KamerkringInloggen
Kamerstuk

Verslag van een schriftelijk over over de voorhang tijdelijke subsidieregeling ERTMS goederenlocomotieven (Kamerstuk 33652-104)

3 mrt 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie bebc96a8e47b8745 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202533 652Spoorbeveiligingssysteem European Rail TrafficManagement System (ERTMS)Nr. 105 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEGVastgesteld 3 maart 2025 De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat heeft een aantalvragen en opmerkingen voorgelegd aan de Staatssecretaris van Infra-structuur en Waterstaat over de brief van 20 januari 2025 over Voorhangtijdelijke subsidieregeling ERTMS goederenlocomotieven (Kamerstuk33 652, nr. 104).De vragen en opmerkingen zijn op 12 februari 2025 aan de Staatssecre-taris van Infrastructuur en Waterstaat voorgelegd. Bij brief van 30 maart2025 zijn de vragen beantwoord.De voorzitter van de commissie,Peter de GrootAdjunct-griffier van de commissie,Wiendels kst-33652-105ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1051 InleidingOp 12 februari jl. heeft de vaste commissie voor Infrastructuur enWaterstaat schriftelijke vragen gesteld over de voorhang tijdelijkesubsidieregeling ERTMS goederenlocomotieven (Kamerstuk 33 652,nr. 104). De invoering van ERTMS vraagt aanzienlijke investeringen vanonder andere de spoorgoederenvervoerders, die van invloed zijn op dekostenontwikkeling van het spoorgoederenvervoer en de concurrentiepo-sitie van de sector. De Tijdelijke subsidieregeling ERTMS goederenloco-motieven biedt hierin verlichting. Zo werk ik met de sector aan deimplementatie van ERTMS en de digitalisering van het spoor.Hieronder treft u de antwoorden op de vragen aan.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,Ch.A. JansenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1052 Beantwoording vragen PVV-fractie1.De leden van de PVV-fractie stellen vast dat het subsidieplafondis vastgesteld op 41 miljoen euro. Deze leden vragen hoeveelimpact dit bedrag maakt. Deze leden vragen daarbij een uitge-breid overzicht inhoudende het totale kostenplaatje voor desector, mét daarbij een uiteenzetting hoeveel goederenlocomo-tieven naar schatting geholpen zijn met dit subsidiebedrag.De subsidie is met name gericht op de seriematige ombouw vangoederenlocomotieven. De prijs van dergelijke ombouw wordt bepaalddoor de markt en loopt zeer uiteen. De maximale bijdrage per locomotiefvanuit deze regeling is 200.000 euro. Dit betekent dat 185 tot 205serielocomotieven omgebouwd kunnen worden. De regeling biedt ookruimte voor de ontwikkeling van twee prototypen met een maximalebijdrage van 2.000.000 euro. Het wordt aanvragers toegestaan tecombineren met andere subsidies tot maximaal 50% van de totale kosten.2.De leden van de PVV-fractie stellen vast dat infrastructuurver-voerders niet onder de reikwijdte van de tijdelijke subsidiere-geling vallen. Deze leden vragen of het van tevoren vaststaatwelke organisaties als infrastructuurvervoerder worden aange-merkt, wat de voorwaarden zijn en wat er gebeurt in het gevaleen bedrijf betwist een infrastructuurvervoerder te zijn/ niet tezijn.Infrastructuurvervoerders zijn niet uitgesloten van deelname aan detijdelijke subsidieregeling. Infrastructuurvervoerders kunnen deelnemenmet materieel dat voldoet aan de gestelde criteria. In deze gevallen gaathet echter veelal om unieke spoormachines waarvoor een seriëleombouw niet mogelijk is. Vanwege het belang van continuïteit in hetspooronderhoud loopt er voor de overgang naar ERTMS van het materieelvan de infrastructuurvervoerders een los onderzoek naar bekostigingsmo-gelijkheden. Hierbij wordt de sector nauw betrokken.VVD-fractie3.De leden van de VVD-fractie vragen welke gevolgen de overgangnaar ERTMS