Divers en Inclusief bestuur
Brontekst
Versie e7a420353c86d079 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202629 614Grondrechten in een pluriforme samenleving35 165VerkiezingenNr. 188 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 27 maart 2026Op 8 maart was het internationale vrouwendag. Een dag waarop de strijdvoor gendergelijkheid wordt gevierd en wordt stilgestaan bij het belangvan gelijke rechten voor mannen en vrouwen. Dat dit een strijd is van delange adem, bewijst het feit dat Aletta Jacobs al in 1901 sprak overinternationale vrouwendag. Ondanks dat er sinds die tijd veel is bereikt,blijft er ook vandaag nog veel over om voor te vechten. In 2019 bij deviering van 100 jaar vrouwenkiesrecht werd voor het laatst een Kamer-brief over het belang van diversiteit in het decentraal bestuur verstuurd.1Als streefdoel werd daarin opgenomen dat de man/vrouw-verhouding inhet openbaar bestuur zich in de toekomst stabiliseert tussen de 40–60procent. Dat is in het decentraal bestuur helaas nog altijd niet het geval.Inzet voor goede en gelijke representatie blijft dus nodig.Mijn ambtsvoorganger heeft tijdens het commissiedebat Versterkinglokaal bestuur van 10 september 2025 toegezegd te zullen komen met eenKamerbrief met cijfers over diversiteit in de samenstelling van hetdecentraal bestuur.2 Daarnaast is in het commissiedebat van 14 januari jl.toegezegd in te gaan op het fenomeen dat ondervertegenwoordigdegroepen in het decentraal bestuur – zoals vrouwen – vaker slachtoffer zijnvan bedreigingen en intimidaties.3 In deze Kamerbrief ga ik op beidetoezeggingen in en sta ik ook stil bij het belang van een goede gelijk-waardige vertegenwoordiging. Daarnaast licht ik enkele initiatieven vanmijn ministerie toe die bijdragen aan het vergroten van de diversiteitbinnen het decentraal bestuur. Tot slot doe ik een oproep aan allebetrokkenen om in mijn voorliggende ambtstermijn samen met mij werkte maken van dit belangrijke onderwerp. Juist nu de democratiewereldwijd steeds meer onder druk komt te staan, is het van belang om te1Kamerstukken II, 2018/19, 30 420, nr. 328, wel is er onlangs nog een Kamerbrief uitgegaan overVerkenning passiefkiesrecht voor vrouwen Kamerstukken II, 2025/26, 29 614, nr. 1872Kamerstukken II, 2025/26, TZ202510-0843Kamerstukken II, 2025/26, TZ202602-037 kst-29614-188ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1881 investeren in een zo goed en sterk mogelijk volksvertegenwoordiging enbestuur. Een representatieve samenstelling is daarvoor essentieel.Belang van representatieDe essentie van democratie is voor mij dat conflicterende opvattingen enbelangen over de inrichting van onze samenleving via een open en vrijdebat met elkaar uitgewisseld worden door verkozen volksvertegenwoor-digers. Zo komen we tot gedragen besluiten. De bescherming vanondervertegenwoordigde groepen moet daarbij in acht worden genomen.Democratie is immers meer dan de helft plus één, maar gaat ook over ooghebben voor en recht doen aan minderheden. De uitkomsten van ditdebat, dienen het algemeen belang. Wanneer bepaalde (groeps)belangenechter structureel onder- of oververtegenwoordigd raken, komt dit ideeonder druk te staan.Je kunt als burger ook op andere manieren politiek actief zijn. Zo kun jeeen burgerinitiatief starten, een demonstratie organiseren of deelnemenaan studenten- of patiëntenraden. Op deze wijze oefen je ook invloed uitop hoe wij Nederland vormgeven. In deze brief richt ik mij echter alleenop politieke ambtsdragers op gemeentelijk, provinciaal en waterschaps-niveau. Zij vervullen een cruciale rol in onze representatieve democratie,maar leunen ook op al die andere vormen van democratische betrok-kenheid. Waar het de algemeen bestuurders, dagelijks bestuurders endijkgraven