Schadeafhandeling na indirecte discriminatie controle uitwonendenbeurs
Brontekst
Versie 5315ebc5fcc86981 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202624 724StudiefinancieringNr. 250 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR ENWETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 april 2026In maart 2024 is vastgesteld dat sprake is geweest van indirecte discrimi-natie bij de controle van de uitwonendenbeurs door de Dienst UitvoeringOnderwijs (DUO). Bepaalde groepen studenten, waaronder studenten meteen migratieachtergrond, hadden een onevenredig verhoogde kans opeen controle. Hiervoor heeft het kabinet destijds excuses aangeboden.Ook het huidige kabinet betreurt dat dit heeft kunnen gebeuren en wil datde overheid betrouwbaar is en verantwoordelijkheid neemt voor haarhandelen.Het kabinet heeft in november 2024 besloten om alle financiële maatre-gelen, die tussen 2012 en juni 2023 genomen zijn op grond van derisicogerichte controlewerkwijze, terug te draaien. De reden hiervoor isdat de besluiten van DUO gebaseerd waren op informatie die onrecht-matig verkregen was.1 DUO is na een periode van voorbereiding sindsseptember 2025 begonnen met het uitvoeren van de eerste herzieningenen de daarbij behorende terugbetalingen. Daarnaast werken DUO en OCWaan een nieuw controleproces voor de uitwonendenbeurs. Met hetvoortgangsbericht Stand van de Uitvoering OCW 2025 wordt uw Kamerbinnenkort geïnformeerd over de voortgang hiervan.Door de indirecte discriminatie bij de controle van de uitwonendenbeurskunnen (oud-)studenten schade hebben geleden. Dat kan zowel immate-riële als materiële schade betreffen. Zo geven veel (oud-)studenten aandat zij door de aan hen opgelegde maatregel2 mentale problemen hebbengekregen. DUO ontvangt inmiddels ook verzoeken tot schadevergoeding.Als overheid willen we behoorlijk omgaan met deze verzoeken, door tewerken met een helder proces voor de schadeafhandeling.1Kamerstukken II 2024/25, 24 724, nr. 243.2Maatregelen zijn opgelegde boetes en/of terugvordering van de studiefinanciering kst-24724-250ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2501 In deze brief zet ik uiteen hoe het kabinet om zal gaan met de schadeaf-handeling als gevolg van de indirecte discriminatie bij de controle van deuitwonendenbeurs. We hebben hierbij lessen uit andere hersteloperatiesmeegenomen. Ik zal in deze brief achtereenvolgens ingaan op hetjuridische kader, de uitwerking van de schadeafhandeling en deuitvoering.1. Juridisch kader Na ontvangst van verzoeken om schadevergoeding heb ik nagedacht overmijn aansprakelijkheid voor de schade die (oud-)studenten hebbengeleden door het onrechtmatige controleproces en de besluiten die opbasis daarvan zijn genomen. Ik kom tot de conclusie dat de Staataansprakelijk is voor de schade die deze (oud-)studenten hebben geledenals gevolg van de besluiten.Bij het nemen van de besluiten is gehandeld in strijd met het discrimina-tieverbod en de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG).Daarnaast is bij de huisbezoeken het recht op privacy geschonden. Alseen overheid een onrechtmatig besluit neemt, is de onrechtmatigheiddaarvan in beginsel toe te rekenen aan die overheid. In deze situatie zijn ergeen uitzonderingen die dit veranderen. Als een (oud-)student schadeheeft opgelopen door dit onrechtmatige besluit, dan komt die schade –materieel en immaterieel – in aanmerking voor vergoeding.2. Uitwerking schadeafhandeling Het kabinet kiest voor een proactieve opstelling bij het afhandelen van deschade die (oud-)studenten hebben geleden als gevolg van de indirectdiscriminerende controlewerkwijze. Dit helpt de (oud-)studenten, omdatzij niet eerst zelf een verzoek tot schadevergoeding hoeven in te dienen.Daarnaast zorgt een proactieve schadeafhandeling ook voor een eenvou-diger uitvoering.In deze paragraaf ga ik eerst in op de verschillende doelgroepen die voorschadevergoeding in aanmerking komen. Daarna licht ik toe hoe deschadeafhandeling vormgegeven wordt en welke kosten hiermeegemoeid zijn.2.1 Doelgroepen In de periode van 2012–2023 zijn er bijna 25.000 studenten geselecteerdvoor een huisbezoek door de risicogerichte controlewerkwijze. Daarnaasthebben er in de periode 2009–2012 pilots plaatsgevonden met derisicogerichte controlewerkwijze. Er zijn geen juridisch relevanteverschillen tussen de pilotfase en de periode 2012–2023. Dat betekent dater een juridische verplichting bestaat om ook de besluiten uit de pilotfasete herzien als hiertoe een verzoek wordt ingediend door een(oud-)student.We onderscheiden de volgende drie subdoelgroepen binnen de schadeaf-handeling:•Subdoelgroep 1: bij ca. 12.000 studenten heeft er een huisbezoekplaatsgevonden, maar is geen maatregel opgelegd. Deze subdoel-groep is nauwkeurig in beeld bij DUO.