heeft voor de concurrentiepositie van het spoorgoe-derenvervoer in Nederland en in welke mate deze subsidiere-geling eraan bijdraagt dat de concurrentiepositie niet (verder)verslechtert.De inbouw van ERTMS in goederenlocomotieven kost geld, maarbevordert daarentegen de interoperabiliteit van het internationalespoorgoederenvervoer. In plaats van meerdere treinbeveiligingssystemendie nodig zijn om in meerdere landen te kunnen rijden, is er met ERTMSnog maar één systeem nodig. De subsidie dekt een deel van de kostenvan de inbouw. De subsidie dient ter ondersteuning van de concurrentie-positie van het spoorgoederenvervoer als duurzame en concurrerendemodaliteit. Zonder subsidie verslechtert de concurrentiepositie. Zondersubsidie zouden de goederenvervoerders die kosten geheel zelf moetendragen en moeten doorberekenen aan hun klanten. Met subsidie is datniet het geval en wordt hierin een verlichting geboden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1053 4.Daarnaast vragen de leden van de VVD-fractie of, als gevolg vande overgang naar ERTMS, voldoende locomotieven beschikbaarzullen blijven voor goederenvervoer om het nodige volume perspoor te kunnen vervoeren. Ook vragen deze leden welkegevolgen de overgang naar ERTMS heeft voor de wens om meergoederen per spoor in plaats van over de weg mogelijk te maken(«modal shift») en in welke mate deze subsidieregeling eraanbijdraagt dat niet sprake zal zijn van een verdergaandeomgekeerde modal shift.Vanuit de instroom van nieuwe locomotieven in combinatie met de doormarktpartijen voorgenomen upgrades van bestaande locomotieven naarERTMS is de verwachting dat er voldoende locomotieven met ERTMSbeschikbaar zullen zijn in de verschillende fases van de uitrol inNederland. De tijdelijke subsidieregeling draagt hieraan bij.Op de korte tot middellange termijn zal de invoering van ERTMS dekosten voor spoorgoederenvervoer opdrijven en een negatief effecthebben op de modal shift. Het lange termijnperspectief is een Europesespoorwegruimte met grotere efficiency, lagere kosten en meer ruimtevoor een modal shift ten faveure van spoorgoederentransport. Desubsidieregeling zal het negatieve effect van de beginfase beperken maarniet geheel wegnemen. Zie hierover ook de Kamervraagbeantwoordinguit 20221.5.De leden van de VVD-fractie vragen of de Staatssecretaris ingesprek is met de Europese Commissie (EC) om middelen uit hetConnecting Europe Facility (CEF) beschikbaar te krijgen voor(extra subsidies aan) de spoorgoederenvervoersector, zodat deconcurrentiepositie niet nog verder verslechtert en meer gedaankan worden om de negatieve gevolgen van de extra kosten die desector moet maken vanwege de overgang naar ERTMS tedempen.In 2023 is voor twee ERTMS-ombouwprojecten subsidie aangevraagd bijde Connecting Europe Facility (CEF), waaronder één project voor deombouw van goederenlocomotieven. Helaas heeft in deze call, door eenenorme over-inschrijving vanuit geheel Europa, geen enkel Nederlandsspoorproject subsidie gekregen vanuit CEF terwijl er acht spoorprojectenwaren ingediend. In de CEF-call 2024 is er een projectaanvraag ingediendwaarbij meerdere lidstaten betrokken zijn voor data-uitwisseling in despoorgoederensector. Aan dit project nemen twee Nederlandse partijendeel. IenW heeft in 2024 geen aanvraag ingediend voor ERTMS. Deslagingskans is zeer laag ingeschat, omdat soortgelijke projecten tweekeer eerder zonder succes waren ingediend. In de CEF-call 2024 van debudgetperiode 2021–2027 was 640 miljoen euro beschikbaar voor diversedigitale systemen voor de bevordering van interoperabiliteit, waaronderERTMS. In de periode 2025–2027 zijn hiervoor geen middelen meer.6.De leden van de VVD-fractie merken op dat in een van deconsultatiereacties staat dat NS en ProRail volledig wordengecompenseerd