van de waterschappen betreft, werk ik samen met de Ministervan Infrastructuur en Waterstaat als stelselverantwoordelijke voor dewaterschappen.Er zijn vanouds twee manieren om representatie te benaderen. Bij deeerste benadering gaat het om descriptieve vertegenwoordiging. Inhoeverre lijken vertegenwoordigers op degenen die zij vertegenwoor-digen, bijvoorbeeld wat betreft leeftijd, geslacht, etniciteit, opleiding,beroepsmatige achtergrond? Bij de tweede gaat het om de vraag inhoeverre vertegenwoordigers handelen conform de opvattingen enbelangen van degenen die zij vertegenwoordigen, dus om inhoudelijkevertegenwoordiging. Een derde manier om naar dit vraagstuk te kijken isvia symbolische vertegenwoordiging. Daarbij gaat het uiteindelijk om deherkenbaarheid van politiek en bestuur voor alle burgers en daarmee ookom de legitimiteit van het stelsel. Als de afstand tussen (groepen) burgersen politiek en bestuur groeit doordat zij zich er te weinig in herkennen,tast dit op den duur de legitimiteit van het systeem aan.4Uit onderzoeken blijkt dat er een veelheid aan oorzaken is voor deondervertegenwoordiging van diverse categorieën burgers in de politiek.In het verleden werden die oorzaken vooral gezocht in de kenmerken vandeze groepen zelf, zoals bijvoorbeeld verschillen in opleidingsniveau of-richting. Meer en meer is men echter gaan kijken naar de kenmerken vanpolitieke en maatschappelijke organisaties zelf: de onevenwichtigesamenstelling van ledenbestanden en, vooral, het rekruteren uit eenbeperkte kring, de voorsprong van zittende politici en bestuurders bovennieuwkomers, een gebrekkige doorstroming en onvoldoende heldere entoetsbare selectiecriteria.In deze Kamerbrief richt ik mij op een aantal groepen die systematischondervertegenwoordigd zijn in het decentraal bestuur. Hierbij bestaan erzorgen of zij voldoende descriptief, inhoudelijk en/of symbolisch gepre-senteerd zijn. Naast de genderdimensie kijken we daarbij ook naar politici4Zie bijvoorbeeld Dagevos & Vermeulen (2024), via: Is de politiek er voor iedereen? | Sociaal enCultureel PlanbureauTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1882 met een niet-Westerse migratieachtergrond, mensen met een beperking,jongeren en mensen met een praktische opleidingsachtergrond.Feiten en cijfersIn alle verschillende gremia van het decentraal bestuur blijft de diversiteitnog achter. Zo is de meerderheid van bestuurders en volksvertegenwoor-digers man en met een gevorderde leeftijd. In het door BZK mogelijkgemaakte dashboard «Staat van het Bestuur» zijn alle actuele gegevensover alle decentrale bestuurslagen terug te vinden. Ik beperk mehieronder tot de gegevens over de gemeenteraad en het college vanburgemeester en wethouders.Uit dit dashboard blijkt dat op 1 januari 2026 32 procent van de raadsledenvrouw is.5 Onder wethouders ligt dat aandeel op 27 procent en onderburgemeesters op 31 procent. De gemiddelde leeftijd van raadsleden inNederland was op 1 januari van dit jaar 55 jaar. Wethouders zijngemiddeld 53,5 jaar oud en burgemeesters 55,5 jaar. Het merendeel vande lokale volksvertegenwoordigers en bestuurders heeft een hbo- ofuniversitaire opleiding. Dat geldt voor 81 procent van de raadsleden,83 procent van de wethouders en 97 procent van de burgemeesters.De publicatie «Staat van het Bestuur 2024» geeft de volgende schattingenvan mensen met een migratieachtergrond in het decentraal bestuur:6 procent van alle raadsleden heeft een migratieachtergrond, 3 procentvan alle wethouders heeft een migratieachtergrond en 4 procent van alleburgemeesters heeft een migratieachtergrond. Deze cijfers zijn ongeveergelijk aan die van vijf jaar daarvoor. Dat is weinig afgezet tegen het totaalaantal Nederlanders met een migratieachtergrond van 25,2 procent.6Ook