KamerkringInloggen
Kamerbrief

Elfde Voortgangsrapportage Natuur en VHR-rapportages

10 dec 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9b87705d2b408777 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202633 576NatuurbeleidNr. 472 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW, VISSERIJ,VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 10 december 2025Hierbij stuur ik u, na afstemming met de provincies, de elfde Voortgangs-rapportage Natuur (VRN) toe. Tevens informeer u hierbij over zesjaarlijksenationale rapportages voor de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn(VHR-rapportages).In de VRN rapporteren provincies en Rijk jaarlijks gezamenlijk over deresultaten van het natuurbeleid. In de rapportage staat voortgangsinfor-matie over zowel het naar provincies gedecentraliseerde natuurbeleid,zoals overeengekomen in het Natuurpact in 2013, als over onderdelen vanhet natuurbeleid waarvoor het Rijk (geheel of gedeeltelijk) verantwoor-delijk is. In deze elfde VRN rapporteren we de resultaten van het natuur-beleid in het jaar 2024.In de VHR-rapportages rapporteert het Rijk elke zes jaar aan de EuropeseCommissie over de staat van de beschermde natuur onder de Vogel- enHabitatrichtlijn, en daarmee de voortgang van de uitvoering van beiderichtlijnen.Natuurnetwerk Nederland (NNN)In 2024 richtten de provincies 2.537 hectare nieuwe natuur in, ongeveer600 hectare meer dan in 2023. De bestuurlijk afgesproken opgave in hetNatuurpact (2013) is om vóór het eind van 2027 minimaal 80.000 hectarenieuwe natuur te hebben ingericht. Zoals in de afgelopen jaren al duidelijkwerd, zal dat niet in zijn geheel lukken: er wordt een restopgave na 2027verwacht. Volgens de inschattingen in deze VRN bedraagt de omvang vandeze restopgave ruim 17.000 hectare.Zoals u weet hebben provincies, naar aanleiding van de Taskforceversnelling inrichting NNN, enkele jaren geleden realisatiestrategieënopgesteld ten behoeve van de resterende uitvoering van de ontwikke-lopgave in het NNN. Ik heb met de provincies afgesproken om met behulp kst-33576-472ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 4721 van de onder meer de realisatiestrategieën en de VoortgangsrapportageNatuur een gezamenlijk proces uit te werken waarmee in beeld wordengebracht de voortgang in de realisatie van de natuuropgave in het NNN,de aard en omvang van de te verwachten restopgave, de oorzaken dieleiden tot de opgelopen vertraging en de kansen die er zijn om hetrealisatietempo de komende jaren te verhogen. Eind 2024 bedroeg detotale oppervlakte natuur binnen het NNN 714.623 hectare. Provinciesblijven zich onverminderd inzetten om zo spoedig als mogelijk is het NNNte realiseren.Uitvoering motie-Podt/GrinwisUw Kamer heeft een motie van de leden Podt en Grinwis aangenomen diede regering verzoekt om in samenwerking met de provincies te onder-zoeken wat de betekenis is van volledige afronding van het NNN voor hetrealiseren van Europese en nationale natuurdoelen en de opgaven op hetgebied van stikstof (Kamerstuk 35 334, nr. 379). Ik heb deze motie het«oordeel Kamer» gegeven, met dien verstande dat ik samen metprovincies de bestaande kennis over de bijdrage van het NNN aan onsdoelbereik in ogenschouw zou nemen.Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft samen met hetCentraal Bureau voor de Statistiek (CBS) de indicator «Condities voorVHR-doelbereik landnatuur» ontwikkeld.1 Deze indicator geeft eenlandelijk beeld van het potentiële doelbereik van de Vogel- en Habitatricht-lijnen (VHR) op basis van condities voor milieu en ruimte. De indicatorgeeft een inschatting van welke percentage van de beschermde soortenen habitattypen duurzaam kunnen voortbestaan. Het VHR-doelbereik in2021 bedroeg volgens de tabel in de indicator 46%–57%. Volledigeuitvoering van het Natuurpact, waaronder het Natuurnetwerk Nederland,zorgt volgens de tabel voor een vergroting van het VHR-doelbereik metbijna 10% («planpotentieel basispad»). Als naast het Natuurpact ook hetProgramma Natuur (1e en 2e fase) en de Regeling versneld natuurherstelhelemaal zijn uitgevoerd, verwacht het PBL een toename van hetVHR-doelbereik met meer dan 15% («planpotentieel vastgesteld envoorgenomen beleid»). De motie vraagt tevens naar de bijdrage vanafronding van het NNN aan de stikstofdoelen. Deze bijdrage is nietkwantitatief te duiden. Immers: deze stikstofdoelen zijn nationaalgeformuleerde doelen, die op hun beurt eveneens bijdragen aan hetVHR-doelbereik. Ik beschouw de motie-Podt/Grinwis hiermee alsuitgevoerd.Programma NatuurAanvullend op het Natuurpact hebben Rijk en provincies in het Uitvoe-ringsprogramma Natuur middelen beschikbaar gesteld voor het nemenvan maatregelen ter verbetering van de staat van instandhouding vanhabitat- en vogelrichtlijnsoorten en habitattypen, met name gericht opstikstofgevoelige natuur. Eind 2024 hadden de provincies circa 39% van deafgesproken maatregelen in de eerste fase (2021–2026) afgerond; eind2023 was dit nog 25%. Daarnaast is een flink deel van de maatregeleninmiddels in uitvoering gegaan. Voor de tweede fase van ProgrammaNatuur (2024–2032) heeft het Rijk in 2024 € 1,35 miljard beschikbaargesteld.1Modelberekeningen condities voor doelbereik Vogel- en Habitatrichtlijn van landnatuur |Compendium voor de LeefomgevingTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 4722 Agrarisch natuurbeheerAgrariërs dragen substantieel