voor de extra kosten die zij in dit kader moetenmaken. Deze leden vragen op basis van welke wettelijkegrondslag of afspraken NS en ProRail wel volledig worden1Kamerstuk 33 652, nr. 85Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1054 gecompenseerd voor de extra kosten die zij in dit kader moetenmaken.Bij het kabinetsbesluit (de programmabeslissing ERTMS)2 in 2019 zijnprincipes vastgesteld voor bekostiging, de criteria om voor vergoeding inaanmerking te komen en de mate waarin bepaalde kosten wordenvergoed. Samengevat is ten aanzien van materieeleigenaren envervoerders die een concessie hebben (NS, Qbuzz en Arriva) afgesprokendat zij 100% van de in aanmerking komende kosten vergoed krijgen. Ookvoor ProRail geldt dat er met IenW concessieafspraken zijn gemaakt endat de kosten voor de implementatie worden doorberekend via eensubsidie of via de concessie.7.De leden van de VVD-fractie vragen of, nu de Staatssecretarisnaar aanleiding van de consultatie heeft aangegeven dat voor hetverkrijgen van subsidie er geen onderscheid tussen typengoederenlocomotieven wordt gemaakt, nu zeker is dat met dezesubsidieregeling alle goederenlocomotieven in aanmerkingkomen voor de subsidie en daarmee omgebouwd kunnen worden.En dat dit dus geen gevolgen heeft voor de goederenvervoer-sector en het volume goederen dat per spoor wordt vervoerd.De keuze voor de investering in de ombouw van locomotieven wordtmede op bedrijfseconomische gronden bepaald door de eigenaar van delocomotieven. Dit betekent dat waarschijnlijk niet alle locomotieven die inNederland rijden omgebouwd zullen worden. Vanuit de instroom vannieuwe locomotieven in combinatie met de door marktpartijen voorge-nomen upgrades van bestaande locomotieven naar ERTMS is deverwachting dat er voldoende locomotieven voor goederenvervoerbeschikbaar zullen zijn in de verschillende fases van de ERTMS-uitrol inNederland.8.De leden van de VVD-fractie lezen dat de subsidie kan wordeningezet voor ombouw van de locomotieven. Deze leden vragen inhoeverre de Staatssecretaris ziet dat de goederensector ook in deexploitatiefase en voor het onderhoud van de omgebouwdelocomotieven tot extra kosten veroordeeld is.Op de korte termijn zal er met ERTMS een extra treinbeveiligingssysteemin de locomotieven aanwezig zijn dat onderhouden moet worden.Daartegenover is op de langere termijn een reductie in de kosten voorbestaande systemen te verwachten. Op dit moment moeten namelijkmeerdere landspecifieke treinbeveiligingssystemen onderhouden worden.Het doel is dat op wettelijk verplichte termijn de landspecifieke systemenvolledig komen te vervallen, waardoor er nog maar één treinbeveiligings-systeem overblijft: ERTMS. Dit zou een reductie in exploitatiekostenbetekenen.9.Als laatste vragen de leden van de VVD-fractie hoe de Staatsse-cretaris aankijkt tegen de zorgen van de sector dat er een risicois dat Baseline 3 van ERTMS niet kan werken met Future RailwayMobile Communication System (FRMCS). Hoe gaat hij alvastinzicht krijgen in deze risico’s ondanks dat het tijdpad vaninvoering van FMRCS nog niet bekend is? Kan de Staatssecretarisscenario’s opstellen en hierover in overleg gaan met de sector?2Kamerstuk 33 562, nr. 65. Achtergronddocumenten X3 – Bekostigingsafspraken materieelTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1055 FRMCS is de opvolger van het huidige communicatiesysteem voorspoorwegen GSM-R (Global System for Mobile communications forRailways) dat gebruik maakt van 2G technologie. Deze technologie isverouderd en zal op enig moment na 2030 niet meer ondersteund wordendoor de mobiele netwerkaanbieders. Met de Programmadirectie ERTMS,ProRail en de vervoerders wordt samengewerkt om inzicht te krijgen inwat er nodig is om tijdig over te stappen naar FRMCS. Bij de bepaling vantranche 2 