkomen. Als die voorkomen, moeten diegewoon worden opgelost.Dan de vraag van mevrouw Bikker. Hoe zal de uitvoering van Nij begunniet meer tot verschillen leiden in de versterking en de schadeafhan-deling? Heeft de Staatssecretaris meer informatie over deze onuitlegbareverschillen? Daarvan kan ik zeggen dat helemaal voorkomen niet mogelijkis. Iedere nieuwe maatregel leidt tot verschillen. Wij hebben dat in hetverleden zelf in deze Kamer ook wel veroorzaakt als steun voor mensen inhet gebied. Om het beter te doen, hebben we moties ingediend om zakenbeter te krijgen. Maar dat heeft wel tot gevolg dat deze in de heleorganisatie moeten worden doorgevoerd. Mensen die eerder aan de beurtwaren, hebben niet altijd datzelfde voordeel gehad. Dat is inherent aan ditdossier. Toch is dit geen reden om helemaal geen beleidswijzigingen doorte voeren. Bij de opstelling van Nij begun heeft het kabinet dit uitdrukkelijkmeegewogen en geprobeerd om dit te beperken. Bij de wijze waarop ikhet advies van Van Geel uitvoer, wil ik die onuitlegbare verschillen zo veelmogelijk wegnemen. Ik heb nu bijvoorbeeld een aantal keer bij diedorpenaanpak gezeten. Dan word ik in een bus rondgereden en dan wordtaangewezen waar een onuitlegbaar verschil is. Deze woning wordt nietgesloopt en de rest allemaal wel. Je ziet heel vaak dat zodra het verster-kingsadvies er ligt, dit onmiddellijk naar de bewoners wordt gestuurd. Ikheb tegen IMG, NCG en de gemeenten gezegd: «Doe dat in het vervolgeven anders. In een bepaald dorp of een bepaalde wijk ben je bezig om ditte gaan doen. Verzamel dan eerst eens al die adviezen. Leg die op elkaarom te zien wat daar met die woningen moet gebeuren. Dan komen daareen aantal rode punten uit waarvan je ziet dat het onuitlegbare verschillenzijn. Ga eerst nadenken over hoe je die verschillen kunt compenseren,voordat je die adviezen verstuurt. Dat doe je dus aan de voorkant. Stuurdan de adviezen op en geef de mensen ook direct het door jou bedachtealternatief dat ze kunnen krijgen als er een groot verschil is.» Ik denk dat jeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12252 heel veel problemen kunt voorkomen door aan de voorkant een beteroverzicht te maken van het totaal. Daardoor krijg je die verschillen beter inbeeld. Dat is een van de zaken die ik daar heb gedaan.De heer Peter de Groot (VVD):Ik denk dat dit een hele goede stap is. Tijdens ons eerste werkbezoek alsnieuwe Kamer hebben we met elkaar ook ruimschoots gesproken overwat je zou moeten doen. Ik denk dat dit al heel erg goed werkt. Maar ikvraag de Staatssecretaris ook hoe hij aankijkt tegen de communicatie, endan met name rondom de verwachtingen die bij mensen leven. Wij horenheel veel levensverhalen. Daar spreekt uit welke verwachting er is als hetbijvoorbeeld gaat over het schadeherstel. Dan valt uiteindelijk het adviesop de mat en dan voldoet het niet aan de verwachting. Dat gat is eenpijnlijk gat. Wat kan de Staatssecretaris betekenen om dat gat teverkleinen tussen verwachting en wat het uiteindelijk is?Staatssecretaris Van Marum:Wat ik daar maximaal aan kan doen, is gewoon helder communiceren. Ikkan niet ongedaan maken wat er in het verleden allemaal gezegd ofgedaan is. In mijn eigen lijn zal ik wel consistent communiceren naar diemensen toe. Dat is belangrijk. U had het over verwachtingen. Dat iseigenlijk bij ieder individu verschillend. Wat wij maximaal kunnen doen, isvoor de grote groep hetzelfde verhaal houden. Ook moet het duidelijk zijnwaar mensen allemaal recht op hebben en wat ze allemaal kunnenverwachten. Een van de zaken waar ik mee bezig ben, is dat ik bij alleorganisaties een knop wil hebben waar je bij aanmelding je postcode enhuisnummer op moet zetten. Alle voor jou beschikbare regelingen zittendan onder die knop en de begeleider of coach beschikt over dezelfdeinformatie. Ik denk dat dat al een hele hoop scheelt en dat je een stukjeuniformiteit krijgt in het aanbieden van het verhaal. Alle mensen diedaarmee moeten werken, moeten weten hoe ze daar toegang tot krijgenen hoe ze die mensen op dezelfde manier kunnen helpen. Doordat nubepaalde regelingen bij verschillende aanbieders lopen, zie je dat je bijverschillende verhalen ruis krijgt, dat mensen gaan shoppen en dit zorgtvoor ontevredenheid over wie wat en waar voor elkaar krijgt. Hetaanbrengen van eenheid zal ook enorm helpen bij deze zaak.De heer Peter de Groot (VVD):Dank aan de Staatssecretaris voor de beantwoording. Ik denk dat hetallemaal stappen vooruit zijn. Ik wil nog even kort aanslaan op hetantwoord dat grote systeem- of structuurwijzigingen niet gemaakt moetenworden. Ik heb natuurlijk al eerder een opmerking gemaakt over datmandaat leggen op straataanpak. Iemand die daar een aanspreekpunt is,die ook verwachtingen kan managen en verschillen goed kan uitleggen. Ikdenk dat het geen grote systeemwijziging is, maar dat het wel heel erggaat helpen. Dat is iemand die kennis van zaken heeft, communiceert enmensen helpt. Ik weet dat het ook al gebeurt, maar zou het niet veel meermoeten gebeuren om ook die snelheid en verbeteringen erin te krijgen?Staatssecretaris Van Marum:Ik hoop dat wij van de dorpenaanpak leren. Ik heb er zelf ook een aantalmooie voorbeelden van gezien die absoluut in de toekomst mogelijk totgoede structuurverbetering kunnen leiden.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Verduurzamen, verschillen Van Geel. Dan begin ik met een vraag vanGroenLinks-Partij van de Arbeid. In Groningen nemen de spanningen toeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12253 door onuitlegbare verschillen in ongelijkheid. Kunnen we het rapport enhet advies van Van Geel, dat pleit voor een schadevrij en verduurzaamdhuis, volledig omarmen en uitvoeren? Het advies van die commissie-Van Geel omvat meerdere maatregelen om verschillende wegen tenemen. Verregaande maatregelen conform Van Geel op het gebied vanverduurzaming, terugwerkende kracht in de schadeafhandeling en dedeur-tot-deuraanpak vragen echt grote aanpassingen in de uitvoering.Hiervoor ontbreekt mij op dit moment een praktisch en uitvoerbaar plan.Ik ben nog wel in gesprek met regio’s en uitvoeringsorganisaties over hoewe het tot een uitvoerbaar plan kunnen krijgen. We hebben al grotestappen gezet in het tegengaan van onuitlegbare verschillen tussenbewoners in de regio. Het volledig doorvoeren vergt echt nog wel watnader denkwerk. Dat geldt ook voor hoe de uitvoeringsdiensten ermeemoeten omgaan en hoe we moeten omgaan met de beschikbarecapaciteit van de mensen die het moeten uitvoeren. Als wij volle bak metVan Geel aan de gang zijn, kan het niet zo zijn dat wij de capaciteit uit deversterking trekken. Dat is het risico dat op dit moment dreigt. Dat isgewoon niet acceptabel. Wij moeten ook de versterkingsoperaties opstoom houden en we moeten kijken hoe we Van Geel gefaseerd kunnenuitvoeren, zodat het uiteindelijk wel vorm gaat krijgen.De voorzitter:Een interruptie van mevrouw Bikker.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Eigenlijk zit ik met twee vragen. De ene is: welk proces, welke tijd? Hoeheeft de Staatssecretaris het inhoudelijk voor ogen? Wanneer is Van Geelafgerond? Dan zijn we een eindje verder, dat begrijp ik. Maar welk procesheeft hij voor ogen en wordt dan heel Van Geel uitgevoerd, of eengedeelte daarvan? De tweede betreft het financiële aspect. Tot voor kortbegrepen we dat er 1,3 miljard nodig was om Van Geel goed uit te voeren.Dat geld was tot nu toe niet geregeld. Hoe zit dat nu? Welk budget heeftde Staatssecretaris nog nodig? Kan hij het binnen zijn begroting regelen?Dan ben ik ook wel benieuwd naar zijn toelichting waarom dat nu wel kan,waar dat eerder niet kon.Staatssecretaris Van Marum:Ik kijk even in de stukken, hoor. Eén moment. Om alles uit Van Geel uit tevoeren, is alleen in het versterkingsgebied al ruim 2,4 miljard extra nodigom 100% subsidie te kunnen geven. Dit budget is er niet. Daar moeten wijnaar op zoek. Het nadeel hierbij is ook dat de verschillen tussen degenendie aan de rand van de gebieden en daarbuiten wonen, nog groterworden. We moeten de komende tijd echt gaan kijken hoe we geld bijelkaar sprokkelen voor Van Geel. Maar om het plan volledig door tevoeren, is, los van het financiële deel, simpelweg de capaciteit nietbeschikbaar, noch bij de uitvoeringsdiensten, noch bij de mensen die hetin de praktijk moeten gaan uitvoeren. Wij zijn met de gemeenten op zoekom zaken gefaseerd in een stappenplan te krijgen. Ondertussen zit ikerbovenop om de budgetten bij elkaar te krijgen.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Ja, voorzitter, mijn interrupties vliegen zo de deur uit. Ik vroeg netwanneer dat stappenplan komt, dus ik neem aan dat u dit gewoon telt alsdezelfde interruptie.Staatssecretaris Van Marum:Dat overleg met de gemeenten over hoe we hier uitvoering aan kunnengeven, is een ongoing process. Daar zitten we al middenin. Het zoekennaar de fondsen zal de komende periode moeten plaatsvinden. Ik zal bijTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12254 de volgende begroting proberen om er geld voor bij elkaar te krijgen enkijken hoe we daar uitvoering aan kunnen geven.De voorzitter:Mevrouw Beckerman.Staatssecretaris Van Marum:Ik kan de toezegging wel doen dat ik een update geef in de brief vanvolgend jaar over de versterking. Voor het commissiedebat.De voorzitter:Dan ga ik naar de heer Bushoff. Of toch mevrouw Beckerman?Mevrouw Beckerman (SP):Ik schrijf ook mee, hè?De voorzitter:Ja, ik heb daar volledig begrip voor. Ga uw gang.Mevrouw Beckerman (SP):Ik wil even een paar stappen achteruit doen, als het mag. Ik wil een helesimpele, bijna principiële vraag stellen. Als je zegt «we hebben eenereschuld» of «we hebben een Nij begun», kan het dan zo zijn dat jeongelijkheid en onrecht daarmee laat bestaan?Staatssecretaris Van Marum:Ik geloof niet dat dat de doelstelling is, nee.Mevrouw Beckerman (SP):Ik heb het net ook geprobeerd te verwoorden in het debat: soms heb ikhet gevoel dat je continu in een soort cirkeltjes gaat. Dus continu denk jeweer «nou, dit hebben we binnen» en dan word je weer terug in de tijdgeslingerd. Dat gevoel heb ik bij die ongelijkheid ook, omdat volgens mijiedereen het wel een gouden vondst van Van Geel vond om niet alles teproberen te herstellen, maar een soort einduitkomst centraal te stellen.Dat ligt er nu een jaar, en dan zijn we nu nog bezig met de eerste stappen.Snapt de Staatssecretaris dat ik het daar moeilijk mee heb? Die beloftesvan vorig jaar waren immers zo mooi, over Nij begun, ereschuld enherstel van vertrouwen. Maar nog steeds zien mensen dat die ongelijkheidniet kleiner wordt, maar groter.Staatssecretaris Van Marum:Zeker snap ik dat. Laat het helder zijn: dit is iets dat ook mij op de nek zit.Maar ik heb wel te maken met de realiteit; ik moet het én in het werk wegmoet kunnen zetten, én er moet budget voor zijn. Mijn uitvoeringsdiensten de mensen waar ik het van moet hebben om het weg te zetten, zeggentegen mij: als wij dit in de volle breedte uit gaan voeren, dan komen wijniet meer aan de kerntaken in de versterking toe. Als dit aan de voorkantal helder wordt, dan hebben wij echt een capaciteitsprobleem. Dan kan ikbeter zorgen dat ik met de gemeentes goede afspraken maak over demanier waarop wij het gaan implementeren en hoe we dat in de tijdwegzetten, en in de tussentijd zoek naar de middelen die ik daarvoornodig heb.Mevrouw Beckerman (SP):Eén. Het antwoord is: ik heb een budget en ik heb een capaciteitspro-bleem. Dat is het hele pijnlijke, omdat we juist tegen dat geld ook al jarenaanlopen. Er werd steeds gezegd: «Geld speelt geen rol. O, we hebbenbudgettekort. Geld speelt geen rol. O, we hebben budgettekort.» Dat vindik zelf al echt heel pijnlijk. «Koste wat het kost»: het staat overal. Daar zitTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12255 geen woord Gronings bij, maar ook geen woord Spaans. «Koste wat hetkost», dat was de belofte.En dan over capaciteit. Ik ben benieuwd wat de Staatssecretaris daarvandenkt. Ja, dat is een probleem. Dat is een gigantisch probleem. Daaromhebben wij steeds betoogd, ook bij de parlementaire enquête: dan moet jedus als kabinet ook prioriteit geven aan Groningen. Dan moeten wemisschien wel zeggen: «Oké, een paar jaar doen we dit niet, of dat niet,want het gaat nu naar Groningen. Daar hebben we een ereschuld; daarhebben we zo’n bende van gemaakt, daar hebben we zo lang mensen devernieling in geholpen, dat we aan mensen daar de prioriteit geven.» Watwe nu doen, is kijken naar de capaciteit die we nu hebben en zeggen «datvalt tegen», terwijl we ook nog zien dat heel veel van die capaciteit gaatzitten in dubbel werk en bureaucratie. Bijna niemand heeft nog maar éénrapport; mensen hebben stapels rapporten. Dat is allemaal capaciteit dieniet gaat zitten in de uitvoering. Dus je kunt volgens mij nog heel veelsnijden daarin; dat doen wij ook met ons voorstel. Maar volgens