KamerkringInloggen
Kamerbrief

Motorrijtuigenbelasting kermisexploitanten en appreciatie van de motie van het lid Prickaertz c.s. over het kwarttarief in de motorrijtuigenbelasting handhaven voor kermisexploitanten (Kamerstuk 36915-XII-7)

22 mei 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 212f3b84e260f845 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 800Maatregelen op het gebied van autobelastingen(«Autobrief»)Nr. 92 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 22 mei 2026In het wetgevingsoverleg van 18 mei jl. over de wijziging van de begro-tingsstaten op IenW-terrein voor het jaar 2026 (samenhangende met deVoorjaarsnota) heb ik toegezegd om schriftelijk terug te komen op devraag van het lid Prickaertz (PVV) inzake de motorrijtuigenbelasting (MRB)voor kermisexploitanten en daarbij ook de motie over dit onderwerp teappreciëren. Met deze brief wordt aan deze toezegging voldaan.Beantwoording vraag en appreciatie motie Prickaertz c.s.De motie van het lid Prickaertz c.s.1 verzoekt de regering om de uitzonde-ringspositie voor motorrijtuigen van kermisexploitanten binnen de MRB tebehouden door het kwarttarief te handhaven. Het kabinet ontraadt dezemotie. De reden hiervoor is dat in het Belastingplan 20262, waar de Kamervorig jaar mee heeft ingestemd, is vastgelegd dat de kwarttarieven in deMRB worden beëindigd. Voor de begrenzing van het kwarttarief voorvoertuigen van kermisexploitanten zoals dat op 1 juli 2026 van krachtwordt, is dit inmiddels ook in de systemen van de Belastingdienstdoorgevoerd. Dat kan niet meer worden teruggedraaid.De reden voor het beëindigen van de kwarttarieven is dat het kabinet hetwenselijk vindt om uitzonderingen in de MRB te beperken, teneinde hetstelsel eenvoudiger, rechtvaardiger en beter uitvoerbaar te maken. Hetbeëindigen van de kwarttarieven vermindert een hoge mate van selecti-viteit in beleid. Ten eerste geldt dat – zonder objectieve toetsing –langdurig een lager belastingtarief is toegepast op bepaalde groepenmotorrijtuigen waarvan het gebruik op de weg niet aantoonbaar beperkt1Kamerstukken II 2025/26, 36 915-XII, nr. 7.2Kamerstukken II 2025/26, 36812. kst-32800-92ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 800, nr. 921 is.3 Dit geldt onder andere voor motorrijtuigen van kermis- en circusex-ploitanten. Ten tweede verdraagt een kwarttarief zich niet goed met hethouderschapskarakter van deze belasting. Houders van personenauto’sdie weinig kilometers per jaar rijden, kunnen immers ook geen aanspraakmaken op een lager tarief in de MRB. Verder is van belang dat als met eenmotorrijtuig tijdelijk geen gebruik wordt gemaakt van de weg demogelijkheid bestaat om dat motorrijtuig te schorsen in het kentekenre-gister. Daardoor is geen belasting meer verschuldigd. Deze mogelijkheidgeldt ook voor kermis- en circusexploitanten.In het Belastingplan 2026 is – anders dan tijdens het debat is gesugge-reerd – niet geregeld dat alle kwarttarieven pas per 1 januari 2028 wordenbeëindigd. Er is geregeld dat het kwarttarief gefaseerd wordt beëindigd.Deze fasering is als volgt. Voor bestelauto’s van kermis- en circusexploi-tanten wordt het kwarttarief beëindigd vanaf 1 januari 2028. Voorvrachtwagens van kermis- en circusexploitanten wordt het kwarttariefbeëindigd bij de invoering van de vrachtwagenheffing. Dat is per 1 juli2026. Dit omdat in de Wet vrachtwagenheffing is vastgelegd dat per diedatum voor alle vrachtwagens van minder dan 12 ton een nihiltarief in deMRB geldt en voor alle vrachtwagens vanaf 12 ton het Europeesminimumtarief.Het afschaffen van het kwarttarief in de MRB heeft voor kermis- ofcircusexploitanten financiële gevolgen. Zo wordt momenteel gemiddeldcirca € 75 per kwartaal aan MRB betaald, waarbij afhankelijk van hetspecifieke voertuig een hoger of lager tarief kan gelden. Bij het afschaffenvan de kwarttarieven zou dit bedrag voor zware vrachtwagens in hetmerendeel van de gevallen circa € 300 per kwartaal bedragen. Zoalshiervoor toegelicht gaat door de invoering van de vrachtwagenheffingechter het Europees minimumtarief gelden. Dat betekent dat voorvrachtwagens tot 12 ton een nihiltarief geldt en voor zware vrachtwagenseen bedrag van circa € 150 per kwartaal is verschuldigd.Tot slotHet kabinet heeft begrip voor de zorgen van kermisexploitanten. Hetbeëindigen van het kwarttarief van de MRB en de invoering van devrachtwagenheffing per 1 juli 2026 vindt plaats in een periode waarinbrandstofprijzen gestegen zijn als gevolg van het conflict in het Midden-Oosten. Per brief van 20 april jl.4 heeft het kabinet een aantal concretemaatregelen aangekondigd, waar ook kermisexploitanten van profiteren.Zo wordt vanaf 1 juli 2026 gedurende een halfjaar een nihiltarief in deMRB gehanteerd voor alle vrachtwagens. Daarnaast worden, naaraanleiding van de op 23 april jl. aangenomen motie-Flach c.s.5 enmotie-Eerdmans/Wilders6, de tarieven van de vrachtwagenheffing tijdelijkverlaagd.7 Ook kermisexploitanten met vrachtwagens profiteren hiervan.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,V.P.G. Karremans3Zie ook SEO Economisch Onderzoek, Evaluatie Bijzondere regelingen MRB en BPM, 2022.Kamerstukken II 2021/22, 32 800, nr. 76, blz. 31–33.4Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 1.5Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 30.6Kamerstukken II 2025/26, 36 933, nr. 4.7Kamerstuk 36 933, nr. 37.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 800, nr. 922

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 4610a769f7ca393e

14 okt 2026 · 498583f188b90aa3

12 okt 2026 · 0aee4db8b89fcb6c

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.