KamerkringInloggen
Kamerbrief

Reactie op verzoek commissie inzake een brief betreffende het eindexamen van een leerling van het voortgezet volwassenenonderwijs

9 okt 2023 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 07060ef07e7804e3 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 31 289Voortgezet Onderwijs Nr. 558 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 9 oktober 2023 Hierbij stuur ik u de reactie op het verzoek van de commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 7 juli jl. inzake een brief betreffende het eindexamen van een leerling van het voortgezet volwassenenonderwijs (hierna: vavo). In de brief die u onder mijn aandacht heeft gebracht vragen de ouders van een leerling die in schooljaar 2022–2023 eindexamen heeft afgelegd aan het vavo om een uitzondering op de wet- en regelgeving toe te staan voor hun zoon. In de brief geven de ouders aan dat er een onterecht verschil bestaat tussen de examenregels voor staatsexamenkandidaten en eindexamenkandidaten van het vavo. De ouders hebben reeds een antwoord ontvangen waarin is aangegeven dat het verzoek om een uitzondering op de wet- en regelgeving toe te staan niet wordt gehonoreerd. Ook is er telefonisch contact geweest tussen een medewerker van het Ministerie van OCW en de ouders om de situatie te bespreken en mee te denken. Daarnaast loopt er op dit moment nog een bezwaarprocedure tegen het besluit om geen uitzondering op de wet- en regelgeving toe te staan. Om die reden, en vanwege de persoons-gegevens die zijn opgenomen in het besluit, kan ik u de antwoordbrief niet doen toekomen. Wel kan ik u informeren over de lijn der beant-woording. Conform de beantwoording van het schriftelijk overleg inzake het staatsexamen1 heb ik in mijn antwoord aan de ouders toegelicht dat er inderdaad een verschil bestaat tussen de examenregels bij het vavo en het staatsexamen. Ten aanzien van het aantal herkansingen, waar naar wordt verwezen in de betreffende brief, hebben staatsexamenkandidaten een uitgebreidere herkansingsregeling in het examenjaar dat zij opgaan voor het diploma ten opzichte van vavo-kandidaten. Dit verschil komt 1Kamerstuk 31 289, nr. 547 kst-31289-558ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5581 voort uit het feit dat vavo-kandidaten de mogelijkheid hebben om ieder jaar dat zij examen doen in losse vakken (certificaten behalen) een herkansing af te leggen. Staatsexamenkandidaten hebben deze mogelijkheid niet en kunnen enkel een herkansing afleggen in het jaar dat zij opgaan voor het diploma en niet in de jaren dat zij certificaten behalen. Het structureel aanpassen van de herkansingsregeling voor certificaatkan-didaten van het staatsexamen is onderdeel van de Verbeteragenda Staatsexamen vo. In de tussentijd worden staatsexamenkandidaten gecompenseerd voor het ontbreken van een herkansingsmogelijkheid in de jaren dat zij certificaten behalen door een extra herkansing te bieden in het jaar dat ze opgaan voor het diploma. Bovenstaande maakt dat er een verschil bestaat tussen het aantal herkansingen van het staatsexamen en het vavo in het jaar dat een kandidaat opgaat voor het diploma. Ondanks dat ik goed begrijp dat het een teleurstelling is voor de betref-fende leerling om zijn vo-diploma dit schooljaar nog niet gehaald te hebben, heeft bovenstaande mij doen besluiten om geen uitzondering toe te staan. De Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs,M.L.J. PaulTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 289, nr. 5582

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 8d7006ac0fff24e2

14 okt 2026 · b953cd893fcc9c97

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.