mij zou jeook moeten zeggen: «Wacht eens even. Ik zie twee problemen. Ik zie dat ikbudgettekort heb en ik zie dat ik capaciteitstekort heb, maar ik heb ietsanders beloofd. Ik heb «koste wat kost» beloofd en ik heb ereschuldbeloofd. Dat is mijn uitgangspunt en vanaf dat eindpunt ga ik terug-werken.» Is het kabinet bereid om dat te doen, om ook moeilijke keuzes temaken in de prioritering en te zeggen: nee, nu heeft Groningen prioriteit?Als we dit verzaken als overheid, dan heeft dat immers veel grotereimpact op ons allemaal en op het vertrouwen van iedereen in derechtsstaat.Staatssecretaris Van Marum:Er lopen hier een aantal zaken door elkaar. Ik zal ze proberen helder temaken. Wij hebben een aantal uitvoeringen die te maken hebben metschadeherstel en versterking. Daarbij gingen in het verleden en ook in hetheden zaken niet goed. Dat gaat over verkeerde rapporten, of dingen diedubbel gebeuren en dat soort zaken; daar zit ik bovenop, want ik probeerdie capaciteit terug te halen en te zorgen dat die ingezet kan worden omde voortgang te krijgen. Dat is één.Maar bijvoorbeeld bij de uitvoering van de isolatiemaatregelen heb je ookeen andere dienst nodig. Als die dienst aangeeft het niet aan te kunnen alsalles en iedereen in één keer opengezet wordt, of aangeeft dat de regelingte complex is gemaakt waardoor de uitvoering ervan veel capaciteitvraagt, dan lopen wij daar ook weer vast. Dan doen wij weer een beloftedie we niet gestand kunnen doen. Wat ik dus gedaan heb, is bij deuitvoeringsorganisaties navragen: wat kunnen jullie aan, wat is ongeveerhet werktempo waarmee jullie kunnen werken? Bij de gemeenten heb ikgevraagd: hoe kunnen jullie dit in een tempo zetten waarbij de mensendie het het hardst nodig hebben, die 140%, het eerst geholpen worden;hoe kunnen we daarvoor een prioritering maken die werkbaar is? Datwordt op dit moment uitgewerkt, samen met de gemeenten, waarna wedaar een start mee kunnen maken. Dat is anders dan dat ik naar elkewoning in heel Groningen ren en zeg: «ik bied wat aan», waarmee ik decapaciteit verlies voor de mensen die het het hardst nodig hebben.Dus ja, het wordt onderschreven dat wij uitvoering willen geven aanVan Geel. Daar zitten enkele consequenties aan die ervoor zorgen dat wijin de uitvoering, maar ook gewoon met het binnenhalen van wat er moetgebeuren, niet het tempo kunnen aanhouden dat wij graag willen zien.Maar als we het dan toch uit moeten voeren, dan beter in een ordentelijktempo, zodat de mensen die het het hardst nodig hebben, ook het eerstaan de beurt komen en we alles in een goede flow kunnen uitrollen, zodatwe onze belofte uiteindelijk ook gestand kunnen doen.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12256 In vier startgebieden in Groningen werkt men al met het principe vanéén overheid. Ik hoorde de Staatssecretaris zeggen dat hij eigenlijk ookwel fan is van één huis, één plan, één oplossing. Van de zijde van deKamer werd gezegd: laten we nu overgaan tot z’n totaalaanpak voor demensen die al zo lang wachten, de mensen die het langste wachten. Ikmoet zeggen dat ik de reactie van de Staatssecretaris daarop iets te magervond. Hij zei: we gaan even kijken hoe dat in die vier startgebieden loopten daar gaan we dan van leren. Maar ik vraag me oprecht af wat eroptegen is om die totaalaanpak – noem het één overheid, of, in de woordenvan de Staatssecretaris: één huis, één plan, één oplossing – alsuitgangspunt te nemen? Ondertussen kan er dan – dat doe je natuurlijkaltijd – geleerd worden van de plekken waar die totaalaanpak plaatsvindt.Wat is erop tegen om dit als uitgangspunt te nemen? Alleen ervan leren,de eerste resultaten te bezien in 2025 en dan weer verder kijken, is echt temager, zeg ik tegen de Staatssecretaris. De eerste resultaten weten we al:de mensen zijn hier heel positief over.Staatssecretaris Van Marum:Dat is precies de reden dat ik de gemeenten en de uitvoeringsorganisatiesregelmatig bij elkaar zet om ze te laten wennen aan het idee dat dit demethode is die je graag wilt zien in de komende tijd. Maar dat betekentwel dat die organisaties moeten wennen aan die nieuwe situatie en dat zehet mandaat dat ze eigenlijk individueel al heel vaak hebben, ook inzetten.Je ziet nu heel vaak dat er meer van dat mandaat gebruikgemaakt wordt.Ik wil nu dus de mensen die daar zitten gewoon laten voelen dat erbestuurlijk rugdekking is als zij gebruikmaken van de mandaten die erliggen om oplossingen te kunnen bieden.Als organisaties jarenlang los van elkaar gewerkt hebben, maar langzaammaar zeker tot elkaar komen en ook meer dingen samen gaan doen, dan ishet gewoon goed om met elkaar aan tafel te zitten om de knelpunten op tehalen en te kijken waar het beter kan, en ook te laten merken dat je zerugdekking geeft als ze op deze manier willen gaan werken.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Op zich is het helemaal waar dat het tijd kost als organisaties zo langgescheiden hebben gewerkt. Ik denk dat dat geen goeie aanpak was. Maargoed, daar hebben we het nu niet meer over. Ik kan mij best voorstellendat het dan inderdaad tijd kost om aan elkaar te wennen. Maar het helptwel als deze Staatssecretaris een principe-uitspraak doet als «dit is derichting die we met z’n allen opgaan, voor meer dan alleen die vierstartgebieden». Dat is één. Twee. Het zou ook helpen als de Staatssecre-taris in ieder geval kan toezeggen dat de eventuele belemmeringen die ernog zijn om dit breder uit te rollen, worden weggenomen door dezeStaatssecretaris. Ik zie daar echt de verantwoordelijkheid voor dezeStaatssecretaris liggen. Kan hij op die twee punten bevestigen dat dit deweg vooruit is en dat dat het uitgangspunt wordt? Dat beluisterde ik tochook bij deze Staatssecretaris. Het tweede dat ik vroeg was toezeggen datde eventuele belemmeringen door deze Staatssecretaris weggenomenzullen worden.Staatssecretaris Van Marum:De inzet is in elk geval om de komende tijd met elkaar aan tafel te gaanzitten om te kijken hoe we dit verder kunnen vormgeven en hoe we ditverder kunnen gaan uitrollen. Het is wel mijn bedoeling om de mensen opkorte termijn met een soort rondetafel bij elkaar te zetten om het daaroverte hebben en om op te halen wat er nodig is. Er zijn hier en daar namelijkook nog wel wat juridische belemmeringen om dit zomaar vorm tekunnen geven. Wij komen in die startgebieden nu een aantal zaken tegendie wij als dit goed gaat werken, ook verder proberen uit te rollen. MaarTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12257 dan moet je wel goed inzichtelijk hebben wat de problemen kunnen zijnen hoe je ze op kunt lossen.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Het mag van mij echt nog wat sneller door te zeggen: we gaan dietotaalaanpak echt als uitgangspunt nemen. Maar dat moge duidelijk zijn.Ik heb nog een hieraan verwante vraag. Als je inderdaad kiest voor die«één huis, één plan, één oplossing»-aanpak, of die eenoverheids- of dietotaalaanpak, dan zou het volgende natuurlijk heel raar zijn. Stel dat jevervolgens bij een huis komt met als doel één plan en één set aanafspraken voor dat huis te maken, maar dat verduurzaming daar nog nietonder valt. Het zou wel heel raar zijn als dat het geval is. Als we dit gaandoen en als de Staatssecretaris dit ook wil, dan betekent dit dus dat ookverduurzaming daar per definitie onder zou moeten vallen. Is de Staatsse-cretaris dat met mij eens?Staatssecretaris Van Marum:Misschien is de reden dat bepaalde zaken nog even tijd vergen ook wel dewens om dat erbij te kunnen doen.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Dan heb ik een verduidelijkende vraag, want de Staatssecretaris was welheel kort van stof. De verduidelijkende vraag is wat er dan tijd kost. Is dathet geld, of iets anders?Staatssecretaris Van Marum:Nee. Wat je op moet halen, is wat je tegenkomt in dit soort processen.Daar zitten juridische zaken in, daar zitten uitvoeringszaken in en daarzitten capaciteitszaken in. Met de vier dorpen waar we deze aanpak aanhet uitrollen zijn, komen we dat soort zaken tegen. Voordat je hethelemaal breed gaat uitrollen, zal je wel zicht moeten hebben op wat datvoor consequenties heeft voor de organisatie, de uitvoering en decapaciteit die je aankan. Dat zijn wij aan het ophalen. Wij zijn aan hetkijken hoe we daarvoor de komende tijd een werkbaar plan kunnenkrijgen.Mevrouw Vedder (CDA):Ook ik wil graag nog wat doorvragen op zowel de startgebieden alsVan Geel, dus ik denk dat er van mij ook een aantal interrupties achter-elkaar komen. Ik was in mijn inbreng ook over de startgebiedenbegonnen. Dat was vooral omdat ik heel enthousiast ben geworden doorhet verhaal van een overheid die dicht bij haar burgers heeft gezegd: wijzien dat er behoefte is aan een helpende hand en aan een eenoverheids-aanpak, wij gaan het gewoon doen en al doende leren wij hoe het zoumoeten. Vandaar ook mijn oproep welke rol de Staatssecretaris ziet omdat verder uit te rollen. Ik hoor hem daar nu een antwoord op geven. Ookik heb last van het haastvirus, net als mijn collega Bushoff. Ik zou dus inieder geval graag aan de Staatssecretaris willen vragen of het mogelijk isom voor het volgende debat een brief te krijgen met daarin wat devoortgang is, welke drempels de Staatssecretaris is tegengekomen en hoede Staatssecretaris daarmee wil omgaan. Dan hoeven we daar in hetvolgende debat niet naar te vragen, maar dan kunnen we daarover directverder spreken met elkaar. Ik wil vertraging in die zin namelijk graagvoorkomen. Dat is mijn eerste vraag.Staatssecretaris Van Marum:Die toezegging kan ik u doen. In januari komt er een brief over versterking.Mevrouw Vedder (CDA):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12258 Dat is hartstikke fijn, want dan kan de Kamer daar weer echt op inhoudover doorpraten. We kunnen dan bovendien ook met de regio contacthouden over hoe het loopt.Ik wil ook nog even terug naar Van Geel, want mij bekruipt ook het gevoeldat ik nog iets beter moet begrijpen waar de Staatssecretaris nou preciesop inzet. Wat is het beeld voor de lange termijn en welke stappen wordener gezet tussen nu en dat perspectief verder weg? Ik snap heel goed datdingen gefaseerd moeten worden gedaan. Dat werd me vorige keer alduidelijk toen die motie het niet haalde, waarin we vroegen om Van Geelhelemaal te omarmen. Dan ga ik mijn knopen tellen! Maar met mijnweinige boerenverstand denk ik dan wel dat het logisch is om in iedergeval in het versterkingsgebied, daar waar je gaat starten met versterkingen dus ook daar waar je dingen letterlijk overhoop gaat trekken, dieverduurzaming meteen mee te nemen. We moeten dat niet alleen doenomdat dat overlast scheelt voor mensen en het financieel gunstiger is,maar vooral omdat je dan niet alleen met een vervelende boodschap bijde mensen komt. Je neemt dan letterlijk perspectief met je mee, want jegeeft dan een doorkijkje naar een verbeterde situatie. Maar ik ben nu eenbeetje in verwarring of dat, ja of nee, gaat gebeuren.Staatssecretaris Van Marum:Wij hebben hier dus een pilot mee gedaan. Die is zo goed als afgerond. Ikkijk nu naar de resultaten van die pilot. Als dat goed gaat, is dat een vande zaken die ik wil implementeren in het versterkingsverhaal. Dat zou ookhet proces enorm versnellen, want dan komen mensen ook sneller tot eenbesluit. Die proef is zo goed als afgerond en de resultaten van die proef gaik nu bestuderen. Daarna kan ik zeggen hoe ik daarmee verder kan.Mevrouw Vedder (CDA):Heb ik dan goed begrepen dat ...Staatssecretaris Van Marum:Ik kan de toezegging doen dat ik daar in de brief van volgend jaar opterugkom.Mevrouw Vedder (CDA):Het is afhankelijk van de resultaten van de pilot, maar in principe heeft hetde voorkeur om bij de huizen die versterkt gaan worden, dat VanGeel-aspect meteen mee te nemen. Vervolgens gaan we op de langeretermijn toewerken naar de gebieden daaromheen. Moet ik de tijdlijn zoeen beetje voor me zien?Staatssecretaris Van Marum:U moet het zo zien. Het heeft de voorkeur om het bij een versterking – bijzware versterkingen sowieso en bij lichtere versterkingen zo mogelijk – inéén keer te doen. We moeten er nog wel even naar kijken, want het maghet tempo van de versterking niet te zwaar onder druk zetten. Je hebtnamelijk wel de opdracht van het SodM gekregen om een bepaald tempoin die versterkingen te houden.Ik ben verder in goed overleg met Kockelkoren van het SodM over deveiligheid. Ik heb tegen hem gezegd: wij hebben niet alleen te maken metfysieke veiligheid, maar ook met mentale veiligheid. Als wij ervoor kunnenzorgen dat mensen zich mentaal veiliger voelen door dit soort dingen inéén werk te laten doen en ze niet meermaals in de ellende te laten zitten,dan heeft dat mijn voorkeur. Maar hij heeft natuurlijk ook te maken metzijn verantwoordelijkheid als toezichthouder. Daarom heeft hij mij op hethart gedrukt: als je deze maatregel wilt implementeren, dan mag het geennegatieve invloed