•Subdoelgroep 2: bij ca. 10.000 studenten heeft er een huisbezoekplaatsgevonden en is een financiële maatregel opgelegd. Dezesubdoelgroep is nauwkeurig in beeld bij DUO.•Subdoelgroep 3: bij maximaal 4.000 studenten hebben in de periode2009–2012 huisbezoeken plaatsgevonden op basis van pilots met hetrisicogerichte selectiemodel. Ingeschat wordt dat van ongeveer 1.000Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2502 studenten de woonsituatie na de controle is aangepast. Deze doel-groep is niet nauwkeurig in beeld bij DUO, waardoor proactievebenadering niet mogelijk is. Deze (oud-)studenten kunnen zichzelfmelden bij DUO. Ze zullen hierop gewezen worden door communicatievan DUO op hun website.2.2 Vormgeving schadeafhandeling Het kabinet kiest ervoor om te werken met één samenhangende schadere-geling, waarin de (oud-)studenten de keuze wordt geboden om de schadeaf te handelen door:a)een forfaitair bedrag aan schadevergoeding, of;b)een individueel maatwerktraject, waarbij op basis van algemenemaatstaven voor de bewijslastverdeling de schade van de studentindividueel wordt beoordeeld.Alle (oud-)studenten wordt een generiek aanbod gedaan om via eenvaststellingsovereenkomst (VSO) tegen finale kwijting de door hengeleden schade af te handelen. Hierbij differentiëren we per subdoelgroepin het aan te bieden forfaitaire bedrag:•Subdoelgroep 1 ontvangt een proactief aanbod van € 500 voorimmateriële schade. Voor deze groep staat geen maatwerktraject open.Zij hebben immers geen maatregel opgelegd gekregen, waardoor deinschatting is dat geen gevolgschade is opgetreden.•Subdoelgroep 2 ontvangt een proactief aanbod van € 2.000 +wettelijke rente3 (welke afhankelijk is van het herzieningsbedrag) voorimmateriële schade en materiële schade. Dit aanbod wordt zo veelmogelijk gelijktijdig met het herzieningsbesluit gedaan. Bij afwijzingvan het generieke aanbod kunnen deze (oud-)studenten voor eenmaatwerktraject kiezen om hun individuele schade aan de hand vaneen schadekader te laten bepalen. Met de keuze voor het maatwerktra-ject vervalt het generieke aanbod definitief.•Voor subdoelgroep 3 geldt dat zij reactief een aanbod ontvangen als zijzich melden. De hoogte van het aangeboden bedrag is afhankelijk vande vraag of sprake was van een maatregel – in lijn met subdoelgroep 1of 2.Als (oud-)studenten kiezen voor het generieke aanbod, wordt een VSOtegen finale kwijting gesloten. DUO is nog bezig om de wijze vanafdoening zo goed en zorgvuldig mogelijk vorm te geven.Het schadekader voor het maatwerktraject bestaat uit schadeposten,bedragen, en kwalificaties voor toekenning (incl. bewijsstukken). Hiermeebeogen we een juridisch houdbare, uitvoerbare en voor benadeeldenbegrijpelijke wijze van schadevaststelling te bieden. De hoogte van degehanteerde schadevergoedingen is gebaseerd op jurisprudentie en op derichtlijnen van De Letselschade Raad4.De overheid heeft een zorgplicht om te borgen dat (oud-)studenten eengeïnformeerde en weloverwogen keuze maken en de gevolgen van deVSO begrijpen. Gezien de specifieke omstandigheden acht het kabinet hetin dit geval wenselijk om toegang tot juridische ondersteuning tefaciliteren en te vergoeden. Het bieden van (onafhankelijke) juridischeondersteuning helpt studenten bij erkenning en herstel en het creëren vanrealistische verwachtingen over de mogelijke schadevergoeding bij(oud-)studenten in het maatwerktraject. Onvoldoende invulling van de3Op basis van artikel 6:119 van het Burgerlijk Wetboek4Richtlijnen – De Letselschade RaadTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2503 zorgplicht kan ook de rechtsgeldigheid van de VSO ondermijnen, zoalsjurisprudentie