van de ERTMS-uitrol wordt FRMCS meegenomen.Tegelijkertijd is IenW in gesprek met de Europese Commissie over demogelijkheden om Baseline 3 te laten samenwerken met FRMCS. Dezegesprekken zijn nog gaande.NSC-fractie10.De leden van de NSC-fractie merken op dat het spoorgoederen-vervoer bij uitstek een grensoverschrijdend thema is waarEuropese (co)financiering denkbaar zou moeten zijn. Deze ledenverwijzen hierbij naar het recente artikel «EU-lidstaten lopenrisico geld te laten liggen voor vernieuwing spoor en materieel»van SpoorPro, waarin ook het stimuleren van de uitrol vanERTMS expliciet wordt genoemd als mogelijkheid voor Europese(co)financiering. Hierover hebben deze leden een aantal vragen.Waarom wordt er bij de voorgestelde ERTMS-subsidieregelingvoor goederenlocomotieven geen gebruik gemaakt van Europese(co)financiering? Zijn de mogelijkheden voor Europese (co)finan-ciering onderzocht en is daarbij ook specifiek gekeken naarmiddelen uit de Herstel- en veerkrachtfaciliteit van de EuropeseUnie (Recovery and Resilience Facility, RRF)? Hiernaast vragendeze leden of Nederland er in de bredere spoorcontext welvoldoende in slaagt om Europese (co)financiering te werven voorspoorinvesteringen. Daarom vragen deze leden de Staatssecre-taris of hij kan aangeven voor welke Nederlandse spoorinveste-ringen, -projecten en/of -subsidieregelingen de afgelopen jarenEuropese (co)financiering is binnengehaald. Kan hij de meestrecente voorbeelden hiervan geven?ERTMS is onderdeel van het «EU Recovery and Resilience Facility»instrument. Het fonds bedroeg voor Nederland circa 5 miljard Euro.ERTMS is hier voor circa 20% onderdeel van. Het artikel in SpoorPro isgebaseerd op een waarschuwing van Europese belangenbehartiger UNIFE(de spoorwegindustrie/leveranciers) aan de Europese Commissie dat delooptijd (midden 2026) te beperkt vindt. Grotere projecten kunnen de kanslopen het geld mis te lopen omdat zij niet binnen de looptijd hun projectkunnen afronden. Ook Nederlandse projecten met CEF-subsidie onder-vinden last van de strenge deadlines die gelden. Dit jaar heeft Nederlandontvangen CEF-subsidie moeten terugbetalen, omdat het project(ombouw van NS-materieel naar ERTMS) niet binnen de gesteldeEuropese deadline afgerond kon worden.Zoals in het antwoord op vraag 5 gesteld, zijn in de CEF-calls in 2023 en2024 geen middelen toegekend aan Nederlandse ERTMS-projecten. In de2023 call voor militaire mobiliteit zijn wel twee projecten gehonoreerd,namelijk het opwaarderen van vijf spooremplacementen (43 miljoen euro)en een spoorverlenging op een haventerminal (0,9 miljoen euro) tenbehoeve van betere militaire mobiliteit.11.De leden van de NSC-fractie hebben ook vragen bij de voorge-stelde vereiste dat locomotieven gedurende drie jaar tien dagenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1056 in Nederland moeten worden ingezet. Dit lijkt deze leden watweinig. Deze leden vragen daarom allereerst om een inhoudelijkeonderbouwing van deze vereiste. Kan de Staatssecretaris daarbijook aangegeven waarom er niet gekozen is voor een aantal dagenhoger dan tien, bijvoorbeeld dertig dagen? Voorts vragen dezeleden waarom in de toelichting op artikel 10 slechts gesteldwordt dat de subsidies «bij voorkeur» bijdragen aan de invoeringvan ERTMS in Nederland. Hiernaast zijn deze leden ook op zoeknaar de internationale context. Zijn er andere landen in deEuropese Unie die van dezelfde versie van ERTMS gebruik makenals waarvoor Nederland nu deze subsidieregeling voorstelt? Zo ja,welke landen zijn dat en bieden deze landen ook een subsidiere-geling voor de ombouw/retrofitting van goederenlocomotievenaan? En hebben de ons omringende landen ook dergelijkesubsidieregelingen voor de aanpassing van goederenlocomo-tieven of zijn deze in voorbereiding? Zo ja, hoe hoog zijn