is er sprake van een ondervertegenwoordiging van mensen met eenbeperking in de politiek en het bestuur. Op basis van een al wat oudereinventarisatie is de schatting dat nog geen 0,5 procent van alle decentralepolitieke ambtsdragers een structurele functionele beperking heeft.7 Hierzijn geen precieze cijfers over beschikbaar, maar de grove schatting wijstwel in de richting van ondervertegenwoordiging. Uit de Gezondheidsen-quête van het CBS blijkt dat in 2023 6 procent van de personen tussen de15 en 65 jaar zich ernstig beperkt voelt in de activiteiten die mensengewoonlijk doen. Nog eens 24 procent voelt zich daarin beperkt, maar nieternstig.Ik blijf monitoren op diversiteit binnen het decentraal bestuur om over eenlangere periode te kunnen bezien hoe dit zich ontwikkelt. Hieroverrapporteer ik tweejaarlijks in de publicatie «Staat van het Bestuur». In detussentijd worden actuele cijfers gepubliceerd op www.staatvanhetbe-stuurdashboard.nlVormen van real time monitoring zoals dit dashboard die ontsluit zijnalleen te verantwoorden voor de meer generieke achtergrondkenmerkenvan politieke ambtsdragers, zoals leeftijd en geslacht, die geaggregeerd5De cijfers over de laatste gemeenteraadsverkiezingen zijn nog niet bekend. De verwachting isniet dat de cijfers n.a.v. de gemeenteraadsverkiezingen m.b.t. ondervertegenwoordigdegroepen ineens drastisch gewijzigd zijn, omdat er sprake is van een lange trend van onderver-tegenwoordiging. Vandaar dat hier wordt volstaan met een verwijzing naar het dashboard,daar worden ook de nieuwe cijfers gepubliceerd zodra die beschikbaar zijn.6Vermeulen, F. (2023) Hoe divers zijn de Nederlandse gemeenteraden? De definitie voor«migratieachtergrond» die hier wordt gehanteerd luidt: «een persoon die zelf, of van wieminimaal één van de ouders, in het buitenland geboren is.»7Ministerie van BZK (2019), In de beperking toont zich de meester { Bevindingen van eeninventariserend onderzoek naar politici met een structurele functionele beperking.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1883 worden weergegeven voor groepen van grotere omvang. Migratieachter-grond en beperking worden niet actief bijgehouden en geregistreerd, inhet licht van privacyoverwegingen en complexiteit van definities.Schattingen van de omvang van deze groepen zijn gebaseerd opzelfrapportage in enquêteonderzoek.Vergroten van de instroomEr bestaan zorgen of, zeker op de lange termijn, nog voldoende mensenpolitiek actief willen worden op lokaal niveau. Een deel van de partijenheeft moeite met het vinden van voldoende en geschikte kandidaten voorde kieslijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen, blijkt uit periodiekeonderzoeken naar de rekrutering van raadsleden8. Daarom heeft mijnambtsvoorganger met de Kamerbrief Waardevol politiek ambt aange-geven wat in algemene zin kan worden gedaan om de instroom in hetambt te vergroten en de aantrekkelijkheid van het ambt te verbeteren.9 Inhet najaar kom ik met een Kamerbrief over de voortgang van de in ganggezette acties uit die brief. Hieronder richt ik me specifiek op een aantalprojecten waarmee we in het bijzonder ondervertegenwoordigde groepenproberen te stimuleren om politiek actief te worden.Vergroten instroom volksvertegenwoordigersIn opdracht van mijn ministerie organiseren we dit jaar rondom degemeenteraadsverkiezingen de eerste editie van de Next Step Academy.10Hierin worden jongeren met een praktische opleidingsachtergrond actiefbegeleid om zo hun politieke ambities te ontwikkelen en te realiseren.Stichting Voor Democratie ontvangt subsidie van BZK om kraamkamersvoor jong politiek talent met een praktische opleidingsachtergrond teontwikkelen.11 Beide projecten zijn pilots die, mits goed geëvalueerd,structureel aangeboden