uit andere hersteloperaties laat zien.De verwachting is dat het generieke aanbod voor het overgrote deel vande (oud-)studenten voldoende zal zijn om de geleden schade te dekken.Bovendien is de snelheid en zekerheid van het forfaitaire bedrag aantrek-kelijk ten opzichte van het maatwerktraject waar de (oud-)student degeleden schade zal moeten stellen en bewijzen. Daarnaast bestaat in hetmaatwerktraject onzekerheid over de hoogte van de schade die voorvergoeding in aanmerking komt. Het bedrag dat uit dit traject komt kanlager uitvallen dan het aangeboden forfaitaire bedrag.Met deze aanpak accepteren we dat ook schadevergoeding wordtuitgekeerd aan (oud-)studenten die in werkelijkheid niet uitwonend warenen bij wie dus terecht een maatregel is getroffen. Hierbij wordt dezelfderationale gevolgd als bij de herzieningen; in alle gevallen wordt aange-nomen dat het besluit van DUO om de uitwonendenbeurs terug tevorderen en een boete op te leggen op onrechtmatig verkregen bewijs isgebaseerd. Daarmee is de overheid aansprakelijk voor de schade die alsgevolg van dit besluit is geleden. In voorkomende gevallen zou dehandelwijze van de student in het verleden mogelijk wel nog een rolkunnen spelen bij de bepaling van de schade in het maatwerktraject.2.3 Kosten De kosten voor de schadeafhandeling bedragen naar verwachting € 80miljoen, waarvan ongeveer de helft uitvoeringskosten betreft. Daarvan is€ 4 miljoen gereserveerd voor de onafhankelijke juridische onder-steuning. Dit bedrag is bij Voorjaarsnota gereserveerd.3. Uitvoering De schadeafhandeling zal door DUO zelf worden uitgevoerd, ondanks hetfeit dat vanuit betrokken (oud-)studenten de vraag is opgeworpen of DUOin voldoende mate objectief de schadevergoedingsverzoeken zalbehandelen. Het door DUO zelf uitvoeren van de schadeafhandeling zorgtervoor dat er synergie ontstaat tussen de herzieningsopgave en deschadeafhandeling. Dit betekent dat er voor de (oud-)student zoveel alsmogelijk in één keer duidelijkheid is. Daarnaast is het ook doelmatig ombeide trajecten in één keer uit te voeren. In combinatie met de hiervoorgenoemde onafhankelijke juridische ondersteuning en het gevalideerdeschadekader ben ik van oordeel dat op deze manier een goede balans isgevonden tussen de verschillende belangen.Het streven is om na de zomer te starten met de schadeafhandeling endeze in 2030 af te ronden. De (oud-)studenten met een maatregel(subdoelgroep 2) krijgen prioriteit in de schadeafhandeling, aangezien dekans op schade bij deze groep het grootst is door de opgelegdemaatregel. Daarbij is het streven het herzieningsbesluit en het aanbodvoor een generieke schadevergoeding gelijktijdig aan betrokken studentente verzenden. De herzieningsopgave wordt naar verwachting in 2028afgerond. De acceptatie van het aanbod voor een generieke schadever-goeding zal daarmee uiterlijk eind 2028 plaatsvinden. In de periode ná2028 zullen de (laatste) maatwerktrajecten afgerond worden.De timing van de schadeafhandeling van (oud-)studenten die alleen eenhuisbezoek hebben gehad (subdoelgroep 1) hangt af van het momentwaarop de benodigde automatisering klaar is. Op dit moment gaan we uitvan een start in eind 2026, met doorloop in 2027 en eventueel 2028.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2504 4. Tot slot Het kabinet meent met deze aanpak op een adequate en voortvarendemanier opvolging te geven aan de schade die (oud-)studenten als gevolgvan het handelen van de overheid hebben geleden. Ik zal uw Kamer via deStand van de Uitvoering OCW periodiek informeren over de voortgang.De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,R.M. LetschertTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2505 Beleidskeuzes uitgelegdOnderbouwing doeltreffendheid, doelmatigheid en evaluatie (CW 3.1)Doel(en)OCW is voornemens om (oud-)studenten die te maken hebben gehad meteen controle uitwonendenbeurs proactief een aanbod te doen voorschadevergoeding. Hierbij wordt in het aangeboden forfaitaire bedraggedifferentieerd tussen (oud-)studenten die alleen een huisbezoek hebbengehad (aanbod van € 500) en (oud-)studenten die zowel een huisbezoekhebben gehad als een maatregel opgelegd hebben gekregen (aanbod van€ 