desubsidiebedragen in deze regelingen?De subsidieregeling is bedoeld om de ombouw naar ERTMS te stimulerenvan goederenlocomotieven die zijn toegelaten in Nederland. Dezegoederenlocomotieven opereren internationaal en houden Nederlandbereikbaar voor goederenverkeer over het spoor. Om er zeker van te zijndat de locomotieven die subsidie ontvangen ook na de ombouw inNederland blijven rijden, is de eis gesteld dat locomotieven gedurendedrie jaar elk jaar tien dagen in Nederland moeten worden ingezet. Dit hadook een hoger aantal dagen kunnen zijn, maar er is gekozen om dedrempel laag te houden om zoveel mogelijk de ombouw naar ERTMS testimuleren.Er wordt nauw contact onderhouden met de omringende landen over deuitrol van ERTMS. Naar mijn weten wordt in omringende landen geensoortgelijke subsidie aangeboden voor locomotieven die internationaalworden ingezet.12.Tot slot hebben de leden van de NSC-fractie nog enkele vragenover de tijdpaden bij deze subsidieregeling. Deze leden vragenom een nadere toelichting van de bij artikel 7 gekozen korteaanvraagtermijn van 1 april 2025 tot 1 juli 2025. Is de sector instaat om binnen deze korte termijn de subsidies op een adequatewijze aan te vragen en in hoeverre is door de korte aanvraag-termijn sprake van een risico dat kansrijke aanvragen achterwegeblijven? Hiernaast vragen deze leden welke gevolgen het heeftvoor inwerkingtreding en de bijbehorende aanvraagtermijn,mocht er naar aanleiding van de voorhangprocedure in de Kamerreden zijn om de subsidieregeling te wijzigen.De focus van deze tijdelijke subsidieregeling ligt op de seriematigeombouw van de vloten die horen bij de prototypes die wordenomgebouwd vanuit de eerdere regeling uit 2019. Sinds 2019 is de nieuweregeling reeds aangekondigd. In 2024 is er een marktconsultatie gedaandie veel aandacht heeft gekregen vanuit de markt. Het risico dat kansrijkeaanvragen achterwege blijven door de korte aanvraagtermijn wordthiermee laag ingeschat.BBB-fractie13.De leden van de BBB-fractie lezen dat de Staatssecretaris4 miljoen euro beschikbaar heeft gesteld voor de ontwikkelingTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1057 van prototypes. Kan de Staatssecretaris aangeven welke speci-fieke innovaties worden gestimuleerd met de subsidie voorprototypeontwikkeling? En kan de Staatssecretaris aangevenwelke criteria er zijn opgesteld – naast de criteria om binnentwee jaar in de handel te zijn – om de toegevoegde waardehiervan te beoordelen?Het gaat hierbij om een ERTMS-specifieke innovatie. De inbouw vanERTMS is een complex proces. Voordat met de seriële ombouw van eenbepaald type locomotief gestart kan worden, moet een prototype wordenontwikkeld dat aantoont dat de ombouw voldoet aan regelgeving enveiligheidseisen. Dit prototype betreft de eerste inbouw van de geldendeERTMS-versie in een bepaald type locomotief. Het prototype wordt na deontwikkeling geautoriseerd door het Europees Spooragentschap envrijgegeven voor gebruik.14.De leden van de BBB-fractie lezen ook dat er nog geen besluit isgenomen over het tijdpad voor FRMCS, dat GSM-R zal vervangen.Kan de Staatssecretaris aangeven hoe de huidige investeringen inERTMS zich verhouden tot de toekomstige overstap naar FRMCS?Kan hij aangeven of er een analyse is van de risico’s op dubbelekosten of veroudering van het huidige systeem? Hoe wordthiermee omgegaan? Kan de Staatssecretaris aangeven welkegaranties er zijn voor de eigenaren van de locomotieven?In het eerste deel van het antwoord op vraag 9 is een toelichting gegevenover het gesprek tussen IenW, de Programmadirectie ERTMS, ProRail envervoerders over FRMCS. ProRail kijkt daarbij naar de mogelijkheden omhet GSM-R contract met de mobielenetwerkaanbieder te verlengen.ProRail werkt ook in Europees verband samen om twee pilots uit