kunnen worden.Stem op een Vrouw ontvangt al een aantal jaar subsidie van BZK voor hetorganiseren van een mentornetwerk waarbij vrouwelijke aspirant-politicigekoppeld worden aan ervaren vrouwelijke politici.12 Het mentorschapkan functioneren als een klankbord, verschaft de deelnemers toegang totnetwerken die anders gesloten blijven en kan kandidaten steunenwanneer dat nodig is. Op deze manier draagt het mentornetwerk bij aanhet realiseren van politieke ambities van vrouwelijke aspirant-politici.Bovendien ontstaat er een alumni-netwerk van vrouwen die hebbendeelgenomen aan het mentornetwerk. Zij vormen een inspiratiebron voorde vrouwelijke politici van de toekomst en verstevigen tegelijkertijd depositie van vrouwen in het ambt.Het Ministerie van OCW levert ook een bijdrage met steun aan alliantiePolitica, bestaande uit vier organisaties (WO=MEN Dutch GenderPlatform, Stem op een Vrouw, Nederlandse Vrouwen Raad en Emanci-pator). Politica zet zich in voor meer vrouwen in de politiek. Via mentor-schap en training ondersteunt de alliantie nieuw politiek talent. Afgelopenjaar heeft de Nederlandse Vrouwenraad (NVR) in het kader van Prinses-sendag – hét evenement voorafgaand aan Prinsjesdag, om de aandacht terichten op de positie van vrouwen in de politiek – wederom een bijeen-8M. Boogers en G. Voerman, Kandidaat voor de raad. Rekrutering en selectie van kandidatenvoor de gemeenteraadsverkiezingen in 2022, UT/RUG, 2023.9Kamerstukken II, 2024/25 36 600 VII-14310Zie voor meer informatie www.thenextstepacademy.nl11Zie voor meer informatie www.stichtingvoordemocratie.nl/meer-vakmensen-in-de-politiek12Zie voor meer informatie www.stemopeenvrouw.com/mentornetwerkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1884 komst georganiseerd, die deze keer in het teken stond van de framing vanvrouwelijke politici in de media.Stichting Stem op een Vrouw leidt binnen de alliantie ook een werkgroepmet landelijke politieke partijen om de politieke werkomgeving veiliger enmeer inclusief te maken.13Mijn ministerie verstrekt daarnaast subsidie aan Zorgbelang Inclusief omhet project Politiek Actief met een beperking te organiseren. Daarbijworden twintig kandidaten met een fysieke beperking begeleid om hunpolitieke drijfveren en ambities te ontwikkelen. Ze nemen daarbij onderandere deel aan op maat gesneden activiteiten van ProDemos. Enkeleeerdere kandidaten uit dit programma zijn bij de aankomende gemeente-raadsverkiezingen op een kieslijst terechtgekomen. Ook hier bouwt zichweer een groep alumni op die kennis vergaart over de belemmeringenvoor deelname van deze specifieke groep aan politiek en bestuur. Datlevert waardevolle inzichten op voor het wegnemen van deze belemme-ringen en kan de weg naar politieke deelname voor deze groep vergemak-kelijken. In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen ging ik opwerkbezoek bij LFB waar ik ook sprak met mensen met een licht verstan-delijke beperking. Het is ook van belang dat deze doelgroep zich vertegen-woordigd weet in politiek en bestuur. Ik ga daarom graag in gesprek metLFB en andere belangenorganisaties om te onderzoeken hoe we daar opeen passende manier werk van kunnen maken.Tot slot heeft BZK het samenstellen van een essaybundel over het bestaanvan 40 jaar kiesrecht voor niet-ingezeten op gemeentelijk niveau gesubsi-dieerd.14 Het invoeren van dit kiesrecht is belangrijk gebleken voor depolitieke integratie van mensen met een niet-Westerse migratieachter-grond. In veertig jaar tijd is er veel veranderd voor deze groep, maaraandacht blijft nodig om ook de participatie en deelname van dezegroepen te garanderen. Op 30 maart staat een kennisbijeenkomst geplandwaarin deze bundel centraal staat. Daar hopen we met de aanwezigebetrokkenen volgende stappen te