hebben op de snelheid van de versterking. We kijken ofwe daar een goede weg in kunnen vinden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12259 Mevrouw Vedder (CDA):Ik hoorde de Staatssecretaris net zeggen «geen significante vertraging» of«helemaal geen vertraging». Ik heb daar heel veel begrip voor en wehebben het hier ook al regelmatig over gehad, maar we krijgen ooksignalen uit het veld van mensen die zeggen «als ik toch mijn huis uitmoet voor versterking, dan wil ik graag dat de verduurzaming meteenmee wordt genomen, omdat ik dan maar één keer mijn huis uit moet. Alsdat kan, ben ik zelfs bereid om vertraging voor lief te nemen. Het heeftdan mijn voorkeur om iets langer te wachten en maar één keer mijn huisuit te moeten in plaats van dat het snel gaat en ik twee keer mijn huis uitmoet.» Hebben mensen die vrijheid, die keuzevrijheid? Is die ruimte er? Ofis die deadline zo’n zwaard van Damocles dat mensen de ruimte niethebben om die keuze voor zichzelf te kunnen maken?Staatssecretaris Van Marum:Die deadline was er wel, maar omdat uit het rapport blijkt dat 2028waarschijnlijk niet gehaald gaat worden, heb ik gevraagd aan hetStaatstoezicht om die enorme opjagerij enigszins te temperen en ervoorte zorgen dat wij haalbare doelen gaan neerleggen. Het niet hebben vanhaalbare doelen zorgt er namelijk ook voor dat je continue beloftes doetaan mensen die je eigenlijk niet waar kunt maken. Voor mij is datontzettend belangrijk. Ik zeg tegen mijn mensen: ik heb liever dat je eenmaand langer plant en dat we een keer inlopen, dan dat ik iedere keernaar de Kamer moet om te vertellen dat we het niet gehaald hebben. Nogveel erger vind ik dat ik naar die mensen toe moet om ze te vertellen datwe het niet gehaald hebben. Realistische planningen maken dus en goeduitzoeken wat de consequenties zijn van de maatregelen die je toevoegtaan het versterken alleen. Met die verduurzaming moeten we daargewoon naar kijken. Er is nu een proef geweest. De resultaten van dieproef ga ik bestuderen en ik ga kijken wat dat voor consequenties heeft.Dat ga ik in overleg met het Staatstoezicht kijken of wij toch een beetjevoortgang kunnen geven op de manier zoals u net schetst, zodat we hetkunnen meenemen daar waar het gaat over zware versterking en overlichte versterking.De voorzitter:Kunt u voordat u verdergaat een indicatie geven van de tijd die u nognodig heeft, gezien het voortschrijden van de tijd?Staatssecretaris Van Marum:Met het beantwoorden van de vragen, bedoelt u?De voorzitter:Ja.Staatssecretaris Van Marum:Ik heb hier nog vier vragen en ik heb daarna nog drie mapjes, dus ik bennog wel even bezig als ik geen interrupties meer krijg. Ik vind het ookwaardevol om even wat uitgebreider te kunnen duiden hoe wij proberendingen op te lossen.De voorzitter:Gezien de reacties van de commissie: gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Worden de kosten voor afwerking ventilatie ook vergoed na isolatie metsubsidie vanuit maatregel 29? De subsidie die de bewoners voormaatregel 29 ontvangen, is voor zowel isoleren alsook ventileren. Binnenhet pakket voor die maatregel is daarnaast afgesproken dat de bewonersin het versterkte gebied tot 140% van het sociaal minimumTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12260 € 1.000 vergoeding ontvangen voor het afwerken na het isoleren van dewoning. Dit betreft een tegemoetkoming voor de kosten naast de 100%subsidie die deze bewoners ontvangen voor het isoleren tot de standaard.Dan NSC, CDA, BBB: «Voer de plannen van Van Geel uit. Neemt u ons ookmee in wat er wordt opgeleverd in de overleggen in de regio met IMG enNCG? Zijn er voldoende financiële middelen om dat te realiseren en hoegeeft de Staatssecretaris met bestaande middelen uitvoering aan hetrapport-Van Geel?» Onuitlegbare verschillen in de afhandeling vanschadeversterking zijn zeer lastig voor de betrokken bewoners. Van Geelerkende dit probleem ook en oordeelde dat er geen simpele oplossingenzijn. Het advies van Van Geel omvat meerdere maatregelen om deverschillen weg te nemen. Het kabinet geeft daar op dit moment zomogelijk invulling aan, binnen de huidige mogelijkheden.Verdergaande maatregelen conform Van Geel op het gebied vanverduurzaming, terugwerkende kracht in de schadeafhandeling en dedeur-tot-deuraanpak, vragen grote aanpassingen in de uitvoering en wezijn nu aan het kijken hoe we daarmee om kunnen gaan. Op dit momentontbreekt, zoals ik net al heb uitgelegd, een praktisch uitvoerbaar enhaalbaar plan. Ik ben hierover in gesprek met de regio en met deuitvoeringsorganisaties. Zodra ik die plannen heb uitgewerkt, zal ik uwKamer informeren, want op dat moment valt ook pas een goedeinschatting te maken van de financiële gevolgen en van in hoeverre datbinnen de bestaande budgetten past. Voor de uitvoering van het adviesvan de commissie-Van Geel wordt vanuit de bestaande middelen al veelgedaan, zoals de aanvullende vaste vergoeding, de AVV. Op elk adreswaar in het verleden een lager schadebedrag dan € 10.000 is uitgekeerd,kan dit bedrag aangevuld worden tot € 10.000. Ook krijgen bewoners inhet versterkings- en aardbevingsgebied voor het tegengaan van energie-armoede een bijdrage van respectievelijk 100% en 50% voor de kostenvan isolatiemaatregelen. Dit is inclusief een bijdrage vanuit het Klimaat-fonds, de ISDE. Voor maatwerk is 240 miljoen beschikbaar. Hiermeehebben we al grote stappen gezet in het tegengaan van onuitlegbareverschillen tussen bewoners in de regio. Om alles uit Van Geel uit tevoeren, bijvoorbeeld alleen al om iedereen in het versterkingsgebied die100% subsidie te kunnen geven, is er veel meer geld nodig. Dat heb ik netook al gezegd. Daar hebben we echt nog even een weg te gaan.Dan de vraag van mevrouw Vedder: wat kan de Staatssecretaris Hersteldoen om het «milder, menselijker en makkelijker» dichter bij de mensen tekrijgen? Zoals ik in mijn inleiding al aangaf, worden er sinds Nij begungoede stappen gezet. IMG en NCG werken hier hard aan. Het gaat hierbijom een verandering van de houding en het gedrag bij de medewerkers.Ook hebben bewonersbegeleiders de ruimte gekregen om de knelpuntenzo snel mogelijk weg te werken en zijn diverse processen versimpeld. Eenaantal voorbeelden daarvan: een onafhankelijke partij bij de opleveringvoor een beter gevoel van de bewoners, een opruimhulp voor bewonersop hoge leeftijd voorafgaande aan de verhuizing naar de tijdelijkehuisvesting, winterkleding voor bewoners waarvan de versterking uitloopten de winterkleding in de opslag ligt. Het heeft nog tijd nodig voordatiedereen dit merkt. Ook in de organisatie werken wij eraan om onzemensen die daar zitten het comfort te geven dat ze gebruik mogen makenvan de mogelijkheden die ze daar hebben.Dan de vraag van mevrouw Beckerman: mensen die uit een versterkingworden gegooid, bewoners met nieuwe rapporten die plots op normstaan; erkent de Staatssecretaris dat hun onrecht wordt aangedaan? Ikheb alle begrip voor emoties in de versterkingsopgave. Als een adres naopname en beoordeling voldoet aan de veiligheidsnorm, is er geen sprakevan een afwijzing, maar dat kan wel zo voelen. Een nieuw rapport kanenkel tot stand komen in overeenstemming met de bewoner door hetaanvragen van een herbeoordeling. Voor een herbeoordeling krijgenbewoners ook een vergoeding. Ik heb net aangegeven dat bij eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12261 herbeoordeling ook gebruikgemaakt mag worden van een ander bureau.Die toezegging heb ik gedaan. De kans om op norm verklaard te wordenbij een nieuwe beoordeling is in de huidige tijd groter, omdat de gaskraanis dichtgedraaid. Dit wordt ook onder de aandacht gebracht van debewoners die een nieuw rapport aanvragen. Als je het aanvraagt, kan hetde consequentie hebben dat je dichter bij op norm zit.Dan maatregel 29, de verschillen: wat is er nodig om dit in het hele gebiedzo gelijk mogelijk uit te voeren en worden daarbij ook de mkb’ersmeegenomen? Voor een afspraak over maatregel 29 zijn de uitgangs-punten dat de bewoners financieel ondersteund worden bij hetaardgasvrij maken van hun woning, waarbij aanvullend ook aandacht isvoor de kwetsbare huishoudens, en dat de verschillen tussen debewoners in het gebied in lijn met Van Geel zo veel mogelijk wordenteruggebracht. De woningeigenaren die het hardst getroffen zijn in hetversterkingsgebied en de woningeigenaren die tot 140% van het sociaalminimum verdienen, krijgen 100% vergoed. Woningeigenaren in de restvan het aardbevingsgebied krijgen 50% vergoed.Hoe kan het dat de verduurzamingsregeling is vertraagd en waaromwordt met die regeling ongelijkheid gecreëerd? Dat is ook een vraag vande SP. De uitwerking van de isolatieaanpak kost meer tijd – dat heb ik netal gezegd – en het is belangrijk om dat in een keer goed te doen. Ikverwacht rond de zomer van 2025 te kunnen starten met de isolatieaanpaken de ondersteuning van de woningeigenaren die die het hardst nodighebben. Voor iedereen die na 25 april isolatie- en ventilatiewerkzaam-heden heeft uitgevoerd om te komen tot een standaard woningisolatie,wordt die vergoeding ook zo snel mogelijk beschikbaar gesteld. Voor deafspraken over maatregel 29 zijn de uitgangspunten dat de bewonersfinancieel ondersteund worden bij het aardgasvrij maken van hun woning,waarbij aanvullend aandacht is voor de kwetsbare huishoudens. Deverschillen tussen bewoners zouden in lijn met het rapport-Van Geel zoveel mogelijk moeten worden teruggebracht. De woningeigenaren die hethardst getroffen zijn binnen het versterkingsgebied en woningeigenarendie tot 140% van het sociaal minimum verdienen, krijgen 100% vergoed.Woningeigenaren in de rest van het aardbevingsgebied krijgen 50%vergoed.Dan de vraag van BBB hoe de herstelagenda zich verhoudt tot decommissie-Van Geel en de in de Nij begun vermelde sociale en econo-mische agenda. De bewoners moeten zich veilig voelen in hun woning. Zehebben ook behoefte aan snelle duidelijkheid. Daar hoort ook het omgaanmet verschillen in verduurzaming bij. Vanuit een veilige en duurzamewoning ontstaat voor bewoners ruimte om zich te richten op eenperspectief voor hun toekomst. De sociale en economische agendainvesteert dan ook in dit toekomstperspectief, waarmee de brede welvaartwordt verhoogd. We zijn scherp op deze samenhang in de nadereuitwerking van de maatregelen. Er zal nadrukkelijk aandacht zijn voor desamenhang tussen de verschillende programma’s. Daarnaast kijk ik naarallerlei andere zaken, zoals Regiodeals, NOVEX en noem maar op zodatdeze zaken goed aangelijnd worden bij de bestaande programma’s.Dan perspectief, sociale agenda en economische agenda. De heer Bushoffvan GroenLinks-PvdA vraagt: hoe zorgt de Staatssecretaris ervoor dat na2025 voorzieningen zoals zwembaden in Groningen open kunnen blijven?De invulling van de sociale en economische agenda is aan de kwartier-makers, in overleg met regio en Rijk. Met de agenda’s wordt in samen-spraak met de inwoners en andere belanghebbenden een structureleaanpak voor 30 jaar ingezet om die brede welvaart te verhogen.Zwembaden en vergelijkbare voorzieningen zijn weliswaar belangrijk voorde leefbaarheid voor inwoners, maar die vallen onder de verantwoorde-lijkheid van gemeenten en provincie. Het Rijk heeft hierin geen rol.Wat is er nodig om te versnellen op economisch gebied? Hoe kunnen weeconomische kansen in Groningen beter benutten? Dat zijn vragen van deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12262 VVD. De economische agenda zal precies hierover gaan: hoe kunnen wede economische kansen in Groningen en Noord-Drenthe optimaalbenutten? De economische agenda heeft ook tot doel van het verdienver-mogen in de regio te verhogen, ondernemerschap en innovatie tebevorderen en talent en kennis in de regio te benutten. Die lat moet hoogliggen. We moeten grote structurele en zichtbare verbeteringen in deeconomische structuur realiseren, met als kern: hoe zorgen we in de regiovoor brede welvaart en hoe gaan de inwoners van de regio profiteren vande investeringen? De komende week gaan we hierin concrete stappenzetten, samen met experts en vele organisaties in de regio. Maar voor mijis aldoor helder dat wij bestaande sterke structuren hebben en dat wij diegaan versterken. De maatregelen die wij nemen zijn misschien zichtbaarin de macro-economie, maar de micro-economie moet ook wordenaangejaagd, zodat de leefbaarheid in het dorp verbetert.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Bushoff.