tevoeren waarmee inzicht gekregen zal worden in de kosten en benodigd-heden voor de uitrol van FRMCS. De eerste pilot eindigt dit jaar en detweede pilot zal in 2027 afgerond worden. In de voortgangsrapportagesERTMS wordt de Kamer van de voortgang en resultaten op de hoogtegehouden.15.De leden van de BBB-fractie constateren dat de regeling ervanuitgaat dat het traject Kijfhoek-Belgische grens in 2029/2030operationeel is. Kan de Staatssecretaris aangeven, als de uitrolvan ERTMS wordt vertraagd, welke gevolgen dat heeft voor degeldigheid van de subsidie en de verplichting om de locomo-tieven te bouwen? Kan hij aangeven hoe hierop wordt geantici-peerd?Een eventuele vertraging van het traject Kijfhoek-Belgische grens heeftgeen gevolgen voor de geldigheid van de subsidie. Er hoeft hier dus ookniet op te worden geanticipeerd.16.De leden van de BBB-fractie constateren dat het doel van desubsidieregeling het bevorderen van de uitrol van ERTMS is. Kande Staatssecretaris aangeven hoe de daadwerkelijke verbeteringvan de prestaties op het spoorwegnetwerk wordt gemeten? Kande Staatssecretaris aangeven hoe dit in verhouding wordtgebracht met de gemaakte kosten?Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1058 De implementatie van ERTMS is bedoeld om de huidige spoorbeveiligingte vervangen, de basis voor een digitaal spoor te leggen en één Europesespoorwegruimte te creëren. Uiteindelijk zal dit leiden tot een verbete-ringen op het spoor, maar uit onderzoek blijkt dat dit gedurende deimplementatieperiode ten koste gaat van de prestaties3.De prestaties op het spoorwegnetwerk worden in het kader van de NS- enProRailconcessie gemeten met prestatie-indicatoren en informatie-indicatoren. Hierin zijn de effecten van ERTMS op de prestaties niet directte herleiden. Daarom wordt in de voortgangsrapportages inzicht gegevenin de verwachte baten van het programma. Zoals gebruikelijk voor groteprojecten zijn bij het Voorkeursbesluit ERTMS (2014) de geschatte baten inverhouding gebracht met de kosten in de vorm van een MaatschappelijkeKosten Baten Analyse (MBKA). Resultaat van deze MKBA was dat vooreen scenario met lage economische groei de maatschappelijke baten nietopwogen tegen de kosten. Voor een scenario met hoge economischegroei was de verhouding nagenoeg gelijk4. Bij de programmabeslissingERTMS (2019) is omschreven hoe de maatschappelijke baten wordenvergroot door keuzes in de uitrol van ERTMS5.17.Voorts constateren de leden van de BBB-fractie dat een aanvraagkan worden ingediend door de eigenaar van een goederenloco-motief. De eigenaar van een goederenlocomotief is niet altijd eenspoorwegonderneming. Ook (andere) bedrijven die locomotievenvoor spoorgoederenvervoer in eigendom hebben, kunnen inaanmerking komen voor subsidie als tevens aan de anderevoorwaarden van de regeling is voldaan. Kan de Staatssecretarisaangeven of er specifieke maatregelen getroffen zijn om ervoorte zorgen dat kleine spoorwegondernemingen optimaal kunnenprofiteren van deze subsidie?Er zijn geen specifieke maatregelen getroffen omdat die niet nodigworden geacht. Iedere eigenaar van een goederenlocomotief kanaanspraak maken op subsidie als aan de voorwaarden is voldaan. Desubsidievereisten zijn geen hindernis voor kleine spoorwegonderne-mingen. De programmadirectie ERTMS biedt desgewenst ondersteuningbij de aanvragen.3Kamerstuk 33 652, nr. 84. Rapport Implementatie ERTMS bij spoorgoederenvervoerders4Kamerstuk 33 652, nr. 17. Maatschappelijke Kosten-batenanalyse ERTMS5Kamerstuk 33 652, nr. 65. ERTMS: Dossier Programmabeslissing Railmap 4.0Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 652, nr. 1059

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · f1a8a668f67ebe6a

14 okt 2026 · 54da7c3e239de427

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.