kunnen zetten om ook deze groepstructureler bij het decentraal bestuur te betrekken.Instroom bestuurdersVoor het wethouderschap en het burgemeestersambt mag verwachtworden dat er vanuit de doorstroom van bovengenoemde groepenuiteindelijk ook daar meer diversiteit zal komen. Maar ik zet me daarnaastook voor die ambten specifiek in om een meer diverse instroom tebevorderen. In 2025 is in opdracht van mijn ministerie het rapport «Wiewil nog burgemeester worden» met daarin onder andere aanbevelingenvoor de toegankelijkheid en aantrekkelijkheid van het ambt verschenen.15In samenwerking met de provincies organiseert BZK in 2026 expertmee-tings om de aanbevelingen uit dit rapport uit te werken tot concretehandelingsperspectieven. De expertmeetings betreffen onder andere devraag hoe ondervertegenwoordigde groepen beter kunnen wordengeïnteresseerd voor het burgemeestersambt. Mijn ministerie zetdaarnaast in op een intensivering van het oriëntatieprogramma van hetNederlands Genootschap van Burgemeesters, dat van start gaat in 2026.In het nieuwe programma wordt een «trechtermodel» gehanteerd, waarbijin verschillende oriëntatiefasen beter wordt aangesloten bij de informatie-13Voor meer informatie over de alliantie, zie www.politica.nl14De essaybundel is te raadplegen via: Veertig jaar lokaal kiesrecht voor migranten | KennisbankOpenbaar Bestuur15Otjes & Runderkamp (2025), Wie wil nog burgemeester worden? via: Wie wil nog burge-meester worden? | Rapport | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1885 behoefte van kandidaten. Ook is er specifieke aandacht voor«zij-instromers», serieus geïnteresseerden uit groepen die op dit momentondervertegenwoordigd zijn in het burgemeesterscorps.Daarnaast is er in de nieuwe subsidieregeling voor de beroeps- enbelangenverenigingen in het decentraal bestuur opgenomen dat desubsidie gebruikt mag worden voor het organiseren van oriëntatiepro-gramma’s. Ook de Wethoudersvereniging kan hier gebruik van maken.Om bij de aanstaande formaties na afloop van de gemeenteraadsverkie-zingen ook aandacht te besteden aan het belang van diversiteit, bied ikvanuit BZK aan betrokkenen bij de formatie tien maal de trainingSelecteren zonder vooroordelen aan. Deze training richt zich op hetverbeteren van de selectieprocedure om zo de beste kandidaat op debeste plek te krijgen.Rol politieke partijenPolitieke partijen spelen een cruciale rol in het bevorderen van detoegankelijkheid van de politiek. Zij vormen een brug tussen de overheiden de samenleving door onder andere ideeën en opvattingen op te halenen te vertolken, kandidaten te werven en te selecteren en kiezers temobiliseren. Hoe politieke partijen mensen werven en selecteren voorpolitieke functies, is gezien hun onafhankelijke positie aan politiekepartijen zelf. Wel doe ik in het wetsvoorstel Wet op de politieke partijeneen voorstel om de subsidiedoelen uit te breiden, zodat politieke partijenvoortaan subsidie kunnen aanvragen voor activiteiten ter bevordering vande participatie van ondervertegenwoordigde groepen. Daarnaast ben ikvan plan om samen met de politieke jongerenorganisaties en diversiteits-netwerken van partijen op te trekken om interventies te ontwikkelen die detoegankelijkheid van de politiek verder kunnen bevorderen. Daar betrek ikook mijn toezegging aan belangenorganisaties van mensen met een lichtverstandelijke beperking bij om te onderzoeken hoe zij beter bij politiek enbestuur betrokken kunnen worden.Tijdens het ambtHieronder ga ik in op hoe de rechtspositie van politieke ambtsdragersbijdraagt aan het vergroten van de diversiteit en inclusiviteit en mijn inzetop weerbaar bestuur in relatie tot dit thema.Rechtspositie decentrale politieke ambtsdragersVolksvertegenwoordigers hebben een aparte rechtpositie, onder