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Als sociaaldemocraat uit het rode noorden, ooit, gaat het mij wel aan hethart als ik hoor dat de Staatssecretaris niet over bepaalde voorzieningengaat of dat het kabinet niet over het voorzieningenniveau in de regioGroningen gaat. Dat staat wel een beetje op gespannen voet met149 Kamerzetels die zeggen: wij vinden wel degelijk dat daar eenverantwoordelijkheid ligt voor het kabinet. Sterker nog, het kabinet vindtzelf ook dat er een verantwoordelijkheid ligt, want het zegt: wij willengraag investeren in de leefbaarheid. Dan is mijn vraag wel hoe je deleefbaarheid voor de Groninger kunt verbeteren als je aan de andere kantvoorzieningen gewoon laat verdwijnen vanwege geldgebrek. Dat isdweilen met de kraan open. Dat kan toch niet, vraag ik de Staatssecretaris.Is het niet precies daarom dat deze Kamer met 149 zetels heeft gezegd datdat soort voorzieningen moeten openblijven? Daarbij is ook een rolweggelegd voor het kabinet.Staatssecretaris Van Marum:Ik denk dat wij in de sociale agenda en in de economische agendaproberen een goede samenhang te vinden om de leefbaarheid tevergroten. Maar er zijn ook gewoon zaken die wél van gemeenten en vande provincie zelf zijn. Mogelijk moet dat even uit andere middelen komendan de middelen die ik daarvoor beschikbaar heb. Als u vindt dat dit soortzaken meer geld verdienen, moeten we dus maar kijken of we daar in debegroting extra zaken voor kunnen vinden, maar ik heb ze daar in iedergeval niet in staan bij mijn middelen.De voorzitter:U heeft nog een interruptie van mevrouw Vedder.Mevrouw Vedder (CDA):Ik was eigenlijk wel een beetje verrast door het antwoord van deStaatssecretaris op de vraag van collega Bushoff, want hier is ooit eenmotie over ingediend, die breed is aangenomen. Die kreeg toen gewoonoordeel Kamer. Ook die ging over het niet laten verdwijnen van voorzie-ningen in de regio. Waar moet ik die draai nou op plakken?Staatssecretaris Van Marum:De kwartiermaker Nijboer heeft zelf een inventarisatie gemaakt van dezaken waarvan de regio het belangrijk vindt dat zij blijven bestaan. Dat isop die manier in die agenda verwerkt.De heer Vermeer (BBB):Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12263 Ik had het er net met mijn buurvrouw over, maar misschien is het handigals wij, als dat kan, een soort organogram krijgen om te zien wie nouwaarvoor verantwoordelijk is, zodat wij als Kamerleden ook helderhebben wie waarover gaat. Wij kunnen natuurlijk wel met een motiezeggen dat het voorzieningenniveau op peil moet blijven, maar dat doenwe voor elke provincie en voor elke regio. Het gaat natuurlijk om de vraagaan welke overheidsinstantie of aan welke laag in de overheid welke taaken welke verantwoordelijkheid zijn toebedeeld. Dat kunnen wij hier nietdoorkruisen. Tenminste, het wordt een heel apart model als dezeStaatssecretaris het overal voor het zeggen heeft. Dat kan effectief zijn,maar dat is volgens mij niet het plan.Staatssecretaris Van Marum:Dat zou wel heel makkelijk zijn; dat geef ik wel toe. Dit is benoemd in desociale agenda. Henk Nijboer heeft daar dus een inventarisatie gedaan ende regio heeft besloten om op korte termijn daar geen investeringen in tedoen en om te kiezen voor de langetermijnagenda. De regio heeft er voorde korte termijn dus voor gekozen om daar geen investeringen in te doenen om te kiezen voor de langetermijninvesteringen. Dat is het antwoorddat ik geef. Die lijst van wie waar verantwoordelijk voor is, kunnen we weltoesturen.De voorzitter:Een aanvullende vraag: heeft u enig idee wanneer?Staatssecretaris Van Marum:Voor het volgende commissiedebat.Dan de vraag van de VVD wat de economische kansen voor waterstof zijn.De kwartiermaker Klompien is hier momenteel volop mee bezig bij hetvormen van de economische agenda. Daarbij worden ook de econo-mische kansen op het gebied van duurzame energie verkend, waaronderook die van waterstof. Op dit moment wordt de agenda verder uitgewerktmet expertsessies in de regio. We kunnen u hier op een later momentverder over informeren. Ook hierbij geldt dat de economische agenda hetdoel heeft om het verdienvermogen in de regio te vergroten, ondernemer-schap en innovatie te bevorderen, talent en kennis in de regio te benuttenen te zorgen voor de brede welvaart, waar de inwoners van de regio vanprofiteren. Ik heb zelf aangegeven dat ik waterstof zie als een heel mooimiddel om een bijdrage aan die transitie te leveren, maar ik waak ervoordat Groningen weer een nieuw wingewest wordt; dat is de mededelingdie ik daar ook altijd bij doe.Dan de vraag van mevrouw Vedder ...De voorzitter:Voordat u verdergaat, heeft u een interruptie van meneer De Groot.De heer Peter de Groot (VVD):Die laatste woorden van de Staatssecretaris onderschrijf ik. Ik heb eenvraag over wanneer u ons die agenda kunt doen toekomen. Volgens mij ishet van de zomer gestart en vindt nu de uitwerking plaats. De VVD wil ookgraag wat tempo om te weten wanneer de keuzes gemaakt worden enwanneer we echt in de praktijk aan de slag gaan.Staatssecretaris Van Marum:In Q1 moet die agenda gereed zijn.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12264 Mevrouw Vedder stelde dat voor een sociaal en economisch perspectiefdoeltreffendheid belangrijker is dan doelmatigheid en rechtmatigheid. Zevroeg of de Staatssecretaris Herstel Groningen hierop kan reageren om tevoorkomen dat we in de valkuil trappen dat het een bestuurdersfeestjewordt. Als ik mij de vraag goed herinner, is er gesproken over groteprojecten, wat een bestuurdersfeestje is genoemd. Ik wil hier toch eennuance op maken. In het eerste deel van de verstrekking van NPG-geldenheb ik gezien dat er heel veel geld is weggelekt naar kleinere projectenwaar je niks meer van terugzag. Dat waren soms projecten die goedoverkwamen op het cv van een bestuurder, als springplank, maar waar deregio niets aan had. Hier wordt heel duidelijk gekozen voor wat demacro-economische en macrosociale mogelijkheden van deze budgettenzijn. Wat zijn de belangrijke structuurversterkende projecten die wehiermee kunnen opzetten, die een aanjagende werking kunnen hebben opde brede welvaart en op de micro-ondernemers die er zitten? Dat eventjesin reactie op wat het bestuurdersfeestje is.De maatschappelijke betrokkenheid bij het vormgeven van die agenda’s isgroot. Zo zijn er bij het vormgeven van de sociale agenda meer dan700 mensen naar de bewonersavonden geweest en hebben 215 mensenschriftelijk laten weten wat zij van de sociale agenda verwachten. Ookvoor het vormgeven van de economische agenda kunnen bewonersmeepraten over de doelen en wordt veel met ondernemers en stake-holders gesproken. Juist voor die agenda’s wordt gekeken naar watGroningen en Noord-Drenthe nodig hebben. Daarbij sluiten we zo veelmogelijk aan bij al bestaande succesvolle initiatieven. Voor beide agenda’sworden in totaal 23 expertmeetings georganiseerd met ervaringsdeskun-digen en inhoudelijke experts om de effectieve, bewezen interventies opte halen en te valideren, denk daarbij ook aan bijvoorbeeld regiodeals. Totslot zullen we in de Staat van Groningen ook de doeltreffendheidmonitoren aan de hand van nog op te stellen indicatoren.Meerdere Kamerleden, zoals de heer Bamenga van D66 en mevrouwVedder van het CDA, hebben gevraagd naar de besluitvorming over deLelylijn en in hoeverre de motie-Van Wijngaarden/Vedder daarin een rolspeelt. Het kabinet stopt niet met het verder onderzoeken van de Lelylijn.Overigens is hierover vorige week nog een brief naar uw Kamer gestuurd.Op het BO MIRT zijn Rijk en regio onlangs in gesprek gegaan over deuitkomsten van de MIRT-onderzoeken. Er is vastgesteld dat er nuonvoldoende middelen zijn voor een MIRT-verkenning voor de Lelylijn.Maar omdat het kabinet het belangrijk vindt om zowel op de Lelylijn als deNedersaksenlijn vervolgstappen te zetten, hebben Rijk en regioafgesproken hierover voor het einde van het jaar verder te spreken.Hierover ben ik met mijn collega-bewindspersonen in overleg. Bij dezebesluitvorming neem ik nadrukkelijk de motie-Van Wijngaarden/Veddermee.Dan de verdere ontwikkeling Airport Eelde en de ov-aansluiting. Hoe kijktde Staatssecretaris Herstel Groningen hiernaar? Was dit eenov-aansluiting of een waterstofaansluiting?De heer Peter de Groot (VVD):Het ging met name over het benutten van de kansen. Groningen AirportEelde heeft zich uitgesproken om een nextgen airport te worden en dusheel erg bezig te zijn met verduurzaming van vliegen, ook als het gaatover waterstofvliegtuigen. Het zou een prachtig mooie link kunnen zijn alsGroningen ook de energiehub goed kan verkopen. Het gaat niet over eenwingewest, maar over gewoon geld verdienen. Mensen in het gebiedhebben daar veel aan, ook qua banen en welvaart in het gebied. Ik zie heelveel koppelkansen. Mijn vraag is of de Staatssecretaris dat beleidondersteunt en of hij daar enthousiast over wordt.Staatssecretaris Van Marum:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12265 Ik meende het mij zo te herinneren, maar hier stond: ov. Wij zien absoluuteen grote meerwaarde van Groningen Airport Eelde, maar ook van deontwikkelingen die zich daar aan het vestigen zijn, met waterstofvlieg-tuigen en met een school die daar vliegtuigbouwers en mensen in detechniek opleidt, en mogelijk nog wat andere zaken die daar opgehaaldworden. Wij zien echt perspectief voor deze regio in relatie met GroningenAirport Eelde.De heer Peter de Groot (VVD):Om het verhaal even rond te maken, die opmerking over de ov-hub gingover een amendement over infrastructuurmiddelen, dat oordeel Kamerheeft gekregen. Dat amendement heb ik ingediend bij de IenW-begrotingvoor een ov-verbinding met het vliegveld. Die structuurversterking isnodig als je er een school hebt en als je er wilt investeren. Dan moet hetvliegveld vanuit Groningen goed bereikbaar zijn met het ov. Daar zit delink met de tekst over een ov-hub. Dan heb ik het maar even helemaalrondgemaakt.Staatssecretaris Van Marum:Ik zie het hier staan als amendement begroting IenW. Ik herinnerde mij inieder geval dat het over de waterstofaansluiting ging. Vandaar dat ik heteven terugroep.De voorzitter:Voordat u verder gaat, kunt u toch enigszins een indicatie geven? Eigenlijkworden wij geacht om om 23.00 uur te stoppen, maar we zijn nog bezigmet de eerste termijn. Om het een klein beetje in beeld te krijgen, hoop ikdat u een indicatie kunt geven van de tijd die u nog nodig heeft.Staatssecretaris Van Marum:Ik heb hier nog een kwartier, twintig minuten nodig om dit weg te werken.De voorzitter:Dan is het misschien goed om de commissie een aantal opties voor teleggen. We kunnen natuurlijk tot diep in de nacht verdergaan, maar dandenk ik dat ik ruzie krijg. Ik kan me dat zo voorstellen. Morgen is er ookweer een zware dag. Er zijn een aantal opties in dat geval: dat we op eenander moment doorgaan en wel aan een tweede termijn beginnen, voorzover dat over twintig minuten nog haalbaar is, of dat er een schriftelijkereactie komt van de Staatssecretaris. Het is misschien goed als decommissieleden daar alvast over nadenken.Mevrouw Beckerman (SP):Ik wil even de sfeer bederven. Ik heb best veel moties. De heer Bushoffook, zo weet ik toevallig. Het is een begrotingsdebat en ik wil het nietafraffelen. Ik denk dat het slimmer is om de eerste termijn af te maken endan de tweede termijn op een ander moment te plannen. Ik vind het heelvervelend om collega’s uit hun slaap te houden, maar ik wil wel de kanshebben om de moties in te dienen. Het is een begroting.De voorzitter:Heel begrijpelijk. Dan gaan we onze uiterste best doen om dat op een zokort mogelijke termijn te doen.De heer Kops (PVV):De tweede termijn op een ander moment.De voorzitter:Dank u.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12266 De heer Peter de Groot (VVD):Ik steun dat. De Staatssecretaris neemt de tijd en dat valt te prijzen. Er isook tijd nodig om dit te doen. Collega Bamenga en ik zijn vanochtend alom 10.00 uur met het commissiedebat Water begonnen. Daarvoor hebbenwe nog gereisd. De fut is er ook wel een beetje uit, moet ik eerlijk zeggen.De voorzitter:Ik meende zoiets te zien.De heer Bamenga (D66):Eens met collega De Groot.De voorzitter:Dank u.