2.000). (Oud-)studenten die ook een maatregel opgelegd hebbengekregen kunnen in plaats van het generieke aanbod kiezen om hunindividuele schade aan de hand van een schadekader te laten bepalen.Met de keuze voor het maatwerktraject vervalt het generieke aanbod enandersom. Met deze schadeafhandeling wil OCW herstellen wat fout isgegaan: Uit analyse volgt namelijk de conclusie dat de Staat niet inalgemene zin zijn aansprakelijkheid voor de schade die deze(oud-)studenten hebben geleden als gevolg van de onrechtmatigecontroles op de uitwonendenbeurs kan afwijzen.Daarnaast dient dit ook het doel om het vertrouwen van de burger in deoverheid te herstellen.Beleidsinstrument(en)OCW is voornemens schadevergoeding aan te bieden aan (oud-)studen-ten die tussen 2009 en juni 2023 zijn gecontroleerd op basis van hetvoormalige risicogerichte selectieproces. Als (oud-)studenten kiezen voorhet generieke aanbod, wordt een VSO tegen finale kwijting gesloten. DUOis nog bezig om de wijze van afdoening zo goed en zorgvuldig mogelijkvorm te geven. De bedragen zullen in het departementaal jaarverslagOCW als inkomensoverdracht worden verantwoord op begrotingsartikel11, Studiefinanciering.Financiële gevolgen voor het RijkDe kosten voor de afhandeling van de schade die is geleden naaraanleiding van de controles op de uitwonendenbeurs vanaf 2009,bedragen naar verwachting € 80 miljoen. Hiervan betreft ongeveer dehelft uitvoeringskosten. Dit bedrag is bij de Voorjaarsnota gereserveerd.Financiële gevolgen voor maatschappelijke sectorenDUO zal proactief schadevergoeding aanbieden aan de (oud-)studenten.Dit besluit heeft betrekking op de (oud-)studenten die tussen 2009 en juni2023 naar aanleiding van het – indirect discriminerende – selectieprocesvan de controle uitwonendenbeurs zijn gecontroleerd. In alle gevallengaat het om controles die de overheid heeft verricht bij studenten.Maatschappelijke organisaties en bedrijven blijven buiten deze maatregel.Nagestreefde doeltreffendheidDe maatregel is gericht op de (oud-)studenten die naar aanleiding van de– indirect discriminerende – risicogerichte controlewerkwijze zijngecontroleerd tussen 2009 en juni 2023. Het doel is om de schade die de(oud-)studenten hebben geleden als gevolg van de onrechtmatigecontroles te herstellen. Dit doen we door deze specifieke doelgroep zoveelmogelijk proactief te benaderen met een concreet aanbod voor schadever-goeding.Bijlage 1:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2506 Nagestreefde doelmatigheidDoor ervoor te kiezen om zoveel mogelijk proactief een aanbod te doenvoor schadevergoeding, is de verwachting dat de uitvoering doelmatigerkan plaatsvinden dan in de situatie dat door iedere (oud-)student eerst eenverzoek om schadevergoeding moet worden ingediend. Door ervoor tekiezen om zoveel mogelijk te werken met generieke bedragen, is deverwachting dat de uitvoering doelmatiger kan plaatsvinden dan in desituatie dat bij elke (oud-)student individueel de schadevergoedingbepaald moet worden. Daarnaast differentiëren we in het aanbod van hetgenerieke bedrag tussen (oud-)studenten waarbij geen maatregel isopgelegd en (oud-)studenten die wel een maatregel opgelegd hebbengekregen. (Oud-)studenten zonder maatregel krijgen een lager aanbod(€ 500) dan (oud-)studenten met een maatregel (€ 2.000) en daarnaastkrijgt de groep zonder maatregel geen optie tot een maatwerktraject. Tenslotte wordt doelmatigheid nagestreefd door de schadeafhandeling doorDUO te laten afhandelen, waardoor er synergie ontstaat tussen deherzieningsopgave (het terugdraaien van de genomen besluiten) en deschadeafhandeling. Het gaat immers voor een groot deel om dezelfdedoelgroep.EvaluatieparagraafHet afhandelen van de schade die geleden is als gevolg van de onrecht-matige controles op de uitwonendenbeurs is een integrale en daarmeeeenmalige maatregel. Gedurende de schadeafhandeling zullen OCW enDUO nauwlettend de voortgang, de kosten en de klanttevredenheidmonitoren. Na afloop zal dit traject geëvalueerd worden zodat hier leringuit getrokken kan worden voor andere soortgelijke trajecten binnen deoverheid.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 724, nr. 2507
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.