anderevanwege het ontbreken van een formele werkgever. Via onder meer hetRechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is er toch voorzienin een specifieke rechtspositie voor lokale bestuurders. Daarnaast is in deKieswet in een afzonderlijke regeling voor volksvertegenwoordigersvoorzien, die rekening houdt met het bijzondere karakter van hun politiekeambt. In het geval van zwangerschap van vrouwelijke volksvertegenwoor-digers is gebleken dat de huidige regeling, zoals neergelegd in deGrondwet en Kieswet, niet in alle gevallen recht kan doen aan de situatiewaarin zij zich bevinden. Door het vorige kabinet is daarom eenwetsvoorstel aangekondigd tot modernisering en flexibilisering van deregeling.16 Dit wetsvoorstel is in voorbereiding en recent is de consultatiedaarvan afgerond.Met het wetsvoorstel worden de termijnen waarvoor volksvertegenwoor-digers en dagelijks bestuurders zich kunnen laten vervangen geflexibili-16Kamerstukken II, 2023–2024, 36 410 VII, nr. 91.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1886 seerd. Na een eerste initiële periode van 16 weken, zoals nu ook bestaat,wordt het mogelijk deze periode te verlengen met aanvullende blokkenvan 4 weken. Als 16 weken vervanging niet voldoende blijkt om genoeghersteld te zijn om het ambt weer te kunnen oppakken, wordt het dusmogelijk om de vervanging te verlengen, zonder dat daarvoor weer eenvolledige vervangingsperiode van 16 weken nodig is. Hiernaast wordt dewettelijke belemmering voor vrouwelijke volksvertegenwoordigers omzich bij aanvang van hun ambtsperiode wegens zwangerschap enbevalling direct te laten vervangen, weggenomen.Een andere belangrijke voorgestelde wijziging, is dat niet langergesproken zal worden over het tijdelijk ontslag van volksvertegenwoor-digers in verband met zwangerschap en bevalling dan wel ziekte. In plaatsdaarvan zal worden gesproken over het tijdelijk van hun ambt ontheffen.Daarbij blijft overigens gelden dat de tijdelijke ontheffing slechts plaatskan vinden op verzoek van degene die het betreft. Het begrip tijdelijkontslag heeft maatschappelijk weerstand opgeroepen, omdat het doetdenken aan vroegere tijden waarbij gehuwde vrouwen ontslag werdaangezegd. Er heerst ook onbegrip over het feit dat er voor vrouwelijkevolksvertegenwoordigers, anders dan voor vrouwelijke werknemers, geensprake is van verlof.Ik heb begrip voor de weerstand tegen deze term. Verlof van het lidmaat-schap van een vertegenwoordigend orgaan terwijl het lid wordtvervangen, is echter niet mogelijk. Dit hangt samen met het feit dat in datgeval het (grond)wettelijk aantal volksvertegenwoordigers zou wordenoverschreden. Door verlof wordt het lidmaatschap namelijk niet teniet-gedaan. Er is daarom gekozen voor modernisering van de regeling binnende ruimte die de Grondwet biedt. Dit heeft geleid tot het voorstel de termtijdelijk ontslag te vervangen door tijdelijke ontheffing van het ambt. Dieterm heeft geen ongewenste connotaties én blijft duidelijk maken dat devolksvertegenwoordiger tijdelijk het ambt niet vervult.17Verder worden voor dagelijks bestuurders, waarvan het ambt anders danvoor (decentrale) volksvertegenwoordigers geen nevenfunctie behelst enwel sprake is van verlof, de verlofgronden uitgebreid met geboorte-,adoptie- en (mantel)zorgverlof. Voor deze nieuwe kortdurende verlof-vormen wordt geen vervanger benoemd, maar wordt de afwezigheidbinnen het college opgelost door tijdelijke aanpassing van de portefeuille-verdeling. Verruiming van de vervangingsgronden van volksvertegen-woordigers wordt niet voorgesteld, aangezien dat een wijziging van deGrondwet vergt en het kabinet nog steeds achter de eerdere principiëleargumenten van de Grondwetgever staat om vervanging vanwege hetbijzondere karakter van het