Toezichtsrapport van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten over de samenwerking van de MIVD met buitenlandse inlichtingen- en of veiligheidsdiensten
Brontekst
Versie 8de1b388e73701b2 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2014–2015 29 924Toezichtsverslagen AIVD en MIVD Nr. 128 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 27 juli 2015 Hierbij bied ik u het toezichtsrapport aan van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD/Commissie) over de samenwerking van de MIVD met buitenlandse inlichtingen- en of veiligheidsdiensten (rapportnummer 22B)1. Het rapport bevat een geheime bijlage. Deze bijlage zal gelijktijdig met deze brief worden gezonden aan de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. De geheime bijlage bevat geen nieuwe aanbevelingen. De Commissie heeft onderzocht hoe de MIVD gestalte geeft aan de samenwerking met buitenlandse inlichtingen- en/of veiligheidsdiensten. Het onderzoek omvat de periode 27 september 2007 tot eind 2013. Het algemene beeld van de Commissie is positief. De Commissie constateert een beperkt aantal onrechtmatigheden. De belangrijkste aanbevelingen van de Commissie richten zich op aanpassing van het interne beleid waaronder de procedure en het niveau van besluitvorming inzake het verstrekken van (persoons)gegevens. Het vastleggen van bovengenoemd beleid is in een vergevorderd stadium en zal, na afronding, opnieuw en vervolgens regelmatig onder de aandacht van de medewerkers worden gebracht. Daarnaast heeft de MIVD, mede als gevolg van de lange duur van het onderzoek, al verschillende maatregelen getroffen om zeker te stellen dat de operationele processen (sturing, werkwijze en procedures) binnen de dienst overeenkomstig de Wiv 2002 (blijven) verlopen. Binnen de MIVD is, mede naar aanleiding van het rapport, aandacht gevraagd voor verschillende interne regels over onder andere het verstrekken van gegevens op het juiste niveau, verwijzingen naar bronnen en de betrouw-baarheid hiervan, dossiervorming alsmede de toepassing van de derde partij-regel. Hierop wordt nauwlettend toegezien. In een groot deel van de onderzoeksperiode waren de activiteiten van de MIVD vooral gericht op Afghanistan. Het is positief om te vernemen dat, ten aanzien van de missie in Afghanistan, geen onrechtmatigheden zijn 1Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl kst-29924-128ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2015Tweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 29 924, nr. 1281 aangetroffen in de gegevensuitwisseling van de MIVD met buitenlandse diensten. In lijn met de aanbevelingen van het rapport legt de MIVD het onder-steunen van en samenwerken met buitenlandse partners reeds expliciet aan mij voor. Het standpunt van de Commissie dat ook andere vormen van samenwerking (zoals het geven van cursussen) telkens op het niveau van de Minister zouden moeten worden voorgelegd onderschrijf ik niet. Onder de toepassing van de artikelen 58 en 59 van de Wiv 2002 wordt uitsluitend de operationele ondersteuning geschaard. Kortheidshalve verwijs ik hiervoor ook naar hetgeen mijn ambtsgenoot van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties in zijn brief van 30 september 2009, Kamerstuk 29 924, nr. 39, pagina 8 hierover heeft gesteld. De Minister van Defensie, J.A. Hennis-PlasschaertTweede Kamer, vergaderjaar 2014–2015, 29 924, nr. 1282
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.