bij aan het realiseren van onze natuur-doelen. Dat gebeurt op verschillende manier, waaronder verpachting/opdrachtverlening door terreinbeherende organisaties, agrariërs diegecertificeerd natuurbeheerder zijn en via de ecoregelingen van hetGemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Ook hethet Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) is hiervoor eenbelangrijk instrument. Het ANLb blijft groeien. In 2024 nam het areaal toemet meer dan 5.000 hectare naar in totaal 122.238 hectare. Steeds meerboeren zetten zich actief in voor weidevogels, biodiversiteit, waterkwaliteiten klimaatmaatregelen op landbouwgrond. Daarmee is het ANLb eenbelangrijk instrument voor het versterken van de relatie tussen landbouw,landschap en natuur. Daarnaast heeft dit kabinet een forse extra impulsgegeven aan het agrarisch natuurbeheer: er is structureel € 500 mln.geserveerd om de totale beoogde omvang van 280.000 ha te halen.Hiervan is via het startpakket van de Ministeriële Commissie Economie enNatuurherstel (MCEN) structureel € 200 mln. vrijgegeven. De Minister vanLandbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur heeft uw Kamer hieroverin juli 2025 geïnformeerd (Kamerstuk 33 576, nr. 460). Het is de inschattingdat met de extra € 200 mln. per jaar het areaal ANLb kan groeien naarcirca 195.000 hectare in 2030.VHR-rapportages en natuurkwaliteitDe zesjaarlijkse rapportages van de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn zijndeze zomer door Nederland ingediend bij de Europese Commissie. Derapportages worden vanaf heden opengesteld voor het publiek. Met dezenationale rapportages stelt Nederland de status van vogels en de staatvan instandhouding van de soorten en habitattypen van de Habitatrichtlijnvast. De rapportages volgen een format dat is vastgesteld door deEuropese Commissie en voor alle lidstaten hetzelfde is. De rapportageszijn ingevuld met monitoringsgegevens en de best beschikbare kennis. Deresultaten schetsen een vergelijkbaar beeld als in de vorigeVHR-rapportages (2019): voor bepaalde vogels, Habitatrichtlijnsoorten enhabitattypen zijn positieve ontwikkelingen zichtbaar, maar gemiddeldgenomen gaat het niet goed met de onder de Vogel- en Habitatrichtlijnbeschermde natuur. Ten opzichte van de vorige VHR-rapportages is hetaantal vogelsoorten dat een positieve populatietrend laat zien gestegen.Tegelijkertijd is 88% van de habitattypen en 60% van de soorten van deHabitatrichtlijn nog in een ongunstige staat van instandhouding. Eenoverzicht van de resultaten vindt u op de volgende website:www.natura2000.nl/rapportage-vogel-en-habitatrichtlijn. De rapportageszelf bestaan uit meerdere databases. Op deze webpagina vindt u daaromook koppelingen naar de ingediende databases. De webpagina wordt noguitgebreid met meer gedetailleerde informatie over achtergronden,methodieken en resultaten.De natuurkwaliteit is in de VRN beschreven aan de hand van 8 indicatorendie gezamenlijk een beeld geven van de conditie (toestand en trend) vansoorten en van ecosystemen. Op basis van de informatie uit deVHR-rapportages zijn in deze VRN voor alle 8 indicatoren de verande-ringen ten opzichte van de vorige VRN in beeld gebracht. DeVHR-rapportages laten zien dat in de staat van instandhouding (SvI) vanhabitatrichtlijnsoorten en habitattypen de afgelopen periode (2019–2024)over het algemeen ontoereikend blijft (indicator 1 en 5).Uit de trends van Vogel- en Habitatrichtlijnsoorten blijkt dat 14 van de 81habitatrichtlijnsoorten, 48 van de 190 broedvogels en 21 van 81Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 4723 niet-broedvogels van de Vogelrichtlijn in aantallen afnemen in de periode1990–2023 (indicator 3). Uit de update van trends van habitattypen van deHabitatrichtlijn (indicator 7) blijkt dat bij 3 van de 46 habitattypen met eenongunstige SvI in de periode 2019–2024 een verbetering optreedt en bij 28een verslechtering. Bij 13 van de 46 habitattypen is de ontwikkeling stabielen bij 2 onbekend. Alle 6 habitattypen met een gunstige SvI zijn stabiel. Inde categorie «bedreigd» op de Rode Lijst is het aantal soorten van de 7beschouwde soortgroepen gelijk gebleven, namelijk bij 691 van de 1.771soorten (indicator 2). Van 376 soorten in de periode 1990–2023 laat detrend een lichte achteruitgang zien (indicator 4). In de categorie«bedreigd» op de Rode Lijst is het aantal soorten van de 7 beschouwdesoortgroepen gelijk gebleven, namelijk bij 691 van de 1.771 soorten(indicator 2). De update van de trend van de 376 soorten toont dat in deperiode 1993–2023 meer soorten een vooruitgang (175) dan een achter-uitgang (161) laten zien (indicator 4).In de periode 2018–2023 is de natuurkwaliteit van ecosystemen op hetland voor 74% van het totale areaal laag tot vrij laag. Dit is berekend opbasis van de aanwezigheid van broedvogels en dagvlinders (indicator 6).In die periode is de verandering in de ecosysteemkwaliteit in het totaleareaal gering ten opzichte van de periode daarvoor (2012–2017). In 79%van het totale areaal is de ecosysteemkwaliteit (of deze nu hoog of laag is)namelijk stabiel (indicator 8).De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,J.F. RummenieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 33 576, nr. 4724

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 4408c07ed3db9693

14 okt 2026 · a65dbc6d39fa3ba8

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.