ambt en het kiezersmandaat te beperken totzwangerschap en bevalling en ziekte.Deze maatregelen vergroten de aantrekkelijkheid van het ambt. In hetbijzonder voor vrouwelijke aspirant politici, maar ook voor de brederebevolking die politieke aspiraties heeft. De voorgenomen wetswijziging isdaarmee een voorbeeld van het wegnemen van structurele barrières in devormgeving van het decentraal bestuur die bepaalde groepen weerhoudthier in gelijke mate aan te participeren.Tot slot wil ik ook kort ingaan op de rechtspositie voor politieke ambts-dragers met een beperking. Mijn ambtsvoorganger heeft daar Kamer-17Hiermee wordt ook invulling gegeven aan de toezegging van de Staatssecretaris van OCW aanlid Rooderkerk (D66), gedaan in het commissiedebat Emancipatie (juni 2025), om devervanging van de term ontslag onder de aandacht te brengen bij BZK (TZ202506-086)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1887 vragen over beantwoord.18 Hier volsta ik door te zeggen dat ditonderwerp mijn volledige aandacht heeft en dat er via diversiteitsplein.nlook aan kennisopbouw wordt gewerkt om ook mensen met een beperkingzo gelijkwaardig mogelijk mee te laten doen aan het decentraal bestuur.Weerbaar bestuurHet is zorgwekkend hoeveel (kandidaat-)raadsleden, wethouders enburgemeesters te maken krijgen met bedreigingen. In aanloop naar degemeenteraadsverkiezingen werd dat nog weer eens extra duidelijk.Bestuurders en politici zetten zich met hart en ziel in voor de publiekezaak, vaak naast een andere baan. Dit moeten zij veilig kunnen doen. Dedemocratische besluitvorming mag onder geen beding onder druk komente staan. De landelijke politiek moet hen daarin steunen.Helaas zien wij dat vrouwelijke politieke ambtsdragers in hogere mate temaken krijgen met agressie en intimidatie. Zo blijkt uit de MonitorIntegriteit en Veiligheid 2024 dat 55 procent van de vrouwelijke politiekeambtsdragers werd geconfronteerd met agressie, tegenover 37 procentvan hun mannelijke collega-ambtsdragers. Ook is bij vrouwelijke politiekeambtsdragers de impact van de agressie groter dan bij mannen:74 procent van de vrouwen ervaart hiervan negatieve gevolgen tegenover57 procent van de mannen. De verschillen tussen mannen en vrouwenworden op uiteenlopende vlakken zichtbaar: naast een groter effect op hetwerkplezier is er bij vrouwen ook een grotere invloed op het socialemediagebruik, de manier van werken, de geestelijke gezondheid en hetprivégedrag. In het najaar van 2026 volgt een nieuwe versie van dezetweejaarlijkse Monitor.Deze verschillen tussen mannen en vrouwen zijn zorgelijk en hebben mijnaandacht. Binnen de inzet en acties van het programma weerbaar bestuurwordt rekening gehouden met de onevenredige mate waarin vrouwelijkepolitieke ambtsdragers geraakt worden door bedreiging en intimidatie. Zowordt er samengewerkt met stichting Stem op een Vrouw die een training«omgaan met agressie en intimidatie» heeft ontwikkeld specifiek voorvrouwelijke ambtsdragers. Ook wordt er door hen een mentornetwerkonderhouden en is er recent door de leden van de werkgroep «(on)veiligin de politiek» van Stem op een Vrouw een Protocol voor Online Haatontwikkeld, een initiatief dat ik van harte steun.Ook benoemt het Ondersteuningsteam weerbaar bestuur dit oneven-redige effect als zij bij gemeenten te gast zijn en roept het de aanwezigeburgemeester, wethouders, raadsleden en ambtenaren op hier extra oogvoor te hebben en nazorg te bieden. Via het Centrum voor Criminaliteit-spreventie en Veiligheid, een partner van het Netwerk Weerbaar Bestuur,kunnen decentrale bestuurders en volksvertegenwoordigers op kostenvan mijn ministerie een veiligheidsscan krijgen. Een veiligheidsadviseurkomt dan bij de politieke ambtsdragers thuis en geeft concrete adviezenwaarmee