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dan zijn we solidair. Ik zou tot diep in de nacht door kunnen, maar vooruit.De voorzitter:Ik waardeer dat enorm. We zijn het nog nooit zo eens geweest. Staatsse-cretaris, aan u weer het woord.Staatssecretaris Van Marum:Wil de Staatssecretaris de WVM behouden, gezien het budget dat er nogover is voor de ongelijkheid in Groningen? Naar aanleiding van de motieen het amendement van mevrouw Beckerman is vorig jaar de WVMopnieuw verlengd. Inmiddels is de waardevermeerderingsregeling alvaker verlengd en de laatste keer ook verbreed. Deze regeling overlaptdeels met de isolatiesubsidie uit maatregel 29. Hoewel maatregel 29 eenbeperktere hoeveelheid maatregelen subsidieert, heeft deze wel eenbreder toepassingsgebied, dus alle bewoners van Groningen en Noord-Drenthe, en zijn de bedragen voor de bewoners hoger. Ik constateer dathet aantal reguliere aanvragen gestaag afneemt. Ik wil de komendeevaluatie van de regeling dan ook even afwachten. Meerdere sprekershebben naar voren gebracht dat bij het beëindigen van de waardever-meerderingsregeling de ongelijkheid zal vergroten. Daar ben ik het nietmee eens. In die benadering zou de waardevermeerderingsregelingstructureel moeten worden. Dat is nooit de bedoeling geweest van deregeling. De bedoeling was een tegemoetkoming in verband met de trageafhandeling van de schadegevallen.Mevrouw Beckerman (SP):De vorige keer hebben we één stem genoeg gekregen om nog teverlengen, maar dat was wel maar tot 1 februari. Dus we hebben eigenlijkniet zo veel tijd. Volgens mij moeten we nu al bijna uitspreken dat deregeling doorgaat. De Staatssecretaris zegt terecht dat de waardevermeer-deringsregeling ooit is ingesteld vanwege het lange wachten op deschadeloosstelling. Daar gaat eigenlijk ook het verzoek over om deregeling langer open te houden. Vorig jaar dachten wij namelijk nog datdie nieuwe schaderegeling vrij snel op gang zou komen. Die is natuurlijklater op gang gekomen. Die groep die nu voor de allereerste keer zoukunnen aanvragen, heeft eigenlijk bijna niet die kans gehad. Je moet weleerst door die schadeafhandeling heen zijn, voordat je die kan aanvragen.Het is eigenlijk vrij simpel. Er zit nog geld in de pot. Het is een gewaar-deerde regeling. Deze Staatssecretaris heeft een heel mooie kans om eenbeetje extra punten te scoren. Het heel simpele verzoek is om de regelingeen tijd open te houden. De regeling is zo vaak bijna gesloten. Elke keerals de regeling toch weer bleef bestaan, zag je gewoon dat dit mensengoed deed. Dit is gewoon de meest succesvolle regeling die er is. Ik hebooit zelfs weleens een hele actiecampagne moeten starten. Wees geenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12267 kniepert. Laten we het dit keer niet zo ver laten komen en de regelinggewoon langer openhouden. Het geld is er. De mensen die de regelingnog nooit eerder hebben kunnen aanvragen, zijn er bijna.Staatssecretaris Van Marum:Ik parkeer dit antwoord even. Ik wil even wat nadere informatie opvragen.De heer Kops (PVV):Mag ik daar het volgende op aanvullen? Er zit nog geld in de pot. Dat ismeer dan 90 miljoen euro. Wat gebeurt er met dat geld als dat in die potblijft? Waar gaat dat dan heen?Staatssecretaris Van Marum:Ook daar kom ik even op terug.Ik ben bij het blokje schadeherstel. De PVV vroeg om een update van hetdaadwerkelijk herstel. Hoe staat het met de uitrol van het daadwerkelijkherstel en de VES, de vaste eenmalige schadevergoeding? Heeft deStaatssecretaris Herstel Groningen zicht op het aantal gedupeerden datspijt heeft van de keuze voor VES? De heer Kops vroeg naar de stand vanzaken van de nieuwe schademaatregelen. Het daadwerkelijke herstel is injuli 2024 gestart, waarbij eerst de aanvragen zijn opgepakt van aanvragersdie eerder een aanvraag hebben gepauzeerd. Het IMG wil in het voorjaarvan 2025 alle aanvragers die een voorlopige keuze voor daadwerkelijkherstel hebben gemaakt, benaderd hebben. De vaste vergoeding van€ 10.000 is sinds 1 maart 2024 gestart. Er zijn al 18.000 aanvragenafgehandeld. Het IMG geeft de bewoners die gekozen hebben voor devaste vergoeding en die spijt hebben van hun keuze de mogelijkheid omalsnog te kiezen voor daadwerkelijk herstel van hun schade.Dan de vraag van mevrouw Vedder. Wat gaat u doen voor de bewonersmet veel schade boven de € 60.000 om te voorkomen dat daar onderzoeknaar causaliteit nodig is? Ik ben blij met deze vraag, want ik herken dathier echt nog een uitdaging ligt. Hoe helpen we de gedupeerden die metde huidige regelingen nog onvoldoende worden geholpen? We willen dekomende periode kijken waar juist voor deze mensen verbeteringenmogelijk zijn. Daarvoor zijn ook de taskforces en de vangnetten heelbelangrijk. Zo kunnen we gericht met oplossingen op maat komen, ookomdat we in de praktijk zien dat hier andere uitdagingen een rol kunnenspelen dan een causaliteitsbeoordeling. Daarnaast heb ik met name daarwaar het gaat over de gebieden rondom de gasopslagen gevraagd of wenog eens breder kunnen kijken naar het bewijsbaar krijgen van deschadeoorzaken. Er is een onderzoek gedaan naar de effecten van dediepe bodemdaling, maar mogelijk zijn er ook nog effecten op de ondiepebodem. Ik heb in elk geval aangegeven dat ik daar toch nog wel verdernaar wil laten kijken, want juist bij die gebieden waar we te maken hebbenmet de gasopslagen, helpt de trillingstool niet. Dat is dus voor mij wel eenpunt van zorg, want ik zie wel dat daar schade is. Misschien hebben webepaalde schademechanismen nog niet goed in beeld, dus het is hetonderzoeken waard om te kijken of we dat in beeld kunnen krijgen.De voorzitter:U heeft een interruptie van de heer Holman.De heer Holman (NSC):Ik heb zelf boven op de opslag Langelo en Norg gewoond en daar is heelveel schade. Twijfelt u er echt nog aan of de schade die daar in grotengetale voorkomt niet door de gasopslag komt? De Staatssecretaris wil nogmeer onderzoek om te kijken of het wetenschappelijk bewezen kanworden, maar het is de vraag of je alles wetenschappelijk kunt bewijzen. Ikkan niet begrijpen en geloven dat de schade door andere redenen komtdan door de gasopslag.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12268 Staatssecretaris Van Marum:Wij hebben met het IMG een zelfstandig bestuursorgaan ingericht. HetIMG moet naar eer en geweten beoordelen of er een causaal verband istussen de geclaimde schade en de gaswinning. Daar hebben we eenaantal mechanismen voor waarmee we buiten dat causale onderzoekkunnen komen. Maar komen we bij een bepaald bedrag, dan is het IMG erook aan gehouden om dat causaliteitsonderzoek te doen. Daarvoorhebben ze een aantal gevalideerde onderzoeken en een trillingstool. Als ikkijk naar het aantal schadegevallen in dat gebied en ik kijk naar demogelijkheden tot toekenning van die schade, dan vind ik het alleszinsreëel om te kijken of daar nog zaken zijn die we op dit moment nog niet inde scope hebben. Met trillingen is het vrij helder wat er kan gebeuren,maar die gasopslag geeft andersoortige bodembewegingen dan alleentrillingen. Ik vind het de moeite waard om daar nog nauwer naar te latenkijken, zodat we het goed bewijsbaar krijgen en het IMG het toe kanwijzen. Het is niet zo dat het IMG niet toe wil wijzen, maar het IMG heeftwel een bepaald juridisch kader waarbinnen ze moeten werken. Voor mijis het van belang dat ze die mogelijkheid krijgen.De heer Holman (NSC):Het heeft ook te maken met uitgangspunten. Het verschil tussen twee ofvijf millimeter per seconde maakt dat er een heleboel wel of een heleboelniet onder de schadeclaim valt.Staatssecretaris Van Marum:Ik weet dat. Zoals gezegd, ik zie bij de gasopslagen veel schadegevallenen ik zie ook dat dat vaak niet toegekend kan worden op grond van dehuidige systematiek. Ik vind het alleszins de moeite waard om onderzoekte laten doen en te kijken of daar mechanismen zijn die mogelijk nu nogniet meegenomen worden in de schadebeoordeling.Mevrouw Vedder (CDA):Ik ben blij met dit antwoord van de Staatssecretaris. Het heeft langgeduurd voor de mensen bij de gasopslagen om te horen te krijgen dat zegedupeerd zijn van een fenomeen waar ze zelf niets mee te makenhebben. Zij zijn lang terzijde geschoven, want er waren geen trillingen ofgeen bevingen. Ik ben dus heel blij met wat de Staatssecretaris zegt. Ikzou graag willen weten welke stappen de Staatssecretaris moet zetten omte komen tot dat juridisch houdbare kader, waarmee het IMG wel uit devoeten kan voor die mensen. Aan wat voor tijdlijn moet ik dan denken?Staatssecretaris Van Marum:Ik wil in elk geval bij het Kennisprogramma Effecten Mijnbouw een aantalmensen met verstand van zaken hebben die de juiste vragen stellen. Zijkunnen de juiste onderzoeksvragen neerleggen. Dan weten we wat vooronderzoek er nodig is om daar zicht op te krijgen. Heel vaak wordtgekeken naar de standaardzaken. Ik denk dat we gewoon mensen metverstand van hydrologie en geologie bij elkaar moeten zetten en zeggen:wij zien dit hier gebeuren; wat zijn de vragen die beantwoord moetenworden om zicht te krijgen op wat hier aan de hand is? Die vraag wil ikneerleggen in het KEM om te kijken of we op zo kort mogelijke termijn eenonderzoek daarop kunnen loslaten, zodat daar antwoorden op komen. Eenantwoord over termijnen moet ik u even schuldig blijven, maar bij heteerstvolgende KEM zal ik het onderwerp op tafel brengen om te kijken ofwe daar een begin mee kunnen maken. Als we dat gehad hebben, kan ikmisschien een indicatie geven hoe lang het zal gaan duren.De heer Holman (NSC):Dank voor het antwoord. We komen steeds verder. Wij waren op bezoek inNorg. Daar was een bewonersgroep met zeer deskundige leden. ToevalTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12269 wil dat een van de comitéleden ter zake zeer kundig is. Wilt en kunt uoverleg voeren met de bewoners in Norg? Of hebt u dat misschien algedaan? Dat hebben wij als zeer waardevol ervaren.Staatssecretaris Van Marum:Mijn politiek assistent heeft in zowel Norg als Grijpskerk met een aantalmensen gesproken, die ter zake kundig waren. Wij nemen die berichtenzeker serieus. Bekend veronderstelde zaken kunnen worden meegenomenin de vraagstelling, die er eventueel moet komen voor het onderzoek.De heer Holman (NSC):Ik ervaar het als een toezegging dat die mensen erbij betrokken worden.Staatssecretaris Van Marum:Ik wil er in zoverre een toezegging van maken dat de mensen de kennis enkunde die zij in dat gebied hebben opgedaan, kunnen inbrengen op hetmoment dat wij de KEM-bijeenkomst hebben. Vervolgens kunnen we daarde vragen uit destilleren die nodig zijn om het onderzoek te kunnen doen.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Hoe gaat u de mensen met schades die zijn afgewezen door de NAM, dezogenaamde B- en C-schades, alsnog compenseren? Dat was een vraagvan de heer Bushoff. Ik snap de vraag heel goed. Het heeft mijn bijzondereaandacht en inzet, zoals u ook in mijn hoofdlijnenbrief heeft kunnen lezen.Maar ik wil niet de verwachting wekken dat ik alle eerder door de NAM enCVW genomen schadebesluiten kan herzien. Dat is niet uitvoerbaar. Hetzou ook opnieuw verschillen creëren. Het IMG zet al stappen omverschillen uit het verleden weg te werken of te verkleinen. Zo kunnenbewoners op een adres waar in het verleden minder dan € 10.000 aanschadevergoeding is uitgekeerd, dit met een vaste vergoeding latenaanvullen tot maximaal € 10.000 per adres. Ik onderzoek nog of er nogmeer gedaan kan worden, met name voor de gedupeerden met degrootste problematiek. Ik verwacht begin volgend jaar te kunnen berichtenaan de Kamer.Dan de vraag van de heer Holman over Norg en Grijpskerk. Nog steedszijn er taxateurs die aantonen dat de schade niet voortkomt uit eenaardbeving. Waarom wordt het niet opgelost dat er nog steeds taxateursrondlopen, die proberen te ontkrachten dat de oorzaak van een schadeniet bij bevingen ligt? Ik denk dat die taxateurs gelijk hebben dat hetmisschien niet aan de bevingen ligt, maar dat er een ander fenomeen is,dat we nog niet in zicht hebben. Dat is dat stukje. We hebben dus ook voorNorg en Grijpskerk de keuze om de schade te laten herstellen, of deze tevergoeden zonder onderzoek naar de oorzaak, namelijk daadwerkelijkherstel tot € 60.000 en een vaste vergoeding tot € 10.000. Als eenbewoner kiest voor maatwerk, en er wordt door een deskundige gekekenof er schade is veroorzaakt door gaswinning, dan hebben we wel eenprobleem met die trillingstool, want dan heb je weinig andere middelen.Als die bewoner kiest voor het maatwerk, dan wordt het bewijsmiddeltoegepast, en daar helpt op dat moment die trillingstool niet bij. Dus wezullen ook moeten kijken of er andere mechanismen zijn die we daar welvoor zouden kunnen inzetten.De heer Kops van de PVV vroeg naar de omgang met de nieuwe schadebij een beving voor een vaste vergoeding, en of het zo kan zijn dat deschades die bij beving 2 worden vastgesteld aan beving 1 wordentoegekend en dan niet meer worden vergoed. Bij een vaste vergoedingvan € 10.000 is het uitgangspunt dat alle aanwezige schade daarmee isvergoed. Ook daarna kunnen mensen bij het IMG terecht als er eenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12270 nieuwe beving is geweest die schade kan hebben veroorzaakt, of als eraanwijzingen zijn dat bodemdaling door de gaswinning voor schade heeftgezorgd. Alle schade die nog niet eerder is afgehandeld, wordt inbehandeling genomen. Mijn tip aan bewoners is eigenlijk: als je geldontvangen hebt, repareer dan die schade. Dan kom je ook niet in diediscussie terecht.Dan de vraag van de heer Bamenga van D66: Hoe kan het dat er zo veelondeugdelijke technische rapporten blijven komen van het IMG, specifiekin Noord-Drenthe? Ga erheen en ga de rapporten lezen: kan de Staatsse-cretaris Herstel Groningen dat toezeggen? Hoe kan het dat de stroom aanaantoonbaar onjuiste technische rapporten blijft voortbestaan? Het is nietaltijd heel makkelijk te zien of een rapport technisch onjuist is; dat weet ikals contra-expert ook. Het beoordelen van schade vraagt om veelverschillende soorten kennis; hierover spreek