Amendement van de leden Dijkgraaf en Bisschop over de verplichting voor de regering de Tweede Kamer schriftelijk in kennis te stellen over het voornemen een sanctie op grond van artikel 6 of 8 op te leggen
Brontekst
Versie 1e2d03eab4211783 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2012–2013 33 416Wet inzake houdbare financiën van de collectieve sector (Wet houdbare overheidsfinanciën) Nr. 10 AMENDEMENT VAN DE LEDEN DIJKGRAAF EN BISSCHOP Ontvangen 15 april 2013 De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: Na artikel 8 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 8a: Toepassing sanctiebevoegdheid Indien toepassing wordt gegeven aan de bevoegdheid tot het opleggen van sancties, bedoeld in de artikelen 6 en 8, wordt, voordat deze sanctie ten uitvoer wordt gebracht, de Tweede Kamer der Staten-Generaal van het voornemen daartoe in kennis is gesteld. De sanctie wordt ten uitvoer gebracht nadat vier weken zijn verstreken na het in kennis stellen van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, tenzij de Tweede Kamer der Staten-Generaal zich binnen deze termijn tegen de sanctie heeft uitgesproken. Toelichting Met dit wetsvoorstel wordt het mogelijk dat de rijksoverheid medeover-heden en overige rechtspersonen met een wettelijke taak een sanctie oplegt indien zij zich niet houden aan de vooraf vastgestelde EMU-norm. Dit is zelfs mogelijk zonder dat er sprake is van een EU-boete als gevolg van een Europeesrechtelijke verplichting. De indieners zijn van mening dat dit een ingrijpend middel is. De relatie tussen het Rijk en decentrale overheden is niet gebaseerd op hiërarchie, maar op gelijkwaardigheid. Dit impliceert dat zij handelen vanuit autonomie. Ook voor overige rechtspersonen met een wettelijke taak kan de impact van een sanctie groot zijn. De indiener vindt het daarom van belang dat de Tweede Kamer zich vooraf over een voorgenomen sanctie kan uitspreken. Met dit amendement wordt daarom geregeld dat de regering de Tweede Kamer schriftelijk in kennis stelt van het voornemen om een sanctie op grond van artikel 6 of 8 op te leggen. Vervolgens heeft de Tweede Kamer kst-33416-10ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2013Tweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 33 416, nr. 101 vier weken de gelegenheid om zich over de wenselijkheid en de maatvoering daarvan uit te spreken. DijkgraafBisschopTweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, 33 416, nr. 102
Documentversies en bestanden
Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.
- Amendement van de leden Dijkgraaf en Bisschop over de verplichting voor de regering de Tweede Kamer schriftelijk in kennis te stellen over het voornemen een sanctie op grond van artikel 6 of 8 op te leggenActuele officiële versie
Geen publicatiebestanden beschikbaar bij deze officiële versie.
Bijlagen
Geen gekoppelde bijlagen gevonden.
Bij dit hoofddocument
Geen gekoppeld hoofddocument gevonden.
Gerelateerde bronnen
- Amendement van de leden Dijkgraaf en Bisschop over de verplichting voor de regering de Tweede Kamer schriftelijk in kennis te stellen over het voornemen een sanctie op grond van artikel 6 of 8 op te leggen
Amendement van de leden Dijkgraaf en Bisschop over de verplichting voor de regering de Tweede Kamer schriftelijk in kennis te stellen over het voornemen een sanctie op grond van artikel 6 of 8 op te leggen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Verder bij de Tweede Kamer
Externe officiële informatie