ze hun veiligheid en weerbaarheid kunnen vergroten. In dezeadviezen is er ruimte voor maatwerk. Bij alle politieke ambtsdragers wordtgekeken naar hun behoefte en waar zij het meest mee geholpen zijn. Deadviseurs bekijken zorgvuldig en volgens uniforme standaarden welkemaatregelen noodzakelijk en passend zijn voor het vergroten van depreventieve veiligheid. Hierbij wordt bijvoorbeeld naar de aard van(mogelijke) dreigingen gekeken.Voor effectief beleid is inzicht noodzakelijk. Daarom verken ik de mogelijk-heden naar een grootschalig onderzoek naar online agressie richting18Kamerstukken II, 2025/26, 2025D40373Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1888 politici, waar met name vrouwelijke politici mee te maken krijgen. Tot slotis het goed om naast de acties die ik als Minister neem aan te geven datdit een probleem is van ons allemaal. Agressie en intimidatie zijn eenonacceptabele normvervaging waartegen wij ons allemaal uit moeten(blijven) spreken.ConclusieDe inzet om onze decentrale volksvertegenwoordigingen en besturen eengoede afspiegeling te laten zijn van onze samenleving is er één van delange adem. Zoals de lange traditie van internationale vrouwendagbewijst is niet aflatende inzet nodig om gelijke rechten en kansen vooriedereen te bewerkstelligen. Via de inzet op divers en inclusief bestuurhoopt mijn ministerie een bijdrage te leveren aan de kansen van alleNederlanders om politiek actief te worden.Op alle ondervertegenwoordigde groepen wordt ingezet. Tegelijkertijd zouhet goed zijn als deze inzet structureler van aard wordt en een groterbereik krijgt. Ook de aansluiting op (lokale) politieke partijen is daarbij vanbelang. Hierin valt nog veel winst te boeken. In mijn rol als Minister vanBZK voel ik de verantwoordelijkheid om een gelijk speelveld te creërenvoor deelname aan politiek en bestuur. Daartoe kan ik mensen aan hetbegin van hun politieke carrière begeleiden in het ontwikkelen van hunambities en toegang verschaffen tot de juiste netwerken en inzetten opeen inclusieve politieke cultuur als mensen zijn verkozen.Ik ben dankbaar voor de mensen die zich momenteel al inzetten voor dedecentrale democratie. De berichtgeving dat veel raadsleden ondankstoegenomen haat en bedreiging door willen gaan voor een volgendeperiode in de gemeenteraad stemt mij dan ook hoopvol.19 Mijnwaardering voor het belangrijke werk dat zij doen is groot. Samen methen, politieke partijen, maatschappelijke organisaties en de wetenschapwil ik werk maken van een nog diverser en inclusiever bestuur. Dit komtde kwaliteit van de besluitvorming ten goede en vergroot de herken-baarheid en daarmee hopelijk ook de betrokkenheid van mensen bijpolitiek en bestuur.De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,P.E. Heerma19Zie o.a. www.nos.nl/collectie/14016/arikel/2602027-ondanks-toename-bedreigingen-en-intimidatie-willen-meeste-raadsleden-doorTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 614, nr. 1889
Gerelateerde bronnen
- De Kamer ontvangt een brief met een reactie op de onderzoeken naar bedreiging van lokale politici, waaronder het onderzoek van Pointer, en wat dat eventueel ver
De Kamer ontvangt een brief met een reactie op de onderzoeken naar bedreiging van lokale politici, waaronder het onderzoek van Pointer, en wat dat eventueel verandert aan de aanpak en de differentiatie daarin.
- De minister gaat in een brief over de versterking van het lokaal bestuur, die in het najaar volgt, waar mogelijk nader in op de diversiteit binnen het lokaal be
De minister gaat in een brief over de versterking van het lokaal bestuur, die in het najaar volgt, waar mogelijk nader in op de diversiteit binnen het lokaal bestuur en hoe die te vergroten.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.