ik ook met het IMG. Het IMGdoet echt veel om de kwaliteit te waarborgen. Bij de selectie van het IMGgelden voor schadedeskundigen verschillende criteria die onder meertoezien op het verzekeren van de benodigde mate van deskundigheid enonafhankelijkheid. Daarnaast biedt het IMG nu ook twee alternatieven:daadwerkelijk herstel en de VES, waardoor de schades helemaal niet meerbeoordeeld hoeven te worden. Ik ga over een week op werkbezoek inNoord-Drenthe. Ook hierover ben ik met IMG in gesprek, om te kijken of ernog aanvullende expertise nodig is om hier meer naar te kunnen kijken.Maar ten principale is het zo dat als zij op een gegeven moment niet op deeen of andere manier een causaal verband hebben gevonden, of ietswaarmee ze richting dat causale verband kunnen werken, dan kunnen zeals expert gewoon niet toekennen. Dat is het verhaal. Wij zijn er dus welnaar op zoek om ze daarin meer ruimte in te kunnen geven.Dan de trillingstool. Die pakt voor veel bewoners negatief uit. Ik kantoelichten waarom die nog steeds gebruikt wordt en waarom ik weiger diemaatregel 3 van Nij begun uit te voeren en te stoppen met de trillingstool.Ik ben bekend met die zorgen over de trillingstool in uw Kamer en in hetaardbevingsgebied. Er zijn verschillende manieren om de schade af telaten handelen zonder trillingstool. Bij dat wettelijke herstel en de vastevergoeding wordt de trillingstool niet gebruikt om de schade te beoor-delen. Op deze manier is er ook invulling gegeven aan maatregel 3. Detrillingstool wordt alleen bij maatwerkbeoordeling ingezet, als aanvul-lende toets om te beoordelen of schade met een andere oorzaak toch dooraardbevingen kan zijn ontstaan of verergerd. Als je de trillingstool nietgebruikt, dan vaar je volledig op het oordeel van de expert die de schadekomt opnemen. Dat leidt in de kern tot minder toekenningen en meerwillekeur in de beoordelingen. Ik zal in lijn met de motie-Beckerman nogwel kijken naar de prominente plek van de trillingstool, en uw Kamerbegin 2025 uitgebreid informeren over mijn bevindingen en overwe-gingen.Ook heb ik een aantal experts gevraagd om samen met het IMG eenexpertmeeting te houden, waarbij die experts kunnen aangeven waaromde trillingstool misschien niet voldoet, of welke zaken niet ingebed zijn inde toepassing van de trillingstool. Daarover gaan we dan met het IMG ingesprek.De heer Bamenga (D66):Dank voor de antwoorden over de trillingstool, maar ook voor de vorigeantwoorden. Wanneer kunnen wij, wellicht schriftelijk, de resultaten vandie gesprekken ontvangen?Staatssecretaris Van Marum:Voorlopig moet ik eerst een datum zien te prikken voor die expertmeeting.Ik heb hier en daar al wat overleg gehad met een aantal experts die mijhebben toegezegd daar een bijdrage aan te willen leveren. Ik ga datgesprek op korte termijn plannen. Ik wil wel melden wanneer dat plaatsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12271 zal vinden, maar ik heb geen idee wanneer ik met de uitkomst daarvankan komen. Daar heb ik even tijd voor nodig.De heer Bamenga (D66):Zou u in ieder geval kunnen toezeggen dat we, zodra dat gesprek isgepland en geweest, daar een brief over krijgen?Staatssecretaris Van Marum:Die toezegging kan ik doen.Dan de vraag of de Staatssecretaris Herstel Groningen in tweede termijnkan komen met voorbeelden van situaties waarin de trillingstool positiefuitpakt. Ik kan niet ingaan op individuele casussen, maar het IMG heeft mijverteld dat dit bijvoorbeeld in de kern van het gebied zo is. Een bewonerheeft bijvoorbeeld schade die veroorzaakt is door een andere oorzaak danaardbevingen. Door de inzet van de trillingstool kan deze autonomeoorzaak echter worden overruled, omdat niet kan worden uitgesloten datde schade wel is verergerd door trillingen. Met andere woorden: je hebteen scheur, die veroorzaakt zou kunnen zijn door zetting of door verkeer.Maar als dan de trillingstool wordt ingezet en die laat zien dat de trillingenboven een bepaalde trillingssterkte komen, dan wordt die andereautonome oorzaak overruled en kan de schade-expert schadevergoedingtoekennen. In het gebied waar de trillingen dus boven die norm komen,heb je voordeel van een dergelijk verhaal, omdat de schade-expert nietkan komen met een andere oorzaak die uitsluitend is, waardoor schade-vergoeding niet kan worden toegekend. Hij moet de schadevergoedingdan toekennen omdat de trillingstool gebruikt wordt. Dat is dus eenvoorbeeld van een situatie waarin de trillingstool ten positieveaangewend wordt. Zonder die trillingstool zou de schade in het genoemdegeval afgewezen worden.De heer Holman (NSC):Nog één keer dan. We hebben hier andere zaken in huis, zoals stikstof ennatuur, waarover de rechter een uitspraak doet. De rechter heeft gelijk,maar de rechter toetst een wet en die wet hebben we zelf gemaakt. Jekunt dus niet zeggen dat de rechter ongelijk heeft; je kunt hooguit zeggendat we een slechte wet gemaakt hebben. Nu zegt de Staatssecretaris: wehebben een toetsingskader gemaakt en ik moet helaas constateren dat dedeskundigen binnen het toetsingskader niet tot een conclusie kunnenkomen. Is het ook mogelijk dat wij ons toetsingskader dusdanig hebbenopgesteld, niet wetende wat er in het gebied gebeurt, dat het toetsings-kader niet echt van toepassing is in bepaalde gevallen? Oftewel: deuitgangspunten waaraan de Staatssecretaris toetst, kunnen ter discussiegesteld worden.Staatssecretaris Van Marum:De beoordeling van mijnbouwschade is heel juridisch opgepakt. Dat wilzeggen dat door de experts is gekeken naar autonome oorzaken waardoorscheuren in woningen kunnen komen. In het begin werd voor bijna elkescheur heel erg een autonome oorzaak gezien. Zetting, verzakking,trillingen door auto’s, slaan met deuren en noem het allemaal maar op:we hebben het allemaal voorbij zien komen.Met de komst van de trillingstool konden dat soort oorzaken niet meergebruikt worden om een schade af te wijzen, omdat die trillingstool datoverrulede. In eerste instantie was dat best een goed middel om eenaantal zaken gewoon toe te kunnen wijzen. We zien met de uitbreiding vanhet effectgebied van het IMG ook dat die trillingstool niet voor allemensen die schade hebben, werkt. Daar zitten gewoon bepaalde hiaten in.Ik ben zelf ook altijd heel kritisch op het trillingstool geweest, maar op ditmoment is het het enige middel dat ik heb om een hele hoop schades weltoe te kennen die anders niet toegekend zouden worden. Ik houd overeindTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12272 dat ik vind dat er met name in de gasopslagen andere schademecha-nismen zouden kunnen spelen die tot schade leiden. Als we die bovenwater hebben, kunnen we het IMG ook de mogelijkheid geven om dieschades toe te wijzen.Geef mij dus de gelegenheid om de juiste vragen te stellen die horen bijde trillingstool. Geef mij de gelegenheid om te kijken naar de mecha-nismen die ook een rol zouden kunnen spelen bij de schaden in dieandere gebieden. Ik wil gewoon met het IMG en met onderzoekers kijkenof we daarvan een beter beeld kunnen krijgen. Dan zou die trillingstoolniet meer ten nadele van schademelders ingezet moeten kunnen worden.Het IMG zet hem nu al niet meer ten nadele van schademelders in, maarde consequentie is wel dat er gebieden zijn waar de trillingen zo laag zijn,waar er wel schade is, dat hij ook niet ten positieve ingezet kan worden.Dat is eigenlijk het stukje waarnaar we nu op zoek zijn. Dat is om ook indie gebieden een manier te vinden om die schaden wel toe te kunnenwijzen.De voorzitter:Het spijt me, mevrouw Beckerman, maar u heeft geen interrupties meer.Echt niet.Staatssecretaris Van Marum:Bent u zo streng?De voorzitter:Gaat u verder, Staatssecretaris. Volgens mij heeft u namelijk nog eenmapje te gaan.Staatssecretaris Van Marum:Jazeker. Als u zo streng bent, dan ga ik door.De voorzitter:Gaat u verder met uw verhaal.Staatssecretaris Van Marum:Er is beloofd dat er niet meer geprocedeerd zou worden tegenGroningers. Het moet niet kunnen dat de overheid tegenover je staat enniet naast je. U weet van mij dat ik hier absoluut niet blij mee was. Ik hebaan alle kanten gekeken of hier andere mogelijkheden voor waren. Bij deafspraken die met mij voorganger gemaakt zijn, is rekening gehouden metzaken tegen bewoners, tegen burgers. Er is niet altijd rekening gehoudenmet bedrijven. Ik heb mijzelf ook neergezet als Staatssecretaris die er wilzijn voor agrarische schades. De eerste de beste agrarische schade die iktegenkom die voor de rechtbank komt, komt op deze manier bij het IMGen leidt tot een uitspraak waarmee het IMG hele grote problemen in degrote bups van de schadeafhandelingen krijgt. Daar was ik dus absoluutniet blij mee, maar het IMG ziet zich genoodzaakt om deze stap te zetten.Het spreekt voor zich dat ik daar zeer ongelukkig mee ben. Ik heb echterwel begrip voor de afweging die het IMG hierin moet maken. Normaalgesproken zou je in een rechtszaak prejudiciële vragen kunnen stellen,alleen is dat in dit geval niet gebeurd. De uitspraak is gekomen voordat zede vraag op deze manier konden neerleggen. Daardoor zijn ze geconfron-teerd met de situatie dat ze echt hele grote problemen met de rest van deschadeafhandeling kunnen krijgen. En dat zijn problemen die heel veelmensen gaan treffen.De heer Vermeer (BBB):Heeft de Staatssecretaris overwogen om zijn aanwijzingsbevoegdheid inte zetten? Of wil hij overwegen dat alsnog te doen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12273 Staatssecretaris Van Marum:Dat heeft hij overwogen en hij heeft besloten dat niet te doen.De heer Vermeer (BBB):Kan de Staatssecretaris ook aangeven waarom niet?Staatssecretaris Van Marum:Omdat de negatieve consequenties die dat besluit met zich mee zoubrengen, groter zouden zijn dan de positieve consequenties. Daarmee wilik zeggen dat als ik dit tegen zou houden, de hele schadeafhandeling inGroningen, die nu op stoom is, weleens tot een screeching halt zoukunnen komen. We zouden daardoor hele grote problemen kunnen krijgenmet de verdere uitvoering en dat kan ik de mensen in Groningen gewoonniet aandoen.De voorzitter:Staatssecretaris, namens de mensen die geen interrupties meer hebben:kan hier een brief over komen?Staatssecretaris Van Marum:Ik zal nog even mijn beantwoording afmaken en daarbij zal ik ookterugkomen op het verzoek om een brief.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Het IMG gaat alleen in hoger beroep als de uitspraak van de rechter helegrote gevolgen heeft voor de schadeafhandeling als geheel en alsdaarmee onuitlegbare verschillen zouden kunnen worden voorkomen. Datis wat mijn ambtsvoorganger aan uw Kamer heeft gemeld. Nu is dit voorhet eerst in anderhalf jaar aan de orde en het gaat daarbij om eenuitspraak die grote gevolgen kan hebben voor de schadeafhandeling. HetIMG ziet zich genoodzaakt om deze stap te zetten om een goede envoortvarende schadeafhandeling voor alle inwoners van het effectgebiedte kunnen garanderen. Dat ik hier zeer ongelukkig mee ben, spreekt voorzich, maar ik heb begrip voor de afweging die het IMG hier moet maken.Het IMG is een zbo en het kan dit ook eigenstandig doen. Ik heb het IMG,maar niet alleen het IMG, gevraagd om grondig te kijken naar alterna-tieven en om die te onderzoeken. Maar die alternatieven zijn er niet!De voorzitter:U heeft eigenlijk geen interrupties meer.Mevrouw Beckerman (SP):Nee, dat weet ik.De Staatssecretaris beweert dat de hele schadeafhandeling tot stilstandkomt en dat vind ik echt een punt waar we meer over moeten weten. Alsdat echt klopt, dan zou dat betekenen dat dit ook kan gebeuren als dezemensen hun zaak in hoger beroep winnen. Het is nu 22.50 uur, maar alsdit echt klopt, is het nogal een bom die hier nu gedropt wordt.Staatssecretaris Van Marum:Ik wil hier in tweede termijn wel even op terugkomen en ik wil ook weltoezeggen dat we nader kenbaar zullen maken wat hier precies speelt.Maar het betreft een lopende rechtszaak en ik kan er daarom inhoudelijkniet al te diep op ingaan. Maar er is wel echt serieus gekeken of er eenalternatief is. Maar zoals ik het zie, is dat er op dit moment niet.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12274 Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Waardedaling. «Er zijn zoveel afwijzingen. Is de regeling dan wel duidelijkgenoeg? Wat is er aan de hand? Hoe kan dat? Ook bij immateriële wordtde helft afgewezen. De beoordeling is heel laag. Hoe kan dat en wat kan erbeter?» Ik snap dat dit vervelend is voor de bewoners. Voor beideregelingen geldt echter dat niet alle bewoners met fysieke schade ook inaanmerking komen voor waardedaling of immateriële schade. Dit leidthelaas tot afwijzingen. Of je in aanmerking komt, is afhankelijk van tal vanfactoren en er wordt heel nauwkeurig bekeken door het IMG of er sprakeis van schade. Om voor bewoners duidelijk te maken of het zin heeft omeen aanvraag te doen, heeft het IMG een quickscan op de site staanwaarmee je kunt kijken of er een indicatie is voor immateriële schade. Ookkunnen bewoners op de site van het IMG kijken of hun postcodeonderdeel is van het gebied waar waardedaling voorkomt en welkepercentages daar van toepassing zijn. Dat was een vraag van de heerKops.Dan nog een vraag van de heer Kops. De verwachte doorlooptijd van hetIMG is langer dan het maximale aantal dagen. Waar ligt dat aan? Hoe enwat precies kan er versneld worden? De doorlooptijden op de site van hetIMG zijn op dit moment hoog. Dit komt doordat het IMG in mei 2023 debewoners de mogelijkheid heeft geboden om hun schadeaanvraag tepauzeren in afwachting van de nieuwe, ruimere schademeldregeling, hetzogenaamde daadwerkelijk herstel. Hier heeft een groot aantal bewonersgebruik van gemaakt. De afhandeling van deze aanvragen is dit jaargestart, maar dit leidt wel tot een langere doorlooptijd.Waarom vindt bij het oude postkantoor van Warffum niet gewoon herstelin natura plaats? Ik heb van het IMG begrepen dat de schadeaanvraagvoor het oude postkantoor van Warffum nog loopt. In het algemeen geldtdat bewoners in het aardbevingsgebied naast maatwerk en de VESkunnen kiezen voor daadwerkelijk herstel tot € 60.000. De bewoner kan bijdaadwerkelijk herstel er ook voor kiezen om een herstel in natura door hetIMG te laten uitvoeren. Dat was een vraag van de heer Bushoff.Nog een vraag van de heer Bushoff. Herkent de Staatssecretaris designalen en zorgt hij ervoor dat bewoners die met hun woonadres buitenhet bevingsgebied vallen, maar binnen het gebied wel een bedrijfspandhebben, ook in aanmerking komen voor de waardedaling? Een. Ik herkendit signaal niet. Zowel bij de waardedalingsregeling voor bewoners alsookondernemers is er op basis van onderzoek een gebied vastgesteld waardeze vorm van schade voorkomt. Wanneer de woning of het bedrijfspandin dat gebied ligt, wordt de schade vergoed, ook als het enkel eenbedrijfspand betreft. Dat wil dus zeggen: als je met je woning buiten hetgebied zit, dan krijg je er niets voor, maar zit je erbinnen met jebedrijfspand, dan krijg je het daar wel voor, en andersom ook.Dan een vraag van de heer Kops. Hoe staat het met de aanpak van deuitvoeringskosten? Ik vind het belangrijkste dat bewoners met schademilder, menselijker en makkelijker geholpen worden. Daarvoor geldt:koste wat het kost. De uitvoeringskosten gaan dan ook nooit ten koste vanwaar de bewoners recht op hebben. De nieuwe schaderegelingen zoalsdaadwerkelijk herstel, de vaste vergoeding bij herhaalschade en de VEShebben naar verwachting lagere uitvoeringskosten dan een maatwerkt-raject met causaliteitsbeoordeling. In hoeverre de uitvoeringskostendalen, hangt ook af van de keuzes die de bewoners maken. Zoals in hetvorige debat toegezegd zal ik jaarlijks in het debat over de Staat vanGroningen ingaan op de uitvoeringskosten en het sturen op een vermin-dering van de overheadkosten.Dan nog een vraag van de heer Bushoff. Is de Staatssecretaris bereid debelofte ten aanzien van de verlenging van de waardevermeerderingsre-geling na te komen nu hier nog voldoende budget voor is? Daar heb ik netTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12275 al antwoord op gegeven. Ik wil de komende evaluatie afwachten. Dewaardeverminderingsevaluatie is in januari. Wat er gebeurt met het geldis nog onderwerp van gesprek met Financiën.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Eén verduidelijkende vraag, want ik heb begrepen – maar wellicht heb ikdat verkeerd begrepen – dat als je zou willen besluiten tot verlenging vandeze maatregel, dat dat tijdig moet gebeuren en dat, als je de evaluatie injanuari afwacht, je sowieso te laat bent voor 1 februari. Dan hebben wedaar toch niets meer aan en dan moeten we dat toch eerder beslissen,vraag ik de Staatssecretaris.Staatssecretaris Van Marum:Ik kom daar in de tweede termijn op terug. Zoals ik het hier naast memeekrijg, schijnt dat niet zo te zijn. Maar als het wel zo is, gaan we er werkvan maken.Dan de stuttenlijst: komt er ook een plan van aanpak voor hoe dezepanden zo snel mogelijk hersteld kunnen worden? Voor het verwijderenvan die stutten is er samenwerking benodigd van meerdere partijen zoalshet IMG, de NCG en de gemeente. In lijn met de motie-Bushoff/Beckermanbrengt het IMG op dit moment in kaart waar de stutten en steunen staan.We verwachten dit te kunnen afronden in Q1 2025. Ik zal met het IMG ende NCG kijken naar de vervolgstappen die nodig zijn om de stutten waarmogelijk te verwijderen. Dan gaat het wel over stutten gerelateerd aanmijnbouwactiviteiten.Ik wil hier nog wel even een opmerking bij maken. Het IMG wordt vooralle AOS-meldingen in de hele provincie erbij gehaald. Dat wil dus zeggenook in die gebieden waar geen sprake is van mijnbouwschade. Als eracuut onveilige situaties zijn, komt altijd het IMG om de hoek. Dit wektweleens de verkeerde indruk dat het ook mijnbouwschade betreft, maarbij een groot aantal van de stutten is er geen mijnbouwschade maar zijner andersoortige schades. Het kan zijn dat er onoordeelkundig gebrokenis, waardoor er dragende muren weg zijn en het op die manier in destutten komt. Het kan zijn dat er brand geweest is. Er zijn heel veelredenen waarom die stutten daar kunnen komen. Ik wil me echt beperkentot die stutten die daar staan die het gevolg zijn van mijnbouwschade endaar zit ik bovenop.Mevrouw Bikker vroeg om een uitgebreide reactie op het hoger beroep, ofdat iets te maken heeft met de omvang van het bedrag en waarom ergeen prejudiciële vragen zijn gesteld. De omvang van het bedrag heeftgeen enkele rol gespeeld. De uitspraak raakt aan de fundamenten van dewerkwijze van het IMG. Dat de uiteindelijke uitspraak zo verstrekkend zouzijn, was door niemand voorzien. Het is in deze fase van het proces helaasniet meer mogelijk om die prejudiciële vragen te stellen, omdat de rechteral uitspraak heeft gedaan. Normaal gesproken moet je voorafgaande aande rechtszaak die prejudiciële vragen stellen. Deze uitspraak was zo vervan de verwachting, echt zo buiten alle verwachtingen om gegaan dat dieprejudiciële vraag niet gesteld is. In deze procesgang kun je die ook nietmeer stellen. De rechtbank had dat wel kunnen overwegen, gegeven defundamentele aard van de uiteindelijke uitspraak. Het IMG heeft hiertijdens de procedure niet om gevraagd, omdat daar geen aanleiding voorwas en ook omdat het onafhankelijke advies dat de rechtbank wel heeftingewonnen de conclusie van het IMG onderschreef. Het instellen vanhoger beroep is nu de enige optie die overblijft.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Meerdere collega’s hebben al gevraagd om meer inzicht te krijgen in watnou dat zwaarwegende is, zodat we dat mee kunnen voelen. We hebbener eerder zo voor geknokt dat het hoger beroep eraf ging, omdat we zagendat juist bewoners altijd de dupe daarvan waren. Ik hoor graag een nadereTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12276 toelichting van de positie op dat punt. Dat kan ook in een besloten briefingof hoe dan ook.Dan mijn tweede vraag. De beleidslijn is tot nu toe geweest dat ook als erhoger beroep in uitzonderlijke omstandigheden zou worden ingesteld –dat zou zeer uitzonderlijk zijn – in ieder geval de bewoners waar het omging, de betrokkenen, daar ook in de verdere procedure geen schade vanzouden ondervinden. Als de Staatssecretaris ons een verdere toelichtinggeeft, op welke wijze ook – dat laat ik nu even in het midden hangen – kanhij dan ook terugkomen op dat stuk van die beleidslijn, zoals die eerder isingezet en in de brief van Vijlbrief is gecommuniceerd naar de Kamer, enop wat dat verder betekent? Want ik merk nu dat dat heel veel onzekerheidgeeft voor mensen die allemaal bang zijn dat zij ook zo’n zaak ingaan enook schade ondervinden in het vervolg.Staatssecretaris Van Marum:Ik ga me even beraden over de wijze waarop ik u hierover kan informerenzonder dat ik de vertrouwelijkheid en de inhoudelijkheid van die zaakschaad. Ik kom hier dus nog op terug. Ik ga bekijken hoe ik dat op eenordentelijke manier kan doen.Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Dat maakt wel uit voor onze tweede termijn. Ik had eerlijk gezegd – ikgeloof dat dit geldt voor meerdere collega’s – al een motie klaarliggen, zovan: doe dit nou niet! Ik denk dat we dit in verschillende toonaardenhebben opgeschreven. Het is dus wel handig om dit voor de tweedetermijn scherp te hebben.De voorzitter:Helder.Staatssecretaris Van Marum:Laatste blokje: NAM, procedures, financiën en overig. Welke mogelijk-heden ziet de Staatssecretaris Herstel Groningen om de NAM wel de rolvan een goede buur te laten spelen? Ik ben zeer teleurgesteld in dehouding van de NAM om te willen stoppen met het betalen van deafgesproken bijdrage voor het perspectief voor de regio. Ik vind het op z’nminst moreel laakbaar, en het laatste woord is hierover nog niet gezegd.Als de Staat de NAM tot betaling wil dwingen, dan moet dat in eennieuwe arbitrage. Ik beraad mij momenteel op een dergelijke stap.Klopt het citaat uit de krant dat Shell, Exxon en de Staat weer nader totelkaar komen? Ik herken mij daar niet in. Ik heb onlangs wel kennisge-maakt met de heer Van Haaster, directeur van de NAM. We hebben veeljuridische en financiële meningsverschillen, onder andere over arbitrageen het betalen van de rekeningen. Daarin is niets veranderd.Hoever staat het met de arbitragezaak van ExxonMobil tegen de Staat?Welke invloed heeft de houding van ExxonMobil op de schadeafhan-deling? Wat denkt de Staatssecretaris dat deze houding doet met hetvertrouwen van de inwoners in een goede afloop van de schadeafhan-deling? Ik begrijp heel goed dat deze arbitragezaak onrust kan oproepenbij inwoners, maar deze zaak heeft geen enkel effect op de schadeafhan-deling en de versterkingsoperatie. De arbitrage bevindt zich nog in deopstartfase waarin de arbiters nog moeten worden aangesteld en deprocesregels nog moeten worden vastgesteld. Arbitrageprocedures zijnvertrouwelijk, waardoor ik verder geen uitspraken kan doen over dezezaak. Mocht uw Kamer meer informatie willen, dan kan hierover eenvertrouwelijke briefing worden georganiseerd. Op zeer korte termijn zal ikde sets Kamervragen beantwoorden die ik hierover heb ontvangen.Geldt «koste wat kost» ook voor funderingsherstel? Ja. Voor deversterking van woningen en herstel van schade als gevolg vangaswinning geldt «koste wat kost». Dat geldt ook voor funderingsschadeTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12277 die een huis onveilig maakt en die kan zijn veroorzaakt door gaswinning.Daarnaast is het mogelijk dat funderingsschade met een andere oorzaakertoe leidt dat schade boven de grond bij elke beving terugkeert ofverergert. Hiervoor is een aparte regeling. Door middel van duurzaamherstel kan ook in die gevallen funderingsproblematiek wordenaangepakt. IMG voert deze regeling momenteel uit in de kern van hetgebied. Daar waar samenloop is met versterking, voert de NCG dit uit.Voor deze regeling zijn met Nij begun voldoende middelen gereserveerd.De heer Peter de Groot (VVD):Mijn interruptie gaat over het vorige punt: natuurlijk vertrouwelijk, maarkan ik uw woorden zo opvatten dat u het contract dat u heeft met de NAMover die betalingen zo interpreteert dat u vindt dat u recht heeft op diebetalingen en daarom ook die rechtszaak start? Dat laat namelijk ook ietszien van de discussie die we in eerste termijn onderling hierover hebbengehad. Zelf had ik het over teleurstelling en andere collega’s hebben daarandere woorden voor gebruikt, maar je hebt ook zoiets als de juridischewerkelijkheid. Ik ga ervan uit dat u geen arbitrage start als u daar geenkansen ziet.Staatssecretaris Van Marum:Volgens mij ben ik heel helder geweest: als de Staat de NAM tot betalingwil dwingen, moet dat in een nieuwe arbitrage. Momenteel beraad ik mijop een dergelijke stap.De voorzitter:Gaat u verder.Staatssecretaris Van Marum:Dan de vraag van de heren Kops en Bamenga: ziet de StaatssecretarisHerstel Groningen mogelijkheden om de NAM toch aan het betalen tekrijgen? Zo nee, heeft dat dan gevolgen voor de leefbaarheid en deeconomie? Wat wordt er bereikt in de gesprekken? Hoe lopen diegesprekken? Welke afspraken zijn er gemaakt? Als de Staat de NAM totbetaling wil dwingen, kan dat niet via de lopende arbitrage, maar moetdat in een nieuwe arbitrage. Momenteel beraad ik mij dus op eendergelijke stap. Deze kwestie kan niet worden ingebracht in een van dedrie lopende arbitrages. De arbitrages Schade en Versterken tussen deNAM en Staat gaan over separate betalingsovereenkomsten. Bij deAOH-arbitrage is de NAM zelf geen partij, maar de aandeelhouders Shellen Exxon zijn dat wel.Heeft het niet betalen door de NAM gevolgen voor de leefbaarheid en deeconomie? De regio mag niet de dupe worden van de opstelling van deNAM en haar aandeelhouders. Daar zal ik mij tot het uiterste voorinspannen. De afspraak die de Staat heeft gemaakt met de regio over hetperspectief voor de regio, staat in principe los van de afspraken tussen deStaat en de NAM over een bijdrage van de NAM aan perspectief voor deregio en geschillen daarover.Dan de vraag wat er wordt bereikt in de gesprekken; hoe lopen dezegesprekken en welke afspraken zijn er gemaakt? Begin dit jaar zijn de opdat moment nog lopende gesprekken met Shell en Exxon opgeschort inafwachting van de besluitvorming van het kabinet. Shell en Exxon hebbenper brief laten weten graag opnieuw met de Staat in gesprek te willengaan. Het kabinet beziet op dit moment of het in het belang van de Staatis om en, zo ja, hoe de gesprekken te hervatten. Omdat de juridischeprocedures met Shell en Exxon ook nadelen en risico’s kennen, wordt deoptie van gesprekken door dit kabinet afgewogen. De gesprekken zullenniet hervat worden zonder uw Kamer hier vooraf over te informeren.Verdere nieuwe afspraken zijn niet aan de orde.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12278 Wat vindt de Staatssecretaris Herstel Groningen van de zienswijze van dedirecteur van de NAM dat de betalingen voor Perspectief voor Groningengekoppeld worden aan de gaswinning? Het gaat hierbij om een interpre-tatie van de in het verleden gemaakte afspraken uit het Akkoord opHoofdlijnen en de uitwerking daarvan in de betaalovereenkomst waarovernu gecorrespondeerd wordt tussen de NAM en de Staat. De NAM stelt datde bijdrage aan het perspectief gekoppeld is aan een planmatige winningen dat daar geen sprake meer van is. De Staat is het niet eens met deinterpretatie van de NAM. Uit de betaalovereenkomst volgt een duidelijkebetalingsverplichting voor de NAM, die niet afhankelijk is gesteld van hetvoortduren van de planmatige winning zoals bedoeld in het AOH.Dan de vragen van Vermeer of we als overheid slechte contracten hebbengesloten, wie de overheid daarbij heeft geadviseerd en of we de advise-rende organisaties hiervoor verantwoordelijk kunnen stellen. De Staatwordt geadviseerd door de eigen departementale juristen en de landsad-vocaat. Voor het Akkoord op Hoofdlijnen in 2018 zijn we ook geadviseerddoor Loyens & Loeff en Allen & Overy. Waar nodig winnen we advies inbij gerenommeerde advocatenkantoren.Dan de vraag van Bushoff of ik Shell en ExxonMobil kan dwingen om allerekeningen te betalen door middel van heffingen. Op dit moment is hetwetsvoorstel Omissies in behandeling bij de Tweede Kamer. Daarmeewordt de heffingsgrondslag verbreed om alle kosten ter bestrijding van denadelige gevolgen van de gaswinning uit het Groningenveld die vallenonder de aansprakelijkheid van de NAM, op de NAM te kunnen verhalen.De mogelijkheden tot het verhalen van kosten zijn echter niet onbegrensd.Er zal altijd een relatie met een gaswinning moeten zijn. Mijn voorgangerheeft de opties voor een extra heffing onderzocht, naast de bestaandeheffingen, voor de kosten van de schadeafhandeling in de versterkings-operatie. Die opties zijn beperkt en worden begrensd door nationaal eninternationaal recht. Uw Kamer is daarover reeds eerder geïnformeerd.Dan de vraag van de heer Bamenga en mevrouw Vedder. Kan deStaatssecretaris Herstel Groningen een overzicht geven van alle bedragendie de NAM niet wil betalen? Voor Perspectief is de NAM van mening datde gaswinning per 1 oktober 2023 is gestopt en dat naar rato voor 2023 isbetaald: 18,75 miljoen in plaats van 25 miljoen. Voor 2024 heeft de NAMniets betaald. Voor de jaren 2025 tot en met 2029, per jaar 25 miljoen,heeft de NAM aangegeven niets meer voor Perspectief te willen betalen.In totaal heeft de NAM 343 miljoen voor Perspectief betaald. De NAMbetwist verder alle kosten die voor schade en versterken zijn doorbelast.Dit gebeurt in arbitrages in bezwaar en beroep. Voor versterken bedraagtde betalingsachterstand van de NAM inmiddels 550 miljoen euro. Voorschade is er geen betalingsachterstand, maar wordt het bedrag welbetwist.Mevrouw Vedder vroeg hoe kan worden voorkomen dat het Rijk zichalleen blijft inzetten voor Groningen en Noord-Drenthe, dat het Rijk overalvoor opdraait en dat de NAM onder de verantwoordelijkheid uitkomt.Reeds in 2018 zijn afspraken gemaakt die ervoor zorgen dat niet alleen deNAM, maar ook de aandeelhouders Shell en ExxonMobil garant staanvoor de betalingsverplichtingen van de NAM. Shell en ExxonMobilhebben in 2018 garanties afgegeven voor de kosten van de schadeafhan-deling in de versterkingsoperatie. Voorafgaand aan het vervallen van diegaranties moeten zij vervangende zekerheden stellen. Dit is vastgelegd inhet akkoord op hoofdlijnen uit 2018. Bovendien blijft de NAM aanspra-kelijk. Als de NAM, Shell of ExxonMobil zich niet aan die afsprakenhouden, zal ik alle mogelijkheden verkennen om de nakoming van dieafspraken door Shell en ExxonMobil te bewerkstelligen.Dan de vraag van GroenLinks-PvdA, D66, SP, BBB, en Partij voor de Dierennaar de vergunningen voor de kleine velden in Warffum. Zij gaven aan datonder meer het openhouden van de kleine velden voor veel angst enonrust kan zorgen onder de Groningers. Ik snap die vraag en ik snap ookTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12279 de zorgen van de inwoners. Zoals u weet, valt het beleid over gaswinninguit kleine velden onder de verantwoordelijkheid van de Minister vanKlimaat en Groene Groei. Zij heeft nog geen besluit genomen. Ik ben alsStaatssecretaris verantwoordelijk voor het herstel van Groningen en dat isook waar ik mij op richt. Waar dat raakt aan de gaswinning uit kleinevelden in de regio, werk ik goed samen met de Minister van KGG. Ineerste instantie is het aan de Minister om daar in gesprek te gaan over degaswinning. In Warffum is echter ook schade door het Groningerveld.Uiteraard ga ik ook graag met bewoners in Warffum in gesprek. Ik wil hetwel zuiver houden. Ik kan met de bewoners geen discussie voeren overiets waarvoor ik geen verantwoordelijkheid draag. Ik deel hun zorgen. Iksnap heel goed wat daar speelt en hoe dicht het allemaal bij elkaar zit. Ikprobeer met KGG een zo goed mogelijke werkrelatie te houden zodat wegoed kunnen oplijnen, maar uiteindelijk ben ik daar niet verantwoordelijkvoor.Opruimen en afbreken van installaties. Welke stappen heeft de Staatsse-cretaris Herstel Groningen met de Minister van KGG genomen om aandeze verplichtingen te voldoen? De NAM is nu bezig om alle locaties inhet Groningenveld die onderdeel waren van het vaststellingsbesluit2023–2024, veilig af te sluiten. Bij locaties die al eerder zijn gesloten, is deNAM al verder. De NAM heeft een jaar om een plan voor verwijdering vande productielocatie in te dienen bij het SodM, dat toezicht houdt op deontmanteling. Het opruimen van het Groningenveld is een zeer omvang-rijke operatie. Het is belangrijk dat het opruimen snel gebeurt, maar nogbelangrijker is dat het veilig gebeurt. We spreken vaak negatief over deNAM, maar de NAM informeert mij keurig bij welk veld men bezig is enwaar eventueel nog affakkelen gezien kan worden bij de afbouw. Hier hebik goed contact over met de NAM. De NAM informeert de bewoners enprobeert de onrust weg te nemen als er iets gezien wordt.Het lid Kostic´ vroeg naar de vergunning voor de gaswinning in deWaddenzee en bij Ternaard. Mevrouw Bikker vroeg naar de zoutwinning.Ik snap de zorgen van de bewoners. Ook bij de vragen over Warffum hebik aangegeven dat het beleid over gaswinning uit kleine velden onder deverantwoordelijkheid valt van de Minister van Klimaat en Groene Groei. Ikben verantwoordelijk voor Herstel Groningen en daar richt ik mij ook op.Met betrekking tot de zoutwinning kan ik zeggen dat, omdat wij te makenhebben met een gebied met gestapelde mijnbouwschade, dit onderwerpvan gesprek is. Ik ben met de Minister van Klimaat en Groene Groei opzoek om daar een weg in te vinden en te kijken of we in de schadeafhan-deling kunnen oplijnen.Dan de laatste twee vragen. Hoe gaat de regering haar invloed alsaandeelhouder aanwenden om te zorgen dat de olies hun deel bijdragen?Dat is een vraag van mevrouw Bikker en de heer Bushoff. Op dit momentis de wet omissies in behandeling bij de Tweede Kamer. Daarmee wordtde heffingsgrondslag verbreed om alle kosten ter bestrijding van denadelige gevolgen van de gaswinning uit het Groningenveld die vallenonder de aansprakelijkheid van de NAM, op de NAM te kunnen verhalen.De mogelijkheden tot het verhalen van de kosten zijn echter nietonbegrensd. Er zal altijd een relatie met de gaswinning moeten zijn.Wanneer komt volgens de Staatssecretaris de licence to operate van deolies op het spel te staan? De opstelling van de NAM is uiterst teleur-stellend en getuigt van weinig zelfreflectie van de NAM en de aandeel-houders voor de grote problemen die de exploitatie van het gas in hetGroningenveld voor de Groningers en de Noord-Drenten heeft veroor-zaakt en nog zal veroorzaken. Mijn voorganger heeft de opties onderzochtvoor een extra heffing naast de bestaande heffingen voor de kosten vande schadeafhandeling in de versterkingsoperatie. Die opties zijn beperkten worden begrensd door nationaal en internationaal recht. Uw Kamerwordt daarover geïnformeerd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12280 Dan over het procederen door IMG. Ik zal uw Kamer informeren over deoverwegingen. Ik kijk nog voor de tweede termijn van de Tweede Kamerof dat via een brief of via een vertrouwelijke briefing kan.Hiermee ben ik aan het einde gekomen van de beantwoording van devragen.Mevrouw Beckerman (SP):Formeel zat het amendement van Bushoff en mijzelf bij KGG. Toen wedaar het debat hadden, is gezegd dat het hier geapprecieerd zou worden.De voorzitter:Misschien is het een idee om daar in tweede termijn op terug te komen?Gaat u daarmee akkoord?Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Zou het schriftelijk kunnen? Het is trouwens niet mijn amendement, maarhet moet wel voor de tweede termijn.De voorzitter:Ik kan mij uw vraag voorstellen. Mevrouw Bikker, wilt u daar iets overzeggen?Mevrouw Bikker (ChristenUnie):Ik wou alleen als procesvoorstelletje toevoegen dat we dat voor detweede termijn helder moeten hebben. Anders zet de Staatssecretaris datamendement pas aan het eind en dan hebben we geen handelingsruimtemeer.Staatssecretaris Van Marum:Dat kan ik wel toezeggen.De voorzitter:Mevrouw Beckerman, is dat voor u voldoende?Mevrouw Beckerman (SP):Ja, maar ik wil het toch nog één keer hebben over die juridische brief. Ikhad die brief vorige week aangemeld voor het mondelinge vragenuur. DeStaatssecretaris wist dat er interesse was van de Kamer. En dan dropt hijom 22.50 uur eigenlijk een soort bommetje dat het consequenties zoukunnen hebben voor de hele schadeafhandeling. Ik vind dat best groot. Ikhad me kunnen voorstellen dat de Staatssecretaris de Kamer daar voor ditdebat over had geïnformeerd. Ik wil daar dan toch in ieder geval voor detweede termijn meer informatie over krijgen. Ik vind het vooralsnog nogaljuristerij en bangmakerij, maar ik wil daar wel graag op korte termijn extrainformatie over krijgen. Ik vind het gewoon laat om dat om 22.50 uur naeen debat van zes uur hier neer te gooien.De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):Ik ben het daarmee eens. Ik heb de korte toevoeging dat dit wat mij betreftheel graag in een brief is. Als dat een vertrouwelijke briefing is nadat dit isgedropt in een debat, wordt het wel heel erg ingewikkeld. Dus wat mijbetreft gaat het dan gewoon per brief aan de Kamer.De voorzitter:Een brief aan de Kamer, Staatssecretaris.Staatssecretaris Van Marum:Ik moet eerst even vragen of dit met een brief kan of dat dit vertrouwelijkmoet. Daar wil ik mij even op beraden, maar ik zal er in ieder geval welvoor zorgen dat die er voor de tweede termijn is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12281 De voorzitter:U kent in ieder geval de wens van de Kamer.Staatssecretaris Van Marum:Ik zou daar ook nog graag bij willen zeggen dat het niet mijn bedoeling isgeweest om dit laat in de avond te droppen. Het kwam in die volgordeterug in mijn beantwoording. Als ik ’m in het begin van de avond hadkunnen doen om die zorg weg te nemen, dan had ik ’m ook daarneergelegd.De voorzitter:Dank voor uw beantwoording in eerste termijn. Daarmee komen we aanhet einde van de eerste termijn. Ik schors deze vergadering.Sluiting 23.20 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 VII, nr. 12282

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 31a78393cfc95a25

14 okt 2026 · f68dbbd3e42104a3

Documentversies en bestanden

Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.

  • Verslag van een wetgevingsoverleg, gehouden op 18 november 2024, over Herstel Groningen (de tweede termijn zal op een later moment aanvangen)Actuele officiële versie

    Versie 3 · 8 jan 2025

Bijlagen

Geen gekoppelde bijlagen gevonden.

Bij dit hoofddocument

Geen gekoppeld hoofddocument gevonden.

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Verder bij de Tweede Kamer

Externe officiële informatie